logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
The Wolf Banes ...

Trixie Whitley

Trixie Whitley - Een makkelijke thuisoverwinning voor Trixie

Geschreven door

Soms hoor je een stem die je onmiddellijk in een houdgreep neemt. Je verweren is zinloos, het enige wat je kan doen, is ademloos luisteren. Zo'n klankbord heeft de Belgisch-Amerikaanse Trixie Whitley, dochter van de veel te jong overleden singer-songwriter Chris Whitley. Haar muzikale genen benutte ze al op jonge leeftijd, zo stond ze als vierjarige kleuter al aan vaders zijde op het podium in de Gentse Vooruit, op haar tiende begon ze te drummen, en enkele jaren later tourde ze de wereld rond als frontvrouw van de superband Black Dub (met andere zwaargewichten als Daniel Lanois, Brian Blade en Daryl Johnson).

Haar solodebuut kon niet uitblijven, en in 2013 verbaasde ze met het indrukwekkende ‘Fourth Corner’. In muzikaal opzicht kiest de in Gent opgegroeide maar tegenwoordig vanuit New York opererende zangeres voor een eigenwijze mix van soul, triphop, en uiterst ingetogen songs. Het donkere blues-randje heeft ze duidelijk van haar vader geërfd. Haar grote zangkwaliteiten staan buiten kijf, en live maakt ze veel indruk. Toch polariseert haar stem: sommigen ergeren zich mateloos aan haar vocale manierismen, waarbij ze tijdens sobere nummers de toonladder op en af klimt om aan de buitenwereld te tonen dat ze weldegelijk een geweldig stembereik heeft.
Zo start het concert ook: de intro voelt aan als een soort stemtraining, maar het daaropvolgende “Heartbeat” zet meteen de toon voor de rest van het concert: Rechttoe rechtaan zingt ze “You ain’t got no thing on me”, een stevige synth-bas en een beest van een drummer staan haar bij. Met “Long Time Coming” en het energieke “May Cannan” volgen de twee singles vanop haar derde worp ‘Lacuna’. De afgelopen jaren was het wat stil rond haar, maar Trixie is ‘back in town’, en we zullen het geweten hebben. Ze neemt wat meer afstand van de rootsmuziek en flirt nog openlijker met zwoele soul,  maar dit vol en opwindend geluid op haar nieuwe plaat slaat echt aan.
Haar beweeglijke lange benen en armen bepalen het strakke ritme, een ook “Touch” palmt het publiek makkelijk in. De gitaren hebben plaats geruimd voor hypnotiserende beats, waarbij de ondertussen 32-jarige Trixie de grenzen van een aantal genres verkent en aftast. De moeder van een vierjarig dochtertje voelt zich op haar gemak in de Vooruit, en bij een thuismatch als deze mogen de schoenen dan ook uit na een aantal liedjes. Op het sobere, ingetogen “Fishing for Stars” raakt ze ons met fraai akoestisch gitaarspel, ze vertelt ook over haar drang om haar creaties te delen sinds het moederschap, en het dubbel gevoel van thuiskomen in Gent en tegelijk haar kind missen in de Verenigde Staten.
De band brengt iets unieks, de duistere sound kruipt onder de huid, bedwelmt je. “Soft Spoken Words” vanop ‘Porta Bohemica’ vormt een eerste hoogtepunt, meteen daarna weet het drietal dit moment zo mogelijk zelfs te overtreffen met een prachtige versie van “Breathe You in My Dreams”. Trixie loopt doorheen het publiek, tot bij de public address. “Are you receiving it?”, gilt ze? Het zal wel zijn! “Merci, gasten! Gent is mijn geboortestad, en ‘k heb d’r een dikke vette “r” aan overgehouden”, grapt ze nog. Daarna verdwijnt ze even in de coulissen, en steekt haar arm uit het gordijn om het publiek te laten beslissen: “Wilde of wilde nie?”.  
Natuurlijk willen we meer. Trixie is duidelijk in haar sas, te midden “Oh, the Joy” krijgt ze de zaal voor een volle minuut muisstil, vol kippenvel snakken we naar het vervolg. Op het laatste bisnummer drumt ze er zelf op los en trakteert ze ons op een uptempo elektronisch einde. Haar stem, haar sound, haar overgave, ik geef me gewonnen. Hupsakee, weer een thuismatch winnend afgesloten, en weer een schare nieuwe fans erbij. Proficiat Trixie!.

Neem gerust een kijkje naar de pics van de set in De Casino, Sint-Niklaas op 3 december 2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/trixie-whitley-03-12-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/juicy-03-12-2019.html

Organisatie: Democrazy, Gent

blackwave.

blackwave. - De droom gaat verder

Geschreven door

Na een grandioze set op het hoofdpodium van Pukkelpop keert het Antwerpse rappersduo blackwave. terug naar de Ancienne Belgique. En ja, ook dit keer is die tot in de nok gevuld. Will & Jay presenteren er hun debuutalbum dat enkele weken geleden uitkwam: ‘ARE WE STILL DREAMING?’.

Wanneer blackwave. een avond in de AB boekt, dompelen ze de muziektempel volledig onder in hun sfeer. Een arcademachine in de hal en een voorprogramma dat in hun stijl past. Cantrell, de rapper uit de Verenigde Staten, heeft geen enkele link met de gelijknamige paddenstoelen - behalve dan dat hij zelf aangeeft klein van gestalte te zijn en een rode muts draagt. De songs die hij en zijn MC brengen zijn loungy, jazzy en hebben een verhaal. ‘We bounce back. To haters we say: fuck off!’ Zijn stem is er een die graag rapt, maar hij kan ook prachtig zingen. Met zijn subtiele beats en energieke podiumpresence pakte hij het blackwave. publiek helemaal in.

Met het grote gordijn begon blackwave. aan hun show. Dat ging langzaam open op een trage intro. Achter het gordijn zat een zeskoppige band verscholen. Zij zetten het eerste lied in en “Arp299” is meteen een knaller van formaat. Jammer genoeg zakt die energie een beetje met het rustige “Realize Now”. Het Antwerps rappersduo wil absoluut laten horen dat ze even sterk zijn in loungy, jazzy vibes als in hiphop. Toch heeft het publiek er niet veel oor naar. Even later is het geroezemoes ook tijdens “In the Middle” een teken aan de wand. blackwave. moet versnellen en dat doen ze met “GoodEnough” en “Listen To The Kids”.
Will en Jay hebben jaren geoefend om op Pukkelpop een perfecte set neer te zetten. Voor hun show in de AB hadden ze die luxe niet. We merken dan ook wat zenuwen op. De twee hebben amper interactie en een klein detail: hun kleren zijn niet langer afgestemd op elkaar. Van nature zijn het ieder op zichzelf wel nog steeds goeie performers, wat de kleine details snel doet vergeten.
blackwave. beloofde ons eerder deze maand dat hun albumvoorstelling meer om de muziek zou draaien en minder om de show. De productie is met een bewegende lampenopstelling dan ook niet meer dan dat. En de band staat inderdaad op een verhoogd podium. Ze krijgen de ruimte om hun individuele skills te laten horen. Naast een gitaar, bas, piano, drummer en blazersduo zijn ook de stemmen van de band een meerwaarde. Will en Jay klinken namelijk niet zo fris als anders wanneer ze samen proberen te zingen. Op “Smoke Out/True Colors” komt Wills stem er wel mooi door dankzij zijn achterban. Het einde van dit lied wordt plots heel persoonlijk, net zoals de rest van het debuutalbum.
blackwave. blijkt na een moeilijke start zijn tweede adem gevonden te hebben. Will kondigt “SWISH” aan als ‘iet anders’. Het duo heeft inderdaad iets anders geprobeerd op deze song: drum ’n’ bass gemixt met jazz en hiphop. Heel de AB bouncet mee. De solo’s van piano en drums geven het geheel een extraatje. “The Antidote” draait dan weer 180 graden richting funk. Met “In the Middle” lukte het Blackwave. niet om de zaal stil te krijgen; herkansing “Lava”, met een in het donker gehuld podium, slaagt er wel in. Na die rustpauze nodigen de rappers Caleborate uit voor “Flow”, een sterkhouder in hun liveshows die ze niet konden missen in de tweede keer AB. Ook “Whasgood” en “BIG Dreams”, die niet op het album staan, worden erbij gesleurd en voor de sfeer is dit een schot in de roos. “Up There” moet voor velen het hoogtepunt zijn, want dan duiken gastrappers K1D, voorprogramma Cantrell en Caleborate samen met Will en Jay het publiek in.

Afsluiten doet blackwave. in een tweede bisronde met “Elusive”, zonder David Ngyah. Waar hij is weten we niet, maar het publiek kan het niet veel deren. Zij zingen even luid als anders mee met het refrein.
Na een uitgebreid dankwoord voelt deze show ietwat vreemd aan. De afwerking ontbrak her en der, waardoor we soms zelfs wilden teruggrijpen naar die vette set van vorig jaar. Of het aan de kleren lag, het mindere showgehalte of de wisselende setlist of een combinatie van dat alles, laten we in het midden. We hadden gewoon iets meer verwacht van de debuutplaatshow van blackwave. Afgezien van die details was het natuurlijk, zoals altijd, een geslaagd feestje.

Setlist: Art299 - Realize Now - GoodEnough - Listen To The Kids - In the Middle - Smoke Out/True Colors – SWISH - The Antidote - Lava - Ay Ay - Flow (Caleborate) - Up There (Cantrell, Caleborate, K1D) - Whasgood - Figure - BIG Dreams - Elusive

Dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics (@Dieter Boone)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/blackwave-04-12-2019.html

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Growing Horns

The Nobility of Pain

Geschreven door

Het is feitelijk wel slim bekeken: eerst enkele jaren de clubs en dergelijke afschuimen om op menig podia je kunnen te tonen aan een ruim publiek. En daardoor een stempel drukken op het doom/sludgemetalgebeuren. Om daarna pas een album op de markt te brengen. Dat is net wat Growing Horns heeft gedaan. De band timmert namelijk al sinds 2015 aan de weg en vond nu dus ook zijn weg naar de studio. Het resulteert in een schijf die perfectie uitstraalt, vooral wat de productie betreft. En dat is de verdienste van de band zelf, maar dus ook van Jonas Nyaar die in zijn GAM studio de sound heeft geperfectioneerd.
“We’re All Made Of Scars” is geen gewoon doommetalsong. Hier worden al grenzen verlegd binnen doom  en sludge waardoor diezelfde grenzen vervagen. Dat is de verdienste van een griezelige en bijzonder koud aanvoelende vocale inbreng. Maar vooral van een gevarieerde instrumentale aankleding. De muzikanten van dienst kleuren namelijk buiten de lijntjes van de doorgaans trage en lome doom metal en durven al eens zorgen voor enige tempowisseling binnen die songs. We waarderen dit enorm want het zorgt ervoor dat Growing Horns toch een vrij unieke parel kan genoemd worden in dat grote bos van doommetalbands. Uiteraard zijn er die typische riffs en traag opborrelende sound, en vocale inbreng die aanvoelt alsof donkere walmen je de adem benemen. Luister maar naar “Mountains Of Pain” of “Butcher ’s Blues”, één voor één unieke pareltjes van pure duisternis.
Het zwarte doomtapijt wordt verder uitgespreid binnen een omkadering die je koude rillingen zal bezorgen en uiteindelijk tot waanzin drijft. Telkens wordt de perfectie niet benaderd, maar overschreden. Ook na meerdere luisterbeurten kun je er gewoon geen speld tussen krijgen. En dat is niet enkel de verdienste van Dafus Demon die met zijn bijzondere stem de haren op je armen doet rechtkomen van pure angst. Meerdere keren waren we onder de indruk van de ritmesectie binnen de band: drummer Simon Vandoom en bassist Wim Vekemans die duidelijk durven buiten de comfortzone van doommetal treden, door zich niet voortdurend vast te pinnen op die typische trage aanpak. Er mag al eens wat meer schwung inzitten en daar zorgen beide met brio voor. Didier Cottenis’ verschroeiende gitaarriffs zijn de extra kers op de donkere taart die je dus uiteindelijk tot voornoemde waanzin drijft. Luister maar naar afsluiter “2084”. Waar al die voornoemde superlatieven nog maar eens uit de doeken worden gedaan, binnen telkens die bijzonder intensieve omkadering die we live ook al merkten bij deze band.
Ik geef toe, toen we Growing Horns live zagen was het die tot de verbeelding sprekende act van Dafus, die door middel van grimassen en demonische bewegingen je achterliet met angstzweet op de lippen, wat het meest in het oog sprong. Op plaat blijkt het echter vooral een samensmelting van muzikanten die elkaar perfect vinden binnen dat donker badje van intensieve doom, waarbij dus ook op avontuur wordt getrokken naar andere donkere muziekstijlen, wat het meest opvalt. Met dank aan de voornoemde ritmesectie van de band. Maar vooral is het de kruisbestuiving tussen elk van hen dat ons over de streep trekt. Elke schakel binnen Growing Horns is namelijk even belangrijk en dat laatste wordt voortdurend in de zwarte verf gezet.
Kortom. Wie houdt van grensverleggende doommetal, waarbij ook buiten de lijntjes daarvan wordt gekleurd, zal in deze 'The Nobility Of Pain' zeker zijn gading vinden.

Monochromie

Beyond Frontiers

Geschreven door

Monochromie is het project rond de in Frankrijk verblijvende visuele artiest Wilson Trouvé. De man is niet aan zijn proefstuk toe. Hij levert sinds 2012 meesterwerken af binnen filmische ambient, postrock en experimentele elektronische muziek. Met zijn nieuwste schijf 'Beyond Frontiers' bewandelt Monochromie verder die heel visueel aanvoelende wegen. Deze muziek prikkelt dan ook alle zintuigen. Op een uiterst intensieve tot intieme wijze worden toch geluidsmuren afgebroken. Van zijn schijf ‘Enlighten Yourself While You Sleep' (2013) verschenen opvallend veel positieve recensies. Met zijn nieuwste parel verlegt Monochromie wederom nieuwe grenzen.
De schijf start met een klepper van meer dan twaalf minuten: “Permafrost”. Het lijkt wel alsof Monochromie je bewust onder hypnose brengt en meetrekt naar je diepste innerlijke onderbewustzijn. Eens daar aanbeland bespeelt Wilson je emoties op een intense wijze waardoor inderdaad die stilte eerder klinkt als een oorverdovende mokerslag die je prompt omverblaast. Luister maar naar parels als “Solstice (part 1 &2)” en “High Hopes”. Eén voor één langgerekte songs die zodanig meesterlijk in elkaar steken dat je in een diepe trance terechtkomt die je tot rust brengt maar dus ook aanvoelt alsof je trommelvliezen gaan barsten. En dat is toch zeer opmerkelijk. De experimentele tongval, die telkens terugkeert, voelt zeer visueel aan. Zoals we aangaven, alle zintuigen worden daardoor geprikkeld. Van je ogen - want met de ogen gesloten doet deze muziek een sprookjesachtige wereld opengaan - tot de oren die tuiten en het hart dat sneller slaat, wordt ook het innerlijke gevoel van welbehagen aangesproken. Monochromie maakt het zijn publiek niet gemakkelijk. Je moet je echt laten meedrijven op die verdovende tot oorverdovende klanken om het concept echt te begrijpen. Maar eens gegrepen door de ambient, gedrenkt in voldoende experimentele postrock, is er geen terugweg meer mogelijk. Luister maar naar de daarop volgende parels als “Diphda”, “A Peaceful Place” en “The Last Journey' en voel vooral hoe je wegglijdt, ver weg van de harde realiteit van het leven naar een wereld die je jezelf voor de geest moet halen. De schijf eindigt met weer zo een twaalf minuten lange trip, in de vorm van “Burning Landscapes”, waar alle voordien ingenomen stellingen nog eens op een hoopje worden gegooid.
Het meest verbluffende aan 'Beyond Frontiers' is inderdaad dat deze schijf zo goed in elkaar zit dat uw fantasie wordt geprikkeld  binnen een omkadering die het midden houdt tussen verdovend je tot rust brengen. Maar, telkens zeer subtiel, eveneens zodanig verschroeiend hard klinkt dat de aarde onder je voeten wegzakt. En dat is toch zeer uitzonderlijk, het geeft tevens aan hoe filmisch en visueel deze plaat wel klinkt. Zeker geen gemakkelijk brokje vleest biedt Monochromie je aan. Maar eens je deze trip ondergaat, gaat dus een heel bijzondere wereld voor je open. Waardoor je , willen of niet, letterlijk vertoeft in diezelfde wereld die je je voor de geest haalt.

Elektro/Dance
Beyond Frontiers
Monochromie
 

G A B B R O (Belgium)

Granular

Geschreven door

De mooiste en meest indrukwekkende in het leven komen meestal totaal onverwacht. Zo gingen we op een vrije zondagavond in december een kijkje nemen in AB Salon en werden omvergeblazen door twee acts die grenzen verleggen binnen improviseren met jazz en stijlvarianten, waar wij dachten dat er geen grenzen meer waren. G A B B R O + Rodrigo Amado & Farida Amadou deden stilte zodanig oorverdovend klinken, dat niet alleen trommelvliezen barsten maar ook harten werden geraakt.
Het volledig verslag van deze bijzondere avond kunt u hier nog eens nalezen. http://www.musiczine.net/nl/festivalreviews/item/76729-oorstof-2019-g-a-b-b-r-o-rodrigo-amado-farida-amadou-het-licht-aan-het-einde-van-de-tunnel-eens-de-chaos-in-je-hoofd-is-doorprikt.html .

We konden ook de nieuwste LP 'Granular' op de kop tikken, en maakten nog maar eens hetzelfde mee.
G A B B R O, Hanne De Backer’s baritonsaxproject, hanteerde een relatief eenvoudig duoconcept voor haar titelloze debuutalbum. Met 'Granular' is ook Marc De Maeseneer (baritone saxofoon) opnieuw van de partij, maar het duo krijgt nu gezelschap van experimenteel bassist Raphael Malfliet en de al even opvallende vocaliste Agnes Hvizdalek. We citeren even uit de biografie ''Granular combineert studio-opnames met opnames van het Summer Bummer Festival in 2018, en zet in op fragmentering, aandacht voor detail en een spel van klank en ruimte dat de luisteraar best ondergaat zonder verwachtingen. Het resultaat is immers een opvallend originele inkijk in een universum vol ongewone technieken, met opnieuw een evenwicht van het persoonlijke en een radicale openheid, waardoor de korrels uit de titel uitgroeien tot een breed, organisch geheel.'' De schijf bestaat uit zeven songs die elkaar perfect opvolgen, waardoor je deze schijf in zijn geheel moet beluisteren en bekijken.
De titels vullen deze stelling aan, namelijk de dagen van de week. Want net als in een week gaat alles in laagjes van gejaagdheid tot even tot rust komen, nieuwe energie opdoen en de volgende dag er weer met volle goesting tegenaan gaan. G A B B R O verstaat de unieke kunst om dat in filmische laagjes te doen die dus op elkaar volgen alsof dat logisch is, binnen een eerder onlogische omkadering. Hoever kan men gaan in experimenteren vroegen we ons af. Volgens deze band zeer ver. Bevreemdend aanvoelende saxofoon klanken worden overgoten met bas tonen die aanvoelen als mokerslagen. Later spat alles open in een oorverdovende bubbel die de trommelvliezen doen barsten. Het is pas bij de vocale inbreng dat de rust min of meer wederkeert. Maar niet voor lang, want daar komt weer een nieuwe onwaarschijnlijke kronkel aan die je als aanhoorder moeilijk kunt thuisbrengen. Maar net dat is het indrukwekkende aan deze band en plaat, het niet kunnen labelen van hun muziek en dat oneindige improviseren en experimenteren tot je er ofwel horendol van wordt ofwel binnen die chaos enige structuur ziet verschijnen die je eerder tot gemoedsrust brengt. Zelfs bij de snerpende, oorverdovende momenten is dat het geval.
Het geselen van de instrumenten en daar klanken proberen uithalen die niet logisch lijken is een andere rode draad op de schijf. Maar ook daar verlegt de band een grens, en brengt de aanhoorder in een diepe trance waaruit hij of zij totaal niet kan ontsnappen. Na zondag (“Sunday”) zijn we dan ook zodanig uit onze lood geslagen dat we behoefte hebben aan een beetje rust in ons hoofd. Wederom vergelijkbaar met een vaak hectische werkweek waar het telkens weer uitzien is naar het weekend. Toevallig is deze song de meest zachte van de zeven. Ook zo een toevallige samenloop van omstandigheden? We denken van niet.
G A B B R O slaagt erin door in opwellende en golvende bewegingen, veel emoties bij een mens los te maken. Gaande van je gemoed tot rust brengen, angst aanjagen, je tot waanzin drijven en uiteindelijk ervoor zorgen dat je de zon ziet schijnen aan  het einde van een donkere tunnel zijn een ware rode draad op deze schijf. Maar dan gebracht in een mengelmoes van chaotische puzzelstukken, die op het einde uiteindelijk perfect in elkaar blijken te passen. Stilte heeft nog nooit zo oorverdovend mooi geklonken als bij G A B B R O, eens je laat meevoeren door het filmische en spookachtige wereldje dat de band je aanbiedt op deze bijzonder tot de verbeelding sprekende schijf boordevol improvisaties tot in het oneindige.

Hamelin

Hamelin (EP)

Geschreven door

Casper De Decker, Jason Bond, Jesse Massant en Jan Dries vormen samen de blackened atmosferische metalband Hamelin. Elk van de bandleden heeft reeds veel metalwatertjes doorzwommen bij succesvolle bands. Die donkere ervaring slepen ze dan ook mee binnen dit nieuwe project. Het resulteert in de debuut EP 'S/T' die, gezien de lengte van de songs, eigenlijk eerder aanvoelt als een full album.
Die atmosferische aankleding is de rode draad doorheen elk van de bijzonder intensieve songs. “Below The Waves” - een klepper van meer dan zeven minuten - glijdt dan ook langzaam je oorschelpen binnen, tot hij je ziel op een bijzondere duistere plaats raakt. Dat is de verdienste van muzikanten die door het brengen van verschroeiende maar daarom niet altijd oorverdovende riffs het doen aanvoelen alsof klauwen je de strot dichtknijpen waarna een dreigende en uiteenlopende vocale aankleding de haren op je armen doen rechtkomen. Telkens opnieuw en opnieuw. Dat is namelijk ook hoe het bij de daarop volgende “Thirty Pieces” aan toe gaat. Op een gevarieerde wijze, waarop steeds wordt geflirt met het omver blazen van geluidsmuren, blijft de band doorhameren tot je ziel volledig donker is geworden.
Op de bandcamppagina van het label Wolves Of Hades Records wordt de muziek van deze band omschreven als volgt: 'Spookachtige en kalme riffs, een haast cathartische zanglijn, beukende maar ook serene drumpartijen en een dynamische compositie'. Nu deze uiteenzetting vat perfect de sound van Hamelin samen. Die dynamiek en dat spookachtige keert inderdaad steeds terug. Luister maar naar “A  Lullaby Of Conjuring”, ook weer een duistere parel van meer dan zeven minuten, en voel je wegdrijven naar de meest donkere gedachtenkronkels in je hoofd. Een duister vat dat verder wordt open getrokken op “Nadir” en afsluiter “The Sun's Light When He Unfolds It” . Ondanks de titel is er geen spatje licht te bespeuren aan het einde van de tunnel.
Want ook dat is weer een pluspunt aan zowel deze EP als de band. Die jarenlange ervaring in donkere oorden zorgt ervoor dat 'S/T' geen blackmetal is, ook geen doom, maar eerder een combinatie van alles wat donker en spookachtige is in de extreme metalgenres. Samengebracht in een bijzonder intensief en atmosferisch geheel, waardoor je van begin tot einde wordt gehypnotiseerd. Deze bijzonder donkere EP blijft dan ook letterlijk aan je ziel kleven als een spinnenweb van duistere intensiviteit die je verstikt en tot waanzin drijft. Een gevoel dat we steeds hopen dat ons overvalt bij zo een typische atmosferische donkere metal. Een gevoel dat Hamelin ons dan ook over de gehele lijn bezorgt op deze EP.

Yann Tiersen

Portrait

Geschreven door

De Franse pianovirtuoos Yann Tiersen is niet aan zijn proefstuk toe. De man heeft er een immense carrière opzitten en bracht recent nog een nieuwe schijf uit: 'All'. Wederom een meesterwerk waar Yann bewijst nog niet op zijn lauweren te gaan rusten. Ondertussen brengt hij wel een mooi overzicht uit van diezelfde carrière met 'Portrait'. Al is dat eerder in een eigenzinnig overzicht van zijn oeuvre waar hij zijn virtuositeit voortdurend tentoonspreidt.
Met het wonderbaarlijke “Introductory Movement” feat. Stephen O'Malley (wiens inbreng trouwens een meerwaarde biedt) is de toon gezet. Opvallend is hoe veelzijdig Yann wel is. Of dat nu gaat op melancholische of weemoedige wegen zoals bij “Rue Des Casades”. Of het lekker up tempo “The Old Man Still Wants It” - een kort maar bondig huzarenstuk waar Yann alle registers open smijt. De man bewijst meermaals dat hij van vele markten thuis is. Ook laat Yann zich omringen door vocalisten die zijn muziek alleen nog meer naar magische hoogte doen opstuwen. Luister maar naar de breekbare engelachtige stem van echtgenote Emilie Tiersen in aanvulling op die zachtmoedige klanken die Yann uit zijn instrument tovert op de songs “Gwennilied” en “Pell”.  Beide zijn uit zijn recente plaat trouwens, wat nog maar eens bewijst dat Yann nog steeds zichzelf heruitvindt.  Letterlijk betoverd door zoveel schoonheid , voelen we ons wegglijden naar andere oorden. Stephen O'Malley mag zijn kunsten ook nog eens vertonen op “Prad”, een song overgoten met sausjes boordevol weemoed, met een knipoog naar experimenteren met klanken. Ook daar verlegt Yann weer een grens, waar geen grenzen zijn. “The Waltz Of Monsters” wellicht één van zijn meest bekende meesterwerken. Of “Closer”, samen met Blonde Redhead zijn nog enkele hoogtepunten op deze verzamelaar, die eigenlijk geen verzamelaar is. Eerder maakt Yann een eigenzinnige selectie uit zijn verleden en het heden. Telkens gebracht met het oog op de toekomst gericht. Het bewijst nog maar wat voor een uitzonderlijk talent Yann Tiersen toch is. Ook al hoeft hij dat niet meer te bewijzen, met deze mooie selectie op 'Portrait' zet hij dat nog maar eens in de verf. Maar vooral zie en hoor je dus een artiest die zich niet verankerd aan zijn verleden, maar ook vooruit kijkt. En dat laatste keert niet alleen terug op dit portret. Het trekt ons compleet over de streep. Hoogtepunt na hoogtepunt schotelt Yann je voor. Op die vijfentwintig parels kleeft een vijfsterren label. Met gouden randjes. Zoveel is zeker.

Yann Tiersen brengt met 'Portrait' een schijf uit waarmee hij de doorsnee fan een mooie extra collector’s item bezorgt. Maar ook de pianoliefhebber die op ontdekkingsreis wil trekken doorheen de adembenemende mooie muziek die Yann gemaakt heeft, nu maakt en ooit nog zal maken wordt op deze knappe 'Portrait' volledig uit de doeken gedaan.

Beuk

Voodoo Child -single-

Geschreven door

BEUK brengt zijn hardrock doorgaans in het Nederlands, maar voor hun cover van “Voodoo Child” van Jimi Hendrix schakelen ze toch eens over op het Engels. Daar komen ze prima mee weg, alsof ze nooit anders gedaan hebben. “Voodoo Child” coveren is wel een risico. Hendrix en zijn songs zijn zowat heilig voor de fans en dan moet je zien dat je niet de mist ingaat. Dat doet BEUK hier niet. De gitaarstukken zijn degelijk en missen misschien enkel de nonchalance waarmee Hendrix ze uit zijn mouw schudde. We hoorden BEUK eerder ook al Motörhead coveren, maar met dit Hendrix-verhaal kunnen we ons makkelijk verzoenen.

The Skadillacs

Bella Ciao -single-

Geschreven door

Ook de tweede single van de Belgische Skadillacs is een cover. “Bella Ciao” zou oorspronkelijk een lied van de Italiaanse verzetstrijders in WO II zijn, maar het is ook mogelijk dat het lied nog ouder is. Het nummer werd al vaak gecoverd en al meermaals door ska-bands. De versie van The Skadillacs is één van de betere ska-versies, met veel gevoel voor drama en ritme. Een heel heldere productie ook, waarbij je nog elk instrument duidelijk kan onderscheiden. Het is dansbaar en opruiend, precies zoals het bedoeld is. Als je dan toch voor covers gaat, kan je maar beter voor de beste versie willen gaan. Deze “Bella Ciao” past perfect in de 2Tone-geschiedenis. Die staat vol van maatschappijkritiek en politieke aanklachten die in een dansbare, zelfs feestelijke verpakking zitten. 
Hun cover van “Pick It Up” van The Employees was reeds een schot in de roos. Deze “Bella Ciao” zal voor het brede publiek net iets verrassender zijn. Benieuwd wat The Skadillacs nog meer in petto hebben voor ons.

Vincent Starwaver

Gimme A Reason -single-

Geschreven door

Bart Vincent zullen de oudere muziekliefhebbers nog kennen als de ene helft van het creatieve duo achter Thou. Met die band maakte hij eind de jaren ’90 en begin 2000 heel interessante indierock die vooral geliefd was bij muziekcritici en die de band een plek op Pukkelpop en Rock Werchter opleverde, naast bescheiden succes in Nederland. Nadien ging hij aan de slag als producer en opnametechnicus (Too Tangled, Inwolves, Kapitan Korsakov, Melanie De Biasio).
Als Vincent Starwaver stak hij in 2015 al eens de neus aan het venster, maar nieuw studiomateriaal bleef uit. Dat is er nu alsnog. Single “Gimme A Reason” is de voorbode van het album ‘Goodnight Honeybun’. Daarop krijgt Vincent de hulp van drie prijsbeesten: Alan Gevaert (2Belgen, Reena Riot, Arno, dEUS, …), Serge Hertoge (Liz Aku, Dirk Blanchart, …) en Steve Slingeneyer (Tracy Bonham, Tiga, Soulwax, Waldorf, …).
De track ligt grotendeels in het verlengde van dat van Thou: smoothe, emotionele indiepoprock met een twist. Ten opzichte van Thou zijn de synths verdwenen of toch veel minder prominent aanwezig. De twist zit grotendeels in de knappe outro. De kwetsbaarheid is gebleven.
Toen Thou ermee ophield, werd hun plaats al snel ingenomen door o.m. Balthazar, Warhaus en Intergalactic Lovers. Bands die misschien nooit een kans hadden gekregen zonder dat Thou de deuren naar de radio en de festivals opengebroken had.
Als Vincent Starwaver beroept hij zich niet op die erfenis, terwijl het commercieel vast interessanter zou geweest zijn om gewoon de oude bandnaam te kleven op een nieuwe band. Bart Vincent heeft zich altijd al laten omringen door talent, als aanvulling op zijn eigen ontegensprekelijke gave om popsongs met kleine, venijnige weerhaakjes te componeren. Welkom terug.

Pagina 293 van 964