logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Suede 12-03-26

Disappears

Disappears - Een (te) goed bewaard geheim

Geschreven door

Het is pas met de onlangs verschenen schitterende derde plaat ‘Pre Language’ dat Disappears een beetje voorzichtige aandacht heeft gekregen. Het duwtje in de rug van Sonic Youth en de blijde intrede van hun drummer Steve Shelley zal daar natuurlijk wel voor iets tussen zitten. Wij hadden het echter al door van bij de twee voorgangers ‘Lux’ en ‘Guider’ (ook nog maar één en twee jaar oud) dat we hier met een bijzonder interessant groepje te maken hebben.

Op het podium van een maar magertjes volgelopen Grand Mix wist Disappears te overtuigen met een greep uit deze drie plaatjes. Met een hoop echo en reverb brachten ze hun overwegend korte en repetitieve songs. Af en toe bespeurden we Velvet Underground klanken, maar evenzeer Suicide, Spacemen 3, The Fall en –hoe komen we daar nu bij- Sonic Youth. En om het wat bij generatiegenoten te zoeken belanden we bij Wooden Shjips, The Black Angels en Howler.
Disappears wist een trance-achtige spanningsboog op te bouwen, en dit was vooral de verdienste van de twee gitaristen en niet zozeer van de drummer met bekende naam. Het was ook niet de bedoeling om dit als troef uit te spelen, Steve Shelley was hier gewoon een bescheiden groepslid die op een overigens zeer sober drumstelletje zijn ding deed (sterallures waren trouwens nooit aan Sonic Youth besteed, juist omdat er geen ego’s in zaten heeft die groep het zo lang uitgezongen, tot een jammerlijke echtscheiding een einde maakte aan het mooie liedje).
Bij momenten werd er met verve uitgefreakt op de gitaren die geregeld in een aangename jaren tachtig galm verbleven. Een uur lang hield Disappears ons zo in bedwang met hun bezwerende sound gegoten in krachtige en compacte songs die naar het einde toe nog een stuk gedrevener en intenser werden. Finaal draaide het zo uit op een meer dan indrukwekkend concert.

Heel jammer dus van de te magere opkomst van deze avond, Disappears bleek duidelijk een té goed bewaard geheim.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

White Hills

White Hills – vijfsterren rakende stonerpsychedelica

Geschreven door

Het Amerikaanse trio White Hills kwam een goed jaar terug in de belangstelling met ‘H-P1’. Het voortreffelijke gezelschap trok de aanmodderende spacerock/stonerpsychedelica naar een hoger niveau . Ware radicalen, die er geen probleem mee hebben doodgemoedereerd een bezwerende song een kwartier lang uit te rekken en uit te mergelen. En daar houden we wel van . Eén hypnotiserende, psychedelische, kosmische trip, hallucinant, een LSD overdose zonder zelf aan de stuff te zitten. Fans van Hawkwind, het oude Monster Magnet, Black Mountain, Burning Brides en Warlocks hadden hier een vette kluif.

White Hills zweert al jaren bij dit genre zonder op een dood spoor te zitten of te verdwalen . Integendeel , White Hills imponeert . Ook op de pas verschenen ‘Frying on this rock’ vinden we memorabele momenten ; en die momenten kregen we in een minutenlange “Pads of light”, “Robot stomp” en “I write a thousand lettres” aangevuld met een gedrogeerd hoorspel van “Song of everything”. Wat een overrompeling van deze dopeheads , die eerder al op Roadburn een puike set neerpoten . Aangevoerd door ene Dave W met de lange wapperende haren, strakke broek en een bloemetjeshemd , de bevallige Ego Sensation, een jonge Poison Ivy, een blonde , sensuele dame in rode mini-outfit en opvallende rode, hoge hakken, en drummer Lee Hinshaw , nog de meest gewone van de drie.
Ze waren niet vies om hun aanpak te injecteren met een bulldozergeluid op z’n Cosmic Psychos of die sober  te verfijnen in repetitieve, slepende ritmes . Verder noteerden we (al of niet) improviserende hypnotische trips  als “Oceans” , “Three quarters” , “Conditions of nothing” en “H-P1” .
White Hills:  stonerpsychedelica ‘en verve’ - Wat een ontdekking , maar wel al een kleine tien jaar bezig!

Organisatie: Botanique, Brussel

The Jezabels

The Jezabels – aangename verrassing!

Geschreven door

 

The Jezabels
Ancienne Belgique (Club)

Met Pasen in het achterhoofd verschijnen hier een paar grote kanonnen , die niet vies zijn van enig goths en religie. Er is het Rewind Fest , maar eerder nog Florence & The Machine. In de voetsporen kunnen we niet omheen de fijne ontdekking van The Jezabels, die met Hayley Mary een priesteres in spé afleveren , met haar goddelijke , krachtige stem  .
Dit kwartet uit Australië (Sydney) wordt sterk onderschat. Ze brengen melodieuze symfonische pop-rock, die kan gelinkt worden aan  Coldplay, The Killers , Arcade Fire en natuurlijk Florence &The Machine.

Op het podium zien we  haar indrukwekkende 'présence' en uitstraling. Fysiek
doet ze denken aan Sharleen Spiteri (Texas) . Naast Hayley omvat The Jezabels de
mooie Heather Shannon op piano en keyboards, Nik Kaloper op drums en
Samuel Lockwood op gitaar. We hoorden een vlekkeloze prestatie van het kwartet. De sound zat perfect in elkaar en liet ruimte voor de sublieme stem van Hayley, zowel in de intieme als in de sterke , epische momenten.
Het overgrote deel van de setlist wordt ingenomen door hun eerste album, ‘Prisoner’. Nummers als "Endless Summer", de eerste single, "A Little Piece", "City Girl" en vooral "Try Colours"  werden door het publiek zeer goed ontvangen, maar het zijn de twee oudere
nummers, "Easy To Love" en "Hurt" die voor de meeste reacties zorgen. De groep sluit af met  'Hurt Me ", die uitmondt in een prachtige, hypnotiserende piano riff.

Voor de 'encore' preciseert Hayley dat dit het laatste concert is van hun Europese tour. Een goede reden om alles nog eens  te geven in een zalvend milde  "She's So Hard ' en het
fantastische "Dark Storm ", die je hier kunt bekijken (http://www.youtube.com/watch?v=fBU7RkXnF_g&feature=youtu.be)

Noteer alvast The Jezabels , één van de mooiste muzikale verrassingen uit Australië

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-jezabels-28-03-2012/

(vertaling Philippe Bauwens – Johan Meurisse)
 
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

 

Coffee Or Not

Coffee or not - Melodieuze soft pop avond in Brussel

Geschreven door

 

Coffee or not
Ancienne Belgique (Club)
Soho Grant en Renaud Versteegen vormen samen de Belgische band Coffee or Not. Beiden waren reeds actief in andere bands toen ze elkaar enkele jaren geleden leerden kennen. De vonk sloeg echter al snel over tussen de twee en sinds 2009 brengen ze samen een fijne mengeling van soft, folky pop en easy listening ballads waar vooral de harmonie van de stemmen en de mooie arrangementen opvallen. In 2010 brachten ze hun debuutalbum ‘Not Alone in our Mind’ uit en onlangs namen ze thuis hun tweede cd ‘Gone’ op met de hulp van Rudy Coclet, geen onbekende voor de Belgische muziekscène. De man werkte eerder reeds samen met onder andere Girls in Hawaii, Arno en An Pierlé. Veel liedjes ontstonden spontaan toen de twee 's nachts samen jamden en ze proberen dat gevoel ook op cd en live vast te houden. De band verzorgde in de AB Club het voorprogramma van The Jezabels.

"City Lights" zette meteen de toon voor de korte set. Een zachte, intimistische opener vol folk invloeden. Live worden de twee bijgestaan door een bassist en drummer terwijl ze zelf zingen en gitaar spelen. Met "Summer is on my door" en "Home Again" gaat de band verder op hetzelfde elan. Soho zingt met een warme, zomerse stem die perfect past bij de zonnige tijd van het jaar. In "Home Again" is het Versteegen die de zang voor zijn rekening neemt terwijl de bassist een contrabas bovenhaalt. De band brengt frisse, melodieuze popsongs zonder al te veel franjes. De huisstijl van Coffee or not.
Dat het klikt tussen Soho en Renaud merk je al snel. Niet alleen muzikaal maar ook privé zijn de twee een stel en dat vertaalt zich ook op het podium. De één zorgt vooral voor de mooie arrangementen terwijl de andere die voorziet van tekst en stem. Soho's stem past mooi bij de melancholische sfeer die de songs toch vaak oproepen. De stemmen klinken ook mooi samen in de single "Somewhere i belong to" en "Inside our Bones", de song van de set wat bij betreft. Terwijl de Club aardig volliep , klonk deze song voller en had het meer ritme en body dan de vorige songs samen.

Misschien tijd voor enkele bedenkingen. De set miste wat mij betreft wat panache en de band ervaring om de songs live tot een hoger niveau te tillen. Ze lijken te twijfelen tussen simpele singer/songwriter liedjes en een vollere sound die elk moment zouden kunnen overslaan in frisse aanstekelijke popsongs. Liedjes zijn soms gedaan voor ze goed en wel op gang gekomen zijn en benutten het potentieel dat er wel inzit niet voldoende, met "Like a Shadow" als mooi voorbeeld. Afsluiter "Wake uP" beschikte dan wel weer over genoeg troeven om in je hoofd te blijven hangen. Het nummer gaat verder dan de trage intro en klinkt steeds levendiger en voller terwijl de intieme sfeer toch overeind blijft. Misschien slecht gekozen als afsluiter want de song gaf zin in meer van hetzelfde.

Volgens mij kan "Coffee or not" live enkel nog beter worden en optredens zoals vanavond in de AB en onlangs in Parijs zijn daar een perfecte opwarming voor. Vele invloeden klinken door in de muziek die ze spelen maar het duo heeft toch voldoende persoonlijkheid om hun eigen sound te bewaren. Als de band wat meer op elkaar ingespeeld geraakt en ze het potentieel van de songs volledig leren te benutten zullen we volgens mij zeker en vast nog van Coffee or not horen. Kortom, een fijne show in Brussel!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/coffee-or-not-28-03-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Morning Parade

Morning Parade – radiovriendelijk – Band met groeipotentieel

Geschreven door

Het Britse Morning Parade uit Harlow, Essex debuteert met een reeks radiovriendelijke songs. Popsongs , die de Britpop niet verloochenen . Niet voor niks klopte het kwintet aan bij de Blur – Damon Albarn studio’s . Eerder werden ze al gestrikt als support voor de Wombats , The Kooks en 30 Seconds to Mars . Het lang uitgestelde debuutalbum is nu uit , een mengeling van melancholische en aanstekelijke melodieuze poprock, waarbij men houdt van meezingbare refreinen en ballads tussenin . Pré-stadionrock met brave en vette synthlagen, die een beatje kunnen verdragen . Geen creatief statement weliswaar, maar eentje die met de vorig jaar verschenen EP ‘Under the stars’ met songs “A&E”, “Monday Morning” en de titelsong “Under the stars”  onze nieuwsgierigheid opwekte.

Morning Parade met songwriter en multi-instrumentalist Steven Sparrow als spil, speelde een moedige doch voorspelbare set in de kleine pittoreske Witloof Bar . Ze halen grote bands als Coldplay, Snow Patrol en Oasis voor ogen , en mits de nodige airplay kan een fijne toekomst worden uitgestippeld. Het opgedaagde jonge volkje lustte er pap van en onthaalde warm deze beloftevolle band .
Vaardige en broeierige songs als “Marble attic”, “Blue winter” openden de set. Poppotentieel hadden de meeslepende  “Us & Ourselves”, “Headlights“, “Close to your hearts” , “Born alone” en de eerder vernoemde tracks “A&E”, “Monday Morning” en de titelsong “Under the stars”, die niet kon ontbreken als gift . Ze  wisselden af met de intieme pianoballad “Running down the aisle” en “Half litre bottles” .

Een mooi uitgekiende set hoorden we van een band die z’n popsongs tracht te variëren. Groeikansen bieden we . Ze zijn aardig op weg om ‘bigger ‘ te worden, maar daarvoor moeten ze nog een handvol aanstekelijke , beklijvende, subtiele rockers schrijven . Maar onthou alvast dat hun carrière is gestart in de Witloof Bar ...

Organisatie: Botanique, Brussel  

Still Corners

Still Corners laat Gent even meedromen

Geschreven door

Het verhaal gaat dat Still Corners geboren werd toen songschrijver Greg Hughes de verkeerde trein nam in Londen, en zo aan de praat raakte met zangeres Tessa Muray. In 2011 bracht deze groep hun eerste plaat uit op Sub Pop Records, op dinsdag 27 maart speelden ze die voor de eerste maal in Gent.

Echo Beatty opende de avond. Dit Belgisch koppel trok een jaar lang naar Canada, om er aan nieuwe muziek te werken en ook een plaat op te nemen.
Was de geluidsman aan het slapen? Besliste het duo om geen soundcheck te doen wegens te weinig tijd of andere redenen? We hebben er het raden naar, maar vast staat wel dat Echo Beatty gedurende de hele set geplaagd bleef door technische problemen.
Na een valse start en drie nummers verder leek er weer wat schot in de zaak te komen, maar het kalf was al lang verdronken: deels door de klank die nog steeds niet goed zat, deels door de aanwezige nervositeit op het podium. De aandacht van het publiek reikte tot de eerste twee rijen, en alles daarachter had meer interesse in de toog dan in de muziek.
Echo Beatty brengt intieme nummers, met een vrouwelijke zang en twee gitaren. Alle nummers maken gebruik van loops, voor de basdrum, gitaar, en iets wat we het beste kunnen omschrijven als een ‘klankenbox’. Onder andere breinaalden, een opgespannen veer, enkele keukenattributen en een speelgoedkeyboard waren erop gemonteerd.
Leuk gevonden, ware het niet dat de inspanning die geleverd werd om dit alles in een loop te gooien niet afwoog tegen de muziek. Deze laat zich niet gemakkelijk in een vakje steken, maar we herkenden Portishead met hier en daar wat bluesinvloeden.
Met Echo Beatty staan beslist twee uitstekende muzikanten op het podium, maar mocht –zelfs los van de technische problemen –de set wat strakker gespeeld zijn, konden we er misschien meer van genieten.

Still Corners dan. Londense shoegazerevelatie van 2011, met hun eerste langspeelalbum ‘Creatures of an Hour’ en in de huidige bezetting beslist het bekijken waard (gitarist Greg Hughes brengt al langer nummers uit onder de naam, maar sinds een jaar heeft hij ook echt een band rond hem).
Hun muziek wordt vaak als cineastisch omschreven, en vergelijkingen naar films zoals Lost in Translation of werk van David Lynch zijn nooit veraf.
Vanaf het eerste melancholische akkoord nemen de zweverige tonen je mee op een droom, waarbij je in de pas gehouden wordt door sterke maar sobere ritmische secties.
In de muziek horen we invloeden van het vroegere M83, maar evengoed lijkt het gitaarwerk op Broken Social Scene.
De wonderschone Tessa Muray windt je gedurende de hele set rond haar vinger, door simpele synthlijnen, een engelenstem en een starre blik die tot ver achter de laatste toeschouwer reikt. Bijkomend was de videowall die op de achtergrond at random beeldfragmenten liet zien. Een mooie afwisseling tussen muziek en video was het resultaat.
Het publiek smaakte Still Corners goed. Op de lijst stonden enkele steengoede nummers zoals “The White Season”, “Cuckoo” en “I Wrote in Blood” (denk bij deze laatste aan VCR van The XX) en de groep bracht ook een nieuw nummer.
Kippenvelmoment bij uitstek was tijdens het eerste nummer van de bisronde, waarbij de groep een magnifieke cover bracht van Bruce Springsteen. Enkel door een gitaar begeleid, geloofden we Muray echt wel toen ze het had over “I’m on Fire”.

Kortom, Still Corners heeft haar Gentse vuurproef met glans doorstaan. Als een toevallige ontmoeting altijd zo gaat klinken, dan mogen van ons meer muzikanten de verkeerde trein nemen.

Organisatie: Democrazy, Gent

Tinariwen

… Ook (onthoofd) Tinariwen blijft indrukwekkend

Geschreven door

… Onthoofd is misschien wat veel gezegd want Tinariwen is een beest met vier koppen (leadzangers), dat krijg je niet zomaar klein. Toch kreeg ik het even koud om het hart toen ik vernam dat Ibrahim Ag Alhabib er niet bij was. Hij is immers de leider van de groep, een schitterend gitarist (zeg maar de Jimi Hendrix onder de Touaregs en dan heb ik het niet alleen over zijn look) en leverancier van nagenoeg alle Tinariwen-songs. Maar nu thuisland Mali in oorlog is na een staatsgreep, waarschijnlijk een reactie op het zware offensief dat de Touaregs met hulp van zwaar bewapende krijgers (teruggekeerd uit Libië waar ze aan de zijde van Muammar Khadaffi streden) in het noorden van het land begonnen, vond hij het blijkbaar wijselijker thuis te blijven.

Gelukkig waren alle andere belangrijke leden van de groep, die reeds vele jaren geleden de Kalashnikovs inruilden voor gitaren, wel tijdig het land uitgeraakt. Door de afwezigheid van Ibrahim besloot de bevallige backing vocaliste dan maar met het publiek te communiceren waarbij ze toch een paar keren haar bezorgdheid over de toestand in Mali te kennen gaf en dat terwijl ze gans het optreden door een verloren strijd voerde met een weerbarstige sluier. Tinariwen begon vrij ingetogen en akoestisch met iemand op een mij onbekend soort fluit die reeds na één nummer iedereen goedenavond wenste en in de coulissen verdween. Tijdens die eerste songs kwamen vooral de prachtige stemmen en hemelse harmonieën tot hun recht maar vanaf het moment dat de elektrische gitaren werden ingeplugd brak het echte feest los.
Want een feest, dat was het! In hun kleurrijke traditionele gewaden en, nadat er regelmatig van gitaren en bas werd gewisseld, er telkens iemand de ruimte kreeg om te dansen en het enthousiaste publiek nog wat meer op te hitsen, zonder dat dit ook maar één seconde opdringerig overkwam. Alles gleed met een enorme naturel als een warme gloed de zaal in. Slechts één keer werd die grandeur verbroken toen ze een veel te banaal rapnummertje brachten en de daaropvolgende song teveel naar mainstream rock lonkte.
Maar al het overige was zo sterk dat we dit maar al te graag met de mantel der liefde bedekken. Vraag blijft uiteraard of we Ibrahim Ag Alhabib gemist hebben. Niet echt, dit optreden was zo intens dat je niet eens de kans kreeg om daaraan te denken.

Achteraf kwam ik wel tot de bedenking dat ik de link met de Afro-Amerikaanse blues wat gemist had, maar die is op hun laatste cd ‘Tassili’ eigenlijk ook al afwezig. Terwijl er hier en daar wat openingen werden gezocht naar andere genres muziek haalde Tinariwen langs de andere kant het net van de eigen traditionele muziek wat strakker aan. Het resultaat mocht er zijn.

Organisatie: Leffingeleuren, Leffinge (ism de Zwerver)

The Shins

The Shins – lieflijke set

Geschreven door

James Mercer, frontman en brein achter indie rockgroep The Shins, weet hoe je een grote aanhang fans nieuwsgierig moet maken naar het nieuwe full album, ‘Port Of Morrow’, dat vanaf 20 maart al in de rekken ligt. Vijf jaar hebben we moeten wachten op deze opvolger van ‘Wincing The Night Away’. Bovendien omringt de eigenzinnige Mercer zich momenteel met een totaal nieuw clubje van muzikanten waarvan we nog niet zeker zijn dat zij de band naar het niveau van weleer kunnen tillen.
Om ons helemaal te teasen brachten ze einde februari de catchy en de door Studio Brussel tot hotshot gebombardeerde hitsingle "Simple Song" uit in afwachting van hun album. Ingrediënten genoeg om ons reikhalzend te doen uitkijken naar het exclusieve concert in Club 69.

In vergelijking met vorige albums lijkt het amper drie kwartier durende studioalbum ‘Port Of Morrow’ door Greg Kurstin (ook gekend van zijn productiewerk voor Lilly Allen) wel heel strak geproducet tot een werk dat je een fijn lentegevoel geeft. Met de huidige live bezetting klinken de nieuwe nummers gelukkig iets voller en organischer dan op plaat. Het schrijven van fantastische, soms zeemzoete en gevoelige lyrics is de duidelijk volwassener geworden Mercer blijkbaar nog steeds niet verleerd.
De performance in de Marconi Studio, dat vooral een cd-voorstelling beloofde te worden, draait gelukkig uit op een voorstelling waarbij geput wordt uit het volledige repertoire van de band. Vooraleer ze het publiek bestuiven met nieuw werk als "Simple Song" en "Bait and Switch" , openen ze hun set met classics als "Kissing The Lipless" en "So Says I". Met akoestische nummers als "September" en "New Slang" bewijzen The Shins dat ze met eenvoudig gearrangeerde nummers toch heel warm kunnen uitpakken.
In totaal horen we 6 nieuwe nummers, meteen ook de beste nummers van het album. De hoogtepunten van de avond waren ongetwijfeld "The Rifle's Spiral" en afsluiter "Port Of Morrow".

Met dit album bewijzen Mercer en zijn trawanten dat The Shins er nog steeds staan voor de (indie)popliefhebbers, weliswaar met nummers die meer dan ooit tevoren radiovriendelijkheid uitstralen. Door meer toegankelijke, poppy nummers te schrijven zou het kunnen dat ware fans wat verweesd achterblijven. Aan de fans om hier zelf over te oordelen.

Playlist: Kissing the Lipless / So Says I / Simple Song / Bait And Switch /Australia / Saint Simon / September / The Rifle’s Spiral / It’s Only Life / Caring Is Creepy / Phantom Limb / Marisa / New Slang / Port of Morrow // One by One All Day


Foto's: The Shins@Club69

Beluister het kakelverse album via onderstaande link http://soundcloud.com/theshins/sets/port-of-morrow-out-now-1/

Organisatie: Sony Music ism StuBru

Pagina 277 van 386