Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Deadletter-2026...

Sjock 2024 – van 5 juli t-m 7 juli 2024 - Het rock'n'roll highlight of the year

Sjock 2024 – van 5 juli t-m 7 juli 2024 - Het rock'n'roll highlight of the year
Sjock 2024
Festivalterrein
Gierle
2024-07-05 t-m 2024-07-07
Erik Vandamme en Ollie Nollet

Reeds 48 jaar gaat er in de stille Kempen, midden in ‘t bos, een gezellig festival door, het Sjock Festival. De organisatie brengt een rits bands en artiesten, nauw verwant aan rock’n’roll, rock en punk.
Het festival werd alvast twee dagen opgevolgd. Ons verslag

dag 2 - zaterdag 6 juli 2024
We starten de dag met het fenomeen Arson. Wat deze band bijzonder maakt is een podium act met attributen die het doen aanvoelen je in een gezellige woonkamer bent aanbeland, met een drankbar ter beschikking. Puur muzikaal palavert Arson in een aanstekelijke punksound, lekker om zich heen stampend, zonder de humor en de zelfrelativering uit het oog te verliezen. Ze wisten iedereen wakker te schudden en een deel aan te zetten tot moshen. Een intrigerende, gevarieerde, overtuigende set.

In Titty Twister stonden bands die vaak teruggrijpen naar de rock/country uit vergeten jaren. Op de website van de formatie Hadacol Tremblers, lezen we: "geïnspireerd door Western Swing, het geluid dat Texas in de jaren dertig en veertig overspoelde."
 
Op die swingende muziek is stilstaan onmogelijk. De dansspieren werden geprikkeld. Een feestelijke stemming realiseerden ze, topmuzikanten die verdomd goed weten waar ze mee bezig zijn. Hun diversiteit overtuigde, want naast de opzwepende sound van die typische Western Swing werd subtiel americana toegevoegd. Een interessante muzikale parel.

Op het hoofdpodium maakte Black Leather Jacket zijn opwachting, een band die op heel wat bijval kon rekenen; niet verwonderlijk, de band speelt niet alleen een thuismatch, ze brengen een pittig potje , in-your-face rock/punk zoals het hoort in het genre. Black Leather Jacket trekt alle registers open en het gaspedaal blijft ingedrukt. Muzikale uppercuts worden uitgedeeld en in een wervelende finale waait het stof op.

Op de Bang Bang Stage mocht Tuff Guac openen. Dit is het project rond do-it-all Rafael Valles Hilario, die van vele markten thuis is. Met dit project verkent hij het pad van pop/cowboy/garage rock. En het klinkt toegankelijk door de fijne hooks, de aanstekelijke refreinen en het opzwepende karakter. Het publiek ging moeiteloos mee in deze stijl. Sjiek.

De Canadese garage/punk band NOBRO bestaat uit drie dames die binnen de scene best hun mannetje staan. Niet zo evident, gezien die garagepunk nog grotendeels een mannenbastion is. Deze vrouwen kunnen stevige gitaar en drum spelen. Ook hier de nodige uppercuts, die intrigeren. De dames hielden ons bij de kraag door hun overweldigende riffs en verbluffende salvo's. Wat een oerknal van deze dames!

Eén van dé hoogtepunten van de dag werd afgeleverd door onze Belgische trots Toxic Shock. Ze hebben al enkele knappe platen afgeleverd , maar live komt dit nog beter tot z’n recht. Wat een energie! Wat een charisma! De beweeglijke zanger betrekt zijn publiek bij de sound. De crowdsurfers vliegen in het rond, en de mosh pits zwellen aan, eens het gaspedaal was ingedrukt. In een wervelende finale was er geen doorkomen meer aan.
We hebben nog nooit slechte concerten van Toxic Shock gezien; op Sjock overdonderden ze opnieuw.
Zo’n band heeft het publiek nodig om boven zichzelf uit te stijgen. Het was een mooie wisselwerking tussen beiden. Missie terug geslaagd!

Grade2 is zo een typische punk rock band uit Engeland, die een opbouwende, knallende punkrock show neerztten , zonder al te veel poeha. Niet bijster origineel , maar voldoende om er iets leuks van te maken. Ze stormden, ze deelden enkele ferme muzikale kopstoten uit en het publiek wordt opgejut. Goede set;

Even verpozen in de Titty Twister stage? Domestic Bumblebees brengen een potje swing uit de gouden tijden… De aanzwellende sound , de variaties, de aanstekelijkheid, het opzwepende, het is mooi om te horen.
Iedereen twistte en ging lekker uit de bol alsof dee jaren '30 er terug waren. Het fijne aan het gezelschap, is dat ze niet gedateerd klinken. De swing lijkt heruit gevonden! Knap hoe verleden en heden elkaar verbinden. Toch iets fijn en unieks, een ontdekking waard …

Van een heel ander kaliber was Agnostic Front, een band die in zowel metal als punk/HC middens op handen word gedragen. De legendarische Amerikaanse band, al sinds de jaren '80 actief, heeft nog niets van energie en opwinding ingeboet. Als een meute jonge wolven gaan ze tekeer, en vrij vlug zorgt dit voor een mosh pit en crowdsurfing. Het publiek is mee in het muzikale verhaal van de band. In een verpletterend tempo, de ene mokerslag na de andere, zorgt Agonstic Front ervoor dat de hele weide in vuur en vlam staat.
Mooi om te zien hoe een inspirereende band als hen al 40 jaar lang zijn publiek enthousiasmeert. Wat een intensiteit en felheid. Een tsunami …  

Even stevig en energiek is Captain Kaiser op de Bang Bang Stage. De band rond de imposante Sascha Vansant zijn grootmeesters in een perfecte punk feestje, wat we reeds hoorden op We Are Open. We schreven toen:'' Captain Kaiser speelt verschroeiend hard, luid en energiek. En in deze loudness band met een maatschappijkritische boodschap. Puur punk dus! Een knallende afsluiter van deze tweedaagse We Aren Open. Mooi!"
Net als Toxic Shock heeft ook een band als Captain Kaiser zijn publiek echt nodig om voluit te kunnen gaan. Als een wildeman gaat Sascha ook nu weer tekeer, geen seconde staat hij stil; het publiek aanporren, hen opzoeken en pits ontketenen. De crowdsurfers waren niet te tellen. Een wild setje dus. Indrukwekkend!

De Australische bonkers van Cosmic Psychos moesten niet onderdoen met hun gekende 'bulldozersound'. Het gaspedaal goed ingedrukt, gingen ze als een pletwals tekeer. Het stoorde allerminst dat alles een beetje hetzelfde klonk … Wat een impulsiviteit, energie, een verpletterende set!

The Country Side of Harmonica Sam omarmt de gouden jaren van country met steady 4/4 shuffles, jankende steelgitaar en tic-tac bas! ",  lezen we op hun website. Een gezapig potje pure country hoorden we. De muzikanten beheersen hun instrument en doen het genre heropleven. Leuk zondermeer,  vooraan heupwiegde men lekker op die aanstekelijke country.

In het begin van de set stond er opvallend minder publiek voor Ty Segall die na al dat geweld op z’n Agnostics intenser, breder klonk.
Ty Segall is een do-it-all van allerlei genres. Zijn muziek kan opzwepend, opwindend, gedreven als gemoedelijk, breekbaar zijn. Psychedelica en experiment kruiden het geheel.
Een eigenzinnige aanpak, met prachtige soli en zijn prachtige , treffende vocals. Wat een virtuositeit en spelplezier hebben we hier.
Een top muzikant, die zich ook goed laat omringen. Ty Segall zorgde voor een gevarieerd optreden. Gaandeweg wist hij het publiek in te palmen . Klasseset!

Si Cranstoun mocht de Titty Twister Stage afsluiten. Simon David Cranstoun is een Britse zanger die vele jaren doorbracht als straatmuzikant in Londen en optrad in de Dualers, een ska-band die hij vormde met zijn broer Tyber, voordat hij bekender werd als componist en zanger; zijn muziek is beïnvloed door rock and roll en de rhythm and blues uit de jaren 50-60. Onder Si Granstoun bezorgt hij ons een reis in de tijd, die aansluit in het ‘nu’. Wat een charisma hier, de tent swingt door die aanstekelijke, gevarieerde ritmes. De heupwieg nam men er maar al teg raag bij. Sjiek!

We pikten nog een stukje mee van The Chats die op de mainstage een brok energie uitstraalden. Een punksound om U tegen te zeggen, zonder al te veel poespas. Mooi om zo’n band te zien. Met een erg positief gevoel gingen we naar huis …

dag 3 - zondag 6 juli 2024
De eerste groep die ik dit jaar op Sjock zag, wist me meteen op temperatuur te brengen. Black Djangos, een trio uit het Nederlandse Uden, liet zich inspireren door cult films en horror comics. Zanger-gitarist Robert Den Hartigh leek met zijn warrige haardos trouwens weggelopen uit zo'n comic. Muzikaal lieten die invloeden zich vertalen in creepy rock-'n-roll die met veel energie ten tonele gevoerd werd. Maar het was vooral de volledig in het rood geklede (inclusief schoenen en dan heb je bij mij altijd een streepje voor) Ben Groenen die dit groepje naar een hoger niveau wist te tillen. Met zijn ene hand zijn Crumar orgel molesterend (een enkele keer afgewisseld met een theremin) en met de andere de bas toetsen beroerend gaf hij Black Djangos een stevige psychedelische injectie.

Vervolgens zag ik op de Bang Bang Stage het lokale Bad Samaritans, niet te verwarren met de gelijknamige psychedelische punkrockband uit Houston, Texas. Dit product uit de Kempen brengt naar eigen zeggen swampgospelbluesbillygarageboogie en dat zal wel enigszins kloppen. Met zijn zessen (zang, twee gitaren, bas, drums en baritonsax) creëerden ze een broeierige swampy sound waarin de baritonsax voor de onderscheidende noot zorgde. De groep stond er nogal statisch bij maar dat werd ruimschoots goedgemaakt door de zich in alle bochten wringende zanger Lonnie Kahlula. De band werd vier jaar geleden trouwens geboren op dit eigenste festival!

Het was nog vroeg maar toch moest ik in de Titty Twister een eerste hoogtepunt noteren. Daarvoor zorgden de Lambrini Girls uit het Britse Brighton. Iggy Pop noemde dit verse punksnoepje ooit zijn nieuwe favoriete band  en dan moet hij ze wellicht live gezien hebben want de Lambrini Girls verkochten ons op Sjock een oplawaai van jewelste. Een furie die werd veroorzaakt door de chaotische gitaar en ziedende zang van Phoebe Lunny, de stuwende bas van Lilly Macieira en een gelegenheidsdrummer van wie me de genderidentiteit niet geheel duidelijk was.
Naast de gebruikelijke vuilbekkerij was er ruim plaats voor sociaal geëngageerde teksten met onder meer striemende kritiek op de eigen regering en aandacht voor onderwerpen als de Palestijnse zaak of seksuele intimidatie op het werk. En dan was er nog het fenomeen Phoebe Lunny die al vanaf het tweede nummer onvervaard het publiek, dat ze liet spijten als Mozes de Rode Zee, in dook. Een brok tomeloze energie en toch bleef een moshpit uit. Het was waarschijnlijk nog te vroeg in de middag, maar dat was dan zonder Lunny gerekend. Die dook nog maar eens het publiek in om die verdomde moshpit dan maar eigenhandig op te starten wat haar wonderwel lukte.  Lambrini Girls brachten een set vol frisse punk op het scherp van de snee die nog een tijdje zal nazinderen.

Daarna trok ik vol verwachting naar de Main Stage maar dat viel even tegen. Nochtans zijn Dune Rats uit Brisbane een gevestigde waarde in Australië. Het drietal beweert muziek te maken puur voor de lol wat ik alleen maar kan toejuichen. Helaas was het niet mijn lol. Dit was zonnige poppunk met veel samenzang waaraan je je geen buil kon vallen en zonder enige diepgang.

The Detroit Cobras was de band waar ik het meest naar uitkeek. Benieuwd of ze zich na het debacle in Het Bos in 2019, waar een ladderzatte Rachel Nagy alles verknoeide, konden herpakken. Intussen is die Rachel Nagy, zangeres en boegbeeld van The Detroit Cobras, overleden (2022), en sinds een live-eerbetoon aan haar al dan niet definitief vervangen door Marcus Durant, die begin jaren '90 furore maakte met het geweldige Zen Guerrilla en in 2018 ook opdook in de supergroep MC50. Op zijn minst gezegd een vreemde keuze. De vijf begonnen eerder mak aan hun set en het werd wennen aan die stem, wat uiteindelijk nooit lukte. Nu mag Rachel Nagy een moeilijk mens geweest zijn, ze had een fantastische, uit duizenden herkenbare, donkerbruine stem die zowel zwoel als brutaal klonk.
Hier hoorden we de schrille, snerpende, hoge keelgeluiden van Marcus Durand die wel af en toe probeerde wat conventioneler te zingen. Ook uit duizenden herkenbaar, dat zeker, maar wel totaal iets anders. Na een poosje kon ik er toch vrede mee hebben en de songs zoals Slummer "(The slum)" (The "5" Royales), "Bad girl" (Oblivians), "I'll Keep Holding On" (The Marvelettes) of "I wanna holler" zijn natuurlijk niet stuk te krijgen terwijl de gitaren van Mary Ramirez en Steve Nawara alsmaar nadrukkelijker op het voorplan traden.
Uiteindelijk sloot een lijkbleke Marcus Durant, die er echt niet gezond uitzag, een vijftal minuten te vroeg af met het nagelnieuwe "I'm Alive" en dat was wat mij betreft het beste nummer uit de set. Dat geeft alvast hoop voor de toekomst.

Bacon Fat Louis, een trio uit het Nederlandse Ommen, bracht swamp-blues met een garagerandje waarbij je onvermijdelijk aan Left Lane Cruiser moest denken. Zanger Bo Hudson had heel wat gitaren meegebracht waarvan de cigarbox gitaar de indrukwekkendste was. Naast hem zagen we Harp Attack Pete geweldig tekeer gaan op zijn mondharmonica. Een instrument dat hij eenmaal ruilde voor een gitaar om er een gesmaakte cover van Hound Dog Taylor's "Give me back my wig" in de versie van GA-20 mee in te zetten.
Eerder op de set had Bacon Fat Louis me al weten te verrassen met "Long John's jump" van Daddy Long Legs. Zo weet je meteen uit welke hoek de wind woei. Een fijne neus voor covers dacht ik, maar toen eindigden ze met twee binnenkoppers: "Proud Mary" en "Nutbush City Limits". Zeker niet onaardig maar hier zat ik echt niet op te wachten. Desondanks bleef Bacon Fat Louis één van de ontdekkingen, deze zondag op Sjock.

Meteen na The Detroit Cobras zagen we in de Titty Twister opnieuw een band uit Detroit: The Gories. Deze legendarische groep maakte een eeuwigheid geleden (in '89, '90 en '92) drie zwaar onderschatte platen, waarna het licht uit ging. In 2009 volgde dan totaal onverwacht de fameuze ‘Reunion Tour’ waarin ze samen met de, ook terug bij elkaar gefloten, Oblivians door Europa trokken en waarbij ze Sjock niet over het hoofd zagen. Sindsdien leidt de band een sluimerend bestaan. Blijkbaar diende de kas dit jaar opnieuw gespijsd te worden, wat hen opnieuw naar Sjock leidde. Veel leek er niet veranderd, gelukkig maar.
The Gories staan nog steeds voor primitieve uitgeklede rock-'n-roll gebracht door drie unieke muzikanten. Twee gitaristen die tevens uitstekende zangers zijn: Mick Collins met een hoekige, vlijmscherpe gitaarstijl terwijl Dan Kroha, die zijn gitaar een paar keer ruilde voor een mondharmonica, wat bluesier uit de hoek kwam. Achter hen staarde Peggy O'Neill ons vanachter haar zonnebril aan terwijl ze een jungle-beat uit haar, tot het strikte minimum beperkte, drumstel mepte. Meer moest dat niet zijn. Collins en Kroha hadden er duidelijk zin in en waagden zich tijdens John Lee Hooker's "Boogie chillun" aan een dansje. Schitterend! Uiteindelijk bezorgden de twee laatste nummers, "Thunderbird ESQ" en "Nitroglycerine" me een delirium.

Tijd om na te genieten was er niet want meteen daarna stond Dick Move op de Bang Bang Stage. Ik had ze onlangs gemist in The Pit's en deze nieuwe kans wou ik me toch niet laten ontglippen. Dick Move komt uit Auckland, Nieuw Zeeland en werd onlangs door de Foo Fighters zelf uitgekozen om hun shows in Nieuw Zeeland te openen. Niet niks toch voor een groepje dat beweert ‘socialist party punk’ te maken. Met zijn vijven (zang, 2 gitaren, bas, drums) vuurden ze vol branie rauwe punk verpakt in korte nummers op ons af. Hun grootste troeven waren de innemende zangeres Lucy Sutter en de verbeten hamerende gitaren. Dick Move was één brok energie die het publiek een adrenalineboost bezorgde.

The Sadies uit het Canadese Toronto zag ik reeds meerdere keren aan het werk en telkens lieten ze me met een gelukzalig gevoel achter. Dat was hier niet anders. Toch vreesde ik, net als vele anderen waarschijnlijk, even voor het voortbestaan van de groep toen Dallas Good, samen met zijn broer Travis toch de spil van The Sadies, onverwacht overleed in 2022. Maar Travis Good krabbelde na die zware dreun terug overeind en nauwelijks negen maanden later zag ik The Sadies al terug op een podium. Toen vond ik het daar in café De Zwerver te Leffinge, waar ze onverwacht steun kregen van Kacy & Clayton, zelfs de beste keer dat ik ze ooit zag.
Hier moesten ze het met zijn drieën rooien maar dat bleek geen probleem. Naast Travis zagen we Sean Dean, net als zijn patron keurig in het pak, aan de staande bas en Mike Belitsky op drums. Hun merkwaardige mix van country, garagerock, folk en psychedelica bleek nog steeds enig in zijn soort. Dit keer vond ik dat de nadruk meer dan ooit lag op het gitaarspel van Travis Good. Hij is een meer dan begenadigd gitarist  maar hij liet zich nooit verleiden tot onnodige solo's. Hij etaleerde zijn kunsten liever in immer melodieuze en meestal korte instrumentals. Daar zaten echte parels tussen zoals mijn favoriet, "Dark Eyes", een nummer van Tommy Dorsey uit 1937. En wat kon hij die gitaar lekker laten galmen om ons een paar tellen later onverhoeds te overvallen met een bizarre tempowisseling. Hoewel de magie die twee jaar geleden in de lucht hing in De Zwerver er nu niet bij was, bleef dit een behoorlijk overrompelende set.

Left Lane Cruiser … Wat kan ik hierover nog kwijt? Ik volg ze sinds 2008 en zag ze talloze keren, vier keer alleen al tijdens deze tour. Bedankt Sjock om hen de mooiste plaats op de line-up te geven. Afsluiten op de Bang Bang Stage! Beter kon Left Lane Cruiser zich niet wensen.
Vanaf de eerste noten van het iconische "Wash it" met drummer Brenn Beck op koebel en wasbord zat de sfeer er meteen in. De demonische slide en het gruizige gehuil van Freddie J IV voortgejaagd door het triomfantelijke geroffel van Brenn Beck zorgden ervoor dat er zich al snel apocalyptische taferelen afspeelden voor het podium. Ik overdrijf misschien maar het ging er toch hevig aan toe in de moshpit inclusief stagedivers en crowdsurfers.
Dit keer slechts drie covers. Voor deze kortere set werd vooral daar gesnoeid, maar mijn favoriet overleefde gelukkig die drastische snoeibeurt. "Going down", dat meestal gemakshalve aan Freddie King wordt toegewezen maar eigenlijk geschreven is door Don Nix en voor het eerst op plaat werd gezet in 1969 door Moloch, een psychedelische soulgroep uit Memphis, klonk weer verpletterend. Smerige blues op orkaankracht maar er was meer dan dat.
Vooral nieuwe nummers als "River picker" of "The desert" met psychedelica-, prog- en soulinvloeden zorgden voor een frisse wind. Zoals gewoonlijk werd er afgesloten met een John Lee Hooker jam waarbij enkele mensen op het podium werden gevraagd om wat mee te spelen op percussie-instrumenten. In een mum van tijd stond de Bang Bang Stage vol volk en werd zichtbaar dat drie dagen festival hun tol hadden geëist. De ene stond al wat steviger op zijn benen dan de andere en Freddie J IV, die ontsnapte ternauwernood aan een aanranding. Zo leek het toch. Maar ondanks die chaotische toestanden bleken de twee mannen van Left Lane Cruiser uiterst tevreden na dit optreden.

Tijd om te bekomen was er niet want in de Titty Twister maakte alweer een andere mythische band zijn opwachting. New Bomb Turks uit Columbus, Ohio is net als The Gories een groep die al meer dan twintig jaar geen plaat meer heeft gemaakt maar wel nog af en toe de hort op gaat.
Hun debuut lp ‘!! Destroy-Oh-Boy !!’ op het toen alom tegenwoordige Crypt Records sloeg destijds, in 1993, in als een bom. Er zouden nog vijf platen volgen en eigenlijk had ik de groep toen moeten zien maar door omstandigheden is dat er nooit van gekomen. Geen nood echter: wanneer Sjock de kans krijgt dan zetten ze de New Bomb Turks gewoon nog eens op de affiche, zo ook dit jaar. De Turks lanceerden hun garagepunk met een nietsontziende power. Iets te veel power wat mij betreft. Zo'n sound waar geen speld tussen te krijgen valt hoeft voor mij niet echt. Maar goed, dit bleef een feest met zanger Eric Davidson die de clown uithing, zijn micro regelmatig in zijn broek liet verdwijnen maar ook heel goed wist hoe hij zijn publiek moest mennen.
Het echte hoogtepunt kregen we met de bis: het nog steeds fenomenaal klinkende "Mr. Suit". Toch blijft het een beetje vreemd dat hun beste nummer uitgerekend een, weliswaar zich geheel eigen gemaakte, cover (Wire, 1977) is.

Daarna was ik van plan om Bad Religion, dat mocht afsluiten op de Main Stage, te checken. Hoewel ik absoluut geen affiniteit met ze heb, wou ik Bad Religion, toch één van de meest invloedrijke punkbands en met een indrukwekkende discografie, een kans geven. Bij aankomst hoorde ik een zoetgevooisde zanger en mijn afgepeigerde lijf liet het plots afweten. Ik had er intussen 11, waarvan 10 volledig uitgezeten, sets opzitten en dat liet zijn sporen na.
Bovendien denk ik dat ik nooit eerder zoveel goeie bands op één dag zag. Het was bijzonder mooi geweest!

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/6289-sjock-2024.html?Itemid=0

Organisatie: Sjock, Gierle

The Third Sound

Most Perfect Solitude

Geschreven door

De Berlijnse psych/post-punkband The Third Sound bracht zopas het zesde studio album ‘Most Perfect Solitude’ uit. “On Returning” is de single die eerder onze aandacht wist te trekken met zijn Jesus & Mary Chain stofzuiger-sound.

‘Most Perfect Solitude’ markeert een nieuw hoofdstuk voor de Berlijnse band onder leiding van de IJslandse muzikant Hakon Adalsteinsson (ook bekend van The Brian Jonestown Massacre, Singapore Sling, Anton Newcombe & Tess Parks en Golden Hours). Het album introduceert ook een nieuwe The Third Sound line-up; Adalsteinsson (gitaar/zang), Robin Hughes (orgel/gitaar), Frankie Broek (drums), en Wim Janssens ( bas). Die laatste is een Belg die je kan kennen van bands en projecten als Ellroy, Joy Wellboy, Tricky, Golden Hours, Isbells, Jonas Winterland, Nona Mez, … Janssens en Adalsteinsson kennen elkaar vermoedelijk van bij Golden Hours.
Behalve The Jesus & Mary Chain valt The Third Sound op dit album wel met nog meer bands te vergelijken. Raveonettes, Slowdive en Rush. Er zijn songs die daar wat van afwijken. “Catch Fire” klinkt als een licht tipsy versie van Echo & The Bunnymen en op “Don’t Look Back” hoor ik in de vocalen de dreiging die een Nick Cave in zijn songs legt. “Another Time, Another Place” heeft in de intro de luchtigheid die The Cure al eens durft te gebruiken.
Vaak genoeg zit The Third Sound op een heel eigen spoor. “Shooting Star” is gothic rock in een jasje van zacht velours. Heerlijk klassiek opgebouwde gothic rock, maar dus ook zonder doornen. “Wasteland” is een songtitel die al wat te vaak langsgekomen is bij tal van postpunkbands, maar The Third Sound doet er toch nog iets moois en origineels mee. Hetzelfde geldt voor de songtitel “Departure”, als albumafsluiter dan nog wel.
Dit is een mooi orgelpunt op een album dat tegelijk heel vertrouwd klinkt en toch knisperend fris en nieuw is.

https://www.youtube.com/watch?v=6X26ZlmpMDc

We Hate You Please Die

Stronger Than Ever -single-

Geschreven door

We Hate You Please Die is een noisy punkband uit Rouen, de hoofdstad van Normandië. Deze band timmert al een tijdje aan de weg met hun lo-fi indiepunk met vaak rammelende noise. “Stronger Than Ever” is de tweede single van het album ‘Chamber Music’ dat ergens in september uitkomt.

Er zit best een leuke melodie in deze single en de lyrics zijn über-feministisch (over dames met een slecht zelfbeeld, dat hen opgedrongen wordt door anderen, al dan niet op sociale media). Muzikaal denk ik bij deze single aan een meer klassieke versie van La Jungle, maar zeker ook aan hun collega’s in Sprints en The Cleopatra’s en aan een gitaar-versie van Baby’s Berserk.

Toffe single als je van lo-fi punk houdt. Leuk bandje dat we graag ook eens op een podium in Vlaanderen willen zien.

https://www.youtube.com/watch?v=XAs65bY1Z7s

My Diligence

Death.Horses.Black

Geschreven door

My Diligence is een kameleon die bij elk album van kleur verandert. Op hun debuutalbum ‘My Diligence’ uit 2015 brachten ze stoner, op ‘Sun Rose’ uit 2019 voegden ze daar progrock aan toe om in de slipstream te gaan zitten van Helmet, Torche en Elder, op ‘The Matter, Form and Power’ uit 2022 klonken ze dan weer een heel stuk trager en vonden ze aansluiting bij Cult of Luna en Amenra.

Op hun nieuwe album, ‘Death.Horses.Black’, vervelt deze band nogmaals en horen we nu ook postmetal, shoegaze, doom en psychmetal. Laat u dus niet misleiden door de ‘death’ en ‘black’ in de albumtitel, want dat zijn nu net de genres die er niet in zitten.
De nieuwe sound van My Diligence klinkt krachtig, episch en intensief donker. Er komen veel genres in samen, maar die liggen op zich wel allemaal dicht bij elkaar. Zelf hoor ik wat van Hippotraktor en Conjurer in dit bandgeluid.
De productie was deze keer in handen van de Fransman Francis Caste. Zijn naam ben je misschien al tegengekomen in de credits van albums van Hangman’s Chair, Celeste, Svart Crown, Necrowretch, … Hij geeft My Diligence een heel helder geluid waarbij je als luisteraar zelf kan bepalen welk laagje van de geluidslasagne je wel of niet volgt. Het is geen muur of bulldozer die op je af komt. Elk instrument krijgt tijd en ruimte en dat is eerder zeldzaam in deze fusie van genres, waar men veel vaker kiest voor een totaalpakket van intensiteit en emotie. Deze aanpak werkt ook, want het spelen met de intensiteit-opbouw en het wisselen van emotie-intensiteit lukt hier ook. Wat deze Brusselse band wel heeft, is dat ze spanningsboog soms wel heel lang op hetzelfde niveau houden, wat van de luisteraar flink wat uithoudingsvermogen vergt in de beleving.
De albumtitel is de samenvoeging van de eerste drie songs van het album en dat trio is meteen een uppercut van jewelste, met “Black” als het moment waarop je als luisteraar helemaal knock out gaat. Daarna lijkt de band wat gas terug te nemen. De volgende track van het album is “Auspicious” en die is net ietsje minder van kaliber. Daarna komt het voor mij compleet overbodige mid-album bonus track “Interlude” en even vreesde ik ervoor dat het beste van het album er al op zat, maar dan slaat My Diligence muzikaal ongemeen hard terug met het heel intense “Allodiplogaster Sudhausi”, opnieuw een trage wervelwind van emoties vertaald naar gitaar en vocale klanken. Daarna volgen nog de psychedelische space-postmetal van “Lucid Alley” en “Sacred Anchor”, met uptempo emorock in het eerste bedrijf, die overloopt in epic post- en doommetal.
‘Death.Horses.Black’ is een bijzonder intens en een muzikaal heel gelaagd album van een band die zijn eigen creativiteit tot het uiterste oprekt. Het zal niet makkelijk zijn om alle ‘oude’ fans mee te nemen op deze trip, maar ze krijgen er met zo’n uitzonderlijk album vast ook wel een pak nieuwe fans bij.

Vlaamse fans die My Diligence live aan het werk willen zien, kopen misschien best een ticket voor Headache Fest in Oosthove. Daar treden deze Brusselaars op zaterdag 31 augustus aan op hetzelfde podium als onder meer Thurisaz, Bear, Turpentine Valley en Huracan. Dat is voorlopig het enige Belgische concert van My Diligence op de agenda, maar vermoedelijk zullen er nog wel data volgen.

The Sheila Divine

I Know There is Happiness -single-

Geschreven door

De band uit Boston bereikte bijna meteen na hun ontstaan (1997) grote bekendheid met nummers als “Criminal” en “Hum”. Dat succes was vrij regio gebonden. In België zijn ze nu nog steeds een naam waar een grote schare trouwe fans naar komen kijken.
In 2003 kwam er een eind aan de band maar die werd in 2010 terug nieuw leven ingeblazen en ze brachten sindsdien drie albums uit met nieuw werk. Hun laatste uit 2019 was, het goed onthaalde en heel degelijke, ‘Beginning of the End is Where we’ll Start Again’. Dat bracht hen voor een aantal optredens terug naar België en Nederland.

Nu is er een nieuwe single, die met de heel sfeervolle videoclip, trots werd voorgesteld door de band. “I Know There is Happiness” is vintage The Sheila Divine”: Melancholische vocalen die wijd uitwaaien en melodieuze, goed opgebouwde en sfeervolle muziek eronder. Dit is hoe we hen graag horen. De nieuwe single is een schot in de roos en verdient in feite wel wat radio airplay.
Deze single is tevens de voorbode van hun nieuwe album ‘I’m The Darkness. We Are The Light’ dat in het najaar zal verschijnen. Het leidt tevens een nieuwe era want het is het eerste album zonder bassist Jim Gilbert die zich een tijdje geleden zich terugtrok als muzikant. Ze werkten ook voor het eerst samen met producer Steven Lord en Will Caflin.
Natuurlijk hopen we dat ze met dit nieuwe album ook ons land gaan aandoen.

Video: https://www.youtube.com/watch?v=oYIsUjqNzcc

Ufomammut

Hidden

Geschreven door

De psychedelica en de groove van voorganger ‘Fenice’ lijken wat te zijn teruggedrongen op ‘Hidden’, hier heerst nadrukkelijk de loodzware en slopende doom-metal. Ufomammut is er ondertussen meer dan bedreven is, ze slepen lange en lijvige songs als “Crookhead”, “Kismet” en “Mausoleum” aan vertraagd tempo naar hun eindbestemming en hebben daarbij een hoop vernieling aangericht. Ultra logge riffs en uit het ijle schreeuwende vocals zorgen voor de aanhoudende donkere en dreigende sfeer. “Spidher” en “Leeched” houden het wat compacter maar zijn dan weer heavy as hell. Afsluiter “Soulost” zoekt wat meer atmosferische oorden op, zo komt de bulldozer met een gevoelige noot tot stilstand.

‘Hidden’ is terug een indrukwekkende episode in het oeuvre van deze Italiaanse doom-iconen.

Als u deze pletwals ook eens live wil ondergaan dan kan dit op 16/11 in het Gentse Wintercircus.

Gent Jazz 2024 met Jamie Cullum - Zweven op wolkjes

Geschreven door

Gent Jazz 2024 met Jamie Cullum - Zweven op wolkjes
Gent Jazz 2024
Bijlokesite
Gent
2024-07-08
Erik Vandamme

Van 5 tot 20 juli 2024 gaat traditioneel Gent Jazz door op de mooie Bijlokesite in Gent. In aanloop van de Gentse Feesten die starten op 19 juli, biedt de organisatie een bonte variatie aan kleppers, ontdekkingen en verrassende acts aan, gespreid over twee podia.
Vanavond kregen we een divers aanbod van Jamie Cullum die ons deed zweven op wolkjes. Hij is toe aan z’n vierde passage op dit festival.
Er heerste een gezellige drukte en Jamie ging ervoor. Maar er viel uiteraard nog veel meer te beleven …

We openen de avond met Emily King (****) een jonge uit New York afkomstige singer-songwriter die met een bonte mix van R&B, pop en soul reeds meerdere malen in de prijzen viel, zoals voor haar debuut 'East Side Story'. Ook voor haar laatste 'Special Occasion' van 2023 ontving ze meerdere nominaties. Emily King, helemaal in haar eentje, met haar gitaar en warme vocals, wist het publiek te ontroeren. De soul staat centraal in de zang en het gitaarspel. Ze staat in een nauw contact met het publiek en brengt  persoonlijke verhalen, o.m. een mooie ode aan haar moeder, die weet te raken. Al meteen kippenvelmuziek!

Edmund November (****) op de Garden Stage klinkt evenzeer emotievol. Edmund Lauret maakt al meer dan tien jaar indruk als gitarist van Nordmann, Kosmo Sound en The Milk Factory. Een uitzonderlijk gitaartalent in ons landje. Met dit project bewandelt hij een ander muzikaal pad. Hij keert terug naar zijn roots met dit solo project  Hier genoot het publiek van deze set, helaas werd er nogal gekeuveld. Maar Edmund November liet dit niet aan zijn hart komen en wist met z’n warme stem en bredere gitaarlijntjes ons in te pakken.
Hij was ghoed omringd, met Stijn Engels (Stadlander, Renée), Trui Amerlinck (Tsar B, Nabou, Mayorga, Rosa Butsi) en Gert Malfliet (Tristan), één voor één muzikanten die sterk ingespeeld zijn op Edmund.. Een kleurrijke, gevarieerde set kregen we van intimiteit tot de dansspieren prikkelen. Een ontdekking op Gent Jazz.

Ook Stef Kamil Carlens & The Swoon (****) is van vele markten thuis, en heeft projecten bij de vleet. Wat een diversiteit brengt hij aan. Hij was onlangs nog in de Ha Concerts, lees gerust het verslag https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/94309-stef-kamil-carlens-the-swoon-funky-ode-aan-vriendschap-en-non-conformisme.html  met o.m. ''Vanavond bewees Stef Kamil Carlens vooral dat hij als muzikale kameleon nog steeds op eenzame hoogte staat én dat nederigheid en non-conformisme perfect hand in hand kunnen gaan.''
Op Gent Jazz etaleert hij vele stijlen vol verrassende wendingen van pop, soul, disco, blues, funk, warme reggae enz. Stef Kamil zingt en swingt erom heen, een volleerd entertainer. De talentvolle sing/songwriter heeft een sterke band en backing vocalistes achter zich. Er viel dus veel te beleven met dit combo. Hij tekende voor een intense, broeierige, kleurrijke, overtuigende set.

Terug naar de Garden Stage waar Unfinished Business ( ****) die de jazzsound duidelijk ondersteunde. Springlevend is de stijl, die steeds maar evolueert en daar is deze band in te situeren. Een groovy set waarbij vooral de trompet intrigeert, alsook de gitaarlicks. Het combo deed on s wegdromen en improviseerde waar het kon. Een heerlijk genietbare jazzboost verwezenlijkten ze. Ze mochten later de avond nog een set spelen in diezelfde Garden Stage. Verdiend!

Mooi was dat Gabriel Rios (*****) hier ook een plaatsje kreeg. Deze warmhartige sing/songwriter , pur sang, met Puerto Ricaanse roots hoeven we niet echt meer voor te stellen. In September komt er nieuw werk uit, hier grijpt hij diep terug naar zijn eigenlijke roots, die hij op zijn 17 van  Puerto Rico inwisselde voor de kunstopleiding in Gent. De plaat kwam al uitvoerig aan bod op Gent Jazz. De multi-instrumentalist en z’n vaste rechterhand Ruben Samama, ondersteunt het materiaal op piano, contrabas en cello. Die twee samen zorgen voor een magisch beleven.
Lees gerust de set eerder in juni Gabriel Rios – Geen terugblik of best of, maar evoluerend, vernieuwend in de ‘lengua española‘ (musiczine.net)
Hij heeft een rits persoonlijke verhalen om die warme, zwoele Spaans gezongen nummers te ondersteunen. Mooi hoe Gabriel Rios ook zijn publiek bespeelt en ontroert.

Jamie Cullum (*****) sloot hier af en deed het op een bijzonder veelzijdige, kleurrijke wijze. Al 25 jaar lang weet hij moeiteloos fans van verschillende genres te verenigen , ‘jazz standards met een popjasje, terwijl hij hits van popartiesten een eigenwijze jazzvibe geeft’, lezen we.
De man is een rasecht entertainer en straalt tonnen charisma uit. Zang, piano en show staan centraal. De muzikanten spelen ideaal op z’n capriolen in, volgen en vullen aan; het siert het geheel; we horen enkele opzwepende trompet of drum solo's.
Jamie Cullum zet zijn piano on,der spanning ; hij gaat tekeer als een volleerde Jerry Lee Lewis, of zoekt zijn publiek op, om hen nog meer aan te porren. Het moet een feest worden van jazz en pop, dat erlkaar onmiskenbaar verbindt.
Hij slaagt erin om bijna twee een uur iedereen lekker te entertainen , hij prikkelt de dansspieren , doet iedereen heupwiegen, dansen, springen en meezingen. Wat een apotheose op deze festivalavond, waarbij we zweefden op wolkjes …

Neem gerust een kijkje naar de pics op de site www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz

Rock Werchter 2024 – Vier dagen muziekbeleving – Meer dan Goed – Op naar Goud!

Geschreven door

Rock Werchter 2024 – Vier dagen muziekbeleving – Meer dan Goed – Op naar Goud!
Rock Werchter 2024
Festivalterrein
Werchter
2024-07-04 t-m 2024-07-07
Johan Meurisse

Rock Werchter
brengt verschillende generaties samen, danst, popt en rockt. Rock Werchter heeft aandacht voor de gerespecteerde waarden, artiesten, opkomend talent en Eigen Werk. De oudjes waren hier op deze editie goed vertegenwoordigd en dingen nog steeds mee met het opkomend talent. Ook was er voldoende aandacht naar ladiespop. Een mooi evenwicht. Een topjaar en met Foo Fighters als gedroomde headliner van deze vierdaagse. Rock zondermeer, waarvoor Rock Werchter staat!
Het festival klinkt vertrouwd, leuk, gezellig, aangenaam en spannend. Het is en blijft Vlaanderens meest prestigieuze festival.
Rock Werchter is en blijft een festival van alle leeftijden, jong en oud houden er hun eigen bands en stijl op na. Een gevarieerde affiche, een tevreden publiek dus!
Vier dagen muziekbeleving in al z’n aspecten. Liefde en Muziek, het maakt het festival universeel, streven naar gelijkheid, gelijkwaardigheid, samenhorigheid en respect.
Quality time en beleving op een festival … Een dikke 10 voor gezelligheid en sfeer. Iedereen moet zich comfortabel voelen met bankjes, zitjes, shelters, eet- en bar gelegenheden, mooi aangepast qua inrichting, inkleuring …Meer dan muziek, ook comfort, rust- en genietplek.
De muziek won na die vier dagen. De brede diversiteit aan headliners waren op post en elk op zich gingen ze er gemotiveerd, enthousiast tegenaan.
Rock Werchter was een rimpelloze editie met 155000 unieke bezoekers.
Keuzes moeten worden gemaakt … Festival meer dan ooit … Meer groepen, meer terrein, meer ruimte voor bezoekers, meer mooie momenten …De Klub, de Barn, de Slope werden geupgraded in een prachtige outfit. Sjiek. Voor iedereen een totaalbeleven dus.

Rock Werchter 2025 is er van 3 tot 6 juli 2025. Het wordt een feesteditie want het festival wordt 50!

Summers starts here - Een overzicht van ons parcours - Cheers

dag 1 – donderdag 4 juli 2024 - waardig ouder wordende bands en artiesten overheersen. De instrumenten blijven letterlijk ingeplugd door de gitaarsoli en salvo’s!

Het Britse Stone is uitermate geliefd in ons landje en heeft enkele singles uit die de rocklijsten delen. “Money (hope ain’t gone)” zat middenin de set van dit Liverpoolse kwartet. Ze brengen stevige, snedige, meeslepende, gruizige rock die voldoende friste en groove in zich in heeft. Het eerste deel van de set wist de aandacht te trekken met enkele overtuigende songs als “Waste”, “I got a feeling” en “If you wanna”, daarna zakte het wat ineen om dan overtuigend te eindigen, letterlijk in ‘t publiek  met “Leave it out”. De band wist hier in de clubs z’n potentieel te tonen met een debuut in ‘t verschiet , maar de mainstage op Werchter is toch nog iets anders. Band met groeipotentieel. In het oog te houden en in najaar opnieuw te zien in de Trix!

Het Limburgse Peuk is toe aan z’n tweede plaat ‘Escape somehow’. Het drietal bestaat uit restanten van Evil superstars en Heisa, en wordt aangevuld met frontvrouw Nele Janssen. Zij neemt de vocals op zich, zang en schreeuwzang gaan moeiteloos met elkaar. Hun bruisende, noisy, punky rocksound, niet vies van experimentjes, behoudt de melodie goed. Een link is gauw gemaakt naar Hole, The Breeders , het oude PJ Harvey en Pixies. In de half uur durende set hadden we enkele scherpe sterkhouders als “Bokkenpaleis”, “Rudy” en “Inconvenient”.

The Gaslight Anthem uit New Jersey is onmiskenbaar met Bruce ‘the boss’ verbonden, want ze komen uit dezelfde staat en kunnen beiden rocken. Met zes staan ze op het podium, de band rond Brian Fallon. Ze zijn er opnieuw na een goed tien jaar stilstand, een ‘re-born to run’. Toegegeven, ‘History books’ klinkt niet meer zo compact, spannend, bedreven dan het vroegere materiaal, want in ‘hun gaslight’ nemen ze wat gas terug. Het zijn dus vooral kleppers als “45”, “American slang”, de openers en verder “Mulholland drive”, “Great expectations” en “The 59sound” , die hun kenmerkende puur, onversneden rock’n’roll/rockabilly onderschrijven, zonder franjes. Dit was een soort ‘on the highway motorcycle muziek’. Het zijn ruwe bolsters met een blanke pit , de lichamen vol tattoes, en een Fallon die imponeert, hier als een Jim James van My Morning Jacket met de lange haren, baard en de paar kilo’s erbij. Een tweetal covers gooiden ze er tegen aan, “Ocean eyes” (Billie Eilish) en Mother Love Bone’s “Chloe dancer”, die jong en oud samenbrengen. Hier droop het spelplezier er van af, wat zorgde voor een overtuigende set van deze Amerikanen.

Het Britse Bombay Bicycle Club rond Jack Steadman, met het onschuldige studentebrilletje, moet hier in ons landje voor z’n plaats knokken . Nochtans valt er in hun dromerige indie voldoende positieve energie, vibe en groove te rapen; de band straalt het uit en de backing vocaliste is zeker een meerwaarde . Het overgrote deel van het materiaal van hun handvol platen bevatte die wegdromende, deels opgewekte tunes, en moest het publiek warm krijgen. “Shuffle” en “Eat, sleep wake (nothing but you)” kregen hier duidelijk een heupwieg en beweging door het fris, sprankelende gitaarspel, keys en percussie; “Evening/morning” rockte en tot slot “Carry me” en “Always like this” wisten ons met een goed gevoel de Klub te verlaten. Goed maar ook niet meer dan dat …

Het Zweedse The Hives, een combo strak in het pak, brengen even strakke, vette garage rock’n’roll, al zo’n dertig jaar lang .Hun materiaal trekt de kaart van een opwindend sfeertje en ambiance. Frontman Pelle weet op elke song het publiek bij de kraag te houden. Het moet rocken , screamen-shouten, circlepitten op hun punkrock, welk nummer ook wordt gespeeld . Dat ze nieuw werk uithebben , niemand maalt erom , het zijn de knallers, met talrijke salvo’s om de oren, die ‘t em doen door het intense, hoog aangehouden tempo. O.m. “Bogus operandi”, “Main offender”, “Hate to say I told you so”, “Come on” en “Tick tick boom”. The Hives blijven zondermeer The Hives, altijd goed voor een feestje …

De grote Johnny Marr is een graag geziene artiest in ons land. De gitarist, die samen met Morrissey de 80s Smiths groot heeft gemaakt, moet het live wel hebben van de handvol klassiekers die hij mee schreef. Terecht worden ze meegezongen en sterk onthaald, nl. “Panic”, “This charming man”, in het begin van de set, verderop “How soon is now” alsook “There’s a light that never goes uit”, die de set besloot. Britpop op z’n best, vooraleer het woord kon worden uitgesproken, door de broeierige, intense spanning, emotie, groove en het kenmerkende frisse, melancholische gitaarspel. Hij koppelt het aan z’n gebundelde werk ‘Spirit power’ (met o.a. “µSpirit power & soul”) en aan z’n zijproject Electronic, met Bernard Sumner (New Order) met het mooi uitgewerkte “Getting away with it”. Het wordt allemaal begeesterend gespeeld. We kregen er zelfs nog een Iggy klassieker bovenop ‘The passenger’. Ondanks de coole uitstraling van de band, hadden we hier een stralende, sympathieke, ontroerde Marr, ook al een jaartje ouder wordend, in het rijtje van het programma vandaag, die genoot van de warme respons.

Terecht zijn The Black Pumas een break-out , zoals ze het in hun eigen VS land omschrijven . Het draait rond het tweetal Eric Burton en Adrian Quesada, die live een uitgebreid collectief zijn met een backing vocaliste. Op een paar jaar tijd wordt hun mishmash van soul, r&b, hippop, psychedelica en gospel ferm gesmaakt; ze hebben nog maar twee albums uit, hun titelloos debuut en ‘Chronicles of a diamond’; het brachten hen al naar Vorst, nu stonden ze hier voor een volle Barn en wisten ze moeiteloos het publiek in te palmen met hun warme, bezwerende , meeslepende , groovy, dansbare songs. En Burton, met z’n indringende vocals, entertaint, charmeert. Marvin Gaye , P-funker George Clinton en retrospecialist Jimi Hendrix zouden hier wel hun duim opsteken.
Het publiek wordt opgezweept, opgejut door de band, z’n frontman en de beweeglijkheid op het podium. De keys en de bijkomende percussie waren zeker een meerwaarde en maakten het plaatje compleet. We werden meegezogen in “Know you better”, “More than a love song”, “Angel” en het schitterende “Rockandroll”,die solliciteerde voor een plaatsje op de soundtrack van een Tarantino film. Het afsluitende opbouwende “Colors” was een sfeervolle smaakmaker.
Op de achtergrond zagen we twee wilde, zwarte panters met witte ogen en tanden, die bijtend elkaar aankeken. Muzikaal wisten deze twee ons te omarmen met hun warme, sfeervolle, broeierige lounge en opwindend materiaal.

Het Britse Slowdive stond mee aan de wieg van die dromerige shoegazepop en kunnen dus ook al gerekend worden onder de ouderdomdekens van het festival. Na een stilte van twintig jaar werd de draad heropgenomen , en eerlijkheidshalve, ze maken de brug en tekenen voor de verderzetting van dat geluid, al klinkt het iets sfeervoller. Ze waren onlangs nog in Lille en in Brussel , uitgestelde concerten (nav een overlijden in de familie van één van de leden) die het vorig jaar verschenen ‘Everything is alive’ in de spotlight plaatste. De visuals, de lichteffects en de projecties bepalen het concept mee van hun wisselende, repetitief ingenomen, slepende, broeierige, opbouwende, exploderende sound, die postrock, wave ademt met die kenmerkende pedaaleffects en reverb. Ze houden het boeiend met gekende oudjes “Catch the breeze”, “Souvlaki”, “Alison” tegenover het nieuwere “Chained to a cloud”, “Sugar for the pill” en “Kisses”, die het totaalplaatje maakten. De rauwere mannelijke en de hemelse vrouwelijke zangpartijen zweven over het etherische materiaal. “When the sun hits” en “Golden hair”, een buiging naar Syd Barret’s Pink Floyd, besloot overtuigend hun uur durende set.

PJ Harvey is er ook eentje die per plaat tekent voor een concert op Rock Werchter. Deze 90s artieste weet sinds de tennies in een andere gedaante muziek uit te brengen. Vorig jaar verscheen ‘I inside the old year dying’, die in een mythologie wordt ondergedompeld van de oude Britse folk, gothic en pop, gelinkt aan een Fairport Convention en iets meeheeft van het trippoppende karakter van Beth Gibbons.
Multi-instrumentalist en producer John Parish is vaste waarde bij haar. Met vijf op het podium staan ze , het eerste deel boeit door mystiek en theatraliteit in haar performance en act van bewegingen en mime. Het bepaalt mee het plaatje en brengt een intense spanning en een donkere, betoverende sfeer in coolness samen, met songs als “The glorious land”, “Let England shake” en de titelsong van de nieuwe plaat. Een sfeervolle, semi-akoestische aanpak van gitaren, sobere drums, elektronica en vioolpartijen.
In het tweede deel omgordt Polly (Jean) haar gitaar of autoharp, ze intrigeert met haar gekende, vroegere materiaal, aangepast aan de tand des tijds, minder sober, spaarzaam, meer pit, snedig, rauw, en die een zekere dreiging van weleer behouden. O.m. “To send his love to me”, “50ft queenie”, “Man size”, “Dress” , “Down by the water” en “To bring you my love”. Een mooi overtuigende afwisseling tussen de oude en de nieuwe beeldvorming van PJ Harvey.

De vorige keer dat we Greta Van Vleet zagen op het Werchter podium, waren we meer gekluisterd aan hun bezwerende, gedreven gitaasoli en de wisselende zangpartijen die hoog konden uithalen. 70s retro, hardrock, blues en soul nestelen zich in dit Amerikaanse Greta Van Vleet. Led Zeppelin, Thin Lizzy, ACDC en Jack White zijn mooie referenties. Op de nieuwe plaat ‘Starcather’ gaat hun muziek over de grens, té overdreven, waardoor het echt niet meer aangenaam klinkt.
Live hadden we hetzelfde gevoel, met alle respect van hun kunde en talent; het concert enerveerde zelfs door de overdreven soli in gitaar, drums en de krijsende, jodelende vocals.
De glamrock mag er gerust wezen, maar de bombast, de kostuumwissels, het vuurwerk, de gimmick, het kwam het geheel niet ten goede.
Ze werden wel ontvangen als de ideale warming-up van Lenny met die verschillende elementen, wijzelf werden er deze keer onvoldoende warm van, ondanks de sterkte van “Safari song”, “The archer”, “Highway tune” en “Runway blues”.

Jane’s addiction zagen we onlangs nog in de AB, Brussel en het is altijd heerlijk, bands waarmee je opgegroeid bent, dertig jaar later terug te zien. Nostalgie dus! Een uitzonderlijk nieuw samen-moment in 2024 was er nu met dit kwartet uit LA , in de originele bezetting rond Perry Farrell. Net als in de AB, kunnen we zeggen ‘In grote doen, Wat een emotionele rockvibe’.
Verdienstelijk, zinderend, overtuigend klonk het ouder opgestofte werk uit die early 90s. Een broeierig, opwindende symfo-art rock set dus, die wat stroop en kitsch kon verdragen, maar hoedanook ferme kopstoten toediende. Hun cultstatus werd dik onderstreept. Straf wat deze (bijna) zestigers nog konden.
Lees gerust de live in de AB (juni 2024)
Jane’s Addiction – Nostalgie: In grote doen, wat een emotionele rockvibe (musiczine.net)

The Clockworks, van Ierland naar Londen verhuisd, brengen bands als Franz Ferdinand, het oude Arctic Monkeys en Fontaines DC samen in een rits indie-, punky en gitaarrockandrollende songs, die gedreven, opwindend, melodieus zijn. Hier sierden enkele begeesterende gitaarsoli. Met sterke songs als “The future is not what it is” en “Enough Isabelle never enough”. Niet echt iets nieuws muzikaal , maar hun gekende gruizige, boeiende aanpak was de moeite.

Lenny Kravitz is na bijna tien jaar terug van partij op Rock Werchter zelf. Dat betekent dat liefde, samenhorigheid een warm rock’n’roll hart toebedeeld krijgen. Hij heeft een nieuwe plaat uit ‘Blue electric light’ en dat brengt hem terug on tour.
Hij is nog steeds geliefd, onze publieksmenner, - trekker en knuffelbeer, de rock’n’roll profeet, die met het afsluitende langgerekte (te lang steeds, ruim 15 min!) “Let love rule” de ganse wei laat mee neuriën, - zingen in een ‘unite gevoel’.
De afgetrainde krachtpatser met z’n kenmerkende grote ovale zonnebril, dreadlocks, lederen vestje-broek en z’n kronkelende, sensuele bewegingen aan de microfoon, zuigt ons een twee uur lang in z’n 35 jaar uitgebreide oeuvre.
“Are you gonna go my way” was de ideale geleider van onze wei-Werchter specialist. Hier niet teveel allerhande technisch vernuft als closing act. Hij heeft een sterke en erg goed op elkaar ingespeelde band, de drumster gaat als een animal tekeer , gitaarsolo’s vliegen, hier gepast, om de oren , de diepe bas funkt, en een gevatte blazerssectie en 70s (Hammond) keys doen hun werk.
Retro, rock, soul, funk, blues vinden elkaar moeiteloos bij Lenny, strak, scherp, romantisch, emotievol.
De eerste nummers, “Minister of rock’n’roll’, de huidige single “TK421”, met z’n funkende Prince groove en “I’m a believer” deden ons luchtgitaar spelen. Ze werden uitgediept, maar nergens te ver. Het onderstreepte de kunde en het talent van Lenny en z’n band.
Het publiek werd hoedanook op z’n wenken bediend met een ‘Lenny best of’. Hartkloppingen kreeg je op het Intieme “I belong to you”. “Believe” en “Fear” boeiden door de tempowissels en deden donkere gevoelens wegsmelten . Een warm hart voor iedereen, dat is zijn ‘message to us’, en de liefdeswoordjes waaiden over ons heen op “It ain’t over till it’s over” en “Again”. “Paralyzed”, “Always on the run”, “American woman” (Guess Who cover btw!) en “Fly away” trokken nog eens alle registers open. Er waren zelfs discotunes te bespeuren op de voorstelling van de band en “Human” combineerde dansbare grooves met rock’n’roll. Op die manier sloot een oude rot in het vak dag 1 af.

Waardig ouder wordende bands en artiesten stonden vandaag centraal, wisten van zich af te bijten en ontgoochelden niet. Alsof we terug in de begindagen stonden van Rock Torhout en Rock Werchter. Mooi!

dag 2 – vrijdag 5 juli 2024 - Jeugdige uitbundigheid versus waardige standvastige oudjes

Al snel op deze middag weet Loverman aka James de Graef, respect en erkenning af te dwingen. Muzikaal zat het al snor met z’n debuut ‘Lovesongs’, live brengt hij het solo nog beter. De cluboptredens waren vol lof van z’n performance dito muziek, die het klassieke verbindt met experiment en een theatrale act.
Op de muziek van Jimi’s “Loverman” komt hij tussen de security op het podium , maakt een half veredelde pirouette, zet zich op zijn hobbelpaard, doet wat gepingel op gitaar, piano en blaast  enkele verdwaalde tunes. Hij brabbelt, zingt, schreeuwt om zich heen.
Hij zet dan “Call me your loverman” in , het lijkt een soort katharsis. Verder muzikaal akoestisch gitaargetokkel, gedragen door z’n indringende , declamerende diepe baritonstem.
Van “Tinderly” en “Would right in front of your eyes” maakt hij er iets aparts, unieks en schitterends van. Hij is op het podium, hotst heen en weer, staat op de boxen, wisselt pijlsnel van instrument, start voorgeprogrammeerde sounds en is in het publiek, alsof de gekte in zich toeslaat. Het jazzy “Limbo we’ll meet again” huivert en zorgt voor kippenvel door de gitaargeseling.
Hij is een ‘do-it-all’, die een cinematografisch concept biedt in z’n paar nummers. Hij doet het publiek ondergaan. Hij interacteert als een Zappa (hij omschrijft het als ‘audience participation time’) met z’n publiek op het afsluitende “Differences aside” met het refrein “come along for the ride, sing a song tonight” . Het wordt ontrafeld om dan terug in een ietwat vastere songstructuur te worden gegoten. Hij verdwijnt hier overdag in de Barn als een dief in de nacht, huppelend met z’n blaasinstrument. De aanwezigen waren met open mond verbaasd. Dit was totally weirdo, maar wat een inspiratie heeft deze jonge gast. Nog niet veel gezien!

Ook het Britse Yard Act moest niet onderdoen. Zij vallen evenzeer op met hun weirde muziek en act. Zij staan nu al met zeven op het podium, met twee backing vocalistes, danseressen en zijn toe aan hun tweede album. Frontman is James Smith, die ons volledig meesleept in z’n muzikaal verhaal van stekelige, weerbarstige indie, pop, postpunk en punkfunk. Hij heeft nu toevallig dezelfde achternaam als wijlen Mark E Smith van The Fall. Deze band mag je gerust refereren aan Talking Heads en LCD Soundsystem.
Verdomd het zit goed in elkaar en hun wisselend groovy  songmateriaal krijgt kleur door hoekige, strakke ritmes, de keys en een verdwaalde jazzy blazer; de danseressen/backing vocalistes en de praatzang en act van Smith doen de rest. Het podium wordt dus ten volle benut door elk groepslid. Het zorgt ervoor dat deze band zich duidelijk onderscheidt.
Onlangs overdonderden ze nog op Les Nuits Bota. Elke song heeft wel een eigen invalshoek door de verrassende wendingen en tempo’s. Al goed in die sfeer kwamen we met “We make hits”. “Dream job” , “The overload” en “100% endurance” zijn prima nummers, die live perfect tot hun recht kwamen.
Totaal uit z’n voegen barst het combo op “The trench coat museum”, op plaat al een sterkhouder, live overladen van verschillende instrumenten, de ritmes, de loops, het knopgefreak, de gekke danspasjes en de weirde zangpartijen.
Yard act deed beroep onze energie, onze verbeelding om in hun muzikaal verhaal te stappen. Een heerlijk genietbare, uitzinnige show!

De vier good looking ladies van het Canadese The Beaches, al een tiental jaar bezig, heeft het voor de wind;  een doorbraak in Europa nu met die single “Blame Brett”, de breuk die frontdame Jordan Miller had.
Muzikaal onschuldige, melodieuze gitaarpoprock, ondanks het verhaal, dat intrigeert door de  opborrelende, sprankelende ritmes, de positieve energie en de smileys. Een uurtje gelijkklinkende ladies pop dus; o.m. ”Everything is boring” en “Edge of the earth”. We ervaren een aangenaam, leuk, ontspannend sfeertje, het klinkt spontaan, losweg met de glimlach. Het is allemaal wel goed ingestudeerd, gelikt, die muziek, act en de synchrone, zwierige danspasjes.
Niks nieuws eigenlijk, maar bij het jonge (dames) publiek worden ze op handen gedragen.

Ambiance en sfeer hadden we zeker met het Ierse The Rumjacks. Het combo brengt folkpunk in de beste traditie van Dropkick Murphys, Flogging Molly, Whiskey Priests en traditionals The Dubliners en The Pogues. Met deze namen als fijne referentie, sierde het door de verbeten zangpartijen en bijhorende instrumentatie van accordeon, whistle en mandoline. De dansspieren werden geprikkeld en er zat swing in. Het tempo werd hoog gehouden en het klonk plezierig goed. Alle songs zaten een beetje onder diezelfde noemer, de kaart van een feestje werd getrokken!

Gary Cark Jr is een Amerikaans gitaarvirtuoos, die gelinkt wordt aan het werk van Jimi Hendrix. Hij heeft momenteel een goed geoliede band achter zich, met een tweede gitarist, keys en backing vocals. Er werden hier enkele fenomenale, schitterende gitaarsoli getoverd van de beide gitaristen in hun opbouwende, broeierige, snedige nummers. De kenmerkende soulfulle, bluesy, psychedelische gitaarrock’n’roll mag op de recentste plaat, ‘JPEG RAW’ wat lauwtjes aandoen, live zat er dynamiek, levendigheid in en voelden we de juiste drive, o.m. op opener “Maktub”, oudje “Bright lights” en het afsluitende “Habits”. Die aanwezige gitaarerupties waren meer dan voldoende om ons te overtuigen van een weldegelijke set.

Een onuitputtelijke sfeermaker is Glints, het alter-ego van de Antwerpse Jan Maarschalk. Een glimp zagen we van deze zanger/rapper, die een rits artiesten had uitgenodigd (Blu Samu, Yung Yello) onder het credo Glintsal. Hij is erg populair, een volle Klub ging ervoor. Hoogtepunt was er met Daan, die de gitaar omgorde (om er af en toe een noot uit slaan) op “Not a housewife” , die Glints voor de gelegenheid had herwerkt in een hardere knallende versie. Het weerhield de rapper niet met z’n arm heen en weer te zwaaien, die in het gips zat na een val van het paard toen hij een promospot opnam voor z’n set op Werchter. Euforie troef dus!

De Brit Tom Odell kennen we natuurlijk van die instant klassieker “Another love”, intussen al tien jaar oud en in het hart gedragen tijdens de Warmste Week van StuBru . Hoedanook blijft dit het muzikaal uitgangsbord van deze sing/sonwriter, die zich heeft ontpopt als een groots pianovirtuoos in de beste traditie van Elton John . Hij heeft een heuse band rond zich, die zijn pianonummers dragen, met blazers, viool, steelpedal en backing vocals.
Uiterst genietbaar klinkt het op de Mainstage. Het volk geniet en er zijn de rustig keuvelende babbels op die dromerige , aanzwellende, licht opzwepende pianopop. “Best day of my life” en “Fighting fire with fire” wisten zich naast z’n onmiskenbare hitsingle en Elton Johns “Your song” te onderscheiden, net voldoende om ‘goed’ te zijn.

De maatschappijkritiek is en blijft verweven in de indie van de Brit Declan McKenna. Hij is toe aan z’n derde plaat en brengt er wat meer luchtigheid in. Ook live had dit z’n weerslag waardoor het dromerige op plaat én het niet altijd even toegankelijke materiaal een stevige punch kreeg door de tempowissels, de gitaarsoli en de keys. Swingende indiepoprock, waarbij Mckenna z’n publiek bij de leest houdt, entertaint en hen weet op te zwepen. Eerst moest het nog wat op dreef komen met “The key to life on earth”, “Nothing works” om dan op “Isombard”, “British bombs en “Brazil” te ontploffen. Met jasje en bril af, huppelend op het podium, werd die groeiende extraverte aanpak  ferm gewaardeerd wat Mckenna en Co deugd deed.

Terecht mocht dEUS, nationaal muzikaal erfgoed, terug aantreden op Werchter zelf. Sinds vorig jaar zijn zij ‘back in the race’ met een nieuwe plaat ‘How to replace it’, tien jaar na vorig werk. En in eigen land zijn ze na 35 jaar verre van godvergeten. Nee , een volle Barn genoot van een fris, spannend, meeslepend, opwindend concert, rauw en lieflijk. Gepassioneerd, scherp en gretig gaan ze te werk. Vier op een rij , de drums iets achter, Barman als rode draad, laat dEUS de muziek voor zich spreken met een puike ‘best of festival set’, die pure klasse ademde.
Strak, stekelig klonk het met de openers “How to replace it”, “4 mains” en “The architect”, onder die grauwe (zeg)zang van Barman, die in de zangpartij door de anderen werd aangevuld. De sfeervolle “Instant street” en “Little arithmetics” zijn niet vies van enkele uppercuts en klinken live weerbarstiger in de outtro. Een goed geoliede machine dus, door de diep grommende bas, de intense, zwierige vioolpartijen, de zwevende elektronica, de snerpende bleeps, de bezwerende, snedige, scherpe gitaarriffs, zeker van Mauro en de ritmisch opzwepende drums.
Het publiek werd bij de kraag gehouden tot het eind, dEUS piekte hoog met songs als “Fell of the floor man”, “Sun ra”, “Bad timing” en de steeds weerkerende afsluiter “Suds & soda”, met de nodige singalongs. Nog niet op pensioen, zoveel is zeker!

Het Londense Archive, ook al zo’n dertig jaar bezig, heeft zich genesteld in Parijs en wordt door onze Franstalige vrienden op handen gedragen. Zij hebben een unieke mix van elektronica en gitaren, waarin wave, krautrock, trippop zich weten te kronkelen. De nummers zijn apocalyptisch, cinematografisch, beeldrijk, hebben een repeterende ritmiek, bouwen crescendo-gewijs op, zijn omgeven van distortion, exploderen met salvo’s elektronica en gitaarvertier, hebben iets donkers, mysterieus, huiverends, mystiek en pendelen tussen zalige rust en jagende onrust, ergens tussen Pink Floyd en Massive Attack in.
De wisselende zangpartijen, man-vrouw-gewijs als de samenzang, eist ook z’n plaatsje in die opbouwende, dynamisch pompende sound. “Lights”, “Fuck U”, ”The skies collapsing onto us”, “Again” en “Bullets” , check gerust die nummers! Live iets unieks en verdiend staan ze volgend jaar in de spotlights met twee opeenvolgende concerten  in Brussel.

Het Schotse Snow Patrol van Gary Lightbody is en blijft de vriendelijkheid zelve. De band is hier groot geworden en vieren volgend jaar hun twintigjarig bestaan, eentje die wel niet zonder slag of stoot was. De eerste tien jaar wisten zij de hits aan elkaar te rijgen met hun melodramatische, betoverende  ‘feelgood’ poprock, mooi omfloerst van keys en pianoloops.
Ondanks de return in 2018 moeten zij het nog steeds hebben van die classics. We voelden het ook zo aan in de volle Barn, wat de amicale, praatlustige frontman zeker goed wist te onderschrijven. Af en toe liet hij met z’n band iets recenter horen o.m. uit het onlangs verschenen ‘The forest is the path’, met “The beginning” en “All” die moesten optornen tegen de kwalitatief sterke en subtiele, fijnzinnige poprock van “You’re all I have”, “Take back the city”, “Crack the shutters”, “Run” en verder “Shut your eyes”, “Chasing cars” en “Just say yes”.
Snow Patrol speelde een hartverwarmende ‘best of 10 years’ (ipv 20Y). Benieuwd hoe het verder zal gaan en dat besefte Lightbody maar al te goed …

Het gaat hard met de carrière van het Italiaanse Maneskin. In vier jaar tijd, sinds ze het Eurovisiesongfestival wonnen, zijn zij het muzikale exportproduct van jeugdige uitbundigheid en spreken zij een nieuwe generatie aan. Net kregen we het bericht dat hun 80s icoon Pino d’Angio kwam te overlijden (remember ”Ma quale idea”).
Snoeiharde gitaarmuziek, omschreven als schurend heet en lekker vuil. Alle vier staan ze in de spotlights, voorop zanger Damiano David (lookalike Perry Farrell) en bassiste Victoria de Angelis, met haar verleidelijke blik en ‘x-jes’ op de borsten.
Ze kunnen spelen op hun instrumenten, zondermeer, er is heel wat dynamiek op het podium met het heen en weer hotsen en de gitaar-drumsalvo’s. Anderhalf uur lang is er geen sprake van standvastige rustigheid, nee, duracell konijnen zijn het, die geen minuut stilstaan …
Hoofdpodium of niet, ze zijn één met hun publiek, hun fans en nodigen hen uit mee te feesten op het podium, o.m. op het afsluitende “Kool kids”!
Een set vol toegankelijk materiaal, hitwerk met een meezinggehalte, van “Zitti e buoni” (winnaarsnummer), de recente single “Honey are U coming”, de cover “Beggin’”, “I wanna be your slave”, “Mammamia” en “Blalblabla”. Een festivalband bij uitstek in deze ‘20ies’ , die zich niet au te serieux neemt …

Jeugdige uitbundigheid meette zich vandaag met waardige standvastige oudjes. Mooi om deze te verweven in elkaar!

dag 3 –zaterdag 6 juli 2024 – Hey, Ladies, de dames ten top!

Onze twee Kempenaars Thibault en Pieter hebben goed nagedacht over hun set op Rock Werchter. Equal Idiots speelde een festivalset waarbij enkele nieuwtjes van de binnenkort te verschijnen titelloze derde plaat te horen waren. De twee rockten, rammelden, geselden hun gitaar en drums in de beste traditie van Black Box Revelation en White Stripes. Ze trekken de kaart van energiek, opwindend, wat zeker belangrijk is als opener op de Mainstage. “I am the light” en “Barcode” lieten ze los als kennismaking van het nieuwe. Wat volgde was herkenning met singles “16” en “What you gonna say”. De twee speelden rechttoe-rechtaan, zonder al te veel blabla. Een goed contact met het publiek injecteerde hen om te dansen vooraan. Ervoor gaan was de opdracht, en die was geslaagd. Na “Shoot” mochten de zwierige “Adolescence blues” en “Put my head in the ground” het rockfeestje besluiten.

Het Australische The Southern River Band zit ergens tussen ACDC, The Darkness en Black Crowes in. Hun naam hebben ze niet gestolen, een broeierige 70s rootsrockende, hardrockende sound hoorden we van dit amicale collectief die gezwind hun set speelde.

Ladies pop is in , eerder deden The Beaches de hartjes al sneller slaan, even zeemzoeterig kwam het Britse The Last Dinner Party voor de dag, die in een mum van tijd grote zalen weet te trekken. Het kwintet van dames, met een drummer on the background, zwiert zich door de set heen. De band brengt dromerige, aanstekelijke pop , met een theatraal, bombast, barok, orkestraal kantje.
Ergens roept het Abba, Miranda sex garden en Florence op. Een paar van de jonge dames  zijn dan ook in die glam en glitter gekleed. Zangeres Abigail Morris floreert als een elfje, een vlinder of een nachtegaal  zonder vleugels rond de band heen en weet het publiek in de volle Barn te charmeren. De songs zijn wat stroperig door de synthpoppy grooves en zangpartijen, maar op “Burn alive” en de afsluitende tracks “My lady of mercy” en de single “Nothing matters”, hun credo bij uitstek, overtuigden door de verrassende wendingen en de krachtig wordende aanpak. Ook de cover “Wicked game” van Chris Isaak brachten de dames op sobere elegante wijze. Dat ze gehypet worden is misschien wat overdreven, maar dat ze een positive vibe , energie realiseren en de temperatuur doen stijgen, kunnen we begrijpen …

Een interessant undergroundbandje, die ook in ons landje ferm gerespecteerd wordt, is Deadletter, die al succesvol werden onthaald in onze clubs. Deadletter, uit Londen , kweekt in het nest van Yard Act en we horen hier even aangename referenties naar de punk van CRASS, The Fall (opnieuw) en LCD Soundsystem. Ook hier horen we een verdwaalde sax in die melodieus dwarse en ritmisch groovende indiepunkrock. “Credit to treason”, “Fit for work”, “Mere mortal”, “It flies” en “Zeitgeist” zijn alvast splinterbommetjes die de dansspieren prikkelden en ons deden heupwiegen.

The Kooks op hun beurt gaan Snow Patrol achterna in die zin dat ze het moeten hebben van hun classics vóór 2010. Hun Britpop popt en rockt gemoedelijk melodieus en is aangenaam op de festivals op een zaterdagnamiddag. We houden nog steeds van die band met een “Ooh la”, “She moves in her own way”, “Seaside” en verderop “Do you wanna”, “Matchbox”, “Hammy, junk of the heart” en “Naïve”, die het spannend houden en het publiek doen meezingen en in beweging krijgt. Tussenin verslapte het toch wel door het minder degelijk songmateriaal, wat maakte dat de definitieve aansluiting uitblijft. Op zich goed, maar ook niet meer dan dat …

Door omstandigheid moesten we hier persoonlijk de muzikale draad loslaten en houden we volgende bands in memory: de psycherock van Psychedelic porn crumpets, de perfecte rock van Nothing But Thieves de donkere elektronicagrooves van The Blaze en de wegdromende beachsound van het Texaanse Khruangbin .
Toch nog even deze in de opvolging
- De killing moves en punkrock van Bob Vylan (zie hun verslag op Jera On Air de week voordien Jera On Air 2024 – 30 ste editie - Een parel van een jubileumeditie (musiczine.net) )
- De grooves van de tripdisco van Roisin Murphy die net als in de AB, Brussel een fijne set speelde en haar muzikale kronkels in een heupwieg en danspas samenspande. Lees gerust
Roisín Murphy – Magie en talent ineen van een ware legende (musiczine.net)
- Leuk meegenomen was Davis Smith (DJ) in de Aperol Spritz bar, één van de meer intieme locaties op het festivalterrein. Het was een verfrissende afwisseling van de grote, drukke podia en zorgde voor een meer persoonlijke en directe muziekervaring. Een perfecte setting voor een vooravond aperitiefmuziek. De comfortabele zitplaatsen, de verfrissende drankjes en het vriendelijke personeel droegen allemaal bij tot de aangename ervaring.
Davis Smith bracht een set die dus mooi aansloot bij de relaxte sfeer van deze bar. Zijn muzikale stijl, een mix van dromerige house met herkenbare lyrics, paste uitstekend bij de zonnige, zorgeloze ambiance van de bar.
Al met al was het akoestische optreden van Davis Smith goed, verrassend, intiem, uiterst genietbaar en hoogstaand.
- Avril Lavigne kon ons maar matig bekoren, zonder al te veel verrassingen. Het pop-punk icoon bracht een mix van haar grootste hits en nieuwere nummers. Een nostalgische sfeer overheerste. Er viel energie, enthousiasme te noteren in klassiekers als "Complicated" en "Sk8er Boi". Deze songs hebben nog steeds een sterke impact, zo te horen!
Lavigne's stem klonk sterk en haar band speelde strak, hoewel er dus zwakkere momenten waren. Het publiek genoot van het ouder materiaal, terwijl de nieuwere nummers lauw en minder werden onthaald. Ondanks het solide karakter, zorgde het voor een onevenwichtige set.
Een hoogtepunt was haar uitvoering van "I'm with You", de emotie was duidelijk voelbaar en het publiek zong luidkeels mee.
Avril Lavigne probeert nog aan te tonen dat ze een krachtige performster is die een groot publiek kan boeien. Aangename nostalgische show, maar niet meer dan dat …
- Dua Lipa betrad het podium in een indrukwekkende mix van energie, stijl en charisma. De setlist was een zorgvuldig samengestelde reis doorheen haar discografie, met hoogtepunten uit albums ‘Dua Lipa’ en ‘Future Nostalgia’, en enkele nieuwe nummers.
Het concert begon knallend met haar nieuwste hit ‘Training Season” waarbij de opzwepende beats en Lipa's krachtige vocalen het publiek meteen in beweging brachten. Verder impressionant "One kiss" en "Break my Heart", de dansbare ritmes toverden de festivalweide om tot een gigantische dansvloer en alles werd meegezongen.
Dua Lipa straalde zelfvertrouwen uit op het podium. Haar choreografie was strak en dynamisch, ze bewoog zich moeiteloos tussen de dansers en de bandleden. Haar outfit, een mix van futuristische en retro-elementen, pasten perfect op de visuele esthetiek van de show.
Tijdens het concert nam ze zelfs de tijd om met het publiek te praten, wat een persoonlijk tintje aan de show gaf. Ze bedankte iedereen voor de support en hun  enthousiasme; ze deelde haar vreugde om te kunnen spelen op één van de grootste festivals van Europa. Door deze interacties kwam de performance ook hartverwarmend.
De visuele productie van het concert was verbluffend, een combinatie van een kleurrijke lichtshow, indrukwekkende projecties en een perfect afgestemde geluidsmix. Wat een visueel spektakel.
De geluidskwaliteit was uitstekend, met een helderheid en kracht die recht deden aan de complexiteit van Lipa's muziek. Haar stem klonk live even sterk en veelzijdig als op de opnames; de band zorgde voor een rijke muzikale basis die de nummers naar een hoger niveau tilde.
De ene grote hit na de andere in 90 minuten spektakel. Het eindigde met “Physical, Don’t Start Now” om tot slot weg te toveren met “Houdini”.
Dua Lipa's optreden was er eentje van triomf van popmuziek en performancekunst. Ze wist het publiek te boeien van begin tot eind, met een show die even visueel betoverend als muzikaal indrukwekkend was. Haar mix van hitgevoelige nummers, strakke choreografie en oprechte interactie met het publiek maakte het een onvergetelijke ervaring.
Of je nu een doorgewinterde fan bent of iemand die haar muziek voor het eerst ontdekte, Dua Lipa bewees dat ze een van de toonaangevende artiesten van haar generatie is. Haar concert hier is in ons geheugen gegrift!
(dank aan Michaël Bultinck)

De dames namen hier het voortouw, de hartjes zagen we langs alle kanten, ze bonkten met het spektakel van Dua Lipa als absoluut hoogtepunt! Ladies ten top.

dag 4 – zondag 7 juli 2024 – Rock’n’roll will never die - Foo Fighters zorgt voor wat Rock Werchter staat, ‘ROCKEN’!

Bluai was één van de vroegere winnaars van de Humo’s Rock Rally. Hun ‘Girl powerrr’ klinkt iets te weinig powerful om als opener het publiek te overdonderen. Ze grijpen terug naar de 90s indiepoprock en ze zagen hier waarschijnlijk één van hun favorieten, The Breeders, verder maken ze een link naar Big Thief (Adrienne Lenker), Courtney Barnett en Wet Leg. Melodieus smaakvolle, dromerige, rammelende gitaarpop, beetje onstuimig, nergens uit de bocht , maar die voldoende weet te raken. “Not the one”, “Dime store”, “My kinda woman” en “In over my head” zijn pareltjes van Catherine Smet en C°, goed ontvangen , maar nog beter in de Klub. Wel talentrijke band.

Brutus was andere koek en staat hier wel verdienstelijk op de Mainstage in deze beginuren. Een eigen geluid, tussen rock en postmetal in, fris, fel gedreven en toch melodieus meeslepend, emotievol. Het trio is sterk op elkaar ingespeeld en het blijft bewonderenswaardig en straf hoe Stefanie intense, bonkende drums en indringende, heldere vocals en schreeuwzang weet te combineren.
De sublieme opener “War” gaf meteen het visitekaartje van de band af. Bruusk, bruut gitaargeweld met enkele rustpunten. Een soundtrackgevoel van een ‘end of the world gevoel’ borrelt op, een beetje op z’n Vikings of Furiosa. Ze pakten tot slot uit met een sterk gebalde “Brave” en “Sugar dragon”. Topband toch?!

Los, ontspannend, relaxt ging het er aan toe bij de zusjes Kim en Kelley Deal van The Breeders. Al de livesets waren op die manier in het verleden, aangenaam rommelig, nu was dat niet anders met hun melodieus dromerige, sfeervolle grungepop, maar de opeenvolging was nu wel vlotter.
‘Last splash’, 30 jaar oud intussen, kon in de spotlight worden geplaatst, de hoes en het artwork, rood-groen, werd groots geprojecteerd achter hen.
Ook zij stonden beter in de Klub, gezien de vaart, de swung in hun materiaal er niet echt inzat. Alles wordt leuk gehouden, met de glimlach, ‘el sympathico dus’, middenin met het tussendoortje “Drivin’ on 9”. Enkele sterkhouders vielen te noteren als “Invisible man”, “Safari”, “No aloha” en singles “Divine hammer”, “Cannonball”, die het gaspedaal durfden in te drukken. Mooi was nog dat Kim’s instant klassieker “Gigantic” van The Pixies werd bovengehaald, minder scherp als vocaal hoog, maar steeds eentje die weet te raken. Plezierig goed, die Breeders …

Het Amerikaanse Scowl rond zangeres Kat Moss zong en schreeuwde er op los als een Rolo Tomassi. We kregen een opwindend, bedreven, fel noisy, punky setje, die op zich niets nieuws bracht qua stijl. Wel jeugdige bedrijvigheid, leuk om aan het werk te zien …

Met die punky style waren we al redelijk opgewarmd voor de Britse sensatie Idles uit Bristol rond Joe Talbot. Het combo, met zes op het podium, hield het publiek en zichzelf onder stoom. Wat wil je met zo’n band en zo’n bonk van een zanger, die je rauw zou oppeuzelen. Maar het zijn ruwe bolsters met een blanke pit, muzikale gekte met een boodschap (over de oorlogen, de statements over immigranten, de assholes die beslissingen nemen over andermans lichaam, enz). Ze willen ons wakker schudden, doen nadenken over wat er gebeurt in deze maatschappij en ons oproepen tot positiviteit en samenhorigheid.
Vijf albums in zeven jaar tijd (de laatste ‘Tangk’ iets minder overweldigend) en elk jaar wel ergens te zien, doe het hen maar na …
Deze postpunkers mogen dan geschift overkomen en klinken , het klinkt goed , het intrigeert, het triggert, het zweept op, het ontploft en zorgt voor opwinding, een mainstage waardig.
Een soort ongecontroleerde orde in de chaos. Losgeslagen buffels. Talbot zingt, roept en schreeuwt om zich heen; de instrumenten staan een uur lang onder spanning en worden gegeseld. De songstructuur wordt ontrafeld om dan terug z’n melodie te zoeken. De tempowissels en explosieve noisy uithalen volgden elkaar op en de moshpits groeiden.
“Colossus”, “Mr motivator” “Car crash” zijn mokerslagen van nummers. “Mother” is een voorbeeld van schreeuwtherapie. “Dancer”, “Danny Nedelko” klinken intens, messcherp, snedig, stevig, hard, onsamenhangend samenhangend. Af en toe is er een sfeervollere benadering en krijgt de elektronica doorgang als op een “Poppoppop”. De verdwaalde blazer is een meerwaarde en geeft kleur. Mariah Careys “Xmas song” werd door de mangel gehaald, de gitarist was met een cimbaal en route en letterlijk wordt er “Rottweiler”(s) gewijs verscheurend besloten.
Idles was geniaal gek, overdonderend! Een no rules mentality. Absoluut hoogtepunt.

Na zo’n stomend concertje was het beduidend rustiger aan de Slope met Soccer Mommy van Sophia Regina Allison. Ze speelden dromerige indiepop en haalden soms fors uit met de pedaaleffects richting shoegaze. Soccer Mommy is zo’n bandje die in één van de kleinere zaaltjes van de Bota goed tot z’n recht zou komen …

Met Pretenders ervaarden we een live gevoel van in de 80ies met Rock Torhout en Rock Werchter, één podium , één rockband, wat keuvelen en dan de volgende band of artiest aan het werk zien.
De pretentieloze rock van de Pretenders rond icoon Chrissie Hynde, de 70 voorbij, hot in de 80ies, zijn ‘back on the chain’ sinds een achttal jaar met albums ‘Alone’, ‘Hate for sale’ en ‘Relentless’, die vorig jaar uitkwam. Ze waren intussen al eens opnieuw te zien op Werchter. Ook nu krijgen we hier melodieus goed in het gehoor liggende pop/rock’n’roll, pur sang , zonder al te veel franjes. Het spelplezier droop er vanaf bij het kwartet en vocaal is Chrissie nog steeds goed bij stem.
Hoewel het recenter materiaal ‘an sich’ goed klinkt, zijn het hier toch de oudjes die ‘t em doen en voor herkenbaarheid zorgen, “Message of love”, “Back on the chain gang”, plakker “I’ll stand by you” en “Middle of the road”. Haar muzikanten kregen voldoende ademruimte in de soli. “Mystery achievement” was een puike afsluiter van een even puike band rond deze rock’n’roll queen …

Michael Kiwanuka, een Brit met Oegandese roots, heeft een pak muzikanten mee en tekent voor de  ideale ‘midsummer evening music’ bij ondergaande zon aan zee … Eén nadeel, hij stond in een nokvolle Barn. Nu dit links gelaten, wist z’n retrosoulpop ons opnieuw te triggeren en te ontroeren; zijn gitaarspel, zijn indringende, warme stem, de breder instrumentatie en de backing vocals gaven kleur en diepte. Een betoverend optreden kreeg je en in de sound borrelt ergens grote namen op als Marvin Gaye, Otis Redding, Bill Withers, Stevie Wonder en Jimi Hendrix.
Een goed uur werden we meegezogen in die lounge, bezwerend , meeslepend als energiek. “Hard to say goodbye”, “You ain’t the problem“ en “Rolling” waren binnenkomers in dit genre, net drie van z’n laatste derde ‘Kiwanuka’.
Een evenwicht van een dromerige, kabbelende, hitsige en dynamische aanpak hadden we met “Black man in a white world” en “Hero”. Al de nummers werden gevat gespeeld, zonder al te veel outtro en uitgesponnenheid. Solo nam hij ons in met “Home again” en op piano met “Solid ground”. De afsluitende “Cold little heart” en “Love & hate” boden wat meer muzikale ademruimte.
Het wordt stilaan uitkijken naar enkele nieuwe songs, “Floating parade” was er zo eentje vol soulpop.
Kiwanuka heeft z’n publiek , hij houdt van hen en zij van hem. Een hartverwarmende klik.

Het Londense kwintet High Vis gaat er intens stevig tegen aan en door een maatschappijkritische bril krijgen we een rits hardcore punk nummers, waarbij de nodige ‘fxx’ ons om de oren worden geslingerd en gespuwd.
Met een gebalde vuist crossten en loodsten ze ons doorheen een “Walking wires”, “Fever dream”, “The bastard inside” en “Choose to lose”, onder spanning door die fel verbeten vocals van frontman Graham Sayle. High Vis kon in volle glorie de Slope afsluiten; op hun wijze hadden ze die muzikaal gesloopt …

Natuurlijk was iedereen op post om Foo Fighters te kunnen zien, de eerst aangekondigde headliner; Bijna twee en een halfuur kregen we onversneden rock te horen van een band die ook al zo’n dertig bezig is.
Het zijn graag geziene gasten, Dave Grohl  en C°, die nooit ontgoochelen en zich één maken met hun publiek. Het verlies van drummer Taylor Hawkins is echt goed opgevangen met Josh Freeze van NIN. Ook hij mept er als een wild animal op los, om de songs te doen knallen.
Grohl , één van de overlevenden uit de grunge, heeft met Foo Fighters al een pak albums uit en moet het nu meer hebben van goed singlemateriaal; recent verscheen ‘But here we are’. Zij maken met de oudjes de set.
Het zijn Beren, net als Pearl Jam, om geconcentreerd, intens, hard tekeer te gaan. Een juke box van het (meer) stevige FF materiaal, die steeds werd opgebouwd naar een climax toe. Met zes op het podium staan ze, en met keys als toegevoegde waarde.
Grohl is de maestro, de dirigent, hij rockt, zingt, schreeuwt de longen uit zijn lijf, dweept de massa op en tekent dus voor de gedroomde rock’n’roll avond en show die Werchter en zijn publiek maar al te graag wenst! En die een dikke vette streep kan trekken onder zo’n geslaagde vierdaagse.
Ze leggen er de pees op met strakke nummers “All my life”, “No son of mine” , “The pretender”, “Times like these” en “Generator”. Grohl is overal te vinden, links, rechts, midden het podium of bij z’n publiek. Heerlijk zoiets, een band vol overgave met onweerstaanbare, bruisende rocksongs, die het enthousiasme aanwakkeren.
Een solootje van de verschillende leden namen we er bij, want ze verweefden het met enkele classics als “Stairway to heaven, Sabotage en Blitzkrieg pop”.
Een muzikale marathon , lofbetuigingen ten over … “My hero”, sober ingezet, bouwt broeierig op en explodeert crescendo-gewijs. Net als “Learn to fly” of “These days”. Nieuwtje was hier “Nothing at all”.
Een verschroeiend tempo kregen we dan op “This is a call”, “Monkey wrench” en “Best of you” (dedicated to Royal Blood, omdat ze de best muzikaal ruikende rock’n’roll band zijn). Een droomvogel, de vleugels wijd gespreid zagen we op “Aurora”, opgedragen aan Taylor; het bracht die andere emotie los, net als op het mooi uitgediepte, uitgesponnen “The teacher”, eentje voor Dave’s mama. En tot slot, enthousiasmerend met tonnen positieve energie “Everlong”, die definitief deze  EU tour en ons als Werchterpubliek uitwuifde.

Een betere respectvolle afsluiter kon Werchter zich niet indenken op deze vierdaagse met de Foo Fighters. Sprakeloos waren we van zo’n moordende set. Fantastisch, schitterend. Rock zondermeer!

Tot volgend jaar!

Organisatie: Live Nation - Rock Werchter

Too Hot For Me

Too Hot For Me - Great Gigs in The Park 2024 - We sluiten af met een feestje!

Geschreven door

Too Hot For Me - Great Gigs in The Park 2024 - We sluiten af met een feestje!

De organisatie van Great Gigs in The Park mag terugkijken op een succesvolle editie. Met enkele uitverkochte avonden en weersomstandigheden die, op uitzondering van enkele dagen met fikse buien, waren de weergoden de Casino Kiosk eveneens gunstig gezind. Bovendien bood de organisatie een wijds palet aan, binnen een gezellig en intiem kader.

Wij sluiten af met een feestje met Too Hot For Me (****1/2) die zorgden voor een uitgelaten stemming, met vaak een Zuiders tintje eraan verbonden. De boodschap was vrij duidelijk, dansen, springen, zweten. Ook al hoorden we soms wel een melancholisch klankje of een streepje blues. Dat Zuiders temperament, of het nu Mexicaans of Spaans is speelt geen rol,  bedoeling is dat de mensen uiteindelijk lekker uit de bol kunnen gaan.
In het begin had de band het wel wat moeilijk om de aandacht te trekken door het keuvelende publiek, maar ze lieten het niet aan hun hart komen en draaiden de kraan volledig open.
Het mooie is, je kan op hun muziek geen label kleven. Elke stijl passeerde de revue. Voorwaarde? Er niet op stilstaan!

Twee uur lang hield Too Hot For zijn publiek in de ban. Op het einde van de set mochten enkele kinderen het podium op, om de avond met een knal af te sluiten. Too Hot For Me was de perfecte afsluiter van veertien avonden puur genieten.
Great Gigs in The Park zit er bij deze op. Maar we bleven toch nog even nagenieten met een glaasje , om met een brede glimlach huiswaarts te keren. Hier sloten we af  met een feestje én ‘Hoe’!

Een overzicht van de avonden die werden opgevolgd

Postmen - 13 Juni (fotoverslag)  https://www.musiczine.net/nl/news/item/95121-great-gigs-in-the-park-2024-postmen-de-casino-sint-niklaas-op-13-juni-2024-pics.html

J. Bernardt - 14 Juni https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/95143-j-bernardt-great-gigs-in-the-park-2024-de-regen-werd-prompt-vergeten-door-deze-sterke-emotionele-trip.html

Sanada Maitreya - 16 Juni  https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/95144-sananda-maitreya-great-gigs-in-the-park-2024-geen-echt-muzikaal-vuurwerk-wel-waakvlammetjes.html

Gustaph - 19 Juni (fotoverslag) https://www.musiczine.net/nl/news/item/95211-great-gigs-in-the-park-2024-gustaph-oyesono-de-casino-sint-niklaas-op-19-juni-2024-pics.html

The Bony King of Nowhere - 20 juni https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/95209-the-bony-king-of-nowhere-great-gigs-in-the-park-2024-melancholie-als-klankkleur.html

Les Negresses Vertes - 23 juni  https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/95212-les-negresses-vertes-great-gigs-in-the-park-2024-wereldmuziek-met-een-ferme-hoek-af.html

Sylvie Kreush - 24 juni  https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/95235-sylvie-kreusch-great-gigs-in-the-park-2024-sylvie-sylvie-wat-doe-je-met-ons-teder-hart.html

Raymond Van Het Groenewoud - 25 juni https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/95242-raymond-van-het-groenewoud-great-gigs-in-the-park-2024-vlaams-volksfeest-in-een-eigenzinnige-touch.html

Intergalactic Lovers - 27 Juni  https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/95275-intergalactic-lovers-great-gigs-in-the-park-2024-een-kleurrijke-trip-in-het-sprookjesbos.html

Dr. Lektroluv - 4 Juli https://www.musiczine.net/nl/concerts/item/95337-dr-lektroluv-great-gigs-in-the-park-2024-een-veelzijdig-kleurrijk-dansfeestje.html

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Rudeboy

Rudeboy plays UDS feat. DJ DNA - Alive and kicking in the fast lane

Geschreven door

Rudeboy plays UDS feat. DJ DNA - Alive and kicking in the fast lane

Wanneer tram 6 lonkt kan je als frontman van een ter ziele gegane band maar beter een wel doordacht pensioenplan klaar hebben. In het geval van Patrick Tilon lag die opportuniteit redelijk voor de hand: hij kroop terug in de huid van zijn legendarische stage persona Rudeboy Remington, overtuigde zijn vroegere maatje DJ DNA om diens draaitafel af te stoffen, en hopla, Rudeboy plays Urban Dance Squad feat. DJ DNA was geboren. Commercieel gezien geen slechte zet, maar toch rest er nog die ene uitdaging: hoe hou je de muzikale erfenis en live reputatie intact van één van de meest toonaangevende bands die Nederland ooit heeft gebaard?

Dé grootste uitdaging afgelopen vrijdagavond, zo bleek, lag niet bij de hoofd act zelf maar wel bij de 40- en 50-plussers die met slechts bescheiden getale uit hun zetel konden worden gelokt richting de voormalige industriële Bolwerk site. Het contrast met het energiepeil waarmee de afgetrainde brulboei met Surinaamse roots meteen van zich afbeet tijdens opener “Selfsufficient Snake” kon moeilijk scherper. Met elastieken benenwerk dat onmiskenbaar naar de prille James Brown lonkte en raps die werden uitgespuwd alsof het een verhitte bijeenkomst van de Black Lives Matter beweging betrof werd het laatste restje twijfel genadeloos weggevaagd: deze donkere jongen van 60 komt nog steeds zo hard.

Verbeten, ja zelfs op het militante af, werkten Rudeboy & co zich anderhalf uur doorheen een eigenzinnige selectie uit de UDS back catalogue waar rap, funk en rock zodanig stevig in elkaar haakten dat er eind jaren ’80 een apart genre etiket werd voor bedacht: ‘cross-over’. In Kortrijk koos het Nederlands gezelschap niet voor een veilige hap-slik-weg selectie van louter singles, maar was er minstens evenveel aandacht voor deep cuts uit voornamelijk de eerste drie albums die UDS tussen ’89 en ’94 op de wereld losliet. Energiebommetje “Brainstorm on the U.D.S.” vanop het door wijlen Jean-Marie Aerts ingeblikte debuut klonk nog steeds als de perfecte mash-up tussen Public Enemy en de vroege Red Hot Chili Peppers. Ook de downtempo grunge van “Alienated” kwam stevig en waarachtig binnen wanneer een opsomming van persoonlijke frustraties uitmondde in een eindeloos herhaald ‘I got to keep my head up’, een mantra voor iedereen die moet leren omgaan met roadblocks op het levenspad.
Dat Rudeboy als vanouds kon uitpakken met festival anthems uit een ver vervlogen tijdsgewricht zoals “No Kid”, “Good Grief!” en “Demagogue” was niet enkel en alleen zijn verdienste. Om het even wie zijn ex-UDS maatjes Silly Sil (bas), Magic Stick (drums) en Tres Manos (gitaar) moest vervangen heeft grote schoenen te vullen, maar op een paar details na kon deze UDS versie 2.0 toch behoorlijk stevig wedijveren met de oorspronkelijke line-up. DJ DNA van zijn kant liet geen enkel moment onbenut om vooral tussen de nummers door subtiel in zijn vinylbak te duiken. Erg essentieel was het op zich allemaal niet, maar toch voegde zijn kennis van de muziekgeschiedenis een dosis speelsheid en spanning toe die het UDS DNA moeilijk te kloneren maakt.
Het laatste eindje van de lont brandde uiteindelijk helemaal op met de snedige punk uppercut “Fast Lane” en de Oosters gekruide trip hop van “Bureaucrat Of Flaccostreet”.

Geen idee met welke schimmige voorstellen onze eminente regeringsonderhandelaars straks zullen naar buiten komen, maar één ding staat na vanavond toch al vast: het pensioenplan van Rudeboy werd getest, gesmaakt, en goed bevonden!

Organisatie: Blender ifv Schouwburg Kortrijk + Wilde Westen

Pagina 86 van 963