logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Biohazard 8/8/2...
Editors

Incubus

HQ Live

Geschreven door

Voor de iets oudere rockliefhebber is de naam Incubus allesbehalve onbekend… Het was vooral rond de eeuwwisseling dat deze formatie uit Californië hoge ogen gooide met hun mix van metal en alternatieve rock.
Albums als ‘Make Yourself’ en ‘Morning View’ kenden heel wat memorabele songs en  gingen in die periode gretig over de toonbanken.
Na een korte break is Incubus al een eindje terug. Zo was er in 2011 het zevende studio-album ‘If Not Now, When?’ en dit jaar waren ze ondermeer live te zien op Rock Werchter.  ‘Incubus HQ Live’ is de facto het eerste live album van de band en is een mooie uitgave nav het  twintigjarig bestaan van het Amerikaanse vijftal. 
De band trakteert ons concreet op een fraaie live cd en een dvd.  Alles werd vorig jaar opgenomen in Los Angeles waar het vijftal een aantal dagen na mekaar in dezelfde setting optrad en waarbij de fans de mogelijkheid kregen om de setlist zelf samen te stellen.  De live plaat is alleszins de moeite, het geluid is prima en als luisteraar krijg je een mooi overzicht van de evolutie die Incubus door de jaren onderging. 
Het valt bovendien op hoeveel hits deze Amerikanen in al die jaren schreven...  Wie nog geen werk van Incubus in zijn platenkast heeft, kan daar middels deze live plaat zeker verandering inbrengen!

House VS Hurricane

Crooked Teeth

Geschreven door

House VS Hurricane is met hun tweede full album duidelijk aan een nieuwe start  toe.  Met ‘Crooked Teeth’  onderging HVSH duidelijk een aantal ingrijpende wijzigingen in vergelijking met debuutplaat ‘Perspectives’ uit 2010.
Niet alleen waren er verschillende personeelswissels (met Dan Casey, voorheen bij Nazarite Now is er ondermeer een nieuwe vocalist) maar ook op muzikaal gebied etaleren de Australiërs uit Melbourne een nieuwe smoel.  Weg zijn de overvloedige synths die we ook bij een band als The Devils Wear Prada kennen. In de plaats staat House VS Hurricane nu voor directe en herkenbare metalcore waarbij agressieve, stevige stukken gecombineerd worden met diverse breakdowns en verschillende melodieuze koortjes. Niks nieuws onder de zon horen we je denken, maar het is evenzeer duidelijk dat  House VS Hurricane verschillende composities heeft gemaakt die je na beluistering graag opnieuw wil horen.
De tracks klinken lekker fris en consistent en kennen een perfecte balans tussen agressie en melodie. 
House VS Hurricane beschikt verder over een fantastische drummer en het geluid op deze plaat is werkelijk moddervet. 
House VS Hurricane is een band die zeker verdient om ook buiten Australië ontdekt te worden, wij laten alvast deze ‘Crooked Teeth’ de komende tijd stevig uit onze speakers knallen.

The Hundred in the Hands

Red Night

Geschreven door

Het uit Brooklyn, NYse afkomstige duo Eleanore Everdell (zang/synths) – Jason Friedman (gitaar/backing vocals) intrigeerden op hun titelloos debuut met een rits fijne electropopsongs. Hun synthpop zit ergens tussen  elektronische stuiterpop vs indierock, geïnjecteerd door aanstekelijke, dromerige en funkende ritmes en een dansbare beat.
Het duo put uit de etherische ‘80’s pop van Cocteau Twins (remember Elisabeth Frazer) en Siouxie Sioux, integreert psychedelica en koppelt de ‘80’s wavepop en ‘pop noir’ van The xx en The Big Pink aan de melodieuze electrogroove van Crystal Castles .
Op de tweede plaat horen we opnieuw heerlijk lekkere, leuke , zweverige, sfeervolle electropop met ‘onderhuids ‘ een wavetoets. Het eerste deel van de cd is extraverter en werkt meer in op de dansspieren door de repeterende krachtige beats en drums , die richting electro-shoegaze gaan .  
Het tweede deel  klinkt gematigder , is dromerig en sfeervoller , en biedt een kenmerkende zalvende groove , zonder over te hellen naar mistroostige tunes .

Friends

Manifest

Geschreven door

Een beloftevol bandje uit Brooklyn, NY is de 5 koppige formatie Friends … Op hun debuut horen we muziek met een positive vibe door de soepele , aanstekelijke , sfeervolle melodieën. De eerste songs  “Friend crush”, “Home “ en “A light” klinken door de mixmax aan stijlen, de synths en de drumtics heerlijk . Verderop , in het tweede deel van de plaat, krijgen sommige songs een donkere ondertoon en zijn ze niet vies van een avontuurlijk tintje.
Ze vallen op met hun onweerstaanbare mix van pop , rock , dance, funk en r &b , gedragen door zalvende vrouwelijke vocals . Friends, toch ergens een beetje de opvolgers van het onvolprezen Luscious Jackson . Fijn debuut.

Passion Pit

Gossamer

Geschreven door

Drie jaar terug debuteerde het Amerikaanse Passion Pit van Michael Angelakos (Griekse roots)  uit Massachusetts . ‘Manners’ bevatte aanstekelijke indie/electropop, die met songs als “Make Light”, “Little Secrets”, “Sleepyhead” en natuurlijk de hit “The Reeling” de plaat naar een hoger niveau trokken . De mainstreampop  ademde een positieve vibe uit , die onnadrukkelijk ook op de opvolger te horen is.
‘Gossamer’ klink bruisend , opwindend  en kan knallen , vooral in het begin wordt de champagne ontkurkt op de optimistische dance pop van “Take a walk”, “I’ll be allright” en “Carried away” . Potentiele radiohits , die naast de hoog uithalende stem van Angelakos wordt geruggensteund door meerstemmige vocals. 
Ondanks die levenslustige tunes , ging het Angelakos niet voor de wind, maar hij gooit het van zich af door die aanstekelijke, groovy tunes .
Niet alle songs zijn even sterk en af en toe wordt er wat vaart teruggenomen , waarbij “On my way”, “Hideaway” en “Love is greed” overtuigen in dit genre .
Passion Pit heeft een ontspannend fijne ,  leuke, opzwepende en dansbaar tweede cd afgeleverd!

Raketkanon

Rktkn # 1

Geschreven door

Bij dit fijne label noteren we opnieuw een beloftevolle naam , met name Raketkanon , een (gelegenheids) formatie rond Antwerpenaar Jef Verbeeck, die beroep deed op Pieter De Wilde (Waldorf), Lode Vlaeminck (Toman) en Pieter-Paul Devos van Kapitan Korsakov .
Stoere, weerbarstige, broeierige en intense onheilspellende noisepop. De sound kan hard, hakkend zijn , maar is doordacht en behoudt z’n subtiliteit. De muziek prikkelt, kan neurotisch zijn , maar raakt, is gedreven en gevoelig.
Op een lekker uitgesponnen nummer als “Anna” , vinden we al de kenmerken terug . Wat een spanningsveld weten zij hier te creëren  .
Al meteen wordt de aandacht gescherpt op “Herman”, single van de plaat, een stevige knaller met weerhalen , die elan krijgt door de schreeuwvocals. “Louis”, “Judith” of een “Helen” ( tja, het zijn allen man- vrouwtitels)  klinken iets minder stoer , maar de rauwheid  stroomt door de aderen . De paar instrumentals “Henri”, “Eva” en het  zweverig  bedwelmende  rauwe “Lena” vullen aan.
Ontregelde , laag gestemde gitaren, dreunende basses en felle, krachtige drums sieren de plaat; onderhuids is er een filmische sludge aanwezig , en vervormde vocals porren dit maar aan . 
Raketkanon roept bands als Shellac, Melvins, Tomahawk, Butthole surfers , God Machine , Barkmarket , Mars Volta en het onvolprezen Nederlandse Lul op; ze zijn allemaal mooi verweven in hun opbouwend , broeierig,  spannend, allesverslindend geluid.

Crossing Border Festival 2012 –– Kwaliteit meer dan de evenknie van kwantiteit

Crossing Border Festival 2012 –– Kwaliteit meer dan de evenknie van kwantiteit
Crossing Border Festival 2012
Arenbergschouwburg
Antwerpen
2012-11-17 & 18

Sinds 1993 wordt in het Nederlandse Den Haag jaarlijks Crossing Border, het meest vooraanstaande internationale, interdisciplinaire literatuur- en muziekfestival in zijn soort in Europa, georganiseerd.

In 2009 werd ook gestart met een Belgisch luik en in dat kader streken afgelopen zaterdag en  zondag  voor de vierde maal heel wat muzikanten, schrijvers, dichters, tekenaars en vertellers neer in de Antwerpse Arenbergschouwburg om hun eigen ding te doen. Deze keer tekenden in totaal 40 acts present op diverse podia en hoewel de - in vergelijking met de vorige editie - doorgevoerde afslanking en het zich beperken tot één enkele locatie minder frustratie zou moeten opwekken bij de bezoekers omdat er telkenmale moeilijke keuzes dienden te worden gemaakt en het literatuurgedeelte in 2011 jammer genoeg aan belangstelling inboette, was het ook dit jaar zich spoeden van voorstelling naar voorstelling. Niet omwille van organisatorische redenen – verre van zelfs – maar omdat het aanbod gewoonweg zo lucratief was. Er vielen ontdekkingen te rapen, bijna verloren gewaande gevestigde waarden stonden geprogrammeerd maar ook de waaier aan muziekstijlen oogde breder dan ooit.

En wat dit laatste betreft, kon er met de openingsact op zaterdag geen betere keuze gemaakt  worden met het Nederlandse The Kyteman Orchestra (****). Hoewel hij een commercieel succes behaalde met zijn debuutplaat ‘The Hermit Sessions’ (2009) ontbond de in Utrecht geboren trompettist, componist en dirigent Colin Benders kort daarop zijn Kyteman’s Hip-hop Orchestra op haar hoogtepunt. Het woord ‘Hip-hop’ verdween in de groepsnaam, Benders omringde zich deels met andere doch gelijkgestemde en even toegewijde muzikanten en werkte vanuit zijn Kyptonia, een studio in een industrieel pand waar heel wat diverse artiesten aan de slag kunnen, aan een nieuwe groep en dito geluid. Het nieuwe project werd aldus nog grootser als voorheen en de focus beperkte zich niet langer tot jazz en hip-hop maar ook opera, drum & bass, elektronica en zoveel andere stijlen maakten hun opwachting. Nadat The Kyteman Orchestra de voorbije zomer op tal van festivals schitterden, mochten ze nu ook Crossing Border 2012 aftrappen en aldus stonden ze ook op zaterdag 17 november in de Arenbergschouwburg.

Het amalgaam aan stijlen werd meteen bij aanvang duidelijk. In « Preaching To The Choir » werden mede door een 27-koppig koor, opera, rock en klassieke muziek tot één luid, strak maar coherent geheel vermengd. Met « On S’en Fout » was er niet enkel ruimte voor wat Franstalige hiphop gebracht door Ben Hartman (ReaZun) maar ook voor het globaal met de handen zwaaien door het publiek op de ritmes van de muziek. Dit zorgde voor een wat vreemd maar modern gebeuren in de schouwburg. « Long Lost Friend » (bijzonder mooi en laag per laag opgebouwd), « The Mushroom Cloud » en absoluut hoogtepunt « While I Was Away » - met een glansrol voor de boomlange zanger Hein Bal (Pax) wiens stem aanleunt bij pakweg Michael Franti of Al Wilson - ademden soul en jazz uit, terwijl minimalisme hoogtij vierde tijdens het instrumentale, sprookjesachtige en repetitieve « The Void ». Bij dit laatste vormden piano en vibrafoon het middelpunt en de andere instrumenten werden er als een figuurlijk warm deken omheen gedrapeerd. Het vertoonde gelijkenissen met artiesten als Efterklang, Ólafur Arnalds of Nils Frahm.

Ook andere instrumentale stukken als het filmische – en favoriet van de groep - « Day One » of « The Ballad » mochten er wezen en dit gold zeker ook voor een instrumentale jamsessie die qua klankkleur en stijl aanvankelijk verwant leek te zijn met het oeuvre van Beirut of Goran Bregoviz. Naar het einde van de sessie toe nam een dubbele en strakke drumpartij de bovenhand die nagenoeg naadloos de intro vormde van een heftig en door Bax en Kevin de Randamie (Blaxtar) gezongen « Angry At The World ».

Benders was blij dat ze toch in Antwerpen konden concerteren want de dagen vooraf werd het ene na het andere groepslid ziek en toen een van de toetsenisten thuis diende achter te blijven, zat de schrik er stevig in dat men verstek zou moeten laten gaan voor Crossing Border 2012. Maar door wilskracht kon dit vermeden worden en eerlijk gezegd, de verminderde staat van paraatheid legde geen hypotheek op de set. Integendeel, The Kyteman Orchestra concerteerde ruim twee uur en dus veel langer dan aangekondigd en een verdiende staande ovatie door het publiek viel hen te beurt.

Op zondag mocht het eveneens Nederlandse Moss (***) de tweede festivaldag openen. Deze Amsterdammers zijn redelijk onbekend in Vlaanderen maar in eigen land, Frankrijk en Duitsland hebben ze al een grote live reputatie uitgebouwd. Zo mocht Moss dit jaar het grote podium van Pinkpop openen. Deze band ontsproot uit de as van Caesar en heeft met ‘Ornaments’ reeds zijn derde album uit. Wij hoorden mooie harmonieën in de stijl van Fleet Foxes en goede nummers met veel dynamiek die soms aan Buffalo Tom refereerden. Een Afrekeninghitje hebben we niet gehoord dus kan gevreesd worden dat de doorbraak in Vlaanderen er niet zal komen.

In La Zona Rosa, de grote zaal van de Arenbergschouwburg, was I Am Kloot (***1/2) de eerste muzikale act die er op de tweede festivaldag aantrad. Deze Britse groep werd in 1999 opgericht te Manchester en grossiert in pakkende, doorleefde en melancholische liedjes die perfect passen bij herfstweer.
Op de planken in Antwerpen stond het basistrio John Bramwell (gitaar en zang), Peter Jobson (basgitaar) en Andy Hargreaves (drums). Misschien had het prille aanvanguur er iets mee te maken (Bramwell vroeg de toeschouwers hoe laat het eigenlijk was) maar feit is dat er  enigszins aarzelend gestart werd met « From Your Favourite Sky », « Northern Skies », het bluesgetinte « Twist » en het rustige « To The Brink ». Vanaf « Morning Rain » (verwijzend naar de vele regenbuien in hun thuisstad die het zomergevoel steeds wegduwen) en het melodieuze « 86 TV’s » geraakte de groep wél op kruissnelheid en regende het – verwijzend naar vorig nummer - in de Arenberg hoogtepunten. Vooral toen Bramwell de andere groepsleden de mogelijkheid gaf om een korte rookpauze in te lassen (in het bijzonder bassist Jobson is een verstokt roker) en solo twee nummers bracht, enerzijds « Masquerade » (een nummer van het begin volgend jaar te verwachten nieuwe album ‘Let It All In’ dat evenals voorganger ‘Sky At Night’ (2010) geproducet zal worden door Guy Garvey en Craig Potter van Elbow) en anderzijds « I Still Do » luisterden de aanwezigen geboeid naar de stem van Bramwell die ons op dat ogenblik wat deed denken aan deze van Lee Mavers (The La’s).
Verder schitterden onder meer ook het door drums vooruitgestuwde « Over My Shoulders »  en het ritmische « Proof » (waarbij Bramwell uitpakte met hoge vocalen). Via « Titanic » (het allereerste nummer dat het trio in de kelder van Jobson maakte) werd ons zelfs een terugblik op het ontstaan van deze groep gegund.
Hoewel heel wat van hun nummers gingen over teveel drinken en bijhorende ellende, werden we er niet mistroostig van, mede door de grappen van Bramwell. I Am Kloot smeekt om door een ruimer publiek opgepikt te worden.

In de benedenzaal Club de Ville zagen we nog een stukje van de set van
Punch Brothers (***). Dit Amerikaanse vijftal vertrekt van bluegrass en vermengt dit met jazz, rock, pop en americana. Zij kwamen op Crossing Border 2012 hun recentste album ‘Who’s Feeling Young Now?’ en de bijhorende EP ‘Ahoy!’ voorstellen. Hun coverversie van « Kid A » (Radiohead) hadden we door het concert van I Am Kloot gemist maar het uptempo en vol mimiek gebrachte « Flippen », het zomerse « Rye Whiskey » en het bij Calexico aanleunende « Another New World » klonken erg goed en konden ook op een goedkeuring van de talrijke toeschouwers rekenen.

De jonkies van Toy (***), het babyvet nog niet ontgroeid, haalden de mosterd bij 90’s shoegaze bands als Ride en My Bloody Valentine of ook wel bij The Horrors, in wiens voorprogramma ze al mochten spelen. Deze vier jongens en een meisje hadden het geluid van dit noisegenre perfect onder de knie en wisten ook nog redelijk spannende songstructuren neer te zetten, waarin vooral de keyboards van Alejandra Diez het bandgeluid dat tikkeltje extra gaf. De grafstem van Tom Doolan zat soms akelig dicht bij dat van Faris Badwan van The Horrors zonder dat Toy daarom als Horrors-epigonen afgedaan kan worden. We waren toch wel gecharmeerd door deze jonge Engelse honden. Fan van dromerige noiserock zijn we immers altijd al geweest.

Spiritualized (****), de band van Jason Pierce, heeft een typische podiumact. Pierce zit altijd op een krukje aan de ene kant van het podium terwijl de rest van de band het midden van het podium voor zich neemt. Pierce had vanavond twee gospelzangeressen meegebracht en zijn set bestond uit 50 % dromerige, psychedelisch en psychotropisch geïnspireerde space rock en dream pop en 50% religieus geïnspireerde Americana en gospel.
Er werd van wal gestoken met een stevige intro in de vorm van « Hey Jane », de eerste single uit het dit jaar uitgebrachte zevende studioalbum ‘Sweet Heart Sweet Light’. Het mistte zijn effect niet want verschillende verbouwereerde aanwezigen in de La Zona Rosa zochten hun weg richting deuren terwijl de talrijke fans lekker konden headbangen in de pluchen zeteltjes.
Het geheel van de set was erg uitgekiend. De zwart-witte visuals bijvoorbeeld pasten zich niet enkel aan het tempo van de nummers aan maar ze waren ook harmonieus aan de outfits van de groepsleden (Pierce en de twee achtergrondzangeressen in het wit gekleed terwijl de vier andere muzikanten groepsleden zich in het zwart hadden gehuld).
Muzikaal vielen er geen echt zwakke momenten te noteren. « Electricity » (60’s orgel in combinatie met   psychedelica en distortion), « Heading For The Top » (minutenlang strak en hypnotiserend), « Freedom » (zachte piano, Pierce op gitaar en mooi beleid door de twee  achtergrondzangeressen wat een vervroegde kerstsfeer opriep), « So Long You Pretty Thing » (zou ook van de hand van Wilco kunnen geweest zijn) en « Take Your Time » (waarbij als het ware Spacemen 3 terug tot leven werd gewekt en de stem van Pierce klonk als deze van Bobby Gillespie; het bezwerende, repetitieve nummer zelf kon overigens doorgaan als een outtake van Primal Scream’s ‘Screamadelica’) nestelden zich vlot in de oren van de luisteraars.
Elk fragment werd ondanks de porties fuzz beheerst en verfijnd gespeeld en met « Ladies And Gentlemen We Are Floating In Space » uit het in 1998 gelijknamige meesterwerk (waarbij een flard « Can’t Help Falling In Love » van Elvis Presley er doorheen verweven werd) en  « Electric Mainline » uit ‘Pure Phase’ (1995) (waarbij laag per laag een repetitieve dosis psychedelica, space- en postrock in de trant van Mogwai of Tortoise werd toegevoegd om te komen tot een grandioze finale) kregen we niet alleen twee climaxen maar ook een gratis ruimtereis voorgeschoteld.
Pierce zal nooit geen praatjesmaker worden. Bindteksten of interactie zijn niet aan hem besteed (een bedankje op het einde uitgezonderd) maar de muziek sprak voor zich.

Jammer dat we maar een stukje van het concert van First Aid Kit, de groep van de twee Zweedse zusjes Johanna en Klara Söderberg, konden horen maar we wilden absoluut geen minuut missen van de passage van Paul Buchanan (****1/2).
Hij was namelijk dé artiest waar wij naar uitkeken en op zich de aanschaf van een kaartje al meer dan waard. Buchanan, frontman en zanger van The Blue Nile, prefereert kwaliteit boven kwantiteit en dat vertaalt zich in weinig albums (The Blue Nile lieten slechts 4 – weliswaar uitstekende – albums op de wereld los gedurende meer dan 30 jaar) en al even zeldzame concerten. De laatste keer dat Buchanan (met The Blue Nile overigens) op een podium in België stond, dateert van 1996 in het Brusselse Lunatheater. Weliswaar wat ons betreft eentje om nooit meer te vergeten maar desondanks te lang om te vermijden dat onze oren met  ontwenningsverschijnselen opgezadeld werden. 
Dit jaar bracht hij na acht jaar stilte zijn uitstekende solodebuut ‘Mid Air’ uit, waarop zijn kenmerkende stem begeleid wordt door louter spaarzame pianoklanken. Met centrale thema’s als onder meer sterfelijkheid, uitdovende liefdes en onuitwisbare gebeurtenissen in het geheugen is het opnieuw geen plaat geworden om van vrolijkheid rond te dansen maar gekoppeld aan de zo herkenbare, bij momenten breekbare vocalen van Buchanan leidt dit   opnieuw tot een ontroerende maar zo fantastische luisterervaring.
Er vielen bij zijn concert op Crossing Border geen minpunten te bedenken of het zou moeten zijn dat het enkele malen wisselen van pianist nogal stuntelig overkwam. Maar het muzikale niveau zelf leed daar niet onder.
Ook was het publiek zo stil, beleefd en aandachtig dat werd gewacht om uitbundig te applaudisseren tot de nummers volledig afgewerkt werden en wanneer toch een mobiele telefoon begon te rinkelen, mensen in de zaal kwamen en de klapdeuren achter zich lieten dichtvallen of de drumslagen van de repetitie in de aangrenzende zaal duidelijk te horen waren, werd dit meermaals op een strenge blik van heel wat aanwezigen onthaald. Buchanan genoot van zoveel respons maar werd er ook verlegen bij en merkte op dat er niet steeds hoefde geapplaudisseerd te worden na ieder liedje want deze waren zo bijzonder kort.
Vanzelfsprekend kwamen vooral de nummers van ‘Mid Air’ aan bod. Als u er toch zou op staan om van ons enkele absolute hoogtepunten van het concert te willen vernemen, duiden we daarbij naar onze erg persoonlijke mening « I Remember You » en « Cars In The Garden » aan.
Ook uit het oeuvre van The Blue Nile werd geplukt. Uit elk van de vier platen kwamen aan bod: « Easter Parade » en « A Walk Across The Rooftops » uit ‘A Walk Across The Rooftops’ (1984) (één van de beste platen van dat decennium overigens), « High » uit het gelijknamige album (2004), « From A Late Night Train » uit ‘Hats’ (1989) en er werd met ‘Happiness’ uit ‘Peace At Last’ (1996) afgesloten. Net hiervoor bracht Buchanan ook hij een cover van  « White Christmas ». Hij lachte er zelf wat mee maar vertolkte dit verder met zoveel ernst dat eventueel hoongelach meteen in de kiem gesmoord werd. 
Tijdens zijn concert vertelde Buchanan nauwelijks iets. Hij vond wel dat dit misschien hoorde maar wist niet hoe hiermee om te gaan. Anderzijds spraken we hem nog even na het concert en vooraleer opnieuw te verdwijnen, fluisterde hij ons nog toe dat hij volgend jaar met begeleidingsgroep terugkomt naar Brussel. Wijzelf houden nu reeds dagelijks het tourschema in de gaten en de programmatoren van de concertzalen die hem niet kunnen boeken hebben, zouden we uitdrukkelijk willen verzoeken om de kans niet aan hen voorbij te laten gaan indien ze ook een tweede concert hieraan kunnen koppelen. Stel dat Buchanan niet zestien doch tweeëndertig jaar wacht om nog eens land aan te doen. We mogen er niet aan denken! 

Het publiek dat zoals vermeld met ingehouden adem van het concert van Paul Buchanan genoten had, moest even stoom aflaten tijdens de sessie met James Fearnley (**), de accordeonist van The Pogues. Die kwam zijn boek ‘Here Comes Everybody: The History Of The Pogues’ voorstellen. Maar door het lawaai van het publiek ging zijn voorleessessie compleet de mist in. De verhalen over de eerste nachtelijke dronken escapades met Shane MacGowan, en het ontbinden van de groep wegens de alcoholverslaving van Shane, waren niet echt verrassend gezien de performance die we Shane ooit op de Lokerse Feesten zagen geven (haalt ie het einde van het optreden of niet, was toen de hoofdbekommernis van iedereen op de Grote Kaai). Deze fragmenten, hoe kleurrijk ze ook waren in het beschrijven van verschillende uitingen van verregaande dronkenschap, overtuigden ons niet om deze biografie te kopen. We hadden liever iets gehoord over de magie om The Pogues ondanks de grote hoeveelheden alcohol toch een heel aantal jaren te samen te houden.

Poliça (***1/2) hadden we twee weken geleden gemist op Les Inrocks wegens het vroege aanvangsuur en een wissel op de affiche. Een herkansing dus om deze band met twee drummers rond zangeres Channy Leaneagh aan het werk te zien. In veel reviews stopt men Poliça in de R&B hoek, wellicht omdat Leaneagh haar stem met Autotune moduleert. Maar voor ons is dat toch wel het enige raakpunt met The Black Eyed Peas. Poliça’s muziek is veel donkerder. Als men het dan toch moet catalogeren, zou het als een mix van LCD Soundsystem en Robyn genoemd kunnen worden. In ieder geval is het heel dansbaar maar met een emotionele diepgang die men niet in commerciële dansmuziek vindt. Austra is in dat opzicht ook een mooie referentie.
De bassist vulde de zang van Leaneagh verrassend aan met een falset die men gemakkelijk verkeerdelijk aan de zangeres kon toeschrijven. In de hoge noten wist Leaneagh een extatisch gevoel op te wekken zoals we dat kennen van Florence & The Machine, zeker in de single « Dark Star ». Wij waren verk(n)ocht maar een groot deel van het publiek was dat niet want de zaal was bijna half leeg gelopen naar het einde toe van de set. Wellicht was het Crossing Border publiek voor heel andere bands en genres naar de Arenberg afgezakt en was Poliça niet echt hun ding. Jammer.

De laatste jaren injecteren de programmatoren van het Crossing Border festival een flinke dosis country in de mix van literatuur en muziek die dit festival rijk is (First Aid Kit dit jaar, Larkin Poe en Amy Lavere vorig jaar). Ook de headliner vanavond, de uit Chicago afkomstige Andrew Bird (***1/2), opereert in de traditie en het idioom van het diepe Dixie-zuiden, in een muziektaal die men met Republikeinen, Romney en de rednecks associeert. Bird is een violist die country op zijn heel eigen wijze transformeert tot iets anders: hij sampelt zijn violen via loops, smokkelt calypsoritmes (« Danse Caribe ») in zijn nummers en fluit dat het een lieve lust is. Bird heeft in dat opzicht zijn achternaam niet gestolen en Bobbejaan Schoepen heeft een postume opvolger gevonden. Heel eigenzinnige muziek dus die ook live werkt. Bird’s stem grijpt naar de keel en wanneer hij het experiment laat voor wat het is en de song laat primeren, haalt hij het niveau van The Low Anthem (vorig jaar op de affiche van Crossing Border). Het merendeel van de nummers die hij afgelopen zondag bracht, kwamen van de twee (!) albums die hij dit jaar maakte,
‘Break It Yourself’ en het  meer rootsgetinte ‘Hands Of Glory’.
Het hoogtepunt van de set was een intiem intermezzo, waarbij de muzikanten dicht bij mekaar gingen staan (zoals we dat tijdens Crossing Border ook eerder bij Patrick Watson en het zonet vermelde The Low Anthem gezien hebben) en de vocalen begeleid werden door louter akoestische gitaar, viool en contrabas. Daarbij werden ook twee covers gespeeld, namelijk « When That Helicopter Comes » (The Handsome Family) en afsluiter van de avond « If I Needed You » (Townes Van Zandt).
Maar ook in de stevigere nummers wist Bird grotendeels te overtuigen. « Lusitania » (over een verdronken schip en op het album ‘Break It Yourself’ meegezongen door Annie Clark (St. Vincent) die in tegenstelling tot de vorige editie van Crossing Border dit jaar niet te zien of te horen viel in de Arenbergschouwburg) klonk overtuigend en al even fraai waren bijvoorbeeld « Three White Horses » (rustige intro, de door Bird als gitaar bespeelde viool op loop en vervolgens invulling door elektrische gitaren) en « Plasticities » (een uptempo rocker waarbij vooral de combinatie tussen vioolloop en xylofoon opviel).

Bird hebben we weliswaar al straffer meegemaakt maar Crossing Border 2012 was er weer eens in geslaagd een waardige, zij het ongewone afsluitende act te programmeren.

Organisatie: Crossing Border ism Arenbergschouwburg, Antwerpen

Die! Die! Die!

Die!Die!Die! – Arena van de Punknoise !

Geschreven door


We komen toe in een kille, nogal verlaten Café Video die bij het verstrijken van de minuten een trekpleister werd voor de nachtraven van Gent en omstreken. Cafe Video maakte vanavond plaats voor een ‘old school’ punknoiserockband uit Nieuw Zeeland Die!Die!Die!
De term old school omvat de authentieke punksfeer die ze creëren door hun grillige, stuivende sound want oud is dit trio niet. Ze brachten hun eerste album ‘Die!Die!Die!’ uit in 2005 en nog geen tien jaar later brengen ze hun vierde kind ‘Harmony’ ter wereld. In september kwam er een eind aan hun Australische tour, en met deze pitstop in de hamam van alternatief geweld eindigen ze hun Europese tour om begin volgende maand terug te keren naar hun roots.

Die!Die!Die! verrast niet zozeer door hun muzikale finesse, maar des te meer met hun roekeloze punkdrift die op ieder leek te spatten. Ze drijven het tempo langzaam aan op zonder het doel tot een finale te komen, breken los in een zaligmakende waanzin en stoppen abrupt zoals het een echte punkrockband betaamt. Vaak is er ook een flirt met psychedelische rockfragmenten.
Het café was half vol en toch bruiste de dynamiek van dit trio tot in de uithoeken ervan. Ze bleven niet braaf ter plaatse maar als ontembare ‘die hards’ komen ze tussen het publiek te staan zodat de grens tussen luisteraar en band vager wordt en je wordt meegezogen in hun enthousiasme.
We hadden deze avond het genoegen de adem te delen met Jan Paternoster, beter bekend als zanger en gitarist van The Black Box Revelation die het ook naar z'n zin leek te hebben. Dit kan enkel tellen als extra referentie.
Kortom, ze konden op een willig publiek rekenen die hun na het laatste nummer toch wist te overtuigen een bis te doen. Toen ging het hek helemaal van de dam want de jongens van Die!Die!Die! vulden letterlijk en figuurlijk de ruimte, en ruilden de toog in als extra podium. Een bezielende show, een ruig optreden en een café Video die hun als enige in België een plaats kon en wou geven! Enkel hiervoor klap ik nogmaals in de handen want dergelijk bereidwillige uitbaters met de nodige lef om meer ongekende bands een podium te bieden zijn een zeldzaam ras in de vaak commerciële gehypte muziek'business' de dag vandaag. Dank u dus Café Video!

Of dit optreden me kan bekeren tot het punkdom, absoluut niet, maar deze band is dan toch de persoonlijke uitzondering op de regel. Op Facebook vind je hun terug onder diediedieband. Volgende tip op de kalender van Café Video is PVT, een pop rock noiseband uit Sydney, die er op 27 november een optreden geeft. Komt dat zien, komt dat zien!

Organisatie: Café Video, Gent

Pokey Lafarge

Pokey Lafarge

Geschreven door

“All the way down  from St. Louis Missouri, Usa” … Pokey Lafarge is al een paar jaar bezig en explodeert graag in de muzikale traditie van de Amerikaanse rootsmusic . Hij wordt op sleeptouw genomen door Jack White , die mee instond voor de nieuwe titelloze plaat .
Samen met het combo The South City Three , een bigband, brengen ze een soort vooroorlogse retroroots van jazz, western swing , countryblues, pop en doowop …Akoestische dansmuziek, een “sun blessed riverboat style”  die onsterfelijk klinkt volgens Lafarge.
We horen het zeker aan het enthousiasme, de dynamiek en  de friste in het materiaal . Aangename muziek voor wie houdt van die traditional old style van Kitty , Daisy & Lewis of Caro Emerald .

The XX

The xx heeft diepe indruk gemaakt …

Geschreven door

Deze zomer kregen we op Rock Werchter al een voorsmaakje van The xx, uit Londen, van wat later het jaar zou volgen, nl. een nieuwe cd en een daaropvolgende clubtour. Een concert dat ons is bijgebleven, ondanks het feit dat jongeren de andere kant opzochten , en het toen relatief rustig was aan de Mainstage.
Hun niet alledaagse minimal spaarzame , fluisterende ‘popnoir’ intrigeerde, prikkelde en verraste. Een standvastig trio dat stijlvol en vol finesse en emotie te werk ging met hun dromerige, zweverige en huiverende sound.

Ze hebben hun tweede cd ‘Coexist’ uit , een passend vervolg op hun ‘xx’ debuut , vertrouwde ingrediënten dus, maar met meer diepgang door de subbassen , soundscapes en synthsamples  van Jamie ‘xx’ Smith, de indringend galmende gitaar- en baslijntjes en de sterke zalvende zangpartijen van Romy Madley-Croft en Oliver Sim; wat nu nét dat tikkeltje meer wist te bieden vanavond in hun anderhalf uur durende set .
Ze  zijn voor drie concerten in de buurt , de l’Aéronef, Lille , de Club 69 van StuBru en in de Lotto Arena, A’pen .
We bleven gekluisterd en geboeid aan het aparte sfeerbeeld , die series als Twin Peaks, The virgin suicides, Fringe en Walking Dead oproept . Tja, de synths, de galmende gitaartokkels, de diepe basstunes en de drumtics , elk geluidje dus, neemt een belangvolle rol op  … Een minimum aan middelen en een maximum aan intensiteit creëren … Een donker, dreigend spanningsveld, alsof een regendruppel op je vel plenst  en zich langzaam een weg zoekt  …
Toen een groot wit doek met allerhande projecties en spatten verf naar beneden viel , werden we ondergedompeld in die unieke klankenwereld; summiere witte spotlights, stroboscoops en een groot verlichte ‘XX’ aan de dj booth sierden het decor .
De eerste single “Angels” van ‘Coexist’ scherpte al meteen de aandacht , “Heart skipped a beat” en  “Fiction” volgden . De indringende blikken, de spastische, zwierende bewegingen en de duels die Madley-Croft en Sim uitvoerden, vielen op.
De aangepaste versies van hun gekende  singles “Crystalised” , “Shelter”, “VCR” en “Islands”, niet toevallig bijna allemaal na elkaar, klonken snediger, kregen een forsere beat mee of werden met finesse uitgewerkt. Spitsvondige variaties die een meerwaarde waren.
Op de nieuwe songs “Reunion” , “Sunset”, en  “Swept away” , middenin de set, werden de dansspieren aangesproken en zagen we meer heupwiegende mensen , door de  slepende, diep dreunende beats, 80s tunes en (licht) exploderende ritmes, die de vroegere wavegolf hoog in het vaandel hielden!
De afsluitende “Chained” en “Infinity” klonken fel en grimmig en gingen naar een climax toe. Het trio werd sterk onthaald , en ook al mag de sound onderkoeld en kil zijn, de warme  respons deed hen enorm veel deugd en werd op respectvolle wijze bedankt .

Ze haalden op “Tides” en “Stars”  de  karakteristieke xx elementen nog eens naar boven, een ingehouden spanning van hartzeer en huivering en verslavende verdwaalde , spooky trippende melodieën.
The xx heeft een diepe indruk gemaakt en staat er volledig om een groot publiek voor zich te winnen . Tja, tot wat toegankelijke , bezwerende en weerbarstige minimalistische popnoir allemaal in staat is …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-xx-19-11-2012/

Organisatie: Aéronef, Lille  

Pagina 682 van 972