logo_musiczine_nl

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02-04 The Hickey Underworld, Bed rugs 05-04 Breaking waves: Knives, The Rats 09-04 Tom Smith @Sint-Jakobskerk 11-04 Tortoise (ism Kaap) 12-04 The Tool Experience (FKA The Perfect Tool), Carneia (Org: Devil in a box) 13-04…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_16
giaa_kavka_zapp...

Grails

Grails - Sfeervolle post-rock noir

Geschreven door

Hoewel het al hun vijfde plaat was, kreeg Grails pas onze volle aandacht in 2008 bij de release van het geweldige ‘Doomsdayer’s Holiday’, een album waarop de band een soort filmische heavy post-rock serveerde die ons fel intrigeerde.
Met ‘Deep Politics’ uit 2011 evolueerde het geluid naar een meer psychedelische en zwevende sound met hier en daar wat dubinvloeden. De zware rock werd wat naar de achtergrond geschoven, maar het unieke geluid van Grails bleef ongeschonden. De nieuwe ‘Chalice Hymnal’ lijkt daar het logische gevolg op, een verdere uitdieping van een prachtige eigen stijl die zich perfect zou kunnen nestelen in een cinema-noir omgeving. De songs worden niet zelden ingekleed met strijkers en spreken tot de verbeelding dankzij sterke arrangementen, oosterse invloeden en gevatte tempowisselingen.

De strijkers waren live niet van de partij, en dat zorgde ervoor dat de instrumentale muziek van Grails op het podium toch wat meer teruggreep naar de geestdriftige, vaak hevig rockende sound van de eerste platen. Het had de intensiteit van de stevigste Mogwai of Russian Circles, de avontuurlijkheid van Goat, de psychedelica van vroege Pink Floyd, de finesse van Explosions In the Sky en de flow van All Them Witches.
Grails was echter niet zomaar de zoveelste post-rock band, want geregeld werden andere oorden opgezocht en bij momenten werden de brokken uit de muur gerockt. Hierin speelde spilfiguur Emil Amos trouwens een cruciale rol. Hij manifesteerde zich als een fenomenale drummer, maar voor een kwart van de set liet hij zijn drumstel over aan een ander en bleek hij ook een uitmuntende leadgitarist te zijn. Het was net op die momenten dat Grails leek te transformeren in een heuse hard-rock band waarbij drie gitaren wild tegen elkaar aan schuurden en zo een ferme gelaagde wall of sound verspreidden. Die hard-rock neigde soms stevig naar een inspirerende doom-metal sound, ook niet zo verwonderlijk als je weet dat Emil Amos een tweede onderdak heeft in het doom-metal collectief Om.
Door die wisselingen van instrumenten en van sfeerschepping zat er heel wat variatie en ademruimte in de set. Het ging van hard naar zacht en van subtiel naar onstuimig. Het klonk filmisch, sfeervol en psychedelisch.
Het ganse concert was een uitermate boeiende trip die zowel band als publiek in hogere sferen bracht. Een sympathiek clubzaaltje als Het Bos leende zich bovendien perfect voor dit donkere sfeertje. Missie geslaagd, zeggen wij dan.

Het drumstel fungeerde vanavond wel in een vooraanstaande rol. Niet alleen Emil Amos had zich met zijn fameus slagwerk in de kijker gewerkt, ook support act Anthony Paterra deed dat onder zijn alter ego Majeure. De man creëert zijn albums in zijn dooie eentje en ook op het podium hoeft hij geen gezelschap. De op keyboards en synths gebouwde groovy krautrock had ie op voorhand in de machine gepompt, live hoefde hij maar op de startknop te drukken en hele boeltje te ondersteunen met, het moet gezegd, een portie indrukwekkend drumwerk. In Het Bos kwam hij gedurende een dikke 20 minuten zijn nieuwste werkje ‘Apex’, een drie songs tellende EP, voorstellen. Hij deed dat met verve en had toch wel een flink stuk van de het publiek in zijn greep met dat bezwerend spacy geluid. Vooral de drummers onder de aanwezigen gingen na zoveel geniaal drumwerk vanavond naar huis met een knoert van een minderwaardigheidscomplex.

Als wij even naar de verdere programmatie kijken van Het Bos, dan zie wij nog veel fraais, onder andere Ex-Cult, True Widow, Part Chimp, Briqueville en het legendarische Psychic TV !
Check toch maar even de website van deze fijne club. http://www.hetbos.be

Organisatie: Het Bos, Antwerpen

Barzin

Peter Doherty - Van Circus-naar Solo-Artiest

Geschreven door


Het was van april 2012 geleden dat Peter Doherty nog eens solo in een Belgische zaal stond. Dat was toen in De Vooruit, waar hij een dik halfuur te laat het podium betrad, onherkenbare versies van zijn nummers speelde en een poging waagde om het wereldrecord bisrondes te verbreken. Vooral die met ‘Albion’ na een onstage handtekeningensessie van een goed kwartier en met de lichten in de zaal al aan, is bijgebleven …

Nu, 5 jaar later, was het tijd voor het Koninklijk Circus. Eigenlijk kan je Pete wel een beetje een circusartiest noemen. Het entertainment is bij zijn optredens minstens even belangrijk als zijn nummers. Het is en blijft een genot om naar te kijken. Ook de band die hij rond hem verzameld heeft, The Puta Madres (ja, u leest het goed), heeft iets circusachtig. Een samenraapsel van 5 nationaliteiten: gitarist Jack Jones een Brit, bassist Drew McConnell (Babyshambles!) een Ier, violiste Miki Beavis een Amerikaanse (met Aziatische roots), pianiste Katia De Vidas (de vriendin van Pete) een Française en drummer Rafael een Spanjaard. Het zijn niet allemaal de meest verfijnde muzikanten dan wel verschijningen, wel hebben ze een soort nomadenvibe rond hen, een verschijnsel dat je ook vindt bij rondreizende circussen. The Puta Madres zijn troubadours die overal en nergens thuishoren en samen de wereld afschuimen om hun publiek te entertainen. En of hen dat gelukt is.

Dat een concert van Peter Doherty nooit helemaal is wat je ervan verwacht, werd al snel duidelijk. Rond kwart na 7 wandelt Pete plots het podium op. Hij zet in z’n eentje “She is Far” in, waarna de begeleidingsband hem vervoegt voor “Arcady”, “A Fool There Was” en “Bollywood to Battersea”. In het publiek overheerste vooral verwarring, het was namelijk niet echt duidelijk of hij er nu al aan begonnen was of niet. Dat de helft van het publiek er nog niet was , speelde ook mee. Op aanvraag van de roadies werd de set echter stopgezet, de soundcheck was immers nog niet afgerond. Ergens had je wel het gevoel dat hij gewoon aan een marathonset van 3 uur wou beginnen, maar zo’n vaart liep het jammer genoeg niet. Peter Doherty in het voorprogramma van Peter Doherty dus. Alvorens het podium te verlaten had hij nog een mededeling: hij droeg de avond op aan Hendrik Van Dale, de jonge Libertines fan die eind januari het leven verloor. Pakkend.

Het ‘tweede’ voorprogramma werd verzorgd door Amy-Jo Doherty & The Spangles, de zus van Pete. Ook zij droeg een nummer op aan Hendrik, in een slideshow passeerden er foto’s van de fan, alsook quotes van Oscar Wilde over de vluchtigheid van het leven. De set zelf was behoorlijk chaotisch en bij momenten vooral, door Amy-Jo’s toedoen, vrij kinderachtig.

Het derde voorprogramma was eigenlijk het enigste dat op voorhand aangekondigd was: Jack Jones, Pete’s gitarist. Hij beperkte zich echter tot 1 gedicht, “To Be a Libertine”, dat ook hij opdroeg aan Hendrik.
Something truthful, something raw, something worth living for, I know what it means to be a Libertine. Ik kan alleen maar hopen dat Hendrik van ergens bovenaan meekeek en gezien heeft wat voor een onwaarschijnlijk mooie tributes hij kreeg van zijn grote helden. Het siert hen, en verstrekt enkel maar de gedachte dat het oude Libertines-credo waarbij fans deel uitmaakten van de groep, nog steeds van toepassing is.

Solo-optredens van Peter Doherty zijn traditioneel gezien opgebouwd uit een mix van Babyshambles, Libertines en solomateriaal. Dit was in het Koninklijk Circus wel wat anders. Op een handvol nummers na teerde set vooral op zijn nieuwe plaat, ‘Hamburg Demonstrations’, en nog nieuwer werk, alsof Pete wou tonen dat hij vandaag de dag een volwaardig solo-artiest geworden is. Automatisch gevolg van deze setlist is dat het er allemaal wat rustiger aan toe ging. Bij momenten werd het zelf een tikkeltje… saai. Saai voor zijn doen, dan welteverstaan, want een ‘saaie’ Peter Doherty is nog steeds spannender dan eender welke kamerplantband. Opkomen deed hij gedrapeerd in de Belgische driekleur, waarna de begeleidingsband “I Don’t Love Anyone” inzette. Vervolgens passeerden “Kolly Kibber” en “Last Of The English Roses”. Het viel vooral op hoe weinig fouten er gespeeld werden, The Puta Madres waren op afspraak. Van het nieuw werk bleven vooral “The Steam”, onbegrijpelijk dat dit nummer de plaat niet haalde, en “Who’s Been Having You Over” hangen, dat laatste had een intro à la “Children of The Revolution” van T-Rex en veranderde erna in een typische Dohertysong die dan weer veel weghad van Babyshambles’ “8 Dead Boys”.
Uit ‘Hamburg Demonstrations’ noteerde ik vooral de antiterreursong “Hell To Pay At The Gates of Heaven” dat het publiek aan het dansen kreeg en “Oily Boker” waarin Pete nog eens ouderwets in het rond schopte en met zijn microfoon bijna een cymbaal vakkundig in tweeën spleet. Van The Libertines speelde hij het bloedmooie “You’re My Waterloo” en de demo “All at Sea”, van Babyshambles “Albion”, dat nog steeds een beter Engels volkslied is dan “God Save The Queen”, “Rule Britannia” en “Jerusalem” samen.
Beklijvend was het voorlaatste nummer “Travelling Thinker”, nog zo’n nieuw, dat nogmaals opgedragen werd aan Hendrik. Doherty noemde hem one of us en het sneed door merg en been.
Na een lange pauze kwam Pete alweer het podium opgestapt, gewapend met een akoestische gitaar. Hij deelde mee dat zijn vader aanwezig was, iets wat zichtbaar deugd deed. Jarenlang hield Peter Doherty Senior de boot af, zijn zoon was niet meer welkom vanwege diens overmatig druggebruik. Peter zette de eerste single van The Libertines, “What a Waster”, in en tot zijn grote verbazing vervoegde zijn vader hem op het podium. Doherty Senior stal de show en Pete genoot van deze onwaarschijnlijke hereniging. Vervolgens kwam zijn moeder, Jackie Doherty, het podium op met een grote verjaardagstaart. Pete werd zondag 38 (38!) en dat moest gevierd worden. Het Koninklijk Circus was getuige van een heus verjaardagsfeestje. Het leek het signaal voor Doherty om met “Killamangiro” eindelijk eens een tandje hoger te schakelen. De bisronde werd vintage Pete. De Velvet Underground cover “Ride Into The Sun” rammelde langs alle kanten en had flarden van “Don’t Look Back In Anger”, “Fuck Forever” was wederom de gedroomde afsluiter. Het publiek ging eventjes uit z’n dak, de imposane moshpit die gevormd werd toonde aan dat velen een steviger optreden verwacht hadden.

Alles samengevat kregen we meer ‘Pete De Solo-Artiest’ dan ‘Pete De Circusartiest’ te zien. Het werd een ingetogen avond in herdenking van Hendrik, met de focus op het solowerk, toch waren er net voldoende Doherty uitspattingen die bewezen dat hij nog steeds veruit het meest interessante buitenbeentje is in de Britse gitaarrock.
Gelukkige verjaardag, Peter, op naar tram 4!

Organisatie: Live Nation.

Robbing Millions

Robbing Millions en dirk. – Belgische Tame Impala vs Stevige Indierock

Geschreven door

Robbing Millions en dirk. – Belgische Tame Impala vs Stevige Indierock
Robbing Millions
Cactus Club
Brugge
2017-03-10
Louis Follebout

Een avond van 2 uitersten zou je het kunnen noemen met dirk. en Robbing Millions op de affiche. Een stevige indierock band met een mix van clean en zeer ruwe vocals staat tegenover de Belgische Tame Impala.

Beginnen doen we met dirk. Het is vanaf de intro duidelijk welk vlees ze in de kuip hebben: stevige en ruige filets doorspekt met meer dan goeie songteksten en melodieën. Wanneer de band het vierde nummer aansnijdt, heerst er een algemene ‘feel good vibe’ in de zaal die wat doet denken aan de poppy songs van ‘the bleachers’. Dit slaat echter halfweg om in een zware en duistere sfeer die inslaat als een bom. De eerste headbangs zijn een feit. Het viertal strooit rijkelijk met energie en power richting de zaal, die op zijn beurt niet erg ontvankelijk is. Het publiek geniet van deze parade van wilde drums,  pompende bassen en heerlijke songteksten, maar is moeilijk in beweging te brengen. De band kadert zichzelf in met de gevleugelde woorden ‘dirk. is a band’. Na het zien van hun passage zouden ze gerust een uitbreiding aan hun slogan kunnen toevoegen. dirk. is a band, en wat voor één!

Tijd voor de hoofvogel van de avond. De mannen van Robbing Millions betreden, deels blootvoets, voor het eerst een Brugs podium. De eerste beats worden de zaal ingestuurd terwijl frontman Gaspard met handen in de zakken begint aan een soort moderne danscompositie die duidelijk aanstekelijk werkt. De eerste danspasjes worden zichtbaar in het publiek. Er is duidelijk meer interesse van de toeschouwers. De klassieke ‘boog om de eerste rij’ wordt vervangen door front row groupies die meteen meegaan in de psychedelische melodieën van het Brusselse ensemble. Wat volgt is een resem aan uiterst dansbare nummers met zeer goed klinkende samenzang. Een klein puntje van kritiek is wel op zijn plaats. Voor een leek kunnen de stemmen en melodieën vaak hetzelfde klinken, maar dit maken ze meer dan goed met hun individuele talenten. Hier staan duidelijk 5 getalenteerde muzikanten die zich met volle overgave smijten op het podium.
De band wordt vaak vergeleken met Tame Impala en deze vergelijking gaat op tot op een zeker niveau. Robbing Millions injecteert hun psychedelische en elektronische nummers met scheurende indierock en hier en daar zelf een tikkeltje jazz, wat door het publiek enorm gesmaakt wordt. Toch blijft het publiek zeer braaf. Een mogelijke verklaring is de aanwezigheid van 2 hoge tafels die het publiek een mogelijkheid tot leunen aanbiedt, wat duidelijk een effect heeft op het enthousiasme. Aan de energie van de band zal het vast en zeker niet gelegen hebben.
Een constante in alle nummers blijft wel de enorm dansbare ritmes, ook al is het vooral de band zelf die hiervan gebruik van maakt en dansmoves uit de mouwen schudt waar zelf de jury van ‘So You Think You Can Dance’ de ogen van opengooit.
Tijdens het laatste nummer is er zelf een snuifje postrock toegevoegd aan het recept van Robbing Millions en er zijn vleugjes van 65 days of static te bespeuren. Deze lijn wordt ook doorgetrokken in de bisnummers. Als afsluiter halen ze nog eens alles uit de instrumenten en spelen ze alsof hun leven er van afhangt. De frontman gaat zelf even door de knieën om te bekomen. Een loeiharde afsluiter die in de verste verte niets meer met Tame Impala te maken heeft, in tegendeel, ze doen zelf stukken beter.

Algemene conclusie van de avond: Robbing Millions heeft zijn eerste Brugse optreden meer dan overleefd. Toegegeven niet het beste optreden dat ze al gegeven hebben, maar geef het nog even en de band zal ook hier eeuwige roem en furore genieten!

Setlists
dirk.
1. Gnome    2. Toothpick    3. Hit    4. Lek    5. Waste    6. Hide   7. Sick and tired   8. Milk
Robbing Millions
Robbing Millions
Wiagw   2. 8 is the figure I like te most   3. Dreams   4. Bigfoot   5. Hand in Hand   6. Tenshinhan   7. Warder   8.?   9. I did not realize
10. Dinosaur   11. ?

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dirk-10-03-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/robbing-millions-10-03-2017/
Organisatie: Cactus Club, brugge

Blonde Redhead

Blonde Redhead - Hun eigenzinnige muziek staat centraal

Geschreven door

Voor wie Blonde Redhead niet zo goed zou kennen kan ik je vertellen dat ze begin de jaren 90 opgericht zijn. In die tijd maakten ze hoofdzakelijke noise en atonale rock. Later werden er meer shoegaze en dreampop elementen toegevoegd aan hun muziek. Je hoort het al: echt gemakkelijke of mainstream muziek maken ze niet. Sinds jaar en dag is Blonde Redhead een trio bestaande uit de twee Pace-broers en de Japanse Makino.

The Girl Who Cried Wolf uit Antwerpen opende de avond met hun donkere en sfeervolle indierock. Ze deden dat niet slecht en brachten hun fragiele muziek mooi over tot bij het publiek.

Blonde Redhead was naar De Kreun gekomen met een best of-setlist en een nieuwe EP ‘3 O’Clock’. De markante en hoge stem van Kazu Makino blijft een ijkpunt in hun muziek. Afgewisseld met de stem van Amadeo Pace zorgde dit voor afwisselende en aangename zangmomenten. Een trip , zo kan je hun optreden een beetje noemen. Het element noise is er zowat helemaal uit en de muziek is veel breekbaarder en eclectischer geworden. Mooi en soms onvoorspelbaar.
We kregen een integer optreden wars van stromingen en rages. Met minstens twee songs uit hun nieuwe EP ( “Where Your Mind Wants To Go” en “Three O’Clock”) die overigens niet misstonden tussen de rest van hun setlist. Je voelde ook de waardering van het publiek groeien gedurende het optreden. Een mooi opgebouwd optreden waarin de muziek centraal stond.

Setlist: Falling Man, Bipolar, Elephant Woman, Mind To Be Had, No More Honey, Where Your Mind Wants To Go, Anticipation, Three O’Clock, Doll Is Mine, Dr. Strangeluv, Dripping, Spring And Summer Fall, 23

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Pinegrove

Pinegrove - Krachtiger dan Barcelona tegen PSG

Geschreven door

 De mensen die gisteren niet in de Botanique aanwezig waren, hadden duidelijk ongelijk. De Amerikaanse band Pinegrove speelde er hun laatste show van hun Europese tour en dat was eraan te zien. Met heel veel enthousiasme speelde Pinegrove een mega strakke set die enorm krachtig klonk en ons wist te boeien van begin tot einde. Vorig jaar kregen ze van verschillende muziekcritici heel wat lof naar hun hoofd geslingerd. Wij konden al dat enthousiasme rond hun nieuwste plaat iets moeilijker vatten, maar na hun show van gisteren, zijn we ervan overtuigd dat Pinegrove nog heel wat moois staat te wachten.

Het voorprogramma van de avond is een klein meisje, genaamd Lomelda. Gewapend met een gitaar, een gek kapsel en een brilletje dat steeds weer van haar neus schuift, stapt ze ongegeneerd het podium op. De zaal is amper gevuld, maar dat houdt haar zeker niet tegen om er toch meteen met het nodige enthousiasme aan te beginnen. Haar muziek doet ons wat denken aan Florist, maar dan met de ruwheid van Angel Olsen. Op muzikaal vlak krijg je soms de indruk dat ze de mist zal ingaan, maar telkens je dit denkt, redt ze zichzelf en komt ze weer op haar pootjes terecht. Toffe meid die Lomelda.

De zaal is ondertussen volgelopen en de net niet uitverkochte Rotonde lijkt echt wel zin te hebben in de hoofdact van de avond. Pinegrove komt heel enthousiast het toneel opgewandeld en begroet uitgebreid het publiek. Na enkele minuten op het podium te staan wankelen zonder enige klank te produceren, beginnen ze aan hun set met het wondermooie “Recycling”. De sfeer zit meteen goed en wat we meteen opmerken, is dat mensen met epilepsie hier niet op de juiste plaats zitten aangezien de lichtshow nogal bombastisch is, vlucht nu het nog kan.
“Size Of The Moon”, één van de betere nummers van hun laatste album Cardinal, zorgt voor het eerste hoogtepunt van de avond. Wat ons opvalt is dat de nummers live enorm krachtig overkomen. Op plaat komen ze al stevig binnen, maar live doen ze er nog een schepje bovenop. De Rotonde bonst echt en dat zet mensen aan tot gekke dingen. Vooraan probeert een jonge man het feest op gang te brengen, maar na twee vreugdesprongetjes en enkele oerkreten, houdt hij het al voor bekeken en beslist hij om maar normaal te gaan doen zoals de rest van het publiek, zonde.
Er worden vanavond ook enkele nieuwe nummers gespeeld en deze klinken veelbelovend. Wanneer je een zaal kan overtuigen met nummers die ze nog nooit gehoord hebben, dan weet je dat je goed bezig bent. Tussen de nummers door weet frontman Evan altijd wel iets te vertellen en dat kan zeker gezien worden als een positieve eigenschap. Het mag natuurlijk ook wel niet teveel van het goede zijn, want dat kan heel snel gaan tegensteken. Gelieve gewoon je nummers te spelen en geen twintig minuten te verspillen aan onnodige monologen over wetenschap en sandwiches.
Het laatste nummer van de reguliere set, “New Friends”, klinkt ook live nog krachtiger dan dat het op de plaat al was. Op deze manier delen ze alweer een stevige stoot uit naar het publiek, dat er maar geen genoeg van kan krijgen. Na het nummer verlaat de band het podium en speelt Evan een nummertje helemaal alleen en weet ook op deze manier te overtuigen. Wat kan die man toch zingen, tjonge jonge. Na “Old Friends” en “Aphasia”, beslist de band om te eindigen met “The Metronome”. Uitstekende keuze!

Vanavond waren we getuige van een band die in de toekomst nog heel veel mensen met verstomming zal slagen. Ze overtuigden vanavond op een magistrale wijze en mogen met een opgeheven hoofd terugkeren naar Amerika. De volgende keer dat deze heren in ons land te zien zijn, verwachten we een uitverkochte zaal. Straffe show heren!

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

Sum 41

Bruisende Punkrockparty voor 20 jaar Sum 41!

Geschreven door


De AB in Brussel was helemaal volgelopen voor de Canadese punkrockers van Sum 41!  Buiten was het kil en nat, binnen zwoel en vrolijk!

Het voorprogramma werd verzorgd door ons eigen F.O.D. uit Antwerpen en Hollerado uit Ontario (Canada).  F.O.D. is een  band met een hele catchy sound en een stevige live reputatie.  Onlangs kwam hun derde CD ‘Harvest’ uit en dat is werkelijk een knaller van formaat. Check it out please!
Hollerado draait al zo’n 10 jaar mee en speelt vooral heel toegankelijke poprock en luchtige indie rock!  Hun 3de en meest recente CD ‘Born Yesterday’ kwam in het voorjaar uit en sindsdien zijn ze op tour als support van landgenoten Sum 41.

Ondanks de verdienstelijke set van zowel F.O.D. als Hollerado was het talrijke publiek natuurlijk ongeduldig aan het wachten op de doortocht van Deryck Wibley en zijn kornuiten.  Sinds de frontman terug helemaal clean is en sinds Sum 41 hun laatste album ’13 Voices’ uitbrachten in 2016 zijn ze weer aan een mooie opmars bezig en brengen ze live terug het nodige vuurwerk!  Zo mochten ze vorig jaar al Groezrock afsluiten en kwamen ze nu even Brussel punkrockgewijs op z’n kop zetten.

Het optreden op Groezrock 2016 was zeker niet slecht maar oversteeg (wat mij betreft) toch amper de middelmaat, al zullen de trouwe fans dat nauwelijks gemerkt hebben of helemaal geen punt van maken.  Het leek wel of mister Wibley er net zo over dacht want bij de aanvang van het concert in een overvol en uitgelaten AB trok hij meteen stevig van leer en maakte hij meteen duidelijk waarvoor Sum 41 gekomen was : een intens punkrockfeest van de eerste tot de laatste noot!  De frontman zag er opvallend fris, fit en energiek uit en was daarenboven veel van zeg!  Onmiddellijk nam hij de fans mee in zijn muzikale trip en zorgde hij voor een aandoenlijke wisselwerking tussen band en publiek.  De set was werkelijk een uitbarsting van hits afgewisseld met nummers van de laatste CD.  Een zeer geslaagde mix van ‘best of’  en recent werk.  En de sfeer zat er meteen in, letterlijk en figuurlijk!
Sum 41 heeft natuurlijk een zodanige reeks ‘hits’ waaruit ze kunnen putten dat op elk moment van de show een feest kan worden gebouwd.  Zeker wanneer de band aankondigt hun 20-jarig bestaan graag te willen vieren samen met de fans.
Nummers als “The Hell Song” en “Over My Head” zaten vooraan in de set, inclusief de traditie dat een paar fans op het podium worden uitgenodigd om vandaar het optreden mee te maken en de overheerlijke sing along momenten die gans de zaal deden meebrullen.  Tijdens “Goddamn i’m Dead Again” , van de recentste CD,  nodigde Deryck de fans met succes uit tot het inzetten van een reuze circle pit.  Bij “Underclass Hero” volgde een massaal ‘jumpmoment’ en werden mega ballonnen de zaal ingestuurd waarna frontman Wibley ze één voor één neersabelde met zijn gitaar.
Daarna was het tijd om even een beetje gas terug te nemen en volgde een trio van iets minder snelle nummers (oa. met “Breaking the Chain”) waardoor iedereen een beetje op adem kon komen.  Wibley deelde het publiek mee dat het nummer “War” hem persoonlijk zeer nauw aan het hart lag.
De schijnbare rust was van korte duur want het was tijd voor “Motivation”, “We’re all to Blame” en het oudere “Makes no Difference”, stuk voor stuk heerlijke up-tempo punkrock hymnes waar de band hun handelsmerk van gemaakt heeft.  Typisch is ook dat af en toe een stukje heavy metal wordt ingezet en dat trouwens de hele set doorspekt zit met dergelijke korte uitstapjes.
Bij aanvang van het ingetogen nummer “With Me” maakt frontman Wibley ook in werkelijkheid een korte uitstap en neemt hij plaats in het midden van de zaal, omringd door fans die dit moment gretig proberen vastleggen op hun smartphone en intussen het nummer uit volle borst meezingen.
Terwijl het podium achter de schermen wordt klaargemaakt voor de laatste versnelling richting einde show, is drummer Frank Zummo (bij de band sinds 2015) zijn moment gekomen en mag hij zijn prima vakmanschap een paar minuten etaleren aan de menigte.  De gretigheid waarmee hij dit doet straalt af op het publiek.  De respons is bijgevolg al even gretig en spontaan.
Het geslaagde feest gaat vervolgens niet aflatend door en aan een verschroeiende tempo worden weer een paar ijzersterke Sum 41 hits bovengehaald die de sfeer en temperatuur in een paar minuten terug naar een kookpunt stuwen.  Wat te denken van achtereenvolgens “We will Rock You” van Queen, “Still Waiting” en “Into Deep” met achteraan on stage een reuze skullhead met rode ogen die zagen dat het goed was.  Zeer goed zelfs!
Ook de toegift was om punkrock duimen vingers af te likken.  Zowel de band als de fans hadden er nog ongelofelijk veel zin en plezier in en beslisten de party nog wat verder te zetten met eerst het breekbare en ingetogen “Crash” met Deryck op piano en tenslotte “Pieces”, het fantastische “Welcome to Hell” en de klassieker “Fat Lip”.  Het voltallig publiek danste en sprong mee op de laatste tonen van het Canadese 5-tal en de AB danste mee op zijn grondvesten! 
Als uitsmijter kwam daarna de band nog eens terug als heavy metal gimmick, inclusief de pruiken met lang haar, zonnebrillen ed. à la Steel Panther en brachten ze op vermakelijke wijze het gekende “Pain for Pleasure” waarbij gitarist Tom Thacker even de lead vocals voor zijn rekening neemt.

Men mag zeggen wat men wil van Sum 41 maar de band bracht een uiterst genietbaar concert waarbij iedereen zich 100% amuseerde.  Vernieuwend is het misschien allemaal niet maar die periode heeft de band al een hele poos geleden achter zich gelaten.  Ze brengen gewoon een fijne portie complexloze catchy punkrock en kunnen met veel verdienste kiezen uit een batterij hits die na al die jaren nog steeds goed in het oor liggen en nauwelijks hebben ingeboet aan aanstekelijkheid.
Voor mijn part mag de band er gerust nog eens 20 jaar bovenop doen!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sum-41-08-03-2017/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Helmet

Helmet - Pokkenluid, kurkdroog en retestrak, dat kan alleen maar Helmet zijn

Geschreven door


Je mag Helmet gerust een legendarische band noemen, pioniers wat ons betreft. Een band die zichzelf met het onsterfelijke en extreem rauwe ‘Meantime’ in 1992 definitief op de wereldkaart zette. De band creëerde op die mijlpaal een alternatieve en kurkdroge metalsound  die tot ver buiten de grenzen van het genre reikte en hen zeer geliefd maakte bij een steeds groter wordend kransje alternatieve muziekliefhebbers. Nadien heeft Helmet het geweldige ‘Meantime’ nooit meer kunnen evenaren, laat staan overtreffen, maar platen als ‘Betty’ (dat vanavond uitgebreid aan bod kwam) en ‘Monochrome’ (dat dan weer compleet genegeerd werd) kwamen toch aardig in de buurt.

Ondertussen heeft Page Hamilton, bezieler van de band en de enige overgebleven oude krijger, met een stel jonge wolven toch weer een oerdegelijk nieuw album in mekaar gebokst. Op “Dead To The World” duikt de primitieve power van weleer af en toe terug op en wordt die bij momenten een gepast grunge jasje aangemeten.
Hamilton zette de avond in met een jazzy gitaarintro om dan via “Beautiful Love” en “I Know” meteen los te barsten in een spervuur van kolkende riffs, pompende bassen en loeiende gitaren. Nieuwelingen als “Life Or Death”, “Bad News”, “Red Scare” en vooral een gloeiend heet “I love My Guru” kwamen de test heel goed door en nestelden zich als flink uit de kluiten gewassen uitdagers tussen het onverbloemde geweld van de oudere songs.
De Helmet-wall of sound vertoonde geen tekenen van verbrokkeling en Hamilton doorkliefde de moordsongs met zijn overstuurde gitaarsolo’s, waarin het leek alsof vlijmscherpe scheermesjes dwars doorheen de snaren sneden.
Helmet stond er weer, dat was een feit. Een solide band met een volle en harde sound, straight in your face. Hier zat hoegenaamd nog geen sleet op. Het werd naarmate de set vorderde ook alsmaar snediger, beter en heftiger, want Helmet spaarde de gevaarlijkste splinterbommen tot op het laatst. “Turned Out”, “I Know” en vooral de regelrechte klassieker “Milquetoast” kwamen lelijk huishouden in de Kreun. Als klap op de vuurpijl mocht de ultieme Helmet-bom, een verschroeiend “In The Meantime”, de genadeslag toedienen. Voor eeuwig zal dit de song blijven waarmee Helmet in menig geheugen gegrift zal staan, een moordzuchtige krachtstoot van amper drie minuutjes die overal een spoor van vernieling aanricht. Geen betere song om zo een splijtende set te eindigen.

Dit was Helmet zoals we ze het liefst lusten. Rauw, retestrak, loeiend hard en kurkdroog. Alleen een grotere greep uit ‘Meantime’ had ons nog gunstiger kunnen stemmen, maar de uitgebreide en vurige sessie in bed met ‘Betty’ was natuurlijk ook lekker meegenomen.

We hebben toch nog een niet mis te verstane tip voor Hamilton : ‘Meantime’ viert dit jaar zijn 25e verjaardag. Kom godverdomme als de bliksem terug en speel die motherfucker van een plaat integraal met de volumeknop ver over de rooie !
Op Graspop dan maar ?

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/helmet-08-03-2017/

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/local-h-08-03-2017/


Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Tiny Legs Tim

Tiny Legs Tim - Blues, nothing but the blues (ikv Blueprint bluesfestival)

Geschreven door

TINY LEGS TIM
In het Nederlands noemen ze deze emotie een dipje, alsof het om iets gastronomisch gaat. In het Frans bekt het wat stoerder. Daar gaat men voor le cafard. Amerikanen en Engelsen prefereren een kleur: the blues. Dit is van oorsprong het melancholische gevoel dat zwarte slaven hadden toen ze zich een bult moesten werken op de plantages. Door het zingen van de blues hoopten ze troost te vinden.
N.a.v. het Blueprint bluesfestival op 26 maart checken we even bij een nieuwe generatie bluesmuzikanten, zowel bij een mannelijk als vrouwelijk exemplaar. Geen van beiden is op een katoenveld geboren maar is blank en jong. Naast hun voorliefde voor hetzelfde muziekgenre hebben ze een drieledige artiestennaam als gelijkenis.

TINY LEGS TIM
Tim, jij hebt West-Vlaamse roots
Inderdaad, ik ben afkomstig uit het dorpje Westouter in de Westhoek. Hoop en al 1500 inwoners, tegen de Franse grens. Na mijn humaniora studeerde ik biologie in Gent en ben daar blijven plakken

Waarom koos je muziek als beroep? Geen evidente keuze
Vanaf mijn elfde heb ik altijd muziek gespeeld. Thuis werd gezegd dat ik eerst mijn studies moest afmaken en werk vinden. Daarna mocht muziek aan bod komen. Op mijn 23ste ben ik zwaar ziek geworden. Een aangeboren probleem met mijn lever. Na de eerste transplantatie volgde er een tweede. Ik ben zes jaar immobiel geweest. Ik beloofde mezelf dat als ik hier door raakte ik me 100% op de muziek zou richten. Momenteel gaat alles goed met mijn gezondheid. Ik neem medicatie tegen afstoting en ben ernstig vermagerd. Maar ik voel me gelukkig. Mijn artiestennaam Tiny Legs Tim is een grappige woordspeling op mijn tengere benen. Je hebt nog artiesten die dit doen zoals Blind Willie Johnson die, nogal wiedes, stekeblind was.


Vanwaar de liefde voor de blues?
Mijn ouders leefden volgens het gedachtengoed van mei ’68. Er werd veel muziek gedraaid thuis: zowel klassiek, jazz als Bob Dylan en blues. Er zaten zes echte bluesplaten, van die obscure, in de collectie. Zoals Lightnin’ Hopkins. Ik vond de sfeer en de klank van die muziek mysterieus en aanlokkelijk. Ondertussen ken ik de geschiedenis van de blues. Vroeger verstond ik geen Engels zodat enkel de muziek naar binnen kwam. Door mijn ziekte raakte ik ten volle gefascineerd door de blues. Ik had dingen om over te schrijven. De minder mooie kant van het leven… Tiny Legs Tim heeft een dubbele bodem. Iets negatiefs omtoveren tot iets positiefs. Ik heb parttime les gegeven maar dat zoog me op. Nu leid ik het leven dat ik wil leven: als muzikant. Weliswaar zonder alcohol en met voldoende slaap. Rock ’n roll, nietwaar.

Je opteert voor Deltablues. Geef eens wat uitleg hierover
Dat verwijst naar het zuiden van de Verenigde Staten, meer bepaald de Mississipi Delta bekend om zijn katoenvelden, de bakermat van de blues. Eén persoon die zingt én akoestisch speelt. In die stijl zijn de bekendste namen Robert Johnson, Charley Patton en Son House. Een favoriet uitpikken kan ik niet. Ik vind ze elke op hun manier even goed.

Je verzorgde het voorprogramma van enkele grootheden. Tijd voor roddels
Het concert van Pete Dorothy stelde niks voor. Hij was volledig gedrogeerd. Niemand trok er zich wat van aan. Zelfs zijn tourmanager was er gerust in. Richard Thompson daarentegen is een grappige gemoedelijke man. Hij gaf me complimenten. John Mayall heeft heel mijn optreden bijgewoond en raadde het publiek aan mijn cd te kopen.

In februari kwam je nieuwe cd uit
Mijn vierde plaat is een akoestische geworden in duo met Steven Troch, jarenlang de frontman van Fried Bourbon. We hebben twee dagen live opgenomen in de Yellow Tape studio met één klassieke micro van het merk Melodium. Zonder technische snufjes. Het klinkt eerlijk en bijzonder goed.

Hoe ziet jouw ideale groep er uit?

Aan de drumkit plaats ik Fred Below, Willie Dixon op bas en Hubert Sumlin op gitaar. Little Walter leeft zich uit op mondharmonica. Helaas, al deze muzikanten zijn gestorven.
Mijn band bestaat uit een aantal blanke negers als Frederik Van den Berghe (ex Arno) op drums, Steven Troch op mondharmonica en René Stock of Karel Algoed op contrabas.


Welke anekdote blijft je het meest bij?
Tijdens de opnames van mijn album Stepping Up zaten we vijf dagen met de groep in de studio. Tijdens het uitladen geraakten mijn vingers tussen een van de zware studio deuren. Shit, mijn linkerhand was gezwollen. Ondanks deze handicap hebben we toch opgenomen.

Luister je ook naar andere muziek?
Jawel hoor. Bob Dylan, Neil Young en Leonard Cohen bekoren me zeker. Ik volg ook de zaken van de collega’s. Ik moet toegeven, 90% van mijn aandacht gaat naar blues. Bij de hedendaagse muziek ben ik onder de indruk van Warhaus. Dit is het zijproject van Maarten Devoldere, frontman van Balthazar. Het jazzcombo Taxiwars rond Tom Barman vind ik straf. De Amerikaanse singersongwriter Kurt Vile staat eveneens hoog aangeschreven. Het moet mij raken en genoeg diepgang hebben.

Uw favoriete gitaar?
Ik lijd aan G.A.S. wat staat voor Gear Acquisition Syndrome. Het zorgt ervoor dat de spullen die bij de gitaar worden gebruikt slechts van korte duur bevredigend zijn. Er moeten altijd meer attributen of gitaren gekocht worden. Ik beken, ik koop veel gitaren. Maar ik heb er onlangs twee verkocht. Die ene ideale gitaar die alle andere kan vervangen ben ik nog niet tegengekomen.

Wat vind je van het Blueprint bluesfestival?
Het is een mooi samengestelde affiche die redelijk breed gaat. Van de hardere bluesrock tot het akoestische werk. Dat zal heel wat mensen aanspreken. Samen met Steven Troch stel ik er mijn nieuwe cd voor.

Is er nog iets dat je kwijt wilt?
Ik ben zeer tevreden van het parcours van Tiny Legs Tim na de donkere ziekteperiode. Ik ben altijd blijven doordoen. Traag maar gestaag. Ik bruis van de ideeën en heb nog veel om naar toe te werken. Kijk naar onze godfather Roland, 72 geworden. Die blijft verder doen op zijn eigenzinnige manier. Daar neem ik mijn hoed voor af.

BLUEPRINT BLUESFESTIVAL
-Joanne Shaw Taylor (U.K.)
-Marino Noppe band
-Tiny Legs Tim
-Ed De Smul
zondag 26 maart 2017, 16 uur
cc Zomerloos Gistel, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., 059 27 98 71, € 18

Joanne Shaw Taylor

Joanne Shaw Taylor- Blues, nothing but the blues (ikv Blueprint bluesfestival)

Geschreven door

Joanne Shaw Taylor - Nog maar 30 jaar en Joanne heeft al zes cd’s op haar palmares. Haar albums staan hoog genoteerd in de US Billboard Top Blues. In 2010 won ze de onderscheiding van beste zangeres bij The British Blues Awards. Het jaar erop haalde ze de prijs als Songwriter of the Year binnen. Joanne speelt zeer expressief gitaar en haar enigszins hese stem past perfect bij de muziek die zij speelt. Stergitarist Joe Bonamassa noemt haar ‘A superstar in waiting’.
Het had wat voeten in de aarde voor we de blonde gitariste aan de lijn kregen. Na diverse mails naar haar manager kregen we haar nummer. Maar… ofwel nam ze niet op, ofwel sloeg de voicemail aan. Uiteindelijk kreeg ik contact via haar roadmanager. Het interview kon plaatsvinden tussen de soundcheck en het avondmaal. Helaas, een buitenlandse gsm-lijn is niet altijd even duidelijk. Op de koop toe spreekt ze met een zwaar Brits accent… en ze heeft weinig tijd. Om dit gitaarwonder, ook wel het nieuwe gezicht van de blues genoemd, te spreken neem ik er de ambetantigheden bij.

Je bent ontdekt door Dave Stewart van Eurythmics. Hoe is dat verlopen?
Ik was pas 16 toen ik hem een cassette overhandigde na een liefdadigheidsconcert. Dave bleek danig onder de indruk. Ik werd uitgenodigd om mee te spelen in zijn supergroep D.U.P. met onder meer Candy Dulfer en Jimmy Cliff. Later stond ik met Annie Lennox op het podium voor zo’n 12.000 toeschouwers.

Hou je van Let’s Dance van David Bowie?
Sure I do. Het was de zoveelste switch in zijn carriere en het werd zijn best verkochte album. Het zal je niet verwonderen dat ik er gek op ben omdat Stevie Ray Vaughn, één van mijn helden, er leadgitaar op speelt. David had Stevie ontdekt op Montreux Jazz. Op de singles Let’s Dance, China Girl en Cat People hoor je duidelijk Stevie’s zeer herkenbare Albert King-stijl.

Jimi Hendrix is ook één van je favorieten. Vertel
Zijn debuutalbum Are You Experienced heeft me werkelijk van mijn sokken geblazen. Het nummer Manic Depression staat bij mij op kop. Hendrix schreef de song nadat zijn manager Chas Chandler op een persconferentie verteld had dat Jimi klonk als een manisch depressieveling.

Herinner jij je optreden zo’n 10 jaar terug in een Bredense kroeg vlakbij Oostende?
Oh my god. Neen, dat zegt me niks meer. Ik ben zowat constant aan het toeren en niet alles blijft me bij. Ik ken ook geen Belgische muzikanten want ik speel slechts sporadisch in je land. Voor en na mijn shows schiet er niet zoveel tijd over.

Al je concerten in het Verenigd Koninkrijk zijn uitverkocht. Is dit een gevolg van je verschijning in ‘Later… with Jools Holland’?
Dat heeft ermee te maken. Maar ik krijg ook lovende recensies, mijn cd’s scoren super, collega’s als John Mayall en Stevie Wonder apprecieren me, en ik speel onnoemelijk veel.
Zo krijg je faam.
Sorry mate, I’ve got to go. Daar gaat mijn goede reputatie. See you at the festival.


BLUEPRINT BLUESFESTIVAL
-Joanne Shaw Taylor (U.K.)
-Marino Noppe band
-Tiny Legs Tim
-Ed De Smul
zondag 26 maart 2017, 16 uur
cc Zomerloos Gistel, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken., 059 27 98 71, € 18

As It Is

Okay

Geschreven door

As It Is is een Britse poppunkband die wel heel goed naar zijn Amerikaanse voorbeelden geluisterd heeft. Op hun nieuwe album ‘Okay’ brengen ze coole pretpunk in de stijl van New Found Glory, Good Charlotte, Sum 41 en Blink 182. Heel Amerikaans en soms heel catchy. Op vrijdag 16 juni mogen ze op Graspop op de Jupiler-stage spelen, maar of de Belgische metalheads deze pretpunk naar waarde zullen weten te schatten, is nog maar de vraag.
De punk van As It Is is meestal braaf en glad, zoals op “Pretty Little Distance” en single “Hey Rachel”. Evengoed staan er op ‘Okay’ enkele tracks waar helemaal geen punk in. “Curtains Close”, “Soap” en “Still Remembering” geraken niet verder dan een middelmatig pop-nummer. Een beetje jammer dat ze niet eens in de punk-geschiedenis van hun eigen land gedoken zijn.
Toch zijn er aantal nummers waarop de Britten zowel muzikaal als tekstueel hun tanden laten zien. “Patchwork Love” en “No Way Out” laten een jeugdig enthousiasme horen dat we nog kennen van de eerste platen van Green Day en The Offspring. Ook “Austen” en “Until I Return” zijn best genietbaar.
‘Okay’ is een prima album voor wie van compromisloze pretpunk houdt. Ideale muziek voor een warme zomer bij het skatepark.

Pagina 453 van 964