logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_03
avatar_ab_07

Ann Wilson

Immortal

Geschreven door

Ann Wilson werd bekend dankzij haar inbreng bij de band Heart. Haar bijzonder magische stem en uitstraling zorgen ervoor dat deze band hoge ogen gooit in zowel de meer toegankelijke muziek als alternatieve kringen. Ann werpt ook op haar nieuwste worp haar meest belangrijke wapen in de strijd. Die heldere, hoge stem waarmee ze gevoelige snaren raakt, en harten doet smelten. 'Immortal', op de markt gebracht in september via BMG is ode aan overleden artiesten. Ann brengt de songs met enorm veel respect voor het origineel en voegt daar iets eigenzinnig en wonderbaarlijk mooi aan toe waardoor die songs een gloednieuw leven beginnen te leiden.
De bijzonder pakkende song “Luna”, origineel gebracht door Tom Petty, is een schoolvoorbeeld van een song die je gewoon niet kunt kopiëren. Net door die unieke stem van Petty zelf is dat zelfs een onmogelijk opdracht. Toch slaagt Ann Wilson er, net door aan die song een 'vrouwelijke touch' te geven. De song nieuw leven in te blazen. Telkens met respect voor dat origineel uiteraard. Dat is ook het geval met David Bowie's '”I'am Afraid of Americans”, waarin Ann wellicht niet even veel energie en dreiging verstopt als Bowie zelf. Maar toch een meer dan geslaagde versie daarvan brengt.
Het is bovendien niet zo dat Ann Wilson de meest gemakkelijke songs of artiesten eruit kiest. Want “A Thousand Kisses Deep” van Leonard Cohen of “Back To Black” van Amy Winehouse - om maar twee voorbeelden te geven - zijn songs waarop ik het label 'niet aanraken' zou kleven. En toch, telkens je die cover hoort voel je rillingen over je rug lopen, waarbij de overleden artiest vermoedelijk hierboven een traan zal wegpinken van innerlijk genot. Net zoals ook wij bij bovenstaande voorbeelden deden.
Besluit: Niet elke cover is even geslaagd, wat ook onmogelijk is, maar Ann Wilson geeft aan elke song een typische draai in de richting van wat ze al doet bij Heart. Haar geweldige zuivere stem in de weegschaal gooien, en je daardoor ontroeren. Wilson laat zich bovendien omringen door klasse muzikanten, die haar stem nog meer opwaarderen. Alsof dat nog kon. Elke song ademt dus iets uit dat doet denken aan Heart, maar ook aan de artiest aan wie ze deze ode richt. En dat is heel belangrijk. Maar het meest opvallende is die eigen draai die ze, mede door haar glasheldere stem, daaraan geeft. Waardoor zowel de fans van voornoemde artiesten, die houden van die typische vrouwelijke inbreng, en eveneens de fans van Heart over de streep kunnen getrokken worden.
Kortom, Ann Wilson brengt overleden artiesten terug tot leven, binnen een eigenzinnige omkadering, waardoor ze nog meer 'immortal' zijn geworden. Letterlijk!

Tracklist:
You Don't Own Me (Lesley Gore)
I Am the Highway (Chris Cornell, Audioslave)
Luna (Tom Petty)
I'm Afraid of Americans (David Bowie)
Politician (Cream) in honor of Jack Bruce
A Thousand Kisses Deep (Leonard Cohen)
Life in the Fast Lane (Joe Walsh, The Eagles) in honor of Glenn Frey
Back to Black (Amy Winehouse)
A Different Corner (George Michael)
Baker Street (Gerry Rafferty)

Miles Kane

Miles Kane - Rock’n roll in een zacht jasje

Geschreven door

Miles Kane bracht in augustus zijn derde album ‘Coup De Grace’ uit en kwam dit afgelopen dinsdag voorstellen in een uitverkochte Botanique. Een nieuwe band rond hem, een iets anders klinkende sound, maar wel nog steeds even veel rockster gehalte is wat we voorgeschoteld kregen.

Met een pak door hem, in samenwerking met Ray Brown Fashion, ontworpen kroop Miles Kane het podium op. Enthousiast zette hij de eerste noten van “Too Little Too Late” in. Meteen gevolgd door oudere nummers “Better Than That” en het aanstekelijke “Inhaler”.
Het midden van zijn set werd vooral gevuld met nieuwe nummers waaronder “Cry On My Guitar”, “Loaded” en “Killing The Joke”. Dat het publiek nog niet echt vertrouwd was met deze nummers viel enorm op. De meesten stonden maar stijf te staren en in de achterkant van de zaal stonden mensen zelfs gewoon te praten. Aan de songs en performance van Kane lag het alleszins niet, want Miles bracht deze nummers op de manier dat hij dat voordien ook altijd deed. Cover “Hot Stuff”, origineel van Donna Summer, deed dan wel weer mensen dansen en trok de laatste goeie spurt naar het einde van zijn set.
‘Coup De Grace’ toonde aan dat Miles Kane het ook met zijn nieuwe plaat nog steeds in zich heeft. Met “Come Closer”, duidelijk de publiekslieveling (eigenlijk altijd al geweest), sloot de Brit af.

Met een set van één uur, wat overigens veel te kort was, toonde Miles Kane dat hij het nog steeds in zich heeft. Wie daar zijn twijfels over heeft, kan volgende keer maar beter thuis blijven. Zo is er meer plaats voor het publiek dat wél enthousiast is.

Organisatie: Botanique, Brussel

Dear Deer

Chew chew

Geschreven door

Electropunk
Dear Deer maakte sinds hun ontstaan in 2015 al wat furore in de underground scene. Mainstream zal dit Frans duo wel nooit worden. Daarvoor is hun muziek niet hapklaar genoeg. Na een demo en een debuut album is hier nu hun tweede album.
Ze maken songs bestaande uit electro met een punk attitude. Hier en daar verwerken ze er ook wave, postpunk of zelfs disco in. De zang bestaat soms uit roepen, ritmisch gesproken of is gezongen. Het doet soms wat aan een minder commerciële of experimentele versie van The Ting Tings denken. Veel samenzang tussen Sabatel (die wel de meeste hoofdvocals en de bass voor haar rekening neemt) en Frederico Lovino (vocals, gitaren, synths…). Dat levert bij momenten leuke tracks op zoals “Dogflight” waarin ze een hond imiteert tijdens het zingen. Ik vind de songs wel goed opgebouwd wat maakt dat ze in hun gekte ook beluisterbaar blijven. Er is aandacht voor melodie. “Deadline” is vrij radiovriendelijk, “Earworm” featuring Loto Ball (een artiest uit L.A. die ook op hun vorig album op een nummer verscheen) is vrij experimenteel, “Stracila” gaat meer richting Vive La Fête uit. Na negen songs is het feestje over.
‘Chew Chew’ is toegankelijker geworden dan hun vorig album ‘Oh My’. Radiovriendelijk zijn ze nu ook niet meteen geworden maar het vraagt minder inspanning om het album te beluisteren. De punk en DIY- attitude is gelukkig gebleven alsook de zin voor experiment. Je krijgt zo het gevoel dat je zelf ook wel iets zou kunnen maken maar toch zit alles intelligent in elkaar. Een nice plaatje.

Egoprisme

Among Noise

Geschreven door

Dark synthpop
Egoprisme is een Frans project (Brest) van ene Jean Marc Le Droff. Een éénmansproject dus die soms gebruik maakt van vrouwelijke backing maar voor de rest alles zelf doet. Ook live blijkbaar. Op zijn eerste album (in 2015 had hij een demo-EP uit) laat hij ons meteen 15 tracks horen die samen goed zijn voor bijna een vol uur muziek.
Het zijn goedgemaakte synthpop tracks die we te horen krijgen maar wel met een donker randje. Een beetje logisch en volgens de traditie/visie van Manic Depression Records. Een label dat fantastisch werk levert inzake releases van donkere electro, postpunk en/of darkwave. Op ‘Among Noise’ krijgen we een aantal heel dansbare tracks (zoals bv het titelnummer en “Twisting”) en ook meer rustiger nummers. “A Tour De Role” doet wat aan Telex en Kraftwerk denken maar soms gaat het richting synthwave zoals “Here For The Thrills”. Die laatste is één van mijn favoriete tracks. Maar ook “Etendard” is een heel fijne song. Soms wordt er ook in het Engels gezongen maar de Frans gezongen nummers blijven bij mij toch net iets beter hangen. Ook de afwisseling tussen de mannelijke en vrouwelijke vocals zoals op “La Plage” of “I Am the Sun” zijn geslaagd en zorgen voor de nodige afwisseling en diepte.
Heel erg vernieuwend klinkt de muziek op ‘Among Noise’ niet, maar ze is meer dan degelijk en bestaat uit meerdere lagen. De donkere touch die Le Droff aan de muziek meegeeft, is een pluspunt. Wie niet op zoek is naar nieuwe hypes of sounds zal hier meer dan tevreden mee zijn.

Entering Polaris

Godspeed

Geschreven door

Er zijn debuutplaten en debuutplaten. Soms klinken die zoekende, sterk en soms volwassen. ‘Godspeed’ is het debuut van de Belgische band Entering Polaris en klinkt volwassen. Dat mag niet zo verwonderlijk heten want gitarist Ton Tas is ook bekend van zijn bijdragen bij o.a. Ostrogoth, Thorium, Quantum Fantay en Neo Prophet. Hij zorgt voor virtuoze en melodieuze lijnen in de songs. De grote hoeveelheid tracks die geschreven worden , maakt dat hij met Entering Polaris nu een album uitbrengt en dat is meer het melodische part. In het najaar verschijnt onder de bandnaam In Motion het album ‘Thriving Force’ waar de nadruk meer op melodieuze trash/death metal zal liggen.
Zelf zingen doet Tas niet , maar hij maakt gebruik van een aantal gastvocalisten. En dat zijn niet van de minsten. Thomas Vikström (Therion), Björn Strid (Soilwork), Georg Neuhauser (Serenity) zijn slechts enkelen van de gastzangers. Dat zorgt ervoor dat het album gevarieerd klinkt. Niet alleen door de verschillende zangers. Ook door het instrumentgebruik. Op “Flightless” zit er een heerlijke saxofoonlijn in de lange outro. Op “It’s A Good Day For Burning Witches” en “Godspeed” levert Vikström telkens mooi vocaal werk af, net als het fijne gitaarwerk trouwens. Voor het drumwerk is Vincent van Kerckhove verantwoordelijk. Die kwijt zich goed van taak. Op het openingsnummer “Nostalgia For Infinity’ knalt hij ferm op los. Afsluiter is track 9 , “The Long Run”, waar alle gastzangers aan bod komen. Een sterk stukje van episch songschrijven dat wat aan Ayreon doet denken qua opzet. Een fantastische track met stevige en gevoelige passages.
Wie houdt van bands zoals Symphony X, Ayreon, Rush of Blind Guardian zal hier wellicht ook van houden. Om het even, dit is een album van hoog niveau. Het is voor gitaarliefhebbers een lekker kluifje om aan te knagen met voldoende afwisseling en emotie in.

Last Of Us

Swarm

Geschreven door

Vanuit de assen van Nagrach ontstond deze post metal band die zich situeert in de Denderstreek. Een trio werd een kwartet. Ze schreven muziek en repeteerden. Ze zochten vruchteloos naar een geschikte zanger en besloten dan maar om hun verhalen te vertalen in instrumentale stukken muziek. Ze gingen hierbij niet over één nacht ijs. Gedurende vijf jaar schreven ze liedjes, traden ze op en gooien ze hier en daar ook liedjes weer weg. Dat is nu eenmaal zo in een ontwikkelingsfase. Uiteindelijk komen ze nu met een debuut af: ‘Swarm’ dat acht tracks bevat en het verhaal van een invasie vertelt. Allemaal songs van tussen de vijf en dertien minuten. De songs klinken heel verhalend en filmisch. Opener “Omen” roept reeds vanaf de intro allerlei beelden op. Ik hoor en zie vliegtuigen, bommenwerpers en een geladen sfeer. Op “Anomalie” krijgen we een wat zwaarder geluid maar dan nog blijven ze emotioneel en vrij melodisch klinken. De track bevat fijne versnellingen. “Verlossing” is een heel catchy en opwekkend post rock nummertje.
Het lang werken en schaven aan de muziek heeft zijn vruchten afgeworpen want dat is heel volwassen klinkende post-rock/metal. Voila, we zijn weeral een goeie band rijker in Vlaanderen. Het aanbod is groot dezer dagen en dat vinden we fijn natuurlijk!

El Mischi

The Mountain (single)

Geschreven door

The Nits, maar dan met meer melancholie als die Nederlandse band. Dat is het eerste wat in je opkomt als je "The Mountain" hoort, de debuutsingle van El Mischi, het pseudoniem van Bart Michiels. Met zijn fluwelen stem en zachte piano-poprock komt hij ook in de buurt van Henk Hofstede van The Nits, maar ook van Frank Boeijen of het solowerk van Henny Vrienten. In eigen land zie ik hints naar Slow Pilot en zelfs Jasper Steverlinck.
Dat is al veel lof bij elkaar, maar evengoed zijn er nog wat werkpunten. Het Engels is niet helemaal foutloos en de tekst kleeft nog wat aan het papier. Dat laatste willen we meteen met de mantel der liefde bedekken, want je hoort toch wel behoorlijk wat potentieel in dit ene nummer. Als er wat routine komt in het songschrijven en het opnemen, misschien met een ervaren producer erbij, zal alles wel een stuk vlotter klinken. Durf en vertrouwen komen niet zomaar op bestelling. Maar als je die vocale uithaal net voor het einde voor elkaar krijgt, dan zit je op de goede weg. Muzikaal zit het wel meteen helemaal goed: knap gecomponeerd en foutloos ingespeeld.
Dit is het soort nummers dat ons hoopvol stemt over de toekomst van de Belgische popmuziek.

Diane Grace

Pan!c

Geschreven door

Diane Grace maakte indruk tijdens de finale van Humo's Rock Rally. Of viel toen toch minstens op dankzij een liveshow met een dominatrix, een kwaadwillige dwerg en een alpenhoornspeler. Muzikaal leken ze - toch in verhouding tot het spektakel - minder indruk te maken met hun gestoorde punkrock die teruggaat tot The Stooges, MC5 en Black Flag. Met een moderne twist en een scheut Suicide komt Diane Grace uit bij ander volk dat naar dezelfde roots grijpt: The Caveman en Heck/Baby Godzilla. Dat zijn niet toevallig ook bands waarbij er echt wel iets gebeurt op het podium op het moment dat de zaallichten gedoofd worden en die tegelijk nog een deftige song in elkaar kunnen boksen.
Sinds kort is er de debuut-EP Pan!c van het trio, die digitaal uitgebracht wordt door Starman Records. De drie songs verschenen – eentje per week - sinds 7 september op alle digitale platformen, samen met de drie video’s die deel uitmaken van de 7 minuten durende kortfilm ‘Pan!c’, een visuele trip in en regie van Kris Verdonck. Die is intussen geselecteerd voor het filmfestival van Napels.
Deze EP leert ons dat de muziek van Diane Grace ook zonder gestoord gespuis op het podium en zonder YouTube-beelden overeind blijft. Het is smerige, rauwe en huilende bluespunk. Die wordt met een grove korrel en zonder veel nuances opgediend, maar dit soort muziek kan dat wel verdragen. Heeft dat zelfs nodig. Vernieuwend is het allemaal niet, maar niet elke muziekfan zit reikhalzend op een nieuw geluid te wachten. Dat nog steeds nieuwe, jonge bands teruggrijpen naar wat eind jaren ’70 van vorige eeuw als vernieuwend werd beschouwd, geeft mij zelfs het vertrouwen dat het wel goed komt met deze generatie van bands. Laat deze Diane Grace maar donker en wild stoeien op het podium. Met of zonder gestoord gespuis, maar laat dit vooral nooit saai worden.

An Autumn For Crippled Children

The Light Of September

Geschreven door

Shoegaze/ Black metal/Blackgaze
Qua ‘weirde’ bandnaam kan An Autumn For Crippled Children ( kortweg AAFCC) wel tellen. De inspiratie haalden ze uit een song van Ebonylake. Maar de naam is één ding, de muziek een andere en het belangrijkste ding.
Met ‘The Light of September’ zit de Friese band intussen aan hun zevende plaat. Met talrijke EP’s tussendoor. Dit in tien jaar tijd. Productief zijn ze dus zeker en vast. Sedert een aantal jaren zijn de synths erbij gekomen. Het heeft niet voor een stijlverandering gezorgd maar wel voor een verruiming van het geluid. Bijvoorbeeld op het openings- en tevens titelnummer waar de synths de song openen en vrij lichtvoetig klinken. De screamo’s brengen daar verandering in. Het gezapig en ‘rechtdoor’ tempo doet zelfs wat aan The War on Drugs denken. “New Hope” is eerder een liefelijke track dat je onder postrock kan plaatsen. Enkel de vocals verstoren dit liefelijke tafereel. “Fragility” is een heel mooie track. Het opent met een mooie pianolijn. Heel subtiel en bijna onhoorbaar wordt de track dan verder opgebouwd om halverwege helemaal open te barsten en te ontsporen. Ook “The Silence Inside” is een aanrader. Mooie samenhang tussen percussie, piano en bas. “A New Day” heeft een beklemmende, vervreemde sfeer in zijn genen hangen. Fijn gedaan. Het mist zijn effect niet.
Gedurende negen songs weet het trio van AAFCC ons mee te voeren in hun weirde, apocalyptische wereld. Een verrassend en veelzijdig album dat ons zegt dat hun formule nog verre van uitgemolken lijkt. Voor liefhebbers van Deafhaven, Alcest, Myrkur…

Suede

Suede - Een goeie mix tussen goeie nieuwe songs en oude sterkhouders

Geschreven door

Suede bestaat al sinds 1989. Mens, we worden oud. Het lijkt amper tien jaar geleden dat ze de Britse hitlijsten en tabloids aanvoerden. Helaas niets is minder waar. De band stopte in 2003 en Brett Anderson richtte The Tears op waarin hij terug samenwerkte met Richard Butler (de eerste gitarist van Suede). Daarna ging hij solo. Dat werd niet echt een succes. In 2010 kwam er een reünietour en in 2013 kwam Suede op de proppen met het goed onthaalde ‘Bloodsports’. In 2016 hadden we het eveneens goed onthaalde maar donkere ‘Night Thoughts’ dat vergezeld was van een speelfilm. Nu zijn we terug 2 jaar later en krijgen we ‘The Blue Hour’ waarmee Anderson en co de zalen mee rondtrekt. Benieuwd hoe hij dit zal brengen waren we in ieder geval.

We kregen eerst het schatplichtige voorprogramma in de vorm van Gwenno. De frontvrouw had een ferme stem en weirde moves. De band produceerde verdienstelijke indierock. Niets meer maar zeker ook niets minder.

Voor het begin van het optreden van Suede werd een gordijnnet vóór het podium opgehangen. Klokslag 9 uur klonken de tonen van “As One” wat het startsein was. Witte spots vanop het podium zorgden dat je de bandleden als schaduwen zag opkomen. We kregen drie nieuwe nummers “As One” , “Wastelands” en “I Don’t Know How To Reach You”. Allemaal vanachter het gordijn. Gelukkig lieten ze daarna het gordijn opengaan wat het contact met het publiek een stuk groter maakte. Op de achtergrond stijlvolle visuals. Daarna kregen we een rij bekend materiaal met o.a. “We Are The Pigs”, “So Young”, “Flashboy”. Het tempo en de temperatuur gingen hierbij in de hoogte. Ook “Tides” en “Roadkill” die hierna kwamen, konden bekoren en stonden zeker hier op hun plaats. Daarna kregen we terug een rij hits (“Filmstar”, “Animal Nitrate”…) waarbij Brett het publiek en zichzelf verheerlijkte. Het moet gezegd worden dat Brett er niet alleen nog steeds goed uitziet voor zijn leeftijd maar ook nog steeds een geweldige stem heeft. “Europe is our Playground” was een meezing moment voor het publiek. Brett zong zonder versterking en met enkel een akoestische gitaar als begeleiding. En ja ook het publiek natuurlijk. Mooi. Afgesloten werd er met “The Invisbles” en het wondermooie “Flytipping”.
Voor de bisronde kregen we “The Beautiful Ones” en als afsluiter probeerde Brett van “Life is Golden” een nieuwe anthem te maken. Dat laatste nummer is trouwens geheel terecht de nieuwste single. Een heerlijke song.

Suede heeft een goed nieuw album uit. Live spelen ze de pannen van het dak. We kregen veel nieuw werk te horen en dat nieuw werk deed het live goed. Een prachtig en professioneel podium. Het gordijnnet mag wat mij betreft achterwege blijven omdat het afstand schept en er weinig mee werd gedaan. Voor de rest tip top.

Organisatie: Live Nation

Pagina 366 van 964