logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Deadletter-2026...
Concertreviews

Epica

Apocalyptica en Epica (The Epic Apocalypse Tour) - Symfonische synergie

Geschreven door

Apocalyptica en Epica (The Epic Apocalypse Tour) - Symfonische synergie 

In 2019 sloegen Apocalyptica en Epica de handen in elkaar voor een tournee met als klinkende titel The Epic Apocalypse Tour! Helaas gooide ook hier Covid roet in het eten waardoor de tour tot tweemaal toe uitgesteld werd. Uitstel is echter geen afstel en op 29 januari stonden de grootheden van de symfonische metal voor een uitverkochte AB.

Het voorprogramma werd verzorgd door Wheel. Helaas misten we door het vroege aanvangsuur het optreden van deze progressieve metalband uit Helsinki, Finland.
De landgenoten van Apocalyptica openen daarna met “Ashes of the Modern World”. Dit meesterwerkje uit hun recentste worp ‘Cell-0’ (2020), met enkel akoestische deuntjes, zet meteen de toon voor een set om u tegen te zeggen. De mysterieuze, dreigende toon van het lied wordt kracht bijgezet door beelden van een wereld in verval die via een grote led-muur geprojecteerd worden. Na een akoestische gedeelte waarin we o.a. “Grace” en het prachtige “Rise” voorgeschoteld krijgen, roept frontman Eicca Toppinen zanger Franky Perez op het podium. De enthousiaste Amerikaan begroet het publiek uitgebreid alvorens “I’m not Jesus” in te zetten. Je weet wel, die plaat waar Corey Taylor (Slipknot, Stonesour) oorspronkelijk de vocals op zich neemt. Zeker geen slechte versie, maar we verkiezen toch Taylors stem bij dit lied. Daarna krijgen we “Shadowmaker”, het debuut van Perez bij Apocalyptica. Brussel smult en ook Perez lijkt zich te amuseren, want tijdens het instrumentale gedeelte neemt hij prompt plaats naast percussionist Mikko Sirén om samen te trommelen. Na het populaire “I Don’t Care” wordt Perez terug naar de coulissen verwezen en put Apocalyptica (eindelijk?) uit het album dat voor hun grote doorbraak zorgde in 1996, namelijk ‘Plays Metallica by Four Cellos’ (1996). De begintonen van “Nothing Else Matters” zorgen voor een ingetogen moment van euforie in de zaal en hier en daar verschijnt er zelfs een gsm-lichtje. “Inquisition Symphony” en “Seek and Destroy” zorgen ervoor dat we de zakdoeken niet moeten bovenhalen.
Eindigen doen de Finnen met een geflipte versie van de klassieke klassieker “In The Hall Of The Mountain King” van Edvard Grieg. Het lied dat oorspronkelijk fatsoenlijk ingezet wordt, ontaardt al snel in een muzikale razernij waarbij de cello’s eerder gebruikt lijkten te worden als vuurboren dan muziekinstrumenten. Toch valt hier opnieuw maar een ding op… de absolute wereldklasse en veelzijdigheid van deze band.

Omstreeks negen uur is het dan tijd voor Epica om van jetje te geven. Hoewel dit een co-headline show is, verraden de vele T-shirts dat de meesten toch voor de Nederlandse band gekomen zijn. De Nederlanders openen bombastisch met “Abyss of Time – Countdown to Singularity”, een dijk van een plaat en de ideale opener van een gevarieerde set.
Wie Epica al eerder op festivals zag, weet dat de band graag uitpakt met verbluffende visuals en weelderige vuurwerkjes. Tijdens dit optreden moeten we het echter stellen zonder dit alles. Het podium van de AB is simpelweg te klein (en te laag) om het ritmisch in de fik te steken. Gelukkig brengt ook hier de led-muur soelaas. Vooral tijdens “The Final Lullaby” is het resultaat verbluffend.
Verder wordt opnieuw bevestigd dat Epica een band is waarvan je ziet dat ze graag spelen. Zo straalt en zingt zangeres Simone Simons ook nu weer als een dartele nachtegaal en mismeestert toetsenist Coen Janssen met de nodige schwung zijn keyboard. Ergens midden de set worden de jongens van Apocalyptica er even bijgehaald voor “Rivers” De song krijgt door de typische klank van de cello’s een extra gelaagdheid die het publiek zeker kan smaken. Na een knuffel van Simons mogen de Finnen dan eindelijk de tourbus op.
Verder krijgt Brussel nog “Code of Life and Design your Universe” voorgeschoteld voor we de bisronde ingaan. Die begint met meezinger “Cry for the Moon” die voor een gevoel van samenhorigheid zorgt tussen band en publiek. Zo’n momentje dat zeker nog een paar dagen zal nazinderen bij velen. Via het opzwepende “Beyond The Matrix” gaat het dan naar afsluiter “Consign to Oblivion” dat voor de laatste keer het dak van de muziektempel blaast.

We moesten een tijdje wachten op de Epic Apocalypse Tour, maar ook hier geldt het spreekwoord: honger is de beste saus. Apocalyptica en Epica bewezen met verve dat ze zich nog steeds in de bovenste schuif van de symfonische platenkast bevinden. Daarenboven zorgde deze combo voor een synergie die we al een tijdje niet meer gezien hadden tijdens optredens.

Neem gerust een kijkje naar de pics @Romain Ballez
Epica
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4588-epica-29-01-2023.html

Apocalyptica
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4587-apocalyptica-29-01-2023.html

Wheel
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4586-wheel-29-01-2023.html

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Der Klinke

Der Klinke test live nieuwe nummers van volgend album

Geschreven door

Der Klinke test live nieuwe nummers van volgend album
Der Klinke + A Slice Of Life + D:Zine

Het New Wave Concept van Vzw Uitlaat in Beernem beloofde een leuke avond te worden: drie interessante bands die in elkaars verlengde liggen, die elk ruim de tijd krijgen om hun ding te doen, in een mooie zaal (OC Kleine Beer), met licht en geluid van hoog niveau en dat tegen – alles in acht genomen – schappelijke ticketprijs.
De hoge verwachtingen werden ingelost, op een paar schoonheidsfoutjes na.

D:Zine mocht de avond openen om 20.15 u. Deze band heeft een Beernemnaar in de gelederen en is nog niet zo heel lang bezig. Ze begonnen als coverband en evolueerden inmiddels naar eigen werk. Aan dat eigen werk moet hier en daar nog wat bijgeschaafd worden, maar dit is een band met potentie. Op dit moment schiet het bijvoorbeeld nog bij elke song een andere richting uit, van gothic rock tot synthpop en songs met duidelijke invloeden van de (recente, trage) the Cure en de 80’s rock van Simple Minds. Zanger Kurt kan nog wat winst boeken in podiumvastheid en stembereik, terwijl gitarist Sammy met een gezond zelfvertrouwen stond te genieten op het podium. Van deze set onthielden we vooral “Mother And Father, “Crash” (over onze gsm-verslaving) en “Sleeping Giant”. Bijzonder en leuk: in “Action Poetry” speelde Kurt met het openingszinnetje van TC Matic’s “Putain Putain”, wat bij het publiek op heel wat gejoel werd onthaald. Met zijn stuwende bas en riffs die uit de pols van Jean-Marie Aerts hadden kunnen komen, was de TC Matic-connectie compleet. Nog beter werd het met de setafsluiter.
Deze band kon kiezen uit tientallen new wave-klassiekers om er één van als cover te brengen, maar ze verbouwden “The Man Who Sold The World” van David Bowie (en de bekendheid ingezongen door Nirvana op hun album ‘MTV Unplugged In New York’) tot een stuwende postpunk-track met een riffje geleend van the Cure. Fenomenaal goed gevonden en het publiek onthaalde deze versie terecht op een lang applaus. Hopelijk staat deze cover op de binnenkort uit te komen EP van D:Zine.

Tweede aan de beurt was A Slice Of Life. Zanger Dirk vroeg zich af tussen de nummers in openlijk af of hij met zijn Kempens accent wel begrepen zou worden in West-Vlaanderen, maar de provinciegrens is gelukkig nog geen taalgrens. Deze band kon vorig jaar in Vlaanderen en ook wat in het buitenland heel wat harten veroveren met hun tweede album ‘Tabula Rasa’. Dan is het maar de vraag of een band dat ook kan waarmaken op het podium. A Slice Of Life heeft met Dirk Vreys een absolute troef in handen. Hij is nog beter als entertainer dan als zanger en als zanger en tekstschrijver moet hij maar voor weinigen onderdoen. De rest van de band is een ander paar mouwen. De twee gitaristen en de bassist stonden de meeste tijd schijnbaar emotieloos naar hun snaren te staren. Het is nochtans gewoon een postpunkconcert en niet de Koningin Elisabeth-wedstrijd. Het publiek heeft er geen bal om mocht je eens een foutje spelen.
De set van A Slice Of Life bestond uit zowat het hele album ‘Tabula Rasa’, aangevuld met wat ouder werk. De catchy single “Seven Days” zat al vroeg in de set en werd op herkenningsapplaus onthaald. Op “Matterhorn” zong het publiek makkelijk mee en naar het einde van de set werd er voor het podium spontaan gedanst. Het moet al even geleden zijn dat A Slice Of Life nog zo’n lange set mocht spelen, want zanger Dirk kondigde na “Animal Instinct” al meteen de bisnummers aan, zonder dat de band al van het podium was gegaan. In die bisronde kreeg Beernem nog onder meer het prachtige “Liefde Is Oorlog”.

Het was al kwart voor twaalf toen pas de zaallichten doofden en de podiumlichten aangingen voor Der Klinke. Die band staat op het punt om een nieuw album uit te brengen en daarvan werden in Beernem reeds enkele nummers gebracht, zoals onder meer “The Dark Night March” (opgedragen aan een die dag begraven lid van de lokale ‘zwarte’ scène) en “The Shallow Shadow”. “The Right Wrongs”, nochtans een single die prima onthaald werd, zat niet in de set. Een ander nieuw nummer speelde Der Klinke al tijdens de soundcheck, maar volgens frontman Chesko hebben ze het nog niet genoeg in de vingers om het al officieel in de reguliere set te brengen. Maar het klonk toch al veelbelovend.
Voorts zaten er heel wat Der Klinke-klassiekers in de set: “Someone Who Smiles”, “Curtains”, “The River White” en “Who To Deny”. De band steekt altijd één cover in hun live-set. Een tijdlang was dat “She’s Lost Control” van Joy Division en ook  “Night Air” van jamie Woon passeerde al de revue, maar in Beernem brachten ze “In Trans As Mission” van Simple Minds. Als kers op de taart werd de set afgerond met – uiteraard – hun grootste hit, “The Doll” en in de bisronde was er nog tijd voor onder meer “Our Dance In Darkness” en “My Frozen Heart”.
Der Klinke stond in Beernem op het podium met het vertrouwen van de grote dagen. Het geloof in de nieuwe nummers is groot en afgaand op de live-uitvoering ervan is dat terecht. En het zijn ook rasentertainers: Chesko als charismatische frontman, Sarah als verleidster (en op synths), Sam als stoïcijnse bassist en tweede stem. Enkel bij gitarist Marco is de entertainende factor wat beperkter, maar zijn muzikale bijdrage is dan weer omgekeerd evenredig van belang.
Der Klinke bewees in Beernem dat ze hun plaats aan de top van de Belgische new wave-scene nog niet snel zullen moeten afstaan. Het publiek kreeg waarvoor het gekomen was.
Afsluiten doen we met één werkpuntje voor de organisatie: de veel te lange pauzes. Bands hebben geen vol uur nodig om hun instrumenten op te zetten en te soundchecken. Die lange pauzes haalden de vaart uit de avond en een deel van het publiek was al op weg naar huis voordat Der Klinke aan de bisnummers begon.

Organisatie: VZW Uitlaat

Beoordeling

Lara Rosseel Band

Lara Rosseel Orchestra - ARK - Durf en improvisatie in die intieme en kleurrijke sound

Geschreven door

Lara Rosseel Orchestra - ARK - Durf en improvisatie in die intieme en kleurrijke sound

Lara Rosseel is één van de meest veelzijdige muzikanten die ons landje rijk zijn, ook al wordt ze al te vaak in dat 'hokje' jazz geduwd, ze gaat vooral haar eigen weg. Dat bleek al uit het interview dat we in 2021 met haar hadden. Het interview kun je hier nog eens nalezen - https://www.musiczine.net/nl/interviews/item/81785-lara-rosseel-band-ik-hoop-dat-ik-de-moed-blijf-vinden-om-die-dromen-te-blijven-achterna-gaan-en-ze-ook-te-verwezenlijken.html  
Ook bracht ze met 'Hert' (2022) en 'De Grote Vrouw'(2020) twee prachtige platen uit, grensverleggende platen kun je wel zeggen. Live is er een brede kijk en er is sprake van een zekere experimenteerdrift.
Nu stond ze voor deze gelegenheid in Ha concerts, Gent met een heus orkest op het podium onder Lara Rosseel Orchestra - ARK' (*****)
De samenstelling van het orkest:  Lara Rosseel (double bass, electr. bass), Sep François (percussion, vibraphone, marimba), Vitja Pauwels (guitar), Robbe Kieckens (percussion), Jan Van Moer (trumpet), Joppe Bestevaar (baritone saxophone, bass clarinet), Stefan Bracaval (flute), Frederik Heirman (trombone), Eva Debruyne (oboe), Jeroen Baert (violin), Amèle Metlini (violin), Marijn Thissen (viola), Aya Pribylovskiy (cello)

Ondanks het feit dat Lara centraal staat opgesteld met haar imposante contrabas, valt al direct op dat het vooral over het totaalplaatje gaat in deze bezetting. Er is de groovy klank van de saxofoon , trompet en fluit. Een muzikale magie ondersteund door een intens mooie viool en gitaar. Muzikaal een emotionele wervelwind. De percussie doet er nog iets bovenop en voegt er een experimenteel kantje aan toe.
Een intieme, verstilde sfeer is er , alsook een heel kleurrijke sound als deze wordt opengetrokken. Lekker zalig.
Een innerlijke warmte heerst een kleine twee uur lang in dit totaalpakket. Bij elke song volgde een welgemeend applaus; de staande en minutenlange ovatie die Lara Rosseel Orchestra in ontvangst mocht nemen op het einde van haar set, bewees dat ze met dit bijzondere project enorm veel mensen diep heeft geraakt. Het applaus bleef trouwens duren tot het orkest achter de coulissen was verdwenen en Lara, met een bedeesde glimlach op de lippen, terug kwam met de mededeling 'dat ze eigenlijk geen song meer over hadden, maar toch nog iets wilden aanbieden' … Een gevarieerd klankentapijt volgde, hemels en onaards. Deze muzikanten staan hoog aangeschreven , doen stijlen in elkaar vloeien en houden van grenzen verleggen in melodie en experiment. Wat een durf en improvisatie in die intieme en kleurrijke sound.

Organisatie: Ha concerts, Gent

Beoordeling

Robbie Williams

Robbie Williams XXV - One man show en stand-up comedy

Geschreven door

Robbie Williams XXV - One man show en stand-up comedy

Openen doen we perfect getimed met een helemaal nieuwe electro-groep van en rond Robbie Williams, Tim Metcalfe en Flynn Francis, Lufthaus. Het is eens iets anders zelf in het voorprogramma staan van … jezelf, echter kwam Robbie daar niet op het podium bij Tim en Flynn maar werd gewerkt met opgenomen beelden op 6 schermen in de vorm van kubussen. Het is echt de moeite, onverwacht, modern, tijdloos en helemaal in de sferen van Berlijn. Het is een aanrader en wie weet zien we dit niet enkel in Ibiza maar deze zomer ook op Tomorrowland.

Na een goed half uur opwarmen zijn we met een tot de nok gevuld Sportpaleis klaar voor de meester-enterainer zelf, Robbie Williams. Hij laat ons met een naaktbeeld van zichzelf in de vorm van De Denker van Rodin wachten tot 21u30, maar niemand heeft daar problemen mee.
En dan plots gaan de lichten uit en … Elvis Presley aan : 'Little less conversation and a little more action' had hij liever zelf geschreven en daar worden we klaargestoomd voor ‘the one and only’.
‘Hey Wow Yeah Yeah’ flikkert op alle schermen en dan het onvermijdelijke ‘Let Me Entertain You’ om er dan direct volledig in te vliegen.
We zijn vertrokken voor een sprookje vol verhalen afgewisseld met de ene hit na de andere. En ja die heeft hij, zelfs meer dan Elton John, Madonna en Michael Jackson, en dat voor een man die als jongen uit een boysband is gegooid. 
We vieren dus een hele avond lang een carrière van 25 jaar en zoals in enkele van zijn boeken over zijn leven, houdt hij geen blad voor de mond en vertelt ons voluit over zijn rehabs, verslavingen en op het einde bedankt hij ons, want door ons, zijn fans, is hij er nog. 
Hij komt op in  gouden blinckywincky-pak en zegt : ”I’m Robbie Williams, this is my band, this my ass” … Er komen nog 6 danseressen bij die precies uit de Moulin Rouge komen.
En dan zegt hij nog "Let me explain what entertainment is”, en dat kan hij inderdaad. Van “Land of 1000 Dances” een cover van Chris Kenner, over “Mansoon” en “Strong” komen we al aan bij “Come Undone”.
Met “Do What You Like” en “Could It Be Magic” van Take That, vertelt hij hele verhalen over hoe hij ooit begon bij Take That en uiteindelijk uit de groep is gegooid. Dit laatste kwam onder andere omdat hij een uitstap naar Glastonbury deed en daar de mannen van Oasis tegen kwam. Vandaar de volgende cover “Don’t look Back In Anger”. Met “The Flood” rondt hij het luik Take That af en begint met het 2de deel van de avond.
Praten met iedereen doet hij graag en hij vraagt zich ook af wat er is met de mensen in Antwerpen, alle mannen hebben geen haar, ‘is iedereen in Antwerpen kaal?’ vraagt hij zich af. Verder haalt hij het voetbal aan 'wat is er in godsnaam met België gebeurd op het WK 2022? Dit was jullie kans om te winnen’’, jaja we weten dat. 'Antwerp are you with me’, het publiek heeft hij mee en het geniet van “The Love Of My Life”, “Eternity”, “Old Before I Die”, “Candy”, “Feel” en “Kids”. Nog een laatste keer knallen doen we met “Rock DJ”.
Zijn vrouw en 4 kinderen liggen hem nauw aan het hart. Hij laat ons weten dat hij al 23 jaar sober is, en bedankt ons uitvoerig voor de warme respons.
Wij kunnen nog even op adem komen alvorens hij start met de ‘encores’ en dit zijn ‘No Regrets’ en‘She’s The One’, die hij zingt voor 'Mariana from Hungary’, die hij uit het publiek heeft gekozen …
Afsluiten doen we met het nummer “Angels” waarover ik las dat hij bij dit nummer soms nadenkt over wie Big Brother moet verlaten en helemaal andere dingen.
En als we denken dat we alle hits gehoord hebben dan laat hij zijn band vertrekken en brengt hij a capella nog eens kort “Strong”, “Come Undone”, “Old Before I Die”, “Candy”, “Feel” en een laatste keer “Angels”.
We beleefden ‘de tijd van ons leven’ en dus hoorden we als afsluiter “I’ve Had The Time Of My Life” van Bill Medley en Jennifer Warnes. Robbie is toch een klassebak! Schitterend concert.

Neem gerust een kijkje naar de pics @Wim Heirbaut
Robbie Williams
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4583-robbie-williams-26-01-2023.html?Itemid=0

Lufthaus
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4584-lufthaus-26-01-2023.html?Itemid=0

Organisatie: Live Nation 

Beoordeling

Duke Garwood

Duke Garwood - Gloedvolle vertraagde blues

Geschreven door

Duke Garwood - Gloedvolle vertraagde blues

Het concertseizoen 2023 trekt zich tergend traag op gang. Het donkere, koude miezerige weer nodigt natuurlijk niet uit om je huis te verlaten, maar het lijkt ook of de concertorganisatoren met een serieuze winterdip zitten, en pas vanaf februari vol gas geven in een korte periode van drie maanden waarin er dan veel te veel geprogrammeerd wordt. In het schaarse aanbod van januari hadden we een pareltje ontwaard in de Cactusclub, en ons voorgevoel werd woensdagavond dubbel en dik bevestigd: Duke Garwood gaf een prachtig, intiem en gloedvol concert in de nieuwe café van de onlangs geopende Cactus Club die vorig jaar verhuisde van de Magdalenazaal naar een nieuw gebouw niet ver van het Minnewaterpark.

Duke Garwood zal je vooral kennen van zijn platen die hij opnam met Mark Lanegan, ‘Black Pudding’ (2013) en ‘With Animals’ (2018); en de Lanegan-connectie was er ook vanavond; want op keyboards speelde immers onze eigen Aldo Struyf, lid van de live-band van Mark Lanegan. Daarnaast had Garwood ook een drummer meegebracht, Paul May en een bassist, John J. Presley, die in 2019 op The Barn speelde in Werchter.

Aanleiding van de tour van Duke Garwood was zijn nieuwe plaat ‘Rogues Gospel’, die hij opnam samen met Paul May in de zomer van 2020 tijdens de lockdown en eind vorig jaar uitkwam. Rond halftien baanden Garwood en zijn band zich een weg door het Cactuscafé, waar iedereen klaarzat met een biertje aan tafel om te genieten van wat een intiem, sfeervol concert zou worden.
Garwood had vier of vijf gitaren klaarstaan, waaronder een Flying V, maar wie op basis van die gitaar hardrock verwachtte, werd op het verkeerde been gezet. Nee, Garwood is een gitaarvirtuoos, maar toonde zich een meester in de beperking: hij speelde americana, geworteld in de blues, maar dan heel erg vertraagd, en de noten die hij niet speelde waren even belangrijk als de akkoorden die hij met overduidelijk gemak uit zijn snaren toverde. We hoorden een soort impressionistische, uitgepuurde blues, die ademde en borrelde,  bij momenten dreigend, zeker als Aldo Struyf dit ondersteunde op keyboards met donkere, bezwerende orgelklanken. Paul May strooide jazzlicks in het rond, of toonde zich een meester in de beperking door een strakke beat aan te houden. Garwood’s gitaarspel deed ons ook denken aan Robbie Krieger’s jazzy gitaar in “The end” (vooral dan de passage “The killer awoke before dawn, he put his boots on”).
Ook de broeierige sfeer waar Warren Ellis een patent op heeft, was een duidelijk referentiepunt. De zangstem van Garwood stond er ook, geen brommende bariton als bij wijlen Mark Lanegan, maar iets dat leek op Daan zoals die bij Dead Man Ray zong.
Een aantal nummers stak er boven uit, “Cold blooded”  en afsluiter “Neon rain is falling” uit zijn nieuwe plaat met een pulserende bas en dreigende keys.

In deze donkere dagen was dit concert als een glaasje gemberthee, warm, gloedvol en het perfecte medicijn tegen de winterblues.

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Beoordeling

Dropkick Murphys

Dropkick Murphys houden het Feestimago hoog!

Geschreven door

Dropkick Murphys houden het Feestimago hoog!

Na een topset op Graspop in Dessel vorige zomer, net vóór Iron Maiden, zijn onze Amerikaanse Dropkick Murphys hier terug, in een heel vol Vorst Nationaal … en de bar heeft met zo’n band zeker goed gewerkt!

De Dropkicks hadden enkele gasten mee en kwamen daardoor met 3 voorprogramma’s.

Jesse Ahern met harmonica en gitaar zou je een halve euro toegooien in zijn gitaardoos, leuk en ideaal als opener. Op zijn doek stond dat hij een Rock Rebel is en ja dat geloven we wel.
Na deze korte opener stappen de mannen van The Rumjacks op het podium. Dit is een heel goede support en past ideaal als opwarmer. We horen een rocksound, ondersteund van fluit en harmonica. Dit brengt ons helemaal in de juiste sfeer. Met een 10-tal nummers zijn we er helemaal klaar voor , maar ah … eerst nog Pennywise. Die hebben hun naam van de antagonist in Stephen King's horrorboek ‘It’, Pennywise the Dancing Clown.
En die mannen  hebben er ook enorm veel zin in . Ik bedenk me plots met hen aan het werk te zien, dat de Tour van Dropkick Murphys heel veel volk op de been brengt, niet alleen in talrijke toeschouwers en fans, maar ook met hun gasten, 3 voorprogramma’s, het is als het ware een indoor festival op zich. Ik hoor niemand klagen.
Jim Lindberg zingt en bespeelt het publiek, alvorens hun “Fuck Authority” komt zorgen voor een ‘juke box’ moment … we mogen kiezen uit Nirvana, Ramones of Bad Religion, het laatste wint en “Do What You Want” klinkt door het volle Vorst. Een goede keuze, deze support, met nummers die moshpit toertjes maakt.

Voor de volgende, laatste groep trouwens, daar is nu iedereen echt voor gekomen, Dropkick Murphys hebben tot 19 november rondgetoerd in Amerika en waren midden januari in Belfast en Dublin gestart aan het Europese luik. Gisteren nog in Luxemburg en vanaf morgen naar overal in Duitsland.
Nog snel worden enkele biertjes gehaald, iedereen zoekt zijn beste plaats uit, en dan gaan de lichten uit, de muziek aan en zijn we vertrokken voor een leuk DM feestje!, de komende uren.

‘Shipping up to …’, Vorst dus;  we horen de stem van Sinéad O’Conner weerklinken bij opener “Foggy Dew”, dan volgt een doedelzak en komt al meteen “The Boys Are Back”, iedereen is meteen mee.
Dit nummer is trouwens uitgebracht op het album ‘Signed and Sealed in Blood’ en het is een nummer dat de echte Keltische punkrock tot leven brengt. Met krachtige gitaarrifs, de aanstekelijke refreinen en de forse zang is het een verwijzing naar de oude Dropkick Murphys.
We leren hun nieuwe muziek kennen door het laatste album 'Machine Still Kills Fascists’, met een handvol nummers, alsook songs van hun vorige album ‘Turn Up That Dial’.
Met nummers als “Middle Finger”, “Two 6’s Upside Down” en “All You Fonies” werken we een eerste deel vol ambiance goed af.

En dan zien we plots een Rumjack terug; tijdens het eerste nummer ooit geschreven “Barroom Hero” komt Mike Rivkees de zang verzorgen. Straks horen we ook nog Jesse Ahern meedoen met Ken Casey; ik kan me de indruk niet ontdoen dat Casey een stappenteller heeft, ofwel hangt hij vooraan in het publiek, hard en enthousiast zijn best te doen, ofwel is hij overal op het podium te zien.
Ik vermoed dat hij zijn maatje Al Barr mist, die laatste is er even niet bij om privé-redenen. Hopelijk is hij er volgende keer weer bij. Hij heeft blijkbaar de band niet verlaten maar ik las in artikels en blogs dat hij voor zijn heel zieke moeder aan het zorgen is. Het is momenteel belangrijker dan ons entertainment las ik, en daarmee kunnen we het enkel maar eens zijn.
Het mooie aan live-optredens van deze band zijn de riddles en refreinen die zo leuk blijven hangen, Ken Casey speelt hier perfect op in en laat ons bij elk nummer meedoen.
Met een set van bijna 25 nummers valt het me op dat er enorm snel gezongen wordt, er zijn weinig bindteksten en op minder dan een uur en 45 minuten zit het er op.
Even vóór ”The Wild Rover” waren de nummers wat bleekjes, duidelijk een dipje in hun setlist en dat was ook te zien aan het druk heen en weer gewandel naar de bar.
Maar vanaf die “Wild Rover” over “The Last One” en “Skinhead on the MBTA” werd iedereen klaargestoomd voor de apotheose die inging met “Good as Gold” en de mooie Ewan MacColl cover “Dirty Old Town”.
“I’m Shipping Up to Boston” uit hun album ‘The Warrior’s Code’ uit 2005 is een echt grappig en vooral kort nummer, over een zeiler die zijn been kwijt is geraakt in een ongeval en op zoek gaat naar Boston om zijn houten been te vinden.
Na een korte pauze komen ze met het nog mooiere “Rose Tattoo” dat het verhaal vertelt over zanger Ken’s tattoos op zijn arm. Het heeft iets te maken met zijn grootvader en er is een versie van dit nummer met Bruce Springsteen als gastzanger…

'We have the best job in the world it’s a privelige’, geeft onze vriend Ken Casey ons nog mee en daar heeft hij gelijk mee. Tevens laat hij ons weten dat ze al 26 jaar komen en zich hier precies familie voelen.
Afsluiten doen ze met ‘Mick Jones’ “Nicked My Pudding’ en “Kiss Me, I’m Shitfaced”.
We kijken nu al uit naar het volgende feestje met deze Dropkick Murphys. In dezelfde roes kunnen we ons deze zomer bevinden met Flogging Molly, OlT Rivierenhof op 25 juni 23 ...

Neem gerust een kijkje naar de pics @Romain Ballez

Dropkick Murphys
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4582-dropkick-murphys-25-01-2023.html
Pennywise
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4581-pennywise-25-01-2023.html
The Rumjacks
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4580-the-rumjacks-25-01-2023.html
Jesse Ahern
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4579-jesse-ahern-25-01-2023.html

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Strand of Oaks

Strand of Oaks - Sterke stem maar veel getune

Geschreven door

Strand of Oaks - Sterke stem maar veel getune

Het concert van Strand of Oaks in NTGent was degelijk, maar niet indrukwekkend. Timothy Showalter, de frontman van de band, was alleen en oogde nerveus in zijn driekwartbroek en appelblauwzeegroen hemd. “Plymouth” als opener was wel een knappe, strategische keuze. Het album ‘HEAL’ vormde 9 jaar terug de grote doorbraak, en het refrein “Let me go, let me roll” klonk meteen bekend in de oren bij de enthousiaste fans. Maar ook nieuwe songs als “Easter” en “Galacticana”, vanop de laatste ‘In Heaven’ werken vrij goed solo. Timothy was wat overweldigd en bedankte voor het applaus met een “I love you”. Het zou zeker niet de laatste keer zijn dat hij die woorden prevelde, maar het kwam wel oprecht en gemeend over.

De liedjes die hij speelde waren visueel bijgestaan door vier grote lichtbalken, alsof ze uit een andere wereld kwamen. Gepaard met zijn sterke stem vormde dit wel voor een unieke sfeer. “Eraserland” kon natuurlijk ook niet achterblijven. Met “Vision”s kregen we niet het meest gekende, maar wel een interessant nummer vanop zijn laatste pre-corona-album. Ook “JM” paste perfect in dit rijtje. Hij bracht er ode mee aan de donkere, zoete melodieën van het Belgische radioprogramma Duyster. België heeft een speciaal plekje in zijn hart, en zijn vele vrienden hier (zo noemt hij ons) hebben hem geholpen doorheen de moeilijke momenten in zijn leven. De ‘sweet tunes to play’ vormen zijn manier te genezen van depressies en drugsverslaving, en dromerige, melancholische songs als deze doen het altijd goed in deze intieme zaal.
Bij de steviger rockende songs in zijn repertoire, zoals “Shut In”, werkt deze aanpak jammer genoeg niet. De gitaarsolo’s zijn duidelijk niet aan hem besteed, en hoewel we het concept snappen, zijn deze uitgeklede versies van zijn hits toch net niet hetgeen zijn fans/vrienden willen horen. Een van de hoogtepunten van het concert was wel het nieuwe nummer “More You”. Het zou geschikt zijn voor de radio en zou zomaar een hit kunnen worden, net als “Radio Kids” dat in 2017 was. Ook speelde hij een song voor de betreurde John Prine, waarbij hij vroeg waar je je gaat verstoppen als de mist is verdwenen. “Somewhere in Chicago” is een pareltje van deze 40-jarige Amerikaanse ex-leraar. Eat this, Metejoor!
Showalter brengt ons nog het onvermijdelijke “Weird Ways”, waarmee hij ons liet zien dat het gaat om de mensen die je liefhebt. Hij was eenzaam, maar had wel plezier, zo horen we op “Goshen '97”, een knipoog naar zijn geboortestad. De persoonlijke touch in al zijn nummers is verademend, zo ook tijdens afsluiter “Jimmy and Stan”.
Het was een show met veel emotie en energie, met helaas twee kleine minpuntjes: geen enkel lied vanop zijn meesterwerk ‘Pope Killdragon’, en het eindeloos afstellen van zijn gitaar dat wel voor erg veel tijdverlies zorgde.

Organisatie: Democrazy, Gent (ism NTGent)

Beoordeling

Jerry Joseph

Jerry Joseph - Cultfiguur over de vloer

Geschreven door

Jerry Joseph - Cultfiguur over de vloer

Opener van dienst, Nir Shemmer, zorgde voor een bijzonder aangename kennismaking. Geboren uit Israëlische ouders groeide Nir Shemmer op in Oostende waar de microbe voor muziek hem al vlug te pakken kreeg.
Zijn eerste grote voorbeelden situeerden zich verrassend in de seventies: James Taylor, Jackson Browne en Bill Withers. Maar wanneer hij zich in 2020 samen met zijn vriend Thomas Decock aan een eerste opname waagt blijken de invloeden toch uit een meer hedendaagse hoek te komen.
Nadat hij zich al eerder liet opmerken tijdens de preselectie van Humo's Rock Rally in Leffinge en de Paulusfeesten mocht hij zich nu tonen in de 4AD, een kans die hij met beide handen greep. In de rug gedekt door een vijfkoppige band bracht hij een set smaakvolle americana die aanvoelde als een welgekomen warme deken op deze kouwelijke januari avond.
Hoewel zijn songs zeker gehoord mochten worden, was het toch vooral die band die mijn hart liet gloeien. Wat een weelde! Vijf uitstekende muzikanten met maar liefst drie speerpunten die dit optreden naar een hoger plan wisten te tillen. Thomas Decock zorgde samen met Nir zelf voor een vorstelijke gitaarsound terwijl de backing vocals van Annelies Gheeraert van een angelieke schoonheid waren. En dan was er nog Harrison Steingueldoir, gekend van het jazztrio Donder, die de songs omzwachtelde met betoverende pianoklanken.
Alles werd minutieus aangekleed terwijl Nir Shemmer voor elk nummer telkens zorgvuldig de best passende gitaar koos uit de drie meegebrachte exemplaren. Er werd afgesloten met "Winona", wat straks de nieuwe single moet worden en misschien wel het beste nummer van de avond was, niet in het minst door de heftige interventie van Thomas Decock.

Met Jerry Joseph haalde de 4AD een cultfiguur in huis die een hele grote had kunnen worden. Op handen gedragen door critici en artiesten als Patterson Hood maar een diep bewaard geheim gebleven voor de meesten onder ons.
Een man die zowat de hele wereld heeft afgereisd en getekend is door het leven. Het begon al in zijn jeugd toen zijn ouders hem, toen hij op het verkeerde pad dreigde te raken, vanuit San Diego, Californië naar een kostschool in Nieuw-Zeeland stuurden. Maar ook daar bleven de problemen niet uit en hij mocht opnieuw zijn koffers pakken.
Toen hij twintig was begon hij een eerste bandje, Little Women. Het werd de start van een odyssee die hem zelfs tot in de vluchtelingenkampen van Afghanistan en in Koerdisch Irak leidde, waar hij gitaarlessen gaf, terwijl hij tussendoor ook nog worstelde met enkele verslavingen.
Een man met een verhaal maar hier in Europa totaal onder de radar gebleven tot hij in 2020 ‘The beautiful madness’ uitbracht. Zijn 29ste (!) plaat en eerste officiële Europese release. De plaat werd opgenomen in de Dial Back Sound studio van Drive-By Truckers bassist Matt Patton in Water Valley,  Mississippi, ook gekend van het door mij erg gewaardeerde gelijknamige label dat onder andere Teardrop City, Eleganza!, The Great Dying en Krista Shows onderdak biedt.
Op ‘The beautiful madness’ wordt Jerry Joseph bijgestaan door The Stiff Boys (pseudoniem voor de voltallige Drive-By Truckers) die een groot aandeel in het welslagen van de plaat hebben.
Het was dan ook de vraag of die nummers zonder hen wel overeind zouden blijven. Er is intussen reeds een nieuwe plaat, ‘Tick’, verschenen maar die is gevuld met restjes uit diezelfde opnamesessies en enkele liveopnames, ook al met The Stiff Boys ofte Drive-By Truckers.
Ik had nog gehoopt dat hij zijn eigen band, The Jackmormons, of op zijn minst een deel ervan zou meegebracht hebben maar dat bleek helaas niet het geval te zijn. Dat was financieel wellicht niet haalbaar en zo stond Jerry Joseph moederziel alleen op het podium, enkel gewapend met een akoestische gitaar en een stevige borrel. Bovendien was de man, na een negatieve ervaring de avond voordien, nogal nukkig wisten insiders me te vertellen.
Maar buiten die nijdige ruk waarmee hij zijn muts van zijn glimmende schedel trok en in de hoek katapulteerde was daar niets van te merken.
De gebruikelijke warme ontvangst in deze club had hem dan toch in een mildere stemming weten te brengen. Hij opende zijn set met het bijzonder krachtig gezongen "Beautiful child of God", een nummer uit 2000. Meteen werd duidelijk dat de 61-jarige Jerry Joseph het ook in zijn eentje ging redden. Daarvoor was zijn aanwezigheid op het podium dwingend genoeg maar het was niet altijd even makkelijk.
Zijn bijtende kijk op de waanzin en het verval van de wereld vertaalde zich immers in een tomeloze woordenvloed die je soms naar adem deed happen. Voor een avondje luchthartig entertainment moet men duidelijk niet bij Jerry Joseph zijn. Alhoewel er tussen de nummers al eens gelachen mocht worden, dankzij een gezonde portie relativerende humor waarin hij niet te beroerd was om ook zichzelf te kijk te zetten.
Met "White dirt", "Hallelujah trail" en "Tick" hoorden we wel beklijvende songs maar voor een echte uitschieter was het toch wachten tot het laatste nummer waarvoor hij Nir Shemmer op het podium riep. Met "Dead confederate", een song waarin hij afrekent met het racisme in het zuiden van de VS en het zogenaamde historisch belang van standbeelden en monumenten onderuit haalt, kregen we eindelijk één van de hoogtepunten uit ‘The beautiful madness’. Meer nog: Nir Shemmer mocht op slidegitaar de rol van Jason Isbell, die voor dit nummer na 13 jaar nog eens de Drive-By Truckers kwam vervoegen, vervullen en dat deed hij met verve. Zo goed zelfs dat Jerry Joseph de smaak nu helemaal te pakken kreeg en er samen met een glunderende Nir Shemmer onvermoed nog twee nummers aan toevoegde. Het magistrale "San Acacia", ook al uit ‘The beautiful madness’ en het lang uitgesponnen " Wisconsin death trip" waarin Jerry zowaar een wandelingetje door het publiek maakte.
Een zinderend slot van een mooie set die anderhalf uur geduurd had. Ik mag er wel niet aan denken wat dit MET groep gegeven zou hebben. Misschien moet Jerry Joseph bij een volgende Europese tour Nir Shemmer en zijn band eens vragen om hem te begeleiden.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Beoordeling

Pagina 56 van 386