logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
Hooverphonic
Festivalreviews

Masters@Rock Festival 2012 – tweedaags festival dat zijn plaatsje opdringt op de festivalkalender …

 

Masters@Rock Festival 2012 – tweedaags festival dat zijn plaatsje opdringt op de festivalkalender …
Masters@Rock Festival 2012

dag 1 – vrijdag 31 augustus 2012 - een meer dan geslaagde eerste dag op Masters@Rock Festival (Lode Vanneste)

Op vrijdag 31 augustus waren we aanwezig voor de derde editie van Masters@Rock. Nadat de eerste twee edities in een hangar plaatsvonden, werd dit jaar geopteerd voor een traditionele festivalweide langs de Vredelaan in Torhout.
Een meer dan geslaagde keuze want op het lichtjes glooiende terrein zullen vele van de voornamelijk oudere festivalgangers ongetwijfeld met nostalgie aan Rock Torhout gedacht hebben. De indeling van de festivalweide was bovendien echt top en zorgde voor heel wat comfort voor de bezoekers.
Heel veel dertigers en veertigers op dit festival en dat had veel te maken met de line up, verschillende bands op de affiche kenden namelijk hun topperiode in de jaren negentig van de vorige eeuw.  Acts zoals Dog Eat Dog, Channel Zero, Clawfinger en Max Cavalera (nu Soulfy maar voorheen frontman van Sepultura) waren trouwens nog te zien op de laatste edities van Rock Torhout.
Nog een nieuwigheid was dat de organisatie voor het eerst koos voor twee volwaardige festivaldagen. Terwijl er op zaterdag voornamelijk metalbands geprogrammeerd stonden, koos de organisatie op vrijdag voor een iets meer punkrockgetinte affiche.

Zelf waren we te laat voor openingsact Belgian Asociality maar gelukkig konden we nog enkele nummers van Funeral Dress meepikken. Als er in Vlaanderen 1 band het predikaat punk verdient, dan zijn het wel deze veteranen uit Herentals!  De vijf heren zien er niet alleen authentiek uit, ook muzikaal zijn ze na bijna dertig jaar een geoliede machine die verschillende punkanthems op hun conto heeft staan.  Funeral Dress zorgde in Torhout met het overbekende “Party On” voor het  eerste collectieve feestje van de dag!

Wij waren blij dat de organisatie een plaatsje voorzag voor de Amerikaanse punkrockers van Bouncing Souls.  De melodieuze poppunk die het viertal  al meer dan twee decennium produceert, wordt door veel nieuwere bands al te graag gekopieerd.  Jammer genoeg volgden slechts weinig concertgangers het optreden van Bouncing Souls, de heren uit New Jersey zijn misschien iets te weinig bekend bij het grote publiek.  Spijtig want Boucing Souls schudde in Torhout de ene parel  na de andere uit haar mouwen waaronder “Private Radio”, “Kids and Heroes”, “Sing Along Forever”, “Lean On Sheena”, “The Pizza Song”, “True Believers”, “Gone”  en “Hopeless Romantic…

Na dit muzikale hoogtepunt was het tijd voor ‘dieren in nesten’ zoals de presentator van dienst het mooi verwoordde... De heren van Dog Eat Dog hebben hun beste dagen namelijk al een tijdje achter hun liggen. De New Yorkers maakten in  1994  met “All Boro Kings” een  unieke plaat met daarop een bijzondere mix van hardcore, rap en de typerende saxofoon. Ook hun tweede plaat ‘Play Games’ kon er artistiek en commercieel nog mee door maar nadien ging het steil achteruit met de band...
Na een lange stilte is de band al een paar jaar opnieuw aan het touren, de shows die we in een niet zo ver verleden zagen op Kneistival en Dour konden ons niet al te best bekoren...
Dog Eat Dog startte in Torhout in  ieder geval prima want met “If These Are Good Times”, “Pull My Finger” en “Who’s The King” werden meteen drie knallers van ‘All Boro Kings’ geserveerd.  Positief is dat de band er in de figuur van Roland Kressé opnieuw voor opteert om een permanente saxofoonspeler op het podium te zetten.  Vervolgens waren  er snelle maar ietwat rommelige  versies van “Cannonball” en het bekende “Isms” waarna oudjes  “In The Doghouse” en “Strip Song” werden afgehaspeld.  “Sore Losers” werd daarna opgedragen aan de Vlaamse band The Salvador Statement.  Op het bekende “Rocky” mocht bassist Dave Neabore de vocalen voor zijn rekening nemen waarna “MILF” uit de speakers knalde.  Op “Expect The Unexpected” kreeg John Connor steun van zijn rappende tourmanager waarna op “Step Right In” zoals gebruikelijk drummer Brandon Finnley op de voorgrond trad. De band sloot af met een prima versie van “No Fronts” die door alle aanwezigen gretig werd meegebruld waarna de klassieker “Dog Eat Dog” de set afsloot.
Relevant kun je de band in het huidige muzieklandschap al een tijdje niet meer noemen maar Dog Eat Dog heeft gelukkig wel een aantal klassiekers die zoveel jaren na datum nog steeds vertrouwd en aangenaam klinken... Los van de dikwijls te lange ( en soms irriterende ) tussenpauzes was het zo voor de vele fans een aangename en ietwat nostalgische show en stond Dog Eat Dog op Masters@Rock  zeker op zijn plaats.

Afgesloten werd er met de West-Vlamingen van ’t Hof Van Commerce.  Wie dit bekende drietal boekt, weet dat ze garant staan voor kwaliteit en een hele resem hits.  De band is (met enkele tussenpauzes ) al vijftien jaar actief en wie hun deze zomer al aan het werk zag, moet opgemerkt hebben hoeveel goeie songs de  heren in die periode al gemaakt hebben.  “Zonder Niet”,  “Wupperbol”,  “Voe de Show”, “Zonder Totetrekkerie”,  “Kom Mor Ip” en “Stuntman”... ook in Torhout was het één groot feest der herkenning.
Woordkunstenaars Kowlier en ‘Levrancier’ Buyse zijn perfect op mekaar ingespeeld en zijn schitterende frontmannen maar de echte ster bij ’t Hof is toch dj 4T4. De man tovert echt te gekke klanken uit z’n platendraaiers en combineert hier en daar verschillende bekende deuntjes met de eigen Hof Van Commerce-songs.
Klein minpuntje was dat het festivalterrein al een heel groot stuk uitgedund was bij het optreden van de Izegemnaars, het barre en  koude weer was daar niet vreemd aan....
’t Hof Van Commerce was in ieder geval de prima afsluiter van een geslaagde eerste festivaldag.

dag 2 – zaterdag 1 september 2012 (Frederik Lambrecht)

Met een rustig zonnetje schijnend op het lichaam, waren we klaar voor de 2e festivaldag van Masters@Rock in Torhout.

Opener Guilty as Charged had de eer om de boel op gang te trappen. Geen volle weide, want vermoedelijk waren er nog redelijk wat kampeerders die stilaan uit hun slaaproes ontwaakten, maar toch stond er voor het podium, vooral dan aan de rechtse kant, een leuke bende fans om deze Beernemse band aan te moedigen. Heavy metal met een goeie portie power & thrash metal in verwerkt , mag je van deze mannen verwachten. 35 minuten hadden ze de kans om het publiek kennis te laten maken met hun nummers en het lukte hen vrij aardig om beweging te krijgen in de meute. Met nog maar 1 album getiteld ‘Boxed In’ op hun conto waren uiteraard nummers als “More & More” en “Metal Holocaust” de meezingers van de dag. Maar, vergis u niet lezers, buiten hun album hebben ze ondertussen al nieuw materiaal aan de man gebracht tijdens diverse live-shows en de uitblinkers waren voor mij toch wel de laatste 2 nummers, een echte stamper genaamd “I’ll never…” met een uitstekende riff in verwerkt en het snelle “Lonewolf”. Schrijf nog enkele van deze hits, duik de studio in, en gaan met die banaan zou ik zo zeggen. Goed optreden en een plekje hoger op de affiche had gerust gemogen …

Want om eerlijk te zijn, de volgende band die van jetje mocht geven, Bliksem, blijkbaar afkomstig uit Antwerpen, en met een zangeres achter de microfoon, kon mij niet echt overtuigen van hun kunnen. Als frontvrouw Peggy Meeussen rustig zong kon ze mij bekoren, en hoorde ik goeie muziek, maar eenmaal de versnelling een tandje hoger moest, klonk het mij niet al te zuiver. Er stonden 3 gitaristen op de set, waarvan volgens mij 1 gitarist redelijk overbodig was, want hij bracht niet echt een meerwaarde aan het geheel. Al moet ik wel zeggen dat ik op momenten toch leuke riffs te horen kreeg.
Een bedankje voor Steak Number Eight kon er ook vanaf want blijkbaar had Bliksem hun snaredrum in bruikleen. Nummers die op hun lijst stonden waren oa. “Follow”, “The Life on which I feed” en “Circus Schizophrenia” allemaal van hun debuutEP ‘Bliksem’. En als ik echt goed geluisterd heb, dan brachten ze ook een nieuw nummer  waarvan ik dacht dat de titel “Disciple” was, maar dat ben ik helaas niet zeker. Helaas heb ik geen informatie hieromtrent gevonden, en misschien was dit dan ook wel een primeur op Masters@Rock...

Daarna was het de beurt aan de jongeren van Steak Number Eight. Blijkbaar al geprezen als een band uit de Belgische sludge-scene met een cultstatus , was ik benieuwd om hen opnieuw aan het werk te zien, na hun passage deze zomer aan Graspop Metal Meeting. En deze mannen hebben in Torhout bewezen dat ze een sterke band zijn en ze stralen dit ook uit met hun nummers. Van hun eerst langspeler “The Sea is Dying” en “On the Other Side” en van hun sterke album ‘All is Chaos’ werden “Dickhead”, “Stargazing”, “Black Fall” en afsluiter van hun set “Pyromaniac” gespeeld.
En blijkbaar was het vandaag het moment voor de meeste bands om nieuwe creaties op het publiek los te laten, want ook Steak Number Eight had 2 nieuwe nummers in hun set gedropt. De meeste songs van deze Vlamingen tellen enkele minuten, maar op geen enkel moment heb ik het gevoel gehad dat er verveling in de nummers kwam gekropen. Eén van de sterke eigenschappen van deze band trouwens. Voorts wil ik nog meedelen dat  drummer Joris Casier de uitblinker was, wat een prestatie! Ik ben alvast geprikkeld en kijk benieuwd uit naar een volgende plaat.

Duitse crossover, dat staat meestal te lezen als je informatie leest over H-Blockx. Frontman Henning Wehland had er zin in en zag er gedreven uit. Het 1e nummer werd aangevat waarbij mij vooral opviel dat drummer Steffen Wilmking slechts 3 onderdelen van zijn drum gebruikte. Op zich was het al een kleine drum, maar dit was toch redelijk opvallend. Een leuk optreden, een hoog amusementsgehalte en een lekkere vibe met bijhorende schwung bracht deze band teweeg. Bekende hits die ze brachten waren “Move YA” waarbij de grassprietjes vooraan het podium het slachtoffer waren van de pletwals van springende mensen. Ze smeten er ook nog “How do you Feel?” bij en het sterke “Little Girl” van hun debuutalbum ‘Time to Move’, alsook  “Rising High” eveneens van dit album. Verrassen deden ze dan weer met de cover van Johnny Cashs “Ring of Fire” en “I’ve got the Power”, cover van Snap, die het feest compleet maakte . Ik was toch even onder de indruk  dat ik zoveel nummers van deze band kende. Blijkbaar zijn hun nummers bekender zijn dan de band zelf hmhm …

Na H-Blockx begaf ik mij naar de persruimte, om enerzijds een glimp op te vangen van Max Cavalera - wie zou hier niet voor door het vuur gaan ;-) , maar anderzijds om efkes te praten met de jeugd van Steak Number Eight. Een interview zat er niet direct in, maar een foto met de band behoorde wel tot de mogelijkheden. Helaas voor Mustasch zijn de mannen van Steak Number Eight en Guilty as Charged leuke gesprekspartners, waardoor ik bitter weinig heb gezien van deze Zweden die blijkbaar vergeleken worden met het Noorse Volbeat.

Volgende band op de affiche was Belgische metal trots Channel Zero. Sinds hun reünie heb ik hen al ettelijke malen aanschouwd op diverse festivals, én veel slechts van deze band heb ik tot op heden nog niet gezien! Was hun vorige show vooral in het teken van de recentste plaat ‘Feed ‘Em With a Brick’, was dit optreden iets meer gericht op hun oud materiaal. Nummers als “Bad to the Bone”, “Suck My Energy”, “Heroin”, “Fool’s Parade”, “Call on Me”, “Help”, “Run W.T.T.” en “Black Fuel” behoren tot deze categorie, en ze werden uitstekend gebracht door Franky en zijn metgezellen. De toeschouwers amuseerden zich met deze hitjes met bijhorend de moshpits en de crowdsurfers. Uiteraard mochten nummers als “Ammunition”, “Freedom”, “Angels Blood” en “In the City” niet ontbreken op hun set. Als ze zo spelen mogen ze van mij iedere week in de nabije omgeving hun ding doen.

Clawfinger kwam dan het podium op en deed de rest van de bands verbleken met hun optreden. Het moet gezegd worden!, een fantastisch optreden dat nog lang zal nazinderen. De rapcore van deze Zweden beukte 1 uur en 15 minuten over de Torhoutse weide en de minuten vlogen razendsnel. Nummers als “Biggest & the Best”, “Rosegrove” en “Nigger” werden meegezongen van begin tot einde, en toen was het feestje nog niet volledig, want het meganummer “Truth” en het meest gekende “Do What I Say” zorgde voor een absolute climax! Gans de show was genieten en ondergetekende mengde zich mee in de moshpitdebatten!

Soulfly van zijn kant was dan teleurstellend. Max Cavalera blijft een monument in de metalen wereld, zeker als je zijn geschiedenis bekijkt, en dan vooral zijn werk met Sepultura. De Braziliaan geniet blijkbaar van het leven, want ik vrees dat hij binnenkort zal mogen overgaan naar een grotere shirtmaat.
Soit, qua muziek moet je hem niks meer leren. Reeds 8 studioplaten werden onder de naam Soulfly gemaakt, en hun laatste album getiteld ‘Enslaved’ dateert nog maar van maart 2012. Dit album is mij nog niet gekend, maar opzoekwerk leverde op dat “World Scum” (opener), “Intervention”, “Plata O Plomp”, “Gladiator” en “Revengeance” (tevens slotnummer van dit album) de songs waren van dit album. Mij kriebelt het meer bij het oudere werk zoals bv “Blood, Fire, War, Hate”, “Back to the Primitive”, het aanstekelijke “Prophecy” en bisnummers “Jumpdafuckup” en “Eye fora n Eye”.
Klassiekers van zijn eerste liefde Sepultura staan altijd in zijn setlist geprogrammeerd (en terecht!) en gewoontetrouw waren dit de hitjes “Refuse/resist”, “Territory”, “Arise/Dead Embryonic Cells” (wat een snelheid bevatten die songs toch), de song met de meest intense drum ooit “Troops of Doom” en de meezinger “Roots Bloody Roots”. Aan de setlist hoeft de heer Cavalera in mijn mening absoluut niets te veranderen, helaas werd deze show een beetje, naar mijn mening, met gemakzucht afgewerkt.

Voor de talloze feestvierders had de organisatie Dirk Stoops nog geboekt als DJ voor de afterparty, zodat iedereen zijn overtollige energie nog kwijt kon.

Masters@Rock is nu uitgegroeid tot een tweedaags festival, en dit festival moet de kans krijgen een grote naam te worden! Goed festival, gras dat beter loopt dan beton , goeie bands en een unieke sfeer, zoals een festival hoort te zijn! Tot volgend jaar!!

Neem gerust een kijkje naar de pics van 31 aug – 1 sept 2012
http://www.musiczine.net/nl/fotos/masters-rock-festival-2012/

Organisatie: Masters@Rock, Torhout

 

Laundry Day 2012 – religie – spiritualiteit en tonnen sfeer en beats

Geschreven door

Laundry Day 2012 – religie – spiritualiteit en tonnen sfeer en beats
Laundry Day 2012
Er waren maar liefst 120 dj’s, onder andere Sweet Coffee, Murdoch, Sound of Stereo, Dimitri Vegas & Like Mike, Goose en Arsenal. Voor de gelegenheid waren die dj’s eigenlijk meer een soort van profeten, aangezien religie en spiritualiteit het thema was op Laundry Day dit jaar. Een kathedraal, een piramide, een boeddhistische tempel, noem maar op: er stond voor ieder wat wils.
Tegenwoordig trekt het festival 60.000 bezoekers en dat is heel wat als je weet dat het eigenlijk allemaal begon als een klein straatfestivalletje in de Kammenstraat. Omdat de festiviteiten iets te groot werden, werd er na enkele jaren naar het Eilandje verhuisd. Tot het ook daar niet meer kon wegens ‘te groot’ en het festival verhuisde naar het grote terrein achter het Justitiepaleis in Antwerpen.

Sfeer
De 15th Ceremony was er eentje om na te vertellen Religie en spiritualiteit - ‘COME PRAY WITH US’ was de uitdrukking die aan de Nieuw-Zuid geïntegreerd werd, de paus liep er gezellig rond om mensen uit te nodigen te dansen . De tieners/jong-volwassenen gingen spontaan in op de uitnodiging … Smileys …
Laundry Day was kleurrijk … De decors hadden een leuk fel kleurtje! En Petjes, hoedjes, T-shirts , noem maar op … in alle kleuren van de regenboog!
En de sfeer en de ambiance is in het geheugen gegrift : de muzikale stijlen, het mooie weer , de dranken , de DJ’s en de beats leverden hun bijdrage. En de podia hadden iets speciaals, check er maar hun Bacardi main stage, Holy Brussel, Jupiler dome op na …Eén vrolijke bende en gezelligheid troef …

Volgend jaar 7 september 2013 – Be there …

Sfeerbeelden? Neem gerust een kijkje naar de pics …
http://www.musiczine.net/nl/fotos/laundry-day-2012/

Organisatie: Laundry Day, Antwerpen

FeestinhetPark 2012 - zaterdag 25 augustus 2012

 

FeestinhetPark 2012 - zaterdag 25 augustus 2012
FeestinhetPark 2012

De meest geboekte band tijdens de festivalzomer is de vrolijke bende van School Is Cool - hun debuut in Oudenaarde btw - lokten al vroeg een pak nieuwsgierigen. Sterk onthaald werden ze met hun  aanstekelijke songs en de rits hits van hun debuut.
Ze openden met "The world is gonna end tonight"; een hoofdrol nam violiste Nele Paelinck- die aan haar afscheidstour bezig is , aangezien ze naar Argentinië verhuist. De band stelde al nieuw werk voor met " Us junkyard kids" en "I'm not having fun" tussen de gekende tracks van 'Entropology'.
School is Cool speelden niet op safe, zijn sterk geëngageerd en blijven gaan voor een bruisende dynamiek. "In want of something" en "The underside" zetten het feestje verder.
"New kids in town" is beetje de vaste afsluiter, een classic binnen hun uurtje ‘feelgood’ popmusic.

Nog net pikten we de laatste tunes van Lewis mee in de Charlatan tent. Enkele retrotracks hoorden we in de 'harde' set. Riton loste hem af, de sympathieke Brit bracht een uiterst gevarieerde electroset maar moest ondanks de puike prestatie, met lede ogen aanzien hoe het volk afdroop om 't Hof Van Commerce te zien. In dat halfuur draaide hij enkele remixen, die hij maakte voor o.a. Kylie Minogue en M.I.A, en putte hij uit de recente EP 'Ritontime' van het prestigieuze Dim Mak label. Een gemiste kans...


De Grand Mix liep vol voor de West-Vlaamse rap van ‘t Hof Van Commerce. De ‘Gentse ‘ Izegemnaren zijn terug ‘in’ , hebben de harten van het jonge publiekje veroverd en zetten FeestinhetPark op stelten met hun comeback album ‘Stuntman’. Nieuwe nummers als “‘Voe de show’” en “Kletser ip de biln” werden afgewisseld met oudjes “Kom mor ip” en “Zonder Totetrekkerie”. De twee MC’s Flip Kowlier en Serge Buyse liepen als duracellkonijnen op het podium, wisten het publiek op te jutten , en er was ruimte om wat te dollen, Kowlier bracht op unieke wijze een ode aan Goose . De singles “Wupperbol” en “Stuntman” werden net als de vroegere hits warm onthaald. Met “Dommestik en Levrancier” werd de menigte uitzinnig. Mooi om te zien hoe iedereen uit z’n dak ging en de refreinen meebrulde … Met ‘t Hof kregen we een stomend hiphopfeestje … Iemand was zodanig uitbundig dat hij tot in de nok van de tent kroop … Achterna was het feestje voor hem ten einde …

Iets na 20u30 stond Aeroplane klaar. Na  het vette feestje van ’t Hof viel het hier in de Charlatantent wat tegen. De sfeer kon niet opgekrikt worden . De meeste mensen stonden wat lusteloos rond zich heen te kijken, al deed Vito de Luca zijn uiterste best. Zijn set vol zweverige French house, gebracht op een matrix achtige ledwall , maakte een niet al te grote indruk, enkel op nummers als “We can’t fly” en “Superstar” konden we een danspasje bespeuren.  Ook het bekende “Melvin” van Arsenal passeerde de revue. ‘Stilstaan’ en ‘(rond) kijken’ was de danstaal van de toeschouwer …

Black Box Revelation
is deze zomer maar voor een handvol concerten in ons landje door de Amerikaanse tour . Een tweede FeestinhetPark kon niet ontbreken.
Jan en Dries, de coolness zelve, namen een blitzstart met "Do I know you" en "High on a wire" . Een ‘best of’ set was het offensief , waarbij uit alle albums een viertal nummers gekozen werden. Een vroeg rustpunt hadden we met "Never alone/always together" maar voor de rest werd ferm gas gegeven met een jammende Paternoster en de typisch rafelende drums van Van Dijck. Een lauwe respons viel op  - was het publiek murw geslagen door 't Hof?- een afwachtend, soms apathisch publiek zelfs die langs de 'zijlijn' stond toe te kijken ...
We noteerden knappe vertolkingen van "Sealed with thorns" en "Crazy white men"; hier gingen de voorste rijen ‘total loss’ op de rauwe rock 'n blues sound van de Dilbeekse wervelwind. Pas in het slot explodeerden ze met "Gravity Blues" en "Set your head in fire". "My perception" was de ultieme bis – ondanks de nooit aflatende overgave, was de reactie ondermaats … Spijtig …

Groove Armada
van Andy Cato en Tom Findlay,  kwamen tijdens FeestinhetPark een dj-set spelen. Het duo had in een mum van tijd een overvolle tent en zorgde voor een ijzersterke set . Funk, disco en electro waren verweven. Verblindende en hypnotiserende red-light visuals namen de partypeople mee naar 'the next level' en af en toe hoorden we flarden Groove Armada tracks tussen al het dancegeweld. Een aangename verrassende DJ set dus … We hadden het even anders op …  Zo zie je maar …

Van het excentrieke electrocombo Vive La Fête verscheen eerder het jaar een nieuw album, ‘Produit de Belgique’. Ook zij zijn momenteel op vele festivals te zien. Een fijne comeback, gezien het al een tijdje geleden was dat ze hier te zien waren , en ze de buitenlandse optredens wou afwerken . Heel benieuwd waren we dus hoe ze klonken en hoe goed de nieuwe nummers zouden aanslaan.
Op de tonen van “An der schönen blauwen Donau” van Johan Strauss kwamen de in het zwart gehulde heren en dame het podium op . Vanuit een dikke rookwolk verscheen de dynamische frontvrouw Els Pynoo. Onmiddellijk werd “Tokyo” in gezet, een nummer dat niet altijd even toonvast in de oren klonk. Vol overgave bewoog Pynoo zich over het podium en trok ze moeiteloos de aandacht naar zich toe. De schaarse kledij zal daar wel voor iets hebben tussen gezeten. Ook Danny Mommens viel op,  o.m. met “Jesus Christ Superstar”, een cover van de soundtrack uit de gelijknamige filmklassieker.
Het nieuwe materiaal moet nog ietwat gekneed worden . Vive La Fête classics als  “Maquillage” en “Ne touche pas” kregen de sterkste respons. Vive La Fête brengt nu niet meteen de meest complexe en veelzijdige songs, maar de stekelige, hitsende sound en hun  enthousiasme leverden een bruisende set.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/feest-in-het-park-2012/
dankjewel vrienden van Indiestyle voor de hulp)

Organisatie: FihP, Oudenaarde

FeestinhetPark 2012 - vrijdag 24 augustus 2012

 

FeestinhetPark 2012 - vrijdag 24 augustus 2012
FeestinhetPark 2012

Nieuwsgierig waren we op dag 2 naar Dope D.O.D, 4 Nederlanders die al support waren voor Limp Bizkit en Korn. De link met De Jeugd Van Tegenwoordig was snel gelegd, al doet Dope D.O.D het wel met Engelse rhymes. Hun sound, een mix van rap, hip hop en wat dubsteparrangementen, versmolten met de nodige vuilbekkende raps, is het visitekaartje van deze 'tough guys'. Het jonge publiek was te vinden voor de rauwe sound, hoewel wij het nogal eenduidig en monotoon vonden.

In de Charlatantent kon Feadz op een bomvolle tent rekenen … nu, dat kon aan hem liggen ofwel aan de kletterende regenbui die voorbijtrok? De Franse electro wizzard die bij het hippe Ed Banger label zit, speelde een overtuigende set. Onder futuristische visuals creëerde hij een sterke présence; Wat een uitgelaten sfeertje. Hij mixte een dansbaar setje ineen waarin hiphop en electro hand in hand gingen. Hij is één van de ‘rising stars’, heeft een samenwerking met o.a. Mr Oizo en is het muzikale brein achter Uffie .

Zijn landgenoot Kavinsky was er even later te zien. Momenteel is hij erg gekend met de "Nightcall" - soundtrack van ‘Drive’. Eerder het jaar stuurde hij z'n kat naar Karma Hotel maar de goede critics leerden uit te kijken naar z'n performance.
Invloeden van de Parijse housescène integreerde hij en we kregen verder een catchy setje; oude classics en nieuw werk werden perfect gemixt.
Tot ver buiten de tent liet hij iedereen genieten waarin z'n skills en trics veel lof oogstten.
Eén van de absolute hoogtepunten dit weekend!

Met Arsenal stond een groep, die in het verleden al verschillende keren de affiche kleurde. Dat ze erg geliefd zijn kon je meteen merken aan een goedgevulde Grand Mix. Openen deden ze sterk met “High Venus” gevolgd door het mooie “Estupendo”.  Op die manier was de miezerige regen vergeten. Met nummers als “Longee” en ‘”Saudade” gingen ze op dit elan verder. Geen enkele andere band die er in slaagt zo een zomers gevoel bij de mensen te brengen. De temperatuur in de tent steeg, zo hard zelfs dat een vurige fan haar slipje op het podium smeet, wat als een trofee aan de microstatief van frontman John Roan werd gehangen. Halverwege hun optreden werden ze bijgestaan door Baloji (ex Starflam) die meezong op “Personne ne bouge”. Zangeres Leonie Gysel maakte ‘opnieuw’ indruk met haar sterke vocals, en haar zwoel blik en sensuele bewegingen waren aangenaam om naar te kijken. John op zijn buurt was de ‘spring-in-tveld die de vaart er in hield, en de groep voortstuwde. Voor ons is het duidelijk dat Arsenal er nog steeds in slaagt prachtige nummers te maken, waar je een heerlijk zomers gevoel van krijgt.

De vorig jaar overstroomde Kaffee Hyppo werd dit jaar gerestyled; een kunststukje van een soort doorkijktent, oplichtende plastieken luidsprekers en een leger moving. Na het gesmaakte optreden van vorig jaar, waren de Dilly Boys er terug. Dik 2 uur lang deden ze hun eigen ding en ze onderscheiden zich moeiteloos van de andere dj’s hier. Ook zij konden op een grote fanbase uit de streek rekenen en brachten iedereen in de juiste mood. De typische Britpopsound met uitstapjes naar soul, rock en r&b is hun handelsmerk. Check eens hun eigen 'Date with the night' feestjes in het Gentse waar live optredens met afterparty’s zijn gecombineerd.

Hun vrienden Hindu radio dj's trokken de door hen opgebouwde vibe door, niet makkelijk gezien op dat moment ook een Arsenal , Kavinsky en Kelis te zien waren. De eclectische sound ging nog een stapje verder dan de Dilly Boys . Een beetje minder volk hier door de concurrentie, maar er is een publiek te vinden voor dit genre.
Het rondreizende rock 'n roll circus is inmiddels een begrip in het underground milieu; dat de organisatie dit soort acts een plaatsje gunde  in de indrukwekkende line-up, is uitermate sympathiek!

Vlak vóór de heren van De Jeugd Van Tegenwoordig de avond in de Grand Mix afsloten, hadden we nog één van de headliners Kelis. De Amerikaanse Diva slaagde er in om 20 min te laat te komen, en na haar aankondiging liet ze het volk nog ruim 3 min wachten. De resterende 35 min die ze voor de boeg had, werden pijnlijke minuten waar ze in de verste verte niet meer het niveau haalde dat we van haar gewoon zijn.  Ze kon soms niet meer dan 4 zinnen toonvast zingen. ‘Proberen’ deed ze wel, ze stond te swingen en drumde eens mee met haar 2 vrouwelijke percussionisten. Enkel tijdens de hitronde van “Bounce”,’ “Acapella” en “Milkschake” keerde het tij, en viel er wat sfeer in de tent te noteren. Kortom, Kelis was maar een ‘mager beestje’, een trieste soms beschamende vertoning. Wat door iedereen kon beaamd worden …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/feest-in-het-park-2012/

Organisatie: FihP, Oudenaarde

 

FeestinhetPark 2012 - donderdag 23 augustus 2012

Geschreven door

 

FeestinhetPark 2012 - donderdag 23 augustus 2012
FeestinhetPark 2012

Vier dagen Feest in Oudenaarde … wat begon als een ééndagsfestival in het stadspark is nu uitgegroeid tot een gezellig 4-daags festival aan de Donkvijvers. Het festival dringt zich op en eigent zich een uniek plaatsje op na de Lokerse Feesten, Festival Dranouter en staat opnieuw na Pukkelpop geprogrammeerd .
De organisatie kon terugblikken op een gevarieerde, kleurrijke affiche, een muzikale smeltkroes; de samenwerking was er (opnieuw) met de Gentse scène en de Charlatan; en naast de (Elektropedia) Redbull stage was er ook het eigen café Kaffee Hyppo, stageplaatsen voor DJ talent (van eigen bodem) …
De organisatie trekt vooral de kaart van sfeer en gezellig samenzijn: een prachtig sfeerrijk decor (de opmerkzame indeling van de tenten op het terrein, de knap aangeklede podia, de ruimte, de wirwar aan lichtjes, een reuzenrad, …), de partysfeer, de ontspannen vibe, de publieksvriendelijkheid en een fantastisch publiek … Het is heerlijk vertoeven op FihP! De 17e editie werd een groot succes met opnieuw ruim 40000 bezoekers.

dag 1 – donderdag 23 augustus 2012

Customs gaf het startschot. Het kwieke combo, strak in het pak, had er wel zin in en trok direct fel van leer. Met "Toupee" en "Velvet love" maakten ze het jonge publiekje nieuwsgierig. Ze deden hun uiterste best en de livestatus van het Leuvense viertal won. Een overtuigende set met in de slotfase kleppers als "Justine", "Rex" en "Harlequins of love". Frontman Kristof Uittebroek zal de komende maanden met zijn nieuw project August Albert op pad gaan, eerste single "Such a fool" wordt gelanceerd in september.

Het feestgezelschap The Slackers openden in de Charlatan tent. Met hun aanstekelijke mix van ska, dub, soul, jazz en reggae brachten ze de vroege vogels - onder een stralend zonnetje- aan het shaken. Het zestal gaf zich zoals altijd volledig en in ‘no time’ waanden we ons op een Jamaicaans of Braziliaans strand. Een beetje jammer dat ze zo vroeg geprogrammeerd stonden; gerust mogen ze een volgende keer hoger op de affiche. De up tempotunes sloegen in als een bom; deze live sensatie toverde een glimlach op ieders gezicht!
Het zestal, al ruim 100 optredens per jaar, genoot er duidelijk van!

Ze is/wordt een grote madam, onze Gentse New Yorkse Trixie Whitley, vroeger nog solo, nu op tour met 3 muzikanten. De dochter van Chris Whitley, 25 intussen,  is geëvolueerd tot een volwaardige artieste met een DIY attitude. De spontane lady met de klok heldere, indringende stem stelde haar (nieuwe) werk voor van "I'd rather go blind", "Thousand thieves" en "Pieces", die een sterke respons verkregen van een bijna volle Grand mix tent. Haar soulvolle vocalen imponeerden, ze etaleerde haar klasse achter de pianovleugel en toonde even later haar gitaarkunsten; kortom, een présence om U tegen te zeggen. Trixie deed het op haar eigen ‘naturelle’ manier, vertederend en extravert.
Het debuut verschijnt binnenkort en zal gensters slaan; de kwalitatieve liveset kan dit enkel maar bevestigen …

DJVC , aka JasperVan Cauwenberghe, kon in de knapste setting van de site, de Kaffee Hyppo stage,  zijn ding doen. Een thuismatch voor het 21 jarige dubsteptalent uit Oudenaarde, die voor dit event door een eersteklas opzwepende MC-er  werd bijgestaan ... Een ruime schare (lokale) aanhangers gingen volledig in die energieke dubstep op, die Jasper door de boxen knalde. Deze jonge gast zit niet stil, hij knutselt zelf tracks ineen en heeft al enkele goed onthaalde EP’s uitgebracht. Deze dj/producer heeft een volle agenda, draait op steeds groter wordende feestjes en heeft dus duidelijk heel wat in zijn mars. Beloftevol!

Ook de inrichting van de Elektropedia Red Bull stage was de moeite … One87 & MC Mush openden hier ‘het bal populaire’ …Pompende drum 'n’bass is hun handelsmerk, die ze verweven met flarden jungle, dub en hiphop. Het jonge volkje genoot er ten volle van, en ondanks de concurrentie van de 3 andere podia, konden ze rekenen op heel wat belangstelling! One87, bezieler van Fried Chicken records + één van de drijvende krachten achter 'Star Warz', en MC Mush waren de ideale geleider voor Fred V & Grafix

De Kortrijkzanen van Goose tekenden vorige week al voor één van de meeste bewierookte sets op Pukkelpop. Benieuwd waren we of ze hier hetzelfde kunstje konden herhalen...
Dezelfde furieuze start herkenden we met een dreigend "Can't stop me know" en een catchy "British mode", ondersteund van een spraakmakende lichtshow, die een absolute meerwaarde is voor hun spetterende en stomende liveset. Hun mix van elektronica en gitaren bekoort een ruim dans- en rockend publiek. Het nieuwe "Real" - van de binnenkort te verschijnen nieuwe plaat - sloeg in met typische eighties synths; nog twee nieuwe tracks volgden.
De majestueuze "Black gloves", "Everybody" en "Bring it on" pompten en veranderen de tent in een uitgelaten, kolkende dansmassa.
De apotheose kwam er met het zwevende, spacey "Synrise" en een lang uitgesponnen groovy " Words" , die door de rits strobo's , de ultieme bommetjes werden.
Goose acteert op erg hoog niveau en we zijn uiterst nieuwsgierig naar die derde plaat …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/feest-in-het-park-2012/

Organisatie: FihP, Oudenaarde

 

FeestinhetPark 2012 – zondag 26 augustus 2012

Geschreven door

 

FeestinhetPark 2012 – zondag 26 augustus 2012
FeestinhetPark 2012

Iets later dan gepland verscheen er een donkere man op het podium van de Charlatan tent, gehuld in strak wit pak. De man laat zich de ‘King of da Dance Hall’ noemen … We hebben het over de spraakmakende Beenie Man. Een Jamaicaan op het FihP podium staat garant voor een dik feestje. Openen deed hij met “Toyfriend” en een uur lang raggae/dancehall ‘Beenie’ volgde. Dat hij er heel veel zin in had, kon je duidelijk zien door de interacties en de brede glimlach op z’n gezicht. Heel opmerkelijk was zijn cover “I gotta feeling”  van de Black Eyed Peas, iets wat misschien niet in het rijtje thuis hoort , maar wel de ganse tent deed ontploffen.
De man werd een aantal jaar terug nog door verschillende organisaties van hun affiche geschrapt door opvallende homofobe uitspraken. De man herpakte zich en bood openlijk zijn excuses aan. Op FeestinhetPark ontpopte hij zich als een erg amicale gast , die zijn publiek een leuk muziek dagje wenste te bezorgen .

Absynthe Minded is uitgegroeid tot één van de populairste Belgische bands en daar zijn nummers als “My heroics, part one”; “Envoi” en “Moodswing baby” voor verantwoordelijk. Bert Ostyn en C° putten eerst uit hun nieuwe album 'As It Ever Was'. De invloeden van blues, rock en jazz boden een bijzondere rustieke sfeer waarbij het publiek zachtjes mee wiegde op de tonen van een hemels vioolspel. Hun laatste  single "Space", die een direct herkenbare pianomelodie heeft , werd enthousiast onthaald. En natuurlijk zijn de hits niet vergeten, “My Heroics, Part One “ en “Plane Song” vulden aan, en het publiek genoot en knikte goedkeurend met het hoofd. Een gretig Absynthe Minded speelde vanavond en een tevreden publiek onthaalde hen sterk.

Merdan Taplak is een 28-jarige dj/producer uit Antwerpen met Turkse roots. Op de Charlatan stage mag hij het festival in schoonheid afsluiten. Hij wordt bijgestaan door koperblazers en accordeon; typische Balkan beats worden losgelaten op een dolenthousiast publiek. Als een echte volksmenner laat hij de mensen volledig uit hun dak gaan, kortom hij bewijst een steengoede dj en entertainer te zijn, een vakman die weet een feestje (op) te bouwen.

Vier intense FihP dagen werden net als de flikkerlichtjes op schitterende wijze gedoofd … Tot volgend jaar op 22, 23, 24 & 25 augustus in Oudenaarde.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/feest-in-het-park-2012/

Organisatie: FihP, Oudenaarde

 

Houza Palooza Festival 2012 - Alles in zich voor een groots dansevent

Geschreven door

Houza Palooza Festival 2012 - Alles in zich voor een groots dansevent
Houza Palooza Festival 2012
Festival Area Bree
2012-08-24 & 2012-08-25
Bree

Houza Palooza – dag 1 – vrijdag 24 augustus 2012

Het ene festival is nog maar net gedaan, of het volgende kondigt zich weer aan. Houza  Palooza is toe aan zijn vijfde editie en om die speciale gelegenheid te vieren, besloot de  organisatie er een extra dagje aan vast te breien. Ons niet gelaten, kom maar op met de beats en het gedreun. We can take it!

Eerste stop is Cookie monster. Ondanks een enorme groei aan populariteit, blijft dubstep  voor mij een zeer vreemd fenomeen. Ik haat het om in clichés te hervallen, maar wie  dubstep zegt denkt automatisch rugzakken en de alom bekende rugzakmove. Ik zet me over  mijn eerste indrukken en tracht te begrijpen waar het allemaal om draait.
De set van Cookie monster kwam vooral over als een geforceerd popconcert met als enig  
hoogtepunt “Million Voices” van Otto Knows. Hoewel het publiek volledig uit zijn bol ging, is het design van het podium hetgeen mij het meest is bijgebleven.

Het is al even droog op Houza Palooza en in de Desperado tent wacht Dominik Eulberg het  publiek op. Deze Duitse dj, die tevens ook boswachter is, brengt geraffineerde tunes en  weet zo zijn liefde voor de natuur perfect te combineren met muziek. Heel even vergeet ik  waar ik ben en laat me volledig meesleuren in zijn wereld. Een wereld vol kleur,  animal sounds, heerlijke beats en orgastische tunes. Dominik Eulberg, ik ben fan.

Grote namen scheppen hoge verwachtingen. Zo dus ook voor Etienne de Crécy. Als Houza Palooza een koninkrijk is, dan is Etienne de Crécy daar heer en meester. Zonder waarschuwing wordt het publiek meegesleurd in een wereld die enkel hij begrijpt. Eerst  neemt hij je bij de hand, om je vervolgens alle hoeken van de kamer te laten zien. Heel zijn   set is één grote rollercoaster waar hopelijk nooit een eind komt. Etienne nam me mee naar de meest duistere plekken en plaatste me dan vliegensvlug terug in prachtig verlichte zaal. Op geen enkel andere manier valt dit dan ook te beschrijven, pure proza.

Op deze laatste noot verlaat ik de weide. Houza Palooza 2012 is tot nu toe alvast een geslaagde editie

Houza Palooza – dag 2 – zaterdag 25 augustus 2012

Zaterdag heeft de belofte een schitterende dag te worden. Ik maak snel mijn line-up en haast me naar de weide.
Op naar de Pro Tech tent voor Stimming: What a vibe! Heerlijke eclectische minimal beats die een half gevulde tent konden bekoren aan het begin van een heerlijk festival… Mooie opbouw met hoogtepunten waarop het publiek reageerde met spontaan geroep en  applaus. Een dikke plus voor deze artiest. Iedereen was volledig in de ‘Stimming’!

Met enige tegenzin trek ik naar de Desperados tent voor Gunther D. Maar wow, hoe goed kan fout zijn! Op infantiele, maar ludieke wijze het publiek bespelen met een mashed up mix van iconen en botsautotunes. Het publiek kon het wel smaken.

De Stealth Bombers-tent was al aardig vol gelopen toen het Britse hiphop/grime/dubstep-collectief met een vertraging van 20 minuten aan haar set begon. Het drietal, dat de laatste jaren veel bekendheid verwierf door collabs met gerenommeerde dubstep- en drum ‘n’ bassproducers zoals Skrillex, Flux Pavillon, Knife Party en Noisia, begon eraan met een kwartier oldschool hiphopbeats die door het jonge volkje alvast warm onthaald werden.  Maar toen de zware dubstepbommen gedropt werden brak de hel pas goed los. En of het een feestje was: tot in de backstage werd er meegebounced op tracks als “Still Getting It” (ft. Skrillex) en “Lines in Wax” (ft. Flux Pavillon). Terwijl DJ Nonames vakkundig een verschroeiend napalmtapijt van bass en beats aan elkaar breide, spitten MC’s Orifice Vulgatron en Metropolis de lyrics machinegun-style. Orifice had in de backstage zelfs enkele woordjes Nederlands geleerd, of toch eentje: HOERENZONEN!!!

Foreign Beggars
raasden door hun set als een sneltrein zonder haltes en als uitsmijter werd de tent nog even platgebrand met “Contact”, de knaller die het gezelschap opnam met Noisia….In augustus 2013 toch maar even halt houden in Kiewit!
Chokri?

Organisatie: Houza Palooza Festival

Pukkelpop 2012 thru the eyes & ears of Geert Huys

Geschreven door

Pukkelpop 2012 thru the eyes & ears of Geert Huys
Pukkelpop 2012
Geert Huys

“Damn it’s hot up here!”, “Is het daar ook zo warm?”, “Where we come from, we’re not used to this heat”... de stuk of 200 bands en artiesten die afgelopen weekend de Pukkelpop affiche kleurden blonken niet meteen uit in originele bindteksten, maar des te meer in respect en enthousiasme om deze hoogmis van de ‘alternatieve’ muziek na het rampjaar 2011 opnieuw op de kaart te zetten. Hieronder een hoogst persoonlijke impressie van drie dagen muzikaal vertier gedrenkt in stof, zweet en special beers.

DAG 1, donderdag 16 augustus

In een bloedhete en aardig volgelopen Castello viel het Engelse viertal ALT-J (***) een wel bijzonder warme ontvangst te beurt. Hun studentikoze mix van folk en lichtvoetige dubstep-pop maakt van het debuut ‘An Awesome Wave’ één van de opmerkelijkste platen van afgelopen voorjaar. Live klinken deze arty kids als een uitgeklede versie van Mumford & Sons waarin kale folk en knisperende beats in de mix gaan. Iets in ons zegt dat de Castello bij hun volgende doortocht op Pukkelpop een paar maatjes te klein zal zijn.
Hoogtepunten: “Tessellate”; “Dissolve Me”

Weinig volk vervolgens in de Wablief?! tent voor de doortocht van MAD ABOUT MOUNTAINS (***). Deze band is het nieuwe speeltje van Piet De Pessemier, die we horen te kennen als voormalige sidekick van Stijn Meuris in Monza maar vooral als frontman van Krakow. Een streepje early Neil Young of een portie Gram Parsons gaan er bij ons altijd wel in, dus konden we de verstilde Americana van dit introverte kwartet wel smaken. De band had wat meer mogen flirten met de 100 dB geluidslimiet, maar al bij al toch een aangenaam zoethoudertje in afwachting van de volgende worp van Krakow.
Hoogtepunt: “The Way It Will Be” (Gillian Welch cover)

Sympathieke kerels zijn het, THE HORRORS (****), om net als Foo Fighters hun afgelaste optreden van 2011 een jaartje later te komen goedmaken . Echter, eens de vijf Londenaren het podium van de Marquee betraden overheersten dramatiek en Weltschmerz. De tristesse was af te lezen van het gezicht van oppervleermuis Faris Badwan die met een lege blik het publiek bestudeert. De groep forceerde vorig jaar een kleine doorbraak met hun derde album ‘Skying’, maar concentreerde zich op Pukkelpop toch maar wijselijk op hun voorlopig opus magnum ‘Primary Colours’. Heerlijk toch, van die groepen die een zonnige festivaldag vakkundig komen verpesten met hun zwartgallige deuntjes.
Hoogtepunten: “Mirror’s Image”; “I Can See Through You”; “Still Life”; “Sea Within A Sea”

Samen met M.I.A. dingt Santi White aka SANTIGOLD (**) al een paar jaar naar de titel van alternative queen of pop. Op de Main Stage stond inderdaad een goed geoliede op-en-top Amerikaanse act: verkleedpartijen allerhande, overbodige danseressen die nieuwe standjes uitprobeerden met paraplu’s en koffers, en een collectief orgasme voor een selecte schare fans die eventjes de bühne op mocht. Helaas haalden de doelloos afgevuurde beats en diepe bassen het van de fraaie popnummers die deze Amerikaanse griet ondertussen op haar kerfstok heeft. Tussenstand M.I.A. - Santigold: 1-0
Hoogtepunt
: “Disparate Youth”

Met een opwindende mix van vrolijk knetterende beats en verdraaide indiegitaren deden de vier kerels van het Schots-Engels-Ierse gezelschap DJANGO DJANGO (***) probleemloos de Club uitpuilen. Hun set leek eigenlijk wel één lange aanloop naar de onwaarschijnlijke voorjaarshit “Default” die de veerkracht van de plankenvloer in de tent voor een eerste maal op de proef stelde. Wie hun debuutalbum in huis heeft weet dat de heren bij momenten nog wat te arty farty klinken, maar live wist de groep daar probleemloos bovenuit te stijgen door de speelse percussie en de sterke vocal harmonies. Pukkelpop was het eerste Belgische festival waar Django Django mocht aantreden, maar naar verluid steekt er al een nieuw contractje in de achterzak van Herman Schueremans.
Hoogtepunten
: “Waveforms”; “Default”

Het leven kan verkeren: een goed half jaar terug werd BLOC PARTY (****) nog klinisch dood verklaard, maar in Kiewit herrezen Kele Okereke & co wonderbaarlijk als één van de headliners op de Main Stage. Bovendien komt er weldra, na vier jaar relatieve radiostilte, nog eens een nieuw studioalbum van de groep uit. De lange sabbatical lijkt de band deugd te hebben gedaan: Kele oogt scherp en bedelt uitdrukkelijk om publieksaandacht, terwijl de rest van zijn maats er als vanouds een hels tempo op na houden. Het viertal lijkt zijn reputatie als strakke rockband terug te willen opeisen, en heeft daartoe de goedkope beats uit het verleden grotendeels overboord gegooid. Bloc Party is back in town, maar voor hoelang durft deze keer niemand te voorspellen.
Hoogtepunten: “So Here We Are”; “Team A”; “Helicopter”

De prijs voor ‘Het Snoepje van de Eerste Pukkelpop Dag’ ging met stip naar LIANNE LA HAVAS (***). Haar folky soulpop met echo’s van Corinne Bailey Rae en Norah Jones ging er zo net voor zonsondergang bijzonder vlotjes in. La Havas heeft de looks, de stem en kan bovendien een aardig stukje gitaar spelen. Met zo’n CV zou ze als totaal overgekwalificeerd uit elke talentenjacht worden geweerd, de Club tent sloot deze BBC’s Sound of 2012 genomineerde daarentegen maar al te graag in de armen.
Hoogtepunten: “Is Your Love Big Enough?”; “Forget”; “No Room For Doubt”

Vooraf werd BJÖRK (***) als een eerder gewaagde headliner op de Main Stage aanzien, en de IJslandse bosfee had een voortreffelijke show in petto om die verwachtingen moeiteloos in te lossen. Vergezeld van een ruim 10-koppig engelenkoor, dat naast louter vocale ook flink wat choreografische hoogstandjes had ingestudeerd, loodste de inmiddels 46 lentes tellende zangeres het publiek door haar unieke droomwereld. De ene keer bezwerend en etherisch begeleid door indrukwekkende visuals met Moeder Natuur in de hoofdrol, de andere keer eigenzinnig en strijdvaardig waar stuiterende beats en tribal techno over de hoofden van heel wat verbaasde festivalgangers heen vlogen. Hadden we medelijden met al wie te vroeg op post was voor de doortocht van Netsky? Bijlange niet!
Hoogtepunten: “Hunter”; “Jóga”; “Declare Independence”

Van meet af aan bleek de meerstemmige huiskamerpop van FEIST (**) in de Marquee een geval van ongelukkige casting. We zien de samenstellers van het Cactusfestival of Festival Dranouter gewillig een ledemaat naar keuze afstaan om deze Canadese op hun affiche te krijgen, maar voor het Pukkelpop publiek werkte de Feist formule gewoonweg niet. Ja, zelfs niet toen het origineel van “The Limit To Your Love” voorbij kabbelde. Niet getreurd, Chokri, zet hier volgend jaar gewoon Broken Social Scene waarmee Feist in 2002 de indiemijlpaal ‘You Forgot It In People” opnam, en we verscheuren al die dreigbrieven.
Hoogtepunt: “How Come You Never Go There”

Toegegeven, de fut was er bij ons al een beetje uit even voorbij één uur ’s nachts, maar voor de MARK LANEGAN BAND (****) is dit wel hét tijdstip bij uitstek om hun gitzwarte blues te orakelen. Vergezeld van enkel maar Belgische muzikanten, met snarengeselaar Steven Janssens (o.a. Daan) en Creature With The Atom Brain opperhoofd Aldo Struyf in een gedeelde hoofdrol, serveerde Lanegan één uur lang niets dan hoogtepunten uit zijn jongste opus magnum ‘Blues Funeral’ afgewisseld met een aantal pareltjes uit diens voorganger ‘Bubblegum’. Vastgeroest aan zijn microfoon standaard wisselde de ranke Amerikaan naar goede gewoonte nauwelijks een woord met het publiek, tot op het moment wanneer hij zijn goede vriend en Afghan Whigs frontman Greg Dulli op het podium mocht begroeten voor het magistrale slotakkoord “Methamphetamine Blues”. Geen enkele witch doctor bedenkt een betere therapie tegen de pijn van het zijn.
Hoogtepunten: “Grey Goes Black”; “Hit The City”; “Wedding Dress”; “The Gravedigger’s Song”; “Methamphetamine Blues”

DAG 2, vrijdag 17 augustus
Wie de drie gitaren op het podium van de Marquee zag blinken van ongeduld kon al een beetje vermoeden dat de doortocht van het uit Atlanta overgevlogen gezelschap O’BROTHER (***) geen gezellig ochtendwandelingetje zou worden. Muzikaal begeven deze heren zich in watertjes die al eerder zijn doorzwommen door o.a. Deftones, Mogwai, Radiohead en Sigur Rós. De combinatie van een imposante wall of sound en de emo-uithalen van frontman Tanner Merritt was nu niet meteen een licht verteerbaar ontbijt te noemen, maar klaarwakker werden we er in ieder geval wel van.
Hoogtepunten: “Sputnik”; “Machines Part II”

“Pukkelpop, dan is het nu tijd voor een muzikale uppercut; geniet van jullie bloedneus, hier zijn BLOOD RED SHOES (***). Alle heruitzendingen van Comedy Casino despijt, de one-liner humor van Luc Janssen is en blijft een gegronde reden om jaarlijks naar de Main Stage van Pukkelpop af te zakken. Voor zover we konden zien kreeg het Engelse noisepop duo overigens geen bloedneuzen maar wel een paar bloedrode schoentjes te zien die een die-hard fan tot bij de camera kreeg. Net als bij pakweg de Ramones zaliger neemt de verwondering bij elke doortocht van Blood Red Shoes op Pukkelpop telkens weer een beetje af. Maar ach, wat zou het. De strakke formule met die punky gitaar en heerlijk stampende drums als ingrediënten is inmiddels gekend, maar na vier edities in Kiewit nog bijlange niet uitgewerkt.
Hoogtepunten: “Don’t Ask”; “I Wish I Was Someone Better”

Razorlight zonder imagoprobleem? The Kooks met ballen? Howler met songs? Er zijn duidelijk meerdere complimentjes te maken aan het adres van OBERHOFER (****). In de Marquee wist deze Amerikaanse band rond de jonge lo-fi held Brad Oberhofer ons te imponeren met een trits catchy, intense maar nooit kleffe indiepop songs. Oberhofer is in eigen land waarschijnlijk net oud genoeg om zelf een pint te bestellen, maar op Pukkelpop gaven hij en zijn kornuiten blijk van gedegen stielkennis. En ja, elke frontman die roekeloos het publiek in duikt en al gitaar spelend de contouren van de tent gaat verkennen kan uiteraard op onze onvoorwaardelijke sympathie rekenen.
Hoogtepunten: “Landline”; “Haus”

Een zanger in zwart maatpak en dito deukhoed op de Main Stage? Dat moet Paul Smith van MAXÏMO PARK (***) zijn, de postpunk band uit Newcastle die in ’05 fenomaal debuteerde met ‘A Certain Trigger’ maar sindsdien hardnekkig op zoek is naar een bestaansreden. Nieuwe songs als “The Undercurrents” zijn verdienstelijk, maar missen ontegensprekelijk de spanning en dynamiek van de beginjaren. Maxïmo Park’s live reputatie is daarentegen in al die jaren alleen maar indrukwekkender geworden. Als gitaarloze frontman had Smith de handen vrij om alle uithoeken van het podium te verkennen, wat bij de heersende temperaturen toch een pak zweet moet hebben opgeleverd in dat maatpak.
Hoogtepunten: “Going Missing”; “Our Velocity”; “Apply Some Pressure”

In de reeks ‘Artists to Watch in 2012’ kregen we in de Club de naar Londen uitgeweken Nieuw-Zeelander WILLY MOON (***) voorgeschoteld, een hyperkinetische kid in strak maatpak die rauwe 50ies rock’n’roll een moderne twist geeft door er moddervette hiphop beats doorheen te halen. Moon klinkt als de ADHD versie van Screamin’ Jay Hawkins, wiens “I Put A Spell On You” in een korte maar krachtige versie trouwens ook op de setlist stond. Eens over de eerste cultuurschok heen kreeg Willy Moon het publiek mooi op zijn hand, het was dan ook niet minder dan doodjammer dat hij en zijn kornuiten er reeds een kwartier voor tijd de brui aan gaven. An artist to watch, yes indeed!
Hoogtepunten: “Sound Of The Radio”; “Yeah Yeah”; “My Girl”

Het Belgisch-Nederlandse heavy bluesrock combo DRIVE LIKE MARIA (****) joeg de temperatuur in de Wablief?! tent vervolgens pijlsnel de hoogte in met een set die zowaar nog intenser, smeriger en strakker klonk dan wat Triggerfinger ons tegenwoordig voorschotelt. Eindelijk ook nog eens een rockband met een prima vrouwelijke gitariste, Nitzan Hoffmann, in de rangen; en het kon niet op, want tijdens de nieuwe single “Howl” verscheen in de persoon van Lara Chedraoui (Intergalactic Lovers) nog meer vrouwelijk schoon op de planken. Drive Like Maria kon afgelopen jaren reeds voorprogramma’s versieren van ZZ Top en AC/DC, maar het lijkt ons enkel een kwestie van geduldig afwachten vooraleer deze indrukwekkende live groep op eigen kracht potten gaat breken.
Hoogtepunten: “Black Horses”; “So”

Door de ogen van Jesse Hughes, de enigmatische frontman van EAGLES OF DEATH METAL (***), is het leven niets meer dan één eindeloos durend rock’n’roll feestje. Conceptalbums, gitaaracrobatiek of wereldverbeterende bindteksten zijn dus niet besteed aan deze Amerikaanse partyband die op de Main Stage alle rock’n’roll clichés op een hoopje gooide en er nog mooi mee weg kwam ook. Dat de songs over zulke diverse onderwerpen handelen als girls, sweethearts, women, ladies, birds, chicks en babes is ons onder de loden zon van Kiewit niet eens opgevallen.
Hoogtepunten: “Cherry Cola”; “Heart On”

Het Engelse powertrio BAND OF SKULLS (**) kwam speciaal uit de States overgevlogen om de temperatuur in de Marquee nog een paar graden te laten stijgen, maar hadden zich achteraf gezien die moeite beter kunnen besparen. Het gezelschap uit Southhampton beschikt zonder twijfel over de juiste looks en killer riffs om hun retro-act geloofwaardig te doen overkomen, alleen ontbraken de songs om de vlam echt in de pan te doen slaan. Meer dan eens leken hun nummers ergens halverwege te stagneren om uiteindelijk te verzanden in een soort zielloze bluesrock waar we het noch warm noch koud van kregen. Graag dus even terug naar dat repetitiekot vooraleer Chokri nog eens een uitnodiging stuurt.
Hoogtepunt: “Death By Diamonds And Pearls”

Op de tonen van John Sebastian’s “Welcome Back” sjoffelden de heren van GRANDADDY (*****) sinds veel te lang nog eens een Belgisch podium op voor wat één van de meest memorabele optredens van Pukkelpop 2012 zou worden. Opener “El Caminos In The West” zette meteen de toon voor een beknopte ‘Best of’ set die de massaal toegestroomde dertigers en veertigers in de Marquee op hun wenken bediende. Het ontwapenende speelplezier van de Californiërs en de enthousiaste herkenningskreten bij het publiek zorgden voor een magisch sfeertje dat ook de doorgaans eerder zwijgzame frontman Jason Lytle niet onbewogen liet. De baardemans met de onafscheidelijke baseball pet liet zich op het einde zelfs verleiden tot één van de meest oprechte quotes van de festival driedaagse: “Getting together again after all those years first seemed a horrible idea.
Thank you for proving us wrong!”.
Hoogtepunten: “The Crystal Lake”; “Hewlett’s Daughter”; “AM 180”; “Summer Here Kids”; “He’s Simple, He’s Dumb, He’s The Pilot”

Bericht aan de naarstige timmermannen die zich ontfermen over de plankenvloer van de Marquee tent: na de orkaan genaamd GOOSE (****) is er weer abnormaal veel werk aan de winkel. De Kortrijkzanen lagen dan ook aan de basis van een merkwaardige volksverhuizing: in no time werd de Marquee, doorgaans het uitverkoren terrein voor liefhebbers van het betere gitaarwerk, overspoeld door het vaste publiek van de Dance Hall. Het kostte frontman Mickael Karkousse dan ook geen enkele moeite om het jonge volkje te laten opgaan in de kolkende spiraal van electrohouse en big beats, en even dachten we - met onze excuses voor de ongepaste beeldspraak - dat het dak van een uitpuilende Marquee er af ging. Voor Goose is er maar één horde meer te nemen op Pukkelpop, dat is Luc Janssen van zijn sokken blazen op de Main Stage.
Hoogtepunten: “British Mode”; “Synrise”; “Bring It On”; “Words”; “Everybody”

Zou de groep zonder schermutselingen het einde van de set halen? Welke projectielen zou de immer zelfvoldane Ian Brown naar zijn monkey face geslingerd krijgen? We hadden genoeg pertinente vragen klaar net voor de aftrap van THE STONE ROSES (***) op de Main Stage, maar warempel, geen enkele leverde een leuke anekdote op. Tijdens de Reunion Tour van de herenigde Madchester helden wordt hun even legendarisch als invloedrijk titelloos debuut uit ’89 bijna integraal opgediend, en de heren lijken er nog plezier aan te beleven ook. Minstens even opvallend is de muzikale klasse die John Squire, Mani en Reni uitstralen, al lieten ze het gesoleer bij momenten wel heel breed hangen tijdens ellenlange versies van “Fools Gold” en “Waterfall”. Ook de uiterst goedgeluimde Brown probeerde zijn deel van de aandacht op te eisen door prullaria in het publiek te gooien of voor de camera te stoeien met Kung-fu speeltjes. De Roses stonden er dus, oerdegelijk, zelden indrukwekkend, maar hun bladzijde in de popencyclopedie meer dan waardig.
Hoogtepunten: “I Wanna Be Adored”; “Sally Cinnamon”; “I Am The Resurrection”

Hoe hard Greg Dulli ook zijn best deed om zich van een tweede muzikaal leven te verzekeren met The Twilight Singers of met vriend-voor-het-leven Mark Lanegan als The Gutter Twins, nooit haalde hij dezelfde impact als met THE AFGHAN WHIGS (*****). De triomftocht van de herenigde Whigs in het Koninklijk Circus lijkt de geschiedenis in te gaan als één van de beste Belgische zaaloptredens van 2012, en in de Marquee deed de groep diezelfde tour de force doodgewoon nog eens over. Van de onheilspellende intro van “Crime Scene, Part One” tot de laatste noten van de bezwerende mantra “Into The Floor”, het zeskoppige gezelschap greep ons anderhalf uur bij het nekvel als een bloeddorstige teek. Dulli heeft de nicotine en de booze zo goed als opgegeven waardoor hij nu op alle fronten, van rock’n’roll animal tot crooner, voluit kan gaan. Ergens lazen we ‘Foo Fighters overklassen alles en iedereen’ als slotsom van Pukkelpop 2012. Sorry Dave, maar Greg & co waren jou een stap voor.
Hoogtepunten: “Gentlemen”; “Debonair”; “Fountain And Fairfax”; “66”; “Miles Iz Ded”

DAG 3, zaterdag 18 augustus
Het Londense vijftal DRY THE RIVER (***) omschrijft haar geluid als ‘folky gospel music played by a post-punk band’, meer woorden hadden wij echt niet nodig om na een stevig ontbijtje dus al meteen de Marquee in te duiken. Klinken deze jongelui op hun onlangs verschenen debuutalbum ‘Shallow Bed’ nog als een gotische versie van Mumford and Sons, dan hadden ze in Kiewit beduidend meer decibels in petto. Hun pastorale folkrock werd op dit vroege uur rauw en onversneden opgediend waarin fijnproevers een geslaagde blend van Fleet Foxes en Mogwai konden ontwaren. Mr. Google leerde ons intussen dat Dry The River genomineerd werd voor The Sound of 2012, een eer die ze duidelijk niet gestolen hebben.
Hoogtepunten: “Lion’s Den”; “Shield Your Eyes”

De zon was al verschrikkelijk vroeg van de partij op de Main Stage, maar echt zomeren deed het pas toen het bevallige nepblondje Ritzy Bryan van THE JOY FORMIDABLE (***) ten tonele verscheen. Een paar jaar terug had Bryan ongetwijfeld nog posters van Lush, Slowdive, Ride en Smashing Pumpkins op haar kamer hangen, nu probeert ze samen met haar maats die invloeden in een modern jasje te steken. Het trio uit Noord-Wales twijfelt nog wat teveel tussen zeemzoet en vitriool om ons echt in te pakken, maar is wel reeds Formidabel als festivalact.
Hoogtepunten: “Cradle”; “Whirring”

We gingen vervolgens wat schaduw opzoeken in de Castello bij alweer een band uit Wales, MAN WITHOUT COUNTRY (***). Hun melancholische synths zijn wat blijven steken in de 90ies toen New Order, Saint Etienne en godbetert zelfs Pet Shop Boys hippe bands waren, maar wie een groepje als Hurts wat te stroperig vindt (geen nood, we zijn met velen) kan zijn/haar tijd beter verliezen aan dit fijne gezelschap. Man Without Country is vooralsnog een grote onbekende op de populaire radiogolven, maar bij intimi als Björk, Archive en Band Of Skulls mogen de heren als wederdienst voor hun fijne remixes voortaan op de sofa blijven pitten.
Hoogtepunten: “Puppets”; “Foe”

In de Shelter stond vervolgens nu eens geen punk, hardcore of emo geprogrammeerd, maar wel vuige garagerock en snoeiharde rockabilly van het Londense vijftal THE JIM JONES REVUE (***). Met een beetje verbeelding kan je deze doorleefde rockers als het Engelse spiegelbeeld van The Jon Spencer Blues Explosion beschouwen, maar dan wel één die het aandurft om naast een koppel moddervette gitaren ook een piano het podium op te zeulen. We durven wedden dat Jerry Lee Lewis, Little Richard en Nick Cave goedkeurend knikken wanneer de theatrale frontman Jim Jones als een bezetene over het podium raast. Voor de twijfelaars, haal hun recentste plaat ‘Burning Your House Down’ in huis en geniet van een onvervalst rock’n’roll delirium.
Hoogtepunten: “Dishonest John”; “Shoot First”

In de Club botsten we op DAUGHTER (***), op het eerste zicht de zoveelste act in de reeks meisje-met-gitaar-maar-zonder-lief. Al vlug werd echter duidelijk dat de timide Engelse fee in kwestie, Elena Tonra, geen gratuite riedeltjes maakt à la Amy McDonald. De liedjes van Tonra lijken op het eerste zicht wat futiel, maar het zijn de extra laagjes creepy soundscapes, gitaar echo’s en spaarzame percussie die de voorlopig bescheiden catalogus van Daughter zo bijzonder maken. Hou dit kind ver weg van de manager van The Cranberries en er kunnen nog mooie dingen gebeuren met Daughter.
Hoogtepunten: “Love”; “Youth”

Natuurlijk hadden de 90ies adepten naast Grandaddy en Afghan Whigs maar wat graag Pavement over de vloer gehad in de Marquee, maar met STEPHEN MALKMUS & THE JICKS (***) komt een mens al aardig in de buurt. Malkmus was zoals gewoonlijk zijn nonchalante zelf en liet de spotlights vooral richten op een aantal van zijn Jicks, waaronder drummer Jake Morris die zelfs een nummertje mocht inzingen. Het was best wel een mooie verdienste van Malkmus & co om zonder ook maar één duidelijk aanwijsbaar Pavement moment toch een aantrekkelijke show neer te zetten waarin trouwens een pak nummers uit het jongste album ‘Mirror Traffic’ staken. Een leuker voorprogramma op een festival als dit kon Bob Mould, de volgende in rij op het Marquee podium, zich niet inbeelden.
Hoogtepunten: “Stick Fingers In Love”; “Tune Grief”

Eventjes hadden we gevreesd dat de vederlichte gitaarpop van THE SHINS (***) wat bleekjes zou uitvallen op de Main Stage, maar de Amerikanen hadden voor de gelegenheid toch flink wat decibels bijgestoken met een behoorlijk potige set als resultaat. Op hun bijna-doorbraak plaat ‘Port Of Morrow’ schuwen frontman James Mercer en zijn maats niet langer Het Grote Gebaar en heeft de groep duidelijk aan radiovriendelijkheid gewonnen. De onverbiddelijk brandende middagzon had een groot deel van het publiek echter knockout geslagen, waardoor het verhoopte nationaal zangfeest tijdens “Simple Song” uiteindelijk toch niet door ging.
Hoogtepunten: “Phantom Limb”; “Simple Song”; “The Rifle’s Spiral”; “So Says I”;

De prettig gestoorde nachtegaal met de onafscheidelijke pet PATRICK WATSON (****), die tevens zijn naam ontleent aan de gelijknamige Canadese groep, liet zoals gewoonlijk het publiek met open mond meegenieten van zijn onnavolgbare barokpop die ergens het midden houdt tussen Debussy en Jeff Buckley. Zijn weemoedige falsetstem moest optornen tegen een verzameling instrumenten met een laag rock’n’roll gehalte zoals viool en xylofoon, de songs lijken dan ook eerder te zijn ontstaan in Alice’s Wonderland dan in het weidse Quebec. En opeens was daar het krop-in-de-keel moment van deze dolle driedaagse, toen Watson en zijn makkers dicht tegen elkaar aanschurkten voor een groepsmeditatie. Het begon zachtjes prevelend, ging langzaam over naar fluisterend en eindigde uiteindelijk in één minuut stilte om klokslag 18u10 als eresaluut voor de vijf gevallen muziekmakkers van Pukkelpop 2011. Op de oorverdovende stilte volgde een al even oorverdovend applaus, waarop groep en publiek ietwat stomdronken van emotie hun weg vervolgden.
Hoogtepunten: “Adventures In Your Own Backyard”; “Luscious Life”; “Big Bird In A Small Cage”

Op de Main Stage kwam het Zweedse garagepunk combo THE HIVES (***) andermaal bewijzen dat voorspelbaarheid een onbeschaamde deugd kan zijn. Vijf heren in nagelwitte hemden die zich in het zweet werken met op kop de Jim Carrey van de punkrock Howlin’ Pelle Almqvist, of hoe heerlijk karikaturaal een rockband kan zijn. Of hoe The Hives één van de weinige groepen zijn wiens opruiende en nonsense bindteksten een stuk langer duren dan hun nummers, en elk nieuw album een beetje minder relevant blijkt dan het vorige. Het zal het publiek, ons incluis, allemaal een zorg wezen: The Hives maakten er zoals steeds een compromisloos feestje van en hebben inmiddels voldoende garagerock standards op hun erelijst prijken om Jan Becaus én André Vermeulen terzelfdertijd hun cool te laten verliezen.
Hoogtepunten: “No Pun Intended”; “Hate To Say I Told You So”; “Tick Tick Boom”

Onze eerste kennismaking met THE ANTLERS (***) was toen we het album ‘Hospice’ in handen kregen, een hartverscheurende songcyclus over de onmogelijke liefde tussen een terminale kankerpatiënt en diens verpleegster. Dit trio uit Brooklyn heeft van dit soort zwaarmoedigheid haar handelsmerk gemaakt, en het valt te betwisten of hun muziek wel geschikt is om een festivalpubliek op een zonnige namiddag te entertainen. De Club tent liep echter moeiteloos vol om deze cult groep in wording een begeesterende set te zien geven. De etherische subtiliteiten die hun albums kleuren werden grotendeels ingeruild voor een weidser klankenpalet waarin de ontredderde falset van frontman Peter Silberman heerlijk verstrengeld zat. Nooit gedacht dat we deze emo trip een klein uur lang zouden uitzweten, maar eens ondergedompeld in de weemoed van The Antlers kende de volharding van lichaam en geest duidelijk geen grenzen meer.
Hoogtepunten: “Rolled Together”; “I Don’t Want Love”

Begon de loden zon ook op de Main Stage haar tol te eisen, ligt het helse tempo tijdens hun huidige tour toch wat te hoog, of vonden Dan Auerbach en Patrick Carney een stek als voorprogramma van Foo Fighters toch wat te minnetjes? We hebben er het raden naar, maar feit is dat de nieuwe mega act in wording THE BLACK KEYS (**) te routineus voor de dag kwamen en hun minimale bluesrock zelden een vuist kon maken. Dat Auerbach nauwelijks een woord over de lippen kreeg deed er ook al geen goed aan, en toen tegen het einde van de set de StuBru hits elkaar in ijl tempo opvolgden veerde een deel van de Dave Grohl fans plots toch even recht maar bleek het kalf al verdronken. Het smerige slotakkoord “I Got Mine” betekende een klein eerherstel maar kon een tweede zit voor deze twee blanke bluesrocknegers niet meer afwenden.
Hoogtepunt: “I Got Mine”

De Amerikaanse wereldgroep WILCO (****) die opent voor een amper halfgevulde Marquee leek wat op fictief surrealisme. Net als op Lowlands heet het zwarte beest van Jeff Tweedy & co Dave Grohl, maar uiteindelijk laten toch een pak liefhebbers van progressieve Americana de gelijktijdig geprogrammeerde Foo Fighters links liggen. We zien hoe het zestal uit Chicago gretig opent met het oudje “Misunderstood”, en zich tijdens het daaropvolgend half uur naar een climax toe werkt die uitmondt in een gitaareruptie van snarenwonder Nels Cline tijdens “Impossible Germany”. Daarna ebde de spanning wat weg tijdens een te lange opeenvolging van rustige en minder beklijvende nummers. Met “Heavy Metal Drummer” joegen Tweedy en zijn makkers het tempo terug de hoogte in, even later wordt het publiek  uitgewuifd met het honingzoete “Hummingbird”. De honing heeft echter een bittere nasmaak, want Wilco moet vlug plaats ruimen voor de draaitafels van Dizzee Rascal en dus wordt het verlangen naar bissen niet ingewilligd. Dave en Dizzee, het zullen nooit onze beste maatjes worden.
Hoogtepunten: “The Art Of Almost”; “I Am Trying To Break Your Heart”; “Impossible Germany”; “Handshake Drugs”; “Dawn On Me”

Pukkelpop 2012 kreeg in de Shelter het genadeschot van het onlangs opnieuw verenigde hardcore punk combo REFUSED (****). Na een minutenlange intro van monotone drones viel een nagelwit gordijn plots naar beneden en deelde dit Zweeds dynamiet met “Worms of the Senses/Faculties of the Skull” een eerste gemene kopstoot uit. En het moet gezegd zijn, bijna 15 jaar na het verscheiden van de groep heeft hun maatschappijkritische vitriool nog maar weinig aan zuurtegraad verloren. Uiteraard kon brulboei Dennis Lyxzén niet zonder slag of stoot voorbij gaan aan het ‘Free Pussy Riot’ manifest en kregen hun Russische geestesgenootjes een welgemeend hart onder de riem. Bijtende hardcore, ambient soundscapes, jazzy drumloops en samples gingen allemaal mee in de betonmolen, wat van Refused nog steeds een unieke ervaring in het genre maakt. We gunnen de Zweden veel vermaak in hun tweede leven, ’t is alleen te hopen dat daar niet meteen een ‘Free Refused’ van komt.
Hoogtepunten: “Rather Be Dead”; “Liberation Frequency”; “New Noise”

Chokri & co lanceerden met de simpele doch doeltreffende slogan “So good to see you” Pukkelpop versie 2.0. Of ze daar in slaagden moet iedereen die de afgelopen drie dagen verbrand, bezweet, halfslapend, beneveld, dorstig, giechelend, glimlachend, zingend, huilend, of gewoonweg genietend over het dorre gras van Kiewit strompelde uiteraard voor zichzelf uitmaken. Wat ons betreft, hasta la vista en gedraag jullie een beetje.

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pagina 95 van 143