logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
Ora Cogan

Destroyer

Destroyer – overdaad schaadt

Geschreven door

Destroyer heeft de afgelopen vijftien jaar bijna geruisloos aan een ferme discografie gewerkt. Maar liefst negen cd’s heeft deze Canadese band ondertussen al op zijn conto geschreven. In de Botanique stonden ze in de Rotonde geprogrammeerd, die zo goed als uitverkocht was. De fijnzinnige popmuziek van frontman Dan Bejar en co. wist het merendeel van de tijd te bekoren, maar af en toe vergaloppeerde de band zich jammer genoeg.

Ze openden majestueus met het langzaam openbloeiende “Your Blues”.  Eén voor één vielen de instrumenten in, en zo werden de 8! Bandleden aan het publiek gepresenteerd.  Helaas gingen ze bij het daaropvolgende nummer “Savage Night At The Opera”, flink de bocht uit. Van subtiliteit was er geen sprake meer en elke nuance ging verloren. Een duidelijk geval van overdaad schaadt.
Andere nummers van hun laatste plaat ‘Kaputt’ kwamen dan weer beter uit de verf. Op het zweverige “Chinatown” met zijn cheesy blazers was wegzwijmelen de enige overgebleven optie en “Suicide Demo for Karen Walker” was zelfs licht dansbaar. De blazers waren heel het optreden prominent aanwezig en waren zeker tijdens de rustigere songs  een meerwaarde. Wanneer de band echter op het gaspedaal ging staan, vergaten ze tijdig op de rem te duwen. Het resultaat was een warrige geluidsbrij die niet veel om het lijf had. Hoogtepunt van de set moest het lange en poëtische “Bay of Pigs” worden. Helaas pindakaas, in het midden van de song liet de apparatuur het afweten. Na een minuutje was het probleem opgelost, maar het kalf was toen al verdronken. Helemaal uit hun ritme gehaald speelden de band niet zo strak als gewoonlijk, waardoor het een afsluiter in mineur werd.
Bovendien stond de band met weinig bezieling op het podium. Je hoorde wel dat Bejar meende wat hij zong, maar het straalde er niet meteen vanaf. Wat meer interactie met het publiek had ook zeker geen kwaad gekund in de kleine Rotonde.

Puike songs maken nog geen goed optreden. Door de soms warrige instrumentale stukken en de afstandelijkheid die de band uitstraalde steeg het concert niet boven de middelmaat uit. We bleven daardoor toch wat op onze honger zitten, jammer.

Organisatie: Botanique, Brussel

Don’t Hype Festival 2012 – Festival - 50ste verjaardag van de jeugdhuizen

Geschreven door

Don’t Hype Festival 2012 – Festival - 50ste verjaardag van de jeugdhuizen
Don’t Hype Festival 2012
Vooruit
Gent

Naar aanleiding van de 50ste verjaardag van de jeugdhuizen organiseerde ‘Format’, de overkoepelende organisatie van jeugdcentra in Vlaanderen, een festival in de Vooruit in Gent. Het Don’t Hype Festival programmeerde allerlei jong talent. Zowel bands, dj’s, een danceact, als een enkele stand-upcomedian passeerden de revue.

The Baboons brachten rock & roll in zijn puurste vorm, inclusief bijhorende vetkuiven. De sfeer zat er meteen goed in en de nummers swingden de pan uit. Muziek die het ook goed zou doen in de late uurtjes, wanneer de drankvoorraad al flink geslonken is. De clichés werden niet geschuwd, maar de uitvoering was zo strak en energiek, dat we hen dat gemakkelijk vergaven.

Raketkanon staat ook niet bepaald bekend om zijn subtiliteit. De dreunende gitaarrifs en beukende drumsalvo’s hielden het publiek meteen in een ferme houdgreep. De knotsgekke zanger en lookalike van Kurt Cobain, Pieter-Paul Devos – ook bekend van Kapitan Korsakov- smeet zich naar goede gewoonte helemaal op het podium. Hij maande het publiek aan om wat naar voren te komen, zodat hij zich aan een crowdsurf kon wagen. Daarbij grapte hij – surprise, suprise – dat hij 27 jaar was en liever niet al crowdsurfend om zijn einde zou komen. Al zou dat de populariteit van de band wellicht alleen maar ten goede komen, voegde hij er fijntjes aan toe.

De funky beats van Pomrad waren een verademing na al dat muzikaal geweld. De invloed van Daft Punk was nooit veraf (die stemvervormer!), alleen klonk het allemaal iets verfijnder. Regelrechte dancefloorkillers zoals Daft Punk ze in hun gouden periode aan de lopende band produceerde, kregen we dan ook niet voorgeschoteld. Niettemin een goede show waarbij je zowel kon chillen als een voorzichtig robotdanske placeren.

Love Like Birds, het muzikale project van Elke Demey, vond plaats in de Domzaal. Een goede keuze want de intieme kamerpop kwam daar perfect tot zijn recht. Doordat er in de zaal enkel zitplaatsen waren, werd het publiek verplicht om muisstil te zijn. Zenuwachtig en wat aarzelend begon ze enkel met haar akoestische gitaar de set. Met haar wat naïeve bindteksten wist ze echter al snel het publiek voor zich te winnen. “Ik kan jullie niet altijd zien, omdat het licht niet altijd goed zit. Maar op de momenten dat het licht wel goed zit, moet ik concluderen dat jullie er allemaal goed uitzien.”  Of deze: “Ik zie jullie nu helemaal niet meer. Maar ik hoor jullie nog, dus ik weet dat jullie er nog zijn. Bedankt daarvoor, en dit is mijn laatste nummer.” Bijgestaan door twee muzikanten zag je hoe Demey  langzaamaan haar draai op het podium begon te vinden, en groeide naargelang de set vorderde. Jammer dat die na een halfuurtje al was afgelopen dus.

Flying Horseman staat bekend om zijn donkere, broeierige muziek en de kleine Domzaal was dan ook de perfecte ruimte voor de Antwerpse groep. Zanger en frontman Bert Dockx is misschien geen al te beste zanger, maar wel een uitstekende gitarist. Terwijl hij de zaal met zijn gitaarpartijen vulde, compenseerden twee zangeressen zijn zwakke stem. De drums beukten er ondertussen goed op los. Een sterk optreden, al had de set halverwege wat aan eentonigheid te lijden. Flying Horseman eindigde echter met haar sterkste materiaal en liet ons tevreden achter. Een ruime voldoende.

Organisatie: Formaat

NoMeansNo

NoMeansNo: yes, yes, yes and YES!

Geschreven door


NoMeansNo: yes, yes, yes and YES!
NoMeansNo / The Hickey Underworld / Oei Oei
JC Kavka
Antwerpen


Het lokale en weirde Oei Oei trekt al direct onze aandacht, al was het maar door de schaarsgeklede bassist (Manuel Sanz Arques, een Spaanse inwijkeling met bakkebaarden waar voormalige zeekapiteins uit de Gouden Eeuw jaloers op zouden zijn) en drummer Bootsie Butsenzeller: beiden enkel getooid in een goudkleurig mini-broekje. In combinatie met voor de rest enkel een paar kousen en schoenen werkt dit alleen maar op de lachspieren. Als je dan ook nog als toetsenist in duikerspak mét zwemvliezen en bril en snorkel achter een orgel staat te spelen, is de hilariteit compleet. Zieker dan Mr.Bungle en zotter dan Zappa en Beefheart samen, met in de hoofdrol een op hol geslagen Bootsie op zowel drums als double neck plastic electric ukelele. Muzikale mayhem ten top en gesmaakt door ondergetekende. Jammer dat deze crazy Antwerpenaren maar sporadisch nog eens optreden.
Zie je ze ergens plots op een affiche prijken: aarzel niet en ga ze zien. Muzikale “Schweinerei” waarbij het Gentse Kapitan Korsakov tot een stel brave koorknaapjes verbleekt. Het Antwerpse Oei Oei heeft er één Westvlaamse parkingfan bij!


Verrassingsact van de avond is The Hickey Underworld (op het laatste nippertje aan de affiche toegevoegd). Tijdens hun recente tour in Engeland worden de Antwerpenaren zowel de hemel ingeprezen (een 5-sterren review vat het kort samen: “Within one song, The Hickey Underworld have condensed Shellac, Nine Inch Nails, and Nirvana into one tight package”) als de grond ingeboord (een belachelijke 1-ster recensie “Very much a family friendly affair to be marketed to the great corporate festival in the sky”). Een band die je ofwel haat of met liefde omarmt. Wij behoren tot de laatste groep na hun verpletterend concert op het Dourfestival deze zomer.
En vrijdagavond doen ze dat nog eens dunnetjes over. Vooral bassist Yorgos Tsakiridis voelt zich op het podium als een vis in het water en komt ook na enkele nummers het publiek ingestormd om het wakker te schudden. Hilarisch zijn de momenten waarop de manager  te pas en te onpas het podium wordt opgestuurd. Hij blijkt voor de gelegenheid de roadie van dienst en zowel bassist Yorgos (monitor ‘zogezegd’ niet goed afgesteld) en drummer Jimmy (duwt plots zijn bastrom omver) rammelen met zijn voeten dat het niet meer mooi is. Wij schieten voortdurend in een schaterlach bij zoveel Spinal Tap momenten, temeer dat de persoon dit gewoon niet door heeft. Het wordt een zeer gesmaakt blitzoptreden van een groot half uur met hoogtepunt het catchy “Future Words” met een uit volle borst meegezongen chorus (“
Can't you see what happened / Can't you see what's changed / The lonely thing that this is / Was the icing on the cake”). Het overgrote deel van een dolenthousiast publiek schreeuwt zich de longen uit het lijf.
Keigoed optreden. We wensen drummer Jimmy van harte beterschap na het verkeersongeval op de terugweg met een ingedrukte ribbenkast tot gevolg en hierdoor 6 weken op non-actief!


Hoofdact NoMeansNo hoeven we niet meer voor te stellen. Dit Canadese progressieve power punk trio uit Vancouver maakt de wereld al onveilig sinds 1979. Hoewel ze nooit het grote succes opzoeken, hebben ze een trouwe schare fans in zowel Noord-Amerika als in Europa. Hun samenwerking met zanger Jello Biafra van de legendarische punkband Dead Kennedys resulteert in een zeer gesmaakt album ‘The Sky Is Falling And I Want My Mommy’ begin jaren negentig. Hierdoor stijgt hun bekendheid ten top. Persoonlijke voorkeur van ondergetekende is ongetwijfeld het album ‘Wrong’ uit 1989.
Drie grijze Canadese vijftigers verschijnen rond 23h00 op het podium. Een uitverkocht Kavka verwelkomt hen op een wijze die doet denken aan de periode van de bevrijding na WOII.
Een afgeladen vol Kavka dat vanaf opener “The River” uit het in 1993 uitgebrachte ‘Why do they call me Mr. Happy’ verandert in een kolkende rivier. Zweetdruppels parelen op talrijke voorhoofden, crowdsurfende fans komen om de haverklap als oorlogshelden het dolgedraaide publiek ingerold en Kavka verandert langzaam maar zeker in een Canadese sauna op een gure winteravond. Parelend zweet op de rug, van zweet doordrenkte T-shirts, uit hun dak gaande fans, vrouwen die staan te huppelen als zijn ze lid van de Afrikaanse tribalstam The Masaï en goedkeurend ja-geknik van headbangende hoofden: we krijgen het allemaal op een trillend presenteerblaadje voorgeschoteld.
Dat de punk van NoMeansNo uniek is bewijzen zowel de jazz als de rock invloeden. Zanger/bassist Rob Wright (ook bekend onder pseudoniem Mr. Wrong – pun not intended
J ) plukt uit enthousiasme zijn bassnaren bijna van de basomkasting. Een basgitaar die een duplicaat blijkt te zijn van de Marshallbas van legende Lemmy van Motörhead. Grote fan van de man: niemand minder dan Mike Watt van Minutemen en The Stooges en dat wil wat zeggen in de muziekwereld. Zelf is hij grote fan van jazzlegendes Jimmy Blanton en Paul Chambers. Broer John Wright gunt zijn drumstel geen moment rust en vormt samen met Rob de solide basis van de aanstekelijke punkrock van NoMeansNo. En met gitarist Tom Holliston, die de snaren van zijn gitaar laat klinken alsof ze van prikkeldraad zijn gemaakt, is dit drietal sterker dan een op hol geslagen kudde Canadese muskusossen.
En de teugels worden op geen enkel moment gevierd, waardoor de spanning doorheen de volledige set hoog gehouden wordt. Geen oeverloos gelul tussen twee nummers door maar keer op keer kopstoten van songs die het publiek ophitsen tot het kookpunt en erover.
Ook bij de bisnummers (de Canadese krasse knarren worden tot tweemaal teruggeschreeuwd door een ontketend publiek) worden we murw geslagen met buffelstoot “The Tower” en de catchy punkrocksong “The End Of All Things” uit het ‘Wrong’-album en dan is het plots gedaan. Een oorverdovende stilte contrasteert fel met de Canadese punkpokkeherrie. Een concert dat in de top 5 van beste live gigs van 2012 genoteerd staat bij ondergetekende!

De afterparty met DJ Faster Pussycat zet daarna nog de puntjes op de i. We blijven nog tot in de vroege uurtjes dansen op de schitterende playlist van deze vrouwelijke DJ met ballen en een goede muzieksmaak. Op de turntabels o.a. Tool, Slayer, Prong, Dead Kennedys, Ministry, Primus, … en zo kunnen we nog enkele minuten doorgaan. Kortom: spek naar onze muzikale bek! We helpen daarna rond 03h30 ook nog de deuren van de Kavka sluiten na een stevig potje nachtbraken.
J

Set list NoMeansNo: [1] The River [2] In Her Eyes [3] The Fall [4] Jubilation [5] Ghosts [6] Slave [7] Graveyard Shift [8] The World Wasn’t Build In A Day [9] Would We Be Alive? [10] Obsessed // Encores [11] He Learned How To Bleed [12] My Problem [13] The Tower [14] The End Of All Things

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/nomeansno-16-11-2012/

http://www.musiczine.net/nl/fotos/oei-oei-16-11-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-hickey-underworld-16-11-2012/

Organisatie: Heartbreaktunes (i.s.m. JC Kavka, Antwerpen)

Jethro Tull

Ian Anderson’s Jethro Tull plays Thick as (a) Brick 1 & 2

Geschreven door

Ian Anderson’s Jethro Tull plays Thick as (a) Brick 1 & 2
Jethro Tull
Koninklijk Circus
Brussel

Jethro Tull is eigenlijk een brokje geschiedenis. Samen met bands als Genesis en Yes staat de groep aan de wieg van de progressieve rock, een niet echt benijdenswaardig genre die altijd door critici als pompeus, langdradig, bombastisch en daarom niet te pruimen werd afgedaan. Feit is dat prog-rock steeds garant heeft gestaan voor kwaliteit en muzikale perfectie, vaak gebaseerd op complexe structuren die uit de klassieke muziek werden gehaald. Love it or hate it.

Jethro Tull wist binnen het genre een uniek geluid te creëren via het introduceren van de dwarsfluit in de rockmuziek. Boegbeeld Ian Anderson beheerste het instrument op een virtuoze manier, hij deed het wonderlijk matchen met vaak stevige rock en zo was die typische Jethro Tull sound geboren. Daaruit ontsproten in de jaren zeventig enkele absolute klassiekers als ‘Aqualong’ (1971), ‘Songs from the wood’ (1975) en zeker en vast ‘Thick as a brick’ (1972). Op deze legendarische plaat, die eigenlijk bestaat uit één verhaal verpakt in één song (moest destijds wel uit noodzaak over twee plaatkanten worden gesmeerd) heeft Ian Anderson nu een vervolg ‘This as a Brick 2’ gemaakt, een plaat waarin hij de geest van toen terug tracht op te roepen en dit bij momenten met succes, hoewel het geheel niet kan tippen aan het origineel uit 1972.

In het Koninklijk Circus kwam hij beide albums integraal voorstellen. Om van te smullen dus voor Tull fans, maar ook voor de minder toegewijde liefhebbers was dit uiterst genietbaar omwille van een onfeilbaar geluid, de muzikale klasse, het spelplezier, de fijne Britse humor en de theatrale en vaak musicalachtige show.
In deel 1 werd meteen duidelijk dat het 40 jaar oude ‘Thick as a Brick’ met glans de tand des tijd heeft doorstaan. De plaat werd op een uitmuntende manier vertolkt en zorgde voor een boeiend schouwspel van adembenemende folk-rock met even virtuoze als briljante tempowisselingen, blitse rockgitaren en heerlijke seventies keyboard en orgelpartijen. Ian Anderson speelde bij momenten een aardig stukje mandoline, maar uiteraard was die typische dwarsfluit alweer de hoofdrolspeler van de avond. Hij bespeelde het instrument met overgave, branie en pure klasse (en natuurlijk af en toe op één been, ook dat truukje was hij nog niet verleerd).
Na al die jaren kan een mens zijn stem al eens wat achteruit zijn gegaan, maar ook daar was een kant en klare oplossing voor. Zijn eigen beperkingen kennende, had Ian Anderson er bijzonder goed aan gedaan om in de persoon van de fantastische acteur/zanger Ryan O’Donnel een extra vocalist mee te nemen. O Donnel’s zangcapacitieten waren verbluffend, de man wist perfect de toonaard van een jonge Ian Anderson te evenaren (en te verbeteren) en zette daarnaast ook zijn talent als acteur in de verf, wat het theatrale aspect van de avond nog wat meer benadrukte. U moet weten dat de man al eerder meespeelde in de Who rock-musical Quadrophenia. Ervaring zat dus, en dat was te merken.
Na de pauze was de nieuwe ‘Thick as a Brick 2’ aan de beurt, en ook hier stonden we met open mond naar te kijken en te luisteren. O’Donnel was iets minder present (ook logisch, Anderson’s pas opgenomen vocalen lagen nu uiteraard wel binnen zijn bereik), in de plaats mocht de geweldige gitarist Florian Opahle geregeld stevig uitpakken.
In tegenstelling tot zijn 40 jaar oude voorganger is ‘Thick as a brick 2’ in verschillende tracks opgesplitst en kreeg het publiek nu meer de kans om de band met uitbundig applaus te bedanken voor al dat moois.
Ook nu hadden we weer het gevoel dat we midden in een (folk)rock musical beland waren. Hoewel we op plaat met voorsprong het origineel prefereren, moeten we zeggen dat de live uitvoering van deel 2 even intens, boeiend en klasrijk was. Het gezelschap pakte bij momenten stevig rockend uit en de traditionele muziek en bijhorende beelden bij prachtig gelaagde songs als “Wooton Bassett Town”, “A Change of Horses” en “Confessional” deden ons de aangename lucht van het Britse platteland opsnuiven.
Via het schermde kwam Ian Anderson tenslotte zijn bandleden en zichzelf voorstellen en werd de groep prompt met een oververdiende staande ovatie bedankt.

Als apotheose kwam de band nog één keertje terug met een uiterst vitale versie van de potige rocker en all time klassieker “Locomotive Breath” waarin nog eens alle registers werden opengetrokken. In onze dromen plakten wij hier nog een verpletterend “Aqualong” achter aan, maar het mocht niet zijn.
Uitstekend concert.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/jethro-tull-s-ian-anderson-16-11-2012/

Organisatie: Live Nation

Alt-J

Alt-J – een dampend, smachtend optreden

Geschreven door

Alt-J is één van de Britse sensaties uit Leeds; de muziek van hun debuut ‘An awesome wave’ laat zich op vele manier omschrijven , maar bon , we horen een muzikale assemblage van indierock , folktronica, progrock en triphopachtige contouren; een band die prikkelt , verrast en verfrist en een warm, toegankelijk en avontuurlijk geluid weet te creëren met aanstekelijke, groovende en onverwachts bevreemdende, ingewikkelde  ritmes. Korte, kernachtige songs, motiefjes , die getuigen van finesse en subtiliteit. Dit is broeierige, weerbarstige als dromerige, gevoelige indie, niet vies van een zweverig melodielijntje en die toch weet in te werken op de dansspieren.
De arrangementen mogen dan nog spaarzaam zijn en vol onderhuidse spanning , vindingrijk en treffend klinkt het alleszins , waarbij we lekker kunnen dwalen op hun materiaal, die wordt gescheiden door een paar interludes . Kleurrijk gegoochel die de originaliteit ademt van o.m. een Beck en een Yeasayer.

Op het podium stond een grote lichtgevende driehoek, een verwijzing naar het deltasymbool, waar het kwartet, met een kunstacademie achtergrond, zijn naam aan ontleent , gevormd door op een computer de toetsen Alt + J in te drukken .
Vanavond kregen we de kans ‘lekker te dwalen’; in hun uur durende set werd hun artistieke ingetogenheid van op plaat omgebogen tot een dampend, smachtend  mainstreamgeluid, zonder ook maar iets van creativiteit in te boeten. Een geslaagde truc, die door het Franse publiek in de tot de nok gevuld Grand Mix enorm werd geapprecieerd , want na elk nummer werd het kwartet sterk onthaald . Het deed hen deugd , de zinnetjes Frans sloegen om de oren, en onverwachts bouwde er hier een klein feestje op. Wat een uitbundigheid , waarbij al meteen vonk oversloeg; “Tesselate”, “Something good” , “Dissolve me”  en “Fitzpleasure” klonken overtuigend door de evenwichtig pittige, huppelende en twinkelende ritmes van synths, gitaarweefsels , baslijntjes en drumtics. De dromerige, neuzelende zang van gitarist Joe Newman werd sterk ondersteund door een speelse meerstemmige en aanvullende zang van de toetsenist, die meer & meer aandacht opeiste in het Alt-J concept.
Op het erotiserende “So slow” van Kylie Minogue borrelden dezelfde gedachten op; het nummer werd origineel verpakt met een ‘artyfarty’ geluid en hiphopachtige ritmes. Toepasselijk kwam het sfeervolle psychedelische “Mathilda” hierachter tippelen en kwamen de Twin Peaks/X Files tunes even voor de ogen op “Breezellocks”. De stemmenpracht van een Grizzly Bear of Fleet Foxes naderde bij een “Ms” en “Bloodflood” , acapella toon gezet, en aangrijpend binnen die  ingehouden boeiende tunes . Even gevoelig en pakkend  klonk het ingetogen “Hand –made” , van een vroegere demotape, tussen de toetsenist en de zanger. Een bezwerend extraverte “Taro” besloot finaal het fijne concert van een goed op elkaar afgestemd kwartet.

Kijk , Alt-J had een groeiplaatje uit en de songs laten zich ontdekken . Live hebben ze sinds de zomer al wat ervaring op zak en dat zet zich om in een relaxt, emotievol, groovy toegankelijk geluid , waarbij de songs aan zeggingskracht winnen . Tja ,  Alt-J geeft voor niks die prestigieuze Mercury Music Prize gewonnen …

Uit Lille kwam Delbi , een trio rond Romain Delbarre , die nogal energieke rock met een funkend ritme stond te spelen,  warm, groovy , opwindend en af en toe exploderend; niet slecht voor een Noord-Franse band …

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing 

Don McLean

Don McLean – 40th anniversary tour

Geschreven door

 

Don McLean – 40th anniversary tour
…
Ik had het moeten weten. … De Meester kan je enkel beluisteren in ideale omstandigheden, bij voorkeur met een goed glas wijn in de hand. Hij mag voor mij steeds komen optreden op een Scandinavisch terras midden in de natuur, op een eindeloze midzomernacht. Hij mag zijn gitaar meebrengen en zijn breekbare stem, meer hoeft dat echt niet te zijn.  Als hij verhinderd zou zijn ben ik desnoods bereid vrede te nemen met een opname, gespeeld door een perfecte geluidsinstallatie.

Gisteren was dat wat minder, alhoewel het voorgaande natuurlijk een zoete droom is en ook steeds zal blijven. We moeten leren tevreden zijn met het hoogst haalbare. En dat was gisteren een optreden van Don McLean met zijn band in de Roma in Antwerpen/Borgerhout.
Het imaginaire terras had plaats gemaakt voor een harde stoel in de rij, met achter ons een zestal Aziatische schonen, die voortdurend onverstaanbaar zaten te kwetteren en die ongelooflijk vals meebrulden van “This will be the day that I die…”.
Mijn niet zo vriendelijke reactie (in gedachten) was: “Doe dat dan, en liefst heel snel”. Maar het mocht niet baten, de magie was nu wel helemaal verknald.
Don McLean is al heel lang bezig. Denk maar aan de naam van de tournee (40th anniversary tour). Hij maakte vele prachtige songs, heel gevoelig gezongen en soms heel intimistisch.
Na al die tijd is hij nog steeds aan het touren. Zijn stem heeft nog steeds het timbre van toen, maar er begint toch wat sleet op te komen. Zijn band speelt soms te luid en niet altijd erg synchroon. Spijtig. Want zoals ik al zei, zijn songs zijn te mooi, te gevoelig en verdragen geen ruwe behandeling.
Ook het geluid was niet zo goed. Zeker vooraan in de zaal was het ronduit slecht, een gemiste kans. Want de Roma heeft zeker geen slechte akoestiek.
De covers die hij speelt zijn zeker niet slecht en zijn band is meestal OK, maar bij sommige nummers had ik het gevoel dat wij geteletransporteerd waren naar ‘The Grand Ole Opry’. Ik verwachtte elk moment de stalen gordijnen te zien neervallen ter bescherming tegen rondvliegende voorwerpen. Dit alles om te zeggen dat het soms een beetje te veel de (platte) countrytoer opging.
Maar daarentegen waren er ook prachtige momenten, meestal met minimale begeleiding van de band. Een eerste hoogtepunt was “Crossroads”, dat een beetje gestoord werd door de pianist die voortdurend de meest onwaarschijnlijke loopjes verweefde met de prachtige zang. Overdaad schaadt. En het ging voort, vooral met “Winterwood”, “And I Love You So”, “Castles In The Air”, “Crying” en het onovertroffen “Vincent”.

Met “American Pie” kwam een luid meegezongen einde aan dit prachtige concert met de gemiste kansen.
Als bis werden dan nog enkele countrysongs gebracht, terwijl het publiek langzaam de zaal uit druppelde.

Setlist: Fool's Paradise, Everyday (Buddy Holly), Food on the Table, Homeless Brother, Jerusalem, Crossroads, Winterwood, In a Museum, And I Love You So, Castles in the Air, Vincent, Guess things happen that way (Johnny Cash), Crying, Tulsa Time/Deep in the Heart of Texas, It Was a Very Good Year, If I Hadn't Met You, That's All Right Mama, American Pie
Encore: Start All Over Again/Stay Down

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/don-mclean-16-11-2012/

Organisatie: De Roma, Antwerpen

 

Mulatu Astatke

Mulatu Astatke – Onsterfelijk

Geschreven door

Begin jaren ’70 was Mulatu Astatke één van de drijvende krachten achter de transformatie van de Ethiopische muziekscene. Zijn collectief groeide uit van een door de overheid gecontesteerde band tot een onafhankelijke band dat men aan het werk kon zien op heel wat plaatsen in de Addis Adeba. Als eigenzinnig artiest heeft hij zijn eigen pad geëffend en ontwikkelde hij een unieke stijl. Mulatu is de onvervalste (groot)vader van Ethiopian Jazz.  De begeesterde vibrafonist combineert typisch Ethiopische muziek met jazz, latin en psychedelica dat hij leerde kennen op muziekacademies in de VS en het Verenigd Koninkrijk.

Op de vooravond van zijn zeventigste verjaardag doet de man dit najaar een tiental Europese concerten. De Brusselse Ancienne Belgique had het voorrecht om dit exclusief gebeuren te mogen organiseren. De stevige prijs voor dit grotendeels zittend concert is meer dan de moeite waard geweest.  De achtkoppige band is voor het grootste deel hetzelfde gebleven in vergelijking met vorig jaar. Stuk voor stuk gepassioneerde artiesten die merkbaar genieten van elke gespeelde noot. Een onwrikbare,  buitengewoon getalenteerde groep gedreven door een allesbehalve artificiële chemie. Het collectief put nog steeds haar stukken uit Mulatu’s volledige repertoire, weliswaar met heel veel ruimte voor improvisatie.
Het valt niet te ontkennen dat Mulatu’s composities één vette kluif emotie zijn. Bijvoorbeeld, “Yekermo Sew” neemt je mee naar desolate droge Afrikaanse landschappen met aan de horizon steeds verschijnende oases van hoop en optimisme die weemoed laten verdampen. Een soort trance waarvan je hoopt dat die nooit zal stoppen. “Motherland” ademt dan weer pure tristesse uit terwijl “Way To Nice” een opgewekte, swingende groove in zich draagt. Alle stukken worden heel breed uitgesponnen.
Elke groepslid krijgt elk om een beurt de kans om in een improvisatierondje te laten zien waartoe ze in staat zijn. De technische mogelijkheden van hun instrumenten worden voortdurend op de proef gesteld.
Ook Mulatu bewijst dat hij naast een uitstekend vibrafonist ook overweg kan met een organ en andere percussie. Alle nummers bulken van slagwerk. Vaak vallen de subtiele percussielijnen helemaal niet op in het meeslepende geheel. Net toen de band het publiek tot bescheiden danspasjes bracht, hielden ze ermee op. Uiteraard dat er nog een bisronde werd voorzien waarbij “Yegelle Tezeta” het absolute hoogtepunt vormde. Het concert eindigde  na anderhalf uur op zijn toppunt. Mulatu en zijn goedlachs gevolg werden oververdiend onthaald op een staande ovatie.

Vanavond hoorden we een vrij herkenbare set. Het spannende zat hem vooral in de in andere jasjes getooide nummers met bakken ruimte voor improvisatie. Een geslaagd concert met obligatoire kippenvelmomenten en een dikke krop in de keel. De nog steeds kwieke en immer lachende Mulatu dompelt zichzelf andermaal onder in het bad der onsterfelijkheid.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Django Django

Django Django - A band so nice, the named it twice!

Geschreven door

Op de vooravond van hun Europese tournee stond donderavond Django Django in de AB. Dat de psychedelische pop-rock weer helemaal terug is wisten we al wel langer. Groepen als Clap Your Hands Say Yeah, Ariel Pink's Haunted Graffiti en Tame Impala zijn maar slechts enkele voorbeelden van groepen die de mosterd gingen halen bij deze oude sound en invloeden van bands als Pink Floyd, The Byrds, The Beach Boys en The Beta Band niet onder stoelen of banken steken. Het titelloze debuutalbum van de jongens van Django Django verscheen reeds in januari en werd overal op enthousiaste kritieken onthaald.

Net zoals op dat album opent het Britse viertal met een gepaste muzikale intro die mooi overgaat in "Hail Bop", één van de sterkste nummers van de plaat. Met een stevige surf sound, zweverige zang en zo catchy dat het schandalig is! Constant dreigt de zachte electro sound, en op de één of andere manier moest ik ook constant aan cowboys denken. Ook de tweede song "Storm" ademt zo'n aangename dreiging uit waarbij de drums en samenzang steeds aanzwellen tot ook de synths zwaar invallen en het geheel lekker vol maar toch niet te rommelig klinkt.
"Firewater" vertrekt van een zwoele baslijn en draaft verder op een uitstekende en ratelende gitaarriedel. Ook de dromerige stemmen en dito tekst passen mooi bij de sfeer van het nummer. Een prachtige song die steeds verder groeit en die ik bij elke luisterbeurt nog beter ga vinden. "Firewater" lijkt soms zo weggelopen van het ‘Howl’ album van The Black Rebel Motorcycle Club. Je merkt het, veel muzikale referenties maar geen enkele die zwaar stinkt. Ook "Waveforms" moet het hebben van de harmonieuze samenzang en een repetitieve ritme sectie die het hele nummer op gang trekt. Hun mengeling voor percussie , zachte elektronica en Afrikaanse ritmes past ook hier mooi in elkaar en zorgt voor een arty sound die niet zomaar een pose is.
Je hoort dat de band speelt wat ze zelf graag horen en dat ze hun muzikale invloeden mooi weten te verweven in hun eigen muzikaal universum. De song gaat over in een uitstekend muzikaal intermezzo waarmee op de dansspieren werd gemikt. Er kroop zowaar drie man achter de synthesizers en om het feest helemaal op gang te trekken werd er ook nog een verzameling percussie uit de kast gehaald. Daarna werd dan weer raar genoeg de akoestische gitaar bovengehaald en laste de band een rustmoment in. Over het nummer zelf geen slecht woord. "Hand of Man" is een rustige ballad, met een sterke akoustische gitaar en ook het handjesklap moment in de song klinkt vintage Django Django.

Next up, "Love's Dart", met zowaar een paar kokosnoten in de hoofdrol. Op de voet gevolgd door "Skies of Cairo", dat niet enkel in zijn titel verwijst naar "Egypian Reaggae" van Modern Lover Jonathan Richman maar ook muzikaal lijkt de song eerder een hommage. Pure fun op een lekker exotische afrobeat en een kabbelende Arabische synth! Zelfs Ghost Town van The Specials komt voortdurend zijn om de hoek kijken. Egypte leek zo inderdaad niet ver af. Opzwepende muziek, die mooi de overgang maakt voor "Default", dé hit van Django Django. Een song die al het goeie wat we al schreven alleen maar bevestigde. Vele stijlen, veel verschillende geluiden en effecten maar nooit klinkt het te vol of te gek. Tussendoor was er even tijd om de bandleden voor te stellen maar zelfs dat kon de fun niet uit de song er niet halen. Tijd om de bongo's uit de kast te halen voor een surf uitstapje met "Life's a beach". De vocals mochten wat mij betreft hier zelfs gewoon achterwege gelaten worden, ze zitten zelfs wat in de weg van de heerlijke surf riffs waar de song bol van staat, met heel wat invloeden van groepen als The Tornadoes en The Atlantics.
Een klein uur na het eerste nummer kondigde de zanger reeds het laatste nummer aan, waarbij hij zich verontschuldigde voor het wat korte optreden en beperkte setlist ( "We only have one album.") maar plechtig beloofde terug te komen wanneer de band meer songs klaar had. Dat de jongens oog hebben voor harmonie en ritmes op geniale manier in elkaar weten te verweven komt opnieuw sterk naar voor tijdens het opzwepende "Wor". Ook hier genoeg surf gitaar, vervaarlijke drums en andere effectjes die uitmonden in een te gekke song. Catchy tekst ook in deze moderne Ennio Morricone song.

De band had natuurlijk toch nog een song achter de hand gehouden voor de obligatoire bisronde. "Silver Rays" is de geslaagde afsluiter van hun titelloze debuutplaat en ook live is de song één van de toppers. Het  leunt kort aan bij het "Default" universum: Lichte psychedelica, tempowisselingen, drums die het nummer vooruit stuwen, goede harmonie en voldoende Lalala's en oewoehoe's hier en daar om iedereen gelukkig naar huis te sturen. Bij het luisteren naar Django Django dwalen mijn gedachten wel vaker af naar film. Hun album zou evengoed bij een arty Bollywood of een moderne western kunnen passen. Folktronica noemt dat dan tegenwoordig en dat vind ik perfect de lading dekken. "Hail tot the Bop!"


Pics homepag:  Bart Vander Sanden  http://www.shoothestage.com

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

Marillion

Pole position voor Marillion in Lille bij start van tweede luik Europese tournee.

Geschreven door

Midden september bracht de Britse progressieve rockband Marillion zijn zeventiende studioalbum uit. Om ‘Sounds That Can’t Be Made’ te promoten was er in juli en augustus al een eerste luik van een Europese tour. Daarna vertrok de band in oktober naar Zuid-Amerika. De respons op het zuidelijk halfrond was enorm. Het was dan ook bijzonder lang geleden dat de band daar nog eens toerde. Momenteel werkt de band het tweede gedeelte af van de Europese tour (European Tour 2012 Second Leg) en als start werd voor het Noord-Franse Lille gekozen. Helaas is er ook deze keer geen plaats op de kalender voor een concert in België. Ongetwijfeld mede daarom zakten heel wat (West-)Vlamingen af naar de Noord-Franse hoofdstad. Een trip die meer dan de moeite waard was want Marillion speelde een van zijn allerbeste concerten in Lille. Vooral de samenstelling van de verrassende setlist met nieuw materiaal maar ook heel veel Marillion klassiekers deden de fans genieten van begin tot eind.

Stipt om 20:00 mocht Carrie Tree openen. Een lieftallige dame met de akoestische gitaar ter hand mocht het publiek een halfuurtje bespelen. Deze Engelse singer-songwriter bleek heel wat in haar mars te hebben. Ze bracht erg breekbare songs die een bepaalde mystiek droegen, gekenmerkt door refreinloze songstructuren en bijzonder knap dramatisch gitaargetokkel. Ook haar stemgeluid was bijzonder mooi en de accenten die ze bracht met haar fluisterende manier van zingen kon de Splendid best bekoren. Nu en dan steeg het geroezemoes echter boven haar stem uit maar voor het grootste deel luisterde iedereen respectvol naar songs uit ‘The Kitchen Table’ haar eerste album.

Uiteraard was iedereen gekomen voor Marillion. Minder verrassend was de opener: “Gaza”, de openingstrack uit het nieuwe album. Deze -net geen twintig minuten durende- song is misschien wel de politiek meest beladen song uit het Hogarth tijdperk. Helaas is dit werkstuk ook vandaag opnieuw brandend actueel. Een indrukwekkende, dreigende start met Steve Hogarth (aka ‘H’), gehuld in een witte zelfgemaakte T-shirt met het vredesteken erop. Aanvankelijk zat de stem van Hogarth wat te nadrukkelijk in de eindmix, één van de weinige minpuntjes van de avond. Het contrast met het daaropvolgende “Beautiful” was bijzonder groot en deze popsong pur sang liet ons een eerste keer uit volle borst meezingen. Aanvankelijk liet zanger Steve Hogarth een wat zenuwachtige indruk na. Hij was niet altijd even stemvast maar gelukkig verbeterde dit naarmate het concert vorderde.
Over de kwaliteiten van Mark Kelly (keyboards), Ian Mosley (drums), Pete Trewavas (bass) en Steve Rothery (guitars) hoeven we al lang niet meer te twijfelen. Zeker gitarist Steve Rothery speelde opnieuw de pannen van het dak! Wat een gitarist en wat een indrukwekkende melodieuze gitaarsound weet deze kolos uit zijn snaren te toveren! Het is bijzonder moeilijk om niet lyrisch te worden over wat er vanaf het podium de zaal werd ingestuurd maar het benaderde de perfectie!!
Het feestje ging onverwijld door met meebruller: “Cover My Eyes” en het verrassende “Slainte Mhath” uit de Fish periode.
Maar er was ook ruimte voor nieuwe songs. De opzwepende, hypnotiserende bass van mister Trewavas zorgde voor een indrukwekkend: “Power”. Een technisch euvel in het synthesizerarsenaal van Mark Kelly was de aanleiding voor een geïmproviseerde, grappige versie van: “Three Minute Boy”. Ook het nieuwe “The Sky Above The Rain” was ronduit subliem. Wat een mooie, pakkende song is dit toch en hier was ‘H’ vocaal op zijn best! Met “The Great Escape” uit het waanzinnig sterke conceptalbum ‘Brave’ nam de band een eerste keer afscheid. In de bisronde greep de band dan weer terug naar enkele ‘gouwe ouwe’, waarbij “No One Can” zeer goed werd ontvangen omdat de band het nog zeer zelden live speelt. Vervolgens grapte Hogarth niet veel zin te hebben in slotsong “Sugar Mice” (van het Fish tijdperk) maar Le Splendid bracht hem met een massale zangstonde meteen op andere gedachten.

Marillion, het is nog steeds een ijzersterke liveband! Dit optreden verraste iedereen vanwege de sterke setlist en de keuze om ook eens wat meer oudere songs, klassiekers te spelen. Voeg daarenboven het aanstekelijke speelplezier op het podium, het zelfrelativisme met een grote portie humor, de gedrevenheid en de onberispelijke deskundigheid van elke muzikant en je hebt alle ingrediënten voor een geslaagde muzikale avond. Een professionele, sfeervolle lichtshow en een uitgelaten Splendid maakten het geheel af!
Marillion anno 2012, samenvattend in twee woorden: Pure Klasse!

Setlist:
*Gaza *Beautiful *You're Gone *Cover My Eyes (Pain And Heaven) *Slainte Mhath *Sounds That Can't Be Made *Neverland *A Voice From The Past *Power
*Three Minute Boy *Pour My Love *Real Tears For Sale
*The Sky Above The Rain *The Great Escape / The Last Of You / Fallin’ From The Moon

Bis: *No One Can *Sugar Mice

Neem gerust een kijkje naar de pics en de video’s via deze Youtube afspeellijst
http://www.youtube.com/playlist?list=PLrn7uAshsKbxw3eEZvrk14FWaOj1UlZ-j

http://www.musiczine.net/nl/fotos/carrie-tree-15-11-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/marillion-15-11-2012/


Organisatie: Agauchedelalune, Lille

Exitmusic

Exitmusic – Muzikale Droom en Huiver …

Geschreven door

Exitmusic, een Amerikaans kwartet , gevormd door gitarist Devon Church (beetje jonge Thurston Moore lookalike) en de bevallige zangeres en multi-instrumentaliste Aleksa Palladino, eigent zich een plaatsje toe binnen de noemer van etherische indie/trippop; vlagen doom , soundscapes, wave en shoegaze waaien er in golven overheen. Hier zou het vroegere 4ad label een vette kluif aan gehad hebben .
Inderdaad heel wat invloeden worden hier samengeperst; bands als Beach House, The xx , Zola Jesus, Lower Dens , Sigur Ros, Portishead, Mazzy Star en verder een Radiohead (niet voor niks is de groepsnaam ontleend aan een song van hen) en This Mortal Coil zijn terug te horen; in de zang doet ze ons denken aan een diepgravende Nico of een heerlijk uithalende Fever Ray (Karen Dreijer Andersson), Kate Bush of Elisabeth Frazer. Een intrigerende vocaliste dus. De frêle zangeres maakte zich als actrice al opmerkzaam in de serie ‘Boardwalk empire’, waarin een David Lynch duidelijk is ingebed.
Een optelsom leert dat we nogal snel uitkomen bij een beloftevol bandje dus . Na de EP ‘From silence’ is er nu de full cd ‘Passage’, die het kwartet naar Europa brengt en met twee concerten in ons landje, de Vooruit in de Nijdrop.

Tja , voor wie eerder de week hier naar ILikeTrains kwam , zal ook vanavond bij Exitmusic aan zijn trekken zijn gekomen. Ze waren met drie on stage. We werden een uurtje ondergedompeld in hun bezwerende donkere  romantiek, met een huiverende, grillige , apocalyptische filmische tune. Een onderhuidse broeierige spanning, meeslepende, voort deinende en aanzwellende ritmes , die durfden te exploderen op de synths , percussie of in de gitaarlijnen . Ze konden naar een climax gaan, om dan opnieuw rust te ervaren. Songs als “The sea”, “The night”, “The city”, “Stars” , “The cold” , “Storms”, “White noise” en “Sparks of light” en de bijhorende mistige projecties spraken tot de verbeelding .
Opnieuw zijn we met Exitmusic een bandje rijker , die graag eenvoud en toegankelijkheid mengt met experiment en uitkomt op een boeiende, muzikale cocktail. Enkel nog wat werken aan die statische houding en podium présence, en ze komen er …

Support was True Bypass , opnieuw een project van zangeres/ multi-instrumentaliste Chantal Acda , van Nederlandse origine , maar die al lange tijd in België woont . Ze maakt deel uit van Sleepingdog en Isbells en tussenin maakte ze opnames met Nils Frahm, en kwam ze een samenwerking met de vroegere dEUS gitarist Craig Ward , die intussen flink wat kilo’s is bijgekomen en er al wat getekend uit ziet. Achter de cd titel ‘Toby’ schuilt een gans verhaal, is een beetje de eigen biografie van Acda geworden; een zekere Toby Litt, een Engelse schrijver , leverde de toepasselijke teksten aan. Een verwerking van Acda wat zich vertaalt in een reeks stilistisch sobere, broze, kwetsbare songs; een minimaal ingehouden, intimistische sound van gevoelig gitaargetokkel en stemmen.  Melancholie, tristesse en dagdromen, pakkend, ontwapenend, eerlijk en oprecht. Opnieuw een geslaagd project van Acda , al wil ze in die gedeprimeerde inhoud een optimistisch zonnestraaltje toelaten. 

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/exitmusic-15-11-2012/ http://www.musiczine.net/nl/fotos/true-bypass-15-11-2012/

Organisatie: Nijdrop, Opwijk

Pagina 683 van 972