logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Hooverphonic

K-Conjog

Millennials Otters EP

Geschreven door

De Italiaanse multi-instrumentalist, experimentele kunstenaar en virtuoos K-Conjog brengt met ‘Milennials Otters’  een bijzonder veelzijdige EP uit boordevol remixes van die ene song. Telkens vanuit een ander oog of oorpunt uit bekeken. Vaak in samenwerking met al even begenadigde muzikanten die '’muziek tot kunst verheffen’' hoog in het vaandel dragen. De EP kwam op de markt via Schole Records. De man heeft al heel wat ervaring opgedaan binnen dat typische Elektronische muziekwereldje. Sinds 2004 vuurt hij parel na parel op de aanhoorder af. Ook anno 2018 komt dus nog steeds geen einde aan zijn onuitputtelijke drang zichzelf opnieuw uit te vinden, gelukkig maar.
Op zijn facebook pagina lezen we het volgende: ‘Simpele muziek voor vervormde geesten’. Dat is inderdaad de rode draad in elk van de remixes. Dat begint al met de originele track. Een experimentele parel van circa zes minuten, waarin K-Conjog laat zien en horen dat hij een elektronica expert is die heel bewust buiten de lijntjes kleurt. Met een enorme zin voor voortdurend improviseren, waardoor de luisteraar van het kastje naar de muur en terug wordt gestuurd. Net door op deze wijze een muur boordevol elektronische pareltjes op te bouwen, zorgt hij er dan ook voor dat de aanhoorder geboeid blijft luisteren en genieten.
Geluidsmuren afbreken en dreigend uithalen dat is er niet direct bij. Maar bij elke remix hoor je dan wel weer een andere zijde van die welbepaalde song, die je voordien nog niet had ontdekt. Meer nog het stopt niet bij één luisterbeurt. Na een tweede luisterbeurt doe je weer nieuwe ontdekkingen. En het blijft maar doorgaan. Tot het oneindige. Dat de man bewust kiest voor een samenwerking met artiesten die op diezelfde wijze muziek tot kunst verheffen, is eveneens een meerwaarde binnen het geheel. Dat blijkt bijvoorbeeld uit die fijne remix met Daisuke Miytatani, ook al geen onbekende meer voor ons.
Deze Japanse kunstenaar tast de grenzen van Ambient af waar eveneens geen grenzen zijn. In samensmelting met K-Conjog ontstaat dan ook iets onaards en onbeschrijfelijk magisch mooi. Het lijkt wel alsof buitenaardse muziek onze aarde is binnen gedrongen. Het meest opvallende, er ontstaat ondanks alle veelkleurige soundscapes die de artiesten op deze onaards aanvoelden remix op u afvuren geen chaos, wat nog meer indrukwekkend kan genoemd worden.
Besluit: K-Conjog brengt met ‘Millennials Otters’ vooral een veelzijdige EP uit, en laat enorm veel kanten van zichzelf horen en zien in die ene song en de uiteenlopende remixen daarvan. Maar toch laat hij heel bewust niet compleet in zijn kaarten kijken. Het is net dat mysterieuze binnen zijn muziek dat ons nog het meest over de streep trekt. De virtuoos met Elektronische klanken brengt een waar kunstwerk uit, waar de grenzen van dat onmogelijke voortdurend en tot het oneindige worden afgetast.
Deze EP is dus feitelijk geen voer voor gevoelige zieltjes of mensen die graag toegankelijke wegen bewandelen binnen de elektronische muziek. Maar eerder voor aanhoorders die eveneens houden van zich laten bedwelmen door bevreemdend aanvoelende klanken die je tot rust brengen maar ook je door elkaar schudden., en je met veel vragen achterlaten. Wat deze EP net zo buitengewoon spannend maakt, is dan ook dat boek meerdere keren lezen en gloednieuwe ontdekkingen te doen, bij elke nieuwe luisterbeurt, die je zal verwonderen en ontroeren.

Tracklist:
1.         Millennials Otters 06:36
2.         Millennials Otters (akisai remix) 05:42
3.         Millennials Otters (daisuke miyatani remix) 04:20
4.         Millennials Otters (edit) 04:00

Carrion

Time to Suffer

Geschreven door

Net zoals een zaadje in de grond tijd nodig heeft om uit te groeien tot een heuse boom, zo hebben sommige bands iets meer tijd nodig om uit te groeien tot absolute top binnen hun muziekstijl. Neem nu Carrion. Deze Gentse Death Metal band timmert sinds 2007 aan de weg. Heeft ondertussen heel wat water doorzwommen, en bracht in 2015 met ‘Revelation’ een gesmaakt debuut op de markt. Echter stak de band daarmee niet boven de gemiddelde bands binnen het genre uit. Onze recensent schreef daarover: ''Het mag duidelijk zijn, de heren van Carrion bewijzen met deze debuutplaat over voldoende potentieel te beschikken. Wat de toekomst zal brengen kan niemand voorspellen, hoopvol zijn we echter zeker gestemd!"
Door de jaren zagen we Carrion groeien in hun kunnen. Ook, en vooral, op het podium bleek dat het geval. Toen we de heren in 2017 zagen aantreden op het festival Black Out Bash konden ze ons puur muzikaal zeker overtuigen. Maar toch bleven we wat op onze honger zitten, door het gebrek aan spontaniteit.
Anno 2018 lijkt Carrion echter klaar om die grote stap voorwaarts te zetten naar - laat ons maar zeggen - eeuwige roem. In ELPEE te Deinze zagen we eindelijk die goed geoliede machine staan op het podium. Op 22 juni komt een gloednieuwe schijf van de Oost-Vlaamse band op de markt: ‘Time To Suffer’, via Mighty Music. Bij een eerste luisterbeurt waren we nog niet compleet overtuigd, maar dit blijkt een groeiplaat te zijn die je de nodige kansen moet geven.
Om met de deur in huis te vallen. Die eerste songs “So It Begins”, “Mutilation” en “Supreme” klieven als een botte bijl doorheen je vege lijf. Zoals dat binnen het genre gewoon moet zijn. Origineel is het wellicht allemaal nog steeds niet. De vraag is, hoeft dat? Of eerder, kan dat nog? Carrion brengt het soort gedoodverfde Death Metal en aanverwante waarmee bands als Aborted ook groot geworden zijn. Maar daar waar Carrion eerder wat bleef hangen binnen die gezapige middenmoot, blijkt uit deze schijf dat de band duidelijk is geëvolueerd naar absolute wereldtop binnen het genre. Echter het meest opvallende op deze tweede schijf is het aanbieden van enorm veel tempowisselingen en variatie.
Bij sommige songs worden alle registers open gegooid, geluidsmuren opgebouwd en in een razendsnel tempo terug afgebroken. Waardoor een chaos ontstaat, die als een mokerslag in het gezicht terecht komt. Bij andere songs zoals komt de meer groovy kant van Carrion naar boven. We houden van beide kanten van de band. Net omdat Carrion daardoor de aandacht scherp houdt op deze schijf. Er zijn weinig minpunten te vinden aan ‘Time To Suffer’. Behalve dus die ene bemerking dat je de plaat meerdere luisterbeurten dient te geven, eer je het allemaal echt zult begrijpen. Echter, en dat kunnen we niet voldoende herhalen, zien we anno 2018 zowel op als naast dat podium een band staan die eindelijk compleet volwassen is geworden. Nog opvallend? In ELPEE viel ons op dat die songs live nog het best tot hun recht komen. Eens op dat podium komen die namelijk compleet tot leven, waardoor menig putten van de Hel prompt compleet open gaan. Ga ze daarom zeker zien als ze uw voordeur passeren.
Carrion trad aan op Antwerp Metal Fest op zondag 1 juli, voor fans van het betere Death Metal tot Aborted. Een aanrader van formaat! Op basis van deze knappe schijf alleen al.

Info:  https://www.antwerpmetalfest.be/

Tracklist:
1.         So It Begins    01:20     instrumental
2.         Mutilation       03:37
3.         Supreme          04:12
4.         Urge    04:26
5.         Plague             04:58
6.         Gingergrind    03:38
7.         Death from Deep Within       03:14
8.         Torment          04:29
9.         Defiled Sanity            05:20
10.       In The End, There Is Only Death      04:41

Jochen Tiberius Koch

Walden

Geschreven door


Jochen Tiberius Koch is een Duitse muzikant die de stilte van de natuur door middel van zijn muziek als het ware tot kunst verheft. Op 27 juli kwam zijn debuut ‘Walden’ op de markt via het label Schole Records. Dit debuut album is geïnspireerd op het boek ‘Walden, of the Life in the Woods’ geschreven in 1854 door de Amerikaanse auteur / filosoof Henry David Thoreau, lezen we in de biografie. Jochen Tiberius Koch weet de onbeschrijfelijke mooie rust van de natuur, ook omschreven in dat boek, dan ook perfect weer te geven binnen zijn muziek waardoor je tot complete rust en kalmte wordt gebracht binnen een melancholische sfeer.
Bewust wordt het tempo heel laag gehouden. Dat is zowel vocaal als instrumentaal het geval. Bij songs als “Solitude”, “The Ponds”, “Baker Farm” hoor je telkens een kloppend hart tevoorschijn komen, waarbij Jochen geen geluidsmuren optrekt maar je ook niet in slaap wiegt. Eerder voelen we ons wegglijden naar onaards mooie oorden, ver verwijderd van de harde realiteit. Dit is dan ook perfecte muziek om in een bos te spelen waar die magische muziek nog het best tot zijn recht komt, bedenken we daarbij. Meteen een hint naar organisaties van een festival als Dunk!festival.
De rustgevende wijze waarop Jochen Tiberius Koch bewust tewerk gaat , heeft een effect op ons zoals dat enkel voorkomt als je daadwerkelijk wandelt door de adembenemende schoonheid van een bos of die onbeschrijflijk mooie natuur; ver weg van de drukte van het leven word je op die plekken daadwerkelijk geconfronteerd met uw eigen kleinheid. Prompt doen songs als “Former inhabitants: and winter visitors, winter animals, the pond in winter” je wegdromen en vol bewondering staan kijken naar die magische schoonheid die letterlijk op jou afkomt.
Besluit: Jochen Tiberius Koch brengt je op zijn debuut in hogere sferen, niet door mokerslagen uit te delen, maar door heel bewust die gevoelige snaren te raken. Binnen hartverwarmend mooie songs, die je verdoven en heel klein doen worden in deze grote wonderbaarlijke mooie wereld van bomen en adembenemende mooie landschappen, boordevol oases van rust en vrede. Met de ogen gesloten voelen we een gelukzalig gevoel over ons neerdalen waardoor we tot complete zen worden gebracht, binnen toch ook een eerder weemoedige en melancholische omkadering. Waardoor tranen opborrelen, en een krop in de keel ons deel zijn.

Tracklist:
1.         solitude 04:16
2.         the bean-field 06:38
3.         the ponds 04:04
4.         baker farm 03:01
5.         higher laws 07:03
6.         brute neighbors 05:36
7.         former inhabitants; and winter visitors 04:44
8.         winter animals 03:40
9.         the pond in winter 03:21
10.       spring 05:31 

Vito

Come See Me Again (single)

Geschreven door

Na het eerder dit jaar uitgebrachte "Ever Since I Got To This Town" komt Vito, de Gentse band rond Vito Dhaenens, met een wel heel zomerse single. "Come See Me Again" opent vrolijk en vrijblijvend, als een beetje lo-fi-Beach Boys, om zich dan te ontpoppen tot een kruising tussen Tom Petty en The War On Drugs.

Deze nieuwe single klinkt meer dan de vorige als een rockband met een basisopstelling (gitaar, bas, drum) en met de toetsen helemaal op de voorgrond. Voor een goede rocksong zal er altijd wel een publiek blijven bestaan. De band herkent in het eigen repertoire een song met hit-potentieel en met een zanger met een aangenaam en heel herkenbaar stemgeluid als Vito Dhaenens zitten ze gebeiteld. Het geheime wapen van “Come See Me Again” is zonder meer de raak gekozen klank die de toetsenist uit zijn instrument tovert.

Deze single brengen ze overigens ook in hun Vinyly Live Session (te vinden op YouTube).

Laat deze Vito nog maar wat van die prachtige singles opnemen vóór ze aan een volledig album beginnen.

 

The Breath

Let The Cards Fall

Geschreven door

Het muzikale hart van The Breath vormen het duo Rioghnach Connolly en Stuart McCallum. Riognach is zangeres, fluitiste en van Ierse afkomst maar woonachtig in Manchester. Ze is bekend van haar werk met Afro Celt Sound System en Honeyfeet. Stuart is een echte Manchester boy en gitarist.
‘Let The Cards Fall’ volgt op hun goed onthaalde plaat (‘Carry Your Kin’) uit 2016. ‘Verander niet van winnend paard’ zeggen ze wel eens. Dat kan je ook zeggen over deze ‘Let The Cards Fall’. De elementen en stijl van hun voorganger zijn gebleven. Er wordt op dezelfde weg verder gegaan. Dat is niet meteen negatief want het betekent ook dat we terug goede songs krijgen. Dit allemaal in een modern indie/folk-jasje gestoken met o.a. akoestische gitaar, fluit, Ierse accenten en de indrukwekkende stem van Rioghnach. Soms zijn de songs dromerig of zweverig dan weer eerder indiefolky.
De opener is een korte vocale intro begeleid door enkel een gitaar. Het doet wat aan Clannad denken, maar verder ontplooien ze in het album volledig hun eigen stijl. “All That You Have Been” is dan de eerste echte song. En meteen raak: prachtige zang en catchy backings. Een mooi uitgewerkte song. Single en titelnummer “Let The Cards Fall” is ingetogener en fragieler gezongen maar minstens even mooi.
Acht songs bevat dit album die telkens tussen de vier en zes minuten lang zijn. Rijkelijk gestoffeerd met viool, backings, fluit, piano etc… Toch heb je geen gevoel van overdaad.

‘Let the Cards Fall’ is een goed en afwisselend pop/folk album geworden met mooie arrangementen en vocals. Zou niet misstaan op Dranouter, Sfinks of Gent Jazz.

Charles in the Kitchen & Them Stones

Stones in the Kitchen – A double-sided split single

Geschreven door

Pop/Rock
Stones in the Kitchen – A double-sided split single
Charles in the Kitchen & Them Stones
Division Records
2018-08-02
Wim Guillemyn

Twee Zwiterse bands uit Neuchatel sloegen de handen in elkaar voor deze split-single. Dat levert een single met twee tracks op.
Met “Arrogant Teenage Rag” krijgen we van Charles in the Kitchen een energieke rocksong. Neem de vibes van The Hives en de Queens of the Stone Age en je krijgt deze sympathieke rock and roller te horen. Dit vijftal heeft al enkele albums op hun conto staan sedert ze begonnen in 2011.
Them Stones levert met “Alone” een iets donkerder nummer op dat in de verte wat aan Alice in Chains en Soundgarden doet denken. Hier krijgen we rock met grunge invloeden. Them Stones bestaat sedert 2012 en heeft in 2015 een album uitgebracht. Oorspronkelijk zaten ze muzikaal eerder richting stoner rock terwijl ze nu meer jaren 90 grunge invloeden verwerken in hun muziek.

Beiden leveren, elk in hun eigen stijl, een prima song af waarmee ze aantonen over de nodige kwaliteiten te beschikken. Nog een ietsje pietsje meer eigenheid en ze komen zo boven de middelmaat uit.

Suikerrock 2018 - Bevestigingen, nostalgie trips en ontroeringen

Geschreven door

Suikerrock 2018 - Bevestigingen, nostalgie trips en ontroeringen
Suikerrock 2018
Grote Markt
Tienen
2018-07-28 + 2018-07-29
Erik Vandamme

Daar waar sommige stadsfestivals - op een paar uitzonderingen na - het de laatste jaren moeilijk krijgen, weet Suikerrock zich te handhaven in de wirwar van dat festival aanbod. Want laat ons eerlijk zijn het is voor een organisator niet meer gemakkelijk geworden om een goed programma samen te stellen. In ons land is er namelijk een overaanbod aan festivals, waardoor bands of artiesten maar hebben uit te kiezen waar ze willen of kunnen spelen, en dus niet meer exclusief op bijvoorbeeld Suikerrock staan of eerder willen aantreden op de grotere festivals in diezelfde periode.
Maar toch slaagt Suikerrock er ook in 2018 in een mooie mix aan te bieden van bands die ooit enorm hoge toppen scheerden en niet meer zoveel te zien zijn in ons land. Tot talentvolle artiesten die aan het doorbreken zijn, klaar om de wereld te veroveren. Maar vooral schotelt Suikerrock een affiche voor die zowel kindvriendelijk is, jongeren - mede door de extra dance en acoustic stage midden in het centrum -  aantrekt als de iets oudere festivalganger die komt voor een nostalgie trip.
Wij vertoeven twee dagen op het festival. Zaterdag 28 juli was met kleppers als The Goo Goo Dolls, White Lies, Alanis Morissette en Anouk compleet uitverkocht. Ook zondag was er veel volk komen opdagen. Dit vooral voor de kindernamiddag met The Ketnet band en Soufiane Eddyani en Gers Pardoel.
Wij kozen op zondag echter voor het avond programma met Stan Van Samang, OMD en Kool & The Gang. Ook bij Stan Van Samang stond de Grote Markt nog heel goed gevuld. Bij OMD en Kool & The Gang was dit plots heel wat minder.

zaterdag 28 juli 2018 - Girlpower een blij weerzien en een tijdreis naar de toekomst
Sons (****)
In eerdere verslagen gaven we het al aan. Sons is een jonge Belgische band dat op korte tijd aan een steile opmars naar boven toe bezig is. Het einde is totaal nog niet in zicht. Over het aantreden van de band op Rock Herk - vorig weekend - schreven we het volgende: SONS  laat voor de derde keer dat we ze op korte tijd aan het werk zien, weer een diepe indruk achter. Waardoor we die stelling dat een gouden toekomst heel dichtbij is, niet uit de lucht is gegrepen. Integendeel. We zien een band die op korte tijd is gegroeid, en nog aan het groeien is. Waar dat gaat eindigen? Aan de absolute top van het Alternatieve rock gebeuren in ons land en ver daarbuiten. Zeker weten!"
Op Suikerrock had Sons aanvankelijk af te rekenen met een - laat ons maar stellen - iets moeilijker in te palmen publiek. Bovendien moesten ze het festival op deze zonnige dag  - terwijl de meeste mensen nog fijn op het terras zitten te genieten van een frisse pint - openen. De meeste aanwezigen kwamen bovendien duidelijk voor White Lies, The Goo Goo Dolls, Anouk tot Alanis Morissette. Maar dat liet de hyperactieve frontman Robin Borghgraef niet aan zijn hart komen. Hij zet alles in het werk om er voor te zorgen dat het publiek alsnog uit zijn hand eet. En slaagt daar met brio in, na een wat moeizame start, net door zijn bijzonder charismatische uitstraling. Gerugsteund door uiterst strak spelende klasse muzikanten. Meerdere keren waren we onder de indruk van de virtuositeit van de gitaristen van dienst die door middel van betoverende solo riffs de haren op onze armen deden naar omhoog komen van puur innerlijk genot.
SONS bevestigt op Suikerrock dat ze in staat zijn om groot, heel groot te worden in de zelfs heel nabije toekomst. Als je erin slaagt om een vrij statisch publiek, dat nog geniet van de zon en omgeving, uiteindelijk compleet in vervoering te brengen, dan moet je heel sterk in je schoenen staan. Top concert!

Milo Meskens (***1/2)

Na die wervelstorm van Sons bracht singer-songwriter Milo Meskens weer wat rust in ons hoofd en hart. Twee jaar geleden waren we op het festival Little Waves in Genk al onder de indruk van zijn bijzonder warme stem, die gevoelige snaren raakt. Milo Meskens is zo een artiest die het niet moet hebben van grote gebaren en veel show elementen, maar zijn bijzondere stem voor zich laat spreken. Binnen de intieme omgeving op Little waves twee jaar geleden zorgde dat voor een kippenvelmoment dat we niet snel zullen vergeten. En toch op Suikerrock zagen we eveneens een artiest die eveneens de nodige interactie, kwinkslagen en humor boven haalt om zijn publiek over de streep te trekken. Wat weer een stap vooruit is op weg naar die eeuwige roep. Milo Meskens had het net als zijn voorganger in eerste instantie een beetje moeilijk om iedereen te overtuigen van zijn kunnen, maar ook hij liet dit totaal niet aan zijn hart komen, en zet alle registers open om zijn doel te bereiken.
In menig media lezen we vergelijkingen met Jeff Buckley. Milo Meskens heeft inderdaad diezelfde hemelse uitstraling als Buckley en beschikt over dat unieke stembereik waardoor harten worden gebroken. Ook al blijft alles wat hangen binnen gezapige middelmatigheid. Milo Meskens bewijst een unieke, sterk onderschatte  parel te zijn binnen dat typische Belgische singer-songwriter gebeuren , die net door zijn stem en uitstraling, het inderdaad enorm stil maakt in ons hart en gedachten. En daardoor, vooral dan toch de voorste rijen, compleet in vervoering kan brengen. Tot we met de krop in de keel een traan wegpinken in diepe gedachten verzonken.

The Goo Goo Dolls (***1/2)

Goo Goo Dolls is in 1986 in opgericht door John Rzeznik, Robby Takac en George Tutuska, en heet eerst de Sex Maggots. De band verandert deze naam in Goo Goo Dolls (geïnspireerd door een advertentie in een True Detective magazine) op verzoek van een clubeigenaar die de band anders niet wil laten spelen. Zo lezen we in menig biografie. The Goo Goo Dolls werden vooral bekend dankzij die ene hit “Iris”. Van de soundtrack van de film ‘City of Angels’. De band heeft wel altijd zijn stempel gedrukt op de rock muziek in de jaren '90, maar een heel grote doorbraak is er nooit echt gekomen. Op Suikerrock zien we een band die anno 2018 vooral niet naast zijn schoenen is beginnen lopen, ondanks al dat succes. De beweeglijke frontman zoekt voortdurend zijn publiek op, port hen aan tot bewegen en slaagt er - wederom na een toch wat moeizame start - de meeste uit zijn hand te doen eten. The Goo Goo Dolls is een band die de stelling ‘schitteren in eenvoud' trouwens hoog in het vaandel draagt, waardoor we nog meer over de streep worden getrokken.
Na een wat trage en moeizame stem, slaagt The Goo Goo Dolls er dus eveneens in ons en velen met ons te overtuigen van hun kunnen. Het is echter vooral het feit dat de band na al die jaren nog steeds een spontaniteit uitstraalt van jonge wolven in het vak, dat ons dus het meest over de streep trekt. The Goo Goo Dolls zijn bovendien een band die het dus niet moet hebben van overdreven show elementen, maar eerder overtuigen door het brengen schitterende gitaar muziek, gerugsteund door een heel goed bij stem zijnde frontman die bovendien een hoge dosis charisma uitstraalt.
Setlist: Dizzy
//Slide //Big Machine //Rebel Beat //Here Is Gone //Black Balloon //Free of Me //So Alive //Name //Over and Over //Stay With You //Bringing On The Light //Better Days //Broadway //Iris

White Lies (****1/2)
Nog zo een levende legende, die vooral in de periode 2007 en 2009 hoge ogen gooide is White Lies. Hun debuut plaat ‘To Lose My Life’ is uitgegroeid tot een klassieker. Ook al deed de band het met ‘Ritual’ (2011) eveneens niet slecht. Het bleef de jaren daarop echter vrij stil rond White Lies. Ook al heeft de band ondertussen niet echt stil gezeten, het vet leek wat van de soep. Ook White Lies had het aanvankelijk wat moeilijk op het publiek van hun kunnen te overtuigen. Maar dat was weer eens buiten de al even charismatische frontman - blijkbaar waren er veel charismatische frontmannen en vrouwen op deze festivaldag - gerekend die bleef bonken op de poort tot die compleet open vliegt. White Lies legt de lat ook instrumentaal enorm hoog, en beschikt voldoende hits om ook de minder aandachtige toehoorder over die streep te trekken. Vooral met songs als “Hold back your love” en “Bigger than us” kreeg de band de handen uiteindelijk toch op elkaar. 
White Lies overwon met brio deze toch wel heel moeizame trip om zijn publiek compleet in te pakken, net door niet te trappen in de val van het brengen van een vervelende routineklus maar een hoge dosis spontaniteit aan de dag te leggen waardoor je uiteindelijk gewoon overslag moet gaan. Maar eveneens door, ondanks die moeizame start, te blijven op die gaspedaal duwen, tot de motor vanzelf aanslaat.
Naar het einde van de set toe werden alle registers dan ook compleet open getrokken, en ging dat dak er alsnog volledig af. Waardoor de hard werkende band zijn doel uiteindelijk bereikte.

Anouk (***)
Het werd ons al vrij duidelijk wie de echte publiekstrekker zou worden van deze festivaldag. Anouk zorgde ervoor dat de Grote Markt voor het eerst op deze festivaldag pas echt compleet vol liep. Niet zo verwonderlijk de (jonge)dame straalt gebalde rock-'n-roll uit van zelden hoog niveau. En beschikt - naar mijn mening -  over een stem en uitstraling die me subtiel wat doet denken aan Janis Joplin, wat kan gezien worden als een compliment. Anouk trekt direct alle registers open met een subliem gebrachte “Girl” en spreekt tijdens de eerste songs zowaar haar publiek aan.
De enorm goed bij stem zijnde zangeres gooit zowel bij de rustigere als rauwere songs vooral die bijzondere stem als wapen in te zetten in de strijd om het publiek in te pakken. Ze slaagt daar dan ook met brio in, want iedereen gaat prompt overslag vanaf de eerste tot de laatste noot. Bovendien laat Anouk zich omringen door al even begenadigde muziekanten, en top achtergrond zangers. Die een meerwaarde blijken te zijn binnen het geheel.  
Helaas, door de stille momenten tussenin en de toch wel bitter weinig interactie, zakt alles gaandeweg als een pudding in elkaar en krijgen we plots een iets te routineuze set voorgeschoteld waardoor we wat op onze honger blijven zitten. Daar kunnen sublieme gebrachte songs als “Nobody’s Wife”, het pakkende en hartverscheurend mooie “Lost” en knetterende afsluiter “Good God”. Helaas niets aan veranderen.
Setlist:
Girl //Been Here Before //Run Away Together //Burn //Down & Dirty //Modern World Killer Bee //Three Days in a Row //Looking for Love //Nobody's Wife //Lost //Jerusalem//Good God

Alanis Morissette (****)
Voor haar aantreden op Suikerrock circuleren op de facebook pagina Alanis Morissette berichten dat ze diende verzorgd te worden in het ziekenhuis, na een valpartij. We waren benieuwd of ze wel zou komen opdagen, en hoe. Blijkbaar hadden de nodige pijnstillers hun werk gedaan want Alanis bracht een heel energieke set n, ze bewoog haast voortdurend over dat podium. Echter hadden die pijnstillers wel effect op haar stem, hadden we de indruk. Ook het geluid zat niet altijd even goed. Maar toch. Hoe ze het deed met een kapotte knie, zo energiek voor de dag komen? Het is ons nog steeds een raadsel want Alanis stond gedurende de volledige set dus werkelijk geen seconde stil op dat podium, al zagen we soms aan de grimassen in haar gezicht dat ze de pijn verbeet. Bovendien straalt ze na al die jaren, met een heel andere look trouwens want haar lange haar is ze blijkbaar kwijt, een enorm hoge dosis spelplezier uit waardoor ze bij ons een paar extra goede punten scoort.
Alanis Morissette haar grote wapen 'de stem' liet het door omstandigheden deze keer lichtjes afweten. Maar voor haar uitstraling, doorzettingsvermogen en onuitputtelijke energie die ze na een zo pijnlijke valpartij naar voor brengt? Daarvoor kunnen we alleen maar enorm veel respect opbrengen. Alanis Morissette bracht dus vooral een heel strakke, energieke set naar voor die aan de ribben blijft kleven van begin tot einde op een indrukwijkende wijze zoals enkel een rock artieste 'pure sang' als Alanis Morissette dat kan. Pure klasse!
Setlist: All I Really Want //21 Things I Want in a Lover //Forgiven //Woman Down //You Learn //Mary Jane //Guardian //Right Through You //Hand in My Pocket //Everything //So Pure //Head Over Feet //Hands Clean //Ironic //You Oughta Know ///Encore:///Uninvited //Thank U

Zondag 29 juli 2018 - Een avond boordevol bommetjes pure nostalgie
Stan Van Samang (*****)
We maakten ons op voor een avond boordevol nostalgie. Maar eerst mocht Stan Van Samang het namiddag programma afsluiten. We waren net op tijd op te zien hoe Gers Pardoel met een laatste song een overvolle Grote Markt in vervoering bracht. Ook Stan Van Samang kon, helemaal terecht, op veel bijval rekenen. Het was zijn eerste festivaloptreden van deze zomer wist hij te vertellen. Hij is ondertussen ook papa geworden, en daardoor is hij tien jaar ouder geworden, zo blijkt. Want de zoon is net als hem een nachtmens.
Om maar te zeggen. Stan Van Samang mag dan een succesvolle zanger, acteur en entertainer zijn. Je voelt prompt aan dat dit succes er niet voor zorgt dat de man naast zijn schoenen begint te lopen. Dat straalt hij niet alleen uit op dat podium, ook gaat hij na het concert gewoon een pak friet gaan halen op die grote Markt en laat hem gewillig fotograferen door zijn fans. Het siert hem.
Het concert zelf dan? Wel, eigenlijk doet Stan Van Samang gewoon wat hij ook tijdens zijn laatste passage in 2016 heeft gedaan. Een wervelend dansfeest bouwen, waarbij ook harten diep worden geraakt. Stan Van Samang speelt zijn talent als acteur eveneens uit om zijn publiek te bekoren, maar je voelt en hoort dat hij wel meent wat hij zegt en zingt. En ook dit siert hem. Menig hit zing je prompt uit volle borst mee, en ook gaat Stan zijn publiek letterlijk opzoeken, zowel in de middengang voor het podium als voorbij de PA. En zorgt zo voor een knallende afsluiter van de namiddag om plaats te maken voor de iets oudere muziekliefhebber die dus komt voor een potje nostalgie uit de jaren '70 tot '80.

OMD (****1/2)
Ondertussen was het publiek heel sterk uitgedund voor de afsluiters van deze laatste festivalavond. OMD wil de aanwezige Jaren '80 fans echter de avond bezorgen waarvoor ze gekomen zijn. Een avond gevuld met hits en een bord boordevol nostalgie uit die tijden toen OMD even hoge toppen scheerde als bijvoorbeeld Depeche Mode en aanverwanten. Startende met een klepper als “Enola Gay” legt de band de lat direct heel hoog, en grijpt zijn publiek letterlijk bij de keel om niet meer los te laten tot het einde.
Hoewel frontman Andy McCluskey de meeste aandacht naar zich toetrok, was het eerder de gezapige wisselwerking tussen hem en Paul Humphreys dat ons nog het meest over de streep trok. De heren voelen elkaar niet alleen blindelings aan, ze vuren grappige kwinkslagen naar elkaar af en gunnen elkaar voortdurend een bevoorrechte plaats in de spots. Paul, die nog steeds goed bij stem blijkt te zijn, mag zelfs geregeld zijn toch wel heel bijzondere warme stem in de strijd gooien. Een stem die trouwens heel goed past bij de aanstekelijke elektronische pareltjes van OMD . Meer nog, zijn inbreng vormt zelfs een meerwaarde binnen het geheel.
Dit zonder afbreuk te doen aan de overige muzikanten van de band. Zo waren we onder de indruk van de saxofoon inbreng van Martin Cooper die met enkele gesmaakte sax solo's ons meerder keren een krop in de keel bezorgde. OMD profileerde zich op Suikerrock dus vooral als een volleerde hitmachine. En vuurde de ene vuurpijl na de andere af op het publiek, dat dan ook uitzinnig reageerde op gedoodverfde hits als “Messages”, “Souvenir”, “Maid of Orleans”, “Locomotion” en “Tesla girls”. Om uiteindelijk af te sluiten met “Electricity” waarbij alle registers nog maar eens werden open gegooid en een wervelend dansfeest anno 1980 ontstond, dat ons met een goed gevoel achter liet.
OMD heeft al lang niet meer de impact op een ruim publiek als toen, zeker niet met hun nieuwste platen. Maar de band zorgt op Suikerrock wel voor een wervelend, gezapig dansfeest dat ons terug brengt naar die wilde jaren '80 toen we op wilde feestjes uit de bol gingen op “Electricity” en andere “Maid of Orleans”. Meer hadden wij, en de aanwezige fans, niet nodig om over de streep te worden getrokken. Want hun voormalige helden bezorgden hen gewoon de avond waar zij op hoopten.

Kool & The Gang (*****)
Ook Kool & The Gang heeft met songs als “Celebration”, “Get down on it”, “Cherish”, “Let’s go dancing”, “Joanna” een reeks hits gescoord die zoveel jaren later nog steeds zorgen voor menig wervelend Funk/Disco feestje. Van de originele bezetting schiet niet veel meer over, maar de songs staan nog steeds als een huis, en worden met nog even veel liefde gebracht als voorheen. Kool & The Gang zijn dan ook vaandeldragers van die typische Funk/disco muziek waarbij blazers, trompet en sax een voorname plaats innemen. Bovendien zijn er die aanstekelijke danspassen, kleurrijke kledij en zangers die door een al even veelzijdige aanpak het publiek aanzetten tot bewegen tot de vroege uurtjes.
Ook Kool & The Gang moest het doen voor een sterk uitgedund publiek. Maar liet dit totaal niet aan zijn hart komen. Integendeel zelfs. En bracht een stomende set naar voor, die ook ons aanzetten tot een dansje plaatsen alsof we weer in die jaren '70 waren aanbeland. De aanstekelijke muziek van Kool & The Gang past bovendien bij deze zomerse temperaturen. Tijdens hun show steeg die temperatuur zelfs langzaam maar zeker naar een kookpunt. Iedereen op dat podium was trouwens van begin tot einde in beweging, wat zijn uitwerking had op het publiek die meeging in het bouwen van een wild Funk/disco feestje zoals in de jaren '70. Hoewel de fans en de bandleden zelf niet meer zo soepel zijn als toen, zorgde dit aantreden van Kool & The Gang voor een swingende afsluiter van drie dagen Suikerrock.

Besluit : De organisatie van Suikerrock mag terugkijken op een succesvolle editie, want er kwamen circa meer dan honderdduizend mensen afgezakt naar het centrum van Tienen. Bovendien waren zowel combi tickets als de tickets voor zaterdag compleet uitverkocht. En kon de organisatie ook op de beide andere dagen op heel wat bijval rekenen. Suikerrock handhaaft daardoor zijn positie als succesvol stadsfestival, dat aan democratische prijzen een affiche voorschotelt voor alle leeftijden, kleuren en smaken.
Een uiterst geslaagd weekend  in Tienen. Tot volgend jaar!

Organisatie: Suikerrock, Tienen

Binic Folks Blues Festival 2018 - Rock-‘n-roll dood? Niet in Binic!

Geschreven door

Binic Folks Blues Festival 2018 - Rock-‘n-roll dood? Niet in Binic!
Binic Folks Blues Festival 2018
Côtes d’Armor (Festivalkaai)
Binic (Bretagne)
2018-07-27 t/m 2018-07-29
Ollie Nollet

Twee jaar geleden had ik nochtans gezworen er nooit nog terug te zullen komen. Het eens zo pittoreske festival was compleet uit zijn voegen gebarsten. Ik ergerde me rot aan het zo goed als onbestaande sanitair en die zwalpende massa die hectoliters eigen drank het terrein op zeulde kon ook al niet op mijn sympathie rekenen.
Maar de line-up was dit jaar dermate indrukwekkend dat ik het er toch nog eens op waagde, zij het slechts voor één dag. En er bleek toch een en ander veranderd. De site was dit keer afgesloten ( niet hermetisch maar het hielp toch) en alle rugzakken en tassen werden gecontroleerd. Er werd duidelijk ingezet op de veiligheid en af en toe zag je piepjonge, tot op de tanden gewapende, militairen door de straten marcheren wat er dan weer helemaal over was.
Pijnpunt blijft evenwel, ondanks enkele aanpassingen, de sanitaire voorzieningen. Maar dat bleek geen rem op de opkomst die voor deze tiende editie weer duizelingwekkend hoog was. Voor de grote namen moest je er nochtans niet zijn. Zo was de afsluiter vrijdagavond op het grootste van de drie podia Endless Boogie, een groep die ik vorig jaar nog zag in café De Zwerver.  Met zijn vijftig tot zestigduizend bezoekers verspreid over de drie dagen blijft Binic Folks Blues Festival een onverklaarbaar fenomeen.

Verslag van één dag
Het festival opende meteen met de, wat mij betreft, interessantste naam op de affiche : Mr. Airplane Man! Genoemd naar een Howlin’ Wolf song en met een duwtje in de rug van Mark Sandman (Morphine) en Jeffrey Evans (68’ Comeback) maakte dit duo uit Boston net na de eeuwwisseling enkele mooie platen op het legendarische Sympathy For The Record Industry label. Het sprookje duurde echter niet lang. In 2005 was het voorbij en nadat Margaret Garrett (zang/gitaar) een blauwe maandag bij Jack Oblivian’s Tennessee Tearjerkers speelde en Tara McManus (drums + orgel) een plaat opnam met de Turpentine Brothers kozen beiden er blijkbaar voor om moeder te worden en werd er verder niets meer van hen vernomen. Tot in 2014 ‘The lost tapes’, een verloren plaat die op de schappen van Fat Possum was blijven liggen, dan toch nog het levenslicht zag. Een jaar later begon het duo opnieuw te touren waarbij ze onder andere de Vera in Groningen aandeden. Dit jaar verscheen er zelfs een gloednieuwe plaat, het overigens uitstekende ‘Jacaranda blue’, op het Franse Beast Records, een label met een zwak voor schijnbaar uitgerangeerde artiesten. Denk maar aan Jerry en Pauline Teel (Chicken Snake) of Patrick Bourbonnais (Gravel Route). Van die laatste band verschijnt trouwens binnenkort een nieuwe plaat, ‘Mr. Gravel Men’, waarvoor ze samenwerkten met... Mr. Airplane Man. Hooggespannen verwachtingen dus maar ik werd niet teleurgesteld. De twee begonnen vrij indrukwekkend met “Red light” uit 2001. Direct daarna kreeg ik het even moeilijk met een drietal ingetogen songs. Mooi, daar niet van, maar ik miste wat power. Ze wilden het, ondanks het grote podium wat intiem houden (met enkele foto’s van hun helden tegen de gitaarversterker geposteerd) maar dit klonk net iets té laid-back. Na dit dipje herpakten ze zich en konden de wankele drums van Tara en de niet altijd even toonvaste stem van Margaret zich wel perfect integreren in die toch wel unieke sound van Mr. Airplane Man die soms aardig dicht in de buurt van Junior Kimbrough kwam. Die gruizige, repetitief klinkende gitaar had een hypnotiserend effect waarbij het verdomd heerlijk wegsmelten was. Naast eigen parels als “C’mon Dj” of “Blue as I can be” brachten ze ook enkele geïnspireerde covers: “Asked for water”van Howlin’ Wolf en “Black cat bone” van de ten onrechte vergeten bluesmadam uit Memphis, Jessie Mae Hemphill. Zelfs het eenvoudige en treurige “I don’t know why?” bleek hier veel meer in zich te hebben dan ik ooit had durven vermoeden. Het nieuwe “I’m in love” leek met zijn in reverb gedrenkte gilletjes dan weer een eerbetoon aan de betreurde Alan Vega. Alles leek plots van een onaardse schoonheid tot een hevige plensbui me plots uit mijn bedwelming deed ontwaken en waardoor Mr. Airplane Man het ook, wat vroeger dan voorzien, voor bekeken hield. Dju!

Op de Scène de la Cloche zag ik vervolgens The Floors, een harig trio uit het Australische Perth waarvan de drummer (Ash Doodkorte) net uit zijn grot in het Afghaans gebergte leek te zijn ontsnapt maar toch mooi een t-shirt van Future Of The Left droeg. Schipperend tussen hardrock en bluesrock hadden ze het bastaardkindje van The Gun Club en Motörhead kunnen zijn. Zwaar, vuil, wild en met net voldoende rock-‘n-roll in de aderen om een tevreden grijns op mijn smoel te laten verschijnen.

Met CATL (Toronto) zag ik de derde band op rij die net een plaat (‘Bide my time until I die’) uithad op Beast Records, hofleverancier van groepen op Binic. Uitgeklede ‘rock-‘n-roll dance songs’ met af en toe een neut blues gebracht door een hyperkinetische gitarist (Jamie Fleming) en de ravissante Sarah Kirkpatrick op staande drums. Eén brok energie waarbij één cover te noteren viel: “Thunderbird esq” van The Gories. Wat niet toevallig geweest zal zijn want Dan Kroha speelt af en toe mondharmonica op hun platen. Tussen de credits op die platen vinden we trouwens nog meer mooi volk. Zo wisten ze voor hun laatste Jim Diamond te strikken om de eindmix vast te leggen.

Ik had ze niet aangestipt maar omdat er op dat moment niets anders te beleven viel toch maar eens naar Les Lullies gaan kijken. Voor wie het Nederlands machtig is, een tot de verbeelding sprekende naam maar dat zullen de vier uit het Franse Montpellier wellicht niet weten. De groep bestaat amper twee jaar en heeft slechts twee singles op het actief, waarvan de laatste, “Don’t look twice”, op Slovenly Recordings. Desondanks zag ik een erg volwassen band aan het werk. Kick-ass punk met veel glamrock invloeden, het had zeker wat.

Tijd voor het wat grotere werk dan op de Scene Banche met Mark Porkchop Holder uit Chattanooga, Tennessee. Porkchop stond in 2003 mee aan de wieg van de Black Diamond Heavies maar hield het daar al vlug voor bekeken om solo zijn weg te zoeken. Een succes werd het niet want de man sukkelde van de ene depressie in een andere verslaving. Toch zag ik hem in die schimmige periode (in 2011) aan het werk in datzelfde Binic. Er volgde zelfs een plaat, ‘Fry Pharmacy”, maar die is zo obscuur dat hij niet eens vermeld wordt op Discogs. Vorig jaar maakte hij dan plots met groep twee lp’s, ‘Let it slide’ en ‘Death and the blues’. En dan nu op het podium in Binic, dit mocht ik niet missen. MPH (zo heet hij zijn groep) bleek niet meteen uit posterboys te bestaan. Porkchop mag dan al kogelrond zijn, vergeleken bij zijn bassist, Travis ‘T-Bone’ Kilgore, leek hij wel een anorexia-patiënt. Derde man was Doug Bales (Uncle Lightnin’), die, vrij naar Woody Guthrie, “This machine kills fascists” op zijn basdrum had geschreven. Kilgore had op zijn beurt dan weer een tape met de woorden “Fuck Trump” op zijn arm. Nogal gratuit ben ik dan geneigd te denken maar bij deze mannen voelde het spontaan en gemeend aan. Porkchop is een meester op de slidegitaar, een ware lust voor het oor, en samen met Kilgore en Bates vormde hij een erg strak klinkende groep.
Blues zoals ik ze het liefst lust: rauw en met de nodige dosis rock-‘n-roll terwijl de technische finesse toch niet ontbrak. Een set vol hoogtepunten waarin ik toch weer mateloos kon genieten van een Junior Kimbrough-cover: “Sad days and lonely nights”. Achteraf kon ik me alleen maar afvragen waarom het zolang geduurd heeft om met een groep als deze naar buiten te komen.

Digger & The Pussycats uit Melbourne zag ik enkele keren aan het werk in de Pit’s en dat waren telkens memorabele avondjes. Ook het daaropvolgende Kamikaze Trio vond ik best de moeite maar de herinneringen blijken na al die jaren toch wat vervaagd. Het is trouwens al negen jaar geleden dat Digger & The Pussycats nog een volwaardige plaat maakten. Maar nu werd ‘Watch yr back’ uit 2005 heruitgebracht (door Beast Records of wat dacht je) en dat diende gevierd te worden. Wat ook effectief gebeurde want een feestje werd het daar op de Scene Banche. Gitarist Sam Agostino leek nog steeds een springveer waar de tijd geen vat op krijgt. De conditie van staande drummer Andy Moore leek net iets minder maar dat kon niet verhinderen dat we een set stomende, pretentieloze punk voorgeschoteld kregen. Wat klonken die nummers toch bekend en even fris als destijds in de oren. “100 degrees”, “Coming to get you”, “Save yourself”,... Het bleken songs voor de eeuwigheid.

We hadden al zoveel moois gehad en na de splinterbom geheten Digger & The Pussycats vroeg ik me af hoe het volk zou reageren op  de trage, uitgesponnen nummers van Endless Boogie. Maar wat dacht je? Het publiek was gekomen om te pogoën en te crowdsurfen en dat gebeurde dan ook, zoals steeds hier, in alle uitbundigheid.
De vier uit Brooklyn, New York zullen zich wel even de ogen hebben uitgewreven. Na wat technische problemen (tot tweemaal toe zorgde een basversterker voor een stroompanne) opende de band met het heerlijke “Back in ‘74”. De grommende zang van Paul ‘Top Dollar’ Major, de roesverwekkende gitaarescapades van diezelfde Top Dollar en Jesper ‘The Governor’ Eklow, stevig gedekt door bassist Marc Razo en drummer Harry Drudz... We leken op weg naar een grandioze apotheose van een sensationele festivaldag maar dat werd het nipt niet.
Het tweede nummer werd eindeloos uitgesponnen waarbij de heren het eerste deel van hun groepsnaam alle eer aan deden. De gitaren meanderden weliswaar sprankelend door elkaar maar telkens de eindmeet leek bereikt begon er, aangemoedigd door een uitzinnig publiek, een nieuwe ronde. Na zo’n twintig jaar ervaring weten deze mannen perfect hoe ze moeten jammen maar dit duurde me toch iets te lang. Tijdens de resterende nummers hielden ze het toch wat strakker maar de magie van hun set vorig jaar in De Zwerver was er dit keer niet bij, ook al omdat klasbakken als “Vibe killer” ontbraken. Voor hun tweede optreden op zaterdag beloofden ze totaal iets anders te zullen spelen maar daar was ik helaas niet bij.

Toch kon ik het niet laten om op zaterdag, een dure belofte negerend, nog eens terug te gaan om een tweede keer van Mr. Airplane Man te proeven, dit keer op de wat kleiner Scene Pommelec. Wat ben ik blij dat ik dat gedaan heb. De twee dames hadden hun setlist totaal door elkaar gegooid en zo werden de zachtere nummers perfect verdeeld tussen het stevigere werk. Van een dipje was hier geen sprake meer, integendeel, deze Mr. Airplane Man steeg boven zichzelf uit. Soms vragen mensen me waarom ik in godsnaam een groep twee dagen na elkaar ga zien. Na dit optreden zou ik er zelfs niet mogen aan denken dat ik het niet deed. Moeilijk uit te leggen wat er precies gebeurde maar diezelfde songs klonken allemaal net iets bezielder terwijl er een niet te bevatten magie in de lucht hing. Het zorgde voor een zinderende sfeer waarbij er zowaar twee crowdsurfende rolstoelgebruikers opdoken. Optreden van het jaar, tot nu toe.

Organisatie: Binic Folks Blues Festival  

Flashdance - The Musical

Flashdance The Musical – What a Feeling! Energiek

Geschreven door

Het is een traditie geworden in de zomervakantie om naar het Kursaal van Oostende te trekken . Opnieuw haalde de organisatie een internationale show naar Oostende . Na o.m. Evita, Mamma Mia, Dirty dancing , Footloose werd dit jaar Flashdance gestrikt.
De zomershows, van 24 juli t/m 5 augustus , 14 shows in ruim tien dagen , zijn in het genre van musicals een succesverhaal .
Flashdance - Een sexy en zwoele dansmusical gebaseerd op de iconische film uit de jaren 80. Het gaat opnieuw om een exclusieve samenwerking voor België in de originele Engelstalige versie. Een fantastisch live-spektakel met hoogstaande dans eighties wereldhits. Yes , dit is een ‘Dance Like You Never Danced Before’!
De musical kwam exclusief naar België en het is zelfs een première voor het Europese vasteland.
Het spektakel is volledig live gezongen met live orkest. Wereldhits als “Maniac”, “Manhunt”, “Gloria”, “I Love Rock ’n Roll” en de sensationele titeltrack “Flashdance - What a Feeling!'” flitsten voorbij …
Het verhaal
Alex (Joanne Clifton) is een jonge vrouw met een uniek dubbelleven waarbij ze overdag werkt als lasser in een staalfabriek en ‘s nachts als danseres in een club. Haar grote droom is toegelaten worden op een prestigieuze balletschool. Met de steun van haar oude balletlerares Hannah werkt ze keihard om die droom te verwezenlijken, maar een romance met haar baas Nick (Ben Adams) brengt haar ambities plots in gevaar. En toch … onderga deze musical in thematiek en dans . Wat een intensiteit wordt uitgestraald . De andere shows hadden al veel om het lijf en wisten ons in te nemen, maar Flashdance , prikkelde en zinderde na. Sterk!  
Wat we zagen was echt een ‘Flashdance’, flitsend, geweldig, jeugdig , levendig , fris, nostalgisch. De wervelende start , de dansacts , het acteer- zangtalent , de snelle (decor/kledij) wissels , de synchrone danspasjes, de live instrumenten, alles viel op zijn plaats . Veel beweging en dans. Springen en dansen , vallen en opstaan … Een uitstekend spel- en zangkwaliteit. Enkel het geluid was soms te scherp.
Je wordt helemaal meegenomen in het verhaal dat nauwkeurig, tot in de puntjes is uitgewerkt. De bruisende dynamiek (eerste deel) en emotionaliteit, dramatiek (tweede deel) gaan hand in hand .
De muziek en de volledige show wordt zoals altijd helemaal live gebracht. Muzikaal spektakel, zangtalent van het hoogste niveau en fenomenale choreografie . De nummers op zich klinken al sprankelend, energiek , opwindend en spannend. Wat wil je met deze iconische hits  en de schitterende titeltrack ‘Flashdance - What a Feeling’.

Ambitie, kansen geven , vertrouwen , samenhorigheid , loslaten, vrijheid, overnemen , bescherming zijn kernwoorden in de musical en z’n prachtig dansfeest . Iets waar we kunnen bij stilstaan en meenemen in ons dagdagelijks leven.


Een thuismatch ook voor onze actrice Ann Van den Broeck, die in deze internationale musical een gastrol vertolkt

De organisatie klokt af op zo’n 17500 bezoekers in totaal . Een schot in de roos …

Organisatie: Kursaal Oostende

RZMNR

RZMNR

Geschreven door

RZMNR is een vrij jonge band dat sinds 2016 de Vlaamse wegen onveilig maakt. Door middel van strakke gitaar en drumpartijen, die voortdurend in overdrive lijken te gaan, pakten de heren het publiek in Music City te Antwerpen zonder veel moeite in. We schreven daarover: " RZMNR lijkt me echter ook een band die nog kan groeien. Dat bleek op het einde van de set, toen alle registers plots compleet werden open gegooid. Verschroeiende riffs en drum salvo's als een plots opstekende wervelstorm , deden de trommelvliezen barsten. Prompt werd een geluidsmuur opgebouwd, die Antwerp Music City uiteindelijk voor het eerst deze avond op zijn grondvesten deed daveren. Een gewaarwording die we eigenlijk graag wat meer hadden ervaren tijdens de toch voor de rest vrij monotoon opgaande set.

Echter, wat we dus wel te zien en horen kregen is een band die potentieel heeft om binnen stoner - met inderdaad een stevige hoek af - heel hoge ogen te gooien naar de toekomst toe. Daarover bestaat op basis van dit stevige en strak optreden van deze heren in Antwerpen geen enkele discussie."

Het volledige verslag van die avond kunnen jullie nog eens terug lezen via volgende link: http://www.musiczine.net/nl/nl/review-festivals/festival/antwerp-music-city-2018-surya-onrust-rzmnr-de-underground-leeft/

Op 13 juli bracht deze jonge band een eerste schijf op de markt. Het titelloze album is een bloemlezing van hoe instrumentale stoner echt moet klinken. Alsof je met de auto doorheen de woestijn rijdt, de ramen open, versterker op tien. Een hemelse gewaarwording die je niet elke dag tegen komt. De bijzonder hoogstaande manier waarop deze jongens hun instrumenten bespelen, deed ons reeds in Antwerp Music City compleet met verstomming staan luisteren en intens genieten. Ook uit deze plaat blijkt nog maar eens dat de band bestaat uit tovenaars met gitaar en drum klanken.

Luister maar naar het bijzonder aan de ribben klevende songs als “Ålatãr”. Of het circa acht minuten lange huzarenstuk “Pallándø”. Twee songs die alvast de haren op onze armen doen recht komen van puur innerlijk genot. Een gewaarwording die op dit volledig debuut wordt verder gezet. Verschroeiend, als de zon die in je gezicht schijnt op een bloedhete zomerdag, zo voelen die riffs en mokerslagen van drum salvo's telkens aan.

Net door die eerder psychedelisch aanvoelende tongval die we bij elke song opnieuw vaststellen, voelen we ons wegdrijven naar een heel verre wereld. Onontgonnen gebieden in ons hart worden voortdurend aangesproken. Die lijn wordt in de plaat dus aangehouden. Echter net door de bijzonder hypnotiserende inwerking op je gemoed, stoort het nooit dat alles diezelfde lijn uitgaat. Eens gegrepen door die intensieve riffs kom je namelijk in een trance terecht waaruit je niet meer wil ontsnappen.

Besluit: RZMNR brengt een verschroeiend debuut uit, waarbij de band naast kippenvelmomenten een krop in de keel bezorgen. En er ook voor zorgen dat je compleet van de kaart in een hoek terecht komt waaruit je niet meer wil of kunt ontsnappen. De klasse muzikanten van deze band vermorzelen je onder de druk van vlijmscherpe riffs en drum salvo's als mokerslagen in het gezicht. Binnen stoner middens komen we zulke gewaarwordingen niet elke dag tegen. Bovendien wordt het gemis van een vocale aankleding telkens opgevangen door het bouwen van een oorverdovende geluidsmuur, waar je zonder enig medelijden wordt tegen gekwakt zodat je compleet verweesd achterblijft.

Kortom. Voor een debuut is dit een knaller van een schijf, die ons doet uitzien naar meer in de toekomst. Een toekomst die er trouwens, op basis van dit pareltje van een debuut, heel rooskleurig uitziet. Binnen het globale en instrumentale stoner gebeuren zal deze band zeker nog potten breken, zeker weten.

Tracklist:

  1. Ålatãr 05:23
  2. Pallándø 08:07
  3. Čurunír 04:41
  4. Radağašt 04:29
  5. Mithrańdír 04:57

 

Pagina 374 van 964