logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Gavin Friday - ...

The Young Gods

The Young Gods zuigt z’n publiek in de set op …

Geschreven door

Hoe zou het nog zijn met de Young Gods? Jong kan je frontman Franz Treichler (Franz Muse) en knoppendraaier Cesare Pizzi (Ludan Dross) bezwaarlijk nog noemen. Daarvoor zit er intussen al wat teveel grijs in hun respectievelijke paardenstaarten. Aan de opkomst voor hun shows te zien, kan je ook Gods al schrappen. In de afgerond 20 jaar dat ze naar België komen voor shows, zijn ze de capaciteit van de Botanique niet kunnen ontgroeien. Hun godenstatus maken ze dan weer wel waar als andere bands en artiesten in interviews vertellen waar ze de mosterd gehaald hebben. Dan komen o.m. Pitchshifter, U2 en David Bowie al eens vaak bij dit Zwitserse trio uit.

Eerder dit jaar verscheen er eindelijk nog eens nieuw werk van deze industrial elektro-rockband. ‘Data Mirage Tangram’ kwam tot stand in 2015 op het Cully Jazz Festival en is drie, vier jaar later pas afgeraakt.  Op dit twaalfde album, het eerste sinds 2010, doen The Young Gods het meer atmosferisch, maar vooral langer en trager. Gelukkig doen ze dat in stijl. Er zit nog steeds een flinke dosis rock en techno in hun nieuwe tracks, maar deze band heeft z'n eigen plekje gevonden in het muzieklandschap, met onverwachte gitaren en breaks, maar een stuk verder weg van hun aan Front 242-verwante EBM van de begindagen.
De Young Gods starten hun set in Brussel met “Entre En Matiere” uit hun jongste album. Het nummer start met een ambient-vibe en heel minimale belichting. Heel jammer dat de sfeer nog verpest door een heel ijverige roadie die nog wat kabels moet controleren. De gitaarklanken van Franz Muse doen hier vaag wat denken aan The Cure tijdens “Fascination Street”. Het publiek reageert meteen enthousiast maar ondanks dat deze Zwitsers reeds acht of negen keer eerder in deze zaal speelden, kan er aan het begin van de set niet meer begroeting af dan een wel heel zuinig ‘bonsoir’.
Het tweede nummer in de set is “Figure Sans Nom”, ook al van ‘Data Mirage Tangram’, een stuk dansbaarder en met die heel repetitieve tekst die als een mantra de zaal wordt ingeblazen. Nog meer nieuw werk volgt met “Tear Up The Red Sky”: aanvankelijk krijgen ze het publiek hiermee niet veel verder dan wat heen en weer wiegen, maar met een mooi opgebouwde, bulderende finale komt er eindelijk wat leven in het publiek. Opnieuw krijgt het enthousiaste publiek een wel heel zuinig ‘merci beaucoup’ teruggekaatst van Franz Muse.
Ook “All My Skin Standing” komt van het nieuwe album en krijgt een net iets warmere ontvangst. Tribale drums, EBM en explosieve gitaarnoise in de stijl van Thurston Moore (Sonic Youth) worden in deze track op een hoopje gegooid in een wel heel lange versie van deze track. We zijn dan al 40 minuten ver in de set en er zijn nog maar vier tracks gepasseerd. Maar het publiek geniet met volle teugen.
“Moon Above” valt live wat tegen. Hier mixen de Young Gods improvisatie-jazz met noise en dikke geuten blues, met zelfs een stukje mondharmonica.
Daarna komt eindelijk ouder werk aan de beurt met “About Time” uit 2007. Op “Envoyé” laat Franz Muse voor het eerst zijn gitaar aan de kant. Op dit oudje uit 1987 gaan de fans helemaal los. De reguliere set wordt afgesloten met een track uit het nieuwe album die als beste aansluit bij het oudere werk: “You Gave Me A Name”.
De bisronde is één grote dankbetuiging aan de fans, met de Young Gods-klassiekers “Kissing The Sun”, “Gasoline Man” en “Skinflowers”. Anders dan in Londen of Parijs krijgt het Brusselse publiek nog een extra toegift: “Everythem”.

Young Gods is één van die zeldzame bands die erin slaagt om zijn publiek te laten meegroeien met de band. Niet in aantallen fans, maar in de muzikale reis die afgelegd wordt.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/the-young-gods-24-03-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/amute-24-03-2019

Organisatie: Botanique, Brussel.

David Nance

David Nance Group - Hallucinerende gitaren

Geschreven door

Vooraf had ik al mijn overredingskracht moeten aanwenden om mijn wederhelft duidelijk te maken dat ik absoluut niet mee kon naar dat feest waarvoor we uitgenodigd waren want dit wou ik voor geen geld missen. Vorig jaar blies David Nance me live van de sokken, ook al in de 4AD, terwijl zijn laatste plaat ‘Peaced & slightly pulverized’ een erg verslavende schijf is die zijn weg telkens opnieuw naar mijn draaitafel weet te vinden. Mijn honger naar meer diende gestild te worden en niets of niemand kon dat dwarsbomen.

In afwachting doorstond ik lijdzaam het voorprogramma, Nimbus Cart. Nee, dat klinkt toch wat te oneerbiedig. Vooreerst alle respect voor gitarist Steven Govaere die het, na onder meer Gurt Goatbuck en Spit Fox, blijft proberen en met Nimbus Cart misschien wel zijn beste band tot nu toe heeft. Uithangbord was zangeres Janis die heus wat meer te bieden had dan die opvallende decollete. Ik hoorde vooral jaren ‘70 hardrock, wat grunge invloeden (overgang van zacht naar hard) en enkele funkaanzetten. Niet echt mijn ding maar toevallig had ik die namiddag geluisterd naar de nieuwe van Ex Hex, die door sommige gerenommeerde bladen als de nieuwste garagerock sensatie wordt omschreven, en die zoeken het min of meer in dezelfde hoek. Waarom zou ik dan Nimbus Cart geen plaatsje onder de spotlights gunnen. De band sloot af met de allereerste song die ze maakten, een oersimpele maar aanstekelijke pubrock deun, waarna ik me afvroeg waarom ze die weg niet verder bewandeld hadden.

David Nance (Omaha, Nebraska) groeide op met groepen als de Oblivians en The Reatards zodat het misschien wat vreemd lijkt wanneer hij zich een tijdje onledig houdt met het opnemen van complete coverplaten zoals ‘Goat’s head soup’ van de Stones (samen met Simon Joyner), “Doug Sahm and Band”, “Berlin” van Lou Reed en “Beatles for sale”. Op de hoes van die laatste staat trouwens “These guys stink” geschreven bovenop de foto van the fab four en deinst hij er niet voor terug om enkele nummers serieus door de mangel te halen.
Waar er op zijn voorlaatste plaat, ‘Negative boogie’ (uit op ‘Ba Da Bing!’) nog heel wat wringende nummers met eventuele invloeden uit de jaren ‘90 garagerock staan kiest hij op zijn laatste, ‘Peaced & slightly pulverised’, op één nummer na, resoluut voor epische gitaarrock. De plaat werd uitgebracht op het toonaangevende ‘Trouble In Mind Records’ dat wel meer dergelijke groepen (Mountain Movers, Headroom,...) onderdak biedt.
Toen de groep het podium betrad bleek bassist Tom May er niet bij te zijn. Zijn plaats werd ingenomen door Sarah Bohling (Thick Paint, Icky Blossoms) terwijl er ook nog een extra (derde) gitarist mocht opdraven: Londenaar Jack Cooper van Ultimate Painting. Naast hen de vertrouwde gezichten van drummer Kevin Donahue en gitarist Jim Schroeder.
De set werd geopend met het dartele, haast frivole “Give it some time” en meteen wist je dat dit goed zat. Daarna liet David Nance het tempo zakken zodat de gitaren (de zijne en die van Schroeder) zich innig konden verstrengelen terwijl de derde gitaar er wat extra ornamenten aan toevoegde. Het leverde een roesverwekkende sound op (geen drug scoort beter, vermoed ik) die de knap opgebouwde nummers nooit in de weg stond.
Roots, americana en, waarom niet, classic rock op smaak gebracht met een perfecte dosering psychedelica. ‘Een heruitgevonden Neil Young’, ‘Steve Gunn met ballen’ of ‘Steve Wynn na een bad americana’ waren de omschrijvingen die door mijn hoofd flitsten.
Songs als “Amethyst” en “In her kingdom” zijn zinderende epossen die ik nu al als klassiekers ervaar. Bovendien was Nance intelligent genoeg om zich niet op die ene vaardigheid te laten vastpinnen en zorgde hij voor de nodige variatie. Zo was er ook plaats voor de zwalpende country van “Silver wings”, een uitstekende Merle Haggard cover. Blijkbaar heeft hij ook nog eens een neus voor fijne covers want even later dook er een stevige versie van “Down where the drunkards roll” op, een prachtige song van Richard & Linda Thompson die hier uitgroeide tot misschien wel hét hoogtepunt van de avond. Of “Poison”, een homp lillende rock-‘n-roll dat een hit van de Stones uit de jaren ‘70 geweest kon zijn.
Er passeerden ook een rits mij onbekende nummers, zoals “Credit line”, die dan weer het beste beloven voor de toekomst. Vorig jaar vond ik ze al sterk maar dit overtrof gewoon alles! Viel er dan werkelijk niets op aan te merken? Ach, het ging er nogal statisch aan toe. Enkel Nance zelf zakte af en toe door de knieën om wat effecten op zij gitaar te steken of om een bierbekertje over te snaren te laten glijden.

Voor de rest gebeurde er visueel zo goed als niets op het podium en kan ik best begrijpen dat sommigen daarop afknappen. Maar wie zich liet mee glijden in deze hallucinerende trip zal het waarschijnlijk niet eens opgevallen zijn.
En dat David Nance, die zowat de ganse set op vijf snaren speelde(!), het rock-‘n-roll hart op de juiste plaats heeft zitten, laat daar geen twijfel over bestaan. Hopelijk blijft de David Nance Group geen goed bewaard geheim...

Organisatie: 4AD, Diksmuide

David Nance Group - Hallucinerende gitaren
David Nance Group
4AD
Diksmuide

Whispering sons

Whispering Sons - Nog steeds intensieve duisternis, met beide voeten in het heden en het oog naar de toekomst gericht

Geschreven door

Op sommige momenten hoop ik dat de Belg iets meer chauvinistisch wordt. Als het om 'Eigen Kweek' gaat bekijkt de Belg dat namelijk helaas nog teveel met argusogen. Die sceptische houding is echter voor niets nodig. Neem nu Whispering Sons. Vanaf die eerste keer toen we de dame en heren aan het werk zagen in Trix, op het gratis evenement Trix-Trax, waren we danig onder de indruk van hoe deze band ons door middel van instrumentale magie zonder verpinken deed terugkeren in de tijd. Maar vooral die adembenemende en tot de verbeelding sprekende podium performance van frontvrouw Fenne - wiens inbreng we toen vergeleken met de bewegingen en uitstraling van bijvoorbeeld Ian Curtis - liet ons totaal van de kaart achter. Ondertussen heeft Whispering Sons Humo's Rock Rally gewonnen en hebben ze hun debuut 'Image' op de markt gebracht. Een schijf die trouwens overal goed wordt ontvangen. En vooral is de band meer dan ooit volwassen geworden. We waren benieuwd of ze ook in De Casino in Sint-Niklaas aan de hoge verwachtingen konden voldoen.

Om de lont aan het vuur te steken om je publiek te hypnotiseren kon Whispering Sons geen betere act meebrengen dan The Germans (****1/2). Deze band zijn meesters in voodoo rituelen naar voor brengen die je alvast doen vertoeven in heel andere oorden. In het verleden kwamen daar vaak naakte dansers bij - zoals op Pukkelpop 2015 - nu doet de band het eerder door zijn sprankelende en psychedelische aanvoelende muziek voor zich te laten spreken. De band slaagt er dan ook in, door een beklemmende en ijzingwekkende samensmelting van die hypnotiserende klanken en vocalen je tot een zekere vorm van waanzin te drijven. De enige voorwaarde is dat u zich gewillig laten meevoeren naar de bonte, kleurrijke wereld die The Germans je aanbieden. Het zorgt wellicht voor enkele gefronste wenkbrauwen, maar ook - eens je die duistere en bevreemdend aanvoelende wereld binnen gaat - voor een voodoo trip die je terugvoert naar de diepste, donkerste kant van je ziel.

Vorig jaar zagen we Whispering Sons (****) nog aantreden op Sinner’s Day in Genk en schreven daarover: "Whispering Sons zet de puntjes op de 'i', dat deden ze dit jaar eigenlijk al met een sprankelend debuut. Ook live zet de band nog enkele stappen voorwaarts naar eeuwige roem. Het publiek smulde met volle teugen van zoveel innerlijke schoonheid, dat aan de ribben kleeft. En ook wij bleven diep onder de indruk achter, en pinkten nog maar eens een traan weg". En ja In De Casino , Sint-Niklaas bevestigt Whispering Sons deze stelling nog maar eens. Veel woorden worden er niet aan vuil gemaakt, behalve links en rechts een oprechte 'bedankt'.
Voor lange bindteksten moet je namelijk niet bij Whispering Sons zijn. Maar de muzikale huzarenstukken die de haren op je armen doen recht komen , gekruid met die stem van Fenne die je uiteindelijk naar heel andere oorden doet drijven, waardoor we in 2016 prompt fan werden, die is nog steeds aanwezig. Echter zien we - eveneens op basis van het debuut - een band die vooruit kijkt. Want inderdaad, ondanks de nog steeds duidelijke verwijzing naar die jaren '80, hoor en zie je dat Whispering Sons nog steeds blijft evolueren in stijl, en vooral kijken elk van de top muzikanten op het podium, inclusief hun frontvrouw, meer dan ooit, allemaal dezelfde kant uit.
Er valt dan ook, zowel bij wat meer uptempo songs als “Dense” of heel intens mooie “Hollow”, nergens een speld tussen te krijgen. De kers op de taart volgde echter in dat magisch mooie bisnummer. “No Image” werd ingezet met Fenne haar breekbare stem enkel onder begeleiding van de elektronische inbreng van Sander Hermans en de intense piano klanken van Kobe Lijnen, en bezorgde ons daardoor het zoveelste kippenvelmoment van de avond. Waarna Sander Pelsmaekers (drums) en bassist Tuur Vandeborne daarop inpikten. De registers werden helemaal opengetrokken in een wervelende finale die eindigde in een climax die de haren op onze armen compleet deed recht komen van innerlijk genot.

Besluit: Whispering Sons staat meer dan ooit tevoren heel zelfverzekerd op het podium en straalt eveneens enorm veel spelplezier uit, in zoverre dat kan binnen die toch wel donkere en weemoedige omkadering. Want lichtvoetige muziek brengen daar doet Whispering Sons ook anno 2019 nog steeds niet aan. De postpunk liefhebber in ons sloot dan ook meermaals de ogen en liet zich andermaal gewillig meevoeren naar weer een andere donkere, melancholische wereld, die de band ons aanbood. En sprong een gat in de lucht van blijheid dat de band vooral vooruit kijkt en zichzelf dus anno 2019 blijft heruitvinden. Wat ons doet dan weer doet uitzien naar meer postpunk en aanverwante parels van één van onze persoonlijk favoriete Belgische bands, in de nabije en vooral verre toekomst.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/whispering-sons-22-03-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/the-germans-22-03-2019

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Panic! at the Disco

Panic! At The Disco - Een solide brug tussen (emo)rock en pop

Geschreven door

Dat Panic! At The Disco in 2019 een Lotto Arena kan uitverkopen, had niemand gedacht toen ze voor het eerst opdoken in 2005. Maar ziedaar, de groep is bekender dan ooit en dat dankzij een perfecte koerswijziging. ‘Pray For The Wicked’, hun recentste plaat, legde definitief de brug naar pop en dat leverde hen ook echte hits op. Die hitjeszoekers waren dan ook allemaal aanwezig in de Lotto Arena, waar de band toonde wat voor een sterke show ze kunnen neerzetten. Boordevol spektakel en leuke nummers wist de band bijna twee uur te boeien, straf.

Nog voor de band op het podium stond, begon het gekrijs in de zaal al boven de honderd decibel te gaan. Reden daarvoor was een aftelklok die tien minuten voor de show begon af te tellen. Zo waren we ook meteen zeker dat de band op tijd ging beginnen, handig. Aan de hand van enkele meezingers (denk “Africa”) werd het publiek hier meer opgewarmd dan bij het voorprogramma. Eens de volledige band dan het podium betrad, viel op dat Panic! At The Disco het hier groots ging aanpakken.
Strijkers en blazers, je zou het niet meteen op een popconcert verwachten, maar bij Panic! At The Disco bleek het telkens te werken. Bij opener “(Fuck A) Silver Lining” werden ze beide meteen ingezet en dat gaf de song de nodige dynamiek die ook in de rest van de set naar voor kwam. Het geeft de klassieke gitaar, bas en drum opstelling een extra dimensie, waardoor het allemaal veel grootser overkomt. Goed gezien dus, want zo kan je wel een Lotto Arena boeien.
Die strijkers en blazers moesten niet het hele concert het harde werk doen. Bij “Vegas Lights” bijvoorbeeld kregen we de klassieke opstelling te horen, en daaruit viel meteen op dat die extra muzikanten wel een meerwaarde zijn. Ze vormen het lichaam waarop de rest van de bandleden verder bouwt. “This Is Gospel” was trouwens de enige song waarin frontman Brendon Urie ook zijn gitaar bovenhaalde, bijgevolg de enige song in de set die heel hard rockte. Er waren er natuurlijk nog, maar daar viel het harder op doordat er twee gitaristen waren.
Het draait dan ook niet meer om gitaren, en dat stoort niemand. Panic! At The Disco heeft het perfecte evenwicht gevonden tussen pop en rock, en dat wordt belichaamd door frontman Brendon Urie. Hij is enthousiast, heeft heel straffe moves en leeft zich bij iedere song heel hard in. Zijn stem kan natuurlijk ook alles aan, al hoeft hij dat niet bij ieder nummer te tonen. We weten dat hij heel hoge noten kan halen, maar om dat echt iedere keer te doen was voor ons van het goeie te veel. Het publiek daarentegen bleef telkens krijsen, maar dat was ook niet moeilijk, want bij het minste dat de man deed, at de zaal uit zijn hand.
Urie is dan ook meer dan een frontman, hij is een rolmodel. Zo probeert hij ook de LGBT gemeenschap wat in de aandacht te zetten. Tijdens “Girls/Girls/Boys” moest iedere toeschouwer een gekleurd hartje laten verlichten en in de lucht steken, met wondermooie regenboogkleuren als resultaat. De regenboogvlag dus en hij kreeg op het podium dan ook ettelijke hartjes toegegooid. Eenheid met het publiek en eenheid met elkaar, dat is waar Panic! At The Disco voor staat. Het nummer zelf was niets speciaals, maar zo wordt het natuurlijk een moment om nooit te vergeten.
Dat de band durft, bewezen ze bij een cover van “Bohemian Rhapsody”. Niet meteen de meest simpele song om te coveren, maar met een frontman die zich even hard smijt als wijlen Mercury kan je bijna niets mis doen. Van jong tot oud werd de anthem van een generatie meegezongen. Maar natuurlijk waren het vooral de eigen songs die voor veel euforie zorgden. Er was een evenwicht tussen echte stadionanthems als “One of The Drunks” en de meer poppy nummers zoals “Nine in The Afternoon” of “Dancing’s Not a Crime”. Door die diversiteit bleef de set ook boeien en had je nergens het gevoel dat het ging vervelen.
Dat was zelfs niet het geval toen Urie besloot om enkele pianoballads op ons los te laten. “Dying In LA” wist hierdoor echt te verbazen, omdat het zo intiem werd gebracht. Ze waren emotioneel, maar hadden wel hun meerwaarde. Zo werd de Lotto Arena volledig belicht, wat voor een heel romantisch sfeertje zorgde.“High Hopes”, hun grootste hit tot dusver, zorgde voor het grootste, meest bombastische meezingmoment van de avond en net door die bombast werd iedereen plots wakker geschud.
Het eindoffensief was ingezet en iedereen smeet zich volledig en danste alles wat ze nog in zich hadden uit het lijf. Er werd van begin tot eind gedanst, maar op het eind net nog iets meer. Toen Urie tijdens de bisronde zonder T-shirt terugkwam, zou het ons niet verbazen dat enkele personen flauwvielen. Het gekrijs was luider dan ooit tevoren, maar een echte meerwaarde bood zijn topless performance niet. “I Write Sins Not Tragedies” was wel nog eens het bewijs dat ook de oude, iets potigere songs heel wat kelen kunnen laten zingen.

Panic! At The Disco weet dus perfect de brug te slaan tussen pop en (emo)rock. Dat ze tegenwoordig nog steeds een groot publiek weten aan te spreken, komt net door de eenheid die ze proberen creëren op hun shows. Ze prediken liefde, zijn dankbaar en ook gewoon heel oprecht. De band weet daarnaast perfect hoe ze een goeie popsong moeten schrijven, zonder hun eigenheid te verliezen. Live is het verbazingwekkend hoeveel spektakel zo’n groep kan voortbrengen. Dat is te danken aan een onvermoeibare frontman, maar ook aan de sterke instrumentatie die telkens weer voor een frisse wind zorgt.
Panic! At The Disco in de Lotto Arena was boeiend, verrassend, betoverend en vooral heel erg plezant.

Setlist: (Fuck A) Silver Lining - Don’t Threaten Me with a Good Time - Ready To Go (Get Me Out of My Mind) - Hey Look Ma, I Made It - LA Devotee – Hallelujah - Crazy=Genius - The Ballad of Mona Lisa - Nine In The Afternoon - One of the Drunks - Casual Affair - Vegas Lights - Dancing’s Not a Crime - This Is Gospel - Death of a Bachelor - I Can’t Make You Love Me (Bonnie Raitt cover) - Dying In LA - The Greatest Show (Pasek & Paul cover) - Girls/Girls/Boys - King Of The Clouds - High Hopes - Miss Jackson- Roaring 20s - Bohemian Rhapsody (Queen cover) - Emperor’s New Clothes - Say Amen (Saturday Night) - I Write Sins Not Tragedies – Victorious

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/lotto-arena-antwerpen/panic-at-the-disco-21-03-2019
Organisatie: Live Nation

Derek & The Dirt

Derek & The Dirt - Goede rock ’n roll, niets meer maar zeker ook niet minder

Geschreven door

Derek & The Dirt vieren dit jaar hun 30 jarig bestaan. Maar kijk in 2019 zijn ze springlevend en wel. Vorig jaar brachten ze een goed onthaalde plaat uit genaamd ‘All Today’s Words’ en nu doen ze een tourneetje langs Vlaamse wegen. Live zijn ze al altijd goed geweest en met deze ritmesectie staan ze zeker vast in hun schoenen. In De Harmonie kon je ze vanavond zowaar gratis aan het werk zien. Een buitenkansje. De heel mooie zaal (in retrostijl) was aardig volgelopen op deze donderdagavond.

Derek & The Dirt - Van de band moet je niet veel showbizz verwachten. Het gaat hem vooral rond de rock‘n’roll. Dat was ook Derek zei bij de aftrap van het concert: “Let’s Rock’n’Roll”. We kregen een mooie set voorgeschoteld waarin oude nummers zoals “Simenon Girl” (met een verwijzing naar schrijver Simonet), “Sally Mitchum” en “Rosie”. “Blijkbaar schreef ik vroeger vooral over meisjes” grapte Derek.
Daarnaast heel veel nummers uit hun laatste album. Die misstonden zeker niet naast het oudere werk. “Butterfly”, “My Mistakes”, “We Still Feel” en “Stop The News” waren sterk live. Ook hun nieuwste single “Massa” kwam voorbij. Deze single werd geproduceerd door de zanger zijn zoon. Opvolging verzekerd… “Massa” is een nummer dat ietwat anders opgebouwd is dan de meeste van hun tracks. Vooreerst is er de fijne percussie, het treinthema en de langzame opbouw van de song. Een heel sterk nummer toch.
Als apotheose kregen we “Love’s Exaltation”. Een nummer waarbij je de adrenaline voelt opkomen en heerlijk kan meezingen met het refrein. Ze kwamen nog éénmaal om hun ‘hit’ te spelen. Met name “Oh By The Way”. In een elektrische versie waardoor die iets steviger klonk dan het origineel (en daar had ik nu eens geen problemen mee). Eerst vertelden ze een anekdote over het feit dat ze ooit met dit nummer in Tien om te Zien zijn geweest.
Daarna was het gedaan waarop ze zelf hun boeltje moesten afbreken (ook dat is rock’n’roll) en achteraf gewoon in de zaal ene kwamen drinken…

Organisatie: De Harmonie, Oudenaarde

Jess Glynne

Jess Glynne - Aangekomen op de pop-Olympus

Geschreven door

Jess Glynne - Aangekomen op de pop-Olympus
Jess Glynne
Ancienne Belgique
Brussel
2019-03-20
Maxim Meyer-Horn

Jess Glynne is in haar thuisland, het Verenigd Koninkrijk, één van de populairste vrouwelijke popsterren van dit decennium en mag er voor uitverkochte arena’s staan. Haar tweede album ‘Always In Between’ deed het goed in de UK charts en brengt haar komende zomer ook als headliner naar enkele festivals. In ons land is ze iets minder bekend en moet ze het ‘slechts’ doen met een uitverkochte AB, wat ook al allesbehalve slecht is. Vorig jaar stond ze nog dertig weken in de Ultratop met haar hit “These Days” en toonde ze dat ze nog steeds hits kan schrijven. Gisterenavond sloot ze haar Europese tour in Brussel in schoonheid af.

Tessa Dixson, de winnares van De Nieuwe Lichting, mocht om acht uur de zaal in haar macht nemen, en of ze dat deed! Uitgedost in een zeer leuke outfit toonde de zangeres op een halfuur waarom ze tot de grootste opkomende Belgische popsterren van het moment behoort. Naast haar vier uitgebrachte nummers, bracht ze ook enkele nieuwe nummers, die ze weldra zal releasen. Lichte electropop met overtuiging gebracht, zo hebben wij het graag. Ook de mooi volgelopen zaal vond dat en zo won Dixson wellicht weer heel wat fans bij. Het zou ons niet verbazen als ze hier zelf binnen dit en twee jaar zou staan. Je hebt het hier gelezen…

In tegenstelling tot heel wat andere collega’s houdt Jess Glynne het op vlak van show redelijk sober en krijgen we qua showelementen weinig aangeboden. Die showelementen heeft ze eigenlijk niet nodig, want ook zonder grote decorstukken of speciale effecten trok de Britse zangeres ons helemaal mee in haar wereld. Opener “Hold My Hand” greep ons dan ook meteen bij de hand en nam ons mee naar een vrolijk, dansbaar wereldje, waarin we een dik uur lang ondergedompeld werden. Leuke, intense en verfrissende opener.

Glynne werd op podium vergezeld door vier muzikanten en drie backing vocals, die duidelijk goed op elkaar ingespeeld waren. Afgezien van de blaasinstrumenten en strijkers werd alles live gespeeld en gezongen, iets wat bijna een uitzondering is geworden in de popwereld. Zowat elk nummer werd in een lichtjes funky jasje gestoken en vooral bij de reeds zeer swingende nummers “123” en “Rollin’“ kwam dit ten volste tot zijn recht, maar ook “No One” klonk live nog iets luchtiger en sfeervoller.
Vroeger stond de rosgelokte artieste ervoor bekend om af en toe wat valse tonen uit haar strot te duwen, maar tegenwoordig klinkt ze nagenoeg de hele set loepzuiver, zonder de hulp van autotune of een backingtrack. Beste bewijs hiervoor waren het nieuwe “Thursday” en het volledig op piano begeleide “Take Me Home”. Ook op “Intro”, waarbij we de mooiste harmonieën met haar backing vocals te horen kregen, was er van uitschuivertjes geen sprake. Een puike prestatie, vooral aan het einde van een lange en uitgebreide tour.
Twee kleine sfeerbrekers bevatte de show wel. “Hate/Love” en “Broken” bleven niet helemaal hangen en waren we na afloop van de show bijna vergeten, maar misschien komt dat wel door het sterke arsenaal aan hits dat we op ons afgevuurd kregen. Ze schotelde ons ook een mega medley voor, waarin ze haar eerste grote hits bracht en ze kreeg het publiek helemaal mee. Ook recentere nummers “These Days”, “All I Am” en “Thursday” deden het uitstekend en werden door hun leuke live-versies nog aanstekelijker en hitgevoeliger. Hit na hit, geen enkele steek liet ze vallen. Bovendien ontpopten “Right Here” en “Don’t Be So Hard On Yourself” zich voor de zoveelste keer tot de highlights van de show.

Nadat Jess Glynne vorig zomer nog een gesmaakt optreden gaf op Pukkelpop, deed ze er muzikaal en vocaal nog een schepje bovenop in Ancienne Belgique. Op het optreden zelf valt weinig aan te merken, en zo kreeg het publiek duidelijk waar voor zijn geld. Een beetje meer oogcontact of interactie met haar fans zou zeker geen kwaad gekund hebben, maar dat is dan ook het enige dat we wat minder vonden aan de show. Glynne is aangekomen op de pop-Olympus en toonde in de AB dat je zonder een grootse popshow en zonder een meelopende backingtrack nog steeds een meer dan degelijk popspektakel op poten kan zetten.

Setlist: Hold My - No One - Rollin’ – Intro - These Days – 123 – Thursday - Ain’t Got Far To Go - Hate/Love - Don’t Be So Hard On Yourself - Take Me Home – Broken - So Real (Warriors)/Real Love - My Love/Rather Be - All I Am - Right Here - I’ll Be There

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/jess-glynne-20-03-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/tessa-dixon-20-03-2019

Organisatie: Live Nation

Windhand

Windhand - Apocalyptische taferelen, binnen een intensief doom-stoner sfeertje

Geschreven door

Zondag 17 maart staat traditioneel in het teken van Sint-Patrick's Day - de nationale feestdag van Ierland, Noord-Ierland, Montserrat en de Canadese provincie Newfoundland en Labrador. Voor die gelegenheid kleurde ook de Grote Markt in Brussel groen. Dat zorgde voor een magisch mooi schouwspel. Dat we later een zelfde soort magie zouden beleven, binnen een eerder donkere en intensieve omkadering, wisten we toen nog niet. Windhand, de uit Virginia afkomstige doom/stoner band, stond namelijk op het podium van de gezellige totaal uitverkochte AB Club. Windhand timmert sinds 2008 aan de weg en bracht vorig jaar nog een heel goed ontvangen album uit: 'Eternal Return'. De band dompelde de zaal onder in een intensief doom/stoner sfeertje. Waardoor we ons, met de ogen gesloten, apocalyptische taferelen voor de geest haalden.

Maar eerst was er het voorprogramma Grime (****). Deze Italiaanse Sludge metal band laat zich volgens menig biografie inspireren door, we citeren: ''de rotte grond van een begraafplaats en de bedorven drek in een moeras, klinkt de band vuig en roestig, maar speelt het tegelijkertijd op het scherpst van de snede. "  Dat vuil en smerige komt terug in de messcherpe riffs die de bands als vuurpijlen op het publiek afschiet. Waarna een verschroeiende vocaal gebrul je uiteindelijk doet belanden in de diepste en smerigste kerkers van de Hel. De heren gaan waanzinnig tekeer op dat podium, en daveren als een losgeslagen bulldozer over je hoofd heen tot geen spaander geheel blijft van de zaal. Als het de bedoeling is om de Apocalyps te doen ontstaan in AB Club, dan is deze band met brio in zijn opzet geslaagd.

Lag de lat bij het voorprogramma al heel hoog, dan doet Windhand (*****) daar met een al even verschroeiende set gewoon een paar scheppen bovenop. We waren diep onder de indruk van die zware, logge en meesterlijke riffs van gitarist Garret Morris en bassist Parker Chandler. Drummer Ryan Wolfe met zijn subtiel drumwerk bezorgt je enerzijds koude rillingen, anderzijds deel hij mokerslagen uit waardoor geluidsmuren afbrokkelen. Het is toch die bijzonder emotievolle stem van Doritha Cottrell die je in diepe ontroering achterlaat. Vaak horen we binnen de kruisbestuiving tussen die vocale en instrumentale elementen een link naar bands als Black Sabbath, zeker bij de wat trage op gang komende start van elke song. Eens de registers echter open getrokken ontstaat telkens opnieuw een orkaan uitbarsting, tot de grond onder onze voeten gaat daveren. De ene na de andere aardbeving zorgt er uiteindelijk voor dat, door middel van apocalyptische taferelen, de ultieme duisternis over AB neerdaalt.
De band dompelt je de volledige set, van de eerste tot de laatste noot, onder in diezelfde donkere, intensieve sfeer waarop stilstaan onmogelijk is. Eens in een diepe trance ondergebracht , begin je gewoon te headbangen en kijk je uiteindelijk ook uw eigen demonen gewillig in de ogen. Dat is hoe we onze boterham met doom/stoner trouwens het liefst verorberen. Veel bindteksten haalt Windhand daarbij niet naar boven, de band laat vooral zijn muziek voor zich spreken.
Maar de beminnelijke en vriendelijk glimlachende Doritha verandert wel telkens van een engelachtig wezen die haar publiek zachtmoedig omarmt, in een demonische hogepriesteres die, eens al die voornoemde registers zijn open getrokken, haar publiek bezweert, hypnotiseert. En uiteindelijk in die voornoemde diepste putten van de Hel doet belanden. Ontsnappen is namelijk onmogelijk eens Doritha u in uw greep heeft. Gerugsteund dus door klasse muzikanten die de ene riff na de andere drumsalvo als vuurballen naar het publiek schieten, waardoor je trillend op de benen van zoveel intensieve emoties de zaal verlaat.

Het stralende groene licht dat nog steeds brandt op de grote markt, staat dan ook in sterk contrast met het duister maar deugddoende atmosfeer dat Windhand op deze bijzondere Apocalyptische aanvoelende avond creëerde.

Windhand + Grime
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Hemingway-Jaeger-Punkt

Trio Hemingway-Jaeger-Punkt - Wanneer improviseren tot kunstvorm wordt verheven

Geschreven door

Internationale sterren op het podium van de Lokerse JazzKlub, niets meer en niets minder. Dat kregen we voorgeschoteld. Ook al zal het trio Hemingway-Jaeger-Punkt niet bij iedereen een belletje doen rinkelen. Binnen Jazz middens heeft dit trio, die improviseren tot een ware kunstvorm heeft verheven, zijn sporen ruimschoots verdiend. We citeren even uit de introductie die we in menig biografie te lezen krijgen: "Improvisatie zonder piano of gitaar lijkt klassiek van snit. Toch schuilt in die enorme erfenis ook een uitdaging. Een uitdaging die de Zwitserse saxofonist Michael Jaeger, de Duitse bassist Noah Punkt en de Amerikaanse drummer Gerry Hemingway met plezier aanvaarden. Deze drie-generaties band vaart door de mistige wateren van tonale expressie in alle denkbare constellaties: 1 + 1 + 1, 2 + 1, 3. Samen, door elkaar gegooid of iedereen tegen elkaar maar met verantwoordelijkheid, bewustzijn en humor. De muziek groeit wanneer ze gespeeld wordt en vice versa. Muziek op het scherp van de snee en een lust voor het oor, gebracht door een internationaal topgezelschap."

Jazz is nu eenmaal een muziekstijl waarbij muzikanten dat improviseren tot het oneindige hoog in het vaandel dragen. Wat Hemingway-Jaeger-Punkt hier echter naar voor brengen? Dat is toch wel van een heel ander kaliber en bewijst dat deze top muzikanten hun status binnen dat Jazz gebeuren niet hebben gestolen, integendeel zelfs. Eens op dat podium gaan ze tekeer als kinderen in een speelgoedwinkel, en stuiteren van het ene uiterste naar het andere. Maken daarbij omwegen naar oorden waar je het niet verwacht, of komen uiteindelijk terecht in een poel van pure Jazz terecht. Om daarna weer heel bewust alle regels aan hun laars te lappen, om uiteindelijk zelf hun eigenzinnige regels door je strot te rammen. Subtiel zorgt het trio er daardoor voor dat je op het puntje van je stoel blijft zitten luisteren, genieten en vooral toch veel raar opkijken. Maar ook dat laatste is net een onderdeel van de totaalbeleving als je Jazz muzikanten van dit uitzonderlijk kaliber aan het werk wil zien. Zo blijkt naderhand.
Het gebeurt trouwens zelden dat het drumwerk de rode draad vormt in het geheel. Maar op deze bonte, kleurrijke avond was het eerder dat vaak subtiele drumwerk van Hemingway, schipperend tussen intiem en oorverdovende uithalen, binnen een omkadering dat de wenkbrauwen doet fronsen. Maar dat ons eveneens met verstomming deed luisteren en vooral genieten, dat ons het meest over de streep trok. Meermaals slaagt Hemingway erin een grens te overschrijden waar feitelijk geen grenzen zijn. Of het lijkt wel alsof hij met opzet uit de toon slaat. Ook dat blijkt dan weer een onderdeel van de show te zijn, en niet een ongelukkig foutje tijdens de set. Daar komt dan trouwens ook de humor om de hoek kijken, want de reactie van Punkt op zijn contrabas of Jaeger op zijn saxofoon/klarinet zijn al even vreemd en verfrissend, en zorgen voor de ultieme kers op de taart om de waanzin compleet te maken. Want inderdaad, eveneens heel subtiel tot zelfs bewust, drijft dit trio de aanhoorder tot een zekere waanzin door hem/haar van het kastje naar de muur te sturen in die volledige set.

Besluit: Binnen het zwemwater van Jazz beweegt Hemingway-Jaeger-Punkt zich voort als een clown in het circus, die met zijn fratsen je doet schaterlachen, maar ook acrobatische toeren uithaalt , die je met open mond met verstomming slaat. Want het zijn net die clowns in dat circus die de top artiesten blijken te zijn in dat geheel.
Nu, ook Hemingway-Jaeger-Punkt weten perfect hoe ze het publiek moeten bespelen om de aanhoorder enerzijds diep te raken, anderzijds hem of haar met gefronste wenkbrauwen te doen opkijken, en totaal verweesd achter te laten.
Inderdaad, wanneer improviseren tot het oneindige tot een ware kunstvorm wordt verheven. Daar vinden we dit trio!
Kortom: Zo grensverleggend als Jazz muzikanten in die gouden tijden waren, zo ver hun tijd vooruit zijn Hemingway-Jaeger-Punkt. Want dit trio verlegt zijn eigen grens voortdurend, ter plaatse zelfs!

Hoe dat klinkt? Bekijk dit filmpje even en geniet met volle teugen: https://www.youtube.com/watch?v=1FVwvs2d2b8

Organisatie: Lokerse Jazzclub, Lokeren

Pagina 115 van 386