logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Suede 12-03-26

Uncle Wellington

God Of Small Things/Butcher -single-

Geschreven door

Uncle Wellington, de band van auteur en muzikant Jonas Bruyneel, met Frie Mechele (Frie Maline), Esther Coorevits (Jan Verstraeten, Noemie Wolfs), Sven Sabbe (Galine) en Renaud Debruyne (Audri), neemt na goed vijf jaar afscheid met twee singles: “Butcher” en “God Of Small Things”.
Uncle Wellington bracht in 2017 het album ‘The Faster I Waltz, The Better I Jive’ uit, dat op deze site een lovende recensie kreeg. Het album werd nog gevolgd door de singles “The Code”, “The Castle”, “Waves” en “Orange Walk”. De band toerde verschillende keren door België, Nederland en zelfs de UK.
Uncle Wellington nam de twee laatste singles onderweg op tijdens de laatste tour, in Britse en Belgische studio’s. De nummers zijn samenwerkingen met mensen die de band nauw aan het hart liggen en die de voorbije jaren een belangrijke rol hebben gespeeld. Ze werden geproduced door Klaas Tomme (Ides Moon)  en Jonas Bruyneel en gemixt door Filip Tanghe (Balthazar, Warhaus). Emily MagPie, Galine en Brecht De Moor (Modern Art) zongen backings. Hadewych Van den Eynde speelde klarinet.
“Butcher” en “God Of Small Things” zijn met hun meeslepende en weemoedige vocalen en modern-donkere synthpop (‘herfstig’ noemde ik dat eerder) vintage Uncle Wellington. Ze hadden zo op ‘The Faster…’ kunnen staan en zijn minder experimenteel of broeierig-exotisch dan bv. “Orange Walk”. Vergeleken met die single zijn de twee afscheidssingles zelfs wat braaf of klassiek. De klarinet van Van den Eynde is een mooi extraatje, de backings van Galine, De Moor en MagPie wegen minder zwaar door op het geheel, maar daarom zijn het ook backing vocals.
Hebben we Uncle Wellington te weinig gekoesterd of zijn er andere redenen waarom de band opgedoekt wordt? Het is jammer dat ze stoppen. In het spectrum van Vlaamse bands hadden ze zich in hun eigen knusse niche genesteld met hun jazzy, licht-dromerige en donkere synthpop. Ze zullen gemist worden.

Petosaure

Le Musc

Geschreven door

Petosaure is een veelzijdige Franse componist, zanger en muzikant die het Franse chanson verbindt met elektronische muziek en daar invloeden uit rock en metal aan toevoegt. De man timmert sinds 2016 noest aan de weg. Dit resulteerde in enkele geslaagde meesterwerken. Petosaure bracht nu een nieuwe schijf uit 'Le Musc', waaruit zijn veelzijdigheid nog maar eens blijkt.
Wat de titel van het album betreft citeren we even de biografie: ''De Musc vertelt het verhaal van een man die gelooft dat hij de liefde voor altijd heeft verloren. Hij schrijft gedichten in de lucht, in de hoop dat ze de oren bereiken van degene die van hem hield."
Het theatrale, de emoties, de pijn en de vertwijfeling komen al boven bij de eerste song “Mort Sûre”. Hieruit blijkt trouwens al dat Petosaure een artiest is waarop je geen label kunt kleven, gelukkig maar. Streepjes Franse chanson worden verbonden met rock en elektronica alsof dat de normaalste zaak van de wereld is. “Vampyre” is dan weer een song waar de mysterieuze wereld van vampiers uit de doeken wordt gedaan, het doet wat denken aan de figuren uit Bram Stroker's ‘Dracula’, diezelfde sfeer als in die film vinden we in elk geval terug in deze song. En bij voorkeur ook op de volledige EP, stellen we later vast. Die duistere sensualiteit, ook zo eigen aan bovenstaande film, vind je namelijk ook terug bij “Don Quixote “ en “Kielbassah”. Dit door de mysterieuze walmen rondom elk van de songs en een warme stem die je wegvoert naar een fantasiewereld, waar diezelfde mystieke wezens leven en overleven, in de duisternis wel te verstaan. Zonder te slaan, klinkt Petosaure over de gehele lijn dreigend genoeg om je in het angstzweet te doen baden. De hypnotiserende inwerking van zowel de stem als de muziek, doen je gewillig wegdrijven naar zijn bijzonder donkere wereld. Dat is meteen de grote sterkte van deze EP, en dat wordt verder in de verf gezet op de daarop volgende songs: “Kielbassah” en “Les Catacombes”.
De gehele EP 'La Muse' straalt het soort donker en ongrijpbaar uit, dat je letterlijk bij de keel grijpt. Petosaure biedt bovendien een bont allegaartje van muziekstijlen aan, van jazz naar rock over Franse chanson tot elektronische muziek, maar voegt daar vooral iets filmisch tot mysterieus aan toe, waardoor je in donkere gedachten je laat meevoeren naar het kasteel van een grootmeester die pijn, smart en liefde bezingt op een bijzonder emotionele wijze. Dat zorgt ervoor dat deze EP een unieke parel van een schijf is geworden om te koesteren als je houdt van artiesten die buiten de lijntjes kleuren, en vooral is deze EP een must have voor film en muziekliefhebbers die houden van muziek die je fantasie prikkelt. Bij voorkeur ook de fans van Bram Stroker's Dracula zullen zichzelf hier zeker in herkennen.

Dance/Elektro
Le Musc
Petosaure

The Junction (Italy)

Dive

Geschreven door

The Junction is een Italiaanse indierockband die niet aan zijn proefstuk toe is. De band bracht al twee parels van indierockplaten uit. 'Let Me Out' was in 2012 een schot in de roos en met 'Hardcore Summer Hits' drukte de band verder zijn stempel op het indierockgebeuren. Na enkele personeelswissels is het nu tijd voor de derde schijf, 'Dive' waaruit blijkt dat we te maken hebben met een indierockband die op het scherp van de snee staat te soleren en op een zeer energieke wijze tekeer gaat. Hierop stilzitten is onmogelijk.
Vanaf “Die Alright” worden de teugels gevierd en alle registers compleet opengetrokken. Als een wervelwind gaat de band tekeer en de band blijft dat verschroeiende tempo volhouden tot het bittere einde van deze plaat. Met “Dive”, “Try Something New” en “Crazy” haalt The Junction alles uit de kast om ons rockhart sneller te doen slaan. De bijzonder aanstekelijke songs blijven bovendien lekker aan je ribben kleven en zorgen voor meerdere adrenalinestoten. Deze band brengt subtiel echter ook streepjes melancholie in hun songs. Luister maar naar “Bombay Movie”, niet echt een rustpunt maar de melancholische kant van de band komt hier wel bovendrijven, althans in het begin van de songs. Want eens de percussie en gitaarlijnen tot een hoogtepunt worden gedreven, is er geen houden meer aan. De band blijft die energieke paden verder bewandelen op de daarop volgende songs. Luister maar naar een op een verschroeiend snel tempo gebracht “Niki Louder” of “Lost In The Middle East” en prompt ga je over tot omverstampen van heilige huisjes.
The Junction bezorgt je de ene na de andere adrenalinestoot, waardoor je rockhart sneller gaat slaan. Hierop stilzitten is zo goed als onmogelijk. Alle registers worden van begin tot einde compleet opengetrokken. De Italiaanse wervelstorm die opsteekt bij de eerste song op 'Dive' blijft aanhouden tot het einde van deze plaat. Er is weinig plaats om tot rust te komen, en bovendien werkt de energieke aanpak zeer aanstekelijk op je dansspieren. Wat ervoor zorgt dat we alle meubels opzij zetten en stevig headbangend de huiskamer onveilig maken. Dat deze band de daken er op deze wijze zal laten afgaan eens ze een podium betreden, daarover bestaat dankzij deze bijzonder verschroeiende aanpak, dan ook niet de minste twijfel.

Jeroen Swinnen & David Martijn

De Twaalf

Geschreven door

'De Twaalf' is de soundtrack van fictiereeks 'De Twaalf' op Één. De muziek voor deze Soundtrack werd gecomponeerd door Jeroen Swinnen & David Martijn van Goose. De serie is een hedendaagse karakterreeks over een volksjury in een assisenproces. Naast de belichting van de zaak rond de schuld of onschuld van schooldirectrice Frie Palmers, gaat het eigenlijk ook om het proces van de twaalf juryleden zelf. Het zorgt voor een meeslepende benadering van het gegeven assisen en hoe een volksjury tewerk gaat. Maar ook belicht de serie het persoonlijke leven van elk van hen. Dit zorgt ervoor dat dit een heel unieke serie is geworden, en helemaal anders dan een doorsnee advocaten serie.
Om dit ook muzikaal naar voor te brengen, zet het duo Jeroen Swinnen en David Martijn alles in het werk om de spanning op te drijven of de luisteraar te laten mijmeren in stilte. Zoveel emoties verpakt in zoveel korte songs zorgen voor een visuele totaalbeleving die sterk aansluit bij de serie zelf. Of het nu gaat om een onbehagelijk gevoel dat u overvalt bij “Last Words” of eerder een lichtjes dreigende ondertoon bij “A Body In The Water”, telkens sluit de muziek perfect aan bij het thema. Angst, vertwijfeling, verdriet, vreugde en pijnlijke situaties gaan hand in hand en dat wordt muzikaal door het duo perfect gebracht. Eigenlijk is er trouwens niet één song uit deze catalogus die eruit springt, maar is het de volledige verpakking die ons over de streep trekt. Het combineren van al die bovenstaande aspecten loopt als een rode draad verder op de daarop volgende songs als “Everyone Sleeps At Night”, “I Love You Hundred Times More” en “Yours Or Mine”, weer zo een intensief mooi huzarenstukje waarbij dit duo jouw innerlijke emoties op een warme en intieme wijze bespeelt.
In een duurtijd van circa achtenveertig minuten slagen Jeroen Swinnen en David Martijn erin de essentie van de serie uit de doeken te doen en de muziek zodanig tastbaar te doen klinken alsof je zelf in die verhalenlijn terecht bent gekomen. Beluister deze schijf dan ook het best in zijn geheel, want elk puzzelstukje sluit perfect aan op het volgende. Elke schakel binnen deze schijf is even belangrijk. Om een magisch mooi geheel te vormen waardoor beeld en klank zodanig perfect met elkaar worden verbonden, dat de songs niet alleen op het scherm tot leven komen maar ook in uw hoofd als je de ogen sluit en je bewust laat meedrijven in de kleurrijke wereld, boordevol uiteenlopende emoties, die dit duo je aanbiedt op deze wonderbaarlijke mooie soundtrack.

Spoil Engine

Renaissance Noire

Geschreven door

Wij Belgen mogen terecht trots zijn op wat ons land te bieden heeft op vlak van metal in al zijn geuren en kleuren. Neem nu Spoil Engine, dat al sinds 2004 stevig aan de weg timmert, en met succes ondanks veel personeelwissels. Het zag er even naar uit dat de band zou ophouden te bestaan, tot zangeres Iris Goessens de vocalen voor haar rekening nam en er plotsklaps een andere wind waait doorheen Spoil Engine.  Met als gevolg live-optredens die we niet snel zullen vergeten surplus die ongelofelijk knappe schijf 'Stormsleeper' die in 2017 overal zeer goed werd ontvangen, ook bij ons. Tijd om daar een vervolg aan te breien in de vorm van 'Renaissance Noire', moet Spoil Engine  hebben gedacht. Dit is dan ook een schijf waarop de band begane wegen verder uitstippelt.
Vanaf “Riot” valt al de gevarieerde aanpak op, zowel vocaal als instrumentaal. Iris kan al haar vocale capaciteiten meer dan ooit in de strijd gooien op deze plaat, en dat zijn er heel wat. Cleane vocalen, verpulverend uithalen, screams die door merg en been gaan. Ze kan het allemaal aan. Geruggesteund door muzikanten die van wanten weten, en zowel melodieus als verschroeiend hard uithalen, wordt er over de gehele lijn niets aan het toeval overgelaten. Luister maar naar een song als “Venom” en voel de koude rillingen over je rug lopen, om daarna in een razend tempo uit het niets een mokerslag in je gezicht te verwerken krijgen, waardoor je prompt murw geslagen in de touwen hangt. Bij “The Hallow” krijgt Iris Goessens vocale ondersteuning van niemand anders dan Jeff Walker van Carcass. Niet dat ze die ondersteuning echt nodig heeft, want ze kan gerust op haar eentje haar mannetje staan, dat bewees ze meermaals zowel vocaal als wat uitstraling betreft. Laat het echter duidelijk zijn, de instrumentale aankleding sluit perfect aan op de stem van Iris. Daardoor staat de jongedame niet nodeloos te brullen in de woestijn, de riffs en de drumsalvo klievan dan ook als een botte bijl in ons vege lijf.
Wie hield van de aanpak op ‘Stormsleeper’ zal in deze 'Renaissance Noire' eveneens zijn gading vinden, stellen we vast. Maar vooral horen we, na dit al een paar keer live te hebben vastgesteld, ook op plaat een band die klaar is om de wereld compleet te veroveren. En dat is niet enkel de verdienste van een top frontvrouw als Iris. Maar dankzij een band waarbinnen iedereen op verschroeiende wijze de lat hoog legt en blijft leggen. Topplaat van een band die al ruimschoots 15 jaar evolueert en blijft evolueren in zijn kunnen.

Orange Black

It's Electric

Geschreven door

'It's Electric', het debuut van de Belgische indieslackerpopformatie Orange Black werd medio 1997 op de markt gebracht en bleek toen een mijlpaal. In oktober dit jaar kwam de schijf opnieuw op de markt in vorm van vinyl via dear.deer.records. Of deze plaat na circa twintig jaar nog steeds even baanbrekend klinkt? Dat was de centrale vraag die we ons stelden.
Nu het antwoord komt als een vuurbal in je gezicht terecht door middel van het bijzonder energieke “Alaska”. Een mokerslag die blijft aanhouden over de gehele plaat zo zal later blijken. Want inderdaad klinken songs als “Lesbian Girls”, “Summer Quest For Summer Rest”  en “Rio” vandaag nog verre van gedateerd. Integendeel, de energie die uit de boxen spat, telkens opnieuw en opnieuw bezorgen ons opvallende boosts en adrenalinestoten. Ook bij op een eerder ingetogen en intiem openende song  als “Ship Ahead” is dat het geval. Een song die telkens openbarst in een verschroeiende etterbuil die je hersenpan tot moes slaat. De band blijft binnen die song tempo's afwisselen tot in het oneindige. Dit is een song die eigenlijk verbindt waar het echt om draait bij Orange Black.
Dat voortdurende schipperen tussen zachtmoedig de snaar raken en de duivels ontbinden tot er een aardverschuiving plaats heeft in je ziel, keert over de hele lijn terug op deze 'It's Electric' . Het bewijst nog maar eens hoe grensverleggend Orange Black twintig jaar geleden was en hoe ze dat na al die jaren nog steeds zijn. Een debuut waarmee de band bewijst niet te moeten onderdoen voor grote acts in het genre. Ook het aanbieden van enorm veel diversiteiten in muziekstijlen is een extra pluspunt dat ons toen over de streep trok en nog steeds uit de doeken wordt gedaan. En dat is de lijn die trouwens verder wordt doorgetrokken tot het einde van deze knappe plaat  met het verschroeiende mooie “Skip Stem 1”.
In de interviews liet Dieter Sermeurs al weten dat er geen Orange Black 2.0 komt, er zou ook maar één optreden doorgaan in Het Bos. Het zijn er al enkele meer geworden ondertussen. In stilte hopen we dat Orange Black alsnog van idee verandert. Want dit is geen nostalgietrip naar die jaren '90. Deze heruitgave van een sprankelend en grensverleggend debuut smaakt gewoon naar meer. 'It's Electric' was dus niet alleen in 1997 een mijlpaal van een plaat, het is dat vandaag nog steeds.

Soja Triani

Nouvelles

Geschreven door

Tom Beaudouin (ook lid van het post rock/elektronische concept Fragments)  en Amauy Sauve (drummer en geluidsman in de hardcore en metal scene) vormen samen het Franse indiepopduo Soja Triani. De heren zijn niet aan hun proefstuk toe en kunnen een hele bagage aan ervaring voorleggen. Via het label La Souterraine bracht Soja Triani zopas zijn debuut uit: 'Nouvelles'. Een aanstekelijk indiepopschijfje dat aan je ribben blijft kleven.
Flirtende met Franse chanson, komt “Le Futur” op een gezapige wijze binnen en prompt zing je de Franse teksten uit volle borst mee. Die hoge toegankelijkheid zorgt gelukkig voor geen al te kleffe atmosfeer. Gedrenkt in een vat boordevol experimentele elektronica verrast dit duo ons regelmatig met soundscapes die uit het niets opdagen. Met “L'Alpiniste”, “Rêve d'Ecuyer” en “Grand Voyage” zet Soja Triani dat meermaals in de verf. Geluidsmuren afbreken is er dus niet bij, maar de band raakt ook een beetje een rocksnaar binnen het Franse popgebeuren. Waardoor een zeer ruim publiek aan elektronische rock en pop muziek, over de streep kan getrokken worden. Die lijn wordt eigenlijk verder doorgetrokken op de volledige plaat. Het enige minpunt is dat alles diezelfde gezapige gang uitgaat, maar doordat die songs zo lekker aan je ribben blijven kleven bij elke luisterbeurt opnieuw, stoort dit allerminst. De subtiele knipoogjes naar experimenteel gedrag, zijn bovendien een meerwaarde die deze kritische benadering prompt in de vuilnisbak doen belanden.
Met 'Nouvelles' is in elk geval een nieuwe ster geboren, die pop en rock verbindt met Franse chanson waardoor een ruim publiek aan liefhebbers van Franse muziek in zijn brede omkadering over de streep zal moeten worden getrokken. Soja Triani bestaat duidelijk uit een duo dat goed weet waar ze mee bezig zijn, een ambitieus duo ook die hun stempel willen drukken op de indie pop en dat in de toekomst zeker zullen doen. Een duo om in het oog te houden dus, naar de toekomst toe.

Lumen Drones

Umbra

Geschreven door

Lumen Drones is het experimentele jazzproject rond Nils Økland: Hardanger-fiddle en -viool. Samen met gitarist Per Steinar Lie (gitaar) en Ørjan Haaland (drum) verlegde hij in 2015 al grenzen met zijn titelloos debuut. Vooral die Hardangerviool is een historisch instrument, dat voor Nils een speciale plaats bekleedt binnen dat experimentele project. De tweede schijf kwam op de markt , 'Umbra'. Waar deze stelling nog meer in de verf wordt gezet.
“Inngang” geeft al de toon aan. Je wordt als aanhoorder onder hypnose tot diepe rust gebracht zonder dat Lumen Drones je in slaap wiegt. Net door de hypnotiserende inwerking van die Hardangerviool gecombineerd met twinkelende gitaarlijnen en drumpartijen die eerder aanvoelen als het strelen van een gebroken hart, voel je een gelukzaligheid over jou neerdalen die je wegvoert naar een verloren land. Dit trio is duidelijk op elkaar ingespeeld, ze vinden elkaar dan ook blindelings op songs als “Dronesag”, “Gorrlaus Slatt”, “Umbra” en het prachtige “Avalanche In A Minor”. Nergens valt een speld tussen te krijgen op dit perfect in elkaar gebokste experimentele jazzplaatje. Het lijkt zelfs alsof de heren tijdens de opnames aan het improviseren slaan en dat laatste is zeer opmerkelijk. We vragen ons af welk magisch effect dit moet hebben op enkele podia?
Luister maar naar de perfecte interactie tussen drum en viool bij “Glor” of hoe de gitaarlijnen perfect aansluiten daarop. Gewoon enkele voorbeelden van hoe dit trio ondanks de perfectie, die spontaniteit niet uit het oog verliest. De ontroerende wijze waarop Lumen Drones je in een diepe trance doet belanden, wordt verder gezet op de daarop volgende parels van songs als “Speil”, “Etnir” en afsluiter “Under Djupet”. Er wordt hierbij geen geluidsmuur afgebroken, maar wel telkens een diepe snaar geraakt. Lumen Drones verlegt bovendien  een grens binnen experimentele jazz en tast de mogelijkheden af om diezelfde grens telkens opnieuw te verleggen. Binnen elke song ontdek je, na elke andere luisterbeurt, dan ook weer nieuwe dingen die je voordien nog niet had opgemerkt. Dat dit allemaal puur instrumentaal wordt gebracht, is een extra meerwaarde.
Liefhebbers van die Hardangerviool, maar ook van arrangementen waarin jazzcomponisten grenzen verleggen tot in het oneindige, en ter plaatse improviseren zullen in deze schijf en band zeker hun gading vinden. Wij waren alvast onder de indruk. Daar waar we bij het debuut dachten dat de grens was bereikt, doet de band er gewoon nog een paar scheppen bovenop. En dat laatste is nog het meest opmerkelijke aan dit volledige project. Een meesterwerk binnen experimentele jazz, zonder meer, deze 'Umbra' van Lumen Drones!

Growing Horns

Growing Horns - Kerstfeestje binnen een intensief doom sfeertje

Geschreven door


Het is een traditie aan het worden tijdens de kersperiode. Terwijl veel mensen de gezelligheid opzoeken van een kerstmarkt - nee geen wintermarkt - vertoeven wij rond die periode wel ergens op een doom of ander donkere muziek gericht gebeuren. Dat is anno 2019 niet anders, want tradities zijn er nu eenmaal om in ere te worden gehouden. Op een zachte zaterdagavond 21 december zakken we naar het altijd super gezellige café ELPEE in Deinze waar Growing Horns zijn debuut EP 'The Nobility of Pain' kwam voorstellen en zorgde voor het bordje 'sold Out'. Ze namen een ander doom/sludge klepper mee in hun kielzog: Welcome To Holyland.

Welcome To Holyland (****) groeide dit jaar uit tot één van dé ontdekkingen van het jaar. Reeds in februari werden we met verstomming geslagen toen we de band zagen optreden op het festival Doomsday in Zwevegem. "Wie zich echter gewillig liet meeslepen door dat verdovend klankenbord, vertoefde voor een kleine drie kwartier in een heel andere wereld. Omgeven door zijn eigen demonen, zonder dat je pijn voelt, maar wel een zekere gemoedsrust over jou voelt neerdalen, binnen diezelfde duistere omkadering. Dat alles diezelfde lijn uitgaat, en de band niet echt doet aan bindteksten, stoort daardoor allerminst." schreven we daarover. Ze deden dat kunstje later nog eens over op het festival Stormram.  In ELPEE moest Welcome To Holyland vooral zorgen dat die duisternis zou neerdalen over Deinze zodat Growing Horns de poorten van de Hel gemakkelijk zou kunnen doen openzwaaien. Iets waarin de heren trouwens met brio slagen. De band brengt een quasi instrumentale set, waar vooral 'intensief tot het kwadraat' de rode draad vormt. Hoewel de vaak demonische screams van Wim letterlijk door merg en been gaan, is het dan ook die voortdurende mokerslag in het gezicht die je krijgt, in de vorm van gitaarlijnen die door je vege lijf snijden als een bot mes en drumsalvo's als kanonskogels, dat je uiteindelijk compleet van de kaart doet achterblijven in de hoek van de kamer. Als klap op de vuurpijl sprak Wim zijn publiek deze keer wel iets meer aan, dat zorgt voor een extra pluim op de hoed. Ook al draait het bij Welcome To Holyland dus vooral om de muziek, en hoe je die als aanhoorder letterlijk beleeft.
Besluit: Welcome To Holyland is een doom/sludge band die grenzen verlegt binnen diezelfde intensiviteit zodat je, willen of niet, wordt meegesleurd naar die donkerste zijde van je ziel. Waar het wonderwel fijn vertoeven is. Dit stelden we dus al enkele keren vast in 2019. Dat werd in ELPEE wederom in de dikke zwarte verf gezet.

Growing Horns (****) deed eigenlijk een goede zet door eerst enkele jaren op tournee te gaan, en dan pas een debuut uit te brengen. Daardoor vorm je bewust een zeer sterke fan base die uiteraard aanwezig was op deze EP voorstelling. Geen wonder dat ELPEE op deze zaterdagavond was uitverkocht. We hadden ‘The Nobility of Pain' al onder de loep genomen en stelden vast dat, in tegenstelling tot wat op het podium het geval was, de muzikanten binnen de band op deze EP meer op de voorgrond treden. Vooral de ritmesessie bleek een schot in de roos, want Growing Horns pint zich bewust niet vast op dat doom/sludge gebeuren - waar niets mis mee is uiteraard - maar boort op deze EP ook andere bronnen aan of kleurt buiten de lijntjes. Live merkten we in het verleden dat frontman Dafus Demon die door zijn uitstraling en verschroeiende vocale inbreng de aandacht compleet naar zich toetrekt op dat podium. Onbewust, want de muzikanten krijgen zeker voldoende ruimte om hun ding te doen. Dat was wat we dus ook vaststelden toen we de band zagen optreden op Headbangers Ball Fest 2018 waarover we schreven: ''Gerugsteund door traag opbouwende riffs en drum salvo's zijn het de grimassen in zijn gezicht die tot de verbeelding spreken. Het lijkt wel alsof bij elke song opnieuw duivelse demonen uit zijn lichaam treden om de ziel van iedere aanhoorder over te nemen'' . Ook in ELPEE wringt Dafus zich in alle bochten, en wordt hij crowdsurfend over de gehele lengte van het café tot de buitendeur en terug naar het podium gedragen, en tovert weer die ene demonische grimas op zijn gezicht na de andere. Ook vocaal drijft hij het tempo zodanig op, met waanzin in de ogen, tot ook de aanhoorder onder hypnose is gebracht en nog maar eens zijn eigen demonen in de ogen kijkt.
Wat er dus vooral is veranderd is dat de muzikanten, net als op die EP, veel meer op de voorgrond treden en de ene striemende riff na de andere mokerslag uitdelen, waardoor de Hel pas echt losbarst. Echter, zeer subtiel, merken we vooral dat de band ook live buiten die comfort zone van het doom/sludge metal gebeuren treedt. Om andere donkere bronnen aan te boren. Daar zijn wij niet treurig om, integendeel. Growing Horns slaat na vele jaren deuren open, en spelen concertzalen plat, dus duidelijk een nieuwe bladzijde, die ons doet uitzien naar meer intensieve duisternis van uitzonderlijk hoog niveau in het nieuwe jaar 2020.
Besluit: Elke schakel binnen Growing Horns is namelijk even belangrijk, en dat laatste wordt voortdurend in de zwarte verf gezet.
Kortom, wie houdt van grensverleggende doom metal, waarbij ook buiten de lijntjes daarvan wordt gekleurd, zal in deze 'The Nobility of Pain' zeker zijn gading vinden. Dat is onze eindconclusie over deze EP.
Echter, ook live blijkt dit meer dan ooit de rode - of zwarte - draad te vormen. Meer dan ooit is Growing Horns een band waarbinnen elke schakel dus zowel op als naast het podium even belangrijk is. Maar vooral dat er dus ook live buiten elk lijntje van doom en sludge metal wordt gekleurd, trok ons het meest over de streep op dit bijzonder fijn kerstfeestje in ELPEE binnen een lekker intensieve doom sfeertje die zelfs in het licht van de kerstsfeer bij het buiten gaan, nog steeds aan je ribben kleeft.
Voor zij die er niet konden bij zijn volgen nog enkele herkansingen. Growing Horns zal het evenement 9 jaar ELPEE, dat doorgaat op 24,25 en 26 april 2020, openen.
Meer informatie: https://www.facebook.com/events/391391231783840/ en speelt ook op Alcatraz Metal Fest komende zomer: https://www.alcatraz.be

Pics homepag @Filip Van der Linden

Organisatie: Growing Horns ism ELPEE, Deinze

Puur Puur Puur - Een akoestische wervelstorm in alle kleuren van de regenboog

Geschreven door

Puur Puur Puur - Een akoestische wervelstorm in alle kleuren van de regenboog
Puur, Puur, Puur - akoestische eindejaarshow

Een avond boordevol akoestische muziek uit zowel metal, wereldmuziek als jazz tot blues of aanverwante stijlen, in een omkadering, dat aanvoelde als een gezellige kerkdienst met muziek, drank en de nodige versnaperingen. Het leek een zeer goed idee. Beyond The Labyrinth zou deze avond boordevol diversiteiten - een akoestische wervelstorm in alle kleuren van de regenboog - afsluiten en kreeg o.a. het gezelschap van een andere Belgische sterkhouder binnen de  metal Eternal Breath. Helaas was de opkomst niet zo hoog, maar zij die erbij waren genoten met volle teugen van dit toch zeer unieke concept.

Diezelfde Eternal Breath (****1/2) brengt een wilde mengeling van power en heavy metal. Doorgaans gebouwd rond verschroeiende riffs en drum salvo's en bulderende vocalen die de aarde op zijn grondvesten doen daveren. De heren van Eternal Breath zouden voor het eerst een akoestische set brengen en stonden toch een beetje zenuwachtig op het podium. Er werden amper drie songs gebracht, maar al direct valt nog maar eens op wat voor een topmuzikanten er binnen deze band toch zitten. En vooral, dat is het belangrijkste, voelen elk van hen perfect aan. Dat is bij een akoestische set, waar je geen gebruik kunt maken van technische snufjes, meer dan belangrijk. Zanger Andy Polfliet , zijn bijzonder hoge stembereik , deed dan ook voor het eerst elk haartje op onze armen recht staan.
Kortom: De vuurdoop van Eternal Breath om akoestische power en heavy metal te brengen, werd dus vooral in goede banen geleid door een combinatie tussen professionaliteit en spelplezier, waardoor we ademloos zaten te genieten op het puntje van onze stoel. Missie geslaagd!

Mean Missy and the oldtimers (****) brengt een mengelmoes van jazz, blues en swing. Gerugsteund door de akoestische inbreng van Geert en Wilfried van Beyond the Labyrinth, gooit een bevallige zangeres haar aanstekelijke stem in de strijd om de temperatuur tot een kookpunt te doen stijgen. Die swingende aanpak werkt op de dansspieren Wij konden zeker niet blijven stil zitten op onze stoel. Mean Missy - ofwel Manon De Schepper - beschikt trouwens over een soort diva uitstraling dat ons terugbrengt naar die wilde jaren '40 tot '50. Zowel bij de hoge tonen als de ingetogen momenten geraak je dan ook prompt in vervoering door deze bijzonder getalenteerde zangeres, die swing en blues zodanig perfect verbindt dat het lijkt alsof diezelfde jaren '50 zijn teruggekeerd, met alle swingende elementen zo eigen aan die tijd daarbovenop. Meermaals deed het ons denken aan actrices als Marlene Dietrich of Audrey Hebpurn die door hun gracieuze en sensuele uitstraling menig mannenhart sneller deden slaan.
In elk geval sprak Mean Missy zowel door haar stem en uitstraling tot onze verbeelding, en liet een diepe indruk na die we niet snel zullen vergeten.

De muziek van Sproqueville Ramblers (****1/2) wordt omschreven als '’Raw, rural, hard-core, no-nonsense Cajun Music’. Een muziekstijl waar blues elementen worden verbonden met folklore. In sommige gevallen is dat ook met inbreng van viool.  Dit bijzonder veelzijdig trio, maakt echter gebruik van traditionele instrumenten als banjo, accordeon, washboard en harmonica om JC Castelhof onder te dompelen in een gezellig kampvuur atmosfeer. Net zoals tijdens lange zomeravonden rond dat kampvuur gezeten , daalt dan ook een intense warmte over je heen. Bovendien brengt elk van hen een al even gevarieerde vocale inbreng, waardoor je van de ene aangename verrassing in de andere terecht komt. En je je bijgevolg geen seconde verveelt. Elk van hen straalt bovendien tonnen spelplezier uit, en ze vullen elkaar bovendien perfect aan , zowel vocaal als instrumentaal, waardoor nergens een speld valt tussen te krijgen.
Kortom Sproqueville Ramblers hun stijl past perfect binnen dit warmhartig concept, waar iedereen gezeten rond dat kampvuur met volle teugen zit te genieten. Lekkere aanstekelijke zigeuners muziek - als je dat zo kunt noemen - opzwepende klanken en zoveel diversiteit in klank en beeld, deden ons dan ook van begin tot einde naar adem happen. En vooral zitten genieten op het puntje van onze stoel.

Tijd voor een potje dub roots reggae, met dank aan het veelkleurige gezelschap SISTA MIKA (****) . Als een pionier van reggae in België is SISTA MIKA een van de weinige vrouwelijke vertegenwoordigers van dubreggae in België. Met haar begeleidingsband zorgt ze ervoor dat Castelhof wordt ondergedompeld in een soort wereldmuziek atmosfeer, omgeven door elke kleur van de regenboog. Door een bijzonder aanstekelijke mengelmoes van opzwepende klanken en percussie met twee vocalisten die zowel wat stembereik als uitstraling de zon deed schijnen in ons hart, kon je op deze muziek onmogelijk stil zitten op je stoel. In normale omstandigheden gaat dat dak er dan ook prompt af. Wij, en elke aanwezige, genoot iets meer ingetogen, maar toch met volle teugen van zoveel zuiders temperament met een duidelijke Franse inbreng. SISTA MIKA gooide dan ook alles in de strijd om van dit kerstfeestje een uitbundig en temperamentvol dans feest te maken en slaagde er in mondjesmaat toch in wat beweging te krijgen in het zittende publiek. Daarvoor krijgt de band prompt een pluim meer op zijn hoed.

We hebben het al meermaals vermeld maar door Filip Lemmens binnen te halen heeft Beyond The Labyrinth (*****) niet alleen de perfecte vocalist gevonden, die als gegoten past binnen dat concept. De man kan wat stembereik betreft werkelijke alles aan en straalt bovendien tonnen charisma uit, van zelden hoog niveau. Of dat ook akoestisch zou lukken, vroegen we ons af? Vanaf de eerste song was al vrij duidelijk dat Filip zijn stem ook met een akoestische inbreng je hetzelfde kippenvel bezorgt zoals ooit een zanger als Ronnie James Dio dat ooit deed op een zomeravond op Graspop. Een overdreven vergelijking wellicht, maar beter dan dit kunnen we niet uitdrukken wat door ons lijf heen ging bij de manier waarop Filip al die songs naar voor bracht. Niet eenmaal , maar een hele set lang stonden de haren op onze armen recht van puur innerlijk genot. Je zou haast vergeten dat er nog andere topmuzikanten op dat podium staan, wiens backing vocale inbreng minstens even belangrijk is.
Ook akoestisch worden we bij de keel gegrepen door die bijzonder aanstekelijke keyboard klanken, krijgen we de krop in de keel als de bas en gitaarlijnen elkaar kruisen, en zorgen die bovendien voor een magie die ons doet kwijlen van genot. Bovendien is er die lekker akoestische drum inbreng, als ultieme kers op de taart om ons naar hogere oorden door te verwijzen zonder gebruik te maken van geestenverruimende middelen.
Besluit: Beyond The Labyrinth is meer dan ooit een gestroomlijnde en goed geoliede machine, dat heeft de band dit jaar weer bewezen.  En dat bewijst de band dus ook akoestisch door nog maar eens ons rock hart diep te ontroeren. Elke song opnieuw, maar vooral dat ene indrukwekkende moment bij “Carry On” deed ons een traan wegpinken, terwijl we de tekst zachtjes meebrullen.
Wellicht zijn alle superlatieven voor sommige wat overdreven, maar we kunnen niet anders uitdrukken hoe diep onder de indruk we weer eens waren van een band die na al die jaren nog steeds teveel wordt onderschat, want beter dan dit vind je nauwelijks binnen de symfonische rock en metal muziek. Ook akoestisch werd dat op alle instrumentale en vocale vlakken nog maar eens fijn in de verf gezet.

Organisatie: Puur Puur Puur

Pagina 290 van 964