Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Gavin Friday - ...

Atlas Losing Grip

State Of Unrest

Geschreven door

Wie houdt van een ouderwetse portie skatepunk (een genre dat in de nineties hoge ogen gooie met topbands als Lagwagen, Strung Out en Venerea) kan zich blindelings ‘State Of Unrest’ aanschaffen, het tweede full album van de Zweden van Atlas Losing Grip.  Ook wie gewoon houdt van melodische hardcore in het verlengde van groepen als Rise Against en H2O komt met dit schijfje flink aan z’n trekken.
Snelle, stevige en stuperstrakke riffs, machtig drumwerk, de nodige zangkoortjes en bovenal de unieke stem van zanger Rodrigo Alfaro (de gewezen frontman van Satanic Surfers van wie de muziek van Atlas Losing Grip duidelijk in het verlengde ligt) zijn de basisingrediënten van ‘State Of The Unrest’.
Veertig minuten lang weet ALG een hoog niveau aan te houden en serveert enkele absolute uitschieters als “Logic”, “Bitter Blood”, “All In A Days Work”, “Hook, Line & Sinker” en het rustige “Black Hole”.  Deze Zweden lijken wat ons betreft op weg op een van de absolute toppers binnen het genre te worden. Prachtplaat!

Benny Zen And The Syphilis Madmen

Run back to the safety of the town

Geschreven door

In een ver verleden stond Peter Houben bekend als bezieler van Mitsoobishy Jackson. Ondertussen experimenteerde ex-collega Pawlowski rustig verder en kwam Peter in zijn eigen project, Benny Zen and The Syphilis Madmen terecht.
De naam klinkt even hilarisch als de muziek want onder de noemer dat alles moet kunnen, presenteert Houben en zijn bende (en dit in produktie van muzikale duizendpoot Pascal Deweze) een plaat die ons doet glimlachen.
Nooit is het moeilijk, dit zijn gewoon veertien levensliedjes die de gekte van Weezer en het songtalent van The Beatles (een heel klein beetje toch) in zich hebben. Een nummer als "An aeroplane might knock you out" getuigt van een dosis gezonde humor en jawel, een nummer als "Isabel" is geschapen om mee te fluiten.
Klasse popplaat uit de Kinky star-stal.

Eskorbuto

Eskizofrenia

Geschreven door

Eskorbuto zal bij vele jonge punkfans allesbehalve een belletje doen rinkelen.  Toch hebben we hier te maken met een van de belangrijkste bands binnen de Spaanse en Latijns-Amerikaanse punkrockscène van de vorige eeuw.  Aangestoken door de punkgolfbeweging eind jaren zeventig werd Eskorbuto in 1980 opgericht.  De drie groepsleden Ioso, Juanma en Paco kwamen allen uit Spaans Baskenland en werden al vlug getekend door het onafhankelijke label Spansuls Records.
Snel volgden een paar demo’s met nummers met welluidende titels als “Mucha Policia”, “ETA”, “Iros A La Mierda” en “Escupe A La Bandera”... Met andere woorden schuwde Eskorbuto geen enkel onderwerp of taboe, het zorgde er zelfs voor dat ze op een bepaald moment  (tengevolge de strenge toenmalige antiterreurwetgeving in Spanje) in de cel belandden.
De band zou enorm berucht en al even succesvol worden en na een zeer bewogen carrïere (twee van de originele leden legden er zelfs het bijltje bij neer ) werd Eskorbuto midden jaren negentig opgedoekt.

Munster  Records komt nu op de proppen met de heruitgave van ‘Eskizofrenia’, de eerste LP van de band die dateert uit 1984.  Deze schijf telt 18 nummers die werden opgenomen in de periode 1980 – 1984.  Verwacht geen gepolijste muziek maar wel 18 ruwe, directe en keiharde nummers die amper de twee minuten en een half  halen.  Verplichte kost dus voor  diehard-fans van oude, eerlijke punkmuziek!

Thee Oops

Taste Of Zimbabwe

Geschreven door

Vergeet al die Amerikaanse ‘punkrock’-acts genre Rise Against en Against Me die door druk van de commercie de laatste jaren steeds meer richting pop zijn opgeschoven…. Gelukkig zijn er nog andere en nieuwe bands die wel de echte punkspirit uitademen: Thee Oops is een kwintet uit Sardinïe (Italië) dat in een hels tempo garagepunk vermengt met stevige hardcore.  Dit plaatje gaat dus  razendsnel vooruit en verspringt voortdurend van nummer; het is quasi onbegonnen werk om te detecteren waar een song stopt en waar een nieuwe start.
In totaal passeren 18 tracks de revue en die duren allen amper tussen de vijfenveertig  en negentig seconden. De energie en adrenaline spatten van de nummers en doen ons denken aan bands als Circle Jerks en Minor Threat (op ‘Taste Of Zimbabwe’ staat met “Small Man Big Mouth” trouwens een cover van die laatste groep).  Zoek niet naar melodie en catchy refreinen want de mannen van Thee Oops alle spelen werkelijk alle frustratie, wanhoop  en agressie uit zich .
We kunnen ze geen ongelijk geven.want wie dagelijks te maken heeft met een clown en een oude viespeuk als  Silvio Berlusconi en diens alomvasttende greep op het maatschappelijke leven heeft verdomd veel om kwaad over te zijn. Ik durf er dan ook geld op te verwedden dat Silvio de muziek van Thee Oops niet op zijn Ipod heeft staan... ‘Taste Of Zimbabwe’ krijgt bij ons alleszins wel een plaatsje op de  mp3-speler en is nu al een van onze favoriete platen van 2011.

William Fitzsimmons

William Fitzsimmons - Imposante baard is zijn geld waard!

Geschreven door

 

In onze bespreking van het vorige optreden dat William Fitzsimmons in de Botanique gaf, maakten we melding van drie studioplaten (‘Until when we are ghosts’, ‘Goodnight’ en ‘The Sparrow and the Crow’). In 2010 liet hij met ‘Derivatives’ een herwerking van een beperkt aantal nummers uit die drieling op de mensheid los alvorens in maart van dit jaar met nieuw werk, getiteld ‘Gold in the shadow’, op de proppen te komen. Wie iets dieper in de buidel tast, kan zich trouwens een deluxe-versie van die laatste cd aanschaffen met daarop - in het verlengde van ‘Derivatives’ - alternatieve versies van verschillende van die nieuwe nummers. Ook live probeert Fitzsimmons zijn muzikaal grootste gebrek, met name het immer sluimerende gevaar van de eentonigheid, te compenseren door qua instrumentatie wat variatie te introduceren. Het grootste gedeelte van het optreden liet hij zich bijstaan door het drietal dat onder de noemer Slow Runner het voorprogramma verzorgd had.

Een voorprogramma dat er trouwens niet in geslaagd was om ons bloed sneller te doen stromen. De groep rond singer-songwriter Michael Flynn putte voornamelijk uit hun twee laatste cd’s (‘Mermaids’ uit 2008 en ‘Damage Points’ uit 2011) waarbij de vaak poppy songs werden afgehaspeld alsof de vooruitziende heren energie wilden sparen voor het werk dat hen later op de avond nog te wachten stond. Zelfs een op zich veelbelovende thematiek als wurgseks werd in het afsluitende nummer zodanig lusteloos behandeld dat de groep ons langzaam aan de keel begon uit te hangen. Geen gemor dus toen bleek dat Slow Runner al vrij snel het hazenpad koos.

Hoewel de algemene verwachting was dat William Fitzsimmons zijn laatste cd kwam promoten, stelden de fans maandagavond tevreden vast dat ook zijn vorige platen uitvoerig heropgerakeld werden. Vooral ‘Goodnight’ (met o.a.  “You broke my heart” en “Everything has changed”, twee expliciet aan zijn vader gerichte songs) en ’The Sparrow and the Crow’ (met o.a. “After Afterall”, “If you would come back home“, “Just not each other” en “I don’t feel it anymore (Song of the Sparrow)”) kwamen ruimschoots aan bod. Vroeg in de set liet hij met “Find it in me” ook de herinnering aan de op zijn debuutplaat geschetste worstelingen met zijn (ondertussen ex-) partner opborrelen.
Qua nieuw werk noteerden we geslaagde versies van “Beautiful girl”, “The tide pulls from the moon”, “Blood and bones” en “Bird of winter prey”. Nog mooier was het beklijvende “Tied to me”, het enige nummer waarin Fitzsimmons zich zonder gitaar (en dus nog naakter dan anders) aan zijn publiek presenteerde.
Voor het overige zullen we ons voornamelijk de eerder geschetste variatie (na bijna elk nummer werd er van instrumenten gewisseld en soms liet hij multi-instrumentalist Josh Kaler zelfs toe om loos te gaan op zijn elektronica) en het goede humeur van de zanger herinneren. Af en toe excuseerde hij zich trouwens voor die opgewekte stemming. Wie de man aan het werk wil zien, gaat er per definitie vanuit zich eens lekker te kunnen onderdompelen in een hoop pure melancholie.
Tijdens de nummers zelf werd die verwachting volledig ingelost maar gedurende de vele lange pauzes ertussen kreeg de grapjas in William Fitzsimmons meer dan eens de bovenhand. Zijn geluk is hem trouwens van harte gegund. Na alle miserie die hij doorstaan heeft, doet het deugd om te zien hoe hij zijn publiek dankbaar en met heel veel humor trakteert op de vruchten van zijn talent. Na 75 minuten werd er met “Goodmorning” een punt gezet achter de show maar niet veel later keerde hij gretig terug om solo “Heartless” van Kanye West te brengen alvorens de volledige groep zich stortte op “Sweet home Alabama” van Lynyrd Skynyrd. Die coverkeuze illustreert nogmaals ‘s mans openheid naar verschillende invloeden.

Na “Fade and then return” liet Fitzsimmons voor het laatst zijn heerlijk warme stem weerklinken tijdens het door de mannen van Slow Runner met een hillbilly-touch opgevrolijkt slotakkoord getiteld “The winter from her leaving”.

Organisatie: Botanique (Brussel)

Hellfest 2011 – een helse editie - dag 3

Geschreven door

Hellfest 2011 - een helse editie - dag 3

Met spierpijn in alle ledematen stonden we zondag tegen de middag op. De Bad Brains zaten duidelijk nog in ons lichaam en bloed. Een extreem enthousiasme in de moshpit lag aan de basis van dit ongemak. Maar geen gezeur in de hel.

We moesten ons reppen naar de Terrorizertent. Daar speelde om 12h30 een groep die we voor geen geld van de wereld wilden missen: het uit Portland afkomstige Red Fang! Ze brengen vettige harde rock en hun videoclips zijn gewoon hilarisch. Check bijvoorbeeld deze eens op YouTube: http://www.youtube.com/watch?v=WQPfQvLIseA !
Het werd één groot feest met een publiek dat uitzinnig werd. Zeker op songs als “Sharks”, “Prehistoric dog” en het uit hun recent uitgebrachte cd ‘Wires’. Ze mogen in de toekomst onze oren nog eens komen opwarmen. En wat meer was: door het constant geheupwieg was onze spierpijn plots weg.

Waar een subliem concert al niet goed voor kan zijn. We waren benieuwd wat Duff Mc Kagan’s Loaded ervan zou bakken op het hoofdpodium. Dat viel echter tegen. Weinig enthousiasme op het podium en in het publiek. Makke set. We hadden beter verwacht van de voormalig Guns & Roses-bassist en zijn makkers. Het was enkel op het einde van de set dat er wat meer begeestering op het podium en op de wei kwam. En dit natuurlijk bij de Guns & Roses’ songs “Attitude” en “It’s so easy”. Té laat naar onze mening en een gemiste kans.

Waar het wel van het begin tot het einde ‘boenk erop’ was: de loeiharde en retestrakke set van Cavalera Conspiracy. Het samenzweringspact dat de gebroeders Max en Igor Cavalera van het legendarische Sepultura sloten met de duivel. En het werd een helse set waar met een hellevuur in de voorste rijen van het publiek. De Sepultura klassiekers “Refuse/Resist”, “Territory” en uitsmijter “Roots Bloody Roots” zetten de wei in vuur en vlam. Heersers van het eerste uur!
De afwezigen die naar Kylesa waren gaan kijken hadden ontegensprekelijk ongelijk!
Hier de helse set:
Warlord / Inflikted / Sanctuary / Terrorize / Refuse-Resist / Territory / The Doom Of All Fires / Killing Inside / Blunt Force Trauma / Ultra-Violent / Black Ark / Cockroaches / Roots Bloody Roots.

We hadden geen zin in de gay-metal van Mr. Big en gingen naar de Terrorizertent om er Goatsnake aan het werk te zien. Onze oren werden getrakteerd op een vol uur doommetal om U tegen te zeggen. Prachtig geluid en frontman Pete Stahl in goeie doen.
Hier vind je de heavy setlist: Flower of Disease / Innocent / IV / Lord of Los Feliz / Trower / El Coyote / The Dealer / Mower.

Daarna nog vlug een schitterende versie “ Breaking the Law” van Judas Priest meegepikt, gingen we richting Electric Wizard. De Engelse doommetal st(r)oomboot uit Dorset zette letterlijk de Terrorrizertent onder stroom. Ze kunnen zich gerust meten met decibeloverschrijders Sunn O)) wat betreft het stoom uitblazen van de oren. Hamer en aambeeld deden overuren in het middenoor. We werden bijna letterlijk de tent uitgeblazen. Heavyness in het kwadraat! En zéér gesmaakt door ondergetekende.
Hun zware doomsetlijst: Satanic Rites of Drugula / The Nightchild / The Chosen Few / Return Trip / Dopethrone / Funeralopolis / Witchcult Today.


En dan was het zover: afsluiter van het festival Kyuss Lives. De reünie van het legendarische Kyuss minus Joshua Homme maar met onze landgenoot Bruno Fevery! Een reünie waar we al eens getuige van waren geweest op de vorige editie van Hellfest, toen bij het bisnummer “Green Machine” van Garcia Plays Kyuss, Nick Oliveri en Brant Bjork het podium beklommen om samen met John Garcia en Bruno Fevery de kers op te taart te zetten! En dit jaar was het niet anders. Het was nog beter zelfs. Meer nog door het feit dat ze door het missen van de vlucht van John Garcia van Canada naar Kopenhagen, hun gig op Copenhell moesten afgelasten. Garcia nam een volgende vlucht en moest daarna samen met zijn kompanen en de Hollandse crew van zijn persoonlijke manager nog uren in een tourbus vertoeven. Ze waren moe en ‘very pissed’ toen ze Clisson rond de middag bereikten. Daarna was het echter nog meer dan 12 uur tot de start van het optreden. Maar een ‘pissed off’ Garcia zingt nog krachtiger en beter. Geen bindteksten. Rechttoe - rechtaan stonerrock van de bovenste plank, gebracht door de pioniers van het genre. Onze landgenoot mocht gerust naast Joshua Homme gaan staan. Ogen dicht en je hoorde Kyuss zoals ze klonken toen ze starten met hun legendarische desertsessions nabij ‘Sky Valley’. Terug de kers op de taart! Low desert punks laten zich niet ontmoedigen door een tegenslag. Integendeel, ondergetekende vond ze nog sterker dan enkele maanden geleden op het dubbelconcert in de AB in Brussel. Heersers!
En goed nieuws want de heren zijn van plan om een nieuwe plaat uit de brengen. Hier de retestrakke setlist: Gardenia / Asteroid / Freedom Run / Thumb / One Inch Man / Molten Universe / Whitewater / El Rodeo / 100° / Supa Scoopa and Mighty Scoop // Encores: Odyssey / Green Machine.

Het werd terug een helse editie en we kunnen nauwelijks wachten tot volgend jaar. We onthouden ontmoetingen met leuke mensen (de Amerikaanse fotograaf van StayMetal Clothing Jaime Rodriguez en miss Hellfest 2010 Cassandre Lollipop-Ka) waar we het ganse weekend mee optrokken. En natuurlijk de excellente bands die we zagen en de puike organisatie. Op naar de volgende trip naar de hel!

Organisatie: Hellfest (Clisson (Fr))

Hellfest 2011 – een helse editie – dag 1

Geschreven door

Hellfest 2011 – een helse editie – dag 1

Het driedaagse Hellfest dat jaarlijks plaats vindt in het pittoreske dorpje Clisson nabij Nantes was dit jaar terug een schot in de roos. Dat de weergoden bij momenten van zich lieten horen, kon de pret niet bederven. Het uitverkochte openluchtfestival was terug een grandious feest voor de alternatieve muziekfans. Hieronder een beknopt sfeerverslag.

Op vrijdagochtend om 11h00 konden we al getuige zijn van een puik potje recht-door-zee rock van Valient Thorr. De Amerikanen uit North Carolina kregen maar een half uurtje om zich te bewijzen op het hoofdpodium. Hierdoor was hun set nog intenser. De bebaarde zanger Valient Himself had er duidelijk zin in en dat werkte aanstekelijk op het publiek dat volledig uit de bol ging. Krachtige versies van o.a. catchy opener “Double Crossed”, “Infinite lives”, “Mask of Sanity” en “Sleeper Awakes” deden de eerste rijen heen en weer deinen. We onthouden ook het moment dat Valient Himself een dubbele rij fans aanmaande om op de grond gaan zitten, waarna hij ertussen kwam springen om hen ter plaatse te entertainen. Het hels feestje was ingezet. Maar het bleek van korte duur want de weergoden beslisten om zich een eerste keer te mengen in het feestgedruis. Gevolg: bakken regen uit de lucht en serieuse windstoten.

We besloten wijselijk om ons terug te trekken in de backstage om er ‘in het droge’ de concerten van de legendarische The Dwarves, Dagoba (Franse versie van Fear Factory) en Maximum The Hormone (Japanse mayhem zoals alleen zij het kunnen brengen) op klein scherm mee te volgen. Jammer, want het zag er allemaal schitterend uit en het publiek zag er geen graten in om zich volledig nat te laten worden.

Het was nog lichtjes aan het regenen toen The Cult rond 17h00 het hoofdpodium betrad om er toepasselijk af te trappen met “Rain”. Er volgde een klein uur nostalgie met klassiekers “Sweet Soul Sister”, “Lil’ Devil” en het finale trio “Wild Flower”, “She sells sanctuary” en hoogtepunt en meezinger “Love Removal Machine”. Ian Astbury (duidelijk te kampen met wat overgewicht) was in goeden doen en zijn magistrale stem galmde tot in Nantes. Menig tamboerijn vloog het publiek in en na het laatste nummer vond Astbury het nodig om gehakt te maken van een groot gedeelte van het drumstel. Onder een nog naschreeuwende gitaar van Billy Duffy verlieten de Britten met opgeheven hoofd het podium. Het publiek gaf ze nog een extatisch applaus.

Het was lopen geblazen naar de Terrorizertent om nog een plaatsje te bemachtigen voor het optreden van Karma To Burn. We zagen ze al meermaals aan het werk (de heren houden van touren) en ze ontgoochelden nog nooit. Ook deze keer was het pal in de roos. Gitarist William Mecum, bassist Rich Mullins en drummer Rob Oswald gaven er een lap op. Hun typische stoner metal bracht een uit zijn voegen barstende tent tot een kookpunt. Daar hun songs allemaal getallen zijn, vind je hier de winnende cijfers in volgorde: 20-32-30-28-14.

We verlieten na nummer 14 de tent om de opener van Down niet te missen op het hoofdpodium. De supergroep rond zanger Phil Anselmo (Pantera, Superjoint Ritual), drummer Jimmy Bower (EyeHateGod), gitaristen Pepper Keenan (Corrrosion of Conformity) en Kirk Windstein (Crowbar) lieten er van de start geen twijfel over bestaan: dit werd een uurtje ‘southern sludge metal’ om U tegen te zeggen. Anselmo ging tekeer als een briesende buffel met een overdosis testosteron en de andere leden lieten hun instrumenten donderen over de volgelopen weide. Bulldozersongs “Lysergik Funeral Procession”, “New Orleans is a Dying Whore”, “Hail the leaf” en “Stone the Crow” verpletterden het publiek ‘en masse’. Kippenvelmomenten: het aan de doodgeschoten Pantera-gitarist Dimebag Darrell opgedragen “Lifer” en outro “Bury Me in Smoke” wanneer nog wat leden van EyeHateGod en C.O.C. de helden op het podium vervoegden.

Het publiek ging nu volledig plat en verpletterd trokken we richting Terrorizertent om nog een kwartiertje The Young Gods mee te pikken. Wat een contrast: van zware sludgemetal naar verfijnde elektronische rock. We konden de setlist te pakken krijgen en daaruit bleek dat voor het overgrote deel van hun set uit hun laatste – iets kalmere – album werd geput. Dit naar analogie met hun doortocht in de Botanique in Brussel enkele maanden geleden. Uitsmijters van dienst waren een verdacht kalme en bizarre versie van “Envoyé” en een magistrale en uit volle borst meegezongen “Skinflowers”.

Om 21h00 was het tijd voor pioniers Iggy & The Stooges om ons nog eens te tonen hoe het echt moet en hoe je – ondanks het feit dat je al in de zestig bent – er nog altijd staat als een huis. Iggy sprong weer alle kanten op, strak geondersteund door ritmesectie Mike Watt en Scott Asheton en geflankeerd door gitarist James Williamson en saxofonist Steve Mackay. De klassiekers vlogen ons letterlijk om de oren. En een optreden van Iggy en the Stooges moet je niet beschrijven: je moet er gewoon bij zijn.
Hier de setlist:
Raw Power / Search and destroy / Gimme Danger / Shake Appeal / 1970 / Fun House / Open Up And Bleed / L.A Blues / Beyond the Law / Penetration / I Got a Right / I Wanna Be Your Dog / No Fun. Van het begin tot het einde een klasse concert; of had je iets anders verwacht.

Toen we dachten dat we alles al meegemaakt hadden, kregen we de verrassing van de avond direct erna voorgeschoteld: Clutch gaf direct na The Stooges een gedenkwaardig optreden. In een volgestouwde tent kregen we een klein uur les in hoe aanstekelijke bluesy stoner rock gebracht moet worden. Dat ze – opgericht in 1990 – meer gerijpt zijn, konden we in levenden lijve ondervinden. Zanger-gitarist en boegbeeld Neil Fallon heeft een stem als een klok en maakte hier dan ook dankbaar gebruik van. Het werd een uitzinnig optreden met een publiek dat volledig uit de bol ging. Vooral tijdens “Electric Worry”. Pure klasse. Dat ze maar vlug eens onze contreien komen opzoeken.
Hier de setlist: The Mob Goes Wild / Profits of Doom / 50,000 Unstoppable Watts / Mice and Gods / Gravel Road / Struck Down / Freakonomics / Cypress Grove / Electric Worry / One Eye $.

Ze bleken de ideale opwarmer voor The Melvins, die de decibelmeter nog meer in het rood joegen. Wie The Melvins niet kent, heeft een serieus gat in zijn cultuur. Het was aanstekelijk om te zien hoe de mannen van Down “totally bezerk” gingen in de volgepakte sidestage van de Terrorizertent. Sinds het toevoegen van de twee leden van Big Business (Jared Warren op bass en Coady Willis op drums) zijn The Melvins er alleen maar hechter en nog sterker uitgekomen. Vooral het gebruik van een tweede drumstel versterkt hun typische oersound. Mooi om zien is het bijna perfect synchroon drummen van zowel Willis als Dale Crover. En dit dan nog in spiegelbeeld (Coady Willis is linkshandig). Het werd terug een memorabel concert met in de hoofdrol zanger-gitarist Buzz Osborne (met zijn typische kapsel, cfr. Sideshow Bob uit The Simpsons). Halverwege de set was er zelfs plaats voor wat covers: “Second Coming” en “Ballad of Dwight Fry”.
Het hoogtepunt van de show was ongetwijfeld “Night Goat”, toen Jimmy Bower van Down zelf plaats mocht nemen achter het drumstel van Crover, die Buzzo’s plaats achter de microfoon innam. Hard en luid was het, met andere woorden: typisch Melvins!
Hier de setlist: Roman Bird Dog / The Water Glass / Evil New War God / It’s Shoved / Anaconda / Queen / Second Coming / Ballad of Dwight Fry / Sacrifice / Hooch / Honey Bucket / With Teeth / Sweet Willy Rollbar / Revolve / Night Goat.

Afsluiter van de avond was Monster Magnet. En ook hier niets te klagen. Dave Wyndorf is dan misschien wel een opgeblazen versie van vroeger (obesitas extremus); dit doet niets af van zijn typische stem. Omgeven door een bende langharige bloeddorstige wolven gaf hij het beste en nog meer van zichzelf.
Wie dacht dat Monster Magnet afgeschreven was, moest op Hellfest toegeven dat ze nog even goed klonken als in de begindagen. Het werd een naar een climax opgebouwde set die uitmondde in de klassiekers “Powertrip” en “Space Lord”. Een set waar niets op aan te merken was.
Hier vind je de setlist: Nod Scene / Tractor / Dopes To Infinity / Hallucination Bomb / Dig That Hole / Medicine / Look to Your Orb for the Warning / Crop Circle / Powertrip / Space Lord.

Een eerste zéér geslaagde dag was ons ten deel en deze zou de volgende twee festivaldagen ruimschoots compenseren.

Organisatie: Hellfest (Clisson (Fr))

Hellfest 2011 – een helse editie – dag 2

Geschreven door

Hellfest 2011 – een helse editie – dag 2
Op zaterdag was de affiche minder indrukwekkend ten opzichte van de vorige dag.

We besloten dan ook na het bekijken van een voortreffelijk optreden van plaatselijke trashmetalband Lyzanxia, de persruimte backstage op te zoeken. Daar konden we contacten leggen met collega’s van over de ganse wereld.

Rond 16h00 trokken we terug de wei op om Municipal Waste te checken. Deze crossover trashband uit Virginia bracht een leuke set met uitschieters “Terror Shark”, “Beer Pressure”, “Unleash the Bastards” en “Born to Party”.

Wat we zeker van geen geld van de wereld wilden missen was het Ierse Thin Lizzy. Opgericht in 1969 (!) en waarvan de legendes Gary Moore en natuurlijk boegbeeld Phil Lynott ooit deel van uitmaakten. Jammer dat beide heren al vertrokken zijn naar de eeuwige jachtvelden. De klassiekers “Jailbreak” en “The boys are back in town” bleven mooi overeind en blijven prachtige songs. Het hoogtepunt van de set was natuurlijk meezinger “Whiskey in the jar”. Een geslaagd concert van een legendarische groep.
Daarna trokken we terug persruimte in om onze collega’s te gaan vervoegen.

Het was blijkbaar ‘trashmetal-day’, want om 20h50 stond het legendarische D.R.I. (Dirty Rotten Imbeciles) geprogrammeerd in de Terrorizertent. Wij erheen. De pioniers van de crossover trash uit Houston, opgericht in 1982, mengen hardcore punk met trashmetal invloeden en waren een inspiratiebron voor groepen als Suicidal Tendencies en Corrosion of Conformity. Ze hebben nooit een grootschalig publiek bereikt maar kunnen altijd rekenen op een trouwe schare fans. En dit was vandaag niet anders: in de overvolle tent gaven ze een crossover trashset met een grote C! Uitschieters in hun set waren: “Beneath the Wheel”, “Trashard” en “I don’t need society”.

We bleven in de buurt van de Terrorizertent want een halfuurtje nadien was het de beurt aan Terror, een hardcoreband uit Los Angeles. Ze brachten hun hardcore set zoals die gebracht moet worden: straight in the face! Er was constant commotie in de moshpit en stagediven was schering en inslag. Soms deed de band denken aan Pro-Pain. Het was één en al feest met feestvogel en boegbeeld Scott Vogel in de hoofdrol. Gezien en goedgekeurd!
Hier hun setlist: Stick Tight / One With the Underdogs / Never Alone / Betrayer / You're Caught / Push It Away / Spit My Rage / Overcome / Keep Your Mouth Shut / Keepers of the Faith.

The Scorpions sloegen we over, wegens geen interesse in deze Duitse gay-metal. We keerden terug naar onze vrienden in de backstage om er nog wat verder te keuvelen over muzikale interesses, etc. We zaten vol spanning te wachten wat hoofdact Bad Brains ervan zou bakken rond de klok van 01h00. Alles hing namelijk af van welke hoeveelheid verdovende middelen frontman H.R. tot zich genomen had. Er werden om die reden al tours afgelast of er volgde een abominabel concert. Er was al een slecht voorteken want de heren hadden hun persafspraken blijkbaar al gemist. Maar geheel tegen de verwachtingen in kregen we hét concert van de dag te zien en te horen!
H.R. bleek deze keer nog wel te weten dat hij zich op onze blauwe planeet bevond en niet ergens ver weg in ons universum. Meer nog: hij was verdomd goed bij stem! Jah zij geloofd! Er volgde een magistrale set met uitschieters “I against I”, “Banned in D.C.”, “Sailin’ on” en “Pay to cum”. Telkens onderbroken door H.R. die met zijn lijzige en een lach opwekkende stem kurkdroog het volgende nummer aankondigde. Dit meermaals met de typische buiging en dankgroet. Jah werd natuurlijk ook meermaals geprezen en geloofd en dat kwam volledig tot zijn recht in het meesterwerkje “Give thanks and praises”, waar subliem werd overgeschakeld van ranzige reggae naar hevige hardcore. H.R. had stralende ogen en zag dat het goed was. Het publiek ging volledig uit zijn dak. Dr. Know schraapte de snaren van zijn gitaar en ritmesectie Earl Hudson (drums) en Darryl Jenifer (bass) gaven er een lap op.
Dit was een uniek concert en een meer dan waardige afsluiter van deze tweede festivaldag.

Organisatie: Hellfest (Clisson (Fr))

Vetiver

Vetiver voor aangename zomeravonden …

Geschreven door

Altijd wel leuk bands aan het werk te zien als een Vetiver die een neofolky/americana stijl hanteren. De band rond de charismatische zanger/gitarist Andy Cabic, een jonge Tom Waits lookalike met hoed op, biedt de ideale soundtrack voor een midzomeravond als deze. Hij heeft met z’n band al een handvol cd’s uit en plaatste de opvolger van ‘Tight knight’, ‘The Errant Charm’ in de spotlights, rustig voortkabbelende, dromerige songs die sfeerschepping voorop stellen; materiaal die country/blues laat doorsijpelen en af toe iets meer vaart krijgt en krachtiger durft te kinken. Je kunt niet omheen Devandra Banhart, South San Gabriel, Fleet Foxes, Grizzly Bear en Local Natives om Vetiver ergens te plaatsen.

Ook vanavond kregen we een goed uur easy listening pop met een rockend hart op het einde. De songs zitten goed in elkaar, maar beklijven of overdonderen niet echt meer. De lichtvoetige en broeierige pop van sfeervolle songs als “Hard to break”, “Rolling sea”, “You may be blue”, “Sister” en “Worse for wear”, worden bepaald door gitaargetokkel, elektrische gitaar, synths en spaarzame en slepende, schuifelende percussie. De lichthese, gevoelige zangpartijen geven elan. Halfweg de set durfde het ensemble naar een forsere aanpak te gaan, iets dieper en breder, o.m. door een uitgesponnen “Luna sea”, “It’s beyond me” en “Wonder why”. Songs die eerden mochten verdeeld zijn tussen het ingetogen materiaal.
Vetiver was hier voor de derde keer te gast en komt graag naar ons landje omdat het publiek het materiaal apprecieert en de band een warm hart toedraagt. In de bis  trokken ze feller van leer, een rockende band op “Can’t you tell” en “More of this” waarbij Jon Spencer en The Cramps eventjes kwamen lonken.

Vetiver bood een open, warme sound van innemend materiaal en broeierige rockers; het leverde een afwisselende set op en doet ons ‘hunkeren naar’ en ‘mijmeren van’ zomerse avonden aan het strand …

Ook de support was meer dan de moeite waard. De onbekende Marques Toliver kreeg meteen het publiek naar z’n hand in de Rotonde, gezien hij zich bij het publiek plaatste en met een minimale versterking hen moeiteloos inpalmde met z’n heldere, krachtige, indringende stem. De jonge afro ‘Daytone Beach’-er overtuigt met akkoorden autoharp en viool en scherpt de songs aan met te stampen met zijn leren ‘boots’ op de vloer, vingertics en z’n
vriendelijke indrukken en verhaaltjes.
Eenvoudig, doeltreffend en doordacht. ‘Markiés’, zoals we de naam moeten uitspreken, deed het met zijn stem, muziek zonder band en zonder tape. Een sing/songwriting en een neofolky stijl die doordrenkt was van soul en r&b …
(Nog te zien op deep in the woods festival, eerste weekend september - http://www.deepinthewoods.be )

Organisatie: Botanique, Brussel

Papercuts

Bedwelmende indiepop van Papercuts

Geschreven door

Papercuts zijn 4 brave jonge kerels uit de buurt van San Francisco en zo klinken ook hun indie popnummers: verfijnd, sfeervol, een tikkeltje psychedelisch, maar altijd extreem melodieus. Poses waren aan deze heren duidelijk niet besteed en toen ze schuchter op het donkere podium van de Witloof Bar plaatsnamen leek het erop of ze er niet gerust in waren of ze in een concertzaal, dan wel in een darkroom beland waren.  

Hoewel ze al meer dan 10 jaar aan de muzikale weg timmeren blijft Papercuts nog een nobele onbekende, al mag daar op basis van hun optreden in de Botanique toch wel eens verandering in gaan komen. Tijdens “Future Primitive” en “Do What You Will” overbrugde het viertal met veel gemak 40 jaar zalige popmuziek tussen The Byrds en Grizzly Bear. Op “John Brown” zocht de ijle zang van Jason Robert Quever wanhopig naar een uitgang onder de lage gewelven en naar het einde toe van de te korte set bewees “Do You Really Wanna Know” van het nieuwe album ‘Fading Parade’ live alle potentie in huis te hebben om doorbraaksingle te worden. De talrijke muziekliefhebbers die vorig jaar zo verknocht waren aan Avi Buffalo worden bij deze warm aanbevolen om deze zomer ook eens Papercuts in de boomgaard te laten weerklinken.

Organisatie: Botanique, Brussel


Pagina 762 van 963