logo_musiczine_nl

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02-04 The Hickey Underworld, Bed rugs 05-04 Breaking waves: Knives, The Rats 09-04 Tom Smith @Sint-Jakobskerk 11-04 Tortoise (ism Kaap) 12-04 The Tool Experience (FKA The Perfect Tool), Carneia (Org: Devil in a box) 13-04…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Kreator - 25/03...
Hooverphonic

Twenty One Pilots

Twenty One Pilots - Throwback naar 2016

Geschreven door

Op woensdag 13 maart landde de ‘Bandito’-tour van Twenty One Pilots daverend op de grond. Tyler Joseph en Josh Dun zetten er een show neer die menig TØP-fan een topherinnering van 2016 liet herbeleven. De Bandito-tour was letterlijk een ‘EmØtiØnal RØadshØw ‘van zachte nieuwe nummers als "Bandito", naar keiharde klassiekers à la "Car Radio".

Het gigantische doek dat was opgespannen voor het podium viel prompt naar beneden bij de eerste klanken van zanger Tyler en drummer Josh. Daar stond dan Josh te schitteren met een fakkel in de hand. Het duo had dit keer buiten drum en ukelele een gigantische podiumopzet meegenomen die in de stijl van ‘Trench’, hun album dat vorig jaar uitkwam, stoer aandeed. Een brandende auto, containerachtige opstellingen en podiumdelen die om de zoveel tijd de hoogte in gingen, niets ontbrak er om van deze ‘Bandito’-tour een topspektakel te maken.
Op de eerste tonen van "Jumpsuit" sprong het publiek overal recht. Met bivakmuts op gooiden de jongens alles uit hun lijf, schreeuwen en drumslagen werden in de zaal geslingerd, afgewerkt met stoere visuals. En ook "Levitate" knalde de zaal wakker, ook al werd daar opvallend -en vanzelfsprekend- minder meegezongen dan tijdens andere nummers. Het publiek was in de mood, en toen "Fairly Local" begon, was het niet meer te houden. Tylers rol werd haast overgenomen en er waren plots 15.000 leadsingers.
Dat enthousiasme en gejuich bij elk nieuw nummer dat werd aangeslagen door Josh ging zo bijna de helft van hun vorig album ‘Blurryface’ verder. "Cut My Lip", een song van de nieuwe plaat, liet het publiek dan weer naar adem happen, om met volle borst "Lane Boy" en "Nico And The Niners" mee te brullen. Op dat laatste nummer werd een gigantische brug naar beneden gehaald, waarover Tyler al rappend/zingend/schreeuwend naar het podium achterin het publiek wandelde.
Net als enkele jaren geleden werd de B-stage gebruikt voor enkele rustigere nummers. Zo kreeg Tyler de hele zaal stil bij het zachte "Bandito", om ze dan weer wakker te brullen op de bassen van "Pet Cheetah", één van de meest elektronische nummers van Twenty One Pilots, terwijl de twee piloten weer een stukje de lucht in gingen. Pas bij de eerste noten van "Holding On To You", één van hun oudste songs, was het publiek weer helemaal mee en zat de sfeer opnieuw zoals je die bij het nummer zou verwachten: gezellig en gelukzalig.
De nummers die daarop volgden brachten Tyler en Josh deels in het publiek door. Net als hun vorige show in België, had Josh een draagbaar drumstel voorzien, waardoor hij, net als Tyler enkele nummers daarvoor, letterlijk op handen gedragen werd door zijn Belgische fans. Twenty One Pilots kan niet op een podium blijven staan, dat was wel duidelijk na deze show. Ook tijdens "Car Radio" spurtte Tyler naar de achterkant van de zaal om er op een paal de laatste lyrics te brullen.
Omdat het openbaar vervoer -zoals vaak op concerten- niet meezat, dropen heel wat fans af voor het einde van de show, waardoor de zachte bisnummers in een intieme sfeer werden gezongen. De band koos toch wel voor opvallend rustige, emotionele afsluiters, wat het afscheid des te pijnlijker maakte. Na "Chlorine", waarop het publiek nog een laatste keer de beentjes los kon smijten, volgden "Leave The City" en "Trees". Het was vooral "Trees" dat het publiek met een krop in de keel, hunkerend naar meer, afscheid deed nemen van hun twee helden.

Net als in 2016 kwamen, zagen en overwonnen Josh en Tyler ons Belgenland. Heel wat harten gingen sneller kloppen tijdens de show en er was een goede afwisseling van nieuwe en oude nummers. Dat er heel wat succeselementen uit hun vorige shows gekopieerd werden, kwam misschien soms wat vreemd over, maar voelde tegelijk ook als thuiskomen in dat ene, zalige concert van zoveel jaar geleden. Een warme oproep dus aan Josh om zijn salto te blijven doen en aan Tyler om op die paal in the back te blijven klimmen. Aan de Pukkelpopgangers: ga, aanschouw en word betoverd!, want na een concert van Twenty One Pilots ligt de lat gigantisch hoog voor andere concerten.

Setlist: Jumpsuit – Levitate - Fairly Local - Stressed Out – Heathens - We Don’t Believe - What's On TV - The Judge - Cut My Lip - Lane Boy - Nico And The Niners - Neon Gravestones – Bandito - Pet Cheetah - Holding On To You – Ride - My Blood – Morph - Car Radio – Chlorine - Leave The City – Trees

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics (Bavo Savels - daMusic)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/paleis-12-brussel/twenty-one-pilots-13-03-2019
Organisatie: Live Nation

The Cinematic Orchestra

The Cinematic Orchestra - Terug van weggeweest!

Geschreven door

Gisteren was de grote zaal van de Ancienne Belgique hopeloos uitverkocht voor het concert van de Cinematic Orchestra. Al hadden we daar aan het begin van de avond toch nog enkele twijfels over. Terwijl het op het balkon vechten was voor een zitplaats bleef de begane grond opvallend leeg. Gelukkig kwam daar rond half 9 verandering in en stond een half uur later de zaal tot de nok vol.

Tijdens het voorprogramma konden we duidelijk horen dat de zaal stilletjes aan voller en voller raakte. Salami Rose Joe Louis, een hele mond vol voor een voorprogramma, mocht de avond openen. Helemaal alleen stond ze verscholen achter haar keyboards. Haar muziek valt het beste te omschrijven als een combinatie van Jazz met de nodige elektronische elementen. Soort van Amerikaanse versie van onze eigenste Tristan. Al wist Salami ons niet te overtuigen, maar dat kan ook deels liggen aan haar bandnaam.

Het concert van The Cinematic Orchestra was volledig uitverkocht al hadden we daar aan het begin van de avond toch nog enkele twijfels over. Gelukkig kwam daar rond half 9 verandering in en stond een half uur later de zaal tot de nok vol. Een korte introductie heeft de band niet meer nodig. Al 20 jaar staan ze op de planken, werkten ze samen met onder andere Patrick Watson en Moses Sumney en schreven ze verscheidene film soundtracks.

Overmorgen komt ‘To Believe’, de vierde studioplaat van The Cinematic Orchestra, uit. Die kwamen ze dan ook gisteren voorstellen in de Ancienne Belgique. Aan de merch stand werd duidelijk meegedeeld dat de plaat nog niet te koop was maar gelukkig konden we tijdens het concert al een kleine preview krijgen. Hun set opende ze met een klassieker uit hun repertoire?  “Man With A Movie Camera”, dat wisten ze te rekken tot een nummer van maar liefst 15 minuten.
2 jaar is het geleden dat ze nog samen op de planken stonden maar dat was er duidelijk niet aan te merken. Voor het eerste nieuwe nummer van de avond, “Wait For Now / Leave The World” haalden ze Frida Touray op het podium. Zij wist met haar warme stem meteen het cinematic gedeelte uit de naam van de band te bevestigen. Met haar warme stem toverde ze een gloed door de zaal en waren opengevallen monden hier en daar te spotten. Nadien kwam ze ook terug tijdens “Zero One / The Fantasy”. Dat bracht ze samen met de gitarist maar wist ons net niet te overtuigen. Het was te langdradig en we waren opzoek naar de spanning die we ervoor wel voelden.
Hoe snel Touray het podium was opgekomen verdween ze weer. Ze moest plaats maken voor de instrumentale nummers van de band. Vooral tijdens “Saxloop” duurde het net allemaal iets te lang. Desondanks het gejuich van diepe mannenstemmen, voor de verandering geen gierende tienermeisjes, was voor ons de sax net iets te veel van het goeie.  “Familiour Ground” was het enige nummer van ‘Ma Fleur’ dat we gisteren te horen kregen. Hun grootste hit “To Build A Home” lieten ze achterwegen, wat waarschijnlijk voor velen in het publiek een teleurstelling was. In ruil kregen we nog “A Promise” te horen en als afsluiter het iets oudere “All The You Give”.

We waren getuige van het feit dat The Cinematic Orchestra helemaal terug is van weggeweest. Op de plaat maken ze gebruik van verschillende gastzangers maar live moeten we het doen met Tina Touray, wat een aangename verassing was op muzikaal vlak. Mensen die al graag eens losgaan op intellectuele instrumentale muziek waren gisteren in de AB op de juiste plaats. Enkel duurde het voor ons soms allemaal net iets te lang waardoor we af en toe onze aandacht verloren.

Setlist: Man With A Movie Camera - Wait For Now / Leave The World - Channel 1 Suite - Zero One / The Fantasy – Flite - Sax Loop - Familiar Ground - A Promise - All That You Give

Organisatie: Ancienne  Belgique, Brussel

Hajk

Drama

Geschreven door

Hajk, uitgesproken als Hike, komt twee jaar na hun debuut met een opvolger. Hun debuut scoorde hoge ogen in eigen land met hun catchy indiepopliedjes. Op hun opvolger klinken ze nog een stuk beter en zelfverzekerder.
Het vijftal maakt moderne en goedgebouwde pop. Beter dan de Ariadne Grande’s en de Justin Biebers van deze wereld. Ze hebben net dat tikkeltje meer eigenheid en diepgang in hun muziek. Akkoord, het is muziek die heel radiovriendelijk blijft. Maar wel aangenaam om naar te luisteren. Voor de vocals wisselen ze af tussen Sigrid Aase, Einar Haugseth en Preben Andersen. Vooral Sigrid heeft een heel mooie en goede zangstem. Preben heeft een zachte, moderne zangstem (denk Phoenix, Aztec Camera…). Het album hebben ze terug zelf geproduceerd.
Ze maakten gebruik van analoge en digitale sounds. Van geprogrammeerde arrangementen en deels live opnames. Zo krijgen we een album met grootse ballades en catchy up-temp pop songs. Muziek die zeker bij het jonge publiek zijn weg zou moeten kunnen vinden. En uitermate geschikt voor mensen die kiezen voor de iets betere pop. “Breathe” heeft een geweldige sfeer en zang. “Time To Forget” klinkt smooth en “Dancing Like This” is heerlijke up-tempomuziek dat snel in je hoofd blijft hangen.
Dit is heel fijne popmuziek die probeert meer te zijn dan enkel een popdeuntje. Daar slagen ze goed in dankzij de fijne arrangementen en de aanstekelijke vocals.

Håkon Kornstad

I’m Treibhaus

Geschreven door

Hakon Kornstad is een ensemble trio geleid door de gelijknamige Noorse jazz saxofonist en tenorzanger. Hij wordt bijgestaan door accordeonist Frode Haltli en Mats Eilertsen op dubbele bas. Voor dit album liet Kornstad zich inspireren door bekende klassieke componisten en hun aria’s. We spreken dan o.a. over Tosti, Verdi, Grieg en Wagner. De titel, wat zoveel betekent als “in de serre”, komt uit Richard Wagner’s “Wesendonck Lieder” en komt hier terug op het album in een instrumentale versie. Het geheel doet mij wat aan de jaren ‘20 denken zoals de art nouveau, het theater, de matinees… Zelf houden ze op neo- Victorian songs, wat ook een goede vergelijking is. De songs dragen een dromerige en romantische sfeer uit. Het instrumentarium versterkt dit gevoel enigszins.
Gedurende acht songs weet het trio hier een eigen sfeer neer te zetten dat vertrekt vanuit de klassieke stukken verweven met hun eigen invloeden. Het zijn drie jazz muzikanten maar het eindresultaat klinkt zeker niet als pure jazz. Wel wordt hier en daar geïmproviseerd maar de algemene sfeer die ik al eerder schetste blijft gedurende het hele album overeind.
Dit is een album van hoog niveau en mensen die van speelse vermengde jazz houden. Wie graag tenorgezang hoort, zal hier ook aan zijn trekken komen.

Jazz/Blues
I’m Treibhaus
Hakon Kornstad
Grappa/PIAS

Katie Kruel

The Rise And Fall Of Cannibal Planet

Geschreven door

Een mooi dooraderde mix van doom, stoner, sludge en noise. Je verwacht het eerder in het collectief-depressieve België dan in het immer-blije Nederland. Toch komt de band Katie Kruel van bij onze Noorderburen. Ze tekenden bij Seja Records, maar hadden net zo goed bij ‘onze’ Consouling Sounds of Dunk Records een warme thuis gevonden. ‘The Rise And Fall Of Cannibal Planet’, het nieuwe album van Katie Kruel, kan je grofweg opdelen in een eerste luik met traag kruipende, rauwe doomrock en een tweede met vooral noise, wat sludge en nog meer hel en verdoemenis. 
In het eerste luik is “The March” de beste en meest opvallende track. De hoofdrol wordt gespeeld door een traag pompende, zware bas. Het is (uiteraard) geen marsmuziek, maar er zit wel een aanhoudende beweging in, als in een mantra. Heel bijzonder en bezwerend. Voorts is “If I Was Where I Would Be” een heel intrigerende track, beetje David Lynch en Nick Cave na net iets te veel alcohol.
“Lover” is een beetje het scharniermoment tussen de twee hoofdstukken, met een dikke laag doom bovenop drone-achtige noise als intro en dan een lang aangehouden Bad Seeds-moment. Het toevoegen van een cello op ”Still” in het tweede luik is een meesterlijke zet. Het perfecte, afgeronde geluid van die cello vormt een heerlijk contrast met de grofkorrelige gitaar. Nog meer contrast vind je in de lyrics van ”Still”, als zangeres Nathalie Houtermans zo luid ‘I want some quietness’ schreeuwt dat je vreest dat ze haar stembanden of jouw trommelvliezen zal scheuren. Een passage die uit het leven gegrepen lijkt. Deze song is als rollercoaster van emoties het absolute hoogtepunt van ‘The Rise And Fall Of Cannibal Planet’. Met die cello erbij doet deze track wat denken aan de Britse Polly Panic en onze eigen The Girl Who Cried Wolf. Er zijn wel meer gelijkenissen, maar ook grote verschillen. Katie Kruel gaat bv. eerder voor de ongepolijste noise-aanpak bij de opnames en dat dan ook voor de (stillere) doom-passages.
“Jinx” is als rasechte noiserocker misschien de meest toegankelijke van het album, die goede herinneringen oproept aan de getormenteerde rock van Sineaid O’Connor’s  Mandinka en PJ Harvey’s Sheela-Na-Gig. Maar dan nog smeriger en gemeen bijtend naar het baasje. Maar meestal maakt de band het zichzelf en de luisteraar niet zo makkelijk. Zoals op “Asphyxiation” met een lange spoken word-intro en dan een louterende noise-eruptie waarin Nathalie Houtermans bijna Colin Van Eekhout van Amenra naar de kroon steekt.
‘The Rise And Fall Of Cannibal Planet’ is een album dat je moet laten groeien in je hoofd. Je kiest daarbij zelf hoeveel donkerte je toelaat. Het vat van Katie Kruel is onuitputtelijk.

Melt

Melt

Geschreven door

Ben je op zoek naar een band dat een gelijkaardige energie en sound heeft als Brutus? Dan zou dit wel eens een band kunnen zijn die in de buurt komt. In 2007 begonnen ze als een duo en waren ze geworteld in de power van de metalsound. Op hun eerste demo’s ontwikkelden ze hun eigen rocksound. Sedert 2014 zijn ze een heuse band bestaande uit de oorspronkelijk leden Charlotte (zang) en Olivier (gitaar) aangevuld met drummer Roméo en Julien op de bas.
De zang is vrij apart en doet mij op vlak van energie wat aan Stefanie Mannaert van Brutus denken. Ze gooit er Engels en Franse alinea’s tegenaan samen met soms een eigen ontworpen taaltje. Muzikaal is het ook energieke rock met diverse invloeden. Wat ook leuk is, is dat ze toch heel uiteenlopende songs maken. Wel allemaal met de nodige gekte of razernij. Opener “Okipanoba” begint met een duistere intro om dan Brutus-gewijs te ontploffen. Heel mooie track. Ook “Stigmata” bezit diezelfde energie. Op “ShiroKuromelt” horen we sirenen gezang en uilen weerklinken. Weer bouwen ze een duivels en duister sfeertje op. Ditmaal blijft het bij die gezangen en geluiden. Geen uitbarstingen. Bij “Torn” bouwen ze de track mooi op via sounds en een grunge gitaar. Bij de volledige ontbolstering van de song krijgen we haast post metal te horen. “Kitane” is instrumentaal en zowat de meest toegankelijke song denk ik. Afsluiter “Cypher” is haast een gothicrocknummer dat evolueert naar hardere rock/metal.
Het album is al meer dan een jaar uit maar meer dan de moeite waard om te ontdekken. Blijkbaar werken ze inmiddels aan een opvolger voor hun debuut. Ik ben erg benieuwd.

Mortier

Mortier

Geschreven door

Mortier wist ons al te bekoren met enkele leuke singles. Het luchtig klinkende “Marie” en het poppy “Zoveel Meer”. Nu is er het volledige album. Thomas Mortier wist hiervoor een mooi stelletje muzikanten rond zich te verzamelen. Met name Nele Paelinck (School is Cool), Jesse Maes (Sophia, Hypochristmutreefuzz), Langlet (Emma Bale, Ruby Grace) en Senne Guns zijn vaste leden van de band. Live wordt de band aangevuld met gitarist Janko Beckers (ex-Faces on Tv). Senne Guns deed de opnames en de productie van het album.
De teksten en de liedjes balanceren tussen mijmeringen en catchy popliedjes. Nederlandstalig gezongen en verhaaltjes alsook de taal die hij gebruikt doet wat aan Spinvis denken. “Deel van de Zon” is een rustig voortkabbelend song met een mijmerende tekst. Een mooie omschrijving van een ontluikende verliefdheid. “Zoveel Meer” is al gekend en werd veel gedraaid op Radio 1 en 2.  Ook “Marie” zal gekend zijn want dit was ook al een single en kreeg ook wat airplay op Radio 1. “December” heeft de sfeer van een klein slaapliedje. “Verhaal van Karel” is een epische en sterke track. Tekstueel en muzikaal. Met een leuke baslijn en een fijn gitaarriffje. Ook “Valium” is een rake beschrijving.
Het album van Mortier is goed gemaakt. De teksten zijn slim en de muziek is volwassen. Het zweeft ergens tussen Spinvis en Eels in. Een warme plaat en een kleine dosis tegengif tegen de verzuring in onze maatschappij.

My Diligence

Sun Rose

Geschreven door

Het Brusselse label Mottowsoundz herbergt enkele mooie namen zoals La Muerte, Moaning Cities, Deadline en ook het Brusselse My Diligence. My Diligence ontstond in 2010. Ze maken harde rock in de stijl van Queens of the Stoneage, Wolfmother en Kyuss om er maar enkele op te noemen. Met ‘Sun Rose’ hebben ze nu hun tweede album uit. Het is stevig, soms melodieus en met een eigen smoel.
Gedurende negen songs weten ze mij toch wel te begeesteren. Van opener “Resentful” dat Royal Blood-gewijs de aftrap geeft via het stevige “Backstabber” tot het magnifieke en sfeervolle “An Asteroidal Arrow”. Die laatste is een mooi opgebouwde song waar de vocals pas helemaal op het laatste hun intreden maken. Top hoor.
“Flying Poney” heeft dan in zijn gitaarwerk wat psychedelische invloeden die afgewisseld worden met zware riffs. De cleane stem van Cédric Fontaine (tevens ook gitarist en bassist) geeft een mooi contrast aan de song. Ik hou enorm van de mix en de productie van dit album. Het biedt gelaagdheid en een mooie sound aan het album. Luister maar eens naar bv “Lecter’s Song”. Daar komt die variatie en afwisseling goed tot uiting. Ook de ritmesectie (drummer Gabriel Marlier en gitarist alsook bassist François Peeters) verdient een pluim met hun strakke prestaties.
My Diligence is er op alle vlakken op vooruitgegaan met dit album. Dit is evenwichtig, stevig en melodieus. De productie maakt het geheel af. Top album. Een trio om te volgen. Live worden ze bijgestaan door Romain Lafuite met zijn Moog. Toch benieuwd om ze eens aan het werk te zien.

Queensrÿche

The Verdict

Geschreven door

Queensrÿche voorstellen aan een metalliefhebber zal waarschijnlijk niet nodig zijn. Ze waren eind jaren ‘80 en ‘90 een invloedrijke band met albums zoals ‘The Warning’, ‘Operation Mindcrime’ en ‘Empire’. Dat laatste album verkocht enorm goed en bevatte o.a. de single “Silent Ludicity” dat ook aansloeg in de hitlijsten. Rond de milleniumwissel werden hun albums wel iets minder. Het was telkens hopen op een album dat terug aansloot met hun beste jaren. Uiteindelijk verliet gitarist DeGarmo de band en later in 2012 ook zanger Geoff Tate. Met die laatste kwam het tot een pijnlijke rechtszaak over rechten. Todd La Torre kwam Tate vervangen en het moet gezegd hij doet dat helemaal niet slecht. Het heeft opnieuw zuurstof en een nieuwe wind gegeven aan de band. Het vorig album “Condition Human” kreeg vooral goede kritieken en klonk fris. Terug enkele boeiende progressief uitgewerkte passages en slimme solo’s. De sound sluit terug aan met die van hun beste werk.
Op ‘The Verdict’ gaan ze verder deze weg op. Een hele opluchting voor de liefhebbers van de band (waar ikzelf ook toe behoor). Drummer van het eerste uur Scott Rockenfield deed niet mee op dit album (ouderschapsverlof heet het officieel). Het is nog maar de vraag of hij nog zal terugkeren. Zanger La Torre deed daarom de drumpartijen in de studio. Zo begint het haast op een soloproject van La Torre te lijken. Maar muzikaal klinkt ook dit album op het vlak van productie en sound terug top en vakkundig.
Er staan best een heleboel songs op die vinniger en sneller klinken dan wat we van de hen de laatste tiental jaren gewoon waren. De songs zijn ook terug ietsje meer progressief uitgewerkt (net als op ‘Condition Human’). Maar zo ingenieus zoals vroeger zitten ze dan ook weer niet in elkaar. “Inside Out” is een heerlijk rockende en donkere track. “Dark Reverie” is een smaakvol gemaakte powerballad maar die pakt toch minder als hun bekende ballads uit vervlogen tijden. Zo wisselen de songs elkaar af in tempo en lengte. Stuk voor stuk degelijke en aantrekkelijk gemaakte songs. Ware het een onbekende band geweest ik gaf het een hoge score. Maar ik mis een stukje magie en melodieën die blijven hangen. Iets wat ik wel hoor in de oudere songs zoals “Jett City Woman”, “I Don’t Believe in Love” of “Promised Land” of “Resistance” om maar enkele te noemen. Daar is het gitaarwerk en de opbouw toch net ietsje uitgesprokener en zijn de melodielijnen net iets sterker. Op dat vlak missen ze toch DeGarmo en Tate om de songs uit te werken.
Maar globaal gezien kunnen we zeggen dat ‘The Verdict’ net als hun voorganger een zeer degelijk album is waar veel jonge bands niet aan kunnen tippen. Wie van ‘Condition Human’ hield kan zich deze met zijn ogen dicht aanschaffen. Voor al die andere kan ik alleen maar zeggen: checken of het je raakt.

Sorrows Path

Touching Infinity

Geschreven door

Het Griekse Sorrows Path kun je gerust al oudgedienden noemen. Ze werden opgericht in 1993 en waren geïnspireerd door bands zoals Candlemass en Solitude Aeturnus. Vrij vroeg verliet de drummer de band en kort daarna overleed hun bassist aan een ernstige ziekte. Er zijn betere manieren om van start te gaan. In 1998 werd de band ‘on hold’ gezet wegens de legerdienst (twee jaar in Griekenland) van enkele bandleden. Uiteindelijk was het 2005 toen de band terug actief werd. Met ‘Touching Infinity’ aan hun derde album toe. Het eerste album zag het levenslicht in 2010. Ok, “Touching Infinity” is intussen al een jaar uit maar het is toch de moeite waard om nog te ontdekken.
Met hun mix van doom, power metal samen met gothic en progressieve elementen hebben ze wel een eigen geluid weten te creëren. Vooral op dit album komt dit goed tot uiting. We krijgen afwisselend doom en powerriffs te horen, melodieuze lead guitar lijnen en interessante vocals. De vocals van Angelo Ioannidis zijn eerder bij de klassieke metalzang onder te brengen en hebben een eigen herkenbaar (lichtjes nasaal) geluid. De ritmesectie klinkt degelijk. De songs “My Chosen God”, “Fantasies Will Never Die” en “Metaphysical Song” zijn toppertjes uit dit album. Maar er staat tevens geen enkel zwakke track tussen. Dus dat zit hier wel goed.
‘Touching Infinity’ is een album met goed gemaakte nummers die zweven tussen doom, power en gothicmetal. Het album bevat voldoende afwisseling om te blijven boeien en heeft een eigen smoel.

Pagina 337 van 964