logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Kreator - 25/03...

Finntroll

Nifelvind

Geschreven door

Er zijn zo van die bands die al vanaf de eerste luisterbeurt een blijvende indruk hebben nagelaten en een speciaal plaatsje verdiend hebben in mijn Metalen hart. Zo'n band is Finntroll. Sinds het beluisteren van hun kraker ‘Jaktens Tid’ is mijn muzieksmaak nooit meer hetzelfde geweest. En nu, na een mcd en twee albums hebben ze eindelijk terug een nieuw album opgenomen met de titel ‘Nifelvind’.

En het is hun interessantste en afwisselendste album tot nu toe moet ik zeggen! Ze zijn duidelijk volwassen geworden. Alles is wat serieuzer, maar ook subtieler. Het zit hem nu vooral in de details, de muziek is niet meer zo makkelijk als in de tijden van Nättfodd om maar een album te noemen. Maar na enkele luisterbeurten merk je al snel de geniaalheid van deze nieuwe langspeler.
Na de verplichte intro beginnen we met “Solsagan”, het nummer waar ook een tamelijk ‘dirty’ videoclip voor werd gemaakt. Ja, het gitaarwerk is hier duidelijk meer naar voren geschoven, maar het is niettemin typisch Finntroll. Vooral het gezongen folky melodietje dan, dat overigens ook in de intro te vinden is.
”Den Frusna Munnen” is zo'n beetje het interessantste en experimenteelste nummer dat Finntroll ooit heeft gemaakt. Er komen een heleboel vreemde invloeden en melodieën naar voor die we niet gewoon zijn bij Finntroll, maar desondanks is het toch een nummer dat barst bij de band. “In Ett Norrskensdad” wordt voor het eerst een echte viool geïntroduceerd in de muziek van Finntroll maar een aanstekelijke en doorsnijdende melodie. Ook dit nummer vind ik geslaagd.
“I Trädens Sang” is terug een stuk agressiever en rechtdoor. Het ging gerust op hun vorige album kunnen gestaan hebben, ware het niet dat er een soort van andere sound heerst die wat doet denken aan hun debuutalbum.
Ja, ‘Midnattens Widunder’ is een album waar ik verder nog enkele keer aan herinnerd wordt bij het beluisteren van dit album. Dit door subtiele verwijzingen in melodieën en vooral bepaalde keyboardinstrumenten die ook veel gebruikt waren op dat album. ik kan deze beslissing alleen maar ferm toejuichen, want het komt de sfeer van de nieuwe nummers ten goede!
Verdere nummers hebben ook nog een eigen karakter. Na het geniale nummer “Tiden Utan Tid”, dat ferm naar ‘Midnattens Widunder’ verwijst, krijgen we een akoestisch nummer in de vorm van “Galgasang”. Een goede rustpauze want “Mot Skuggornas Värid” gaat er weer ferm tegen aan met een lekker ritme en bijhorend gitaarwerk.
Eén van de hoogtepunten van het album voor mij is “Under Bergets Rot”, een nummer dat al eerder op de myspace van Finntroll te beluisteren viel. Na “Fornfamnad”, een nummer met een pakkende hoofdmelodie en veel creepy geluidjes, komen we uiteindelijk bij het laatste nummer. “Drap” bevestigt nog eens mijn oordeel dat ‘Midnattens Widunder’ hier vaak om de hoek komt kijken, dit hoor je dan vooral bij het einde van het nummer.

De rit zit er op en ik ben heel erg tevreden. Finntroll heeft bewezen dat ze niet bang zijn van wat verandering en wat experimenteren, iets wat verder weinig voor komt in het genre Folk Metal en aanverwanten. Laat dit een les voor jullie zijn!

Radio Moscow

Brain cycles

Geschreven door

Om Radio Moscow te situeren kunnen we zomaar eventjes 40 jaar terug in de tijd gaan, naar powertrio’s als The Jimi Hendrix Experience, Cream en Blue Cheer. Vettige rock geworteld in de blues, overvloedige gitaarsolo’s en heavy psychedelica met de Marshall versterkers op maximum volume. Volledig in de tijdsgeest van de late sixties horen we in “No good woman” zelfs een heuse drumsolo (Radio Moscow moet zowat de enige band zijn die dit op vandaag nog aandurft, doch we laten het volledig aan de luisteraar over of dit al dan niet een goed idee is).
Verder is dit een album naar ons hart. De riffs zijn stevig en splijtend, de groove en bij momenten ook de funk zitten goed in dit werkje genesteld en de krachtige songs staan flink met hun poten in de vunzige early seventies modder.
Misschien niet meer van deze tijd, maar wij kunnen in ieder geval dit plaatje wel smaken, want wij zitten er nooit om verlegen om al eens iets van The Free, Black Sabbath, Ten Years After, Grand Funk, Cactus of Hendrix in onze cd lader te schuiven. Vooral de geest van deze laatste is nadrukkelijk aanwezig op ‘Brain Cycles’. Zijn er dan geen raakpunten met het heden ? Toch wel, stel u The Black Keys voor mochten die hun gitaarsolo’s een ferm stuk uitvergroten. Maar goed, waar hebben The Black Keys de mosterd gehaald, dacht u ? Juist.
Zo retro als’t maar zijn kan, maar wel een ferme schijf.

Passion Pit

Derde keer, goede keer: pit-tig gedreven setje van Passion Pit

Geschreven door

Derde keer, goede keer … moet Passion Pit uit Massachusetts, Boston onder Michael Angelakos gedacht hebben, na de (noodgedwongen) cancels op Les Nuits 2009 en hun optreden in november 2009. Passion Pit brak vorig jaar door met “The reeling” single van de ‘Manners’ cd, een bezwerende, opzwepende, funkende en stuwende indietronica rocker; het was een plezierige, catchy en dansbare song, die hen richting Hot Chip, The Rapture, The Klaxons en Friendly Fires duwde. Toen we het debuut en de bijhorende EP ’Chunck of change’ beluisterden, kwam de ‘80’s synthpop van Tears For Fears en Scritti Politti, de neopsychedelica van MGMT en Empire of the sun, de inventiviteit van een gestroomlijnd Animal Collective en tot slot de disco tunes van Scissor Sisters om de hoek piepen; door de falset zang kunnen we ons niet van de indruk ontdoen dat Scissor Sister Jack Shears en Mika leuke broertjes moeten zijn.
We zagen de band nog aan het werk tijdens ‘Le festival les Inrocks’ … Ze lieten toen een vermoeide indruk na en hun dansgerichte droompop klonk eerder routineus … en net nadien moesten ze het concert in de Bota afblazen.

Ze hadden dus duidelijk iets goed te maken; de uiterst gemotiveerde en opgefokte band ging van start met aanstekelijke, krachtige popgrooves, “I’ve got your number”, “Make light” en de uitmuntende single “The reeling”, die een hoogtepunt vormde door meezingbare ‘oohoohs’. De synths en electrodrums klonken telkens goed door.
Een sterrenhemel trokken ze op de sfeervolle “Moths wings” en “Swimming in the flood”. “To kingdom come” was hier het hoogtepunt, door de intrigerende, toegankelijke melodie en gevatte tune.
Ze schakelden over naar een electroparty in dansbare toppers “Let your love grow tall” en “Folds in your hands” door de pompende injecties; als closing final serveerden ze “Smile upon me” en “Little secrets”. Wat een funkende ‘80’synthpopclash! De eerste rijen gingen uit hun dak en het kwintet was sterk onder de indruk van de respons op de fris gespeelde dynamische songs
Een melig “Eyes as candles” bracht ons even op adem, die door de piano en synthloops richting Air Traffic ging. “Sleepyhead” besloot en onderstreepte de dansbare formule van de band.
Een veelheid aan invloeden konden we horen in de ruim één uur durende gevarieerde set van Passion Pit.

Het beloftevolle Scandinavische The Kissaway Trail speelde sfeervolle, broeierige en boeiende indierock. In de véél te korte set hadden de songs een spannende opbouw door de aanzwellende gitaarpartijen en subtiele arrangementen. The Music vormde de voornaamste referentie voor de heren!

Organisatie: Botanique, Brussel

Dave Matthews

Dave Matthews Band: Ongelofelijk Populair in de VS … Hier: “Wie zeg je”?!

Geschreven door

Wie? Dave Matthews! … David John Matthews, geboren in Zuid Afrika en na verschillende emigraties, waaronder Engeland en Nederland een thuis gevonden in Charlottesville, Amerika. Hij is begin de jaren ’90 beginnen timmeren aan een muzikale carrière. Nu een 20 jaar later is hij samen met zijn band één van de populairste live-acts van Amerika. Volgens Bilboard staat de band op de 17de plaats van best verdienende artiesten van 2009. Ze behoren ook tot de top 100 van de best verkopende Amerikaanse artiesten aller tijden. De vele Amerikaanse fans die maandag avond paraat waren konden hun ogen niet geloven. De Lotto arena, volgens hun normen heel klein, was nog niet half gevuld. In hun thuisbasis verkoopt de groep al jarenlang moeiteloos de grootste stadions en arena’s uit. Na hun doortocht vorig jaar op Werchter, (waar de publiekelijke aandacht maar heel beperkt was) stond de DMB maandagavond 1 maart voor een 2de keer voor een zaaloptreden in België. De laatste keer was het in Vorst op 27 mei 2007 nota bene!

De set begon met “Proudest monkey” en “Satellite”, twee wat rustigere nummers. Om uiteindelijk tot een climax te komen met de live altijd prachtig gebrachte “Two steps” en Dylan’s “All along the Watchtower”.
De set was hoofdzakelijk opgebouwd met songs uit hun laatste CD, Big Whiskey and the GrooGrux king. Deze wordt beschouwd als 1 van één van de beste platen. Dat de DMB beschikt over uitermate goeie artiesten was te zien in de vele improvisaties tijdens de nummers. Helaas was het eindeloos rekken van solostukken in de songs toch een beetje te veel van het goede.
Hoogtepunten van het optreden zijn zonder twijfel “Shake me like a monkey”, “Funny the way it is”,” #41”, “Crash into me”, “Everyday”, de door het publiek ferm gesmaakte “Ants marching” waar Boyd Tinsley zijn viool liet gieren over het dolenthousiaste publiek. “Why I am”, opgedragen aan de in 2008 overleden groepslid Leroi Moore en “You and me” werd uit volle borst meegezongen. De live klassieker “Two steps” was een verbluffende uitvoering. De solo’s van de verschillende groepsleden was om duim en vingers van af te likken.
Als bisnummer bracht Dave eenzaam akoestisch het “Baby blue”, deze moest hij licht geïrriteerd onderbreken door het gebabbel van luidruchtige Amerikanen in de zaal.
Met Bob Dylan’s, “All along the Watchtower” kon de 2h en 45 minuten durende show niet mooier afgesloten worden.

Dave Matthews Band: Live Band bij Uitstek … Ongelofelijk Populair in de VS … En hier: “Wie zeg je”?!

Setlist
Proudest monkey, Satellite, Shake me like a monkey, Seven, Funny the way it is, Stay or leave, #41, Crash into me, Spaceman, Corn bread, Everyday, Ants marching, Lying in the hands of God, Why I am, You & me, Two Steps
Baby blue, All along the watchtower

Organisatie: Live Nation

Absynthe Minded

Absynthe Minded: flamberen graag !

Geschreven door

Een dubbel en uitverkocht concert in hun thuishaven Gent… het was feest voor Absynthe Minded die laatste twee stormdagen van februari 2010. Maar echte party animals waren er niet. U en ik, het publiek, waren beleefd aanwezig en heupwiegden even of murmelden wat mee. Lag het aan Absynthe of aan ons? Of aan de twee?

Ze zijn zo ‘in’ momenteel, vooral bij het jonge volkje. Ze wonnen net voor hun dubbele thuisparty nog enkele awards (Cutting Edge, MIA (Music Industry Awards), dus iedereen wou/wil ze zien. Wij zagen ze jaren geleden  - toen ontdekkend en experimenterend op de Nachten - al aan het werk. Onderaan een trap nota bene ! Het stond hen. Ons ook, letterlijk dan. Intussen zijn er al veel noten weggevloeid en nog meer poppy trucjes bijgekomen. Ballades ontloken, de jazzy sound bleef wel wat hangen, de rocklucht snuif je nog op, maar vooral het hitgevoel is er bijgekomen. Hun vierde elpee ‘Absynthe Minded’ (na ‘Acquired Taste’ (2004), ‘New Day’ (2005) en ‘There Is Nothing’ (2007) ) klikt en klit, maar hun concerten in Gent dobberden. Van rustige vastheid (ja, ’t wordt een cliché) naar stevige gitaargolven. Voor ons hadden ze nog wat mogen doorfeesten die avond, maar hun opwarmfase mocht er gerust uit.
Afgelijnd en gecontroleerd, dat etiketteerde dat openingshalfuur en misschien is dat ook wel Absynthe Minded tout court. Niet verwonderlijk dat het feestje dan ook geen extases kende. De meer dan degelijk geperformde nummers gleden over de koppen in de zaal, maar daalden niet neer. Lief en licht. Het waaide over.
We hadden al acht nummers gehad toen het grootste deel van de zaal kreeg waar het voor gekomen was: “My Heroics Part I”, bekroond tot het beste Belgische nummer van de laatste tien jaar. De temperatuur steeg meteen en bleef aangroeien. Met “Moodswing Baby” (hun nieuwe single) volgde meteen een tweede hoogtepunt en “Multiple Choice” stoomde verder om dan in “Envoi” te oreren. “Dead on my feet” en “Plane song” bleven doorgaan en bewezen dat de gevatte – al bleek dat niet uit de bindteksten - singersongwriter Bert Ostyn met Renaud Ghilbert (viool, trompet), Jan Duthoy (piano, hammond), Sergei Van Bouwel (contrabas, basgitaar) en gangmaker Jakob Nachtergaele (drums) oerdegelijke muzikanten rond zich posteert. 
Twee bisnummers en dan nog een ‘tris’ besloten de avond, maar nog altijd met het idee dat het feest nog echt moest losbarsten.

We hadden eerder het gevoel dat we op de stormdag een warm deken rond ons geslagen hadden. Lekker en warm en dat is ok. Maar toch… met zo’n naam. Om absint te drinken wordt in een moderne variant van het ritueel een suikerklontje geflambeerd. Dat misten we.

Play list 1. Mercury 2. Weekend in Bombay 3. Fortune 4. I am a fan 5. Heaven knows 6. Papillon 7. Pretty horney flow 8. People of the pavement 9. My heroics part I 10. Moodswing baby 11. Multiple Choice 12. Envoi 13.Dead on my feet 14. Plane song
Bis 1. There is nothing 2. I like it when you are sad 3.Stuck in reverse

Organisatie: Democrazy, Gent

Isbells

Knetterend haardvuur in de MaZ met Isbells

Geschreven door

Isbells uit het Leuvense hadden zich op een rij naast elkaar neergevleid op stoeltjes; hun stemmige muziek is te situeren ergens tussen Bon Iver, Iron & Wine, Kings of Convienence, Band Of Horses en Fleet Foxes. Zelf dwarrelen ze graag in de muzikale leefwereld van Elliott Smith, Nick Drake en José Gonzalez. De single “As long as it takes” was in de donkere dagen de gedroomde kerst-, haard- en kampvuursong.
Isbells is het project van Gaëtan Vandewoude, die als gitarist deel uitmaakt van het relatief onbekende Soon; Naima Joris en Bart Borremans staan Gaëtan bij en live vult een vierde man aan. Ze wonnen één van de selecties van de vi.be on air en waren de ‘poulains’ van Admiraal Tom Van Laere.
Het kwartet brengt de Amerikaanse alt.country/americana, folk en sing/songwriting binnen ons muzikaal landschap. Naast het instrumentarium van akoestisch ingehouden gitaren, een licht en sobere elektrische gitaar, mandoline, steelpedal, toetsen en spaarzame jambeetics, gaat de aandacht naar het stemgenre en –timbre van zachte, zalvende, meerstemmige en hemelse vocals, aangevuld met obligate ‘oohoohs’ en ‘hoohoos’.
Het dromerig, beklijvende materiaal van hun titelloos debuut klonk uiterst gevoelig: pareltjes van songs die ze in een herfstig klankpalet opentrokken. Je kon bijna een speld horen vallen op het intieme “BB Chevelle”. “Without a doubt” was sfeervol door een vibratoets en vingertics bepaalden “Reunite”; spaarzaam en broos hielden ze andere songs, “Maybe”, “Time is ticking” en “I’m coming home”.
Ze trokken “Dreamer”, het afsluitende “My apologies” en de single “As long as it takes” meer open door opbouwende tokkels, mandoline, steelpedal en een aanvullende toets en percussie. En “Know” was in de bis het nieuwtje, nog ietwat zoekende en die ze aan elkaar ‘jam-den’ om later in te lijsten als een grootse Isbells song.
Kortom, eenvoudig doeltreffende, straffe songs en heerlijke zanglijnen. Een puur, oprecht, eerlijk, spannend en broeierig geluid. Isbells: Vlaamse Band met Grootse Toekomst …hun flikkerlichtjes pop is te koesteren! Een verdiende doorbraak! Minpunt: Isbells, laat je niet verleiden en verglijden om het perfecte geluid te creëren. De geluidsman had zo te horen af te rekenen met foute monitors, en moest bijna elk nummer bijregelen. Isbells werd op den duur hun eigen stoorzender en verloor zich in een ‘niet-meer Schoenmaker, blijf bij je leest’!

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Le Loup

In the hands of Le Loup

Geschreven door

Het Amerikaanse Le Loup uit Washington DC draait rond zanger/multi-instrumentalist Sam Simkoff. Twee jaar terug liet hij een weird debuut op ons los, ‘The throne of the third heaven of nations’ millenium general assembly’, een versmelting van bezwerende elektronica, frisse gitaarpartijen, ritmische drums, trommelwerk, handclaps, bleeps, beats en microfooneffects. In de muzikale dwarrelgeest van Simkoff’s Le Loup horen we een immense binding tussen toegankelijkheid en chaos. Er zijn de B-melodietjes van Beatles/Byrds/Beach Boys, linken met Animal Collective en Yeasayer en door de hoge vocals en stemmenpracht refereren ze aan Arcade Fire en de huidige rits Fleet Foxes, Port O’Briens, Tunng, Grizzly Bear en Local Natives.
De muzikale uitspattingen van het debuut zijn op de tweede cd ‘Family’ gestroomlijnd en bedachtzaam, wat een open, speelse en opgewekte heerlijkheid biedt. Een goed op elkaar ingespeelde band is verantwoordelijk voor het coherente, aanstekelijke geluid, in combinatie met het doortastende stemgeluid en de degelijke samenzang.
We waren onder de indruk van het resultaat live, want we kregen een portie originele, frisse, dansbare psychedelische freakende indietronicafolk geserveerd, van plezierig opbouwende, bezwerende, hitsige songs als “Saddle mountain” , “Morning song”, “Beach town”, “Grow”, “I remember everything”, “A celebration” en de titelsong van de tweede cd ‘Family’, geïnjecteerd door de aanzwellende gitaarpartijen, dreunende basses en repeterende, opzwepende synths, beats en drums. En ook een paar oudjes werden niet vergeten, “We are Gods! We are wolves” en “Le loup (fear not)” boden de nodige variatie in de set.
Het kwintet stond in een halve cirkel opgesteld en in het midden hadden we het ‘duracell’konijn en tronicafreak Simkoff, die door z’n spastische lichaam - en zwoele heupbewegingen de songs elan gaf.
Noteer alvast dat de tweede cd ‘Family’ van Le Loup als een ontluikende, bezwerende, louterende indierockende trip klinkt! De knappe, overtuigende uitvoeringen zorgden terecht voor een warm onthaal; het enigszins verbaasde maar aandachtige publiek werd de prooi en zat gekneld in de klauwen van de wolven van Simkoff en de zijnen. Maar interpreteer het als een hart onder de riem …

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Hindi Zahra

Hindi Zahra: pure klasse van een jonge, talentrijke belofte

Geschreven door

Een tip voor de top is Hindi Zahra, afkomstig van het Berbervolk in Marokko. Ze heeft Toeareg-roots en een thuis in Parijs. Muzikaal brengt ze een soort fusion van pop, folk, soul, blues, jazz en flamenco met Oosterse, Marokkaanse rootsmuziek, zonder echt wereldmuziek te zijn. In sommige nummers is er de link met de hypnotiserende retro/world/woestijnblues van Tinariwen, ook Toeareg nomaden, maar dan van Mali.
Op haar manier verwerkt en vermengt ze de diverse stijlen en invloeden in een soort ‘handmade’ freefolk. Tja, niet voor niks noemt haar debuut ‘Handmade’, dat ze eigenhandig produceerde en verscheen op het Blue Note label. In een artikel lazen we dat de albumtitel refereert naar l'artisanat, de handarbeid die Marokkanen verrichtten voor zowat alles dat zij produceren; ze wees hierbij naar de schatkist aan juwelen rond haar arm. Ook muzikanten zijn handarbeiders, wat verklaart dat de titel van de plaat vollédig van haar hand is.

Ze brengt een internationaal, toegankelijk, rijk geluid, van akoestische gitaren en handclaps, warme zalvende toetsen en bezwerende percussie, onder haar zachte, warme stem; als voorbeelden zangeressen haalt ze als Amália Rodrigues, Oum Kalthoum, Dimi Mint Abba, Django Rheunhardt en Yma Sumac aan, maar we durven ook denken aan Billie Holiday meets Patti Smith, Natacha Atlas en de zusjes Casady van Cocorosie.
Een kleine twee uur hield ze het publiek in de ban van haar meeslepende, aanstekelijke heupwiegende poplounge met een exotisch tintje. “Try again”, “Fascination” waren schitterende openers en wereldse songs “Nanyi” en “Imik silik”, in het Berbers gezongen, kregen een mysterieus tintje; een bewijs dat de jonge, beloftevolle dame alvast heel wat in haar mars heeft. De songs prikkelden door de bezwerende opbouw en hadden een dromerig karakter. Een ‘50’s vaudeville stijl haalde ze aan op “At the same time”; we waanden ons in een rokerige kroeg en misten nog een Tom Waits aan haar zijde.
Eén en dezelfde song kon ze met haar band ingehouden als trippend spelen. De single “Beautiful tango” was er een mooi voorbeeld van. Intussen was ze samen met haar begeleiding goed op dreef gekomen en was de verwantschap met Tinariwen en het nomadenbestaan groot. We voelden de blakende zon en het woestijnzand opwaaien in lange versies van “Kiss & thrills”, “Oursoul” en “Set me free”. De bezwerende gitaarslides, de percussie en de ‘70’s psychedelica toetsen gaven een opzwepende groove. En aan “Set me free” breidde ze er een “Get ready” van Rare Earth aan. Na de intens gespeelde songs, kwamen we even op adem en volgde een ingetogen folky “Don’t forget”, die ze met één van haar gitaristen speelde. ”Waiting in vain” was een geslaagde Bob Marley cover, sober en elegant door de akoestische gitaren en een spaarzame percussie die het reggae karakter behielden. Het refrein werd zachtjes meegezongen door het publiek.
Ondanks griepale symptomen, trakteerde Zahra op een fijne avond en werd ze telkens sterk onthaald. Dat ze een talentvolle artieste is, omringd met een even talentvolle band, was te horen op “Impro orientale” en “Stand up”, ‘all-styles-fusion songs’, die geïmproviseerde, verrassende en onverwachtse wendingen ondergingen en een krachtig, dansbaar einde toebedeeld kregen. De overtuigende rockdiva besloot met een intieme “Old friends” en een stevig gespeelde “Music”.

Pure klasse van een grootse dame, die nog wist te vertellen dat we op de volgende plaat banjo partijen en Berberse vioolklanken zullen krijgen. Haar set gaf al vonken, dus we mogen er halsreikend naar uitkijken …
Spijtig genoeg moest ze de dag nadien haar optreden in de AB staken door griep… Maar, geen nood eind maart will she back. Tip: Doen!

Organisatie: Aéronef, Lille

Sweet Coffee

Sweet Coffee cd release ‘Face to Face’

Geschreven door

Het kleurrijke charismatische Antwerpse gezelschap Sweet Coffee, onder Raffaele Brescia en Patrick Bruyndonx, is totnutoe niet doorgestoten naar een breder publiek. Ze verdienen het alvast met hun zwoele, sensuele, exotische jazzy soulpophouse. Ze zijn al toe aan hun vierde cd. Na ‘Memory lane’, ‘Perfect storm’ en ‘Naked city’ verscheen onlangs ‘Face to Face’. Op de nieuwe plaat moesten ze verder zonder de mooi ogende zangeres Bibi Diabokua, die de klemtoon op haar gezinsleven legde. De zomerse sound werkt aanstekelijk op de dansspieren, is de helende cocktail bij stress en spanningen en roept beelden op van kuuroorden en Miami stranden. Hun sound is iets aparts en zorgt samen met de andere Belgische artiesten en bands Arsenal, Delavega, Buscemi en Sven Van Hees voor het zonnetje in huis. Sweet Coffee nestelde zich de voorbije jaren tussen een Everything but the girl, Sade en Axelle Red on beats door de broeierig dansbare groove en zalvende beats van jazz/funk/soul, latin, trippop en lounge; op de laatste cd komen ze in de buurt van Groove Armada en door de ganse rits guestvocalisten refereren ze aan Basement Jaxx en – opnieuw –Arsenal. De nauwe samenwerking geven de songs een eigen timbre door het stemgeluid en identiteit. Hoedanook, hun leuke, ontspannende groovende pop klinkt goed, coherent en dansbaar. Ze verzorgden al de eindgeneriek van een tv serie ‘Flikken’ en hun muziek was al te horen in alle vliegtuigen van Brussels Airlines.

Live zagen we een heuse band, geruggensteund door guest- en backing vocalistes en een strijkerensemble. Ze stelden in de showcase enkel de songs voor van de huidige ‘Face to Face’, tav Sweet Coffee’s totaliteit een lichte domper, want ze hebben een rij puike songs in hun broekzak als “Don’t need you”, “Holdin’ on”, “Say hey yeah”, “New day” en titelsongs “Memory lane” en “Perfect storm”.
Het drukte de pret niet; ze speelden een afwisselende set die de verschillende sfeerscheppingen van de plaat moeiteloos benaderde en sommige songs zelfs een stevige, krachtige beat gaven. Op de instrumentale opener “Face to Face” stonden de leden met uitzondering van één van de zangeressen achter een groot wit doek. De lichtbundels kruisten de schimmen. Pas na het bezwerende “Where do we go” verdween het mistige decor langzaam en op de tonen van “Survive”, die wat Buscemi-latindance invloeden had, zagen we het Sweet Coffee collectief op het podium. “U turn” dreef het tempo op en ze brachten ons naar warmere oorden met het broeierige, dromerige “Beautiful people” en “See myself in you”. Een lounge oase creëerden ze met het sfeervolle, ingehouden “Out of the death”, die door de strijkers beelden van een kamelentocht aan de Egyptische piramides of van ‘Kuifje in de woestijn’ opriepen. Glimlachende gezichten verschenen op de relaxt voelende single “Daylight”, die opwindender klonk door de beats. Toen de MC’s de zingende dames vervoegden, werd de boel opgehitst en sloeg het vuur in de pan; we hoorden schitterende versies van “Alone”, “Drops of rain” en “I don’t think so”. Maxi Jazz en Faithless flitsten even voorbij. Ook Yannick Uyttenhove van Maximus droeg z’n steentje bij en ontpopte zich als een volwaardig vocalist van de multi- culturele band. En nu net dat het feestje van Sweet Coffee goed op gang was getrokken door deze wervelende songs, maakten ze er een abrupt einde aan. De reggae/ragga/dancehall van de klassesong “Tomorrow” in de bis breidde er nog een leuk vervolg aan, maar ipv enkele oudjes hoorden we spijtig genoeg reprises van “U-Turn” en “Daylight”, die ze van hardere beats en van US 3 jazzy loops voorzagen. De kers viel hier van de taart, want we hadden een inventievere ‘closing final’ verwacht …

Songwriter Yannick Uyttenhove van Maximus, is toe aan z’n tweede cd ‘Mesmerize’, die het titelloze debuut van 2008 opvolgt. Yannick brengt speelse, frisse pop die mijmeren aan het sfeervolle materiaal van Jon & Vangelis, Emerson, Lake & Palmer en Alan Parsons. Niet voor niks horen we in “You’re the voice” de link met “State of independance”, die Jon & Vangelis eerder al coverden van Donna Summer.
Yannick wist met z’n band te beroeren, ontpopte zich als een leuke performer en entertainde z’n publiek. Hij gaf de melodieus onschuldige dromerige en sfeervolle songs een ‘positive vibe’: “Woman in the military”, “Claudia”, “Love supercat Mindy”, “Good vibrations” en de huidige single “One of us” klonken best leuk met z’n drietjes.
Hij is een graag geziene artiest en mocht terecht al supports verzorgen van Novastar. Probleemloos kreeg hij de handen op elkaar toen hij een sobere versie van “Champagne in the living room” inzette op een 4snaren akoestische gitaar en een aan France Gall’s “Débranche” ontleend nummer. Puik werk. Sterke persoonlijkheid. Een nieuwe Robbie Williams?

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: J-Music/LC Music en Ancienne Belgique

Mugison

Warm IJslands feestje in de Botanique – Mugison

Geschreven door

Wie IJsland en muziek googelt of denkt, komt ongetwijfeld bij Björk en Sigur Rós uit, maar de meest westelijk gelegen natie van Europa exporteert nog (meer) aparte noten van onder de poolcirkel. Dat weet men ook bij de Botanique en de line-up van drie bands uit het land van Reykjavik lokte op 25 februari dan ook een volle Rotonde, met zelfs zo’n dertig IJslanders present. Voorwaar een zootje ongeregeld. Zowel op als voor het podium.

Mugison stond als headliner aangekondigd, maar fungeerde  uiteindelijk (en wegens onduidelijke redenen) als uitzonderlijk beleg tussen de sandwich van Helgi Hrafn Jonsson en Belfast FM. Geen hapklare brok, zo zou blijken.

Helgi Hrafn Jonsson opende dus en de eerlijkheid verplicht ons te zeggen dat we de jonge singer-songwriter, die ook trombone speelt bij Sigur Rós, pas helemaal op het eind van zijn gig bezig zagen. Dat klonk bepaald vrolijk en grappig, al blijkt hij verder een zwak te hebben voor ontroerende popballades.

Maar het was Örn Elías Guðmundsson ofte Mugison die ons – net als de meesten wellicht - naar de Botanique gelokt had. Niet met een band deze keer, maar back to his roots: standing musician. And dito comedian, want zijn hilarische vertelsels tussen zijn nummers boeiden ons haast zo strak als zijn nummers. En dat statement doet zijn nummers beslist geen oneer aan.
Of de organisatoren de IJslandse bard in geruit kostuum met pet als top of the bill opgeofferd hadden omdat hij al een stuk boven zijn noordelijke wodka was, kan best, maar zijn (half?) roes werkte inspirerend, ja zelfs bezwerend. De versmelting van Dylan, Waits en Kravitz smeerde een negental nummers uit over het publiek dat zich er met graagte in wentelde.
De man van de elpees ‘Lonely Mountain’, ‘Little Trip’, ‘Mugimama Is This Monkey Music?’ en ‘Mugiboogie’ houdt van verrassingen: voor zichzelf en voor het publiek. En eigenlijk is hij er zelf één. Na een openende bluessong die meteen aan het schuurgedeelte van de stem van Lenny Kravitz deed denken, beloofde hij nog één melancholisch nummer te spelen en dan ‘fun stuff’ te brengen. Zijn gitaar en zijn zelf ineengestoken sampling machine hielpen hem de belofte nakomen.
De fantastische – in alle betekenissen van het woord – verhalen die de excentriekeling ertussen de zaal in lalde, omzwachtelden zijn concert met een ruigheid die in de diepste noten van zijn muziek ook knettert. Maar tegelijk injecteert hij zijn songs met een intense sensitiviteit die zijn gelijke amper kent. Het was zwaar genieten.
Met “Jesus is a good name to moan” liet hij het publiek mee kreunen, niet in het minste de IJslandse jonge schonen aan zijn rechterzijde, wat hem nog een extra diepe kerm ontlokte. Maar het vrouwelijk schoon kon – zo liet hij doorschemeren - niet op tegen zijn eigenste vrouwtje dat de chaoot in hem helpt recht houden in deze zwaar georkestreerde wereld en aan wie hij het daaropvolgende nummer opdroeg. Ook Elvis kreeg nog een song aangeboden en uiteindelijk speelde hij – mede op vraag vanuit het publiek – “Murr Murr”.
Als bisnummer bracht hij nog een brullend onding waarvan wellicht niemand ook wist of het wel een nummer is en waarvan hij zelf zei dat hij zelden de kans krijgt het te spelen. Aangezien zijn merchandising uitverkocht was, raadde hij nog iedereen aan om te downloaden wat hij ooit gemaakt had. En om de volgende keer vrienden mee te brengen zodat hij in een grotere zaal kon spelen en zo echt geld kon verdienen. En weg was hij, met twee flesjes bier en een leeg glas whisky dat hij in zijn hooliganisch enthousiasme had omgeschopt.
Op het eind van het jaar vraagt onze hoofdredacteur telkens een top-tien van beste concerten op te stellen. Het zou ons verwonderen dat deze gig uit de eerste drie gebonjourd wordt. Een performer pur sang, een muzikant die je niet kan duiden, maar die je diep raakt. Alleen is het verbazend dat niemand deze energetische weirdo op ontdekkingstocht in music land kent. Of is het net daardoor? Te weinig aanpassingsvermogen? Hoeft ook niet.

De overgang van de ruwe troubadour naar de discotheekbeats van FM Belfast kwam hard aan. Te hard voor ons. Synthesizers uit de jaren tachtig met dito beats en schreeuwende stemmen zijn niet ons ding, al was meteen duidelijk dat het jonge IJslandse publiek zijn herkenningsmomenten vierde met hoog opwaaiende armen en hoofden. Vijf jongens met fijn strikje en een even gekke jongedame – met amper 300.000 inwoners moeten er wel nare inteeltgevolgen zijn - pumpten de jam up. Thanks, but no thanks. Al vond Mugison het blijkbaar wel best te pruimen, want hij kwam nog even mee heulen.

Organisatie: Botanique, Brussel

Pagina 844 van 966