Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
Deadletter-2026...

Killing Joke

Absolute Dissent

Geschreven door

Na het onvolprezen debuutalbum en het daaropvolgend ‘What’s this for’ uit begin jaren tachtig waren wij Killing Joke nagenoeg volledig uit het oog verloren (ook de koerswijziging met ‘Night time’ uit ‘85 met daarop het hitje “Love like blood” kon ons weinig bekoren) tot zij in 2003 terug aan het front kwamen met de splinterbom ‘Killing Joke’ en drie jaar later met het al even machtige ‘Hosannas from the basements of hell’ (die titel alleen al !). Wij waren weer helemaal wakker geschud en lieten die twee albums gewillig keer op keer als een allesvernietigende pletwals over ons heen gaan.
Op vandaag zijn wij dan ook geweldig opgewonden met ‘Absolute Dissent’ die de lijn van de bulldozerrock van zijn twee voorgangers volop doortrekt en hier en daar zelfs nog een tandje bij steekt.
Dichter bij metal zijn ze nooit geweest, maar het blijft onmiskenbaar Killing Joke. De band creëert een zware volumineuze sound, een geluidsmuur van gortige gitaarriffs en mokerslagen van drums. Daarbovenop schreeuwt een razende Jaz Coleman zijn vocals er met ware doodsverachting uit. Het is des duivels, maar de songs blijven telkens overeind en blijven de melodie in zich houden.
Moordsongs, met Coleman als vrijwillige killer van dienst, zijn “Absolute dissent”, “The great cull”, “In excelsis”, “Depthcharge” en “Endgame” (waarin Coleman nogal naar Lemmy neigt). De totale verpulvering komt er met “This world hell”, een uiterst rauwe lap agressie die uw hersenen met volle geweld uit uw hoofd komt rukken.
Toch mogen de vocals al iets melodieuzer en worden ook de synths bovengehaald op het fraaie eighties klinkende “European super state” die het venijn in zich heeft wat “Love like blood” bijvoorbeeld mistte. Ook een pompend “The raven king” werkt zich na een rustige aanvangsfase naar een ware bruisende climax toe.
Afsluiter “Ghost of ladbroke grove” begeeft zich zelfs op dub gebied en ontpopt zich zonder uit te schuiven tot een bijtende knoert van een song.
‘Absolute Dissent’ is een ronduit schitterend en vooral verpletterend weerzien met deze culthelden en een meer dan waardige opvolger voor de twee onvergetelijke klassiekers ‘Killing Joke’ uit 2003 en ‘Hosannas from the basements of hell’ uit 2006.

Caitlin Rose

Own side now

Geschreven door

In thuisbasis Nashville wordt Caitlin Rose zonder meer omschreven als de meest opwindendste act van het moment en dat zal waarschijnlijk wel zijn gedeeltelijke waarheid bevatten, ook al moet je hier bereid zijn om de cowboylaarsjes boven te halen.
Caitlin Rose is het soort meisje die sinds haar vorige EP ‘Dead Flowers’ alle aandacht naar zich wist  toe te trekken en waarvan deze ‘Own Side Now’ het debuut geworden is die al de hoogstaande verwachtingen moet inlossen.
Ondanks de vele inspanningen van diverse hedendaagse alt country-acts bespeelt Caitlin Rose het countrygenre in de meest traditionele zin van het woord waarbij haar materiaal af en toe wel eens in de afgelikte gevarenzone durft te belanden.
Indien je van een fragiele vrouwenstem houdt die gepaard gaan met countryriedeltjes waarin niet al te veel gebeurt (lees Emmylou Harris, Linda Rondstadt of zelfs Dolly Parton) dan is deze femme fatale in countryoutfit uw ding.
De rest van de wereldbevolking hoeft alvast niet te vlug een trip naar Nashville te gaan boeken of voor een goed verstaander: enkel voor liefhebbers van traditionele country.

Solaram

Love & The Sweet Divine

Geschreven door

Wanneer een groep aangekondigd wordt als een kruising tussen The Stone Roses en War zal een normaal muziekliefhebber wel eens de wenkbrauwen fronsen maar in het geval van Solaram blijkt het zelfs geen leugen te zijn.
Als je trouwens ziet dat deze cd verschenen is op het kwaliteitslabel Rainbow Quartz dat met de regelmaat van de klok ons om de oren slaat met poppy psychedelica-releases weet je meteen dat je in goede handen verkeert.
Solaram is eigenlijk een project van Joe Tagg die in vroegere dagen actief was in vrij onbekende bands als Three 4 Tens of Himalaya.
Op ‘Love & The sweet divine’ wordt echt niet op een druppeltje zweet gekeken want deze cd is vanaf het prille begin tot het bittere eind een psychedelisch popfestijn.
Weliswaar komen alle grote namen uit de popencyclopedie (Beatles, Led Zeppelin, Pink Floyd) om de hoek loeren maar Joe Tagg heeft dit mooi weten te verpakken in frivole beatpopnummertjes die bij momenten even vet klinken als The La’s.
Weer zo’n klein groepje dus om absoluut te ontdekken!

Wavves

King of the beach

Geschreven door

Vorig jaar werden we naast de ‘vv’s’ van de uit San Diego opererende trio Wavves, onder zanger/gitarist Nathan Williams bestookt met twee cd’s van elk een goede 35 minuten. Het potje ongeregeld bracht rauwe, weinig gestructureerde, ontregelde sounds, waaronder pakkende popliedjes verborgen zaten. Ze werden omschreven als nofi, wat staat voor ‘alternative’ punk/noise/surf/shoegaze/indie/lofi psycherock; de op zich eenvoudige songs werden bedekt door een dikke laag gierende gitaar, ruis, pedaaleffects en Williams’ galmende zangkoortjes. Een pak invloedrijke bands werden door de mallemolen gehaald, gaande van The Ramones, Nirvana, Jesus & Mary Chain, My Bloody Valentine, The Black Angels en de ‘60s pop van Beach Boys.
De charismatische band, die naast Williams uit bandleden van Jay Reatard bestaat (bassist Stephen Pope en drummer Billy Hayes) brengen op de eerste volwaardige studioplaat aanstekelijke indie/surfpunkpop. Een duidelijk toegankelijker en helder geluid, dat knipoogt naar het speelse en avontuurlijke van voor heen, wat ervoor zorgt dat het nonchalante rinkelende en rammelende behouden blijft, fel, scherp, snedig, leuk en ontspannend. “Super soaker”, “Baseball Cards”, “Concertable balloon” en de titelsong passen ideaal in dit concept. Het afsluitende “Baby say goodbye”, “Post acid”, “Mickey mouse” en “Idiot” klinken meeslepend, broeierig, dromerig en bezwerend, en tonen de bredere invalshoek van de band. Er is ruimte voor lieflijk materiaal dat blij of verdrietig is, waaronder “When will you come” en “Green eyes”. En tot slot putten ze uit de Ween-stal met het verrassende “Linus spacehead”, dat onverwachtse wendingen ondergaat. De fijne galmende zang geeft elan.
De belofte is eindelijk ingelost, en het moet gezegd worden, het is een plaat die per beluistering verslavend werkt  … Onthouden dus die wave van Wavves …

Karen Elson

The ghost who walks

Geschreven door

De roodharige Engelse Karen Elson, echtgenote van Jack White (The White Stripes/ The Raconteurs / Dead Weather / …), heeft al een succesvolle carrière als topmodel, en muzikaal brengt ze zachtaardige, gevoelige rootrock. Haar debuut ‘The ghost who walks’ is volwassen en klinkt overtuigend.
Invloedrijk was de cabaret van The Citizens band, waarin ze vroeger zong, en de uitstapjes richting traditionele country, folk en gothic. Er valt voldoende afwisseling te noteren in haar sfeervol onderhouden songs, die bezwerend zijn door een instrumentarium van saloonpiano, intrigerende toetsen, steel pedal, akoestische en elektrische gitaar, accordeon en droge drums. Het zijn fijnzinnige, dromerige en emotievolle composities, die een ongepolijst, helder geluid kennen en bepaald worden door haar indringend en zuiver stemgeluid. Luister maar eens naar die variatie in pakkende songs als “The truth is in the dirt”, “Lunasa”, “100 years from now”, “Stolen roses” en de titelsong, de broeierige aanpak van “Pretty babies”, “Cruel summer”, “The birds they circle” of de directe aanpak van “Garden”, “The last laugh” en “Mouths to feel”. Fascinerend debuut!

Goldfrapp

Goldfrapp op half feestelijke kracht …

Geschreven door

We waren benieuwd hoe de gig van Alison Goldfrapp en Will Gregory er aan toe zou gaan. Tussen 2003 en 2007 konden we gegarandeerd rekenen op een stomend sensueel, zwoel en kitsch elektro/disco/pop feestje, door platen als ‘Black Cherry’ en ‘Supernature’. Het variërende ‘7th tree’, de voorlaatste worp, greep deels terug naar het sfeervolle, ijzige debuut ’Felt mountain’ en het recente ‘Head first’ is eerder een inwisselbare tweedehands ‘Black Cherry’/’Supernature’ geworden.

Live liet het ook z’n sporen na en hadden we ook het gevoel ‘het al eerder’ gehoord te hebben, minder aanstekelijk en prikkelend, meer flets en plat, ondanks de hitgevoeligheid, de leuke, catchy, huppelende ritmes, de (licht) swingende lijn en de zalvende, ontspannende tunes.
Inderdaad, haar smachtende, tot de verbeelding sprekende ‘body to body’ (massage) music raakte en beklijfde minder. Maar laat ons niet te diep zakken in teneur, er waren de vier lekker in het gehoor liggende songs “Rocket”, “Believer”, “Alive” en “Dreaming” van het recente album, en de resem classics als “Train”, “Ride a white horse” en “Oh la la”, die door de krachtige beats voldoende inwerkten op de dansspieren en een ideale versmelting vormden van ‘80’s electro en disco. De glamour en kitsch zagen we in de performance, de act, de glitterkledij en de wapperende haren. Een niets-aan-de-hand sfeertje, ondersteund door haar gouden fluwelen stem, die elan en kleur gaf aan de songs.
En in de bis bezorgde ze kippenvel met het fragiele, sfeervolle “Little bird” door de sober gehouden begeleiding en soundscapes; een hemels indringende, breekbare “Lovely head” uit haar debuut, gedragen door haar zuivere, heldere vocals, konden zelfs een glas doen rinkelen of breken. Tot slot trad ze nog in vederpak aan om een broeierig opbouwende, pompende “Strict machine” op ons los te laten en te besluiten met een electrofeestje.

Goldfrapp voelt een forse concurrentie van de huidige rits electro/discochicks aan, en kan er zich niet meer van losmaken en onderscheiden. Ontploffen deed het allemaal niet meer en daar zit het matige songmateriaal van de laatste platen wel voor iets tussen …

De supports waren van Franse makelij, de ene een soort klassiek Wagner in een saloonbar, de andere, een electrotechneut op z’n John Foxx die het publiek warm trachtte te maken voor Goldfrapp …

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ism Aéronef)

The Hentchmen

The Hentchmen - Rock'n’roll op het scherpst van de snee

Geschreven door

Tangled Horns is een relatief nieuwe band uit Antwerpen waarvan de meeste leden ook in andere groepen actief zijn. Belangrijkste is misschien wel drummer Kris Martens die tevens de vellen roert bij Alex Agnew's Diablo Blvd. Tangled Horns combineert stoner met grunge, niet meteen een gerecht dat me aanspreekt maar wat dit vijftal ermee aanvangt, mag best gehoord worden. Verantwoordelijk hiervoor waren de lekker vettige gitaren die bijwijlen erg meeslepend waren en de forse strot van Tim Van De Plas, die me zowaar aan Mick Collins deed denken. Terwijl hij zwalpend en met verwilderde blik over het podium struinde bleef hij een ganse set lang begeesteren. Mooie opener!

Precies één week na Leffingeleuren stond Viva L'American Death Ray Music weer op een Belgisch podium. Hun wat kortere set bleek op enkele nummers na volledig vertimmerd. De meest avant-gardistische stukken bleven achterwege, wat niet meteen wil zeggen dat we een hapklare brok kregen voorgeschoteld. Het blijft vreemde, niet te plaatsen muziek die je telkens toch op de één of andere manier weet te raken. Hier en daar en met wat goeie wil merk je nog wat invloeden van de Velvet Underground. De arty sfeer die ze creëren nog het meest misschien. Ik zou het kunnen omschrijven als Memphis-gekte hoewel Nicholas ‘Diablo’ Ray en co deze stad al een tijdje niet meer als uitvalsbasis hebben. Drummer Jeffrey Bouck (ooit nog bij Polyphonic Spree) stal opnieuw de show, wat een soepele en inventieve drummer is dit toch! Dit optreden was net iets minder dan in Leffinge en op de duur miste ik toch de dit keer niet meegereisde bassist Harlan T Bobo (net vader geworden) die de sound toch wat voller had kunnen laten klinken. Of lag het aan de ontstellend lage opkomst waardoor de mensen her en der verspreid stonden in plaats van samengetroept voor het podium?

Veel schiet er niet meer over van de bloeiende garagerockscene in Detroit van rond de eeuwwisseling. The Dirtbombs brengen straks een nieuwe plaat uit en The Hentchmen waren nog eens in Europa, hoewel dat laatste precies niet veel deining veroorzaakte. Nu lieten The Hentchmen dit niet aan hun hart komen en vlogen er meteen met volle overgave in. We kregen een set strakke rock'n’roll zonder dipjes. De geweldige gitarist Tim Purrier zag er niet alleen een beetje uit als Buddy Holly, soms klonk hij zo ook. De man leek uit rubber gemaakt en liet zijn gitaar galmen in alle mogelijke posities. De twee surfnummers die hij tussendoor liet horen, waren werkelijk om bij weg te smelten. Naast die verbluffende gitaar was er nog een tweede hoofdrol voor de Farfisa van John Hentch, het instrument bij uitstek om je muziek ‘sixties’ te laten klinken. En dat unieke geluid van dat orgeltje blijft het na al die jaren nog steeds doen.
Prachtig avondje stomende rock'n’roll op het scherpst van de snee! Misschien toch nog een kleine randopmerking: John Hentch speelde naast zijn Farfisa op een klein klavier de bas en dat leek soms behelpen, misschien zou een echte bassist hun songs nog meer laten swingen. En dan heb ik het echt niet over Jack White, die op een blauwe maandag hun bassist was.

Organisatie: Trix, Antwerpen (ism Heartbreaktunes)

Elements Festival 2010 - zaterdag 25 september 2010

Geschreven door

Elements is een festival dat in het kader staat van 'Brugge Centraal'. Om dit op en top Brugs feest, durend van 17 september tot 30 januari (!) ook aantrekkelijk te maken voor jongeren, waren er niet minder dan vijf podia met elektronische muziek geïnstalleerd bij Stal Tillegem, Brugge. Er was voor elk wat wils, waaronder de meer mainstream elektro op het Redbull Elektropedia Mainstage, de iets ruigere MuSick Stage, waar er de hardere dubstep en verscheidene soorten core werden gedraaid; de Suburb Soundz Hardtechno Stage stond helemaal in het teken van - jawel - techno, terwijl Cliché Stage meer de kant van de hiphop clubmuziek uit wou. Het laatste podium gaf de kans aan jonge deejays, bij Villa Bota Young Talent Corner namen nieuwe talenten het tegen elkaar op in een wedstrijd. De winnaar kon na afloop iets langer draaien!
Elements Festival was een niet te missen event voor elke electroliefhebber!


De dag werd rustig ingezet met de relaxte muziek van Stagga. Zachte dubstep die wat werd opgevoerd door een opgewekte rapper, die niet alleen bij zijn eigen band aanwezig bleef. Nee, hij was even later nog steeds van de partij bij de jongens van Counterstrike. Hier was het voor hem echter moeilijker het ritme bij te houden, aangezien deze elektronica van een heel ander kaliber is. Drum'n’bass van een intensief niveau, zo zou je het wel kunnen noemen, met hier en daar een behoorlijk aantal breakbeats, waardoor het ook wel eens naar het genre van de breakcore durft te neigen. Maar ook dit is slechts een voorproefje op het écht harde werk dat eraan zit te komen.
Als de zon door de wolken breekt is het tijd voor Radium, pure core. Het is bizar om zo'n enthousiast publiek te zien bij zo'n duister genre dat verbannen lijkt tot gure kelders bij nachttij. Dit festival is het er duidelijk niet mee eens, en programmeert deze artiest dus zo dat er op een doodgewone namiddag hard gefeest kan worden in ontzettend drassige modder. Voor mij voelt het een beetje onwennig, maar na enkele nummers spring ik ook gezellig bij in de modderpoel. Ook is het fijn dat de eentonigheid van core - waarvan ik vast wel niet de enige zal zijn die daar nu en dan problemen mee heeft - teniet wordt gedaan, doordat hij meezingers als “Technologic” van Daft Punk en “We will rock you” van Queen in zijn mix verwerkt. Dat bewijst van kunde, is het niet?

Daarna hebben we wel even genoeg van het harde gedoe en zoeken we de meer mainstream oorden op. Bij het Rebull Elektropedia Mainstage is de set van de Mixfitz met een halfuurtje uitgelopen en dat komt ons goed uit, want we kunnen andermans hits die ze naadloos aan elkaar kunnen rijgen, best wel smaken. Dit zijn gewoon goeie, Belgische deejays die de komende tijd nog moeten ontdekken hoe ze nog meer hun eigen sound in hun optredens kunnen verwerken.
Maar tot nog toe is het fijn dat er voor elk wat wils is; oké, zowat elk nummer dat ze draaien heeft wel eens voorgekomen in de hitparade, maar zowel de meer gekende drum'n’bass zoals die van The Prodigy, als elektro en zelfs Nederlandse hiphop, komen aan beurt.

Ze worden opgevold door DJ Godfather, die helemaal vanuit Detroit komt. Detroit staat ook wel bekend als stad van de ghettotech en DJ Godfather doet zijn geboortestad wel eer aan - het genre muziek dat hij draait sluit hier volledig bij aan. Om het begrip even te verklaren; ghettotech is een mix van elektro, hiphop en techno, maar springt vooral in het oog omwille van de pornografische teksten waarvan deze mengelmoes vergezeld wordt. Feministe zijnde moet ik toegeven dat ik gedurende het uur van deze ontdekking, meermaals mijn ogen ten hemel hebben geslaan. Hoeveel 'girl shake that booty's de revue hebben gepasseerd, zijn hoogstwaarschijnlijk niet op één hand te tellen.
Meer keek ik uit naar Tiefschwarz, al bleek dit nogal een teleurstellend begin. Er stond slechts één broertje op het podium en die eenzaamheid leek hem te parten te spelen - hij kreeg de massa niet zo aan het dansen als zijn voorganger. En toen de regen de hemel begon open te scheuren, vluchtte meer dan de helft van zijn publiek onder het schamele aantal tenten. Gelukkig voor hem was de wolkbreuk niet van lange duur, en besloten wij hem nog een tweede kans te geven. Hij besloot wat meer bassen en climaxen in te lassen en voilà, Tiefschwarz kon nu perfect aan DJ Godfather tippen. En zo stoomde hij ons alvast klaar voor de elektroclash van Mish Mash Soundsystem.
Sinds de eerste keer dat ik Gunther Desamblanx op Studio Brussel hoorde, was ik verkocht. Niet alleen zijn keiharde humor, maar ook zijn muzieksmaak sprak me aan. Het was dus wel een kleine teleurstelling toen ik ondervond dat hij die avond geen deel zou uitmaken van Mish Mash. Al kon ik me best verzoenen met wat zijn collega's me voorschotelden; ze wisselden bekendere nummers af met gewoon pure en vettige elektro, natuurlijk hier en daar begeleid door het welbekende en hoogst irritante toetergeluid. Al leek dit enkel de massa nog méér op te zwepen. Er was een zwaar feest aan de gang, dat moet worden toegegeven, maar ik vertrok terug naar de Musick Stage, om zeker front row te kunnen staan bij Borgore.
The Panacea liep wat uit, maar ik had absoluut geen spijt van de elektro die ik aan het missen was. Een even hard feestende menigte troonde mij mee naar de afwisseling van drum 'n bass en pure core en even vergat ik de persoon voor wie ik zo graag naar Elements was gekomen. Maar toen ik hem in een simpel, wit hemdje zag verschijnen naast de deejays van The Panacea, wilde ik zo snel mogelijk de loeiharde beats inruilen voor Mr. B's ultragortige dubstep. Zelf ben ik allesbehalve een dubstep-fanaat, dus wat zegt het over het kunnen over onze welbekende Israeli, als ik vertel dat, hoewel ik nog nooit eerder zo doorweekt was, de regen zelfs niet langer voelde, en mij gewoon liet meevoeren op de dreunende bassen. Zijn nieuwe sound is gewoon nóg beter dan het prachtige werk dat deze metalfan al eerder neerzette, een prestatie die niemand ooit had verwacht. Hij verwerkt nog meer metal in zijn reeds monsterlijk harde dubstep. Een uur lang nam hij ons mee op een wilde rit, waarbij niet bewegen ronduit onmogelijk was.

En het terrein verlatend, bedekt onder de modder, dacht ik dat dit festival zeker de moeite waard is om volgend jaar opnieuw naar uit te kijken.

Organisatie: Elements Festival, Brugge

JonGeduld Festival 2010 - beloftevol!

Geschreven door

JonGeduld Festival 2010 – beloftevol!
Op een trieste druilerige herfstdag trok ik richting de Kinky Star in Gent voor het
JonGeduld Festival 2010.

Eenmaal daar aangekomen stond ene Bossie al het beste van zichzelf te geven,gerustgesteld was ik dan ook dat die Bossie iemand totaal anders was dan ik in gedachten had. Deinzenaar Maarten Van den Bossche bracht een akoestische set gevuld met pop/rocksongs. Die pop/rocksongs bestonden meestal uit covers,zo passeerden onder andere “No One Know” van Queens Of The Stone Age en “Best Of You” van Foo Fighters. Het viel wel op dat deze jonge singer-songwriter die ondanks hij over een meer dan degelijk stemgeluid beschikte iets of wat onzeker op de planken stond…

Na het rustige Bossie was het tijd voor het iets stevigere werk van Cockfish,een Gentse Rockband met hardrock, rock’n’roll en metal invloeden. Dat de Gentenaren een grote bewondering hebben voor The Ramones was duidelijk te horen en werd bevestigd toen ze “Hey Ho, Let’s Go” van die zelfde Ramones ten berde brachten. De band straalde heel veel energie uit en bracht heel wat ambiance alleen was het jammer dat ze te kampen hadden met heel wat technische problemen.

Onze avond sloten we af met 5 jonge gasten van 17jaar die afkomstig zijn uit Eeklo en die naar de naam Jerusalem Syndrome luisteren. Ondanks hun jonge leeftijd hebben ze al het één en het ander bereikt in de muziekwereld, zo schopten ze het dit jaar nog tot de halve finale van Humo’s Rockrally. De heren brachten een snoeiharde,strakke set die barste van de energie en waarbij de volumeknop van hun versterker volledig open gedraaid werd. Bij hun sound die ze voortbrachten waren groepen als The Kooks en Razorlight nooit veraf. Afsluiten deden ze met “Julliet” een heel aanstekelijk popnummertje dat er eentje van The Kooks kon zijn. Met Jerusalem Syndrome zagen wij een beloftevolle band die met hun kwaliteiten vroeg of laat wel eens heel wat potten zouden kunnen breken.

Organisatie: JonGeduld – Kinky Star, Gent

The Telescopes

The Telescopes - Psychedelische geluidsmuur met paranoïde gevoelens

Geschreven door

Iedere mens is een melancholisch beest die op zoek gaat naar nostalgie en wie gisteren de dun bevolkte Trix binnenliep zag meteen een paar enkelingen rondlopen met T-shirts waarop namen van groepen als The Stone Roses prijkten. Zo’n twee decennia waren deze muziekfans (waaronder ook ondergetekende) onderhevig aan een vloed schrijfsels van Britse journalisten die terecht een hele resem groepen hypten en één van de genres uit de hypemachine ontstond was het fameuze shoegazegenre.
Je hoeft het niet ver te gaan zoeken, de meeste van deze groepen stonden naar hun schoenen te staren omdat ze teveel in de weer waren met de duizenden pedalen die voor hun uitgespreid op het podium lagen. Na jarenlange opberging in diverse platencollecties kwam plots deze shoegazeboom terug tot leven ook al is er op heden van enig ontploffingsgevaar nog geen sprake.

De eerste die het rijtje van drie mochten openen waren de Antwerpenaars Deadsets die net hun ‘Mature swingers’-EP uitgebracht hadden.
Dat er enig potentieel in deze band zit is zeker maar doordat een podium tot dusver voor hun een onwennige plaats blijft maakten ze weinig of geen indruk. Muzikaal zweeft het tussen Buffalo Tom en Charlatans en mits wat meer ervaring worden zij misschien nog een leuk groepje voor de toekomst.

Tenminste als er een tijd is voor toekomst want de huidige shoegazehype zou misschien even vlug gedaan kunnen zijn als het opkwam. Een groepje die daar in thuisland England wel de vruchten van weet te plukken zijn The Fauns. Verschillende toonaangevende radio-DJ’s waaronder Steve Lamacq zijn vol lof over deze Britten die blijkbaar het geluid van Slowdive heruitgevonden hebben en ook al vertaalt dat zich op een podium tot weliswaar mooie Cocteau Twins-achtige klanken durft het ook wel eens in eenheidsworst uit te draaien. Als je daar nog eens de vrij statige pose van de band bijneemt valt het bijzonder moeilijk om een woord als ‘wervelwind’ in de mond nemen.

Deze wind kwam er echter met The Telescopes. Deze groep is het geesteskind van Stephen Lawrie en hoewel zij eigenlijk een spacenoiserockband zijn die vaak met Loop vergeleken werd, hadden zij ook een aantal shoegazehitjes zoals “Flying” of “Everso” op hun actief staan. Dit gebeurde in de periode toen zij van Alan McGee een platendeal toegedeeld kregen op Creation Records.
Onder steeds wisselende bezetting deden The Telescopes hun ding verder tot op vandaag, ook al ging het muzikaal meer de richting van de experimentale soundscapes op.
Vanavond stond echter “The Creation classics” op het programma, ook al moet je zo’n titel met een korreltje zout nemen want “To kill a slow girl walking” was eigenlijk het enige shoegazehitje dat we te horen kregen terwijl het overgrote deel van het materiaal uit hun Cheree-periode (voor Creation) kwam. Dat Lawrie niet de makkelijkste jongen is wisten we reeds twintig jaar geleden toen hij een 30 minuten durende set op het Futuramafestival in Deinze ten tonele gaf. De arrogantie van destijds heeft hem niet spraakzamer gemaakt maar gaat vandaag wel hand in hand met een destructieve pose waarbij hij de hele set op handen en voeten kroop, het gezicht in de knieën geborgen en steeds lurken aan een joint terwijl de fles witte wijn reeds na enige nummers de bodem had bereikt.
De gitaren stonden loeihard afgesteld terwijl Lawrie talrijke keren op alles mepte wat ook maar in zijn buurt kwam en zij die het psychedelisch hoogtepunt één uur konden uitzitten waren dan ook sterk onder de indruk waarbij we echter niet het gevoel konden afschudden dat we reeds twintig jaar geleden hadden : geen ziel die er wakker van ligt …

Setlist:
7TH DISASTER, NOTHING, PERFECT NEEDLE, SADNESS PALE, SHC BURN, ANTICIPATING NOWHERE, THREADBARE, VIOLENCE, TO KILL A SLOW GIRL WALKING, FOREVER NOW, TREASURE, PLEASURE BEFORE YOU GO, SUICIDE

Organisatie: Trix, Antwerpen

Pagina 807 van 963