logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Hooverphonic

Lokerse Feesten 2008: DAG 2: Buzzcocks, New York Dolls en Sex Pistols

Geschreven door

The Kids, de enige echte Belgische punkband, had dertig jaar geleden nooit durven dromen om ooit het voorprogramma van de legendarische Sex Pistols te kunnen spelen. Maar zie, het is nooit te laat. Vlaanderens punktrots mocht deze punkdag op de Lokerse Feesten in gang blazen en deed dit met korte, puntige en venijnige punksongs uit vooral hun eerste twee platen. Korte felle stroomstoten als “Bloody bloody Belgium”, “Fascist cops” en “This is rock’n’roll “ bleven dertig jaar na datum nog moeiteloos overeind. The Kids hadden maar een half uurtje gekregen, maar maakten er toch 45 minuten van, gelukkig maar want een hoop fans stonden meer dan een half uur aan te schuiven aan de twee smalle ingangetjes waardoor velen de helft van The Kids hun sterke set moesten missen. Anno 2008 bewijzen The Kids nog steeds dat ze duizend keer meer punkbloed in de aderen hebben dan de huidige boysbandjes als Janes Detd en Silverene die ook wel eens pretenderen het genre te verkondigen.

“Punk hebben jullie gevraagd, punk zullen jullie krijgen”, zo kondigde de presentator het optreden van The Buzzcocks aan, waarop de heren op respectabele leeftijd er meteen een gemeende lap op gaven. Rechtdoor, rommelig, fel, puntig en kort. Kortom, zoals punk echt hoort te klinken.  Zonder commentaar raasden The Buzzcocks doorheen “What do I get”, “Oh shit”, “Autonomy”, “I don’t mind” en natuurlijk de klassiekers “Orgasm addict” en de afsluiter “Ever fallen in love”. Een hoop materiaal dus uit ‘Singles going steady’, hun klassieker uit ’79. Dit, beste mensen, benaderde deze avond het meest de ziel van de punkmuziek zoals het eind jaren zeventig bedoeld was, in tegenstelling tot de opgezwollen circusshow die The Sex Pistols hier later op de avond zouden opvoeren.

Maar eerst nog The New York Dolls, veruit het beste concert van de avond. Neen, The Dolls zijn geen punkgroep, maar hebben het genre meer dan beïnvloed met hun no-nonsens gruizige rock’n’roll uit het begin van de jaren zeventig. Met enkel nog David Johansen en Sylvain Sylvain als overlevende originele groepsleden (beiden zien er overigens nog verrassend fris uit) speelden ze een knallende set van klassiekers aangevuld met een viertal songs uit hun voortreffelijke comeback plaat uit 2006. Hoogtepunten midden in de set waren “Private world” en de verrassende cover “Piece of my heart” van Janis Joplin. De band was levendiger en feller dan ooit, de sound was lekker vettig, het rockte en bruiste langs alle kanten. The Dolls trakteerden ons op een schitterende finale met “Trash” en een knallend en prachtig uitgesponnen “Jet Boy”, waarin de immer sympathieke Sylvain Sylvain en zijn fantastische copain Steve Conte op hun gitaren loos mochten gaan. Je voelde het, The Dolls zaten klaar om in een nog hogere versnelling te schakelen toen men teken gaf dat ze er moesten mee ophouden en een oen van een presentator hen zonder enige vorm van respect afkondigde terwijl Sylvain Sylvain nog een gemeende “thank you” tot het publiek wou richten. Ongehoord. Met de te korte set van The New York Dolls wisten wij toen al dat het beste van de avond, en misschien wel van de hele Lokerse Feesten, was gepasseerd.

En natuurlijk hadden wij gelijk, want wat te denken van The Sex Pistols ? of moeten we eerder zeggen ‘The Johnny Rotten Cartoon Show’ ? We weten al lang dat Rotten zichzelf niet au-serieux neemt, dus wij gaan dat zeker niet doen, maar deze potsierlijke vertoning was er toch wel een beetje over. Rotten had voor de gelegenheid een belachelijk apenpakje aangetrokken, Steve Jones een afstotelijke bermuda broek die je dezer dagen zelfs in Blankenberge nog maar zelden tegenkomt en van de Willy Sommers lookalike op bass konden we maar moeilijk geloven dat dit wel degelijk Glenn Mattlock was. Punk, it definitely ain’t. Bovendien maakte Rotten er volledig zijn eigen show van, zijn bindteksten varieerden van belachelijk tot echt stompzinnig en zijn stem ging meerdere malen in overdrive (we dachten meermaals dat hij “this is not a love song” zou inzetten). Of de band achter zijn rug nu The Sex Pistols  waren of één of ander lokaal bandje, maakte hem kennelijk niet uit, het was zijn vertoning en van niemand anders.
De songs dan, misschien konden die het boeltje wel redden, want laten we niet vergeten dat ‘Never mind The Bollocks’ één van de meest legendarische platen is die ooit gemaakt werden, misschien wel meer legendarisch dan echt goed, maar soit, toch een mijlpaal die in niemand zijn collectie kan ontbreken. En gezien dit ook de enige plaat is die The Pistols ooit op de wereld hebben gegooid, passeerde deze uiteraard hier quasi volledig de revue.
En jawel, klassieker als “Pretty vacant”, “Holidays in the sun”, “God Save The Queen” en “Anarchy in The Uk” staan nog steeds als een huis en klonken ook hier in Lokeren nog behoorlijk gebald en stevig, maar de band zelf klinkt nergens meer geloofwaardig en wij hadden voortdurend het gevoel dat we naar een circusvoorstelling stonden te kijken in plaats van naar een punkoptreden.
Rotten heeft gewoon de verkeerde groep terug in het leven geroepen, want hadden wij niet met zijn allen hier veel liever PIL aan het werk gezien ? een band met stukken meer creativiteit en met een veel gevarieerder repertoire die, wat ons betreft, een interessantere come back zou opleveren.  Want, let’s face it, eigenlijk is ‘Never mind the Bollocks’ twaalf keer dezelfde song en op een podium komt dat duidelijk en pijnlijk naar boven, zo ook in Lokeren. Deze band mocht nooit terug bijeengekomen zijn, de mythe is er volledig uit. The Sex Pistols anno 2008, dat is een tekenfilm, en niet eens een grappige.

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Lokerse Feesten 2008: DAG3: Daniel Lanois en Sinead O'Connor

Geschreven door

’Ouwe wijven’ regende het, die avond in Lokeren. Alleen voor Daniel Lanois wilden wij dit kutweer nog doorstaan. De man begon 20 minuten te vroeg aan zijn set, de camera’s en wij hadden het nog niet door. Hij was volgens ons precies begonnen aan een soundcheck, maar dan wel de beste soundcheck die we ooit hebben meegemaakt. Maar toen bleek dat hij gewoon aan zijn optreden begonnen was, floepten ook de camera’s aan. Lanois had enkel een drummer meegebracht, maar wat voor één. Het duo speelde een formidabel optreden gebouwd op sublieme momenten van spontane improvisatie, kortom een veredelde jamsessie. Er waren maar weinig raakpunten met Lanois’ platen, die overwegend rustig en sfeervol klinken.
Hier op het podium liet Lanois vooral zijn gitaar scheuren als een Neil Young in zijn beste Crazy Horse momenten. Zijn drummer volgde met het meest geniale slagwerk. Een setlist kwam hier niet aan te pas. Het duo speelde wat hen ter plaatse inviel, zelfs een stroompanne  kon hun creativiteit niet stoppen, Lanois maakte er handig gebruik van om het publiek op zijn hand te krijgen en hen James Brown te doen zingen, waarop hij na de panne zijn gitaar liet binnenvallen met een geweldige funky gitaarimprovisatie.
Het is pas de hele groten gegeven om op een podium ter plaatse de meeste geweldige sound uit te vinden. Even ging Lanois er bij zitten om op de pedal steel een ongelooflijk brokje sfeer te creëren en ook dit klonk fantastisch. Ondertussen viel de regen verder met bakken uit de lucht, maar wij weken voor geen meter, geen seconde wilden we hier van missen.
De Lokerse Feesten zijn nog lang niet gedaan, maar hebben wij hier niet de beste drummer en de beste gitarist van het festival al aan het werk gezien ?
Lanois producete zopas de nieuwe U2, als daar ook maar een greintje van de genialiteit die hij vanavond tentoonspreidde op terug te vinden is, dan wordt het een bijzonder sterke plaat.

Daarna was het nog de beurt aan Sinead O’Connor, die de laatste tijd meer met kerkmuziek bezig is dan met wat anders. Hiervoor wilden wij echter de gutsende regen niet meer trotseren, dus we hebben dat mens dan maar gelaten voor wat ze was. Hier volgen enkele reacties van enkelingen die het wel gehoord hebben : ‘saai en slaapverwekkend’ (gehoord van iemand die O’Connor al 5 keer gezien heeft en tot voor dit optreden nog fan was), ‘een bijbelse setlist zonder hits van het eerste uur’ (volgens Studio Brussel) en ‘tenenkrullende songs als “Rivers of Babylon” (de Morgen). Do we need to see more ? Naar het schijnt droop er na elke song meer en meer publiek af, zodat ze haar laatste songs nog voor twee man en een paardenkop stond te spelen (die 2 man waren getuigen van Jehova, de paardenkop was Freddy Willockx). Niets gemist dus.

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Folkdranouter 2008:zondag 3 augustus 2008

Geschreven door

Een aangename verrassing ’s namiddags was Lau (Kayam), een Brits drietal dat een ideaal recept van ‘sunday afternoon delight’ folk speelde op accordeon, akoestische gitaar en viool. Een sound die tot de verbeelding sprak …

De dames van Laïs (Jorunn, Annelies en Nathalie) (Kayam) lieten al enkele jaren doorschemeren dat ze hun jeugdig a capella kampvuursongs en poppy folkpop deels wouden verlaten voor een dreigende klankkleur van gitaren, elektronica en drums. ‘The Ladies’Second Song’, in het najaar van 2007 verschenen, was het resultaat. Een vernieuwende, avontuurlijke aanpak van Nederlands-, Engels- en Franstalig gezongen nummers; ook oude songs als “7 steken” en “’t Smidje” kregen een grondige beurt. Laïs was tot veel in staat, maar won geen nieuwe zieltjes bij …

Billy Bragg (Kayam), Brits unionstrijder nummer 1, trad solo op en onderstreepte in ’t vet z’n ‘Mr Love & Justice’ persoonlijkheid. Een singer/songwriter die mensen met dezelfde ideeën samenbrengt om te streven naar een groene, faire en betere wereld. Hij kon dit niet alleen, maar hij maakte alvast de aanwezigen duidelijk dat het onze verantwoordelijkheid was. Muzikaal greep hij terug naar oud materiaal als “Greetings from New Brunette”, “There is a power & union”, “Sexuality” en “New England”. Hij koppelde het aan nieuw materiaal als “Farmboy” en “I keep faith”. Op z’n gitaar tokkelde hij verbeten z’n ruwe, rauwe, ongepolijste protestsongs, songs ontdaan van enige franjes en mét een meezinggehalte. Op “One love” van Bob Marley bracht hij positie publiek – solo-artiest dichter, iets wat hij geleerd had van de old folkie Woody Guthrie.

Boudewijn De Groot (Kayam)
Vorig jaar was Bart Peeters het hoogtepunt van het festival, dit jaar kwam de eer aan Boudewijn De Groot. De man grossierde in z’n rijkelijk gevulde oeuvre en vergat z’n grootste kleinkunsthits niet. Moeiteloos stapte hij solo of met z’n begeleidingsband over in het recente ‘Lage Landen’.
Onder z’n bezwerende stem begon hij innemend en ingetogen met o.a. “Wat geweest is, is geweest”, “Verdronken vlinder” en “Testament van m’n jeugd”. Enkele leden begeleidden spaarzaam onze bard op “Naast jou” en “Tip van de sluier”. Met z’n full band kregen de songs kleur door een uitgebreid instrumentarium: “De zwemmer”, “De Noordzee”, “De reiziger”, “Jimmy (eenzame fietser)” en “Als de rook om je hoofd is verdwenen”. Hij breidde er telkens een verhaal aan; “Meisje van 16” , een smartlap origineel van Charles Aznavour, was hij schatplichtig aan z’n platenmaatschappij en is door de jaren één van z’n lievelingen geworden.
We hoorden een uitgelaten tweede deel. Hij eindigde sfeervoller met “Spelende kindmeisjes”, “Op weg” en “Vondeling”. “Het land van Maas en Waal” mocht als uitsmijter niet ontbreken bij deze headliner.
Boudewijn De Groot bewees hoe eenvoudige Nederlandstalige pop kon raken, prikkelen en overtuigen. Ook de weergoden waren onder de indruk, want na het concert zetten ze de hemelsluizen open en werd de wei tot een gigantische modderpoel omgedoopt.

De 50 jarige Loreena McKennitt (Kayam) kreeg verdiend een grootse plaats op het festival. De Canadese componiste en multi-instrumentaliste (harp, piano, accordeon en elektronica) bracht een geheel van ingetogen en zwierige traditionele (Keltische) folk, klassiek en pop, onder haar hemelse, hoge, breekbare vocals. Een sferisch, dromerige en filmische sound, waarbij ze werd bijgestaan door een ruim tienkoppige band … en ons eventjes de plensbuien deed vergeten.

Ons eigen Arsenal (Kayam) mocht deze 34ste editie besluiten. Zij maakten er een modderfeestje van. Ze dropten ons meteen in hun aanstekelijke, zuiderse zomerpop van een elektronisch klanktapijt, latino, pulserende beats en een warme samenzang. Een smeltkroes van exotische, dansbare pop tot een meer strakke aanpak.
Arsenal paste de hits “Switch”, “Longee”, “Personne ne bouge”, “Saudade”, “Mr Doorman” en “A volta” in hun nieuwe materiaal als “Estupendo”, “Turn me loose” en “Lotuk”. Dansen in de modder: Arsenal maakte het leuk en onvergetelijk!

Organisatie: Folkdranouter Dranouter

Folkdranouter 2008: zaterdag 2 augustus 2008

Geschreven door

Dag 2 werd ingezet met één van de Vlaamse legendes binnen de kleinkunst Zjef Vanuytsel (Flamundo). Samen met Kris De Bruyne, Wim De Creane , Johan Verminnen en Jan De Wilde, gaf Vanuytsel, inmiddels 61 geworden,  het Vlaamse lied elan door z’n ‘Zotte morgen’. Hij nam vorig jaar een nieuwe plaat op, ‘Ouwe makkers’. Onze architect nam z’n bouwverlof ter harte en grossierde met z’n begeleidingsband en strijkerensemble diep in z’n oeuvre. Het songmateriaal was breder van opzet en werd mooi uitgediept; “Ik weet wel, mijn lief”, “Tederheid”, “Stil inde Kempen”, “Zonneschijn” en “Zotte morgen” klonken emotievol, sfeervol en meeslepend. Nostalgische pop van een sympathiek man, die genoot van de sterke opkomst!

Woven Hand (Kayam) is het vervolgverhaal op 16 Horsepower van singer/songwriter en religieus predikant, Dave Eugene Edwards. Een uurtje onheilspellend, donker dreigend, pakkend materiaal. Adembenemend, spannend en beklijvend. Kippenvelmomenten ervaarden we op songs als “Whistling girl”, “Speaking hands”, “Iron feather” en “Winter shalker”. Sommige nummers als “Tin fingers”, “Deerskin doll” en “Your Russia” klonken pittig, snedig en stevig; ze werden overstelpt door de pedaaleffects, een diepe bas en opzwepende percussie. Tussen de nummers hoorden we een soort kerkgezang. Edwards was nog net tekort voor een ticketje zondagsmis te Dranouter !, doch overschouwde band en publiek op z’n draaistoel… Mooi!
 
Na een ietwat tegenvallende set op het Cactusfestival herstelden Rios, Neve en Proesmans (Kayam) zich. Er zat meer swing en dynamiek in de set, een uitstraling als tijdens hun theatertournee. De moderne kruisbestuiving van pop, latino, jazz en modern klassiek boeide en werkte aanstekelijk. Zuiderse klanken met een knipoog naar de tango van Gotan Project. Een intens samenspel onder Rios’ warme vocals en tintelende gitaarspel, Neve’s beheerste pianospel en de droge drums van Proesmans. Een greep van hun songs: “Baby lone star”, “Angelhead”, “I’m gonna die tonight”, “Auscensia” en “Stay”. Overtuigend optreden!

De New Yorkse singer/songschrijfster Suzanne Vega (Kayam) zagen we al in verschillende gedaantes: met full band, elektronica vernuft en solo. Op Dranouter werd ze een sober begeleid van een bassist en een drummer. Ze besloot haar Europese tournee te Dranouter. Het trio vormde een geoliede machine, wat de melodieuze folky popsongs ten goede kwam. Haar bekendste nummers zaten mooi vervat in de set, aangevuld met enkele nieuwe. Een boeiende set van korte, kernachtige songs. Een spaarzame start met “Rock in this pocket”, “Frank (Sinatra) & Ava (Gardner) (een sprookjeshuwelijk van ups &downs) en “Cracking”. Op het juiste moment stak het trio er meer vaart en ritme in met de dromerige “Marlene on the wall” en “When heroes goes down”. Haar bassist speelde een hoofdrol op “99.9 F” en “Blood makes noise”; z’n diepes bastunes vingen de elektronicabeats op.
Af en toe neuriede het publiek al “Tom’s Dinner”, maar Vega onderschepte dit handig met prachtsongs “Left of centre”, “Solitaire” en “Luka”. “Tom’s Dinner” was de obligate bis, die naast het meezinggehalte een dansbare groove meekreeg. Puike liveset van een vastberaden dame op het podium.

Ozark Henry (Kayam),onder multi-instrumentalist Piet Goddaer, stelde z’n ‘A decade’ voor, de overzichtsplaat van mans oeuvre van vijf cd’s. Een perfect uitgebalanceerde sound van het kwartet (al een tijdje zonder gitarist!) en pareltjes van subtiele, melodieuze songs, die sfeervol, meeslepend klonken of een steviger beatje hadden, onder Goddaers warme stem.
Het publiek werd op z’n wenken bediend van deze hitmachine: van een ingetogen, intiem “Godspeed” en “Vespertine” naar “Word up”, “Rescue me” en “Sweet instigator” tot de dansbeats op de instrumental “Echo as a metaphor”, “Sun dance” en “La donna e mobile”. “Inhaling” kreeg ‘80’s electro mee. Het recenter materiaal “These days”, “At sea”, “Indian summer” en in de bis “Get yourself a chance with me” was de finalereeks van het concert. Poprock op z’n best. Klasse! Een welgemeende Merci en handjes wuiven.

Tenslotte besloot het Engelse The men they could’t hang (Palace), die al 25 jaar bezig trouwens en nog maar sporadisch te zien waren in ons landje. De band is een goed bewaard geheim, die het midden hield van The Pogues, The Waterboys, The Levellers en The Saw Doctors. Een fijn concept van gevarieerde, speelse, vrolijke en ontspannende nummers. De band zong in een verschrikkelijk Brits dialect. Ze trakteerden ons op enkele Schotse traditionals en zeemansliederen. Kortom, het sympathieke The men they couldn’t hang was een rockend boombal.

Organisatie: Folkdranouter Dranouter

Folkdranouter 2008: vrijdag 1 augustus 2008

Geschreven door

De nieuwe artistieke paden van Folkdranouter gaan in stijgende lijn. De organisatie evalueert steeds hun rijke en gevarieerde programmatie, onder het motto ‘the new tradition’. Dranouter lokte dit jaar meer dan 77000 bezoekers.
Ook het terrein, dat sinds vorig jaar grondig werd aangepakt en verhuisd, werd positief ervaren. De animatie, de kermisattracties, de riante waterpijpzithoek, de kraampjes en de pleintjes in de boerenbuiten van de Westhoek leverden een prachtig decor op; het maakte van Folkdranouter een uiterst genietbaar festival met een leuke, ontspannende sfeer en gezelligheid.
Groepen: Värttinä, Adam Green, Woven Hand, Ozark Henry, Boudewijn De Groot, Loreena McKennitt en Arsenal zorgden muzikaal voor het goede weer. En het weer zelf …God zag dat het goed was en zette op zondagavond de hemelsluizen open , wat het terrein omdoopte tot een modderpoel.

dag 1: vrijdag 1 augustus 2008

Vrouwen aan de frontlinie op dag 1 van Folkdranouter: Eva de Roovere (Kayam) bouwde haar eigen muzikale carrière uit na Kadril, met lichtvoetige, fijn gearrangeerde Nederlandstalige pop; folk en wereldmuziek zijn toegevoegd en de sound wordt gedragen door haar ijle, nasale vocals. Twee platen heeft ze uit ‘De jager en ‘Over en weer’. Live beschikte ze over een goed op elkaar afgestemde band met een backing vocaliste uit het nabij gelegen Reningelst. Af en toe klonk ze iets steviger, maar bovenal behield ze de verscherpte aandacht van het publiek. Eva de Roovere stond er op een groot podium.

Isabelle A(dam) (Palace) brak eind de jaren ’80 door als kindster met “Hey lekker beest”, een nummer dat tot op de dag van vandaag haar blijft achtervolgen …een succesvolle periode die ook z’n keerzijde had …; maar ze is haar verleden ontgroeid, want de dertigjarige dame deed voor haar nieuwe plaat, ‘De macht der gewoonte’, beroep op Alex Callier van Hooverphonic; een keur van Belgische artiesten schreven met haar Nederlandstalige popsongs. Ze kwam plots in een breder circuit, buiten VTM’s Tien om te zien, terecht.
Ze was omringd door een handvol Belgische topmuzikanten als Pintens, Block, en Callier zelf. 80 jaar ervaring om haar heen!…We hoorden onder haar licht melancholische stem en lieflijke blik ongedwongen, speelse, dromerige en emotievolle Nederlandstalige pop: “Diagonaal”, “Hou je nog van mij”, “Karavaan” en de titelsong. Ze stak variatie met enkele pittige, dynamische songs als “Zonder het te weten” en de single “Onder de sprei”, (Tja, met wie dan ook …). “Hey lekker beest”, waarvan het refrein luidkeels werd meegezongen, was een ballad in spaarzame begeleiding. Minpunt: haar voortkabbelend songmateriaal en haar beperkte stem, die onvoldoende doorkwam.

De Finse blonde dames van Värttinä (Kayam) zijn graag geziene gasten op het festival. Ze zijn al toe aan hun tiende plaat en versmelten op toegankelijke wijze pop, rock en folk onder een stemmenpracht van scherpe/close harmoniezang. Ze speelden een afwisselende set van innemend en stuwend, dynamisch materiaal, dat speels, sprookjesachtig en gevoelig klonk. De drie dames, in rood/witte klederdracht, waren aanvankelijk gehurkt, om na twee songs door hun zeskoppige begeleiding, van fiddle, accordeon, toetsen, gitaar en drums, het tempo op te drijven. Elan gaven ze door hun zwierige armbewegingen, danspassen, hun glimlach en hun unieke Scandinavische vocale stijl (hoog uithalen en ratelende erren). Deze Finse zeemeerminnen waren de overtreffende trap van Laïs, die steevast origineel uit de hoek komen. Ze betrokken het publiek bij de swingende nummers. Enkel een plots uithalende drumsolo hoefde hier echt niet.
Synthese volgens Värttinä, in gebroken Engels: folkmusic heeft altijd wel iets vrolijks, ook al schuilt er melancholie om de hoek.

De Amerikaanse artieste/pianiste Tori Amos (Kayam), inmiddels de 45 voorbij en de laatste jaren woonachtig te Ierland trad solo op, en had keyboards en piano mee. De laatste jaren onderstreepte ze haar muzikale creativiteit van grillig avontuurlijk songmateriaal. Met haar weelderige rosse haren, een akelig lelijk kleed en een gezicht vol schmink, speelde ze een eigenzinnige set, waarbij de factor hitgevoeligheid achterwege was: enkel een handvol singles, waaronder “Crucify”, “Silent all these years”, “Spark”, “Bouncing off clouds” en “Precious things” passeerden de revue. Ondanks het begeesterende karakter sloeg de vonk niet over. De hooggespannen verwachtingen werden niet ingelost.
Slotsom: Amos baande zich een weg in haar eigen pianovirtuositeit; een vriendelijke dame, die de nodige afstand behield naar haar publiek.

Howe Gelb (Flamundo) lag jaren geleden aan de wieg van de americana alt.country met z’n band Giant Sand, uit Tuczon, Arizona. De man deed in tussentijd al talrijke projecten en samenwerkingen. De vijftiger trad solo aan. Wat onwennig, verveeld en al prevelend bracht hij z’n songs eerder ruw, rauw en rudimentair. Een sobere, boeiende aanpak met een ‘Do It Yourself’ en ‘hoe komt het uit’- mentaliteit

Jasper Steverlinck is eveneens een vaste klant op het festival. In z’n herstelfase zagen we de man met z’n band, Arid (Kayam) nog een éénmalig concert spelen. Nu de comeback van Arid definitief is, was dit een happy weerzien. Melodieus, emotievolle poprock, een evenwichtig geheel van weemoedige ballads en snedige rock kregen we een klein anderhalf uur lang geserveerd. De hemels, hoge stem van Jasper mag misschien iets uniek zijn voor velen, toch blijft ze beperkt, wat irritatie opwekt. Maar OK, Arid speelde een gretige set van romantische zieltjespop van o.a. “Tied to the hand”, “Too late tonight”, “You are”, “Why do you run” en “Body of you”; ze koppelden Marvin Gaye’s “Sexual healing” aan dit nummer. Bowie’s “Life from Mars” was een verplichte toegift.
Arid kreeg een verdiende respons en klonk aangrijpend na een lange afwezigheid. Steverlinck bedankte z’n ‘fantastisch’ publiek, en het was deugddoend na de coolness van Tori Amos.

Tenslotte Adam Green (Flamundo), deze singer/songwriter uit Brooklyn, heeft maar liefst vijf soloplaten uit. Hij is een songschrijvertalent van intieme, meeslepende en aanstekelijke retropop. We maakten kennis met een entertainer en sympathieke klassebak van muzikale veelzijdigheid, die zich ontpopte als een jonge Iggy op het podium. Hij werd op handen gedragen in de Flamundo tent. Schitterende afsluiter van dag 1.

Organisatie: Folkdranouter Dranouter

Penguins Know Why

Penguins Know Why (EP)

Geschreven door

Het Gentse Penguins Know Why kaapten vorig jaar al de hoofdprijs weg op het Oost-Vlaamse rockconcours ’De Beloften’. Het jonge kwartet onder de broers Dhuyvetters intrigeert door de rauw rammelende rock van Pavement te versmelten met de schuurpapieren gitaarmetaalklank van Steve Albini’s Shellac en het noisy uithalen van Sonic Youth. En ze kruiden het met wat postrock.
De vijf songs op hun EP zijn alvast de moeite waard. “Antfucker” en “Titled” dompelen de luisteraar in de muzikaal dwarrelende leefwereld van Shellac en Sonic Youth, “Teenage Jesus” en “Nifty” beklijven door hun repetitieve opbouw en de rauwe, noisy klanken, en tenslotte “Xoyo” door z’n slepende, subtielere melodie.
Een meedogenloos intrigerend Ep tje, die zich in allerlei bochten wringt tussen melodie, onverwachtse wendingen, diverse tempowisselingen en pedaaleffects stevig indrukken.
Origineel is de hoes: twee kartonnen bordjes met een rood rekkertje. Laat het niet voor uw neus wegschieten …

Info op http://www.penguinsknowwhy.be

Sois Belle

Delirium

Geschreven door

Sois Belle speelt swingende, dansbare en innemende sfeervolle folkpop, die overwegend in het Nederlands wordt gezongen. Een veelzijdig geluid door een breed instrumentarium: “Waar jij ook gaat”, “Halfweg”, “Morgenrood” en “De brug”; of ingetogen en emotievol door een spaarzame begeleiding: “Ondergaan” en de titelsong.
De kaart van de folk wordt vooral in het tweede deel van de cd getrokken met songs als “Heio” en “Trois Jolies Mineurs”. En de groep varieert: we horen op “Geld ’seks & macht” en “Zoek” een broeierige, avontuurlijke sound, er is het poppy “Marseille” en tenslotte refereert de band aan U2 op “Drijfzand” .
Pieter Boussemaere (zang/gitaar), Karl Debaillie (zang/accordeon) en Pieter Roets (zang/sax/fluit) vormen de spil van dit zestal, die goed op elkaar zijn ingespeeld voor deze afwisselende aanpak  De groep heeft een Hothouse Flowers uitstraling en heeft met ’Deliruim’ een bescheiden goede plaat uit.

Info op http://www.soisbelle.be of http://www.myspace.com/soisbelle

The True Symphonic Rockestra

Concerto In True Minor

Geschreven door

 

Toen ik de naam van de band en de titel van het album las, was ik eigenlijk wel benieuwd wat ik zou aantreffen op dit album. The True Symphonic Rockestra is een in 2000 opgericht gezelschap. Oprichter Dirk Ulrich wordt bijgestaan door James LaBrie van Dream Theater en nog twee operazangers, namelijk Vladimir Grishko en Thomas Dewald. Het idee achter de band: ‘The best of’ van de oorspronkelijke Three Tenors (Luciano Pavarotti, Placido Domingo and Jose Carreras) in een metaljasje steken.
En dat idee is verdomd goed uitgedraaid, moet ik zeggen. Liefhebbers van Rhapsody Of Fire, Therion en Haggard zullen aan hun trekken komen, want dit is Opera Metal in zijn puurste vorm. Maar liefst 21 nummers worden onder handen genomen en bewerkt met leuke Metalriffs en een heuse ritmesectie die de nummers wat meer vaart geeft. Wie had gedacht dat operaklassieker “La Donna E Mobile” zo’n lekkere uptempo metalsong kon zijn?
Andere hoogtepunten van het album zijn “Granada”, “O Sole Mio” en “America (West Side Story)”.
En we leren ook iets bij, want Dorogoi Dlinnoyu bewijst dat “Those Were The Days” van oorsprong een Russisch lied is. Enig minpunt is de stem van James LaBrie waar ik mij soms een beetje aan erger. Waarom hebben ze juist hem gekozen in plaats van bijvoorbeeld Eric Adams van Manowar? Fabio Lione van Rhapsody Of Fire ging het ook heel goed gedaan hebben op dit album. Wie weet, misschien iets voor de volgende plaat. Hoe dan ook, dit is een goede plaat, waar zelfs Koen Crucke met genoegen naar zal luisteren.

 

Coalesce

012:2

Geschreven door

Coalesce maakte de Metallic Hardcore onveilig in de jaren ’90 en hun bestaan heeft duidelijk zijn sporen nagelaten in het genre. Helaas kregen de heren te maken met zowel financiële problemen als line-up problemen, wat leidde tot een split. Maar ze bleven niet bij de pakken neerzitten en sloegen in 1998 hard terug met ‘0: 12: Revolution In Just Listening’. De band zette de beroering rond hun break-up om in hun meest dringende, eerlijke en wanhopige nummers tot nu toe.
We keren terug naar het jaar 2008 en op de vooravond van de herrijzenis van Coalesce werd ‘0:12’ heruitgebracht en remastered voor de nieuwe generatie van fans van zware muziek. Redenen genoeg om dit album eens uitvoerig te bespreken lijkt me.
0:12’ opent sterk met “What Happens On The Road Always Comes Home”. Onder het stevige geweld schuilen er enkele groovy riffs die het nummer duidelijk een meerwaarde geven.
Het volgende nummer is getiteld “Cowards.com”. Ik heb eens gekeken of die site bestaat en het antwoord is nee. Voor de mensen die het toch eens zouden willen proberen, doe dus geen moeite!
”Burn Everything That Bears Our Name” en “Whilte The Jackass Operation Spins It’s Wheels” geven weer blijk van groovy riffs en tempowisselingen. Met “Sometimes Selling Out Is Waking Up” wordt er zelf wat gas terug genomen, wat als resultaat een trage beuker oplevert.
”Where The Hell is Rick Thorne These Days” is het kortste nummer op het album, welgeteld 1 minuut en 56 seconden. Prachtige songtitel trouwens. Je zou verwachten dat het nummer er met helse snelheid doorheen zou vliegen, maar niets is minder waar. Al bij al is het geen slecht nummer.
Na de nummers “Jesus In The Year 2000” en “Next On The Shit List” wordt het tijd voor de outtro waar ik genoeg tijd heb om mijn conclusie te trekken over dit album. Ondanks het feit dat ik geen liefhebber van Hardcore kon ik de nummers op dit album wel waarderen, waardoor ik het zeker kan aanraden bij de mensen die wel Hardcorefans zijn. Of gewoon voor mensen die agressie met wat groove weten te appreciëren.

Hero Destroyed

Hero Destroyed

Geschreven door

Hero Destroyed heeft een EP afgeleverd met maar liefst zeven nummers. Het Pittsburghse gezelschap schotelt ons een portie hardcore voor, met invloeden van metal en noisecore. Al van de eerste noot van opener “Cause For (Cancer)” gaan alle remmen los. Op deze EP is er geen plaats voor langzame, zeikerige nummers.
Na 22 minuten agressie, woede en snelheid werd het mij duidelijk dat deze jongens goed op weg zijn om nog eens in de Marquee 2 op Graspop te belanden, waar ze te kampen zullen krijgen met serieuze moshpits.
Ondanks de korte speelduur, slaagde Hero Destroyed er niet in mij te blijven boeien. Wat meer variatie in het songmateriaal zou leuk geweest zijn. En kijk vooral niet naar het artwork, want dat is gewoon afschuwelijk lelijk.
Al bij al is het een prima album geworden dat aan te raden valt voor de liefhebbers van hardcore, of gewoon van snelle en agressieve muziek in het algemeen.

Pagina 909 van 963