Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Kreator - 25/03...

Exoto

Final Festering

Geschreven door

De Belgische oldschool deathmetalband Exoto brengt nog een laatste album uit voor de band helemaal opgedoekt wordt. Op ‘Final Festering’ horen we nochtans een band die nog helemaal niet uitgezongen/uitgespeeld is.
Exoto’s death metal is agressief, snel en technisch. Dat was zo in de begindagen en dat was zo toen in 2019 ‘Absolution In Death’ uitkwam, het eerste nieuwe studiomateriaal sinds de reünie. Aanhoudende nek-klachten bij zanger Chris zorgen ervoor dat dit het afscheidsalbum is, want repeteren en optreden lukt niet meer zoals het zou moeten. Oudgediende Phil Beans werd nog aan boord gehesen voor de opnames van deze laatste etterbuil van Exoto.
‘Final Festering’ is een ferme pets om je oren. Het is opnieuw strak, snel en technisch. Inzake techniciteit zijn er inmiddels genoeg  bands die nog meer noten in één seconde kunnen duwen, maar bij Exoto gaat techniciteit niet ten koste van agressie en ritme. Producer Yarne Heylen (Carnation) heeft puik werk geleverd met een heel heldere mix waarin elk instrument een duidelijk afgebakende eigen plaats krijgt en waarin het geheel heel bruut en solide klinkt. De intro’s, de solo’s, de riffs, de lyrics, … alles zit gewoon heel goed op dit album. Het knispert en het knalt in elke track.
Zanger Chris krijgt niet enkel punten voor zijn stemtechniek en volharding, maar ook als songschrijver. In deathmetal lijken heel wat lyrics een copy-paste of een herverpakking van alles wat al eerder bijeen geschreven is, maar deze Exoto-lyrics klinken authentiek en doorleefd. Over pijn en verlies (“Intertwined Souls”, “Mountains Of Pain”), over het katholieke geloof (o.m. “Zombie Zero” en “Crusade Of Deceit”), over apocalyptische toekomstvisies (“Postnatal Abortion”, “Final Festering”), …
De gitaren gaan soms agressief tegen elkaar op en vullen elkaar twee tellen later weer aan. Drummer Sepp Coeck levert op elke track het degelijke fundament: strak en stevig en – net als de bas -gevarieerd en met niet teveel overbodige details.

Een bijzonder sterk album om de Exoto-geschiedenis mee af te sluiten.
https://www.youtube.com/watch?v=mE8wPKEDxzU

Der Klinke

Facing Fate

Geschreven door

Sommige dingen nemen een speciale plaats in je geheugen of hart. Neem bijvoorbeeld Der Klinke. Ik was juist begonnen met schrijven en ik kreeg de aanbieding om Der Klinke te gaan interviewen, in hun repetitieruimte in Oostende, naar aanleiding van hun plaat ‘The Gathering of Hopes’. Als beginneling werd ik daar warm onthaald en maakte ik kennis met een band die ik op muzikaal vlak juist had ontdekt. Dat zijn van die dingen die je je hele leven bijblijven. Soms werd indertijd wat meewarig over de band gedaan maar ze deden gewoon verder op hun manier en tempo. En kijk: sedert enkele jaren worden ze nu juist geprezen voor hun eigenheid en omdat ze moeilijk in een hokje te plaatsen zijn. Hoe het kan verkeren.
Sedert juni werd ‘Facing Fate’ op de wereld losgelaten. Wanneer je de vinyl of cd in de hand neemt dan merk je meteen het professioneel ogende artwork op ( www.tikkels.be).
De vinyl bevat 8 tracks en op de cd versie staat als bonus de John Wolf-remix van “Who to Deny”. Die versie is ook terug te vinden op de gelijknamige single.
Er wordt meteen sterk geopend met “Dark Night March”. Een goed opgebouwd nummer met mooie synths en heerlijk baswerk. Vooral die warme en kabbelende bas doet de song leven. “The Shallow Shadow” (produced by John Wolf) was al gekend als single en bevat alle ingrediënten die we van Der Klinke mogen verwachten: dansbaar, een gothic aandoende bas, wave gitaren en synths. De mix van de vocals vind ik ook goed gelukt.
Op “Dancing Liberty” krijgen we terug een vintage Der Klinke te horen. Een nummer dat het op de wave-dansvloer goed zou kunnen doen. “Closing in” is iets donkerder dan de vorige twee tracks: fijn gitaarspel, synths en met guestvocals van Martin Bowes (Attrition). De man die ook ditmaal de mastering van het album heeft gedaan. “You’re Looking Good in an Elevator” is uptempo en catchy. Kortom een serieuze single-kandidaat. Een nummer waar Pat Pattyn (was drummer bij Nacht Und Nebel en momenteel nog steeds bij The Bollocks Brothers) aan de tekst meeschreef.
Ook op “All The Right Wrongs” passeert er een gast muzikant. Filip Heylens (o.a. zanger bij Wegsfeer) verzorgt hier de vocals en doet dat heel goed. Zijn stem past heel goed bij de eerder donkere sound. Ook heeft het refrein een catchy hook. “Absolutely Nothing” is een prima albumtrack. De “Who To Deny”-track zal bij de fans wel al goed gekend zijn en behoeft buiten wat complimenten nog weinig commentaar.
Hoeveel bands sluiten af met het titelnummer? Je kan ze op één hand tellen denk ik. Dat gezegd zijnde is “Facing Fate” wel een mooi opgebouwd episch nummer geworden. Een bas gedreven intro waar de andere instrumenten langzaam komen binnen gewandeld. Denk qua opbouw een beetje aan “Desintegration” van The Cure. Een toppertje waarmee een sterke plaat wordt afgesloten.
Het is een album dat mooi oogt en klinkt! 

Darkwave/electro
Facing Fate
Der Klinke

 

Alvvays

Alvvays - Een eerst keer in Brussel en meteen een voltreffer

Geschreven door

Alvvays - Een eerst keer in Brussel en meteen een voltreffer

Met één van de beste platen van 2022 onder de arm, zakte het Canadese Alvvays met ‘Blue Rev’ af naar Brussel voor een van de meest geanticipeerde concerten van dit jaar. Hun derde en dus meest recente langspeler is meer van wat hen uniek maakt: dromerige, speelse en lichte shoegaze pop, maar nog verder uitgediept met surfrock en 80's electro pop. U hoort het, Alvvays is binnen hun genre reeds een straffe band die nu pas voor het eerst op Brusselse bodem optrad.

Eerst was Katie Malco aan de beurt. Solo en gewapend met een Stratocaster bracht ze breekbare indie pop die uit dezelfde vijver vist als Phoebe Bridgers of Waxahatchee. Haar set kabbelde rustig terwijl de zaal zich goed vulde. Met halfweg een cover van Kate Bush’s "Cloudbusting" maakte ze voor het eerst indruk. Een cover die ze, voor de betere verstandhouding, heeft geschreven nog voor de ‘Running Up That Hill’-hype.
In het slot haalde ze al haar charmes naar boven waarmee ze tijdens de afsluiter het publiek volledig inpakte. Een mooi beschrijvend plaatje dat zo bij de keel greep. Katie Malco kreeg de zaal - als voorprogramma nota bene - stil en daardoor liet ze een blijvende indruk achter.

Gelukkig was er genoeg spanning om het podium over te laten aan het vijftal van Alvvays.
Tijdens de intro van pompende wereldmuziek werden de lichten voor het eerst getest. Het dan al enthousiaste publiek kreeg als opener “Pharmacist” en al meteen een eerste aardverschuiving met “After the Earthquake”. De intenties waren duidelijk: de nieuwe plaat ‘Blue Rev’ goed laten ronken. Toch was er met “In the Undertow” uit ‘Antisocialites’ (2017) al een eerste terugblik dat aanstekelijk werkte. De visuals waren tot op de puntjes uitgekiend waardoor “Many Mirrors” niet enkel voor het oor maar ook voor het oog strelend was.
De blitse 80s electro synthpop die de laatste plaat zo kenmerkt, zat helemaal vervat in “Very Online Guy”. Een gewaagd, ietwat vreemd nummer, maar live stond dit als een huis. Uit het niets kwam “Adult Diversion” uit hun allereerste titelloze plaat (2014). Al bijna een decennium oud, maar op dat moment klonk dit kraakvers.
Frontvrouw Molly Rankin was ook losgekomen en ging voor het eerst eens wild. Een tweede publiekslieveling was daar met “Not My Baby” waar Rankin zonder verpinken de hoge noten vlot haalde. De band hield alles strak bij elkaar en werkte steeds op naar die explosieve solo’s die Alvvays ook kenmerkend inzette.
Terug wat wilder, luider en sneller ging het eraan toe met “Hey”. Vervolgens was “Tom Verlaine”, een dikke knipoog naar My Bloody Valentine en Television, de ultieme indie pop song overgoten met een 80s synth-sausje.
Niet alleen blonken ze uit wanneer ze knalden en ronkten, maar ze waren ook groots bij de wat stillere momenten waar de spanning om de hoek loerde. “Belinda Says” was daar het treffend voorbeeld van waarmee het eerste half uur zo voorbij raasde.
Terug wat meer elektroshoegazing met “Bored in Bristol” en de treffende visuals. Het spookachtige van Twin Peaks loerde om de hoek bij de balad “Fourth Figure”. Daar was de synth outro het ideale opstapje naar het hoogtepunt van de avond met “Archie, Marry Me” dat niemand in de zaal onberoerd liet. Meteen erna en zonder aarzelen schoot de band “Pomeranian Spinster” op ons af, een opzwepende punk song die al eens aan Vaccines of The Strokes deed denken. Contrasterend waren het melancholische “Tile by Tile” en het zalig ronkende en drone-achtige “Pressed”. Nog enkele trapjes hoger qua beleving was het zachte en immens populaire “Dreams Tonite” dat na een lange zachte intro vervelde tot een pareltje waar iedereen meezong.
Opnieuw sterke visuals en vleugjes surfrock hoorden afsluiters “Easy On Your Own?” en in het veel te korte “Saved by a Waif”.
Op het prachtige “Velveteen” na voelde de bisronde misschien wel wat overbodig. Toch deden ze hun nieuw materiaal volledig uit de doeken en gezien de (te?) strakke tourschema, konden we het hen zeker vergeven.
Ze hadden voldoende pluspunten gescoord en spontaniteit getoond om er echt een geslaagd concert van te maken en het publiek met een gelukzalig gevoel achter te laten.

Setlist
Pharmacist - After the Earthquake - In Undertow - Many Mirrors - Very Online Guy - Adult Diversion - Not My Baby - Hey - Tom Verlaine - Belinda Says - Bored in Bristol - Fourth Figure - Archie, Marry Me - Pomeranian Spinster - Tile by Tile - Pressed - Dreams Tonite - Easy On Your Own? - Saved by a Waif  - - - Next of Kin - Velveteen - Lottery Noises

Organisatie: Botanique, Brussel

Odin Staveland

Odin Staveland - Ik ben geïnteresseerd in ideeën die fris aanvoelen, uitdrukkingen die dynamisch zijn, en dicht bij het alledaagse leven aanvoelen, maar toch een eigen wereld kunnen worden

Geschreven door

Odin Staveland - Ik ben geïnteresseerd in ideeën die fris aanvoelen, uitdrukkingen die dynamisch zijn, en dicht bij het alledaagse leven aanvoelen, maar toch een eigen wereld kunnen worden

Op ‘Hoohahs & Cat Calls’ zijn de Noorse muzikanten Odin Staveland en Bjørn Berge  een samenwerkingsverband aangegaan. Ze kennen elkaar uit de zeer populaire Noorse folk-pop/rock-band Vamp en tijdens jam-sessies waren ze samen vaak aan het 'fröbelen' met catchy deuntjes op gekke blues beats of jazzy melodietjes. Met hulp van bassist Kjetil Dalland en met gast-bijdragen van gitarist Amund Maarud, werkten ze hun vele losse vondsten uit tot eigen volledige tracks; 'our debut-album is loaded with strangely, animated yet very personal songs; we call it 'club blues' - there's always this catchy, poppy, positive and repetitive vibe'! Er is de gevarieerde aanpak in pop-rock-blues-folk, en we horen lekkere jams en improvisaties.
De recensie van deze plaat kun je hier nog eens nalezen: https://www.musiczine.net/nl/chroniques/item/90138-hoohahs-cat-calls.html
We hadden eveneens een fijn gesprek met Odin over deze release, uiteraard, maar polsten ook naar de verdere toekomstplannen

Als kennismaking, vertel eens wat meer over jezelf....
Wel, ik ben een kunstenaar, geboren en getogen in het stadje Haugesund in Noorwegen. Ik woonde enkele jaren in Bergen, Noorwegen. Ik reis veel met mijn muziek, zowel solo als met Vamp, maar ook als componist voor bijvoorbeeld theaterstukken en ik werk overal vandaan als het gaat om het schrijven en produceren van muziek en tekst. Dat omvat mijn eigen studio, andere studio's en portabelstudio’s. Ik hou van muziek omdat het overal in het leven is en alles kan zijn. Alles wat je wilt dat het is, en alles wat je niet wilt dat het is, en meestal ergens daartussenin. Ik heb mijn leven gewijd aan het maken van muziek en teksten en streef naar het creëren van een stijl die stijlbestendig is. Meestal neem ik dingen zelf op, maar ik werk nauw samen met een technicus en mixer, Kjetil Ulland. Hij kent me goed en vult mijn opnames en mixideeën en mixschetsen aan en levert fantastisch werk. Ik maak ook mijn eigen muziekvideo's, waar ik veel plezier aan beleef. Ik werk graag met audiovisuele uitingen.

In al die jaren denk ik dat de coronatijden slechte tijden waren voor jou als muzikant, of niet. Hoe heb je die tijden 'overleefd'?
Mentaal kon ik me redden door gelukkig een kleine studio in mijn huis te hebben. Zo kon ik creatief en productief blijven. En ook heb ik twee kinderen, en weet je, dat dwong me ook om me op constructieve manieren te concentreren. Kinderen verhogen de geest. Economisch gezien was het enorm moeilijk. Weet je, wanneer je grootste bron van inkomsten (concerten) illegaal wordt en verdwijnt, spreekt het vanzelf dat je gewoon in het moment moet leven en dag na dag nieuwe oplossingen moet zoeken om de rekeningen te betalen en eten op het bord te krijgen. Ik weet het niet, zoals het was voor iedereen met soortgelijke banen.

Als ik aan Noorse bands denk zijn het meestal bonkers, beren die aan Vikingen doen denken (cliché ik weet het, sorry daarvoor); jij vormt daar een mooie tegenwicht in... Een bewuste keuze? en waarom?
Mijn naam had me waarschijnlijk in de door jou genoemde richting moeten sturen, maar ja, dat heeft me nooit geïnteresseerd. Het is geen bewuste keuze, het is nooit in me opgekomen om iets stereotieps te doen. Ik ben geïnteresseerd in ideeën die fris aanvoelen, en uitdrukkingen die dynamisch zijn, en dicht bij het alledaagse leven aanvoelen, maar toch een eigen wereld kunnen worden.

Je verwierf bekendheid met de band Vamp... hoe bekend waren ze eigenlijk in Noorwegen? En hoe gaat het nu met de band?
Vamp is al bezig sinds 1991, en heeft in al die jaren een groot publiek opgebouwd. Het publiek op dit moment varieert van kinderen tot mensen in de 80. Het is een van de bekendste bands in Noorwegen. Het gaat nog steeds goed, zowel creatief als in termen van hoe goed de concerten worden bezocht. Het is echt ongelooflijk.

Het muzikale profiel van de band is een mix van Noorse traditionele volksmuziek gecombineerd met rock. Jullie zijn al bezig sinds 1990, wat zijn de 'hoogtepunten' en 'dieptepunten'?
Nou ik was 5 jaar oud toen de band begon, mijn vader begon ermee, dus ik weet niet hoe de hoogte- en dieptepunten aanvoelden in de eerste jaren. Ik begon muziek te maken voor Vamp in 2003. De band heeft drie verschillende leadzangers gehad, dus dat is natuurlijk behoorlijk uitdagend geweest. Hoe die overgangen op te lossen, en een nieuwe manier te vinden om verder te gaan. Dat gezegd hebbende, dat is misschien ook de reden waarom de band zo lang is doorgegaan. En ik denk dat de band die overgangen heeft gebruikt voor iets positiefs. Om er iets van te maken en het als een kans te zien. De band heeft grote hits gehad in Noorwegen in de jaren 90, 2000 en 2010, maar de belangrijkste kern van Vamp is de catalogus van songs die niet gericht zijn op hits, maar gewoon songs die zo goed mogelijk willen zijn. Ik vind het inspirerend dat de laatste plaat "Tiå det tar" (2021) het best ontvangen album van Vamp is. Dat is cool na al die jaren.

En voor jou als gewone muzikant?
Voor mij heeft het nooit gevoeld als hoogte- en dieptepunten. Ik heb mezelf nooit commerciële doelen gesteld, alleen creatieve door ideeën en mogelijkheden te onderzoeken en daardoor heb ik nooit die gevoelens gehad van een groot dieptepunt of hoogtepunt in mijn carrière. Er zijn natuurlijk hoogte- en dieptepunten geweest in de verkoop en streaming van songs en albums, en het ontvangen van prijzen en het niet in aanmerking komen voor prijzen, en goede en slechte critici, maar zoals gezegd is dat niet waar mijn focus ligt, het is op de proces van het creëren van dingen. En daarom heb ik nog niet echt het gevoel dat ik bepaalde hoogte- en dieptepunten heb gehad. Dat gezegd hebbende, voelde het als een enorm hoogtepunt toen ik ontdekte dat ik het echt leuk vond om soloartiest te zijn en wat dat betekende voor het openen van een hele nieuwe wereld van creatieve mogelijkheden. Als ik ooit een writers block of iets dergelijks krijg, zal dat natuurlijk een enorm dieptepunt zijn, maar dat is nog niet gebeurd.

Dit interview volgt op de samenwerking met topmuzikant Bjørn Berge.  Een magisch duo vormen jullie. Hoe waren de reacties op de release?
Dank je, ik ben zo blij dat je Hoohahs en cat calls leuk vindt. De reacties waren geweldig. Ik ben dankbaar dat velen het hebben gevonden, en er ook over hebben willen schrijven op een manier die ik inspirerend vind en me het gevoel geeft dat de ideeën van het album door veel luisteraars op een coole manier worden opgevat. Dat is geweldig.

Persoonlijk was ik onder de indruk van de pakkende ondertoon, en de positieve boodschap … Een bewuste keuze? Wil je een positieve boodschap uitzenden in moeilijke tijden?
Ik wilde een onsentimenteel maar onderhoudend stuk maken over veel van de uitdagingen waar ik dagelijks voor sta. En die uitdagingen zijn dezelfde die de meesten van ons tegenkomen, denk ik. Ik wilde een beetje over mezelf praten, maar ook over de giftigheid van mannelijkheid en thema's aansnijden als klimaatverandering, huidskleur, familie, liefde via de giftige toon van mannelijkheid. Het is een soort karakterstudie over een man met vele kanten, veel goede bedoelingen maar ook veel gebreken en onvolkomenheden. Ik hoop dat het als positieve boodschap overkomt, want zo is het bedoeld, en ik ben blij dat je dat hebt opgepikt! Maar het moest gewoon werken als een muziekalbum met tekst, zonder te proberen een boodschap op te leggen, dus de focus was om te proberen al deze dingen samen te voegen tot een ding dat zijn eigen ding is.

Er is de gevarieerde aanpak in pop-rock-blues-folk; we horen leuke jams en improvisaties. Een bewuste aanpak en waarom?
Ik probeer altijd een idee te volgen. Dus voor dit project was het idee om te praten over alledaagse gedachten en thema's door middel van mannelijkheid. En vanwege het budget van het project waren we beperkt tot Bjørn die gitaar speelde en ik de rest, dus dat zorgde natuurlijk voor een aparte werkstroom en het geluid dat daarop volgde. Ik probeerde Bjørns gitaarstijl mij te laten inspireren om er iets van te maken dat stijlvol was, macho, beat had, maar ook vrijheid, veel eenzaamheid en ruimte en veel rode vlaggen. Dingen die je niet moet doen. Ik ben erg geïnteresseerd in vorm, en experimenteer daar veel mee, maar ik verlies mijn interesse als iets te gevormd of gevangen of geforceerd aanvoelt, dus ik probeer vormen en ideeën te vinden waar lucht in zit en ruimte voor improvisatie, intuïtiviteit en leven in zit.

De speelsheid spreekt me enorm aan, op deze plaat, maar ik denk dat het live nog beter tot zijn recht komt. Zijn er plannen om als duo te toeren? Misschien ook in België?
Ik ben zo blij dat de plaat je dat gevoel geeft. Ik doe vier van de nummers op tournee met mijn band op mijn soloproject, en ze zijn zo leuk om te doen. En mijn band speelt ze geweldig. Ik hoop echt dat ik binnenkort met mijn band naar België kan gaan! Op dit moment zijn er geen toerplannen als duo, omdat we het allebei zo druk hebben met onze eigen projecten. Maar ik hoop dat het op een dag wel lukt.

Wat zijn de verdere plannen voor dit jaar?
Op dit moment leg ik de laatste hand aan mijn muziek voor een theaterstuk, dat op 3 juni in première gaat. Daarnaast werk ik parallel aan twee nieuwe soloalbums en een nieuw theaterproject, die volgend jaar verschijnen, en nog twee andere grote projecten die nog wat vroeg zijn om in het openbaar te bespreken, maar die op grote schaal zeer inspirerend zijn. In juli en augustus zijn er veel concerten met Vamp en enkele soloconcerten voor mij in Noorwegen. Volgend jaar zijn er meer concerten met mijn soloproject.

En in de toekomst, andere projecten, terug met Bjorn of een Vamp plaat? Vertel eens
Er zijn nieuwe Vamp albums onderweg, maar niet dit jaar. Mijn vader, de motor van de band, brengt wel een soloplaat uit, waarop ik gearrangeerd, geproduceerd en gespeeld heb.
Met mij en Bjørn, ik weet het niet, zou leuk zijn om er ooit nog een met hem te maken!

Zijn er nog ambities of doelen die je zou willen bereiken (buiten de wereldheerschappij want dat wil iedereen inmiddels wel)?
Haha, ja ik weet het. Wereldheerschappij is nooit een van mijn doelen geweest, maar ik wil wel zeker mijn werk aan zoveel mogelijk mensen laten zien. Ik wil gewoon zo goed mogelijk interessante projecten doen, en dan zien wat voor leven die projecten maken.
Een van mijn doelen is zeker om mijn muziek en creaties naar een breder publiek buiten Noorwegen te brengen, want tot nu toe heb ik alleen in het Noors geschreven, en dat maakt het een stuk moeilijker om met mensen buiten Noorwegen te communiceren. Dus ik ga vanaf nu in het Engels blijven schrijven en iedereen die dat wil de hand reiken.

Wat heb je liever, grote stadions of clubs? En waarom?
Als ik naar concerten ga geef ik absoluut de voorkeur aan clubs. Ik hou van een intieme ervaring, en wat de intimiteit doet met de muzikanten, het geluid dat werkt in een kleinere ruimte en het publiek. Dat geldt ook voor het spelen. Maar ik moet zeggen dat ik als artiest ook graag in stadions optreed. Dat biedt gewoon andere mogelijkheden als artiest. Wat jij en het publiek samen kunnen doen en hoe je de liedjes en teksten op het publiek kunt projecteren.

Bedankt voor dit interview ? hopelijk tot spoedig live in Belgie

Picidae

Picidae - Ik denk dat je zou kunnen zeggen dat we graag de andere randen van onze perimeters opzoeken, of het nu gaat om scherpere geluiden, ritmische elementen of lagen trompet

Geschreven door

Picidae - Ik denk dat je zou kunnen zeggen dat we graag de andere randen van onze perimeters opzoeken, of het nu gaat om scherpere geluiden, ritmische elementen of lagen trompet

Het Noorse duo Picidae, een vertaling van spechten,  weet met hun magische klanken een rustgevende sfeer te creëren. Het duo bestaat uit zangeres Sigrun Tara Øverland - ze speelt de lier, autoharp en gitaar -, en Eirik Dørsdal die trompet, elektronica, kalimba speelt en trouwens de vocals voor zijn rekening neemt.
Met hun nieuwste album ‘A Stray Labyrinth’ komen o.a. invloeden uit het Midden Oosten boven, het is vooral een zeer filmische plaat geworden, dromerig, sprookjesachtig en bevreemdend.
Zo interessant dat we graag er wat meer wilden over weten. We hadden dan ook een fijn gesprek met Eirik en Tara, en polsten uiteraard naar de verdere toekomstplannen.

Kunnen jullie jezelf voorstellen?
Wij zijn Picidae, een duo uit Noorwegen bestaande uit Sigrun Tara Øverland op zang, lier, autoharp, gitaren en diverse andere snaarinstrumenten. En Eirik Dørsdal op trompet, elektronica en synthesizer.

Jullie muzikale stijl is deels dromerig, maar grijpt ook terug op folklore; waar haalden jullie de inspiratie voor de eerste plaat?
We spelen al vele jaren samen en zijn in veel opzichten een combinatie van alles waar we in de loop der jaren naar hebben geluisterd en gespeeld.
Tara:
Ik ben opgegroeid in een gezin waar ze veel Keltische, Amerikaanse, Chileense en Noorse volksmuziek speelden, naast renaissance. Als tiener speelde ik ook in een paar rockbands en luisterde ik veel naar progressieve en alternatieve rock.
Eirik:
Ik heb een improvisatieachtergrond en componeer in veel verschillende genres. De laatste jaren speel ik steeds meer traditionele muziek en heb ik samengewerkt met muzikanten uit Noorwegen, Japan en Arabische landen.

Ik ben een liefhebber van Noorwegen, Denemarken en Zweden, de Scandinavische landen spreken tot mijn verbeelding; vind je daar ook inspiratie voor je werk en waar?
Ja, zeker weten!
Tara:
Ik schrijf veel over de natuur en veel van de nummers op het laatste album zijn geschreven in Vesterålen, in het noorden van Noorwegen, waar ik zeven jaar heb gewoond. Er zijn liedjes over de bergen daar, gekke poolstormen en de poollente die nooit komt, een soort wachtspelletje.
Eirik:
Ik woon op een plek dicht bij de natuur, bossen, de zee en een grote tuin. In deze omgeving wordt veel inspiratie opgedaan voor muzikale expressie.

Op de tweede plaat 'A Stray Labyrinth' haal je inspiratie uit de Oosterse cultuur; kun je dat wat meer toelichten? Muziek uit het Oosten is nog steeds onbekend terrein in onze Westerse cultuur; wat was jullie grootste inspiratiebron binnen die cultuur, personen of gebieden of mensen? Vertel ....
We hebben allebei een interesse voor verschillende muziekstijlen van over de hele wereld, maar het is waarschijnlijk Japan dat de laatste jaren onze duidelijkste inspiratiebron is geweest. We hebben vijf keer in Japan getoerd en zijn nu hier op tournee. Deze keer hebben we zelfs een Japans instrument gebruikt, de taishōgoto. We hebben ook het podium gedeeld met een aantal Japanse artiesten en deze keer heeft Eirik zelfs samengewerkt met Japanse traditionele muzikanten.

Ik vind de combinatie tussen wat vreemde geluiden en zang, met een emotioneel tintje erg interessant, is dat een bewuste manier van werken, of komt dat allemaal heel natuurlijk?
De twee belangrijkste vertellers in onze muziek zijn de stem en de trompet, en ik denk dat we soms wisselen tussen wie het verhaal vertelt. Misschien is het live zelfs nog moeilijker om de stem en de trompet van elkaar te onderscheiden. Maar ik vind dat een heel belangrijk onderdeel van ons geluid.

Ik hou van je prachtige, hemelse stem, ondanks het licht dreigende (zowel in de instrumentatie als in de vocals) heeft de muziek een zalvend effect op mijn ziel. Is dit een bewuste manier van werken?
Dank je wel! En haha, ik vind het leuk dat we zowel hemels als dreigend kunnen zijn! We zijn maar met z'n tweeën en met een akoestische sound zullen we nooit erg luidruchtig zijn, maar ik denk dat je zou kunnen zeggen dat we graag de andere randen van onze perimeters opzoeken. Of het nu gaat om scherpere geluiden, ritmische elementen of lagen trompet.

Jullie balanceren tussen donker en licht; is het de bedoeling om met donker en licht te spelen in jullie muziek, of is dit ook iets dat vanzelfs groeit?
Muzikaal gezien zou ik zeggen dat het vanzelf gaat, maar de muziek wordt natuurlijk ook beïnvloed door de teksten. En de thema's in de teksten op dit album zijn zowel leven als dood, natuur en mensen. En het leven is zoals je weet alles, zowel donker als licht - en alles daartussenin.

Picidae slaagt erin om de liedjes kwetsbaar en ingetogen prachtig te vertolken zonder me in slaap te sussen; heel opmerkelijk, hoe doe je dat?
Wat een leuke feedback om te krijgen! Ik denk dat het een beetje aan het format ligt. We hebben allebei muziek gespeeld die luidruchtiger is dan de onze, maar we genieten erg van het feit dat we maar met z'n tweeën zijn. En we zijn niet bang om samen te spelen - of samen stil te zijn. Misschien gebeurt er iets als je ook stilte en pauzes toelaat, en niet een constante grote stroom van geluid.

Bespeel je ook traditionele instrumenten, ik krijg de indruk dat je instrumenten hebt gekozen die je alleen in het Midden-Oosten vindt, of zet je ons hier op het verkeerde been?
Ik denk dat we je daar een beetje op het verkeerde been hebben gezet. Of in ieder geval tot op zekere hoogte! Er staan twee oosterse instrumenten op het album: een shruti-orgel uit India en een taishōgoto uit Japan. Voor de rest zijn de instrumenten voornamelijk Europees en Amerikaans, de autoharp en de dulcimer geïnspireerd op Merlin komen allebei uit Amerika. En het soort staaltongtrommel dat ik gebruik is daar ook nog niet zo lang geleden uitgevonden. Maar alles komt ergens vandaan. De lier komt oorspronkelijk uit Mesopotamië, dat in het huidige Irak ligt. En hoewel er enige discussie is over de oorsprong van de gitaar, komt die waarschijnlijk ook oorspronkelijk uit deze gebieden. Dus misschien heb je toch gelijk!
Eirik:
Mijn belangrijkste doel in deze settingen is nog steeds om mijn eigen instrument te gebruiken, maar wel zoveel mogelijk aan te passen. Ik heb de neiging om te proberen te klinken als de duduk of de shakuhachi, of soms iets anders, misschien een andere stem of iets dergelijks.

Hoe zijn de reacties tot nu toe?
We hebben heel mooie recensies en feedback gekregen, zowel in Noorwegen als in het buitenland, en dat betekent echt heel veel. Muziek maken is in zekere zin iets privé, dus als je het de wereld in stuurt en mensen waarderen het, dan betekent dat echt het meest.

Gaan jullie op tournee? België en Nederland?
We hebben dit voorjaar in Noorwegen getoerd toen de plaat uitkwam en zijn nu op tournee in Japan. We hebben een aantal concerten gepland in Noorwegen dit najaar, en we hopen ook ooit naar België en Nederland te komen, maar het hangt er allemaal vanaf of er een plek is waar we kunnen spelen. Op dit moment denk ik dat het gebied waar we de meeste interesse voor hebben, maar nog niet getourd hebben, de Benelux is. Dus ik hoop echt dat we dat voor elkaar kunnen krijgen!

Wat zijn de verdere plannen?
Ik hoop dat we geen 8 jaar hoeven te wachten voordat ons volgende album uitkomt, maar aan de andere kant heeft niemand gepland dat er een covid zou komen tussen onze laatste release en deze, dus wie weet!

Ik vind jullie muziek ook erg filmisch … Is er een ambitie om iets te doen in de richting van film of theater of tv-series; jullie muziek past perfect bij een film uit het Midden-Oosten
We hebben eigenlijk allebei afzonderlijk muziek gemaakt voor film, tv en theater, maar niet samen. Een van onze nummers is ooit gebruikt voor een Volvo-reclame, maar een film uit het Midden-Oosten is een geweldig idee!

Wat zijn jullie belangrijkste ambities als duo en als muzikanten? Is er een doel dat jullie voor ogen hebben (buiten wereldheerschappij, wat iedereen inmiddels wel wil)?

Haha, ik denk niet dat we nog wereldheerschappij verwachten. Maar het betekent echt veel voor ons dat mensen onze muziek ontdekken en waarderen.

Bedankt voor dit gesprek, hopelijk tot snel 'on stage' in België
Hopelijk tot ziens!

Hatis Noit

Hatis Noit - Ik probeer me te verbinden met iemands herinnering, emotie of strijd. De meest persoonlijke herinneringen van andere mensen zijn naast de eigen ervaring en de natuur ook een bron van inspiratie voor mij.

Geschreven door

Hatis Noit - Ik probeer me te verbinden met iemands herinnering, emotie of strijd. De meest persoonlijke herinneringen van andere mensen zijn naast de eigen ervaring en de natuur ook een bron van inspiratie voor mij.

Hatis Noit is een Japanse avant-garde artieste die hier de ultieme cultuurschok veroorzaakte. Met haar stem bereikt ze ongekende hoogten, ergens tussen opera en onaardse schoonheid. Ze combineert het met puur theater en avant-garde invloeden; ze beweegt zich mysterieus over het podium. Een confrontatie met een onbekende wereld. De fantasieprikkelende act in combinatie met haar brede vocals, tussen een diepe grom en intimiteit, is zoet en demonisch. Dit optreden was iets aparts, onaards en magisch mooi.
Je kan de BRDCST recensie hier lezen
Na de show hadden we een leuk gesprek met Hatis Noit, over haar muziek, cultuur, het album 'Aura' en de toekomstplannen.

Kun je iets meer over jezelf vertellen, hoe is het allemaal begonnen, je inspiratiebron enzovoort?

Mijn naam is Hatis Noit, ik kom uit Utoro (Japan) en woon sinds 6 jaar in Londen. Ik heb onlangs een nieuwe plaat uitgebracht, maar ik geef de voorkeur aan live optredens, dat is mijn favoriete onderdeel van muziek.

Je muzikale roots gaan terug naar Utoro, Shiretoko, waar je tot je zesde woonde … Een onbekend terrein voor ons, kun je daar iets meer over vertellen en in hoeverre ben je geïnspireerd door je afkomst?

Utoro, Shirtoko is omgeven door prachtige natuur en wilde dieren. Die plek was en is een inspiratie vanwege de prachtige omgeving, waar je in een totaal andere wereld terecht komt. Overal waar je kijkt is het alleen maar wilde natuur, koud in de winter en prachtig in de zomer het is als een paradijs op aarde. We kunnen er niet eens zomaar op uit, vanwege de omgeving. Het is zo kostbaar. Ongerept en magisch, je vindt er elke dag inspiratie. Zelfs ik verliet mijn geboorteplaats als een jong kind, dus ik heb niet echt duidelijke herinneringen. maar ik herinner me op een of andere manier die sfeer. Het is niet echt een visuele herinnering, maar iets wat ik na al die jaren nog steeds voel.

In een interview heb ik gelezen dat je een cruciale ervaring had na je terugkeer naar Shiretoko als volwassene, kun je daar meer over vertellen?

Toen ik als volwassene terugging naar mijn geboorteplaats, verdwaalde ik in het bos. Ik probeerde een natuurlijke warmwaterbron in het bos te vinden. Toen ik verdwaalde was het net voor zonsondergang, het werd donker. Het is iets kritieks om 's nachts in het bos te verdwalen. Dus het was ook eng. Ik hoorde overal het geluid van wilde dieren, zelfs achter me. Dus ik voelde het gevaar, verdwaald te zijn in het bos. In zekere zin was het angstaanjagend, maar aan de andere kant was het een buitengewone ervaring omdat ik ontroerd en verwonderd was door de sfeer in het bos. Mijn zintuigen werden helderder, ik was echt ontroerd door het geluid van het bos, van het donker worden. Het was een bijzonder gevoel naast de angst die ik ook voelde. Meestal denken we dat de natuur een object is, iets dat we als mens moeten beheersen. Maar verloren in het donker, voelde ik me alsof ik een deel van de natuur was, dat zijn we allemaal, dat was een confrontatie met mijn innerlijke zelf, dat was heel inspirerend. Het geeft me echt energie, om muziek te maken. die ervaring.

In hetzelfde interview las ik tijdens je bezoek aan Lumbinī in Nepal, de geboorteplaats van Boeddha, je een andere inspirerende ervaring vond. Kun je er meer over vertellen?

Ik was 15 of 16 jaar oud toen ik Lubini in Nepal bezocht. Ik was daar met mijn moeder, zij gaf daar les aan Japanse kinderen. We bezoeken inderdaad de geboorteplaats van Boeddha.  We bezoeken er een tempel. Het is helemaal geen toeristische plek, het is allemaal heel rustig en eenvoudig. In de ochtend hoor ik wat geluiden van buiten de tuin. Er was iemand aan het zingen, het was zo mooi en ook heel origineel, dus ik wilde zien wie daar aan het zingen was. Ik vond daar een kleine ruimte, waar een non zat te zingen voor een beeld. Ik ontdekte dat het geen zingen was, maar een boeddhistisch gezang. Ze had geen instrument, maar gebruikte alleen haar stem om me omver te blazen. Het was zo'n sterke ervaring, technisch kun je haar een goede zangeres noemen, maar de emoties in haar stem waren zo sterk dat het me echt inspireerde om het ook op die manier te doen. Het was sterk genoeg voor mij om te beseffen hoe bijzonder de stem kan zijn als instrument, op muzikaal en emotioneel vlak.

Ik was op BRDCST diep onder de indruk van je stembereik, een operastem schreef ik erover, zoveel emoties samenbrengen... heb je daar een speciale opleiding voor gehad, en zou je graag opera willen doen, want volgens mij kun je het aan

Ik ben niet echt een getrainde zangeres. Ik hou gewoon van zingen, toen ik een kind was klaagde mijn familie omdat ik altijd te hard zong (ha-ha) maar sinds die ervaring in Nepal ben ik meer en meer bezig met die speciale stijl lokalisatie. En vooral de volksmuziek. Maar heel erg verbonden met de lokale cultuur. Ik ben zo nieuwsgierig naar zang in andere culturen, sinds die ervaring daar. Ik wil er op de een of andere manier meer van leren, en het een onderdeel maken van mijn liedjes. Maar het komt allemaal vanzelf.

De stem is ondanks alles nog steeds het mooiste instrument ter wereld, en je gebruikt het ten volle; met mijn gehoorprobleem hoor ik veel dingen niet, maar voel ze, er zitten zoveel emoties in je stem verborgen, waarvan ik niet kan uitleggen wat ze betekenen; komen die emoties voort uit persoonlijke ervaringen en welke?

Elke emotie die we 'voelen' in ons leven, is zo belangrijk. Naast de natuur is het voor mij ook een inspiratiebron. Soms is het inspiratie van mijn herinnering in het verleden, maar soms probeer ik me te verbinden met iemand zijn herinnering, emotie of worsteling. De meest persoonlijke herinneringen van andere mensen zijn ook een bron van inspiratie voor mij... Dus het is niet alleen persoonlijke ervaring. Die herinneringen, mijn eigen en van anderen, bevatten ook zoveel informatie. Om de herinnering aan emotie op te roepen en te reconstrueren. Dat is een belangrijk onderdeel bij het maken van muziek. Daarom vind ik het altijd leuk als mensen na de voorstelling naar me toekomen en praten over wat ze persoonlijk voelden en wat ze zich herinneren van de voorstelling. 

Wat ik ook leuk vond aan het optreden, is dat iedereen zijn eigen persoonlijk verhaal kwijt kan in wat je zingt. Ik herinnerde me inderdaad mijn eigen ervaring live, de mensen naast me deden hetzelfde, je maakte het persoonlijk voor elk van hen, dus dat is een bewuste keuze denk ik?
Persoonlijk beschouw ik muziek als een soort therapie. Dus hou ik vooral de betekenis van het nummer open door geen tekst op mijn muziek te zetten. Op die manier kan iedereen zijn eigen herinneringen en ervaringen en zijn eigen individuele verhalen voelen in dat lied, en ik denk dat het voorzichtig opgraven van iets in jezelf op een veilige plek voor een tijdje en er weer naar kijken een therapeutische manier is om jezelf te helen. Ik laat bewust ruimte in mijn liedjes om dat te laten gebeuren.

Wat me het meest aantrok in BRDCST is de fantasierijke act in combinatie met de brede, uiteenlopende vocals, tussen een diepe grom en intimiteit, is lieflijk en demonisch. alsof ze het pad bewandelt tussen donker en licht; is dat een bewuste keuze, hoe moet ik dat zien?
Ik zie het niet zo als 'donker of licht', het zweeft altijd tussen die twee in het leven. Het is nooit 100% licht of 100% duisternis. We leven daar ergens tussenin, we zweven daar altijd tussenin. Ik geniet van het spectrum tussen donker en licht. Dus ik wil het niet omschrijven als pure duisternis of puur licht, ik zweef er de hele tijd tussenin.

Er is ook de combinatie van Westerse Cultuur en Japanse Cultuur in je optreden. Is dat een bewuste keuze?
Ik doe dat niet echt bewust, het komt vanzelf. Het is gewoon dat ik de wortels waarin ik leef voor een groot deel van mijn leven kan wegduwen. Als ik naar Europa vertrek, heb ik echt moeite om me te vestigen. Ik voel me nog steeds niet echt thuis. Dus ik voel me nog steeds een vreemdeling. Maar als ik terugga naar Japan, voel ik me daar een vreemde, na zes jaar in Londen te hebben gewoond. Dus die combinatie of mix van die culturen is iets dat natuurlijk in mijn leven, en ook in mijn muziek geïntegreerd is.

Jouw optreden op BRDCST was voor mij persoonlijk het beste concert van het weekend. Het vinyl was erg snel uitverkocht
? maar ik ben blij dat ik de cd kon kopen. Vorig jaar bracht je een nieuwe plaat uit 'Aura'. Een adembenemend album dat me tot tranen toe bracht, van vreugde en verdriet, zwevend tussen licht en duisternis... Hoe waren de reacties op deze plaat?
Ik kreeg geweldige reacties op het album, het kostte me vijf jaar om dit album uit te brengen, en ik was zo opgewonden. Het was zo'n lange reis om er te komen, op het punt dat ik dit album maakte. Dus ik was erg blij met al die lieve woorden en reacties die ik kreeg op dit album. Want het' vertelt zoveel over mijn verleden en leven. Sinds ik dit album opnieuw heb gemaakt, heb ik meer kansen gekregen, het opent andere deuren. Om op zoveel mooie plaatsen te spelen. Niet alleen in Europa. Ik ga naar Mexico dit jaar, vorig jaar ging ik terug naar Japan om op te treden. Dus het opent echt wat meer deuren in mijn leven, dit naar buiten brengen.

Er is ook iets spiritueels aan dit album, Het nummer "Inori" (gebed), is letterlijk een gebed en offer voor hen die zijn heengegaan, en raakt aan de oorsprong van het zingen. Je wilde iets spiritueels maken?
Elke muziek die ik maak is op een of andere manier verbonden met iets spiritueels.  Dat lied is gemaakt voor de mensen die in Fukushima zijn overleden en de mensen die ik ontmoet als ik daar woon. De verhalen die ik van hen hoor. Op een of andere manier voelde ik me verloren, wat kan ik voor hen doen. Ik voel me zo machteloos. Als ik zie wat daar gebeurd is, en zij nog steeds worstelen met de situatie daar. Dus dat lied 'Inori' is een echt gebed voor die mensen daar. Het enige wat ik kan doen is muziek maken, dus heb ik dit lied gemaakt. Ik kreeg zoveel feedback op dit lied, ook in Europa. Elke keer als ik dat lied uitvoerde, bracht het veel terug bij de mensen die het hoorden. Niet alleen over Fukushima maar ook over elke andere mentale onzekerheid of ramp.

Wat zijn de toekomstplannen?
Veel shows, nieuwe liedjes maken, onderzoek doen naar grote stemculturen en hopelijk daar op bezoek gaan om ze beter te leren kennen!

Wat zijn naast de verdere ambities en heb je ook een soort doel dat je wilt bereiken of ben je daar niet mee bezig?
Ik heb geen bepaalde ambitie, maar ik hou van optreden en speel veel op het podium. en wat samenwerken voor de show vind ik ook erg leuk. Mijn belangrijkste ambitie is dat ik dit heel, heel lang kan blijven doen... het is niet echt een ambitie, maar ik doe dit gewoon graag, en wil dit blijven doen zolang het duurt' met andere artiesten, of culturen of wat dan ook.

Bedankt voor dit interview ?

Goezot in ’t Hofke 2023 - Opwindende roots

Geschreven door

Goezot in ’t Hofke 2023 - Opwindende roots
Goezot in' t Hofke 2023
Oud-Turnhout
2023-06-04
Ollie Nollet

Dit was reeds de negentiende editie van Goezot in't Hofke, een gezellig festival, ver weg verscholen in de Kempen en waar men het bier nog in een glas serveert. Ik was er nooit eerder maar dit jaar stonden er met Daddy Long Legs en GA-20 twee van de meest opwindende rootsbands van het moment op de affiche waardoor een kennismaking met Goezot niet langer kon uitblijven.

Verslag van dag drie van dit event
Eerste band die ik zag waren The Deslondes uit New Orleans, een groep die me in 2015 al op Leffingeleuren wist te bekoren. Hun swampy country-soul werd afwisselend gezongen door bassist Dan Cutler, akoestische gitarist Riley Downing en gitarist/pianist Sam Doores, wat voor de nodige afwisseling zorgde.
Intussen zijn zowel Downing als Doores een solocarrière begonnen, maar dat had gelukkig geen gevolgen voor het voortbestaan van de groep. Naast de knappe songs en de stemmenpracht was er ook nog een glansrol voor John James Tourville die enkele stevige gitaarsolo's en een paar knappe lapsteel interventies uit zijn mouw schudde.
Hoogtepunten waren er in overvloed. Het rockende en met de heerlijk zware en in Duvel gemarineerde stem van Riley Downing gezongen "Les honkin' more tonkin' (de titel is ook verkrijgbaar als bumpersticker), de samen gezongen Joe Tex-cover "Yum yum" en het slepende "South Dakota wild one" waren er maar enkele van.
Eigenlijk hebben The Deslondes vier zangers maar drummer Cameron Snyder was er niet bij. Toch mocht zijn vervanger tijdens het afsluitende "Run wild when you're young", een oud rockabilly nummer van Jimmy Jay, ook eens de vocals voor zijn rekening nemen.

Constantine & The Call Operators uit Helsinki brachten soulblues die te glad gepolijst was om op veel belangstelling te kunnen rekenen. Toch hadden ze met Konstantin Kovalev een fantastische zanger in huis terwijl de warme orgelklanken me af en toe deden opveren. Bekendste nummer was de Dionne Warwick-cover "Walk on by", hier in de onvergetelijke versie van Isaac Hayes en op de wei vooral bekend van "2 wicky" van Hooverphonic.
Maar voor de rest een set om snel te vergeten. Daar kon zelfs de bassist, een Keith Richards lookalike, niets aan veranderen.

We keken toch even verbaasd op toen Oakley Munson, gehesen in een niet geheel onberispelijk wit pak, plaatsnam achter de drumkit van Daddy Long Legs (New York). Toch was de drummer van de Black Lips geen verrassende keuze om de pas vader geworden Josh Styles te vervangen daar hij producer was van de laatste Daddy Long Legs plaat, ‘Street Sermons’. Hij leverde trouwens een prima job met, net als Styles, in de ene hand een maracas en de andere een drumstick.
Ondanks het vroege uur wist een enorm enthousiaste Brian Hurd in geen tijd het publiek voor zich te winnen. Het werd een verschroeiende set waarin hij als een razende tekeer ging op zijn mondharmonica en enkele keren ook behoorlijk wat indruk maakte op zijn resonator gitaar. Eigen werk ("Nightmare", "Harmonica razor", "Death train blues",...) werd afgewisseld met enkele opmerkelijke covers: "Ramblin' gamblin' man" van Bob Seger, "High flyin' baby" van Flamin' Groovies en een fenomenale uitvoering van Link Wray's "Fire and brimstone".
Naast dat briesende natuurgeweld zagen we ook nog een eerder bescheiden Murat Aktürk excelleren op gitaar en de nieuwe man, Dave Klein, rammen op de piano hoewel dat laatste net als in l'Aéronef een aantal weken geleden nauwelijks hoorbaar was. Uiteindelijk werden we compleet murw gebeukt met een uitzinnig gebruld "Motorcycle madness".

McKinley James is afkomstig uit Webster, New York maar woont reeds geruime tijd in Nashville. Op zaterdag had hij al drie setjes van een goed kwartier, tussen de optredens op het hoofdpodium door, mogen spelen op de Swamp Stage maar nu wachtte hem dus het grote werk.
Normaal treedt hij op in een trio bezetting maar hier was het gebruikelijke Hammond orgel niet te bespeuren zodat hij het enkel met een drummer moest zien te rooien. En dat was zijn vader, Jason Smay, die je zou kunnen kennen van Los Straitjackets of de JD McPherson Band.
Nauwelijks 21 is hij, maar aan maturiteit had hij alleszins geen gebrek. Met een soulvolle stem, die me meermaals deed denken aan een jonge Van Morrison, wisselde hij potige rock-'n-roll af met gloedvolle soulslijpers. Al even indrukwekkend als zijn stem was hetgeen hij uit de snaren van Annie Mae (zijn gitaar) kneep. Wat klonk dat soepel en swingend! Brian Hurd werd ook nog even op het podium geroepen waar hij nog maar eens op zijn mondharmonica mocht uithalen tijdens "Baby how long" van Howlin' Wolf.

Veel leek er niet veranderd bij GA-20 uit Boston sinds ik ze eind vorig jaar zag in Roncq buiten die extra kilo's dan, die Matthew Stubbs nu moet torsen. Het drietal gooide meteen de beuk erin met het wervelende "No no" om daarna meteen wat gas terug te nemen met de magistrale Lloyd Price-cover "Just because".
GA-20 brengt blues zoals je ze nog zelden hoort: gegoten in korte, krachtige songs en vooral zonder overbodige ellenlange solo's. ‘Blues klinkt vervelend’ is de meest gehoorde kritiek op het genre maar bij GA-20 krijg je gewoon de kans niet om het vervelend te vinden. Bij de jachtige Hound Dog Taylor-cover "Give me back my wig" was het zelfs serieus naar adem happen.
Die Hound Dog Taylor maakte begin jaren '70 al blues met een zekere punkaanpak en is één van hun grote voorbeelden. Ze maakten zelfs een plaat, ‘Try it...You might like it!’ met enkel maar nummers van hem waaruit we nog "She's gone", "Sitting at home alone" en het onvermijdelijke "Let's get funky" (punkier kan de blues bijna niet klinken) hoorden.
Slechts eenmaal werd ons wat rust gegund toen gitarist Matthew Stubbs en drummer Tim Carman het podium verlieten op zoek naar een Duvel en de andere gitarist, Pat Faherty, ons een RL Burnside interpretatie ten beste gaf. Maar daarna werd het adrenalinepeil opnieuw de hoogte ingejaagd en bleef het vonken regenen met als moment suprême een gitaarspelende Faherty die door het publiek liep en zo de boel nog wat meer opjutte.

Afsluiter was de Nick Moss Band featuring Dennis Gruenling, een collaboratie waarvan binnenkort een derde plaat, ‘Get your back to it!’, op Alligator Records verschijnt. Hedendaagse Chicago blues  met naast gitarist Nick Moss nog drie schitterende muzikanten: contrabassist  Rodrigo Mantovani, drummer Pierce Downer en toetsenist Taylor Streiff. Talent zat, maar dat zorgde niet meteen voor sprankelende muziek. De nummers werden veel te lang uitgemolken en de solo's leken telkens schier eindeloos. Gelukkig bood de exuberante mondharmonica virtuoos Dennis Gruenling, getooid in een beeldig The Cramps t-shirt, voor wat tegenwicht. Hij zorgde voor wat rock-'n-roll animo, zeker in die drie nummers die hij zelf mocht zingen of toen hij het gezelschap kreeg van McKinley James, Jason Smay en de onvermoeibare Brian Hurd met wie hij kon duelleren. Dat laatste was een mooi moment om afscheid te nemen van dit bijzonder aangename en meer dan geslaagde festival.

Organisatie: Goezot in’ t Hofke, Oud-Turnhout

dEUS

dEUS - Rauw en lieflijk, sjiek na 34 jaar!

dEUS - Rauw en lieflijk, sjiek na 34 jaar!
dEUS en Meltheads

dEUS mag in ons eigen landje een goddelijke band zijn, in het buitenland moet er een tandje worden bijgestoken. Net over de grens in Lille, N-Frankrijk, was de zaal net zo goed als vol, terwijl hier bij ons een handvol AB concerten snel uitverkocht waren. Nu, in Lille waren er een pak (West-) Vlamingen.
dEUS is back en weet pure emotie en dramatiek om te zetten in een fris, extravert, spannend geluid, een kleine twee uur lang rauw en lieflijk.

dEUS heeft nieuw werk uit, ‘How to replace it’, tien jaar na ‘The following sea’. Tussenin was er wel eens een setje van dEUS in een ‘best of’ te bespeuren, verder werd Barmans Magnus opgeheven, en is het jazzalternatief Taxiwars nog steeds in de running.
Het nieuwe album biedt niks nieuws onder de zon , het is een typische dEUS plaat geworden , die verdriet, bitternis en liefde, vergevingsgezindheid samenbrengt in vertrouwde, broeierige indiepop en – rock.
dEUS klinkt gedreven, meeslepend, dromerig, gevoelig. dEUS wil zich ‘live-e-lijk’ bewijzen als een bende jonge wolven. Gepassioneerd, scherp en gretig gaan ze te werk. Een goed geoliede machine. dEUS is met vijf en zijn terug in de bezetting met Mauro op gitaar, die zorgt voor meer diepte en grauwheid in z’n kronkelende, dwarse capriolen. Ook de drums durven krachtiger, harder te zijn.
Here we go was het startsein van Barman en C° om die emotie in een fris, avontuurlijk geluid te laten horen. Het recente werk staat centraal. De titelsong en de single “Must have been now” hebben een sterke opbouw en hebben het van gitaarintensiteit en rollende drums, gedragen door Barmans doorleefde grauwe (zeg) zang. Per song geraken de vocals gesmeerd en zijn ze wat fijnzinniger. 
De spanning houdt aan met het gekende “Constant now” en het rockende “Girls keep drinking”, ruw, snedig en fel. “The architect” is hoekig en laat een dansbare groove op ons los. De dansspieren worden aangesproken. De band klinkt levendig en opwindend . “Man of the house” uit de recente plaat en het oudje “W.C.S.” boeien door de onverwachtse, verrassende wendingen, met een vleugje experiment en een vocoderstem.
Sfeervoller, intenser, pakkender klinkt het met die tweede single “1989” en “Pirates”, het drumspel is wat subtieler, het gitaarspel intenser en de keys/piano/viool krijgen wat meer ademruimte; Barmans stem weet te raken . “Faux Bamboo”, de huidige single zet die broeierige lijn grotendeels verder.
Vertrouwd klinken ze vervolgens met het afwisselende, mooi uitgesponnen “Instant street” , sfeervol ingezet en noisy exploderend op het eind; “Fell of the floor, man” prikkelt en tintelt.
Het is de aanzet naar een close harmony op de afsluitende drie, het nieuwe “Simple pleasures”, eentje die live mag ingelijst worden door z’n repetitieve opbouw en gitaarerupties, het doorleefde “4 mains” en het broeierige, knetterende “Sun ra”.
Wisselend, onvoorspelbaar en vertrouwd dus klinkt dEUS ook in de bijkomende nummers, we kregen er een viertal, het innemende “Love breaks down”, een intrigerend mooi “Bad timing” en tot slot de herkenbaarheid met de opbouwende lagen van “Roses” en “Suds&soda”, die definitief de band uitwuift

dEUS is back en hoe, ook al laat de nieuwe plaat weinig aan de verbeelding over, live spreekt de muziek, met de muzikanten op het voorplan, in een sobere lightshow. Live een beleven, zoals het hoort. Puike set, pure klasse. Sjiek na 34 jaar bezig zijn …

Support was Meltheads, een kwartet jonge, hongerige wolven uit Antwerpen, die imponeren met hun intens strakke, snedige, rechttoe-rechtaan postpunk en garagerock’n roll. Ze vuurden hun krachtige nummers op rollende wijze af. Bruisend, opwindende setje van deze vier gasten.
Wat een uitstraling en evenzeer een live beleven, met hun doorbraaksingle “Naïef “ in de frontline.

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4935-deus-02-06-2023.html?ltemid=0
Eerdere review/pics
Set Ancienne Belgique, Brussel maart 2023 + Pics @De Casino, Sint-Niklaas
dEUS - God is in the house (musiczine.net)

Organisatie: Aéronef, Lille

Rose City Band

Rose City Band - Laidback country-eske psychedelica

Geschreven door

Rose City Band - Laidback country-eske psychedelica
Rose City Band + Rosali

Woensdag was Rose City Band, één van mijn favoriete groepen, voor het eerst in ons land. Een gebeurtenis waar ik al enkele jaren vertwijfeld op zat te wachten en nu plaatsvond in café De Zwerver, een ideale plek waar de afstand tussen artiest en publiek zo goed als onbestaande is en waar je altijd kan rekenen op een optimale klank.

Voor deze tour nam Rose City Band ook een speciale gast mee op sleeptouw: Rosali (Middleman), een zangeres uit North Carolina die opereert vanuit Philadelphia. Deze Rosali was me niet onbekend. Haar vierde en laatste plaat, ‘No medium’ uit 2021, was me in positieve zin opgevallen, vooral omdat ze werd opgenomen met de groep van de door mij bijna verafgoodde David Nance. Hier moest ze het zonder de David Nance Group doen waardoor ik de Crazy Horse-achtige sfeer van die plaat miste. Maar de songs hielden ook in deze kale uitvoering stand dankzij de innemende zang van Rosali. Haar begeleidend gitaarspel klonk rudimentair en werd, gelukkig maar, wat opgepimpt door de pedal steel van Zena Kay. Niet dat ze een beroerd gitarist zou zijn. Ze verdiende haar sporen trouwens als gitariste van Long Hots en maakte ooit deel uit van het elektrische gitaartrio Wandering Shade van de door mij mateloos bewonderde Kryssi Battalene. Hier hield ze het bij een spaarzame begeleiding en het was dan ook geen toeval toen de voltallige Rose City Band haar bij de laatste twee nummers kwam bijstaan haar songs plots een stuk beter uit de verf kwamen. Achteraf wist ze me te vertellen dat er nog een tweede plaat met de David Nance Group is opgenomen. Hopelijk laat ze zich ooit eens verleiden om met die bezetting naar Europa te komen.

Ripley Johnson volg ik al sinds hij Wooden Shjips (genoemd naar een nummer van Crosby, Stills & Nash) oprichtte in San Francisco (2007). Niet veel later begon hij met zijn vrouw Sanae Yamada een tweede project, Moon Duo, verhuisde hij naar Portland, Oregon om uiteindelijk in 2019 met Rose City Band een derde avontuur te beginnen. Bij die drie bands benadert hij de psychedelica telkens vanuit een andere hoek. Bij Wooden Shjips ging hij richting garagerock, noise en stoner, Moon Duo klonk dan weer heel wat poppier en bij Rose City Band introduceert hij een oude liefde, country. Hoewel ik (vooral) Wooden Shjips en Moon Duo ook al uitstekende groepen vond van wie ik ook verschillende optredens zag, schat ik Rose City Band net een trapje hoger in.
Hoewel Ripley Johnson zonder twijfel de voorman is van Rose City Band (op de platen speelt hij overigens het overgrote deel van de instrumenten zelf) stelde hij zich bescheiden achteraan op. Alsof hij een statement wou maken waarmee duidelijk moest worden dat zijn medemuzikanten even briljant waren als hijzelf.
En meteen werd ook duidelijk dat dit absoluut het geval was. Wat een schitterend stel muzikanten: pedal steel gitarist Zena Kay die blijkbaar Barry Walker moest vervangen, drummer Dustin Dygvig, toetsenman Paul Hasenberg en bassist Dewey Mahood die ik ken van zijn succulente soloproject Plankton Wat en die ook nog in tientallen andere groepen actief is of was.
De groep begon uiterst relaxed  aan een set die onloochenbaar niet de bedoeling had om enkel en alleen de laatste en overigens uitstekende plaat , ‘Garden party’, te promoten maar was samengesteld uit nummers evenredig geplukt uit de vier platen die ze tot nu toe gemaakt hebben. Zelf omschrijft Johnson zijn muziek als porch music en dat is zeker een rake definitie. Laidback countryeske psychedelica waarbij het heerlijk weg zwijmelen was. Gelukkig gebeurde dat laatste niet echt dankzij de sprankelende interventies van zowel gitaar, pedal steel als toetsen die trouwens telkens konden rekenen op een applausje als was het een blues of jazz optreden.
Vergelijkingen zoeken met andere bands lijkt zinloos, dit klonk zo uniek. Toch moest ik even aan Pink Floyd denken, meer bepaald ‘Echoes’, bij de klanken die Paul Hasenberg uit zijn piano en Mellotron toverde maar de man had natuurlijk zelf al de aanzet gegeven door een ‘Pink Floyd live at Pompeii’ t-shirt aan te trekken. De uitgesponnen jams riepen op hun beurt vage herinneringen op aan Jerry Garcia's Grateful Dead maar ook niet meer dan dat.
Het onvergelijkelijke Rose City Band sleurde ons zachtjes mee in een kosmische trip waaruit je niet wilde ontwaken. Daarbij kwamen details en wendingen naar boven die ik op plaat nooit opmerkte. Toch kan ik me inbeelden dat niet iedereen zomaar in extase raakte. Het onthaastende karakter en de aparte, wat mompelende zang van Ripley Johnson maakten het misschien wat minder toegankelijk. Maar eenmaal die hindernissen genomen, bereikte je het walhalla. Een set met niets dan hoogtepunten maar als ik dan toch moet kiezen: "Slow burn" en "Reno shuffle" hadden misschien een wat dwingendere drive.
Helemaal op het einde kwamen we nog te weten waarom het podium versierd was met vlaggetjes en ballonnen: een jarige drummer.
Na een vrij lange set kregen we nog twee toegiften van de groep samen met Rosali waarbij die laatste nog een eigen nummer mocht zingen. Dit was nog maar eens een concertje in Café De Zwerver die lang in mijn geheugen gegrift zal blijven.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

The Mystery Plan

Haunted Organic Machines

Geschreven door

De uit North Carolina afkomstige indie pop band The Mystery Plan heeft een nieuw album uit, 'Haunted Organic Machines', via het Amerikaanse boutique label 10mm Omega Recordings. Met hun achtste full-length album en 13e grote release tot nu toe, zit de band op een vertrouwd als nieuwer terrein, van spacey dance grooves tot spookachtige, stemmige droompop.
Songs als “Big Bliss”, “What A day” en het magisch mooie “Inner Space” zijn rustgevend. De hypnotiserende, bedwelmende soundscapes doen je lekker zweven.
Het is e toegankelijk poppy geluid in het dreamgenre, die een ruim publiek kan aanspreken. Belangvol is de open minded van een sprookjesachtige wereld die open gaat.
Soms durft de band wel lichtjes experimenteren. "Late Night" is er met groovende keys, vervormde drums, bas, elektrische piano en een sax vullen de melodie aan, bepaald door Amy's etherische stem; het versterkt het sprookjesachtige karakter.
"I Think I'm Granola" is er eentje met een dromerig levensverhaal, veel echo en terug die mooie zang. "Snow Queen" begint met een aanstekelijke bas groove, dan met flute, gedragen door die mooie overtuigende vrouwelijke vocals.
Het is een veelkleurige, sprookjesachtige sound die tot de verbeelding spreekt. Muzikaal van deugdzame gemoedsrust tot een dansbare groove. Een fantasierijke wereld wordt gecreëerd.
Je lekker laten meedrijven op hun sound is de boodschap!

Tracklist: big bliss 04:23 what a day(disco) 06:31 innerspace 02:57 late night 04:35 I think I'm granola 03:38 snow queen 03:24 what a day 03:36 holding my interest 06:43

Dreampop Elektronica
Haunted Organic Machines
The Mystery Plan

 

Pagina 130 van 963