logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
The Wolf Banes ...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 08 oktober 2009 03:00

Travels with myself and another

Het noisepoptrio Future of the Left, gegroeid uit McCluskey, is afkomstig uit Wales, heeft een schitterende opvolger klaar van het debuut ‘Curses’. Het trio zweert aan de strakke, droge, hoekige ‘90’s noisepop van Pixies, Shellac, Barkmarket, Jesus Lizard en NoMeansNo, de crossover van Faith No More en Fugazi en tot slot grijpen ze zelfs terug naar de ‘80’s ‘experimental’ waverock van Virgin Prunes. Aan deze pittig gedreven geluid, voegen ze er bijwijlen gekruide psychedelica aan toe door synths!
Formule: een energieke sound, - heerlijk broeierig, fel en luid -en een hoop vunzige teksten (check er “you need satan more than he needs you” op na!) … één brok dynamiet en messcherp!
We horen een verbeten, krachtig venijnig gitaarspel, een dreunende, ronkende bas en een opzwepende percussie. Toegankelijkheid schuilt wat meer om de hoek en dat is soms nodig om even op adem te komen in hun allesomvattende noisepop! Andy Falkous, (schreeuwzang/zegzang/gitaar), Kelson Mathias (bas/zang) en Jack Egglestone (drums) vallen nergens uit hun rol in deze twaalf songs, die een muzikale wervelwind vormen: noisy, stekelig en intens materiaal, rauw en krachtig voer, zonder de melodie uit het oog te verliezen … met “Arming eritrea”, “Land of my formers”, “That damned fly” en “You need satan ...” als klassesongs.

Michael Sheehy (geboren in ’73) was in de jaren ’90 de frontman van de onvolprezen sfeervolle band The dream city film club, die ‘en verve’ subtiel fijnzinnige composities soms met een snedig randje componeerde. De Brit is al toe aan z’n vijfde soloplaat die de opkomst en ondergang behandelt van de fictieve en meelijkwekkende bokser Francis Delaney. Hij brengt dit in veertien afwisselende en gevarieerde songs, die een geheel zijn van sixties pop, rock’n’roll, vaudeville, slepende ballads, indie en van diverse americana stijlen in country/blues. De ‘Delaney’- songs kunnen ingehouden sober zijn tot acapella zelfs (“Goodnight Irene”) of zijn breder , maar beheerst door een instrumentarium van banjo, beperkte drums, strijkers, toetsen, xylo en soundscapes. Het gitaargetokkel en mans stem zijn de sfeermakers binnen dit concept. Maar ook te noteren valt het duet met Gemma Ray “Frankie , my darling”. Invloeden van Walkabouts, Cave, Waits en ons oudje Moondog Jr zijn te horen.
Een plaat die per beluistering wint aan zeggingskracht, zijn intimiteit prijsgeeft en het talent van deze songschrijver onderstreept.

Welkom in de droefgeestige leefwereld van Robin Proper-Sheppard. De man overtuigt in giftig en pittig donker songmateriaal over de dramatiek in z’n ‘lief en leed’- relaties. De autobiografische pijn weet ons te pakken …”It hurt writing these fucking songs” .. en ‘de fucks’ vlogen ons tussen de nummers om de oren … de ’terneure’ stemming is z’n inspiratiebron, hij put er energie uit en het is z’n broodwinning. Gelukkig beschikt hij nog nét over die zelfrelativering in z’n zwaarmoedige teksten door een dosis luchtigheid aan de dag te leggen (waaronder vanavond met de Belgisch melocakes). Robin Proper-Sheppard houdt van z’n Belgisch publiek door een bijna twee uur durende set, waarbij hij putte uit de vijf herfstplaten; op het eind bracht hij ons in ontroering door een handvol intieme songs naakt, puur en oprecht te spelen op akoestische gitaar en een vervlogen strijker.

Heerlijk somber materiaal konden we dus horen, bepaald door (slide) gitaartokkels, steelpedal, piano, een spaarzame percussie, het strijkerensemble The Sophia Quartet en gedragen door mans emotievolle diep stem. Proper-Sheppard dompelde de anders zo rockende Minnemeers zaal om tot een knusse huiskamer om die broeierig sfeervolle songs optimaal tot hun recht te laten komen. De laatste jaren zijn de strijkers een constante factor geworden en zorgen in de set voor extra draagkracht door de mooie, aanzwellende partijen. Met negenen waren ze on stage.
In een intiem donker decor openden de dromerige “The sea” en “Swept back”. “Signs” werd gekenmerkt door een intense opbouw en een iets forsere aanpak. Je hoorde op het uiterst breekbare en sober gehouden “Ship in the sand” haast een speld vallen. Hier ontbrak een kamerlamp en een kaars nog … “Storm clouds” bood haast letterlijk het beeld golven en het klotsende water.
Het aandachtige publiek in een haast uitverkochte Minnemeers onthaalde onze gelouterde songwriter en z’n band erg warm. Sophia ging iets breder in een uitgesponnen “Desert song”, “Pace”, “Dreamin’” en “I left you”. De laatste twee ging naadloos in elkaar over. Toch durfde hij en z’n band krachtiger klinken, zoals op “Oh my love” en “obvious”. Traditiegetrouw besloot het broeierig opbouwende “The river song”, z’n eerbetoon aan z’n overleden soulmate Fernandez van The God Machine, na meer dan een uur de set.
Wat we in de ruime bis te horen kregen, was om te likkebaarden, ondanks de verlieservaringen en zelfbeklag, die hij probeerde te relativeren. Solo bracht hij beklemmende versies van “Lost en “Something”, met z’n band o.a. “If only” en tot slot haalde hij van onder het stof met een strijker op de achtergrond “Holidays are nice” en “Directionless” (voor z’n puber-ende dochter!).

We hadden te maken met intens doorleefde, hartbrekende songs. Proper-Sheppard schrijft z’n pijngevoelen van zich af; ze zijn nét de juiste impulsen om richting te geven aan z’n leven. We mogen dus blij zijn dat hij het op die manier kan doen, of we waren de man al (lang) kwijt gespeeld … Kortom, een kalm en sfeervol optreden om te koesteren …

Organisatie: Democrazy, Gent

zondag 11 oktober 2009 03:00

Skunk Anansie is Back!

”Skunk Anansie is back” scandeerde zangeres en frontvrouw Skin diverse keren. ‘And we’re glad they’re back’, want ze serveerden ons een klein anderhalf uur lang broeierige, springerige en opzwepend dynamisch strakke songs uit hun pas verschenen verzamelaar ‘Smashes & Trashes’ (waarop drie nieuwe tracks staan). Een compilatie van hun oeuvre ’95 -’99, van de platen ‘Paranoid & sunburnt’, ‘Stoosh ‘en ‘Post orgasmic chill’.
Het Britse kwartet haalde in hun melodieuze rock invloeden aan van een Faith No More en Rage, zorgden voor ‘adrenalineverhogend’ materiaal door een bezwerend, ophitsend ritme, een begeesterend en bedreven basspel en een zangeres die haar keelgat als geen ander kon openzetten. Weerbarstig en subtiel songmateriaal dus, waarin de zangeres Skin haar kwetsbaarheid en haar boosheid toonde. Door muzikale armoede hield de groep op te bestaan … en hoorden we Skin met middelmatige soloplaten.

Na tien afwezigheid stond Skunk Anansie er terug ‘alive & kicking’. Die time out deed de band goed om er in te vliegen. Na de support A House klonken de drum’n’bass beats door de boxen en leidden de set in met het strakke “Selling Jesus”, hun eerste single van het prachtige debuut. Skin kwam als een jonge Grace Jones het podium gesprongen in een glitterpak vol glanzende bladeren. Ze behielden die energie en kracht in het tweede “I can dream”. Skin had intussen haar bladerpak afgedaan en schitterde in en zilverpak.
Net als het publiek beleefde de band z’n tweede jeugd. Het enthousiasme droop er vanaf en de sterke respons deed de band deugd. Een bomvolle AB droeg Skin en haar band een warm hart toe!
Muzikaal hoorden we vervolgens opbouwend, zacht - hard materiaal als het sublieme “Charity”, “100 ways (to be good )” en één van de nieuwe “Because of you” (zal wel de derde track worden als single!). Het tempo werd verhoogd met het hoekige “Charlie big potato”, die eerst door een pompende drum’n’bass beat werd aangevat. Klassesongs “Weak” en “Twisted (everyday hurt)” volgden en boeiden door de sfeervolle en krachtige stukken. Die broeierige opbouw en tempowisselingen vormden steeds de rode draad. “Cheap honesty”, “Brazen” en een gloednieuw “I don’t wanna kill you” (pas geschreven tijdens deze reünie en primeur op dit optreden), pasten binnen dit muzikaal plaatje. Haar brede glimlach verraadde een sterk gemotiveerde band. Ze staken er een tandje bij en trokken alle registers open in hun slotreeks “Hotel tv”, “Tear the place up” (eerste nieuwe single) en “Skankheads”. Ze klonken als een wervelwind door het rauwe gitaarspel, de diep dreunende bas en de opzwepende drums. Als een soort ‘voodoo lady’ ontpopte Skin zich tijdens deze nummers.
Ze toonde zich van haar emotionele kant in het sfeervolle “Hedonism” (wat een meezinggehalte) en het ingetogen “Squander” (de huidige single), waarbij ze de akoestische gitaar hanteerde en vocaal werd ondersteund door de andere groepsleden en het publiek op het refrein. “Little baby swastika” besloot definitief krachtig en gebald de set.

De tienjarige afwezigheid heeft de batterijen voldoende opgeladen om er terug fors, enthousiast en gemotiveerd tegen aan te gaan. Het publiek heeft het duidelijk geweten. Hun comeback ging niet onopgemerkt voorbij. Een uiterste voldoening voor band een publiek …

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto's

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

donderdag 01 oktober 2009 18:59

Lungs

Het Britse Florence (Welch) & The Machines stevenen af op één van de debuten van het jaar …Bezwerende, zwierige indierock wordt gekoppeld aan soul en ondersteund door haar helder, heerlijk overtuigende stem, waarbij ze zowel hemels als rauw kan uithalen … Een dame met een persoonlijkheid, een ‘babe’ met lang wapperende, donkere rosbruine haren …
Het gaat Florence Welch voor de wind. Ze sleepte in het kader van de Brit Awards al een Critics Choir Award binnen en heeft met haar single “Kiss with a fist” een reclamespot kunnen versieren bij Nike. Ze nestelt zich ergens tussen Dusty Springfelid, Kate Bush, Polly Harvey en Sinead O’Connor.
We hebben te maken met een erg afwisselend plaatje: broeierige opbouwende songs en sferisch materiaal dat bol staat van inventieve en melodieuze ritmes (opgezweept door dubbele percussie!) en orkestraties, waarbij zelfs een harp wordt bovengehaald. Twaalf songs die stuk voor stuk weten te intrigeren. We halen er alvast volgende songs uit , die het kunnen maken: “Dog days are over”, “Rabbit heart”, “Blinding”, “Between two lungs”, “My boy builds coffins” en natuurlijk ook “Kiss with a fist”. En Florence maakt het plaatje compleet met een schitterende versie van Candi Station’s “You’ve got to love”. Een terechte hype!

donderdag 01 oktober 2009 03:00

Album

We hoorden al Lovvers als groepsnaam, nu is er een ban die uit San Francisco Girls noemt. Een kwartet onder Christopher Owens en Liza Thorn. Het jonge bandje brengt twaalf emotievolle, licht melancholische indiegitaarpopnummers, waarin beheerste uitstapjes zijn naar de rock’n’roll, wave en shoegaze. De band heeft iets mee van een zeemzoeterig Jesus & Mary Chain. Ze trekken al meteen de aandacht met opener “Lust for life”, een overtuigende poprocker, die ongemeend verbonden is met Iggy. Verder zijn “Laura”, “Ghost mouth” en “God damned” broeierige popsongs in het verlengde van “Lust for life”. “Big bad mean Motherfucker” biedt een juiste dosis rock’n’roll. Het middendeel van de cd heeft een sobere, sfeervolle aanpak. “Headache” en “Summertime” hebben een minimale instrumentatie en zijn vocaal erg sterk. “Hellhole ratrace” is door de broeierige intensiteit en opbouw het kroonstuk van de cd. Tot slot vormen “Morning light” en “Darling” de link met de ‘80’s wave en shoegaze .
Het is allemaal goed uitgekiend en mooi verdeeld op de debuutcd, die zich onderscheidt met volgende kenmerken: Pop – Intimiteit – Dramatiek – Variatie - Hip

donderdag 01 oktober 2009 03:00

Time to die

Het uit San Francisco afkomstige duo The Dodos, Meric Long (zang/gitaar)), Logan Kroeber (drums/zang), waren op hun vorige tournee van de cd ‘Visiter’ al aangevuld met een derde groepslid, Keaton Snyder op xylo/vibrafoon/klokkenspel en synths. Hun aanstekelijke melodieën klonken hierdoor warm en kleurrijk.
The Dodos vallen op met hun avontuurlijk geluid in een zompig, freakende oase van bluesrock, americana, folktronica en psychedelica onder de onvaste, licht doordrammende zang van Long. Het creatieve, intens aanstekelijke gitaargetokkel, het slagwerk en de subtiele synths en geluidjes maken die sound uniek. De songs zijn toegankelijker op de nieuwe cd en intrigeren door de brede broeierige, beheerste aanpak. Er is sprake van meer knappe overgangen, en fijnzinnige subtiliteit en minder tegendraadse ritmes en hectische bewegingen. Verslavende nummers horen we dus als “Small deaths”, “Longform”, “Fables”, “Two medicines” en de afsluitende titelsong “Time to die”. Puik plaatje opnieuw van het trio!

vrijdag 02 oktober 2009 03:00

Het knuffelgehalte van Emiliana Torrini

De immer sympathieke IJslandse zangeres Emiliana Torrini is érg geliefkoosd in ons landje … Al voor de derde keer is haar concert uitverkocht. Ze voelt zich thuis bij haar Belgisch publiek in de AB, en ze vertelde ontwapenend over haar songteksten, liefdesliedjes in leuke anekdotes. Een charismatische lady die ons meteen overstelpte met enkele sfeervolle, ingetogen, intieme luistersongs van haar twee belangvolle cd’s ‘Fisherman’s woman’ en ‘Me & Armini’. Haar songs werden sober, elegant en minimaal begeleid. Temidden haar uitgedoste band in hemd, ondervestje en bolhoed, leek ze zelf wel een elfje met haar jurkje.

We hoorden en aanstekelijke start met de sfeervol opbouwende “Fireheads” en “Heartstopper”, waarin vooral het intrigerende gitaargetokkel, de kleurrijke synths en haar emotievolle stem in de verf stonden. Naast deze zaken, kwam haar songwritertalent centraal in de dromerige “Today has been ok” , “Big jumps” en “Lifesaver”. En op die manier kabbelde de set rustig verder met het ingetogen “Sunny road”, “Hold heart” en “Nothing brings me down”. Haar gitarist ontpopte zich als een multi-instrumentalist op keys en bas. En elke song had zo z’n eigen verhaaltje … Haar betrokken houding en charisma bood zeggingskracht. Haar twee uptempo nummers “Jungle drums” en “Me & Armini” zaten middenin de set. Ondanks de volle instrumentatie klonken ze iets soberder dan op plaat. Het knuffelgehalte koesterde ze met de intieme “Tuna fish”, “Beggars prayer” en “Birds”, die breder van opzet was! Het leidde het broeierig intens prachtige “Gun” in, die door de synths, (rauwe) gitaarloops en repetitief opbouwende drums een spannende dreiging kreeg, krachtiger was en op schitterende manier de bijna anderhalf uur de set beëindigde.
De bis was er eentje om van te snoepen … ze maakte na een pakkende versie van de titelsong “Fisherman’s woman” een prachtige overstap naar de “Dear prudence” cover: akoestisch en intiem toongezet, om dan krachtiger en feller te klinken. Het poppy “Heard it all before” besloot definitief de hartverwarmende gig van deze lieflijke dame en haar band.

Haar melodieus integere pop werd uiterst stijlvol gebracht en we kunnen maar pleiten dat onze Emiliana meer mag betekenen dan enkel haar paar muzikale uptempo buitenbeentjes.

Neem gerust een kijkje naar de pics onder live foto's.

Organisatie; Ancienne Belgique, Brussel

Uit de Arctic Monkeys stad Sheffield komt er een volgend tof bandje aandraven, Reverend & The Makers. Spil is de imposante zanger Jon ‘The Reverend ‘McClure - goede vriend trouwens van Alex Turner -, een man met een typical Britpop uitstraling, maar eentje met het muzikaal hart op de juiste plaats. Samen met z’n band staat hij garant voor Britpop meets indie in een web van aanstekelijke, dansbare synths. Op die manier zijn ze te situeren ergens tussen Blur, Oasis en de psychedelica van Primal Scream.

Ze speelden een afwisselende set van hun twee cd’s ‘State of things’ en ‘A french kiss in the chaos’. We hoorden en zagen een frisse, beweeglijke band en een zanger/performer, die een resem opzwepende, groovy songs bracht, maar al te graag z’n publiek vermaakte en hen nauw betrok bij hun materiaal, wat een dolenthousiaste menigte opleverde, die genoot van de overtuigende set in de Rotonde. Het draaide ‘em rond energie en charme bij dit zestal. De maatschappijkritische, soms messcherpe, teksten van McClure kregen door de vrolijke tunes een luchtig karakter.
Het nieuwe “Silence is talking” trok meteen de aandacht, snel gevolgd door de hitsingle van twee jaar terug “Heavyweight champion of the world”, waarbij McClure zich een gewonnen bokser waande. De zalvende intrigerende synths, de toevoeging van trombone en de backing vocals en danspasjes van Laura Manuel (op keys) gaven elan aan de set, zoals op “Bandits”, “No wood…”, “Open your window”, en het sfeervol opbouwende “Hidden persuaders”. Ze trokken de lijn door van strakke, snedige nummers, huppelende, springerige ritmes en fors klinkende psychedelicasynths op “Miss Brown”, “He said he love me”, “The machine” en afsluiter “Armchair detective”. Compromisloze opzwepende indiepop dus. En tot slot intrigeerde “Manifesto/People Shapers” door de spannende dreiging, het avontuurlijke karakter en de onverwachtse wending, net als het intense “Hard time for dreamers” dat een krachtiger staartje meekreeg, wat duidelijk aantoonde dat deze Reverend & The Makers veel in hun mars had en een ietwat moeilijke tweede cd, live probleemloos kon ombuigen in heerlijke, vrolijke, ontspannen pop!
Reverend & The Makers profileerde zich als een grootse band, die kon rekenen op een dankbaar publiek, die hield van de bindteksten en de grappen en grollen van de zanger McClure. Op het eind nam hij alvast de herinnering mee om het handjesschuddende publiek op foto vast te leggen.
En of McClure van z’n publiek hield … want na de opwindende set in de Bota nam hij iedereen letterlijk onder de arm in de tuinen van de Bota (“You, and me , outside”, haalde hij aan) en breide er nog een aardig geslaagd vervolg aan. Enkel begeleid van akoestische gitaar en stem, bracht hij nog een paar eigen songs (waaronder “State of things” en “Long long time”) en enkele covers, met een obligaat eerbetoon aan The Beatles’ “Revolution”.

Reverend & The Makers: puike liveband, die aanstekelijkheid, speelsheid, groove en stijl onvoorwaardelijk samen bracht …

Organisatie: Botanique, Brussel

Stralend weer en een tweede dag Uitverkocht Leffingeleuren (6000 bezoekers). De gevarieerde affiche, de gezellige sfeer en de gemoedelijkheid blijken de voornaamste troeven … En het waren de bands van eigen bodem die het meeste volk lokten in de concerttent en in het Zwerver zaaltje. Te elfder ure moest Joe Gideon & The Shark hun concert cancellen, wat werd opgevangen door de Amerikanse folkie Eileen Jewell.

Het Brugse Pepper Assaut won de Verse Vis wedstrijd en beet de spits af op de tweede dag. Persoonlijk sloten we aan bij de tweede band van dienst, het sympathieke jonge Britse man-vrouw duo Blood Red Shoes van Laura-May Carter en Steve Ansell. Al anderhalf jaar toeren zij onophoudelijk. Ze overrompelden met het hun debuut ‘Box of secrets’, een rauw, zompig en fris melodieus gitaargeluid, opzwepende strakke drums en een goede samen- en afwisselende zang. Hun speels jonge, ongedwongen attitude wint het nog altijd, de oude nummers beklijfden en het nieuwe materiaal moet nog naar de keel grijpen. Afwachten dus. Intussen was het genieten van “Say something, say anything”, “It’s getting bored by the sea”, en “I wish I was someone better”. Enorm gewaardeerd door het jonge publiekje.

Creature with the atom brain opende de tweede dag in de zaal. Opvallend veel volk wou de retrorockende band aan het werk zien rond Aldo Struyf en Dave Schroyen van Millionaire, Jan Wygers (Mauro & The Grooms ) en Michiel van Cleuvenbergen. Het kwartet speelde broeierige, snedige rockers, “Spinning the black hole” voorop. Goed bevonden, maar net onvoldoende om vast te houden …

Lady Linn & Her Magnificent Seven. De charismatische, talentrijke Lien De Greef herinnerde alvast haar optreden van vorig jaar nog op Leffingeleuren toen ze in de zaal één van de afsluitende acts was en een definitieve stap richting doorbraak zette! Sensueel, zwoele funkende jazzysoulpop, waarbij ze met haar band graaft in het muzikaal archief van de ‘50’s jumpin’jive, ballroom jazz en bebop. Op een jaar tijd was ze overal te zien en met haar band houdt ze het op één woord “enthousiasme”, met songs als “Harlem on parade”, “Here we go”, “Cool down” en “I don’t wanna dance”, die aardig uitgesponnen staartjes kregen.

Ons eigen Customs is verantwoordelijk voor aanstekelijke, herkenbare refreinen die naar de ‘80’s waverock teruggrijpen. Customs waren al ‘artist in residence’ in Leuven en scoren een aardige hit met “Rex”. Het gaat dus erg goed met dit beloftevolle bandje, dat op een volle zaal kon rekenen en hun nakende debuut voorstelden. De groep laveert ergens tussen Interpol, White Lies en het godvergeten House Of Love; terecht maakten ze de link met het coveren van hun “Shine on”! Verder hadden we van deze waverockers “Ghosts” en “Justine”, die naast de single “Rex” voldoende hitpotentieel hebben.

Alela Diane daarentegen kon misschien beter ook in de zaal gestaan hebben, want heel wat volk had een rustpauze ingebouwd, maar niet om haar innemende, aanstekelijke indiefolk aan te horen. Kampvuurmuziek tussen droom en nostalgie en een ‘hey ho’ samenhorigheidsgevoel, gedragen door haar heldere, emotievolle stem. Elke keer dat we Alela Diane aan het werk zien, breidt ze haar groep uit: eerst trad ze solo op, dan als duo en sinds de aanvang van haar nieuwe clubtour (in het voorjaar) zijn ze met vijf. Ze werd sober en elegant begeleid door een heuse band (waaronder haar papa!) en een backing vocaliste. Sfeervolle folky popsongs hoorden we van haar twee platen ‘The pirate’s gospel’ en ‘To be still, waaronder “The alder trees”, “Every path”, “My brambles” en “To be still”. Uiterst gecharmeerd waren we op het eind, met de intieme, ingetogen pracht van “The ocean” en “The rifle”. Ze bracht de matige opkomst nog dichter bij elkaar …Mooi toch?

J. Tillman maakt deel uit van de Fleet Foxes stal, en heeft intussen een eigen project klaar, waar hij zich ontpopt als een niet te onderschatten singer/songwriter, die net als de andere FF leden over een sterke stem beschikt en gevoelige klanken kan tokkelen op akoestische gitaar. Hij had een heuse band mee en bracht een pak intens broeierige, dromerige en sfeervolle folkamericana songs, waarbij de leden af en toe eens loos gingen op hun instrumenten, vooral op de gitaren en op steelpedal en het gitaarspel. Wat een  fijne ontdekking…

Heel veel leuks komt uit Mali met o.a. Ali Farke Touré, Toumani Diabaté en het zeskoppige gezelschap onder het blinde echtpaar Amadou & Mariam. Ze leverden meteen een hartverwarmende als swingende, groovy dansbare set af door de opzwepende dubbele percussie, een fijn aanstekelijk en intrigerend gitaarspel (refererend aan de nomaden van Tinariwen) en de samenzang van het koppel. Ook de bevallige backing vocalistes/danseressen boden kleur en intensiteit.
Het kleurrijke gezelschap kreeg iedereen tot handclapping, heupwiegen en danspasjes maken. De songs kregen een soms forse, krachtige injectie en hadden een repetitieve opbouw om de trance te vergroten en in te werken op de dansspieren. Een schitterend slot speelden ze met “Dimanche à Bamako”, “La réalité” en “Sebeke”, die me onrechtstreeks deden terugdenken aan de sound van de eervolle Israëlische winnaar van het Eurovisiesongfestival in ’78 Izhar Cohen’s “A-ba-ni-bi”. Afroworld pop die de tent in Leffinge op z’n kop zette! Hou er maar eens hun twee laatste platen op na, ‘Dimanche à Bamako’ en ‘Welcome to Mali’.

Klonk The Bony King Of Nowhere in het voorjaar wat onzeker en onwennig om hun debuut voor te stellen, dan heeft de band, onder zanger/componist Bram Vanparys, aan standvastigheid, podiumervaring en intensiteit gewonnen. Ze behielden de aandacht en wisten het publiek sterk te boeien met hun innemende, broeierige en melancholisch romantische pop. Daarvoor was de sobere begeleiding en Vanparys dromerig, indringende en licht overwaaiende vocals verantwoordelijk. Ook het publiek betrokken ze in die sfeervolle aanpak en pushten hen tot handclapping, wat een duidelijke meerwaarde was. Het eerste deel van de set werd akoestisch toongezet, met songs als “The sunset”, “There I am” en “Alas my love”; in het tweede deel kwam de bredere instrumentatie van toetsen (soms refererend aan Radiohead’s klanktapijt), contrabas en zalvende percussie aan bod, “Taxidream”, “Losing gravity”, “Eleonaore” en “Vistor”. Een Bony ‘Prince’ of Nowhere die z’n naam waardig van ‘King’ mag dragen. Groeisongs van een groeiband …

De ‘grunge peetvaders’ van Dinosaur Jr, in de originele bezetting van Mascis, Barlow en Murph moesten eerst nog wat op dreef komen … een rommelige start in een donker sfeervol decor, het zoeken naar de juiste geluidsbalans en het afstemmen van Mascis’ vocals, waardoor de eerste songs “Thumb”, “In a jar” en “Imagination blind” wat in de mist gingen. Nu, op elk concert van Dinosaur Jr is het wat zoeken naar deze elementen, net zoals Mascis na elk nummer steeds z’n gitaar moet kunnen afstellen. Dat is net grunge …
Ze kwamen op kruissnelheid vanaf het vijfde nummer, het herkenbare “The wagon”, waardoor het uitermate genieten was van hun gevoelige grungerock/noise, “Plans”, “Feel the pain”, “Over it” en oudjes “Freak scene” en “Just like heaven”. Barlows onverstaanbare bindteksten namen we er maar al te graag bij in deze begeesterende, rauwe, emotievolle, melodieuze set. Toch was niet iedereen te vinden voor de formule van deze veteranen …

Anders was het bij Daan, die de concerttent deed vollopen. Hij maakte er een ‘best of’ van, waarbij regelmatig een tipje van de recente vijde cd ‘Manhay’ werd opgelicht. De broeierige rock paste ideaal naast de gekende synth/electropop. Het mooi uitgedoste kwintet - met de bevallige Isolde Lasoen op drums en Daan himself (donkere bril en steevast een sigaret) -, speelde een intens bedreven setje door songs als “Exes”, “Addicted …”, “The player”, “Victory”, “Swedish designer drugs” en “Crawling from the wreck”. Op de koop toe eindigden ze met een uitermate krachtige en mooi uitgesponnen versie van GL Buffalo’s “Fuzzy” en de ‘instant’ klassieker “Housewife”. Een ‘en verve’ afsluiter van de tweede avond op het hoofdpodium.

Intussen viel er nog wat leuks te beleven met We rock like girls don’t in het Café van de Zwerver, twee dames die PJ Harvey, The Kills en Blood Red Shoes samenbalden en de dance van The Glimmers vs Disko Drunkards in de zaal. Of je moest de electrobeats ondergaan van de DJ set van Riton…Voer voor elk wat wils dus!

Uitgebreide reviews volgen 

Pagina 146 van 180