logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
Kreator - 25/03...

Parkway Drive

Parkway Drive – Een show om niet te vergeten!

Geschreven door

Parkway Drive – Een show om niet te vergeten!
Parkway Drive – Architects
Ancienne Belgique
Brussel
2016-02-16
Jens Heyerick

Vooraf over het nieuwe album van Parkway Drive 'Ire': toen ik las dat ze een nieuwe weg waren ingeslagen , was ik een beetje teleurgesteld maar wou toch wachten tot ik deze volledig kon beluisteren. Ik had al “Vice Grip” en “Crushed” gehoord toen die werden vrijgegeven en het was inderdaad anders dan ik van hen gewoon was, maar zeker niet slecht. Toen het album dan in België verkrijgbaar was, heb ik hem direct aangeschaft. Het was wel even wennen. “Dedicated” en “Destroyer” zijn voor mij persoonlijk twee nummers die er boven uit steken. En “Vice grip” is een meezinger, die echt aanstekelijk werkt. Dus ik keek er naar uit om ze aan het werk te zien …

Thy Art Is Murder hun set heb ik spijtig genoeg gemist door file problemen. We waren voorbereid op de set van Architects. Voor mij de eerste keer dat ik de metalcore band uit Brighton, Engeland aan het werk zou zien. Benieuwd hoe ze live klinken, ik heb hun laatste twee albums beluisterd en de stem van Sam Carter kan mij zeker bekoren, en heb van horen zeggen dat ze live uitstekend spelen … Ze begonnen hun set met “Gravedigger”, een nummer van hun laatste album. Een juiste keuze zo te zien want de eerste crowdsurfers werden door de security al van het publiek geplukt, en de eerste moshpit werd ingezet. De band had er zo te zien ook zin in want Sam Carter sprong van de ene kant van het podium naar de andere. Tijdens “Broken Cross” en “The Devil Is Near”, bleef het publiek zich volledig geven en dat werd in dank afgenomen door de bandleden. De crowdsurfers en moshpits bleven maar komen. De rest van de set werd vervolledigd met nummers van hun laatste album ‘Lost Forever //Lost Together’ o.a “Naysayer” & “C.A.N.C.E.R” . De speech van Sam Carter over gelijkheid en hulp zoeken voor je problemen is geen schande ( wat hem ook geholpen heeft btw!) werd door het publiek toegejuicht. Het optreden was strak en qua geluid zat het zeker goed, al vond ik het jammer dat alleen het laatste album aan bod kwam. Een geslaagde eerste keer en ik zal ze zeker terug gaan bekijken , op Graspop deze zomer dus!

Nu was het nog een halfuur wachten tot Parkway Drive, de metalcore band uit Byron Bay, Australië, die ik al twee keer op Graspop heb gezien. Zeker de moeite om nog eens naar deze mannen te komen kijken. De zaal zat goed vol.
Het is bijna zover, door de luidsprekers weerklonk “Bohemian Rhapsody'” van Queen,  dat werd meegezongen en er werd ook een kleine moshpit gestart wat ik wel grappig vond. De lichten gingen uit , het publiek riep al direct om Parkway drive, en de set werd ingezet met “Destroyer”. Winston McCall vroeg om crowdsurfers en hij kreeg ze direct. In no time ging het publiek uit zijn bol, je voelde direct dat er een goede vibe en sfeer hing. Gevolgd door “Dying To Believe”, twee nummers van hun nieuwe album, die wat volwassener klinken. Zo kwam “Carrion”, een echte meezinger ook aan de beurt, Winston voelde zich in zijn nopjes en bedankte het publiek regelmatig voor hun energie. De AB werd door zijn stem ingepalmd en de menigte bedankte hem door enkele moshpits te starten en constant crowdsurfers te laten opstijgen boven het publiek.
Het optreden werd een mengeling van hun uitgebrachte werk, maar met 'IRE' als centrale album vanavond. Van de vroegere platen kon je niet omheen “Karma”, “Deliver Me”, “Idols And Anchors”, ... Qua stem blijft hij nog altijd evenwichtig . Om het met zijn woorden te zeggen : “All these years, i'm the still the voice you can’t destroy” uit het nummer “Bottom feeder”.  Als afsluiter werd “Swing” gespeeld, nog eens een snel nummer en achter z’n laatste woorden gingen de lichten uit … Het publiek wou zo te horen nog niet naar huis en iedereen bleef Parkway Drive scanderen. Dus kwamen ze nog eens op het podium om nog twee nummers te spelen, “Crushed” en “Home Is For The Heartless”, en als laatste zei hij “I see you guys this summer”. Dat belooft!

Kort samengevat: Top avond, top bands! Het waren shows om niet te vergeten, ette sets, veel beweging in het publiek en op het podium, Winston zijn stem was fantastisch in vergelijking met Graspop vorige zomer, de solo's van Jeff Ling waren betoverend en qua geluid zat het zeker goed. En persoonlijk vind ik de nieuwe nummers even hard klinken als daarvoor, overtuigend dus . Tot deze zomer!

Setlist Architects:
Gravedigger/ Broken Cross/ The Devil Is Near/ Dead Man Talking/ Colony Collapse/ Castles In The Air/ Naysayer/ C.A.N.C.E.R/ These Colours Don’t Run
Setlist Parkway Drive:
Destroyer/ Dying To Believe/ Carrion/ Karma/ Atlas/ Deliver Me/ Vice Grip/ Idols and Anchors/ Dedicated/ Wild Eyes/ Bottom Feeder/ Romance Is Dead/ Swing
Bis: Crushed & Home Is For The Heartless

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/parkway-drive-16-02-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/architects-16-02-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/thy-art-is-murder-16-02-2016/

Organisatie: Heartbreaktunes ism Ancienne Belgique, Brussel

Flying Horseman

Night is long

Geschreven door


Die Bert Dockx is een muzikaal talent en kameleon . Met Flying Horsemen is hij al toe aan de vierde plaat , maar zijn aanwezigheid bij Dans Dans en ook z’n Nederlandstalig soloproject Strand zijn evenzeer te koesteren .
Een heuse band ruggesteunt Flying Horseman waar we ondergedompeld worden in een boeiende reeks dat extravert als ontroerend klinkt, steevast met een donkere ondertoon  . Een broeierige intensiteit , een onderhuidse spanning en een sterke repetitieve, opbouwende ritmiek horen we in de songs , die sober , kleurrijk als complex kunnen klinken . Sing/songwriting en ‘band’ gevoel gaan hier samen . Indie, americana en blues zijn in elkaar gevlochten , w      at een evenwichtig geheel oplevert . Een uniek , apart geluid in allerhande wisselingen en stemmingen .
Mooi , overtuigend wat we hier toch allemaal horen. “Money” met een link naar Cave en die sferische afsluiter van een titelsong intrigeren sterk door de onrust , onheil die ze uitstralen o.m. door soundscapes . Openers “Wild colours” en “Faithfully yours” kenmerken zich door een diepgaande gitaarsolo; een intieme “We are one”, “Sunsets” en “Chaos” tonen een andere kant  .
Dit is materiaal dat bij de keel grijpt en door de variaties je in verwarring achterlaat … Flying Horseman komt opnieuw sterk voor de dag  

Lana Del Rey

Honeymoon

Geschreven door

Lana Del Ray aka Lizzy Grant biedt wel iets speciaals in de muziek; we horen broze, onderkoelde en hartverwarmende trippopromantiek, onder haar diepe indringende vocals. Zij komt ergens uit op een soundtrack van Twin Peaks (Angelo Badalamenti) , een Tarentino – Morricone soundtrack (check het recente ‘The Hateful 8’ maar eens!) of de trippop van een Tricky en Potishead .
We hebben die kenmerkende sfeervolle , intens broeierige spanning , die verleidelijke , dampende, smachtende tunes en zoete orkestraties, vakkundig uitgewerkt. Het album neigt iets meer naar het debuut ‘Born to die’ en is minder direct dan ‘Ultraviolence‘ .
De songs voelen diep mysterieus als zwoel , exotisch aan, zijn dromerig of hebben een fatale indruk . “High on the beach” en haar cover van Nancy Sinatra “Don’t let me be misunderstood” onderstrepen sterk dat gevoel .
Toegegeven, net als bij de vorige platen sijpelt de eenvormigheid door , maar die emotionele muzikale schemerzone is en blijft iets unieks …

Eefje De Visser

Nachtlicht

Geschreven door

We houden wel van die Nederlandse vrouwelijke sing/songwriters . Naast Roosbeef, Maaike Ouboter  is Eefje De Visser ook al een vijftal jaar bezig haar eigen weg uit te slaan . Ze heeft al een handvol platen uit en met deze nieuwe ‘Nachtlicht’ overtuigt ze opnieuw . De weemoed in poëtische teksten gegoten zijn het uitgangspunt  in rijk gelaagde arrangementen, die een stevige portie elektronica toebedeeld krijgen .
In die zorgvuldige arrangementen krijgt de melancholie extra diepte . Een sferische sound , die een Mediterrane invloed verraadt door die zalvende elektronica, marimba’s , percussie en wisselende ritmes .
De single “Scheef” , opener van de plaat, nodigt ons op gepaste wijze uit . “Naartoe” , “Jong” en “Staan” zijn alvast breed gearrangeerd . “Wakker” , “Luister” en “Wel” zijn dan die nummers die haar sing/songwriting in soberheid en intimiteit ondersteunen. Mooi plaatje!

Half Moon Run

Half Moon Run doet de jonge hartjes sneller slaan!

Geschreven door

Half Moon Run doet de jonge hartjes sneller slaan!
Half Moon Run en Aidan Knight
Ancienne Belgique
Brussel
2016-02-15
Johan Meurisse

Het uit Montreal afkomstige kwartet Half Moon Run had misschien beter een dagje eerder in de AB afgezakt … Het jonge vrouwvolk hun hartjes sloegen sneller op de sfeervolle tracks. En de rode gloed kleurde op die manier nog feller. Tja, die belichting was bijzonder knap en af!

Half Moon Run laat subtiliteit en finesse sterk doorklinken op hun songmateriaal, die semi-akoestisch, elektrisch klinkt, beladen is met elektronica en omarmd wordt door een meerstemmige samenzang . De band houdt het op sfeer in hun stemmig materiaal van hun twee cd’s totnutoe , ‘Dark eyes’ en ‘Sun leads on me’ . De experimenteerdrift komt beduidend meer naar voor op de nieuwe tracks en de toegankelijkheid gaat niet verloren. En hun folkrefreintjes zijn de hartenkloppers. 
“Turn your love” opende de set  en intrigeerde door de aanzwellende partijen en de huppelende ritmiek. Iets verderop hadden we een overtuigend “Works itself out” en in het laatste deel trok het kwartet de extraverte kant van hun sound open met “Everybody wants”, “She wants to know” en “Consider yourself”. Een etherisch bombast geluid durft door te sijpelen, niet overdreven, net gepast; en inderdaad dan dringt een stadionband als Muse zich op …
Er was nog voldoende ruimte om hun gevoelige indiefolk voor te stellen, als “Narrow margins”, “Unofferable” , “Warmest regards” en “Devil may care” . Het uitgebreid arsenaal aan elektrische en akoestische gitaren, dobro, zijn bedachtzaam en zalvend op die nummers. Ook de percussie werd uitgebreid met troms om een voller geluid te creëren.
Half Moon Run heeft aandacht voor elke song, die mooi uitgediept werd,  en in de bijna anderhalf uur durende set kwamen we er wel 18 aan bod. De band is aan een opmars toe  met deze tweede plaat; na een eerste optreden in de Bota was een goed gevuld AB het resultaat . “Trust” viel op door de stuwende elektronica en de sfeervolle, broeierige  single “Full circle”, met een gedreven slot, kon de spannende set besluiten .

Het samenhorigheidsgevoel werd dan nog ondersteund door Dylan’s/ The Band’s  “I shall be released” , die een kampvuurtje deden knetteren . Half Moon Roon werd letterlijk mooi uitgewuifd op die manier …

In het oog houden we ook Aidan Knight , vanavond de support, evenzeer uit Canada én al toe aan zijn derde plaat , maar nu verdiend in de spotlights . Hij beschikt over een unieke stem, die fluisterend als donker is , en met z’n begeleiding brengt hij een handvol interessante ontroerende als blije songs die sober , spaarzaam als kleurrijk zijn door de toegevoegde keys. Net als bij Half Moon Rum is er hier nagedacht over hoe de nummers moeten zijn . Voor wie wat later  kwam , geen nood , de man komt nog eens dit voorjaar afzakken in de AB, maar dan niet als support. Beloftevol!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Shearwater

Shearwater - Back to the future met Shearwater

Geschreven door

Jonathan Meiburg is de spil van Shearwater, de Americana band die onder zijn leden ook Thor Harris had, die tegenwoordig bij Swans het slagwerk voor zijn rekening neemt. Meiburg is naast artiest ook ornitholoog, en schreef zijn thesis over de Zuid-Amerikaanse Caracara, een roofvogel die in Patagonië leeft …

Shearwater wordt bij een kleine groep van kenners gewaardeerd voor albums als ‘Palo Santo’ en ‘The Golden Archipelago’. Daar  kan wel eens verandering in komen met het nieuwe album ‘Jet Plane and Oxbow’, waarin Meiburg het roer volledig omgegooid heeft. ‘Jet Plane and Oxbow’ is een groots opgezette protestplaat tegen de Amerikaanse politiek, muzikaal geïnspireerd door de vroege jaren tachtig, en meer bepaald door Talking Heads en Bowie’s ‘Scary Monsters’. Voor mij is dit alvast één van de topplaten van 2016. Net  als ‘Lost in the dream’ van The War on Drugs dat de jaren zeventig naar de eenentwintigste eeuw haalde, doet ‘Jet Plane and Oxbow’ dat voor de jaren tachtig. We waren benieuwd hoe Shearwater dit ambitieus werkstuk op het podium ging neerzetten, wat met zo een rijke productie niet altijd evident is.

In ieder geval had Shearwater ook aan het visuele aspect gedacht: zo stonden er fluo-buizen op het podium, en betrad Jonathan Meiburg op theatrale wijze het podium: hij droeg een zwarte handschoen, waar een lamp in verborgen zat, waarmee hij David Bowie-gewijs zijn gezicht bescheen. “Prime” schoot stevig uit de startblokken met zijn mix van Mark Hollis en Sixteen Horsepower; de nadruk zou in dit concert vooral op de gitaren en de imponerende stem van Meiburg komen te liggen. Niettemin speelde de rest van de band ook een heel belangrijke rol, in “Filaments” legde de drummer een dansbare groove als basis, waarboven de keyboardspeelster pianoklanken lardeerde zodat we ergens bij Talking Heads uitkwamen. De aanslagen op de drumcomputer leverden de Afrikaanse accenten en de jaren tachtig-klank die dit verder ondersteunden. De tweede gitarist begeleidde dit retro-futurisme met laserstralen die uit zijn gitaar alle richtingen uitschoten. Hier was duidelijk veel zorg besteed aan de podium-act, ook al is de tour van Shearwater kleinschalig want de vijf bandleden, hun instrumenten en de podiumattributen moesten allemaal in hun tourcamionette passen. Meiburg was zichtbaar opgetogen dat ze met deze tour de stap konden maken van de kleine Rotonde naar de Orangerie. Het grote gebaar werd niet geschuwd in “A long time away”, dat stadionrock op menselijke schaal bracht: 1984 was helemaal terug met invloeden van vroege U2 en Springsteen. “Quiet Americans”, voortgestuwd door een proto-beat, ging aan de haal met Bowie, hoe kan het ook anders. In het uit ‘Palo Santo’ geplukte “Seventy-four, seventy five”, viel vooral de imponerende stem van Meiburg op, soms op het randje van het theatrale, veel raakpunten waren er hier met John Grant of Sun Kil Moon. “Pale Kings” was episch, zonder bombastisch te zijn, en in één van de volgende nummers haalde de band een verrassend trucje uit, de instrumenten stierven weg, maar bleven voortspelen, alsof iemand aan de mengtafel met de schuivers zat te experimenteren. Die ruimte in de nummers was wel een constante in de set van Shearwater, Meiburg en zijn band gaven ieder nummer de nodige ruimte om te ademen.
In Texas luisteren ze blijkbaar niet alleen naar Bowie, ook krautrock stond op het menu vanavond, het zijn niet alleen de Chilenen van Follakzoid die een motorische groove kunnen neerzetten, ook Shearwater slaagt hierin met glans. Meiburg trok een paar vingerloze handschoenen voor zijn laatste nummer, en we begrepen pas waarom, toen er plots tien laserstralen de zaal inschoten. Nog eens, de podiumact was af.


In de bis trakteerde Meiburg ons op twee covers uit ‘Lodger’, zijn lievelingsalbum van Bowie, en dat vatte de avond perfect samen. Shearwater heeft een ambitieus album uit, en de podiumact is klaar voor de grote zalen en de stadions. Nu het publiek nog, maar met dit album moet het lukken om een grote stap vooruit te zetten.

Setlist: Prime/Filaments/A long time away/Rooks/Quiet Americans/You as you were/Wildlife in America/Seventy-four, seventy-five/Pale Kings/Backchannels/Radio Silence/Stray light at clouds hill
Bis: Dj (David Bowie-cover)/Look back in anger (David Bowie-cover)
Bis twee: I was a cloud

Organisatie: Botanique, Brussel

We Are Open 2016 – vrijdag 12 februari 2016

Geschreven door

We Are Open 2016 – vrijdag 12 februari 2016
We Are Open 2016
Trix
Antwerpen
2016-02-12
Sam De Rijcke

Als u ons om onze top drie van de beste Belgische platen van 2015 vraagt, dan zullen wij u prompt antwoorden : Steak Number Eight (‘Kosmokoma’), The Black Heart Rebellion (‘People, When You See the Smoke, Do Not Think It Is Fields They’re Burning’) en Flying Horseman (‘Night Is Long’). Als u ons vervolgens vertelt dat deze drie bands op dezelfde avond geprogrammeerd staan op het Trix showcase-festival We Are Open, dan draaien wij u spontaan een regelrechte tongzoen en springen wij als de bliksem in onze wagen om koers te zetten richting Antwerpen. Dat we er terloops nog wat ontluikend talent kunnen ontdekken, is lekker meegenomen.

We kunnen van tijd tot tijd wel een goeie pot noise verdragen, maar dan vragen we ook dat er een stel goede songs achter het lawaai schuilen, wat helaas niet het geval is bij het luidruchtige Gentse combo Crowd Of Chairs. Veel herrie en geschreeuw, geen songs.

Heel snel nog een nummertje meepikken van het duo Onmens. En net op het moment dat we denken van “Hey, zijn dit de Compact Disk Dummies niet ?” is het helaas al gedaan. Het klinkt wel bijzonder cool, en wij beseffen dat we met Crowd Of Chairs de verkeerde keuze hebben gemaakt.

Quasi in zijn eentje verantwoordelijk voor misschien wel het beste Belgische album van het afgelopen jaar (‘Night Is Long’) is Bert Dockx. Met zijn band Flying Horseman brengt hij weidse grootstadsblues met prachtige gitaren die geregeld naar een broeiende climax groeien, ergens tussen Richard Hawley, Television, Chris Forsyth en Roxy Music in. De geest van die schitterende nieuwe plaat dwarrelt ook over het podium dankzij prachtsongs als “Faithfully Yours” en “Brother”. Mooi, heel mooi zelfs, en veel te kort. Dat heb je dan met showcasefestivals.

Hadden ze naast het café, de club en de bar in muziekcentrum Trix nu ook nog een pikdonkere diepe kerker gehad, dan was dat de plaats waar de beangstigende klanken van The Black Heart Rebellion het best zouden gedijen. Helaas moeten ze het hier in de bar doen en daar gaat hun doorgaans hypnotiserende sound een beetje in het gewoel verloren, maar onheilspellende songs als “Body Breaker” en “Flower Bone Ornaments” blijven overeind. Sorry dat we het steeds blijven herhalen, maar dit zijn de Belgische Swans. En dit bedoelen we 100% als compliment.

Op naar de jeugdige stormrammen van Steak Number Eight. Amai mijne frak! wat een maturiteit! wat een overtuiging! wat een sound! wat een power! Steak Number Eight is een goed geoliede West-Vlaamse machine die loeiend hard en extreem krachtig op het hoogste toerental draait. We hadden het al door met die prachtige nieuwe plaat ‘Kosmokoma’ dat de groep er zowaar nog een paar flinke stappen op vooruit is gegaan, live zetten ze dat nog eens extra in de verf. Brent Vanneste is een geweldige frontman  die middels  moordsongs als “Your Soul Deserves To Die” en “Gravity Giants” zijn band naar hogere oorden schreeuwt. Dit rockt als een op hol geslagen bizon bij wie de stoom meedogenloos en onbegrensd uit een stel kollossale neusgaten gutst. Het is keihard, pokkenluid, loodzwaar en hondsbrutaal, maar het is van een zelden geziene klasse.

De Brusselse psychedelische retro rockers van Moaning Cities hadden we al eens eerder aan het werk gezien, en ze zijn nog geen haar veranderd (’t is hoogstens wat gegroeid). Ze zijn speciaal op een vliegend tapijt van Brussel naar Antwerpen gevlogen om er een stel in LSD gerijpte songs te komen spelen. Eén en ander wordt met een sitar nog wat extra opgefleurd om de hippiegeest nog sterker te verruimen. Soms ietwat te langdradig doch best wel aangenaam, maar de Black Angels-referenties liggen er nog steeds te dik op. Er is dus nog veel werk aan het ontwikkelen van een eigen smoel, maar ze zijn aardig op weg.

Van de papavervelden terug de garage in, alwaar Double Veterans met een stel korte en viriele garage-rocksongs de Trix Club in vuur in vlam zetten. Het is het bandje van Lee Swinnen, zoon van Guy, maar voor de rest heeft dit helemaal niets met The Scabs te maken. Double Veterans brengen met een heuse punkspirit een batterij simpele rechttoe rechtaan songs met een gortig kantje. Swinnen is duidelijk de baas van dit trio en hij jaagt zijn songs er door met een coole en vinnige nonchalance waarmee hij de zaal innig aan het pogoën krijgt. Faut le faire. Een bandje met pit, en volgens ons ook een toekomst.

Mag van ons met de prijs voor beste groepsnaam weglopen :  Cocaine Piss. Deze Waalse band is all the way to Chicago gevlogen om er met de legendarische producer Steve Albini hun debuutplaat op te nemen. Albini, die zelf is opgegroeid in de Amerikaans hardcore-punk scene, is nu wel aardig wat gewoon, maar hiervan zal hij toch ook wel even geschrokken hebben. Cocaine Piss verspreidt met name een hels kabaal, het is straight-in-your-face-hardcore met schreeuwerige female vocals, verschroeiende herrie waar zelfs Perfect Pussy een stapje voor achteruit zou zetten. Zo eindigt de avond als ie begonnen is, met een aanslag op onze trommelvliezen.

Organisatie: Trix, Antwerpen

John Coffey

John Coffey en Cocaine Piss – Hard Stuff!

Geschreven door

John Coffey en Cocaine Piss – Hard Stuff!
John Coffey
Kreun
Kortrijk
2016-02-13
Johan Meurisse

Bij onze Noorderburen kan er ook duchtig met gitaarrock’n’roll worden omgesprongen … De jongens van John Coffey (verwijzing naar de imposante figuur uit ‘The green mile’) zorgen voor een lekker vettig , ruig , zompig geluid in de beste punk/hardcore, met intense schreeuwpartijen en ingetogen zanglijnen ; in z’n totaliteit refereren ze aan die andere Nederlandse band The spirit that guides us , die we een kleine vijftien jaar terug, omarmden. En natuurlijk zit er daar ergens wat Slash, The Hives , Refused , At the drive-in en Channel Zero in verweven.

Het kwintet klinkt energiek , gedreven , zonder de melodie uit het oog te verliezen . Een rollarcoaster van prachtige stuwende, krakende en piepende solo’s horen we in hun hitsige sound .Het recente ‘The great news’ kwam hier op het voorplan met extraverte nummers als “Broke neck”, “Son”, “Relief” en “J.T. Davis”, overmand door een spervuur meerstemmige zangpartijen en screamo’s. Een rock’n’roll feestje dus, een ideaal avondje uit , om de spanningen letterlijk van zich af te schudden en van zich af te springen , waarbij het publiek geniet vóór en de vijf op het podium .
Ze zijn al toe aan de derde plaat en krijgen in ons landje nu de verdiende airplay . Hun tour in de clubs is succesvol en wordt sterk ontvangen . John Coffey swingt … en de Kreun , met U, kon het mee onderschrijven …

Ook de support act was me er eentje … Cocaine Piss zagen we onlangs in de Pop-O-rama reeks en , waauw wat waren we daar van onder de indruk . Hardcore/noise in nog geen drie minuten songs, een waanzinnige gekte , rauw, scherp en ontregeld. Een female , in de  voetsporen van Eva Spence van Rolo Tomassi , die we niet graag ’s nachts tegen het lijf lopen, maar ons overdondert met haar krijsende, schreeuwende en gillende screams. Ze was , lag , rolde op en naast het podium, en keek haar publiek aan met een allesvernietigende, indringende blik . Wat een turbulentie in dit kwartier! Een hels kabaal , een ‘je m’en fou’, maar eentje die slaat, straight in our face … Wat een  pletwals… Tja , niet voor niks hebben zijn aangeklopt bij Shellac’s Steve Albini!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/john-coffey-13-02-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/cocaine-piss-13-02-2016/

Organisatie: Kreun, Kortrijk

Massive Attack

Massive Attack op de terugweg?!

Geschreven door

Massive Attack op de terugweg?!
Massive Attack
Paleis 12
Brussel
Jelle Berden
2016-02-10

Een band als Massive Attack heeft weinig introductie nodig. Ze stonden begin jaren negentig mee aan de trip hop wieg en maakten naam en faam met hun eerste drie langspelers ‘Blue Lines’, ‘Protection’ en ‘Mezzanine’. Al iets minder bekend zijn de latere albums ‘100th Window’ en ‘Heligoland’. En hun laatste release, de beperkte EP ‘Ritual Spirit’ die eind januari op de wereld werd losgelaten, bleef al helemaal onder de radar.

En laten we maar meteen met de deur in huis vallen: het hoogtepunt van de groep ligt duidelijk al een paar decennia achter ons. Veel te veel middelmatige songs vullen vanavond de setlist, en de nieuwe guestvocals zijn zeker de oude niet. Het stevige dreunende begin, met “Battle Box 001”, “United Snakes” en “Risingson” viel nog best te pruimen en ik begon me af te vragen of er dan toch nog een ereronde in zat voor de opa’s uit Bristol.
Neen dus, want wat volgde leek in niets op het zweverige, doch grimmige universum dat Massive Attack zo groot maakte. Vooral de songs met zangeres Martina Topley-Bird als “Paradise Circus”, “Psyche” en “Clock Forward” bleven steken in middelmaat. Het enige wat de songs live ten goede kwam waren de dubbele drums op het podium en de diepe baslijnen. Tijdens de songs verschenen er op de videoschermen achter de groep vaak boodschappen of cijfermateriaal, in beide landstalen, maar toch was er van maatschappijkritiek weinig sprake. OK, er passeerden logo’s van multinationals en cijfers over de vluchtelingencrisis, maar evengoed rolde de newsfeed van HLN over het scherm.
Ondertussen mocht Azekel de titeltrack van ‘Ritual Spirit’ komen zingen en deed dat eerlijk gezegd helemaal niet slecht. Maar voor dé ster van de avond was het wachten op mister Horace Andy. Die tekende met zijn typische stemgeluid voor het eerste hoogtepunt van de avond met “Girl I Love You”, en deed dat nog eens dunnetjes over in de classic “Angel”. Daarmee werd meteen ook het vat klassiekers aangeboord. De ene na de andere topsong volgen elkaar plots in sneltempo op.
Wat volgden waren prachtige, dreigende versies van topsongs “Inertia Creeps” en “Safe from Harm”, met de originele zangeres Deborah Miller. En opeens was het dan toch daar, dat gevoel van meer dan 15 jaar geleden, je hoorde voor het eerst Massive Attack en werd zo meegesleurd door de donkere beats en duistere stemmen. Goed, zeer goed zelfs, maar te weinig om de show boven het gemiddelde uit te sleuren. Voor je het wist waren we al aan de bisnummers toe. En daar werden de pijnpunten nog eens extra in de verf gezet.

Wat volgde was een overbodige bisronde, waarbij het voorprogramma Young Fathers mee het podium op mocht om nog wat songs uit de nieuwe EP te spelen. Enkele geeuwen en een weinig inspirerende versie van “Unfinished Sympathy” later vergat Horace Andy de avond in schoonheid te eindigen. Jammer, maar het kalf was al veel eerder die avond verdronken, in de kilte van Paleis 12.

(Pics homepag - Xavier Marquis - Indiestyle.be)

Organisatie: Greenhouse Talent

Daughter

Daughter – Een must-see!

Geschreven door

Het talent van het Britse Daughter , onder de openhartige uitstraling van Elena Tonra, werd op korte tijd beloond met een uitverkocht concert in de AB, Brussel. De opvolger van ‘If you leave’ is nog maar net klaar , ‘Not to disappear’ ligt in het verlengde , een heerlijke atmosferische rit , die een broeierige intense spanning , donkerte, op gedreven , ingetogen en subtiele wijze samenbrengt. De emotie en klankkleur wordt verwezenlijkt door etherische , ruimtelijke klanktapijten, ergens tussen Sigur Ros , The xx, Joy Formidable en het onderkende Geraldine Fibbers in .

We waren vanavond onder de indruk van het live concert .  Wat werden we geraakt van dit materiaal, dat breekbaar, dromerig , explosief klonk mét dat allesbepalend donker randje door het zinderend, scherp gitaargetokkel met z’n galmeffects, gedoseerde feedback , de diepe bas , de zalvende keys en de opbouwende, aanzwellende drums en tromgeroffel , gedragen door die indringende , ontroerende, melancholische, getormenteerde zang.
We kregen meteen kippenvel en de aandacht was gescherpt op de eerste drie songs, die deze muzikale elementen letterlijk samenbalden en vastknepen. “How” was een prachtopener, “Tomorrow” en “Numbers” , iets gematigder in de aanpak, boden diezelfde onrust en dreiging. Alle registers werden opgezet . Wat een overdonderende start , klasse en live overstijgend!
De bekoorlijke glimlach van de lieflijke zangeres deed ons smelten . Het dromerig gevoel sijpelde meer en meer door op “Amsterdam”  en “Alone with you” , waar de finesse , subtiliteit doordrong ; de aanvullende backing vocals waren een meerwaarde, en de keys/pianoloops kregen ademruimte …
Met een “Human”, “Shallows”, “Home” , middenin de set, onderscheidde Daughter zich door de wisselende stemmingen van zachte , minimale instrumentatie en intimiteit naar een forsere opbouw en de extraverte, hardere , strakkere aanpak. Een wondere, betoverende én grimmige leefwereld creëerden ze , filmisch bezwerend zelfs in momenten . Ze schipperden tussen zacht en hard , dat net niet ontploft , maar je weet te hypnotiseren, te bedwelmen door de trippende melodie, de indie folk, de woelige donkere soundscapes en effects . “Smother”, “Youth” en het nieuwe “Fossa” , die de set besloot, waren allesomvattend , bereikten een climax hierin en waren absolute hoogtepunten . Tussenin hadden we nog het directe “No care”, dwarrelend , hectisch als in de begindagen van PJ Harvey. 
De sterke respons ontroerde het kwartet , die speelsheid uitstraalt , achteloosheid uit de mouw schudt , maar erg doordacht te werk ging . Na zo’n helse trip bracht het innemende “Made of stone”, als toemaatje, de nodige rust . Mooi toch!

Daughter is niet zomaar het kleine zusje van … ‘who-ever’; ze is gegroeid en krijgt terecht een plaatsje op de Rock Werchter affiche. Een must- see!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/daughter-10-02-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/john-joseph-brill-10-02-2016/

Organisatie: Ancienne Belgique , Brussel

Pagina 502 van 966