logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Stereolab
Festivalreviews

Night Of The Proms 2016 – Geslaagde show

Geschreven door

Er waren 4 shows dit jaar met onder andere 1 show in de Ethias Arena in Hasselt. Geen slecht idee want vlot tot in Antwerpen geraken wordt ieder jaar moeilijker. De show die we bezochten startte 15 minuten later door de verkeersproblemen. Ook dit jaar was het Kobe Ilsen die alles vlotje aan elkaar mocht praten.

De Braziliaanse dirigente Alexandra Arrieche was  voor de tweede maal van de partij. Samen met Il Novecento opende  ze de show met nummers van Stravinsky en Katchatourian 
Daarna was het de beurt aan Time for three. Een Amerikaans klassiek geschoold strijktrio. Vervolgens mocht de mooie Natasha Beddingfield tonen wat ze  in haar mars had. Met een diep uitgesneden jurk en zonder BH  trok ze alvast de aandacht naar zich toe. Een symfonische versie van “Unwritten” en “Soulmate” werd gebracht.
Na nog wat klassiek werk mocht Chaka Khan voor een eerste maal het podium op. “Diamonds are forever” kon niet echt overtuigen. Antonio Serrano met mondharmonica die erna kwam kon dat wel. Ook “Summertime” gezongen door John Miles met Antonio  was geslaagd. Publiekslieveling Gabriel  Rios mocht 2 nummers brengen en Tom Chaplin (van het respectabele Keane) mocht nog vóór de pauze 3 waaronder “Is there life on Mars”,  een eerbetoon aan de overleden David Bowie.

Na de pauze zagen we de stralende Laura Tesoro aan het werk met een nummer van Justin Bieber “I’m sorry”. Ook Natasha Beddingfield bracht hulde aan een overleden artiest. Zij bracht “Purple Rain” van Prince. Het onvermijdelijke “Music” van John Miles mocht uiteraard niet ontbreken.
Het was Tom Chaplin  die met “Everybody’s changing” iedereen aan het meezingen en dansen kreeg. Vanaf hier kwam de hitmachine op gang en gingen alle hits zonder onderbreking moeiteloos over in elkaar. ‘These words’ van Natasha Beddingfield, “Ain’t nobody  van Chaka Khan en “Broad daylight” van Gabriel Rios volgden in snel tempo. Ook Laura Tesoro met haar songfestivallied “What’s the pressure” en daarna “I feel for you” en “I’m every woman” van Chaka Khan deden de zaal uit de bol gaan.
Afgesloten werd er zoals steeds met een gezamenlijk gezongen nummer door alle artiesten. Ditmaal “Can’t stop this feeling” van Justin Timberlake. Wat een samenhorigheidsgevoel!

Het was alweer een geslaagde show . Een vakkundige aanpak. Meer van dat volgend jaar!

Organisatie: NOTP + Sportpaleisgroep, Antwerpen

Desertfest 2016 – Voor fans van Stoner-Doom-Sludge

Geschreven door

Desertfest 2016 – Voor fans van Stoner-Doom-Sludge
Desertfest 2016
Trix
Antwerpen
2016-10-14 t/m 2016-10-16
Yentl Stée

In het weekend van 14-16 oktober werd de Trix wederom ondergedompeld in een combinatie van muziek die aankomt als een sloophamer, langharig schorriemorrie en een walm van rook met een wel heel speciale geur. Als grote fan van deze combinatie was ondergetekende natuurlijk ook weer aanwezig. (oja en ook een klein beetje voor de arme stakkers die thuis moesten blijven).

dag 1 - vrijdag 14 oktober 2016

Een tip: als de hostel waarin je verblijft ergens aan de Groenplaats ligt probeer dan niet te voet de Trix te bereiken. Ondergetekende probeerde het, verdwaalde in Borgerhout en kwam uiteindelijk ergens in het midden van de set van Alkerdeel aan. Alhoewel dit nu al de derde keer in 3 maand tijd is dat ik ze mag aanschouwen was dit toch wel een beetje spijtig. De combinatie van Black Metal en Sludge is naast vrij uniek ook dan nog eens van een hoge kwaliteit. Ook dit keer was het een fantastische show, het geluid zat strak en de band nog strakker. Alhoewel de gehele band best wel een dikke pluim verdient krijgt bassist QW zodanig veel pluimen van mij dat hij er een mooi pauwenpak kan van maken. Naar mijn persoonlijke mening is hij toch wel één van de meer indrukwekkende bassisten binnen het genre en dit wordt ook muzikaal benut. Bij veel collega’s is de bassist verdoemd tot een eerder secundaire (lees: onhoorbare) rol waarbij die soms eens wat duidelijker mag spelen. Bij Alkerdeel is de bas echter (terecht) een prominent deel van de muziek. De zaal zelf zat ook goed gevuld en tegen het eind van de set werd het zelfs wat moeilijk om de zaal te verlaten.

Torche mocht de mainstage op vrijdag openen. Ikzelf was zeer nieuwsgierig naar hoe ze live gingen klinken, op album weten ze immers een vrij unieke en interessante sound te produceren die moeilijk met andere bands te vergelijken valt. Op eerste zicht leek het alsof ze live toch wel wat gingen teleur stellen. Bij het binnenkomen van de zaal en het beluisteren van de eerste nummers miste ik iets, ze wisten niet onmiddellijk mijn aandacht te trekken en het werd uiteindelijk zelfs een beetje saai. Ik besloot dan ook maar eerst mijn maag te vullen. Dit ging vlotter dan verwacht dus ik besloot om Torche toch nog een kans te geven. Dit bleek een goeie beslissing te zijn want het leek erop dat ze hun strakkere, hardere en meer interessante nummers voor het einde van hun set bewaard hadden. Dit spoelde de teleurstelling die ik voelde bij de aanvang van de set in één wip weg en ze slaagden er in om zo toch nog een lekkere show neer te zetten.

Na Alkerdeel mocht nog een heerlijke Belgische band zich bewijzen, namelijk Your Highness. Hoge verwachtingen bij deze band zijn vrij standaard aangezien ze gewoon altijd spetterende shows neerzetten. Althans bijna altijd, zo blijkt. Deze werden dit keer jammergenoeg niet ingelost. Muzikaal zat het allemaal best wel ok en indien dit één of ander nieuw bandje was die ik nog nooit aan het werk had gezien had ik het waarschijnlijk vrij goed gevonden. Doorheen de gehele show mistte ik echter de ruwe energie en hardheid die Your Highness normaal kenmerkt live. Om nu te zeggen dat het een slechte show was zou oneerlijk zijn, maar teleurstelling was bij mij wel aanwezig. Spijtig, vooral als je weet dat de band een pak meer in z’n mars heeft dan dat ze hier lieten zien.

Iedere Stoner-fan kent Yob wel en heeft ze hoogstwaarschijnlijk al een stuk of 80 keer live gezien (ze zijn best wel actief). Voor mij was het echter mijn yobmaagding (geloof me, dit is echt nog bijlange na niet mijn slechtste woordgrapje). De verwachtingen waren best wel hoog aangezien ik toch van zowat iedereen hoor dat Yob live de perfectie zelve is. Blijkbaar ben ik niet zo’n grote fan van perfectie aangezien de show niet echt indrukwekkend was. Het was allemaal wel goed, maar echte hoogtepunten waren er niet en tegen het einde van de set werd het naar mijn persoonlijke smaak eigenlijk een beetje ééntonig.

Topper van vandaag was naar mijn mening toch wel Red Fang. Het gebeurt niet vaak dat headliner mijn toppunt van de dag is, maar Red Fang was gewoon zo belachelijk goed dat geen enkel andere band die dag zelfs nog maar tot hun enkels kwam. Aangezien ze één van de gevestigde namen binnen het genre zijn mag je wel al hoge verwachtingen hebben en deze werden dubbel en dik ingelost. Op album mag Red Fang dan misschien wel niet de hardste zijn, op podium zijn ze dat alvast wel. De lekkere riffs walsten als een pletwals over je heen en zorgden voor een best wel unieke ervaring die moeilijk uit te leggen is. Andere keren dat ik Red Fang mocht aanschouwen waren ze best wel goed, maar niet echt speciaal. Dit keer was ik echter zo onder de indruk dat ik op een gegeven moment letterlijk met open mond van verbazing stond te kijken. Zeker voor herhaling vatbaar.

dag 2 - zaterdag 15 oktober 2016

Het is duidelijk dat de organisatie dit jaar voor een meer diverse line-up hebben gekozen waar wat meer Black Metal dan andere jaren in zit (daar ga je me niet over horen klagen). Met Wolvennest hebben ze een toppertje weten binnen te sleuren. De band zelf was eigenlijk onbekend voor mij maar hun combinatie van Black Metal & Doom overgoten met een psychedelisch sausje was vrij indrukwekkend en best wel uniek. Alhoewel ze niet de eerste band zijn die deze combinatie uitprobeert zijn ze wel één van de bands die er in slagen om deze combinatie echt te laten werken en er een eigen unieke draai aan te geven. Als opener van de dag konden ze alvast tellen.

Persoonlijk keek ik toch wel een beetje uit naar de show van Purson. Ik ken de muziek niet echt goed, maar wat ik tot nu toe gehoord heb kon mij wel bekoren. Eerlijk gezegd vielen ze voor mij persoonlijk live wat tegen. Er was weinig aan de set die m’n aandacht wist vast te houden en het bleef doorheen de set eigenlijk vrij middelmatig. De kans zit er echter wel dik in dat dit eerder aan het feit ligt dat ik langzaam aan het verhongeren was ipv dat ze echt niet goed waren aangezien ik toch een hoop rare blikken kreeg toen ik mijn mening over de set gaf aan andere mensen.

Na de ietwat teleurstellende set van Purson was er gelukkig Elder om mij te troosten. Dat deden ze met glans. Elder was nu niet meteen de band waar ik het meest naar uit keek, maar dat was duidelijk een vergissing. Elder wist een equilibrium te vinden tussen zware riffs en psychedelische vibes waardoor het al snel aanvoelde alsof het optreden plaats vond in een ander, leuker universum. 50 minuten was naar mijn mening eigenlijk te kort en ik hoop dat ze een volgende keer toch een hogere positie aangewezen kregen zodat we er langer kunnen van genieten.

Doordat Graveyard besloten had om last minute eventjes te stoppen met muziek te maken moest de organisatie nog snel met een vervanging afkomen. Het was niet helemaal zeker of dit hen ging lukken, maar deze kwam er uiteindelijk toch onder de vorm van Colour Haze. Een tot nu toe voor mij onbekende soort Haze, alsook een band die ik niet kende. Veel mensen leken echter opgetogen te zijn over deze vervanging dus besloot ik het een kans te geven. Jammergenoeg bleek Colour Haze echt mijn ding niet te zijn. Muzikaal zat het allemaal wel in orde en het publiek vond het ook best wel vet, maar de stijl die ze speelden wist me jammergenoeg op geen enkele manier te boeien.

Weedeater was voor mij persoonlijk de band waar ik toch wel het meest naar uit keek deze editie. Bijgevolg stond ik al ruim voor het optreden aan het podium te wachten. En wachten moesten we wel eventjes doen, doordat er om één of andere mysterieuze reden teveel rook in de zaal ging besloot het brandalarm om eventjes hemeltergend te krijsen. Het duurde best wel even vooraleer dit gestopt werd wat er voor zorgde dat Weedeater iets later moest beginnen. Ik was eerlijk gezegd wat ontgoocheld, van het gestoorde optreden die ik een jaar eerder op Hellfest mocht aanschouwen was er niet echt veel te zien op Desertfest. Ook besloten ze om een dik kwartier eerder weg te gaan wat hun set toch wel belachelijk kort maakte.

Band van de dag werd uiteindelijk Ahab. Op album ben ik niet altijd de grootste fan (heeft waarschijnlijk met het feit te maken dat mijn concentratievermogen op hetzelfde niveau is van een peuter op speed), maar live is het één van mijn favorieten. Ook dit keer wisten ze het perfecte evenwicht te vinden tussen muziek die aanvoelde als een rustig dagje op zee om je vervolgens de verpletterende diepzee in te sleuren met belachelijk zware riffs waar menig Slam/Beatdown bandje jaloers op mag zijn. Alhoewel ze een uur speelden voelde hun set veel te kort aan en was er bij mij het verlangen van meer. Wat een show.

Door het cancellen van Graveyard werd Pentagram gepromoveerd tot headliner gepromoveerd wat overigens volledig terecht was. Alhoewel ik persoonlijk wel een Graveyard fan ben komen ze naar mijn mening live nog niet aan de enkels van Pentagram. Alhoewel Pentagram zo goed als bejaard is, zijn ze zowat de meest energieke band die er op de affiche stond (ok, naast Toxic Shock dan). Het voornaamste dat ik altijd fantastisch vind aan Pentagram is dat ze na al die jaren te bestaan nog steeds overduidelijk veel plezier beleven aan het spelen. Je merkt dit niet enkel aan hun blije gezichten, maar ook in de muziek. Deze energie was ook deze keer enorm aanstekelijk wat er voor zorgde dat Pentagram een perfecte afsluiter was voor de avond.

dag 3 - zondag 16 oktober 2016

De zondag begon al onmiddellijk goed met de verrassing van de dag, deze was immers Dorre, een tot nu toe voor mij nobele onbekende. De beschrijving zag er wel goed uit dus ik besloot ze een kans te geven. Dit bleek één van mijn betere beslissingen te zijn in mijn leven aangezien ik ronduit omver geblazen werd. Al vanaf de eerste noot slorpte de muziek me op en zweefde ik weg op de beenharde atmosferische riffs die hier gespeeld werden. Volgens de beschrijving van de band was het origineel plan dat ze slechts één keer per jaar gingen spelen, ik hoop dat het ondertussen al een pak meer geworden is want ik heb eigenlijk niet echt veel zin om een jaar te wachten om deze band nog eens te mogen horen.

Ook met Moaning Cities zaten we met een nobele onbekende. Deze band werd mij echter persoonlijk aangeraden door een vriend als een must-see, voornamelijk omdat ze ook met een sitar speelden. Dit klonk allemaal goed en wel, maar die vriend was wel vergeten te melden dat naast het feit dat er een sitar is de band eigenlijk behoorlijk saai is (althans naar mijn mening dan toch). Ik besloot toch eventjes op mijn tanden te bijten en de eerste nummers te verdragen want het is nu eenmaal wel zo dat sommige bands eventjes moeten opwarmen en hun betere nummers voor later sparen. Toen de sitar erbij kwam leek het eventjes dat het interessant ging worden, maar helaas. Speciale instrumenten gebruiken is wel cool, maar het helpt niet veel als de muziek op zich al niet echt boeiend is.

Volgende band op mijn lijstje was Komatsu, ik was al eventjes onder de indruk van deze Nederlandse jongens op album, maar had tot nu toe nog niet de kans gehad om ze live te zien. Al van de eerste noot was het duidelijk dat ik een goeie beslissing had gemaakt want er werd meteen begonnen met stevige Sludge Rock om u tegen te zeggen. Hun naam hebben ze alvast niet gestolen aangezien het muzikaal wat aankwam als één van die graafmachines die je tegen de grond klopt en vervolgens wat over je gaat rijden.

Om één of andere reden is er op iedere editie van Desertfest altijd één show die zo fantastisch is dat het instant één van de beste optredens van m’n leven wordt. Ook dit jaar brak Desertfest niet met de traditie. My Sleeping Karma is nu niet meteen de band waarvoor ik aanwezig was, maar eerder een band die ik wel vet vond die ik eventjes ging meepikken. Ik had best wel hoge verwachtingen, maar wat er daar tentoongesteld werd tart gewoon alle verbeelding. Je voelde het al zodra de band begon, dit wordt een vette show. De band sleurde je diep hun psychedelische wereld in en als er iemand in de zaal aanwezig was die niet in een trance-achtige staat belandt , was dan vrees ik dat die persoon ernstige neurologische problemen heeft en daar best eens voor naar de dokter gaat. Alles klopte, de nummeropvolging, de visuals,… Ook de band zelf had duidelijk het gevoel dat dit een bom van een show was want ik zag nog maar zelden mensen zoveel plezier beleven op een podium. Alhoewel het leek dat ze duizend jaar aan het spelen waren was het nog te kort en ik hunkerde naar nog meer. Toch wel één van de top 10 beste shows die ik ooit mocht meemaken.

Na wat bekomen te zijn van die ronduit fantastische show begaf ik mij richting Canyon Stage om daar Lonely Kamel te aanschouwen. Hun heerlijke, zware blues-rock kon mij al een tijdje op album bekoren en ook live kon ik ze wel smaken. Echte hoogtepunten waren er echter niet, maar daar tegenover stond dan ook weer dat er geen enkel zwak moment te bespeuren was. Jammer dat ze een stuk samen moesten spelen met Uncle Acid & the Deadbeats wat er voor zorgde dat ik de set van Lonely Kamel voor een stukje moest missen.

De band waar ik het meest nieuwsgierig naar was is toch wel Uncle Acid & the Deadbeats. Naar mijn persoonlijke mening zijn ze toch veruit de band met de meest unieke sound op het festival. Een teleurstelling werd het alvast niet. Alles werd netjes gespeeld en eigenlijk was de show exact zoals ik ze gehoopt had. Het is moeilijk om een Uncle Acid & The Deadbeats show te reviewen aangezien deze eigenlijk een belevenis op zich is. Ik raad iedereen dus aan om dit zeker eens live te checken en je zal wel zien wat ik bedoel.

Hartverscheurende keuzes horen er nu eenmaal bij op een festival, het majestrale Goat moest samenspelen met de lokale Hardcore Punk/Crossover-bulldozer Toxic Shock. Alhoewel ik initieel voor Goat ging en dat allemaal wel fijn leek, ben ik het toch na een paar nummers afgetrapt omdat ik zin had in eens iets totaal anders. Dat was ook wat je kreeg bij Toxic Shock. Muzikaal spelen ze eigenlijk het tegenovergestelde van wat er doorgaans op Desertfest te horen valt. Toxic Shock verspilde geen seconde en ramde zich als een dolle neushoorn door het begin van hun set. Frontman Wally kwam met de rake observatie dat er precies wat opgekropte frustratie aanwezig was en dat het allemaal toch net iets te traag ging qua muziek dit weekend. Deze stelling werd al snel onderbouwd want zodra ze terug begonnen met spelen werd de hippie-achtige vriendelijkheid-en-knuffels-voor- iedereen-mentaliteit die al heel het weekend aanwezig was de deur uit gesmeten en ramde iedereen spontaan z’n vrienden de kop in. Een perfecte afsluiter om eens lekker wat stoom af te blazen en zo voldaan het festival af te sluiten.

Desertfest was terug een geslaagde editie. De vrij hoge prijs voor pintjes (ja ik vind €2,5 nogal veel) was dan misschien niet zo fijn, maar dat werd goed gemaakt door een goed gevuld programma en een strak georganiseerd festival. Ook voedingsgewijs werd er terug goed voor ons gezorgd en qua merch was er ook wel altijd iets beschikbaar. Dat men blij is met hoe Desertfest is,  valt ook op aan de verkoop want Desertfest mocht voor de derde jaar op rij weer mooi het bordje ‘uitverkocht’ bovenhalen voor zowel het gehele weekend als de afzonderlijke dagen.
Desertfest heeft zich terug bewezen als één van de beste Belgische festivals en ik zal alvast zeker terug aanwezig zijn volgend jaar.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/desertfest-2016/
Organisatie: Desertfest, Belgium

Leffingeleuren 2016 – van 9 t/m 11 september 2016 - Overzicht van het driedaags festival - Drie dagen feest voor de muzikale avonturier

Leffingeleuren mocht dit jaar veertig kaarsjes uitblazen, proficiat!, maar misschien nog belangrijker : dit was de tweede editie in de afgeslankte versie en ook dit jaar bleek dit de meest geknipte formule voor het festival. Het was bij momenten echt op de koppen lopen in het centrum van Leffinge voor het gratis gedeelte van het festival met zijn talloze dj’s, foodtrucks, kinder- en straatanimatie en het ‘Buskerstreet’ podium waar jonge artiesten hun ding mochten doen. Binnen (in de zaal, de kapel of het café) was het minder druk. Soms iets te weinig volk maar dat had dan weer het voordeel dat je als bezoeker altijd alles zonder problemen vanuit een comfortabele positie kon beleven.

dag 1 – vrijdag 9 september 2016
Het parcours begon in de zaal met de tongbreker, Hypochristmutreefuzz. Net als hun naam al liet vermoeden is dit Gentse vijftal niet van één markt thuis. Het ene moment kregen we strakke noise te horen waarna ze enkele nummers later zowaar in (best genietbare) progrock verzeild geraakten. Naast de gekke stemmetjes van Ramses Van Den Heede stonden vooral de synths van Thijs Troch centraal en die zorgden toch wel voor wat gemengde gevoelens. Soms spuuglelijk een andere keer voor een aangenaam warme gloed zorgend. Nu nog iets te wisselvallig maar het potentieel is er. (Ollie)

In de Kapel (een houten constructie in de schaduw van de kerk) zag ik vervolgens de uiterst sympathieke Louis Berry uit Liverpool. Ik had nog nooit van deze voormalige kruimeldief, die via zijn gitaar terug op het juiste spoor belandde, gehoord, maar zijn eerste drie songs behoorden tot het beste wat er dit jaar op Leffingeleuren te rapen viel. Dave Edmunds op de thee bij The Streets, zoiets. Daarna spatte de droom jammerlijk uiteen met een afknapper van formaat, een wansmakelijke popsong die ik eerder vond thuishoren in een circus. Na die monumentale misser liet Louis met dat bijzonder smakelijke accent (“verstaan jullie mij? In Engeland niet!”) het tempo zakken en gaf de rock-‘n-rollgitaar van het begin niet thuis. Maar naar het einde toe kwam middels nummers als “Cocaine” en “Rebel” de magie toch nog onverhoopt terug. (Ollie)

De sympathieke Brit Louis Berry bracht een fris mengelpapje van strakke rock’n’roll, folk en britpop. Wij moesten af en toe denken aan Miles Kane en The Strypes. Berry zijn songs waren misschien niet echt onvergetelijk maar zijn enthousiasme en bij wijlen stevig rockende begeleidingsband maakten veel goed. Laat die kerel nog wat harder werken en iets origineler uit de hoek komen en we gaan er in de toekomst nog  van horen. (Sam)

In het café was het stilletjes genieten van de akoestische mijmeringen en de teergevoelige stem van singer/songwriter Christopher Paul Stelling. Geen sentimentele rijstpap maar wel fijne folkrocksongs voor bij het haardvuur. (Sam)

Eagulls uit Leeds zijn begonnen als een post-punk band maar daar bleef zo te horen niet veel van over. Wat was het dan wel? Een indrukwekkende, dicht geplamuurde eighties sound die ik nog enigszins te verteren vond maar de ellendig pathetische zang van George Mitchell die daar bovenop werd gesmeerd , joeg me de gordijnen in. In het beste geval hoorde je een vage echo van The Cure maar meestal riep dit bijzonder nare herinneringen op aan de new romantics, net nu ik dacht dat die verwaarloosbare stroming uit de jaren tachtig definitief uit mijn geheugen was verbannen. (Ollie)

Eagulls
is een bandje die wij twee jaar geleden meteen in de armen sloten dankzij dat driftige debuut en een kwiek live optreden ergens in een bouwvallig zaaltje aan de Gentse dokken. Toen wij de heren een jaartje later op Best Kept Secret aanschouwden was onze euforie meteen een heel stuk gekoeld. De band ontgoochelde er met een stel overwegend nieuwe en deprimerende songs waarin het tempo serieus was afgeremd. De driftige punkrock had plaats moeten ruimen voor lauwe en oppervlakkige post-rock. Dit voorspelde al niet veel goeds voor de nieuwe plaat en helaas kwamen die lauwe verwachtingen met ‘Ullages’ ook uit, het is de weergave van een band die zich verlaagd heeft tot tweederangs Cure klonen die geen treffelijke song meer weten bijeen te schrijven. Die lijn trok zich zoals we al vreesden ook door in hun overwegend slappe act in Leffinge die te vergelijken was met de dooie boel van op Best Kept Secret. Bovendien legde de band weinig of geen enthousiasme aan de dag en gaven ze de indruk er helemaal geen zin in te hebben. Een optreden voor in de vergeetput. Jammer. (Sam)

Thurston Moore, de man waarop iedereen zat te wachten, begon zijn set met een ellenlang, repetitief en minimalistisch stuk dat slechts weerspannig zijn schoonheid prijsgaf. Klassiek opgebouwde songs hoef je bij hem niet te zoeken, wel grillige en immer boeiende gitaarexcursies, hier en daar voorzien van een flard tekst die de eeuwig jong ogende Moore toch moest aflezen van een statief. Rond hem een erg solide band waarin weliswaar geen Steve Shelley, maar een mij onbekende drummer met verder de uitstekende bassiste Debbie Googe en zijn ideale sparringpartner op gitaar, James Sedwards. Samen construeerden ze een epische sound die af en toe gedemonteerd werd voor experimentele reflecties en die momenten waren, wat mij betreft, de mooiste van de set. Daarnaast bleef het nieuwe en stevige “Cease fire” het langst in mijn hersenpan nazinderen.

Thurston Moore heeft met het legendarische gitaarnoise gezelschap Sonic Youth serieus zijn stempel gedrukt op de alternatieve muziekscene. Na zijn scheiding van Kim Gordon werd definitief het doek neergelaten over Sonic Youth, maar de geest van deze invloedrijke band hangt meer dan ooit rond in de sound en de songs van Thurston Moore. Moore stak furieus van wal met “Forevermore” en “Speak To The Wild”, twee ongeslepen pareltjes uit die ruwe diamant ‘The Best Day’. Als vanouds scheurde hij met zijn uitmuntende band de songs middendoor en de gitaren mochten heerlijk uit drie bochten tegelijk vliegen om dan telkens weer op hun poten terecht te komen. Moore trakteerde ons ook op fantastisch nieuw werk, bloedende songs waar de geest van Sonic Youth nog heviger in doordrong. En natuurlijk liet het zinderende combo de gitaren af en toe eens fel uitbarsten in een galm van distortion en feedback, some things never change. Het voelde gewoon aan als een heuse geruststelling dat een zeer levendige Thurston Moore met een stel energieke en weerbarstige songs trouw is gebleven aan de stomende en gruizige sound die hij zelf heeft uitgevonden.
Sorry, Lee Ranaldo en Kim Gordon, maar we hebben jullie vanavond geen seconde gemist.
Sonic Youth is dood, leve Thurston Moore! (Sam)

Met “Solicitor returns” maakte Matthew Logan Vasquez (Austin, Texas) één van dé americana platen van het jaar en die kwam hij in het café voor bedroevend weinig volk voorstellen. Jammer want dit was één van de beste optredens van Leffingeleuren 2016. Nadat ze vooraf met een flinke teug Jack Daniels de kelen spoelden , ging het drietal furieus van start met een trits driftige rock-‘n-rollsongs waartussen ze ook nog eens treiterig een Nirvana nummer inzetten. Even vreesde ik voor een rommelig onderonsje maar mits wat rustiger nummers kwam de onmiskenbare klasse bovendrijven. En met een lang Neil Young-achtig epos en het withete “Everything I do is out” kreeg ik de krop nog helemaal in de keel. Matthew Logan Vasquez, onthoud die naam.

dag 2 – zaterdag 10 september 2016

Ooit al gehoord van Mahler? Vanaf nu mag je deze naam niet meer vergeten, want België heeft er duidelijk een pronkstuk van een band bij.  Ze wonnen eerder dit jaar Verse Vis en stonden dus op het podium van Leffingeleuren. Volledig terecht, deze band heeft hét! Dromerige synths, een melancholie in de stemmen en hier en daar wat psychedelica in hun gitaarspel. Mahler klinkt catchy én strak tegelijkertijd. Onbegrijpelijk dat deze band tijdens Humo’s Rock Rally niet verder is geraakt dan 1 ronde. O.m. “Bout to go down”, “In my Head” en “Sheria” (gekenmerkt van een heel aanstekelijk refrein) zijn nummers van formaat, om nog maar te zwijgen over al de rest. Even kort gezegd: Mahler weet hoe een goed popnummer in elkaar zit, nu is het enkel nog aan jou om die goede popnummers te ontdekken! (Kimberley)

Ontzettend benieuwd waren we dan weer naar de eerste show van Felix Pallas. De finalisten uit De Nieuwe Lichting 2015 besloten al hun oude nummers in de kast te steken en naar buiten te komen met volledig nieuw
materiaal. Eerste twee singles “Rakata” en “Curse” klonken al enorm veelbelovend en we kunnen je verzekeren dat ook de rest van de nummers absoluut niet teleurstellen. Felix Pallas is gegroeid, heeft eindelijk de juiste sound gevonden en staat er meer dan ooit. Elektronica vermengd met melancholie en twee stemmen die perfect op elkaar inspelen. Dansbare muziek waar je tegelijkertijd kan bij wegdromen … (Kimberley)

Mike Krol (Milwaukee, Wisconsin) won vorig jaar de Vera concertpoll en als je de lijst winnaars daarvan (Dead Moon, Jon Spencer Blues Explosion (2x), Godspeed You Black Emperor!,...) bekijkt wil dat toch wat zeggen. De politie-uniformen van dat concert toen in Groningen werd ingeruild voor iets wat nog het meest leek op een gevangenisplunje. En het moet gezegd : Mike Krol gaf zowat alles wat hij in zich had. Hij begaf zich voortdurend in het publiek, zo ver zijn microfoonkabel toeliet. Spurtjes lopend, rollend over de grond, niets was hem teveel en er viel altijd wel wat te beleven. Maar (je voelt het al komen) al die energie stond niet in verhouding met de veel te brave garagepop die we hoorden. Slecht was het niet maar had dit een stuk ruiger geklonken dan kwam ik waarschijnlijk superlatieven tekort terwijl het nu bij een goedkeurend hmm bleef. (Ollie)

De
Chileense Föllakzoid tapte vervolgens in de zaal uit een totaal ander vaatje. Soundscapes, vakkundig en geduldig met diverse lagen loops opgebouwd door gitarist Domingo Garcia-Huidobro en van aanstekelijke ritmes voorzien door bassist Juan Pablo Rodriguez en de wonderlijke drummer Diego Lorca. Bleef het eerste nummer nog wat teveel hangen in gepingel, tijdens nummers twee en drie steeg Föllakzoid boven zichzelf uit en werden we meegezogen in een hallucinante trip vol psychedelische gitaren, hypnotiserende en soms etnisch klinkende drums en een stuwende bas. Adembenemend! (Ollie)

De Chileense krautrockband Föllakzoid‘s laatste album “II
I” dateert van 2015 en werd enorm goed onthaald. Ook live staat deze band er , en is elke show een hele sensatie om naar te kijken. Zowel nummers uit hun gelijknamig album ‘Föllakzoid’ als uit hun album “II” en “III” werden gespeeld. Ingrediënten voor hun muziek zijn hedendaagse elektronische muziek, de kraut en industrial-nalatenschap van Neu!, Kraftwerk en Can met daarbij antieke ritmes vermengd. Terwijl deze band op plaat niet altijd overtuigt, waren wij nu wel razend enthousiast. Dikke bal! (Kimberley)

Vervolgens kon Night Beats (Seattle) in de Kapel niet over de gans lijn overtuigen. Nochtans weet niemand beter dan D. Lee Blackwell sixties garagerock te combineren met de recente psychedelicagolf. Zwetend als een rund maar halsstarrig weigerend zijn hoed af te zetten toverde hij als vanouds de meest wonderlijke klanken uit zijn gitaar. Alleen hadden sommige nummers iets te weinig om het lijf of bleven ze steken in de tonnen gruis die kwistig werd uitgestrooid. Maar wie hield van uit de bocht scheurende psych gitaren, die ondanks alle distortion stijlvol bleven klinken, kwam hier ruimschoots aan zijn trekken. (Ollie)

Soldier’s Heart is nog een artiest uit De Nieuwe Lichting die hier vanavond stond op Leffingeleuren. Ze brachten dit jaar hun debuutplaat ‘Night by Night’ uit, waarmee ze enorm overtuigden . Vrolijke dansbare popsongs die je een gelukkig gevoel geven. En ze hebben een sterke uitstraling. Sylvie Kreusch is een frontvrouw met veel charisma en een schattigheidsfactor. Nummers tijdens de set waren o.a. “New Housie”, eerste single “African Fire” en de onlangs uitgebrachte single “Savage”. Opnieuw werd duidelijk dat Soldier’s Heart een vrij ondergewaardeerde band is in België , ondanks ze deze zomer niet van de festivalweides weg te slaan waren. Hoog tijd om daar verandering in te brengen! (Kimberley)

Na Terakaft vorig jaar stond er opnieuw een Touareg bluesband op het programma in de Kapel. Imarhan komt uit Tamanrassee, een stad uit het zuiden van Algerije en met zijn vijven op één lijn geposteerd , brachten ze aanvankelijk erg gedreven desert blues met de gebruikelijke hypnotiserende gitaren en een opjuttende kalebas. Naarmate de set vorderde probeerden ze wat afwisseling in hun sound te smokkelen door er elementen uit de funk en zelfs hardrock aan toe te voegen. Nobele bedoelingen, helaas met minder gelukkige gevolgen. Gelukkig trok het overwegend vrouwelijk, dansende publiek zich niets aan van mijn randbemerkingen maar (voorlopig) kan Imarhan toch niet tippen aan een Terakaft, laat staan Tinariwen, bij wie ze familieleden in de rangen zouden hebben. (Ollie)

Deze mooie zaterdag eindigde voor mij  in het café met een waar splinterbommetje, genaamd Wooden Indian Burial Ground, een drietal uit Portland, Oregon. Waar ik eerder dit jaar hun motor nog hoorde sputteren op het Stellar Swamp Festival werd ik hier totaal van de sokken geblazen. Wat een heerlijke razernij was dit. De gitaar hoog op de borst gedragen vond Justin Fowler zijn inspiratie in zowel surf, psychedelica als garage- en punkrock terwijl hij zong als een Jello Biafra in acute ademnood. En dat aan een moordend tempo, opgejaagd door een onwaarschijnlijke drummer, Dan Galucki, die niet voor niets in de frontpositie had postgevat, en bassist Sam Farell, die zich ook al niet aan de snelheidsregels hield. Opgefokte rock-‘n-roll waar toch even het gaspedaal werd gelost voor een magistrale cover van “Dead moon night”, een eerbetoon aan stadsgenoten Dead Moon.
Toen alle nummers erdoor gejaagd waren en het publiek nog meer wou speelden ze dan maar “Fight for your right” van de Beastie Boys om het feestje compleet te maken. Na afloop diende de drummer even plat op de grond te gaan liggen wat zeker niet onbegrijpelijk was na zo’n inspanning. (Ollie)


dag 3 – zondag 11 september 2016 (Ollie)

Fysiek verval verhinderde me zondag om van het ene naar het andere podium te spurten. Toch miste ik de belangrijkste afspraken niet zoals Aidan Knight (Victoria, British Columbia, Canada) in de zaal. Goed voor intieme, herfstige indiepop, spaarzaam maar mooi ingekleurd door twee bandleden (drums en keys) en zijn eigen melancholisch klinkende gitaar. Na een poosje besloot hij om alleen verder te gaan wat me een stuk minder beviel. De man mag dan al vergeleken worden met Bill Callahan, zijn bijna fluisterende stem raakte nooit in diens buurt. Toen zijn twee begeleiders terugkwamen en het meisje een trompet bovenhaalde werd het opnieuw bijzonder mooi.

Op basis van hun laatste plaat die geproduced werd door tUnE-yArDs’ baas Merill Garbus waren mijn verwachtingen voor Sonny & The Sunsets niet bijster hoog. Wat research achteraf leerde me dat dit reeds zijn zesde LP was en vooral dat hij bij de vorige hand- en spandiensten had gekregen van onder meer John Dwyer (Thee Oh Sees) en San Francisco music scene veteraan Kelley Stoltz.
Het eerste nummer bleek een fausse queue maar daarna werd steeds meer duidelijk dat Sonny Smith verdomd goed wist een song in elkaar te knutselen. Meestal vond hij zijn inspiratie in een ver verleden (doowop bijvoorbeeld) maar wist daar dan telkens boeiende dingen mee te creëren. Meestal klonk hij als Jonathan Richman op valium, waar niets mis mee is. Jammer genoeg waren het niet alleen zijn songs die loom klonken, zelf bleek hij ook enorm traag en zelfs slaperig. Na ieder nummer moest hij telkens ontzettend lang zijn gitaar stemmen wat één keer zelfs totaal niet lukte en hij dan maar een andere pakte. Het haalde de vaart, als die er al was, totaal uit de set. Jammer!


De laatste plaat van Daniel Romano, ‘Mosey’, vond ik een stuk minder dan zijn vorige twee maar na zijn passage in Leffinge klinkt die plots veel beter. Is dit nu net niet de kracht van de allergrootsten om een plaat via optredens aan importantie te laten winnen? En dat Romano een grote is, laat niemand daaraan twijfelen. Weg is het countrykostuum, tegenwoordig houdt hij het bij een leren jekker. Hij opende de set, net als op de plaat, met het Mexicaans klinkende “Valerie Leon” om dan resoluut, met een stem die steeds verder richting Bob Dylan opschuift, de forse rock-‘n-rolltoer op te gaan. Het paste hem uitstekend. Ongeveer halverwege de set wisselde elk van de vijf groepsleden Oblivians-gewijs van instrument en klauterde Daniel Romano net als Greg Cartwright achter het drumstel. Na precies één noot nam iedereen zijn vertrouwde stek terug in zonder dat iemand ook maar een krimp gaf. Hilarisch en toen iemand even later riep “Tell us a story” antwoordde hij kurkdroog “I don’t speak English”.
Ja, het draait hem om de muziek bij Romano en voor de tweede helft betekende dat vooral een geheel eigen interpretatie van wat country zou kunnen zijn. Deze schitterende band zorgde voor het absolute hoogtepunt van Leffingeleuren!


Na Aidan Knight en Daniel Romano probeerde ik nog een derde Canadese groep : July Talk uit Toronto. Maar dat bleek een verkeerde keuze. Terwijl de Australische singer-songwriter, Julia Jacklin, het café muisstil hield, zag ik een band proberen belegen seventiesrock nieuw leven in te blazen via een paringsdans tussen Peter Dreimanis en Leah Fay wat niet meteen lukte.

Daarna was het uitkijken naar The Tubs op het Buskerstreet podium. Wat is deze band de laatste jaren toch gegroeid! Van een sympathiek rommelig garagebandje naar een volwassen eigentijdse countryrockgroep. De groep tourde onlangs in de USA en dat heeft hen blijkbaar deugd gedaan. De band speelde strakker dan ooit en zanger Simon lijkt zich nu helemaal onttrokken te hebben aan zijn Daniel Johnston-status. Opvallend ook hoeveel prachtige songs, die zich stuk voor stuk kunnen meten met hun ‘Byrds’-cover “You ain’t going nowhere”, deze band heeft. En die werden erg aanstekelijk en opgesmukt met een lapsteel voor het voetlicht gegooid terwijl er naar het einde toe al eens een scheurende Neil Young gitaar tussen gemoffeld werd. Schitterende groep!

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge  

Crammerock 2016 op 2 & 3 september 2016 - Topeditie en topaffiche

Geschreven door

Crammerock 2016 op 2 & 3 september 2016 - Topeditie en topaffiche
Crammerock 2016
Festivalterrein
Stekene
2016-09-02 & 03
Lode Vanassche

In 1991 begon het sympathieke jeugdhuis Cramme met een niet onaardige affiche met onder andere Pitti Polak, ‘Happy doing nothing’. Een kwart eeuw later staat Crammerock op de Belgische festivallandkaart met alweer een editie van jewelste. Een slordige dertig duizend mensen konden met volle teugen genieten met een programmatie van jong tot oud. En dat was ook het publiek.

dag 1 – vrijdag 2 september 2016

De West-Vlamingen Ertebrekers wisten na een wat flauwe Noëmie Wolfs het Stekense publiek danig te begeesteren. Mensen vergeten maar al te vaak dat onze Filip Kowlier een muzikant pur sang is.

Daan
, die enkele jaren geleden met zijn typische metier kwam revanche nemen na een in de pers breed uitgesmeerd stom akkefietje, poogde dit met de nodige vingers in de neus over te doen. Althans, dat zou de bedoeling moeten zijn. Helaas de haring bakte niet en we konden eerder getuigen van een routinematig optreden waarin het vuur en het enthousiasme eerder een theelichtje was.

De immer verlegen Vanlaere van Admiral Freebee was duidelijk in zijn nopjes en bracht een dijk van een concert. Minder kan je niet verwachten als je weet dat we hier te maken hebben met een van dé singer-songwriters én performers van de lage landen en daarbuiten.  Superlatieven en woorden zullen steeds te kort schieten. Hoe moet ik nou in godsnaam een stomende goed opgebouwde set met als climax een weergaloze “Darkness” beschrijven waar we in één klap het beste van Mick Jagger, Neil Young, Bob Dylan en Zappa in één band zien en horen …

Bazart
moet het doen van de hype die ze willens nillens hebben gecreëerd. Zeer begeesterd, maar net niet overtuigend genoeg. Groei maar rustig en zeker verder.

The Black Box Revelation
: Vettige rock nog steeds op zoek naar variatie. Nu met twee heerlijke vocalistes. Al van hun derde brachten ze hun nieuwe “Warhorse”, een veelbelovend lekker nummer waar je voor of tegen bent. “Set Your Head on Fire”, “I Think I Like You”,  “We Never Wondered Why”, “Never Alone / Always Together”:  al hun werk werd  met de nodige drive en discipline door dit duo /quattro gebracht. Beklijvend en om Paternostersgewijs in te kaderen.

Madness -
Reeds dertig jaar geleden richtten Suggs en zijn eeuwige vriend Chas Madness op. Vandaag lijken ze nog geen haar veranderd en hebben ze nog niets van hun pluimen verloren. Het beloofde feest is er gekomen en was letterlijk waanzinnig, zodat we alweer een hoogtepunt kunnen inschrijven in de annalen van Crammerock. Je kan natuurlijk bedenken wat ze uiteindelijk met de jeugd van Stekene  te maken hebben, zoals Suggs zelf opmerkte, maar laat u zich daardoor niet hinderen. Deze verbreding werkt wel degelijk prima. Madness was niet te betrappen op zwakkere momenten en bleef er de pees op leggen, ook met minder bekende en recentere nummers die trouwens waardig naast hun hits konden staan

dag 2 – zaterdag 3 september 2016

Jeroen Camerlynck van De Fanfaar heeft zijn serieus ei gelegd met de zogezegd parodieuze metalband Fleddy Melculy. Er zit meer metal in zijn linkerteen dan alle Larsen van alle Metallica’s samen. Ironie met een serieuze sneer naar hoe het nu echt moet. Volgend jaar later te programmeren.

Els en Danny van Vive La Fête hebben zichzelf niet gerecycleerd, maar gewoon gedaan wat in hun naam staat. Een feest bouwen. De West-Vlamingen zijn niet alleen in het publiek, maar ook op het podium legio.

De jeugd van tegenwoordig
was ideaal voor de leeghoofdige jongeren in het publiek, vandaar de overvolle tent. Sorry, maar boodschappen tegenover jonge snaken a la ‘ik kom klaar, zie je het niet aan mijn bult in de broek’ enzovoorts , kan me geenszins bekoren.

Sx
heeft een of ander overtuigend charisma en  slaagt daar met de ietwat alternatieve set  uitstekend in. Hun radiohit “Gold” is een verborgen pareltje tussen de andere pareltjes geworden. En zo te zien aan het publiek geen parels voor de zwijnen. Sx zorgde voor een warme beklijvende set waar oud met veel nieuw werd afgewisseld. Stefanie en co slaagde er met verve erin om met hun esoterische-indiepop en trance te brengen en te houden. Ze ontpopte zich met haar elegante ravissante slangenbewegingen andermaal tot een opzwepende, creatieve en vooral lekkere frontvrouw.

Hooverphonic
is wat mij betreft dé revelatie van Crammerock. Als gewoonlijk weet Carlier zich te omringen met de beste muzikanten, terwijl hij zich heel discreet op het podium stelt zonder het centrum van de aandacht te willen zijn. Met twee uitstekende zangeressen, een aantal strijkers en een percussie van jewelste laat Hooverphonic de muziek spreken. Heerlijke reprises en nieuwe versies van hun klassiekers “Mad about you”  en “Jackie Cane”. Om nooit te vergeten.

Over The Kooks kunnen we kort zijn. Deze gerecycleerde boysband was goed voor de jeugd en goed voor wij ouderen. Konden we even pauzeren in de drukke programmatie.

Balthazar
legde op een been en met de vingers in de neus de boel gewoon plat. En dit na uitverkochte concerten in Parijs, Hamburg , Berlijn en in een recordtempo tweemaal verkochte AB ! De klank zat zo goed als perfect en we kregen een set om duimen en vingers van af te likken. Less is more als grootste troef en geen poeha of moeilijkdoenerij. Hopen muziek hebben die gasten mee!  Na opener “Deceny” passeerden onder andere “Leipzig” “Boatman”,  “Oldest”, “Looked” en “Blood” de revue. Definitief neergeknuppeld na de bisronde met “True”, “Sinking” ,”Claim”.
Balthazar weet als geen ander verschillende genres door elkaar te spelen en er heel gelaagd doch fantastisch twee en meer stemmen in harmonie erover te draperen. Intensiteit en speelplezier zoals het hoort. Terwijl ze nu even gaan pauzeren en zich verrijken met allerhande nevenprojecten. En ja, Patricia is de mooiste violiste die er rond loopt. Zou niet misstaan in een of ander Velvet Underground Tribute Band …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/crammerock-2016/
Organisatie: Crammerock, Stekene

Pukkelpop 2016 thru thee yes & ears of Geert Huys

Geschreven door

Pukkelpop 2016 thru the eyes & ears of Geert Huys
Pukkelpop 2016
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2016-08-30

DAG 1, donderdag 18 augustus 2016

WARHAUS (Club, ***½)
Net op het moment dat de singles van Balthazar iets te licht verteerbaar begonnen te worden komt één van de frontmannen, Maarten Devoldere, op de proppen met het minder hapklare soloproject Warhaus waar ook zijn muse en Soldier’s Heart gezicht Sylvie Kreusch op de loonlijst staat. Kenners wijzen direct richting Gainsbourg, wij hoorden en zagen minstens evenveel Cave en Cohen die een snelcursus trompet hebben gevolgd.

ROBBING MILLIONS (Wablief?!, **½)
Dit Brusselse psychpop vijftal bulkt van de virtuositeit maar heeft nog wat moeite om een eigen muzikaal smoelwerk te smeden uit de erfenis van haar evidente inspiratiebronnen MGMT en Yeasayer. Oorwormen genre “Electric Feel” of “O.N.E.” liggen misschien wel binnen handbereik, maar zolang  deze sympathieke gasten zich door teveel bochten tegelijk willen wringen blijven ze een goed bewaard vaderlands geheim.

TWIN ATLANTIC (The Shelter, ***)
We lopen doorgaans in een wijde boog omheen stadionrockacts, maar de anthemische highland rock van deze vurige bende Glaswegians konden we wel smaken. Net als stadsgenoten Glasvegas spatten de ongebreidelde passie en het heilig vuur van het podium, maar wordt Het Grote Gebaar wijselijk achterwege gelaten.

FENCE (Wablief?!, ***)
Het Limburgse indiepop combo is alweer terug van even weggeweest, en speelde reeds voor de vierde keer een thuismatch op de weide van Kiewit. Leuke vaststelling is dat hun ongedwongen crossover van Big Star en Pavement nu een funky twist heeft meegekregen, wat perfect pastte bij de zomerse vibe die zich op dat moment van Pukkelpop meester maakte.

CAGE THE ELEPHANT (Club, ***½)
We lieten Wolfmother zonder dralen links liggen ten voordele van dit wilde classic rock gezelschap uit Kentucky, want we hebben nu eenmaal een boontje voor hun frontman Matt Shultz. Met de punch van een jonge Mick Jagger en een bronstige David Johansen loodste hij zijn makkers doorheen een stomende (maar door technische problemen jammerlijk ingekorte) set vol knipogen naar de Stones en 60ies Nuggets garagerock, met “In One Ear” als vetste hoogtepunt.

BLUES PILLS (The Shelter, **)
We hadden wel wat meer verwacht van deze trip met de teletijdsmachine naar 1970 toen zompige bluesrock en psychedelische trips de orde van de dag uitmaakten. Verder dan een belegen en ongeïnspireerd afkooksel van het origineel kwam dit Zweedse gezelschap niet, en het hielp ook al niet dat zangeres Elin Larsson zich drie kwartier lang de zangeres van Heart waande.

THE KILLS (Marquee, ***½)
“Doing It To Death” heet de puike nieuwe Kills single, en warempel, op het podium doen ze hét tegenwoordig zowaar met vier. De snaren van Jamie ‘Hotel’ Hince en de rits van Alison ‘VV’ Mossheart (of was het nu omgekeerd?) staan iets minder strak gespannen dan voorheen, maar de op een kale beat drijvende minimale garagerock van deze Brits-Amerikaanse tandem behoort hoe dan ook tot het fraaiste die de achterbuurten van de liefde te bieden hebben.

THE LAST SHADOW PUPPETS (Main Stage, ****)
Misschien was Pukkelpop 2016 wel de laatste kans ooit om dit uit de hand gelopen hobbyproject van twee Engelse Britpopsterren op een Belgisch podium te zien pronken. Ondanks het feit dat een kwieke Miles Kane, een lichtjes benevelde Alex Turner en hun orchestraal 60ies pop gevolg één lange aaneenschakeling van catchy radiohits uit hun mouw schudden bleef het publiek onbegrijpelijk op de achtergrond. Hét hoogtepunt van de set vloeide zelfs niet eens uit hun eigen pen: Kane nam tijdens The Fall’s indie classic “Totally Wired” het risico om in de huid te kruipen van de onnavolgbaar arrogante Mark E. Smith en kwam er nog mee ruimschoots mee weg ook.

FLYING HORSEMAN (Wablief?!, ***)
Muzikale duizendpoot Bert Dockx en zijn vijf makkers lokten verrassend weinig liefhebbers van donkere en innemende doomfolk naar de Belgen tent. Wie zich ooit afvroeg hoe een kruisbestuiving tussen Woven Hand en Mogwai unplugged zou klinken moest hier op de afspraak zijn.

BATTLES (Club, ****)
Volgens Ian Williams, woordvoerder en gitarist/keyboardspeler van dit gezaghebbende Amerikaanse mathrock gezelschap waren hij en zijn twee maats maar wat blij dat ze eindelijk hun noodgedwongen forfait voor de dramatische PP editie van 2011 konden goedmaken. Voortgestuwd door de manische drumkunstjes van ex-Helmet tempobeul John Stanier kreeg het trio de tent langzaam maar zeker onder hypnose, en ook dit keer bleek een epische uitvoering van de postmoderne krautrock evergreen “Atlas” de absolute sterkhouder van de show.

BLOC PARTY (Marquee, ***½)
De bende van een fel aangekomen Kele hinkt tegenwoordig op twee benen. Wanneer uit de eerste twee albums wordt geciteerd sturen de Londenaars, zelfs met een nieuwe ritmesectie in de rangen, de nieuwe generatie Engelse gitaargroepjes zonder pardon huiswaarts met hitsige postpunk projectielen als “Hunting For Witches” en “Helicopter”. Bij het aanboren van recent materiaal bleek de band echter nauwelijks meer dan een schaduw van zichzelf. Vastroesten in het lucratieve golden years circuit of zelfontbranding, we zien momenteel weinig andere opties voor Bloc Party v2.0.

MASTODON (The Shelter, **½)
We kunnen ons niet van de indruk ontdoen dat de Amerikaanse metalveteranen niet echt veel zin hadden om op de eerste festivaldag de luidste tent in Kiewit te sluiten. Qua demonstratie van hun gitaartechnisch vernuft en het aantal duizelingwekkende stemmingswisselingen tussen metal, hardcore en hardrock kon deze show uiteraard wel tellen, alleen leken de zware jongens uit Atlanta deze keer niet te beseffen dat een beetje publieksinteractie nooit kwaad kan.

DAG 2, vrijdag 19 augustus 2016

AMONGSTER (Club, ***½)
Ernstige mensen die op zoek waren naar ernstige muziek konden na een stevige ochtendkoffie al meteen terecht bij deze voormalige laureaten van De Nieuwe Lichting. Hun eigen muzikaal smoelwerk danken ze vooral aan de rauwe doorleefde Americana strot van frontman Thomas Oosterlynck  waarover ijle emotronica is uitgestrooid. Wie nog meer tegengif wil innemen tegen de alomtegenwoordige FFF (‘fake feelgood factor’) kan in het najaar terecht in de AB voor de debuut release show.

BEATY HEART (Lift, ***)
Dit piepjong Zuid-Londens trio haalde de meest poppy momenten van Vampire Weekend en euh... de meest toegankelijke momenten van Animal Collective door de mangel en brouwde er op het nieuwe kleinste podium van PP een zomerse electropop cocktail mee.

CASPIAN (The Shelter, ***½)
Wie de driedubbele gitaarmuur van dit gitzwarte vijftal uit Massachusetts  trotseerde kreeg een stevige portie epische post-rock als beloning. Liefhebbers van Explosions In The Sky en Mogwai hoorden hier op de afspraak te zijn.

HYPOCHRISTMUTREEFUZZ (Wablief?!, ***)
Na de éénmalige reunie van Evil Superstars vorig jaar staan de potentiële troonopvolgers al te trappelen van ongeduld. Meer zelfs, naast ongeschoren blueslicks en knetterende electronica gooien deze vijf tegendraadse Gentenaars ook nog een portie rap en hiphop in de mix. Muzikaal zat alles dus wel lekker averechts in elkaar, een geniaal gestoorde frontman lijkt dan ook het enige wat nog ontbreekt om in de voetsporen van Mauro & co te treden.

SHOW ME THE BODY (Lift, ***½)
Master of ceremony Ayco Duyster had ons een venijnig DIY groepje uit The Big Apple beloofd, en daar bleek geen wood van gelogen. Laverend tussen de primitieve hardcore van Minor Threat en Black Flag en de virtuoze cross-over metal van 24-7 Spyz en Prong verkocht dit trio ons een lekkere  oplawaai die nog lang zal blijven nazinderen. De scheldtirades en agressieve provocaties van frontman Julian Cashwan Pratt, die nota bene de gitaar had ingeruild voor een minstens even luidruchtige banjo, namen we met de glimlach op de lippen en pretoogjes in ontvangst.

GOGO PENGUIN (Club, ****)
Jazz: er is tegenwoordig echt geen ontkomen meer aan en dat hebben Chokri en Eppo maar al te goed begrepen. Temidden een horde hippe jazzcats zagen we dit ronduit virtuoze instrumentale trio uit Manchester alle clichés van het genre wegblazen: dit was tegelijkertijd opwindend, groovy en begeesterend, en kwam bij momenten zelfs aardig in de buurt van wat vooraanstaande labels als Mo’Wax en Ninja Tune tijdens de 90ies in de aanbieding hadden. Laat St. Germain hier een beat onderzetten en je krijgt niets minder dan een wereldgroep.

AMBER ARCADES (Lift, ***½)
Door het forfait van Blaue Blume kreeg dit jongste snoepje van de Nederlandse indiescene alsnog een een stekje op een festival onder de Moerdijk. De afwisseling van dromerige gitaarliedjes à la The Sundays en lichtvoetige shoegazepop uit de hoogdagen van Lush goot lekker binnen, ook al lieten we ons soms nodeloos afleiden door de ontwapenende verschijning van het frele frontmeisje Annelotte de Graaf. En ja, naast de juiste looks helpt het natuurlijk wel dat je zonder blozen wegkomt met een remake van Nick Drake’s “Which Will”.

SLEAFORD MODS (Club, ****)
De oerprincipes van punk worden door Sleaford Mods strikt nageleefd: deftig kunnen zingen of spelen zijn geen must, maatschappij kritiek spuien en provoceren zijn dat wel. Qua afspiegeling van de maatschappij kan de muzikale act van de Britten ook wel tellen: terwijl woordvoerder Jason Williamson  met een soort ‘spoken word on speed’  zich in het zweet vloekt staat zijn kornuit Andrew Robert Lindsay Fearn te niksen achter een laptop die repetitieve loops uitbraakt. Punk is 40 jaar jong en, getuige de set van dit onnavolgbare Britse duo, allesbehalve dood!

LOCAL NATIVES (Club, ***½)
Door de plotse stuiptrekking van de hemelsluizen liep de Club tent wel heel erg snel vol voor de zonovergoten close-harmony crossover pop van dit Californische vijftal. Er staan inmiddels drie albums op de teller, waarbij elke nieuwe schijf telkens een beetje minder interessant klinkt dan z’n voorganger. Live is er gelukkig weinig te merken van die muzikale bloedarmoede en klinken Local Natives als de ontstuimige achterneefjes van Fleet Foxes die zich te goed doen aan een batterij percussie instrumenten.

DOUBLE VETERANS (Wablief?!, ****)
Een nieuw jaar, dus een nieuw  groepje voor Lee ‘zoon van Guy’ Swinnen. Het feit dat debuutschijf ‘Spaceage Voyeurism’ zowat gans het voorjaar in onze stereo kampeerde creëerde hoge verwachtingen, en die werden oorverdovend ingelost. Toegegeven, in essentie plundert dit explosieve trio zowat de helft van de Nuggets catalogus, maar daar tegenover staan jeugdige branie en een lichtontvlambare podium presence die van Double Veterans één van de beste (garage)rockbandjes van het moment maken.

NOEL GALLAGHER’S HIGH FLYING BIRDS (Main Stage, ****)
Noel Gallagher had duidelijk z’n dagje niet: de Mancunian was niet arrogant, het aantal keer dat ‘fookin’’ in zijn bindteksten opdook was op één hand te tellen én hij trakteerde op drie Oasis evergreens waarvan het traditionele afsluitende anthem “Don’t Look Back In Anger” ons zowaar kippenvel bezorgde. Alleen dat complimentje aan het adres van de ferm over het paard getilde grootverdiener Kevin De Bruyne was er ver over, maar voor de rest was dit een onverwacht uurtje uiterst genietbare classic rock.

RÓISÍN MURPHY (Marquee, **½)
De doortocht van de Ierse disco diva Murphy was er één van te weinig pieken en te veel dalen. Dat het voormalige uithangbord van Moloko evenveel heeft met muziek als met mode wisten we al, maar een stuk of 20 keer van outfit veranderen op een uur tijd was misschien wel wat teveel van het goede. Die grote verkleedparade haalde onnodig de ‘flow’ uit haar show die soms wat te veel op een aaneenschakeling van half uitgewerkte ideeën leek. La Murphy wil duidelijk op een avontuurlijke manier de toekomst in zonder haar verleden zielloos te herkauwen, getuige de toch wel geniale banjo versie van “Overpowered”.

SOPHIA (Club, ****)
Na 7 jaren zonder enig teken van leven kwam Robin Proper-Sheppard opnieuw bewijzen waarom hij één van onze favoriete treurwilgen is. Hier stond een herboren coryfee uit de 90ies te blinken die naast wat nieuwe nummers ook, zoals hij ze zelf zo treffend omschreef,  een trits oldskool rock & sad songs op de setlist had staan. Met twee extra gitaristen in de rangen moet dit trouwens zowat de meest heavy reïncarnatie van Sophia zijn, waardoor zelfs breekbare Duyster pareltjes als “So Slow” en “Bastards” klonken alsof ze door The God Machine werden gehaald.

WHITNEY (Lift, ****)
Als één van de hipste bands van het moment wordt deze bonte bende uit Chicago nu zowat de helft van de aardkloot rondgevlogen ter promotie van ‘Light Upon The Lake’, een onvervalst breakup album vermomd als een luchtige verzameling zomerse meefluitliedjes dat steeds uitdrukkelijker solliciteert naar de top van de eindejaarslijstjes. De zingende frontman Julien Ehrlich loodste zijn vijf metgezellen doorheen een ongedwongen uurtje jazzy close-harmony pop met de nodige knipogen naar ex-bands van sommige groepsleden (Smith Westerns en Unknown Mortal Orchestra) maar ook naar 60ies helden als The Lovin’ Spoonful en The Zombies. Als deze indiekids zich niet al te rijkelijk gaan laven aan allerhande pills en thrills dan duurt deze triomftocht van het pure popliedje wellicht nog tot Rock Werchter 2017.

THEE OH SEES (Club, *****)
Ze zijn uiterst dun gezaaid, zo van die gigs waarvoor je achteraf wierook en superlatieven te kort komt om de adrenaline kick van het moment in woorden te vatten. Wie even na 1u ’s nachts de Club tent binnen strompelde gets the picture. Het vanuit San Francisco opererende psychedelische garagerock gezelschap Thee Oh Sees grijpt terug naar de primaire essentie van rock’n’roll: snoeihard, rauw en vol overgave raasden de heren als een ontspoorde pletwals over alles en iedereen heen. De motor achter die pletwals bestond uit twee synchroon meppende drummers die op aangeven van de manische frontman John Dwyer zich de ziel uit het lijf speelden. Hoezo, rock = dood & begraven? Koop of steel een plaat van Thee Oh Sees en u wordt met sprekend gemak van het tegendeel overtuigd.

DAG 3, zaterdag 20 augustus 2016

ANDRÉ BRASSEUR & BAND (Marquee, ***½)
Met dank aan Belpop kenner Jan ‘De Dikke’ Delvaux is onze vaderlandse Hammond maestro terug hip en mocht de veteraan met 76 lentes op de teller eindelijk debuteren op Pukkelpop. Vergezeld van een vijfkoppige begeleidingsband, met o.a. Mens drummer Dirk Jans in de rangen, kwam de man bewijzen dat hij naast veredelde kermisdeuntjes genre “Early Bird” ook een flinke brok acid jazz avant la lettre uit zijn orgel heeft geschud. Brasseur zelf genoot met volle teugen: ‘Vous êtes for-mi-da-ble!’. Van ons krijgt ie een 10 voor sfeer en gezelligheid.

VANT (Main Stage, ***)
Je bent als Engels groepje niet slecht bezig wanneer het tweede optreden op Belgische bodem al meteen op het hoofdpodium van PP blijkt door te gaan. We hoorden een flard sympathieke punkpop uit de back catalogue van Ash afgewisseld met rammelige indie uit dezelfde goot waar The Libertines ooit zijn aangespoeld, maar echt vonken deed het nooit.

WARHOLA (Castello, ***)
Sinds hun gouden plak op de Rock Rally editie ’14 heeft dit hippe vijftal in alle stilte de intussen alom beproefde dubstep formule van James Blake flink bijgeschaafd door nog meer ruimte te geven aan pathos en melodrama. Het voorlopige eindresultaat begint wel steeds meer naar Oscar & The Wolf te ruiken: een commercieel gunstig vooruitzicht heet zoiets.

ARBEID ADELT! (Wablief?!, ****)
Wie twijfelt aan de houdbaarheidsdatum van de avant-garde electro die het kolderieke trio sinds de prille 80ies uit haar mouw schudt kunnen we meteen gerust stellen: Ze Staan (nog steeds) Scherp! De gevatte woordspelletjes van de immer kwieke Marcel Vanthilt (‘Het systeem werkt op mijn systeem’, iemand?), de verschroeiende industrial noise injecties van enfant-terrible-op-leeftijd Luc Van Acker en de wulpse sax van Jan Vanroelen: het blijven beproefde ingrediënten van één van de weinig nog actieve eerste generatie Belpop bands. We starten nu al een nieuwe petitie voor hun generatie- en geestesgenoten: graag Aroma di Amore op PP ’17!

KING GIZZARD & THE LIZARD WIZARD (Club, ****)
Wie Tame Impala’s transitie van beloftevol psychedelisch rockbandje tot discopop supersterren met lede ogen heeft aanzien kan voortaan terecht bij deze landgenoten die vooralsnog geen ambitie hebben om radiovriendelijke 3’ popsongs uit te braken. Wel integendeel, de set van deze 7 virtuoze Aussies -inclusief twee drummers naar het voorbeeld van hun geestesgenoten Thee Oh Sees- leek meer op één lange jamsessie volgestouwd met geschifte tempoversnellingen en dito stemvervormingen. Tiens, de platen van Jethro Tull lijken plotsklaps niet meer zo oubollig.

GRANDADDY (Marquee, ****)
Onze Californische antihelden herhaalden hun truukje van PP editie 2012: zonder nieuwe plaat op zak toch maar weer lekker de Marquee doen vollopen voor een uurtje indiegeschiedenis. Wel nieuw leken ons de visuals waarin de groeipijnen van onze aardkloot zoals overconsumptie en overbevolking met de nodige ironie werden aangekaart. Geen enkele andere groep heeft zich met succes gewaagd aan de onwaarschijnlijke crossover tussen ELO en Neil Young, wat meteen ook de blijvende populariteit van Jason Lytle & diens mannen met baarden en/of baseball petten verklaard.

ERTEBREKERS (Wablief?!, ***½)
Als oangespoelde West-Vloaming móestn wulder vaneigens efkes passeern voorbie de veur de geleegenteid tot ‘Otel’ ommegebouwde Belgentente. En die zot hjèlehans vul, want da nie groepke va die drie giestiggoards mee Fluppe Kowlier es redelijk populeir ant komn. Uuk al waster in geel den omtrek gien Zjei of Oallkarre te bekenn, we vonden wieder die Westvloamse nummerkes geweunweg skitterend. Tot 'n noaste kji!

LCD SOUNDSYSTEM (Main Stage, ****½)
James Murphy & co verklaarden zichzelf in 2011 nog dood en begraven, maar tekenden toch maar lekker voor de meest welgekomen muzikale verrijzenis van PP16. Een pak jaren zijn intussen verstreken, maar toch doen de New Yorkers hun naam nog steeds alle eer aan door te zweren bij analoge apparatuur. Verscholen tussen een indrukwekkend aantal vierkante meter vintage synths leek de groep zich dan ook eerder in een opnamestudio dan op een festivalpodium te bevinden. Anderhalf uur lang regeerde een onweerstaanbare punkfunk groove over Kiewit, maar omwille van een te lage aai- en herkenbaarheidsfactor resulteerde dat jammer genoeg niet in een massaal dansfeestje.

TAXIWARS (Wablief?!, ***½)
Tom Barman heeft al menige tent mogen sluiten op PP, dit keer kreeg hij het gezelschap van drie jazz cats met wie hij onlangs een tweede schijf inblikte als TaxiWars. De hyperkinetische zegzang van de Antwerpse veteraan en de bijwijlen funky late nite groove van zijn virtuoze maats vormden een geslaagde blend, alleen een cocktail bar uit één van de Tarentino prenten ontbrak om het broeierige sfeertje compleet te maken. Wel jammer dat een groot deel van het publiek de Wablief?! tent had uitgekozen om tijdens deze acoustische set wel erg luidruchtig bij te praten. Een terechte reactie van de lichtontvlambare Barman bleef niet uit, maar de jeugd bleef hardleers.

MARKY RAMONE’S BLITZKRIEG (Shelter, ****)
In het jaar dat punk 40 veiligheidsspelden door lijf en leden mag prikken was PP het aan zichzelf verplicht om een dinosaurus uit het genre op te trommelen. ‘This set is dedicated to Joey, Johnny, Dee Dee, Tommy … and Lemmy’ orakelde ex-drummer Marky Ramone vooraleer hij en zijn drie maats de eerste van vele ‘1234’s op de meute afvuurden. Eén van die maats was trouwens een oude bekende in de persoon van Ken Stringfellow, voor eeuwig en altijd het halve brein van The Posies. Als een dolle veertiger verkende hij alle uithoeken van het podium met slechts één doel: een geloofwaardige tribute brengen aan de wat tragische figuur van Joey Ramone. Eén uur en 27 punk evergreens later leek die missie ruimschoots geslaagd. Leuk overigens dat Sinatra het laatste woord kreeg met “My Way”: weinig verjaardagsfeestjes worden beter dan dit.

Neem gerust een kijkje naar de pics van Lowlands 2016
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lowlands-2016/
Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pukkelpop 2016 – zaterdag 20 augustus 2016

Geschreven door

Pukkelpop 2016 – zaterdag 20 augustus 2016
Pukkelpop 2016
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2016-08-20
Masja De Rijcke en Johan Meurisse

We hadden een evenwichtig parcours uitgestippeld van verschillende podia . Dance en rock waren vandaag sterk verenigd,  van LCD Soundsystem , Jamie Lidell , Anderson. Paak , naast een Marky Ramone en Minor Victories; ook  veel goeds in de dancehall met Dua Lipa en Soulwax .
Die Boiler, Castello en Dancehall nemen een prominente plaats op Pukkelpop in en duwen de andere stages in de back . Het siert de programmatoren dat zij door de jaren hier veel in geïnvesteerd hebben .
Vandaag was het een dagje Pukkel ten top 

Een overzicht van het parcours
Dancehall zei U? Jawel , Al vroeg in de namiddag stond AlunaGeorge , rond de bevallige schone Aluna Francis en de elektrotechneut George Reid . De r&b , soul, funk  en hiphop werd  in groovy, zwierige dansbare electrobeats en dubstep geplaatst. Een fris twinkelende sound , die ergens Moloko verraadt en  waar tussen in Aluna (vocaal) hotst . Al heel wat volk vroeg geniet , heupwiegt , danst op deze dampende ritmes; een broeierige, hotte , toegankelijke sound met duidelijk hitpotentieel . Een ‘Body Music’ door songs als “You know you like” , “I’m in control” , de nieuwe sterkhouder “Mean what I mean” en de doorbraak  “White noise”. Al meteen een fijne performance van deze heerlijk verschijning , die in de picture kwam met haar gastbijdrage bij Disclosure “. In het najaar ‘een must see’ in de Bota!

Een nokvolle tent hadden we voor de Brits –Kosovaarse jonge Dua Lipa , die ons door het voorjaar loodste met de schitterende single “Be the one” . Een heuse band had ze achter zich , en zelf was de schone te zien  in haar Raptor t-shirt en rodeobroek . Heel wat jong volk droeg de charismatische artieste op handen . Ze was sterk onder de indruk . Het materiaal is niet  allemaal op het niveau van een zwierige , dansbare ritmiek, ze heeft ook een rits slepende , donkere,  tragere nummers op de leest van London Grammar gedragen door haar diepe , indringende stem . “Good times” (in Jamie xx remix), “Hotter than hell” en haar doorbraaksingle deden de Dance hall daveren. Op het ontdekkingsfestival Eurosonic werd ze  gekoesterd en veelbelovend onthaald , in het najaar kan dit voor een breder publiek in de AB!

“Welcome to our birthday party …” Ons eigen The Subs heeft iets te vieren. Ze bestaan tien jaar. De eerste tunes van “Are you excited“ (“Music is the new religion”) staan garant voor een stomende party . De Pessemier is bij zijn fans te vinden , crowdsurft en baant zich letterlijk een weg door de mensenzee. Het publiek hotst , botst , danst , handjes in de lucht , ‘de oohoohs’ galmen op de bonkende , pompende electrobeats en schurende , scheurende gitaren.
De beatbastards zijn en blijven populair met hun geflipte electro/house/techno/wave , “Kiss my trance” , “Fuck this shit” , “Face of the planet”  en de dolle gekte met een verwaaide Franstalige “ Pope of dope” waren zondermeer treffers . Het feestje werd nog completer met oud lid Stefan Bracke en een metalgitarist , die de sound nog heftiger maakte.  The Subs – wat een pletwals!

Kroonstuk was Soulwax van de Dewaele Broertjes, die begonnen na de set van LCD Soundsystem , van onmiskenbare invloed op hen . De retroSoulwax  is definitief opgeborgen . Met de jaren deden ze DJ ervaring op , kregen we het succesvolle 2 Many DJs dat evolueerde naar een Soulwax Nite versions, welke ‘.0’ ook  . Ze verwerken die punkfunk in een potpourri van elektronica, elektro, breakbeats, neurotische trance en vervormde vocals opgezweept door een diepe bas en drums.
Ze werden aangekondigd als een project met ‘three staccato drums and analogue synths’ . Iets speciaals verwezenlijkten ze , met een combo van (jawel) drie drummers ( metaldrummer Igor Cavalera btw!), een bassist en backing vocalistes. De broers staan rechtover elkaar omgeven van immense elektronica, en gaan diep, rauw, knallend, schurend  en dreunend . Een hectische, chaotische gekte! Vroegere nummers worden herwerkt , her geïnterpreteerd, lopen over elkaar en door elkaar met nieuwe nummers . “E-talking”, “Miserable girl”  herkennen we ergens; de driedubbele drumsalvo’s op “NY excuse” , vormt een ongelofelijke apotheose. Wat een samenspel van de broers met de band!  Iedereen was verbaasd , onder de indruk en ging overstag op die unieke elektrorock . De dance hall ontplofte . Wat een terugkeer. Nu zien hoe ze dit ooit op plaat krijgen …

Eerder op de mainstage hadden we ook iets lekkers zoets en dansbaars met LCD Soundsystem en in de vroege namiddag Anderson .Paak and The Free Nationals.

Het NY-se LCD Soundsystem , rond de excentrieke spil James Murphy,  heeft na vijf jaar elkaar opnieuw gevonden . Tien jaar terug lanceerden zij  punkfunk in dansversie , hypnotiserend, bedwelmend , bezwerend, ritmisch , melodieus .
LCD Soundsystem was hier één van de headliners , maar bij het jonge volkje zijn ze niet echt gekend om de andere dansbare site van het terrein te verlaten . Op de koop toe begint het dan nog te regenen midden de set , waardoor enkel de ‘die-hard’-LCD’s  fans overblijven . We zagen Murphy, zijn rechterhand Whang en de band op hun best, scherp , strak , groovy en innemend . Heel wat elektronica, synths , drumkits en versterkers  stonden opgesteld op het podium . Jawel , negen man zagen we daar wel bezig .
Anderhalf uur kregen we een backcatalogue , in een compacter rockend jasje,  gekenmerkt in repeterende , melodieuze en ontspoorde  ritmes. De LCD punkfunk werd een gegeven  door de gitaarriedels, de diep dreunende basses, de doortastende bleeps en de opbouwende groove. Murphy spuwt z’n praatzang in een overgemoduleerde microfoon.
Een losgeslagen gekte, zeker als klassesongs “Get innocuous” , “Yeah yeah” , “Losing my edge” werden afgevuurd . Hier werden de dansspieren getriggerd en werden we letterlijk meegesleept en -gezogen. “The time has come” , inderdaad . “Us vs them” en “Daft punk is playing at my house” zorgden voor een heerlijk rock-elektronische start.  Popelektronica van een meer gewoon afgelijnd niveau zat er tussen met o.m. “Tribulations”, of lichtvoetiger  door “You wanted a hit” en “NY , I love you but you’re bringing me down” , lounge/nightclubbing, in een decor op z’n Jimmy Fallons; Murphy ging vocaal door merg en been.  Frank Sinatra zou jaloers zijn. Hij mag er dan verwaaid, warrig uitzien , een paar flessen wijn achterover gekieperd hebben , live zagen we professie en een aardige , sappige , spannende , venijnige  en stekelige  band .
Het liedje van LCD lijkt nog niet uitgezongen . De 90s ravers beleefden ‘the time of their life’ hier . Benieuwd wat de toekomst brengt .

Een ander hoogtepunt noteerden we in de vroege namiddag met de Californische singer/rapper Anderson .Paak . Hij kon al op een volle wei rekenen en blaast het hiphopgenre nieuw leven in . Jawel,  met een band achter zich , die meer diepgang brengt en soul, r&b voller , steviger laat klinken in een groovy ritmiek. Zeker ook als we de man zelf achter de drums zien en hij rapt en zingt . Het jonge volkje smelt voor die genietbare , zwoele, aanstekelijke , dynamische sound , scherp , relaxt , dansbaar . De band is perfect op .Paak ingespeeld . Het soult , funkt , groovet, een The Roots op hun best; een stikjaloerse Kendrick Lamar valt voor zo’n beloftevol artiest . Kan ook niet anders als je de doorbraaksingle “Am I wrong/luh you”  een Bowie’s “Let’s dance” tune geeft ; verder klinkt hij even overtuigend op “Come down of tracks” , “Heart don’t stand a chance” en “The season/carry me”. In het voorjaar was de Bota al uitverkocht , na vandaag lonken de grotere clubs . Schitterend vieruurtje!

Een aanstekelijk luik dus met deze twee , dat inwerkte op de dansspieren , maar Pukkelpop had vandaag nog veel schoons geprogrammeerd – Een overzicht …

Kort na de middag hadden we de  jonge UK belofte Vant , die nauw verwant zijn met het oude Subways. Het stof werd uit de oren geblazen door hun rauwe , gruizige garage rock’n’roll. Het is altijd aangenaam zo’n bandje te zien dat rockt , knalt!

Iets later stond op dezelfde mainstage Gnash , de uit LA afkomstige 22 jarige producer; hij  had een DJ mee en bracht  minimal lounge soul/r&b beats’n’grooves . Een zonovergoten Pukkelpop onderging de aangenaam lome beats en genoot. Terrasjesweer met een onderkoelde cocktail was het beeld dat zich opdrong . Het hitsingletje “I hate I love you” (op plaat met Olivia O’Brien) zorgde voor de doorbraak , wat al een ruime belangstelling opleverde . Niet echt verrassend , maar uiterst genietbaar; het publiek liet zich meeslepen in ‘oohoohs’ en handjes zwaaien …

Niet enkel Bazart heeft België in zijn broekzak zitten maar ook voormalig Rock Rally- winnaar Warhola is goed op weg. Zij hebben dit jaar een mooie EP de wereld ingestuurd die zij met volle overtuiging voor een zo goed als volle tent brachten  op de wei van Pukkelpop. Hun bekendste nummer “Unravel” deed ons even zweven maar ook “Lady”, “Red” en “Reshape” vielen bij ons en bij de aanwezige festivalgangers in de smaak. De melancholische dreampop en de hoge noten van Oliver Symons brachten ons gedurende volledige setlist naar hogere sferen. Een leuke trip naar betere oorden. Wij kijken zeker uit naar het debuut en een volgend concert. (Masja De Rijcke)

Vanthilt’s Arbeid Adelt! is al vijfendertig jaar bezig en stond nog nooit op één van de Pukkelpopstages . Hij was hier al eens presentator en kon zich met nu met Jan Van Roelen en Luc Van Acker uitleven op het podium . Drie verschillende personalities, even verscheiden gekleed (een Van Acker in camouflagepak op deze hete namiddag!) , dwarsten hun oude hits met nieuw werk uit de nieuwe plaat ‘Slik’ . Nederlandstalige minimal, wave en elektropop , in een anarcho- absurdistisch karakter en vrolijke chaos, lokte een volle Wablief tent.  Arbeid Adelt!  was hier populair en trok een divers publiek aan. De set was energiek, dynamisch , leuk , speels , doordacht van de nodige flair, charme en humor … In die elektro/wave werd de subtiliteit en finesse niet het oog verloren! “Popcornmario”, “50000 hats” , “Het systeem“, ze nestelden zich moeiteloos naast die intrigerende opgestofte “Jonge helden”, “De man die alles noteert”, “ Ik sta scherp” ,  “Lekker westers”,  “De dag dat het zonlicht niet meer scheen” en een verbasterd “Death disco” .  Op het einde jamde het trio lekker door . Arbeid Adelt! stond verdomd scherp!

De iets jongere bompa’s van Grandaddy speelden in 2012 al een eerste comeback op Pukkelpop. De band rond Jason Lytle breit er een staartje aan en keert nu terug , waarbij een nieuwe plaat in ‘t verschiet ligt . De houthakkershemden zijn opgeborgen, de baarden bijgeknipt , maar ze zijn nog steeds onder een petje te bewonderen . De catchy psychedelische ‘wegdroom’ pop is
bezwerend, meeslepend , opzwepend en blijft na al die jaren overeind . Lytle zweeft vocaal over de nummers heen. De gitaar- orgelpartijen zijn  iets unieks  en kregen een dosis galm mee. Ze speelden sterk materiaal als “Hewlett’s daughter” , “El caminos in the west” , “The crystal lake” en “A.M. 180” , voorzien van een rits weirdo projecties en beelden, uit de oude doos, vloeistofdia’s  gecombineerd met shoppingcentra, gekke tractorpullings , accidenten op een crossparcours … “Only one new one”  scandeerde hij braafjes, “Way we won’t”, die hun rootspsychedelica met een groot uitroepteken bevestigt.

King Gizzard and the Lizard Wizard zijn Australiërs met een missie, namelijk hun fans meenemen op een psychedelische trip terug in de tijd van 70’s psychedelica. En daar zijn zij heel goed in geslaagd. Een opzwepende band die beschikt over twee drummers die er beiden voor zorgen dat hun sound sterker wordt gemaakt en hen onderscheidt van andere soortgelijke bands. Ook de rest van de muzikanten spelen op hoog niveau en weten hun publiek met open mond naar het podium staren. Wat hen ook speciaal maakt , is dat zij enkel hun laatste nieuwe plaat ‘Nonagon Infinity’ volledig hebben gespeeld en nummers van hun vorige platen achterwege laten. Dit kan voor sommigen misschien teleurstellend zijn maar wij zijn 100% overtuigd van hun aanpak en hebben met volle teugen genoten. (Masja De Rijcke)

De funkende soulpop van Jamie Lidell tekende voor de ideale zonsondergang op Pukkelpop . We zagen de getalenteerde Brit al in allerlei gedaantes. Hij heeft nu een full live band achter zich, materiaal en een singer op hun  best . Wat een dampende groove , vol geluid dat triggert en happy feelings verwezenlijkt  . Hij profileert zich ergens tussen Stevie Wonder, Prince en Jamiroquai  in . In oktober komt de nieuwe plaat uit, ‘Building a beginning’ ; de single “Walk right back” meet zich naast de oudere “Multiply” , “Another day” , “Little bit of feel good” en “When I come back around” . Even konden we op adem komen op het innemende , ingetogen  “I live to make you smile”, dat hij schreef voor zijn tweejarig zoontje . Lidell geeft z’n materiaal een live boost. De blanke soulzanger pakte ons volledig in . Sterkhouder! In het najaar in de AB.

In de Lift konden wij de meest beloftevolle band van Denemarken zien spelen. Althans zo wordt de band Liss omschreven. Wij hadden hier echter onze twijfels bij en vonden deze band allesbehalve. Het Justin Timberlake gehalte liep naar mijn bescheiden mening hoog op en deze band kon mij helemaal niet overtuigen. Het publiek dacht daar echter anders over en we moeten eerlijk toegeven dat de sfeer er goed inzat. De aanwezigen hebben ruimschoots gedanst en genoten. We zien een mooie toekomst voor deze elektroniche soul popband, gezien de omstandigheden . (Masja De Rijcke)

Taxi Wars
, het jazzproject van Tom Barman (dEUS) en saxofonist Robin Verheyen was de laatste avond te zien in de Wablief!?. Het is een veelbelovend project dat live zeker kan overtuigen maar door het geroezemoes in de tent van de voorbijgangers die kwamen schuilen voor de regen was Barman toch even van zijn melk. Hij wees iedereen erop ‘respect te moeten hebben voor de band en de mensen die echt van het concert wouden genieten: “Het zijn hier geen laptops op het podium … Het is gevoelige muziek”. Desondanks was dit een heel goede ,  gevarieerde show. Zowel rustige gevoelige songs als dansbare zweverige jazz kwam hier aanbod.  En wij hebben er zeker van genoten. (Masja De Rijcke)

De existentiële pop van Oscar & The Wolf moesten we genoodzaakt aan ons voorbij laten gaan door het boeiend slotoffensief van Marky Ramone ’s Blitzkrieg, één van de Ramones drummers , die het muzikaal erfgoed van veertig jaar terug in bijna evenveel  nummers ( lees: zeker de helft!) speelde . Joey, Johnny en Dee Dee worden op zo’n momentum op handen gedragen . Maar ook Lemmy werd geëerd.
“ One –Two –Three – Four” , in een sneltempo vuurde Ken Stringfellow (jawel van The Posies) samen met een gitarist, een bassist en Marky , de rits nummers op ons af
, “I Don’t Care”, “Sheena Is a Punk Rocker”, “I Wanna Be Your Boyfriend”, “ Rock’n’roll highschool”, “The KKK Took My Baby Away”, “Pet Sematary” … Ze flikten het , ‘Blitzkrieg punk stills alive’!

Voor we de Boilerroom en soortgelijken onveilig gingen maken namen we nog even een kijkje in de Shelter voor Marky Ramone’s Blitzkrieg. Deze enige overlevende Ramone en plaatsvervanger van voorganger Tommy kwam met Ken Stringfellow (Posies) en Captain poon (Gluecifer) alle legendarische Ramones hits voor ons brengen. Duidelijk dat je dit niet mocht missen. Punk herleefde, net zoals de oude punkers die aanwezig waren in de Shelter. Ruim twintig Ramones nummers werden hier door de boxen geramd waaronder “I don’t Care” , “Sheena Is a Punk Rocker”, “I Wanna Be Your Boyfriend”, “Gimme Gimme Shock Treatement”, ... Te veel om op te noemen zeg maar. Eindigen deed de legendarische drummer uiteraard met “Blitzkrieg Bop”. Deze show werd opgedragen aan zijn voormalige collega’s Dee Dee, Johnny en Joey die al enige tijd een rockende ster aan de hemel zijn en Lemmy die ons nog niet zo lang geleden heeft verlaten. Voor hem speelde Marky het nummer “R.A.M.O.N.E.S” van Motörhead maar ondertussen waren er nog enkele andere covers in de setlist opgedoken zoals de punkversie van Louis Armstrong’s “What a wonderfull world”. Het was een show om nooit te vergeten! (Masja De Rijcke)

Het gelegenheidscombo Minor Victories houden we maar best in ‘t oog , zeker voor wie houdt van een potje Slowdive – Swervedriver – Loop - My Bloody Valentine - Ride – Jesus & Mary Chain en Mogwai . Een Muzikale Schoonheid wordt hier samen geperst in een reeks stekelige,  stevige songs met een gepaste , beheerste dosis effects , fuzz, galm en noise . Minor Victories is het bizar getalenteerde
Rachel Goswell (Slowdive), Justin Lockey (Editors) , Martin Bulloch en Stuart Braithwaite (Mogwai). Samen klonken ze gedreven,  behielden een intense spanning en zorgden voor een intens beleven; ze dienden  stroomstoten toe en feedback explosies . Ride , die hier vorig jaar maar een matige set speelde, werd weggeblazen.
Pukkelpop kon voor de alternatieveling niet beter eindigen …

Op die manier besloten we Pukkelpop 2016 - Een gevarieerde Pukkelpopaffiche , die de kaart van gezelligheid meer dan ooit trok en op de verschillende stages voldoende moois van genres en ontdekkingen te bieden had. Tot volgend jaar!

Neem gerust een kijkje naar de pics van Lowlands 2016
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lowlands-2016/
Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pukkelpop 2016 – vrijdag 19 augustus 2016

Geschreven door

Pukkelpop 2016 – vrijdag 19 augustus 2016
Pukkelpop2016
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2016-08-19
Masja De Rijcke en Johan Meurisse

Aan de tweede Pukkelpopdag houden we fijne muzikale herinneringen over. Een gemoedelijke start, met rustige, sfeervolle acts, meer dynamiek door gevestigde waarden op de Mainstage, Marquee en aangename ontdekkingen op de kleinere stages.

Een overzicht

Op de mainstage hadden we Lukas Graham , die op korte tijd pijlsnel de hoogte is gegaan met “7 years old” , die op de valreep als afsluiter te horen was. Het jonge publiek smulde van de charismatische zanger , die de invloed van zijn ouders en de verlieservaring van z’n pa deelde met zijn publiek . Melodieuze pop , subtiel uitgewerkt , prikkelde, rockte live. Een sympathieke band met piano/keys , blazerssectie , veel ontblote bovenlijven, die het jonge publiekje op handen draagt , en omgekeerd erg warm werd onthaald . Een ‘Grahammania ervaarden we. Het optreden werd verhuisd naar het hoofdpodium en niemand zal het zich beklaagd hebben . Heel wat hitpotentieel hoorden we op de leest van Sam Smith , met “Mama said” als volgende topper .

The Lumineers hadden eerst af te rekenen met een fikse regenbui . Hun campfire indiefolk gaf de indruk bij de start uitgedoofd te worden , maar de vrolijke , relaxte deuntjes en het bandcharisma bevorderde de samenhorigheid. Trouwens,  ze zorgen ervoor dat het genre naar een (hoger) popniveau wordt getrokken . Speelplezier ervaarden we, met een knipoog naar CCR’s “Have you ever seen the rain” en  “No rain” (Blind melon) ; verder ook een Dylan als één van hun  meest gerespecteerde sing/songwriters (“Subterrannean homesick blues”). Al meteen vielen een reeks sterke singles “Ophelia”, “Cleopatra” en “Hey ho” als regendruppels op ons neer. De betere regendans! Hun roots werden nooit verloochend en dat maakt hen zo lieflijk, onschuldig , goed .

Meer rock ? Jawel , Noel Gallagher heeft een sterke band achter zich High Flying Birds . “This one’s for the best footballer in England , Kevin de Bruyne!” . We wisten het snel ,  Gallagher is een groot fan van Manchester City.  Ondanks het feit dat de Oasis songs (“Champaign supernova”, “Wonderwall” , “Don’t look back in anger”) zich hier het sterkst profileerden , en luidkeels werden meegezongen , heeft hij voldoende eigen overtuigende Britrockende nummers en bewijst hij wat een sterk songschrijver hij wel is . Het publiek geniet van die wisselende aanpak van sfeervolle , broeierige en aanstekelijke rock’n’roll/pop
ondersteund van keys , piano en sax. ‘Chasing yesterday’ , de vorig jaar verschenen nieuwe plaat kwam vooral in de picture met de rockende “Lock all the doors” en “You know we can’t go back” en prachtsingles “In the heat of the moment” en “The ballad of the mighty I“. Ook “AKA what a life” van een paar jaar terug , onderstreept met een vette streep zijn talent.  Soms misten we wat bezieling , maar coolness is nu net één van Gallaghers eigenschappen . Af en toe kon het vocaal bij gescherpt worden , maar in één adem besluiten we ‘Brit- pop’ rockt !

The Chemical Brothers van de electrowizzards Ed Symons en Tom Rowlands hadden iets te vieren vorig jaar , ze bestonden twintig jaar , hadden nieuw werk en trokken op festivaltour . Vorig jaar op Werchter , dit jaar op Pukkelpop; een greatest hits , verweven met een soort DJset, hoorden we. Tot slot vuurden ze nog enkele classics op ons af . De prachtige projecties en beelden gaven elan aan de bigbeats. “Hey boy , hey girl” is intussen de vaste openingstreffer , de “Chemical beats” hun vertrouwd geluid , en verder pompten ze een “Do it again”  en “Go”  in het eerste deel . “Setting sun”, met Noel’s galmende gitaar, zat middenin de set. Kwalitatieve sterkte die ze moeiteloos verder zetten in “Star guitar” , New Orders “Temptation” en “Elektrobank”. Veel moois zat verweven in de collage van hun DJset , die hun psychedelica roots niet verloochent.
Ze hebben opnieuw aansluiting gevonden bij de jongeren , een volle wei ging hier uit zijn dak. Velen verlieten even de Dance hall en andere Boiler toestanden om deze pioniers aan het werk te zien . “Leave home”, “Galvanize” , “Block rocking beats” maakten van hun party een stomend feestje , die  verder werd gezet met de Nieuwe Lichting Chase & Status .

En verder?
In de vroege namiddag hadden we een drie- ineen, de electropop van Anne-Marie , die al tweetal hits te pakken heeft , “Do it right” en “Alarm” . Net als onze Billy , moeten we haar talent nog afwachten . We lieten de sound van het popsterretje  graag over ons heen komen. Goed dus, maar nog niet voldoende om te blijven hangen , maar de jonge spring-in-t veld deed zeerzeker  haar best .
The DMAs zijn opkomend talent uit Australië . Ze worden wel de Aussie-Oasis genoemd . Die invloed is onmiskenbaar , maar reken een Ride in gedoseerde pedaaleffects er ook maar bij . De shoegaze was dus  uiterst beheerst in hun fijngevoelig, zoetgevooisd geluid .
Tot slot Hypochristmutreefuzz, een bijna onuitspreekbare bandnaam uit ons eigen Belgenlandje , met zes op het podium , houden het op tegendraadse , noisy ritmes. “Schizophrenic blues” is een van de songs en daarmee is alles gezegd, die ergens Sonic Youth en Birthday Party samenvoegt .

Een relaxte namiddag ervaarden we met Astronaute , de volgende op de Wablief stage .Net als hun projecties zagen, hoorden we in alle rust de golven van de zee . Een melancholisch Duyster concept , langzame pracht , gebaad in gedoseerde effects, raakte , maar net niet diep genoeg.
Ook het beloftevolle Zwitsers – Duitse popduo Boy van de bevallige dames Aleska Steiner en Sonja Glass, speelde lichtvoetig werk , die ergens Haim, Cranberries  en het oude onderschatte  Sundays (remember Harriet Wheeler als zangers!) deed opborrelen . 2 drummers gaven  meer diepte om het deels semi-akoestisch materiaal sterkte te geven . Apero-time dus met Boy , die Robin Proper-Sheppard van Sophia achter zich hadden als producer.

Een nieuw Belgische upcoming star is TSAR B. Je kent de dame wellicht van de Amy Winehouse cover “Back to Black” in samenwerking met Oscar and The Wolf. Dit nummer werd gebruikt voor de soundtrack van Adil El Arbi’s filmdebuut ‘Black’. Een groot repertoire heeft zij nog niet  maar haar reeds uitgebrachte nummers “Myth”, “Escalate” en de laatste nieuwe single “Swimm” zijn alvast veelbelovend. Op podium werd ze vergezeld  door twee toetsenisten en een drummer, zelf vult zij haar set af en toe aan met haar viool. TSAR B maakt diepgaande elektronische muziek die een internationale klank beheert. Ook beschikt deze zangeres over een rustgevend stemgeluid dat perfect aansluit bij de diepe baslijnen. Wij hopen in de toekomst nog veel van haar te horen en wachten alvast in spanning af. (Masja De Rijcke)

Volgende op onze lijst was Show Me The Body. Zij waren te bezichtigen in Pukkelpops’ kleinste tentje De Lift. Wij kregen van deze mannen een stevig setje voorgeschoteld met veel gitaargeweld en loeiharde noise geluiden. De hevige vertoning was echter wel van korte duur want het optredentje heeft amper 25 minuutjes geduurd. De single “Body War” , titelnummer van het debuut wist hun het meest van al te overtuigen , een fors, robuust nummer dat een perfecte samenvatting was van het volledige optreden. Stiekem waren wij wel een beetje teleurgesteld dat “Bone Soup” ,die op hun EP te vinden is, geen plekje bemachtigde in de setlist maar ons hoort u niet klagen. Kort en krachtig was het motto van deze mannen maar wij hopen wel binnenkort een iets rijker gevulde setlist. (Masja De Rijcke)

We zijn niet direct een jazzliefhebber , maar al enkele bands, artiesten weten het te integreren in een popconcept . Jaga Jazzist , Badbadnotgood , Tortoise en ons Taxiwars, Jeff Neve zijn er zo een paar en zorgen voor een andere, brede invalshoek . Graag voegen we Gogo Penguin in het rijtje toe  . Wat waren we hier onder de indruk van de drie uit Manchester. Vakmanschap en beheersing door volgende instrumenten , drums,  contrabas en vleugelpiano. De sound was cinematografisch en groovy. Ondanks het feit dat ze al een pak jaar bezig zijn, worden ze pas nu ontdekt .

In de Club staat GoGo Peguin. De Britten worden de nieuwste jazzsensatie van het moment genoemd en zij hebben deze status alle eer aangedaan.  Hun jazzy sound beschikt over een heel rustige vibe die tegelijk ook dansbaar is. Op het podium was er een pianist , drummer en bassist aanwezig, wat net genoeg was om een indrukwekkende show neer te zetten. Het trio wordt weleens vergeleken met Kamasi Washington en Kendrick Lamar maar wij zijn toch vooral fan van GoGo Penguin zelf. Deze future jazzband is zeker eentje om in de gaten te houden en een volgende optreden zouden wij zeker zien zitten. (Masja De Rijcke)

Na de geweldige future jazz van GoGo Penguin begeven we ons naar de Shelter waar de hardcore punk van Stick To Your Guns loeihard door de boxen werd geramd. Zij zijn een begrip in dit hardcore wereldje en hun performance laat niets aan de wensen van hun fans over. Hits als “We Still Believe” en “Against Them all” werden luidkeels meegebruld en zorgden voor een moshpit van jewelste. Gewelddadige gitaren en screams weerklonken als een bronstige beer. Ze werden hier tijdens elk nummer boven gehaald en bleven het publiek telkens meer en meer opjutten. Je moet er voor zijn maar wij hebben ons alvast heel goed geamuseerd en zijn blij dat we tent heelhuids verlaten hebben. (Masja De Rijcke)

Mura Masa moest last instant cancellen , maar de plaats werd goed ingevuld door Jamie Woon . Het nieuwe materiaal liet een tijdje op zich wachten , maar de donkere trippende dubstepsound , is meer doordrongen van soul , funk, jazz en pop . Een breder klankenpalet , aangename, swingende  grooves die het ‘nightclubbing’ gevoel  overstijgen. Het komt het materiaal ten goede en tilde nummers als “Movement”, “Night air”, “Celebration” en “Sharpness” met soulfulle backing vocals naar een hoger niveau .

Eenvoud siert het Britse duo
Jason Williamson en Andrew Fearn , Sleaford mods , die het moet hebben van onnavolgbare, verbeten rappende streetpunk (in Nottinghams dialect)  en een drumcomputer. Op z’n John Lydon’s en The Streets ,  met een dreunende , dansbare, pompende beat, wordt de klok tekstueel teruggedraaid  naar de punk van 76 en de huidige Brexit shits. Williamson rapt , spuugt over de lekker groovende , bonkige beats van bas en drums op de laptop van Fearn heen . En die Fearn , de pet wat voorover, hoeft niet meer te doen dan de startknop van z’n laptop in te drukken, die op een tafeltje of enkele omgekeerd gestapelde lege bakken staat; hij staat er stilzwijgend mee te rappen , de ene hand in de zak en met de andere blikjes bier achterover kiepen, het publiek enthousiasmerend.
We kregen een rollercoaster van korte , kernachtige , rauwe, dansbare tracks , die durven te dreunen op een repeterende Suicide beat , een diepe basstune kunnen hebben en dus op die manier traag, loom , slepend en meer uptempo kunnen klinken .  Met songs als “Bronx in a six”, “Face to faces”, “Arabia”, heeft het duo een handvol sterke tracks uit . Ondanks de opgeheven vuist en de opgestoken middelvinger , schuilt er wat humor  in dat protest. En ze stelden een paar ‘new ones’ voor , waarover ze zich, schijnt,  de komende periode gaan bezinnen .
Iets bijzonders, apart . Kon op heel wat belangstelling rekenen.

Jack Garratt is één van die fijne nieuwe ontdekkingen , waarvan je afvraagt waar die man je hele leven was . Hij doet het op z’n eentje , elektronica , gitaar staat allemaal bij z’n imposante drums. Moeiteloos speelt hij de instrumenten bij elkaar . Als snel liep de Marquee vol voor het multi-talent of zat de regenbui er voor iets tussen ? We hoorden indie , pop , r&b, triphop , drum’n’bass .  Je zegt het , hij doet het . “Breathe Life” , “Weathered” , en de pas afgewerkte track “Far cry” zijn er maar een paar van die heerlijke motiefjes wat deze know-it-all kan . En trouwens ,  hij beschikt daarenboven  nog over een sterke stem , een meerwaarde.

Andere koek hadden we van het Canadese Crystal castles , die hun neurotische loeiharde  elektronica/electroclash/hardcore/noise deed knallen. De drilboor gekenmerkte sounds (vroegere referentie Atari teenage riot/Otto von Schirarch, Alec Empire) zijn minder heftig , indringend en ontspoord. Ze steken er een melodieus, bezwerende dansbare groovy beat in  . Ze zijn gematigder geworden . Ze hebben een nieuwe zangeres , Edith Frances, die minder wild tekeer gaat . Haar stem zweeft over de nummers en af en toe gilt, schreeuwt ze. Een mistig decor en stroboscoops sieren . Crystal castles is nu meer en meer doordrongen van tech/house, maar blijft wel een uniek plaatsje innemen.

Terug van weggeweest zijn Crystal Castles. De Canadezen mochten de Marquee onveilig maken met hun extravagante en experimentele elektronische muziek. Gek genoeg gebruiken zij daarvoor samples van computerspelletjes uit de jaren tachtig. Vanaf het eerste geluid dat uit de boxen weerklonk hadden wij dik spijt dat we onze oordoppen vergeten waren. De Beats die uit deze boxen klonken , deden namelijk onze trommelvliezen ogenblikkelijk springen. Het duo zorgde voor een muzikale ontploffing van jewelste en liet ons kennismaken met hun nieuwe bombastische songs die te horen zullen zijn op de komende nieuwe plaat. Eerdere nummers klonken bekend in de oren van het publiek en lieten hen meteen meters de lucht in springen waardoor de Marquee een heuse aardbeving meemaakte. Voor al degenen die deze gewelddadige show hebben moeten missen. Crystal Castles zal op zaterdag 17 december te zien zijn in de Ancienne Belgique , Brussel. (Masja De Rijcke)

Roisin Murphy heeft haar set aangepast op de festivals . Oude Molokokrakers als “Forever more” , de opener vanavond , en “Sing it back” afgewisseld met haar solomateriaal , worden gespeeld . Haar songs zijn  met de jaren grilliger . “Overpowered” , “Cannot contain this “en de nieuwe “Explotation” liggen ook al ver uit elkaar door haar experimenteerdrift. Live worden  haar songs hertimmerd, ondergedompeld in elektronica en in een dampend , funkende groove gestoken. Haar band is perfect op haar ingespeeld . De kledijwissels , de maskers , de acts , de projecties , kortom het visuele schouwspel , het toont aan dat Grace Jones hier in de buurt was …

De avond besloten we met het dromerige , sfeervolle Marble sounds , rond Pieter Van Dessel, één van ons best bewaarde geheimen , die de kunst van het songschrijven en de pop goed beheersen ;
hartverwarmende, melancholische droomsongs dus. Met zes op het podium en een backing vocaliste . Songs van een ongebreitelde schoonheid . Live krijgen de songs een boost , maar de finesse en fijngevoeligheid blijven . “The first try”, “Leave a light on” … Zeker weten!

Dat lichtje werd al snel gedoofd door de opwindende garagerock’n’roll van The Oh Sees . Twee drummers mepten er synchroon op los , de gitaren klonken  scherp , strak. Een vuil , vunzig,  smerig , vettig , prettig geluid met een bluesy , psychedelische tune! Een stomend concertje , waar iedereen naar adem hapte!  Wat een dynamiek, dansende mensen vooraan en pintjes in ’t rond.

De absolute top performance van dag twee op Pukkelpop is ongetwijfeld die van The Oh Sees. Hun muziek kan in verschillende rock genres omschreven worden als garage rock, psychedelic rock, art punk, ... maar dan wel van de bovenste plank. Deze band heeft al een zee van albums op hun naam staan en wisten hier nog steeds ruimschoots mee te overtuigen. Hun hits als “Toe Cutter/Thumb Buster”, “Flood’s New Light” en “Lupine Dominus” vielen in de smaak. Maar vooral de tracks van hun Album ‘Carrion Clawer/The Dream’ komen in grote mate aan bod en wisten het publiek zodanig op te hitsen , dat er af en toe eens een moshpit aan te pas kwam.  Stilstaan op dit optreden was praktisch onmogelijk en ook zanger John Dwyer dacht er hetzelfde over. De sfeer zat goed en dat was ook duidelijk te zien op podium.  Een dikke 10/10 als je het mij vraagt! (Masja De Rijcke)

De progressive metal van het Zweedse  Opeth klinkt en is erg creatief . Ze zijn een graag gezien band op Pukkelpop. De songs ondergaan verrassende wendingen , tempowissels en zijn hard – zacht; psychedelica , blues, jazz, grindcore sijpelen door en vocaal gaan de zangpartijen van Mikael Akerfeldt samen met grunts .
De ene keer klinkt hij even zoetgevooisd als een zondagse koorzanger, de volgende seconde als grafstem uit een slechte horrorfilm.
De nummers van deze sympathieke  band worden tot op het bot uitgediept; het is dan ook geen wonder dat je tien minuten lang een song letterlijk ondergaat . Het lijkt wel een mini-opera met onverwachte tempowisselingen en symfonische intermezzo’s. Puik werk!

Op de tonen verderop van Chase & Status konden we sterke tweede Pukkelpopdag besluiten.

Neem gerust een kijkje naar de pics van Lowlands 2016
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lowlands-2016/
Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pukkelpop 2016 – donderdag 18 augustus 2016

Geschreven door

Pukkelpop 2016 – donderdag 18 augustus 2016
Pukkelpop 2016
Festivalterrein
Haselt-Kiewit
2016-08-19
Masja De Rijcke en Johan Meurisse

Pukkelpop refresht … Vorig jaar dertig jaar oud … dus kwam er een avondje bij . Ook dit jaar kon de festivalliefhebber zich al opwarmen met Belgisch erfgoed.
Pukkelpop maakt na al die jaren z’n naam van drie-vierdaagse airshow meer dan waar: eigentijdse, opmerkelijke en progressieve muziek. De organisatie heeft een prachtige variatie klaargestoomd over de dagen , een lijst namen van beloftevolle ontdekkingen, gevestigde waarden en een rits artiesten en bands die de Belgische trots uitdragen.
De indeling en inkleding werd opgestoft . Een paar tenten erbij , een herschikking en een mooie inkleding van het terrein, met allerhande (drank) standjes , (eet)kraampjes maken van Pukkelpop opnieuw een belevenis en feest. Een ecologisch bewustzijn en een gevoel van samenhorigheid. Respect!
Een fijne affiche van ‘voor elk wat wils’ en ‘voor alle leeftijden’, verspreid over de vier! dagen om je ‘alternatieve’ ei kwijt te kunnen … 79000 unieke bezoekers. De jonge freaks en de doorwinterde liefhebber zijn bijeen en konden hun muzikaal hartje ophalen …
Wat viel muzikaal op?
De site van de Dance hall , Boiler en Castello wordt door het jonge volkje erg gegeerd. De site is kleurrijk ingedeeld door de dance acts  en dj’s .
In die beats werd attractief geïnvesteerd. De beats , welke – step zij luiden , bonken , drongen zich de voorbije jaren op en heeft een prominente plaats ingenomen en duwt de rockstages opzij. De jongeren dansen , genieten en de respons is bijgevolg veel groter geworden dan op de rock . Op die rocksite wil iedereen graag de bands , artiesten wel eens zien, volledig of ten dele , en laat het wat over zich heen gaan, wat de feedback reduceert .

pré-dag - woensdag 17 augustus 2016
Pukkelpop heeft er sinds vorig jaar een dag bij. Op woensdag zijn er nu ook bands te bezichtigen in de Castello om zo het publiek helemaal op te warmen. Allemaal Belgische bands, iets waar Pukkelpop voor staat: nieuw Belgisch talent promoten. Naast talent spotten, kon er ook gedanst worden aan het nieuwe Booth podium , volledig in een industrieel kleedje, of in de klassieke Boiler Room boordevol vlaggen.

Manoeuvres opent het festival in de Castello met een catchy set. Wat bij het begin vooral opvalt, zijn de verrassende blikken van verschillende toeschouwers: “Is dit nu Sean Dhondt die zingt?!”. Het publiek is duidelijk niet op de hoogte van het nieuwe project van deze presentator en blijft dus nieuwsgierig kijken. Manoeuvres doet goed zijn best om te lijken op bands die momenteel erg hip zijn, denk Bastille of The 1975. Veel bombast met weinig inhoud, maar wel met een Sean Dhondt als frontman. De meeste nieuwsgierigen verlaten vroegtijdig de tent, het is leuk voor één liedje. Manoeuvres is duidelijk geen Nailpin.

Faces On TV dan maar is het project van Jasper Maekelberg die ook in Warhaus zit en samenwerkte met Balthazar. De band schopte het tot Hotshot op Studio Brussel en dat was te merken aan het opgekomen publiek. Veel kijklustigen voor deze sfeervolle band met melancholische zang. Faces On TV zette een sterke set neer voor wie houdt van de betere indie. Dromerig, in een eigen wereldje , maar toch meezingbaar. Jasper Maekelberg is een genie , wat ook in zijn soloproject te horen is.

School Is Cool heeft zijn status als beloftevolle band helemaal waargemaakt en zit nu volop te werken aan een derde plaat.Ze hebben even de studio verlaten en komen optreden in de Castello . De groep geeft enkele nieuwe nummers een kans maar laat vooral het oude werk primeren. Het talrijk opgekomen publiek geniet en zingt uit volle borst mee met de vrolijke deuntjes. Verrassend sluit de band af met de cover van Belle Perez’ “Honeybee”, een hit voor frontman Johannes Genard toen hij deelnam aan Liefde Voor Muziek op VTM. Het publiek kent dit nieuw nummer razend goed en iedereen zingt dit verrassend goed mee. De nieuwe nummers? Die klinken weer zo opgewekt als op hun eerste plaat, een leuk vooruitzicht dus!

Admiral Freebee staat ieder jaar op verschillende Belgische podia. Dit jaar stond hij voor het eerst op Pukkelpop. Voor de vaste festivalgangers in Kiewit een unieke kans om hem aan het werk te zien. Admiral Freebee heeft al veel ervaring om zo’n groots publiek in te palmen, al komt hij wat traag op gang. “Einstein Brain” en “Rags 'N' Run” passeren in het begin van de set. Toch brengt de man een greatest hits set met alles wat het publiek verwacht. Het is pas bij “Oh Darkness” dat er wat vuur in het concert komt. “Bad Year For Rock ’n Roll” spint hij zoals gewoonlijk lang uit met monologen en verschillende chaotische teksten. Met “Let It Shine” komt er rust maar de meeste mensen zijn verward door dit concert. Dit was een beetje “Too Much Of Everything”.

Al bij al een goeie eerste dag voor de liefhebber van de betere Belgische bands. Na deze rocksite, verplaatsen de meeste festivalgangers zich om een dansje in de Boiler Room te wagen , waar het festival voor iedereen echt van start gaat

(dank aan Niels Bruwier)

dag 1 – donderdag 18 augustus 2016
Pukkelpop mag het eindoffensief van de vakantie inluiden. We beleefden een aangename, sterke muzikale dag , behalve die laatste touch , de eindsprint, die frustreerde . Popsouldiva Rihanna , de topact van dit jaar , liet op deze uitverkochte dag vijftig minuten op zich wachten en speelde maar een ordinair, flets setje, die zeker niet in ons geheugen zal gegrift staan. Spijtig voor de organisatie , die het festival een zo breed divers mogelijk kader biedt , jaar na jaar .

Niet getreurd er was meer dan dat de moeite … Een overzicht van ons parcours
Mainstage
In de namiddag zagen we een overtuigend Tom Odell. Hij heeft een nieuwe plaat ‘Wrong crowd’ uit , de uitgelezen kans om daar al een voorproefje van te horen, Hij concerteert pas in het clubcircuit begin volgend jaar. De twee singles “Magnetised” en de titelsong onderstrepen de kwalitatieve sterkte van de sing/songwriter . Trouwens ze klinken stekelig , stevig, breder en zijn meer dan de balladpop die hij soms voorschrijft .  Natuurlijk moet hij zich concentreren op zijn stem en is hij deels gekluisterd aan zijn piano , maar de uitgebreide band  rond zich kruiste moeiteloos extravertie met intimitei . Beetje op z’n Elbows. De gevoeligheid, meligheid en gospel op “Sparrow” en “Can’t pretend” , die de man typeert, stoorde niet in het geheel . Ze brachten afwisseling in een anders strakke , gedreven set , het gekende “Another love” moest er ook aan geloven . Puik werk en een mainstage toppertje voor Werchter volgend jaar!

Het tempo werd hoog gehouden met de Aussies van Wolfmother rond Andrew Stockdale . Tevreden waren we dat het op het hoofdpodium nog eens ruig , zompig mocht klinken , als in de ‘old days’ van  Pukkelpop. Wolfmother speelde een stevige set 70s retro , vermengd met een gekruide portie psychedelica. Invloedrijk waren Led Zeppelin , The Who, Black Sabbath. Wat een knap staaltje nostalgie als ze putten uit hun backcatalogue van “Joker & the thief” , “Woman”, “New moon rising” , “Dimension” en “Victorious”,  van de onlangs verschenen nieuwe cd . Na de AB, dit voorjaar, Victorie alweer!

Wolfmother
is een rechttoe/rechtaan rockband en wist deze stage even in vuur en vlam te zetten. Vooral hun Hits “Woman” en “Joker & The Thief” , met invloeden van Led Zeppelin, hebben de hardrockers onder het publiek hun honger gestild. De show omvatte vettige gitaarriffs die toch enigszins proper gebracht werden. Het publiek was niet rijkelijk gevuld maar vooraan gingen ze voluit uit de bol en enkele moshpits waren onontbeerlijk.  De langharige leadzanger en gitarist Andrew Stockdale heeft een imago waar zelf Robert Plant jaloers op zou zijn en de dames konden dit ook aanzienlijk smaken. Verder werd de setlist gevuld met het nieuwe “Victorious” van het gelijknamige album dat eerder dit jaar uitkwam. Wolfmother kon overtuigen met een sterk optreden! (Masja De Rijcke)

De Eagles of Death Metal dragen we een warm hart toe . Hun optreden in de Bataclan deed iedereen opschrikken. Nu heeft de band de draad weer opgenomen en verwerken ze het  muzikaal door een rits spannende rock’n’roll songs , met vanouds wat humor en grappige insteeks . Ze hadden een tijdje stilgelegen . “Complexity” en “Silverlake” waren er twee van de nieuwe plaat ‘Zipper down’, die tot stand met kwam met boezemvriend Josh Homme . Geen Duran Duran , maar een opvallend “Moonage daydream” van Bowie haalden ze op creatieve wijze boven.  De rockclichés vlogen om de oren , pintjes gingen in t rond, kortom, rock’n’roll plezier is en blijft het motto van Jesse, al blijft zo’n tragiek hangen en werd hij na  enkele venijnige, scherpe opmerkingen geweerd op de Franse festivals  … Goed zondermeer maar ook niet meer dan dat!

In de Marquee hebben de jonge helden van Bazart de tent volledig op zijn kop gezet. Honderden tienermeisjes stonden tot buiten aan te schuiven om binnen te geraken. Deze vijfkoppige band heeft dit in minder dan een jaar allemaal voor elkaar gekregen. Een gillend publiek palmde de Marquee volledig in en iedereen was er duidelijk op voorbereid om alle Bazart nummers gezamenlijk mee te zingen. Ook wij waren sterk onder de indruk van wat deze band op zo een korte tijd teweeg heeft gebracht en hoe hun live prestaties een positieve wending hebben gekregen. Het alom bekende “Goud” werd hartelijk onthaald en luidkeels meegezongen door het voltallige publiek. Maar ook “Koortsdroom”, “Tunnels” en het nieuwe “Chaos” sloegen in als een bom. Zoals de rest van het Pukkelpop publiek zijn wij vanaf nu fan van Bazart. (Masja De Rijcke)

The Last Shadow Puppets
, rond Turner – Kane , hadden al een puike, overtuigende set afgewerkt op Werchter , ook hier hadden we een uiterst genietbare set van hun melodieuze Britpop , verweven van orkestratie. PopRock zit de heren in de venen. Kane draagt zo’n beetje het project , rockt en staat het nauwst bij het publiek; Turner is alvast minder ingenomen dan bij Arctic Monkeys en  profileert zich als een pretentieuze rockstar door z’n act en pose. Hier was hij meer op het achterplan , alsof hij er niet bij was vandaag . En toch, de twee vinden elkaar steeds opnieuw zoals op “The age of understatement” en “My mistakes were made for you”.
Een pak goede singles noteren we  , die smaakvol ontvangen werden , maar , opvallend, iets te lauw soms voor een supergroep op dit niveau. We lieten het niet aan ons hart komen. “Aviation”, “Bad habits”, “Miracle aligner” en het orkestrale “Standing next to me” prikkelden en namen ons in .
Referenties werden gerespecteerd en Ere wie Ere toekomt Mark E Smith’s The Fall met “Totally wired”  is steevast op hun setlist te vinden .  Een Beheerst Rommelig afwisselend setje …

The Last Shadow Puppets
is voor ons ongetwijfeld de comeback van het jaar. Na acht jaar besloten de Britse helden Alex Turner (Arctic Monkeys) en Miles Kane (The Rascals) een tweede plaat te maken. De combo van deze twee luisterrijke platen  zorgde voor een grandioze show. Het enthousiasme van beide frontmannen was duidelijk te zien. Alex wist zijn publiek royaal aan het lachen te brengen met zijn hilarische vertoningen op het podium. Een plezier om naar te kijken zeg maar. Natuurlijk waren we vooral omvergeblazen door hun prachtige show. De setting werd aangevuld door vier vrouwelijk strijkers die startten met een klassieke intro. Vanaf het moment dat het duo het podium kwam opgewandeld barstte het feest lost. We werden overspoeld met heerlijke songs overgoten van een symfonische toets. Zij zijn meteen gestart met “Calm Like You”  en “The Age Of The Understatement”, twee van hun absolute toppers . De set werd verder aangevuld “Aviation”, het opzwepende en dansbare “Bad Habits” en het zwoele “Miracle Agliner” van ‘Everything you’ve Come To Expect’. Eindigen deden Turner en Kane met “In My Room”, een perfecte afsluiter trouwens. Dit was absoluut het optreden van dag één op Pukkelpop 2016. (Masja De Rijcke)

Het hoofdstuk Rihanna kwam al deels aan bod … We waren al blij dat ze ‘in Belg-i-um’ was én ‘op Pukkelpop’, andere artiesten kwamen er nog beschamender van af . De afwisseling van act en muziek kon er nog door , maar haar eigen niveau laten we in het midden . Als dan nog een deel wordt geplaybackt , dan heb je ‘t helemaal gehad . De meisjesharten zullen wel sneller gebonkt hebben op haar (fletse) présence en (even fletse) poptunes toen ze uiteindelijk  bezig was ; wij hebben ze eens gezien ,  zullen  het in ons archief plaatsen, maar zal niet in ons geheugen gegrift staan . Goed was de  combinatie van “Under my umbrella” , “Man down”  naar het drieluik “How deep is your love”, “Where have you been”, “We found love”, en de integere “Diamonds” en de feelgood  van “Fourfiveseconds”. En daar mee is Rihanna hier op Pukkelpop verder vergeten …

Na The Last Shadow Puppets was het tijd voor de Absolute Headliner van de avond. Rihanna. Ongetwijfeld één van de grootste Popsterren van het moment maar die status heeft ze op Pukkelpop geen eer aan gedaan. Rihanna kwam zonder blikken of blozen 50 minuten te laat het podium opgewandeld. Wat de exacte reden daarvoor was zullen we wellicht nooit weten maar het getuigt wel van weinig loyaliteit naar haar fans toe. Eens de show gestart was kon Rihanna de bezoekers die al een uur aan het wachten waren niet meteen tevreden stellen. Al na het eerste nummer klonk er boegeroep vanuit het publiek en van applaus was er zeer weinig spoor. Het zingen liet Rihanna doorheen de show ook liever aan haar backing vocals over dan dat zelf te doen.
De Amerikaanse schone speelde al haar grootste hits met weinig enthousiasme waardoor de sfeer in het publiek ver te zoeken was. Haar veelbelovende setlist werd ongegeneerd ingekort en het viel haar duidelijk heel moeilijk om een  paar woorden na elkaar te zingen. Wij zij nochtans fan van haar hits zoals “Stay”, “Bitch Better Have My Money”, “Rude Boy” en “Man down”. Maar zelf deze nummers waren tijdens deze vertoning niet te pruimen.
Ook de co productie met Calvin Harris is volledig de mist ingegaan, een totaal misplaatste remix was me het nummer “How Deep is Your Love”. De Tame Impala cover “Same ‘ol mistakes” die klakkeloos werd overgenomen zonder enige eigenheid kreeg ook een plaatsje in haar show. Wij hopen dat zij daarvoor alvast haar oprechte excuses heeft aangeboden aan Kevin Parker.
Kort samengevat was dit één van de meest beschamende optredens die we al hadden gezien. (Masja De Rijcke)

Wat hadden we nog meer?
De excentrieke Ezra Furman  opende Pukkelpop voor ons, met een snedig rockend gruizig setje .Een nonchalante muzikale veelvraat die verder gaat dan  sing/songwriterpop. Een heus collectief met een saxofonist maakte de set breed en kleurrijk. Waande hij zich vrouw of man? Afhankelijk van de stemming luidde het, maar in zijn rokje en gortdroge stem hadden we de twee …  Pure geestdrift en schwung . “Your love keeps me higher” van Jackie Wilson, niet beter kon hij de verrassende set besluiten .

Het Canadese Half Moon Run bracht subtiliteit en finesse. Live krijgt hun stralende  emotionaliteit een vurig randje , waar hun indie ‘onthaastings’ pop van  in het begin omboog naar een gespierde , gedreven set, mede door de dubbele percussie. De nummers zitten verdomd goed in elkaar en op dit vroege uur konden ze rekenen op een sterke respons .

Iets verder stond het Belgisch-Nederlandse combo Drive Like Maria, die al een tweetal platen uithebben en het houden op intense , broeierige gitaarrock. Rock’n’roll spelplezier, zonder al te veel franjes en die zich niet verliest in allerlei tierlantijntjes. 

Warhaus, het project rond Maarten Devoldere , ging met de debuutprijs lopen in een volle Club. Een sensueel prikkelende donkere sound ergens tussen de kenmerkende sound van Balthazar en Cave door de hakkende ritmes en de grauwe zegzang en vocals. Een sobere belichting , rookmachine , een verdwaalde blazer en heel wat voorgeprogrammeerde keys . Sylvia Kreusch van A soldier’s heart zat er ook voor iets tussen met haar erotiserende danspasjes. De combinatie riep een ‘Moulin Rouge’ sfeertje op. In september verschijnt het debuut ‘We fucked a flame into being’. Veelzeggend. Wat we hoorden was veelbelovend. De singles “The good lie” en “Memory” zijn sterkhouders.

Een tweede opvallende in de namiddag was Edward Sharpe . Met z’n Magnetic Zeros klonk de indie/freefolk  uiterst spannend , inspiratievol en los uit de pols. Een plezierig , ontspannend  setje , die positivisme en een feestgevoel  uitstraalt . Hij, een Messiasfiguur, liet veel aan het toeval over , die door z’n band telkens heel netjes werd opgevangen . Hij betrok een drietal mensen uit het publiek , die zelf iets mochten spelen , zingen of een verhaal vertellen.  Een neo-hippe wereld , die een beetje Woodstock schept . Toeters en bellen + blazers. Op het gevoel af dus.  Ergens tussen Mumford & Sons , Devandra Banhart en Cocorosie te plaatsen .

Tijd voor ander soort ontspanning . De Ideale Wereld crew is gehuisvest op Pukkelpop , heeft een huisorkest mee, en zorgen voor humoristisch, satirisch vertier in de Wablief stage . Ze spelen in op de headliners op hun eigen unieke manier en ‘kijk op de artiest’ . De komende dagen zijn ze er ook en ze zijn een ‘must see’ om eventjes het muzikaal parcours los te laten .

De avond valt . Het Zweedse Blues Pills  brengt met de jaren meer finesse in hun ruige 70s retro stoner/hardrock/blues/psychedelica . De solo’s zijn steeds graag meegenomen , maar het materiaal is intenser, opbouwender nu. Een oogverblindende zangeres Elin Larsson deed de temperatuur in de Shelter stage stijgen. Binnenkort in de AB samen met het Duitse Kadavar! Wat een welriekende patchouli-potpourri!

Strakker , potiger klonk het Amerikaanse  Clutch, die eveneens uit hetzelfde potje graait als Blues Pills . Ze zijn al van in de 90s bezig btw, en ademen een desertbluesgevoel, gezien de blues/country sterk in hun sound is verweven.

Opvallend dat The Kills de Marquee niet vol kregen . Of had het jonge volkje toen al postgevat voor Rihanna?! Het materiaal van het duo Jamie Hince en de bevallige Allison Mosshart mag met de jaren minder rauw, doorleefd zijn, live zijn het (jonge) wolven die hun publiek willen oppeuzelen. De nieuwe plaat ‘Ash & Ice’ liet langer op zich wachten en verscheen pas vijf jaar na de vorige. Intussen werden we gesust met een Dead Weather album, één van de projecten van Mosshart . De nummers kregen een stevige boost mee en stralen een heerlijk staaltje sexy garagerock meets sixties uit , op de leest van de onderschatte Cramps. “No wow”, “U.R.A. fever” en “Kissy kissy” waren al meteen drie knallers . Adrenalinestoten ervaarden we door de twinkelende , hakkende , dwarse ritmes . Electro sijpelt door en er wordt wat gas teruggenomen . “Black balloon”  roept fantasietjes op en koesteren we. 
Zij zullen de Arenberg en de VK doen daveren . Wie hier nog stilzit , weet niet wie The Kills zijn …

We keken sterk uit naar het optreden van The Kills . Eerder dit jaar kwamen ook zij met een nieuw album op de proppen. De nieuwe songs omvatten een aanstekelijke sound maar zijn lang niet zo vurig als daarvoor. Hun show openen deden ze met “No Wow” wat ons meteen het gevoel gaf dat we een stevig setje voorgeschoteld zouden krijgen. Toch niet. De show was goed maar de power van vroeger was iets verder te zoeken. Nieuwe songs als “Doing It To Death” en “Heart of The Dog” konden ons nog steeds overtuigen. Maar ik moet zeggen dat we vettige riffs en het stevig rock’n’roll gehalte van een  nummer als “Cat Claw” te horen op de debuutplaat, wel misten. (Masja De Rijcke)

Het Schotse Chvrches  kon vorig jaar de set niet afwerken, nadat hun materiaal anderhalve song ver het begaf . Het trio , rond de mooie powervrouw Lauren Mayberry maakte het nu volledig goed. Ze konden op een ruimere belangstelling rekenen in de Marquee . Hun electro pop klinkt catchy , sfeervol , vinnig , scherp , en kreeg live een krachtige, heavy boost . De nummers zijn goed verpakt en haar stem is helder , indringend .  De Mondriaanse projecties  maken de sound  nog aangenamer . Het zit allemaal goed vandaag , de pophooks , de refreinen , de beats . Oudjes “Gun” en “Mother you share” , a capella geïntroduceerd , worden gekoesterd , maar de klemtoon kwam op de nieuwe plaat ‘Every open eye’ die verdomd sterke songs heeft als “Never ending circles” , “Clearest blue” , “Keep you on my side”, “Empty threat” en “Make them god”, met een dreunende, zalvende electrobeat en telkens warm onthaald werden .

Even dwars is de mishmash ‘mathrock’ van Battles … In acht jaar tijd zijn ze nog maar toe aan de derde plaat en werden ze een strikt instrumentale aangelegenheid . In die dwarse sound horen we een unieke klankkleur,
vernuftig , doordacht in elkaar gestoken, die ruimte laat voor improvisatie . Battles prikkelt, klinkt groovy en is dansbaar. “Atlas” is daar het mooie voorbeeld van. Wat dit trio op gitaar/keys, bas en zeker op drums verwezenlijkt, is ongelofelijk, creatief , opwindend . Een instrumentbeheersing vs programmeerkunsten.  Het drumstel van John Stanier met die metershoog geplaatste cimbaal is het handelsmerk . Kortom, Battles was steengoed!

‘Black is the color’ , inderdaad laat op de avond was dit op zijn plaats door de slepende  donkerte van Neurosis van Scott Kelly en C° . Al dertig jaar zorgen zij voor een aparte sound als vaandeldragers van de post- sludge en experimental metal , die hier bij ons bands als Amenra en Oathbreaker opleverde . Ze hebben een nieuwe plaat afgeleverd .
We horen een aanhoudend spannende dreiging, werkstukken die het daglicht moeilijk verdragen , net als Swans , Isis en Sunn O))).  De hypnotiserende , bedwelmende ritmes en de tempowissels vuurden ze op ons af .

We konden in de Club terecht waar de vierkoppige vrouwenband Warpaint moest spelen. Deze overtuigende indie-rock band heeft een overweldigende en dansbare show neergezet. Startten deden zij met “Elephants” gevolgd door “No Way Out”, “Keep It Healty”, “Bees” en “Biggy”. Stuk voor stuk stevige, sfeervolle en dansbare rocknummers met een passende vrouwelijke toets.  Deze dames zijn ook muzikanten om U tegen te zeggen en wisten hun publiek in een blijvende flow te brengen die de heupen steeds meer heen en weer deden wiegen.  Ze sloten hun show af met “Disco/Very” , te vinden  op het album die ook eerder dit jaar uitkwam , en zeker en vast zijn naam niet gestolen had. De vibe bleef de hele set aanhouden en ze zorgden voor een geweldig optreden. Dit is het soort band dat de line-up van dit jaar een grote eer aandoet en voor de nodige girlpower zorgt!
(Masja De Rijcke)

Hard , verbeten fel , compact , strak , dit zijn woorden die we over hebben voor de diehard van Mastodon. Zonder al te veel poeha ging het kwartet dwars door alles heen . “Oblivion”, “Blood & Thunder” en “The Wolf loose” tekenen voor hun uitzinnig harde set. Een voortdenderende machine , die beheerst , vakkundig , uiterst geconcentreerd te werk ging.

Letterlijk werden we uitgewuifd door het Zuid-Afrikaanse Die Antwoord , één van de verrassingen een paar jaar terug met hun neurotische erotiserende dance , die nog steeds op  ruime belangstelling kan rekenen, ook al was het toen ruim 1h30, toen ze konden beginnen . “Rihanna was fokking late, fuk julle naaiers” spuwde  Ninja excuserend uit . A capella zong hij nog een stukje om te bewijzen dat die Antwoord niet aan lipsync of playback doet .
De energie van Yolandi en Ninja is oneindig, de woede groot , de sound explosief.
Hij bijt van zich af , zij vlindert over de songs , die in een razend tempo op het publiek afgevuurd werden. Vooraan ging het publiek loos op die rollarcoaster .
“Pitbull terrier”, Babe’s on fire”, “I fink u freaky” , “happy go sucky fucky”  en “Enter ninja” zijn spraakmakend , roepen tot de verbeelding en waren het krachtige antwoord op Rihanna - Puike afsluiter!

Neem gerust een kijkje naar de pics van Lowlands 2016
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lowlands-2016/
Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pagina 54 van 143