logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Ora Cogan
Guns N Roses
Concertreviews

Emily Jane White

Festival les femmes s’en melent Emily Jane White – bezwerende trip

Geschreven door

Festival les femmes s’en melent - Cults en Emily Jane White
Grand Mix
Tourcoing

Vrouwenstemmen kregen een vooraanstaand plaatsje vanavond onder de noemer ‘Les femmes s’en melent’ . Drie bands , artiesten kwamen in de Grand Mix Tourcoing, Chantal Acda, Emily Jane White en Cults.

In het begin van de avond hadden we de intrinsieke sombere schoonheid van Chantal Acda , die o.m. naast het werk met Isbells al in vele gedaantes te zien was en zich graag in  het eigen werk verdiept en profileert. Bij haar komt het ‘Duyster’ aspect het sterkst naar voor.
 
We sloten zelf aan bij de Californische Emily Jane White , al een tijdje bezig en zij debuteerde in 2008. De sing/songwritster brengt ingetogen , meeslepend en bezwerend materiaal , put uit de americana/folk en bluestraditie en breidt er moeiteloos wat pathos, bombast en dramatiek op z’n Kate Bush/Florence Welch aan . De dame was in het zwart gekleed, een rode cape overheen en bouwt muzikaal een intens broeierige spanning op in haar songs. De schoonheid schuilt vooral in de pianotunes, de cello , het tromgeroffel en haar pakkende lage maar evenzeer hoog uithalende zang, die heel wat variaties toelaat . De weemoedige , droefgeestige songs hebben een verlatingsangst in zich en worden dus gedragen door haar mystieke stem . Natuurlijk kwam het recente ‘Blood/lines’ , haar vierde plaat al , het meest aan bod met o.m. een innemende “Keeley” , het donkere, onheilzwangere “Holiday song” en “My beloved” , die aanzwol , aangedikt werd , en extravert, snedig klonk door de instrumentatie en haar directe gitaarspel. Een uitermate boeiende set , waarin duidelijk gependeld werd in dramatiek: “Reqeuim waltz” en “Wake” huiverden - “Silence/slain” en “Frozen heart”  hadden een intrigerende opbouw . Het oude “Dagger” van het debuut ‘Dark undercoat’ werd opgevist , en had een dreigende spanning  door de diepe cellotunes , het galmend gitaargetokkel en haar zachte, indringende stem.
Een zetje vooruit in haar concept waren de projecties en het gepentekende zelfportret. Er schuit alvast iets bijzonders in deze dame & haar sound …

Het uit NY afkomstige Cults rond Madeline Follin en Brian Oblivion kon ook op heel wat respons rekenen . Ze hebben totnutoe twee platen uit en hun elektronica wordt verweven met 60s getinte zeemzoeterige droompop, wavetunes en wat shoegaze effects . De bezwerende  vocals van Madeline zweven over de nummers heen; af en toe vult Brian of een ander groepslid aan. Met z’n vijf waren ze , en in een bedwelmende trip van “Blow song” zat hier ergens Beach House verstopt.
Een pak korte compacte  nummers stelden ze voor in hun uur durende set . “Abducted”, “You know what I mean”, “Bumper , “I can hearly make you mine” en “Rave” onthouden we zeker, die zwierig, opwindend klonken, en door de rock’n’roll/shoegazereffects weerbarstiger waren. Een danspasje op het podium en bij de eerste rijen werd opgemerkt .
Het kwintet had er duidelijk zin in en zocht een evenwicht tussen die ‘60s gezwinde rock’n’rollgitaar en elektronica . In de bis werden alle registers opengezet , “Heads up” , “Go outside” en “Oh my god” kregen een stevig randje , scheurden en een leuk bevlogen xylo motiefje drong goed door  .
Charmant bandje die honigzoet kon zijn door die 60s Spector sound en borrelde door  Raveonettes, Pipettes en Beach House capriolen .

Organisatie: Grand Mix , Tourcoing

Beoordeling

Cults

Festival les femmes s’en melent - Cults – Charmante ‘60s honingrock’n’rollelectro

Geschreven door

Festival les femmes s’en melent: Cults en Emily Jane White
Grand Mix
Tourcoing

Vrouwenstemmen kregen een vooraanstaand plaatsje vanavond onder de noemer ‘Les femmes s’en melent’ . Drie bands , artiesten kwamen in de Grand Mix Tourcoing, Chantal Acda, Emily Jane White en Cults.

In het begin van de avond hadden we de intrinsieke sombere schoonheid van Chantal Acda , die o.m. naast het werk met Isbells al in vele gedaantes te zien was en zich graag in  het eigen werk verdiept en profileert. Bij haar komt het ‘Duyster’ aspect het sterkst naar voor.
 
We sloten zelf aan bij de Californische Emily Jane White , al een tijdje bezig en zij debuteerde in 2008. De sing/songwritster brengt ingetogen , meeslepend en bezwerend materiaal , put uit de americana/folk en bluestraditie en breidt er moeiteloos wat pathos, bombast en dramatiek op z’n Kate Bush/Florence Welch aan . De dame was in het zwart gekleed, een rode cape overheen en bouwt muzikaal een intens broeierige spanning op in haar songs. De schoonheid schuilt vooral in de pianotunes, de cello , het tromgeroffel en haar pakkende lage maar evenzeer hoog uithalende zang, die heel wat variaties toelaat . De weemoedige , droefgeestige songs hebben een verlatingsangst in zich en worden dus gedragen door haar mystieke stem . Natuurlijk kwam het recente ‘Blood/lines’ , haar vierde plaat al , het meest aan bod met o.m. een innemende “Keeley” , het donkere, onheilzwangere “Holiday song” en “My beloved” , die aanzwol , aangedikt werd , en extravert, snedig klonk door de instrumentatie en haar directe gitaarspel. Een uitermate boeiende set , waarin duidelijk gependeld werd in dramatiek: “Reqeuim waltz” en “Wake” huiverden - “Silence/slain” en “Frozen heart”  hadden een intrigerende opbouw . Het oude “Dagger” van het debuut ‘Dark undercoat’ werd opgevist , en had een dreigende spanning  door de diepe cellotunes , het galmend gitaargetokkel en haar zachte, indringende stem.
Een zetje vooruit in haar concept waren de projecties en het gepentekende zelfportret. Er schuit alvast iets bijzonders in deze dame & haar sound …

Het uit NY afkomstige Cults rond Madeline Follin en Brian Oblivion kon ook op heel wat respons rekenen . Ze hebben totnutoe twee platen uit en hun elektronica wordt verweven met 60s getinte zeemzoeterige droompop, wavetunes en wat shoegaze effects . De bezwerende  vocals van Madeline zweven over de nummers heen; af en toe vult Brian of een ander groepslid aan. Met z’n vijf waren ze , en in een bedwelmende trip van “Blow song” zat hier ergens Beach House verstopt.
Een pak korte compacte  nummers stelden ze voor in hun uur durende set . “Abducted”, “You know what I mean”, “Bumper , “I can hearly make you mine” en “Rave” onthouden we zeker, die zwierig, opwindend klonken, en door de rock’n’roll/shoegazereffects weerbarstiger waren. Een danspasje op het podium en bij de eerste rijen werd opgemerkt .
Het kwintet had er duidelijk zin in en zocht een evenwicht tussen die ‘60s gezwinde rock’n’rollgitaar en elektronica . In de bis werden alle registers opengezet , “Heads up” , “Go outside” en “Oh my god” kregen een stevig randje , scheurden en een leuk bevlogen xylo motiefje drong goed door  .
Charmant bandje die honigzoet kon zijn door die 60s Spector sound en borrelde door  Raveonettes, Pipettes en Beach House capriolen .

Organisatie: Grand Mix , Tourcoing

Beoordeling

Anna Calvi

Anna Calvi grijpt bij het nekvel!

Geschreven door

Een pittige dame , die Britse Anna Calvi die we al omschreven als een wolvin in schaapskleren, ééntje met klauwen en weerhaken, wat verlegen, maar met wat een sound komt ze met haar band aandraven. De  dame , vroeger de haren strak achterover gekamd , staat nu op het podium, nog meer sexy met losse krullen en de lippen mooi gerood .
Ze is toe aan haar tweede cd , ‘One breath’, die het titelloos debuut opvolgt . Zij kwam in de spotlights als support van Nick Cave’s Grinderman , en heeft zich intussen ontpopt als een ‘rockchick’, die ergens te situeren tussen PJ Harvey , Gallon Drunk en Nick Cave himself.

Haar songs hebben een onheilspellende dreiging, een broeierige spanning en een donkere intensiteit, bepaald door een (mes)scherp, grimmig, indringend gitaarspel – getokkel en gedragen door haar helder innemende zang, die doet denken aan Julee Cruise en Alison Goldfrapp . Haar muziek kruist de soundtracks en de paden van A. Badalamenti , D. Lynch en E. Morricone.
Oude songs “Desire” en “Jezebel”  betekenden de doorbraak en zijn op het netvlies gebrand. Het huidig materiaal is ietwat sfeervoller, maar die unieke mystieke , mysterieuze spanning verliest ze nergens.
Live zorgt ze ervoor dat de stoere songs als “Rider to the sea”,  Cry”,  “I’ll be your man”, “Carry me over” , “Love won’t be leaving” in het gitaarspel en in de instrumentatie meer vrij spel hebben; ze refereert hier aan ‘The firstborn is dead’, één van de eerste platen van Cave & The Bad Seeds door het snijdend, splijtend, brandend gitaarspel en die galmende bluesy riffs en slides, apocalyptisch , gevoelig en huiverend. Die nummers palmden ons gaandeweg in en lieten een sterke indruk na door de verwevenheid melodieuze intensiteit en chaos.
Meer sfeervoller  en slepender klonken “Suzanne & I” en “Eliza”, in hun sobere treffende aanpak bleef de dramatiek bovendrijven. Invloedrijk zijn die zachtheid en subtiliteit, wat we ook horen op “Sing to me”, “First we kiss” en “Piece by piece” , de dromerige, ontroerende melanchole songs; de elektronica en de soundscapes eisten hier z’n plaatsje op. Calvi’s leefwereld laat een Dave Eugene Edwards en Leonard Cohen toe.
Een boeiende afwisseling noteerden we . Enkele covers ontbraken niet in het geheel, “Surrender” van Presley werd een echte nighttime rock’n’roll killer en solo speelde ze een bezwerende “Fire” van Springsteen , volledig ingenomen door haar gitaarspel, de effects en haar vocals . ‘Emotie’ nam dus een belangrijke rol in.
Ze werd telkens sterk onthaald en dat deed haar deugd; in haar onwennige positie op het podium beet ze makkelijk van zich af . De stroomstoten die ze toediende, boden dynamiek, levendigheid en scherpte!
In de bis smeulden de broeierige uptempo riffs duidelijk na, “Kiss to your twin” , “Blackout” en natuurlijk “Jezebel” (van E. Piaf btw). Door het warme onthaal kwam ze solo terug en kregen we een pakkende “The devil” bovenop .

Spijtig genoeg wordt het tweede album wat in de kiem gesmoord; onterecht, gezien Calvi een muzikaal talent is , die een bijzonder sfeertje creëert en bij het nekvel grijpt!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

John Mayall

John Mayall - Hats off for this great godfather of the blues!

Geschreven door


Lightnin’ Guy + John Mayall
Ancienne Belgique
Brussel


Hoe begin je een optreden in de Brusselse rocktempel AB als je net voor één der hogepriesters van de blues moet spelen? Wel, je zet a capella een song in waarbij je jezelf begeleidt met simpel handgeklap. Als statement kan dat tellen: de blues tot zijn rauwste essentie herleid. Zo deden ze het 100 jaar geleden op de veranda in the deep south, after a hard days cotton pickin’!

De jarige Lightnin’ Guy kon zijn geluk niet op: “Verjaardagen vier je thuis met familie en vrienden”, zei hij “maar dit is het mooiste verjaardagscadeau dat ik me kon wensen!” De sympathieke West-Vlaming zagen we (het lijkt wel een eeuw geleden) al in een klein parochiezaaltje met zijn band The Mighty Gators en in 2011 op het
Ingelmunsterse Labadoux maar ook in de grote AB hij kreeg het publiek meteen op zijn hand! West-Vlamingen met notie van Frans en Engels hadden het meest aan de bindteksten die inderdaad afwisselend in die drie talen gebracht werden. Deze man blijft zichzelf, al zingt hij met de hartstocht en de weemoed van de zwarte slaven uit de Mississippidelta. Met The Weatherblues en de bottleneck op de snaren bouwde hij aan de echte bluessfeer in de zaal! Het enige wat een One Man Band nog nodig heeft is een oude koffer als kick drum. Eenvoud siert!
Meteen daarna kwam de eerste Grote Geest van die avond de zaal binnengewaaid: de Weissenborn guitar op schoot, kondigde hij Voodoo Child aan: ”This one is for Jimmy”. Het werd muisstil in de zaal… Even later bracht hij ons dan weer bij de rauwe realiteit van de vluchtelingen die Fort Europa willen binnen geraken. Als die met een klein kind op de schouders proberen op Lampedusa te geraken, dan moeten ze wel liegen: stil maar kindje, alles komt goed; It’s gonna be all right. Als een echt entertainer weet hij dat de boog niet altijd gespannen kan staan. To find a piece of heaven inside your Head wordt ‘opgedragen’ aan de personen die een mens kopzorgen en muizenissen bezorgen. “Gooi ze buiten, geef ze nog een busticket” en met de kazoo blaast Guy ze de deur uit! Grappig maar tegelijk uit het leven gegrepen!
Met The Winter Blues bracht hij nog eens de harde winter van vorig jaar in herinnering. Hij martelde zijn steelguitar en zweepte ‘zijn’ publiek nog eens op vooraleer hij het in handen van de oude meester moest geven. In een optreden van amper 40 minuten kregen we een heel scala aan sferen, muziek- en zangstijlen, gekruid met de nodige humor en maatschappijkritiek! Il faut le faire!
Voor wie houdt van wiskunde: deze
Lightnin’Guy moet (“nog veel boterhammen eten” –zei hij zelf-  en) nog 4 jaar wachten voor hij half zo oud is als John Mayall!

Muziek lijkt wel een elixir voor het lange leven. Nog maar pas heeft onze eigen Toots besloten om zijn publieke leven af te sluiten; maar daarom zal hij het niet o.i. niet laten om thuis te musiceren. Als je John Mayall bezig ziet, dan heeft hij duidelijk ook nog reserve om minstens 12 jaar door te gaan!

Voor wie hem niet echt kent: John Mayall is geboren in midden-Engeland op 29 november 1933. Hij is één van die mensen die de bluesmuziek in de jaren zestig van de twintigste eeuw immens populair maakten. Met zijn band de Bluesbreakers, is hij verantwoordelijk voor de grootste namen uit de rockgeschiedenis: Eric Clapton, Jack Bruce, Peter Green, John McVie, Mick Fleetwood, Mick Taylor, … Nadien speelden die lui in bands als Cream, Feetwood Mac en de Rolling Stones. Meester Mayall kan trots zijn op zijn leerlingen!
Wikipedia vertelt dat hij in zijn jonge jaren bekend stond als een wat autoritaire bandleider. Hij zou in het busje op de weg terug van een optreden wel eens aan bandleden een gitaarversterker op schoot gegeven hebben zodat hij languit kon liggen. Van autoritair optreden was in de AB geen sprake. Al voor de eerste noot werd gespeeld stelde hij zijn drie bandleden voor:
De Texaan Rocky Athas speelde al gitaar met zijn schoolvriend Stevie Ray Vaughan. Op zijn 23ste werd hij in een Texaans muziekblad bij de 10 beste gitaristen ter wereld gerekend. Thin Lizzy schreef ‘Cocky Rocky’ nadat ze hem hoorden spelen in Dallas en Brian May van Queen liet zich beïnvloeden door zijn speelstijl. (
http://www.bluearmadillo.com/rocky-athas-artist/ ) Hij werkte voor het eerst mee met John Mayall aan het album TOUGH (2009).
Greg Rzab (zeg: “ArZab”) verdiende reeds zijn sporen op de bas bij Otis Rush en andere grote blues legendes als Albert Collins, Willie Dixon en John Lee Hooker. Hij speelde 12 jaar met Buddy Guy en kreeg toen een aanbod van John Mayall voor een Europese tournee in 1999 en 2000. Daarna accepteerde hij een aanbod van Jimmy Page. Later speelde hij nog met Carlos Santana, Eric Clapton, Jeff Beck, The Allman Brothers Band, Stevie Ray Vaughan en The Black Crowes. Aan het begin van 2009 kreeg weer een aanbieding van Mayall. Sindsdien heeft hij meer dan zijn sporen verdiend als een steunpilaar op het podium en in de studio met John.
De ritmesectie is compleet met de imposante Jay Davenport op drums, geboren in 1960 en getogen in Chicago. Hij groeide op met jazz, jazz-fusion en seventies R & B. Hij leerde de kneepjes van het vak van de gepensioneerde oude Bo Diddley drummer, Clifton James. Zo verzeilde hij in de bloeiende Chicago Blues scene. De afgelopen jaren heeft hij het ​​drumstel bemand voor de virtuoze gitarist Melvin Taylor, wiens meest recente bassist Greg Rzab was. Deze introduceerde hem bij John Mayall. De kracht en de goede smaak van zijn spel is sindsdien verbeterd door cd-opnames en live-optredens met John.

Na vijf jaar samenwerken met John Mayall, zei deze in een interwiew: "De band die ik nu heb is de beste band die ik ooit heb gehad. Beter dan dat kan niet! " En dat was er in de AB dan ook aan te zien! Ze staken met een van wal met een eerste Otis Rush (!) nummer: All Your Love. Meteen was duidelijk dat Rocky de rots in de band is. Zijn gitaarspel overstemde de piano van Mayall. (Maar met je buik tegen het podium hoor je waarschijnlijk ook niet de meest evenwichtige muziekbalans. Ik ga dus zeker de eerste steen niet gooien!) Dit eerste nummer begint stapvoets, maar gaat halfweg uptempo verder als Mayall de mondharmonica boven haalt. Deze grijsaard verkeert duidelijk nog niet in ademnood. (We moeten opnieuw denken aan Toots…) Met een guitige glimlach kondigde hij het volgende nummer aan: Somebody is acting like a child. Zo lang mogelijk een kind blijven, misschien is dat het resept voor zijn levenselixir?
Voor Walking on Sunset ruilt hij de piano in voor de gitaar. Hij houdt het stevige geluid van Rocky in bedwang maar nu en dan mag deze eens van de leiband door een simpele hoofdknik van de meester. Dan demonstreert de Texaan zijn virtuositeit. We horen nog de echo van Stevie Ray Vaughn zaliger! Het publiek vond het ook zalig… Mayall gaf hem na zo’n magistrale solo meer dan één keer een open doekje. Autoritair zag het er in ieder geval niet uit. Maar wie zei ook alweer dat de mens milder wordt met ouder worden?
Uit het album ‘Though’ (dat ook met deze line-up werd opgenomen) kwam het volgende nummer Nothing to do With Love. Een bijtend nummer waar hij onze maatschappij op de korrel neemt: materialistische ‘liefde’, oorlog in naam van één of andere ‘god’… Kan muziek de wereld redden? In Dirty Water, een nummer van het album voor zijn 70ste verjaardag, houdt hij dezelfde toon aan. Net zoals de vorige nummers wordt het instrumentale middengedeelte lang uitgesponnen. Niet alleen de gitaristen Mayall en Athas soleren. Dit keer mag ook Rzab solo gaan. Met de slap-stijl die we leerden kennen door Mark King van Level 42, imponeerde hij zijn publiek. Zo kwam er toch nog heel wat afwisseling in de soms lange nummers.
Voor afwisseling zorgt ook een dame in het publiek. Mayall kondigt een nummer aan uit zijn album Wake Up Call: I’m a Sucker for Love en dan komt uit het publiek een hoog stemmetje met een verzoeknummer. Mayall kijkt eerst verbaasd en begrijpt niet goed wat de vraag is. Als een echte gentleman probeert hij de onderbreking netjes af te handelen: “This lady is confusing me!” Maar ze houdt vol en legt uit wat ze eigenlijk wil. De Brit blijft cool en heeft het perfecte excuus van een heer op gezegende leeftijd: “Why do I have so many songs on my repertoire?” Hij legt het zelfs mooi uit zodat we allemaal op de hoogte zijn: ze blijkt een nummer aan te vragen dat hij 30 jaar geleden op plaat heeft gezet maar nooit meer live heeft gebracht.
En dan besluit hij fijntjes met “I’m gonna end this conversation because there are people who want to hear music.”
Give me one more Day is een ironische lofzang op zijn vroegere levensstijl. De krasse knar heeft reeds 25 jaar alcohol laten staan! Een enthousiaste toeschouwer wordt meteen als alcoholicus bestempeld. En dat is toch de kers op de taart bij een optreden: een performer die contact heeft met zijn publiek en die ons tussen de muziek door verwent met een verhaaltje uit eigen koker.
Een hoogtepunt werd Chicago Line uit zijn eerste album uit 1965. Mayall zette in met een snedige harmonica die werd ondersteund door de snare-drum van Davenport. Eens gitaar en bas ook aansluiten, zijn we vertrokken voor een dolle treinrit die ons via de klassieke Mayallblues meevoert naar een jazzy improvisatie op de bas en het orgel van Mayall met de klank van een vibrafoon. Om van te snoepen!

Uiteindelijk had men in de AB er niet op gerekend dat we nog een bisnummer zouden krijgen. Zaallichten aan, gordijnen omhoog, de installatie uitgeschakeld en… daar verscheen het viertal weer. Mayall, verbaasd dat zijn instrumenten uitgeschakeld zijn: ”Panic, they switched everything off! They weren’t aware of your enthousiasm!”
Terwijl de technici hals over kop aan het werk gaan, krijgen we info over website: “There you’ll find everything you want to know about these guys, because are they fantastic or what?” In een mum van tijd was alles weer intact en vlogen ze er voor een laatste keer in met Hideaway, een Freddy King instrumental waarmee de jonge Clapton zichzelf bij de prille Bluesbreakers de goddelijke status in speelde! Het publiek ging uit zijn dak dat met zowel 18- als de 68-jarigen uit drie generaties muziekliefhebbers bestond. Mijn eigen vader is onlangs 80 geworden; maar ik betwijfel of er van dat bouwjaar nog present waren vóór het podium.
Hats off for this great godfather of the blues!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lightnin-guy-22-03-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/john-mayall-22-03-2014/
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

The Sore Losers

The Sore Losers + Horses On Fire - Vette no nonsens rock

Geschreven door

The Sore Losers + Horses On Fire

Net op tijd waren we voor Horses On Fire, een waardig voorprogramma,  die net hun 2de plaat ‘Any Kind of Storm’ hebben uitgebracht. Een rockband met de juiste uitstraling die het publiek en vooral mijzelf aangenaam verraste. Stonerrock met poppy invloeden kunnen we dit noemen. Zij zijn hun set gebald begonnen met “Battle Royal”. We wisten meteen dat we een stevig optreden voorgeschoteld zouden krijgen. Om het publiek helemaal mee te krijgen trakteerden deze mannen ons op nog een paar vette tracks. “Houdini”, één van mijn persoonlijke favorieten, kon je heel sterk vergelijken met Queens of the Stone Age. Daarna kwam “Raw Meat”, dat zijn naam zeker niet gestolen heeft en waarvan ook een official video is gemaakt. “Any Kind of Storm” heeft naar het einde toe nog een extra boost gegeven aan hun set en ook het mooie “Giant hand” heeft mij helemaal ingepakt. Zalig dit nummer! Ze eindigden met “Draw the Line” van hun debuutplaat. Een sterke afsluiter als je het mij vraagt. Kortweg deze band heeft het helemaal! Well done guys!

En na deze aangename verrassing hebben The Sore Losers ook nog eens het dak er af geblazen in een uitverkochte 4AD. Zij hebben in stijl hun nieuwe album ‘Roslyn’ voorgesteld. Met hun rauwe rock en af en toe een tikkeltje blues zijn zij toch wel één van de beste Belgische bands van het moment. Hun shows laten dan ook niets aan de verbeelding over. Een krachtige set was het waarin hun toppers zoals “Juvenile Heart Attack”, “Beyond Repair”, “Silver Seas” en “Girls Gonna Break It” uiterst krachtig tot hun recht kwamen en het publiek helemaal wild maakten.
Om het even kort te zeggen, ze hebben eigenlijk te veel goede songs om op te noemen. Hun nieuwe plaat is dan ook weer een topper van formaat. Deze Limburgers weten duidelijk van aanpakken! Het nieuwe “Tripper” en “All My Friends” werden met volle overtuiging gebracht en gaven een meerwaarde aan deze stevige set. Ook het vette “Gold in Them Hills” mocht zeker niet ontbreken. Dit was een optreden om ‘U’ tegen te zeggen en ik ben er van overtuigd dat zij deze zomer een paar festivals in vuur en vlam zullen zetten. Tot de volgende, jongens!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-sore-losers-21-03-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/horses-on-fire-21-03-2014/
Organisatie: 4AD, Diksmuide

 

Beoordeling

Wye Oak

Wye Oak: met of zonder gitaar, dat is de kwestie

Geschreven door

Wye Oak is een duo uit Baltimore, US of A, die in april hun vierde album uitbrengen, ‘Shriek’ en dit onbekende album alvast in de Witloof Bar van de Botanique kwam voorstellen. Koerswijziging op dit nieuwe album: terwijl op voorganger ‘Civilian’ Jenn Wasner nog heftig gitaarsolo’s rondstrooide, is het nieuwe album volledig op keyboards en bas geschreven.

Live betekende dit dat Wye Oak nog meer multi-instrumentaal te werk ging dan voordien, Andy Stack speelde drums met de rechterhand en keyboards links, terwijl Jenn Wasner zowel bas, gitaar als keyboards speelde in de catacomben van de Botanique.
Wye Oak had veel goesting om de nieuwe nummers voor te stellen, de set bestond ongeveer voor de helft uit nieuwe keyboard en bascomposities, en voor de andere helft uit gitaarnummers die vooral uit ‘Civilian’ geplukt werden.  Bij de nieuwe nummers waren we vooral gecharmeerd door de nummers die op bas geschreven waren, Jenn Wasner beheerst dit instrument met even groot gemak als de gitaar. De nieuwe keyboard nummers bleven net iets minder hangen, omdat ze te midtempo bleven en te weinig op de dansvloer mikten. 
De moordrif van “Holy holy” was er dan wel weer boenk op, en ook het huppelend aanzettend titelnummer “Civilian” werkte prachtig naar een apotheose toe, met zijn afwisseling van rustige passages en gitaaruitbarstingen, met daarbovenop de louterende countrystem van Jenn Wasner.
Absoluut hoogtepunt voor mij vanavond was “For Prayer” uit ‘The Knot’, het “Cortez the killer” van Wye Oak, met  Jenn als de bastaarddochter van Dinosaur Senior.

Wye Oak is een heel versatiel duo, dat net als Yo La Tengo gitaarrock en keyboardnummers afwisselt en nooit de songs uit het oog verliest. Wij waren vanavond net iets meer onder de indruk van de oudere gitaargebaseerde nummers, maar dat komt wellicht ook omdat de nieuwe nummers nog niet uit zijn en er dus geen aanknooppunten waren.

We pikten ook nog twee nummers mee van Sylvan Esso, en als je graag naar London Grammar of Poliça luistert, dan is dit ook iets voor jou: een hoge zang op een aanstekelijke groove.

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Sophia

Sophia- Stijlvolle melanchopop

Sophia , het alter- ego van Robin Proper-Sheppard was voor drie optredens in ons landje . Het afsluitend concert van onze droefgeestige sing/songwriter was in de Kreun, Kortrijk. Onze man overtuigt in giftig en pittig donker songmateriaal over de dramatiek in z’n ‘lief en leed’- relaties. De autobiografische pijn weet ons te pakken. Hij was reeds in allerhande bezettingen en gedaantes te zien . Geen nieuw materiaal voorlopig, maar een handvol ‘Zomaar’ optredens. Tja, hij houdt van ons landje die Proper-Sheppard …

De opkomst voor de support New Found Land uit Zweden was mager, maar de afwezigen hadden ongelijk. De voor mij onbekende band , kon me zeerzeker de veertig minuten boeien. Drie jonge muzikanten en een bevallige, rondborstige blondine, die goed met de trommelstokken overweg kon, speelden een ingetogen set; muzikaal zitten de songs goed in elkaar; het zijn vlotte , aangename, soms breekbare luisterliedjes. Uitermate positief zijn we dus voor dit kwartet .

En dan over naar de hoofdact van de avond Sophia, rondom onze multi-culturele Robin-Proper-Sheppard die ergens huisvest tussen Usa – UK en ons eigen landje . Na de weergaloze sound van The God Machine , zijn we al jaren te vinden voor die melanchopop van Sophia . Persoonlijk was het al van 2004 op RW geleden dat we hem aan het werk zagen . Toen werden ze tijden hun concert in de Pyramid marque , tot ergernis van Sheppard, weggeblazen door Muse op het hoofdpodium.
In de Kreun liep het goed vol en waren er geen storende nevengeluiden dus . Zes muzikanten stonden hem bij. Bijna twee uur lang brachten ze de die broze , weemoedige sound ; dat depri-kantje blijft als vanouds over verdriet , afscheid nemen en vervlogen, vergane en onbeantwoorde liefdes gaan . Sheppard was zeer spraakzaam en focuste zich ook op het oudere werk.
Muzikaal een zwaarmoedigheid die doorweegt, en gedragen wordt  het prima gitaarspel van Proper-Sheppard himself en z’n bijzonder heldere, breekbare stem. De sound krijgt ook een extraverte tint , waarbij er gelinkt wordt  aan The God Machine , zoals de crescendo’s op “The river song”. De hoogtepunten waren dan ook "Bastards”, “Razor blades”, “Desert song n°2”, “I can't believe the things i can't believe" en het nummer waar ze hier een breder publiek mee bereikten, "Oh my love".

Twee nieuwe nummers exclusief kregen we op het laatst te horen, "The drifter" als de huidige single "It's easy to be lonely" zijn veelbelovend!, en als we Proper-Sheppard mogen geloven, het allerbeste voor de nieuwe plaat die vorig jaar, het jaar daarvoor, dit jaar of volgend jaar moest , kan of zal verschijnen. De Belgische festivals vissen al naar hem, maar voorlopig houdt hij de boot af. Spijtig genoeg ziet hij o.m. het Cactusfestival  niet zitten, gezien Massive Attack er geprogrammeerd staat . Tja, een kronkel die niet begrijpen valt , maar ok we hadden hier een zeer stijlvol, fragiel, boeiend en uiterst aangenaam concert in een daarvoor prima zaal.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sophia-21-03-2014/

Organisatie: Kreun , Kortrijk

Beoordeling

Fulgeance

‘Lefto presents’ Andrew Ashong, Fulgeance & Sampha – Fulgeance redt het feestje

Geschreven door

‘Lefto presents’ Andrew Ashong, Fulgeance & Sampha – Fulgeance redt het feestje
Fulgeance

Lefto – ons meest succesvolle exportproduct in soulfunkjazzland – was vrijdag opnieuw aan een veelbelovende editie toe met zijn steeds verrassende partyconcept .  ‘Lefto Presents’ pakte voor deze lente-editie uit met een gevarieerde line-up. Neo-soul-artiest Andrew Ashong, de Franse producer Fulgeance en de nu al legendarische Sampha hadden de eer op Lefto’s affiche te prijken.  Fulgeance – in extremis aan de affiche toegevoegd ter vervanging van de gecancelde Dorian Concept – mocht misschien tweede keuze zijn maar de Fransman bewees een meer dan waardige vervanger te zijn voor het Oostenrijkse wonderkind Dorian Concept. Meer nog, Fulgeance was de absolute redder van deze licht tegenvallende avond.

Multi-instrumentalist  en vocalist Andrew Ashong (zie foto) kwam het voorbij jaar keihard in de spotlight te staan met zijn absolute hit “Flowers”. Deze productie in samenwerking met techno/house-pionier Theo Parrish was vorig jaar niet weg te slaan in de top van mijn playlists. Deze fluweelzachte oorworm lokte ongetwijfeld heel wat nieuwsgierigen naar de Vooruit. Vraag is of deze nieuwsgierigen de performance van Ashong en zijn vierkoppig gevolg al even matig vonden als ikzelf. De dromerige souljazz-getinte sound waaide als een aangenaam frisse bries door de Balzaal maar het jongensachtige stemgeluid van Andrew gaat na een tijdje wel stevig vervelen. “Waar is de soul, en niet iets teveel poo-pa-poo-papa”, dacht ik wel vaker!
Het vijftal eindigden hun korte set met een creatieve variatie op “Flowers”. Het werd duidelijk dat de Parrish-touch in het origineel dé sleutel is geweest om Ashong die gehoopte carrièreboost te geven.

Een tweede ontgoocheling van de avond was in de maak toen Fulgeance zijn opwachting maakte. Een uiterst getalenteerde Micro Korg-tovenaar Oliver Thomas Johnson aka Dorian Concept als headliner vervangen lijkt me een moeilijke uitdaging. Wel, de showman uit het Franse Caen heeft zijn rol als substituut perfect uitgevoerd. Zijn persoonlijke sound leunt heel dicht aan bij de club funk en future beats van Dorian zelf. De electro-geïnspireerde futureclubfunkdisco van de hyperactieve Fulgeance slaat ogenblikkelijk over op de heupen van de half gevulde Balzaal.  Een dikke pluim op de hoed van Fulgeance. Hij heeft er een fan bij en we houden hem in het oog.

Tenslotte was de veelbelovende Sampha  uit de Young Turks-stal de rol toebedeeld om de avond naar een nog hoger niveau te tillen. Sampha Sisay is de singer-songwriter dat vooral gekend is van zijn collaboraties met SBTRKT, Jessie Ware, Drake, Katy B en Solange Knowles. Geen live vanavond, wel een dj set. De energieke vibe van voorganger Fulgeance wordt meteen keihard in de grond geboord.  Openen met zijn eigen “Too Much” schoot als lood in de benen van het publiek en het leek er ook op dat zijn makke verschijning de sfeer helemaal naar beneden zou halen. Enthousiast dj’en is vooral weggelegd voor de ubergetalenteerde Lefto. Misschien was het niet de beste keuze om een producer als Sampha op te voeren als party-dj. Zijn set met de obligate SBTRKT-nummers “Living Like I Do” en “Hold On” hebben mijn idee over deze flauwe verschijning nooit kunnen veranderen.

Eerlijk, dit is de eerste ‘Lefto Presents’ waarbij ik serieus op mijn honger ben blijven zitten. De verrassende Fulgeance, de immer oerdegelijke Lefto-intermezzo’s en mijn excellente gezelschap waren de welgekomen lichtpuntjes van deze avond.  Mijn steun voor Lefto’s avonden zal ondanks deze tegenvaller eeuwig blijven leven. Ik kijk alvast uit naar een volgende editie.

Organisatie: Democrazy, Gent

Beoordeling

Pagina 230 van 395