logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Gavin Friday - ...

Kurt Vile

Kurt Vile & The Violators - Koning van de kabbelrock

Geschreven door

Kurt Vile & The Violators - Koning van de kabbelrock

Enkele maanden geleden schreven we nog over Kurt Vile’s jongste album ‘Watch My Moves’: ‘Het glijdt inderdaad bevredigend en gemoedelijk voorbij, maar hier en daar een plotsklapse stroomstoot was toch wenselijk geweest’.
Wel, die stroomstoten waren aanwezig vanavond, een eerste keer in een vlijmscherp rockend “Check Baby”, iets verder in een fenomenaal “Wakin On A Pretty Day” waarin Vile de meest geniale elektrische solo uit een akoestische gitaar toverde (ik weet het, klinkt raar maar hij deed het) en naar het einde toe in een een bruisend “Hunchback”. Gitaren in overdrive, het kan ook al eens bij Kurt Vile, er schuilt ergens wel een Jay Mascis in hem.
Verder liet de sympathieke sloddervos zich van zijn lichtere maar uiterst genietbare kant bewonderen, namelijk die van een begenadigd songwriter die schijnbaar achteloos een handvol pareltjes uit zijn losse pols schudde.
Ongeslepen diamanten van songs als “Bassackwards”, “Hey Like a Child”, “Flyin Like a Fast Train”, “Like Exploding Stones” en “Pretty Pimpin”, met zijn allen dwarrelden ze losjes en aanstekelijk door de set. In “Runner Ups” deed hij het trouwens in zijn dooie eentje op akoestische gitaar, een prachtig en intens momentje.

Steeds hing die kenmerkende nonchalance over zijn songs, Vile’s gitaarspel klonk rommelig en fijntjes tegelijk, zijn vocals knoeierig maar rechtuit en zijn bindteksten onbezonnen maar steeds spontaan. Allemaal eigenschappen die door het publiek fel gesmaakt werden. Een publiek dat wel houdt van gitaren, maar niet uit is op spierbundelsolo’s en rockvedette-allures.
Vile is het soort muzikant die van slordigheid een gave maakt, zijn gitaarspel klinkt als Mark Knopfler die zijn best doet om toch maar niet te netjes te klinken, als Peter Green die de blues even links links laat liggen om nieuwe oorden op te zoeken, als Steve Gunn die de teugels wat losser laat of als Chris Forsyth die de notenladder iets minder freaky beroert.

Op zijn laatste plaat blijft Kurt Vile naar ons gedacht een beetje teveel op hetzelfde toontje voortkabbelen, maar op een podium verheft hij die kabbelrock tot een kunst. Waarmee wij hem maar meteen tot Koning uitroepen.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Subatomic Strangers

Subatomic Strangers - Albumvoorstelling ‘Special satellite’ luidt een veelbelovende band in

Geschreven door

Subatomic Strangers - Albumvoorstelling ‘Special satellite’ luidt een veelbelovende band in

Na vier singles was het tijd om hun full album ‘Special Satellite’ voor te stellen. Niets was aan het toeval overgelaten en alles ging door in de concertzaal Tranzit, Kortrijk. Een moderne hedendaagse zaal. Daarvoor hadden ze ook twee bands uitgenodigd om het publiek op te warmen.

De eerste band was de Brusselse electrowave band Partikul. Drie jaar geleden opgericht door het duo Aly en Stef. Stef doet zang en gitaarlijnen, Aly zang en de synths. Ze wisselen elkaar dus af in de vocals wat variatie met zich mee brengt. Met mooie harmonieuze lijnen, goed gebracht, soms wat statisch maar wel moet volle overgave. Ik herken er elementen van The Soft Moon, The Smiths of Boy Harsher in. Een heel geslaagde opener.

De tweede band was het Nederlandse gezelschap Light By The Sea. Op het podium een zeskoppig ensemble maar de kern van de band is het koppel Eszter Baumann en Davy Knobel die de nummers componeren. Deze band blaakt van ambitie, ze willen o.a. in Paradisio spelen, en je hoort dat dit geschoolde muzikanten zijn. Hun muziek is eclectisch en bevat psychedelische passages verweven in pop en rocksongs. De opener van de set bijvoorbeeld doet qua zang aan Clannad denken maar muzikaal dan weer psychedelischer. Opvallend was hun cover van “Love Like Blood” van Killing Joke. Toch wel gedurfd moet ik zeggen. Een pluim voor zangeres en bassist maar de rest speelde ook op een hoog niveau. Het was een beetje een wervelwind met hier en daar tussenin wat luwte.

Uiteindelijk was het aan de band waar het allemaal om te doen was: Subatomic Strangers. De band uit het Roeselaarse maakt iets tussen fmrock, pop, en wave in.  Voor een vijftigtal mensen klommen ze het podium op. Het mochten er gerust wat meer geweest zijn maar er was dit weekend veel concurrentie van andere evenementen.
Ze openden met de het mooie “Enough of You”. Zangeres Sharon Braye heeft een heel krachtige stem in de diepere regionen. Wanneer het register omhoog gaat moet ze er wel voor werken. Maar voor de rest een goede en mooie stem. Tevens staat ze ook aan de keys/synths. Nu en dan zong ze ook eens zonder dat ze op de synth speelde en had ze wat meer beweegruimte. Je merkt dat ze soms nog wel eens naar haar houding zoekt op het podium. Niet nodig nochtans, want haar prestatie was dik in orde.
Ze speelden een set van een dikke twintig nummers. We onthouden “Up Here Alone” gezongen door de drummer en het klonk heel spacy. Het deed mij wat aan Porcupine Tree denken. Ook in “Special Satellite” zaten wat spacy elementjes verweven. “Final Fantasies” dat wat gewaagder klinkt dan de rest kon ik zeer goed smaken. Ik zou zeggen: meer van dat. Ook “Fool” werkt goed live en de set was mooi opgebouwd.
Ook de muzikanten speelden elk op hun best.  Ook zat er een fijn instrumentaal nummer tussen. “Pretty Faces” bevatte een leuk thema. De set werd afgesloten met “Troubled Mind”. Een nummer dat er echt wel staat. Daarna was het de beurt aan de bisronde.

We zagen drie jonge veelbelovende bands voor de prijs van één. Een geslaagde muzikale avond met de nodige afwisseling.

Org: Tranzit, Kortrijk ism Subatomic Strangers

Zingem Beeft 2022 - Standhouden en veel meer dan dat

Geschreven door

Zingem Beeft 2022 - Standhouden en veel meer dan dat
Zingem Beeft 2022
De Mastbloem
Kruisem
2022-09-17
Filip Van der Linden

Het ene concert na het andere festival wordt afgelast. Net nu het na corona opnieuw allemaal mag en kan is er de inflatie en de energiecrisis. Mensen denken twee keer na voor ze een ticket kopen. Geef ze eens ongelijk. De voorbije jaren hebben ze almaar tickets besteld voor evenementen die uitgesteld of afgelast werden. En nu wordt er opeens heel veel tegelijk georganiseerd, terwijl er behalve concerten nog veel andere feestjes moeten ingehaald worden.
In die omstandigheden mag Zingem Beeft een pluim op de hoed steken om niet alleen stand te houden, maar ook nog eens de helft meer publiek te lokken dan vorig jaar. Over de affiche zal elkeen wel wat te zeuren hebben, maar als organisatie liep alles op wieltjes. Zelfs het uurschema werd netjes aangehouden.

Zingem Beeft zat bovendien in een nieuw jasje, met een nieuwe locatie en een nieuwe datum, want dit indoorfestival ‘verhuist’ op de agenda van november naar half september. Tegelijk blijft de organisatie trouw aan zijn formule met een doorsnede van de beste metal die België momenteel te bieden heeft, verdeeld over zes bands en tegen een bescheiden ticketprijs.  Omdat de vorige editie uitverkocht was, wordt dit indoorfestival voortaan nog een maatje groter en is er de verhuis naar De Mastbloem in Kruishoutem (Kruisem).
Het is daarbij heel jammer dat de eerst aangekondigde headliner Spoil Engine verstek moet geven. Het had mooi geweest om die Belgisch-Nederlandse band in Kruisem aan het werk te kunnen zien met de nieuwe zanger(es), maar dat zal voor een volgende editie zijn.

Op tijd komen is een mooie deugd. Wie dat bij Zingem Beeft deed, kreeg Patroness als aperitief. Deze band uit het Antwerpse is nog maar sinds 2019 actief en verwerkt doom en black metal tot een eigen sound. Deze band bracht eerder dit jaar het album ‘Fatum’ uit en dat album vormde de hoofdmoot van de set in Kruisem, aangevuld met “Dominae”, een track van hun eerste demo. Sterke nummers en de band speelde zijn set heel nauwkeurig en tegelijk met veel agressie. Het is bij Patroness zanger Guy die met de meeste aandacht gaat lopen. Een geboren entertainer en een man van het grote gebaar. Hoewel het niet eens zo warm was in De Mastbloem stond hij al snel in bloot bovenlijf en dan kwam er nog een (ander) zwembandje aan te pas. Misschien was er in de lyrics iemand aan het verdrinken, maar wat de bedoeling daarvan was, werd niet meteen duidelijk. Maar het is een formule die werkt. Het reeds aanwezige publiek werd naar het podium gezogen en bleef daar in de ban van deze master of ceremonies. Hij dankte hen uitgebreid om al zo vroeg aanwezig te zijn en dan ook nog eens ‘niet weg te lopen naar de toog. Fijne band. Hier willen we nog meer van zien en horen.

Stories From The Lost brengt postmetal met een progressieve toets, en met zuinige maar puntige bindteksten . De band uit Zottegem draait al een hele tijd mee en bracht al vier albums uit. Daarvan is ‘Alternate Endings’ uit 2020 het meest recente. Dat album vormde de hoofdmoot van de set in Kruisem, met aan het einde nog een oudere track, “The Haze”. Deze band werkt al even aan ideeën voor nieuwe nummers, maar daarvan kregen we nog niks te horen op Zingem Beeft. Stories From The Lost was op Zingem Beeft misschien niet de bekendste band op de affiche of de band die het meeste publiek tot voor het podium wist te lokken (wat toch mooi lukte), maar deze band was wel voor heel wat mensen een aangename ontdekking.

Deathmetalband Carrion had op Zingem Beeft misschien wel de meest fanatieke fans mee en had dan ook al vooraf gewonnen spel.  Deze band had vier nieuwe nummers voor te stellen, van een album dat heel binnenkort zal uitkomen. Voor het nieuwe nummer “Genetic Alteration” werd tijdens Zingem Beeft zelfs een live-clip opgenomen.  Carrion moest hard werken om het publiek te overtuigen en dat lukte vooral dankzij het entertainende talent van gitarist Mathieu en het charisma van zanger Sven.

Your Highness mixt sludge met groovemetal en stoner. Deze band bracht zopas nog de EP ‘The Ragbag Vol. 1’ uit en hoewel wij nooit de beste waren in wiskunde leert de ervaring ons dat daar doorgaans een ‘The Ragbag  Vol. 2’ op volgt en die werd in Kruisem inderdaad aangekondigd, net als het album dat de twee EP’s optelt. Eerder dit jaar speelde deze band nog de Morgue aan flarden op Alcatraz Open Air, een kunstje dat ze eerder al uithaalden op Graspop, Desertfest en Pukkelpop. Als Your Highness Zingem niet kon doen beven, dan niemand, dachten wij vooraf en we kregen gelijk.

Cobra The Impaler was de vervangende subheadliner op Zingem Beeft en deze band wist iedereen in het publiek te imponeren. Afgaand op het aantal mensen dat de hele set voor het podium bleef staan, mocht deze band misschien zelfs nog een plaatsje hoger staan op de affiche. Hun veelgeprezen debuutalbum ‘Colossal Gods’ opende de deuren naar heel wat grotere festivals in ons land. Sinds ze hun live-debuut maakten op Headbanger’s Balls is deze band nog gegroeid als vijfkoppig podiummonster en zeker in aantal fans. Dit is een band die nu de stap moet zetten naar de buitenlandse podia. Of ze maken nog zo’n sterk album als hun debuut. Dat mag ook.

Reject The Sickness promoveerde door het afzeggen van Spoil Engine tot headliner van Zingem Beeft en deze melodic deathmetalband heeft al verschillende Europese tournees op zijn palmares.  Eerder dit jaar deden ze een Europese tournee als support van het Poolse Vader en ze speelde ook al op Metaldays in Slovenië en op Graspop. Sinds 2007 brachten ze reeds drie albums uit en in Kruisem brachten ze een dwarsdoorsnede van die albums. Dit was niet alleen muzikaal een heel degelijke set, ook de lichtshow en de niet aan inflatie onderhevige rookkanonnen maakten het helemaal af.

Het is altijd leuk om een festival te zien groeien en voor Zingem Beeft is het einde van de groei nog niet in zicht. Volgend jaar in september zijn wij alvast opnieuw van de partij.

Organisatie: Agera Events

Strawberry Festival 2022 - Psychedelica troef!

Geschreven door

Strawberry Festival 2022 - Psychedelica troef!
Strawberry Festival 2022
Maison Folie Moulins
Lille
2022-09-16
Ollie Nollet

Strawberry Festival is een bescheiden festival met een voorliefde voor psychrock en neo-psychedelica. Twee avonden met telkens vier groepen plus op zaterdagmiddag enkele gratis acts. Na drie jaar te zijn uitgeweken naar Villeneuve-d'Ascq keerde het festival dit jaar terug naar Lille, meer bepaald naar Maison Folie Moulins, een mooie zaal met een capaciteit van 600 man annex een bar (La Bulle Café) waar ook geregeld optredens plaatsvinden. Op vrijdagavond hadden ze dit jaar een line-up in elkaar geknutseld waaraan ik niet kon weerstaan.

vrijdag 16 september 2022 - Eerste groep die ik zag was The Kundalini Genie, een vijftal uit Glasgow dat reeds een vijftal jaar actief is en evenveel platen heeft gemaakt. Zanger Robbie Wilson zag eruit alsof hij net terug was uit Woodstock met zijn hoed en lange jas met bontranden. Na het eerste nummer vlogen die evenwel in de hoek. We hoorden behoorlijk strak gespeelde neo-psychedelica die heel hard aan The Brian Jonestown Massacre deed denken zonder daarbij een kopie van die band te zijn. Vier enthousiaste jongens (twee gitaren, bas en drums) en een meisje, dat er een beetje als een verwelkt kamerplantje bijstond, op toetsen boden ons lekker deinende psychedelische rock die bleef boeien tot de laatste noot met als toetje een gesmaakte versie van "Oh! Sweet nuthin'" van The Velvet Underground, inclusief een flard " Hey Jude" en enkele ooh oohs van de Stones.

De belangrijkste reden van mijn aanwezigheid waren The Spyrals uit L.A.. Ik was die groep op 3 februari 2020 al eens gaan zien in de Pit's waar ze toen verstek moesten geven wegens gestrand in Engeland door een defecte camionette. Een hartgrondige vloek volgde pas enkele maanden later toen hun plaat ‘Same old line’ verscheen want dat bleek een echte parel te zijn. Het was ook die plaat die ze nu kwamen voorstellen. Het werd wel even wennen want bassist Michael McDougal bleek vervangen door een toetseniste, Georgia Feroce, wat toch voor een andere sound zorgde terwijl ik zijn stem, die hier heel wat omfloerster klonk, ook niet meteen herkende.
Na een korte aanpassing kon ik toch volop genieten van deze heerlijke band. Zanger Jeff Lewis keek voortdurend bijzonder ernstig en liet zich niet één keer betrappen op een glimlachje. Maar wat hij bracht met zijn behoorlijk vintage sixties klinkende Fender Mustang was van een adembenemende schoonheid. Het sixties gevoel werd nog versterkt door het orgeltje van Georgia Feroce.
Toch bleef dit hedendaags klinkende en af en toe van een flinke portie fuzz voorziene bluesy psychrock die down to earth gehouden werd door de roffelende drums van Dash Borinstein. Hoogtepunt was ongetwijfeld "Same old line" waarvoor Jeff Lewis zijn mondharmonica opduikelde. Even later gebruikte hij dat kleinood als slide. Lewis was intussen zodanig goed op dreef dat hij een druk gesticulerende organisator, die wou dat het voorbij was, niet eens opmerkte. Feroce die het wel zag had gelukkig niet het lef om haar baas hier attent op te maken tot grote frustratie van de man aan de zijlijn. Schitterend einde van een schitterende set!

Het was de tweede keer in zes dagen tijd dat ik de uit Toronto afkomstige maar tegenwoordig in Londen wonende Tess Parks aan het werk zag. Alhoewel ‘zag’ veel gezegd is want op Leffingeleuren waren er enkel wat vage silhouetten in een fel rood tegenlicht te zien. Gelukkig was dat hier anders en kon ik nu eindelijk ontwaren wie er in Leffinge ons die hallucinante trip bezorgde. De vijf musiceerden hier voor een groot wit scherm waarop versneld groeiende paddenstoelen en andere natuurbeelden geprojecteerd werden waardoor ze hun anonimiteit te grabbel gooiden. De setlist zal wellicht identiek geweest zijn als die in Leffinge, toch was het opnieuw zalig wegglijden in die psychedelische roes. Nu zag ik dat een Mellotron (van de Italiaan Francesco Perini) verantwoordelijk was voor die warme synth klanken en Mike Sutton die altijd verfijnde gitaarriedels fabriceren. En Tess Parks zelf, die bleef verbazen met die diepe, hese stem die je helemaal niet verwacht bij zo'n jonge, tengere vrouw. De songs waren evenredig geplukt uit haar vier platen met als uitschieters "Right on" en "Please never die".
Deze set was, nu we de muzikanten zagen, wat minder mystiek maar toch minstens even sterk als in Leffinge.

Organaistie: Bains de minuit productions, Lille

PESCH

Pesch Is The New Orange EP

Geschreven door

De release dateert reeds van juni, maar het duurde even tot onze redactie aan een vinyl geraakte voor een review van ‘Pesch Is The New Orange’. Deze tweede EP van Pesch verschijnt immers enkel fysiek (op splatter-vinyl en opnieuw zonder sleeve of kartonnen hoes), en dus niet op Bandcamp en nauwelijks op YouTube of andere digitale kanalen.
Van deze vier songs kenden we nog maar enkel de vooruitgeschoven single “I Wish I Was An Animal”, een spottende brandbrief tegen alle uitwassen van het mensdom. Muzikaal hebben we Pesch al sterker weten presteren dan met deze relatief trage en hoekige, psychedelische EBM met ijskoude beats. Beter dan dat doen ze op het tweede nummer van de A-kant, “Hurricane”. Geen cover van Bob Dylan, wel een wervelende EBM/synthwave-track over orkanen en andere meteorologische verschijnselen.
De B-kant opent sterk met “We Need A Hit”, een nummer dat ze al live brachten op de releaseshow voor de eerste EP van Pesch. Very tongue-in-cheek uiteraard en een track die gegarandeerd een glimlach op je gezicht schildert. Muzikaal steekt alles heel degelijk in elkaar. Het vierde en laatste nummer van deze EP is “I Feel Like I’m Made In China”. Muzikaal en qua thema lijkt dit een zinderende ode aan of knipoog naar “Hiroschima” of andere tracks van ‘China Town’ van new beat-pionier Nux Nemo (Jo Bogaert). Maar dan met het typische Slabbynck-sarcasme in de lyrics naar het hier en nu gekatapulteerd.
Het trio Vandekerkhof, Slabbynck en Claeys weet op deze tweede EP van Pesch minder te verrassen dan op ‘Melba’ van een jaar eerder, maar er staan ook geen nummers op die teleurstellen. Peter Slabbynck koketteert er op facebook mee dat Pesch enkel middelmatige tot slechte concerten zou spelen, maar in de studio werkt de formule van Pesch vooralsnog uitstekend.
Op naar de derde EP dan maar. Wordt dat dan perzik met tonijn of perzik in blik? Of komt er dan een releaseshow in de Auberge du Pêcheur?

Dance/Elektro
Pesch Is The New Orange EP
Pesch

Leffingeleuren 2022 - Eclectischer dan ooit

Geschreven door

Leffingeleuren 2022 - Eclectischer dan ooit
Leffingeleuren 2022
Festivalterrein
Leffinge
2022-09-09 t-m 2022-09-11
Ollie Nollet

Na twee jaar behelpen met afgeslankte corona-edities kon Leffingeleuren dit jaar opnieuw uitpakken met een volwaardig festival. Vooraf had ik nog enige twijfels over de affiche maar na afloop bleken die, zoals gewoonlijk trouwens in Leffinge, totaal onnodig geweest te zijn.
Het werd een meer dan geslaagde jaargang met veel volk en een rijk palet aan muzikale stijlen.
Op vrijdag konden de gevestigde waarden me niet echt overtuigen maar werd ik wel verrast door enkele sterke Belgische groepen. Zaterdag kende met Tess Parks en Triptides twee absolute hoogtepunten. Op zondag werden we van het ene uiteinde van het muzikale landschap naar het andere geslingerd wat niet kon beletten dat dit veruit de mooiste dag was met als apotheose een overdonderend Clamm.

dag 1 - vrijdag 9 september 2022
Allereerste band dit jaar was Heisa, een drietal uit het Limburgse Hoeselt onder leiding van bassist Jacques Nomdefamille, iemand die we de laatste jaren vooral aan het werk zagen met het onvolprezen Peuk. De drummer verscheen op krukken maar dat bleek gelukkig geen belemmering te vormen want Heisa pootte een dijk van een set neer. Met zo'n groepsnaam verwacht je misschien vooral veel herrie maar dat viel best mee. Heisa creëerde een weidse sound vol verrassende wendingen en ziedende uitbarstingen waarin ik af en toe zelfs wat prog invloeden meende te horen. Een nummer dat mank liep werd opnieuw ingezet wat loonde want het bleek één van de beste uit een set die van de eerste tot de laatste noot bol stond van de spanning. Dit was meteen het beste wat ik zag op vrijdag.

Dali Muru & The Polyphonic Swarm bleek vervangen door het Brusselse duo Kidiot. De eerste twee nummers werden vooruitgestuwd door de verrassend rudimentair klinkende gitaar van Bart Ostyn (Absynthe Minded) wat zorgde voor scheurende garagerock waarin zanger Nick Defour, voorzien van een indrukwekkend nektapijt, alle duivels in zich losliet. Daarna schoof Ostyn zijn gitaar aan de kant ten faveure van een synthesizer die al even rudimentair klonk maar helaas ook voor spuuglelijke klanken zorgde. Die schelle elektronische sound joeg me de gordijnen in.

Party Dozen, een duo uit Sydney, nam een indrukwekkende start. Drummer Jonathan Boulet boetseerde met zijn samples een onheilspellend zware sound, verwant met doommetal, terwijl Kirsty Tickle als een bezetene tekeer mocht gaan op sax. Maar de twee beperkten zich niet tot dat ene kunstje en zochten geregeld andere oorden op als dub, triphop of zwoele nachtclub jazz. Niet alle samples waren even gelukkig gekozen maar de immer rondhossende Tickle, die haar sax langs twee kanten gebruikte (bovenaan om in te zingen), bleef me begeesteren. En tijdens "Macca the mutt" hoorden we zelfs Nick Cave! Hoewel zijn inbreng beperkt bleef tot het herhalen van dat ene zinnetje "I got a mutt called Macca" prijkt Nick Cave toch maar mooi op hun loonlijst!

Meetsysteem staat voor zanger-toetsenist Ricky Cherim uit Amsterdam. Bijgestaan door een bassist en een drummer zorgde hij voor perfectionistische, Nederlandstalige pop. Dromerige synths werden afgewisseld met authentieke Fender Rhodes klanken, het had zeker wat. Helaas bleek mijn naar opwinding hunkerende ziel het geduld niet te hebben om hier lang naar te luisteren.

Met Protomartyr en Millionaire stonden vrijdag twee min of meer gerenommeerde groepen op de affiche die zo goed als volledig aan me voorbijgegaan zijn en daar zal waarschijnlijk niet meteen verandering in komen. Protomartyr uit Detroit is sinds 2010 actief en kwam er hun vijfde plaat ‘Ultimate success today’ voorstellen. Het viertal werd voor die gelegenheid aangevuld met Kelley Deal (The Breeders) op toetsen. We werden ondergedompeld in een unieke, deprimerende sound waarin zanger Joe Casey, voortdurend een pilsje in het vuistje gekneld, alle vrijheid kreeg om zijn teksten wat zeurderig te declameren. Wringende postpunk met aan Mark E. Smith schatplichtige vocals waarin nauwelijks plaats was voor variatie. Velen genoten er wellicht met volle teugen van terwijl ik vooral die schaarse momenten wanneer ze uit dat keurslijf ontsnapten (meestal wanneer Kelley Deal voor een heerlijke tweede stem mocht zorgen) koesterde. 

Vervolgens zag ik op de gratis toegankelijke Busker Stage Barno Koevoet (uit Brugge). "& The Duijmschpijkers" is blijkbaar uit de naam geschrapt want ze stonden wel degelijk met zijn vijven op het krappe podium. Dit nieuwe project van Arno Vanhoutte (Budget Trash) belaagde ons met brutale, no nonsense punk gegoten in korte, explosieve nummers. Niet alles was even sterk, vooral die nummers waar ze de punk even lieten voor wat het was en ze het tempo danig lieten zakken durfden al eens sputteren. Maar dat zag ik graag door de vingers want dit was gewoon een feestje en dat hadden ze vooraan, waar het er nogal wild aan toe ging, goed begrepen.

Millionaire was al een tijdje bezig toen ik arriveerde maar rouwig zal ik daarom niet zijn. Ik heb alle respect voor Tim Vanhamel maar de set van Millionaire liet me toch grotendeels koud. De sound klonk veel te gezwollen en had dringend nood aan een liposuctie. Nummers als "Los Romanticos" en "Champagne" hadden daar iets minder last van maar zelfs dat kon me niet opbeuren.

Na die lichte ontgoocheling verbeet ik de vermoeidheid en trok naar het café voor een laatste optreden en dat heb ik me zeker niet beklaagd. Maze ontstond meer dat tien jaar geleden in Brugge maar hebben nu met zijn vieren hun thuisbasis in Gent. De eerste twee nummers vond ik nog doordeweekse postpunk maar gaandeweg wist Maze me meer en meer te verbazen. Dit bleek plots allesbehalve doordeweeks terwijl postpunk de lading eigenlijk niet volledig dekte. Een zoemende bas en een snedige gitaar gecombineerd met de getormenteerd galmende zang zorgde voor een niet aflatende spanning. Waar zanger Arjen Verswijfelt eerst nog wat zenuwachtig leek, ontpopte hij zich plots als een echt podiumdier. Maar dan één die vooral voor het podium actief was terwijl hij zelfs niet te beroerd was om een poging tot crowdsurfen te wagen. Zo viel er totaal onverwacht nog een parel uit de kast.

dag 2 - zaterdag 10 september 2022
Mijn zaterdag begon in de Kapel met The Lounge Society uit het Britse Hebden Bridge (West Yorkshire). Vier frisse, jonge snaken die elk hun instrument perfect beheersten, gaven er het beste van zichzelf. Gemakshalve bij de postpunk geclassificeerd, ik hoorde eerder britpop met funk invloeden die toch wat te arty klonk.

Van dat laatste had Opus Kink, een zestal uit Brighton, alvast geen last. Zij lieten ons proeven van een originele, aanstekelijke mix van punk, jazz en folk. Voorman Angus Rogers, in blote bast en op blote voeten, haalde daarbij alles uit de kast. Hij dook af en toe het publiek in waar hij dan theatraal op zijn knieën neerzeeg. Later verdween hij plots in de coulissen om enkel in een slip, hoog genoeg opgetrokken om zijn billen de vrije baan te geven, terug te keren en zo een spectaculair dansje uit te voeren bij een drumsolo. Naast die fratsen werd er ook nog muziek gespeeld die soms wat hoekig klonk, duidelijke Balkan sporen vertoonde en geregeld in een deugddoende chaos belandde. Hun grootste troef waren evenwel de twee blazers (trompet en sax) die voor een wat feestelijke sfeer zorgden.

Aan ambitie hebben de jongens van Famous (Londen) geen gebrek. Hun naam alleen al! Zo gaven ze net als The Beatles een rooftop concert in Londen. Waarom niet! In de rug gesteund door een bas, drums en vooral een tape zwalpte zanger Jack Merrett met een zelfverzekerde grijns over het podium. Ook al gecatalogeerd bij de postpunk terwijl Merritt me eerder deed denken aan een dronken crooner. Terwijl we een volgestouwde sound horen viel er niet zo gek veel te beleven op het podium waardoor ik uiteindelijk het hazenpad koos. Onterecht liet ik me vertellen want Famous zou dan toch nog enkele hele knappe nummers uit hun hoed getoverd hebben.

De muziek van The Mysterines uit Liverpool wordt omschreven als grunge of fuzzy rock. Ik hoorde iets wat ik gewoon rock zou noemen en vraag me af of dat eigenlijk nog kan. Duidelijke invloeden uit zowel de seventies als the nineties, in een klassieke bezetting (twee gitaren, bas en drums) zonder al te veel franjes. Met Lia Metcalfe hebben ze een fantastische zangeres in huis en voor de rest moeten The Mysterines het enkel hebben van de muziek. Bindteksten waren er niet buiten "The next song is..." en statischer kan een optreden nooit worden. De vier openden met het fabelachtig mooie "Under your skin" en helaas was daarmee hun beste kruit reeds verschoten. Slecht werd het zeker nooit en la Metcalfe bleef bezielen maar het bleef vergeefs wachten op een even mooie parel als die eerste song. Misschien de setlist even omgooien?

Tess Parks uit Toronto heeft vier platen gemaakt waarvan twee met Anton Newcombe van Brian Jonestown Massacre. Zo weet je meteen ook in welke richting je het moet gaan zoeken: neo-psychedelica. De langzaam voortschrijdende nummers werden gestut door een onwrikbare psychedelische muur waarin de immer subtiele gitaar en de warme synths of piano de opvallendste onderdelen waren. Uiteraard was de hoofdrol voor de laconieke zang van Tess Parks met haar uit duizenden herkenbare hese, lage stem. Toch kan ik heel goed begrijpen dat sommigen hier op afknapten. Met een beetje kwade wil zou je kunnen stellen dat Tess Parks slechts één song heeft. Veel variatie was er inderdaad niet en sommige songs bleken perfect inwisselbaar. Tot overmaat van ramp zagen we door dat felle rode tegenlicht enkel donkere silhouetten op het podium (van de drummer was er zelfs helemaal geen spoor te bekennen). Maar wie in staat was die bezwaren aan de kant te schuiven werd meegezogen in een roes van zaligmakende psychedelica waarbij alle genotmiddelen verbleekten. Een hallucinante trip die nog lang zal nazinderen.

De Gentse weirdo's van Shht klutsten allerlei genres door elkaar met als resultaat iets dat eerder op een kermis thuishoorde. Er viel wel wat te beleven. Zanger James De Graef, een adonis enkel in korte broek gehuld, beklom alles wat er te beklimmen viel. Maar aan hun muziek beleefde ik evenveel plezier als aan een rotte kies. Zo hoorde ik onder meer een Emerson, Lake & Palmer pastiche en een slaapverwekkende drumsolo.

Ook dit jaar was er een editie (de derde) van Duyster Live in de kerk met naast de plaatjes van Eppo Janssen een viertal sessies waarvan ik de laatste meepikte. Mess Esque is een Australisch duo dat bestaat uit Helen Franzman (ook gekend als McKisko) en Mick Turner (naast Warren Ellis en Jim White ooit lid van het befaamde Dirty Three). Voor deze sessie werden ze verrassend bijgestaan door twee extra muzikanten (een bassiste en een drummer). Het werd een moment van rust waarbij de dromerige vocals van Franzman als een warm dekentje aanvoelden. En natuurlijk was het leuk om Mick Turner nog eens terug te zien hoewel zijn gitaar slechts voor wat rimpelingen zorgde, zij het hele mooie dan.

Na deze ingetogen sessie volgde meteen het brute geweld van Ditz, een vijftal nozems uit Brighton. Ditz is een groep die opkomt voor de rechten van de LGBTQ+-gemeenschap, vandaar misschien dat zanger Cal Francis erbij liep als een keurig schoolmeisje. De set kwam bijzonder moeizaam, met veel te veel haperingen, op gang. Net toen ik begon te twijfelen of ik wel zou blijven dook Francis het publiek in om er tot helemaal achteraan te blijven ronddolen. Blijkbaar het sein voor de rest van de band om zich te herpakken. Plots klonk hun noisepunk met beukende drums en gekartelde gitaarriffs bijzonder strak. Loeihard maar tevens steeds melodieus terwijl Francis bewees, in tegenstelling met de meeste andere zangers van dit soort groepen, dat hij wel degelijk kon zingen. Bijna sloeg het noodlot toe toen hij tijdens een verkenning van de uithoeken van het podium plots met een ferme smak op de begane grond terecht kwam. Gelukkig zonder erg want uiteindelijk werd dit toch nog een memorabel optreden.

Het Oostends-Leffinges i am batman speelde een thuismatch op de Busker Stage wat bijzonder veel volk op de been bracht. De vier tapten uit verschillende muzikale vaatjes maar waren op hun best wanneer ze de seventies pot leeg schraapten. Zou hier een nieuwe Jerry Garcia zijn opgestaan? De looks heeft Lieven Verkouille alvast.

En dan werd het stilaan tijd voor het fenomeen Willy Organ, de redder van het Vlaamse levenslied. Niet dat mijn verwachtingen hooggespannen waren want zo'n reddingsactie vond ik niet meteen noodzakelijk. Toch keek ik hier naar uit omdat ik Willy Organ ken uit een vorig leven toen hij nog de charismatische voorman was van het schromelijk ondergewaardeerde garage/roots bandje The Tubs van wie ik een hondstrouwe fan was. Zo'n vier jaar geleden zette hij The Tubs op non-actief en begon totaal iets anders. Na een paar jaar ploeteren krijgt hij nu eindelijk hetgeen hij nooit kreeg met zijn groep: aandacht en succes. Tot mijn verbazing verscheen hij niet alleen op het podium. Aan een enorme mixtafel volgestouwd met pintjes herkenden we zowaar Bart Cocquyt van Pink Room die tevens voor de tweede stem zorgde. Qua credibility kon dit alvast tellen.
Maar dat veranderde uiteraard niets aan de muziek. Die bleef wat het was: spitsvondige, humoristische teksten gegoten in goedkope, meezingbare songs telkens voorzien van een luide, banale discodreun. Dat laatste ergerde me mateloos terwijl het publiek er met volle teugen van genoot en werkelijk uit zijn hand at. Toen Willy, badend in het zweet, plots besefte dat hij zijn handdoek vergeten was kreeg hij onmiddellijk een truitje toegeworpen van iemand van vrouwelijke kunne. Ganse nummers werden door voornamelijk vrouwelijke fans meegezongen alsof we ons op een schlagerfestival bevonden. Toch leek één nummer min of meer aan de banaliteit te kunnen ontsnappen: "Vlaamse stoverij" met een marcherende en met een Duitse punthelm getooide vedette. Willy Organ gaf het publiek wat het wou en heerste moeiteloos over Leffingeleuren.

Bij Triptides uit L.A. ging het er heel wat verfijnder aan toe maar zij waren dan ook veroordeeld tot het café. Het drietal heeft reeds negen platen uit waarvan ik slechts de laatste twee ken. Die klinken mooi en veelbelovend maar soms ook wat te braaf en te perfectionistisch. Vanaf de eerste noten al werd duidelijk dat Triptides live veel beter uit de verf zou komen. In een aanstekelijke mix van West Coast pop en psychedelische rock mocht de gitaar van Glenn Brigman hoogtij vieren. De infectieuze grooves en de opzwepende harmonieën tussen Brigman en bassist Stephen Burns waren van een bedwelmende schoonheid. Eigenlijk was dit een set met niets dan hoogtepunten, toch wil ik er een paar songs uitpikken. "I won't hurt you" waarin Brigman met zijn twaalfsnarige Dillion gitaar akelig dicht in de buurt van The Byrds kwam en het fenomenale "Revelation blues" waaraan een duizelingwekkende gitaarsolo werd gebreid die op de plaat niet terug te vinden is. Verder hoorden we ook nog een smaakvolle Tom Petty cover. Dit overtrof mijn stoutste verwachtingen.

Tegen beter weten in ben ik daarna nog even Lebanon Hanover (Berlijn/Newcastle) gaan zien. Even dacht ik nog, gezien de talloze kaarsen, bij een herdenkingsplechtigheid van de queen te zijn terechtgekomen maar dit waren wel degelijk Larissa Iceglass (gitaar, synths) en William Maybelline (bas). Even uit hun kerker losgelaten bestookten ze ons met het soort gothic new wave waarvan ik dacht dat het al jaren uitgestorven was. Zeggen dat dit gedateerd klonk is een understatement. Vluchten leek me de enige optie.

dag 3 - zondag 11 september 2022
Vito (uit Gent) was dit jaar de enige vertegenwoordiger van americana op Leffingeleuren. Vito is nog steeds de groep van Vito Dhaenens, zoon van Derek (van Derek And The Dirt). Een uitgebreid gezelschap met maar liefst vier gitaristen en zus Ciska, die voor de tweede stem zorgde, kwam er hun debuutelpee ‘The Restless Kind’ voorstellen. Derek heeft een mooie doorleefde stem terwijl de band duidelijk alle knepen van het vak onder de knie had. Dat resulteerde in bloedmooie americana of liever belgicana die genoeg gevarieerd was om te blijven boeien. Met Mauro Bentein hadden ze bovendien een heel expressieve gitarist bij die af en toe vreemde bokkensprongen maakte. Zo viel er visueel ook nog wat te beleven. Eén Tess Parks was immers meer dan voldoende.

Milk TV uit Brussel is het vehikel van de Franse bassist Matthieu Peyraud die voorheen ook al actief was bij die andere intrigerende Brusselse groep, Phoenician Drive. Samen met gitarist Casper De Geus (Moar, Brorlab, O'Grady) en drummer Thomas Vaccargin zorgde hij vroeg op de middag al voor het nodige vuurwerk in de Kapel. Moeilijk vast te pinnen, ik hou het maar bij een mix van punk en no wave. De zenuwslopende grooves gecombineerd met exotische ritmes waren niet altijd even behapbaar maar spannend bleef het in ieder geval wel. Met die afgeknepen noten hadden ze iets van Devo maar dan zonder de elektronica. Fascinerende set.

Met Ill Considered zagen we vervolgens weer totaal iets anders: impro jazz uit Londen. Ik ben absoluut geen jazzkenner maar ik hou er wel van. Wat ik hier zag leek me van een meer dan bovengemiddelde klasse. Idris Rahman nam ons met zijn wonderlijke sax mee langs onbekende maar toverachtige wegen. Hier was geen ontkomen aan. Sherpa's van dienst waren twee uitzonderlijk knappe muzikanten: een hypnotiserende bassist en een drummer die tijdens enkele explosieve momenten wel van een andere wereld leek te komen. Ill Considered bewees met deze schitterende set dat ook jazz zijn plaatsje verdient op Leffingeleuren.

Beduidend wat minder talent op het podium daarna maar dat maakte het niet minder straf. Joe & The Shitboys zijn een stel plattelandsjongens van de Faeröer eilanden die uit pure verveling een punkbandje hebben opgericht. Zelf noemen ze zich a band of bisexual vegan punks. Wellicht een reactie op het ultraconservatieve klimaat op de eilanden waar de homohaat nog welig tiert. Ook zijn groezelige t-shirt met opschrift "Wrestling Gay" zal waarschijnlijk een sneer zijn in die richting. Joe bleek een imponerende persoonlijkheid die voortdurend provoceerde, geen blad voor de mond nam en het ene politieke statement na het ander de zaal in vuurde. "If you believe in eating meat start with your dog" was er maar eentje van. Bovendien wist hij handig het publiek te bespelen door bijvoorbeeld iedereen eens een grondige "fuck you" door zijn microfoon te laten roepen of de toeschouwers dicht bij zich te roepen, ze vervolgens te laten zitten om ze daarna te laten rechtveren en dansen. Dit was trouwens na Ditz en Willy Organ reeds de derde ‘sit-down’, als dat maar geen nieuwe trend wordt. De haveloos geklede Shitboys lieten hun punk rauw en primitief klinken terwijl de nummers uiterst kort bleven. Het kortste klokte af op twee seconden en bestond uit één welgemikte vloek. Joe & The Shitboys: punk zoals het ooit bedoeld was!

Eblis Alvarez (Bogota, Colombia) moet een handige jongen zijn. De platen van zowel Meridian Brothers als zijn andere groep, die ik dit jaar nog in de 4AD aan het werk zag, Los Pirañas neemt hij helemaal in zijn eentje op. Hier met  de Meridian Brothers liet hij zich omringen door vier muzikanten om een wervelende show vol opwindende roots salsa ten beste te geven. Ik heb altijd een beetje moeite met Latijnse muziek maar hun cover van "Son of a preacher man" vond ik zelfs beter dan het origineel van Dusty Springfield. 

Naar aanleiding van het pas verschenen ‘Crackdown’ van GA-20 gewaagden enkele recensenten van een heuse blues revival waardoor ik wel erg benieuwd geworden was of Zach Person (Austin, Texas) daar deel van zou uitmaken. De oeropstelling, gitaar en drums, liet alvast het beste vermoeden. Person begon indrukwekkend met een smerige garageversie van Jimi Hendrix maar vanaf het derde nummer zakte mijn aanvankelijke enthousiasme tot ver onder nul.
Van die oeropstelling bleek helemaal geen sprake want er liep voortdurend een tape mee waarop we zelfs achtergrondzangeressen konden horen. Resultaat was een sound die veel te pompeus klonk en nog maar eens leek te bevestigen dat de blues doodziek is. Maar het kon nog erger. Zo verscheen er plots een special guest op het podium die niemand minder dan Shtevil bleek te zijn. Een gitaarbeul uit Mechelen die zo vol is van zichzelf dat hij het niet eens zou merken als de tent leegliep (wat ook gedeeltelijk gebeurde). Een nummer dat gepresenteerd werd als de nieuwe single lag volledig in de stijl van The Black Keys, ook al een groep die een tijdje het noorden kwijt is. De laatste twee songs brachten opnieuw wat beterschap maar dat kon mijn immense teleurstelling niet wegspoelen.

Het eerste nummer dat ik van de Berlijnse Derya Yildirim en haar Grup Simsek hoorde was een lange psychedelische instrumental met nogal wat vreemde klanken. Het smaakte beslist naar meer maar wat volgde waren meestal Anatolische folksongs waarin de psychedelica iets minder nadrukkelijk aanwezig was. Het bleef wel mooi met de uitermate sympathieke Yildirim op baglama (Turkse luit) die ook nog eens, misschien net iets te veel, wat uitleg gaf bij de gebrachte nummers.

Vanishing Twin uit Londen is de groep rond Cathy Lucas die je zou kunnen kennen van Fanfarlo. De groepsnaam verwijst naar het vanishing twin syndrome (verloren tweeling syndroom) waarbij tijdens de zwangerschap van een tweeling één foetus verdwijnt. Cathy Lucas zelf is zo een alleen geboren tweeling. Op het podium hield de groep het bij experimentele pop met een licht psychedelische inslag. Op een gegeven moment zetten de groepsleden roze maskers op terwijl Lucas zich omdraaide en haar masker op haar achterovergeslagen hoed plaatste. Wat voor een bevreemdend effect zorgde. Intussen sloop er nogal wat gepingel in de muziek en werd het me net iets te artistiekerig. 

De verwachtingen waren hoog voor het Australische Clamm (Melbourne). De groep wordt immers vaak in één adem genoemd met Stiff Richards en Amyl & The Sniffers, twee groepen die live een onuitwisbare indruk op me nalieten. De drie groepen zijn ook bevriend met elkaar hoewel ze muzikaal toch een eind uit elkaar liggen. Zo mixt Amyl haar punk met een neut ouderwetse hardrock terwijl Stiff Richards dan weer zweert bij no nonsense seventies punk. Clamm houdt het bij powerpunk in de traditie van landgenoten Cosmic Psychos. Het was een wat vreemd beeld hoe de drie daar ietwat bedeesd op het podium stonden terwijl ze een muur van bruut geweld aan het bouwen waren en de lijven vooraan tegen een steeds hogere snelheid tegen elkaar botsten. Terwijl de beukende drums van Miles Harding en de onwrikbare bas van Maisie Everett een onstuitbare pletwals fabriceerden zorgde Jack Summers voor de nodige nuances met een soms versplinterd klinkende gitaar waarbij hij zijn in wanhoop gebottelde teksten uitspoog. Niet dat ik er zoveel van verstaan heb maar het gevoel dat we hier met een unieke groep te maken hadden was er zeker.
Dit was de gedroomde afsluiter van Leffingeleuren hoewel er anderen waren die die rol Sylvie Kreusch toedichtten.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge  

Raymond van het Groenewoud

Raymond Van het Groenewoud - (West) -Vlaanderen boven!

Geschreven door

Raymond Van het Groenewoud - (West) -Vlaanderen boven!

Op een zonnige zondag zakten we af naar het West-Vlaamse Zwevegem, waar een soort kermis doorging met o.m. ook enkele optredens in open lucht, georganiseerd door The Finish. Het werd een (West )-Vlaams onderonsje, afgesloten met niemand minder dan Raymond Van het Groenewoud, die als prille zeventiger nog steeds fris en kwik op het podium staat.

Dat het programma op zijn minst merkwaardig was, bleek bij de openingsact Columbarium (****) die eerder een doom metal gerichte act zijn. Onlangs kregen we het spijtige nieuws dat Loose License ermee ophield, een band die in deze  underground zijn stempel drukte. Gelukkig volgde kort daarop het heuglijke nieuws van de geboorte van een nieuw project Columbarium. Er is niet zoveel veranderd, maar toch hoor je een zwaarder geluid. We hebben te maken met een solide band waarbij de neuzen in dezelfde richting staan. Columbarium zorgt voor een donker, intens sfeertje, in schril contrast met de rest van de avond.
Ze schrijven een nieuw hoofdstuk en zijn klaar voor het grote werk . Uitkijken dus.

Met TuRF (*****) staat een puur West-Vlaams fenomeen op het podium, TURF is een gezelschap uit Roeselare die het begrip 'experimenteren' hoog in het vaandel draagt. Ze houden van improviseren, zijn sterk op elkaar ingespeeld en er is sprake van een grappige ondertoon , wat we halen uit hun teksten, waar wij als Oost-Vlaming niks van begrijpen.
TuRF zijn muzikanten die verdomd goed weten waar ze mee bezig zijn, de riffs als de drums zijn overtuigend, sterk. Zanger, frontman Rino is een klasse verteller en straalt charisma uit. “Vloage” en “Stoasje” zijn lekker aanstekelijk; “Julie” op z’n beurt klinkt dan gevoelig. Gaandeweg was het publiek te vinden voor hun afwisselende sound. Fijn alvast en het toonde aan dat TuRF een veelzijdige band is .

Humor en speelsheid zijn belangvolle componenten in het oeuvre van Raymond Van Het Groenewoud (*****) . “Maria, Maria ik hou van jou” was dan ook een mooie opener. Raymond is een entertainer die perfect zijn publiek bespeelt. Na al die jaren is het sjiek hoe hij het doet! Speels zoals we hem voor het eerst live zagen in 1987 op de Lokerse Feesten. Songs als “Chachacha”, “Je veux de ‘l’amour” en “Twee meisjes” zijn krakers. Ook de minder bekende songs gaan er in als zoete broodjes.
Raymond van het Groenewoud bespeelt het publiek en hij is omringd door klasse muzikanten die zijn muziek naar een hoger niveau tillen. Het feest ging in stijgende lijn op “Meisjes”, enkele vrouwen vooraan gingen gewoon mee dansen. Op “Liefde voor muziek” ging het dak er compleet af.
Raymond Van Het Groenewoud zorgde voor het ultieme volksfeest om deze gezellige dag en brio af te sluiten!

Organisatie: The Finish, Zwevegem

 

Niels Destadsbader

Niels Destadsbader brengt Sportpaleisniveau naar Deinze

Geschreven door

Niels Destadsbader brengt Sportpaleisniveau naar Deinze
Amy Van Parys

Niels Destadsbader is hét Nederlandstalige popidool van dit moment. 2015 was het debuutjaar voor Niels in Deinze, want hij stond toen voor de eerste keer op het kleine podium van de Palm Parkies in het Kaandelpark. Acht Sportpaleizen en zeven jaar later is hij hier opnieuw, maar nu is het tijd voor de Brielpoort. Deinze en omstreken kijken uit naar zijn terugkeer. Kan hij een Sportpaleisshow evenaren in het Deinse muziekpaleis?

Opgewarmd door het coverduo Bram & Lennert, barsten ongeduldige fans los wanneer zes mannen met een wit bovenstuk het podium opkomen. De band van Niels Destadsbader lijkt net een echte boysband onder leiding van Miguel Wiels. In grote letters verschijnt Niels op de ledschermen achter hen en enkele seconden later gillen honderden mensen wanneer ook de leadzanger in een spierwit hemd het podium bestijgt.
Met de West-Vlaamse woorden ‘Ik kuk kik feitelijk iere ook azo klappen’ opent Niels Destadsbader zijn show. Volgens de officieuze enquête die onze West-Vlaamse hitmachine afneemt, is het doel van Miracle vzw bereikt: Deinze opnieuw op de kaart zetten als concertstad. Wanneer Niels Destadsbader vraagt ‘Wie komt er niet van Deinze?’, blijkt al snel dat ook mensen van ver daarbuiten naar de stad komen.
“Dansen” is het eerste nummer van de avond.  Een van de eerste songs waar het succes begon en trekt Niels de Brielpoort ook op gang. Een choreografie die ondertussen al enkele jaren rondgaat, wordt opnieuw aangeleerd aan de enkelingen die het nog niet kennen. Ineens maakt heel de zaal bijtrekpassen van links naar recht en zoals Niels het zegt ‘er mag zelfs een klapke bij’.
Zangtechnisch is er weinig op aan te merken. Niels en zijn backing vocals Miguel Wiels en Bram Van den Berghe zingen nagenoeg foutloos. Sommige bindteksten klinken wat geroutineerd, maar zijn enthousiasme trekt iedereen mee. Zelfs bij een nieuw nummer “Dansen In Het Donker” slaagt hij erin de mensen mee te laten brullen met een ooh-momentje. Veel meezingen dus, maar de setlist is evenwichtig opgesteld waarin de energieke songs afwisselen met tragere en emotionele nummers zoals “Hey Pa” en “Ik Kan Niet Zonder Jou”. Tijdens die nummer gaan de gsmlampjes spontaan omhoog, maar daarnaast hangt er nog een heel lichtspektakel aan vast. Spots leggen accenten doorheen de show en de ledschermen zorgen ook voor dynamiek in het licht.
Dé verrassing van de avond: de gasten van ‘Down The Road’. Vanuit de zaal staan zij plots naast hem op het podium als zijn dansers. Een glimlach op het gezicht van iedereen en heel veel respect voor hen en voor Niels. Maar de artiest is ook dankbaar voor alles rondom hem en dat uit hij meerdere keren deze avond: voor zijn band, voor zijn fans en in het bijzonder voor Miguel Wiels die deze nacht de grens van vijftig jaar bereikt. Dat moet en zal hij vieren met een K3-nummer, maar dan met een Niels’ sausje erover: “Opa’s Aan De Top”.

De show valt helemaal in zijn plooi zoals het moest zijn: zijn typische droge humor, een broederlijke band, een lichtspektakel en een zwetende Niels Destadsbader. Van de witte hemden blijft er niet veel meer over. De lat heeft het Sportpaleisniveau gehaald: een verwacht en mooi totaalplaatje voor de Nederlandstalige muziek met een paar liters zweet.

Setlist: Dansen – Vandaag – Paradijs – Sterker – Boven De Wolken – Annelies – Als We Samen Zijn – Dansen In Het Donker – Ik Kan Niet Zonder Jou – Sara – Speeltijd – Ik Ben Van’t Stroate – Opa’s Aan De Top – Gloria – Hey Pa – Ik Neem Er Eén – Mee Naar Boven – Nooit Alleen – De Wereld Draait Voor Jou / Bis: Ik Heb Je Lief – Skwon Meiske – Verover Mij

Neem gerust een kijkje naar de pics @Amy Van Parys
https://www.musiczine.net/nl/photos/category/4296-niels-de-stadsbader-10-09-2022.html
Org: VZW Miracle

Praga Khan

Praga Khan - Een zwoele rave-party die het kookpunt bereikt!

Geschreven door

Praga Khan - Een zwoele rave-party die het kookpunt bereikt!

Na 33 jaar trekt Praga Khan (*****), één van de meest legendarische elektronische acts van ons landje, de stekker er uit. De band rond Maurice Engelen had in eerste instantie meer succes in het buitenland met zijn projecten Praga Khan en Lords of Acid dan in eigen land. In Amerika, Japan, … boekte de band een enorm succes, tot zelfs een opname in de Rock 'n Roll Hall of Fame. In België ging dat wat moeizamer. Maar in 2000 mochten ze als Belgische band Rock Werchter afsluiten.
Praga Khan staat live garant voor een totaalspektakel van opzwepende, integere dance & beats, dans , theater met vuurwerk , en die onderhuids een mystiek kantje heeft. Het zorgde in een volle AB voor een zwoele rave-party die het kookpunt bereikte.

We citeren de introductie op de website van AB: ''Aan alle mooie liedjes komt een eind. Met Praga Khan heb ik de hele wereld gezien, maar nu kom ik op het punt dat ik die wilde jaren achter me laat. In de AB geef ik er dit jaar nog een laatste keer een lap op! "
Maurice gaat nog wel verder met zijn theatershows en andere projecten. 'Gone with a bang' moet Maurice en c° hebben gedacht, want vanaf de eerste song, “We follow the sun” was de aandacht scherp. De mooie danseressen op het podium en de prachtige beelden op de achtergrond, met die kenmerkende Praga Khan beats tekenen voor die occulte totaalbeleving. Een dansfeest meteen!
Ook op songs als “Freakaoidz”, “My Mind is my Enemy” ervaren we hetzelfde. Er kwamen meer dansers opdagen ,  de ene minder schaarser gekleed dan de andere; ook enkele bevallige zangeressen waren op dit afscheidsfeestje waaronder Zohra die met haar zwoele stem en uitstraling “Phantasia Forever” naar een toppunt dreef.
En Maurice zelf zocht elke hoek van het podium op, gooide zijn stem in de strijd en zorgde voor een klankentapijt met zijn keyboard. De muzikanten deden de rest .
Geen seconde rust werd het publiek gegund, dit werd een dansfeestje pur sang … je kon lekker uit de bocht gaan. Maar er waren ook de ingetogen momenten. Een gevarieerde aanpak dus.
Op het einde van de set werden ballonnen in het publiek gegooid; “Breakfast in Vegas” was het ultieme hoogtepunt , die de zwoele rave-party tot het kookpunt bracht!
Er werd afgesloten met alle dansers vooraan, tot groot jolijt van de menigte, die de band onthaalde op een warm applaus. Wat een wervelende show kregen we.
De band wil geen parodie op zichzelf zijn. Maurice geeft het volgende antwoord ''We zijn op het punt gekomen dat niemand nog geïnteresseerd is in nieuw materiaal. Artistiek zet het een blokkade. Daarom ben ik op dit punt gekomen dat het goed geweest is. Maar ik wil nog even een fantastisch feest geven met goeie afterparty." (Bron: StuBru)

Praga Khan is met brio in zijn opzet geslaagd, en gaf zijn fans inderdaad dé perfecte raveparty; wat een Bang! Uitkijken is het nu naar de nieuwe projecten van Maurice.

Tracklist: We Follow the Sun  - Love  - No Earthly Connection  - Luv U Still  - The Moon  - Right or Wrong  - Tausend Sterne  - Freakazoidz  - My Mind Is My Enemy  - Lonely  - City of a Thousand Sins  - Phantasia Forever  (with Zohra)  - Breakfast in Vegas
Encore: Sayonara Greetings  - The Power of the Flower  - Luv U Still

Pics homepag @Wim Heirbaut

Organisatie: FKP Scorpio

Mercelis

Mercelis - Een kopstoot van een comeback

Geschreven door

Mercelis - Een kopstoot van een comeback
Mercelis - Matt Watts

Het zou een beetje een all star/all Starman Records-avond worden in de B52. Op het programma het duo Matt Watts en Nicolas Rombouts die misschien wel voor de laatste keer hun bloedmooie album ‘Muted Songs For Piano’ live zouden brengen. En daarna Mercelis met in de aanbieding het album ‘White Flemish Trash’, waarvoor Rombouts de productie deed en Watts de backing vocals.

Matt Watts - domper op de verwachtingen. Zonder hem kan ‘Muted Songs For Piano’ niet live gebracht worden. Het werd dus een geïmproviseerde solo-set van de in ons land aangespoelde Amerikaan.
Hij opende zijn korte set met een cover van “Bullet” van The Misfits, een indertijd controversieel lied over de moord op JF Kennedy. Voor het publiek was het niet meteen duidelijk of Watts daarmee al aan zijn set begonnen was of dat hij zich misschien nog wat aan het inspelen was op een geleende gitaar. Daarna plukte hij een paar mooie parels uit zijn discografie: “Your Love Is Not Your Own” en “Time Turns As An Engine” uit ‘How Different It Was When You Were There’, “Just Over The Highway” uit ‘Songs From A Window’ en “Lay Your Years” uit Queens.
Als toegift bracht hij nog het voorlopig nog steeds onuitgebrachte “Caroline”, dat hij deze keer aankondigde als een ‘song for a bartender’.

Na die korte set blijft er een dubbel gevoel hangen. Enerzijds was dit de best mogelijke oplossing bij het wegvallen van Watts’ partner in crime, maar kon dit toch niet volledig het gat vullen dat het verwachte ‘Muted Songs’ geslagen had. Anderzijds zie je in deze omstandigheden toch hoe het onmiskenbare talent van Watts komt bovendrijven zodra je hem een microfoon, een gitaar en een publiek geeft. We schreven ooit dat mocht (liefdes)verdriet een Olympische discipline zijn, dat Matt Watts dan met driekwart van zijn discografie kans maakt op een gouden medaille. Om in dezelfde terminologie te blijven zagen we in de B52 een Matt Watts die in zijn discipline ‘op hoogtestage’ was: het leven deelt niet altijd cadeaus uit, maar de muziek houdt hem overeind.

Mercelis was dan heel andere koek. Met het album ‘White Flemish Trash’ deelde hij vorig jaar, in volle corona, een kopstoot van jewelste. Dat album kwam 16 jaar na het vorige en bijna 30 jaar nadat hij ‘ontdekt’ werd in Humo’s Rock Rally, in de muziek is dat zo goed als uit een vergeetput klimmen. De band bestaat behalve uit Mercelis zelf (zang en zowat alles wat je een aftandse Korg kan halen van geluid) nog uit gitarist Teuk Henri en drummer Patrick Clauwaert.  De imposante Jef Mercelis liet zich in de B52 opmerken met een seventies-achtig groen kostuum gecombineerd met open sandalen. Het is dan ook entertainment en aan valse bescheidenheid hebben we in Vlaanderen al genoeg, dus kan je kan op het podium maar beter zo duidelijk mogelijk maken om wie het allemaal draait.
Wie gehoopt had dat Mercelis op deze tournee ook ouder werk vanonder het stof zou halen, kwam in de B52 bedrogen uit.
Maar ook met enkel tracks van ‘White Flemish Trash’ kan je al ruim een uur vullen. In de set ontbraken van dat album enkel “Lucky” en “Fortune”. De aftrap werd gegeven met een ‘Goede avond, motherfuckers’ en dan de eerste noten van “Headlights”. In de studio-versie is dat al één massieve brok bezwerende synth-rock en live gaat deze song daarin in de overtreffende trap. Dat geldt voor zowat elke track van de live-set. Nu eens helt het overwicht naar de Korg van Mercelis en dan weer naar Teuk’s gitaar, met de drums op de achtergrond als de lijst die een schilderij extra cachet geeft.
De meeste kracht ligt evenwel in de lyrics en de volle, diepe stem van frontman Mercelis. Nu eens zwoel en soulvol (op “Low Motion”), dan weer dreigend en dominant (op “No Future”). Die song was misschien wel het hoogtepunt van de avond: een dreigende mantra met het herhalen van één zin: They give tot he people what the people don’t need, and they make them pay for it. Er bestaat geen andere zijn die onze huidige maatschappij beter samenvat.
Andere hoogtepunten waren ‘White Flemish Trash’, waarvoor de band die dag in een clip opnam in de B52, en die door Jef Mercelis met een knipoog in het Frans aangekondigd werd, en het tot EBM/dancerock verbouwde “Extremadura”. Als toegift kreeg het publiek in Eernegem nog het nieuwe nummer “Twilight”.
Mercelis maakt muziek waar je eerst toch even je tanden moet in zetten. Hapklare brokken, dat is voor de mainstream-radio. En live komt die muziek nog wat harder binnen. ‘White Flemish Trash’ was een comeback die we niet meteen hadden zien aankomen, maar we zijn alvast blij dat er nu al nieuwe nummers zijn. Dat kan betekenen dat we niet nog eens 16 jaar moeten wachten op een volgend album.

Nog een concert-tip: op 29 oktober komt I H8 Camera naar de kerk van Zwankendamme. In deze improvisatieband van Rudy Trouvé zitten onder meer Matt Watts, Jef Mercelis en Henri Teuk. Als de goden ons goed gezind zijn, is misschien zelfs Nicolas Rombouts er dan bij.

Organisatie: B52, Eernegem

Pagina 160 van 964