logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

garbage_olt_riv...
The Cure
Concertreviews

Death Cab For Cutie

Death Cab for Cutie breekt potten in de AB

Geschreven door

Benjamin Gibbard van Death Cab for Cutie heeft wel een aantal breuken te verwerken. Zo verliet medesongschrijver Chris Walla de band, en kwam Gibbard’s huwelijk met de actrice Zooey Deschanel ten einde. Die ken je misschien van de sitcom ‘New Girl’, die onlangs nog op 2BE draaide, een verknipte versie van ‘Friends’. Veel materiaal om nummers over te schrijven dus, en dat kreeg zijn beslag op Death Cab’s  achtste album ‘Kintsugi’. Kintsugi is een Japanse kunstvorm waarin gebroken aardewerk met goudkleurige lak terug aan mekaar gelijmd wordt zodat de breuken  versieringen worden. Een heel toepasselijke titel dus.

Wij hadden Death Cab enkel nog maar in openlucht gezien, de laatste keer op het Best Kept Secret festival in Tilburg, en een paar jaar terug ook nog in het Rivierenhof, maar nu keken we uit om de band eens in een clubsetting uitgebreid aan het werk te zien.
De opwarmer van het concert was “No room in frame” uit ‘Kintsugi’, een nummer dat over die breuken gaat, en dat het vooral van zijn tekst moest hebben. Met “Crooked teeth” kwam het concert pas goed op gang: stevige gitaarrock met veel ruimte voor de zang van Gibbard, en een killerrefrein, in de traditie van REM en The Byrds.
Met “Black Sun” bewees DCFC dat ze op hun laatste album terug in vorm zijn, en dit na het toch mindere ‘Codes and Keys’. “The new year” spatte uit de boxen, een mission statement gebouwd met gitaaruitbarstingen, en ook het nieuwe “The ghost of beverly drive” stond als een huis.
“Title and registration”, het tweelingbroertje, zowel tekstueel als muzikaal, van The Postal Service ‘The district sleeps alone tonight’, dreef op de stilte tussen de noten, wat in andere nummers van Death Cab ook een grote sterkte van de composities is. Onvermijdelijk zat er vanavond ook een minder sterk stuk in het concert, met nummers die niet bleven plakken uit ‘Codes and keys’. De drive kwam er weer in met het vrolijke en springerige “No sunlight”. Dat Gibbard een rake observator is, bewees hij met “You’ve haunted me all my life”, een lillende brok ontroering in de vorm van een liefdesverklaring. De vele jonge meisjes in de zaal waren ongetwijfeld aan het wegsmelten.
We konden al concluderen dat ‘Kintsugi’ dus al op zijn minst drie parels aan het oeuvre van Death Cab toevoegde, met dit prachtig nummer , “Black sun” en “The Ghost of Beverly drive”.  Meer ontroering kwam er in “What Sarah said”, waarin Gibbard de gitaar ruilde voor de piano, en een smachtende balad neerzette waarin elke noot en elke stilte juist was.
Hierna liet Gibbard de band vertrekken, en bracht hij solo op gitaar, singer-songwriter-gewijs, “I will follow you into the dark”.  Het beste moest toen nog komen, een hypnotische baslijn zette het epische “I will possess your heart in”, net zoals in Jane’s addiction’s “Three days” groeide het refrein uit tot een langgerekt mantra waarin de muziek aanzwol en weer wegstierf. Nog meer smachtende dynamiek kwam er met “Cath”, wellicht dankzij zijn onconventionele structuur en ritme, een indie-klassieker. Herkenningsapplaus op alle banken kwam er in “Soul meets body” dat stevig meegezongen werd, waarna de reguliere set besloten werd met het stevig rockende “Bixby Canyon bridge”.

De bisronde werd door Gibbard solo ingezet, met het verstilde, naar Nils Frahm neigende piano-niemendalletje “Passenger seat”, waarin de stiltes opnieuw even belangrijk waren als de noten die gespeeld werden. Daarna zakte de bis wat in mekaar, met het oude “Title track”, vreemd toch dat zoveel bands dit doen in hun bissen.
De band raapte de draad nadien weer op met de krautrock van “Doors unlocked and open” en eindigde met een magistraal “Transatlanticism”, een orgelpunt dat je kan vergelijken met The National’s “Mr November” of “Terrible Love”, alleen duikt Gibbard niet het publiek in.


Slotsom: Death Cab for Cutie staan er terug, hun nieuwe album heeft weer een aantal indieclassics aan hun ruime repertoire toegevoegd, alleen heeft deze band zijn sterkste albums in het verleden liggen, en hebben ze niet zoals The National of andere heel grote groepen  een opbouwende lijn door hun hele carrière kunnen trekken.
Maar bon, iedere Alpenrit heeft naast zijn beklimmingen ook zijn afdalingen.


Setlist : No room in frame – Crooked teeth – Live here – Black sun – New Year – Beverly drive – Title and registration – Little wanderer – Codes and keys –No sunlight – President – You haunted me – What Sarah said –I will follow you into the dark – I will possess your heart – Everything’s a ceiling – Tourist – Cath –Soul meets body –Bixby Canyon bridge
Bis: Passenger seat – Title track – Doors unlocked – Transatlanticism

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Twenty One Pilots

Twenty One Pilots – Gekke capriolen en opwindende act

Geschreven door

Twenty One Pilots – Gekke capriolen en opwindende act
Twenty One Pilots
Trix
Antwerpen
2015-11-12
Bavo Nys

Na de opwindende Jeremy Loops is het tijd voor de hoofdact, Twenty Øne Pilots. Hoewel sommigen dachten dat dit niet vet kon zijn , waren zij grandioos mis. Vanaf de eerste noot tot de laatste, slaagden Twenty Øne Pilots er in , hun muziek en boodschap over te laten lopen in elkaar.

Het begon allemaal met “Heavy Dirty Soul” en “Stress Out”. The opening beat, de variatie in stijlen tijdens het liedje doen het lijken alsof ze terug naar hun kindertijd en zorgeloze tijd gaan. Wat ook opvalt in de outro is wanneer Tyler’s stem onnatuurlijk laag gaat en zijn alter ego het overneemt. Dit wordt heel mooi geïllustreerd in de muziekvideo, waar zij in conflict zijn met elkaar; de een die het op veilig wil spelen en de ander die alles er uit wil halen en werkt onder zware druk.
Nu gaan we even over naar het laatste liedje, “Car Radio”, opnieuw een van hun grootste hits. De lyrics en manier waarop hij het refrein opbouwt zorgen elke keer voor kippenvel.
There’s faith and there’s sleep
We need to pick one please because
Faith is to be awake
And to be awake is for us to think
And for us to think is to be alive
Zeker een aanrader om live te bekijken!

Verderop zal ik het nog hebben over hun gekke capriolen, zoals Josh Dun die besloot dat het te saai was om zijn drumstel op het podium te laten staan en dus verplaatste naar op het publiek. Zo’n momenten maken van Twenty Øne Pilots geen gewoon optreden maar een groot spektakel!
Tyler Joseph was een aap in zijn vorig leven … Dus ik had iets gezegd over het publiek verbazen? Wel, hoeveel artiesten ken jij die halverwege een optreden op een luidsprekerspaal van 21m klimmen? Het antwoord is heel simpel; er is er maar een! Tyler Joseph, de zanger van Twenty Øne Pilots!
En opnieuw was hij vastberaden om iets te doen in Trix. Halverwege “Car Radio” verdween hij, niemand van het publiek wist waar hij was. Tot hij opnieuw opdook… op een paal van 5 meter hoog , van daar uit verder zingend!
Ik zou zo nog verder kunnen gaan over hun acrobatische capriolen die Josh en Tyler deden tijdens hun show, of de passie waarmee Jeremy speelde maar ik zal hier stoppen en jullie meedelen dat dat Twenty Øne Pilots opnieuw in België zal zijn in februari!

Review geschreven door Christopher Hechter voor gauntly.co op http://gauntly.co/jeremy-loops-twenty-one-pilots/  
Vertaling: Bavo Nys

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/twenty-ne-pilots-12-11-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jeremy-loops-12-11-2015/
Org: Live Nation ism Trix A’pen

Beoordeling

The Prodigy

The Prodigy: pure rauwheid

Geschreven door

De elektropunkers van The Prodigy kwamen woensdagavond testen hoe het met de funderingen van Paleis 12 gesteld was. Begin dit jaar bracht de band een nieuw album uit, ‘The Day is My Enemy’. Ze beloofden daarmee de terugkeer van hun geroemde en herkenbare geluid dat hen zo groot gemaakt heeft. Ze hebben zich alvast aan hun belofte gehouden.

Waar je net een opbouw zou verwachten met de beste en bekendste nummers op het einde, had je bij The Prodigy meteen een klepper om te starten:”Breathe”. Het nummer bestond woensdag exact 19 jaar, maar na al die jaren blijft het een topnummer. Al werd het meteen duidelijk dat een halve eeuw optreden toch enige indruk heeft nagelaten op hun stem. Begrijpelijk, als je hoort hoe ze zich volledig geven om de nummers tot hun recht te brengen.
Meteen na “Breathe” brachten ze hun eerste nummer van hun nieuwe album: ”Nasty”. Het was duidelijk een nummer dat door de fans goed ontvangen was. Voor wie toen nog niet buiten adem was,  was er toch even een korte test of het publiek goed wakker was. Het geroep vloeide over in handgeklap op ”Omen” en “Wild Frontier”. Deze laatste vind je ook op hun nieuwste album.
Het moet gezegd: de lichtinstallatie van The Prodigy was in-druk-wek-kend! Geen extra visuals op de achtergrond, enkel flitsende lichtbundels die epileptische aanvallen oproepen. Soms een beetje te veel van het goede, maar ideaal om het publiek op te hitsen. Hoewel dat zeker niet nodig was toen de tonen van die andere klepper “Firestarter” door de boxen knalde. Pure rauwheid die soms zelf een beetje pijn deed aan de oren, maar pijn die je verbijt omdat je er wild van wordt. 
Klassiekers werden steevast afgewisseld met nieuwe nummers als “Roadblox”  en “Rok-Weiler”. Hiermee bewezen Maxim en Keith Flint nog eens dat ze echte performers zijn die helemaal op elkaar afgestemd zijn. Met “The Day is My Enemy” sloten ze de eerste helft af, ons achterlatende met trommelvliezen die het nog net overleefd hadden. 
Na een korte - en verdiende - pauze kwamen de mannen terug, alweer met een grote klepper: “Voodoo People”. Het dak van Paleis 12 ging er net niet af. ‘Wat. Een. Feest’. Een feest van verbonden ‘voodoo people’ onder mekaar, met echte ‘fighter hands’. Ideaal dus om “Get Your Fight On” op het publiek los te laten. 
We hoorden daarna even een korte mix van ‘The Day is My Enemy’. Naast het nieuwe album heeft de band ook een spin-off gemaakt van dat album, met de toepasselijke naam ‘The Night is My Friend’. Daarop staan enkele nummers vanop het gewone album, in een iets andere versie. Een ‘rustmoment’, zo bleek, in vergelijking met wat volgde. ”Smack my Bitch Up” maakte het publiek uitzinnig, een ware storm raasde door de zaal. 
Na deze tornado probeerde band nog even een circle pit te creëren, met matig succes. Meer succes hadden de stevige gitaren van “Their Law” en “Wall of Death”. Als afsluiter brachten de mannen ”Take Me to the Hospital”. Wie dan nog overeind stond, kon de mannen uitwuiven op de tonen van “Out of Space”.

Op sadomachistische wijze kregen wij een cocktail van flitsende lichten, rauwheid en puur entertainment op ons afgevuurd. We bleven even op onze honger zitten naar “Poison” en “No Good”, maar we gingen met een tevreden gevoel naar huis. The Prodigy maakt een halve eeuw muziek en mogen op deze manier nog een halve eeuw doorgaan. Wij blijven fan, samen met alle andere ‘voodoo people’. 

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Public Enemy

Public Enemy belooft real hip hop

Geschreven door

Public Enemy is na 30 jaar nog lang niet aan hun afscheidstournee toe; de hip hop legends deden het Depot daveren op bekende kreten als "Fight the power" en "Don't believe the hype" alsook recent materiaal: "Am I a radical?" herhaalt boegbeeld Chuck D tijdens het opzwepende "Man Plans, God Laughs", meteen ook de titeltrack van hun laatste album. ‘D - the incredible rhyme animal’ mag dan wel de lyrische architect achter Public Enemy zijn, live is het voornamelijk hypeman Flavor "yeaaah boooy" Flav die met zijn overdosis aan ADHD het publiek losmaakt.

Op de beats en het gescratch van vaste waarde DJ Lord en de tonen van een live backing band wist het duo hit na hit af te leveren, compleet met “Black is back”/”back in Black” en “Do you wanna go our way???”/”Simon Says” mashups. Flavor Flav greep de basgitaar voor een uitgebreide "Welcome to the terrordome" en ging op expeditie doorheen de zaal tijdens het explosieve "Fight the power"; een million man march bleef net uit in het geringe maar daarom niet minder bevlogen publiek. Flav dreigde het concert even te ontsporen met zijn solo track “Get lit”, dat zowel de titel als de complete lyrics omvat, maar enkele dames in de zaal werden al snel on stage gevraagd voor een harlem shake compleet met twerking en lap dances.
Odes aan The Sugar Hill Gang, James Brown en Chuck Berry ontbraken uiteraard niet en laat het aan Chuck D om het concert met de nodige soul power en blues te injecteren tijdens het sterke anthem "Harder than you think". DJ Lord op zijn beurt gaf zichzelf volledig tijdens een scratch sessie met het catchy "Smells like Teen Spirit". Opvallend was de afwezigheid van Professor Griff op het podium, maar de militanten van SW1 stonden paraat met de gewoonlijke choreografie.

Flavor beloofde "You're gonna get your money's worth", wat zeker en vast het geval was en op de vraag of het gezelschap naar België mocht terugkeren, klonk het spontaan "yeaaah booooy!".

Organisatie: Depot, Leuven

Beoordeling

Channel Zero

Channel Zero – Unplugged - Ardet nec consumitur

Geschreven door

Channel Zero is zowat hét Belgische uithangbord van de metalscene en heeft zich in de jaren negentig eeuwige roem toegeëigend met kanjers als “Black Fuel” en “Help”. Franky en co hebben al veel watertjes doorzwommen, hebben al hun drummer moeten afstaan. Telkens is de fenix uit zijn as herrezen. Zo ook nu …

In dezelfde jaren negentig traditie gaan ze nu serieus ‘unplugged’ de hort op. Ze ruilen hun typische ‘wall of sound’ en hun vertrouwde biotoop voor cultuurcentra. Met jazzpianist en componist Michel Bisceglia halen ze wereldklasse binnen en zijn ze zekerder van hun stuk. Franky komt het podium opgestoven, is niet verlegen om een kwinkslag en geint met het publiek  dat het geen naam meer heeft. Een wandeling door de loges is het resultaat. Datzelfde publiek bestaat vooral uit die hard fans, die helaas niet goed doorhadden wat hen te wachten stond. Naast de vaste kern met een nieuwe drummer die net iets te hard zijn best deed en te prominent aanwezig was, en de bovengenoemde jazztopper, omringt Channel Zero zich ook met een resem andere gastmuzikanten, waaronder een viertal prachtige deernes van violisten. Het oog wil ook wat.

Na een overbodig introfilmpje waarbij een of ander wit monstertje (Franky’s stem) zich uit een enge machine bevrijdt, opent Channel Zero met “Black fuel” en je voelt meteen dat het geluid én zijn stem goed zitten.
De visuals zijn bombastisch en nemen de aandacht weg van het muzikale gebeuren. Het publiek smult er wel wat van.
Ik miste wel wat begeestering en halverwege was er een dipje te bespeuren. Even dacht ik aan Level Zero. Gelukkig wisten Franky en co zich snedig te herpakken en lieten ze ons meegroeien naar een voorspelbare climax met “Help”.

Er werd gefluisterd dat dit concert werd geregistreerd. Benieuwd naar het resultaat.

Organisatie: Schouwburg Kortrijk, Kortrijk

Beoordeling

Taxiwars

Taxiwars - Super goed groovy optreden - Barman regeert

Geschreven door


Onze muzikale duizendpoot en nationale trots heeft nooit zijn liefde voor jazz en Beefheart onder stoelen of banken gestoken. Herinner u “Theme from Turnpike” en Barmans compilaties voor Blue Note en Impulse. Onze eeuwige hyperkineet heeft dus ook even tijd gehad om naast zijn zevenhonderd andere projecten Taxiwars op te richten. Wat een heerlijke naam, uit ‘Taxi War Dance’ van Count Basie uit 1929.  Het is niet frontman Tom Barman met een jazztrio als rugdekking - saxofonist Robin Verheyen, contrabassist Nicolas Thys, drummer Antoine Pierre, maar een heuse en (h)echte band.

Met de typische lichte arrogantie kwamen ze het podium opgeschuifeld om je meteen naar de strot te grijpen. Het speelplezier droop er zo wat af. Vooral saxofonist Robin houdt de boel bij elkaar.
De nummers zijn eerder kort, maar zeer energiek en krachtig. En nu eens parlando, dan eens zingen en nog eens met stemvervorming deed je al snel vermoeden dat Don Van Vliet wel degelijk gereïncarneerd is.
Ik schreef reeds dat jazz langzaam maar zeker het grote publiek aan het bereiken is en deze vrolijke, tijdloze en zeer hippe freejazz van Taxiwars zal ook wel aarde aan de dijk brengen. Er wordt danig geïmproviseerd en gegrooved dat stilzitten of onbewogen blijven uitgesloten is.
En toch hadden we bij momenten een uiterst gedisciplineerd publiek die zich zowat letterlijk zat te vergapen aan wat de volbloedmuzikanten van Taxiwars aan het brengen waren. Je kon bij momenten een speld horen vallen. En Taxiwars blijft heel subtiel zijn grenzen bewaken. Ze gaan niet overdreven improviseren en durven wel eens flirten met kitch. Onze kettingroker was in zijn nopjes en vooral het grootstedelijke ‘Borgerhout Shuffle’ bleef hangen. “Somewhere Down The Crazy River” van Robbie Robertson en “Chez les Yé Yé” van de al even kettingrokende Gainsbourg werden in een nieuw jasje gestoken. We kunnen enkel maar hopen dat Tom en Co het niet bij een eenmalig project houden. Vlaanderen heeft nu ook zijn Jules Deelder.

Beste Tom Barman, vergeef me mijn grootsheidswaanzin en sta me toe u een tip te geven: zet alles wat je met dEUS gemaakt hebt opnieuw op plaat met uw jazzband Taxiwars en je zal verdomme veel potten breken. Alweer een hoogtepunt . Dat belooft …

Organisatie: Nijdrop, Opwijk

 

Beoordeling

St Germain

St Germain – Een ‘Joie de Vivre’!

Geschreven door

Een uiterst genietbare , leuke trip kregen we , een goed uur lang , van St Germain , die maar liefst vijftien jaar op zich liet wachten . Afro en desert blues kregen meer ruimte aan zijn gekende stijl. Een muzikale ontdekkingstocht die Moby, Little Axe , RL Burnside, Tinariwen en ons eigen Buscemi samenbracht . Een puik resultaat , waarbij we in hogere sferen kwamen of heupwiegend gedropt in de Sahara of in de jungle.

Ludovic Navarre is de man achter St Germain , die debuteerde in 2000 met ‘Tourist’ , die handig inspeelde op de rage van sensuele, zomerse lounge met jazz , blues en triphopsounds. St Germain had een heuse band achter zich met sax, trompet , flute en percussie, zorgde voor een breed opengetrokken geluid en sprak de dansspieren aan door de rustige , repetitieve voortkabbelende beats, die door de ritmiek en de grooves uptempo konden klinken .
Een avontuur , een ‘joie de vivre’ dat ontspannen, swingend was door songs als “Rose rouge”, “So flute” en “Sure thing”, die vanavond in de setlist mooi verdeeld werden met het nieuwe materiaal.
Hij wou bewust geen herhalingstoets van ‘Tourist’ en ging net als Stef Camil Carlens op avontuur in Afrika. Hij vond Malinese muzikanten en vocalisten, en afro en desert blues kregen een voornaam plaatsje op de nieuwe titelloze plaat, wat sterk overtuigt .

Op het podium plaatst Navarre zich doelbewust niet in de schijnwerpers . Hij staat achter een enorme desk en we zien een heus collectief op de stage met traditionele Afrikaanse instrumenten als de kora, de balafon en de n'goni , broederlijk samengaan met de elektrische gitaren, flutes , piano's, saxofoons en zijn kenmerkende electro-vibes .
Je werd meteen meegevoerd in die zalvende hypnotiserende sound , “Forget me not” die de plaat besluit , werd hier als eerste opgevoerd . De zomerse single “Real blues” volgde, die warm, knus energiek is, met de stem van de legendarische Texaanse bluesman Lightnin' Hopkins op de achtergrond; de gitaarriedels intrigeerden en de ritmische percussie prikkelde, dweepte op en klonk aanstekelijk. Heerlijk zoiets . Een dampend, smachtend sfeertje! Nog sterker onthaald werd “Rose rouge” , in één langgerekte jam,  wat aangepast door de tand des tijds. Je voelde het , dit zat snor met Navarre. Het spelplezier droop er vanaf , synchrone danspasjes werden ingezet op het podium , wat zich moeiteloos overzette op het publiek .
St Germain loodste ons doorheen de set met rustige housy beats en de unieke instrumentatie. “How dare you” (op plaat met Zoumana Tereta) kenmerkt die desert blues , het gitaargetokkel klonk extraverter en zette een hardere sound neer van forsere beats. “Sitting here” dan (met de stem van Nahawa Doumboa) , prachtig ingeleid door het gitaarspel, maakte de reis doorheen Mali compleet . Aangename grooves dwarrelden over ons heen …
Elk instrument kreeg voldoende ruimte op “Famille tree” en op het eind kregen we nog twee killers van formaat , uitgewerkte versies van een “Real blues” (part II) en “Sure thing” die een podiumterugkeer om U tegen te zeggen onderstreepten.

Junglegeluidjes vóór en na de set injecteerden een optimale stemming. Letterlijk werden we uitgewuifd in de ‘joie de vivre’ van St Germain . Bijgevolg machtig optreden!

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Father John Misty

Father John Misty - Het zinnenprikkelende liefdesrelaas van een ex-drummer

Geschreven door

Met een eclectische lineup van zowel gevestigde waarden als pril talent dient de affiche van Autumn Falls zich ook dit jaar weer aan als een voltreffer. Onder de huidige klimatologische omstandigheden werd het festival in extremis misschien beter herdoopt tot Indian Summer, en waarempel, met Father John Misty als één van de belangrijkste publiekstrekkers kregen we daar afgelopen dinsdagavond zowaar de passende soundtrack bij geserveerd. Zijn tweede album ‘I Love You, Honeybear’ ruikt van begin tot einde sterk immers naar de Californische Laurel Canyon scene die begin jaren ’70 met een unieke blend van zonnige vocal harmonies en zoetgevooisde neo-psychedelica even het muzikale middelpunt van de planeet vormde.

Op de planken van de AB ontpopte Father John Misty, oftewel het recentste alter ego van de 34-jarige voormalige Fleet Foxes drummer Joshua Tillman, zich tot een ladiesman die qua theatrale pose het midden hield tussen Jarvis Cocker en Nick Cave. Niet voor niets weerklonk een flard van “Je T’aime... Moi Non Plus” als intromuziekje voordat de Amerikaanse baardemans met “I Love You, Honeybear” en “True Affection” een paar van zijn eigen liefdesliedjes uit de kooi haalde. Toegegeven, de kleverige songtitels zijn hier wat misleidend, want eens je de songteksten van Father John Misty begint te ontrafelen kom je in een parallel universum terecht waar drama, sarcasme, ironie en zelfspot de boventoon voeren. Muzikaal kiest Tillman echter voor een lichtverteerbaar dieet van breed gearrangeerde evergreens en luchtige countrypop, tevens het soort ingrediënten waar ook zijn vroegere maats van Fleet Foxes niet vies van waren.
Tillman was in Brussel vergezeld van vijf muzikanten die netjes in de schaduw van hun broodheer bleven. Hun rol bleek er voornamelijk in te bestaan om de perfect georkestreerde versies vanop plaat een pak potiger en scherper voor de dag te laten komen, én om de weemoedige samenzang zo goed mogelijk te reproduceren. Op de setlist prijkte trouwens niet enkel het volledige nieuwe album maar ook een flinke bloemlezing uit het debuut ‘Fear Fun’ (’12). De meeslepende Fleet Foxes rip-off  “Only Son Of The Ladiesman”, de luchtige country rockabilly van “I’m Writing A Novel” en het op een rauwe gitaarriff drijvende “Hollywood Forever Cemetary Sings” dateren nog uit de periode dat Tillman’s muzikale ideeën tal van richtingen schenen uit te gaan.
Wie Tillman reeds eerder aan het werk zag weet dat de man niet vies is van enige interactie met het publiek,  maar vanavond bleef het filosofisch gestoei beperkt tot de schaarse momenten waar de ex-drummer de meeste van zijn kompanen wandelen stuurde en overschakelde op intieme modus. De geest van Harry Nilsson is onderhuids sterk aanwezig op ‘I Love You, Honeybear’, maar nergens is het resultaat zo indrukwekkend als op “Bored In The USA”. Enkel begeleid door piano en wat samples van een lachend publiek portretteerde Tillman hier op ludieke wijze zijn eigen opgroeien in het land van Uncle Sam, waarmee hij bewees dat ook hij ook nummers kan pennen die niet over het andere geslacht gaan. Toegegeven, dat laatste onderwerp blijft tot nader order wel dé inspiratiebron bij uitstek voor Father John Misty, en tussen alle gecroonde evergreens door soms komt daar zelfs een waanzinnig rockend nummer als “The Ideal Husband” uit voort. Het bleek het signaal voor een ontketende Tillman & co om op het eind van de reguliere speeltijd plots alle remmen los te gooien en zowaar Cave en zijn Bad Seeds naar de kroon te steken.

Met zulk een climax was het optreden wat ons betreft dan eigenlijk al afgelopen, maar met het intieme solomoment “I Went To The Store One Day” en het bruisende “Every Man Needs A Companion” als encores werd het hoge niveau tot de klok van halfelf feilloos aangehouden. Van niveau gesproken, het was een verademing om Father John Misty vanavond het levende bewijs te zien leveren dat er naast de ongevaarlijke Passengers, George Ezra’s en James Bay’s van deze wereld nog een andere soort van meer indringende singer-songwriters bestaat die een zaal als de AB aardig kan vullen.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Pagina 200 van 395