Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
giaa_kavka_zapp...

Anohni

Hopelessness

Geschreven door

Anohni is de nieuwe benaming van Antony Hegarty, die we kennen als de zanger/fenomeen van Antony & The Johnsons. Een transformatie is het niet direct. Hij is al openlijk transgender en had altijd een voorkeur aan vrouwelijke voornaamwoorden .
Muzikaal is hett anders dan zijn vroegere artists projecten. Er is de link met de dance elektronica van Hercules & The Love Affair,  die weliswaar luchtiger klonk en waar hij de zang eens deelde .
We horen een rits intense,  spannende , prikkelende , titelende, sfeervolle , donkere nummers, die avantgarde en een popgevoel ademen, donderende trippopbasses en sinistere elektronica bevatten in een lichte of loodzware  groove . Voor het producers – en synthwerk kreeg hij steun van Hudson Mohawke en Oneohtrix Point Never . Anohni is messcherp, luister maar naar “Obama”, politiek geladen en maatschappijkritisch  Hij draagt de wereld bijna letterlijk op zijn schouders, o.m. op “4 degrees” over de opwarming van de aarde . Pessimisme schuilt .
De songs zitten ingenieus in elkaar , zijn sfeervol , kleurrijk en durven uit de bocht te gaan door de beats en de experimentjes .”Drone bob me” en “Marrow”, net de opener en afsluitende track van de plaat zijn toegankelijk(er). Kortom , een muzikaal kunstwerkje hebben we hier met ‘Hopelessness’.

The Ramona Flowers

Part time spies

Geschreven door

The Ramona Flowers uit Bristol kloppen aan als support van White Lies . Hun naam heeft het kwintet ontleend uit een Canadese stripreeks . Ze zijn onmiskenbaar verbonden met warme , luchtige 80s electrotunes , uit het nest van Giorgi Moroder, en ergens de groove van Human League , OMD,   en die verder de sfeer van een Kajagoogoo, Duran Duran en Alphaville ademt.  “Dirty world” en “Skies turn” zetten de toon van dit sfeervolle , groovy album . Het instrumentale “Midnight express” en “Designer life” zijn de uptempo nummers , die de dansspieren aanspreken . Verder sluimeren er pianoloops in het materiaal, die het geheel wat episch maken , zonder net theatraal te klinken .
The Ramona Flowers hebben dus voldoende muzikale rede om te overtuigen.

DIIV

DIIV - Psychedelische pop om bij weg te dromen

Geschreven door

Het Gentse Autumn Falls slaagde er ook dit jaar in om top bands naar België te halen. Eén van die bands was het New Yorkse DIIV , dat na 4 jaar eindelijk met een nieuwe plaat kwam. Ze stonden eerder dit jaar al op podia van de Botanique en Best Kept Secret en nu werd het tijd om het publiek in de Kreun te overtuigen.

Kent u dirk.? Neen, dat is niet de naam van de zanger. Wie dat wel is, is de groep die de eer had vóór DIIV te mogen openen. Dit 4-tal is je misschien wel bekend van Humo’s Rock Rally of Westtalent, waar ze telkens derde werden. dirk. speelt alternative/indie met een toch wel vrij ruw kantje. De vocals nemen live verschillende vormen aan en zorgen ervoor dat de band niet eentonig wordt. DIIV mag blij zijn met een support act als deze.

DIIV begon hun set vrij matig. Hoewel de bandleden enorm enthousiast waren en hun liefde voor België meteen uitten, kwamen de nummers niet meteen over. Eentje daarvan was “How Long Have You Known” uit hun eerste plaat ‘Oshin’. De toon werd uiteindelijk gezet nadat DIIV een nieuw nummer “Dopamine” speelde, waarop het publiek enorm enthousiast reageerde en zelfs zin kreeg om te dansen.
Wat is er fijner dan naar een optreden gaan met een goede setlist? De setlist van het optreden zelf kunnen samenstellen! Dit was zo bij het optreden van DIIV. Frontman Zachary Cole Smith vroeg enkele keren om verzoeknummers. Eén ervan was “Earthboy”, waarover hij een kleine anekdote begon te vertellen over een meisje uit Australië. De Kreun werd omgetoverd tot een zaal van zowel goede muziek als praatjes.

DIIV was zomers en tegelijkertijd kil … We kregen al heimwee naar de zomer, die eigenlijk na dit optreden officieel voorbij is …

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/diiv-26-09-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dirk-26-09-2016/

Organisatie: Kreun, Kortrijk

Birdy

Birdy – Breekbare Engelenpop van een prima Muzikante

Geschreven door

Birdy – In 2011 vroegen we ons – terecht - af wie dat 15-jarig meisje was met breekbare stem, die Bon Iver’s “Skinny love” magistraal coverde. Het was de Britse Jasmine Van den Bogaerde, deels Belgische roots in Vlaanderen en Brussel, die de harten deed smelten.

Op Rock Werchter 2014 zagen we haar voor het eerst live schitteren in één van de twee tenten. Ze promootte de tweede plaat ‘Fire within’. Ik herinner mij nog erg goed hoe laaiend enthousiast het publiek was voor de jonge zingende nimf. Intussen heeft ze al een nieuwe plaat ‘Beautiful lies’ uit , die ze nu kwam voorstellen. Hopelijk kon ze de criticasters de mond snoeren, gezien de plaat maar flauwtjes werd onthaald. Eerlijk gezegd , zelf waren we ook een beetje bang voor de eentonigheid die in het materiaal en in de set kon schuilen.  Maar we werden verrast .

Grote witte linten hingen aan het plafond van het podium en werden met spots belicht . We waanden ons in een grot waar haar opkomst deed denken aan de verschijning van Maria … Haar 5 muzikanten namen in het halfdonker plaats op het podium. Daarna hadden we de jonge lady Birdy zelf die uit het donker kwam , met een fel wit licht op haar. Een aangename , sexy verschijning in glinsterende body met daarover een doorzichtige mantel. Wow!
Ze is aan haar piano verbonden en zou deze maar na een paar nummers verlaten. Ze kon duidelijk haar vrouwtje staan. Ze stak veel gevoel in het materiaal en in haar geliefkoosd instrument . Haar stem klonk goddelijk en stak moeiteloos boven de sound.   Beklijvende ballades wisselde ze af  met up-tempo nummers. Het publiek hield ervan.  Het was oorverdovend stil , toen “Skinny love” werd ingezet; geen hoest, geen GSM. De stilte paste perfect bij de song. Op “Wings” en “People help the people” gingen de kelen natuurlijk open, Birdy zelf bleef de hoogste noot zingen. Nieuw materiaal als “Keeping your head up” en “Wild Horses” werden smaakvol ontvangen. De cover “Running up that hill” van Kate Bush toont haar veelzijdigheid en onderstreept haar talent.
Een goed anderhalf uur had de beloftevolle dame ons in haar greep . Birdy en haar band kregen dan ook terecht minutenlang een staande ovatie!

Birdy , nog maar goed twintig , bewees wat een multi-talent zij wel is, een songschrijfster, muzikante en zangeres. Sterk!

Support was de Britse Lawrence Taylor. De jonge gast profileert zich ergens tussen Georges Ezra en Luka Bloom in en kon rekenen op een positieve respons . Persoonlijk kon hij mij onvoldoende overtuigen , een dertien in een dozijn songwriters , maar zijn pose en verschijning deden de jonge meisjesharten sneller slaan.

Organisatie: Live Nation

Deap Vally

Deap Vally - Nog even rock ’n roll als vroeger

Geschreven door

De VK mag door zijn subsidieprobleem dan wel in moeilijke papieren zitten, toch slagen ze er nog steeds in bands van formaat te programmeren. Zo zagen wij afgelopen vrijdag in hun zaal het ijzersterke Deap Vally.

Deap Vally bestaat uit Lindsey Troy (gitaar, zang) en Julie Edwards (drum). Ze maakten al enorme indruk als support van Queens Of The Stone Age, Band Of Skulls, Peaches en Muse, en nu is het tijd om in hun eentje de muzikale wereld te veroveren. Op debuutalbum ‘Sistrionix’ kwam de vuige bluesrock in een mix van funk en punk goed tot hun recht. De opvolger ‘Femejism’ volgde twee weken geleden en klinkt iets anders dan hun debuut. Elementen van Prog- en krautrock zijn te bespeuren.
Op plaat is deze band al enorm goed, maar we kunnen je verzekeren dat ze live je nog meer van je sokken blazen. Scheurende gitaren en kletterende drums die je meenemen op een muzikale trip die alleen maar genot toedienen. Oude nummers als “Gonna make my own money” en “Baby call hell” kwamen aan bod, maar ook een pak uit hun nieuwe plaat werden aan het publiek voorgesteld. “Smile More”, “Royal Jelly” en “Little Baby Beauty Queen” waren onze favorieten.

Deap Vally is momenteel nog klein, maar na het optreden in de VK werd het enorm duidelijk dat ze op doorbreken staan. En ja, de festivals zijn nog ver, maar we geven nu al de tip om deze band volgende zomer aan het werk te zien!

Organisatie: VK, Sint-Jans Molenbeek

Nick Cave

Skeleton Tree

Zal er ooit iemand het album ‘Skeleton Tree’ kunnen loskoppelen van het drama dat er achter schuilgaat ? Niemand, en al zeker niet nadat men de prent ‘One More With A Feeling’ heeft gezien, nog nooit heeft een film ons zo aangegrepen als deze. De plaat en de film vormen een onlosmakelijk geheel, deze keer niet zomaar een verhaal van leed en duisternis maar wel de harde realiteit.
In de film stelt Cave klaar en duidelijk dat een vreselijke traumatische gebeurtenis als het overlijden van zijn zoon, in tegenstelling tot wat journalisten en recensenten graag beweren, helemaal niet bevorderend is voor het creatieve proces van een artiest. De meeste songs waren ook al neergepend voor het noodlot zich voltrok, maar het is de teneur waarmee Cave ze uiteindelijk op plaat heeft gezet die een diepe indruk nalaat.
Nick Cave heeft sowieso altijd al donkere platen gemaakt die telkenmale als hardnekkige teer aan de ribben bleven plakken, maar deze keer zat hij plots zelf middenin het onheil. Het klinkt daarom nu allemaal nog ruwer, beklemmender, dieper en hartverscheurender dan op al zijn andere albums. Maar in hoeverre is dat geen wishful thinking van de luisteraar? Stel dat Cave die plaat zou gemaakt hebben zonder dat het drama zich voltrokken had. Zou men dan ook nog van een onovertroffen meesterwerk spreken zoals iedereen op vandaag beweert ? Als je immers met dit nieuwe noodlottige gegeven terug in Cave zijn volledige oeuvre graaft, kan eigenlijk zowat elke plaat doorgaan als soundtrack bij zo een tragische gebeurtenis.
Op de één of andere manier nodigt Cave ons uit om met ‘One More With A Feeling’ en ‘Skeleton Tree’ mee te delen in zijn leed, langs de andere kant vinden wij het wat onbehaaglijk om als een voyeur -ik zou bijna zeggen ramptoerist- diep in zijn zwaar op de proef gestelde privé leven rond te wandelen.
Wij hebben er onze tijd voor genomen en de plaat trachten los te denken van het drama dat er omheen hangt, we zijn tot het volgende besluit gekomen : ‘Skeleton Tree’ is wel degelijk een hartverscheurende prachtplaat, maar neen, het is niet Cave zijn beste. Een handvol absolute meesterlijke songs en soundscapes zijn hier te bespeuren. “Jesus Alone” is een opener die het onheil al aangeeft, Cave zijn stem zweeft slepend over de drone-onweerswolken die de onmisbare Warren Ellis uit allerlei attributen haalt, het is een song die tot diep onder de aderen kruipt en genadeloos onze adem afsnijdt. Het bijzonder pakkende en pijnlijk mooie “Girl In Amber” komt gewoon de tranen uit onze ogen halen, geen mens die hiervoor niet bezwijkt. Ook “Magneto” is zo een aangrijpende less is more song waardoor een mens diep geraakt wordt. In “I Need You” klinkt Cave’s stem uiterst breekbaar terwijl The Bad Seeds op de achtergrond toch ergens een lichtje proberen te vinden tussen de dreigende onweerswolken, een haast onhaalbare opdracht. De integere afsluiter “Skeleton Tree” is ook weer zo een klein stukje smart die uit ‘The Boatman’s Call’ lijkt te zijn weggelopen.
Zo staat ‘Skeleton Tree’ bijna vol met hartroerende schoonheid en beklijvende treurnis, maar gelukkig  nergens met aandoenlijk sentiment, dit is tenslotte Nick Cave.
Alleen met het alom bejubelde “Distant Sky” hebben wij wat moeite, we twijfelen er niet aan dat de Deense sopraan Else Torp een sterk staaltje kan zingen, maar de song had die overdreven pathetiek niet echt nodig. De vertwijfelde raps van “Rings Of Saturn” kunnen wij ook maar moeilijk thuisbrengen, maar wij zitten dan ook niet in Cave zijn vel.
‘Skeleton Tree’ is een beladen prachtplaat die zwaar op de maag ligt en diepe wonden achterlaat. Wij wensten dat Cave die nooit hoefde te maken. Misschien moeten we deze schijf een plaatsje geven naast ‘Magic and Loss’ van Lou Reed, nog zo’n schitterend rouwalbum dat bijna nooit de weg naar onze cd lader heeft gevonden omdat het toch zo verdomd zwaar doorweegt.

Sam De Rijcke


Nick Cave - Waardig rouwen - In de rockumentary van Andrew Dominik over de genese van Cave’s ‘Skeleton Tree’ krijgen we deze prachtige quote voorgeschoteld. “Time is elastic. We can go away from the event but at some point the elastic snaps and we always come back to it.” Het gaat uiteraard over de verschrikkelijke dood van zijn zoon Arthur die na een foute trip van een klif viel. Skeleton is het muzikaal antwoord op de rouwarbeid die Cave aan het leveren is. Het moeten aanvaarden van de dood, het verwerken van de pijn, hat aanpassen aan een leven zonder zijn zoon en het trachten weer te vinden van het plezier in het leven wordt vertaald in ingetogen en tegelijk vlammende pareltjes.
Zijn eeuwige compaan en rechterhand Warren Ellis is ook hier weer van onschatbare waarde. Het is zelfs naar Cave normen een heel donkere plaat geworden. Toch wordt er nog ruimte gemaakt voor schoonheid, empathie en liefde. Opener “Jesus Alone”, geschreven voor het ongeval, krijgt met de zin “You fell from the sky, crash-landed in a field near the River Adur” een akelige profetische waarde. “Rings of Satyrn” blijkt wat vrolijker, maar de zwarte ondertoon blijft prominent. Geniet verder van het piano en synth-spel op “Girl in Amber”. En zo kunnen we verder gaan. De juweeltjes stapelen zich op. Wel niet voor gevoelige oren. Deze donkere schijf eindigt wel met het hoopvolle  “And it’s all right now.”

Lode Vanassche

The Avalanches

Wildflower

Geschreven door

Het verhaal van de Australische The Avalanches doet in grote lijnen denken aan dat van Talk Talk. Die scoorden halfweg de jaren ’80 een paar hits waarna iedereen vol verwachting uitkeek naar nieuw werk. De band sloot zichzelf enkele jaren op in de studio en kwam eruit met ‘Spirit of Eden’. Daarop stonden songs met dezelfde ingrediënten als op hun hits, maar de bandleden hadden zo hard aan het succesrecept zitten sleutelen dat het album geen halve degelijke track opleverde. ‘Spirit of Eden’ werd de zwanenzang van die Britse band.

The Avalanches dreigen dezelfde tour op te gaan. In 2000 had dit Australische collectief een wereldhit met “Since I Left You”, een mix van een eindeloze reeks samples en zelf ingespeelde instrumenten, en het hele gelijknamige album werd wereldwijd bejubeld. Daarna werd het collectief herleid tot een duo: Robbie Chater en Tony Di Blasi, al staat de intussen opgestapte James Dela Cruz nog mee als bandlid op de credits van het nieuwe album.
Pas in 2005 zijn The Avalanches gestart aan een opvolger voor ‘Since I Left You’ en die is nu pas klaar. Zestien jaar tussen twee dancepop-albums is een moedige keuze. Het toont dat het duo niet uit is op snel geldgewin, wat in dit genre eerder uitzondering dan regel is. Het schept ook een zekere verwachting: als er zo lang aan een plaat gesleuteld wordt, zal het wel een pareltje zijn dat het debuut mijlenver overstijgt. The Avalanches nemen ook de moeite om voor elke sample officieel de goedkeuring te krijgen om hem te gebruiken. Als je dan samples of stukjes tekst wil gebruiken van o.m. John Lennon, the Bee Gees, Randy Newman en de Beatles, verklaart dat al minstens een deel van de lange broedperiode.

De hoge verwachtingen kan ‘Wildflower’ niet helemaal waarmaken. Opener “The Leaves Are Falling” is niet meer dan een valse intro. Het eerste echte nummer, “Because I’m Me”, een beetje Jackson 5-achtige light-disco met opnieuw die mix van eindeloos veel samples en een stukje rap erover, komt dicht in de buurt van de oude successingle “Since I Left You”.
Op “Frankie Sinatra”, de eerste single uit Wildflower, halen Chater en Di Blasi er opnieuw ook een reeks keyboards en andere instrumenten bij, maar toch pakt de mayonaise veel minder dan op “Because I’m Me” of “Since I Left You”. Het nummer lijkt eerder op haastwerk van een beginneling in het genre dan op het magnus opus van een succesduo.
Daarna gaat het alleen nog maar bergaf. Nummers als “Subways”, “Going Home” en “The Noisy Eater” stuiteren alle kanten tegelijk op, de samples en raps lijken willekeurig aan elkaar geplakt en de nummers wisselen zo vaak van ritme en beat dat het enerverend wordt. Nog verder op het album worden de nummers vaak onderling inwisselbaar en komen ze langs als een rustig kabbelend beekje met af en toe een sample of een stukje tekst dat je vaag herkent.
Toch heeft ‘Wildflower’ nog enkele goede momenten. “If I Was A Folkstar” is geen slechte track en zou het ook op de dansvloer goed moeten doen. De pareltjes zitten in de staart. Op het bevreemdende en tegelijk vrolijke “Kaleidoscopic Lovers” levert Jonathan Donahue van Mercury Rev/Flaming Lips een vocale gastbijdrage, op het licht swingende “Stepkids” is een vioolpartij te horen van Warren Ellis (Nick Cave) en zingt Jennifer Herema van Royal Trux mee en op de licht rockende afsluiter “Saturday Night Inside Out is” een gastrol weggelegd voor Josh Tillman, beter bekend als Father John Misty. Die tracks leveren nog enigszins bescheiden vuurwerk op.

Alles bij elkaar is ‘Wildflower’ niet de zwanenzang van The Avalanches geworden, maar gokken we er op dat dit album vooral opgepikt zal worden door dj’s die een lounge-set draaien aan een strandbar.

Thee Oh Sees

A Weird Exits

Geschreven door

Met de regelmaat van de klok (quasi jaarlijks) levert John Dwyer, de drijvende kracht achter het explosieve bandje Thee Oh Sees, het ene na het andere sublieme plaatje af. In juli heeft de band nog maar net het ophitsende ‘Live In San Francisco’ gedropt, een schitterende registratie van hun zinderende live reputatie, of ze zijn daar al met hun volgende studio plaat. Het moet zowat al de veertiende plaat zijn op 10 jaar tijd, maar schiet ons niet af als we er eentje naast zitten want we zijn onderweg misschien wel een beetje de tel kwijt geraakt.
‘A Weird Exits’ is voor een stuk een vintage Thee Oh Sees plaatje met de geliefde ingrediënten als geflipte garage rock en ontspoorde hardrock met psychedelische uitsteeksels. We krijgen met name een stel uiterst energieke songs die zich lekker zullen thuis voelen in de opwindende live sets. Extatische songs als “Dead Man’s Gun”, “Ticklish Warrior”, “Plastic Plant “ en vooral het uitzinnige “Gelatinous Cube” zijn ideale bommetjes om menig concertzaaltje te doen ontploffen.
Maar Thee Oh Sees verkennen hier ook andere oorden. Met de fijne instrumentals “Jammed Entrance” en “Unwrap The Fiend Pt 2” begeven ze zich op krautrockterrein en naar het einde van de plaat toe gaan ze breeduit relaxen met de luie psychedelica van “Crawl Out From The Fall Out” (doet ons trouwens sterk denken aan het bandje Brightblack Morning Light, waar hangen die tegenwoordig eigenlijk uit ? ergens ver in de kosmos?). Ook de in de sixties gedrenkte afsluiter “The Axis” - Procol Harum lonkt hier zelfs om de hoek- wijkt nogal van het spoor af, maar dat maakt er de zaken alleen maar interessanter op.
Een verdomd straf plaatje. Alweer.

The Glücks

Youth On Stuff

Geschreven door


The Glücks komen uit Oostende en zeggen van zichzelf dat ze zich ophouden in de driehoek tussen The Cramps, The Stooges en Thee Oh Sees. De band bestaat uit Tina op drums en Alex op gitaar. Op hun debuutalbum Youth On Stuff zingen beiden. Soms om de beurt, soms samen, maar steeds met een grove korrel.
Als tweepersoonsband verwacht je gelijkenissen met The White Stripes of The Black Box Revelation, maar in die richting moet je The Glücks niet zoeken. Denk eerder aan Jon Spencer Blues Explosion op speed, The Gories of Bass Drum Of Death. Met een heerlijk overstuurde gitaar en lekker veel galm op de stemmen, waardoor je soms nauwelijks kan uitmaken wie zingt, maakt deze band vuile garagerock die zo energiek is als de punk van The Damned en de UK Subs en die zo rammelt als The Mummies, met daarover een lofi-retro-saus als waren ze The Areola Treat of The Automatic. Ook 50 Foot Combo is nooit ver weg…

‘Youth On Stuff’ opent met het lekker rockende en swingende “Cucucool”, gezongen door Tina en met een intro die een beetje naar de surfrock neigt en een eenvoudige drumroffel die zo uit de sixties lijkt weggelopen. Eens op dreef wordt duidelijk dat The Glücks een eigen universum hebben opgebouwd met invloeden uit zowat de hele rockgeschiedenis en dat alle referenties deze band te kort doen. Titeltrack “Youth On Stuff”, gezongen door Alex, schakelt een versnelling hoger en pikt eerder aan bij de punk, met meer energie en meer fuzz.
“Kill The King” en “The Drugs Won’t Work” zijn licht drammerig en tegelijk dreigend en tonen dat deze band niet voor één gat te vangen is. “Slave”, met een oerschreeuw van Alex, en “Anger in Your Eyes” laten dan weer een meer psychedelisch kantje van The Glücks horen. “Panopticon” is iets lichtvoetiger, terwijl “Sick City”, “Brand New Gun” en “Bugs” dan weer eerder vuile punktracks zijn.

Op ‘Youth On Stuff’ schurken The Glücks tegen heel wat genres aan zonder voluit voor één van die genres te kiezen. Ze zoeken zich een eigen weg waarbij hun energie en hun spelplezier altijd vooropstaan.  Het album sluit af met “No Savior” en dat is eigenlijk de samenvatting van de hele plaat: The Glücks zijn zo aanstekelijk dat er geen redding meer is. Je moet ze wel goed vinden.

The Last Shadow Puppets

Everything you’ve come to expect

Geschreven door

The Last Shadow Puppets is een uniek samenwerkingsproject tussen Alex Turner en Miles Kane . In 2008 overtuigden ze erg sterk met ‘The age of the understatement’, orkestrale sixties in een Britpop elan. Een combo met violisten biedt net dat ietsje meer. De samenzang , de afwisselende zangpartijen en het indringend gitaargetokkel creëren een sfeertje van spaghetti westerns en Tarentino habit. De gevarieerde composities klinken lekker ouderwets, zitten ingenieus en subtiel in elkaar en zijn mooi uitgewerkt.
De opvolger is geen klassieker als hun debuut, minder indrukwekkend dus, maar de afwisseling is en blijft er met een rits sfeervolle en vaardige , zwierige nummers als “Aviation”, “Miracle aligner” , “The elements of surprise” , “Bad habit” en “Used to be my girl”. Ze tonen het zang- en compositorisch talent van de twee nogmaals aan . De andere songs klinken meer gewoontjes , maar raken door de integere, zalvende, groovende aanpak. Een uiterst beheerste , aangename afwisselende plaat dus .

Pagina 476 van 964