logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Ora Cogan
The Cure
Concertreviews

Lauren Daigle

Lauren Daigle - God zij dank

Geschreven door

De Amerikaanse zangeres Lauren Daigle heeft al twee Grammy-awards op haar schouw staan, maar het is pas sinds dit jaar dat haar succes verder ging dan enkel Amerika. In haar thuisland is ze al een gevierde ster en behoort ze tot de top van ‘contemporary christian music’. In ons land is dit genre niet meteen een begrip, maar in het gelovige Amerika is dit een populaire muzikale richting die nog steeds relevant is. Sinds dit jaar kent ook België de prachtstem van Daigle en zo mocht het ‘uitverkocht’ bordje gisterenavond in de Botanique bovengehaald worden.

Met tien verteerbare minuten vertraging kwam Lauren Daigle na een korte intro op. De bal kwam dan aan het rollen door “Still Rolling Stones” dat met het legendarische “Think” van Aretha Franklin werd gemengd. “Look Up Child” bleef in datzelfde vrolijke elan en onderstreepte voor het eerst het goede samenspel van haar band en de drie backing vocals. Een van de dames kreeg in “Sir Duke”, in het origineel uiteraard van Stevie Wonder, de kans om vocaal helemaal uit te halen, en of ze dat deed.
Naast Daigle’s mooie stem was het toch ook wel de trompettist die de aandacht wist te trekken. In heel wat nummers kreeg het instrument een belangrijke rol toebedeeld. In bijvoorbeeld “Trust in You” was het blaasinstrument de rode draad en maakte het de sound nog iets voller. Een volle sound misten we dan in “Rescue”, dat de campagnesong van Studio Brussel’s Warmste Week is. In de eerste strofe en het eerste refrein leek Lauren een andere key te zingen, waardoor het ietwat raar overkwam. De liveversie focuste iets te veel op de orgel, waardoor we de magie van de studioversie moesten missen.
Terwijl muziek tegenwoordig vooral over alcohol, drugs, seks, liefdesverdriet of een politieke frustratie gaat, zingt Daigle allemaal nummers die een religieuze betekenis hebben. Niet elk nummer is echter een schot in de roos, want in tegenstelling tot bijvoorbeeld “How Can It Be” en “Love Like This” was “Losing My Religion” iets te saai en gebeurde er met het nummer weinig boeiends op podium. “Love Is” werd dan weer gered door een meezingmoment en haar grote hit “You Say” was uiteraard het moment waarop iedereen gewacht had.
Ondanks dat de Amerikaanse zangeres al drie albums uit heeft, kregen we toch net iets te veel covers te horen. Haar Bob Marley mash-up “Your Wings/One Love” was niet bijster memorabel en belandde al snel in de vergeetput. “Don’t Dream It’s Over”, in het origineel van Crowded House, was dan wel weer interessant door een interessante live-uitvoering. Toch hadden we graag nog iets meer van haar eigen nummers gehoord, want die moet ze niet meer naar haar eigen hand zetten. “Tremble” of  “Rebel Heart” waren alvast songs waarvan we er vaker zouden willen horen terugkeren in haar set.
Afsluiten deed ze met vier bisnummers, wat misschien ook iets te veel van het goede was, vooral omdat het (weeral) om drie covers ging.

Dat al de teksten een christelijke inhoud hebben, zal een groot deel van het publiek niet geweten hebben, omdat ze Daigle misschien enkel kenden van “You Say” en “Rescue”. Los van de boodschappen die ze brengt, is de muziek ook zeker mooi te noemen, al zou her en der wat extra pit geen kwaad kunnen.
Op vocaal vlak zong Daigle de hele avond subliem en kon ze het publiek begeesteren met haar stemgeluid dat lichtjes nasaal en hees klinkt.
Charmant was ze bovendien ook en zo liet ze ons voor bijna elk nummer weten dat het een van haar favoriete nummers was.
Een warme persoonlijkheid, die dankzij God de weg naar muziek vond. God zij dank.

Setlist: Still Rolling Stones/Think (Aretha Franklin cover)  - Look Up Child  - O’ Lord  - Trust in You - Sir Duke (Stevie Wonder cover) - This Girl  - Rescue  - Your Wings/One Love (Bob Marley cover) - Losing My Religion  - How Can It Be - Love Like This - Don’t Dream It’s Over (Crowded House cover) - Love Is - Rebel Heart - You Say - Tremble - Move On Up (Curtis Mayfiel cover) - Love Like This - Turn Your Eyes Upon Jesus (cover) - Something Beautiful (cover)

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics (@Dieter Boone)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/lauren-daigle-31-10-2019.html

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Machine Head

Machine Head - Metalmarathon

Geschreven door

Het was nog maar een jaar geleden dat Machine Head te bezichtigen was in ons land, toen ze de AB helemaal tot op de fundering afbraken. Aangezien dit jaar hun debuutplaat ‘Burn My Eyes’ 25 kaarsjes mag uitblazen, zijn de metalheads terug aan het touren. Het was ook 25 jaar geleden dat de band voor het eerst in ons land speelde, toen knutselden ze in dezelfde zaal het voorprogramma van Slayer in elkaar. Een kwarteeuw later is de band uitgegroeid tot één van de meest gerespecteerde metalbands ter wereld. Vorig jaar hielden drummer Dave McClain en gitarist Phil Demmel ermee op, zij werden vervangen door respectievelijk Matt Alston en Vogg Kiełtyka.

De band stond voor twee en een halfuur geprogrammeerd, al was er geen ziel in de zaal die dat geloofde. Machine Head speelt meestal shows van een imposante drie uur en dat was gisteren in Vorst niet anders. Openen deed de band om 20u al met “Imperium”, zo luidden de Amerikanen het eerste deel van de show in. Veel hits, riffs en scheurende baslijnen. Het vroege uur zorgde ervoor dat de zaal nog quasi leeg stond, al stroomde ze na enkele nummers zoetjesaan vol. Zanger Robb Flynn jutte het publiek op, echter was op enkele enthousiastelingen na de sfeer maar flauwtjes. Het was aan het viertal om er schwung in te krijgen.
De bom barstte bij “Locust”, een nummer uit 2011. Hier werd de paradox duidelijk die Machine Head is. Ze zijn tegelijkertijd zeer ruw, maar ook verfijnd, op bepaalde momenten traag én snel. Het feit dat de band zo lang speelde, gaf hen de kans om het publiek helemaal onder te dompelen in hun specifieke sfeer en dan is het jammer dat het publiek soms steken liet vallen. Niet dat de temperatuur onder nul zat, toch moest Flynn meermaals om een circle pit vragen en haalde hij al zijn trucs uit de kast om de show gaande te houden. Dat was vooral nodig bij minder bekende nummers, waarbij een deel van het publiek aan het babbelen sloeg.
Gelukkig is de muziek van Machine Head steenhard en werd de irritante persoon naast ons prompt de mond gesnoerd met een bas van jewelste. Op de momenten dat de band zijn duivels ontbond, kon het concert omschreven worden als muzikaal de beste performance waar men om kon wensen en was het publiek voor de volle honderd procent mee. Steenhard en zonder ademruimtes. Voor een anderhalf uur dan toch, na het eerste deel van de show nam de band toch een welverdiende tien minuten pauze.

Hét signaal voor het publiek om een nieuwe halve liter bier in de handen te nemen, tot op de tonen van “Real Eyes, Realize, Real Lies” deel twee in de steigers stond. Met een licht gewijzigde bezetting speelde de band ‘Burn My Eyes’ integraal, met hier en daar enkele covers tussen gemixt. Voor de gelegenheid kon Flynn originele gitarist Logan Mader en originele drummer Chris Kontos overtuigen om mee te touren. Fantastisch als zoiets lukt, de heren toonden aan dat ze het nog in de vingers hebben.
Na het concert noteerden we Slayer, Metallica en Iron Maiden, al werden de meeste covers tijdens deel twee gespeeld. Leuk, het helpt ook dat ze muzikaal naadloos werden gebracht. Niet gemakkelijk om die bands te coveren, ze doen het toch maar.
Tegen het einde van de show werden we nog op een enorme circle pit getrakteerd en werd het publiek dan toch helemaal wild. Na een valste start trok de mensenmassa zich als een diesel op gang, om dan op volle toeren de barrière in te vlammen. Dat voelde de band, die alsmaar harder ging spelen. Zij tevreden, wij tevreden.

Al bij al zette Machine Head een sterke performance neer en kon het die drie uur goed vullen.

Setlist: Imperium - Take My Scars - Now We Die - I Am Hell (Sonata In C#) - Aesthetics of Hate - Darkness Within - Catharsis - From This Day - Ten Ton Hammer - Is There Anybody Out There - Hallowed Be Thy Name (Iron Maiden cover) - Halo - Davidian - Old - A Thousand Lies - None but My Own - The Rage to Overcome - Death Church - A Nation on Fire - Blood for Blood - I’m Your God Now - One / Thunder Kiss 65 / South Of Heaven / Raining Blood - Block

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be   

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

The Van Jets

The Van Jets - Afscheid langs de grote poort

Geschreven door

Afscheid nemen doet altijd een beetje pijn. Toen The Van Jets aankondigden om na 16 jaar en 5 albums de handdoek in de ring te gooien, sloeg dat toch in als een bom. Echter eindigt de band in goede vriendschap met elkaar en de fans, en op een moment dat ze nog steeds relevant zijn. Getuige daarvan die laatste plaat in 2017 'Future Primitives' die overal zeer goed werd ontvangen. Na een geslaagde festivaltour en afscheidsconcert in Gent, stonden er nu twee compleet uitverkochte optredens gepland in een uitverkochte Ancienne Belgique. Wij waren erbij op donderdag 31 oktober …

Vanaf de eerste song “21st Century Boy” werd al duidelijk dat de band met een knal van formaat hun fans wilde bedanken voor al die jaren hen trouw volgen. Het publiek reageerde dan ook laaiend enthousiast, en zou daar niet mee ophouden tot het einde van de avond. Ook de band zelf voelde aan dat ze hier in AB een soort thuismatch konden spelen, en die winnen met een monsterscore.
Daarom werd de lat prompt wat hoger gelegd. De vuurkracht waarmee de heren in de beginjaren menig concertzaal en festivalweide plat speelde,  blijft na al die jaren nog steeds overeind staan. Dit zou dus geen afscheid worden van een band die uitgeblust is, maar één band op het hoogtepunt van zijn kunnen. Dat zorgde voor een wervelend feest dat maar bleef aanhouden met het prachtige “Here Comes the  Light”. Al vrij vlug een hoogtepunt op deze avond.
Een groot pluspunt aan The Van Jets is dat na al die jaren ze steeds durven en kunnen variëren in hun kunnen. Zo was er een intiemer moment toen Johannes akoestisch en solo een pakkende versie bracht van “Teevee”, waarna alle registers terug werden open gegooid bij “Pink & Blue”.
Wie had gedacht dat het toppunt toen was bereikt , kreeg nog een verschroeiende finale voorgeschoteld waarbij de band de handen op elkaar kreeg bij “The sound of Sea”, “Down Below” en “The Future”. Een daverend applaus volgde, waarna de band daar gewoon enkele stevige scheppen bovenop doet met het laaiend enthousiast onthaalde “Ricochet” , “Our love = stronge” en “Danger Zone”.
Op het einde van deze circa twee uur lange set stond iedereen, tot zelfs in de tribunes, recht om de band nog een laatste daverend en welverdiend applaus te bezorgen. Een toch duidelijk geëmotioneerde Johannes bedankt zijn fans met 'dit gaan we missen, en elkaar ook want we stoppen niet omdat we elkanders kop beu gezien zijn' verklaarde hij.
De voltallige band kwam nog terug om als mooie kers op de taart een akoestische versie te brengen van “Here Comes The Light”. Een overweldigend mooi sluitstuk, van een meer dan geslaagd afscheidconcert in AB.

The Van Jets nemen in Ancienne Belgique afscheid langs de grote poort, door het brengen van een gevarieerde set van twee uur die geen seconde verveelde. Ze schotelden een wervelend optreden voor waarbij de daken er naar goede gewoonte afgaan, maar ook veel uiteenlopende emoties werden losgeweekt zowel bij de fans als de band zelf. Of dit een definitief afscheid is , laten we in het midden, maar ook als dit niet of wel het omslaan is van een ander bladzijde in de carrière van The van Jets? Dan buigen we nederig het hoofd en zeggen geen vaarwel, maar tot weerzien. Want deze band is na 16 jaar nog verre van uitgeblust, integendeel. Dat bewezen ze op deze Halloween avond in Ancienne Belgique uitvoerig.

Setlist: 21st Century Boy - Short Notes - Here Comes the Light - Electric Soldiers - Bankers -  Day on Clouds - Mystify - Teevee (Johannes Solo & Acoustic) - Pink & Blue - Who Does? -  Strange Paradise - Shit to Gold - Broken Bones - The Sound of Sea - Down Below - The Future
Encore: Ricochet - Our Love = Strong - What's Going On? - Boy to Beastie - Danger Zone -  Two Tides of Ice
Encore 2: Here Comes the Light (acoustic)

Met dank aan DaMusic http://www.damusic.be

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Vooruit, Gent op 18 oktober ll
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/handelsbeurs/the-van-jets-18-10-2019
Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

The Delines

The Delines - De nachttrein van The Delines

Geschreven door

Oude tradities verdwijnen aan snel tempo in België, en ter vervanging ontstaan nieuwe tradities die van ergens overgeplant worden en een eigen draai krijgen. Zo is 31 oktober pas heel recent, onder de invloed van de commercie, Halloween geworden en ook het Mexicaanse Dia de los Muertes krijgt bij ons een commerciële invulling in allerhande activiteiten tijdens het Allerheiligenweekend. Dit jaar zag ik voor de eerste keer, verklede kinderen van deur tot deur gaan voor het  oer-Amerikaanse trick or treat.
Zelf heb ik het niet zo op geïmporteerde tradities, en daarom trok ik op Halloween naar de AB-club voor het origineel, voor een avondje puur en onversneden Americana recht uit de USA. The Delines kwamen hier immers hun tweede plaat, ‘The Imperial’ voorstellen, een must voor de liefhebbers van country, Americana en het Amerikaanse levenslied.

The Delines zijn een band uit Portland, Oregon, en kun je de reïncarnatie van Richmond Fontaine noemen, een countryrock-band die bestond tussen 1996 en 2016, die voor mij altijd onder de radar is gebleven, maar die raakpunten had met Wilco, Willard Grant Conspiracy en Green on Red. De kern van The Delines zat bij Richmond Fontaine, naast songschrijver Willy Vlautin, speelden ook bassist Freddy Trujillo en drummer Sean Oldham bij die eerste band. Oude wijn in nieuwe zakken dus? Niet echt, want de sound van The Delines wordt volledig bepaald door zangeres Amy Boone, en het tempo werd ook een stuk verlaagd, zodat je kan stellen dat de rock uit de countryrock verdwenen is en het dus hedendaagse, wat ze in de USA met een lelijk woord, alternatieve country noemen.
In 2014 namen The Delines hun debuut ‘Colfax’ op, maar het was dus wachten tot dit jaar voor de tweede, ‘The Imperial’. Zangeres Amy Boone had namelijk in 2016 een ernstig auto-ongeluk, zodat het tot dit jaar duurde eer de band terug volledig operationeel werd. Het was het wachten waard, want ‘The Imperial’ is een heel sterke plaat, wat The Delines vanavond ook op het podium van de AB bewezen.
De sterkte van deze band zijn de zeer rake, filmische teksten: songschrijver Willy Vlautin is naast muzikant ook een verdienstelijke romanschrijver, hij heeft al vijf boeken op zijn conto,  waarin hij de levens schetst van de gewone man in het Amerikaanse Midwesten die het moeilijk heeft de Amerikaanse droom waar te malen. Een aantal van die boeken zijn trouwens in het Nederlands vertaald en uit bij Meulenhoff.  Dit trekt hij door bij The Delines, hij slaagt erin met een halve zin het leven te schetsen van de personages uit zijn songs.
Zangeres Amy Boone brengt die verhalen met veel emotie, zodat je de personages echt tot leven hoort komen. Nummers als “Eddie and Polly” en “Holly the hustle” waren prachtige, bitterzoete verhalen die echt sterk binnenkwamen bij het publiek in de AB. De band vulde die verhalen aan met rustige, verstilde country, met mooie accenten van toetsen en trompet, die een nachtelijke sfeer opriepen. De vroege Tom Waits was niet ver weg, en als recentere referentiepunten kwam je uit bij Carla Torgerson van The Walkabouts , Courtney Marie Andrews en Joan as Police Woman.
The Delines zingen niet alleen over de gewone man, ook het Amerikaanse Midwesten wordt in al zijn tristesse bezongen: kleine steden in de middle of nowhere waar nooit iets gebeurt, met motels zoals ‘The Imperial’ die permanent bewoond worden door huurders die zich geen huis of stacaravan kunnen veroorloven. We moesten heel erg denken aan de Canvasserie ‘On the road zonder Jack’ van Luc Vrydaghs. Er zijn weinig bands die met klank en verhalen kleine, muzikale kortfilms creëren, maar The Delines spelen het klaar, en daarom zitten ze alvast in mijn eindejaarslijstje.

Setlist: Eight floors up - The Imperial-Lately   I've been going down - Waiting on the blue - That old haunted place - Holly the Hustle - Colfax Avenue - Hold me slow – Instrumental - Where are you Sonny? - A room on the tenth floor - Eddie & Polly - I always meant to come back - Cheer up Charley /Stateline - Let's be us again - Wait for me - When Marlene was Marlene - He don't burn for me

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Reptilians From Andromeda

Reptilians From Andromeda - Garagepunk-party met Reptilians From Andromeda

Geschreven door

Bij Turkije denken we al snel aan all-in vakanties en Syrische vluchtelingen, maar niet meteen aan rockbands. Jammer, want de rock- en punkscene van bv. Istanbul is heel rijk en divers. Reptilians From Andromeda is een garagepunkband uit Istanbul die regelmatig door Europa tourt. De eerste halte van hun jongste tournee was in Den Trap in Kortrijk.

In het Belgische luik van deze tour krijgen de Reptilians het gezelschap van onze eigen Unwanted Tattoo . Beide bands zijn goed bevriend en nodigen elkaar geregeld uit. Ze zitten muzikaal een beetje in hetzelfde straatje en hebben dezelfde retro-vibe in hun artwork en posters. Unwanted Tattoo brengt catchy garagepunk met heel diverse invloeden, van surf tot Mexico.
In Den Trap beginnen ze met de surf-instrumental “Surf Aloha Splash”. Daarna vallen de zangeressen Annette en Rine in en gaat de snelheid omhoog met “Fool On A Leash” en “Devilette”. Zowat alle tracks van hun jongste vinylalbum ‘Pardon My French’ komen langs, aangevuld met de jongste single “Hey Lucha” en ouder werk.
Liefst drie covers schotelen ze ons voor, maar dat mag zeker op een set van ruim 20 songs. Vooral als ze die zo raak weten te kiezen: “Human Fly” van The Cramps, “Beat Up The Brat” (of “Tattoo On The Brat”, uitzonderlijk gezongen door gitarist Wouter) van The Ramones en “Do You Love Me” (Now That I Can Dance) van The Contours (maar bekender in de versie van The Sonics).
Unwanted Tattoo heeft als band al heel wat kilometers op de teller, maar zal voor veel muziekliefhebbers nog in de categorie van ‘te ontdekken’ vallen. Het voordeel is dat de bandleden bijzonder goed op elkaar ingespeeld zijn. Hun enthousiasme werkt aanstekelijk. Het is altijd een feestje als Unwanted Tattoo op het podium staat. Laat u niet misleiden door de strakke jurkjes van de dames, het is echt wel een rockband die op het podium staat.

Na een heel snelle podiumwissel - de Reptilians From Andromeda  spelen met dezelfde backline en dezelfde instrumenten als Unwanted - is het de beurt aan Aybike, Tolga, Kerim en Onat. Zangeres Aybike is meer dan gewoon een zangeres. Ze zingt, schreeuwt, danst, knielt, vloekt en rolt over het podium en duikt geregeld het publiek in als ware ze de vrouwelijke equivalent van Iggy Pop. Haar bindteksten in het Engels, daar is nog wat werk aan, maar dat compenseert ze met rijkelijke dosissen enthousiasme en overgave. De lyrics gaan nogal vaak over dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn en lijken daarom vooral uit de koker van Aybike te komen. Gitarist Tolga en de rest van de band hebben een net zo grote rock ’n roll-factor als hun frontvrouw, maar blijven wat in haar schaduw.
Reptilians From Andromeda brengt net als Unwanted Tattoo garagepunk, maar dan nog twee tanden smeriger en ruiger. De setlist bestaat uit de hele EP ‘Bloodlust Of The Doll Witch’, aangevuld met veel ouder werk en ook wel een paar covers. Nancy Sinatra’s “These Boots Are Made For Walking” krijgt een rauwe punk-jas aangemeten, “Eyeball” van The Subsonics kan in Kortrijk niet op herkenning rekenen, en bij “Havana Affair” van The Ramones gaat het publiek wel helemaal uit z’n dak.
Het eigen werk is minstens zo overtuigend, met furieuze versies van Drop Dead en Rugarou. Na een stomende set krijgen de Reptilians nog een welverdiende toegift. Als alle Turkse bands ons zo kunnen overtuigen, mogen er nog meer de oversteek maken.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/den-trap-kortrijk/reptilians-from-andromeda-30-10-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/den-trap-kortrijk/unwanted-tattoo-30-10-2019.html

Organisatie: Den Trap , Kortrijk

Beoordeling

Daughters

Daughters - What the f***!

Geschreven door

Iets later dan gepland arriveer ik in de l’Aéronef en al meteen begint Jeromes Dream*** met spelen. Ik ken deze 3-koppige screamo-band uit Connecticut (V.S.) al langere tijd en ben fan van hun werk. Niet onbelangrijk is om te vermelden dat we van een klein geluk mogen spreken om deze band live aan het werk te kunnen zien. Ze hebben al een vrij turbulent verleden achter zich.
Jeromes Dream startte oorspronkelijk in 1997 en was toen één van de weinige screamo-bands in de lokale scene. Meerdere bands zijn daarom ook beïnvloed geweest door Jeromes Dream’s sound. Ze brachten verschillende split-ep’s uit met o.a. “Orchid, The Book of Dead Names” en “Amalgamation”. Na de release van hun tweede langspeler ‘Presents’ hield de band het voor bekeken. Gelukkig kwam de band opnieuw tezamen in 2018 en brachten ze na een fundraise-campagne hun laatste full ‘Untitled’ uit. Die laatste plaat werd door niemand minder dan Jack Shirley (Atomic Garden Studios) gemixt en werd middelmatig onthaald.
Hun optreden was vrij goed, maar ik vond dat de vocals niet krachtig genoeg over kwamen. Ik weet dat Nick Antonopoulos (zanger/gitarist) normaal gezien altijd in het publiek staat en zonder microfoon screamt. Want hij schijnt een hekel te hebben aan het podium. Net daarom was het voor mij een verrassing dat hij vanavond wel op het podium stond, met microfoon, geheel de show met zijn rug gekeerd naar het publiek. Misschien had hij al moeilijkheden met zijn stem? Wat maakt het uit… in ieder geval kwamen de nummers wel goed tot hun recht en leek de menigte te genieten. Algemeen gezien miste ik live die extra power, voelde ik de kwaadheid van in hun lyrics te weinig tot bij ons komen en werd het optreden op den duur ietwat monotoon. Ik had er toch meer van verwacht, maar vond hen een meer dan geschikt voorprogramma voor Daughters.

Daughters*****, de enige woorden waarmee ik hun optreden kan beschrijven zijn: What the F***! Daughters bracht van begin tot einde een keiharde, agressieve set. Alexis Marshall (zanger) gaf alles wat hij kon en gaf zich compleet over aan het gebeuren. Hij zong niet alleen steengoed, maar hij likte ook aan de microfoon, sleepte hem over de grond, smeet ermee in ’t rond, draaide de kabel rond zijn hals,… Het klinkt misschien allemaal nogal als makkelijk leedvermaak.
Maar dit deed hij duidelijk als het gevolg van de muziek. De band was in topvorm en leken zo vlotjes op elkaar ingespeeld. Nummer na nummer viel mij op hoe goed de drums, de gitaren, synths wel niet werden gespeeld. Ik was heel benieuwd of ze de nummers van hun laatste plaat (‘You Won’t Get What You Want’) live ook even intens konden brengen, want op dat album beuken ze al zo hard. En ik moet zeggen: live kwam alles nòg destructiever over. Zo bleek ook het publiek te reageren. Het ging er wild aan toe: er waren vele sing-a-longs en er werd ook gecrowdsurft.
Tijdens bepaalde nummers kwam Alexis ook het podium af en liep hij verdwaasd door het publiek. Hierdoor creëerde hij een dynamiek waarin iedereen betrokken werd. Soms moest ik ook denken aan de sfeer die vaak heerst bij een optreden van Gruppo Di Pawlowski (zijproject Mauro Pawlowski). Ik denk dat Alexis en Mauro het goed met elkaar zouden kunnen vinden.
De hoogtepunten van hun set waren voor mij persoonlijk “The Dead Singer”(toppunt van chaotisch gitaarspel met een knipoog naar Kabul Golf Club - RIP Lorent Pevée), “The Lords Song” (vanwege de geniale intro) en “Satan in the Wait” (vanwege de destructieve sfeer dat het gehele nummer met zich teweegbrengt).
Persoonlijk vind ik het wat jammer dat ze geen nummer van de plaat ‘Hell Songs’ gespeeld hebben, maar dit is dan ook maar het enige punt van ‘kritiek’ die ik kan vinden (na lang zoeken en uiterst persoonlijk).

Dit optreden, op deze avond, van deze band, was voor mij het beste optreden dat ik in jaren zag. Het is een onmogelijke opgave om in woorden te gieten hoe goed deze band live wel niet is. Vijf sterren geef ik niet snel. Maar de heren van Daughters verdienen ze zonder twijfel allemaal. Alles zat gewoon zo goed.
Moest Daughters er ooit (opnieuw) mee stoppen, zou dat een groot verlies zijn in de muziekwereld. Ik zou gaan rouwen. Zonder twijfel.
Wat een show was me dit niet. Zeker één die mij nog lang zal bij blijven.

Setlist: The Reason They Hate Us - The Lords Song - Satan in the Wait - The Dead Singer - Our Queens - Long Road, No Turns - Less Sex - The Hit - The Virgin - Guest House - Daughter - Ocean Song

Pics homepag @Davy De Schrooder
Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Trix, Antwerpen, 4 oktober 2019 ll
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/trix-antwerpen/daughters-04-10-2019.html

Organisatie: Aéronef, Lille

Beoordeling

The Detroit Cobras

The Detroit Cobras - Oude, vergeten parels zorgen voor een uitgelaten feestje

Geschreven door

Vooraleer het weerzien zich, na maar liefst vijftien jaar, kon voltrekken werden we nog eerst twee Parijse bands door de strot geramd. Vergeef me de wat oneerbiedige uitdrukking. Ik heb er trouwens alle begrip voor dat men beginnende groepen een kans geeft , maar ik had toch het gevoel dat er genoeg Franse groepen zijn die wat nauwer zouden aansluiten bij dit hoofdprogramma.

In de keuze voor Jack’s On Fire kon ik me nog enigszins vinden. Het viertal rond Vincent Lion en Claudia Singer hinkte wat op twee gedachten. Zanger-gitarist Lion deed hard zijn best om zo Brits mogelijk te klinken en wordt daarbij wel eens vergeleken met Arctic Monkeys maar daar had ik geen boodschap aan. Geef mij maar het zangeresje dat beschikte over een stel wonderlijke stembanden waarmee zij het eerder in de noiserock zocht. Wanneer ze het op een gillen zette , liet ze zelfs een Nele Janssen van Peuk wat verbleken.
Midden in de set hoorde ik onverwacht een vonken slaande versie van “Cherry Bomb”, dat het origineel van The Runaways ruimschoots overtrof en waardoor ik me al opmaakte voor een definitieve kentering. Helaas bleek het nummer dat erop volgde eerder op een afleggertje van The Strokes.

Met Parlor Snakes verscheen er een goed geoliede band op het podium met een onwrikbare sound waar geen millimeter van werd afgeweken en die verdomd goed wist waar ze naartoe wilde, helaas was dat niet mijn favoriete bestemming. Dit leek een kruising tussen glam en powerrock die voor weinig verrassingen zorgde , maar met Eugénie Alquezar hadden ze wel een geweldige frontvrouw in huis. Niet dat ze zo goed kon zingen of een virtuoos was op haar instrument (haar orgeltje deed trouwens meestal dienst als decoratie). Maar aan charisma had ze geen gebrek terwijl ik nooit eerder een zangeres zo gracieus zag dansen als zij en dat op torenhoge stiletto’s. En zo zorgde deze wonderlijke verschijning ervoor dat ik niet vroegtijdig de bar opzocht.

The Detroit Cobras, wie kent ze nog? Tussen 1998 en 2006 maakte deze groep rond zangeres Rachel Nagy en gitariste Mary Ramirez (de lijst met de overige groepsleden is schier eindeloos) vier LP’s en één EP vol obscure covers. Nagy en Ramirez wilden graag een band beginnen maar waren te lui om zelf nummers te schrijven. “Waarom zou je zelf een slechte song maken terwijl er al zoveel goede zijn” en dus keerden ze hun platenkast om.
Na acht jaar bleek die bron uitgeput en verdwenen de Cobras in de anonimiteit. Dus was het maar de vraag wat ze er na al die jaren nog van zouden bakken. Nieuw werk buiten een single op Jack White’s ‘Third Man Records’ is er niet.
Vergeleken met het elegante mirakel van daarnet oogde Rachel Nagy eerder een slons, maar dan wel een heel sympathieke en met tonnen meer (zang)talent. Nagy leek er al eentje op te hebben en dan druk ik me nog voorzichtig uit. Bij momenten hield ze zich nauwelijks staande, evenwichtsproblemen of straalbezopen? Gelukkig zette dat in ieder geval geen rem op het vocale werk want dat was nog steeds bijzonder indrukwekkend.
“Wie durft er Adele nog een goeie zangeres noemen nadat hij Rachel Nagy gehoord heeft” las ik ergens en daar kan ik me volledig bij aansluiten. Haar uiterlijk was misschien niet zo gracieus meer, haar stem dus te meer. Met een indrukwekkende souplesse reeg ze nonchalant maar altijd soulvol de rock-‘n-roll, rhythm-‘n-blues en soulparels aaneen. Naast haar het eeuwig goedlachse opdondertje, Mary Ramirez, die voortdurend bleef rondhossen. Het valt misschien niet meteen op maar ze is een verrekt goeie gitariste met een perfecte timing.
De rest van de groep (tweede gitaar, bas en drums) zorgde voor de vette en erg aanstekelijke garagesound. Wat was het een feest om al die oude vergeten juweeltjes, niet zelden deels door het publiek meegezongen, terug te horen. “Putty (in your hands)”( The Shirelles, ook gekend van The Yardbirds) , “Cha cha twist” (Connie Francis), de Oblivians klassieker “Bad man” (hier “Bad girl” uiteraard), “Weak spot” (Ruby Johnson) of “Leave my kitten alone” (Little Willie John) voorzien van een heerlijk “Meow”: het waren voortdurend aanslagen op de heupen.
Bij “Ya ya ya (Lookin’ for my baby)” (The Nightriders) beleefde een dame uit het publiek de tijd van haar leven toen ze mocht komen meezingen op het podium. Deze uitbundige nostalgische trip eindigde met het wat forsere “I wanna holler” (Gary U.S. Bonds) waarbij de groepsleden één voor één het podium verlieten met als laatste de drummer.
Er konden nog twee bissen af waarbij Rachel Nagy, vers drankje in de hand, haar hooggehielde laarzen had uitgetrokken en in bontgekleurde sokken verscheen. Teneinde het evenwicht wat beter te kunnen bewaren waarschijnlijk.

Organisatie: 4écluses, Dunkerque

Beoordeling

Yungblud

Yungblud - Subculturenstroper is een storm in een glas groeimelk

Geschreven door

Yungblud is hip, in die mate dat de jonge Dominic Harrison en zijn compagnons op één jaar tijd drie keer de grote AB zaal tot de nok weten uit te verkopen. We keken vooralsnog de kat uit de boom. ‘Andermaal een opgeblazen hype’, zo dachten we, maar wanneer een hype blijft duren, dan kan er misschien wel eens wat meer aan de hand zijn. We sprongen in het muzikale ongewisse, maar werden helaas niet beloond voor onze gok.

Aan opwarmers SAINT PHNX maken we niet te veel woorden vuil. Het flauwe afkooksel van bands als Twenty One Pilots verzoop in overmatig gebruik van effecten en sample pads.
Daarnaast wist de frontman met zijn ge-yiyiyi geen blijf en hadden de nummers live niet veel meer om het lijf dan een beperkte hutsepot van All Time Low en Jonas Brothers, en dan zijn we nog optimistisch. Het bleek het (heel erg) jonge publiek echter worst te wezen. De AB was bij dit voorprogramma al erg goed gevuld en zelden maakten we het mee dat een publiek bij het voorprogramma al in het rond ging hoppen als een gigantische, verse worp konijnen.

Emo, punk en pop maakten de voorbije tien jaar een gigantische transitie door en de tijd toen diepgewortelde emotionele rock nog een labeltje ‘alleen voor depressieve zielen’ droeg, je tot de hardere kern moest behoren om punk te zijn, rappers een afkeer hadden van gitaren … Kortom, de tijd dat subcultuurparticipanten consequent hun neus ophaalden voor al wat richting commerciële pop overboog, die zijn definitief voorbij.
Wat begon met cross-over acts als Limp Bizkit, Green Day en All Time Low, heeft met Yungblud mogelijks het point-of-no-return bereikt. De jonge Brit heeft in geen tijd de ooit majestueuze troon van weggedeemsterde acts van onder het stof gehaald en zich eigen gemaakt.

Dat hij vingervlug ideetjes van alle relevante acts sinds de jaren ‘10 pikt, zal zijn erg jonge publiek evenwel ontgaan zijn. Moeilijk maakte hij het zijn iets oudere toeschouwers echter niet. In de wachtdeuntjes spotten we achtereenvolgens My Chemical Romance, Lil Peep en Green Day. De manier waarop Harrison door het publiek wordt onthaald , doet ons dan weer terugdenken aan Tokio Hotel. Juist ja, die graad van idolatrie.
Al tijdens de eerste tracks “21st Century Liability” en “Parents” werd duidelijk dat Yungblud meer draait om zijn image en de act an sich, dan de muzikale uitvoeringen. De nummers, die op plaat meer dan te pruimen zijn, kwamen live niet veel verder dan een sessie ‘wild in het rond springen’ en ‘halvelings wat lyrics door een vaak onhoorbare micro roepen’. Zowel het microstatief als Yungblud zelf pingelden meermaals tussen de uithoeken van het podium. Een verwoestende shot energie, dat het publiek in extase dreef, maar waarbij het muzikale aspect erg ondergeschikt was.
Net als zijn voorprogramma sleurt Yungblud geen groot legioen aan bandmaten met zich mee, en ook hier was er duidelijk goed met effectpedalen en tapes geknutseld om een dik, vol geluid door de speakers te kunnen knallen. Dit werd erg duidelijk aan het einde van de reguliere set, met name in de cover van MGK’s “I think I’m Okay”.
Ook bij de monsterhit “I Love You, Will You Marry Me” was dit niet anders, de gitaar die de flamboyante frontman rond zijn nek gezwierd krijgt , deed vooral dienst als accessoire. Het nummer kreeg wel een heel erg verleidelijke ska-tint, wat we dan weer konden appreciëren.
Yungblud is een man van het volk, maar liet datzelfde volk ook meer dan eens het werk voor hem opknappen. De vaak toch wel iets minder goedgemutste teksten rolden namelijk moeiteloos en luidkeels uit de pakweg tweeduizend jonge kelen, waardoor Yungblud het regelmatig onnodig achtte de vocale kar te trekken.
We mogen dit niet omschrijven als ‘spelen op spaarmodus’, want konden we de 22-jarige aansluiten op het elektriciteitnet, het wereldwijde energieprobleem was opgelost.
Soms lag het kopieergedrag van Yungblud er te vingerdik op, wat best een domper op de feestvreugde was. Het duurde jaren alvorens er uit het muziekcircus een jong, rockend, succesvol tieneridool voort te brengen. Helaas bleek de hoeveelheid ‘uniciteit’, bij de gehoopte verlosser die Yungblud is, toch aan de magere kant te zijn.
Gelukkig konden we naarmate de show volgde wel enkele driekwart hoogtepunten noteren. “Orginal Me” uit Yungblud’s nieuwste EP was veruit het best gebrachte nummer van de avond, en deed “Loner” ons zowaar aan de broertjes Gallagher denken.
Ook het eenvoudig, maar mooie, akoestisch gebrachte “Casual Sabotage” mocht er wezen en één van zijn laatste shots pure brit-power “Braindead!”, was duidelijk een verre achternicht van Arctic Monkeys’ “I Bet You Look Good On The Dancefloor”. Een garantie op succes als het ware.

Yungblud had in Brussel geen enkele moeite om het uitmuntend enthousiaste publiek zich in het zweet te doen springen, moshen en gillen. Is het zijn charisma? Is het zijn jeugdigheid? Is het zijn, voor veel jongelingen, herkenbaar verhaal? Mogelijks is het een mix van dat alles. Helaas kwamen de nummers live heel erg zelden in de buurt van de gepolijste kwaliteit die zijn producers en studio-engineers uit de hoed toverden.

Setlist: 21st Century Liability - Parents - I Love You, Will You Marry Me - King Charles - Anarchist - Polygraph Eyes - Original Me - Loner - Kill Somebody - I Think I'm OKAY (Machine Gun Kelly cover) - Casual Sabotage - Waiting on the Weekend - California - Braindead! - Hope for the Underrated Youth - Machine Gun (F**k the NRA)

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/yungblud-28-10-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/saint-phnx-28-10-2019.html
Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Pagina 111 van 395