logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Hooverphonic

Jon Oliva's Pain

Global Warning

Geschreven door

The Mountain King heerst nog steeds. Jon Oliva, u allen wellicht beter bekend als de frontman van het legendarische Savatage, is met ‘Global Warning’ toe aan zijn derde soloplaat. Met ‘Tage Mahal’ en ‘Maniacal Renderings’ had hij reeds de lat zeer hoog gelegd. Ik was dan ook benieuwd of hetzelfde niveau al dan niet gehaald zou worden.
Bij de eerste luisterbeurt werd mij al snel duidelijk dat dit geen gemakkelijke hap zou worden om te verteren. ‘Global Warning’ opent namelijk met de dreigende bombastische intro “Gobal Warning, waarin reeds schitterende solo’s van de heer La Porte aan bod komen. Deze solo’s vormen trouwens een vaste constante binnen het album. Elk nummer kent zijn eigen technische hoogstandjes, wat het album voor gitaristen bijzonder interessant maakt om te beluisteren.
Na “Global Warning” is het de beurt aan het melancholisch maar stevig klinkende “Look at the World”. Het maatschappijkritische nummer wisselt rustigere passages af, met pompende ritmes, waarbij een aanleiding gevormd wordt naar de agressievere nummers die volgen. De nummers “Adding the Cost” en “Before I Hang” snijden thema’s aan die zeer dicht bij een gevoelige realiteit aansluiten. Het oorlogsthema ontlokt hem veel woede en onbegrip. Deze emoties zijn dan ook duidelijk te herkennen. Dat de doos met Chriss Oliva-riffs nog niet uitgeput is, is trouwens duidelijk te horen op “Before I Hang”. Dit nummer had zo op Streets kunnen staan.
Iedereen die Jon Oliva kent, weet trouwens dat zijn grootste sterkt ligt in het beroeren van de emoties door middel van zijn stem. Het ingetogen, melancholische “Firefly” put ook uit deze bron zijn kracht. Bij het aandachtig beluisteren van de lyrics, ondersteund door de wijze waarop ze gezongen worden, kan je niet anders dan meegesleurd worden in het verdriet. Dit nummer zal ongetwijfeld menige haren doen rijzen, wanneer het live aan bod komt. Jon Oliva’s ode aan de Beatles, zoals hij het nummer zelf beschouwd, is er één om te koesteren.
Het contrast is dan ook groot, wanneer onmiddellijk erna het ontzettend experimentele “Master” wordt aangesneden. Aanvankelijk leek mij dit een zeer vreemde en eigenaardige keuze, aangezien het nummer totaal niet in het beeld en de sfeer van het album past. Nu blijkt dat Jon Oliva dit opzettelijk heeft gedaan, om op alle vlakken te verrassend uit de hoek te kunnen komen. Het nummer klaagt de computerverslavingen aan en blijkt door allerlei vreemde effecten ondersteund te zijn. Zo gebruikte men het geluid van de in met baseballbats bewerkte wasmachine van drummer “Kinder” en wordt de stem van Jon Oliva zelfs vervormd.
Het akoestische “The Ride”, laat naar mijn mening een wat mindere kant van het album zien. Hoewel het ongetwijfeld geen slecht nummer is, kan het mij, ondanks de prachtige en flitsende gitaarsolo, net iets minder bekoren dan de overige hoogstaande nummers. Onmiddellijk erna wordt het niveau echter tot een nieuw hoogtepunt getilt met “O to G”, waarbij onmiddellijk nog een aanslag wordt gepleegd op de emoties van de luisteraar. Als ode aan een overleden vriend, kan dit nummer zeker tellen! Het rustige tempo wordt rustig verder gezet met “Walk Upon The Water”. Qua sfeer sluit het nummer goed aan bij het eerder besproken “Firefly” al is dit eerder een krachtigere complexere variant.
Met “Stories” komt opnieuw een agressievere kant van Jon Oliva naar boven, gepaard gaande met de flitsende melodieën en solo’s die heel wat variatie en frisheid in het nummer leggen. Het simpele refrein en de mogelijkheden tot interactie met het publiek, zullen ongetwijfeld aanslaan bij het publiek op de komende tour. “Open Your Eyes” schroeft het tempo onmiddellijk terug, waardoor we naar het einde van het album toe nog een melodisch hoogtepunt voorgeschoteld krijgen, waarop Jon Oliva zich opnieuw sterk weet te profileren.
Voordat men het album afrondt met het prachtige “Someone/Souls” waarin hij pleit voor de gelijkheid van elke mens, dat overigens perfect op een Savatage-album terecht had gekund, laat men zich eerst nog eens van de stevigere kant zien op “You Never Know”. De stevige flitsende solo die we hierin te horen krijgen is net als die in “Adding the Cost” van de hand van Obituary-gitarist Ralph Santolla.

Hoewel het album enkele luisterbeurten nodig heeft, alvorens het volledig tot zijn recht komt, kunnen we besluiten dat Jon Oliva’s Pain opnieuw een meesterwerk op de mensheid heeft losgelaten. Op deze manier mag men de wereld wel wat meer waarschuwen!

The Low Lows

Shining Violence

Geschreven door

Het Amerikaanse gezelschap The Low Lows, onder de weirdo zanger/gitarist Noon Parker, heeft hun tweede cd uit, opvolger van het twee jaar oude ‘fire on the bright sky’. Hun sound is te situren binnen de lofi americana, ergens tussen 16 Horsepower en My Morning Jacket,de oude indie van Galaxie 500 en ‘60’s V.U. Het kwartet is niet vies van een vleugje psychedelica en feedbackgeraas.
De eerste twee nummers “Modern romance” en “sparrows” zijn meeslepend en stralen een spannende dreiging uit, door het intense gitaargetokkel, de bezwerende percussie, ‘de ‘70’s toetsen en de zweverige hoge zang van Parker. “Five ways I didn’t die” en “Elisabeth Pier” zijn strakker en krachtiger. Traag slepend, donker materiaal horen we in “Tigers”, “Raining in Eva” en het afsluitende “Honey”. Huiveringwekkend en adembenemend.
Kortom, ’Shining Violence’ bevat aan het nekvel grijpend songmateriaal.

Joni Mitchell

Shine

Geschreven door

Na een jarenlange stilte liet de Canadese singer/songschrijfster terug van zich horen. Ze keert terug op haar besluit de muziek industrie vaarwel te zeggen. Wat we maar kunnen toejuichen want ‘Shine’ is een  fijnzinnige, sfeervolle, dromerige plaat, bepaald door een instrumentarium van piano, toetsen, elektronica, sax, steelpedal en andere. Een curieuze combinatie die z’n schoonheid verraadt!
De plaat heeft een soort ‘day and night’ side. Het instrumentale “One week last summer” brengt ons in een ideaal ochtendhumeur,  wat wordt aangehouden door “This place”, “If I had a heart” en “Bad dreams”. Haar “Big yellow taxi” (al gecoverd door Counting Crows trouwens!) pakte ze opnieuw aan en klinkt door accordeon en fluit innemend. The night side wordt letterlijk ingezet door “The night of the Iguana”.
Bezwerende muziek van een dame die zich niet meer moet bewijzen en aantoont dat ze er nog altijd staat met kwalitatief sterk luistermateriaal!

R.E.M.

Accelerate

Geschreven door

Eerlijk gezegd hadden wij van REM nooit meer verwacht dat ze ons nog volledig van onze stoel zouden blazen, daarvoor is hun sound te herkenbaar en te weinig verrassend geworden na al die jaren. Met het tamme en ongeïnspireerde ‘Around the sun’ , hun vorige vehikel, hadden we de hoop al helemaal opgegeven en moesten we jammerlijk denken aan de Red Hot Chili Peppers die met hun laatste twee platen ook helemaal het noorden zijn kwijtgeraakt. Maar kijk, REM weet dan toch nog eens fel uit de hoek te komen met ‘Accelerate’, een vooral korte plaat waarop de heren miljonairs als vanouds toch weer vinnig en energiek klinken. Uiteraard klinkt  het nog steeds allemaal heel “REM”, maar de sleur is er uit en er is een hete vlam in de plaats gekomen.
De vonk zit er al meteen in met de felle opener “Living well is the best revenge”, het is jaren geleden dat we REM nog eens zo kwaad geweten hebben. De strakke lijn wordt doorgetrokken met “Man-sized wreath” wat ons gedacht een veel betere singlekeuze was geweest dan het wat te brave en te veel REM-klinkende “Supernatural superserious”, eigenlijk de zwakste schakel op ‘Accelerate’ (maar dan nog bijlange geen slecht nummer, ’t is gewoon dat de rest nog een stuk beter is).
Op “Until the day is done” wordt wat gas teruggenomen en deze mooie ballad zou tevens  niet misstaan hebben op ‘Automatic for the people’. Ook “Sing for the submarine” houdt zich nog wat in maar met de twee venijnige splinterbommen “Horse to water” en “I’m gonna DJ” die de plaat afsluiten, gaan de heren helemaal loos en zetten ze met een felle streep punkrock iedereen die aan de groep durfde twijfelen meteen op zijn plaats.
‘Accelerate’ doet in vele opzichten terugdenken aan REM uit de jaren tachtig, toen ze fris en levendig klonken en ook hun beste platen maakten als ‘Life’s rich pageant’, ‘Fables of the reconstruction’ en ‘Reckoning’. Er staan hoegenaamd geen opvullers op deze nieuwe plaat, enkel sterke en vooral korte en strakke songs die barsten van energie.
Het duurt allemaal maar 36 minuten, en laat dit nu net de sterkte zijn van dit album. Het is met name terug een gitaarrock plaat geworden, één waarop vooral Peter Buck zeer scherp en attent aan het spelen is, een plaat waarop REM zich niet schaamt voor hun roots en niet hardnekkig probeert om met iets nieuw op de proppen te komen. Ze hebben gewoon zichzelf herontdekt.
Neen, zo iets spetterends hadden we van REM helemaal niet meer verwacht. Van een aangename verrassing gesproken.

Steak Number Eight

When the candle dies out…

Geschreven door

Is er hier geen sprake van een hype en wordt niet alles opgeblazen? Een roedel jonge genieën die op amper 15 jarige leeftijd zomaar eventjes de Rock Rally wint? Zullen deze jonge adonissen door hun gebrek aan maturiteit zich niet te snel verbranden? Het antwoord is drie maal: ABSOLUUT NIET.
Wat deze knapen presteren is zonder weerga: heel professioneel, heel aardige songs en  in eigen beheer. Jonge natuurtalenten
Opener “The sea is dying” gaat na tien luisterbeurten niet eens vervelen. Liefhebbers van Mogwai, Godspeed Black Emperor en ja, Metallica en Tool komen ruimschoots aan hun trekken. Minimalistische lijnen worden gelaagd en opgebouwd tot het je strot vastheeft en niet meer loslaat. En dit geldt eigenlijk voor alle nummers.”The holy truth” bijvoorbeeld borduurt op het zelfde elan door zonder echter te vervallen in overdreven en nodeloze arrangementen, zo van ‘ zie ons spelen, zie eens wat we kunnen’: zelfbevlekking is hier absoluut niet aan de orde. Op “Blood on your hands” hoor je een band die precies al veertig jaar bezig is: loepzuiver en perfect ingespeeld op elkaar. Weet dat deze gozers nog maar vijf jaar in hun repetietiekot zitten.
In hun genre zijn ze niet echt vernieuwend maar gelukkig hebben ze niet de pretentie om het warm water nog eens te moeten uitvinden.
‘When the candle dies out’ wordt in eigen beheer uitgebracht en kan je bestellen via www.myspace.com/steakn8.
De streek van Kortrijk is na Ozark, Goose, Balthazar,… weer een enorm potentieel rijker: Steak Number Eight staat aan het begin van een ongelofelijke carrière. Programmators aller Pukkelpops ,Dours en Graspops, verenigt u en boek hen!

Playlist: the sea is dying, my hero, the holy truth, on the other side, falling out of a dream, blood on your hands en after you

Katie Melua

Prettig in het gehoor liggende jazzypop van Katie Melua

Geschreven door

De succesvolle Britse zangeres van Georgische afkomst Katie Melua kon rekenen op een alle leeftijden publiek in een praktisch uitverkocht Vorst Nationaal. De jonge twintiger heeft totnutoe drie cd’s uit en trok op tournee met om haar recente plaat ‘Pictures’ te ondersteunen. Ze brengt kleurrijke en prettig in het gehoor liggende jazzypop, met uitstapjes naar de rootsrock en folk. Ze brak een goede twee jaar terug definitief door met het dromerige “9 Million bicycles”.
 
Bijna twee uur lang serveerde ze solo en met haar band een uiterst gevarieerde set, waarbij de songs werden gedragen door haar helder nachtegalenstem. Het lichtdecor was een meerwaarde.
Melua nam solo een gewaagde start met een handvol songs op gitaar en piano: “Piece by piece”, I do believe in love” “Dirty dice” (een terugblik naar Noord-Ierland waar ze in haar kinderjaren vertoefde), en Randy Newman’s “I think it’s going to rain”. Op het ‘70’s getinte rootsjazzy “My aphrodisiac” was haar band op videowall te zien, doch geleidelijk ging het doek omhoog en zagen we haar full band. Handig gevonden, wat sterk werd onthaald!
Stijlvarianten waren te horen op “Blues in the night” (met slidegitaar!), een swingende “Ghost town” (met blazers), de folky “Thank you stars” en “Spellbound” (met fiddle) en tenslotte op de krachtiger klinkende “Crawling up a hill”, “Perfect circle” en “Spiders web” (rootsrock).
”If you were a sailboat”, haar nieuwe single, ”What I miss about you” en “Crazy” waren zalvende, sfeervolle, dromerige songs. “Scary Films” had een dreigende spanning o.a. door de zwart/wit horrror movies op het scherm en het jazzy “Mockingbird song” refereerde aan Stone/Keys/Winehouse qua vocals
Hoogtepunt vormde haar doorbraaksingle “9 Million bicycles”. En “If the lights go out” verried een komend succes!
Overtuigende covers “On the road again” en “Kozmic blues”van haar idolen (Canned Heat/Janis Joplin) klonken broeierig. Melua eindigde zoals ze begonnen was, akoestisch met een intieme “Cried for you”.

Melua beschikte over een gouden stem en een professionele band, die flirtte met stijlen om haar melodieuze jazzypop elan te geven. Fijn concertje.

Support was Andrea McEwan die enkele songs mee componeerde op Melua’s plaat. Deze Australische speelde sfeervolle, semi-akoestische folkpop, doch haar stem had niet dezelfde sterkte als Melua. Goede start, belangeloos einde.

Organisatie: Live Nation

The Low Lows

Spannend,dreigend, bondig setje van The Low Lows

Geschreven door

Het Amerikaanse gezelschap The Low Lows onder de weirdo zanger/gitarist Noon Parker lichtte in een bondige, snedige set een tipje van de sluier van hun pas nieuw verschenen cd ‘Shining violence’. Hun dromerige lofi americana kent een sfeervolle en opbouwende, spannende dreiging, bevat een vleugje psychedelica en kan doordrenkt zijn van feedback. Het kwartet leunt aan 16 Horsepower, My Morning Jacket en graaft zelfs dieper naar de indie van Galaxie 500 (begin jaren ’90) en ‘60’s V.U.

De groep speelde feller en strakker dan twee jaar terug op het Brugse Music In Mind festival. Toen na twee songs op het bedreven “Five ways I didn’t die” een snaar brak, speelde Parker doodleuk de rest van de set verder op vijf snaren. Op “Sparrows” en “It may be low” klonken de ‘70’s psychedelicatoetsen door. En tenslotte op “Dear flies, lone spider” trok Parker en de zijnen nog eens alle registers open, een schitterende finale van een afwisselend gevarieerd setje van dit onderschat Amerikaans kwartet. Onmiddellijk daarop sprong Parker van het podium en deelde mee dat er geen ander songmateriaal meer ter beschikking was, doch bedankte het publiek vriendelijk voor het warme onthaal.

Ook waren we onder de indruk van de support, Simple Brain, het kwartet onder de spil De Meyer – Verstraeten. Ze laveerden ergens tussen de melancholie van Sophia, de dromerige pop van Absynthe Minded en de freefolk van Banhart-Cocorosie. De zang en de gitaar kwamen op het voorplan. Een gedicht leidde zelfs twee songs in. Hun afwisselende zang (gelouterd – helder)/ samenzang was charmant binnen hun emotievolle, subtiele dramatiek! Beloftevol bandje uit St-Niklaas!

Organisatie: Cactus Club Brugge

Belgisch poparchief op Rock Waregem 2008

Geschreven door

Rock Waregem lichtte voor z’n programmering de sluier op van enkele gerenommeerde bands in het Belgisch poplandschap, nl. Belgian Asociality, binnen de prettig gestoorde rammelende pretpunk, Red Zebra binnen de ‘80’s waverock en De Kreuners van de ‘80’s Belgenpop, die na dertig jaar nog even fris gezwind overeind staan. En als internationaal artiest kwam John Watts, frontman van het vroegere Fischer Z, die 25 jaar terug verfrissende rock speelde met een politiek geladen boodschap. Kortom, voer voor ‘nostalg-neuten’ en een spannende kennismakingsronde voor het jonge publiek, om te achterhalen waar  huidige bandjes de mosterd vandaan halen!
 
Belgian Asociality, de ‘enfants terribles’ van de Vlaamstalige pop, onder spil Marc Vosté, speelden een klein uur met korte, krachtige en opzwepende songs, bol van humoristische en cynische no-nonsense teksten. Een hoog, strak tempo van leuke songs en entertainment! Het publiek was ’s namiddags meteen wakker! Twee nieuwe songs hoorden we, maar de langverwachte opvolger van ‘Wakker Worde’ is nog steeds niet klaar …
Red Zebra was  een voorname exponent va de ‘80’s wave rock, en met de heropleving van deze sound komt deze West Vlaamse band opnieuw in de spotlights. Ze wisselden oud met nieuw werk af, waarbij de oude songs gebeiteld staan in ons geheugen: “Ultimate stranger”, “Art of conversation” en “I can’t live in a living room”. Ere wie ere toekomt, want ook Joy Divsion en The Sound kregen een krans om het hoofd met overtuigende versies van “Transmission” en “Winning”. De nieuwe songs waren directer met “Too far west”, “Don’t put your head on a bucket” en “John Wayne …”.
John Watts Fischer Z was één van de spraakmakers van de arty rock begin jaren ’80. Wie dacht werk te horen van de drie memorabele platen ‘Word salad’, ‘Going deaf for a living’ en ‘Red skies over paradise’ was eraan voor de moeite.
John Watts kan grillig zijn en bood saai vakmanschap uit z’n soloplaten. Enkel op het eind werd met “Marliese” even teruggrepen naar de sprankelende ’80’s gitaarpop!
De Kreuners: Walter Grootaers en de zijnen bestaan dertig jaar en in de aanloop naar hun feest in oktober te A’pen, gaven ze het startschot te Waregem; een avant-première van hun showcase. Grootaerts is een entertainer, een publiekslieveling en kan als geen ander z’n fans betrekken bij de rocksongs.
Een rijkelijk gevuld repertoire, een hecht spelende band (Van Eycken, Pelemans en Crabbé) en een afwisseling tussen opwindende en sfeervolle songs: “Nee oh nee”, “Het regent meer dan vroeger”, “Layla” en recenter “Meisje, meisje” en “Pinguïns in Texas” gingen moeiteloos in elkaar over en werden sterk onthaald. De rock’n’roll spirit bleef behouden. Een préhistorie hoorden we nog met o.a. de meezingers “Ik dans wel met mezelf”, “Verliefd op Chris Lomme”, “Ik wil je”,  “Zij heeft stijl” en “Nu of nooit”. De aanzet naar de Vlaamse concertpodia is gezet …

Organisatie: Rock Waregem

Shameboy

Een danspubliek te vinden voor de nieuwe cd ‘Heartcore’ van Shameboy

Geschreven door

Shameboy heeft met ‘Heartcore’ de opvolger klaar op hun al indrukwekkend debuut ‘Hi, Lo and in between’, van de twee dancefloorkillers “Strobot” en “Rechoque”.
‘Heartcore’ dweept met strakke, opzwepende, pulserende beats, neurotisch vervormde sounds, electro, trance, techno, house en breakbeats. Het duo Luk Cox en DJ Bobby Ewing tonen aan dat ze met de ‘rave’plaat ‘Heartcore’ in de juiste wagon zitten van de huidige trends van Justice, Blackstrobe, Simian Mobile Disco, Digitalism, Dada Life en ons eigen The Subs. Trouwens Tiga en Erol Alkan remixten al de titelsong! Een bewijs dat het duo een belangrijke plaats aan het innemen is in de clubs.
Een uitverkochte Petrolclub onderging de aanstekelijke, beukende clubdance van het duo, en ging totaal uit zijn dak. De songs vloeiden in elkaar over, van “Stumble”, “Sunday punk”, “Slaxx”, “Monofour” tot “Timeskipper” en de eerste single van de plaat “Heartcore”, klonken overtuigend, waarin hun oude krakers pasten.

De nacht was nog jong voor het uitgelaten, jonge publiek, die na de set van de cd voorstelling van Shameboy meteen te vinden was voor de mix van elektrogrooves en beats van Mr  ‘Green Man’ Dr Lektroluv.

Organisatie: Petrolclub, Antwerpen

Zoot Woman

Zoot Woman: bedenkelijk!

Geschreven door

Haast waren we door een stilte van vijf jaar de synthipop van het Britse Zoot Woman vergeten. “Grey day”, “It’s automatic” en “Living in a magazine”, waren toffe hitjes. Binnenkort verschijnt de nieuwe cd ‘Things are what they used to be’, wat de groep op tournee brengt.

Het nieuw geformeerde trio rondom Stuart Price (= ‘80’s freak Jacques Lu Cont/ Les Rhythmes Digitales) klonk meer freakend en minder cool (ook hun maatpakken waren verdwenen!).
Het trio moest het vooral hebben van de songs van de eerste twee platen die de ‘80’s wavetronica van The Human League combineert met poprock, disco, funk en trancegerichte beats. “Lonely by your side” klonk groovy en aanstekelijk, “Woman wonder” en “Hope in the mirror” tuimelden naar de koele elektronica, “Grey day” en “Living in a magazine” waren de goed in het gehoor liggende popelektronica met een pompend beatje, en tenslotte integreerden “Taken it all” en “Information first” de discokitsch van Pet Shop Boys. De sfeervolle “It’s automatic” en “Snow white” overtuigden door een funky ritme.
Het nieuwe materiaal klonk stuurloos en miste diepgang om te kunnen beklijven en in te werken op de dansspieren, wat de aandacht deed verslappen. “Witness”, “Live in my head”, “Memory” en “Lust forever” – lieten, buiten de single “We won’t break”, een povere indruk na, een domper op de nochtans goed uitgekiende setlist! En op de koop toe waren Price’s vocals soms onvast; de vrouwelijke backing vocals van de bassiste tilden het niveau omhoog.

Ietwat bezorgd verlieten we de Bota; de nieuwe plaat zal soelaas moeten geven omtrent de toekomst van Price en de zijnen. We zijn benieuwd …

Support act was het uit Namen afkomstige Bambi Kramer die een maand terug zich onderscheidde op Boutik Rock in de Bota. Het duo Loïc b.o. en Marie V. van Flexa Lyndo speelden melancholische electrotrippop, refererend aan Portishead, Notwist en Ladytron. De samenzang en de traag, meeslepende ritmes van gitaargetokkel, elektronicadwarrels en beats, naast de donkere projecties, bepaalden hun treurwilgensound.

Organisatie; Botanique, Brussel

Pagina 920 van 963