logo_musiczine_nl

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02-04 The Hickey Underworld, Bed rugs 05-04 Breaking waves: Knives, The Rats 09-04 Tom Smith @Sint-Jakobskerk 11-04 Tortoise (ism Kaap) 12-04 The Tool Experience (FKA The Perfect Tool), Carneia (Org: Devil in a box) 13-04…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
giaa_kavka_zapp...

Isadore

You Say I Won’t (single)

Geschreven door

De Leuvense poprockband Isadore heeft met "You Say I Won’t" een nieuwe single uit. Zonder echt zelf openlijk naar een andere band te refereren, klinkt Isadore hier heel nineties. Soms dansbaar, maar tegelijk zit er een onderhuidse emotionele laag met coming out-blues in deze song.
Productioneel zit alles helemaal juist. De heldere vocalen zitten mooi vooraan in de mix en bieden een licht zomers tegengewicht voor de donkere dagen die ons deze winter nog wachten. Eens je het onderwerp meehebt, zitten de coming out-emoties heel ‘leesbaar’ in de song.
Mochten ze voor deze “You Say I Won’t” de productionele grenzen nog een beetje verleggen, komen ze bij Isadore in de buurt van Suzanne Vega ten tijde van “In Liverpool” en “Blood Makes Noise”.
Nu de eerste referentie gevallen is, kunnen we toch niet om de nineties- en andere referenties heen: the Beautiful South, Indigo Girls, 10.000 Maniacs, The Cardigans, Heather Nova, Juliana Hatfield, … Het ook al Belgische Feliz zit eveneens een beetje in dit straatje, maar dan in het Nederlands.
In deze single broeit nog heel wat potentieel. Het is aan Isadore om dat tijd te geven om te laten groeien. Intussen is dit een welkome opklaring tussen de grijze winterwolken.

Del-Toros

10 Stories High

Geschreven door

Met een mix van psychedelica, surf, rock and roll en punk maken de jongens van Del-Toros sedert 2008 van elk optreden een feestje. Afgaande op hun sound zou je het niet zeggen maar het trio komt uit het Nederlandse Alkmaar. Je zou eerder verwachten dat ze van de Amerikaanse West Coast afkomstig zijn.

Je krijgt dus zonnige surf rock te horen. Maar ze slagen erin om het meer dan dat te laten klinken. Ze laten het namelijk een tijdje marineren in alternatieve rock waardoor je een steviger sound krijgt dan de gebruikelijke surfrock.

En de songs klinken heel verhalend zoals “End of the World” dat zonder woorden je toch meeneemt in de haast sprekend gitaarlijnen. In praktisch elk nummer steken ze ook samples met spoken words. Voor de rest blijft het instrumentaal.

Op ‘10 Stories High’ klinken ze melodieus, vinnig en alternatiever dan op hun drie voorgaande albums. Dat maakt dat ze een link weten te leggen tussen de jaren 50/60 muziek (waaruit ze putten) en de hedendaagse muziek. Die hedendaagse invloeden bestaan uit elementen van stonerrock, spacerock en fuzz. Luister maar eens naar “Halloween Theme” en je zal begrijpen wat we bedoelen. Op “King of The Rockettool” horen we de stem van Peter Te Bos (Claw Boys Claw) die met een Johny Cash-achtige stem een lugubere sfeer weet te scheppen in het psychedelische nummer.

Als afsluiter een cover van Simple Minds hun toptrack “Theme For Great Cities”. Ze slagen er erg goed in om de sfeer van het oorspronkelijk nummer om te zetten naar hun genre.

Mede door de mengeling van de surfrock met hedendaagse elementen en hun stevigere sound leveren Del-Toros een album af dat boeiender is dan de doorsnee platen in hun genre. ‘10 Stories High’ is van hoog entertainend gehalte.

Surf punk/Alternatieve surfrock

10 Stories High

Del-Toros

Roosevelt

Roosevelt - Geen betere weekend afsluiter!

Geschreven door

De laatste dag van uw (verlengd) weekend al dansend afsluiten kon op zondagavond in de Ancienne Belgique. Daar stond Roosevelt klaar om u te voorzien van heel wat nieuwe nummers, maar ook oudere konden niet ontbreken in de set. Met zowel uptempo nummers als af en toe een rustiger nummer werd het een perfecte set om terug te beginnen aan een nieuwe werkweek.

Roosevelt begon zijn muzikale carrière als tiener in de wereld van de indie rock, maar raakte steeds meer verstrengeld in de technowereld. Met deze twee elementen creëerde hij een vorm van synthpop die je terug trekt naar de jaren 80. Met 1 EP en 2 platen kon Roosevelt gemakkelijk een zo goed als uitverkochte AB Club entertainen.
‘Licht on point, backdrop on point, setlist on point’. Elk element was aanwezig om van deze avond iets onvergetelijk te maken. Openen deed Roosevelt met “Take Me Back”, een nummer dat het publiek meteen aan het dansen zette en mee trok in de sfeer die eigenlijk gedurende heel de avond aangehouden werd. Tijdens “Montreal” ging het volk helemaal uit zijn dak en was de avond eigenlijk al zo goed als geslaagd. De rest van de set werd aangevuld met onder andere “Lucia”, “Getaway” en persoonlijk hoogtepunt “Fever”.
Ook Roosevelt deed aan bissen. Voor deze bisronde koos hij voor een eigen nummer “Night Moves” en een meer dan geslaagde Fleetwood Mac cover. De versie die Roosevelt maakte van “Everywhere” spookt nog door ons hoofd.

Een meer dan geslaagde avond, met enkel hoogtepunten. Zo mogen er van ons meer zijn, zeker om het weekend mee af te sluiten. Bedankt Roosevelt!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Difference

The Difference - 'Insignificant' cd release - Compleet omver geblazen, door een verwoestende orkaan

Geschreven door

Je hebt zo van die avonden dat je met niet al te hoge verwachtingen naar een concert afzakt. En uiteindelijk zodanig wordt omver geblazen dat je eerder een onvergetelijke trip beleeft die voor lang in je geheugen staat gegrift. We hebben dat, in al die jaren dat we concerten en festivals bezoeken, wel meermaals meegemaakt. Na gisterenavond, zaterdag 3 november, mogen we nog een optreden aan die lijst toevoegen. The Difference stelde zijn nieuwste schijf 'Insignificant' voor in tot de nok gevulde CC De Kubiek in Eeklo. Een plaat waaruit blijkt dat de band bestaat uit top muzikanten waarbij niet alleen iedereen dezelfde kant uitkijkt. Ook kleurt The Difference op hun nieuwste werk bewust buiten de lijntjes, maar zonder aan een echte stijlbreuk te doen. Laat dit nu net de rode draad vormen tot wat we ook op deze avond voorgeschoteld kregen.

Opwarmer van dienst is This Can Hurt (****). Met Dirk Dekesel stond er voor fans van The Difference geen onbekende op het podium. De man was ooit bassist bij The Difference, in de periode 1996 tot 2002. This Can Hurt is een band uit het Meetjesland en speelt net als de headliner op deze avond voor een thuispubliek. Bovendien bestaat de band, naast Dirk, uit muzikanten die ondertussen de klappen van de zweep voldoende onder de knie hebben. Bovendien kun je op de muziek van deze rock band geen label kleven, tenzij onder de categorie 'alternatieve rock'. Naast algemene virtuositeit, waarbij de gitarist/bassist magische klanken uit hun instrumenten toveren en de drummer van dienst de ene na de andere mokerslag uitdeelt, is de meest opvallende factor binnen This Can Hurt de charismatische enorm goed bij stem zijnde frontman. Zonder meer bezorgt hij je telkens opnieuw een krop in de keel bij vooral de hoge tonen. Maar de man is dus vooral een klasse entertainer die perfect weet hoe een publiek naar zijn hand te zetten. Daardoor won This Can Hurt deze thuismatch alvast op de punten en lijkt me een band om, naar de toekomst toe, in de gaten te blijven houden.

Toen we The Difference (*****) aan het werk zagen op Devils Rock For an Angel in 2017 schreven we daarover: "Ook bij The Difference staat de technisch hoogstaande manier van spelen en zingen, de spontaniteit en het spelplezier niet in de weg. De band brengt gestroomlijnde riffs en drumsalvo's naar voor, terwijl de begenadigde frontman je telkens opnieuw diep raakt met heel gedreven vocalen, die recht doorheen je hart boren. Een potje lekker aanstekelijke heavy metal, die aan de ribben blijft kleven van begin tot einde. Dat kregen we vooral voorgeschoteld. En daar kan nooit iets mis mee zijn, toch?".
De band kwam zijn nieuwste schijf ' Insignificant' voorstellen en maakte daar geen routineklus van. Nee, The Difference wil zijn publiek een bijzondere avond bezorgen waarover ze binnen een paar maanden nog zullen spreken, waardoor die vijf sterren die ik hen hier toebedeel er eigenlijk te weinig zijn, ze verdienen er op basis daarvan zelfs meer.
Vanaf de eerste oorverdovende knaller “Delirious” wordt al vrij duidelijk dat deze band er zin in heeft. Niet alleen zit het geluid heel goed. De riffs en drum salvo's vliegen ons als vuurballen rond de oren. Zanger Gerd Hanssens geeft aan nog nooit zoveel zenuwen gehad als nu, maar daar is gedurende de uitmuntende set bitter weinig van te merken. De man beschikt over een kristalheldere stem, en heeft bovendien een stembereik waardoor de muren van de zaal beginnen te barsten. Bovendien straalt hij het charisma uit van de grote frontmannen op aarde. Uiteraard gerugsteund door zijn top muzikanten. Meermaals komen de haren op onze armen recht van puur innerlijk genot als Steven Van Hyfte en Ruben Dhaene solo's boven halen die ons met verstomming slaan. Bassist Steven Mervielde moet met zijn gestroomlijnde baslijnen totaal niet onderdoen voor de zogenaamde grote namen binnen de scene. Drummer Kristof Ingels deelt de ene mokerslag na de ander uit, maar blijkt ook een charismatische entertainer te zijn zoals zijn frontman. Echter het meest doorslaggevende? Binnen deze band kijkt iedereen dezelfde kant uit. Waardoor een magie ontstaat die je zelden tegen komt. Dat merkten we - zoals in onze intro al aangegeven - al op de nieuwste plaat. Dat blijkt dus ook live het geval te zijn.
Bovendien zijn er enerzijds zeer snelle songs waarop stilstaan onmogelijk is. Maar schotelt de band ook momenten van intimiteit en rust voor - telkens heel subtiel binnen een aanstekelijk doom sfeertje - waarbij we zelfs vaak een traan wegpinken. “Tears of the Earth” is bijvoorbeeld zo een kippenvelmoment dat letterlijk door merg en been gaat. Eigenlijk rijgt The Difference het ene na het andere hoogtepunt aan elkaar. Ook al is er een heel kleine terugval in het midden van de set, nergens valt een speld tussen te krijgen. Kleppers als “Darkest of Times”, “Dying in Vain” zorgden voor weer nieuwe mokerslagen in ons gezicht. Maar eigenlijk is dit hele concert één langgerekte mokerslag.
Na al die hoogtepunten zou je denken het mooiste wel te hebben gezien. Maar plots, na een korte break, komen vanuit het publiek trommelaars in traditionele klederdracht - waaronder drummer Clint Dusslier van Primal Creation. Ze begeleiden Gerd die voor de gelegenheid in pij door het publiek schuifelt naar dat podium. Zangeres Tilly Haertjens begeleidt hem door middel van een betoverende vocale inbreng bij “Dead Man Walking” - ook op plaat mijn favoriete song trouwens. Gerugsteund door ijzingwekkende drumsalvo's, lijkt het wel alsof die poorten van de Hel nog maar eens open gaan. Koude rillingen lopen over onze rug, bij zoveel virtuositeit die uit de boxen spat. Daarbovenop kregen we nog enkele hemelse songs als “Hunger”, “Under Crimson Skies” en “Walls” als ultieme kers op de taart. Gerd droeg bovendien een song op aan zijn vader, wat weer zorgde voor krop in de keel en kippenvelmoment. Als extra toemaatje schotelt The Difference een door iedereen meegebrulde “Awakening” in de bisronde, om deze top avond met een knal van formaat af te sluiten.

Besluit - The Difference stelde op deze geslaagde avond niet zomaar zijn nieuwste schijf voor. De heren zorgden, net als het voorprogramma, voor een uitzonderlijk geslaagde rock avond, zoals je eigenlijk maar zelden meemaakt. En dat is in grote mate de verdienste van top muzikanten die weten waar ze mee bezig zijn. Maar eveneens, ondanks al die jarenlange ervaring, totaal geen routineklus wensen af te leveren. De spontaniteit en het spelplezier spatten telkens opnieuw uit de boxen.
Kortom, The Differenece zorgt voor een rock feest pure sang, en raakt bovendien gevoelige snaren. Pure klasse van Hemels hoog niveau.

Setlist: Delirious - Buried in the past - From Beyond the sun - Children of the north - Tears of the earth - Inside the labyrinth - Darkest of all times - Dying in Vain - Dead Man Walking - Under Crimson Skies - Dolor Aeternus - The Hunger – Walls
Bis: Awakening

Organisatie: The Difference

Zingem Beeft 2018 – Metalbands slopen De Griffel

Geschreven door

Indoorfestival Zingem Beeft is nog maar aan zijn tweede editie toe, maar verdient onze aandacht voor de aanpak. Een moderne, frisse zaal met een groot podium, een degelijke PA en lichtinstallatie, … en dat in combinatie met een bescheiden inkomprijs voor toch vier metalbands, met veel aandacht voor lokaal talent. Het is een verademing voor zowel bands als bezoekers.

Turpentine Valley mocht met zijn post-metal het festival openen. De lichtman kon nog even uitrusten, want de band uit Zulte zette het optreden in met niet meer dan enkele strategisch geplaatst gloeilampen. Die setting hielp, samen met het weglaten van aankondigingen of bindteksten, mee om de aanwezigen mee te nemen op de postmetaltrip van dit instrumentale trio. De band putte vooral uit hun eerder dit jaar uitgebrachte debuutalbum, dat ze in eigen beheer op cassette uitgebracht hebben.
Turpentine Valley heeft al nieuwe nummers klaar, maar die worden nog even opgespaard. De set was mooi opgebouwd met het nog wat voorzichtige “Abrupt” en “Compromis” als kennismaking en met in de finale een heftige versie van “Trauma”.
Hoewel de hoofdmoot postmetal is, maakt Turpentine Valley ook uitstapjes tot aan de stoner en sludgemetal. Hun set zorgde niet voor meebrullende of moshende fans of hoorns die de lucht in gingen, maar aan de meeknikkende kopjes in het publiek kon je toch opmaken dat hun postmetal best gesmaakt wordt bij de ‘gemiddelde’ metalfan.

Ironborn wist de menigte te verleiden met klassieke heavymetal. Ze openden met hun Motörhead-tributetrack “Rock ’n Roll Is Dead” (geen cover). Hier gingen de vuisten en hoorns wel meteen de lucht in. Ironborn speelde “1568”, over de executie van Egmont (ooit prins van het naburige Gavere) in de strijd van de Nederlanden tegen de Spaanse overheersing. In Zingem speelden ze de elektrische versie van deze single en hadden ze hun gelijknamige bier mee als merchandise. De vertaling van akoestische naar elektrische versie zorgt voor een resultaat dat aanleunt bij de progmetal. Ook in andere nummers kruiden ze hun heavymetal (matig) met death en speed, terwijl ze toch op hun best zijn als ze gewoon heavymetal brengen. Dat bleek naar het einde van de set met prachtige versies van “Drifting Away”, “Your Downfall” en meezinger “Never Again”.

Met Signs Of Algorithm werd een derde subgenre van de metal aangeboord. Deze band brengt metalcore zonder compromissen: snel en hard beukend. Het jonge geweld zorgde voor de eerste moshpits van de avond. De routine van vaak te spelen, ook in het buitenland, zorgt ervoor dat de bandleden elkaar blind vinden, zowel muzikaal als stuiterend over het podium, en dat ze hun publiek ook recht in de ogen kunnen kijken (ipv naar hun snaren te staren) om het zo nog wat meer op te jutten. Het ‘trucje’ met drie extra verhoogjes (bovenop het reeds hoge podium in de Griffel) voor zanger Frederick zorgde voor gemengde gevoelens bij sommige bezoekers. Het kan werken in een zaaltje zonder eigen podium, maar in Zingem voegde het voor sommigen weinig toe aan de beleving. Maar die opmerkingen kwamen dan wel van achter in de zaal. Voor het podium had niemand er problemen mee. Integendeel.

Hexa Mera is één van de Belgische sterkhouders in melodische deathmetal en kan mooie adelbrieven voorleggen van o.m. Graspop en Metaldays. Hoewel ze muzikaal niet zo heel ver uit de buurt liggen van Signs Of Algorithm hield een deel van het publiek het al voor bekeken bij Hexa Mera. Best jammer, want Hexa Mera verkeerde in een bloedvorm. De wurggreep op het publiek begon bij “Siegebreaker” en “Divide Et Impera” en leidde zo naar de eerste, weliswaar bescheiden wall of death van dit indoorfestival. Deze band toonde in alles dat ze het waard zijn om als headliner op de affiche te staan.

Als Agera Events op dit elan kan doorgaan, kijken wij nu al uit naar de derde editie van Zingem Beeft. Of wordt het dan – met de fusie van Zingem en Kruishoutem – de eerste editie van Kruisem Beeft?

Organisatie: Agera Events.

Max Cooper

Max Cooper & Architecture Social Club – Aether - Max Cooper heeft het licht gezien

Na onder andere Londen en New York, streek de muzikale lichtshow 'Aether' vorige week neer in Hasselt. Voor een keer mochten we zelf het podium op om het bijzondere spektakel van dichtbij te bekijken én even aan de realiteit te ontsnappen.
Max Cooper behaalde zijn doctoraat in bio-informatica. Hij gebruikt die wetenschap nu om het perfecte geluid te creëren en zijn fascinatie voor het visuele te perfectioneren. Hij werkte voor ‘Aether’ samen met Satyajit Das van Architecture Social Club en designer Regan Appleton. Resultaat? Een show van ongeveer een half uur waarin muziek en licht elkaar perfect aanvullen en we met wat fantasie heel uiteenlopende dingen zien.

In de donkere ruimte ziet de constructie er best eenvoudig uit: enkele metalen staven, een paar draden en een projector. Maar wanneer het licht aangaat, blijkt dat voldoende voor een indrukwekkende lichtshow. En die is perfect om even te ontsnappen aan de hectische sleur van het dagelijkse leven. In eerste instantie lijken we een imposante kroonluchter te zien in een dure balzaal. Vlak erna lijkt de muziek van Cooper de driedimensionale lichtinstallatie écht in gang te trappen. Met een beetje fantasie zien we vuurvliegjes die dansen op opzwepende beats, sneeuwvlokjes die dwarrelen door dromerige soundscapes of zelfs opgerolde tapijten die door de muziek vervoerd worden. Warme en koude kleuren wisselen elkaar af, er wordt gespeeld met snelheden en de verschillende nummers van Max Cooper lijken het tempo te bepalen.

De show – met bijna hypnotiserend effect – heeft slechts één minpuntje. Het had gerust nog uren mogen duren. Gewoon om nog wat langer te ontsnappen aan de realiteit en onze fantasie de vrije loop te laten.

Organisatie: Muziekodroom, Hasselt ism CCHA, Hasselt

Unholy Congregation 2018 - Donkere intensiviteit, binnen een geladen en sombere sfeer

Geschreven door

In deze periode van het jaar gedenken we onze gestorven geliefden. In sommige landen gebeurt dit door middel van een waar feest, met drank en spijzen. Bij ons is dat door middel van een ingetogen bezoek aan het kerkhof. Mijmerend over vroeger. Voor mij persoonlijk past muziek als Black tot Doom Metal perfect bij deze sombere en geladen tijden. Waarbij we ons hart graag laten verwarmen door intensieve donkere die door merg en been gaan.
Unholy Congregation is een festival waar de Black en Doom metal fan aan zijn trekken komt, binnen een heel intieme omgeving. Dit festival ging door in een redelijk goed, maar zeker niet vol gelopen, zaal De Qubus in Oudenaarde. De sfeer was tijdens de hele avond gezellig, geladen en somber zonder echter de depressieve kant op te gaan.
Een verslag vanuit de donkerste krochten van de Hel.

Openingsact Darkest MIND (***) is een vrij nieuwe parel aan dat Black Metal firmament. De band bracht in 2015 een EP uit, maar voor de rest bleef het vrij stil rond deze West-Vlamingen. Echter achter de schermen werd noest verder gewerkt, en dat is ook live te merken. Want de bandleden vinden elkaar blindelings. Darkest MIND trekt alle registers vanaf begin tot einde open, en doet die poorten van de Hel al op een kiertje open gaan. Helaas blijft alles iets te veel hangen binnen die gezapige middelmaat, waardoor we toch niet compleet van onze sokken worden geblazen. Echter beschikt Darkest MIND wel degelijk over potentieel om ooit potten te gaan breken binnen dat typische Black Metal tot aanverwant gebeuren. De donkere walmen deden pijn aan de ogen, en dat is hoe we onze boterham Black Metal het liefst verorberen. Mits meer podium ervaring zien we de toekomst van deze band dan ook rooskleurig in.

Toen we A Thousand Sufferings (***1/2) in 2017 aan het werk zagen in Het Bos te Antwerpen schreven we daarover: 'A Thousand Sufferings brengen dus vooral een lekker potje doom/black dat aan de ribben blijft kleven. Waardoor we uiteindelijk toch over de streep worden getrokken.’ Deze band is ontstaan uit uiteenlopende bands binnen de Belgische Black Metal scene. Die ervaring binnen die scene zorgt ervoor dat een technisch hoogstaand potje black/doom wordt voorgeschoteld waar geen speld valt tussen te krijgen. Gitaar riffs snijden als vlijmscherpe messen door je vlees, en het drummergeroffel gaat telkens door merg en been. Maar het is vooral de opvallend rauwe en verscheurende stem van PJ Turlinckx dat ons het meest over de streep trekt. Die laatste beschikt dan ook over een stem als een klok, waardoor voornoemde poorten van de Hel nog meer open zwaaien.

Kabbelende beekjes, en een gezellige gezapige sfeer binnen een eerder donkere omkadering. Het zou - op de twee headliners na - toch wat de rode draad blijken vanavond. Want ook Urarv (***1/2) blijft angstvallig uit datzelfde vaatje tappen. De uit Noorwegen afkomstige Avant-garde/Black Metal band dompel je onder in eerder occulte sferen. Urarv timmert sinds 2003 aan de weg maar staat, volgens de informatie op de facebook van het evenement, pas voor het eerst in Benelux. De heren en dame hebben ondertussen hun kunnen voldoende bewezen. Trish Kolsvart is een begenadigde drumster die mokerslagen in het gezicht uitdeelt, en ook de baslijnen van Sturt raken een gevoelige snaar. Maar ook bij Urarv is het vooral die verschroeiende, en heel uiteenlopende, vocale aankleding die ons aangenaam verrast. Meer nog, de bijzonder tot de verbeelding sprekende stem van Aldrahn is duidelijk een meerwaarde bij deze band. Die trouwens avant-garde perfect met Black Metal weet te verbinden. Net als de voorgaande bands valt vooral op dat hier een band staat te spelen die nog steeds aan het groeien is, en dus vooral over enorm veel potentieel beschikt om potten te breken binnen dat typische avant-garde/black metal gebeuren.

De Belgische Black Metal band (Ars Veneficium ****), ontstaan in 2013, zorgt voor een eerste echt hoogtepunt op het festival. De heren brachten in 2016 het debuut uit 'The Reign of the Infernal King'. Een album dat op heel wat bijval kon rekenen. Op Holy Congregation blijkt de band goed in de markt te liggen, want plots staat de zaal toch heel goed gevuld. Ars Veneficium brengt Black Metal binnen een occulte achtergrond, met verwijzingen naar Satan en zijn gevolg. Als er een voorwaarde is waardoor ik bij dit genre pas echt over de streep wordt getrokken, is het vooral dat ik koude rillingen moet voelen tot het bot. Zowel instrumentaal als wederom vocaal, legt Ars Veneficium die lat torenhoog en drijft je voortdurend tot absolute waanzin. Waardoor aan die voorwaarde wordt voldaan. Missie geslaagd!

De Zweedse band Alfahanne (***1/2) tapt uit een heel ander vaatje. Deze band combineert verschillende stijlen binnen het rock en metal gebeuren - waaronder ook Black Metal - en zijn daardoor een vreemde eend in de bijt op dit festival. Pure black metal kun je dit niet noemen. Maar een donkere sfeer is wel degelijk merkbaar. Al lijkt deze Zweedse band vooral een lekker aanstekelijke rock feest te willen bouwen. Zo zijn er enorm veel interacties naar het publiek toe. Door deze feestelijke aanpak zorgt Alfahanne voor een beetje zon achter de donkere wolken waarrond dit festival is gebouwd.

Na enkele fijne concerten, waarbij we zeker en vast niet werden ontgoocheld, bleven we toch een beetje op onze honger zitten. Het was wachten op ultieme kleppers van formaat die ons echt compleet omverblazen. Die kregen we laat op de avond met twee top headliners. Hades Almighty (*****) zet de registers compleet open voor een wervelende finale waarbij kippenvelmomenten tot kroppen in de keel ons deel zouden worden. Vooral - wederom - die bijzonder aangrijpende vocale aankleding, deed de haren op onze armen recht komen. Of dat van angst of innerlijk genot is laten we in het midden. Hades Almighty slaagde echter vooral in zijn opzet, waar de vorige bands toch lichtjes faalden. Ze bieden een Black Metal set boordevol walmen van duisternis. Enorm intensief en vooral onaards aanvoelend, waardoor niet alleen de poort van de Hel compleet open gaat, maar ik ook mijn eigen demonen diep in de ogen kijk. Agressie, frustratie, pijn, dood en verderf het komt allemaal boven water bij Hades Almighty.
En dan moest de headliner van de avond nog komen.

Kon het nog intenser vroegen we ons af. Jawel. Hetroertzen (*****) voegt aan die wervelstorm van duistere krachten van zijn voorganger, scheppen occulte inbreng toe, waardoor je prompt in een Satanisch feest terecht bent gekomen. De demonische en vervaarlijk kijkende frontman bezweert en hypnotiseert zijn publiek door middel van een oorverdovende stem en uitstraling. Gerugsteund door muzikanten die al even verschroeiend uithalen, waardoor de temperatuur in de zaal tot een kookpunt stijgt. De band legt de lat zo duivels hoog, dat er geen doorkomen meer mogelijk is. Eens gegrepen door die donkere klauwen, voelt het aan alsof elk beetje levenssap uit je lichaam wordt gezogen. Jouw hart wordt verscheurd en je ziel brandt in voornoemde Hel.
De kaarsen op het podium versterken die intensieve donkere sfeer alleen maar, tot je op het einde van de set compleet murw geslagen in de hoek van de zaal - met het angstzweet op de lippen- totaal van de kaart achterblijft. Dit, en dit alleen, is het soort Black/Doom metal waardoor je één wordt met uw eigen demonen en in de strijd met het kwaad in jezelf.
Pure magie van de meest duistere soort strooit Hetroetzen over het publiek heen om deze avond op de meest donkere en occulte wijze in brio af te sluiten. Indrukwekkend!

Besluit: Unholy Congregation is een fijn en gezellig festival omgeven door walmen van duisternis. Binnen een intieme sfeer krijg je heel hoogstaande black metal voorgeschoteld, het ene wat beter geslaagd dan de andere. Helaas zat het geluid niet altijd even goed hadden we de indruk, maar wat sfeerbeleving betreft is dit een top georganiseerd optreden, dat was ons betreft voor herhaling vatbaar is.

Darkest MIND + A Thousand Sufferings + Urarv + Ars Veneficium +Alfahanne + Hades Almighty + Hetroertzen

Organisatie: Unholy Congregation

Idles

Idles – Rake kopstoten!

Geschreven door

Achteraf toch wat mensen ontmoet die een lichte zweem van ontgoocheling niet konden verbergen. Allen hadden ze IDLES vorig jaar gezien op Leffingeleuren en hoewel ze wisten dat het mirakel van toen nooit voor herhaling vatbaar kon zijn , bleef het toch ergens knagen.
Toen kwam de groep uit Bristol schijnbaar uit het niets ons als een niets ontziende pletwals vermorzelen in een niet eens volgelopen ‘Kapel’. Dit keer stonden ze in een uitverkochte zaal en wisten we nagenoeg perfect wat er ging komen. Het verrassingseffect mochten we dus vergeten maar was het dan echt niet iets minder? Wat mij betreft helemaal niet. Wel klonk het soms wat anders. Intussen is er een tweede plaat, ‘Joy as an act of resistance’, verschenen en die klinkt wat gevarieerder en melodieuzer wat zich uiteraard ook vertaalde naar het podium.
Wat minder rechttoe rechtaan beukende punkstampers waartussen zelfs plaats was voor de Solomon Burke cover “Cry to me”. Maar daar kan toch niets mis mee zijn. Verandering van spijs doet immers eten. Wat trouwens niet wil zeggen dat die nieuwe nummers niet evengoed telkens als ziedende mokerslagen aankwamen.

De set begon met de vervaarlijk grommende bas van Adam Devonshire waarmee “Colossus” werd ingezet. Meteen werd duidelijk dat Joe Talbot zijn welgekozen woorden nog steeds met een gemene verbetenheid de zaal in spuwt. Niet zonder enige moeite wat zijn geteisterde stem dreigde het af en toe te laten afweten. Net als Sleaford Mods, waarmee de band vaak vergeleken wordt, stampt hij tegen zoveel mogelijk zere benen. Maar in tegenstelling tot de Mods, bij wie het kunstje zijn geheimen snel prijsgeeft, bleef dit dankzij het schuimbekkende punkkwartet achter hem intrigeren tot het einde.
Hofnarren van dienst waren de twee gitaristen die om beurt de zaal in doken. Maar ook Talbot zelf liet zich niet onbetuigd en demonstreerde zowaar een kopstand. Op een gegeven moment stond er bijna meer volk op het podium dan ervoor waartussen ook een, uit het publiek geplukte, jongen die een gitaar in zijn handen geduwd kreeg terwijl hij er voorheen waarschijnlijk nooit één had aangeraakt. Gelukkig stonden al die capriolen het muzikale niet in de weg en bleken songs als “Mother” of de pro immigratie song “Danny Nedelko” bijzonder rake kopstoten.

Nee, dit had alles wat een concert moet hebben: knappe, strak gehouden, nummers, een onwrikbare sound, tonnen energie en de nodige dosis humor.

Vooraf zagen we John, een duo uit Crystal Palace (Zuid-Londen) waarvan beide leden -ik verzin het niet- John heten. Een gitarist en een drummer die tevens de zang voor zijn rekening nam , zorgden voor een stevige, franjeloze sound die onvermijdelijk aan No Age deed denken.
Strak gebrachte brute rock met punk en noise invloeden, het klonk zeker niet onaardig maar was toch iets te eenvormig om zich lang onder mijn hersenpan te blijven nestelen.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Idles

Idles - Britse Invasie (deel III) van een Nieuwe Generatie

Geschreven door

IDLES was de laatste van de 3 bands uit de Nieuwe Generatie Britse Gitaarrock die in een tijdspanne van 5 dagen het Kanaal overstaken. Eerder kon u op deze pagina’s al deel 1 en 2 lezen van de Britse Invasie (met Hookworms op 28, en Slaves op 31 oktober). Meer dan Hookworms en Slaves belichaamt IDLES écht deze nieuwe lichting, zij staan voor alles waar ik de afgelopen twee recensies een lans voor gebroken heb: een politieke boodschap van samenhorigheid (UNITY!) verkondigen, en zichzelf authentiek en kwetsbaar, en dus niet als een rockster, opstellen. Kortom: IDLES, dat zijn de vaandeldragers van de Britse Gitaarrock anno 2018.

Voor de aanvang van het concert hing in de hopeloos uitverkochte Orangerie een merkbare spanning in de lucht. Aan alles voelde je het: hier staat iets te gebeuren. En dat iets, dat bleek achteraf het beste concert dat ik dit jaar bijwoonde te zijn. De spanning werd nog eens extra opgebouwd door hoe de band het optreden begon: “Colussus” werd ingezet door drummer Jon Beavis, waarna bassist (een teddybeer in zwemshort) Alan Devonshire het podium opstapte en inviel met een dreigende baslijn, zanger Joe Talbot al biechtend (“Forgive me father, I have sinned”) de eerste regels declameerde en gitaristen Lee Kiernan en Mark Bowen zich klaarmaakten voor de storm. Toen het nummer ontplofte, deed de zaal dat ook. Bierbekers vlogen de lucht in, en jong én oud, man én vrouw, vormden 1 grote moshpit. Vanaf dan was het dus al snel duidelijk: dit publiek eet uit de hand van Talbot & co.
De energie die de band een heel optreden aan de man brengt is quasi ongezien. Zo houden ze het ook voor zichzelf spannend, en dat moet ook wel, de band is bezig aan een onafgebroken wereldtour, en wie elke avond krak dezelfde show speelt gaat daar uiteindelijk aan kapot. In die val zal IDLES dus niet rap lopen, zij proberen zich bovenal keihard te amuseren. Zo schuimde leadgitarist Mark Bowen tijdens “Danny Nedelko” met microfoon in de hand de volledige zaal af, nam slaggitarist Lee Kiernan op een bepaald moment plaats in het midden van een circlepit, en toen Joe Talbot voor “Exeter” plots opmerkte dat er in de Orangerie geen barriers zijn, werd iedereen uitgenodigd op het podium. Dit zijn slechts enkele voorbeelden in een poging om wat gebeurt op en naast het podium in woorden weer te geven. De realiteit is dat dit echt geen gemakkelijke opdracht is, waardoor dus niet genoeg benadrukt kan worden dat van zodra je de kans krijgt, je dit gewoon live moet aanschouwen.
IDLES is ook meer dan enkel een geweldige liveband. Het vijftal houdt meer dan gelijk welke andere band de vinger aan de pols. Muziek is hun vehikel om brandend actuele issues bespreekbaar te maken en het publiek een spiegel voor te houden. Vluchtelingencrisis? Het opzwepende “Danny Nedelko” is het perfecte antwoord (“my blood brother is an immigrant!”), een verbindend nummer dat UNITY predikt. Brexit? De leugens van het Leave-kamp werden op de korrel genomen in “GREAT”, Talbot voelde zich overigens schuldig dat hij over dit onderwerp moest zingen in de hoofdstad van Europa. Toxische mannelijkheid? “Samaritans” verklaart waarom dit fenomeen ervoor zorgt dat mannen vatbaarder zijn voor een depressie dan vrouwen: “man up / sit down / chin up / pipe down / socks up / don’t cry / drink up / just lie / grow some balls, he said / grow some balls” wordt hen namelijk aangeleerd van jongs af aan. Ook de cover van Solomon Burke’s “Cry To Me” behoort tot deze categorie: “well here I am, boy / cry to me!” Afgaande op het enthousiasme waarmee deze teksten werden meegebruld was de Botanique een optreden lang de mooiste plek op aarde. Een plek waar voor Forza Ninove en andere ranzige racisten geen plaats is, achterbakse politici die hun bevolking voorliegen en zo in een politieke impasse terechtkomen, streng veroordeeld worden, en waar het volstrekt normaal is dat mannen zich kwetsbaar opstellen en hun gevoelens uiten. Maakt dit IDLES te politiek? Dat hangt ervan af wat uw invulling van ‘te politiek’ is. Ik vind de mening “Brexit is kut, mannen mogen gerust wenen, en immigranten moet je ook behandelen als mensen,” meer een uiting van common sense.
Hun meest recente plaat heet ‘Joy As An Act Of Resistance’, en daarmee dekken ze eigenlijk zelf perfect de lading. Het optreden draaide rond plezier maken, zowel voor de band als voor het publiek. IDLES bewees dat ook op rockoptredens het dak er nog steeds kan af gaan, terwijl vaak schertsend beweerd wordt dat je daarvoor tegenwoordig op hiphopoptredens moet zijn (er zit een grond van waarheid in, check bijvoorbeeld eens de clip van Roméo Elvis’ laatste single “Pogo”). Tussendoor probeerde de band ook om van de wereld een betere plaats te maken door een positieve boodschap te verkondigen. Een broederlijk sfeertje dus, hoewel ze in de Botanique misschien eerder aan preaching to the converted deden. Je moet ergens beginnen natuurlijk, na dit concert keerde alvast niemand naar huis zonder de overtuiging dat UNITY de weg vooruit is.

Nu moet enkel nog de balans opgemaakt worden van het drieluik. Is die nieuwe golf van Britse gitaarbandjes nu echt zo interessant? Dit verhaal begon met Hookworms, dat zeker en vast een puik optreden afleverde. Van hen gaan we echter niks meer horen, want hun passage in de Botanique was meteen ook hun laatste optreden ooit. Afgelopen week bleek dat zanger MJ Johnson, die altijd als eerste op de barricades staat om de slachtoffers te verdedigen bij een geval van sexual harassment in de muziekwereld, zélf niet al te koosjer is op dat vlak. De gedegouteerde bandleden besloten vervolgens om er de brui aan te geven. De enige juiste beslissing, hoe jammer dat voor die overige bandleden ook is.
Op Halloween wist Slaves het Gents publiek in te pakken met een mix van aanstekelijk enthousiasme en tongue-in-cheek humor.
Allemaal bijzonder fijn, maar het was IDLES dat er met kop en schouders boven uitstak , zij bewezen hét gezicht te zijn van deze fameuze nieuwe generatie Britse gitaarrock: rockstarshit kan hen gestolen worden, ze prediken een heldere politieke boodschap, en authenticiteit en kwetsbaarheid zijn begrippen die hen na aan het hart liggen.
Dat de jongens van Shame, die andere voortrekkers van the class of 2018, alvorens ze op 13 december afzakken naar de AB, hun tenen mogen uitkuisen om IDLES van die troon te stoten. On se voit là-bas.

Organisatie: Botanique, Brussel

Isolde Lasoen

Isolde Lasoen et Les Bens – Isolde XL - Isolde Lasoen, van alle markten thuis

Isolde Lasoen et Les Bens stelden afgelopen woensdag de plaat ‘Cartes Postales’ voor aan het Brugse publiek. Daarmee waren de Bruggelingen bij de laatste in de rij, want Isolde haar debuutplaat is ondertussen al een jaar verschenen. Eens zien of Isolde Lasoen en haar Bens al aan het einde van hun Latijn waren.

Isolde Lasoen opende met “Les Belles”. Toepasselijk, want de pianist zorgde voor wat ‘Halloweenachtige’ deuntjes. De band kwam sluipend vanuit de duisternis het podium op. Het was even wachten, maar daarna hoorden we de mooie stem van Isolde erover heen gaan. Een fijn begin van het optreden. Dartel en duister tegelijkertijd.
“Reine Des Plages” vervolgde de set. Daarvoor vond Lasoen haar inspiratie in de gaanderijen van Oostende, waar de foto’s van Maurice Antony indruk maakten. Het nummer is zacht, maar je hoort er wel een zachte zeebries in, zeker met enkele oohs van de zangeres erbij. Met de ogen dicht, kan je jezelf aan zee wanen.
Dan was de inspiratie voor song “Cartes Postales Francaises” wel iets spannender, want daarbij denkt Isolde Lasoen aan erotische postkaartjes van vroeger. “Nog explicieter dan wat we vandaag soms zien”, vertelde ze erbij. Nu ja, elk zijn meug natuurlijk. We hoorden het iets klassieker, zeker op het einde van het nummer, met wat tristesse erbij. Dat werd vingerknippend verder gezet in “Pas D’Amour, Pas De Retour”. Een chanson dat alweer erg zachtaardig klonk en waarvoor Belgiës bekendste percussioniste vanachter haar drumstel kroop.
Isolde en Les Bens gingen voor even verder in het Engels met “Wishful Thinking”. Een poppy song, die voor meer schwung in de set zorgde. De erg sterke pianist eiste hier voor het eerst een hoofdrol op.
Tot dan zat er jammer genoeg iets te weinig pit in ons optreden. Goede nummers, zeker wel, maar er ontbrak nog iets. Dat veranderde vanaf ze “Samba des Diables” begonnen te spelen. Er gebeurde gewoon veel meer, en de Bens konden nu echt uitpakken met hun talenten. Het leek alsof ze het zelf plots ook fijner vonden. Met een heel Braziliaanse knipoog hoorden we sambaballen, vogel- en oerwoudgeluiden. De contrabas werd bovengehaald en de blazers konden er lekker overheen gaan. Enige (kleine) tegenvaller: wanneer het publiek mee mocht zingen, werd er nogal mak gereageerd. Klappen: ja. Meezingen: stap te ver. Jammer, want het had de sfeer er alleen maar beter op gemaakt.
En bij “Aluminium Folie” ging het speels verder, zij het weer in typische chansonsfeer. De 6 mannen naast Isolde namen het zelfs wat over, maar dat liet ze natuurlijk graag gebeuren. Verder hoorden we “Stay Gold”, dat wat heftiger begon, en “Hurt”, dat een beetje dissonanter klonk dan de rest. Ook “Road N1” was leuk om te horen.
Daarna kroop de frontvrouw weer vanachter haar drumstel om “Provocateur” in te zingen. Een heel simpel liedje, waarin het pianoriedeltje de show steelt. Het nummer werd ook gebruikt voor Temptation Island, waarna de band er gretig gebruik van maakt om er af en toe eens met erotische stemmen temptation tussen te gaan zingen.

Het einde van het optreden kwam eraan, maar niet voor we nog een prachtig intermezzo kregen waarin elke muzikant zijn moment kreeg met een jazzsolo. Het werd een geweldig stukje muziek waar er een beetje Booker T in Isolde en Les Bens was geslopen. Fantastisch om te eindigen, en we kregen nog twee bisnummers als toemaatje. De topper was een soort Balkanversie van Marie Laforêts “Mon Amour, Mon Ami”. De band jaagde de pianist op, waardoor het nummer steeds sneller en sneller ging. Zalig om te zien, en voor het eerst op tournee versloeg de pianist Isolde Lasoen. Ze stak het dan maar gauw op haar aankomende baby. Een heel mooie noot om het optreden te eindigen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/view-album/155

Organisatie: Cultuurcentrum, Brugge

Pagina 360 van 964