Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Epica - 18/01/2...

Panda Bear

Panda Bear en Gang Gang Dance: iets-niet-van-deze-wereld creaties

Geschreven door

Het eigengereide NYse combo Gang Gang Dance van de zangeres Lizzi Bougatsos, heeft de electro in hun bezwerende en betoverde psychedelische dancepop op het achterplan verdrongen . Op de recentere platen ‘Saint Dymphna’ en ‘Eye contact’ horen we een ontwapende ‘dreamworld’ van langdurende epossen. Invloeden uit alle windstreken en stijlen (psychedelica, pop, wave, progrock, avantgarde , wereldmuziek, dub en Oosterse tribaldance), een elektronisch web van pulserende beats, ambiente soundscapes, trancegerichte, hypnotiserende beats , percussie, trommels en gitaarreverbs vloeien hier moeiteloos in een spacejam samen.

Weirde taferelen zien we op het podium, duivelse connecties worden uit het lichaam gedreven, een ‘love & peace’ mentaliteit op z’n Polyphonic Spree’s, zachte, zalvende kleurendia’s en kleurrijke lightspots op de instrumenten, brachten iedereen in de juiste stemming en vibe.
Ze komen graag naar de Bota en eerder waren de Gang Gang Dance al te zien met Les Nuits Bota. Sounds van Ozric Tentacles, The Orb, Orbital, Transglobal underground, Natacha Atlas, African Headcharge, Zion Train en de ‘transcendental’ van Loop Guru, maken de brug met de huidige tunes van Flaming Lips, Animal Collective, Yeasayer, The Knife , Tune-Yards  en het cabareske van Cocorosie . De etherische zang van Lizzi zweeft door de nummers.
Weg van de dagdagelijkse beslommering en zorgen! We waanden ons even in een Battlestar Galactica sterrenstelsel of een bezinningstrip bij de Hara Krishna beweging door de beeldrijke dia’s en de rustgevende, aanstekelijke  sound , die in de opbouw aanzwol en durfde te exploderen en te knallen als op de dansvloer . Wat wierook was hier te kort om het sfeertje nog aangenamer, leuker en meer ontspannend te maken . Positieve energie rakelde op bij hun muziek.
“Adolth Goth” vormde de aanzet van de ‘Gang Gang Dance’ kosmos en dweepte met heerlijk bedwelmende dansbare versies van “Chinese high”, “Glass jar” en “Mindkilla”, die het aardse bestaan ‘los/vast’ maakte  . ‘A new dimension’ , jawel , Gang Gang Dance opende de ‘gates’ van het universum.

Panda Bear, het alterego van Noah Lennox van Animal Collective, is ook al aan z’n vierde solo plaat, ‘TomBoy’, toe. De geluidskunstenaar brengt een ijl geluid met behoorlijk zweverige synths en psychedelische grooves , sampleloops, elektronische en tribal ritmes, en die niet vies zijn  van ‘60s (Beach Boys) pop en een laagje noise.
Een bevreemdend geheel is het soms allemaal, dat een spannende, donkere dreiging uitstraalt en verlatingsangst ademt . Voeg hierbij nog de reverbs op een echoënde, etherische stem en een bezwerende gitaarloop toe en het klinkt niet-meer-van-deze-wereld .
Een uurtje kregen we een David Lynch neigende soundtrack te horen van de twee …  hemels, ongrijpbaar, onheilspellend en huivering , die de grilligheid van Animal Collective, Aphex Twin en Mouse on Mars tracht te linken aan de zalvende sound van de Boards of Canada en de dooms van Sunn O))).
Door de steeds wederkerende ritmes en lome beats klonk Panda Bear een  beetje teveel van hetzelfde, wat ervoor zorgde dat de aandacht verslapte.  Maar op een song als “Slow motion”, hadden we een vette kluif door helse, exploderende beats … De wondere wereld van Panda Bear is nog niet deze van Animal Collective, die we iets dichter in het hart dragen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/gang-gang-dance-28-11-2011/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/panda-bear-28-11-2011/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/stellar-om-28-11-2011/

Organisatie: Botanique, Brussel

 

Zola Jesus

De meeslepende en weerbarstige sound van Zola Jesus forceert een doorbraak!

Geschreven door

De jonge Amerikaans-Russische Nika Roza Danilova aka Zola Jesus moeten we in het oog houden . Na ‘Stridulum II’ verschijnt  nogal snel de opvolger ‘Conatus’, die de doorbraak kan betekenen. Vorig jaar was ze nog de nobele onbekende in de Kreun in Kortrijk; vanavond was de Rotonde afgeladen vol om de zangeres aan het werk te zien .
Muzikaal intrigeert haar fusie van gothicpop, industrial  en abstracte elektronica . En tel daar dan maar haar indringende, galmende zang bij, een declamerende voordracht waarbij ze hoog kan uithalen en neigt aan een operastem, die gif kan spuwen.

De weerbarstige, meeslepende spookhuiselektronica met z’n onderhuidse zwaarmoedigheid, grimmigheid en dramatiek van deze ‘princess of darkness’ boeit en werkt aanstekelijk door een dansbare goove. Zola Jesus laveert ergens tussen Lydia Lunch, Kate Bush, Siouxie Sioux, Nina Hagen, Diamanda Galas , Elisabeth Frazer en de huidige rits Fever Ray  en The xx. Als een duivelse nimf beweegt ze over het podium en omarmt ze haar publiek. Het materiaal wordt elegant, gedreven en energiek gebracht.
Een hoop elektronica, toetsen en dubbele percussie siert de bezwerende ‘darkwave’ electro. Openers “Avalache” en “Stridulum”  imponeerden . Een kolossaal geluid hadden we met smeulende songs als “Hikikomori” , “Collapse”,  “Seekir” en “Lick the palm of the burning handshake” van de nieuwe plaat .
Een intens spanningsveld creëerde ze met haar publiek. De single “Vessel” , was adembenemend, huiverde en blies het oude Virgin Prunes ten tijde van ‘If I die , I die’ nieuw leven in. Of  “Run me out” , die door de zwaar logge, traag slepende ritmes en de  repetitief opbouwende percussie aan Swans deed denken .

Sinnersday, Shadowplayfest of de New-Wave classix kunnen vanaf nu de link leggen tussen nostalgie en de actua met de ‘dark queen’ van Zola Jesus . We zijn gewaarschuwd …

Organisatie: Botanique, Brussel

Scorpions

The Scorpions: Deutsche Gründligheit laat Vorst nog eens vollopen

Geschreven door

De Scorpions zijn sinds hun oprichting, zo’n 45 jaar geleden, één van de succesvolste Duitse exportproducten. Een kleine 40 jaar geleden brachten ze hun eerste album uit. Vooral hun tijdloze, klassieke ballades kent iedereen en hoewel we dit niet allemaal willen toegeven hebben we er ooit allemaal met ons eerste lief op gedanst. De band is momenteel bezig aan een eeuwigdurende afscheidstournee die hen ook nog ver in 2012 ‘on the road’ zal houden.
De organisatoren van het Power Prog & Metal Festival (Mons) mochten reeds in april 2010 het allerlaatste Belgische concert van de Scorpions aankondigen. Toch stond de band ook deze zomer op de affiche van Graspop. Organisator Aja Concerts liet Vorst Nationaal verrassend helemaal vollopen voor deze nieuwe stop op Belgische bodem.

Over opener Elvis Black Stars kunnen we heel kort zijn. Het piepjonge trio voegde niets toe aan deze hardrockavond. Hun potige gitaarpoprock maakte weinig indruk en toen even later tijdens “Sting In The Tail” het vuurwerk losbarstte waren we deze band al helemaal vergeten.

De Scorpions stonden op een indrukwekkend podium met catwalk, zoals we het zo vaak gezien hadden tijdens de gouden jaren tachtig. Het begin van de show bracht niet enkel bommen en granaten maar ook bijzonder vette versies van “Make It Real”, “Bad Boys Running Wild” en “The Zoo”. Sterkste moment van de avond was ongetwijfeld het daaropvolgende “Coast To Coast”. Een waanzinnige ‘instrumental’ met een zeer krachtige sound en een hypnotiserende, repetitieve riff. “In Trance”, ooit gespeeld volgens zanger Klaus Meine in een Belgische kerk, was dan weer de verrassing van de avond op de setlist. Wat volgde was een akoestisch middenstuk na de wat cynische ballade: “The Best Is Yet To Come”. “Send Me An Angel” en “Holiday” werden luidkeels meegezongen. De band was duidelijk onder de indruk en bedankte hun trouwe Belgische fans net iets te uitvoerig.
Na flauwe rockers zoals: “Raised On Rock”, “Tease Me, Please Me” en het eentonig gebrachte maar epileptische (vanwege de ‘visuals’), “Dynamite”, mochten de Duisters een eerste maal gaan uitrusten in de coulissen. Ruim de tijd voor drummer James Kottak om opnieuw zijn macho drumsolospot op ons los te laten. Gedreven op een hoog testosterongehalte maakte hij er ook deze keer een heuse show van. De begeleidende video’s, waarin alle albumcovers van de band tot leven kwamen, waren subliem! Het was trouwens niet enkel Kottak die voluit mocht soleren. Tijdens de show hadden we ons ook al doorheen enkele totaal overbodige solospots van Rudolf Schenker en Matthias Jabs moeten worstelen. Alsof alle ego’s in de band nogmaals geprezen moesten worden. Ook zanger Klaus Meine, die tegenwoordig toch iets te vlak zingt, kon niet weerstaan aan de clichématige podiumcapriolen en flauwe bindteksten die zo typerend zijn voor deze hardrockband. De 63 jarige zanger en frontman zong de ganse avond iets te gereserveerd maar dit belette niemand om volledig uit de bol te gaan wanneer hij “Big City Nights” uit z’n strot schreeuwde.
De bisronde was er eentje waar de fans op hadden gewacht. Vrij voorspelbaar maar dit belette niet dat er uitzinnig werd meegezongen met de grootste klassiekers zoals: “Still Loving You” en “Wind Of Change”. Als fan kon je echt niet meer verwachten.
En toch kwamen ze nog éénmaal terug. “When The Smoke Is Going Down”, wat mij betreft de allermooiste Scorpions ballade, bracht ultieme rust na meer dan twee uur hardrockgenot.

Een memorabele avond was dit zeker niet! Daarvoor speelde de band iets teveel op automatische piloot en kregen we te weinig echte verrassingen. De fans kregen echter meer dan ze hadden verwacht. Ze bedankten de band de ganse avond door met een wervelende respons. Lang geleden dat ik Vorst nog zo uit z’n dak zag gaan. Ook het feit dat dit niet echt hét afscheid was stemde iedereen gelukkig. De Scorpions willen immers ook nog een keer het Antwerpse Sportpaleis veroveren. Noteer nu al vrijdag 1 juni 2012 in je agenda want dan krijgen we een nieuwe (allerlaatste) kans om afscheid te nemen van deze rockgiganten!

Setlist:  *Sting In The Tail *Make It Real  *Bad Boys Running Wild *The Zoo *Coast To Coast *Loving You Sunday Morning *In Trance *The Best Is Yet To Come *Send Me An Angel *Holiday *Raised On Rock *Tease Me, Please Me *Dynamite *Kottak Attack *Blackout *Six String Sting *Big City Nights
*Still Loving You *Wind Of Change *No One Like You *Rock You Like A Hurricane
*When The Smoke Is Going Down

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-scorpions-26-11-2011/

Organisatie: Aja Concerts


4x4 Festival 2011 - een meer dan geslaagd bilateraal feestje onder muzikale geestesgenoten

Geschreven door

4x4 Festival 2011 - een meer dan geslaagd bilateraal feestje onder muzikale geestesgenoten
Het 4X4 festival dat vorige zaterdag doorging in de Kreun in Kortrijk was terug een schot in de roos. Niet alleen omdat ze een prachtige line-up konden verzamelen voor dit jaarlijks terugkerend festival, maar ook door de schitterende grensoverschrijdende muzikale samenwerking tussen 4 clubs die hun liefde voor muziek hoog in het vaandel dragen. De bilaterale samenwerking tussen 2 Vlaamse (4AD-Diksmuide & De Kreun-Kortrijk) en 2 Noord-Franse clubs (Les 4 Ecluses-Dunkerque & Le Grand Mix-Tourcoing) is al jaren een succesformule onder de noemer ‘Franco-Belges’ en werd al diverse malen uitgetest in het verleden (Student Welcome Concert, Krakrock, Rif Hifi, hiphopdays…).
Het 4x4 festival is dan ook hét summum van deze samenwerking. We moesten dan ook een mondje Frans spreken, daar een groot gedeelte van het opgekomen publiek enkel de taal van Molière meester was. Maar dit was geen enkel probleem: er werd minzaam verbroederd en er werden straffe verhalen uitgewisseld.


Ed Wood Jr. mocht de avond rond 18h00 openen en wist ons al van bij aanvang te boeien. Het tweetal, afkomstig uit Lille (Fr.), bracht een gesmaakte mix van noise, emocore, mathrock en trippy electronica. Bij wijlen deden ze denken aan het Brusselse duo Casse Brique. Er werd vooral getapt uit hun laatste worp: ‘Silence’ (2011), maar in tegenstelling tot wat de titel van deze recente release laat vermoeden, kregen we een grote portie noise door onze gehoorgangen gestuwd. We hoorden een leuke mix van The Ex, Sonic Youth, Battles en Shellac. Luister hier en geniet van “Walk Woman” uit hun nieuwste album, dat ze recent in Les 4 Ecluses voorstelden: http://4x4music.eu/playlists/watch/ed-wood-jr

Black Cassette is het éénmansproject van Sukilove-gitarist Sjoerd Bruil. Hij laat zich hierbij omringen met een klasse ritmesectie: Pascal Deweze (ex-Metal Molly en Sukilove) op bas en Jeroen Stevens (I Love Sarah, Lais) op drums. “Let Me In” ging er letterlijk vlotjes in. Heupwiegende vuile bluesy vuilbakkenrock met een funky randje. Vergelijkingen met Mauro Pawlowski zijn nooit ver weg. Bruil is dan ook een Mauro look-a-like. Halverwege de set kreeg een van een sexy baslijn en funky gitaar voorziene “7 Measures” (met een knipoog naar Tim Vanhamels Millionaire) het overgrote deel van het publiek in beweging. Als uitsmijters verrastte Black Cassette ons met een gesmaakte rauwe versie van “Funny” (Eagles Of Death Metal meets Queens Of The Stone Age) en “Not Ready Yet”, een stonersleper om U tegen te zeggen. Gezien en goedgekeurd. Check hun debuutplaat ‘Black Cassette’ die in september 2011 werd uitgebracht en overtuig u van deze Belgische hoop in bange dagen.
Setlist Black Cassette: [1] Let Me in [2] Gotta Move [3] Complicated [4] Presence [5] 7 Measures [6] Ask A Question [7] Oh My [8] Funny [9] Not Ready Yet

Het kwartet The Megaphonic Thrift uit het Noorse Bergen houdt van luid, luider en nog het meest van luidst! En dit zouden we geweten hebben. Een prijs voor originaliteit zullen ze wel nooit in ontvangst mogen nemen, daarvoor is hun noisy geluid te opvallend gelinkt aan bands als Dinosaur Jr. en Sonic Youth. Maar waar je wel niet naast kon kijken is de gedrevenheid waarmee ze hun songs in onze oren bliezen. Wat zeker ook een pluspunt was, was de ravissante verschijning van bassiste-zangeres Linn Frøkedal, die menig mannelijk hart in de Kreunzaal op hol deed slaan. We onthouden een explosieve versie van “Talks Like A Weed King” met een ontketende drummer Fredrik Vogsborg,  een bruisend “Acid Blues” met een overload aan feedback en een gierend “Queen Of Noise” waar Frøkedal transformeerde in een gekloonde Kim Gordon. Met deze laatste song zetten The Megasonic Thrift een punt achter hun noisy set. We bleven achter met ringende oren.
Setlist The Megaphonic Thrift: [1] You Saw The Silver Line [2] Talks Like A Weed King [3] Dragon vs. Dust [4] Acid Blues [5] Neues  [6] Tune Your Mind [7] Candy Sin [8] Funny [9] Queen Of Noise

Het Japanse Nisennenmondai uit Tokyo bestaat uit 3 vrouwen die van wanten weten. Ze startten hun set met disco wat het publiek op een verkeerd been zette. Langzamerhand schakelden ze echter over naar hun typische rauwe en repetitieve postpunk met een groove. No Wave is nooit veraf. Hun dynamische live shows zijn aanstekelijk en laten je als toeschouwer dan ook niet onberoerd. Ze kregen dan ook een goede respons vanuit het publiek. Een meer dan leuke ervaring was deze eerste kennismaking met dit Japanse trio vrouwen met ballen. Dit jaar stonden ze al op het prestigieuze Sonar Sound Festival in hun thuisstad en straks kan je ze ook aan het werk zien op het All Tomorrow’s Festival (ATP) in Minehead (Engeland). Curator Battles zorgde hiervoor

Hoofdvogel van de avond was Pinback (Zie foto). Het was een tijdje stil rond deze indie rock band uit San Diego (California) maar na een kleine 5 jaar afwezigheid (laatste album ‘Autumn Of The Seraphs’ dateert van 2007) staat ons begin volgend jaar een nieuwe release (“Information Retrieved”) te wachten.
JP Inc. (het alter ego van John-Peter Hasson) zorgde voor de komische noot van de avond. Hij was de warming-up van dienst en de van pruik en nepbaard voorziene stand-up comedian bracht een reeks nep-theme-songs die onze lachspieren niet stil konden houden.
Het werd een luchtige aanloop naar het meer donkere werk van Pinback. En dat de heren het nog niet verleerd zijn, bewees de gretigheid waarmee ze zowel ouder werk brachten alsook twee songs uit hun nog uit te brengen nieuwste: het mooie, melancholische “Sherman” en de prachtige ballad “Thee Scum Proggitt”.
Bij Pinback kan je enerzijds wegdromen bij hun meeslepende songs (bvb. opener “Tres” of bisnummer “Tripoli”) en anderzijds wakker geschud worden door ritmische roffels en opzwepende gitaren (bvb. bij “A.F.K.” en “Devil You Know” en “Bouquet”).
Een hoofdact zijn naam waardig. We kregen in totaal (inclusief encores) 25 (!) prachtsongs in ons zweverig hoofd geperst en we konden met een brede grijns op ons gezicht terugkijken op een meer dan geslaagd festival.
Volgend jaar opnieuw!
Setlist Pinback: [1] Tres [2] Bloods On Fire [3] Bouquet [4] Torch [5] Non Photo Blue [6] Syracuse [7] Penelope [8] Good To Sea [9] How We Breath [10] Loro [11] Your Sickness [12] Sherman [13] Fortress [14] Boo  [15] Walters [16] B [17] Devil You Know [18] Thee Scum Proggitt [19] F.N.T.N. // Encores = [20] Sender [21] Shag [22] A.F.K. [23] Tripoli  [24] Chaos Engine [25] Manchuria

Organisatie: Kreun, Kortrijk

Autumn Falls Festival 2011: Pink Mountaintops, Siskiyou, Califone, She Keeps Bees

Geschreven door

Autumn Falls Festival 2011: Pink Mountaintops, Siskiyou, Califone, She Keeps Bees
She Keeps Bees was niet aan haar proefstuk toe in de Botanique. Dat een duo ruimschoots kan volstaan om een hoop herrie te maken bewezen eerder The White Stripes of The Kills al (die dezelfde avond trouwens wat verder optraden in de AB). Verassend genoeg moesten de rauwe, energieke bluesrocksongs “Gimmie” en “Cold Eyes” van Jessica Larrabee, half Patti Smith half Chan Marschall, en drummer Andy LaPlant niet gek veel onderdoen voor boven genoemden. Vreemde eet in de bijt tussen het meer ingetogen werk op de rest van de affiche, dat wel, maar daarom ook des te indringender.

Het Amerikaanse Califone heeft al aardig wat jaren op de toerenteller staan zonder echt aan de muzikale oppervlakte te komen bovendrijven. ‘Cinematografisch’ is het vakje waarin deze Amerikanen weleens gecatalogeerd worden  en dan weet je dat je extra bij de leest moet blijven om niet weg te dromen, zoals ook die avond; af en toe verfijnd gitaar getokkel in combinatie met andere snaarinstrumenten, dat wel, maar het gebrek aan variatie, het nasale geneuzel van zanger Tim Rutili en de niet aflatende folky tristesse (die de naam van de laatste plaat ‘All My Friends Are Funeral Singers’ alle eer aan doet) deden dit optreden de das om. Califone… monotoon.

Siskiyou zanger Colin Huebert bleek er die avond niet bepaald vrolijker op geworden te zijn nadat hij in 2008 Great Lake Swimmers vaarwel wuifde om op een bioboerderij aan de slag te gaan. Werd deze door velen bejammerde beslissing nog gemotiveerd door het verkennen van nieuwe muzikale horizonten, van een echte stijlbreuk was niet echt sprake die avond. “So Cold” en “Everything I Have” ademden dezelfde treurnis en verlies uit van weleer die je associeert met streken waar het in de winter veel te vroeg donker wordt (de nieuwe plaat “Keep Away The Dead” werd opgenomen in een parochiezaal in British Columbia) en ook tijdens “Big Sur” leek een warme Californische zeebries verderaf dan ooit.
Tijdens het originele en geslaagde Simon & Garfunkel covernummer “El Condor Passa” kregen we het dan toch nog warm.

Pink Mountaintops, het Canadese zijproject van Black Mountain genie en Jezus lookalike Stephen McBean, serveerde dé psychedelische kers op de kaart. Iedereen die deze verdwaalde en bebaarde zonderling die avond bezig zag moest toegeven: deze heer kent zijn klassiekers!   Het enkel van akoestische gitaar voorziene “While We Were Dreaming” knipoogde naar het solowerk van John Lennon, “Vampire” of “Leslie” klonken als vintage Neil Young, terwijl het forsere “Single Life” naar The Stooges neigde. Maar tijdens het grootste deel van de set was toch aangenaam duizelen van de langgerekte in reverb gedrenkte spacy jams waar ook Black Mountain of de hippies van Brightblack Morning Light een patent op hebben.  Benieuwd of de binnenkort te verwachten opvolger van het in 2009 verschenen ‘Outside Love’ onze hooggespannen verwachtingen kan inlossen.

Organisatie: Botanique, Brussel (ism Toutpartout)

The Kills

Rock’n’roll kills met The Kills

Geschreven door

Het garagerockend-abilly duo, Alison ‘VV’ Mosshart en Jamie ‘Hotel’ Hince; The Kills,  speelden een boeiende, frisse, aanstekelijke, sprankelende set, met een zekere jeugdigheid en flair. Vonken en vuur, show en entertainment op het podium, die ook z’n weg vond bij het publiek, die enthousiast reageerde op de rock’n’roll kills, -hooks en -licks van de twee .
Tja, The Kills vormen het zalvende recept op The White Stripes en bieden nog steeds een gepast antwoord op The Raconteurs, The Dead Weather, The Black Keys  en onze Black Box Revelation.

Na de ‘quality time’ van Jamie met Kate Moss en Alison met The Dead Weather, zijn ze er na drie jaar terug bij met een vierde cd ‘Blood Pressures’. Live hoorden we een ferme doorslag van een rauw, zompig, smerig en rammelend gitaargeluid. Gejaagde, onrustige melodieën, ritmes, schurende en scheurende gitaren en een breder concept door live drums werden aangeboden , die handig de elektronicabeats en de drumcomputer van de laatste cd’s omzeilden. Vier live drummers mepten hoekig en synchroon op de trommels.
Een visite kaartje om U tegen te zeggen door de intense spanning en dynamiek. Ons leren vestje konden we terug aantrekken en de rock’n’roll vrouwen zullen eraan denken om  net als Alison de haren akajou/rood te kleuren. Dit was chemie tussen de twee, en met het publiek! Geniaal.

Een gevarieerde set dus, waarbij de klemtoon kwam op het recente materiaal, die een paar oude ophitsende klassiekers opgroef als “No wow”, die rauw en bitchy de anderhalf uur durende set opende, “Kissy kissy”, en in de bis “Fried my little brains”, “Fuck the people” en “Monkey 23”; hier ging Hince de strijd aan met z’n gitaar en Alison met haar microfoon en –staander. Ze kronkelde over het podium, danste, hotste, maakte sensuele, erotiserende passen en stond gejaagd en lieflijk tegenover Hince. Opwindend en doorleefd .
Ze hielden het boeiend en spannend met toegankelijke en broeierige rockers als “Future starts slow”, “Heart is a beating drum”, “Baby says” en “Satellite”. De meeslepende “Pale blue eyes” van de Velvet Underground, “Black ballon” en “Pats & pans” kregen iets bijzonders door de drumtics of sfeervolle toetsen. Overtuigend besloten ze met “Cheap & cheerfull” en “Tape song” , inderdaad snedige, krachtige rockers.
Het innemende, ingetogen “The last goodbye” liet ons lekker wegdromen door de synths en toonde de lieflijke, kwetsbare kant van de rock’n’rollers. Een harde streep trokken ze dan met de  eerder vernoemde classics; “Love is a deserter” en “The good ones” misten we in het rijtje, maar de sound, de energie, de attitude, de look en het enthousiasme van The Kills maakten het feestje compleet!

Support Weekend zit in hetzelfde rijtje als Ringo deathstarr, die eerder nog de Smashing Pumpkins opwarmde, wat betekende  noiserock, shoegaze, lange hypnotiserende stukken,  ingedrukte pedaaleffects en zweverige, overwaaiende vocals …

Organisatie: Live Nation

School Is Cool

School is Cool bestormt de hemel, en verovert en passant de Nijdrop

Geschreven door

De Nijdrop was aardig gevuld voor School is Cool. Deze Antwerpse Rockrally 2010-winnaars hebben sinds een maand hun debuut uit, ‘Entropology’, dat ontstond na maanden van live optreden met het songmateriaal, teneinde de beste nummers uit te filteren. Met 16 nummers is dit een heel ambitieus debuut geworden, ietwat te vergelijken met de eersteling van dEUS in zijn ambitie om meer te zijn dan gewoon een debuut van een nieuw Vlaams groepje: Arcade Fire is een duidelijk voorbeeld, en het opzet van School is Cool is om onmiddellijk op dat niveau mee te draaien.
Om het in voetbaltermen te zeggen: School is Cool is een getalenteerde debutant die onmiddellijk al aan de Champions League wil deelnemen omdat ze overtuigd zijn dat ze daar thuis horen, eerder dan een paar jaar in de Belgische competitie te willen meedraaien. In zijn teksten steekt filosofie-student Johannes Gennart literaire verwijzingen (“On the beach of Hanalei” is geïnspireerd op een boek van Haruki Murakami) en gaat hij moeilijke thema’s niet uit de weg.

“Dawn” was vanavond het openingsnummer, en was meteen al een visitekaartje waar de band voor staat: frenetiek drumwerk van Matthias Dillen en multi-instrumentalist Andrew Van Ostade maakten onmiddellijk duidelijk dat School is Cool een band is die zich met volle overgave smijt. De single “The world is gonna end” kwam meteen daarna, Nele Paelinck nam de rest van de band op sleeptouw met haar energieke vioolspel. “Us junkyard kids” stak nog een tandje bij, de speelgoedxylofoon voerde een strak tempo, waarna de dubbele drums het nummer nog verder aanspoorden.
De vijf bandleden wisselden dikwijls van instrumenten, qua filosofie sluit School is Cool heel erg aan bij het Australische Architecture in Helsinki, dat ook dit soort geflipt kunstacademie-gevoel op roept.  Op “In want of something” steeg de gekte ten top, dit was Arcade Fire zoals we ze ten tijde van hun eerste plaat in het Koninklijk Circus zagen, enkel de motorhelmen ontbraken. Ook in “The Road to Rome” benaderden School is Cool hun grote voorbeelden, Nele Paelinck  was een mooiere versie van Regine Chassagne, die haar troepen aanvuurde, en Johannes Genart de gebrilde Winn Butler die zijn zanglijnen met overtuigende verbetenheid uitspuwde. Ook Talking Heads moesten er aan geloven, hun “Road to nowhere”, kreeg een strijkersarrangement en tribaal ritme, en de volledige band sprong op en neer. Het speelplezier werd zo overtuigend gebracht, dat het oversloeg op het publiek, zeker toen SiC “New Kids in Town” als afsluiter op de Nijdrop afvuurde.
In de bisnummers bewees School is Cool dat ze anders dan anders zijn, ze doken het publiek in, en brachten samen met de leden van You Raskal You een onversterkte reprise van “Car, backseat, parking lot”. Tot onze verrassing sloten School is Cool af met een Pixies klassieker, “Levitate me”, die hun heel goed af ging.

School is Cool heeft net als die andere Antwerpse band, de ambitie om de hemel te bestormen. Vanavond deden ze dat met verve in de Nijdrop, we zijn benieuwd hoe ver hen dat in Europa zal brengen. Dit is een band met de potentie, de ambitie en de juiste  attitude om buiten de vierhoek Antwerpen/Leuven/Brussel/Gent door te breken. En daarnaast zijn ze gewoon een beetje zot zodra ze op het podium staan.

Setlist
* Dawn (extended intro) * The world is gonna end * Car, backseat, parking lot * O! delusions * Trouble in the engine room * US junkyard kids * Entropology * On the beach of Hanalei * In want of something * The road to Rome * The road to nowhere
*
Warpaint * The underside * Kids in town
*
Car, backseat (reprise) * Levitate me

Pics van hun optreden eerder in Depot, Leuven op 16 november ll
http://www.musiczine.net/nl/fotos/school-is-cool-16-11-2011/

Organisatie: Nijdrop, Opwijk

White Lies

White Lies – nog niet klaar voor het grote werk

Geschreven door

White Lies kwam in de Antwerpse Lotto Arena hun Europese tournee aftrappen. De Londenaars zijn in enkele jaren populair geworden en slagen erin hun donkere, ietwat dramatische sound te koppelen in aanstekelijke, meezingbare songs. Ze speelden al overtuigende concerten bij het verschijnen van de nieuwe cd, o.m. in de AB (Brussel) en in GrandMix (Tourcoing). Klaar voor het grote werk schreven we, met een vraagteken … Tijdens de festivals de voorbije twee jaar  tekenden ze eerder voor wisselende gigs. We waren dus benieuwd of het geplaatste ‘vraagteken’ een ‘uitroepteken’ werd, in de zin van hoe ze het er gingen van af brengen in een grotere zaal , en zeker nadat ze zelf hadden laten vallen er veel zin in te hebben.

Voorafgaand op het concert van White Lies mochten 2 bands het voorprogramma verzorgen.

Eerst trad het Oost-Vlaamse Jerusalem Syndrome op. De sound van de band doet wat denken aan die van The Kooks en Freaky Age, en frontzanger Deven lijkt met zijn krullen erg goed op frontman Luke van The Kooks. Deze 5 jongen gasten uit Eeklo, hebben deze kans optimaal benut , om een pittig gedreven setje te spelen. Met hun jeugdig enthousiasme en grote dankbaarheid  konden ze vlot de tot dan al half gevulde Lotto Arena moeiteloos boeien.
Na 20 min spelen sloten ze af met “Juliet”, het nummer waarmee ze in 2009 een ‘bandslam’ wonnen op JIM tv en zo een videoclip mochten opnemen. Eerste opwarmer van de avond viel duidelijk in de smaak en iets zegt ons dat wij in de toekomst nog wel eens de naam Jerusalem Syndrome zullen horen waaien.

Tweede opwarmbeurt was van The Duke Spirit; deze Londenaars zijn qua support niet aan hun proefstuk toe, zo mochten ze in het verleden al het  voor programma verzorgen van o.m. Queens of the Stone Age, R.E.M. en de Yeah Yeah Yeahs. The Duke Spirit overviel  ons met zeer overtuigende garage rock die niet vies was van een vleugje shoegaze op z’n My Bloody Valentine’s. Opvallend was de sterke stem van frontvrouw Liela Moss, die kippenvel bezorgde. In hun klein halfuur durende set speelden ze uitermate gevarieerd, van stevige naar sfeervolle, rustigere nummers. De pianotunes in de innemende songs boden dat ‘ietsje’ meer. Een perfecte opwarmer dus en een aanrader voor fans van  Paramore en The Pretty Reckless.

Twee fijne supports hoorden we dus vóór White Lies

Was White Lies nu klaar voor het grote werk? Spijtig genoeg , nee … White Lies kwam traag op gang, met “Taxidermy” en “Strangers”, deze waverockende songs speelden ze eerder op automatische piloot en een mate van onwennigheid drong door op het te grote podium voor de band.
“To lose my life” bracht meer dynamiek en was het eerste nummer die het publiek kon aanporren. Maar dan zakte het opnieuw met songs als “Holy ghost” en “e.s.t.”;  de pijnlijke stiltes bij de overgangen stoorden de vaart en het contact met het publiek. Op deze elementen wrong het schoentje! De band raakte maar niet op dreef en  ook de stem van zanger McVeigh was eerst niet bepaald toonvast, wat dan halverwege de set in orde kwam. Maar kijk, door de “Price of love” en vooral  met “Farewell to the Fairground”, het nummer dat hen de verdiende aandacht gaf, bood een eerste hoogtepunt.  Een wondermooie “Death” zat iets verderop. Met “Unfinished Business” sloten ze heel toepasselijk af en in de bisronde kon men niet omheen de doorbraaksingle naar het brede publiek, “Bigger Than Us”, die heel sterk werd onthaald en kon worden meegezongen.

De songs van White Lies kwamen in een grote zaal als de Lotto Arena niet écht tot hun recht; een te groot podium en de staticiteit van de band zorgden ervoor dat de songs onvoldoende raakten en beklijfden, niettemin koesteren we alvast hun platenmateriaal en blijven de optredens in de kleinere clubs in ons geheugen gegrift …

Pics van hun optreden in Lille 18 november ll
http://www.musiczine.net/nl/fotos/white-lies-18-11-2011/

Organisatie: Live Nation

Autumn Falls Festival 2011: Low – Bill Callaghan – Pinback

Geschreven door

Autumn Falls Festival 2011: Low – Bill Callaghan – Pinback
Fans van de slowcore konden hun hartje ophalen bij de triple – bill van Low – Bill Callaghan – Pinback

Een goede vier jaar terug verscheen het laatste werk ‘Autumn of the seraphs’ (toepasselijk voor Autumn Falls!) van het Amerikaanse Pinback, onder het onafscheidelijke duo Rob Crow  en Zach Smith (bas/gitaar). Ze zijn er terug bij en werken nu aan de vijfde cd. Pinback, gegroeid uit Three Mile Pilot, midden de jaren ’90, introduceerde samen met Low de lofi en slowcore van traag meeslepend en sfeervol dromerig, overlappend gitaargetokkel en -akkoorden, keys en opzwepende percussie, onder een emotionele, zweverige soms verbeten samenzang.
Het trio hebben de keys vervangen door vooraf opgenomen sampleloops. Ze respecteerden de gevoelige sound van “Penelope” en “Loro”, maar klonken vanavond steviger en staken meer beats in songs als “Good to sea”, “Sherman” en “Fortress”, waarbij de lijvige Crow de show stak; hij plofte zich neer op de grond en als een dolfijn bewoog hij over het podium. Onverwachts spitsvondig! We zijn benieuwd naar het nieuwe materiaal, maar duidelijk was dat Pinback kon rekenen op een warm onthaal op hun return .

Eerder was Bill Callaghan  nog te zien tijdens les Nuits Bota in het Théâtre 140 in Schaarbeek. De sing/songwriter bracht eerst jarenlang platen uit onder het alterego Smog, maar heeft er al een pak uit onder de eigen naam. Als de bard van Dave Eugene Edwards , Nick Cave, Stuart Staples en Gavin Friday neemt hij ons mee op een boeiende, broeierige, melancholische indie/sadcore country trip, gedragen door z’n diepe, indringende, grauwe stem op z’n Leonard Cohen’s. Meteen had hij het publiek mee op z’n trip met “Rising for the feeling” , “Baby’s breath” en “America” . Naast z’n stem en het aanstekelijk semi-akoestisch gitaargetokkel, werden we op sleeptouw genomen door het aanvullende drumspel, maar vooral door het avontuurlijke, slepende,  tegendraadse reverbgitaarspel van z’n kompaan, die door de verrassende wendingen een spanningsboog en een ‘wall of noise’  verwezenlijkte . Songs van de recente cd ‘Apocalys’ zinderden . Closing final waren “One fine morning” en “Too many birds”. Tussenin hadden we het sobere ingetogen “Our anniversary” . Wat een boeiende ‘pop noir’ en intensiteit hoorden we in het  sing/songwriterschap van Callaghan en  z’n uitmuntende muzikanten . Klasse dus!

Ook Low  toonde zich van zijn beste kant en liet net als twee vorige de muziek spreken . Low koos in hun ruim anderhalf uur durende set , tot net vóór middernacht, voor hemelse gitaarpop van beheerst opbouwende melodieën, en songs die durfden aan te zwellen  en omgebogen worden tot stevige,  rauwe, korrelige, gejaagde, overstuurde rock, en kon exploderen.
Het onafscheidelijke duo Alan Sparhawk (gitaar) - Mimi Parker (minimalistische drums) en een goed ingespeelde bassist ontroerden, beten sterk van zich af en contrasteerden in hun materiaal . Ook in de zang ervaarden we hetzelfde; de zang van Sparhawk kon warm, getormenteerd zijn, en werd verweven, samengebracht en afgewisseld met de behoedzame,  innemende, mooie stem van Parker.
Uitroeptekens plaatsten we bij snedige parels “Violent pass”, die de bloedmooie set opende , “Nothing by heart”, “Monkey”, “Sunflowers” en het ingetogen “Nightingale”. Verder zorgde Low voor een boeiende, meeslepende trip van o.m. “Try to sleep”, “Breaker” en “$20”, die een onderhuidse dreiging hadden. Verder een sfeervol dromerige “Witches”, “In the drugs”, “Murderer”, en een toegankelijke “Last snowstorm of the year”.
Tussenin pakte Parker ons in met “You see everything”, “Especially me”  en “Laser beam” in de bis .
Low bracht voldoende varianten aan en speelde een frisse, aanstekelijke, emotionele set die kon huiveren. Het afsluitende “When I go deaf”  fascineerde: de song  trok nog eens alle registers open , sierde door een declamerende voordracht van Sparhawk en deinde mooi uit. Kippenvel kregen we.
Low is trouwens één van de eerste namen op het komende Cactusfestival op zaterdag 7 juli. Is genoteerd met deze!

Organisatie: Botanique, Brussel (ism Toutpartout)

Jamie Woon

Mirrorwriting

Geschreven door

Jamie Woon en James Blake werden door de BBC uitverkozen tot de ‘Sounds of 2011’. Woon is 28 en maakte nog deel uit van de band van Amy Winehouse als achtergrond zanger . Hij brengt pop, soul, trippop en r&b in een lichte dubstep swing’n’groove . De songs ademen een nachtelijke sfeer uit; hier stak Burial een handje toe. We horen op het debuut broeierige, warme , sfeervolle songs onder z’n zachte, zalvende, soepele stem.
De eerste helft van de cd is het sterkst , met “Night air”, “Lady luck” en “Shoulda”. In het tweede deel is het wat wisselvalliger, door iets teveel van hetzelfde, maar dat belet niet te spreken van een groots talent die de sound van  Massive Attack in de aderen heeft !

Pagina 740 van 963