logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
Gavin Friday - ...

CocoRosie

Les Nuits Bota 2008: Cocorosie & Mons Orchestra en Quinn Walker

Geschreven door

Welkom in de wondere, muzikale magische sprookjes-/droomwereld van het kunstminnende en cabaresque CocoRosie, uit New York, onder de zusjes Casady; het is en blijft iets uniek om te zien en te horen. Ze brengen een kleurenpalet van knusse, iets-niet-van-deze-wereld muziek. Hun freefolk/elektronica zette alvast een heuse beweging op gang met artiesten als Devandra Banhart, Antony (& The Johnsons), Psapp, Tunng, Yeasayer, Bunny Rabbit en de huidige support Quinn Walker.

CocoRosie ging in zee met het orkest van het Belgische Mons Orchestra; een gewaagde onderneming, waarbij de zalvende inbreng van strijkers, blazers, allerhande fluiten en trom/percussie een breder geluid gaven en het origineel avontuurlijke geluid van schrapende elektronica, piano, harp en beatbox, naast de twee aparte stemmen van de zusjes, ondersteunden. Het refereerde aan wat Ryan Adams en Sigur Ros (met Amina) al hebben uitgevoerd.
En toch, na het concert zat ik met het gevoel dat het Mons Orchestra er niet sterk genoeg uitkwam, door het feit dat ze dikwijls (bewust of niet) in een ondergeschikte rol werden geduwd en CocoRosie eenvoudigweg CocoRosie bleef.
Op die klankenwereld toonden ze kleurrijke projecties, familieportretten en zwart-wit fragmenten uit de jaren ’30 films.
Het Mons Orchestra leidde “Bloody twins” in, vocaal gedragen door de klassiek geschoolde operastem van Sierra. Bianca op haar beurt schitterende met haar rauwe, kreunende zegzang op “Beautiful boyz”.
De stemcontrasten van de zusjes, het beatboxen van Tez (= raps, grooves en scratches) hadden meteen een glansrol op “Good friday”, “K-Hole” en “Promise”. Toen Tez af en toe vaart bracht en kracht bijzette, werd hij de lieveling. Het publiek reageerde laaiend enthousiast! Hij tilde de songs, al of niet orkestraal begeleid, naar een hoger niveau, zoals het smachtende “Turn me on”. Iedereen was sterk onder de indruk toen hij een kleine vijf minuten solo zijn ding uitvoerde.
Als band trad CocoRosie in het midden van de set op het voorplan met vernuftig in elkaar verweven versies van “Black poppies”, “Werewolf”, “Animals” en “Rainbowwarriors”. Het Mons Orchestra trad vakkundig bij. Op het dromerige “God has a voice” nam de percussie van het ensemble een prominente rol in. Het nieuwe “Happy eyes” was er eentje met hitpotentie en was de aanzet naar het groovy, dansbare “Japan”, de frisse, speelse song bij uitstek met ‘Wizard Of Oz’/ Familie Trapp’ wortels; samen met de andere artiesten, bouwde CocoRosie een feestje. Sierra, in een vroeger verleden cabaretdanseres, dartelde als een jong veulen en voerde een soort regendans uit op het podium; de vaste afsluiter na anderhalf uur!
Tweemaal kwam CocoRosie terug: eerst met een geïmproviseerde kampvuurversie van “South second” en dan een sentimenteel intieme “By your side”, bepaald door de stemmenpracht van de zusjes. Eindigen in schoonheid, noemen ze zoiets…!

CocoRosie stond garant voor avontuur, durf en subtiliteit.

Support was Quinn Walker. De flower-power beweging van eind de jaren ’60 was nog niet was vergeten bij deze neo-hippie, die deel uitmaakte van het CocoRosie concept. Hij speelde psychedelische folkpop op gitaar en elektronica, en creëerde een galmend geluid door pedaaleffects en bleeps. Hij paste een vooraf opgenomen zang in op z’n hoog uithalende soms vervormde stem. Ergens tussen ‘60’s Rocky Erickson, Spiritualized, Animal Collective en Yeasayer te situeren.

Organisatie: Botanique Brussel ikv Les Nuits Bota 2008

Shawn Smith

De prachtstem van Shawn Smith

Geschreven door

Een vrij magere opkomst in Gent voor de zwaar onderschatte Shawn Smith. De man is alhier nauwelijks gekend onder zijn eigen naam. Misschien dat bands als Satchel, Brad en Pigeonhead wel ergens een lichtje doen branden, bands waar al eens de gitaren mogen loeien, maar dit concert was van een heel ander allooi.

De organisatie in de Handelsbeurs wist wel raad met het weinig talrijke publiek en had met behulp van wat theelichtjes, een rookmachine en romantische opzet van enkele stoelen en tafeltjes de zaal omgetoverd tot iets wat leek op een jazzclub uit de fifties, een geslaagde onderneming.
Smith zelf zorgde van achter zijn vleugelpiano voor de intimiteit met een hele mooie ingetogen set. Als je de man aanschouwt - hij ziet uit als een zware rapper-  zou je niet meteen gaan verwachten dat hij de meest breekbare liedjes uit zijn mouw schudt. Smith speelt aardig piano en een zeldzame keer gitaar maar het absoluut meesterlijke instrument is die fantastische stem, mooi, warm, barstend van de soul en vooral uniek. Een stem die in deze naakte set nog veel meer tot zijn recht kwam dan op diens platen.
Smith ging van start met een Brad klassieker, het adembenemende “The day brings”, een song die hij later in de set nog eens op een fijne manier zou verweven in een verbluffende versie van “Purple rain”. Wij weten het, die Prince song is al platgecoverd, maar wat Shawn Smith er mee deed was meer dan geweldig. Smith speelde een mooie greep uit zijn solo platen, afgewisseld met enkele Brad- en Satchel songs. Wij waren vooral verheugd met de vier songs die hij haalde uit ‘The Family’ van Satchel, één van ons aller favoriete platen ooit.
“Isn’t that right”, “Not too late” en “Time of the year” waren absolute pareltjes. Eén keertje maar nam hij de gitaar ter hand om er gewoonweg een schitterende bluesversie van de Mother Love Bone klassieker “Chrown of thorns” mee te spelen, ronduit prachtig. Jammer dat Smith maar één song op de gitaar speelde want op deze manier hadden er voor ons best zo nog een paar fabuleuze momenten mogen bijkomen.

Omdat de ganse set zo adembenemend was kwam er al veel te vlug een einde aan. Het was te snel voorbij, maar het staat geboekstaafd als een wondermooi concert.

Organisatie: handelsbeurs, Gent

Madrugada

MMM: Madrugada Magistraal in MaZ

Geschreven door

Hoe zouden Nick Cave & The Bad Seeds klinken wanneer ze de desolate Australische prairie zouden inruilen voor de wijdse Noorse fjorden? Hoe zouden de onlangs herenigde Tindersticks reageren indien hun strijkerensemble op een blauwe maandag cello en viool plots inruilen voor een koppel smerige bluesgitaren? Op sommige vragen krijgt een mens nooit antwoord, maar dat is zonder Madrugada gerekend wiens muzikale invalshoek precies op het kruispunt ligt van beide bovenvermelde acts. Samen met o.a. Motorpsycho en Kings of Convenience vertegenwoordigen zij één van de weinige Noorse rockacts die ook buiten Scandinavië voet aan wal hebben gekregen dankzij een reeks puike albums vol epische emorock. Vorige zomer sloeg het noodlot echter hard toe in het Madrugada kamp met het plotse overlijden van gitarist en mede-oprichter Robert S. Burås kort na de eerste opnamesessies voor het nieuwe album. Ondanks dit immens verlies besloten de twee overgebleven leden alsnog om de reeds opgenomen nummers af te werken met de hulp van Noorse en Amerikaanse sessiemuzikanten. Terwijl door pers en publiek druk wordt gespeculeerd over de muzikale toekomst van Madrugada maakt de groep er zelf geen geheim van dat het resulterende titelloze album als haar muzikaal testament moet worden aanzien. Het drieluik geplande optredens te Brugge, Brussel en Turnhout zou dus wel eens de laatste Madrugada tournee op Belgische bodem kunnen geweest zijn; de Musiczine redactie zond op Pinksterzondag één van zijn zonen uit naar de Brugse Magdalena zaal om dit (voorlopig) afscheid bij te wonen.

De vijfkoppige band trok meteen van leer met de eerste drie songs uit het recent verschenen ‘Madrugada’ album: “Whatever Happened To You?” werd gedragen door breed uitwaaierende slidesolo’s van beide gitaristen, meteen daarop schakelde de groep in een hogere versnelling via “The Hour Of The Wolf” met zijn epische aan Crazy Horse refererende intro, en eerste single “Look Away Lucifer” mondde na een verraderlijk rustige akoestische aanloop uit in een bezwerende finale. De zaal baadde tijdens dit indrukwekkend openingstrio in een onheilspellende bloedrode schemering, maar bij aanvang van “Strange Colour Blue” uit het debuutalbum ‘Industrial Silence’ (’99) werden de cyaankleurige spots maximaal opengedraaid tot een bevreemdende chill-out gloed. Het publiek leek bij aanvang zowel muzikaal als visueel sterk onder de indruk, en dat was ook de boomlange en graatmagere frontman Sivert Høyem niet ontgaan. Høyem anticipeerde laconiek met “If you’re so quit, we can be quit too” als inleider voor een rits overwegend rustige en sfeervolle songs uit het jongste album waaronder het profetische “Highway of Light”, het naar Madrugada normen toch wat melige “Honey Bee”, de nieuwe single “What’s On Your Mind?” en jawel, het aan Cave schatplichtige “New Woman/New Man”.

Eens het grootste deel van het nieuwe album de revue was gepasseerd maakte de groep vervolgens ruimte voor een bescheiden ‘best-of’ selectie. “Black Mambo”, met voorsprong het beste nummer uit ‘The Nightly Disease’ (’01) en misschien wel uit de gehele Madrugada catalogus, ademde een broeierig voodoo sfeertje uit dat perfect pastte bij de intussen tropische temperatuur in de zaal. Met “Blood Shot Adult Commitment” en “Seven Seconds” uit het toch wat onderschatte ‘Grit’ (’02) bekenden Høyem & co dat ze naast Cave en Cohen ook The Stooges in de platenkast hebben staan. Opvallend feit was voorts dat het vorige, weliswaar commercieel succesvolle doch vrij makke album ‘The Deep End’ (‘05), nagenoeg onaangeroerd bleef, maar daar leek het publiek allerminst rouwig om. Het introverte “Valley Of Deception” uit het nieuwe album besloot na anderhalf uur het eerste deel van de set.

Het intussen dolenthousiaste publiek schreeuwde bij het terug verschijnen van de groep een spervuur aan verzoekjes naar het podium; frontman Høyem viel uiteindelijk voor de charmes van een vrouwelijke fan die koste wat kost nog eens alle remmen wou los gooien op “Lucy One”. Net zoals het vervolgens door de groep zelf gekozen “Only When You’re Gone” is dit nummer één van de vele juweeltjes vanop het intussen klassieke ‘The Nightly Disease’. Høyem & co besloten een bijna twee uur durende set op symbolische wijze met “Vocal”, het openingsnummer van hun debuut dat bijna tien jaar terug verscheen.

Als de geruchten weldra waarheid blijken verdwijnt met Madrugada één van de beste Noorse bands ooit. Samen met ‘The Nightly Disease’ en ‘Grit’ heeft de groep met het recente ‘Madrugada’ minstens drie tijdloze albums achter gelaten op deze planeet, niet slecht dus voor een groep die een kleine 15 jaar actief is geweest. Tijdens het schrijven van deze recensie kwam ondergetekende trouwens ter ore dat de groep deze zomer alvast nog geprogrammeerd is voor de komende BoomBox en Dour festivals, unieke herkansingen dus voor éénieder die op de valreep een stukje Scandinavische rockgeschiedenis in zijn/haar geheugen wil gegrift zien.

Organisatie: Cactus Club Brugge

Wim Opbrouck & Maandacht

Maandacht & Wim Opbrouck TV Tunes KN2

Geschreven door

Wim Opbrouck en Maandacht sloegen voor de tweede maal de handen in elkaar voor de productie van de TV Tunes. De eerste keer was het genieten van de bewerkingen in onze prille kindertijd.
KN2 was een muzikale roadmovie van bekende en minder bekende tv tunes, en Opbrouck’s préhistorie van (muzikale) nieuwsfeiten.
Iedereen genoot van de nostalgie, waarbij Opbrouck en Reuman, de twee spilfiguren van de productie, op ontspannende, leuke en humoristische wijze anderhalf uur lang met hun muzikale ideetjes het publiek in hun greep hielden.
Origineel en spitsvondig hoe zij met hun band grossierden in het roemrijke verleden van de jaren ’80. Een greep:
De tune van Sport Xtra time (“Peaches” - The Stranglers) opende, en het ging van het wijsje van het Nieuws en de invloed die het wel kon hebben op de huidige techno, naar Knight rider, The A team, die werden gelinkt aan Mega Mindy. Of zoals bij The little house on the prairie aan Faithless “God is a dj”.
We hoorden en zagen de inventiviteit van Opbrouck en de zijnen in The muppet show, The Flinstones, Happy days en Avro’s Toppop; ze koppelden er o.a. “Karma chameleon” en “The way to your heart” aan. Verder waren er de Love boat stories , een klassiek gepeelde Black Beauty en de fijn gevonden melodietjes van Mash en Ghostbusters. Finalereeks in deze show was de trilogie Dallas, Dynasty en Falcon crest.
Telkens gaven ze er een ludieke wending aan en staken ze vaart in de show. The pin up club en een gevat “I don’t wanna grow up” van Tom Waits mocht de avond definitief besluiten . En niet te vergeten, als rode draad van deze KN2 fungeerde Skippy the bush kangoeroe.
KN2 is een sterke familie aanrader waarbij Papa onze oogjes en snaveltjes nog niet meteen dicht en toe kreeg …

Organisatie: De Zwerver, Leffinge

Portishead

Portishead: meesters in hun genre …

Geschreven door

Het Bristolse trio Geoff Barrows (knoppenfreak), Adrian Utley (gitaar) en Beth Gibbons (zang) kwamen aandraven met een nieuw geluid medio de jaren ’90, triphop genaamd, te horen op hun wonderlijke debuut ‘Dummy’; in die vijftien jaar verwerkten een pak bands deze donker dreigende sound (denk maar aan Massive Attack, Moloko, Ozark Henry, Tricky, Morcheeba en Hooverphonic). Een intens, ingehouden spanning via lome soms loodzware beats, slepende ritme, repeterende elektronicakronkels, logge en strakke drumpartijen, scratches, en verloren gewaand gitaargetokkel, gedragen door Gibbons’ klaaglijke, declamerende, neurotische stem.
Na de tweede plaat ‘Portishead’ en een vermoeiende tournee hielden ze het voor bekeken. Maar eind vorig jaar waaide het stof terug op rond het trio. Ze kwamen bij elkaar, werkten aan een nieuwe cd en het resultaat was ‘Third’: we hoorden een nog rijpere band waarbij de triphop een breder geluid omarmd kreeg door knarsende, zelfs scheurende en jengelende gitaartokkels, dreigende ‘80’s wave elektronica, soundscapes en pop. De beklemmende sfeertjes en stemmingen bleven evenwel behouden in hun voller geluid.

We mogen op onze beide oren slapen want anno 2008 staat Portishead er! Een uitverkocht Vorst onderging de duistere muzikale kronkels van het trio. Op het podium zagen we een pak elektronica, een dubbele percussie, naast gitaar en bas. Een uitgebreid collectief dus! Op een groot scherm waren clips en projecties van de leden te zien.
Portishead putte rijkelijk uit de eerste en de onlangs verschenen nieuwe plaat. Elke song had zijn eigen impact en emotie. Het filmische “Silence” en “Hunter” straalden een ondraaglijke spanning uit. Toen Utley het gitaarloopje “Mysterons” inzette, reageerde het publiek uitgelaten en enthousiast. De song klonk meesterlijk door de pedaaleffects, gitaarslides, scratches en elektronicableeps. De andere oudjes “Glory box”, “Numb” en “Wandering star” waren van dezelfde leest.
Gibbons sleepte zich als een oud vrouwtje voort over het podium, hing aan haar microfoon of keek om naar de band om te zien welke partij precies er kon worden ingezet op haar huiveringwekkende vocals.
Het intiem frisse “The rip” kwam als geroepen, net als de huidige single “Magic doors”, opgezweept door ‘80’s elektronica, toetsen en een dubbele repeterende percussie. “Machine gun” dreunde en klonk hard door de reutelende drumbeats; een referentie aan de industrial van NIN, Einstürzende Neubauten of aan de electronic body music van Front 242. Vorst daverde!
Naast een pakkende “Sour times” stelden ze toch nog twee songs voor van hun tweede plaat: het weerbarstige “Cowboys” en een rustig ingezette “Over”, dat over ging naar een intrigerende pompende beat.
Het draait ‘em om stemmingen en sfeertjes bij deze Britse band. Even gelukkig en enthousiast als hun fans gooiden ze er nog drie songs tegenaan: “Threads”, “Roads”, bepaald door handgeklap, en een overweldigend, mooi uitgesponnen groovy “We carry on”; op plaat al onderscheidt de song zich van de rest, en had live een spannende opbouw en een zware pulserende beat.

De reünie van Portishead sloeg met verstomming. Zij hielden meesterlijk de kroon op het hoofd in hun eigen unieke stijl.

De support Kling Klang balanceerde ergens tussen de ‘70’s retrorock, Kraftwerk elektronica, Pink Floyd/Hawkwind/Ozric Tentacles psychedelica en Black Mountain/Dead Meadow stoner. Hun ‘on the road’ Dr Who sound heeft nog veel te leren van z’n meesters. Want gun setje werd saai en vervelend.

Organisatie: Live Nation

Y&T

Live Music Harelbeke brengt Y&T tot in West-Vlaanderen

Geschreven door

Live Music is de organisatie die jaarlijks het Harelbeke Rock & Blues Festival organiseert. In 2007 programmeerden ze o.a. het Britse Thunder. De elfde editie van dit festival zal dit jaar in september plaatsvinden. Naast dit festival programmeert men af en toe ook clubconcerten. Zo slaagde men erin om het Californische Y&T op het West-Vlaamse podium te brengen. De hitte van die Amerikaanse zon werd alvast geïmporteerd naar ‘the place to be’: het Cultureel Centrum ‘Het Spoor’ te Harelbeke.

Om ons op te warmen (alsof dat nog nodig was!) mocht eerst nog de Steve Fister Band aantreden. Steve was ooit de gitarist van Lita Ford in de jaren tachtig. Met Ford toerde hij en maakte hij enkele studioplaten. Tegenwoordig brengt Steve hoofdzakelijk Bluesrock. Live is de Steve Fister Band een erg energiek trio. Zijn vierde album ‘Deeper Than The Blues” is eindelijk ook in Europa verkrijgbaar en uit dit album kregen we live ook het meest te horen. Meteen viel op dat Steve een zeer getalenteerde gitarist is. Zijn stemgeluid kon ons veel minder bekoren waardoor de beste momenten de talrijke instrumentale passages waren. Diverse stijlen kwamen aan bod: fusion, blues, jazz, funk, melodic hardrock. Steve Vai, Joe Satriani, Jeff Beck we hoorden ze allemaal voorbijkomen. Een mooie, boeiende set van een gitarist die we in de toekomst zeker in het oog zullen houden.

Ondertussen was de temperatuur in de zaal tot Californische hoogtes geklommen. Het was al na 22 uur toen Y&T het podium beklom (toch best vrij laat op deze doordeweekse avond!).
Yesterday And Today werd opgericht midden jaren zeventig. Na slechts twee album werd de groepsnaam afgekort en ging men verder als Y&T. Sinds hun eerste passage in 2003 op het Arrow Rock Festival staat de band weer helemaal ‘in the picture’ en is de band een erg graag geziene gast in Europa! De eerste albums van Y&T waren stevige heavy-metal albums. Later vaarde men een meer commerciëlere koers en was hun muziek vooral bedoeld voor de talrijke FM-rock radiozenders in hun thuisland. De huidige bezetting heeft in zijn gelederen nog slechts twee originele leden: Dave Meniketti (lead vocals/lead guitar) en Phil Kennemore (Bass). Versterkt op het podium met John Nymann (guitar) en Mike Vanderhule (drums).
De zaal zat goed vol toen de eerste tonen van de intro “Forever” door de luidsprekers knalden. De band trok meteen stevig van leer met het duo: “Hurricane” (uit ‘Earthshaker’ – 1981) en “Black Tiger” uit het gelijknamige album uit 1982. Beide albums zijn hardrockklassiekers en dus kon deze start wel tellen.
Daarna kregen we de titeltrack van het commerciëlere album ‘Contagious’ uit 1987. In die tijd was deze plaat veel radiovriendelijker dan hun eerste albums. Live, anno 2008, kreeg ook deze song een vrij stevig arrangement. “Dirty Girl”, “Mean Streak” en het verrassende “I’ll Keep On Believing” werden evenzeer sterk onthaald.
De stem van Dave Meniketti was dan ook verbluffend sterk en zeer authentiek en ook de band zette een erg sterk groepsgeluid neer. Visueel was het allemaal wat minder indrukwekkend. Want zo bijzonder veel gebeurde er niet op het podium. Y&T is live dan ook een erg statische band, zonder veel gedoe. Doch de sfeer in de zaal zat er goed in en menig veertiger genoot van zijn hardrocksongs uit zijn jeugd. “Midnight In Tokyo” was ook zo’n hoogtepunt.
Dave Meniketti vroeg ons de weg naar het land van de rijzende zon en stelde ons ook de vraag waarom het steeds zo heet is in ons land. Ja, de temperatuur was inmiddels ondraaglijk geworden maar de band liet zijn hart toch nog verwarmen met een fles Jägermeister. Kort erna trakteerde een goedgemutste Meniketti een fan op een stukje “Lipstick And Leather”, nadat deze zijn verlanglijstje had doorgegeven.
Doch de set had voor elk wat wils. Zo werd het A.O.R. gerichte “Summertime Girls” door mezelf erg gesmaakt. Anderen vonden dan weer “Squeeze” het hoogtepunt van de avond. “Squeeze”, is de enige song die door bassist Phil Kennemore werd gezongen. Verdienstelijk dat wel maar ook niet meer dan dat! De sterke setlist werd afgesloten met de volledige versie van “Forever”, waarna de band even na middernacht nog eenmaal terugkwam om hun grootste hit te brengen: “I Believe In You”.

Dit optreden van Meniketti & Co heeft mij erg aangenaam verrast. Vooral de uitstekende setlist en het nagenoeg perfecte geluid in de zaal zorgden voor een zeer geslaagd optreden.
Y&T is anno 2008 live nog steeds even sterk als tijdens hun gloriejaren….hoeveel bands uit die lang vervlogen tijd doen hen dit na?

Setlist: +Hurricane, +Black Tiger, +Contagious, +Dirty Girl, +Don’t Be Afraid Of The Dark, +Mean Streak, +I’ll Keep On Believing, +Fly Away, +Don’t Stop Runnin’, +Midnight In Tokyo, +Ten Lovers, +Anything For Money, +Pretty Prison, +Rescue Me, +Summertime Girls, +I’ll Cry For You, +Looks Like Trouble, +Squeeze, +Forever, +I Believe In You

PHOTOSLIDESHOW
http://www.slide.com/r/Yu9PYXaS3j9F8f-wPZJBNyOab71ff410?previous_view=lt_embedded_url
VIDEO 1
http://www.123video.nl/playvideos.asp?MovieID=288619
VIDEO 2
http://www.123video.nl/playvideos.asp?MovieID=288648

Organisatie: Live Music Harelbeke

Tunng

Les Nuits Bota 2008: Tunng, Cafeneon en This is the kit

Geschreven door

Het Britse Tunng, onder het songschrijversduo Mike Lindsay en Sam Genders, is al toe aan de derde cd en brengt fijne, rustig voortkabbelende, semi-akoestische gitaarpop (gegroeid uit de ‘new acoustic movement’, remember Turin Brakes, Kings of Convenience en ergens in een ver verleden Donovan en Simon & Garfunkel), (free)folk, knisperende elektronica en soundscapes.
Een toegankelijk relaxt geluid, ondersteund door een prachtige samenzang.
De vorige keer dat we de band live zagen (MaZ, Brugge), klonken ze sfeervol en dromerig, en deden ze hun concept van folkelektronica band alle eer aan!

Vanavond speelde de band, intussen al aangevuld met een zangeres, een speelse, broeierige, groovy set; de elektronica en de geluidjes kwamen op het voorplan, net als de ongewone instrumenten klarinet en melodica; een warm, zwoel sfeertje creëerden ze, en het was aangenaam vertoeven in hun gezelschap.  Hun subtiele pop, de ideale cocktail tussen droom en werkelijkheid, kreeg meer push en elan.
Ze putten uit hun drie cd’s waarbij het nieuwe materiaal pas in het tweede deel van de set aan bod kwam. Ze zetten de songs kracht bij door een fors klinkende gitaartokkel en elektronicableeps.
De leuke bende vatte aan met “People folk” en “Bodies”, die al meteen ondergedompeld werden in de geluidenwereld van Cocorosie. Rustig, ongecompliceerd en onbevangen zetten ze de lijn door met “Take” en “Beautiful & light”. De sad stories van “Jenny again” en “Sweet William”, verhalen over vermoord worden en een moord begaan, waren beklijvende, intieme akoestische songs. Een grappige Slayer/Metallica geïnspireerde gitaarpartij, hoorden we op het instrumentale “Soup”.
De groep verhoogde het tempo en liet de instrumenten en de samenzang meer doorklinken. De songs van het recente ‘Good Arrows’, die op plaat innemend zijn, “Arms”, “Bricks” en “Bullets” kwamen sterk uit de verf; de band breidde er nog een apotheose aan met “Engine room”, prachtig opgebouwd, mooi uitgesponnen en met stevige beats om de oren.

Tunng verraste met hun huiskamermuziek muziek, die live voller en breder was. En onverwachts een sterke indruk naliet!

Supports waren het Britse This is the kit en Cafeneon, uit Brussel afkomstig.
This is the kit valt te situeren binnen de freefolk van Jana Hunter en Alele Diane. Melancholische, ingetogen en ingehouden popsongs met een folky ondertoon, ondersteund door de emotievolle, frêle zang van Kate Stables en de backing vocals van Jesse Vernon. Het duo wisselde diverse malen van instrument. Een sobere aanpak en een gezellig onstuimig enthousiast setje. Niet schokkend of verrassend maar leuk en sympathiek.
Het Brusselse kwintet Cafeneon haalde de mosterd uit de electro, dub en psychedelica om hun rock kleur te geven. Hun afwisselend broeierig materiaal en de combinatie rauwe zang van Rodolphe Coster en de zweverige zang van Catherine Brevers (iets mee van Stereolab) werden door onze Franstalige vrienden op handen gedragen. Een gevarieerde, rommelige, smaakvolle set. Hun debuutcd verschijnt eerstdaags …

Organisatie : Botanique Brussel ikv Les Nuits Bota 2008

Tinariwen

Tinariwen: volksfeest met een boodschap!

Geschreven door

Vorig jaar verbaasde het nomadencollectief Tinariwen, van de minderheidsgroep Touareg uit de zuidelijke regionen van de Sahara woestijn , het Europees vasteland met de derde cd ‘Aman Iman’. Ze zijn ontstaan in de rebellenkampen van Khadaffi en spelen de ‘tishoumaren’ (muziek van de werklozen). Tinariwen heeft de volgende tekens, + I O : I, en is in het Nederlands vrij vertaald ‘lege plekken’. Ze vormen een  verademing binnen de worldpop, met een intrigerend, pittig bluesy retrorockend sausje; hun gitaargetokkel doet een beetje denken aan CCR, Jimi Hendrickx en John Lee Hooker. Dit gezelschap onderscheidt zich van andere Afrikaanse bands uit Mali als Amadou & Mariam, Toumani Diabeté en Ali Farka Touré.. Oorspronkelijk was hun muziek enkel verkrijgbaar op cassettes. De verzameling‘The radio tisdas sessions’ (’01) waren daar nog het levende bewijs van!

De gesluierde heren en dames van Tinariwen waren met acht op het podium en droegen typische Arabische klederdracht met amuletten. Ze hebben een  instrumentarium van akoestische en elektrische gitaren, bas en een djembe; het handgeklap, de donkere, nasale zang en de hoge vrouwenstemmen gaven een zuiders exotische prikkel. Fris, sfeervol, mystiek, ritmisch, energiek en door de groove, inwerkend op de dansspieren!
Meteen waanden we ons bij een avondlijk kampvuur in de woestijn, tentzeilen, waterpijpen, karaffen wijn en liggende kamelen; een volksfeest dus, maar bij Tinariwen is de boodschap meer dan dit: de problemen van hun volk, de onderdrukking, het uitblijven van politiek bewust zijn en de behoefte aan erkenning, wat te zien was op de projecties, naast de flarden teksten!
Het uitgebreide collectief nam een rustige start met “63” en “I tous”. Het tintelende gitaarspel (gekenmerkt door een bluesy ondertoon) en de repetitieve opzwepende ritmes verhoogden ongeforceerd het tempo. De gepassioneerde danspassen en de golvende armbewegingen gaven elan aan deze bezwerende, aanstekelijke sound; uit hun drie cd’s haalden ze “Chatma”, “Assouf” , “Aldhechen”, “Cler achel”, “Arawan” en “Tamatant tilay”.
Na meer dan anderhalf uur bereikte de band een apotheose met “Amassakoul”, “Win akalin” en “Mataddjem yinmixan” … een schitterend dansfeest op het podium met support Kel Assouf. Het worldcollectief verkreeg een overweldigende respons.

Vorig jaar zetten ze al tijdens Les Nuits Bota de zaal in vuur en vlam; moeiteloos konden ze dit overdoen in de AB!
Toegankelijke band met een ‘Rage’ boodschap, die steeds meer fans wint …

Organisatie: Ubu concerts ism Ancienne Belgique

Pagina 368 van 386