logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_01
Hooverphonic

Future Of The Left

Travels with myself and another

Geschreven door

Het noisepoptrio Future of the Left, gegroeid uit McCluskey, is afkomstig uit Wales, heeft een schitterende opvolger klaar van het debuut ‘Curses’. Het trio zweert aan de strakke, droge, hoekige ‘90’s noisepop van Pixies, Shellac, Barkmarket, Jesus Lizard en NoMeansNo, de crossover van Faith No More en Fugazi en tot slot grijpen ze zelfs terug naar de ‘80’s ‘experimental’ waverock van Virgin Prunes. Aan deze pittig gedreven geluid, voegen ze er bijwijlen gekruide psychedelica aan toe door synths!
Formule: een energieke sound, - heerlijk broeierig, fel en luid -en een hoop vunzige teksten (check er “you need satan more than he needs you” op na!) … één brok dynamiet en messcherp!
We horen een verbeten, krachtig venijnig gitaarspel, een dreunende, ronkende bas en een opzwepende percussie. Toegankelijkheid schuilt wat meer om de hoek en dat is soms nodig om even op adem te komen in hun allesomvattende noisepop! Andy Falkous, (schreeuwzang/zegzang/gitaar), Kelson Mathias (bas/zang) en Jack Egglestone (drums) vallen nergens uit hun rol in deze twaalf songs, die een muzikale wervelwind vormen: noisy, stekelig en intens materiaal, rauw en krachtig voer, zonder de melodie uit het oog te verliezen … met “Arming eritrea”, “Land of my formers”, “That damned fly” en “You need satan ...” als klassesongs.

Barzin

Grace/Wastelands (2)

Geschreven door
Na de helse avonturen van drugs, rechtszaken en vriendinnetjes en de muzikaliteit van Libertines en Babyshambles vond Pete Doherty het tijd om eens een soloplaat uit te brengen. ‘Grace/Wastelands’ is die genaamd. Hij heeft het nog steeds graag over de utopische plek die Engeland in zijn beleven zou moeten zijn. Maar de man van melodieus grillige, rammelende, puntige maar ook hoe-komt-het-uit punkrock, heeft een uiterst sfeervol, gevoelig plaatje uit, dat hij samen maakte met leden van Babyshambles en Blur gitarist (en eveneens solo artiest Graham Coxon. Voor de gelegenheid is er een extra ‘r’ achter zijn voornaam.
’Grace/Wastelands’ is een gevarieerd album binnen die intimiteit, gaande van sober gehouden songs op akoestische gitaar, soms ondersteund door een strijker (viool) of een blazer en mans innemende onvaste stem, waaronder “1939 returning”, “Salomé” en “I am the rain”. Hij combineert het met lichte groovy bluesy en jazzy uitstapjes, zonder aan emotionaliteit in te boeten, luister maar eens naar opener “Arcady”, “Sweet by & by” en “Palace of bone”. De sound kan iets voller klinken door een soft gehouden percussie, een lichte orkestratie, toetsen en/of een pianotoets: “Last of the English roses”, “A little death around the eyes” en “New love grows on trees”. En hij overtuigt toch met popsongs als “Sheepskin tearaway” en “Broken love song”.
Er zijn talloze pareltjes terug te vinden op dit solo album; een uiterst evenwichtig album, waarbij hij niet uit de bocht gaat van de nonchalance die er live kan zijn. De songs krijgen een handige gestroomlijnde draai. ‘Grace/Wastelands’ is een recept van mans talentvol musiceren en vakmanschap, die de punk in hart en nieren draagt …


Iggy Pop

Preliminaires

Geschreven door

Het is niet omdat ik onvoorwaardelijk fan ben van Iggy Pop dat ik geen bedenkingen zou mogen hebben bij zijn platen. Iggy is tot op heden nog steeds de beste en meeste energieke performer die ik ooit op een podium gezien heb maar in de studio slaat hij nogal dikwijls eens de bal mis.
Zijn nieuwste ‘Preliminaires’ is –godbetert- gebaseerd op het werk van de Franse schrijver Houellebecq, mij (en waarschijnlijk ook u) totaal onbekend, dus dat voorspelt al niet veel goeds. Naar eigen zeggen heeft Iggy die plaat gemaakt omdat hij dat banale gitaarrocken beu was. Het loopt daar niet meer lekker in diens hersenpan.
Met dergelijke aankondigingen deed Iggy dan ook onze verwachtingen dalen naar het nulpunt en, jawel, ze blijken uit te komen.
Het begint al weinig belovend met “Les feuilles mortes” waar Iggy zowaar in het Frans zingt, of zeg maar brabbelt. Potsierlijk. Pop probeert ergens om onbegrijpelijke redenen een soort Gainsbourg te zijn, maar wij denken dat Serge niet meer zou bijkomen van het lachen mocht hij dit hier nog kunnen meemaken.
“King of the dogs” kunnen we nog leuk noemen, vanwege de feestachtige New Orleans stijl, zowat de enige keer waar Iggy iets ongewoons probeert zonder zichzelf daarbij volkomen belachelijk te maken. Ook de akoestische blues “He’s dead / she’alive” is nog geloofwaardig. Elders slaat Iggy meer aan het croonen dan aan het rocken, met uitzondering van “Nice to be dead”, laat ons zeggen een matige rocksong. Vergelijkingen met zijn album ‘Avenue B’, ook al niet bepaald een hoogvlieger, dringen zich dan ook op, alhoewel we deze plaat uit 1999 bij momenten nog iets draaglijker vonden. Deze ‘Preliminaires’ zullen we maar gauw vergeten.
Het enige goede nieuws dat we van Iggy vernamen de laatste tijd is dat hij The Stooges in de bezetting van Raw Power (1973)  terug heeft bijeengeroepen om op tournee te gaan. Laten we vooral daarop hopen.

Chickenfoot

Chickenfoot

Geschreven door

Help! een supergroep. En dan nog eentje bestaande uit vergane hard-rock iconen als Sammy Hagar en Michael Anthony (Van Halen), RHCP drummer Chad Smith en gitaarneuker Joe Satriani. Dat kan niet goed komen. En inderdaad, dit album is nog maar net uit en het klinkt al hopeloos verouderd. Hier staat haar op, veel haar. Het bulkt van de typisch Amerikaanse hard-rock clichés, neigt niet zelden naar de belachelijke jaren tachtig poedelrock en heeft op de koop toe nog een paar drakerige ballads te koop (zo is“Learning to fly” echt pijnlijk, geloof ons).
En ja, die gasten kunnen spelen, het zou er nog aan mankeren. Maar met een beetje inspiratie en creativiteit voor de dag komen ? Ho maar. Satriani mag dan al een meer dan bedreven gitarist zijn (hij zwiert hier met de solo’s dat het niet mooi meer is), Mark Knopfler is dat ook, wat nog niet wil zeggen dat hij goede platen maakt (bij deze laatste toch een paar uitzonderingen buiten beschouwing gelaten). De heren kleuren hier volledig binnen de lijntjes van het op zich al belachelijke genre en weten dat ze daarmee, in hun thuisland althans, hun nu al uitpuilende bankrekeningen nog royaal zullen aanscherpen.
In de States is er een markt voor, wij krijgen er diarree van.

Passion Pit

Manners

Geschreven door

In navolging van MGMT en het daarop volgende Australische antwoord van Empire Of The Sun, brengt Passion Pit net als de andere twee indie electropop, waar ook zij gretig teruggrijpen naar de jaren '80 van de vorige eeuw. Wat ze nog gemeen hebben is dat dit hun debuutalbum is en zeker in de smaak valt.
Passion Pit was tot twee jaar geleden een éénmansaangelegenheid. Het duurde echter niet lang voor Michael Angelakos met zijn laptop wat bekendheid verwierf in Massachusetts en er al snel enkele personen hun diensten aanboden om samen met hem te spelen. Synths zijn daardoor niet langer het hoofdingrediënt van de groep. Zo namen ze een EP op, dat diende als laat Valentijnscadeau voor zijn toenmalige vriendin. Zij kon hem gelukkig overhalen meer kopieën te verspreiden. Op die manier verkregen ze later een contract bij de platenfirma Frenchkiss Records, waar deze 'Manners' hun eerste verwezenlijking van is.
De nummers werden helemaal door Angelakos zelf geschreven en hij verleent ook zijn stem er aan. Hij heeft een ontzettend hoge stem, waardoor een vergelijking met Scissor Sisters en zelfs La Roux (“Make Light”!) zeker op zijn plaats is. De muziek is aanstekelijk, opzwepend en dansbaar, check vooral maar eens “Make Light”, “Little Secrets”, “Sleepyhead” en natuurlijk de bescheiden zomerhit “The Reeling”.

Florence & The Machine

Lungs

Geschreven door

Het Britse Florence (Welch) & The Machines stevenen af op één van de debuten van het jaar …Bezwerende, zwierige indierock wordt gekoppeld aan soul en ondersteund door haar helder, heerlijk overtuigende stem, waarbij ze zowel hemels als rauw kan uithalen … Een dame met een persoonlijkheid, een ‘babe’ met lang wapperende, donkere rosbruine haren …
Het gaat Florence Welch voor de wind. Ze sleepte in het kader van de Brit Awards al een Critics Choir Award binnen en heeft met haar single “Kiss with a fist” een reclamespot kunnen versieren bij Nike. Ze nestelt zich ergens tussen Dusty Springfelid, Kate Bush, Polly Harvey en Sinead O’Connor.
We hebben te maken met een erg afwisselend plaatje: broeierige opbouwende songs en sferisch materiaal dat bol staat van inventieve en melodieuze ritmes (opgezweept door dubbele percussie!) en orkestraties, waarbij zelfs een harp wordt bovengehaald. Twaalf songs die stuk voor stuk weten te intrigeren. We halen er alvast volgende songs uit , die het kunnen maken: “Dog days are over”, “Rabbit heart”, “Blinding”, “Between two lungs”, “My boy builds coffins” en natuurlijk ook “Kiss with a fist”. En Florence maakt het plaatje compleet met een schitterende versie van Candi Station’s “You’ve got to love”. Een terechte hype!

The Dodos

Time to die

Geschreven door

Het uit San Francisco afkomstige duo The Dodos, Meric Long (zang/gitaar)), Logan Kroeber (drums/zang), waren op hun vorige tournee van de cd ‘Visiter’ al aangevuld met een derde groepslid, Keaton Snyder op xylo/vibrafoon/klokkenspel en synths. Hun aanstekelijke melodieën klonken hierdoor warm en kleurrijk.
The Dodos vallen op met hun avontuurlijk geluid in een zompig, freakende oase van bluesrock, americana, folktronica en psychedelica onder de onvaste, licht doordrammende zang van Long. Het creatieve, intens aanstekelijke gitaargetokkel, het slagwerk en de subtiele synths en geluidjes maken die sound uniek. De songs zijn toegankelijker op de nieuwe cd en intrigeren door de brede broeierige, beheerste aanpak. Er is sprake van meer knappe overgangen, en fijnzinnige subtiliteit en minder tegendraadse ritmes en hectische bewegingen. Verslavende nummers horen we dus als “Small deaths”, “Longform”, “Fables”, “Two medicines” en de afsluitende titelsong “Time to die”. Puik plaatje opnieuw van het trio!

Girls (San Francisco)

Album

Geschreven door

We hoorden al Lovvers als groepsnaam, nu is er een ban die uit San Francisco Girls noemt. Een kwartet onder Christopher Owens en Liza Thorn. Het jonge bandje brengt twaalf emotievolle, licht melancholische indiegitaarpopnummers, waarin beheerste uitstapjes zijn naar de rock’n’roll, wave en shoegaze. De band heeft iets mee van een zeemzoeterig Jesus & Mary Chain. Ze trekken al meteen de aandacht met opener “Lust for life”, een overtuigende poprocker, die ongemeend verbonden is met Iggy. Verder zijn “Laura”, “Ghost mouth” en “God damned” broeierige popsongs in het verlengde van “Lust for life”. “Big bad mean Motherfucker” biedt een juiste dosis rock’n’roll. Het middendeel van de cd heeft een sobere, sfeervolle aanpak. “Headache” en “Summertime” hebben een minimale instrumentatie en zijn vocaal erg sterk. “Hellhole ratrace” is door de broeierige intensiteit en opbouw het kroonstuk van de cd. Tot slot vormen “Morning light” en “Darling” de link met de ‘80’s wave en shoegaze .
Het is allemaal goed uitgekiend en mooi verdeeld op de debuutcd, die zich onderscheidt met volgende kenmerken: Pop – Intimiteit – Dramatiek – Variatie - Hip

Pagina 406 van 460