logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
avatar_ab_04

The Neon Judgement

The Neon Judgement, niet te stoppen !!

Geschreven door

Dirk DaDavo en TB Frank stichtten The Neon Judgement in Leuven en schudden in 1980 de wereld wakker met hun eerste bommen “Suffering”, “TV Treated” en “Factory Walk”. Dit eerste werk was gedomineerd door synthesizers en drummachines en geïnspireerd door de elektronische muziek van Kraftwerk en Suicide. Daarna kwamen er meer gitaar- en rockinvloeden in meespelen, maar de elektronische beats bleven toonaangevend. Samen met Front 242 stonden ze aan de wieg van een nieuw geluid in dance; EBM of Electrowave. In 1998 hield The Neon Judgement er mee op, maar zowat 10 jaar later herlanceerden ze zich met (een) ‘Smack’ en toeren ze weer met succes. Deze legendarische grondleggers van de Elektrowave of EBM kwamen, zagen (weliswaar weinig door hun zonnebrillen) en walsten de Balzaal van de Gentse Vooruit plat.

Vooraleer we echter aan The Neon Judgement toe kwamen, werden de oren opgewarmd door de vlotte beats van Radical G. Een soloproject van Glenn Keteleer, die begin dit jaar zijn eerste volwaardige album ‘Unleashed’ op de scène losliet. Uit torens vol elektronica, versterkers en keyboards tovert hij een aanstekelijke mix van hedendaagse beats, jaren ’80 melodieën en teksten die lang blijven na zinderen. “Move your hipps honey, don’t be shy…” De bijpassende lichtshow toverde de ruimte om in een ware Balzaal.

The Neon Judgement betrad het podium met droog “Boe!” en trok direct de juiste sfeer op met ‘Smack’, gevolgd door zowaar nieuw werk. Daarna draaiden ze de tijd terug naar ‘Cockeril Sombre’ uit 1982 met “The Fashion Party” en “One Jump Ahead” en naar 1987 met “Chinese Black”, oorspronkelijk van op de 12” ‘A man ain't no man when he ain't got no horse, man’. Even snel katapulteerden ze zich terug naar het heden met “We Are Confused” van op ‘Smack’ uit 2009. Daarna ging het volume en het tempo de lucht in met een snoeihard “Nion” dat het publiek luidkeels mee scandeerde en “Concrete” uit 1981. Ondertussen werd datzelfde publiek getrakteerd op een lichtspektakel, felle stroboscopen en een reeks bijpassende projecties.
De set werd met een pompend “TV Treated” afgesloten om het feestje compleet te maken. Of toch niet, want na een outfit switch van TB Frank verwende The Neon Judgement het publiek met maar liefst vier ‘encores’, waaronder “Leash” en natuurlijk “Tomorrow In The Papers”. Een volmaakte ’80’s avond die nog lang zal na daveren!!

Organisatie: Amusez-Vous

Sensation White 2010 - Be part of the night - dress in white

Geschreven door

Voor de tweede maal op rij was de Hasseltse Ethias Arena het decor voor één van ’s lands grootste dance-events. ‘Sensation White’ was dit jaar terug goed voor meer dan 18000 in het wit geklede feestvierders. De immense omvang, het prachtige decor, de top van de internationale DJ-wereld en de diversiteit van het massaal opgekomen “witte”publiek. Dat alles samen maakt van dit internationaal gebeuren elk jaar een onvergetelijke gebeurtenis.

Martin Solveig
Laurent Garnier, David Guetta, Bob Sinclar, Daft Punk, Vitalic, Justice, … en zo kunnen we nog even doorgaan. De Franse lichting van house en electro  producers is enorm. Daar kan je Martin Solveig ook bijreken. Hij wist de laatste jaren zijn stempel te drukken op de hedendaagse electro-scene. Ook dit jaar was hij één van de hoofdrolspelers op ‘Sensation White’. Hij wist iedere bezoeker te boeien door z’n brede selectie. Zo wist hij zonder moeite Kelis, Justice, Zombie Nation, Daft Punk en zelf Nirvana aaneen te mixen. Zonder twijfel één van de supersterren binnen de house en electro scène …

Megamix en Mr. White zorgden voor de opwarming die ons dan uiteindelijk deed uitkomen bij wat voor ons het hoogtepunt was van de avond, Sebastian Ingrosse. De Zweed die samen met Axwell en Steve Angello de Swedish House Mafia vormt, is één van de grootste opkomende talenten. Zijn grote doorbraak kwam er echter met zijn superhit “Leave the World behind” en dat was meteen ook de trendzetter voor 90 minuten dansplezier. Een man die zich duidelijk zichtbaar volledig gaf en de fans in extase bracht. We zagen hem vorige zomer aan het werk in zijn ‘bijna thuisland’ Ibiza en we konden op de editie van ‘Sensation’ merken dat de Ethias arena en de ‘Pacha’ dichter bij elkaar liggen dan je zou vermoeden. Daar zorgde de man voor die duidelijk geen uitdaging uit de weg ging. “Smack my bitch up” van The Prodigy was één van de hoogtepunten … Wij zijn fan!

Sander Van Doorn
We kunnen het wel eens hebben over de invloeden uit Berlijn en Parijs op de hedendaagse house-music maar rond de invloed die onze noorderburen hebben op de hedendaagse house-scene kunnen we ook al lang niet meer heen. Marco V, Tiësto, Armin van Buuren, Ferry Corsten, … één voor één grote namen. Voeg daar maar de relatief jonge (31jaar) Sander van Doorn aan toe. Hij staat niet voor niets in het rijtje van de tien beste DJ’s ter wereld. Hij mocht de editie 2010 van ‘Sensation’ in Hasselt feestelijk afsluiten. Hij wist de schijfjes te vinden (Wippenberg, Monolythe, Marco V, …)die volledig in het thema van ‘Sensation’ thuis hoorden en duwde de witte menigte zo mogelijk nog dieper in een witte roes.
Deze editie kende een ideale afsluiter met deze internationale topdj. Zoals het hoort!

We mogen ervan uitgaan dat deze editie van Sensation White, de zesde in ons land terug een succes genoemd kan worden. Een praatje slaan met een vriendelijke Noor en even daarna een Portugese sjaal in je gezicht gegooid krijgen.
Sensation white 2010 was nog meer dan ooit een internationaal event waarbij iedereen elkaar vindt in een sprookje dat volledig wit kleurt. Het is uitkijken naar de volgende editie. Volgend jaar, of voor de liefhebbers, in april slaat Sensation hun tenten op in Brazilië en Chili om dan uiteindelijk op 3 juli terug te keren naar hun roots, Amsterdam.

Organisatie: Sensation White + ID & T

Jacques Dutronc

Jacques Dutronc: tegendraadse charmante gastheer

Geschreven door

Vorst Nationaal liep vrijdagavond aardig vol voor de komst van de Franse chansonnier/rockster Jacques Dutronc, die sinds het begin van dit jaar met zijn best-of tour door Frankrijk en België trekt. Mogelijk is dit ook zijn laatste ooit, want Dutronc is geen écht podiumbeest: zijn laatste optreden dateert van 1993 en toen was het reeds twintig jaar geleden dat hij nog live aan het werk te zien was. Dutronc, 66 jaar ondertussen, trekt zich liever terug op het eiland Corsica waar hij klusjes opknapt voor zijn eega Françoise Hardy (Tous les garçons et les filles…) en geniet van het paradijselijke dolce far niente met zijn Corsicaanse vrienden.
Geen doorgedreven muzikaal parcours dus, maar Dutronc profileert zich sinds begin jaren ’70 wel als acteur. Hij heeft reeds 39 films op zijn palmares en werd daarvoor ook bekroond met een César. Zelf minimaliseert Dutronc zijn succes, op zijn gekende nonchalante manier: zanger worden was geen grote ambitie en acteur worden al evenmin. Zijn volledige carrière zou hij te danken hebben aan toevalligheden en veel chance. We wisten dus niet goed wat te verwachten van zijn deze avond…

Een spot vestigt de aandacht op Jacques Dutronc zittend in een leren zetel, volledig in het zwart uitgedost, inclusief leren vest en zonnebril (never change a winning team…). Na een kort intermezzo waarin hij met plezier zijn terugkomst naar België benadrukt, zet hij de tonen in van het aanstekelijke Et moi, et moi et moi, titelsong van zijn eerste plaat uit 1966. Het eerste wat opvalt: de stem van Dutronc klinkt nog net zo krachtig en standvastig als 40 jaar geleden! De whisky’s en sigaren (Dutronc staat bijna altijd afgebeeld met sigaar in de mond) hebben duidelijk geen schade toegebracht. De eerste nummers, o.a. On nous cache tout, on nous dit rien en La fille du père noël  zijn simpelweg ouderwetse rocknummers met zware baslijn, obligate gitaarsolo’s en achtergrondzangeressen. Naïef en gedateerd misschien in deze postmoderne tijden, maar niemand blijft onberoerd bij zoveel ritme en melodie en de zaal danst gewillig mee. Niet vergeten dat deze Franse rockabilly-muziek erg populair was in de jaren ‘60 (zie ook Johnny Halliday en Eddy Mitchell) en het net deze muziek was waarmee Dutronc zijn eerste muzikale stappen zette (zijn eerste EP bracht hij uit met een groep genaamd El Toro et Les Cyclones, vrij gebaseerd op The Shadows…).
Dutronc schuwt in zijn muziek humor en zelfspot niet, zoals in L’Opportuniste en de schlager Gentleman cambrioleur en L'hymne à l'amour (moi l'nœud). Aan het laatste nummer schreef ook Serge Gainsbourg mee. De Franse zanger en producer Etienne Daho was voor de gelegenheid afgezakt naar Vorst om het duet Tous les goûts sont dans ma nature luister bij zetten, een nummer dat in 1995 werd opgenomen voor de cd Brèves Rencontres waaraan ook Dutronc’s zoon Thomas meewerkte (deze is zelf ook een succesvol artiest, zijn laatste album verkocht 400.000 exemplaren).
Het eerste hoogtepunt van de avond was ongetwijfeld de ballad J’aime les filles, uit luide borst meegezongen door het publiek. Een aantal koppels waagt zich zelfs aan een slow voor het podium, zodat we het gevoel krijgen deel te hebben aan een t dansant. Het nummer wordt onderbroken door een in een rood avondkleed gehulde vrouwelijke dwerg die, provocatief zoals Dutronc is, een aantal flauwe Belgenmoppen komt vertellen (dit tegen de zin van het publiek die de moppen blijkbaar maar matig kan appreciëren…). Zijn liefde voor l’île de beauté bewijst Dutronc wanneer de vrouw hem een Corsicaanse vlag aanreikt én een Belgisch bier, waarop Dutronc repliceert dat hij toch een voorkeur heeft voor het Corsicaanse bier (waarop het publiek alom weer begint te rommelen).
Maar Dutronc zou Dutronc niet zijn als hij hierop niet al zijn charmes in de strijd gooit: hij breidt voort op J’aime les filles en past het refrein aan in J’aime les filles de Bruxelles; hij gaat op dit élan door met Les Playboys. Dutronc toont zich ook een ware crooner met het nummer Le petit Jardin, en kan gemakkelijk naast Tony Bennett staan (het idee is ooit gegroeid, maar nooit uitgevoerd, om met Tony Bennett een cd op te nemen). Twee gitaren en een fluit begeleiden Dutronc bij Paris s’éveille, waarschijnlijk zijn meest gekende nummer en tweede hoogtepunt van de avond. Nooit is de ochtendlijke bedrijvigheid in een stad zo mooi beschreven en bezongen als in Parijs….
Dutronc sluit af met een bombastisch Merde in France (Capaboum), waarin ook een tapdanser figureert. Hij komt nog eens terug en brengt, om één of andere reden andermaal, Et moi, et moi, et moi, aanvankelijk solo op gitaar, vervolgens komt de ganse band het nog eens overdoen, wat het naar het einde toe net iets te langdradig maakt.

Jacques Dutronc deed dus wat er van hem verwacht werd: hij bracht, als tegendraadse maar toch charmante gastheer, met overtuiging zijn grootste hits (quasi alle uit zijn beginjaren), met een professionele, perfect op elkaar ingespeelde band. Jammer dat  er sommige klassiekers ontbraken (o.a. Mini, mini, mini) en Dutronc geen meer intimistisch moment inlaste met zijn gitaar (hij is zelf ook een begenadigd muzikant).
Ps: voor de afwezigen … Jacques Dutronc kan je nog eens aan het werk zien in Vorst Nationaal op 21 mei 2010.

Setlist
Et moi et moi et moi, Onnous cache tout, onnous dit rien, Commentellesdorment, Qui se soucie de nous, La Fille du Père Noël, L'Opportuniste, Gentleman cambrioleur, L'Hymne a l'amour (moil'noeud), Le plus difficile, Sur unenappe de restaurant, Tous les goûtssont dans ma nature, J'aime les filles, Les Playboys, Fais pas ci, fais pas ça, Madame l'Existence, Les cactus, Le Petit Jardin, Il est cinqheures, Paris s'éveille, La Compapade, Merde in France
BIS: Et moi et moi et mo

Organisatie: C-Live, Lux

Katzenjammer

Het is altijd lente met … Katzenjammer

Geschreven door

De vier Noorse deernes uit Oslo, Katzenjammer en de organisatie van Folkdranouter hebben een mooi pact gesloten. Drie keer op 1 jaar tijd wordt de leuke, vrouwelijke bende gecontacteerd! Katzenjammer debuteerde met een wonderlijk frisse, sprankelende en pakkende plaat ‘Le Pop’ en bepaalde vorig jaar mee de feestvreugde op het Festival.
Hun zaalconcert zorgde voor een eerste lenteprik en eind april kunnen ze nog de zandkorrels doen opwaaien met hun concert op Dranouter-aan-zee. De vier vrolijke meiden in de roodwitte bloemetjes- en spikkeljurkjes dompelden, in een stemmenpracht, hun eigenwijze en gevoelige folkloristische Scandinavische muziek onder in een onstuimige mix van klezmer, mariachi, hoempa, circusdeunen, zigeunermuziek en bluegrass.
Hun kattengejank is iets aparts … een sound van huppelende melodieën, cabaretier en jaren ’30 vaudeville door een divers, afwisselend instrumentarium van accordeon, banjo, mandoline, trompet, balalaikabas, klokkenspel, drums, piano en toetsen. Soms zijn het zeemansliederen, in whisky gedrenkte folk, cowcountrypunk of druipt de dramatiek ervan af. Katzenjammer brengt Kaizers Orchestra, Dresden Dolls, Tunng, Pogues en Tom Waits tesamen.

Ze speelden meer dan anderhalf uur lang een set van verschillende sfeerscheppingen. De dames zijn multi-instrumentalisten, wisselden van instrument alsof het een peulenschil was en straalden een enorm enthousiasme uit.
Meteen zat de sfeer erin met aanstekelijke, trippende, dansbare, zwierige nummers, “Der kapitan”, “Le pop” en “Tea with cinnamin”, dé triggers die inwerken op de dansspieren. De vaardige nummers gaven een soort French Can Can gevoel. Probleemloos veranderden ze van instrument, of speelden ze twee instrumenten tegelijk (waaronder de gitaar, trompet en drums), boden elkaar vocale ruimte of nét vloeiden hun stemmen in elkaar over. “Mother Superior” deed ons zelfs hollen naar een plaatselijk circus van een zigeunerbende.
Katzenjammer toonde ook z’n andere kant …een gevoelsmatige sfeer hadden we met “Virginia Clemm”, “Lady Marlene” en “Wading in deeper”, die intiem en intens sfeervol klonken door de warme klanken, de spaarzame begeleiding, het klokkenspel en de vocale pracht.
Ze trokken richting Antwerpse kaai/ cabaret / vaudeville en hadden onderhuids iets van de Andrew Sisters in “Shephards song”, “Cherry pee” en “Play my darling, play”. “Hey ho on the devil’s back”, later in de set, bracht de broeierige intensiteit van het Katzenjammer Kabaret ten top en was nauw verwant aan Amanda Palmers Dresden Dolls. De frivole dames stonden dicht bij elkaar en gaven de songs een handige verrassende draai door het getokkel op mandoline, banjo, akoestische gitaar en die speciale bas. En tot slot overladen ze ons met hun blijdschap in de uptempo meezingliederen “Demon Kitty rag”, “To the sea”, een pastiche op Genesis “Land of confusion” vs ‘Zorba de Griek’en het nieuwe “Listening”.
Zo zie je maar hoe origineel, gevat en creatief ze te werk gingen op hun instrumenten en hoe ze hun publiek (verleidelijk) entertainden. Het donker bezwerende, gospelneigende “God’s great” breidde er nog een leuk staartje aan.

Zoals we wel konden verwachten, werden de dames op handen gedragen en hoorden we nog een snedige, gedreven bis van een tweetal cowcountry/folkpunknummers, “Gypsy flee” en “A bar in A’dam”, waarmee het kwartet vorig jaar de aandacht trok binnen onze regionen.
Katzenjammer was een schot in de roos, de aanstekelijke trigger om er nu eens een mooie lente van te maken …

Organisatie: Folkdranouter, Dranouter

The Four Tops vs The Temptations

The Four Tops – The Temptations: memorabel duoconcert van Tamla Motownlegendes

Geschreven door

Op vrijdagavond 12 maart zat het Kursaal van Oostende tot de nok gevuld voor een spetterende Tamla Motownshow. Stipt om 20.00 u kregen we The Four Tops te horen en na de pauze was het de beurt aan The Temptations. Het was drie jaar geleden dat beide groepen België aandeden en de lovende kritieken van de vorige passage hadden er voor gezorgd dat het concert uitverkocht was.

Deze twee legendarische groepen voorstellen hoeft haast niet. Ze waren allebei op hun manier uiterst succesvolle componenten van de Tamla Motown hitmachine in de zestiger en zeventiger jaren. De vraag was of zij deze reputatie ook zouden kunnen waarmaken op het podium: van beide groepen is namelijk slechts maar één origineel lid meer overgebleven. Vooral voor The Four Tops betekent dit een handicap: ze slaagden er bijna vier decennia in met dezelfde samenstelling op te treden, en het is waar: zonder het zo specifieke stemgeluid van de overleden leadzanger Levi Stubbs klinkt de groep toch wel even anders. Maar desalniettemin slaagde de huidige bezetting er in het originele geluid goed te benaderen, zij het dat we de opzwepende Motown snaredrum moesten missen.

Bij
The Temptations wisselde de samenstelling nogal eens over de jaren heen, maar men bleef de “legacy” trouw door dezelfde arrangementen, dezelfde danspasjes en dezelfde gimmicks te gebruiken als jaren geleden. En baszanger Joe Herndon wist met zijn bijdrage de imitatie van het typische Temptations-geluid op verbluffende wijze te vervolmaken. 

Beide groepen werden begeleid door een tiental topmuzikanten die alles van de partituur afspeelden. De blazers klonken heel zuiver en goed georchestreerd. Er was hier duidelijk niet beknibbeld op het budget ten koste van de kwaliteit. Het viel mij wel op dat de meeste muzikanten blank waren. Een beetje vreemd voor het optreden van twee zwarte groepen...
Maar beide shows sloten heel goed bij mekaar aan en zelfs de setlists leken op mekaar afgestemd: er werd telkens een “greatest hits”- revue ten gehore gebracht, afgewisseld met enkele bekende ballads, om daarna naar een denderende climax toe te werken. Wat mij wel stoorde waren de flauwe prestaties van de zangers tijdens de eerste nummers. Onvoldoende gesoundchecked, of gewoon een slecht afgeregelde klankbalans ? Wie zal het zeggen? Feit is dat alles uiteindelijk telkens goed kwam vanaf de tweede helft van beide shows. De synchronisatie van de bewegingen van The Four Tops was niet zo goed: op sommige momenten stond iedereen zo maar wat te bewegen en met de handjes te wapperen. The Temptations hadden hun danspasjes duidelijk beter ingeoefend en dat kon het publiek warm appreciëren.

Al bij al dient gezegd dat het twee geslaagde optredens werden, perfect opgebouwd, met prachtige gepolijste stemgeluiden en goed uitgekiende en ingestudeerde danspassen. De kostumering was in orde, met alle nodige glitter die past bij zo’n soort concert. En ja: de meezingmomenten voor de zaal en het GSM gezwaai waren voorspelbaar. Maar dat neem je er graag bij, zeker als je een vol Kursaal spontaan ziet rechtspringen om “My girl” uit volle borst mee te zingen…
Wat een schril contrast met de fake playbackshow van Demis Roussos enkele maanden geleden in hetzelfde Kursaal!

Organisatie: Kursaal Oostende, Oostende

Triggerfinger

Triggerfinger triggert een rock’n’roll feestje

Geschreven door

De Belgische groep van het moment is ongetwijfeld Triggerfinger, het trio Ruben Block, Mario Goossens en Monsieur Paul. De festival organisatie en de muziekliefhebber is de komende zomer gewaarschuwd …

Sinds het laatste meesterwerk ‘All This Dancin Around’ van november 2010, zijn ze niet meer weg te slaan uit de reeks hitlijsten. Ze staan o.m. nu al 3 weken op rij nummer 1 en 2 in de Afrekening van Studio Brussel. Eerder dit jaar gingen ze nog met een MIA lopen voor ‘Beste Groep” en ging Mario Goossens (drummer) met de MIA voor “Beste Muzikant” aan de haal.
Triggerfinger staat vooral bekend om hun indrukwekkende live optredens. Met die reputatie in het achterhoofd waren ook wij uitermate benieuwd of ze het konden waar maken, en vooral hoe de nieuwe nummers live zouden klinken. Hooggespannen verwachtingen dus in een volgelopen Vooruit …

Opwarmer was
The Union, een nagelnieuwe Engelse rockband rond Luke Morley (voormalige gitarist bij Thunder) en Peter Shoulder (zanger van het gesplitte Winterville). De muziek die de heren speelden, was een mengelmoes van rock en blues, gedragen door een rauwe stem. Ik zelf was er niet erg van onder de indruk, niet dat de nummers rommelig of slecht waren, maar ze hadden net niet dat beetje extra om te kunnen blijven boeien.

Na het voorgerecht, ‘the real stuff’ … Triggerfinger … De Antwerpse heren in maatpak openden voorzichtig met “Feed Me”, maar vanaf “On My Knees” was het duidelijk dat de zaal bij de zaak was … volledig loos gaan op real rock’n’roll!
Naarmate de set vorderde, bleek dat ze een erg goed op elkaar ingespeeld trio waren, een goed geoliede machine waar de passie écht van hun gezichten droop.
Dat zanger/gitarist Ruben Block een vrouwelijke fan zo ver kreeg een stagedive te wagen, bewees nog maar eens dat hij een meester is in het publiek naar zijn hand zetten. De dolenthousiaste fan ging de volledige zaal rond tijdens de huidige succesvolste nummers, “Love Loste In Love” en “All This Dancin Around”, die nog meer elan kregen door een uitmuntende drumsolo van de talentrijke Mario Goossens. Ondertussen waren we al voorbij halfweg toen ze nog een knaller van formaat("Is It”) op de massa afvuurden …

Na goed anderhalf uur kwam er een eind aan de erg opwindende set. Triggerfinger toonde en bewees dat ze tot de absolute top in hun genre behoren. Dit is ‘goddamned real good rock’n’roll’.

Playlist: 1. Feed Me 2. On My Knees 3. Short Term Memory love 4. Lil Teaser 5. My Baby's Got A Gun 6. Camaro 7. Hunt You Down 8. Love Lost In Love 9. All This Dancin Around 10. First Taste 11. Is It 12. I'm Coming For You 13. All Night Long 14. Cherry 15. Let It Ride 16. It Hasn't Gone Away

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Democrazy, Gent

Katzenjammer

Le Pop

Geschreven door

Een leuke bedoening lijkt het wel als je de plaat van de Noorse dames van Katzenjammer heb beluisterd … wat staat voor opgewekt kattengejank. De vier deernes brengen soorten folkmuziek (klezmer, mariachi, hoempa, circusdeunen, zigeunermuziek, bluegrass) tot een onstuimige mix. Het geheel klinkt overwegend aanstekelijk, fris, zwierig onder hun stemmenpracht, maar we horen in een paar nummers de melancholie van af druipen: “Virginia Clemm” en “Wading in deeper” dompelen ons in een sfeer van weemoed, zijn een jaren ’30 vaudeville stijl of geven een cabaretier indruk.
Maar Katzenjammer brengt vooral huppelende songs door een divers, afwisselend instrumentarium van accordeon, banjo, mandoline, trompet, drums, balalaikabas, klokkenspel, piano en toetsen. Soms zijn het zeemansliederen, in whisky gedrenkte folk, cowcountrypunk of druipt de dramatiek ervan af.
Katzenjammer brengt Kaizers Orchestra, Dresden Dolls, Tunng, Pogues en Tom Waits tesamen. Het is dansbaar genieten van hun materiaal: “A bar in A’dam” (dat overigens helemaal niet over A’dam gaat!), “Tea with cinnamon”, “Ain’t no thang” en de titelsong; en met “Hey ho on the devil’s bank”, “Play, my darling, play” en “To the sea” hebben ze aanstekelijke triggers om de lente in te halen …

Sweet Coffee

Face to Face

Geschreven door

Het kleurrijke charismatische Antwerpse gezelschap Sweet Coffee, onder Raffaele Brescia en Patrick Bruyndonx, zijn al toe aan hun vierde cd, na ‘Memory lane’, ‘Perfect storm’ en ‘Naked city’. Op de platen horen we zwoele, sensuele, exotische jazzy soulpophouse. Op ‘Face to Face’ moesten ze verder zonder de mooi ogende zangeres Bibi Diabokua, die de klemtoon op haar gezinsleven legde. Hun zomerse sound werkt aanstekelijk op de dansspieren, is de helende cocktail bij stress en spanningen en roept beelden op van kuuroorden en Miami stranden. Hun sound is iets aparts en zorgt samen met de andere Belgische artiesten en bands Arsenal, Delavega, Buscemi en Sven Van Hees voor het zonnetje in huis. Sweet Coffee nestelde zich de voorbije jaren tussen een Everything but the girl, Sade en Axelle Red on beats door de broeierig dansbare groove en zalvende beats van jazz/funk/soul, latin, trippop en lounge; op de laatste cd komen ze in de buurt van Groove Armada en door de ganse rits guestvocalisten refereren ze aan Basement Jaxx en – opnieuw –Arsenal. De nauwe samenwerking geven de songs een eigen timbre door het stemgeluid en identiteit.
Er is sprake van verschillende sfeerscheppingen: van een bezwerende groove van “Where do we go” en “U-turn” gaat het naar “Survive”, Buscemi latindance tot de dromerige, broeierige “Beautiful people” en “See myself in you”, die ons volledig doen wegdromen. Een lounge oase creëren ze met het sfeervolle, ingehouden “Out of the death”, die door de strijkers beelden van een kamelentocht aan de Egyptische piramides of van ‘Kuifje in de woestijn’ oproepen. En je ziet zo glimlachende gezichten voor je op de relaxt voelende single “Daylight” en Maxi Jazz en Faithless flitsen even voorbij in schitterende versies van “Alone”, “Drops of rain” en “I don’t think so”. En tot slot deint de sound op de instrumentale titelsong. Een leuk vervolg horen we nog op de reggae/ragga/dancehall van de klassesong “Tomorrow”.
Sweet Coffee is een multi- culturele band die leuke, ontspannende groovende pop brengt, coherent en dansbaar.

Isbells

Isbells

Geschreven door

Het uit Leuven afkomstige Isbells is te situeren ergens tussen Bon Iver, Iron & Wine, Kings of Convienence, Band Of Horses en Fleet Foxes; ze debuteren met negen songs die stemmige pop bieden. Zelf dwarrelen ze graag in de muzikale leefwereld van Elliott Smith, Nick Drake en José Gonzalez. De single “As long as it takes” was in de donkere dagen de gedroomde kerst-, haard- en kampvuursong.
Isbells is het project van Gaëtan Vandewoude, die als gitarist deel uitmaakt van het relatief onbekende Soon; Naima Joris en Bart Borremans staan Gaëtan bij en live vult een vierde man aan.
Het kwartet brengt de Amerikaanse alt.country/americana, folk en sing/songwriting binnen ons muzikaal landschap. Naast het instrumentarium van akoestisch ingehouden gitaren, een licht en sobere elektrische gitaar, mandoline, steelpedal, toetsen en spaarzame jambeetics, gaat de aandacht naar het stemgenre en –timbre van zachte, zalvende, meerstemmige en hemelse vocals, aangevuld met obligate ‘oohoohs’ en ‘hoohoos’.
Het dromerig, beklijvende materiaal van hun titelloos debuut klonk uiterst gevoelig: pareltjes van songs die ze in een herfstig klankpalet opentrokken. “Without a doubt” klinkt uiterst sfeervol, “Dreamer” en “Reunite” worden meer opengetrokken, spaarzaam en broos houden ze andere songs, “Maybe”, “Time is ticking” en “I’m coming home”. “B.B. Chevelle” besluit op intieme wijze de cd.
Isbells zorgt voor eenvoudig doeltreffende, straffe songs en heerlijke zanglijnen. Een puur, oprecht, eerlijk, spannend en broeierig geluid. Isbells: Vlaamse Band met Grootse Toekomst …hun flikkerlichtjes pop is te koesteren! Knetterend haardvuurmuziek noemt zoiets …

Drive By Truckers

The big to-do

Geschreven door

Nogal een productieve bende, deze Drive By Truckers. ‘The big to-do’ is al hun elfde plaat in evenveel jaar en wij zijn de eerste om u te vertellen dat er bij hun nu al indrukwekkende back catalogue geen of weinig kaf tussen het koren zit. Hun voorlaatste studio album, het even fameuze als ambitieuze ‘Brighter than creation’s dark’ (19 songs, beste mensen !) dateert van 2008. Het jaar daarop kwamen ze aanzetten met ‘Fine Print’, een fijne collectie rarities en b-kantjes, en ook nog eens met een live album ‘Live from Austin Texas’. Tussendoor heeft frontman Patterson Hood leukweg het voortreffelijke solo album ‘Murdering Oscar’ ineengebokst. U merkt het, die gasten hebben niet stilgezeten.
Door zo’n productiviteit is, hoe kan het ook anders, de sound nu al redelijk vertrouwd geworden en wordt het dus aartsmoeilijk om nog verrassend uit de hoek te komen. En dat is ook zo op ‘The big to-do’, een album dat niet de geschiedenis zal ingaan als DBT’s beste (daarvoor moet je bij  ‘Southern rock opera’, ‘The dirty south’ of ‘Brighter than creation’s dark’ zijn), wel één waar nog maar eens beresterke songs op staan in goeie ouwe rock- en americana traditie. Neem nu het lekker voortdrijvende “The wig he made her wear” waar Patterson Hood in zijn typische vertelstijl doorheen floreert, of de denderende rock’n’roll song “Get downtown” waarbij men zich spontaan een ritje in een onvervalste fifties cadillac voorstelt met in de passagierszetel een wulpse dame met opgestoken kapsel die zin heeft in feesten en de aangename geneugtes die daar wel eens zouden kunnen op volgen. Voorts zijn er de stevige voortrollende classic rocksongs als “Drag the lake Charlie” en “After the scene dies”. Een aangenaam buitenbeentje is “You got another”, een scherpe ballad die gedragen wordt door de ijle stem van bassiste Shonna Tucker.
‘The big to-do’ is gewoon een fijne staalkaart van waar Drive By Truckers voor staan, niks meer, maar vooral ook niks minder.

Pagina 840 van 963