logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Afghan Whigs
The Cure
Festivalreviews

Les Nuits Botanique 2013 – Piano Club – Efterklang – Miles Kane (in bloedvorm!)

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013 – Piano Club – Efterklang – Miles Kane (in bloedvorm!)
Les Nuits Botanique 2013
Botanique (Chapiteau)
Brussel

De sympathieke jongens van Piano Club, ontsproten ergens in de bloeiende Luikse muziekscene, leken nog niet helemaal van hun verbazing te zijn bekomen om de Chapiteau te mogen openen. Hun feelgood electro pop zonder veel franjes lag prettig in het gehoor en klonk op zijn beste momenten als New Order die het regenachtige Engeland ingeruild heeft voor de zonnige Caraïben. Een ganse set lang wisten ze echter nog niet te beklijven. Uitschieter: het Pet Shop Boys ‘camp’ liedje “Olivia”.  

Bij welke bands kun je er prat op gaan dat ze boeiender en beter worden naarmate hun discografie verder aandikt? Efterklang, het licht excentrieke, prettig gestoorde gezelschap uit Kopenhagen, behoort zeker tot die uitverkorenen. Aan bizarre vondsten opnieuw geen gebrek die avond. Halverwege de set toverden ze een kartonnen doos tevoorschijn waaruit banale geschenkjes uit München, hun vorige doortocht, rond gestrooid werden in het publiek. De gevoelige afsluiter “Alike” brachten de lefgozers zelfs zonder enige versterking in een volgepakte, rumoerige Chapiteau.    
Maar echt uniek was dat hun muziek op geen enkel moment moest onderdoen voor deze originaliteit, in tegendeel. Van “Apples” en “The Ghost” op het nieuwe, vierde album ‘Piramida’ ging een grandioze, klassieke schoonheid uit en ook “Sedna”, dat de eighties galm van Talk Talk overbrugde met de nineties tristesse van Tindersticks, sloeg niet alleen onszelf met verstomming.   

Eén van de grotere namen deze editie van Les Nuits Botanique was ongetwijfeld Miles Kane, (zie pics homepag) die de dertig nog lang niet gepasseerd is maar wel al meer dan veertig jaar Britse popmuziek (The Kinks, T-Rex, The Jam, Oasis, The Libertines,…) transpireerde vanonder zijn nauw, wit matrozenpakje. Deze Liverpudlian was vroeger een tijdje op de dool met zijn voormalige The Rascals, maar ontpopte zich als solo artiest tot een meer dan begenadigd songschrijver en rasperformer.
Die avond zat hij The Arctic Monkeys van zijn maatje Alex Turner alleszins erg dicht op de hielen zit. Een ultrastrakke ritmesectie hield de breed uitwaaiende gitaren op “Rearrange” nauw in het gelid, maar ook de nummers op het nog te verschijnen nieuwe album ‘Don’t Forget Who You Are’ klonken razend ambitieus en energiek. De minder seculiere gemeenschap had trouwens beter hun zonen en dochters binnen gehouden, want afsluiter “Come Closer” had een verpletterende uitwerking op ledematen en geslachtsdelen tot achteraan de tent. Miles Kane verkeerde overduidelijk in bloedvorm, hopelijk kan hij die nog een tijdje aanhouden tot aan de zomerfestivals.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/miles-kane-09-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/efterklang-09-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/piano-club-09-05-2013/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2013)

Les Nuits Botanique 2013 – Lescop palmt de Orangerie in

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013 – Lescop palmt de Orangerie in
Les Nuits Botanique 2013
Botanique (Orangerie)
Brussel

"Ik ben alternatief, maar niet vertrouwelijk", zegt Lescop in de loges na het concert op Les Nuits Bota. "Ik hou niet van de elitaire kant die sommigen er op nahouden in de undergroundscène. De beste bands zoals Einstürzende Neubauten, Joy Division, New Order of zelfs Indochine, hebben we op tv gezien! Ze waren/zijn een onderdeel van de pop(ulaire) cultuur". Deze uitdaging, om alternatieve muziek populair te maken, heeft Lescop perfect gerealiseerd. Zijn minimale 'pop wave' in de taal van Molière heeft zich succesvol ontwikkeld, en hangt ergens tussen Daho, Taxi Girl, Indochine en Joy Division. De lumineuze hit "The Forest" en het gelijknamige album tonen een discreet, getalenteerd muzikant aan het publiek.

Dit is al het derde concert van Lescop in de Botanique in een jaar tijd. In mei 2012 was hij support van de intussen overleden Daniel Darc en in november van datzelfde jaar , was er het uitverkochte concert in de intieme Rotonde. Hij had toen beloofd om terug te keren voor een langere show in een grotere zaal en voila, zo geschiedde .. .
Een volle Orangerie vanavond , om Lescop en z’n band aan het werk te zien; het concert opende met het hypnotiserende "Paris s'endort"  . Lescop staat met stijl en discretie op het podium. Zoals gebruikelijk is hij gekleed in een eenvoudige polo shirt, jeans en Converse schoenen. Hij wordt opnieuw begeleid door Cedric Leroux (ex-Phoebe Killdeer) op gitaar, die iets heeft tussen Prince en Phil Lynott. Aan de rechterkant, Antoine de Saint-Antoine op bas, die al in de eerste band van Lescop, Asyl, speelde. In vergelijking met het concert in de Rotonde, heeft de band twee extra muzikanten: Gaël Etienne, multi-instrumentalist en co-componist van het eerste album, die hier voornamelijk keyboards speelt, en een drummer, die hier het grootste verschil maakt door de energie en de eigen interpretaties.
De groep zet hun muzikale reis verder met "Ljubljana" en "Los Angeles". Tussen de twee nummers, begroet Lescop het publiek en beweert luidiek dat hij  iedereen herinnert van de vorige concerten . "Le Mal, Mon Ange" maakt indruk met zijn hypnotiserend ritme, maar we betreuren de afwezige vocals van Dorothy De Koon.
In het algemeen is Lescop op z’n gemak. Aan de microfoon, de ogen gesloten en geconcentreerd , doet hij denken aan Ian Curtis en voert hij enkele levendige , elegante , lichtjes androgyne bewegingen uit . Toch gaf hij zef in het interview toe dat hij altijd nerveus op het podium is en dat hij zich in een soort trance op een optreden voorbereidt . De  muzikale link wordt dan ook duidelijk naar de volgende titel, "Hypnose", gevolgd door "Marlene", gekenmerkt van een  postpunk accent.
De zeer filmische muziek van Lescop wordt beïnvloed door films, zoals die van Jean-Pierre Melville, Fassbinder of Schlöndorf. De titel "La Nuit Américaine" is een duidelijk bewijs ervan; hij vertelde ons later dat hij de film van Truffaut nog niet gezien had, toen hij de titel schreef. Het lied werd zeer goed ontvangen en we voelden dat het concert een eerste hoogtepunt bereikte. In het midden, wordt de muziek bijna stil maar dan komt een intense electro opbouw die leidt tot een krachtige finale. Kijk eens naar dit fragment hier: https://www.youtube.com/watch?v=3DpBNW77C0c
Geen tijd om te rusten want hier is dé hit, "La Forêt"! Het publiek juicht van harte op de eerste basstunes en minimale drum beat. Lescop staat vooraan, en levert een sterke prestatie. We dansen en schudden het hoofd, betoverd door deze beklijvende melodie. In de instrumentale passages worden de muzikanten echt 'crazy' en Cedric Leroux trakteert ons met een prachtige solo op zijn scharlaken gitaar. Hier is de video: https://www.youtube.com/watch?v=jZDQu-jXfA0  .
Na het nerveuze "Un Rêve", gaat Lescop verder met "Le Vent", een lied over ' warme herinneringen'. Hij draagt het op aan Daniel Darc,  " de man die me heeft geïnspireerd te schrijven", vertelde hij later in het interview. Deze song beëindigt dan ook het eerste deel van het concert .

Na een korte pauze komt het combo het podium terug op voor het erg rustige « Tu m'Ecrivais Souvent », de eerste song die Lescop componeerde, die zal worden opgenomen voor de plaat . "Slow Disco" klinkt een beetje als « La Forêt », maar is langzamer. En tot slot, komt het tweede hoogtepunt van het concert, "Tokyo, La Nuit"; eerst, een beklijvende intro, met zware, bijna metal accenten, dan is er een explosie van gitaren en een hels ritme. Gaël Etienne verliet zijn keyboards en stond dan vooraan het podium met zijn gitaar. Het publiek is enthousiast en zingt het refrein mee, de armen in de lucht.
Lescop is the captain en ook hij zwaait met de armen en toont een  "V"-teken. Op een gegeven moment geeft hij de indruk dat hij in het publiek gaat springen, zoals hij in de Rotonde deed. Maar nee, hij houdt zich in en blijft op het podium. Als een dirigent, benadrukt hij de laatste tunes van deze mooie compositie. Hij  bedankt het geboeide  publiek en verlaat het podium. Bekijk de video van dit moment: https://www.youtube.com/watch?v=qffQM5WxyCo  .

Een geslaagd concert op alle niveau's ! Ik had de unieke gelegenheid om samen met mijn vrienden Vincent en Valeria in de loges een spraakmakend  interview van Lescop te doen, gevolgd door nog een ongelooflijke uitje met de groep in ‘Brussels, La Nuit’...

Setlist: Paris s'endort, Ljubljana, Los Angeles, Le Mal Mon Ange, Hypnose, Marlène, La Nuit Américaine, La Forêt, Un Rêve, Le Vent. Rappels: Tu m'Ecrivais Souvent, Slow Disco, Tokyo La Nuit.

Als support van Lescop, ontdekten we twee Frans 'acts': Superpoze, een jonge beatmaker uit Caen, alleen op keyboards en Akaï controllers , die instrumentale, elektronische muziek speelde, die refereerde aan Ninja Tune en Warp. Dan was er Yan Wagner, die samen met zijn band, een soort 'electropop/new-wave' muziek speelde, maar de accenten waren veel te 'house'/'dance' voor mij.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lescop-09-05-2013/

Philippe Blackmarquis Vertaling Philippe Blackmarquis – Johan Meurisse

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2013)

Les Nuits Botanique 2013 – Low – Junip, onder de noemer slowcore/americana

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013 – Low – Junip, onder de noemer slowcore/americana
Les Nuits Botanique 2013
Koninklijk Circus
Brussel

Intrinsiek schoonheid is het sleutelwoord bij een band als het Amerikaanse Low, als je hun muziek oplegt of naar een optreden gaat. Hoe hun slowmotionpop ook klinkt, minimalistisch of gespierd , het is en blijft al twintig jaar bloedstollend mooi. Toegegeven, niet elke song of elke plaat is even sterk, maar de kalme , intieme , licht dreigende , onheilzwangere muzikale aanpak intrigeert in hun ‘less is more’ princiep .

De recente cd van het trio rond Alan Sparhawk (zang/gitaar) – Mimi Parker (zang/drums), aangevuld met een derde lid , Steven Garrington, op piano/bas, ‘The invisible way’, werd onder handen genomen van Jeff Tweedy van Wilco . We kunnen ons niet van de indruk ontdoen dat de laatste platen van Low sterk neigen naar hun ouder werk als ‘Things we lost in the fire’ (’01) en aan het wondermooie ‘The curtain hits the cast’ (‘96) . Low maakt de cirkel terug rond sie!
Juist, verrassend is het niet echt meer maar hun onthaastingspop is en blijft iets unieks; wat ze doen , doen ze al ruim twintig jaar goed, door het beheerst gespeelde spel, de subtiel opbouwende,  aanzwellende dromerige melodieën, de rauwere, grimmige sound of net de sober gehouden instrumentatie, gedragen door de warme mooie stemmen van het echtpaar Sparhawk - Parker. Een hemels samenzijn, die door de projecties op het achterplan nog werd beklemtoond, want hun trip werd nog adembenemender door oude zwart-wit circusvoorstellingen, allerhande vliegtuigstunts en andere leuke zaken .
Letterlijk werd je meegevoerd , in het eerste deel met de een handvol songs van de nieuwe plaat, “Plastic cup”, “Clarence white” , “So blue” en uitschieters “Holy ghost” en het tot op het bot uitgediepte “On my own”, dat met feedbackgeraas zachtjes durfde te exploderen. De instrumentatie kreeg hier de volle ‘breed veertien’. Een eerste hoogtepunt! Ohja, ook de zang van Mimi kreeg meer dan vroeger een voorbestemd plaatsje in het geheel.
Low grossierde vervolgens in hun rijkelijk gevulde oeuvre, lieten een krachtig “Monkey” en “Witches” horen, en nodigden uit tot een sfeervolle “Waiting” en “Words” . Kippenvelmomenten kreeg je opnieuw door een huiverend “Pissing” , “Especially” en het afsluitende “Canada” . Splinterbommen waren het en een Low op z’n best .
Ze kregen nog ademruimte eentje meer te spelen, “I hear goodnight”, die ergens op een ‘in the fishtank’ plaat staat , de ideale tranquillizer, hypnoticum , om de slaap in te leiden.

Een muzikale trip om u tegen te zeggen . De Low formule en mystiek werkt na al die jaren nog even aanstekelijk en beklemmend . Sterk optreden !

We houden van José Gonzalez als band , Junip , liever dan het solomateriaal van de man , dat toch ook al van vijf jaar terug is . Jawel , hij fabriceerde twee onnavolgbare breekbare covers, namelijk “Heartbeat” (The Knife) en “Teardrop” (Massive Attack), en wereldwijd succes verkreeg hij met z’n melancholische ‘treurwilg’ sing/songwriterpop.
Maar met z’n compagnons Tobias Winterkorn (toetsen) en Elias Araya (drums) kwam hij tot  Junip, live met zes, die een gesmaakte , overtuigende fusion presenteren van pop, folk, psychedelica, ‘70s en americana. Het resulteert in twee fijne platen ‘Fields’ en de onlangs verschenen ‘Junip’. In die  hypnotiserende, spannende, broeierige, dromerige songs krijgen toetsen en synths een prominente rol , zonder het ‘band’ gevoel te verliezen . Junip blaast warm en koud tegelijkertijd en laat zelfs afrotintjes (“Suddenly”) , bassloops (“Line of fire”) en Sigur Ros neigende soundscapes (“Walking lightly”/ “Without you”) op ons los .
“In every direction” was een meesterlijke opener, verder we lieten we ons lekker meeslepen op  hun songmateriaal , waarbij de instrumentatie naast de (soms beperkt gehouden) dromerige zang in kracht won. Ze leidden tot een climax op “After all is said & done”  en “Line of fire” … Compositorische diepgang en spelplezier !

Ondanks de geconcentreerde , deels afstandelijke Gonzalez, was zowel band als hijzelf sterk geraakt van het puike onthaal.

Organisatie: Botanique, Brussel  (ikv Les Nuits Botanique 2013)

Les Nuits Botanique 2013 – Junip - Low, onder de noemer slowcore/americana

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013 – Junip - Low, onder de noemer slowcore/americana
Les Nuits Botanique 2013
Koninklijk Circus
Brussel

Intrinsiek schoonheid is het sleutelwoord bij een band als het Amerikaanse Low, als je hun muziek oplegt of naar een optreden gaat. Hoe hun slowmotionpop ook klinkt, minimalistisch of gespierd , het is en blijft al twintig jaar bloedstollend mooi. Toegegeven, niet elke song of elke plaat is even sterk, maar de kalme , intieme , licht dreigende , onheilzwangere muzikale aanpak intrigeert in hun ‘less is more’ princiep .

De recente cd van het trio rond Alan Sparhawk (zang/gitaar) – Mimi Parker (zang/drums), aangevuld met een derde lid , Steven Garrington, op piano/bas, ‘The invisible way’, werd onder handen genomen van Jeff Tweedy van Wilco . We kunnen ons niet van de indruk ontdoen dat de laatste platen van Low sterk neigen naar hun ouder werk als ‘Things we lost in the fire’ (’01) en aan het wondermooie ‘The curtain hits the cast’ (‘96) . Low maakt de cirkel terug rond sie!
Juist, verrassend is het niet echt meer maar hun onthaastingspop is en blijft iets unieks; wat ze doen , doen ze al ruim twintig jaar goed, door het beheerst gespeelde spel, de subtiel opbouwende,  aanzwellende dromerige melodieën, de rauwere, grimmige sound of net de sober gehouden instrumentatie, gedragen door de warme mooie stemmen van het echtpaar Sparhawk - Parker. Een hemels samenzijn, die door de projecties op het achterplan nog werd beklemtoond, want hun trip werd nog adembenemender door oude zwart-wit circusvoorstellingen, allerhande vliegtuigstunts en andere leuke zaken .
Letterlijk werd je meegevoerd , in het eerste deel met de een handvol songs van de nieuwe plaat, “Plastic cup”, “Clarence white” , “So blue” en uitschieters “Holy ghost” en het tot op het bot uitgediepte “On my own”, dat met feedbackgeraas zachtjes durfde te exploderen. De instrumentatie kreeg hier de volle ‘breed veertien’. Een eerste hoogtepunt! Ohja, ook de zang van Mimi kreeg meer dan vroeger een voorbestemd plaatsje in het geheel.
Low grossierde vervolgens in hun rijkelijk gevulde oeuvre, lieten een krachtig “Monkey” en “Witches” horen, en nodigden uit tot een sfeervolle “Waiting” en “Words” . Kippenvelmomenten kreeg je opnieuw door een huiverend “Pissing” , “Especially” en het afsluitende “Canada” . Splinterbommen waren het en een Low op z’n best .
Ze kregen nog ademruimte eentje meer te spelen, “I hear goodnight”, die ergens op een ‘in the fishtank’ plaat staat , de ideale tranquillizer, hypnoticum , om de slaap in te leiden.

Een muzikale trip om u tegen te zeggen . De Low formule en mystiek werkt na al die jaren nog even aanstekelijk en beklemmend . Sterk optreden !

We houden van José Gonzalez als band , Junip , liever dan het solomateriaal van de man , dat toch ook al van vijf jaar terug is . Jawel , hij fabriceerde twee onnavolgbare breekbare covers, namelijk “Heartbeat” (The Knife) en “Teardrop” (Massive Attack), en wereldwijd succes verkreeg hij met z’n melancholische ‘treurwilg’ sing/songwriterpop.
Maar met z’n compagnons Tobias Winterkorn (toetsen) en Elias Araya (drums) kwam hij tot  Junip, live met zes, die een gesmaakte , overtuigende fusion presenteren van pop, folk, psychedelica, ‘70s en americana. Het resulteert in twee fijne platen ‘Fields’ en de onlangs verschenen ‘Junip’. In die  hypnotiserende, spannende, broeierige, dromerige songs krijgen toetsen en synths een prominente rol , zonder het ‘band’ gevoel te verliezen . Junip blaast warm en koud tegelijkertijd en laat zelfs afrotintjes (“Suddenly”) , bassloops (“Line of fire”) en Sigur Ros neigende soundscapes (“Walking lightly”/ “Without you”) op ons los .
“In every direction” was een meesterlijke opener, verder we lieten we ons lekker meeslepen op  hun songmateriaal , waarbij de instrumentatie naast de (soms beperkt gehouden) dromerige zang in kracht won. Ze leidden tot een climax op “After all is said & done”  en “Line of fire” … Compositorische diepgang en spelplezier !

Ondanks de geconcentreerde , deels afstandelijke Gonzalez, was zowel band als hijzelf sterk geraakt van het puike onthaal.

Organisatie: Botanique, Brussel  (ikv Les Nuits Botanique 2013)

Les Nuits Botanique 2013 – Conan Mockasin – The Leisure Society – Wave Machines

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013 – Connan Mockasin – The Leisure Society – Wave Machines
Les Nuits Botanique 2013
Chapiteau
Brussel

Pas halverwege de set, meer bepaald vanaf het Beegees discofunk nummer “Keep The Lights On” kwam er in de tent aardig wat deining opzetten voor Wave Machines, een kwartet uit Liverpool dat niet aan haar proefstuk toe was op Les Nuits Botanique. Niet echt verwonderlijk, want de eerste helft bleek integraal gereserveerd te zijn voor de voorstelling van ‘Pollen’, het nieuwe album dat opvallend minder hitsig en geil klonk dan het debuut van intussen alweer drie jaar gelden. Live had Wave Machines de witte funk gelukkig nog steeds meer dan aardig in de vingers zitten. Wie, zelfs zonder één pint op, stil kon staan op “The Greatest Escape We Have Ever Made” had waarschijnlijk ergens een verlamming van zijn of haar zenuwstelsel opgelopen. Net iets te voorspellend werd afgesloten met “Punk Spirit”, in eigen land uitgegroeid tot bescheiden ‘national anthem’, maar die avond vooral illustrerend voor een muzikale stijlbreuk die we nog niet volledig verwerkt hebben.

Zanger Nick Hemming was duidelijk in zijn nopjes om voor de verandering pal tussen de symmetrische buxus haagjes in de tuin van de Botanique te mogen spelen. Vermoedelijk was zijn Brits geboortedorp op het platteland, waar niemand trouwens ooit al van gehoord, daar niet vreemd aan. En gelijk had hij, want de bucolische folk pop van zijn band The Leisure Society kwam er meer dan aardig tot zijn recht. Vrolijkheid en somberheid zaten perfect gedoseerd in de tijdloze songs die solliciteerden naar een podiumplaats in de Britse hedendaagse folk. Het nieuwe album ‘Alone Aboard The Ark’ is net uit en heeft de potentie om uit te groeien tot één van de betere albums van 2013. 

Eigenlijk zijn we nog steeds niet helemaal ontwaakt uit de roes waarin afsluiter Connan Mockasin (pics homepag) de Chapiteau onderdompelde.  Noch is het ons al volledig duidelijk wie of wat er precies tussen de onderbelichte nevelslierten te ontwaren viel. Want veel meer dan vage, in excentrieke klederdracht gehulde silhouetten die je ’s nachts liever niet alleen tussen de bosjes van de Kruidtuin tegen het lijf loopt kreeg je niet te zien.
Dit bizarre gezelschap uit Nieuw Zeeland, vermoedelijk uit een humusrijke streek waar de paddenstoelen nog niet voor massaconsumptie geteeld worden, slaagde er meesterlijk in om een uur lang een soort van bedwelmend parallel universum te creëren waarin alle muzikale conventies overboord gegooid werden. Galmende Cocteau Twins gitaren, dissonante pianoriedels en benepen, infantiele stemmetjes gaven aan de psychedelische parels “It’s Choade My Dear”, “Forever Dolphin Love” en “Faking Jazz Together” een donker, sinister randje alsof de duivel er mee gemoeid leek.     
Geen wonder dat het publiek van Les Nuits Botanique, altijd open minded voor een muzikaal avontuurtje, er amper genoeg van kon krijgen. Een absolute ontdekking!

Neem gerust een kijkje naar de pics (alle zalen!)
http://www.musiczine.net/nl/fotos/connan-mockasin-07-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-leisure-society-07-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/wave-machines-07-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/soley-07-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/rebekka-karijord-07-05-2013/

http://www.musiczine.net/nl/fotos/kishi-bashi-07-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/cave-painting-07-05-2013/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv les Nuits Botanique 2013)  

Les Nuits Botanique 2013 – alle zalen: Daan - !!! – Peter Kernel

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013 – alle zalen: Daan - !!! – Peter Kernel
Les Nuits Botanique 2013

Op onze ontdekkingstocht op Les Nuits Bota werden we verrast door het Zwitsers/Canadese Peter Kernel (Rotonde), nee geen eenmansartiest , maar een grungy trio rond het duo (tja zo is dat soms) Aris Bassetti (gitaar/zang) en de bevallige wulpse blondine Barbara Lehnhoff (bas//zang) . Ze gingen gretig, gedreven te werk en sloegen wild om zich als in de oude dagen van de grunge scene . In hun  rammelende, rommelende sound  en in de chaotische wendingen , genoten we net als henzelf van de heerlijk ontspannende set; het spelplezier, de speelsheid en de spontaniteit … Mooi. Een pak korte rockende songs , muzikale schetsen en schreeuwende verbeten zangpartijen ,  waarbij referenties naar Sleater-Kinney, Throwing Muses , Veruca Salt , Shone Knife  en het oude Breeders en Sonic Youth op hun plaats zijn . De wijd-open beenstand , de headshakes , de opzwepende drums en de gitaareffects waren een toffe meerwaarde . Het contact met het publiek nam ook een belangrijke rol in, even met hen dollen, en de kans geven mee op te gaan in hun opwindende sound, behoort tot de pure essentie van de ‘90s grunge. Het trio beklemtoonde het in brio! Sterke set en een fijne ontdekking .

Erg populair en gerespecteerd is hij in ons landje wel , die Daan Stuyven . En eerlijk gezegd, hier kwam ‘Le Franc Belge’ mooi samen in de Orangerie: de Vlaming , le Wallon en de Brusselaar . Tja , zelfs Arno was er en genoot van de belangstelling die zijn poulain heeft.
De muzikale duizendpoot en veertig plusser heeft al een rijkelijk gevulde carrière met cd’s als ‘Victory’, ‘The Player’ en ‘Manhay’, die grootse successen werden, hij schreef filmmuziek en bewerkingen van Bobbejaan Schoepen en Will Tura. Terecht ging hij al met enkele ZAMU en MIA awards aan de haal.
En hij heeft een goed op elkaar ingespeelde band achter zich . Na het tussendoortje ‘Simple’  wordt hij geruggensteund door Isolde Lasoen (drum, zang) en cellist/bassist Jean-François Assy, en zijn ze verder met de theatertour uitgegroeid tot een kwintet met Geoffrey Burton op gitaar en een trompettist .
Met hen is de nieuwe plaat ‘Le Franc Belge’ uit . Ook door de jaren neemt Isolde een meer prominente rol in bij het werk van Daan; ze is een multi-instrumentaliste, die naast de drums zich ontpopt als (backing) vocaliste. Hoogtepunt van Daan-Isolde samen: “Swedish designer drugs”, als een Sonny & Cher of een Gainsbourg – Birkin op het podium.
Het electropopmateriaal en de ‘80s kitsch pop zijn al een paar jaar op het achterplan geduwd.  We krijgen een Daan te horen als op ‘Manhay’, een gig met de pas verschenen nieuwe cd in zijn meest eerlijke, pure vorm . Hier spreekt de zanger/songschrijver/arrangeur met z’n grauwe, doorleefde stem en brabbelzang, in de lijn van Cash- Gainsbourg – Brel en jawel (opnieuw) Arno . Alle songs van ‘Le Franc Belge’ werden voorgesteld . Op die manier geen ‘Best of ‘ of routineuze Daan . We hielden van de afwisseling van de Franse en de Engelse songs , die perfect gespeeld werden als op plaat , en het houden tussen pop, country noir en de rokerige, bruine kroeg , of een ‘jeu de boule’ van Z-Frankrijk ademen .
‘Nachtraaf’ nummers  als “Parfait mensonges”, “Ma vendeuse“ en “Mes etats unis” staan mooi naast de orkestratie van “Irrelevant” en de poppy single “Everglades” . Ze werden al  brabbelend aan elkaar geanimeerd door mans dagdagelijkse indrukken en droge humor.
In het begin had je al die boeiende variatie van sfeervol, georkestreerd en aanstekelijk materiaal . We hadden die aanpak de ganse set door en tussenin kwam maar 1 oudje “Icon”. “Conducteurs fantômes” overtuigde door de prachtige opbouw , eerst sober ingezet door piano en blazers en ging dan crescendo. Of je had het Franse chanson “Melodies paroles” en “La crise”. En tot slot een rockende Daan op het eind met “Vrai decadence” en “The kid” . Hij onderstreepte op ‘Le Franc Belge’ zijn voorliefde voor ons landje in zijn geheel , die hij koesterde door de mix aan culturen !
In de bis hadden we een innemende ingetogen “Belle” en de set werd ‘en verve’ afgesloten met synthpop klassiekers “Swedish designer drugs” , zoals eerder gemeld, een Daan-Isolde hoogtepunt, en “Housewife”, die iedereen tot dansen bewoog en waarop de bandleden eens loos konden loos, ideaal na de aandacht die het overige songmateriaal had opgeëist.
Sterke band – Goed uitgebouwd materiaal – Voldoende afwisseling , kijk, Daan mag terecht een enorm gerespecteerd populair artiest zijn!

!!! (Chk Chk Chk) zorgde voor de partysfeer in de Chapiteau . Hun broeierige, dynamische, opzwepende en intrigerende punkfunk is door de jaren niet echt veranderd en krijgt elan en kleur door de toegevoegde percussie en blazers . Ook spil Nic Offer, met z’n afgeleefde shirt en schort , die hij steevast op elk optreden tijdens de tour draagt, triggert de groovy sound. Door z’n gekke act, sensuele dance moves, brabbelzang en kreten, zet hij probleemloos een weekendgevoel over naar de eerste rijen. De danspassen volgen, het prikkelt en swingt! Natuurlijk kunnen we niet omheen het pas verschenen nieuwe werk van ‘Thr!!!ler’ . Het lang uitgesponnen “Get that rhythm right”  is al meteen een bom . Soms noteerden we interessante, tintelende funky rockende jams en vettere housebeats  in de nummers . Het klonk allemaal fris, catchy en aangenaam. Iets wat een !!! feestje waardig is .
Tja, door de jaren zijn ze bijna de enige overlevenden van het genre . Op het eind is er nog wat gestoei met shirts en donderen ze de nacht in met het aanstekelijke oudje “Me & Guilini down the school yard” , waar het ooit mee begon .
Sterk optreden . Nu maar hopen dat !!! terug een pak fans voor zich wint , na een paar slappe platen . Anno 2013 noteren we een sterke return .

Neem gerust een kijkje naar de pics van o.m. Peter Kernel en Dan Deacon
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dan-deacon-06-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/peter-kernel-06-05-2013/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2013)

Les Nuits Botanique 2013 - Chilly Gonzales - Muzikale clown in zijn sas

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013 - Chilly Gonzales - Muzikale clown in zijn sas
Les Nuits Botanique 2013
Koninklijk Circus
Brussel

Nadat Chilly Gonzales solo in het Museum van de Botanique voor één van de hoogtepunten van de vorige editie zorgde, liep het Koninklijk Circus aardig vol voor hetgeen ongetwijfeld ook hoog in ‘the best of Les Nuits 2013’ zal eindigen. Wetende dat de man half december 2012 ook nog eens een volle Ancienne Belgique in vervoering bracht, kunnen we gerust stellen dat deze Canadees ondertussen ‘big in Belgium’ geworden is.

In het begin warmde de sympathieke gastheer zich rustig op aan zijn klavier met behulp van vier songs uit zijn meest recente CD (‘Solo Piano II’). Tijdens die eerste twintig minuten slaagt hij er, met uitzondering van de toelichting bij “White Keys”, grotendeels in om zijn praatgrage mond te houden. Vooral tijdens het vierde nummer wordt het publiek muisstil. Vanaf de eerste noten van de naar Beethoven neigende intro wordt het duidelijk dat de clown even wijkt voor de serieus geschoolde muzikant. Na een klassiek vervolg krijgen we een nogal jazzy tussenstuk te horen om uiteindelijk weer richting klassiek te evolueren en – kwestie van de cirkel terug rond te maken - te eindigen met dezelfde zwaarwichtige Beethoven-toets op het einde. Klassieke klasse! En de perfecte opmaat naar de muzikanten van het Royal Mons Orchestra die samen met drummer Joe extra kleur zullen geven aan hetgeen de muzikale duizendpoot de rest van de avond nog uit de mouw van zijn peignoir zal schudden.
Chilly Gonzales heeft de voorbije jaren al vaker opgetreden met klassieke orkesten en voelt zich dus ook duidelijk in zijn sas. Hij dolt volop met het publiek alsook met zijn muzikanten-voor-één-avond. Meer dan eens dringt hij erop aan om de muzikale oogkleppen te laten vallen. Wie beweert niet van klassiek te houden, heeft geen benul van de gevarieerde rijkdom van dat genre. En wie zijn gading niet vindt in de moderne muziek, zou beter bekennen dood te zijn…of toch minstens muzikaal dan. Tijdens zijn pleidooi voor rap-muziek illustreert hij dat de beste songs in dat genre gelardeerd werden met een piano-riedel. Classics van de Wu Tang Clan, Dr. Dre en Vanilla Ice zouden nooit zo goed geklonken hebben zonder het piano-motief dat erin schuilt. Waarna Gonzales met “Supervillain Music” probeert aan te tonen dat het mogelijk is om te rappen onder klassieke muzikale begeleiding in een 6/8-maat, wat verwachten we ook anders van zo’n naar eigen zeggen muzikaal genie (met een zelfrelativerende knipoog!).
Weggeblazen werden we door het stormachtige spel tijdens het bij momenten naar Wim Mertens neigende “Knight Moves”. Gonzales laat met woord en daad verstaan dat de piano feitelijk een percussie-instrument is. Ook onvergetelijk was de passage van Simon, een jongeman die onlangs de Brusselse versie van een Chilly Gonzales-wedstrijd voor kinderen won en als beloning zijn kunnen mocht etaleren op het podium van het Koninklijk Circus. Het vertederde publiek negeerde de paar steekjes die de veelbelovende piano-leerling liet vallen en barstte na afloop van het wondermooie “Dot” uit in een oorverdovend applaus. Waarna Gonzales nog wat verder speelde met de (door zijn trotse moeder per GSM gefilmde) jongeman alvorens over te stappen naar een bongo-intermezzo.
Omdat de advocaten van Daft Punk niet toelaten dat iemand ook maar één stukje uit hun nieuwe plaat laat horen, toonde Gonzales geluidloos welk stuk piano hij op die langverwachte plaat ingespeeld heeft alvorens een bongo-versie van het wel al te spelen (want reeds als single uitgebrachte) “Get Lucky” te brengen.
Het sterke “The Grudge” begint solo op piano waarna het Royal Mons Orchestra en de drummer inpikken om er een melodieus meer dan geslaagde versie van te maken. Nadien worden melancholische momenten afgewisseld met opzwepende nummers om uiteindelijk een schitterende en erg afwisselende versie te krijgen van het onverslijtbare “Take me to Broadway”. I
edereen laat uiteindelijk aan Chilly Gonzales en zijn muzikanten de handjes zien uit dankbaarheid voor het schitterende schouwspel. Het concert wordt afgesloten met een mash up van “Another one bites the dust” (Queen), “Billie Jean” (Michael Jackson) en “The theme from Knight Rider”.

Twee uur muzikale pret die in de bisronde nog een heerlijke uitloper krijgt tijdens het door Gonzales en de cellist van het Mons Orchestra gebrachte “Cello Moment”.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv les Nuits Botanique 2013)

Les Nuits Botanique 2013: The Lumerians - Girls Against Boys - 20 years and counting

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013: The Lumerians - Girls Against Boys - 20 years and counting
Les Nuits Botanique 2013
Botanique (Chapiteau)
Brussel

Les Nuits Botanique hebben als alternatief indoor festival in hartje Brussel een stevige reputatie opgebouwd dankzij een eclectisch genre aanbod van aanstormend talent en gevestigde waarden. Girls Against Boys (zie pics homepag) moeten we tot die laatste categorie rekenen, sterker nog, we gingen er tot voor kort gewoon van uit dat dit New Yorkse noise gezelschap voorgoed van de aardbodem was verdwenen. Na een trits goed ontvangen indieplaten in de 90ies en early 00ies had frontman Scott McCloud in 2003 de groep immers officieus ontbonden om zich o.a. te concentreren op het meer intimistische Paramount Styles samen met drummer Alexis Fleisig.

Maar kijk, schijnbaar out of nowhere troffen we afgelopen zondag Girls Against Boys in de speciaal voor Les Nuits opgetrokken Chapiteau tent. De vier Amerikanen, intussen allemaal kwieke veertigers, zitten midden in een Europese tour die wordt opgehangen aan de 20ste verjaardag van hun post-hardcore classic ‘Venus Luxure No.1 Baby’. De beukende opener van die plaat, “In Like Flynn”, stak helemaal voorin de set en zette de bijzonder soepel draaiende band meteen op ramkoers. Een erg goedgemutste McCloud en zijn drie makkers hadden duidelijk genoten van het luie lentezonnetje boven Brussel, maar eens in de tent ontpopten ze zich als meesters van groovy noise en beklemmende hardcore.
De basisingrediënten van de befaamde ‘GvsB sound’ blijken hun houdbaarheidsdatum nog niet te hebben overschreden. Meest bepalend blijft de schorre stem van McCloud, een soort genetische mix van Mark E. Smith (The Fall) en Richard Butler (The Psychedelic Furs). Met Eli Janney en Johnny Temple heeft de groep bovendien twee bassisten in huis, die samen voor een dwingende drive zorgen die zijn weg zoekt en vindt tot diep in de onderbuik. Janney laat zijn vier snaren al eens aan de kant voor keyboards, wat nummers zoals het poppy “Park Avenue” van een donker wave randje voorzag.
In een dik uur serveerden Girls Against Boys een snedige bloemlezing uit pakweg de eerste vier platen. Deze keuze resulteerde in één lange en bijzonder strakke aaneenschakeling van enkel maar hoogtepunten. De meeste van hun bekendste nummers annex bescheiden radiohitjes zijn terug te vinden op de bijna doorbraak plaat ‘House of GVSB’ (‘96), die in de Chapiteau werd bedacht met lekkere brokken funky noise als “Super-Fire”, “Disco Six Six Six” en “TheKindaMzkYouLike”. Op het bezwerende “Satin Down” na vielen de rustpunten trouwens op één vinger te tellen. Het contrast met de opruiende post-hardcore van “Explicit Now” en “Bulletproof Cupid” kon daarna niet groter zijn. Wie zich op dat moment in de eerste publieksrijen bevond moest duidelijk tegen een stootje kunnen.
In twee korte bisrondes rakelden de Amerikanen nog een aantal publiekslievelingen op. Dankzij de ongemeen strakke basgroove blijft “Kill The Sexplayer” één van de absolute kroonjuwelen uit de GvsB catalogus, maar even goed imponeerde de groep met een claustrofobische remake van Joy Division’s “She’s Lost Control”. Met “Psychic Know-How” schudden de Amerikanen nog een laatste uppercut uit hun mouw. McCloud hing de gitaar aan de haak en liet zich als een onbezonnen jonkie door het publiek op handen dragen in een rondje crowdsurfing.
De frontman waande zich tijdens die ene minuut ongetwijfeld een stuk of 20 jaar jonger, een gevoel dat wij eigenlijk al gans de avond hadden. Tegelijkertijd lonken Girls Against Boys ook al naar een volgend hoofdstuk. De kakelverse single “It’s A Diamond Life” is al een feit, een nieuwe EP binnenkort misschien ook. Het is een huizenhoog cliché, maar de toekomst ligt wel degelijk bij de meisjes en jongens.

Even ervoor werd het publiek opgewarmd door The Lumerians, een vijftal uit de San Francisco Bay Area dat in Brussel de recente release van hun tweede full album ‘The High Frontier’ kwam opluisteren. De muzikale geschiedenis van hun thuisbasis indachtig zit hun spacerock volgepropt met psychedelische invloeden, hier en daar geïnjecteerd met een verslavende krautrock groove. Niet meteen hapklaar radiovoer dus, wel een stevige aanrader voor liefhebbers van pakweg Hawkwind, Can en early Suicide.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/girls-against-boys-05-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lumerians-05-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/driving-dead-girl-05-05-2013/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2013)

 

Pagina 94 van 147