logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Suede 12-03-26

PUP

PUP - Uitzinnig

Geschreven door

Net iets meer dan een week geleden verscheen de derde plaat van PUP.  ‘Morbid Stuff’ werd unaniem goed onthaald, en het was al voor de derde keer op rij dat een plaat van PUP zoveel positieve reacties uitlokte. Het was dan ook geen verrassing dat de eerste show van de band in Brussel lang op voorhand uitverkocht was. De AB Club veranderde een uur lang in een kolkende vulkaan, waarbij het publiek zich van begin tot eind rot amuseerde.

Openen mocht het drietal van Milk Teeth. De band bracht in 2016 een full album uit en sindsdien kregen we enkel nog maar EP’tjes van de groep. Dat de band daardoor nog steeds gedoemd is tot voorprogramma, spreekt voor zich. Het was wel een vrolijke bende en hun muziek heeft iets springerig en aanstekelijk in zich. Hoewel de frontvrouw niet altijd even goed bij stem was, maakte de expressieve drummer dat allemaal goed. Wanneer er daarbij ook nog eens wat screams aan te pas kwamen, waren we helemaal mee. Een dubbeltje op zijn kant dus, dat optreden van Milk Teeth.

Het publiek was bij dat voorprogramma nog heel rustig en ook toen PUP zijn set inzette met “Morbid Stuff” werd er nog wat geaarzeld. Gezongen werd er wel al, maar het was pas bij “Kids” dat de Club zich omtoverde tot moshpit en dat bleef zo tot het einde van de set. PUP moest eigenlijk niet veel doen om iedereen mee te krijgen, hun nummers spraken voor zich. De zaal was dan ook goed gevuld met echte fans, want het viel op dat echt ieder nummer uitbundig werd meegezongen - zelfs de nummers van anderhalve week oud, straf!
PUP beweerde ook enkele keren dat ze niet professioneel zijn als band en dat ze zelf niet de beste muzikanten ter wereld zijn. Dat maakte niemand uit, want vanaf er nog maar één noot werd gespeeld stond de volledige zaal te springen en brullen alsof hun leven er vanaf hing. Dit alles gaf de show natuurlijk de nodige peper, waardoor PUP enkel maar stevige songs moest blijven doorknallen. Dat deden ze dan ook, heel strak jaagden ze er veertien nummers door.
Maar er was ook plaats voor nuance. Hier en daar kon je een subtiele gitaarsolo bespeuren, maar het waren vooral de stevige, meezingbare refreinen die de zaal echt meekregen. Dat was ook de frontman niet ontgaan, die bij momenten de microfoon aan het publiek gaf om te zingen. “Scorpion Hill” bijvoorbeeld blonk uit in zijn opbouw door heel subtiel te beginnen en uiteindelijk hard te keer te gaan. Dat trucje herhaalde PUP nog wel eens, maar nooit werd het vervelend.
Dat de band en het publiek wederzijds respect genieten werd meermaals duidelijk. Toen er tijdens “If This Tour Doesn’t Kill You, I Will” en “DVP” de ene crowdsurfer na de andere op het podium belandde, maakte de band daar niets van. De toeschouwers van hun kant vielen de bandleden ook niet lastig en sprongen meteen het publiek terug in. Ook toen een fan bleef vragen om “Guilt Trip”, gaf de band daar aan toe en speelden ze het gewoon.
Wederzijdse sympathie, zo hebben we het allemaal graag.
Hoogtepunt was natuurlijk “Reservoir”, dat een heus volksfeest bleek. Het refrein werd gebruld, tijdens de stevige gitaarlijnen ging iedereen compleet uit zijn dak en de AB daverde even op zijn grondvesten. De band weet dan ook perfect hoe ze simpele, maar effectieve punknummers moeten maken met de nodige subtiliteit om toch niet helemaal cliché over te komen. Je zou het de perfecte caféband kunnen noemen, maar dat zou te min zijn voor de band. Dat bier een constante is bij zo’n muziek, is natuurlijk wel ontegensprekelijk.

Uitzinnig. Met dit kort woord kunnen we de set van PUP het best omschrijven. Nooit was er rust, en nooit bleek dat nodig. De enige pauzes waren degene waarbij er opbouw was in de nummers, en zelfs toen voelde het publiek de stevige uithalen al komen.
PUP kwam en overheerste met volle overtuiging. Dat het een feest is wanneer PUP optreedt, staat als een paal boven water. Zelfs met al hun nieuwe nummers kregen ze de zaal mee, heel plezant om zo’n hechte band tussen publiek en artiest te zien.

Setlist: Morbid Stuff – Kids - My Life Is Over and I Couldn’t Be Happier - Free At Last - Sleep In The Heat - Sibling Rivalry - Dark Days - Scorpion Hill – Closure - Familiar Patterns - Guilt Trip – Reservoir - If This Tour Doesn’t Kill You, I Will – DVP

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Joe Jackson

Joe Jackson in topvorm

Geschreven door

Hij is tegenwoordig de enige niet-problematische Jackson, (sorry Tito) en is op zijn vierenzestigste al even bleek als Wacko Jacko. Joe Jackson woont tegenwoordig in Berlijn, en bracht dit voorjaar zijn twintigste, uitstekende album ‘Fool’ uit, waarop hij in topvorm is. We horen klassieke Joe Jackson nummers, maar we horen ook parallellen met REM ‘Dave’, The Blue Nile ‘Strange Land’ en Prefab Sprout. De man is al veertig jaar bezig, we hadden hem nog nooit gezien, dus het was wel tijd om hem eens aan het werk te zien in de AB. De setting was klassiek, met gedrapeerde gordijnen en een smaakvolle belichting.

Joe Jackson legde vanavond de nadruk op een viertal platen uit zijn oeuvre, met de nadruk natuurlijk op de nieuwe plaat. Hij begon en eindigde dan ook met het afsluitende nummer uit ‘Fool’, namelijk Alchemy. Daartussen zat een royaal overzicht uit man’s carrière, met een grote afwisseling in stijlen, zo kregen we een aantal punky, new-wave-achtige nummers zoals de oudjes “One more time”, “Sunday papers” maar ook het nieuwe “Fabulously absolute”, met “Got the time” als headbangende uitschieter, popparels zoals “Is she really going out with him” dat door iedereen meegezongen werd, ballades in de geest van The Blue Nile zoals “Strange Land” en “Drowning” en meer latin geïnspireerde nummers zoals “Another world” en “Ode to joy”.
Bij momenten was de begeleidingsband, redelijk fout, het slechtste van de eighties, vooral als ze de latin-invloeden mengden met splijtende gitaarsolo’s, je haalde zo paardenstaarten, zweetbandjes en zonnebrillen voor de geest. Maar dit nemen we de man niet kwalijk, als je latin in je muziek steekt is dit bijna onvermijdelijk. We kregen ook twee covers, “Rain” van The Beatles werd van al zijn psychedelica ontdaan en werd zo een vrij ordinair nummer, en ook “Kind of the World” van Steely Dan werd op meer geslaagde wijze gecovered. De stem van Jackson moest vanavond even opwarmen, maar was snel op niveau.

De bis had nog een grote verrassing in petto: “Steppin’ out” werd met de originele drumcomputer ingezet, en benaderde zo de plaatversie, iets wat Joe Jackson in zijn veertigjarige podiumcarrière nog nooit gedaan had. Het bewees nog maar eens hoe ver deze proto-elektronica zijn tijd vooruit was. Daarna mochten we Ramones-gewijs headbangen op “Got the time” en voor ons was dit de perfecte afsluiter, “Alchemy” dat er op volgde had gerust op stal mogen blijven.
Wel spijtig dat de beste nummers van de nieuwe plaat “ Big Black cloud” en “Dave” vanavond niet aan bod kwamen.

Je kan Jackson deze zomer nog op het Cactusfestival zien, ik zou gaan kijken.

Setlist: Alchemy -One more time-Is she really going out with him-Another world-Fabulously absolute-Strange land-Real men-Stranger than fiction-Drowning-Rain(The Beatles cover)-Invisible man-Fool-Sunday papers-King of the world(Steely Dan cover)-You can't get what you want (Till you know what you want)-Ode to joy-I'm the man
Bis: Steppin' out-Got the time-Alchemy

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Hooveriii

Hooveriii - Avontuurlijke, meeslepende psychrock

Geschreven door

Bert Hoover (Los Angeles) is een bezig baasje: actief in bands als Cab 20, Jesus Sons en MIND MELD maar ook solo iets aan het proberen. Dat laatste project mondde uiteindelijk uit in Hooveriii (spreek uit hoover 3), een vijfkoppige band waarmee hij aantrad in ‘t Manuscript in het kader van Instant Karma (Org: De Zwerver). Het werd een erg aangename verrassing.

Hooveriii hinkte een beetje op twee gedachten. In de compacte nummers boorden ze hedendaagse psychrock aan waarbij ze af en toe wel heel dicht in de buurt van Ty Segall kwamen. Knap gedaan maar de lange uitgesponnen nummers spraken toch net iets meer tot de verbeelding. Meeslepende spacerock waarin de gitaren van Hoover en Gabe Flores het voortouw namen vakkundig op de rails gehouden door de bas van Kaz Mirblouk, de drums van Shaugnessy Starr en de minimale maar zeer efficiënte synths van James Novick.
Zelf beweert Hoover zijn inspiratie gevonden te hebben bij groepen als The Soft Machine, King Crimson en Amon Duul II maar gelukkig liet hij het onverteerbare gefriemel, waaraan die bands zich wel eens durfden te bezondigen, achterwege. Ik hoorde eerder sporen van Hawkwind en The Grateful Dead.
Op een gegeven moment riep Gabe Flores “L.A. Woman” waarop er inderdaad enkele gitaarriedels uit het bekende Doors nummer volgden. Het bleek slechts een aanzet voor alweer een fascinerende ruimtevlucht waarin de gitaren de zwaartekracht wisten te trotseren.
Ik had nooit eerder van ze gehoord maar ik denk dat we nog mooie dingen mogen verwachten van Hooveriii.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Neon Electronics

Neon Electronics - Album release ‘Apollo’ - Ook live overtuigen de songs van ‘Apollo’

Geschreven door

We kregen al enkele maanden geleden de EP ‘Mondriaan’ als voorsmaakje voor het nieuwe album ‘Apollo’. Daaruit bleek dat het Dirk Da Davo, Genn Keteleer aka Radical G en Pieter Jan Theunis in bloedvorm verkeren. We keken dan ook uit naar deze avond.

Eerst was Simi Nah aan de beurt in De Kreun. Simi Nah (voormalig basspeelster bij o.a. The Chicks en Praga Khan) stelde hier haar eind vorig jaar uitgekomen plaat ‘La Terre est Noire’. Deze kreeg hier een officiële albumreleaseparty mee. Dat album blijkt immers een pareltje te zijn. Het optreden was tevens ook de afscheidsshow voor Simi Nah die hiermee het doek over haar muzikaal bestaan gooit (Maar never say never… ). In elk geval waren we onder de indruk van het optreden van dit duo waarvoor er veel te weinig volk voor op afgekomen was. De show begon met de wolfgeluiden afkomstig uit “Le Chant Des Loups”. Een sterke opener van een mooi nummer. Maar dat geldt voor voor alle nummers uit dat laatste album. Simi Nah en Kenny Germain B gaven een prettige Franse electro/ gothic wave performance. Het enige minpuntje was dat het geluid soms de stem van Simi Nah overstemde. Het optreden zweefde tussen dansbaar en energiek tot introvert en breekbaar. Een beetje tussen Vive La Fête en Visage in. Een fijn optreden en een mooie lichtshow. Alleen jammer dat we ze niet meer aan het werk zullen zien. Stilletjes hopen we toch nog op wat muziek van beiden.

Daarna was het de beurt aan Neon Electronics. Er werd gestart met de opener van het album “El Barraco”. Een sfeervolle instrumentale trip gevolgd door “Mondriaan” dat een heuse spacetrip was. Er volgde vrij veel applaus bij de eerste tonen van “Glimp” en “Road To Freedom”. Het was een sterk openingskwartier. “Invisible Man”, “More” en “Better Way” zorgden dat de benen bewogen bij het publiek. Glenn Keteleer had een vrij bizar elektronisch blaastoestel bij zich dat mooie sounds opleverde. Bassist Theunis shakete als een beest en liet zijn basgitaar ronddansen. Da Davo was zijn eigenste zelf en bediende de gitaar. Toch even wennen als je hem gewoon bent om te zien achter zijn laptop bij The Neon Judgement. “Follow Your Dreams” was sterk net als “157”. “TV Treated” kwam in een eigentijds kleedje gestoken (Tevens aanwezig op “Apollo”). Er werd potent geëindigd met “Energy X” en “Off Da Hook”. Er werd nog eens teruggekomen om te eindigen met ze begonnen.
De industriële electro is nog niet dood. Ze is springlevend in de vorm van Neon Electronics.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-kreun-kortrijk/neon-electronics-12-04-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-kreun-kortrijk/simi-nah-12-04-2019

Neon Electronics - Album release ‘Apollo’ - Ook live overtuigen de songs van ‘Apollo’
Simi Nah + Neon Electronics
Kreun
Kortrijk

Organisatie: Neon Electronics ism Wilde Westen, Kortrijk

John Paul Keith

John Paul Keith - Master of rock‘n’roll swing guitar

Geschreven door

In 2012 moest ik nog helemaal tot in Groningen rijden om John Paul Keith aan het werk te zien. Dit keer speelde hij aan mijn achterdeur (bij wijze van spreken want toch nog altijd een klein uurtje rijden) maar veel lijkt er toch niet veranderd. Op interesse van de gebruikelijke clubs in België die americana programmeren hoeft hij nog steeds niet te rekenen. Nadat hij eerder deze tour in een Brussels café (Chaff) speelde mocht hij last minute ook nog eens in de Pit’s opdraven en dat is niet echt een plaats waar je hem verwacht.

Ok, John Paul Keith was eerder reeds tweemaal te gast in de Pit’s (2007 en 2010) maar dat was in de band van Jack Oblivian waarin toen ook Harlan T Bobo zat en dat staat toch mijlenver van hetgeen Keith tegenwoordig uitvreet. Dat hij hier niet echt op zijn plaats stond bleek ook uit het voorprogramma.
Afgaande op hun naam, Onkruid, had ik nog gehoopt op een alternatieve folkgroep maar het werd de gewoonlijke Pit’s stuff die ons door de strot geramd werd. Drie jongens uit Kuurne mochten er onder ruime belangstelling hun allereerste set afwerken. Twijfelend tussen hardcore en gore punk brachten ze het er zonder al te veel kleerscheuren vanaf maar ik kreeg het er noch koud noch warm van.

Toen het drietal ermee ophield bleek dat John Paul Keith nog maar net gearriveerd was en ik vreesde, gezien de avondklok (tien uur), al voor een geamputeerd optreden. Maar de mannen uit Memphis wisten hun materiaal in recordtempo op te stellen terwijl de soundcheck slechts enkele minuten in beslag nam. Even opperde de klankman om nog even samen te soundchecken maar John Paul Keith, vastberaden een volledige set te spelen, wou er meteen aan beginnen.
En verdomd, nooit eerder klonk het geluid hier zo helder! De band opende met een enorme pegel, “Anyone can do it”, een lillende song die Buddy Holly vergat te schrijven. Meteen werd ook duidelijk dat Keith twee geweldige begeleiders had meegebracht: bassist Matthew Wilson en drummer Danny Banks die je beide zou kunnen kennen van John Nemeth & The Blue Dreamers.
Samen zorgden ze, zeker het eerste half uur, voor een vrij stevige en rock-‘n-roll getinte sound maar dat kon niet beletten dat veel Pit’s habitués, die hun dosis punk misten, zich terugtrokken in het sanitaire gedeelte van het pand. Zo misten ze onder meer een forse uitvoering van het meesterlijke “We got all night” waarin de drummer even loos mocht gaan. Ergens in Nederland werd JP Keith aangekondigd als “Master of rock-‘n-roll swing guitar”. Terecht want zijn schijnbaar moeiteloos gebrachte, sprankelende gitaarspel liet mijn mond meer dan eens open vallen.
In het tweede deel van de set bracht hij wat meer nummers uit zijn laatste en alweer uitstekende plaat ‘Heart shaped shadow’. Minder rock-‘n-roll maar een eerder moeilijk te omschrijven stijl waarin je zowel roots, country, honky-tonk als rhythm & blues kan ontwaren. Wat zachter van aard ook maar de songs zoals “Ain’t letting go of you” waren steeds van een zeldzaam hoogstaande ambachtelijke kwaliteit waarbij het moeilijk was de heupen stil te houden. Er was zelfs plaats voor “Meet me at the corner”, een song van Motel Mirrors (een nevenproject van hem met Amy LaVere en Will Sexton) waarbij de bassist en de drummer de onmogelijke opdracht kregen de sirenenzang van LaVere te doen vergeten.

Dit was show nummer 32 in een reeks van 35 maar de drie zagen er allerminst vermoeid uit. Integendeel ze blaakten van enthousiasme terwijl het spelplezier ervan af spatte en dat in een punkhol als de Pit’s.

Organisatie: Pit’s Kortrijk

Daughters

Daughters - De waanzin nabij

Geschreven door

Hoezeer kan een mens opgaan in zijn act ? Weinigen die het meer uitgesproken doen dan Alexis Marshall, de maniakale frontman van Daughters. Tot bloedens doe gooit hij al zijn frustraties er uit. Marshall is een attractie op zich, woest, agressief en frontaal. Hij gaat tekeer en predikt als een jonge Nick Cave ten tijde van The Birthday Party, toen die nog stijf stond van de drugs. Waarmee we niet willen suggereren dat Marshall een addict is, die kerel is gewoon zo gek menen wij, de waanzin nabij.

Marshall lijkt voortdurend een gevecht aan te gaan met zichzelf en vooral met zijn microfoon. Het ding wordt gegeseld en compleet misbruikt, het lijkt wel of Marshall het letterlijk wil opvreten. In zijn razernij wordt hij geruggesteund door een geweldige band. Daughters klinken verschroeiend hard, gemeen, apocalyptisch en gevaarlijk. Noem het noise rock of industrial hardcore voor ons part, je zal de sound van Daughters toch nooit echt kunnen omschrijven, want dit is iets uniek. Het beukt er hard in en laat je niet meer los. Alsof The Jesus Lizard en Swans het in de boksring opnemen tegen Converge en Unsane, waarbij alles is toegelaten. Feit is dat dit de meest frontale noise-band is die we het laatste jaar mochten aanschouwen. Het geweldige album ‘You Won’t Get What You Want’, zonder meer één van de beste platen van 2018, gaf het al aan, dit is geen wandelingetje in het park, wel een mokerslag pal op uw bakkes.
De band weet ook maar al te goed dat het laatste album hun pièce de resistance geworden is. Het staat dan ook centraal vanavond en wordt er quasi helemaal doorgejaagd. En dit met een ongeziene bezetenheid en furie. “The Reason They Hate Me” barst open als een overrijpe steenpuist, “Satan In The Wait” broeit en brandt uitzinnig, “Less Sex” is Nine Inch Nails in het gekkenhuis en afsluiter “Ocean Song” is een genadeloze bloedzuiger die zich in onze hersenpan vastbijt om nooit meer los te laten.

Een vol uur worden we werkelijk overrompeld door de striemende en zinderende furiositeit van Daughters. Dit is één van de meest waanzinnige bands die we ooit aan het werk zagen.

Organisatie: Botanique, Brussel

Hot Chip

Hot Chip - Een onwennige XTC-pil

Geschreven door

Op 4 april kregen we eindelijk “Hungry Child” te horen, het eerste wapenfeit van Hot Chip nadat ze vier jaar geen nieuwe muzikale zucht hadden geslaakt. De band uit Londen bestaat inmiddels bijna twintig jaar en kende grote successen met dancefloorfillers als “Ready For The Floor” en “Night And Day”. Op 21 juni komt hun nieuwste album ‘A Bath Full of Ecstasy’ uit en een uitverkochte Botanique bewees dat er benieuwd wordt uitgekeken naar wat Alexis Taylor en de zijnen ons gaan voorschotelen.

De Orangerie van de Botanique zat dan ook afgeladen vol, klaar om de nieuwe nummers van Hot Chip op de proef te stellen. De Londense band overspoelde ons al snel met de hits “One Life Stand” en “Night & Day”. Vrijwel meteen voerde het zevental een eerste lokroep op aan het adres van onze heupen en het werkte. Als een kleine hipsterprofessor voerde frontman Alexis Taylor achter zijn synthesizer zijn troepen aan. Zelfs zijn ietwat vreemde kapsel droeg de oorlogskleuren van Hot Chip.
Pas bij nummer vier kregen we een eerste voorsmaakje van hoe ‘A Bath Full of Ecstasy’ kan smaken en net als bij een eerste keer XTC smaakte het nog wat onwennig. Ook het nieuwe “Spell” proefde bitter. Enkel bij de nieuwste single “Hungry Child” voelden we het effect op ons lichaam en begonnen de zachte beats op onze dopamine in te werken.
Soms had je het gevoel dat Hot Chip vanavond nog ergens anders moest zijn. Zeker de klassieker “Boy From School” leed daaronder. Het nummer werd uit zijn tempo gehaald en faalde in zijn charmeoffensief. Hot Chip verzuimde het om af te werken. Soms vergaten ze de Botanique het feestje te geven dat het verdiende en na één uur spelen , klokten ze meteen af, bisnummers niet meegerekend.
Gelukkig had Hot Chip doorheen hun set nog enkele troeven achter de hand. “Over and Over” was een regelrechte aanslag op onze dansbenen. “Ready For The Floor” liet ons dan weer melancholisch voelen, zonder te weten waar dat gevoel juist vandaan kwam. En dan moeten we het nog even over de twee bisnummers hebben. Terugkomen en al die vrolijke indiepop kapotslaan met een cover van “Sabotage” van de Beastie Boys is durven, zeker omdat ze het daarna perfect terug aan elkaar lijmden met “I Feel Better”. Misschien is dat wel het mooiste cadeau dat Hot Chip ons kon geven.

Hot Chip zette een korte, maar goede show neer in de Botanique. Ze bewezen dat ze meer dan genoeg materiaal hebben om ons te bezweren met hun kleurrijke elektro. Toch vergaten ze af en toe enkele kersen op de taart te zetten om het helemaal af te maken. Na bijna twee decennia mag je feest wel iets langer duren dan twaalf nummers, als je het ons vraagt.
Op zaterdag 17 augustus staat Hot Chip op Pukkelpop.

Setlist: Huarache Lights - One Life Stand - Night & Day - Melody Of Love – Flutes - Hungry Child - And I Was A Boy From School – Spell - Over and Over - Ready For The Floor – Sabotage - I Feel Better

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

Amyl and The Sniffers

Amyl and The Sniffers - Girlpower

Geschreven door

Ik zag ze enkele weken terug nog in de 4AD en net als toen maakte Peuk een verpletterende indruk. Peuk is een Limburgse combinatie van jong en oud. Achter de vellen herkenden we oudgediende Dave Schroyen (Evil Superstars, Millionaire, Creature With The Atom Brain, Birds That Change Colour), op bas Jacques Nomdefamille (Heisa) en op gitaar en zang aanstormend talent Nele Janssen (The Shovels).
De band opende de set met een mokerslag, genaamd “Magpie”, met het als een mantra herhaalde “Lie, lie, you’re a lie”. Het zorgde meteen voor een zinderende intensiteit en die werd niet meer prijsgegeven. Peuk switchte voortdurend subtiel tussen zacht en hard zonder dat het voorspelbaar werd. Dat deed onvermijdelijk denken aan de grunge, de betere soort dan. Ik meende invloeden van Nirvana te horen terwijl de noise passages herinneringen aan Sonic Youth opriepen. Het zijn maar indicaties want Peuk was vooral zichzelf: een bijzonder hechte groep met een bescheiden maar fenomenale frontvrouw die zowel vertederend kon zingen als angstaanjagend krijsen. Lang geleden dat een noise band (zelf noemen ze hun ding sludge pop) me nog zó kon raken. Misschien lag dat wel aan de vrouwelijke benadering van de gitaar die toch voor een verademende sound zorgde.

Amyl and The Sniffers (Melbourne) waren vorig jaar het absolute hoogtepunt van Leffingeleuren. Vooraf vond ik ze op plaat niet eens zo bijster goed maar live sloeg dit immense vonken. In die mate dat ik ze beslist nog eens terug wou zien in een zaal. Maandag kon dat in een goed gevulde Rotonde. Even leken de hoge verwachtingen niet ingelost te zullen worden maar dat had te maken met een manke klankbalans. Gelukkig duurde dat euvel niet lang en vanaf het tweede nummer klonk alles zoals het hoorde te klinken.
Wat was het weer heerlijk om Amy Taylor “I’m not a loser” te horen schreeuwen, nauwelijks een schop hoog, in een jeansshortje, met tepels die door haar shirtje priemden en met overdadig blauw geschminkte ogen (eerst dacht ik nog dat ze na een nachtje stappen twee blauwe ogen had opgelopen). Maar een loser is ze inderdaad allerminst. Eén brok tomeloze energie: voortdurend rondhossend, rollend over het podium, schijnboksend of een reeks ondefinieerbare bewegingen makend waar ze zelf ook af en toe mee moest lachen.
Al heel vroeg dook ze onversaagd het publiek in om de gemoederen nog wat meer op te hitsen. Dit moest een feestje worden en dat werd het ook. Een mix van oude Aussie hardrock en seventies punk in elkaar geflanst door drummer Bryce Wilson, gitarist Declan Mehrtens en bassist (met een buitenproportioneel nektapijt) Kevin (Gus) Romer. Absoluut niets nieuws onder de zon maar het werkte wel erg aanstekelijk en met een ontwapenende Amy Taylor erbij werd het helemaal onweerstaanbaar.
Veel was er niet veranderd sinds Leffinge, veel nieuwe nummers waren er buiten de nieuwe single “Monsoon rock” dan ook niet te horen. Nochtans zou er een eerste volwaardige lp op komst zijn. Op zich niet erg maar toen de wervelstorm al na een dik halfuur ging liggen bleven velen toch wat op hun honger zitten.

Kort en krachtig, dat zeker maar het had toch net iets meer gemogen. Voor wie hier geen genoeg van kan krijgen en zo zullen er nogal wat zijn: nog te zien op 11 juni in Het Bos!

Organisatie: Botanique, Brussel

Pagina 113 van 386