logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Suede 12-03-26

Pukkelpop 2014 – zaterdag 16 augustus 2014

Geschreven door

Pukkelpop 2014 – zaterdag 16 augustus 2014
Pukkelpop 2014
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2014-08-16
Johan Meurisse

Op de afsluitende Pukkelpop hadden we ook een reeks interessante bands en artiesten aangestipt . Met Queens of the Stone Age had de organisatie een derde grote klepper, die de rock’n roll kon besluiten op de mainstage , verder een Portishead triphop ‘rewind’ in de Marquee en tot slot Calvin Harris , die kon het dansminnend publiek doen hunkeren naar Tomorrowland . Voor elk wat wils dus.

Ons parcours op dag 3
Op het vroege middag uur werden we opgezogen door de intense sound van het NYse Big Ups (Marquee). Hier versmelten bands als Schellac, Jesus Lizard, Pixies en … Slint ; inderdaad, in de rustige passages van hun overigens rauw , gruizige verbeten sound hadden we die broeierige  repetitieve loops van Slint . Het kwartet klonk gemotiveerd, energiek en gedreven. Big Ups intrigeert, bouwt op , explodeert en in de tempowisselingen was er soms muzikale gekte . Al meteen noteerden we een fijn jong bandje .

Ook het Canadese Pup (Shelter) moest niet onderdoen in hitsig, venijnig, heftig,  furieus materiaal als evenzeer frisse, heldere rock . Heerlijk genietbaar rollende songs, ondersteund door de meerstemmige zang , die ietwat kon overstuurd zijn door de opkomende schreeuwzang. Net als Big Ups had deze Pup heel wat in hun mars.

Een volle Club was er voor ons eigen Float Fall . Het tot kwartet uitgebreide duo hadden we al in het oog met het bescheiden hitje “Someday” , gevoelige pop met elektronica. Hun luistersongs zijn duidelijk beïnvloed door de donkere romantiek van The xx. Er was die  kenmerkende spaarzame, subtiel uitgewerkte geluidskunst en zangpartijen die etherisch als in een verteltrant zaten . De gitaarriedels en keys hadden een slepende ritmiek; blazers en een hoorn vulden de herfstige sound soms aan . Een trippende sound dus , die door de variaties een reeks spannende songs opleverde als “Little words”, “Hard time lovin you” , “Shiver “ en “Hearts”, naast die gekende single.

Evenzeer in het oog te houden zijn Little Trouble Kids (Wablief stage) , die intussen tot een trio zijn uitgegroeid. De rauwe intensiteit op z’n Kills krijgt door de percussie nog meer armslag, naast hun vroegere stompbox . Zwierig en levendig gingen ze te werk in de zompig doorleefde , ongepolijste rock, die roots’n’blues een goed hart toedragen. De DIY aanpak van hun charmant broeierig, stevig materiaal was bijgevolg meer dan de moeite!

Het Britse Glass Animals (Marquee) bracht ons in een bezwerende trance met hun aangenaam aantrekkelijke, prikkelende  indiegrooves, die de dansspieren aansprak. Een zweverige zang waaide over de sound heen . Ze klinken melodieuzer en gestroomlijnder dan Alt-J , Yeasayer en Animal Collective in het genre. We konden lekker dwalen op hun kleurrijk gegoochel.
Toegegeven, de gelijkenissen met Alt-J zijn nog treffender wanneer je Glass Animals live aan het werk ziet. De vierkoppige band maakt wel gebruik van het uitgebreide podium in de Marquee. Ze zijn alle vier ver verwijderd van elkaar, waardoor de samenhorigheid ver zoek is. Live wordt er veel meer gebruik gemaakt van effecten op de stem en muziek, ook de gitaar is opvallender aanwezig. De tent is aangenaam volgelopen wat de band even uit hun lood slaat, maar het werkt toch een set af die je in hogere sferen brengt.  Vlak voor hun laatste nummer “Pools” aanvangen lijkt het alsof de synthesizer het heeft begeven. Maar na enkele minuten sleutelen lukt het alsnog om een goeie set af te ronden. Volgende keer beter een klein podium waar de diepe pop/R&B beter tot hun recht komen. (dank aan Niels Bruwier)

Spijtig genoeg konden we op die manier maar deels het concert oppikken van Bill Callaghan (Club), die piekte in melancholie en ontroering . De sing/songwriter achter Smog gaf met z’n begeleiding een voortreffelijke set , een kruisbestuiving van roots/americana/country en dubs; Matt Kinsey nam een glansrol op zich door z’n gitaarpartijen en erupties. Callaghan voerde ons met z’n baritonzang nog meer mee in verdwaalde paranoïde , huiverende trips. In de goede veertig minuten kregen we een unieke weemoed te horen; hij perste z’n backcatalogue samen naast het nieuwe ‘Dream river’ incl. dubversie .

De pubers van Jimmy Eat World (mainstage) lijken nooit oud te worden, al viert hun tweede album ‘Futures’ dit jaar al zijn tiende verjaardag. Dit lieten ze ook blijken in hun set, met “Pain” als opener vlogen ze er meteen in. Daarna bleef het concert wat slabakken tot ze weer aan hun oudere nummers begonnen. Vanaf “Work” kreeg Jim Adkins de weide weer aan het dansen. Bij ieder nummer dat volgde zong het volledige publiek uit volle borst mee, hier maakte Jim dan ook dankbaar gebruik van. Wat volgde waren veel nummers van ‘Futures’. Afsluiters “The Middle” en “Sweetness” konden nog steeds op het meeste belangstelling rekenen. Zo zie je maar dat zelfs 13 jaar na ‘Bleed American’ ze nog steeds op hetzelfde succes kunnen teren. (dank aan Niels Bruwier)

Hemelse schoonheid hadden we dan van de Ierse sing/songwriter James Vincent McMorrow (Marquee). Zijn fraai gearrangeerde, gelaagde folky/rootspop kreeg nog meer elan door z’n fluwelen falsetzang (denk Bon Iver , maar dan zonder die overdubs). Heel veel druk werd dus gelegd op die vocals .  Onthaastingspop. Niet voor niks kwam hij voor de dag met een albumtitel als  ‘Post tropical’. Een goed musicerende band zagen we , waarbij ook de bassiste vocaal sterk voor de dag kwam, wat nog meer een mooie (na) zomerse avond kon prikkelen …

Op naar het gehypte FKA Twigs (Castello), die eerder al  een voorrondje speelde in de Bota. De jonge frêle zangeres Tahliatt Barnett koppelt haar soul/r&b aan loodzware, traag slepende, lome  elektronica, drum’n’bass en diepe grommende basstunes , die dwars door je lichaam trillen. Inderdaad een kruising van postdubstep ( denk James Blake), donker minimalisme (denk The xx) , beats op z’n Breakbeat Era en de spannende tripsoul van Massive Attack. De aparte sound huiverde en was donker , mysterieus en paranoïde; in de hoog vocale uithalen ervaarden we warmte en sensualiteit . Een hobbelig muzikaal parcours op z’n Paris-Roubaix.

De Britse songwriter Fink –aka Fin Greenall – (Marquee) trok ons moeiteloos mee in een bedwelmende  luistertrip. In de reeks opbouwende folkyrockende gitaarloops hadden we een klanktapijt van soundscape elektronica en talrijke effects. Een onderhuidse spanning creëert hij door de  introspectieve aanpak te laten aanzwellen , die op gepaste, beheerste wijze kon openbarsten. Z’n verleden als DJ verloochent hij hier niet en hij mag er misschien wat vervaarlijk uitzien, de charismatische man ontroert en overtuigt met die innemende pop. Songs als “Hard believer”, “Warm shadow”, “Perfect darkness” en het sober gehouden hypnotiserende “Pilgrim” klonken sterk .

Tourist (Castello) - Een recensie van een dj schrijven is niet het makkelijkste wat er is, maar Tourist is niet zomaar een dj. Het was zijn eerste concert ooit in België en qua populariteit kan hij niet klagen, de Castello stond helemaal vol. Hij maakt gebruik van een synthesizer en een drumstick om live zijn sound te bepalen. De Deep House dat het handelsmerk is van Tourist, komt live nog meer over wanneer hij zware drops maakt die perfect weergalmen in de tent. Maar Tourist beschikt niet alleen over dj-skills, hij heeft ook nog eens prachtige songs en een indrukwekkende lichtshow. Zo kon het publiek nummers als “Patterns” en “I Can’t Keep Up” wel smaken.  De set kon nooit eentonig worden genoemd en net op de momenten wanneer het bijna vervelend werd deed hij iets nieuws. William Philips was onder de indruk van het enthousiaste publiek en bedankte met een mooie foto die hij voor altijd bij zich zal dragen. (dank aan Niels Bruwier)

De Shelter stage had  twee interessante bands voor ons . Touché Amoré en Red Fang. Touché Amoré is al z’n derde plaat toe en bracht een verfrissende wind binnen de posthardcore; korte , kernachtige verbeten songs speelden ze,  op het scherpst van de snede,  onder de schreeuwerige zang van Jeremy Bolm.
Iets later hadden we het uit Portland afkomstige opwindende, dynamische Red Fang , vette, snedige, harde retrorock en stoner. Spannend bleef het alleszins door de talrijke tempowisselingen . Dit is een band die op ‘welkdanook’ rockfestival kan overtuigen.
Als Queens Of The Stone Age net iets te soft is, dan vormt Red Fang de perfecte oplossing. De Shelter is weer aardig volgelopen voor deze band uit Portland. Ja, er ontstonden moshpits en ja, er werd geheadbangd. Maar dat hoort er bij, de band kwam met hun laatste album ‘Whales & Leeches’ naar Pukkelpop afgezakt. Het metal-gehalte bij Red Fang ligt zeer hoog, mannen met baarden die met goeie solo’s schitterende muziek maken. Veel bier kon niet ontbreken bij de band alsook humoristische bindteksten. “Blood Like Cream” en “No Hope” waren zeker een hoogtepunt in de set. Iedereen die getuige was van dit concert kon alleen maar zeggen dat het goed was. “Prehistoric Dog” werd ingezet om af te sluiten waarna de zware gitaren bleven ronken, Chokri mocht blij zijn dat de tent nog rechtstond. (dank aan Niels Bruwier)

Intussen hadden we Brody Dalle (Club), vriendin van Josh Homme als we goed geïnformeerd zijn. Bon soit , al bij de eerste rocktunes konden we niet omheen het geluid, de looks en de stem van Courtney Love en haar Hole. De vroegere Distillers frontdame rafelt ruim 15 jaar later deze Hole terug op en brengt met haar band heftige melodieuze punk, grunge , rock en pop. Vooral in het begin klonk het nogal erbarmelijk en zat ze er vocaal naast , maar het beterde. Een handvol sterke levendige songs noteerden we , maar of ze evenveel brokken zullen maken als Hole, blijft totnutoe een open vraag … 

Enkele jaren terug zagen we hier een flets klinkende  Kelis, koel , afstandelijk  en routineus,  terwijl het anders kon met haar feelgood  r&b, soul en die aangename discotunes en beats. Kelis lijkt herrezen met het nieuwe ‘Food’ album , dat geproduced werd door Dave Sitek (Tv on the radio , Foals , …). Wat een return. Een volle Marquee . Deze keer waren we verrast en intrigeerde ze door de toevoeging van broeierige elektronica  , 70s organ, sax en diepe basses, gedragen door haar warme , sensuele stem. Ze kwam iets later dan voorzien op de stage, maar “Bounce” en “Trick me” waren al meteen twee sterke knallers. Ook “Jerk ribs” en“Friday fish fry” klonken aantrekkelijk en groovy door die mix van hiphop, soul , r&b, funk , jazz en pop, niet vies van een 50s tune op z’n Parov Stelars ... Af en toe kreeg ze nog de support van een tweede rapper .  Hoogtepunt blijft “Good stuff” en “Milkshake” die dus iets breder en minder heftig klonken, maar classics waren om de tent te doen ontploffen.

St. Vincent (Club) van Annie Clark is geen katje om zonder handschoenen aan te pakken . Zij was in deze set de Mauro van het avontuur . De eigenzinnigheid , de grilligheid, de experimentjes en de verrassende wendingen van  haar ‘hinkstapspringend’ materiaal was rauw, hoekig, messcherp, snoeihard en doordrongen van electro .  Op haar gitaar speelt ze de frustraties van zich af en freakt ze er op los. Een zoektocht naar toegankelijkheid. Allerhande schokkende, robotachtige pasjes kwamen erbij. Op het eind zagen we geniale losgeslagen gekte door de ziedende gitaarpartijen en de industriële noise .

Queens of the Stone Age - Opnieuw een topper waardig op de mainstage. Rock’n’roll in al z’n concepten of het nu stevig, broeierig, oude stoner of  ballad was . Josh Homme en de zijnen speelden een strakke, verschroeiende set en lieten maar af en toe het gaspedaal los. “You think I ain’t worth a dollar, but i feel like a Millionaire” ging al meteen over in het geweldige prijsbeest “No One knows”.  We wisten al meteen hoe laat het was . De band reeg de klassiekers aan elkaar, en die werden loeihard en zonder omzien op de festivalwei gejaagd.  Homme jutte zijn publiek op en liet hen opgaan in het kenmerkende Queens geluid van “My God is the sun” , “I sat by the ocean”, naar de funky pop van “If I had a tail” , “Make it with chu” , naar kleppers  “Little sister”, “Feel good hit of the summer” en “The lost art of keeping apart” . “The vampyre of time & memory” stond in voor een ingetogen moment met een Homme achter de piano . Het kookpunt werd bereikt met de genadeloze krachtstoten van “Sick sick sick” , “Go with the flow” en “A song for the dead” die mooi en smerig werden uitgediept. Verwoestende rock’n’roll . Heftig, spannend . QOSA speelde op scherp en trok zondermeer een dikke vette streep onder deze editie qua rockbands.

We vergeten zeerzeker Portishead niet. Het Bristolse trio Geoff Barrows (knoppenfreak), Adrian Utley (gitaar) en Beth Gibbons (zang) kwamen aandraven met een nieuw geluid,  triphop, medio de jaren ’90. Intussen kijken we reikhalzend uit naar een nieuw album, sinds hun return in 2008 .  Een bloemlezing van hun twintigjarige carrière kregen we, een huiverende trip die met de jaren strakker en straffer klinkt . Een intense, onderhuidse spanning ervaren we , die kippenvel bezorgt door die elektronicakronkels , verloren gewaand gitaargetokkel , scratches en drums , onder die declamerende vocals van Gibbons . De projecties op het achterplan waren subliem, ook de verborgen camera’s aan de zijkanten van hun instrumenten waren een creatieve vondst, wat hun sound nog meer kracht bijzette, en een aparte sfeer en stemming deed opborrelen . Af en toe gaven ze hun songs een  zwaardere  pulserende beat en draai .
Portishead slaat ons nog steeds met verstomming. Songs als “Mysterons”, “Sour times”, “Glory box”, “Threads” , “Roads”,  het reutelende “Machine gun” en het meesterlijke “We carry on”  staan na al die jaren nog steeds als een huis. Een sterke afsluiter in de Marquee dus. 

Tot slot Calvin Harris , waar elke dansfreak voor samentroepte aan de mainstage.  Nu kwam er heel wat volk uit de dance hall en  boiler room  om een dansavondje op z’n Tomorrowlands te beleven. Allerlei hitjes en eigen remixens verweefde hij moeiteloos aan elkaar en dweepte de massa op . Feestelijker kon deze editie niet worden besloten.
Tja, na de rockbands komen rond middernacht de ‘smiley‘ dansacts en DJs,  de vaste formule geworden de laatste jaren op elk groot festival .

Neem gerust een kijkje naar de pics van het Nederlandse Lowlandsfestival
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lowlands-2014/
Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pukkelpop 2014 – vrijdag 15 augustus 2014

Geschreven door

Pukkelpop 2014 – vrijdag 15 augustus 2014
Pukkelpop 2014
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2014-08-15
Johan Meurisse

Op deze Hemelvaartsdag konden we opnieuw terecht voor een rits interessante bands en artiesten op dag 2 Pukkelpop.
Parcours dag twee.
Jong en oud waren verenigd bij Drenge vs Thurston Moore . De twee jonge wolven van Drenge (mainstage) gingen er gretig en vol overgave tegenaan op het vroege middaguur met ruwe, rauwe, smerige garagerock’n’roll, die naar eind meedogenloos , slepend, explosief en destructief  klonken. Moeiteloos werd je meegezogen in de ‘Drenge’ poel van de twee broers, die teruggreep naar het oude Nirvana.  Schitterende start van de dag …
Niels Bruwier: Voor een grotendeels lege weide moesten de twee broers bewijzen dat hun grunge en garagerock ook op een groot podium tot zijn recht kon komen. Dit gebeurde deels wel, met opener “Face Like A Skull” demonstreerden ze meteen waar ze goed in zijn: met enkel een gitaar en een drum een sound creëren die net tussen Nirvana en The White Stripes ligt. Toch lukte het hen niet om de volledige weide mee te krijgen. Het podium was te groot en de sound was te eentonig. Toen het begon te regenen bleef er zelfs bijna niemand meer over. Dit lieten ze niet aan hun hart komen en toen er middenin de set van gitaar werd gewisseld werd het concert alleen maar beter. Met “I Want To Break You In Half”, “Necromance Is Dead” en “Bloodsports” waren er verschillende hoogtepunten. Afsluiter “Let’s Pretend duurde acht minuten, en het waren ook acht minuten van echte Rock n Roll. Zanger Eoin Loveless haalde voor de gelegenheid zijn beste geschreeuw boven. Mooie afsluiter van een set die tegelijk rommelig en strak was.
Masja De Rijcke: Deze post grunge band wist van jetje te geven en aangezien er geen massale opkomst was voor hen doordat zij een vroege shift draaiden was er aan enthousiasme van het publiek geen tekort. We zien jullie graag nog eens terug jongens!

Thurston Moore (Club) op z’n beurt zorgde voor een Sonic Youth rewind , net als in de midden jaren 80 , met lekker ontspoorde noisy songs . Hij had o.m. Steve Shelley , Debby Googe (My Bloody Valentine)  mee en dat weet je het wel , rauw, onversneden materiaal die avontuurlijke wendingen ondergaan , effectpedalen die ingedrukt blijven en boxen die onder hoogspanning staan . Het album komt in september uit , en zoals het nu klonk , kijken we hier toch sterk naar uit . In de nummers hebben we gitaarlagen over elkaar, heerlijk uit hun melodie ontrafeld en uitgesponnen; met de tekstvellen erbij of doodleuk instrumentaal. Chelsea Light Moving was al een Thurston in goede doen , dit is de overtreffende trap . De kaars van ‘Daydream nation’ knetterde …
 
Ook The National zorgde voor een stevig setje , snedig , strak en ‘zwart in het pak’ met eigenlijk niks anders dan prachtsongs die op de mainstage extravertie en emotionaliteit bevatten. Daarvoor hadden we een erg overtuigende band op scherp, met een frontman Matt Berninger, die op erg passionele wijze zijn publiek in een wurggreep hield . Wat een begeestering en devotie straalt hij uit rond z’n microstatief , beweegt van de ene naar de andere kant , dweept zijn band op en is tot slot bij zijn fans te vinden . En die band is ongenaakbaar en stuwt de temperatuur naar eenzame hoogtes . We werden meegezogen in die muzikale kolk , die door de blazerssectie nog intenser, kleurrijker en gevoeliger was . Een opvolging van onstuimig vertier zonder de melodie uit het oog te verliezen. Muzikale hoogstandjes dus!  Bij The National verandert water in wijn , van “Don’t swallop the cup”, “Bloodbuzz ohio”, “Mistaken for strangers” naar “Squalor victoria”, “Abel”, “Fake empire” tot “Mr November” , ”Terrible love”  of een intiemere “Slow show” en “ I need my girl” . Een uitermate sterk en bezield optreden van een band die hier de topacts van Rock Werchter naar huis speelde …  Onvoorwaardelijk respect voor The National!

Onder de indruk waren we evenzeer van War On Drugs en Kurt Vile & Violators (Club). Ok, samen zijn ze niet meer op het podium te zien, hoewel dat dit vandaag de ideale kans was , gezien ze op dezelfde stage stonden, wat dan ook gebeurde ... 
War On Drugs (Club) trok meer de kaart van die  aantrekkelijke rootsy psychepop van de laatste plaat ‘Lost in the dream’ . Adam Granduciel ontpopte zich als een meesterlijk songwriter , in de voetsporen van Tom Petty , Karl Wallinger’s World Party en  het oude Waterboys van Mike Scott .  De gitaar , keys , piano en drums  kregen voldoende ademruimte en tilden songs als “An ocean between the waves”, “Eyes to the wind” en natuurlijk de single “Red eyes” naar een hoger niveau . De  extra track “In reverse” namen we er al te graag bij! Klasse!
Kurt Vile heeft intussen met The Violators (Club) een prima band achter zich en zij speelden doorleefde broeierige ‘southern’ retrorock., waarbij we optimaal konden genieten van het gitaarspel van de heren met hun lange haren . Hun materiaal heeft een zekere verslavende werking en is een intens beleven waaronder het warme , boeiende “Girl called Alex”. Pur sang!

In onze ontdekkingstocht hadden we verder al vroeg in de morgen
The Bohicas in de Club. Vier Britse mannen die een geweldig potje indierock-‘n-roll speelden. “XXX” en “Swarm” waren de enige nummers die ons bekend in de oren klonken, en eigenlijk meteen ook de beste. Dit was voor ons één van de verrassingen en we hopen hen zo snel mogelijk terug te zien in België! (dank aan Masja De Rijcke).


De dames van het New-Yorkse Lucius (Club) maken dankzij hun samenzang heerlijke muziek. Ondanks het vroege uur was de tent toch aardig volgelopen. Op het podium vielen veel drums te zien, vijf stonden er op het podium met ieder zijn eigen drum. Hierdoor kreeg de folkrock zijn eigen sound die je het best kan vergelijken met Haim.  In het begin van het concert werden “Don’t Just Sit There” en “Wildewoman” gespeeld. Hierdoor werden meteen alle melodieuze nummers gespeeld. Dit zorgde ervoor dat het concert in een dal viel. De twee blonde zangeressen probeerden alles te redden door enthousiast heen en weer te lopen, tevergeefs. Al moet toegegeven worden dat het lijkt alsof hun stemmen samenkomen in één stem wat ervoor zorgt dat het niet saai wordt. Op het eind kwamen ze nog even uit het dal gekropen door met “Turn It Around” toch een mooi einde te breien aan hun wat eentonige set.
(dank aan Niels Bruwier)

De sing/songwriting van Nick Mulvey (Marquee) intrigeerde … Warme , innemende gitaarpop , gebaseerd op akoestische gitaarklanken en zijn indringende stem. De songs waren de moeite door de subtiele uitwerking van  de reeks instrumenten van zijn band , waaronder “Cucurucu”, die het geheel nog oprechter, eerlijker maakte . Deze Mulvey speelde een boeiend interessant optreden,  vroeg op de middag …  

De aangenaam onderhouden folky/americana pop van Boy & Bear (Club) kent zijn doorbraak met de huidige ‘Harlequin dream’ waarbij  het bescheiden hitje “Bridges “ één van de hoogtepunten vormt in het genre . Het kwintet heeft al een reeks een reeks interessante songs uit met een knipoog naar The Veils , die balanceren van sfeervolle ingenomenheid tot frisse vrolijkheid, “Old town blues”, “3 headed woman” en “Parttime believer”, gedragen door een subtiele samenzang. Dit is nu muziek die lekker klonk en niet verveelde!

We konden later nog iets meepikken van de donkere romantiek van Sharon Van Etten (Club) die ingenomen , weemoedig , bezwerend tot dwars klonk. En toch straalde de gitariste nabijheid en warmte uit; moeiteloos lieten we ons meedrijven op haar aparte dreampop.

Het optreden van Cage The Elephant (Marquee) begon met 10 minuten vertraging doordat de band te kampen had met technische problemen. Ze lieten dit weliswaar niet aan hun hart komen en met “In One Ear” en “Aberdeen” vlogen ze er meteen in. De microfoon van de zanger had soms nog te kampen met defecten waardoor je hem niet altijd goed kon verstaan. Naarmate het concert vorderde kwam de micro erdoor, hetgeen geen verdere defectjes met zich meebracht. Zanger Matt Shultz is een brok adrenaline die al snel zijn T-shirt uitspeelde, waarna hij bleef rondspringen op het podium. Toen Matt voor het eerst van het podium kwam om in het publiek te springen bleef hij daar rondlopen. Wanneer de gitarist naar beneden kwam tijdens “Come A Little Closer”, smeet hij zijn gitaar gewoon weg om alle frustraties weg te werken. Het orgelpunt kwam er met “Shake Me Down”, voor een laatste keer gaven ze zich volledig wat resulteerde in nog maar eens een crowdsurfende zanger. (dank aan Niels Bruwier)
Cage The Elephant heeft hun set in de Marquee mogen opvoeren. Omdat zanger Matt Shultz meer in het publiek stond dan op het podium , hebben we deze schoonheid meerdere keren van dicht kunnen bewonderen. Helemaal niet erg als je het mij vraagt! Hun songs moet ik jullie waarschijnlijk niet leren kennen maar “Take Me Down” heeft deze keer weer de hoofdvogel afgeschoten. Well done guys! We zullen jullie niet rap vergeten! (dank aan Masja De Rijcke)

Af en toe zorgde een plensbui voor meer verkoeling en werd de aandacht verscherpt, zeker bij de snedige retrorock van de Neanderthalers van het baardige , opwindende trio Kadavar (Shelter) , uit Duitsland btw! In hun strak gedreven potige ‘hardorck’, kregen de instrumenten voldoende ruimte; de gitaren konden gieren , de bas kon grommen en de drummer mepte er op z’n Animals op los . Een heftig stomende, genietbare 70s retrotrip zondermeer …
Niels Bruwier: Om de gouden jaren van Black Sabbath te herbeleven moest je in de Shelter zijn, waar Kadavar het beste van zichzelf gaf. De Duitse hardrockers deden hun naam alle eer aan en speelden muziek alsof het net uit een doodskist kwam. Met hun lange haren en baarden kon je maar moeilijk afleiden hoe ze er effectief uitzagen. De tent was behoorlijk volgelopen, hetgeen ook te wijten kon zijn aan de hangende regenbui. Hoewel ze de gitaar goed behandelden klonk ieder nummer hetzelfde, veel creativiteit werd er dus niet gebruikt tijdens hun set. Hun drumtoestel stond ook helemaal vooraan waaruit bleek dat ook de drum een belangrijke rol speelde. De drummer was ook zeer enthousiast en door volledig in alle nummers op te gaan met zijn weelderige haardos, had dit wel een leuk effect. “Doomsday Machine” was een van de enige hoogtepunten, het klonk veel strakker dan op plaat en kwam dus veel beter over live. Op het einde bleven de gitaarsolo’s komen en ontbrak het aan melodie waardoor het leek alsof ze in de jaren ‘70 waren blijven steken zonder enige nieuwe inspiratie.

Ook de psychedelische stoner van het Zweedse Truckfighters in diezelfde Shelter overtuigde sterk .  Het trio ging even gretig , gemotiveerd en vol overgave te werk als hun voorgangers , deden Kyuss opborrelen door de korrelige, slepende ritmiek , de broeierige intensiteit , de snedige tempowisselingen en de ruimte aan de gitaarriffs en de gortdroge, logge drums . Door die donkere ondertoon kwam zelfs Tool even aankloppen . Ook hier een heerlijke trip dat het stof deed opwaaien . 
Kortom, desertmusic is terug ‘IN’!

We hielden van de dromerige folkycountrypop vol ‘positive vibes’ van de Zweedse zusjes First aid kit (Club). Hun recentste ‘Stay gold’ wordt ongelofelijk veel op radio 1 gedraaid; “King of the world” en “My silver lining” zijn  twee prachtsongs, het toonbeeld van vocale harmonieën aan een klankpalet van akoestische gitaar, pianootje, steelpedal  en drums. “Love interruption” van Jack White kreeg een rockend jasje toebedeeld en tot slot “Emmylou” onderstreepte de stemmenpracht.  De zomeravonden zijn nog niet voorbij als deze zusjes langskomen … Fijn gevoelig dromerig setje!

Evenzeer klonk de lieflijke arty/folkyrootspop van het Britse  Wild Beasts (Club) van Hayden Thorpe en Tom Fleming mooi . Emotionaliteit creëerden ze door dromerige, broeierige , spannende songs die getuigen van finesse, subtiliteit en verrassende wendingen . Centraal werd de nieuwe plaat ‘Present tense’ geplaatst .
De falsetzang van Thorpe is een bepalende factor binnen de sfeerschepping. Hij kan soms hoog uithalen en wordt net op tijd opgevangen door de warme stem van bassist Tom Fleming; op die manier verglijdt het niet in een theatraal aandoende sound.

The amazing snakeheads (Castello), in ontbloot bovenlijf , brachten intense garagerock’n’roll. Na hun set tijdens Les Nuits Bota , wonnen zij hier rockende zieltje met hun overtuigende set …
Hun sluimerende gitaren en vrij donkere sound maakte hun set compleet. Ook het prachtige taaltje van zanger Dale Barclay mocht niet ontbreken. (dank aan Masja De Rijcke)

Balthazar
(mainstage) uit Kortrijk - Eén van de enige keren dat we hen dit jaar aan het werk konden zien. Ze kregen een mooi kans toebedeeld en hadden  de ‘time of their life’ . Balthazar draait rond de zangers/gitaristen/componisten Jinte Deprez en Maarten Devoldere, die elk een aparte zangstijl hebben; drie sterke groepsleden vervoegen hen en het is een band die op elkaar afgestemd is. De gretig spelende band had ingenieuze songs klaar en is niet vies van een grimmig dEUS randje , “Do not claim them anymore”, “Sinking ship” en het huiveringwekkende “Blood like wine”, die eindigde in een adembenemend kippenvel a capella outtro , zijn maar een paar voorbeelden . Balthazar is intussen groots geworden en dat kan maar door hun klasse …

Wat een comeback van Neneh Cherry, die
25 jaar terug van zich afbeet met haar debuut ‘Raw like sushi’ en ‘Homebrew’. “Buffalo stance” , ” Manchild” , “Inna city mamma” waren maar enkele krakers uit haar beginperiode . Verder waren er nog “Money love” , “Woman” en “7 seconds” met Youssou N’dour.  Ze mag nu intussen 50 zijn geworden , ze kwam na wel 17 jaar aandraven met ‘Blank project’ met de geluidskunstenaars van Rocketnumbernine , in de Castello. Nog meer dan op plaat overtuigen ze met die eigenzinnig nerveuze  als toegankelijk bezwerende trippy sounds. Cherry en haar begeleiding hielden je bij de leest door de intense spanning en kracht. Ze haalde er zelfs Robyn bij (later op de avond te zien met Röcksopp), een uniek samenzijn op “Out the black”. “Buffalo stance” werden in een vernieuwd jasje gestoken .  Sterk !

We zijn trots op onze Belgische bands. The Hickey Underworld (Wablief stage) heeft dit weer eens bewezen. Tijdens de nummers “Blonde Fire” en “Future words” kon ik alleen maar denken aan het feit dat ik trots mag zijn om Belg te zijn. Het was een wervelende show met alles erop en eraan. Een feest zoals deze wil ik zo vlug mogelijk opnieuw meemaken. Go Belgium! (dank aan Masja De Rijcke)

Op de mainstage trok de jonge sing/songwriter Ed Sheeran een even jonge volkje naar zich toe; stem en akoestische gitaar deden het , samen met de vooraf opgenomen gitaartunes en vocals. Hij is nog maar toe aan z’n tweede plaat en palmde eigenlijk – moeiteloos en alleen - de grote wei in. Hij entertainde z’n publiek met die formule en hij zorgde door vier grote gigantische schermen achter zich , met beelden van de performer en zijn publiek , dat zij nog dichter bij elkaar stonden en een ‘band’ – gevoel creëerden .
Wat een présence noteerden we door die wisselwerking; een uitermate boeiende set van opbouwende rocksongs en ballads, gedrenkt in zijn zang en rapzang. “Lego house”, “Give me love”, “You need me , i don’t need you”  zijn er al drie waar hij variaties instak . Hij en zijn publiek werden één en dat voelden we nog duidelijker aan de closing final “A team”; “I see fire” en “Sing” . Je moet het maar kunnen. Hij is groot geworden , die jonge Sheeran, die al instond voor Taylor Swift en de credits van de tweede Hobbit film .

Tot slot waren  Macklemore & Ryan Lewis (mainstage) niet te stoppen . Een hitmachine die natuurlijk de jongeren aanspreekt . Na Couleur café vorig jaar, zijn deze heren nog niet op de achterbank geraakt . Integendeel ook hier gaat performance, glitter & glamour , acts, muziek en publiek samen ...“Can’t hold us”, “thrift shop …Tja , je moet er voor zijn , maar duidelijk was dat het feestweekend verder kon worden ingezet.

We waren tevreden van die gevarieerde tweede dag , met talloze verrassingen.

Neem gerust een kijkje naar de pics van het Nederlandse Lowlandsfestival
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lowlands-2014/
Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pukkelpop 2014 – donderdag 14 augustus 2014

Geschreven door

Pukkelpop 2014 – donderdag 14 augustus 2014
Pukkelpop 2014
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2014-08-14
Johan Meurisse

Pukkelpop
kreeg (opnieuw) terecht het bordje uitverkocht . Pukkelpop maakte na al die jaren z’n naam van driedaagse airshow meer dan waar: eigentijdse, opmerkelijke en progressieve muziek. De organisatie heeft een prachtige variatie klaargestoomd over de drie dagen , een lijst namen van beloftevolle ontdekkingen, gevestigde waarden en een rits artiesten en bands die de Belgische trots uitdragen in de Wablief?! en op de andere podia.
Tja niet voor niks is hun logo dit jaar ‘You’re being part of PKP#14 …’
Kleurrijk wordt het festival ingedeeld door de dance acts en dj’s, die qua belangstelling op de rockbands en artiesten steeds meer winst maken en het publiek naar zich toetrekken.  De beats halen het meer en meer dus … De terreindecoratie, de randanimatie, de kermisattracties, de immense diversiteit van eet- en drankstandjes en het ecologisch bewustzijn sieren het geheel. Respect!
Een fijne affiche van ‘voor elk wat wils’ en ‘voor alle leeftijden’, verspreid over de drie dagen om je ‘alternatieve’ ei kwijt te kunnen … de jonge freaks en de doorwinterde liefhebber zijn bijeen en konden hun muzikaal hartje ophalen …
Een uitverkocht festival – Ideaal festivalweer , zon of geen zon - Geen stress van de vorige dagen toen de Clubtent instortte – Een gevoel van samenhorigheid, de selfies met Chokri en Uiterst genietbare muziek.
Kortom,
Pukkelpop heeft een meer dan geslaagd weekend achter de rug. Er waren elke dag 66000 festivalbezoekers . De 30ste editie lonkt …

Een overzicht van ons parcours


dag 1 – donderdag 14 augustus 2014
Heel wat bands zagen we die de dansspieren aanspraken. In die reeks was het Zuid-Afrikaanse Die Antwoord op de mainstage diegene die de meeste bijval had, met hun onrustige, hyperkinetische, energieke , opwindende , beukende en trancy neurotische beats’n’sounds van DJ Hi-Tek en de afwisselende, op elkaar afgestemde vocals en raps, vlijmscherp van Ninja en de frêle, orgasmatische van Yo-Landi.
Zij staan ook bekend voor hun ranzige videoclips.  “Pitbull terrier”, “Cookie thumper”, “I think you’re freaky …” sloegen in als een bom en zijn er al 3 die in het geheugen gegrift zijn.
De drie traden op in een oranje fluorescerend trainingspak, geflankeerd door twee zangeressen. Al gauw hitsten ze het publiek op . ‘Fuck your rules’ scandeert Ninja, die totaal opgaat in de bruisende set.  Het mag misschien platjes klinken en muzikaal weinig om het lijf hebben, plezierig, dampend , sexy was het wel. Een Major Lazer populariteit is nog wat veraf , maar hier viel toch een volle weide te noteren waar iedereen graag uit de bol ging! Was dit een vulgair daverend feestje? Ja hoor! En één die we niet rap zullen vergeten. (dank ook aan Masja De Rijcke)

We hadden het beloftevolle Mo, te situeren binnen de  electrorock, die qua taal soms niet moet onderdoen van Die Antwoord . De Deense Karen Marie Orsted steekt in haar toegankelijke sound diepgang en klinkt zelfs gewaagder door  de vleugjes hiphop , soul  en pop , waardoor  ze een intense spanning behoudt in haar materiaal . Het koel Scandinavisch geluid, niet vies van wat Knife invloed , beklijft en intrigeert . De Deense had heel wat belangstelling in de dance hall .

Of een Clean Bandit (dance hall) , (die net als Ella Eyre iets later) er een luchtige dansbare sound van maakte. Samen met twee zangeressen én met live instrumenten (waaronder viool en cello) wordt drum’n’bass, soul en funk toegevoegd. We ervaren een discothequegevoel en voelen nog de vakantie door de ontspannende, zomerse tunes . Ze komen aardig in de buurt van Rudimental . Closing final van hun summer vibes waren Robin S‘ “Show me love” en hun feelgood single “Rather be”  met die leuke vioolpartijtjes.

We pikten in het genre ook nog Say Lou Lou (Marquee) op die in de voetsporen traden van Chvrches. Hun debuutplaat moet nog verschijnen . Onschuldige aantrekkelijke 80s synthpop , die zich niet direct onderscheidt, maar waarbij een paar aardige groovy singles als “Julian” en “Everything we touch” overtuigden.

Een volle Castello hadden we voor Jungle , die hun mishmash aan stijlen (pop, soul , funk , disco, nightclubbing, …) glad en toegankelijk speelden en hun publiek in trance brachten. Het collectief , gerund door twee heren, zijn live een heuse band met ritmesectie, percussionisten en twee achtergrondzangeressen . Tijdens Les Nuits Bota waren ze nog maar net bekend , maar nu zijn ze één van de hypes van het moment . Muzikaal heeft hun materiaal steeds wel  diezelfde groove en basstune, gedragen door meerstemmige zangpartijen, en worden we meegesleept in een aangenaam dansclubsfeertje. “Time” en “Busy earnin’ “ waren alvast twee kleppers .

Iets later is er feest door het uitgebreide collectief van een pak artiesten , Atomic Bomb! (Marquee) die een eerbetoon brachten aan Willliam Onyeabor , een vergeten Nigeriaanse zanger . De wereldmuzikant kwam vanavond in de spotlight en de eerste world tunes, naast de synths , disco en funk , hoorden we. We hadden o.m. Alexis Taylor van Hot Chip, Luke Jenner van The Rapture , Marie Daulne van Zap Mama, Money Mark (vroegere Beasties) en ga zo maar door . Ook Young Fathers waren hier te zien.  Een zinderend optreden van hypnotiserende afrotunes. Sterk!

Tegen de avond namen we even een kijkje in de Shelter waar August Burns Red hun show op ons afvuurde. Een Amerikaanse metalcoreband. Niet voor gevoelige luisteraars dus. Als je zin had om even alles kapot te slaan wat zich te dicht in uw buurt begaf stond je daar wel op de juiste plaats. (dank aan Masja De Rijcke)

Outkast (mainstage) was één van de eerste top-acts die na jaren van onder het stof werd gehaald. Net als Gangstarr gingen zij creatief met ‘oldskool’ hiphop en waren ze te zien met twee backing vocalistes en een bassist.  Beetje verbaasd van de grote belangstelling blijven ze na al die jaren nog steeds sterk gerespecteerd. André 3000 en Big Boi – in gekke outfit – probeerden het publiek bij de set te betrekken , enkele jonge meisjes konden het podium op. Singles als “Ms Jackson” “Roses” en “Hey ya!” deden de nostalgie opflakkeren, maar echt veel om het lijf had het niet.

Editors (mainstage) van Tom Smith maakte de link van hun oudere werk en het nieuwe waarop keys en beats hun broeierige waverock onder druk zette. Een dwarsdoorsnee van hun oeuvre hoorden we van een gretig spelende band en een zanger vol overgave . Editors bezorgt ons (nog steeds) een aangenaam avondje. “Munich, “An end has a start” en “All sparks” zetten de toon. Het op gepaste wijze stoeien met keys ontgoochelde niet . Net als op Rock Werchter houdt het  Pukkelpop publiek van hun Editors . “Racing rats” en “Smokers outside hospital doors” klinken nog even snedig en fris . En solo ontroerde Smith  de ganse weide met o.m. een innemende “No sound but the wind”. Knap wat de band nog verder presteerde en naast “A ton of love” dompelden ze het zwierige “Papillon” meer onder in gitaren . Editors mag dan al veel keer te zien zijn geweest , echt routineus haspelden ze hun set niet af , en dat konden we ten zeerste waarderen.

Verder pendelden we in de PP ontdekkingstocht naar beloftevolle bands , die het festival sieren. Opende bands op het vroege uur waren  St. Lucia (Marquee) en American Authors (mainstage), synthrock en rock’n’roll, die werd opgezweept door kenmerkende Bastille singalongs en percussie . Ze slaagden in hun missie om het publiek in de juiste stemming te brengen . Tja niet voor niks is één van de hitjes van American Authors “Best day of my life” …
.
De enthousiaste bende van St. Lucia zorgde er meteen voor dat de vroege vogels zich in tropische sferen voelden. De elektronische indiepop werd door het publiek goed bevonden waardoor er niemand in de tent stilstond. Met “Closer Than This” als tweede nummer werd al meteen een hit gespeeld van het eerste album. De toon werd meteen gezet voor een gezellig optreden. De zon kwam zelfs even piepen waardoor het concert, letterlijk en figuurlijk, alleen maar heter werd. Afsluiter “Elevate” deed iedereen nog voor een laatste keer springen waarna de band, die zwaar onder de indruk was van al de mensen in de tent, nog voor een laatste keer bedankte voor het enthousiasme. (dank aan Niels Bruwier)

Het Australische Vance Joy (Marquee) rond James Keogh viel op met bezwerende, licht dromerige semi- akoestische folky/americanapop. Het debuut verschijnt pas in september , maar Vance Joy heeft met “Riptide”  een sterke single uit . De popsongs zijn misschien nog niet allemaal even boeiend , maar ze zijn subtiel uitgewerkt en sterk emotioneel .

De sing/songwriting van de studentikoze Dan Croll (Club) integreert met songs als de single “From nowhere” heel wat aangename, aanstekelijke grooves.
De zanger die afgestudeerd is aan de door Paul Mccartney opgerichte Liverpool Institute for Performing Arts maakte dus een goeie indruk. Zelf slaat hij een brug tussen Bastille en The Whitest Boy Alive. Als echte frontman zorgde hij met zijn gezellige indiepop voor een aangename sfeer. Ook het publiek keek goedkeurend, iedereen werd gelukkig van zijn muziek. Zijn hoge stem zorgt ervoor dat de muziek zeer gezellig in de oren klinkt. “Compliment Your Soul” en “In/Out” waren zeer ophitsende nummers die live goed overkwamen . “Can You Hear Me” en “From Nowhere” zorgden er dan weer voor dat de zware gitaren boven gehaald werden, in het gezelschap van enkele goeie solo’s. Afsluiter “Home” klinkt helemaal anders dan zijn vorige nummers, het klinkt typisch singer-songwriter: een idyllisch einde. (dank aan Niels Bruwier)

The Strypes (mainstage) op hun beurt zijn één van de opkomende bands binnen de  garagerock’n’roll.
Deze jonge knapen speelden een daverende set met een paar stevige gitaren en een tikkeltje arrogantie. Hun eerste nummer “Mystery Man” was meteen een schot in de roos en de daarop volgende nummers hebben er voor gezorgd dat het publiek geen minuut kon blijven stiltaan. Dit was een potje stevige rock and roll en in coolness overtuigden ze na Rock Werchter opnieuw en kunnen ze dus een pak fans bijwinnen (dank aan Masja De Rijcke) …

Young Fathers (Castello), deels uit Schotland btw!, is een nieuw talent die hiphop een frisse wind biedt met een geluidsarchitectuur op z’n TV on the Radio . In een donker decor gaven zij een even donker geluid , dat verrassende , grillige wendingen onderging. Hun bezwerende en opzwepende beats gaven een zicht op hun muzikale rijkdom, naast de goed op elkaar afgestemd zang en raps. Een  boeiende set dus door die bredere kijk, die een intense, broeierige spanning creëerde; warm aanstekelijke songs hoorden we , “Deadline”, “Queen is dead” en “Rumbling naast het meesterlijke “Get up”.

Perfect Pussy (Marquee) , de groepsnaam en de opgebouwde fantasie terzijde gelaten , is één van die experimentjes in de voetsporen van Rolo Tomassi, Be your own pet en Bikini kill; we hebben het dan over ontregelde, ontspoorde noiserock en hardcore/punk , die zelfs totaal geschift kan zijn. De heren zetten de boxen onder hoogspanning met hun gitaren, elektronica, drums en drukten met plezier hun effectpedalen in; de zangeres , in een soort  elfenkleed, schreeuwde gevoel en frustratie van zich af .  Terreur noise, die je best niet zoekt op het internet of je komt nog meer … tegen dan in de film ‘From dusk till dawn’ …

En in onze tocht hadden we nog meer mooie muzikale paden. Een volle Club hadden we voor het Ierse talent Hozier, die we nog wat konden zien. Hij was enorm onder de indruk van de respons op z’n emotievolle pop/gospel/soul/blues. De single “Take me to church” is er eentje om te koesteren , net als de “One thing” cover. Die Hozier houden we zeerzeker in het oog , want songs als “Someone new” en “Like real people do” boeiden en staken  écht goed in elkaar. Veelbelovend!

Belgisch werk in de Wablief, het beloftevolle The Spectors die pop, indie en shoegaze in elkaar konden verweven . Ze hebben een sterke single uit “Nico” , die natuurlijk warm  werd onthaald . In de eerste songs was de band nog wat onwennig, maar de stress ebde weg en de band speelde vol vertrouwen . Hun  zalvende dreampop op z’n Lushs kreeg dan een extraverte push door een rockend concept en de beheerste input op de effectpedals . Een opstelling van het vroegere Eden op het podium was niet vreemd .

Oscar & the Wolf
(Marquee) rond Max Colembie is erg populair op korte tijd geworden,  en terecht , gezien deze band duidelijk , met hun hemels dromerige, zweverig toegankelijke theatrale indiepop, door de bezwerende beats, een zorgeloze mood toveren. Hij
plaatst je in een aparte droomwereld  van palmbomen en glitters en breidt er zelfs een leuke, overtuigende act aan , wat het materiaal naar een hoger niveau tilt, van een “Joaquim”, “Somebody wants you” naar een “Strange identity, “Undress”, “Killer you” en een prachtig uitgediepte versie van de single “Princess” met heel wat confetti. Tja, na een overtuigende Rock Werchter  en Pukkelpop gaat de band een mooie toekomst tegemoet op de andere festivals en in het clubcircuit … 

The Kyle Gass Band (The Shelter) -
Bij gebrek aan Jack Black moesten we het maar met Kyle Gass doen. Zonder ook maar één nummer van ‘Tenacious D’ te spelen werd dit concert toch een onvergetelijk concert. Met opener “Manchild” werd er meteen gerockt zoals dat enkel te verwachten valt van een rockband uit de jaren ‘70. Een opmerkelijk feit is dat Kyle Gass zelf maar enkele nummers zingt, ook in zijn eigen band rekent hij op een andere zanger John Konesky. Kyle Gass zorgt toch mee voor de sound van de band, door op geheel eigen wijze het publiek op te jutten. De samenzang van Kyle en John zorgt voor een treffende gelijkenis met Tenacious D. Kyle Gass heeft nog een geheim wapen bij zich: een blokfluit. Hiermee doet hij veel solo’s waardoor het publiek nog meer werd opgehitst. Het concert was zeer rockend, met telkens een rustig begin en daarna hun typerende gitaarsolo’s. Volgend jaar Tenacious D? (dank aan Niels Bruwier)

We vergaten de sierlijk hemels bezwerende retrostonerrock van Temples (Club) niet waar je zalig kon op wegdromen . De jonge gasten, krullenbollen en lange haren, pasten ideaal in het plaatje. Net als Tame Impala was er aandacht voor die fijne, subtiele psychedelische geluidjes en bleeps , zonder zich te verliezen of overdreven in het genre  te klinken. Songs als “A question isn’t answered”, “Move with the season”, “Shelter song” en de titelsong van hun plaat “Sun structures” waren  live nog sterker en interessanter.

De bruine rock’n’roll van Black Lips (Club) sloeg een brug tussen James Dean en The Clash
Het leek alsof ze nog maar net uit de garage kwamen.  Geen enkel nummer duurde langer dan twee minuten. Meer hadden ze niet nodig om bij ieder nummer het volledige publiek aan het headbangen te krijgen. Ja, er werden zelfs moshpits ontwikkeld die je enkel in The Shelter zou verwachten. “Modern Art” en “O Katrina!” vormden een hoogtepunt, het klonk ook heel wat steviger dan op plaat wat het publiek wel kon smaken.
De beste zangers zullen ze nooit worden en dan kwam er nog eens bij dat het nagenoeg onverstaanbaar waren. Dit werd dan weer gecompenseerd door stevige gitaren en een drummer die zo hard sloeg dat zijn drum het bijna begaf.  Afsluiter “Bad Kids” zorgde met een optimistische melodie voor een meezingmoment in de Club. (dank aan Niels Bruwier)  

Tot slot na twintig jaar konden we terug genieten van de dromerig hemelse shoegaze van Slowdive (Club), die meteen deed denken aan begin 90s Ride, Swerverdriver en Loop . Na Primavera en Best Kept Secret waren zij nu op Pukkelpop. Zij waren in de beginjaren 90 één van die goed bewaarde muzikale geheimen in het genre; net als Temples was het feedbackgeraas uitermate beheerst en was het mooi verweven in hun bezwerende,  meeslepende sound , die op die manier zijn schoonheid verried; net als bij de huidige sound van de postrockers Mogwai dweept en explodeert Slowdive lichtjes. “Slowdive” , “Catch the breeze” , “Souvlaki” en “Golden hair” waren hier de interessantste nummers. Slowdive bracht een heerlijk genietbare , overtuigende trip en  backcatalogue.

Alvast hebben we genoten van een fijne eerste Pukkelpopdag …


Neem gerust een kijkje naar de pics van het Nederlandse Lowlandsfestival
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lowlands-2014/
Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pascow

Diene Der Party

Geschreven door

Meer dan 16 jaar al bestaan ze, de punkers van Pascow maar versleten zijn ze lang nog niet.  Dat bewijzen ze met verve op ‘Diene Der Pary’ hun vijfde fullalbum.  De Duits gesproken punkrock klinkt lekker fris, strak, snel en enorm catchy in de oren.   Pascow bezit duidelijk de kunst om snedige punktracks te schrijven! Luister maar naar de gedreven opener  Die Realität ist schuld, dass ich so bin“, „Im Raumanzug“ en „Unten Am Fluss“. 
Het viertal uit Saarland bewandelt daarnaast op Diene Der Pary‘ook ietwat andere paden, luister maar het zeer dansbare „Castle Rock“ en het aan Weezer-schatplichtige „Smells Like Twen Spirit“.  Pascow toont met dit album aan tot de Duitse punkelite te behoren!

Johnny Cash

Out among the stars

Geschreven door

Een goede tien jaar na zijn overlijden werden onder supervisie van zoon John Carter Cash een dertiental nummers gerestaureerd en afgewerkt . Het zijn banden van twee opnamesessies uit de eerste helft van de jaren 80  met de toonaangevende Nashville producer Billy Sherrill. De toen nog levende countrylegende brengt met z’n begeleidingsband een reeks leuke , frisse zwierige  songs , in volle vocal glorie, die nog niet meteen dat donker randje laten uitschijnen hier. De geluidsdynamiek mag misschien wat zijn bijgeschaafd , het is aangenaam dit materiaal te horen .
Twee duetten zijn er met vrouwlief June Carter (“Baby ride easy” en “Don’t you think it’s come our time”) . Ook met kompaan Waylon  Jennings hebben we het uptempo “I’m movin’on”. Na de ‘American recordings’ van de jaren 90 - 2000 hebben we alvast een goede opfrisbeurt van dit materiaal van ‘de ongekroonde koning van het donkere levenslied’ uit de 80s.

Thus Owls

Turning rocks

Geschreven door

Thus Owls is een band rond de Zweedse  zangeres Erika Angell en de Canadese gitarst Simon Angell , die nog in de begeleidingsband van Patrick Watson zat . Het duo , man – vrouw , is al toe aan hun derde cd trouwens, maar ze leveren nu met begeleiding een broeierig avontuurlijk plaatje af waarbij de songs volgende kenmerken hebben: een rauw , donkere randje, galmende, subtiele gitaren, orgelpartijen die ruimte krijgen , zelfs een soundscape gevoel creëren  en de indringende vocals van de lady.
Natuurlijk kan je niet omheen de creatieve invloed van Watson , maar ook Cave en Wovenhand sluimeren om de hoek .
We hebben dan ook een reeks spannende , intens sfeervolle , broeierige songs , die per luisterbeurt hun schoonheid prijsgeven . Mooi , intrigerend wat het duo met hun (nieuwe) begeleidingsband presteerde .

Ieperfest 2014 - Ieper Hardcore Fest – van vrijdag 8 augustus t/m 10 augustus 2014

Ieperfest 2014 - Ieper Hardcore Fest – van vrijdag 8 augustus t/m zondag 10 augustus 2014
Ieperfest 2014
Festivalterrein
Ieper
2014-08-08 t/m 20104-08-10
John Van De Putte en Yentl Stée

Naar jaarlijkse traditie begin augustus hebben we na Festival Dranouter in de Westhoek het Ieper Hardcore Fest. De organisatie slaagt er al jaren in om een affiche neer te zetten om u tegen te zeggen. Zowel hardcore als metal als punkfans die bij grotere festivals zoals Graspop of Groezrock niet aan hun trekken komen,  krijgen hierbij het leuke alternatief aangeboden. Een muzikale meerwaarde zondermeer! Trouwens, wie er de rijke geschiedenis van dit festival op napluist, zal trouwens versteld staan hoeveel grote namen er in die jaren al passeerden. Op die manier is Ieperfest uitgegroeid tot een écht cultfestival …

Tijd eens te kijken wat voor een parcours we aflegden tijdens de driedaagse

dag 1 – vrijdag 8 augustus 2014
Op vrijdag 8 augustus mocht ik weer eens lekker vroeg mijn hoofd uit mijn tent steken want het zou niet meer lang duren vooraleer de eerste band op Ieperfest van start ging. Ok, eigenlijk was er de dag ervoor ook nog een prefest maar daarvan resten me nog slechts vage herinneringen en hoofdpijn. (Y)

Depths mocht als eerste van start gaan in de spiksplinternieuwe tent, de trench. Hoewel deze inderdaad heel klein was zoals sommige medewerkers al reeds op voorhand lieten weten was ze toch net ietsje groter dan ik had verwacht. De vrij onbekende maar goeie post-hardcore met wat metalinvloeden sloeg er echter langs geen kanten in om de tent te vullen. Onterecht trouwens want wat ze brachten was best wel goed, langs de andere kant was het nog te vroeg en waren de kleuren van de tent net ietsje te ongepast om helemaal mee te gaan in de sfeer die de heren op podium trachten te maken. (Y)

Test of Time mocht vervolgens de mainstage ontmaagden. De heren brachten hun punky Hardcore met heel veel passie waar er wel vaker een straight-edge boodschap werd tussen gestoken. Helaas gooide voornamelijk een zwak geluid en een toch eerder zwak stemgeluid roet in het eten. Ook is het altijd jammer dat er dergelijke energieke muziek bekeken wordt door een eerder tam publiek. Maar bon, al bij al was het zeker niet slecht en ben ik er zeker van dat ze wel wat zieltjes hebben bij gewonnen. (Y)

Vóór het middageten stond er een flinke muilpeer op het menu die met veel liefde (of ja, iets in die aard) werd gebracht Corrupt Moral Altar. Voor ik ze op de affiche zag staan had ik geen flauw idee wie ze waren maar de zwartgeblakerde Sludgy Grindcore ging hard en sloeg duidelijk zijn doel niet mis op het niet erg talrijke publiek. Jammergenoeg sloegen de heren er niet in om het publiek in beweging te krijgen hoewel dat wel niet aan het optreden zelf zal gelegen hebben. (Y)

Volgende band op het lijstje waren de heren en dame uit Aarschot Musth. De sludgy post-metal van deze band liet de trench al ietsje voller lopen en sloeg er ook in wat sfeer te brengen op het publiek. Jammergenoeg was de voorziene tijd (amper een halfuurtje) voor deze muziek veel te kort om compleet meegesleept te raken. Ik ga ze zeker nog eens zien als ik de kans krijg want het was vet. (Y)

Malevolence werd als ‘one of the fastest rising UK crossover bands’. Op podium klonk het toch allemaal wel een beetje meer als Hardcore doorspekt met wat (lichte) Death Metal invloeden. Echt memorabel klonk het eigenlijk ook niet. Zowel de Hardcore als de Metal die gespeeld werd waren vrij cliché en oninteressant. Wat wel opviel is dat de muziek blijkbaar gemaakt is om live-gespeeld te worden want het publiek durfde zich toch wel eens geven. Slecht was het zeker niet, middelmatig was het jammergenoeg wel. (Y)

Ja sire er zijn nog Belgen... Het Luikse Surge Of Fury zorgde voor een halfuurtje beatdown hardcore ‘a la Bulldoze’ en ‘Everybody Gets Hurt’. Het energieke combo was op dreef en hun agressieve, groovy sound stond in voor een energieke pit. Deze undergroundhelden zorgden voor de nodige moshparts en maakten indruk met hun no nonsense sound. Hard en meedogenloos beukten ze door hun playlist en speelden ze enkele nieuwe tracks van het upcoming album. (J)

HERDER IS HARDER! Op Hellfest waren ze dat al en daar was ik dan ook lovend over en op Ieperfest deden ze het nog eens over. Alhoewel ze het dit keer wel in een veel kleinere tent moesten doen, maakte dat niet echt uit voor deze Nederlanders. Ze gingen even hard zoals gewoonlijk met hun Sludge , hoewel  de frontman deze keer toch net ietsje minder furieus overkwam. Ondanks dit bleef het een mooie show waar ze trots op mogen zijn. Volgend jaar mogen ze zeker nog eens terugkomen. (Y)

Een pak hanenkammen even later in de marquee voor Total Chaos. De oerpunkers uit Californië tekenden begin de 90's bij Epitaph maar leverden hun laatste albums bij enkele kleinere labels af. De band moet het hebben van hun liveshows hier. Hun typische streetpunk en ‘oi’  was doorspekt van diverse boodschappen over 'government' & 'dicrimination'; ze kweten zich voortreffelijk van hun taak, al liepen de spoken words soms wat uit de hand...
Weinig nieuws onder de zon maar gewoonweg rammen zonder al te veel franjes. (J)

Conan werd last-minute aan de line-up toegevoegd maar daar zal je waarschijnlijk niemand horen over klagen. Ook zij werden in de kleine trench gezet; eventjes vreesde ik dat er wel eens plaatsgebrek zou zijn maar vreemd genoeg bleef het grote volk weg. Niet erg want dan was er lekker meer plaats voor mij om van Conan te genieten en dat deed ik ook met volle teugen. Waar de kleine zweterige setting en kleuren van de trench een eerder negatieve uitwerking hadden op de meeste tragere bands,  maakte Conan deze setting zich helemaal eigen en speelde de tent (gelukkig niet letterlijk) plat. Veel te vroeg moesten ze helaas  afscheid nemen en ze lieten het meeste volk met een blije glimlach buiten. (Y)

Backtrack kwam de mainstage platspelen met lekkere NYHC. Er was redelijk wat volk komen opdagen voor deze band hoewel ze voor ondergetekende tot voor kort nobele onbekenden waren. Ik was wel onder de indruk van wat ik op de albums hoorde en besloot om toch maar eens te gaan zien wat ze er van maakten op de shows. Ik werd gelukkig niet teleurgesteld,  integendeel, de muziek komt live pakken beter over dan op plaat , gezien het al duizend keer gehoord was. Live sleurt deze band echter een energie mee die ook oversloeg op het publiek en op mij. Mooi, zeker een aanrader om nog eens te zien.(Y)

Ook 'streekgenoten' Adolescents is zo'n band met dezelfde attitude. Al staan zij nog een trapje hoger;  samen met oa Minor Threat en Black Flag worden ze genoemd als één van de bands die voor de punkrevival zorgde begin jaren '80. Ze kenden intussen een pak bandwissels en werden meerdere keren 'on hold'  gezet , maar zijn nu weer een tijdje 'on the road'. Hier was veel meer variatie te noteren  dan bij Total Chaos,  met name van snelle hardcore naar melodieuze surfpunk , onder aanvoering van frontman Tony Cadena.
Ook vorig jaar stonden ze hier en vonden we hen  snediger, maar dit nam niet weg dat we van een onderhoudende set genoten.(J)

Syndrome zou alvast één van de rustigste bands van het festival worden. Een maand of twee eerder was ik onder de indruk van wat deze man live bracht tijdens Church of Ra dus was dit alvast een must-see voor deze editie. Jammergenoeg was ik ietwat teleurgesteld hoewel dit eigenlijk niet aan de show zelf lag maar eerder aan de setting. De Trench was namelijk absoluut niet geschikt voor deze show, niet dat er veel volk aanwezig was, maar het was daar enorm licht waarbij je dan nog eens allerlei kleuren in je gezicht gezwierd kreeg. Het aanwezige publiek wist ook geen seconde te zwijgen waardoor het heel moeilijk werd ten volle op te gaan in de zeer rustige en atmosferische muziek van Syndrome. Spijtig… (Y)

Of Dead Kennedys überhaupt wel de moeite zou zijn zonder Jello Biafra was toch wel de hamvraag. Eventjes bij het openen van de set leek het ook wel degelijk zo dat we gewoon wat bejaarde punkers een paar liedjes gingen zien spelen. Gelukkig schoot de show wel goed op gang en werden mijn twijfels de grond in geramd. Ze speelden uitmuntend en bij klassiekers zoals “Holiday in Cambodja”, “Too Drunk To Fuck” en “California Über Alles” ging het dak er dan ook helemaal af. Zeker nog niet uitgespeeld deze heren. (Y)

Ouderdomsdekens The Dickies zijn de Rolling Stones van de punkrock. Sinds '77 alive and kicking en de 'survivors' van de L.A punk explosie. In hun gekende stijl vol humor en met de nodige covers, gaven ze hier op hun eerste Ieperperformance een pak bands het nakijken. Met hun naturelle drive en energie dwongen ze tonnen respect af van het publiek. Oud maar zeker niet  versleten speelde het charismatische kwintet covers als  “Night in white satin” en “Paranoid”, afgewisseld met eigen werk. Een verademing tussen al de nieuwe hardcore ... (J)

Lekker crusten met Martyrdöd was het volgende op het programma. Dit keer stond de Trench echter wel lekker vol en terecht , want deze jongens kwamen iedereen verpulveren met hun vernietigende mix van Crust, D-Beat, Black Metal en ieder ander genre die ze konden gebruiken om het publiek tot pulp te kloppen. De pit ging hard en zowel de band als het publiek hadden er echt zin in. Ook de trench leek een ideale locatie te zijn voor deze portie geweld; gezien iedereen op elkaar gepakt zat werd het eigenlijk onmogelijk om niet mee te bewegen. (Y)

Ringworm is eigenlijk het resultaat dat je krijgt als je een bende metalheads hardcore laat spelen. Op album klinken ze soms een beetje te eentonig om echt boeiend te zijn. Niettemin maken ze sterke nummers en hebben ze ook een unieke sound die het toch wel interessant maakte om ze eens live te zien . Wat ik op het podium zag, verpulverde echter alle negatieve meningen die ik over ze had. Naast het feit dat ze één grote furie waren , brachten ze ook een andere sound en vibe mee die ze op album produceren. Op album hebben ze een eerder Thrash Metal-achtige Hardcore/Metalcore sound maar op het podium gaat het allemaal stukken sneller tot het zelfs aan de Grindcore grenst. Zeker een aanrader om eens live te zien als ze nog eens in de buurt spelen. (Y)

Normaal zou hier een review van Blind to Faith gestaan hebben maar de Trench was echter zodanig gevuld dat het voor ondergetekende onmogelijk was om nog binnen te raken. Jammer want blijkbaar was het een van de beste shows van geheel Ieperfest. Niets aan te doen en op naar de volgende dan maar en dat was Converge. Als deze naam je onbekend in de oren klinkt raad ik je onmiddellijk aan om je muziekkennis uit te breiden want je mist iets in je leven. Op album staan deze heren garant voor zeer chaotische en eigenwijze maar toch vreemd gestructureerde Hardcore/Metalcore waarbij vaak geflirt wordt met Mathcore. De vraag was dan ook maar ten zeerste of ze die gecontroleerde chaos live ook konden brengen of gingen verdrinken in hun eigen muziek. Gelukkig deden ze dit fantastisch en het maakte niet uit of je alle songteksten achterstevoren, terwijl je een handenstand doet , kon meezingen en of je Converge nog  kon uitspreken. Bewegen ging je doen tijdens deze show. Vooral de vocals waren het meest bevreemdend, ze klonken vrij anders dan op het album en hielden het midden tussen roepend zingen en gewoon roepen. Niet dat dit stoorde ...(Y)

Tijd om even onze wonden te likken en te relaxen op Jesu. Dit Post-Metal ‘projectje’ van Justin Broadrick (Godflesh) dient  er immers perfect voor. Hoewel  er het één en ander te bezien was op het podium kon je eigenlijk gewoon tijdens de ganse set perfect je ogen sluiten en je laten meevoeren door de muziek . Het duurde dan ook niet lang vooraleer het merendeel van het publiek (waaronder ikzelf) in een trance stond mee te bewegen op de muziek. Hierbij zou de avond eigenlijk perfect afgesloten kunnen worden want tegen het eind van de set was iedereen lekker ontspannen. (Y)

JAMMER want er was eerst nog No Warning. Een ietwat vreemde headliner naar mijn persoonlijke mening omdat deze band nu niet onmiddellijk echt gekend is en er wel wat grotere namen op het festival stonden die perfect deze positie konden innemen. Ook muzikaal wist deze Canadese Hardcore Punk band mij niet helemaal te overtuigen. Niet dat het slecht was, integendeel. De muziek was lekker en werd met veel energie en enthousiasme gebracht maar tegen het midden van de set had ik echter het gevoel dat ik het allemaal wel wat gehoord had en begon het eigenlijk een beetje te vervelen. Op dat moment besloot ik dan ook om terug te keren naar de camping en heb zo onderweg eigenlijk nog de rest van de nummers kunnen horen.(Y)

dag 2 - zaterdag 9 augustus 2014
Onder de eerste bands zat er niet onmiddellijk iets dat ik wou zien dus werd de dag onmiddellijk afgetrapt aan de mainstage met Ashes. Dit is een vrij jonge Hardcore band en dat hoor je ook. Muzikaal is het allemaal strak en energiek gespeeld maar het mist nog wat een eigen gezicht en klinkt een beetje teveel als iets wat je al duizend keer gehoord hebt. Langs de andere kant is wat ze deden wel goed en zit er heel wat potentie verscholen in de muziek. Toch een band die je in de gaten mag houden. (Y)

Met hun mix van Crust, Sludge, Hardcore en Metal was het eventjes vrezen of ze die sfeer wel zouden kunnen overbrengen in de kleurrijke Trench. Gelukkig bleek dit geen probleem te zijn voor Link. De show was goed maar je kon het ook niet echt memorabel noemen hoewel dit waarschijnlijk eerder aan mij en het vroege uur lag, dan de kwaliteit van de show zelf want velen gaven namelijk aan dat het één van de beste shows was die ze gezien hadden. (Y)

Pushed Too Far was de volgende band op mijn lijstje. Hoewel de band op album me geen hol kan boeien werden ze me meermaals al aangeraden om live te bekijken. Dit bleek echter gewoon mijn ding niet te zijn, niet dat het slecht was. Het was gewoon mijn ding niet. Na een paar nummers besloot ik dan ook om naar de marquee af te zakken (Y)

Church of Misery  was toch wel één van de bands die ik moest zien op deze editie. De heerlijke Stoner Metal uit Japan is er namelijk ééntje om duimen en vingers van af te likken. Na zeker niet onlangs een slecht album te hebben uitgebracht was het nu eens tijd om te zien of ze het live allemaal ook konden brengen en jawel hoor dat deden ze. Niet enkel de muziek was goed, de gezichtsuitdrukking en performance van zowat ieder groepslid maakte het nog zoveel beter en sloot perfect aan bij de muziek. De vreemde dansjes van de frontman, de ogen van de gitarist , die alle kanten uitschoten en de bassist, die besloot zijn bas tot onder zijn knieën te laten hangen en enkel op ‘de nek’ te spelen. Een fantastische show, waarschijnlijk zelfs één van de beste van deze editie. (Y)

Angel Du$t had een beetje pech dat ze net op één van de warmste momenten van deze editie op de mainstage stonden. Dit zorgde ervoor dat het publiek niet los kon gaan bij de energieke Hardcore (skate) Punk van dit Amerikaanse zootje ongeregeld. Of dat dacht ik tenminste want het publiek gaf geen ruk om het weer en ging lekker wild. Hard en snel, zo kan je je het optreden nog het beste samenvatten. (Y)

Lekker naar D.O.A. gaan in de Trench. Deze stond gelukkig nog niet helemaal propvol toen deze Old-School Hardcore Punk legendes hun aftrap deden. Naarmate de show vorderde , werden we echter samengepropt en terecht ook. Deze kerels zijn immers legendes. Ik keek wel uit naar deze band, maar jammergenoeg wisten ze me niet helemaal te overtuigen tijdens de show en kwam de set een beetje middelmatig over. (Y)

Misery Index maakte dit echter helemaal goed door de Marquee compleet kapot te spelen. Niet dat het geheel onverwachts  was dat een band die zijn naam leent aan het beste album van Assück lekker hard gaat. De Death Metal doorspekt met Hardcore en Grindcore invloeden sloeg in op het publiek als een bom en die ging dan ook lekker hard. Gedurende de gehele show was er een mooie pit en het publiek stond geen seconde stil. Ook de band had er plezier in en dat viel op. Mochten gerust wat hoger staan van mij. (Y)

Strength Approach was niet aan zijn proefstuk toe hier in Ieper. De graag gezien Italianen stonden al enkele keren op de affiche. Zoals steeds speelde het kwartet snelle oldskool hardcore waar Cro Mags en Madball nooit ver weg waren. Het enthousiasme en de intensiteit droop van de band af en naast al het geweld konden we spreken van een sfeervolle set. Een band met de juiste spirit, die terecht respect kreeg! (J)

Naar Antisect dan maar. Vrij schoorvoetend moet ik toegeven dat ik deze band maar nog vrij recent heb ontdekt terwijl dit zowat één van de beste Anarcho-Punk bands in de geschiedenis is. De rauwe mix van Metal en Hardcore Punk neigt eigenlijk een beetje naar de Crust uit alhoewel op het moment toen deze jongens ermee begonnen er nog geen sprake was van Crust. Naast de muziek had Antisect ook een boodschap en als je gedurende het festival nog geen foldertje had , zou je nu wel zeker die boodschap moeten begrijpen gezien het via een kleine bescheiden beamer op de achtergrond werd geprojecteerd. Gedurende de show zelf kreeg je daardoor ook het gevoel dat je niet zomaar op een show was maar kreeg je daar het lekkere gevoel alsof je klaar was om het huidige systeem kort en klein te gaan kloppen. Toen de zanger dan ook nog eens besloot om zich te bemoeien in de pit brak de hel los. De rest laat ik aan jullie verbeelding over. (Y)

Opvallen , dat kon je  wel zeggen van SNFU. Dit zootje ongeregeld onder de 52 jarige weirdo Ken Chinn – in glitterpak! – heeft  reeds 10 albums uit. Melodieuze punkrock hadden we met z’n soms cynische teksten en zijn vreemde uitspattingen; ze maken van dit alles een aangenaam kijk- en luisterstuk. Zijn grapjes tussenin bleken niet altijd geslaagd maar dat nam niet weg dat de Canadezen het grootste deel van de tent voor hen konden winnen. Tracks als “Cannibal cafe” en “Head smashed in buffalo jump” waren die grappige noot tussen al de metal- en hardcorebands. (J)

Nu was het tijd voor de Brutal Death Metal van Suffocation; ik had wat mijn twijfels over hoe ze het zouden doen. Niet dat ik twijfelde aan hun muzikale kunnen maar het jaar ervoor stond er een andere legendarische Death Metal band namelijk Malevolent Creation en die mochten tevreden zijn met een wel heel bescheiden publiek. Gelukkig droeg het publiek Suffocation wel een warm hart toe en was  er dus lekker veel belangstelling voor de mainstage. Suffocation speelde hard zoals gewoonlijk en dat nam het publiek hen in dank af door nog harder te gaan. Tegen het eind van de set waren we dan ook helemaal murw geklopt ; deze band keek tevreden terug  op een goeie show. (Y)

De kleine clubtent 'trench' puilde wat later uit voor  King Nine, één van de upcoming bands uit het huidige hardcorecircuit. De New Yorkse formatie – tot voor kort  slechts 1 demo - speelde een ultrakorte maar zeer hevige set. Met die kenmerkende DIY mentaliteit timmert het vijftal gestaag aan hun weg. De tent ging volledig overstag voor de catchy NYHC en er was enorm veel bedrijvigheid in de pit waar het er hard kon aan toegaan. Het onlangs gereleaste debuutalbum zal wellicht voor de definitieve doorbraak zorgen die de band verdient.  Wij kijken alvast uit naar een volgend optreden. (J)

Met Conflict had Ieperfest nog een Anarcho-Punk legende binnen op hun festival. Eentje die je trouwens niet zo vaak live kan zien zoals ook mooi beschreven staat op hun website , dus dit was een mooie kans om ze eens aan het werk te zien. De heren mogen dan niet meer van de jongste zijn , ze slagen er nog steeds in om hun gal over de hedendaagse maatschappij te spugen alsof ze nog steeds 20 waren. Hoewel het muzikaal lekker klonk  en het publiek zich volledig smeet,  was er toch een ander toppunt aan de show, namelijk de drummer die er uit zag alsof hij uit een jaren ’80 actiefilm kwam en zo speelde. (Y)

Het sympathieke gezelschap van Deez Nuts stond even later op de mainstage, met ex- I killed the prom queen drummer JJ Peters op vocals als ideale frontman. Van bij het eerste nummer kregen we een kolkende pit en viel een enorme 'unity'  op. De Australische band speelde strak, stond scherp  en hield er een enorme drive op na. De aanstekelijke, uptempo hardcore met flarden hiphop zorgden voor een enorme vibe, horden stagedivers waren vóór het hoofdpodium en  het was  'vechten' voor je plaats'. Op korte tijd heeft deze band een enorme fanbase weten op te bouwen, de sterke albums en stevige livereputatie werden hier nogmaals bevestigd.
Absolute hoogtepunten “Band of brothers” en “Go veg” werden luidkeels meegezongen en waren de ideale 'party hardcore'. (J)

Antidote mocht vervolgens in de Trench spelen, deze legendarische NYHC in de trench zetten , bleek echter niet het strakste plan ter wereld (of juist wel het strakste plan ter wereld als je binnen raakte). Ik raakte dus niet meer binnen, na 5 minuten een poging te wagen om toch iets te zien van buiten gaf ik het op. Jammer want ik had ze echt wel graag gezien. (Y)

Morning Again was headliner in de marquee en hadden hun plaats echt wel verdiend met hun legendarische Straight Edge metalcore. Naar het schijnt spelen deze heren strak en dat bewezen ze wel tijdens deze show. Op album kan deze band me niet echt zo hard boeien maar dat komt waarschijnlijk omdat deze muziek gemaakt is om live te spelen. Doordat ik een goed plaatsje wilde voor Gorilla Biscuits heb ik echter niet de gehele set kunnen zien maar wat ik gezien heb was alvast goed. (Y)

Gorilla Biscuits zal waarschijnlijk wel geen introductie nodig hebben. Deze legendarische SxE Hardcore band heeft dan ook al lang zijn strepen verdient en heeft hier een terechte headliner positie verworven. Gedurende hun show bewezen ze ook dat anno 2014 Gorilla Biscuits er nog steeds staat als een bus. Hoewel het al best laat aan het worden was , liet het publiek dit niet aan hun hart komen en ging het nog een keer helemaal los. Van vermoeidheid was er absoluut nog geen sprake, na de show daarentegen…

dag 3 - zondag 10 augustus 2014
In België is Toxic Shock ondertussen geen onbekende meer in de underground scene. Op Ieperfest mochten ze echter lekker vroeg de Trench openen om 11u. Een betere manier om wakker te worden dan met 20 minuten lekkere Crossover Hardcore/Thrash Metal is er niet. Alhoewel het vrij vroeg was, was er toch wel al wat volk aanwezig in de Trench om deze heren aan het werk te zien en er begon al eens een bescheiden pit. Leuk, volgend jaar wat langer graag. (Y)

Kids Insane
was ook op het laatste moment nog toegevoegd aan de affiche. Na een wel heel harde show op Groezrock wou ik deze knullen uit Israhell (Israël voor de niet-snappers) wel nog eens zien. Hoewel het hier wat minder hard aan toe ging dan toen , bleef het wel een goeie show met sterke Hardcore Punk nummers. Ik had echter wel het gevoel dat de marquee eigenlijk te groot was voor een band zoals dit en dat ze waarschijnlijk zich beter zouden thuis voelen in de Trench. Er was dan ook niet zo erg veel volk aanwezig wat toch wel een beetje de vaart van de show weg nam. (Y)

Skeletonwitch
mocht vervolgens de marquee tot pulp kloppen met hun zwartgeblakerde Thrash Metal en dat deden ze met glans. Naast langharig tuig waren er ook verbazingwekkend veel hardcore kids aanwezig terwijl er toch een best wel goeie hardcore band bezig was in de Trench (ik twijfelde zelfs eventjes om Skeletonwitch maar half te bekijken). Gelukkig deed ik dat niet want Skeletonwitch was ronduit fantastisch.(Y)

Normaal zou je hier een review van Bane kunnen lezen maar door een zware wind besloot men om tijdelijke de mainstage af te sluiten voor de veiligheid van de bezoekers, dit had als gevolg dat Bane in de marquee moest spelen wat er voor zorgde dat er wat verschuivingen waren. Dit had als gevolg dat ze samenvielen met Kiss the Anus of A Black Cat die ik toch wel eens wou zien. De vreemde combinatie van synth-pop, shoegaze, indierock,… leek immers zeer interessant op album. Ik verduidelijk even dat zij hier uiteindelijk de saaiste band van Ieperfest waren ;  ik kan het niet op de omgeving steken want de show was gewoon slecht. Het geluid stond al niet bijster goed afgesteld en van de trance die dit soort muziek zou moeten brengen,  was totaal geen sprake. Toen ik besloot om toch maar naar Bane te gaan bleek het jammergenoeg al afgelopen te zijn. (Y)

Maroon
werd ook verplaatst naar de marquee doordat de mainstage nog niet open was. Eigenlijk wou ik deze band voornamelijk zien omdat ik als 12-jarige een enorm grote fan was van deze band. De metalcore van deze band is nochtans niet echt fenomenaal of uitzonderlijk te noemen toch hadden ze iets. Ik had ze ook nog nooit live gezien dus dit was mijn grote kans. Jammergenoeg bleek er niet echt veel van mijn liefde over toen ze begonnen; niet dat het slecht was maar na enkele nummers had ik het allemaal al gehoord en heb ik dan ook de tent verlaten. (Y)

Terwijl ik me aan het voorbereiden was om naar de show te gaan van H2O,  kreeg ik doodleuk te horen dat mijn tent plat op de grond lag op de camping. Eerst dat fiasco gaan oplossen dus; ik kon Grand Magus nog deels op de kop tikken . Ze konden mijn gebroken hartje nog meer breken maar dan op de goeie manier.
“We play Heavy Metal and we are here to confuse you”. Met deze gevleugelde woorden trapten de heren hun set af en laat ik al zeggen dat dit er eentje was om u tegen te zeggen. Drie kwartier lang werden we gebombardeerd van heerlijke Doomy Heavy Metal. De meesten zullen waarschijnlijk deze band niet gekend hebben maar gezien het publiek zich amuseerde zullen ze wel heel wat zieltjes bij gewonnen hebben. (Y)

Repulsion
was de volgende in de marquee en ondertussen was  de mainstage  weer geopend. Dit was toch ook wel één van de bands waar ik naar uit keek , ook al was het maar om hun magere performance van op Hellfest goed te maken. Gelukkig deden ze dat ook door doodleuk één van de beste shows van geheel Ieperfest te spelen. De klonterige Death Metal met vroege Grindcore invloeden van deze heren mistte hun doel niet en toonde aan dat Death Metal inderdaad zijn plek kent op Ieperfest. Het publiek liet zich gaan en naast enkele crowdsurfers begon er zich ook een lekkere pit te vormen die de hele show bleef lopen. Mooi, misschien toch nog eens tijd om iets uit te brengen jongens? (Y)

Na de fantastische show van Repulsion ging ik goedgezind naar de mainstage om daar Boysetsfire te gaan bekijken, mijn verrassing was dan ook groot toen ik de stukken minder aangename muziek van Ignite naar mijn kop kreeg gesmeten. Blijkbaar hadden deze bands van plaats gewisseld doordat Ignite er niet op tijd ging raken. Dan maar terug de marquee in aangezien Ignite absoluut niet mijn ding is. (Y)

Crowbar
roept nogal verdeelde meningen op. Afhankelijk aan wie je het vraagt is het één van de beste bands binnen het sludge-genre of één van de meest overroepen kutbands die enkel de rest overtreft in saaiheid. Ikzelf behoor tot de eerste categorie hoewel ik ook wat mijn twijfels had. Het nieuwe album kon mij niet echt bekoren dus er waren twijfels of Crowbar live ook wat zijn furore zou verliezen. Dit leek gelukkig niet zo met als gevolg dat ik 50 minuten lang zwaar in trance met mijn hoofd zat te schudden op de smurriemuziek van Crowbar. Niet enkel ik maar zowat iedereen in de tent trouwens. Aparte ervaring. (Y)

Jammergenoeg door de problemen moest Heaven Shall Burn een stuk later beginnen dan verwacht wat als gevolg had dat ze ook later moesten stoppen. Dit had als gevolg dat ik mijn jeugdhelden maar voor een klein deel kon zien aangezien er vervoer voorzien was en die op een specifiek uur moest vertrekken. Wat ik echter gezien had van de show was ronduit fantastisch en brak mijn hart des te meer dat ik de show halverwege diende te verlaten. Het zal voor een volgende keer zijn. (Y)

Ieperfest mocht door een gedurfde en gevarieerde line up terugblikken op een geslaagd weekend.

Organisatie: Ieperfest, Ieper  

Yellowstock 2014 – vrijdag 8 en zaterdag 9 augustus 2014 – stoner ’rock’ psychedelica bij uitstek!

Geschreven door

Yellowstock 2014 – vrijdag 8 en zaterdag 9 augustus 2014 – stoner ’rock’ psychedelica bij uitstek!
Yellowstock 2014
Festivalterrein JH De Bogaard
Geel
2014-08-08 & 09
Simon Van Extergem

Ook dit jaar begaven we ons opnieuw naar Geel voor Yellowstock. Yellowstock is de Belgische hoogmis voor psychedelica en stoner-rock en alles wat daartussen en rond zweeft. Of om het in hun woorden te zeggen: ‘Psychedelic rock and beyond’.
Ze zijn intussen al aan hun achtste editie en jammer genoeg zal dit ook de laatste zijn. Nochtans was deze editie volledig uitverkocht. Twee dagen heerlijke muziek dus, voor een prikje, want dag 1 was gratis. En die dag had al heel wat te bieden.

dag 1 – vrijdag 8 augustus 2014
Door file in Antwerpen zijn we 1,5 uur later dan gepland aangekomen . Natuurlijk net op tijd om de laatste seconde van de band die ik wou zien nog te aanschouwen.
Lees anders de review van Eindhoven Psych Lab om iets over Antroprophh te weten te komen.

Anthroprophh: Zij tappen duidelijk uit een heel ander vaatje. Zij gaan wel van bij het begin voluit. Hard, snedig met solo’s doorregende muziek. Maar wel gevat, gebald en psychedelisch. Het fors uitgebouwd drumstel heeft de muziek al direct een heel andere klank. Met slechts 3 man slagen ze erin om onvoorstelbaar vol te klinken. Wanneer enkel drum en gitaar worden gespeeld hoor je de echte psychedelische kant van deze band. Maar wanneer de bassist de muziek weer aanvoert en zijn effectenbord bovenhaalt gaat het opnieuw de andere richting uit. Hardrock met een vleug psychedelica. En zo zijn we de gehele set de speelbal tussen deze twee verschillende gezichten van de band. Ondanks de twee gezichten blijft de band wel als één lichaam klinken, een band met een eigen smoel, hoe gespleten die ook mag zijn. Je blijft de gehele set geboeid luisteren, je afvragen wat het volgende nummer weer zal brengen.

Over naar de orde van de dag. Swamp Machine mag deze muzikale avond inleiden. Een Nederlandse band. En hun naam hebben ze niet gestolen. Vuile, modderige, zware stoner-blues. Ze klinken ook als een vrij goed geoliede machine. Dus 2 vliegen in één klap. Die machine blijkt uit 3 man te bestaan: drummer, gitarist en bassist. De bassist neemt ook de zang voor zich. Hun muziek deelt mokerslagen uit, maar dan wel slagen die ik reeds gehoord heb. Geen vernieuwing in de swampstoner, maar wel een mooie staalkaart van hoe zo'n band moet klinken. De psychedelische projectie op de achtergrond ondersteunt het geheel ook mooi.

En terwijl op het plein ernaast iets aan het spelen is dat voor een ska-coverband moet doorgaan (ander festival, bijna dezelfde locatie) bereiden we ons rustig voor op The Cosmic Dead. Maar voor hetgeen we hoorden kon je niet voorbereid zijn (misschien dat een zekere hoeveelheid drugs het antwoord was). Een 40 minuten lange trip van welgeteld 2 nummers. 2 nummers die mijlenver uit elkaar liggen, en toch zo dichtbij. Het eerste een hele trage opbouw met zeer subtiele tempowisselingen. Het tweede een zeer rustige start, een brute overgang en dan vol gaan. Altijd oog voor details, voor schoonheid, voor pracht. Je wordt in het optreden gezogen en niet meer los gelaten. Beklijvend en begeesterd. Een krachtige, bezwerende trio, dat niet snel vergeten zal worden.

Rare jongens, die Belgen. En die naam doet Briqueville alle eer aan. Want het zijn vreemde vogels. Nog maar hun 3e optreden, maar wel al het voorprogramma van Amenra mogen spelen en nu headliner op Yellowstock. Een geweldig parkoers dus voor deze heren. In geheel eigen stijl betreden ze het podium: een onheilspellende intro, zwarte kappen en capes, gouden maskers die de identiteit afschermen van het publiek. Maar muzikaal houden ze niets verborgen. Een mix van vooral sludge met een beetje progrock.
Stevige muziek dus, die het moet hebben van herhaling en stevig beuken. Vooral de drum excelleert want met zijn stevige halen verheft hij de muziek naar een hoger niveau. Maar ze kunnen niet altijd goed wegstoppen dat ze nog maar 3 shows hebben gespeeld. Dat mag meer, veel meer. Eens ze een routineus geheel zijn, zullen ze hoge toppen scheren, hele hoge toppen. Dus ga dat zien, als je ooit de kans hebt. Een belevenis en een beleving die je niet mag missen.


dag 2 – zaterdag 9 augustus 2014
De eerste band van de dag geeft ons al een voorsmaakje van wat we kunnen verwachten. Het Droste Effect mixt psychedelica en stonerrock. Af en toe gieten ze er nog wat sludge bovenop. Een gedurfde combinatie, maar wel een die werk en die perfect op dit festival past. 4 heren in klassieke formatie: gitaren, bas en drums. Ideaal voorgerecht om de dag te starten.

Vriendelijke jongens, die Denen. Misschien iets minder snel gezegd. Maar voor The Wooken Trees gaat deze vlieger wel op. Ze zagen er zeer blij uit dat ze op Yellowstock mochten staan. Deze keer geen psychedelica of stoner, maar wel post-punk. Alhoewel de zanger het perfecte stemkleur heeft voor deze muziek, is hij niet altijd even toonvast. Ook de rest van de band laat zich op iets te veel foutjes betrappen om er een geslaagde show van te maken. Toch zit er iets in deze muziek. Dus zeker nog niet opgeven deze jongens. Nog even dat repetitiekot in en dan zullen ze er wel staan.

The Oscillation - Nog eens wat echte psychedelica, en dat was zeer welgekomen. Zeker als het op die manier wordt gebracht. Een ode aan het genre. Een prachtige set. De zaal stond stampend vol, en dat voor de eerste keer deze avond. En meer dan terecht. Een fantastische drumster, een geniale bassist en een zanger/gitarist die het geheel doet zweven, doet glijden, doet daveren, doet trillen. Als er nog mensen zijn die zich afvragen of psychedelische muziek heden ten dage nog vers en jong kan klinken, ga dan eens luisteren naar the Oscillation. U zal volmondig ja roepen en dat er nog veel mag komen!

Monomyth brengt een mengeling van post-rock en hardrock. Een uitdagende combinatie als je het op papier leest, maar live valt dat toch een beetje tegen. De nummers drijven constant op dezelfde toon en hetzelfde tempo. Nochtans is de band rijk aan genoeg instrumenten (bas, dubbele gitaar, drum, orgel, electronics) om een volle en uitdagende klank te produceren. De muzikanten zijn ook van een hoog niveau. Alleen ontbreekt het voor mij wat aan diepgang. Maar het overgrote deel van het publiek stond enthousiast mee te shaken. Dus wie ben ik dan om iedereen tegen te spreken?

Klap op de vuurpijl deze avond is Electric Moon. Na een stevige groepsknuffel zijn ze ook klaar om die klap waar te maken. En dat doen ze met verve. Na 2 dagen drank en spelen ziet het publiek er niet meer al te fris uit, maar ze laten zich nog gewillig meevoeren naar de maan. En dat gebeurt met zware psychedelische stonerrock. Langgerekte nummers mét spanningsboog, die opbouwen naar een daverende finale. Opnieuw gaan we mee met de trip die ons wordt aangereikt. En met alle plezier ondergaan we dit feest voor de oren. Deze reis naar de ruimte, naar het hogere. De vermoeidheid wordt zonder problemen achterwege gelaten. Al vergt het laatste restje energie, deze trip is niet te missen.
Een waardig afsluiter voor deze festivaldag en het festival in het algemeen, want volgend jaar zal het er niet meer zijn, tot onze grote spijt.
Bedankt aan de organisatie van dit buitengewoon festival. Jullie mogen er trots op zijn!

Er volgt wel nog een wintereditie. Meer info op de facebookpagina.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/yellowstock-2014/
Organisatie: Yellowstock

Alcatraz Metal Festival 2014 – 7e editie op 8 en 9 augustus 2014

Geschreven door

Alcatraz Metal Festival 2014 – 7e editie op 8 en 9 augustus 2014
Alcatraz Metal Festival 2014
Campusterrein Vives
Kortrijk
2014-08-08 & 09
Frederik Lambrecht

Op het campusterrein van Vives in Kortrijk was de tijd opnieuw aangebroken voor Alcatraz Metal Festival. Over 2 dagen verspreid stonden 16 bands geprogrammeerd met elke dag een sublieme afsluiter als je de affiche bekeek.

dag 1 – vrijdag 8 augustus 2014
De aftrap was voorzien op vrijdag 8 augustus met openingsact Diablo Boulevard van eigen bodem. Door omstandigheden was ik maar beschikbaar rond 18u, waardoor ik dus Alex Agnew, Avatar, Hellyeah (waarvan de meesten zeiden dat het een goeie show was), en Lacuna Coil aan mij moest voorbij laten gaan.
Starten deed ik dus met de alternatieve metal/rock/sludge/crossover van Life of Agony die enige tijd geleden een bom deed barsten in de metalwereld door zanger Keith Caputo die doodleuk verkondigde dat hij transgender was en zijn naam bereidwillig liet veranderen in Mina. Qua stemgeluid hoor je wel degelijk een verschil, maar globaal gezien rockte ze op een goed niveau. Openen deden ze al direct met één van hun grootste hits genaamd “Time” van het ‘River Runs Red’ album. De menigte keek op en begon spontaan te headbangen op deze tonen. Het was een leuke set met de klassiekers “Through and Through”, “River Runs Red” en “My Eyes”. Bassist Robert is blijkbaar fan van het Nederlandse groene spul want bij de start van het nummer “Weeds” wist Mina ons te melden dat hij al enkele dagen zonder zat en hij dan een soort stresskip is. Soit, zonder cannabis ging het hem ook goed af, net zoals de andere groepsleden.

Cradle of Filth is een band die in hun beginperiode de pannen van het dak speelde, maar eerlijk gezegd blijft dit een band die je ofwel nauw aan het hart ligt, ofwel een band die zonder moeite je maag kan doen keren van afschuw. Met een masker die leek of zijn huid van zijn gezicht schilferde kwam frontman Dany Filth het podium opgestoven om België te begroeten.
Links achteraan stond een knappe verschijning weggestoken die Mr. Filth moest bijstaan tijdens de afwisselende zanglijnen. Screams en hoge tonen ontsproten uit zijn mond en de band had er zichtbaar zin in. Starten deden we met “At the Gates of Midian” om lekker verder te doen op het elan met “A Dream of Wolves in the Snow”, “The Principle of Evil Made Flesh” en “Nymphetamine”. De beste nummers die vandaag ten gehore werden gebracht waren voor mij “Cruelty Brought Thee Orchids” van het album ‘Cruelty and the Beast’ en hitje “Her Ghost in the Fog” die tevens hun set afsloot. Bij vlagen klonk het geniaal, maar er waren helaas soms ook mindere momenten te bespeuren. De fans zullen alvast content zijn geweest en hopelijk wachten ze niet te lang om ons landje opnieuw te bezoeken.

Afsluiter van deze 1e festivaldag was Marilyn Manson, de meester op het gebied van shock rock. Vele wilde fantasieën werden in de loop van zijn carrière al verspreid, met als hoogtepunt het feit al zou Marilyn een rib hebben laten weghalen om zichzelf van een blowjob te kunnen voorzien. Sommigen sprongen direct mee met dit verhaal, terwijl de normale mens hierbij toch enkele minuten de slappe lach van kreeg.
Muzikaal gezien was hij van heel hoog niveau vandaag! De decibels gingen enkele noten hoger en het decor werd nog voorzien van enkele extra lichten om het showgehalte in de hoogte te tillen. En dat showgehalte bovenaan het lijstje staat van Mr. Manson zal geweten zijn, want hij had telkens wel iets voorzien om het publiek te laten watertanden. Hierbij denk ik dan vooral aan zijn microfoon die voorzien was van een slagersmes, het masker zoals de meesten kennen uit de films van Jason, een soort van buidelrat (wit) die gedrapeerd was over zijn schouders zoals de verfijnde wijven een bontjas zouden dragen, en uiteraard zijn legendarische katheder (spreekstoel) waar hij zijn toespraak verkondigde zoals in de bijhorende clip van het nummer ‘Antichrist Superstar’ die vandaag een bisnummer was.
Hij was uitstekend van stem, maar vooral de drumpartijen waren van hoogstaande kwaliteit en drongen lekker diep je oren in!!
De setlist was ook uitstekend en dus konden hitjes zoals “Disposable Teens”, “Personal Jesus” (cover van Depeche Mode), “Mobscene”, het fantastische “The Dope Show” (waarbij hij het land België ook als een drug op zich beschreef) en meezinger “Sweet Dreams” (Eurythmics cover) de weide in lichterlaaie zetten.
Afsluiten deden ze in stijl met uiteraard “The Beautiful People” die lekker knalde. Een fantastische afsluiter van dag 1!

dag 2 – zaterdag 9 augustus 2014

’s Anderdaags was ik vroeg van de partij om festivaldag 2 te starten met de AOR/rock van Four By Fate…een gezapig optreden die de mensen op de weide rustig liet ontwaken.

Volgende band op het programma was dé band waar ik naar uitkeek. De speed/thrash met technisch surplus van Toxik was een echte topper! Aangezien er maar 2 studio albums zijn verschenen van deze Amerikanen getiteld ‘World Circus’ & ‘Think This’ hadden ze niet zoveel keuze tussen nummers, maar diegene die op beide platen staan zijn allen van hoge kwaliteit. Beginnen deden we met meezinger “Spontanious” die direct aantoonde dat de stem van Mike Sanders nog niets van klasse heeft moeten inboeten. De zuivere hoge uithalen werden zonder moeite uit zijn strot geramd en het publiek ging lekker mee in het ritme. De show werd vakkundig verder gezet met kleppers als “Heart Attack”, “Too Late”, “Victims” & “Breaking Glass”.
Tussendoor werd mij ook duidelijk dat deze mannen broeden op een nieuwe plaat, want een nieuw nummer stond ook in hun setlist die tevens gratis te downloaden is indien je op Alcatraz Festival een shirt kocht van deze thrashers. Hoogtepunten waren zonder twijfel de beide titelnummers van hun album. Lekker showtje die zeker en vast voor herhaling vatbaar is. Opnieuw bewezen dat op thrash geen leeftijd staat!

En we gingen verder op het thrash elan want de volgende band kon er ook wat van. Xentrix is ook zo’n thrashband uit de eind jaren 80 die mij niet direct bekend was. Een dikke zonde want de riffs die deze mannen uit de boxen dropten waren subliem. Zanger Chris Astley heeft duidelijk het werk geleerd van ene James Hetfield want de moves en stijl waren regelrecht gekopieerd van hem. En wie zegt daar nu neen tegen?!! Blijkbaar nog maar 4 albums uitgebracht die zowel negatief als positief door de pers werden onthaald maar live klonken ze als een goed getrainde band. Strak en rechtdoor, kortom opnieuw een mooie prestatie.

Op gebied van gitaar moesten de verschillende bands wel de duimen leggen voor Prong. De riffs en technische klasse van Tommy Victor klonken venijnig en met hitjes als opener “Beg to Differ”, “Unconditional”, “Whose Fist is this Anyway?”, “Revenge… Best Served Cold” was het geen probleem op het publiek mee te krijgen in de flow. De moshpitjes heersten vooraan het podium en het dak ging eraf. Weinig geklets, des te meer muziek schalde uit de speakers. De tijd vloog voorbij in een oogwenk maar klepper “Snap Your Fingers, Snap your Neck” (vergezeld van de leden van Channel Zero) bleef nog lang nazinderen. Als het niveau zo bleef aanhouden dan werd dit een topeditie van Alcatraz!

Met sinds kort een nieuwe zangeres in de gelederen èn een nieuwe plaat sinds juni getiteld ‘War Enternal’ was het uitkijken naar Arch Enemy. Deze band speelt melodische death metal met sporadisch een muzikaal experimentje in vervoegd. De huig van frontvrouw Alissa wierp de stok in het hoenderhok en de fans  vochten voor elk stukje bot. Mij kon dit optreden helaas niet te lang boeien aangezien de klank regelmatig onzuiver uit de boxen kwam (mss ook wat te maken met de wind die opzette) en het niveau van de voorgaande bands niet werd gehaald, maar waarschijnlijk zullen sommige fans het tegendeel beweren. De eerste keer dat ik deze band live zag op Graspop stond ik met mijn mond open te kijken naar de energie en agressie die deze band uitstraalde, maar dit was helaas niet het geval vandaag. Volgende keer beter…

Ietsje voor 18u stond het decor klaar voor Sacred Reich…een echte live bands wegens geen nieuwe albums meer sinds 1996. De vreugde straalde van hun gezicht en werd probleemloos overgenomen door de meute toeschouwers. Old school thrash van de bovenste plank was wat deze mannen serveerden en met klassiekers als “Love…Hate”, “Death Squad”, “Who’s to Blame”, “The Amerikan Way” en “Free” werd een lekker feestje ingezet. 1 cover werd gebracht met “War Pigs” van Black Sabbath die zoals altijd luidkeels werd meegebruld. Opnieuw ging de tijd veel te snel voorbij en was dit optreden te rap afgelopen. Nog een laatste keer kwamen de mannen op om een bisnummer te brengen waarbij iedereen als een klein kind superhit “Surf Nicaragua” mee schreeuwden. Genieten geblazen was het!

Franky en zijn mannen van Channel Zero drapeerden hun vlag achter de drum, gevolgd door de pijnlijke herinnering aan de onverwachte dood van Phil een jaar geleden. Het publiek hield de lippen een kleine minuut op elkaar om later met respect in de handen te klappen voor dit verlies in de metalscene. “Suck My Energy” effende het pad, gevolgd door nog een ouwe gouwe getiteld “Fool’s Parade”. Sinds april hebben ze ook een nieuw album uitgebracht (‘Kill All Kings’) en hiervan werden single “Electronic Cocaine” en “Duisternis” (waarbij zowel in het Vlaams, Frans als Engels wordt gezongen) gebracht.
Ikzelf ben geen fan van het nieuwere werk, maar in het publiek werd kwistig gecrowdsurfed bij deze nummers. Neenee, geef mij dan maar de krakers “Black Fuel”, “Unsafe” en “Bad To the Bone”. Franky was in vorm en holde van links naar rechts om uiteindelijk richting P.A. te lopen en enkele kleine mannen te laten meebrullen in zijn microfoon. Terugkeren naar het podium verliep niet langs de gewone weg, want hij baande zich een weg tussen het publiek (met een horde securitymannen achter zijn gat). De buren werden nogmaals wakker geschud met een volle weide die “Help” meebrulde en die de goeie set van Channel Zero extra kracht meegaf. Channel Zero speelde vandaag echt sterk in mijn opinie.

W.A.S.P. was aan de beurt en zanger Blackie Lawless kent logischerwijs de knepen van het vak hoe je een meute volk laat gehoorzamen en genieten. Een kleine zangoorlog werd aangegaan onder het publiek en de sfeer zat direct goed. Alle nummers werden met bravoure gebracht en lieten een goede indruk na bij mezelf. Stel je voor, “On Your Knees”, “Love Machine”, “Wildchild”, “I Wanna be Somebody” en “The Idol” en je weet dat dit smullen was. Altijd leuk wanneer ze de boel komen platspelen in ons Belgenlandje!

De grootste naam op de affiche dit jaar was zonder twijfel Twisted Sister. Reeds de derde maal in korte tijd dat Dee Snider en kornuiten België aandoen, met hun laatste optreden op Graspop  nog vers in hun geheugen gegrift. Toen was moeder natuur een kreng volgens Dee omdat hun show uitgeregend werd, maar dit jaar was moeder natuur een godsgeschenk wegens het betrekkelijke goede weer in Kortrijk.
Twisted Sister deed zoals ze gewoon zijn, namelijk muziek brengen met passie en uitstraling! Dee Snider mag dan misschien bijna 60 jaar zijn, maar zijn six pack en charisma bewijzen dat hij nog steeds in topvorm is. Aftrappen deden we met “Stay Hungry” die direct aangaf hoe het moest, gevolgd door “The Kids are Back”. Meezingen was een must met “You Can’t Stop Rock ’n Roll”, “Captain Howdy” gekoppeld aan “Street Justice” en “I Believe in Rock ’n Roll”.
Dit jaar hadden deze Amerikanen een verrassing in petto, want in het midden van hun set stond kraker “We’re Not Gonna Take it” geprogrammeerd. De vuisten gingen in de lucht, enkelen surften zich een weg richting podium en de weide ging compleet uit hun dak. En nog was het niet gedaan want “Shoot ‘Em Down”, “Under the Blade”, “The Price” en “Burn in Hell” hakten verder in op het publiek. Bij nummer “I Wanna Rock” kon Dee Snider amper zijn lach inhouden toen het publiek massaal meeging in de vraag om “I Wanna Fuck” mee te brullen. Blijkbaar was dit nog niet veel gebeurd, want hij stond erop dat dit stukje opgenomen werd, waarschijnlijk om later vanuit zijn zetel te herbeluisteren hehe.
Het einde van Alcatraz Metal Fest werd ingegaan en Twisted Sister ramde er nog “S.M.F.” door. Ze wilden dit feestje blijkbaar niet laten eindigen en nogmaals werd de chorus van “We’re not Gonna Take it” ingezet die door het publiek nog lang na de laatste muzikale noten ten gehore werd gebracht. Jaja, deze hit blijft in je hoofd zitten, of je nu wil of niet!
Twisted Sister zette een puike prestatie neer (zoals ik hen gewoon ben) en sloot een sterke editie van Alcatraz af! Alvast tot volgende jaar!


http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/alcatraz-metal-fest-2014/

Organisatie: Alcatraz Music – Rock Tribune

Moodstock 2014 - Elektronisch muziekfestival - Daverend Limburg

Geschreven door

Moodstock 2014 - Elektronisch muziekfestival - Daverend Limburg
Moodstock 2014
Festivalterrein
Wijchmaal - Peer
2014-08-09
Chandra Rowe

Waar in t bronsgroen eikenhout, elke Limburger zal met trots verder kunnen aanvullen. Op deze zonnige zomerdag zal er echter geen nachtegaaltje zingen, we maken ons op voor het elektronisch muziekfestival Moodstock. Hoewel de festivalsite zich 3km verder bevindt, hoor ik de eerste beats mijn woonkamer bereiken. Het belooft een voeten-stampende-dag te worden, op naar Wijchmaal.

Geheel uitzonderlijk krijg ik van de organisatie de kans om Moodstock tot het uiterste te exploreren, de full Moodstock experience zeg maar. Bij aankomst ontvang ik een artiestenbandje, wat me meteen tot VIP bombardeert. Ik voel me Gulliver op een van zijn reizen en kan niet wachten om mijn ontdekkingstocht te beginnen.

In de Casablanca tent mag Barry Kill het festival openen. Van ver lijkt de DJ op David Guetta, al stopt de vergelijking hier dan ook. Ik nestel me in de geïmproviseerde zitkamer en neem hetgeen wat rond me gebeurt op. Met de zon op mijn gezicht en toestromend volk is dit alvast een goed begin. Kill brengt zachte, oorstrelende beats en de eerste mensen wagen zich al aan een danspasje hier en daar.

Zoals dat gaat bij rondtrekken, beland ik per toeval backstage. Mijn Moodstock experience zal een geheel nieuwe wending nemen, daar ik zelfs mee mag helpen met het maken van cocktails. Hierdoor mis ik wel even wat er op de weide gebeurt, maar de sfeer achter de schermen maakt alles ruimschoots goed. Ik ontdek dat er een verscholen bacardi-cola maker in me schuilt, die het goedje ook nog weet aan de man te brengen. Al lijken de vooruitzichten van deze carrièrewending positief, ik besluit toch terug naar de weide te trekken en me aan mijn vooropgesteld plan te houden.

Aan de andere kant van de Casablanca bevindt zich namelijk nog een tent, de Grooveyard. Hier wordt house van de bovenste plank gedraaid. Het decor dient ook vernoemd te worden, daar het lijkt of je de hele dag onder een sterrenhemel staat te dansen. Met namen als Tom Leclerq, 2Dirty en Franky Rizardo mag je er zeker van zijn dat ook hier vanavond een groot dansfeest zal losbarsten. Jammer genoeg liggen mijn house dagen al ver achter me, ik trek me terug richting Casablanca.

Shaun Reeves en Ryan Crossen zetten de avond in en menigte laat de Wijchmaalse grond op zijn vesten daveren. Zelf beland ik bovenop de schouders van een goedwillige danspartner, hier blijf ik nog even.

Steve Bug zal het festival afsluiten en ik besluit volop gebruik te maken van mijn VIP-arrangement. Achter de draaitafels, in gezelschap van, zie ik hoe de menigte volledig uit de bol weet te gaan. De organisatie laat weten hoeveel tijd Steve Bug nog heeft en het einde van Moodstock lijkt haast in zicht. Nog voor de laatste beat door de boxen schalt, sta ik terug aan de andere kant van de draaitafel om al dansend het festival af te sluiten. Steve Bug’s sessie is een aaneenschakeling van oorwormpjes, die we met plezier laten zitten.

Moodstock 2014 zit er al weer op en bij het naar buiten gaan denk ik terug aan het Limburgs volkslied en vervang de woorden als volgt: Daar is mijn muziekland,  Wijchmaals dierbaar oord!!!

Organisatie: Moodstock

Pagina 567 van 964