logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Hooverphonic

Charlotte Gainsbourg

IRM

Geschreven door

Charlotte is beroemde dochter van … jawel, Serge Gainsbourg & Jane Birkin. Ze ontpopte zich als actrice, die af en toe zong … en jawel, ze viel al op met de plaat ‘Charlotte forever’ eind de jaren ‘90, en met de single ‘Lemon incest’ die de wenkbrauwen deed fronsen toen pa en tienerdochter in het nummer veel aan de verbeelding overlieten. In 2006 verscheen ‘5:55’, die ze samen met de heren van Air, Jarvis Cocker en Radiohead producer Nigel Godrich maakte: sfeervol dromerige en loungy materiaal onder haar warme, sensuele en zwoele fluisterstem … en jawel, vocaal als haar moeder Jane. Goed French Engelse pop; een lijn die we alvast horen in de nieuw verschenen cd ‘IRM’ – Imagerie par Résistance Magnétique -, een MRI hersenscan die noodzakelijk was na haar zwaar ongeval enkele jaren terug en die de thematiek vormt van de plaat.
Ze heeft er in 2009 een behoorlijk goed jaar op zitten … ze speelde de hoofdrol in de controversiële film ‘Anti-Christ’ van Lars Von Trier en via Godrich kwam ze in contact met Beck, die zich ontfermde over de muziek, de productie en een groot deel van de teksten die in het Engels en in het Frans zijn. Naast de sfeervolle orkestraties “Le chat du café des artistes”, “Time of the assassins”, “In the end” en “La collectionneuse” horen we prikkelende en spannende melodieën, een brede instrumentatie en een percussieve aanpak die richting trippop uitgaan en duidelijk te maken hebben met de vindingrijkheid van Beck, en gedragen worden door haar invoelende, zuchtende en doorleefde croonerstem, “Master’s hand”, “Heaven can wait” en “Dandelion”. Op “Greenwich mean time” klinkt er afro door, “Me & Joe Doe” laat een frisse indruk na en op “Trick pony” durft ze te rocken …
Jawel, ‘IRM’ is een gevarieerde, verrassende, trippende plaat geworden! 

Fuck Buttons

Tarot Sport

Geschreven door

We waren al onder de indruk van het debuut ‘Street Horrrsing’ van het uit Bristol afkomstige, intussen naar Londen uitgeweken, Fuck Buttons. Op hun debuut was er eerder sprake van dronesoundscapes, psychedelica, noise en avantgarde. Een soort ‘stoorzendergeluid’, in zes langgerekte hypnotiserende stukken, die ritme, melodie en verrassende wendingen hadden en durfden uit de bocht te gaan. De laatste twee songs kregen een beat en werkten aanstekelijk op de dansspieren.
Die basis vormde de aanzet van de tweede cd. De intrinsieke schoonheid en het avontuurlijke geluid klinkt meer toegankelijk en kleurrijk. Verantwoordelijk voor de gelaagde sound is producer Andrew Weatherall (remember Sabres Of Paradise in the nineties!); synths en gitaren worden samengebracht in een muzikale driehoek van dansbeats, noise en experiment, repetitief opbouwend van trance en groove ritmes, die in elkaar overgaan of in elkaar lopen. … spannende, bevreemdend, schurend en neurotisch. “Surf solar”, “The Lisbon Maru”, “Olympians” en het afsluitende “Flight of the feathered serpent” zijn intrigerende, lange stukken lappen elektronica en rock in een web van ruis. Zeven songs staan er op de plaat en praktisch zijn ze allemaal van zo’n kaliber.
Herrie en terreur - ”They sound like music for aliens” - hoorden we nog van de eerste cd; op ‘Tarot Sport’ zijn de aliens aardser en toegankelijker geworden. Een logische stap voorwaarts, wat de cd overtuigender maakte.

Efterklang

Magic Chairs

Geschreven door

Uit Denemarken hebben we al een paar poppsychedelica pareltjes mogen horen van Efterklang. Het uitgebreide ensemble brengt indringende, dromerige, sfeervol opbouwende, sprookjesachtige pop op stijlvolle wijze samen. Een zalvend geluid door brede piano-, strijkerpartijen en blazers, naast de standaardinstrumentaties en akoestische gitaren. De zang van Casper Clausen en de backing vocals dwarrelen er overheen. De bredere etalage staat moeiteloos naast hun indie aanpak.
Efterklang grossiert tussen de Scandinavia van Sigur Ros, Björk, Mum en de Britpop van Elbow en de Grizzly Bear adepts.
Tien songs die uiterst genietbaar zijn en binnen de lijn van mooimakerij liggen. Puik werk dus van de Denen.

Mogil

Ro

Geschreven door

Radical Duke presenteert Mogil met ‘Ro’, een album, die al twee jaar geleden z’n eerste voetsporen kreeg en in een kerk is opgenomen in IJsland. Niet voor niks is het gezelschap voor de helft IJslands en voor de andere helft Belgisch. Ze brengen een unieke mix van jazz-klassiek, soundscapes en experiment. Hun unieke sound combineert zowel Scandinavische als Europese klanken en roots. De eigen composities, gebaseerd op oude IJslandse teksten, kunnen zelfs in die typische volksmuziek worden ondergebracht.
De prachtige sopraanstem van Heida Arnadottir is echt om bij weg te dromen, en hoewel je er geen jota van verstaat, blijf je toch geboeid. De zanglijnen doen denken aan de polifonische gezangen van vroegere tijden. Daar zal hun klassieke scholing wel voor iets tussen zitten. Alvast een heerlijke cd om te beluisteren, en een link naar onze DAAU. Geen toeval dus dat ze op het label van de Anarchisten verschenen

Mogil
Heida Arnadottir: zang
Aki Asgeisson: kerkorgel
Ananta Roosens : viool - zie track 4 “Sagan oll »
Jochim Badenhorst: klarinet/saxofoon
Hilmar Jensson : gitaar

Info: http://www.radicalduke.com of http://www.myspace.com/mogilro
 

Roadburg

Raise cain

Geschreven door

Het Limburgse Roadburg en The Galacticos zijn muzikale broertjes van elkaar in die zin dat twee leden deel uitmaken van beide bands, zanger Siegfried Smeets van Roadburg speelt toetsen bij The Galacticos en zanger Thibaut Vaninbroukx van The Galacticos speelt gitaar bij Roadburg. Beide groepen speelden de finale van de Humo’s Rock Rally in 2008, behaalden al een fijn prijzenpakket, waaronder de Limbomania wedstrijd en mochten al op Pukkelpop spelen. Mooie referenties alvast!
Roadburg is het donkere broertje van The Galacticos, want die Galacticos houden het eerder op fris, sprankelende, opwindende, leuke catchy poprock, luister maar eens naar de EP ‘Phone Home’ en de single “Humble crumble”. Roadburg stelt dromerige indiepop centraal, want we horen bezwerende, intrigerende gitaarpartijen, zweverige toetsen en warme, melancholische vocals. Het zijn radiovriendelijke poprockende nummers, waarvan “Turn the radio off” en “Instant flowers” al meteen in het oog springen. De groep gaat richting dynamiek op de eerste songs, laat de psychedelica doorklinken op “Plenty of peace left”, durft avontuurlijke wendingen aan op “A sonic journey” en kiest voor een dromerige aanpak op de afsluitende songs. Enthousiasme en tristesse zijn hier mooi in elkaar verweven en zorgen voor een afwisselend broeierige, sfeervolle puike songs
Btw even meegeven dat de binnenhoes, waar de leden in het water staan, veel mee geeft van Slint’s ‘Spiderland’, niet voor niks zijn de slepende melodielijnen als referentie voor hun debuut ‘Raise cain’.

Info op http://www.myspace.com/roadburg 

Gentlemen Of Verona

Brutally Honest

Geschreven door

In 2008 kwam het garage rock’n’rollende Gentlemen Of Verona aandraven met een pittig gedreven titelloze debuutplaat. Ze leunden toen nauw aan de begindagen van Polly Harvey (plaats haar debuut ‘Dry’ er maar eens naast!), het rauwe The Kills, de ‘Fever to Tell’ van Karen O’s The Yeah Yeah Yeahs en het onvolprezen nineties ladybands L7 en Babes In Toyland. We hoorden ruwe melodieuze gitaarrock, spannende melodieën en een zangeres, Debby Termonia, die over een emotievolle, heldere stem beschikt en kan hijgen, zuchten en kreunen, wat de songs een meerwaarde bezorgde!
Het aanstekelijke geluid zetten ze duidelijk verder in de opvolger ‘Brutally honest’. Ze kregen belangvolle tips en er waren bijdrages van o.m. Frankie Saenen (The Scabs/The Kids), boegbeeld Willy Willy en Jesse Hoff, die de gitaarversterking een elektronische tint gaf. Een voller geluid dus, een broeierige intensiteit en balancerend tussen de rauwheid en een puur poprock geluid.
Het is een opwindend boeiende plaat geworden, die vooral Polly Harvey en Karen O door de mangel haalt; de rockende “Drivr” en “Jade” staan mooi naast het sfeervolle “Tape hiss” en het opbouwende “Wasted”. En tot slot haalt het kwintet alle invloeden en variaties uit de kast op “Goodbye”, die op verbluffende en overtuigende wijze de tweede cd besluit. Sterke plaat van de Limburgers …

Info op http://www.gentlemenofverona.com

Mono

Mono – Mono Machtig Mooi

Geschreven door

Mono op maandag. Kan een mens de week beter beginnen? We denken het niet. Zeker niet als er voluit geput wordt uit het vorig jaar verschenen ‘Hymn to the Immortal Wind’, een album dat ons bij elke beluistering met een open mond opzadelt.
In Het Depot werden van deze moderne klassieker slechts twee nummers (“Silent Flight, Sleeping Dawn” en “The Battle to Heaven”) achterwege gelaten. De eerste noten van “Ashes in the Snow” dompelden ons meteen onder in de feeërieke wereld die de Japanners telkens weer tevoorschijn toveren. Hun veel-lagige postrock wordt frequent gelardeerd met een toets die ook de liefhebbers van klassieke muziek weten te waarderen. Niet te verwonderen dus dat het viertal onlangs zijn tienjarig bestaan vierde met het Wordless Music Orchestra, een samenwerking die eind april op CD, LP en DVD verschijnt.

Hoogtepunten noteerden we maandagavond niet want anderhalf uur lang bleef de kwaliteitslat aan het hoge plafond geplakt. In een krampachtige poging om kritisch te zijn zochten we met de beste wil van de wereld naar minpuntjes, maar het enige waarmee we op de proppen kunnen komen is dat de pauzes tussen enkele nummers soms net iets te lang duurden. U merkt het, we moeten al ferm mierenneuken om Mono een schoonheidsfoutje te kunnen aanwrijven. Een ouderling die zich comfortabel in één van de vele zetelzitjes genesteld had, vertelde ons achteraf dat de balans van zachte en harde klanken tijdens de eerste drie nummers nog niet 100% in orde leek. Wijzelf – die ons in de buurt van de geluidstechnici gepositioneerd hadden – hoorden echter gedurende het ganse optreden een perfecte klank dus dat minpuntje hebben we enkel ‘van horen zeggen’ (en dan nog van een ouderling die door de jaren heen misschien iets te veel gehoorschade opgelopen heeft om een correct oordeel te kunnen vellen?).
Om te vermijden dat de afwezigen onterecht zouden denken dat het geen ramp is dat zij maandag niet in Leuven waren, laten we de volzinnen even voor wat ze zijn en halen we het grof geschut boven door in enkele alfabetisch gerangschikte woorden het concert (en de veelheid aan emoties die we ondergingen) samen te vatten: adembenemend, “af”, atmosferisch, beklijvend, betoverend, bezwerend, imponerend, ingetogen, intensief, machtig, melancholisch, overdonderend, subtiel, verdovend. Mocht het zo klef niet klinken, dan zouden we hier zelfs het woord “romantisch” durven gebruiken.
Als bovenstaande opsomming soms tegenstrijdig lijkt, dan is dit te danken aan het feit dat Mono erin slaagt om een breed spectrum te bestrijken. Wie stil kon blijven staan of zitten, deed dit enkel maar omdat hij/zij murw geslagen werd door de uitgekiende set (een set die de laatste tijd trouwens grotendeels onaangeroerd bleef maar daar dit zullen wij hen niet euvel duiden want we menen dat de opbouw van die set nauwelijks te verbeteren valt). In een zinderende finale nam de bassiste na “Halcyon (Beautiful Days)” plaats achter de keyboards om het ontroerende orgelpunt getiteld “Everlasting Light” in te zetten. Kippenvel van Leuven tot in Tokyo was ons deel. Unisono klonk het achteraf dan ook: Bravo, Mono, voor dit bravourestuk!

De jonge bende van Agents in Panama noemt Mono als één van hun grote voorbeelden, ze maakten in ieder geval geen slechte indruk in hun voorprogramma. Het thuispubliek liet luidkeels blijken dat hun soms wat bluesy en psychedelische postrock in goede aarde viel. De inbreng van de celliste bracht een mooi tegengewicht voor het gitaargeweld. Helemaal overtuigd werden we zelf nog niet maar het was in Het Depot wel duidelijk dat dit vijftal na de release van hun debuut ‘A New Language for Clearer Pictures’ nog progressie gemaakt heeft. Agents in Panama is dus één van de vele Vlaamse bands met potentieel. We kijken samen met u nieuwsgierig uit naar hun nabije toekomst.

Organisatie: Depot, Leuven

Lee Scratch Perry

Kaarsjes uitblazen voor de verjaardagsparty van Lee Scratch Perry & Friends

Geschreven door

De lente bracht de godfather van de dub, Lee Scratch Perry naar de Vooruit en voor zijn verjaardag had hij een aantal grote namen meegebracht. De Vooruit was dan ook afgeladen met een gemengd publiek van tieners met dreads en melomanen die hun ouders konden zijn. Je vraagt je toch af in welk genre je zo’n gemengd publiek kan krijgen en voor welke andere artiesten die hun grootvader konden zijn jongeren de moeite zouden nemen om op zondagavond buiten te komen. DJ Optimo verzorgde de opwarming, maar eens The Congo’s aan hun act begonnen was het platenmoghul Adrian Sherwood, de man achter On-U-Sounds die de geluidsinstallatie voor zijn rekening nam, terwijl op het podium een uitgebreid gezelschap muzikanten als luxe-begeleidingsband voor de krasse reggaeknarren optrad.

The Congo’s waren voor de tweede keer in enkele maanden in Gent. Het blijft een belevenis om deze zeventigers als uitgelaten kinderen over het podium te zien hossen en zonder moeite het hele publiek mee te krijgen met jaren-zeventig-klassiekers als “Fisherman’s Row”. Het concert was wat te kort om de sfeer te scheppen die het Minnemeers-concert van november kon evenaren, maar het was een meer dan leuke opwarmer. Als tweede stond Max Romeo geprogrammeerd die vooral bekend is om zijn hit “Chase the Devil”, die de Prodigy nog hun eerste grote hit bezorgde in Vlaanderen. Zeker ok, maar muzikaal vond ik het persoonlijk wat te vlak, te weinig origineel, hoewel dit natuurlijk wel een artiest van de eerste generatie is.
Tussenin draaide Adrian Sherwood leuke plaatjes die muzikaal al wat uitdagender waren en flirtten met de mengvormen waar zijn On-U-Sounds label voor bekend is en was er tijd om wat van de sfeer te genieten, of oude vinyls om te woelen.

Zo rond elven was het dan tijd voor het feestvarken, Mr. Perry himself die getrakteerd werd op een taart met veel te weinig kaarsen, zelf tussen de nummers in verviel in mystieke psychobabble, waarbij niet altijd duidelijk was of de onverstaanbaarheid aan zijn extreme variant van het Engels of aan een enigszins gestoord contact met de werkelijkheid lag. Tussenin wel leuke nummers gehoord, waarbij je altijd in herinnering moet houden dat deze man het genre zowat uitvond, nog met Bob Marley legendarische platen opnam en vooral als studioartiest de revolutie heeft gepredikt. Maar zelfs ondanks het feit dat we een monument zagen, was het gewoon een sterk concert.
Jammer dat het zondag was, wat mij de kans op een eindeloze afterparty door de neus boorde, maar we komen volgend jaar zeker terug.

Organisatie: Democrazy, Gent

Method Man

Method Man, Streetlife, Cilvaringz & Dj Mathematics, of alles waar hip hop om draait!

Geschreven door

Bij aankomst in de Petrol zat de sfeer er al goed in. Het publiek was duidelijk klaar voor de rauwe en meedogenloze hip hop van de familieleden van de Wu-tang Clan. Overal werd al ‘Method Man’ gescandeerd, maar eerst mochten enkele andere leden van de clan de zaal opwarmen. Daar zorgden Cilvaringz uit Tilburg en tevens de eerste Europese rapper binnen de Wu-tang Clan en Streetlife voor. Typerende Wu-tang Clangeluiden en rauwe beats met hier en daar wat ragga-invloeden zweepten de zaal op en de interacties “Make some muthafucking noise!” en “Are you louder than Amsterdam?” waren eigenlijk overbodig. Het dak van de Petrol ging er zowaar al af en het was definitely louder than Amsterdam !!

Streetlife kon op twee oren slapen, het publiek was klaar voor Method Man, zijn associates en hun beatproducer Dj Mathematics. Om het helemaal te gek te maken gooiden ze er zelfs nog wat nieuwe loeiharde “Technoshit” in.

Method Man, ook een beetje bekend onder zijn echte naam Clifford Smith, maakt deel uit van de Wu-tang Clan. Een hip hop familie die in 1993 opgericht werd in de straten van Staten Island New York, met ondermeer RZA, GZA, Method Man en natuurlijk Ol’ Dirty Bastard. Method Man zijn uitstekende raptechniek en vooral zijn opmerkelijke donkere rauwe stem zorgen ervoor dat Method Man binnen dit collectief een opvallende rol speelt.
Ook Dj Mathematics is binnen dit ensemble geen onbekende. Hij is er de officiële dj,  stond in voor meerdere platenproducties binnen de Wu-tang Clan, waaronder GZA's ‘Beneath The Surface’, ‘Method Man's Tical 2000: Judgement Day and Method Man & Redman’s Blackout’, en tekende de wereldbekende Wu-tang ‘W’. Een teken dat al in afwachting van de start Method Man’s optreden overal onder het Petrolpubliek te zien was en de zaal in de ware Wu-tang Clan sfeer dompelde.
Zware beats met de typische Wu-tangklanken, rauwe hip hoplijnen, het startschot was gegeven. Method Man, Dj Mathematics en entourage kozen resoluut voor de Wu-tangschijven vooraleer eigen werk “When the blood clot” van het solo album ‘Tical’ er door te gooien. Daarna volgde een uiterst geslaagde freestyle-sessie.
Het is geen publiek geheim dat Method Man niet vies is van het groene spul. Een ode er aan mocht dan ook niet ontbreken. En het publiek scandeerde “Roll that shit, like that shit, smoke that shit!” graag en luid mee. Vervolgens werd “How high” ingezet, naar de film waarin Method Man en collegarapper Redman speelden. Er komt trouwens een Part 2 !!
Met “The model” zette Method Man één van zijn persoonlijke favoriete nummers in om daarna vrolijk verder de Wu-tang Clan te vertegenwoordigen. Daarbij mocht tevens een ode aan grootmeester ODB niet ontbreken, maar er ging ook een shout out naar Michael Jackson, Amelia, Eazy E, Tupac, Notorious Big en andere gesneuvelde grootheden uit de hip hopwereld.

Method Man mocht dan, naar eigen zeggen, a little beat up zijn, geen enkel moment verloor het gezelschap op het podium de pedalen. De samenhang, de interactie met het publiek, de oh zo aanstekelijke pompende beats en zweverige Wu-tanggeluiden van Dj Mathematics en de flowende rauwe raps recht van de straat, alles waar echte hip hop om draait !! Het publiek zag dat het goed was en Method Man bevestigde “you are definitely louder than Amsterdam!”. Of course we are!!

Organisatie: Petrolclub, Antwerpen

Novarock Kortrijk 2010: Het eerste festival van het jaar belooft!

Geschreven door

”Zaten jullie ook te wachten op het eerste festival van het jaar? Wij ook !” Met dat statement vatte Kristof Marie Albert Uittebroek van Customs, de tweede groep in de Nova Hall het gevoel en de sfeer op Novarock in de Kortrijkse XPO samen. En dat festivalseizoen belooft.
Novarock staat er. Weer. Eindelijk weer. De negende editie al, maar enkele jaren terug leek het op sterven na dood. Maar enkele weken voor Pasen zijn verrijzenissen nog verrassingen. Hoewel, gezien de affiche kon dit moeilijk mislopen. Zo’n kleine 5.000 festivalgangers – en niet enkel 14-15-jarigen, verre van – kwamen, zagen en hoorden dat het goed was.
Naast de schroeiende Belgische (en zelfs nogal Zuid-West-Vlaams getinte) line-up geeft Nova Rock – naast Comedy - ook enkele beginnende groepen de kans in een Novarockrally die om 16u al de Electrovastage mochten openen.

Novarockrally
Maya’s Moving Castle klinkt goed..als naam. De rest was slecht, vervelend, saai. Haast geen nummers, geen dynamiek. Tja, waardeloze trash en dus dumpen. People of the Pavement (waar Absynthe Minded later nog een nummer zou aan opdragen) had het voordeel na de vorige groep te komen en kreeg meteen het etiket ‘aangenaam’. Een beetje jazzy, maar dan heel breed tot fusion en gipsy swing. Helemaal niet strak, met een gedegen zangeres. Alleen was het al (iets te?) lang geleden dat ze nog on stage stonden. Winnaar van het concours zou Adyssa worden. Een boeket van episch-symfonische rock, een vleugje Coldplay erin, maar in elk geval krachtig en met een zanger vol overgave. Présence en grappig. Een terechte winnaar, al was het close.

Festival
Intussen had SX het festival geopend met hun electro-pop. Een band uit de buurt van Kortrijk die met synthesizers en gitaren van vettig naar opzwepend neigt. Eerst goed vol liep het voor Customs die enkele maanden eerder al hun opwachting maakten in de nabije De Kreun, maar daar een zwakke set speelden, met te veel galm op hun zang. Dat euvel werd intussen uit de wereld geholpen en ze hadden er duidelijk ook meer zin in. In return kregen ze ook de eerste handen op elkaar. En aan hen die in De Kreun waren droegen ze “Talk more Nonsense” op. De Leuvenaars testten met hun wall of sound trouwens meteen de akoestiek van de XPO die toch niet ideaal bleek als je achter de pa kwam te staan.

Reggae Flip
Na SX nog een inboorling na Customs: Flip Kowlier, die net zijn “Moa ban nin” zijn eerste single uit zijn nieuwe cd releaste. De Izegemnaar stapte - op de tonen van de Bolero die hij verder zette in zijn eerste nummer – het podium op in kaki legerkostuum. De reggaelink was meteen gelegd en iets anders zou het publiek – een beetje tegen zijn zin – niet te horen krijgen.
Kowlier had daarbovenop tijdens zijn eerste twee nummers nog wat microproblemen en het kwam een tijdje niet meer echt goed met de verraste aanwezigen. “Moest ik dwo goan vannacht” had iets intiems met het Kurt Weil orgeldeuntje, maar de reactie was lauw, het geroezemoes warm. De West-Vlaming voelde het en stak met “Verkluot” dan maar een oud nummer in een nieuw ska-jasje net voor hij zijn nieuwe single uitgebreid en grappig duetterend met het publiek helemaal uitspon. “Het enige waar we succes mee hebben blijkbaar”, liet hij zich zelf op het podium ontvallen. Tja, aanpassing vraagt tijd als het niet meteen waw is.

Venijn van vermijn
Van dan af was het hinken en spurten in Novarock. The Hickey Underworld en Salvador begonnen op hetzelfde moment en de nieuwsgierigheid bracht ons eerst naar de Kortrijkse onbekenden en hun meegraaiende, symfonische sfeerrock hield ons voor hun podium. Drie stevige mannen – zelfs één in halflange broek - op gitaar voor hun drums geposteerd, het zweepte op. Zonder zang en dat stoorde helemaal niet. Maar zelfs een dankuwel kregen ze niet geuit, want de micro stond uit. Te volgen, al zijn ze nu al zo’n vijf jaar bezig en klagen ze wel over het beperkt aantal kansen dat ze krijgen. Een buitenkansje, dus boeken die handel, trouwens de winnaars van de Novarockrally van vorig jaar !
The Hickey moest na het laatste Salvadornummer dan nog een halfuur spelen, maar gaven er een kwartier voor gepland de brui aan, al vonden we ze sterk bezig toen we de zaal in kwamen. En dat vond men rond ons ook. Het “We want more”, werd echter niet beantwoord. Af en weg, The Hickey.
The Vermins Twins zou wel eens een hype kunnen worden. Micha Volders en Lotte Vanhamel (ja, zus van) is een gekke poppenkast op electrotonen, al eens aangezwengeld met een gitaar erbij. Draaitafels, verkleedpartijen, ADHD-madam en een beat die ondefinieerbaar is maar aantrekt. Al stond er (veel) te weinig volk.

Orgie van noten
De reden daarvoor was natuurlijk hype-of-the-moment Absynthe Minded. Vonden we ze twee weken eerder in de Vooruit in Gent nog strak en weinig interactief, in de Kortrijkse XPO waren ze (en het publiek) onvergelijkbaar. “We zijn in vorm”, gaf Bert Ostyn al meteen mee. En dat was aan de andere kant van het podium insgelijks. En je moet met twee zijn om te dansen, toch zeker met het muziekmateriaal van Absynthe. Ze waren met veel.
Dan was het de beurt aan Balthazar, eveneens met hometown Kortrijk en ergens wel linkbaar aan wat Absynthe maakt, al puren ze steeds meer hun eigen geluid uit. Eigenlijk werd Novarock een soort cd-voorstelling, zonder hun oudere hits te vergeten. Ze stonden er, vier op een rij, de drummer erachter en hadden er meesterlijk veel zin in, tot spijt van een gitaar die in al hun enthousiasme al meteen bewust richting achtergrond geworpen werd. Het illustreerde de adrenaline die door de Electrovastage straalde. Aanstekelijk.

De Kortrijkzanen hielden hun zaal vol, zelfs al was Daan dan al een halfuur aan het performen. Zelden zagen we Daan zo strak, geconcentreerd en geanimeerd aan het werk. De hele band in het zwart, Daan zelf bij momenten met donkere zonnebril (what’s new) en toch heel toegankelijk. De rood beschenen gordijnen op de achtergrond gaven het een kitchy gehalte dat perfect paste, ook bij de nostalgie die af en toe de kop op stak. “The Player” van mijn vorige plaat, ik zing het nog altijd heel graag”. En iedereen hoort het nog graag ook.
Wie van Balthazar de indoorgrasweide van het ECO-festival overstak naar Daan was net op tijd om het collectief orgasme mee te maken met “Victory” (“mijn voetbalhymne die er nooit één geworden is”) en “Swedish Designer Drugs”.
Zijn bis zette hij alleen in met een cover van Buffalo Tom, maar zijn entourage sprong en viel in en dreunde schitterend verder in de “House Wife”-afsluiter waar Daan een vooraanstaande rol gaf aan de gitaren en trompetten, voorwaar een schitterend arrangement dat ontplofte in een orgie van aangename noten.

De ideale dance-opwarmer dus voor de DJ-sets die volgden. Met Magnus riep ‘speedy’ Tom Barman het danspubliek mee op het podium terwijl Murielle Scheire met La fille d’O het beschaafder en minder technobeat hield in de zaal ernaast. En dan moesten Howie en (Lady) Linn, DJ Lotto, Sam De Bruyn (Stubru) nog aan de plaat. Tot diep in de nacht dus…

Het liet de festivalgangers moe achter met nog één drang: aftellen naar de volgende gigs, want dit was alvast een geslaagde opener van het festivalseizoen. Het belooft een hete zomer te worden.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Novarock, Kortrijk

Pagina 838 van 963