AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_03
giaa_kavka_zapp...

Lokerse Feesten 2015 – DAG 06 – Kaiser Chiefs – Jesus & Mary Chain – Mark Lanegan Band – La Muerte

Geschreven door

Lokerse Feesten 2015 – DAG 06 – Kaiser Chiefs – Jesus & Mary Chain – Mark Lanegan Band – La Muerte
Lokerse Feesten 2015
Grote Kaai
Lokeren
2015-08-05
Geert Huys en Johan Meurisse

Met La Muerte (***) haalden de organisatoren één van de meest eigenzinnige en compromisloze bands uit het rariteitenkabinet van de Belpop geschiedenis naar de Grote Kaai. Met hun aan The Birthday Party en The Stooges verwante nihilistische rioolrock waren de Brusselaars nooit sant in eigen land. Aan de andere kant van de landsgrenzen was La Muerte in de periode ’84-’94 echter niets minder dan een begrip in de betere undergroundkringen, o.a. dankzij een single of the week in NME, een BBC radiosessie met de legendarische John Peel, en een Europese tour met The Young Gods.
Twee decennia na de officieel aangekondigde dood is er nu eensklaps La Muerte v2.0 die naast oerleden Marc Du Marais en Dee-J verder nog drie verwante zielen huisvest uit Length Of Time en Channel Zero. Een beetje theater was in het verleden nooit ver weg bij de Brusselaars, en ook in Lokeren hield de band die reputatie enigszins staande. Met een zak over het hoofd getrokken leek Du Marais wel een soort gruntende Elephant Man die over het podium strompelde. Een foute knalgele sweater met het opschrift “Autoshop Johnny Timmermans Ninove” - een zaak die nota bene in het jaar van La Muerte’s comeback na 50 jaar onlangs de deuren heeft gesloten - maakte het plaatje compleet. Ook het muzikale recept, bestaande uit flarden averechtse bluesrock en vuige garagepunk afgewerkt met een vleugje industrial en wat samples uit westernfilms, bleef beproefd. De manische pletwals van Dee-J & co liet weinig ruimte voor melodie en herkenbaarheid, die kwamen er eigenlijk pas helemaal op het eind met flink vertimmerde versies van “Lucifer Sam” en “Wild Thing”. Luider en smeriger zou het vanavond niet meer worden, missie geslaagd dus voor de outlaws van La Muerte.

Mark Lanegan (****) en de Lokerse avondzon, het leek ons op voorhand eerlijk gezegd geen winnende combinatie. De rijzige Amerikaan, zijn vaste orkestleider Aldo Struyf en hun jonge kompanen maakten echter van de nood een deugd en hadden de perfecte festivalset in elkaar gebokst. Weinig ruimte dus voor verstilde blues of rafelige gospel die enkel in gitzwarte concerttempels tot hun recht komen, maar des te meer uptempo songs die regelmatig de geest van wijlen Screaming Trees opriepen. “The Gravedigger’s Song” gaf het rauwe startsein met Lanegan’s schorre strot als hoofdingrediënt, en weg waren we voor een uiterst gevarieerd festivaluur waarbij voornamelijk uit ’s mans laatste drie albums werd geput. De donkere electronische beats onder “Ode To Sad Disco”, “Harborview Hospital”, en “Floor Of The Ocean” knisperden heerlijk weg op de hete tarmac van de Grote Kaai, maar evenzeer grossierde de ML band in sidderende bluesrock tijdens “Hit The City”, “Riot In My House” en de postume Screaming Trees song “Black Rose Way”.
Net als dit voorjaar in de AB gaf Lanegan een meer relaxte indruk dan zijn reputatie doorgaans laat uitschijnen. Er huist weliswaar geen volksmenner of spraakwaterval in de Amerikaan, maar toch was de man spraakzamer dan gewoonlijk. Hét kippenvelmoment van de avond diende zich aan toen hij het oorspronkelijk met Soulsavers opgenomen “Revival” aan een pas overleden vriend opdroeg. Met een withete dosis “Methamphetamine Blues” nam de groep afscheid van Lokeren, de plaats waar ons groot ongelijk werd bewezen: Lanegan kan je ook op klaarlichte dag diep in de ziel krassen, waarvoor onze welgemeende dank.

Over het Schotse Jesus & Mary Chain (****) van de broers Jim & William Reid kan er veel gezegd worden . Feit is dat hun materiaal  medio de jaren 80 baadde in onstuimige gekte, gekunstelde slordigheid en onverschilligheid . Band die stekeligheid , smerigheid, emotie en gevoeligheid samenbrachten in heerlijk materiaal!
‘Psychocandy’, baanbrekend album net dertig jaar teug, is er eentje dat we koesteren . Een kleine 15 jaar duurde hun carrière , maar hun werk had al beduidend wat minder spankracht sinds 94 met een ‘Stoned & dethroned’ .
Een eerste return van de broers was op het Coachella festival (2007) en 30 jaar na datum van hun debuut doen ze nu ook een rits concerten . De band stond aan de wieg van de shoegaze en samen met Sonic Youth hielden ze graag de gitaarpedalen ingedrukt .
In hun voetsporen hadden we bands als My Bloody Valentine, Ride, Slowdive , Loop en The House Of Love. Met een knipoog naar The Chameleons. Een recentere catalogue brengt ons bij Brmc, The Raveonettes , The soft moon , Big pink en A place to bury strangers . En je kan nog een enorme waslijst opnoemen van psychedelica bands die ook aanklopten bij de Schotse broers .
De ‘rewind’ concertreeks stond dus in het teken van deze ‘Psychocandy’ die integraal werd voorgesteld. De paddenstoelenkapsels van weleer hebben bij Jim plaats gemaakt voor een modale vijftiger , terwijl broer William , goed gezet, het nog graag houdt op zo’n Robert Smith kapsel en moeiteloos die spannende gitaarlicks speelt .

Persoonlijk moet ik al diep in m’n archief kijken wanneer we hen nog eens zagen … Futurama was memorabel mid80ies toen de band – neergestreken op de grond - het hield op (ultra) korte optredens in een mistig decor en sobere spotlights ; verder hadden we nog een optreden op Caracalla in Bellem , in onze buurt.

Dus die nostalgie deed ons hartje sneller slaan als deze plaat nog eens opgehoest werd, en de veertien nummers de revue passeerden .
“Just like honey” was de aanzet om in de juiste stemming te geraken . “Living end” , “The hardest walk” , In a hole” tekenden voor een band goed op dreef in het genre; vooral bij een “Never understand” , “Inside me” en afsluiter “It’s so hard” weet je wel waar vele bands de mosterd haalden , met die zwierige , galmende gitaarlicks en hun (noisy) effects .
Ze wisselden die fellere gitaarrock’n’rollende songs af , met sfeervoller, emotievoller werk ,  die weten te raken als “Taste of cindy” en “Something’s wrong”.
Even meegeven: de (noisy) effects waren in het totaliteit gedoseerd, en op die manier klonken ze toegankelijker.
Een heerlijk nostalgische trip ervaarden we meer dan een uur lang en de bijhorende nummers waren een schitterende keuze . Een broeierige, intense spanning hadden we van hun oeuvre,  “April skies”,  “Some candy talking” , “Head on” , Blues from a gun” en “Reverence” , die nazinderde en  mooi uitgesponnen werd  door de repetitief opbouwende ritmes.

“I wanna just die like Jeus Christ”, die muzikale pijn voelde je na zo’n reeks  nummers. Kortom, een ‘rewind’ concert om in te lijsten …

Tja die Kaiser Chiefs (***) van spring in ‘t veld Ricky Wilson , zijn al zo’n goede tien jaar bezig en werden al uitgenodigd op het nostalgisch event , TW Classic. De benevelde sound van die andere Britten werd weggeblazen door broeierige en energieke mainstreampop .
De Kaiser Chiefs zijn altijd wel goed voor een feestje , hoewel … als je de laatste cd’s op nahoudt , dan moeten we eerlijkheidshalve zeggen dat het scherpe randje er wat van af is en de uptempo stampers op het achterplan zijn geraakt . De vinnige stroomstoten hebben we nog steeds bij hun oudere songs , o.m. een “The angry mob” en “Everyday day I love you less & less” , in het begin van de set, en verder werden die mooi verdeeld in de set , waardoor we niet echt in een dip geraakten.
Een gretige Wilson wou zijn publiek knuffelen , het vuur aan de lont steken , alleen het publiek raakte nog niet op dezelfde golflengte en liet de dynamiek wat over zich heen waaien. Het was maar naar het eind toe , met “Ruby” , “I predict a riot”, het recentere “Coming home” en de Who cover “Pinball wizard” dat het publiek in beweging te krijgen was .
Toegegeven, ik genoot wel van die set die nog een paar oudjes tussenin had (“The moden way” , “Na na na na naa” en “Never miss a beat” , maar de nieuwere songs van een ‘Education, education , education & war’ misten die gezwindheid en opwinding.

Tja, na ‘I wanna just die like Jesus Christ’ kon “Oh my God” met handjes zwaaien en confetti het gitaarrock’n’roll avondje definitief besluiten. Een Lokerse Feesten ten top qua affiche dus …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2015/
Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Peace

Happy people

Geschreven door

Uit Birmingham zijn ze afkomstig en een smiley vinden we ongetwijfeld terug bij de groepsleden als de bandnaam , de albumtitels en de hoes . Toegegeven , ze menen het en ze doen ‘t wel oprecht . Zorgeloze Britse indiepop , met een reeks nummers die aangenaam klinken , een sfeervolle groove hebben en een hippie style ademen . Positivisme ervaren we bij de muziek van Peace , die naast de tien inwisselbare catchy  tracks  er nog acht toevoegen. Na de eerste drie “O you” , “Gen strange” en “Lost on me” weet je wel wat volgt . Ok in z’n totaliteit , maar niet echt verrassend .

Sufjan Stevens

Carrie & Lowell

Geschreven door

De NY se sing/songwriter Sufjan Stevens is al zo’n vijftien jaar bezig . Laatste groot wapenfeit ‘The age of adz’ en ‘All delighted people (EP)’ dateren al van zo’n vijf jaar terug. Hij is nu terug , waarbij zijn songschrijverstalent opnieuw tentoon wordt gespreid in een reeks kale , sober gehouden indiefolknummers verweven  in vederlichte gitaarmelodieën, - getokkel, piano, elektronica soundscapes en z’n fluisterstem. Geen uitbundig of rijk geschakeerd georkestreerde songs.  
Het is een intieme , intense plaat, ragfijn uitgewerkt met elf sterkhouders in het genre en met pijnlijke herinneringen in de teksten .

Bob Wayne

Hits the Hits

Geschreven door

Een hele opmerkelijke plaat die ons deze maand bereikt, is ‘Hits the Hits’, een coveralbum van Bob Wayne.  Deze singer/songwriter uit Seattle componeerde in het verleden al zes full albums met eigen countrysongs doch voor z’n nieuwe werkstuk veranderde hij het geweer van schouder. 
Ditmaal opteerde  de bebaarde man uitsluitend voor covers van bekende artiesten zoals Led Zeppelin, The Offspring, Ozzy Osbourne, Guns n’ Roses, Adele, Bob Marley, The Offspring,Gnarls Barkley en andere Beatles. 
Ondersteund door een uitgebreide band hertimmerde hij verschillende bekende tracks en overgoot die met een flinke countrysaus.  
Het resultaat is een zeer leuke plaat met enkele schitterende covers zoals “Sweet Child O’ Mine”, “Skyfall”, “Crazy” en “The Kidds aren’t Alright”.  Andere songs zoals “Under The Bridge”, “ I Shot The Sheriff” en “Sympathy For The Devil” konden ons iets minder bekoren maar halen toch een voldoende. 
Eén naam komt in iedere song naar voor  en dat is die van Johny Cash.  Geen toeval want Bob Wayne liet zich voor deze plaat inspireren door het iconische   ‘American Recordings’. 
Wie dit bijzonder album wil ontdekken, kan dat via http://bobwayne.org .

Strung Out

Transmission.Alpha.Delta

Geschreven door

Opnieuw is er een iconische punkband uit de Fat Wreck Chords-stal  die na jaren van relatieve stilte nieuw werk uitbrengt!  Dit keer is het de beurt aan Strung Out om met ‘Transmission.Alpha.Delta’, het eerste full album in zes jaar tijd op de wereld los te laten.  Kenmerkend voor Strung Out en dit nieuwe album is de  eigenzinnige mix van diverse stijlen waaronder (uiteraard) punkrock, speedmetal, poppunk, posthardcore en alternatieve rock. Niet alleen de twaalf diverse nummers op deze plaat verschillen van mekaar maar dat geldt  evenzeer voor de nummers op zich. 
Afwisseling troef maar er is wel 1 constante: het ongelooflijke tempo dat Strung Out er voortdurend op nahoudt.   Sommige punkpuriteinen zullen bij Strung Out de wenkbrauwen fronsen maar wat ons betreft is ‘Transmission.Alpha.Delta’ gewoon  een dijk van een plaat die staat van begin tot eind.   
Luister zelf maar naar catchy knallers “Rats In The Walls”, “Modern Drugs”, “Tesla” en “Go It Alone” en geniet van een band die jonge concurrenten  moeiteloos naar huis speelt! 

District 97

In Vaults

Geschreven door

Uit het Amerikaanse Chicago komt District 97, een relatieve jonge band die in 2006 het levenslicht zag.  De formatie kende haar doorstart in 2007 toen zangeres en American Idol-finaliste Leslie Hunt de gelederen versterkte.  ‘In Vaults’ is ondertussen al het derde album en het moet zeker mogelijk zijn om een doorbraak te forceren in de Lage Landen.
‘In Vaults’ is immers een ijzersterk progressief rockalbum.  District 97 lijkt goed geluisterd te hebben naar grote voorbeelden als King Crimson en Yes doch weet aan haar sound een zeer frisse, eigentijdse toets te voegen.  De progressieve rock wordt immers vermengd met jazz, metal, blues en zelfs en vleugje grunge.  Daarenboven zorgt de soulvolle, ietwat melancholische stem van Hunt voor een absolute meerwaarde. 
De negen tracks op ‘In Vaults’ zijn zeer afwisselend, rauw, catchy, meeslepend en minutieus opgebouwd. 
Meestal starten de songs vrij rustig om daarna uit te monden in een zinderende  finale.  Zelf waren wij vooral begeesterd door de uptempostukken zoals in openers “Snow Country”  en “Death By A Thousand Cuts”.  Ook “On Paper” konden wij als grungeliefhebber meer dan smaken.  Naar het einde van het album schakelt District 97  een versnellinkje lager.  
Een track als afsluiter  “Blinding Vision” weet ons zo minder te bekoren doch dat zal alles te maken met onze voorliefde voor het hardere genre. 
In ieder geval is District 97 een aanrader voor liefhebbers van moderne, progressieve rock.  Meer info vind je op http://www.district97.net

The Real McKenzies

Rats In The Burlap

Geschreven door

Wie het graag over legendarische punkbands heeft: The Real McKenzies uit het Canadese Vancouver is er zo eentje.  De formatie telt 23 levensjaren  en serveert ons met 'Rats In The Burlap' haar elfde full album.
Opvallend is alvast de cover van de plaat die gelijkt op het etiket van een lekkere fles Single Malt Whiskey.  Net als wij liefhebber zijn van deze sterke drank kunnen we ook de nieuwe composities van deze Canadezen smaken.
Net als grote bekende namen Dropkick Murphy's en Flogging Molley brengt ook  deze groep  een lekkere mix van folk en punk . Terwijl de eerste twee bands het culturele  Ierse erfgoed omarmen,  hebben de McKenzies middels de figuur van frontman Paul McKenzie Schots bloed door de aderen lopen.  Ondanks de vertrouwde muzikale formule  doet de band op  'Rats In The Burlap' duidelijk  zijn best om variatie te brengen: zo zijn er zowel  traditionele folkballads als snelle punksongs, er wordt voor zowel elektrische als akoestische gitaren gekozen en niet iedere track is vergezeld van de obligate doedelzakken.   Terwijl "Wha Shaw The 42nd" een onvervalste  voetenstamper blijkt, is "Midnight Train To Moscow" bijvoorbeeld een melodieuze punkrocksong in het verlengde van Bad Religion.  "Bootsy The Haggis-Eating-Cat" is misschien wel de meest opvallende, atypische song waarbij The Real Mckenzies een jazzy zijsprong maken. De plaat wordt dan weer afgesloten met de authentieke  punkrockballad "Dead Or Alive" waar een hoofdrol is weggelegd voor de rauwe vocalen van Paul Mc Kenzie.  Ook de andere acht tracks zijn meer dan de moeite en tonen dat er absoluut nog geen sleet zit op The Real McKenzies!

Twerps

Range anxiety

Geschreven door

Een mooi rammelend indiepopbandje is Twerps , een gezelschap uit Melbourne , die invloeden aanhaalt van een Feelies , Go-Betweens , The Chills , Yo La Tengo en Galaxie 500 …  en dan weet je ’t wel … met een dromerige , repetitief opbouwende ritmiek en het rauwe, stekelige randje . Het zijn meestal korte , kernachtige nummers en een paar langere, te koesteren , “I don’t mind” en “Empty road”.
Maar in het genre valt voldoende afwisseling te noteren  door stuwende , rockende tunes wat het album boeiend houdt .
Op die manier gaan we van “Back to you” ,”Stranger” naar “Simple feelings” en “Adrenaline” , die het houden op die kenmerkende man- vrouw zang die varieert en elkaar aanvult.
Kortom , dit is heerlijke vintage indie!

Binic Folks Blues Festival 2015 - Rock-‘n-roll springlevend in Bretagne

Geschreven door

Binic Folks Blues Festival 2015 - Rock-‘n-roll springlevend in Bretagne
Binic Folks Blues Festival 2015
Festivalkaai
Binic (Bretagne)
31/07, 01 & 0208/2015
Ollie Nollet

Binic Folks Blues Festival 31/07, 1 & 2/08 - Eén lange maar boeiende aanloop naar de peetvaders van de garagerock, The Sonics

Het idyllische Binic (Cotes d’Armor, Bretagne) begint stilaan letterlijk uit haar voegen te barsten tijdens het Folks Blues Festival. Sprak men vorig jaar van zo’n 25000 à 30000 bezoekers, dan waren er dit jaar waarschijnlijk opnieuw een pak meer. Hoe dit eclatante succes te verklaren is blijft een beetje een raadsel.
De programmatie lijkt me niet meteen de reden voor deze enorme volkstoeloop. Ok, dit jaar hadden ze The Sonics maar wat dacht je van de drie headliners op vrijdag : Son Of Dave, JC Satan en Urban Junior? Dat zijn drie namen die niet eens de Pit’s laten vollopen (de laatste twee speelden er ook effectief) en toch kon je er op de koppen lopen. Een betere verklaring is wellicht het feit dat dit een gratis festival is en misschien nog meer het totaal ontbreken van ook maar enige controle. Iedereen is er vrij zijn eigen drank mee te brengen wat dan ook massaal werd gedaan. Het was echt opvallend dit jaar. Er waren overal glascontainers geplaatst maar die konden de gigantische toevloed aan leeggoed echt niet slikken. Dat kolossale drankverbruik uitte zich ‘s avonds telkens in een immense moshpit met talloze crowdsurfers terwijl de sfeer er steeds opperbest bleef en incidenten gelukkig uitbleven. Een ideale situatie ook voor de groepen die slechts zelden of nooit zo’n respons krijgen.

dag 1 –vrijdag 31 juli 2015

Mijn parcours begon vrij teleurstellend bij James Finch Jr, een halfzachte singer-songwriter uit San Francisco, die enkel te pruimen viel als hij zijn gitaar wat gruizig liet mijmeren. De bassist hoorde dan weer beter thuis op een kermis en dat niet alleen vanwege die onnozele zonnebril.

Hot Flowers, een duo uit Bordeaux, begonnen vol vuur en lieten me twijfelen tussen een oude Crypt-band en Madensuyu maar na zo’n 20 minuten was het vet van de soep en moesten we het stellen met een derderangs Digger & The Pussycats.

Veel beter verging het The Blues Against Youth, een one-man-band uit Rome. Gianni TBay hield het bij tamelijk pure country en blues en kon aardig overweg met zijn gitaar. Jammer van de wel erg vlakke zang maar wie Townes Van Zandt en Hank Williams in één en dezelfde set covert krijgt van mij veel krediet.

La Bastard uit Melbourne was één van de vele groepen uit de stal van Beast Records, het platenlabel uit Rennes. Een surfgroep met een voluptueuze zangeres, het deed me dromen van Shannon and The Clams maar hier hadden we toch geheel ander vlees in de kuip. Powerpop en powersurf met een als bezeten tekeer gaande gitarist die duidelijk de tijd van zijn leven beleefde. Sympathiek, dat zeker maar ik krijg mijn surf liever wat subtieler geserveerd.
‘Subtiel’ zal waarschijnlijk ook niet in het woordenboek van Henry’s Funeral Shoe (Wales) staan. Toch konden de broers Aled en Brennig Clifford me moeiteloos inpakken. Het ging hier om bluesrock in een minimale bezetting met uitvergrootte riffs van een wijdbeense gitarist die het grote gebaar niet schuwde en met vooral een geweldige drummer die regelmatig zo’n half metertje boven zijn stoel uitwipte.

JC Satan uit Bordeaux (enkele leden komen oorspronkelijk uit Turijn) bleek geëvolueerd van een Thee Oh Sees-kloon naar een niets ontziende pletwals van noise, psychrock, garage en zelfs een snuif progrock. Gitarist Arthur Satan trok met zijn, van de smeerolie druipende, gitaar alle aandacht naar zich toe terwijl zangeres Paula zich eerder bescheiden opstelde en me een paar keer deed denken aan onze eigenste Little Trouble Kids. Maar JC Satan is tegenwoordig met niets of niemand meer te vergelijken en hield het volledig volgelopen plein aan de Pommelec scène, dat minstens vijfmaal groter was dan vorig jaar, compleet in de ban.

One-man-band Urban Junior bedient zich van synths, gitaar, drums en een 80’s beatmachine terwijl hij door een megafoon zingt. Niet gewoon dus en daarbij haspelt hij ook nog eens alle genres door elkaar : van blues tot disco. Iets teveel elektronica naar mijn gedacht maar daar zullen de vele danslustigen zeker geen boodschap aan gehad hebben.

dag 2 - zaterdag 01 augustus 2015
De zaterdag werd fijn geopend met meteen één van de revelaties van het festival. The Lame (Turijn) bracht naast enkele ranzige punknummers en een stevige bluesstomper vooral ‘80’s gitaarrrock (zeg maar Green On Red) maar dan wel in Crypt-stijl : twee gitaren en drums. Hun plaat is trouwens gemasterd door Crypt-opperhoofd Tim Warren. Naast de geweldige zanger Stefano Isaia (ook actief bij de Movie Star Junkies) wil ik zeker ook de flamboyante drumster, Maria Mallol Moya, die tevens zorgde voor een sexy tweede stem, vermelden.

Shake It Like A Caveman (one-man-band uit Tennessee) moet tijdens de allereerste editie van BFBF nogal wat indruk gemaakt hebben. Ik vond hem net iets teveel het publiek bespelen met zijn funky blues. Halfweg kwam de Franse saxofonist Pierrot Rault voor een verfrissende wind zorgen.

Delaney Davidson (Nieuw-Zeeland) zorgde in zijn eentje voor een bijzonder indrukwekkend geluid. Hij leek wel te toveren door verschillende lagen samples (van zijn stem, van zijn gitaar en van het getokkel op de klankkast ervan) op elkaar te stapelen. Het mooie eraan was dat het nog feilloos werkte ook. Even mocht Izobel Garcia (Los Angeles), die vorig jaar ook al met Reverend Beat-Man mocht opdraven, hem vervoegen. Maar na twee nummers (waaronder datzelfde Mexicaanse volksliedje van vorig jaar) liet hij haar met een dwingend handgebaar het podium alweer verlaten. Terecht want Delaney Davidson’s blues verdroeg geen inmenging van derden.

Het Franse duo Hummingbird (Nîmes) was op het eerste zicht niet bepaald publieksvriendelijk. De zanger-gitarist, Sylvain Arnaux, zat neer terwijl de drummer zich verborg achter een hangende basdrum. De twee bezorgden ons aan 16 Horsepower verwante americana waar echt wel enkele heel knappe dingen tussenzaten maar waar ik na een tijdje toch het etiket ‘aanvaardbaar’ op kleefde. Zo publieksonvriendelijk waren ze nu ook weer niet want een op het einde duidelijk aangeschoten Arnaux deelde zijn fles whisky gul met het volk.

De laatste plaat “Wayne interest” van Tijuana Panthers vind ik eerlijk gezegd een sof maar hun zonnige surfpop gedijde hier uitstekend. Mede dankzij de uitzinnige reacties raakte de steeds forser spelende band meer en meer op toerental terwijl ik me kostelijk amuseerde met het in de gaten houden van de gitarist, een Benny Hill lookalike!

Afsluiter op het grootste podium (La Banche) was Ought uit Montreal dat een plaat uit heeft op het gerenommeerde ‘Constellation Records’. De vier jongelingen brachten verrassend gevarieerde postpunk, flink gekruid met wat noise, en beschikten met Tim Beeler over een fameuze zanger die zijn stem (ergens te situeren tussen Ian Curtis en Scott Walker ) flink liet galmen. Vooraf leek Ought een wat vreemde keuze maar achteraf kon ik er best mee leven.

dag 3 – zondag 02 augustus 2015
Prima start op zondag met meteen een feestje : Hipbone Slim & The Kneetremblers (Londen) wisten met hun authentieke fifties rock-‘n-roll vooral de vrouwen aan het dansen te krijgen. Af en toe mocht er iemand op het podium kruipen om de maracas te schudden, iets wat dan weer de mannen meer interesseerde. Heerlijk ook hoe ze Gene Vincent nog eens van onder het stof haalden terwijl ik het altijd fijn vind om de flegmatieke drummer, Bruce “Bash” Bland terug te zien.

Kaviar Special, vier jongelingen uit Rennes, laveerden tussen sixties garage, psychrock en grunge wat tot een aanstekelijk en verfrissend resultaat leidde, ook al omdat de Black Lips meermaals om de hoek kwamen loeren.

Heel wat minder vond ik het duo Escobar uit Limoges. Powerpunk met een goeie gitaar en dito drums die na een tijdje de eentonigheid niet kon ontwijken terwijl de zang te veel in de glamrock baadde.

Met Ron S Peno & The Superstitions (Melbourne) had ik het soms moeilijk. Schitterende groep waarin vooral gitarist Cam Butler en toetsenman Tim Deane de uitblinkers waren maar Ron S Peno zelf werkte met zijn licht obscene gebaren me soms op de zenuwen. BFBF is altijd erg karig met informatie over de groepen zodat ik ze niet meteen kon plaatsen. Maar toen ze een cover speelden van Died Pretty (wie kent ze nog?) begon het me stilaan te dagen. Dit was gewoon de zanger van Died Pretty die ook nog bij Screaming Tribesmen een verleden heeft. Wanneer ik mijn aversie wat opzij kon duwen hoorde ik bij momenten de keel toesnoerende gitaarrock met knap uitgewerkte songs.

Harlan T Bobo (Memphis) kwam daarna zijn sympathieke zelf zijn en sprong al snel van het podium om zijn fans uitgebreid te knuffelen. Hij zag er wat sjofel uit mede door die handig, met zwarte tape, herstelde laars maar bleek goed geluimd en vertelde ons zelfs over zijn erotische dromen met Paula H. van JC Satan in de hoofdrol. De set begon met enkele van zijn sterkste nummers, kende daarna een dipje om superieur te eindigen met wat nijdig rockende songs.

Uiteindelijk was het zover : tijd voor de groep waarop iedereen al drie dagen zat te wachten : The Sonics. Ik had strategisch helemaal vooraan postgevat omdat ik wel wist wat er zou gebeuren. Vanaf de eerste noten veranderde het plein in een gigantische moshpit waarboven in een dikke stofwolk talloze crowdsurfers elkaar kruisten. En de veteranen deden, alsof er niets aan de hand was, gewoon hun ding zoals altijd : beginnen met “Cinderella om te eindigen met “The witch”. Tussendoor veel songs uit de nieuwe plaat, ‘This is The Sonics’, die zeker niet stoorden en een geweldige cover, “Keep a-knockin’” (Little Richard), gegild door ‘nieuwkomer’ Freddie Dennis. Ik heb het nu al vele keren gezien en weet telkens perfect wat er zal komen, toch blijft het een verademing om Rob Lind (sax), Larry Parypa (gitaar) en Gerrie Roslie (die op het einde ondanks zijn 71 lentes nog gezwind een been op de toetsen van zijn piano zwiepte) aan het werk te zien. Terwijl het stof geleidelijk neerdwarrelde had ik nog aanzienlijk wat werk om alle ingewanden terug op hun plaats te krijgen.

Binic Folks Blues Festival : het blijft een uniek gegeven.

Organisatie: Binic Folks Blues Festival

Brakrock 2015 - zalig kleinschalig!

Geschreven door

Brakrock 2015 - zalig kleinschalig!
Brakrock 2015
Park Kasteel ter Elst
Duffel
2015-08-01
Hans De Lee

Op wereldvlak moet Vlaanderen volgens mij toch de plaats bij uitstek zijn waar tijdens de zomermaanden zowat het meeste festivals doorgaan op zo’n bescheiden oppervlakte!  Elk gehucht, dorp of stad heeft wel zijn eigen feesten, openluchtconcerten, festival of muzikaal evenement!  En tal van vrijwilligers en muziekliefhebbers zetten wekelijks met een groot hart hun beste beentje voor om elk evenement succesvol te laten verlopen.

Brakrock in Duffel is daar sinds een paar jaar een mooi voorbeeld van en heeft zich vooral toegelegd op een gevarieerd aanbod uit het punkrockgenre. Tot het grootste festival in Vlaanderen zal het allicht nooit uitgroeien, en dat is maar goed ook, maar het hoort zeker bij de kanshebbers om te titel van sympathiekste festival in de wacht te slepen.  Ongedwongen, budgetvriendelijk, kleinschalig, met oog voor het milieu en in een prachtige omgeving kunnen zowel inlands punkrock talent als enkele internationale acts hun ding doen op 2 podia tussen de bomen, naast het water van De Nete en in de schaduw van de kasteelruïnes van Kasteel ter Elst.

YOU NERVOUS? uit Lokeren en omstreken mocht de spits afbijten en deed dat met veel plezier en overgave!  Hun frisse punkrock pur sang klonk heel aanstekelijk en kon de eerste Brakrockbezoekers meteen overtuigen.  Deze gasten hebben de juiste spirit en energie en zullen ongetwijfeld nog groeien en bekender worden.  Veel zal afhangen van de kwaliteit en de reactie op hun eerste CD die allicht nog dit jaar wordt uitgebracht.  Ik ben alvast fan en wens hen veel succes in de toekomst, te beginnen bij hun optreden in Slovenië op Punk Rock Holiday!

GENERATION 84 was de volgende band, alweer van eigen bodem en alweer van zeer degelijk niveau.  In hun (punk)rock zaten live wel iets meer metal en hardcore invloeden verwerkt en ook de zanger wisselde met zijn krachtige stem geregeld tussen cleane vocals en indrukwekkende screams.  Het nummer “Production Line” is mij het meest bijgebleven.

Net als Ieperfest kreeg Brakrock af te rekenen met heel wat (last minute) cancels en zo viel Victims of Circumstance in laatste instantie nog weg en zou The Decline pas veel later op de dag kunnen spelen wegens ‘geblokkeerd’ in Duitsland. Eerder had ook al headliner Guttermouth het laten afweten.  Jammer maar helaas en hoedje af voor organisator Kim Vervoort en team om toch nog alle gaten in de affiche netjes op te vullen.  Respect!

En zo kwam totaal onverwacht het hardcore ensemble MOMENTS uit Tessenderlo invallen op de Riverstage (mainstage naast De Nete).  Hun stevige, agressieve set kwam zeer overtuigend en intens over.  Wat een brok melodieuze hardcore was me dat.  Check maar eens een nummers als “The Architect” van hun recente CD ‘Hopes & Dreams’ en overtuig jezelf.  Met dit nummer sloten ze een sterk optreden in Duffel af!

SET THINGS RIGHT zette als het ware het optreden van Moments verder.  Opnieuw hardcore van de bovenste plan uit Vlaanderen.  Na een bombastische intro werd meteen hard van leer getrokken en wisselden loodzware stukken af met meer melodieuze passages.  De dubbele vocalen klonken zeer geslaagd en ‘vloeiden’ mooi in elkaar over.  Het deed mij af en toe denken aan Stick to your Guns.  De CD ‘This is Home’ bewijst wat deze kerels in hun mars hebben en smaakt alvast naar meer.

THE DECLINE zat zoals reeds gezegd hele tijd vast in Duitsland en kon niet tijdig in Duffel geraken daarom werd F.O.D.  zo goed gevonden om het gat in de affiche snel op te vullen en hun optreden was een schot in de roos.  De zoveelste punkrockband uit Vlaanderen luisterde dus onverwacht het Brakrock publiek op met hun melodieuze punkrock, goed in het oor liggende songs van CD ‘Tricks of the Trade’ en zelfs een cover van openingsband YOU NERVOUS? (met leden van die band op het podium).  Alweer het bewijs dat punkrock in Vlaanderen toch echt wel leeft en er heel wat kwaliteit zit in een generatie van bands die dapper timmeren aan de lange weg naar (h)erkenning en succes.

Met SKIN OF TEARS zag ik de eerste buitenlandse act aan het werk.  Deze skatepunk ‘veteranen’ uit Duitsland bestaan al sinds 1991 en hun (bescheiden) succesnummers dateren al van een tijdje terug maar toch rocken ze nog als de be(e)sten en heeft frontman Torsten nog niets verloren aan uitstraling en energie.  Zijn rauwe stem klinkt wat a-typisch voor het genre maar niet minder overtuigend.  In de set zitten een paar pittige nummers die worden getest alvorens de groep in september de studio ingaat voor opnames van een nieuwe CD.  Fijn optreden!

NOT ON TOUR is altijd wel een beetje een vreemde eend in de bijt aangezien de band afkomstig is uit Israël (Tel Aviv) en dan nog geleid wordt door een ferme madam (Sima) on vocals.  Ik zag ze een tijdje geleden al aan het werk tijdens Groezrock en wist dus wat er mij te wachten stond : een potige set originele punkrock met ballen.  Voor het podium was het vrij druk en Not on Tour bevestigde hun reputatie moeiteloos met een overtuigend optreden.  Ondermeer ‘Dirty Envelopes’ klonk snel, fris en energiek.  Mooi was het moment waarop een nummer werd opgedragen aan Tony Sly, de zanger van No Use for a Name, die 3 jaar geleden overleed.

Uit Nederland was singer-songwriter TIM VANTOL komen overwaaien.  Met zijn originele mix van rock, country en rockabilly was het wel even wennen tussen al het punkrock en hardcore geweld van de dag.  Plots stond er immers een contrabas en een ‘klassieke’ gitaar op het podium…maar hij kweet zich met veel lef en enthousiasme van zijn taak en de respons van het publiek was navenant.  Mister Vantol en zijn muzikanten rockten en swingden dat het een lieve lust was.  Complexloze en heel geslaagde set!

Tijdens het nuttigen van een veggieburger en enkele bio-biertjes hoorden we THE SETUP uit een heel ander vaatje tappen.  Zoals altijd trakteerde deze bende uit Antwerpen de aanwezige fans en kijklustigen op een vette hardcoresound recht in het gezicht!  Gebracht met veel passie en overgave.  En dat al sinds 2002 en met een paar ‘genietbare’ CD’s op hun palmares.

Door het wegvallen van Guttermouth was het voor mij vooral uitkijken naar mijn persoonlijke headliner TEENAGE BOTTLEROCKET uit Wyoming (USA).  Dit viertal sierde paar jaar geleden ook al  de affiche van Brakrock en stond dit jaar ondermeer op Groezrock. 
Hun muziek is net als de heren zelf van pure (punk) rock’n’roll makelij,  in de goede traditie van hun grote voorbeelden The Ramones.  One, two, three, four…en rammen maar! 
Na de gekke intro van Black Eyed Peas begonnen de broers Ray en Brandon samen met collega Kody en Miguel in een rotvaart punkrocknummers van 2 minuten te lanceren op het talrijke publiek! “Skate or die” en “Bigger than Kiss” zaten vooraan in de set zodat de boel al van bij het begin genadeloos ontplofte.  Daarna werden vooral nummers gespeeld van de recente CD ‘Tales from Wyoming’ (I found the one, I wanna die, They call me Steve enz…), afgewisseld met een paar krakers van vorige CD’s, een cover van een Tony Sly –song en een medley met flarden van Metallica en The Ramones (Blitzkrieg Bop).  Het nummer “Headbanger” werd opgedragen aan hun metalhelden van Slayer.  Net als alle vorige optredens die ik van de band zag was het genieten van begin tot einde! Thanks dudes!

Voor mij zat Brakrock 2015 er na deze act op maar voor de blijvers was er nog Get Dead!, The Decline en afsluiter Diablo BLVD!  Een uitstekend trio om deze geslaagde en zonnige editie van het Duffelse festival met brio af te sluiten.  See you next year brakpeople!

Organisatie: Brakrock

Pagina 522 van 964