logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
avatar_ab_04

Wu Lyf

Go tell fire to the mountain

Geschreven door

Wu Lyf is een kwartet uit Manchester die debuteert met broeierige synthpop , met intrigerende gitaarriedels en orgeltje. Deze twee instrumenten sijpelen steeds door in de nummers, samen met de rauwe, schorre , schurende en hese stem van Ellery Roberts. Het geeft de songs hier een emotionele lading. Een beladen sfeertje door de finesse en subtiliteit. De songs winnen aan zeggingskracht per luisterbeurt. Ze moeten op “Cave song” en “L Y F” wat op dreef komen, maar overtuigen sterk  op “Such a sad puppy dog”; vanaf song 5 “We  bros” geven ze er een aangename, lichte (verteerbare) en bezwerende  groove en swing aan. ‘Go tell fire to the mountain’ heeft wel een erg sterk tweede deel , wat maakt dat dit een boeiende artyfarty popplaat is geworden !

Tony Sly

Sad Bear

Geschreven door

De naam Tony Sly zal de gemiddelde muziekliefhebber niet veel zeggen. Toch is de man niet de eerste beste want Sly is al sinds eind jaren tachtig de zanger van No Use For A Name, een van de meest invloedrijke punkrockbands die Californië voortbracht. 
Sinds een aantal jaren gaat Tony Sly een totaal andere richting uit want hij opteerde voor een volledig akoestische carrïere.  Na ’12 Song Program’ in 2010 is ‘Sad Bear’ zo  zijn tweede full album dat op Fat Wreck Chords wordt uitgebracht.  Voor NUFAN –fans is het ongetwijfeld schrikken bij het horen van de gevoelige, introspectieve kant van Tony Sly die we op ‘Sad Bear’ horen .  Angst, woede, frustratie, blijdschap, nostalgie, verliefdheid, liefdesverdriet… zowat alle mogelijke gevoelens passeren de revue en het is duidelijk dat Sly op tekstueel nooit meer open en eerlijk  was dan nu.  
Ook de muziek lijkt ons voor een doorgewinterd punkicoon vrij gewaagd want zeer moeilijk te categoriseren en bovendien horen we een zeer divers instrumentarium.  Een hoofdrol is er  voor de akoestische gitaar maar daarnaast horen we ook  een accordeon, piano, dwarsluit, drums,  mandoline, cello en klarinet de revue passeren. Toch  is het vooral de mooie  stem van Sly die het meest opvalt in de melodieuze  songs waarvan het merendeel ballads zijn. 
Alles klinkt zeer braaf en gepolijst, tracks zoals “Dark Corner”, “Devonshire and Crown” en “Discomfort Inn” zouden bijvoorbeeld perfect passen in een of andere, typische   Amerikaanse jongerenreeks op tv.   
Wij kunnen best genieten van de zachte vocalen van Sly maar vinden toch dat er een scherp randje ontbreekt op deze ‘Sad Bear’.  Deze tweede solo-plaat is voor ons niet onverdienstelijk maar jammer genoeg ook  niet onvergetelijk.

Stephen Malkmus

Stephen Malkmus (& The Jicks) - Sprankelende songs, geen pretentie

Geschreven door

Stephen Malkmus mag dan al het boegbeeld geweest zijn van de fantastische en invloedrijke indie band Pavement, het zou de fans toch ook niet mogen ontgaan zijn dat hij inmiddels al 5 soloplaten gemaakt heeft die qua klasse niet moeten onderdoen voor het grensverleggende werk van zijn voormalige band. Toch spreekt de naam Pavement blijkbaar veel meer tot de verbeelding dan Stephen Malkmus. Het Pavement reünie optreden van een klein jaar geleden in de AB was op slag uitverkocht terwijl vanavond de zaal Trix amper voor de helft was volgelopen.

Nochtans is het nieuwe album ‘Mirror Traffic’ alweer een bescheiden pareltje. Voor insiders althans, de rest heeft -zo vermoeden wij- de moeite nog niet gedaan om het fijne plaatje een kans te geven, getuige de magere opkomst.
The Jicks hadden er weinig erg in. In een sobere basisopstelling en zonder enige vorm van scrupules (een geposeerde rock’n’roll attitude of uitgedokterd imago zijn zeker niet aan Malkmus besteed) speelden ze met overtuiging een resem sprankelende songs. Spontaniteit en af en toe spitse humor kenmerkten het optreden. En niet te vergeten natuurlijk, een hoop frisse en bruisende songs.
Op een ogenschijnlijk slordige, maar spitse en efficiënte manier speelde Malkmus gitaar. Zijn stijl deed ons meermaals denken aan die van Tom Verlaine, een nummer als “Real Emotional Trash” beschouwen wij als Malkmus’ eigenste “Marquee Moon”. Die schitterende song (goed voor 10 minuten genieten van muzikale hoogstandjes) spaarde hij als apotheose op tot aan het einde van de set nadat hij ons al meermaals had laten smullen van zijn speelse maar vernuftige gitaarstijl.
Het was duidelijk dat Malkmus een vette streep getrokken heeft onder Pavement, elke song of verwijzing naar zijn voormalige band werd gemeden. Centraal stond de nieuwe plaat ‘Mirror Traffic’ waaruit maar liefst 11 songs gespeeld werden, met als uitschieters een gedreven “Senator”, een prachtig “Brain Gallop” (met heerlijke sologitaar) en fijne popsongs als “Tigers” en “Stick figures in love” , die allebei gebouwd zijn op lekker rollende rifs.
Bij momenten stonden Stephen Malkmus & The Jicks ook hevig en driftig te musiceren, zoals in “Tune grief”, de felle punksong die werd opgedragen aan The Kids (de enige echte Belgisch punkband die er toe doet) en in de bisronde met een puntig “Baby C’mon”.

Malkmus kon ons ten zeerste overtuigen zonder één noot Pavement. Daarom moet u, als u er niet bij was, dringend eens ‘Mirror Traffic’ een flinke luisterbeurt geven. Gegarandeerd bent u de volgende keer wel van de partij en speelt Malkmus ten minste voor een volle zaal, en dat verdient hij.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Sharon Corr

Sharon Corr: do you remember The Corrs

Geschreven door

Ik vraag me af of U zich het Ierse folkpop ensemble The Corrs nog kunt herinneren? Niet echt? Begrijpelijk, want sinds 2006 staat deze Ierse familieband op non-actief. Aan een mooie succesvolle mainstream carrière kwam er zo’n vijf jaar geleden een einde. Caroline Corr & broer Jim Corr kregen andere verplichtingen en verlieten de muziekwereld om hun kinderen op te voeden. De zussen Andrea Corr (ondertussen ook zwanger van een eerste kindje) en Sharon Corr bouwden dan maar voorzichtig een solocarrière uit. In 2010 verscheen het eerste soloalbum van Sharon Corr: ‘Dream Of You’, een album dat ze sinds augustus 2011 promoot doorheen Europa. Voor Sharon Corr is dit haar eerste headliner tour sinds 2004, toen The Corrs met de ‘Borrowed Heaven’ tour ook op Werchter Classic te zien waren. Een goed gevulde, zittende Handelbeurs wou wel eens zien hoe deze madam het er in haar eentje van af bracht.

Sharon Corr bracht een vijfkoppige band mee. Stuk voor stuk muzikanten die wisten waar ze mee bezig waren. Musicerend maakten ze optimaal gebruik van de schitterende akoestiek van de Handelsbeurs, waarbij een kristalhelder geluid door de luidsprekers weerklonk. Bij The Corrs kwam Sharon steeds een beetje in de schaduw te staan van haar jongere zus Andrea, die er steevast de leadvocalen voor haar rekening nam.
Deze avond bewees Sharon dat ze vocaal zeker niet de mindere was. Toch was Sharon’s grootste troef haar schitterende vioolpartijen. Zoals in de Ierse traditional “Cooley’s Reel”, wat een erg sterke opener was. Een uitbundige start die gevolgd werd door een meer intimistische, gemoedelijke sfeer. “Everybody’s Got To Learn Sometime”, een cover van The Korgis deed het origineel wat oneer aan; terwijl de hit uit 1984 van Bronski Beat: “Smalltown Boy” wel een originele, trage bewerking meekreeg. Tussendoor hadden we al even kunnen genieten van een opmerkelijk ‘Shania Twain country gevoel’ tijdens “Ears Painted On” en de door Sharon geschreven The Corrs hit “Radio”.
Wie trouwens kwam om een ganse reeks The Corrs hits te horen kwam bedrogen uit want naast enkele opmerkelijke covers lag de nadruk toch op haar eerste soloalbum: ‘Dream Of You’. “No Frontiers” werd in tegenstelling tot de avond ervoor in Amsterdam, zonder zus Caroline gebracht. Ook Jeff Beck die de prachtige gitaarlijnen inspeelde voor “Mná Na h'Éireann” kwam niet opdagen maar ook zonder hem werd dit een hypnotiserend hoogtepunt. We kregen ook één gloednieuwe song: “Edge Of Nowhere”, dat straks een plaatsje zal vinden op het nieuwe album.
Met “Woodstock” van Joni Mitchell en “Dreams” van Fleetwood Mac eerde Sharon de grootste songwriters. “Joy Of Life” brak nog een laatste maal alle registers open waarna de Handelsbeurs haar een welgemeende, terechte staande ovatie gaf.

Sharon Corr is een zeer knappe, talentvolle dame die er live ook staat zonder haar broer en zussen. Gent beleefde een zeer leuk maar vrij kort Iers volksfeestje!

Setlist:  *Cooley’s Reel  *Ears Painted On  *Everybody's Got To Learn Sometime *Radio *It’s Not A Dream  *Smalltown Boy *Jenny’s Chickens *Edge Of Nowhere *No Frontiers *Love Me Better *Mná Na h'Éireann  *Woodstock *Over It *So Young
*Dreams *Joy Of Life
Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/sharon-corr-15-11-2011/

Organisatie: Handelsbeurs, Gent


The Wombats

Sprankelende ‘bubble’rock met The Wombats

Geschreven door

The Wombats, het trio uit Liverpool,  is toe aan hun tweede cd, ‘The modern glitch’, en heeft al een handvol singles uit die netjes verdeeld werden in de anderhalf uur durende set . Hier was heel wat jong volk voor gekomen … Lekker in het gehoor liggende, frisse, opwindende , leuke adhp pop, door een eenvoudige, aanstekelijke, treffende melodie. Energieke, opzwepende, vaardige, speelse indie postpunk dus!  De gitaarloops, - riedeltjes en toetsen zorgden voor dynamiek  en een meezing- en springgehalte.
De eerste rijen hotsten hen en weer en ook op het podium hadden ze er duidelijk zin in , ondanks dat ze er een lange vlucht van Seatlle achter de rug hadden . Een heerlijk ontspannende, dansbare set hoorden we door songs als “Kill the director”, “Jump into the fog”, ”Techno fan”, “Moving to NY” en “Tokyo”.  Het tempo werd strak gehouden , ook al klinkt het trio meer electrorock op de nieuwe cd … “Our perfect disease”, “Party in a forest” en” My first wedding” durfden te exploderen.
Na de sfeervolle “Anti –d” gingen ze samen met het publiek nog eens lekker loos;  ze weefden en jamden “Walking disaster” en “Let’s dance to Joy Division” aaneen. Sprankelende ‘bubble’rock, catchy en feestelijk … Een stomend setje ‘to the limit’!

Organisatie: Botanique, Brussel

Casiokids

Découverte – Casiokids

Geschreven door

In de Rotonde hadden we het Noorse collectief  ( uit Bergen / Stavanger) Casiokids die er in een goed uur in slaagden het publiek aan hun voeten te krijgen . Iedereen die nog op de banken zat , was tegen het eind recht geveerd, heupwiegde en danste lustig mee op die stemmige, aanstekelijke synthpop, die niet vies is van punkfunk, psychedelica en discokitsch. Wat wil je? Ze zijn met zes , hebben een hoop elektronica en synths staan,  spelen op echte drums, en draven aan met aanvullende percussie, gitaar en bas. De sound is luchtig, opgewekt  en werkt aanstekelijk, ophitsend en opzwepend. De band heeft connecties met artiesten van hun eigen land als The whitest boy alive  en Röyksopp , maar zit graag in hetzelfde schuitje van Hot Chip, LCD Soundsystem, !!!, The Rapture en Of Montréal.
Ze moesten wat op dreef komen, en na zo’n klein halfuur zaten publiek en band op dezelfde golflengte om in een hypnotiserende trance te geraken. De zang zweefde over de songs.  Ze putten uit de twee cd’s ‘Topp stemning …’ en ‘Aabenbaringen …’  ( Btw het zijn bijna  onuitspreekbare nummers). Door de repetitieve ritmes, de  opbouwende groove en de vermakelijke percussie en synths was iedereen in de juiste vibe om er een leuk, gezellig en dansbaar feestje van te maken; de songs durfden te exploderen. Ze wisselden verschillende keren van plaats en instrument en ze gingen er telkens voor!
Voilà , dat waren nu eens artiesten die een doordeweekse dag doorprikken en een weekendgevoel creëren. Fijn optreden!

Organisatie: Botanique, Brussel

Twin Sister

Découvertes: Twin Sister - Holiday Shores

Geschreven door

In de Witloof Bar kon je terecht voor twee beloftevolle Amerikaanse ontdekkingen: Holiday Shores en Twin Sister
Zonnestralen raakten op de loungy, sfeervolle sound van de band rond de multi-instrumentalist Nathan Pemberton, die subtiele pianotunes speelde en gretig manueel overweg kon met de pedaaleffects . Holiday Shores biedt geraffineerd uitgewerkt materiaal, straalt een vakantiesfeertje uit, maar de onverwachtse wendingen van allerhande experimentjes van elektronica, psychedelica en gitaarakkoorden zorgden ervoor dat je niet steeds op de wolken dreef; muzikaal wrong de band uit Florida zich in allerlei bochten tussen zomerse pop, krautrock,’70s psychedelica, indie en lofi . Ze debuteren  met ‘New masses for squaw peak’ en ze boeiden alvast met een muzikale aanpak van toegankelijkheid en gewaagdheid.

Iets later trad Twin Sister op, een kwintet uit Portland, rond gitarist Eric Cardona en Andrea Estella. Twin Sister brengen een meeslepende, hypnotiserende sound van droompop , die durft te prikkelen door een zachte, speelse en swingende groove. De pluimpjes op de gitaren brachten je al meteen in deze ‘dreamworld’.
Na twee EP’s ‘Vampire with dreaming kids’ en ‘Colour your life’ zijn ze uiteindelijk toe aan het debuut ‘In heaven’. En dat mag wel letterlijk worden geïnterpreteerd, want net als Holiday Shores drijf je op  wolken door de hemelse, broze  en breekbare zang van de bedeesde Estella, die lekker knus was ingeduffeld in haar uitgerekte, witte wollen trui.
Een rustgevende sfeer overheerste,  maar het kwintet wist het af en toe handig te doorbreken met meer pit en vaart te steken en de spannende, broeierige opbouw; het geheel bleef uitermate boeiend, zoals op  “All around and away we go” en “Bad street” . De band brengt kwalitatief materiaal en we waren duidelijk te vinden voor “Anyway you want to”, “Gene ciampi” en “Kimmi in a rice field”. Overtuigende set en dat zullen hun invloedrijke bands en artiesten Björk, Stereolab en Mazzy Star kunnen beamen.

Organisatie: Botanique, Brussel

The Moon Invaders

The Fine Line

Geschreven door

‘The Fine Line’ van de Moon Invaders is al het zoveelste album van de skagroep. Kernleden zijn de gebroeders Matthew (zang), de gebroeders Hardison (harmonica) en drummer Nicolas Léonard. De meeste songs worden geschreven door Thomas Hardison. Ska, die de rocksteady en de reggae voorafging, is het muziekgenre dat ontstond in de late jaren 50 in Jamaica en is een fusie van calypso en mento met Amerikaanse jazz en blues. Het is dé inspiratiebron voor The Moon Invaders natuurlijk, en dan kunnen we niet omheen de Skatalites.
Beste nummers zijn “Why”, welke herinnert aan de oude ska nummers van Alton Ellis, “Just a Po'Boy”, pure rocksteady en “Red Tail Hawk”, een instrumentaal nummer à la Skatalites. “Dusk till dawn” en “Waiting on a Sign” zijn op hun beurt pure soulnummers. Kortom, we horen hier een divers album die bij meerdere luisterbeurten verder openbloeit!

Your Highness

Cults ‘N’ Cunts

Geschreven door

Werkelijk geen seconde rust wordt de luisteraar gegund op dit debuut van de Antwerpenaren van Your Highness.  Deze mannen hebben duidelijk een patent op trage maar vooral snoeiharde riffs die de doorsnee sludge, metal en stonerfans zeker zullen aanspreken.  Acht tracks in slechts 30 minuten passeren de revue en het is duidelijk dat er goed  geluisterd werd naar grote voorbeelden als Kyuss, Baronness, Kylesa en Entombed.  Originaliteit is dus niet zo ver te zoeken en niet iedere track wist ons even sterk te bekoren maar toch is ‘Cults ‘N’ Cunts’ zeker een geslaagd debuut.  Er wordt namelijk lekker geknald op dit plaatje en wie es ouderwets  de nekspieren  wil losgooien heeft een vette kluif op deze stevige lap muziek. Naast de genoemde stevige riffs horen we  overdonderende drums en divers solowerk naast de scheurende en vrij eentonige  vocalen van brulboei Ben Baert. Het zijn vooral opener “Through The Eyers Of The Beast” en de indrukwekkende afsluiter “Hoogheid” die ons in positieve zin opvielen. 
‘Cults ‘N’ Cunts’ is zo een degelijk debuut binnen het genre en mits nog iets meer creativiteit en minder voorspelbaarheid in nieuwe nummers kan deze band duidelijk nog stappen vooruitzetten.    

Puggy

Puggy – Ongecomplexeerde poprock

Geschreven door

Puggy, dat zijn Matthew Irons, Romain Descamps en Egil Franzén, respectievelijk Engelsman, Fransman en Zweed, maar toch op en top Belgisch, want gepokt en gemazeld in onze eigenste hoofdstad. Razend populair in Wallonië en Frankrijk maar, ondanks passages in o.a. Cactus in Brugge, Rock Ternat en Studio Brussel, nog vrij onbekend in Vlaanderen.  Het begon allemaal in 2005 toen de – overigens bijna perfect drietalige – bandleden elkaar in Brussel – toegegeven, de wat lullige groepsnaam - Puggy uit de grond stampten.
Twee jaar later schopten ze het tot de openingsact van het festival Couleur Café in Brussel dat tot overmaat van ramp vroegtijdig moest worden stopgezet  wegens een brand. Een tv-station vond er niets beter op dan de eerste act en boucle uit te zenden. De Californische band Incubus was toevallig in het land, zag de show op tv in hun hotelkamer en nodigde het trio prompt uit om hun voorprogramma te verzorgen van de Europese tournee.
Dan ging het snel, de optredens volgden elkaar in sneltempo op – ze stonden op de festivals Reading en Leeds -  en ze speelden ook nog het voorprogramma van Deep Purple en de Smashing Pumpkins.
Maar om het succes van Puggy louter aan deze speling van het lot te wijten gaat te kort door de bocht: Puggy’s succes bestaat uit meeslepende pop- en rocknummers, een uitstekende livereputatie en drie charismatische bandleden.

Het optreden in het Koninklijk Circus was een thuismatch voor Puggy, dus er was niet veel nodig om de zaal te doen ontploffen. Matthew Irons neemt de klassieke gitaar en zanglijnen voor zich, Romain Descamps op bas en Egil Franzén gaat loos op de drums. Het overwegend Franstalige publiek zingt en danst meteen uitbundig mee met openers “Empty Streets” en “We have it made”, beide nummers te horen op hun laatste cd ‘Something you might like’. Deze opzwepende nummers doen denken aan The Kooks, Britpop op zijn best! Ook “Dubois” uit het eerste album ‘Dubois Died Today’ overtuigt, al vraagt men zich af waar de elektrische gitaar ergens vandaan komt. De wat progrock-momenten laten ze beter achterwege.
Matthews’ zuivere en vaste stem komt volledig tot zijn recht in het “She Kicks Ass” met ontroerend leitmotiv op piano en de akoestische “Not a thing left alone” en “How I needed you”. De blonde Zweedse ADHD-drummer – alias Ziggy – krijgt dan vooral de jonge meisjes op de knieën tijdens een opzwepend drum-intermezzo “Groovin’ on”.
Veel tijd om op adem te komen nemen de jongens niet met songs als “I do” en “Teaser”. Na een uur en een kwartier zijn we al bij het laatste nummer aanbeland, “When you know”, kracht bijgezet door drie blazers. Het refrein “something tells me everybody hates me” werd  met veel overtuiging meegescandeerd….

Fantastisch concert dus en een aanrader voor al wie houdt van ongecomplexeerde poprock.
(Pics front Kmeron)

Organisatie Botanique, Brussel ism Live Nation

Pagina 742 van 963