logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Suede 12-03-26

Het Zesde Metaal

Nie voe kinders

Geschreven door

Het West-Vlaamse Het Zesde Metaal is al een kleine tien jaar bezig en draait rond zanger/componist Wannes Cappelle , die  nu al toe is aan zijn derde plaat . ‘Nie voe kinders’ volgt ‘Akattemets’ en ‘Ploegsteert’ op . In een wisselende bezetting werkt hij in het West-Vlaams pakkende , boeiende songs uit, die op sobere of op een meer bredere wijze eenvoudig, broeierig en subtiel uitgewerkt zijn . Die taal en de muziek communiceren met elkaar en zoals hij het zelf omschrijft in één van de nummers “het zit ‘em allemaal wel goed in elkaar”. Vriendschap , liefde en wereldproblematiek , je hoort het ergens wel allemaal in deze deftige reeks songs . “Gie , den otto en ik” en “Dag zonder schoenen” zijn enorm sterk.
Er valt verder voldoende afwisseling te noteren o.m. een sfeervol dromerig “Bouwt ip mie” , een rockend “Vaskes” , een poppy “Genezen” , de roots van “Ik ga niet storen” of een ingetogen “Zet mie af” op piano. Nederlandstalige muziek die intrigeert!

Marianne Faithfull

Give my love to London

Geschreven door

Deze ‘pop noir’ dame kon na een zelfdestructieve periode een sterke comeback maken; nog steeds wordt ze na een bewogen jong leven gerespecteerd. In de loop van vijf decennia is Marianne Faithfull uitgegroeid tot één van de grote dames van de popmuziek. 
Het afgelopen jaar heeft ze een rustperiode moeten inschakelen , gezien een gebroken rug haar aan bed kluisterde .
Intussen hield haar creativiteit niet op en kon ze aankloppen bij een rits artiesten die mee de nummers schreven o.m. Steve Earle , Tom McRae, Ed Harcourt, Anni Calvi tot Roger Waters en Nick Cave , haar zielsverwant binnen de donkere romantiek. 
Haar gruizige, grauwe, rokerige stem geeft kracht, emotionaliteit en kwetsbaarheid. Opnieuw hebben we  een mooie, afwisselende cd ; de songs hebben een broeierige ondertoon , kunnen weerbarstig zijn , zelfs behoorlijk stevig voor haar doen of ze tuimelen in de intimiteit .
Het geheel straalt een vaudeville stijl uit en balanceert tussen indringend gevoel en een optimistische stemming.
“True lies”, “Sparrows will sing” en de titelsong intrigeren al meteen en zijn mooi uitgewerkt; even intens spannend  klinken “Mother wolf” iets verderop de plaat en met de poppy cover (Bryan Ferry / Everly Brothers) “The price of love” overtuigt ze even sterk  . Maar geen Faithfull zonder een sfeervolle benadering , te horen op “Love more or less” , “Late victorian holocaust” of “Falling back” , “Deep water” en “Going home” .
Een grenzeloos respect hebben we voor haar en dat krijgt ze evenzeer van veel artiesten en bands. Klasse dus!

The Baboons

Uptown And Back Again

Geschreven door

The Baboons spelen rootsrock die lijkt te zijn ontgonnen in Amerikaanse zuiderse gronden. De sound leunt aan bij The Blasters, Dave Edmunds en The Paladins en de vijf heren hebben gezamenlijk een bundel Bo Diddley en Chuck Berry wortels verorbert. Als we dichter bij huis naar referentiepunten zoeken dan komen we algauw bij de onvermijdelijke Seatsniffers terecht. De blues dus, maar dan niet de katoenpluk- of Chicago versie, wel de meer swingende vertolking vermengd met country (“Devil Moon”, “Shade Of Blue”, “She’s Sweet”), een flinke scheut soul (“Rain”, “I’m Just A Fool To Care”), old school rock’n’roll (“Texas Sun”) en rockabilly (“Hard To Cool Down”, “No Way Out”). Niks origineels, maar het swingt lekker de pan uit, en daarmee zijn we meer dan tevreden.
Onder meer te bewonderen in Nijdrop Opwijk (27/03), Trix Antwerpen (18/04) & N9 Eeklo (12/06).

Statue

Calexico Point

Geschreven door

Een stel jonge Belgen springt nu ook op de steeds voller lopende Krautrock-trein, bands als Monomyth, Follakzoid, Chris Forsyth & The Solar Motel Band en Camera achterna, en op zoek naar de achterliggende roots van Can, Neu! en ook wel een beetje Television. In de bio heeft het zestal het zelf over Pink Floyd en Sonic Youth, maar wij spreken nogal graag eens bio’s tegen. Pink Floyd is trouwens te ver gezocht, en voor Sonic Youth zit er te weinig gruis tussen de groeven (leg nog eens ‘Sister’ en ‘Evol’ op en u zal weten wat we bedoelen).
Wat we u wel kunnen vertellen is dat Statue’s tweede album ‘Calexico Point’ een bijzonder knap en volledig instrumentaal werkstukje geworden is waarin maar liefst vier gitaren het mooie weer maken zonder elkaar in de weg te lopen. Integendeel, ze worden in laagjes op mekaar gestapeld en blijven steeds verder prikkelen, de ene keer ingetogen, de andere keer hard en uitgelaten. Geen gezongen woord te bespeuren in de songs zelf, maar bij het kiezen van de songtitels hebben de jongens zich eens goed laten gaan, wat dacht u van “Go March Or Get Some Exercise”, “The Cricket and The Woodpecker” of “Rilatine For A Rabbit Syndrome”, trouwens een prachtig ding die onderweg guitig de gitaren laat aanwakkeren en dan eindigt in een rustig dwarrelend surfwatertje. Ook de afsluitende titelsong is een pareltje, hiervoor halen we met plezier de superlatieven boven die we ook veil hadden voor het betere werk van Mogwai, Explosions In The Sky en Crippled Black Phoenix.
Een bijzonder moedige keuze trouwens om volledig instrumentaal te gaan, want hiermee hebben ze meteen ook alle kans op een beetje airplay bij StuBru op de helling gezet. Fuck Stu Bru, hier is het de muzikale kracht en intensiteit die primeert, niet de zogenaamde coolness of hippe sound. Statue is tenminste nog eens een band met een volledig eigen smoel, en daar is het dikwijls ver naar zoeken in ons apenlandje.
‘Calexico Point’ is een avontuurlijk, boeiend en gelaagd album, en zo worden er veel te weinig gemaakt in onze contreien.
‘Calexico Point’ wordt voorgesteld onder meer op Fons Label Nights (27/03 MOD Hasellt), in Café Café Hasselt (16/04), Fatkat Antwerpen (18/04), De Living (10/05 Heist Op Den Berg) en Vk Molenbeek (22/05).

José Gonzales

José González – Geserveerde puurheid

Geschreven door

José González – Geserveerde puurheid
José González – Olöf Arnalds
Koninklijk Circus
Brussel

José González is de man waar we vanavond op stonden te wachten. De 36 jarige Zweed met Argentijnse roots bracht zijn eerste langspeelplaat ‘Veneer’ uit in 2003. Een doorbraak was hier nog niet mee gemoeid. Deze kwam pas 2 jaar later wanneer zijn akoestische cover van ‘The Knife’ met “Heartbeats” internationaal werd opgemerkt in een kleurrijke reclamespot. In de voorbije twaalf jaar, toerde hij solo, toerde hij met de band Junip en schreef hij de soundtrack voor de film ‘The secret life of Walter Mitty’. Zo komen we in 2015 waar we na 7 jaar lang watertanden eindelijk kunnen proeven van zijn nieuwe solowerk.  Het album ‘Vestiges & Claws’ is een waardige opvolger waarbij José trouw gebleven is aan zijn succes formule: de bedrieglijke eenvoud, een klassieke gitaar, summiere percussie en als kers op de taart: zijn stem.

Het voorprogramma werd verzorgd door Olöf Arnalds. Een jonge dame van amper dertig jaar uit de welgekende IJslandse ‘Arnalds’ familie en reeds bekend van de groep Múm. Vergezeld door een tweede gitarist bracht ze sobere songs waarbij haar stem de hemel kon bereiken. Zo fragiel, beetje theatraal en enorm puur zijn de drie kenmerken die ik haar toeschrijf. Algemene conclusie: een sympathiek voorprogramma. 

Een net niet uitverkocht Cirque Royal, stond te tieren voor José González. Op het podium verscheen hij met maar liefst 4 extra man. Twee hanteerden allerlei slaginstrumenten, een derde als extra gitaar en een vierde stond achter de ‘keys’. Op een verhoogd podium, met als achtergrond een groot zwart doek met witte bergen, namen ze plaats met José in het midden. Hij opende met het nieuwe werk. Nog geen maand oud maar precies al bekend in de oren van het publiek. Het enthousiasme zat erin, er hing een goed geluimde sfeer in de zaal.

Na het nummer “What will” liet de band José alleen achter op het podium. De grote lichten doofden en de witte bergen in het sobere doek lichtte plots op. De spot ging aan en daar klonken de tonen van “Crosses”. Het publiek gaf blijk van appreciatie, maar doofden al snel de stembanden en het handgeklap om te genieten van José op z’n puurst. Prachtig was dit. Vervolgens speelde hij “Hints” waarin hij een slag mistte. Deze fout werd door het publiek goed onthaald, het was voor hen een teken van ‘echt en puur’ muziek maken. Zo kon José rekenen op een oorverdovend applaus na dit nummer. Je zag dat hij genoot om voor ons te spelen.
Na het nummer “With the ink of the ghost” verscheen de band terug op het podium en werd het concert alleen maar beter. Het publiek werd alleen maar meer mee op sleeptouw genomen door het indrukwekkende samenspel van de band.  Tot slot trakteerde José ons bij de bis op een samenspel met Olöf Arnalds (het meisje uit het voorprogramma). Zo brachten ze een schattige cover van “I’ll be your mirror” van The Velvet Underground.
De show was een goede mix van  het oude werk, het nieuwe werk, een Junip nummer en covers. Een deel van het publiek had misschien gehoopt op een van de soundtracks uit de film ‘The secret life of Walter Mitty’, maar deze kwamen niet aanbod. Voor mij persoonlijk kon zijn set niet beter in elkaar zitten.

Op het einde van het concert heb ik de gewoonte om de setlist op te vragen. Deze kwam helemaal niet overeen met wat de band werkelijk had gespeeld. Zo stonden er maar 13 nummers op terwijl we er 20 hebben gekregen en kwam de volgorde niet overeen. Dit getuigt van een concert op maat van het publiek. Chapeau!
De algemene conclusie luidt als volgt. José González maakt zijn plaat waar op het podium. Even eerlijk als doordacht weet hij de nummers over te brengen in een live gebeuren zonder gebruik te maken van overroepen showelementen. Hij staat er zoals hij is, een echte sympathieke topmuzikant.

Setlist: Afterglow, Stories, Carry, Killing for love, In our nature, What will, Crosses, Hints, Heartbeats, Stay in the shade, With the ink of a ghost, Home, Always (Junip), This is how we walk on the moon, Teardrop, Down the line; Bis: I’ll be your mirror (The Velvet Underground), Every Age, Leaf off/The cave

Organisatie: Botanique, Brussel

Steve Wynn

Steve Wynn Solo + Electric = Adrenalin

Geschreven door

Wat hebben Elvis Costello, Grant Hart en Bob Mould met elkaar gemeen? Wel, behalve dat ze alle drie behoren tot het pantheon der songwriting performers werden ze de voorbije maanden in allerhande achterafzaaltjes in cognito gespot door hun collega Steve Wynn, telkens enkel gewapend met een elektrische gitaar en een amp. De immer kwieke Wynn hield er nadien een geniale ingeving aan over. Na een drukke reunie tour met oerband The Dream Syndicate vond de sympathieke Amerikaan namelijk de tijd rijp voor een nieuwe solo oversteek richting Europees clubcircuit, voor het eerst niet akoestisch maar wél in het gezelschap van een elektrisch aangedreven sixstring.

Voor de enige Belgische passage tijdens zijn ‘Solo Electric’ tour koos Wynn voor een wel erg bescheiden plekje in de foyer van Het Depot, dezelfde zaal trouwens die hij een kleine twee jaar terug samen met zijn maats van The Dream Syndicate net niet deed overkoken. En kijk, de guitige veteraan pikte de draad gewoon weer op waar ie al die tijd was blijven liggen door van leer te trekken met twee Syndicate evergreens, “Tell Me When It’s Over” en “Daddy’s Girl”.
De muzikale template van Wynn’s nieuwe solo avontuur is even primair als avontuurlijk. De studioversies van ’s mans nummers werden voor deze tour tot op het bot gestript van alle muzikale ballast tot enkel de lyrics en een paar akkoorden overbleven. De naakte restanten werden door Wynn vervolgens terug aangekleed met een breed uitwaaierende gitaar die afwisselend een infuus met een weldadige dosis reverb of feedback kreeg toegediend. De spreekwoordelijke vergelijking van de folk troubadour die zich voor één avond een ongedwongen garagerocker waande ging hier dus wel op, voor Wynn zelf voelde het aan als ‘going out to a fancy dinner party dressed in a swimming suit’.
Met dergelijk beperkt instrumentarium zou de verveling bij menig andere songwriter al vlug toeslaan, maar de doorwinterde Wynn kent alle knepen van het vak om bijna twee uur lang het tegendeel te bewijzen. De Amerikaan had hiervoor een opvallend afwisselende setlist in elkaar gepuzzeld waar de contrasten tussen hard of zacht, furieus of intiem, en blues of rock vakkundig werden afgetast.
Een overstuurde stomp in de maag als “Southern California Line”, waarin een overduidelijke knipoog naar Neil Young & Crazy Horse verstopt zat, ging op die manier naadloos over in een intieme versie van “When You Smile” dat met mondharmonica werd opgesmukt tot een would-be Dylan song. Young en Dylan, het zijn twee regelmatig terugkerende referenties die Wynn muzikaal hebben gevormd, maar boven alles blijkt de man een zelfverklaarde adept van Lou Reed. In Leuven kreeg de betreurde rock’n’roll animal trouwens een doorleefde versie van “Coney Island Baby” postuum kado van één van zijn beste leerlingen. Het bleken zes huiveringwekkende minuten van bezinning over de zin en onzin van onvoorwaardelijke liefde, of kort gezegd, siddering langs de rug en krop in de keel.
Een ander zeldzaam moment waarop ernst plots de kop opstak was toen de sympathieke peer bekende wel degelijk enige podiumvrees te kennen. In het verleden werd dat toegedekt met allerhande roesmiddelen, tegenwoordig zoekt Wynn zijn toevlucht in een soort mindfulness en voegde daar als persoonlijke challenge een fraaie versie van The Band’s “Stage Fright” aan toe.
Na pakweg een uur kreeg Wynn dezelfde ingeving als wij eerder op de avond al hadden bij het binnenstappen van de foyer. De plooistoeltjes die wat onhandig op de eerste rijen waren neergepoot werden op zijn verzoek naar de kant verbannen, waarop de echte finale met de obligate ‘time for requests’ oproep in een ongedwongen sfeer kon beginnen. Met een publiek waarvan een groot deel al vlotjes de kaap van 50 lentes had gehaald was het dan ook niet verwonderlijk dat nummers van The Dream Syndicate hier het leeuwendeel gingen opeisen. Ook in zijn dooie eentje wist Wynn begeesterende versies neer te zetten van “Boston”, “The Days Of Wine and Roses”, “Merrittville”, and “50 In A 25 Zone”, stuk voor stuk essentiële schakels in het muzikale erfgoed from the American heartland.
Ook de erfenis van Wynn’s andere, weliswaar erg kortlevende indiesupergroep Gutterball met ex-leden van o.a. The Long Ryders en House Of Freaks werd in Het Depot niet ongemoeid gelaten. Eerder op de avond werden reeds “Transparancy” en “Hesitation” uit ‘Weasel’ (‘95) vanonder het stof gehaald, maar hét moment van de avond diende zich aan toen ondergetekende luidkeels verzocht om “Top Of The Hill” uit de eerste Gutterball schijf … en deze jongen prompt op zijn wenken werd bediend. En de pret bleef gewoon duren tot helemaal op ’t eind toen “Baby, We All Gotta Go Down” werd opgedist uit het debuut van Danny & Dusty, de songschrijvers alliantie die een dronken Wynn tijdens een verloren weekend ergens midden jaren ’80 aanging met een toen minstens even dronken Dan Stuart (Green On Red).

De door adrenaline aangedreven solo electric jukebox kon wat ons betreft zo nog uren doorgaan zonder dat we er erg in hadden, maar Wynn trok er toch tijdig de stekker uit om vervolgens aan de merchandising tafel schouderklopjes en diens meer in ontvangst te nemen. Het is één van die vaste rituelen waar de Californische New Yorker én zijn fans avond na avond naar uitkijken. Sommige jongere lezers begrijpen er vast niets van, maar neem het toch maar van mij aan: social media never get better than this!

Organisatie: Het Depot, Leuven

Sleepmakeswaves

Sleepmakeswaves – Tides Of Nebula – Skyharbor: Intercontinentale muziek, maar Australië boven

Geschreven door

Sleepmakeswaves – Tides Of Nebula – Skyharbor: Intercontinentale muziek, maar Australië boven
Kavka
Antwerpen


Starten doen we met Skyharbor. Deze heren komen uit India. Een groot verschil met de hoofdact. Een mix van progrock en post-metal. Met vooral een leadgitarist die er met momenten stevig op inhakt en zalige bekken trekt tijdens het spelen. Een hele cleane zang, zoals het progrock betaamt en die zeker voor de progrocksound zorgt. De complexe solo's worden naadloos in de muziek ingebouwd, zonder dat de muziek stilvalt. Dit geeft de band een grote vaart, die a sortie is met hun energieke presence.

Tijd nu voor echte postrock, in de vorm van Tides Of Nebula. Postrock in een vrij traditioneel kleedje. Hier (nog) geen elektronicafantasietjes. Maar wel het betere gitaargeweld, dat het niet moet hebben van riffs, maar wel van opbouw, melodische stukken, lyrisch gitaarspel. Het klinkt altijd spannend en uitdagend. En met opbouw bedoelen we niet alleen trage en langdradige stukken. Maar ook stevig beuken en daveren. Een heel volwassen sound die niet als filmmuziek moet geïnterpreteerd worden, maat als stevige lappen geluid en songs. Alles blijft ook volledig instrumentaal. 4 man die weet hoe je moet blazen zonder aan schoonheid in te boeten. Het enige vocale dat te horen is, is de gitarist die het publiek am roepend en zonder micro bedankt. Ze zijn zeker niet vies van wat bombast, maar bij deze muziek mag dat wel. Op het einde duikt de gitarist nog even het publiek in, wat de sfeer alleen nog maar uitzinniger maakt. Die Polen, het zijn toffe mannekes.

Headliner van deze avond is zonder meer Sleepmakeswaves. Deze Aussies komen maar wat graag naar onze contreien. Getuige hun optredens op Dunk!festival (2 maal), Handelsbeurs, 4ecluses,... Ditmaal gaan ze voor Antwerpen. En dat zal Antwerpen geweten hebben. Want Sleepmakeswaves kwam, zag en overwon! Ze zijn de helden van de moderne postrock. Ze spelen geen traag opgebouwde lang uitgesponnen nummers, maar stevige gebalde songs, die dan misschien lang duren qua tijd, maar qua gevatheid hun gelijke niet kennen in het genre. Sleepmakeswaves laveert binnen hun postrock naar postmetal, vleugjes electro,... Maar hun hoofdtaak is een gigantische wall of sound creëren die je wegblaast. Heel wat nummer zijn van hun nieuwe plaat en dat stoort mij zeker niet. Want die laatste plaat is zeer geslaagd. De hoofdrol is weggelegd voor de bassist die met zijn strakke en typische sound de band draagt en verheft naar een hoger niveau. Het enthousiasme spat er bij alle vier de bandleden vanaf en dat straalt uit naar de rest van het publiek dat duchtig wordt meegevoerd door de golf genaamd sleepmakeswaves.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/skyharbor-15-03-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/tides-from-nebula-15-03-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sleepmakeswaves-15-03-2015/


Organisatie: Heartbreaktunes ism Kavka, Antwerpen

Warpaint

Warpaint – een muzikaal schilderij vol pastelachtige kleuren …

Geschreven door

De dames van Warpaint uit LA hebben ons al een tijdje in hun greep met hun bevallige, dromerige, sferische, zweverige indiepop. Ze hadden ons al overtuigd op Rock Werchter , maar konden  nu pas hun clubconcert geven , na het onverwachts uitstel in november om persoonlijke redenen.
Warpaint weet ook de  80s new-wave liefhebber naar hun hand te zetten  met die etherische sound , waarin wat psychedelica , postpunk , shoewave en galm is verweven, en die hier ergens aan oudgedienden The Cranes , Cocteau twins, Belly en de huidige Beach House , Best coast kan worden gelinkt.
De groep intrigeert door de mooie spanningsopbouw , de donkere broeierige  intensiteit , de hemelse fluistervocals van Emily Kokals en de harmonieuze samenzang. De kleine variabelen die ze aanbieden op hun twee platen , worden  live ook niet geschuwd , waardoor we mooie muzikale momenten beleefden . Op het achtergrond hadden we de prachtige pastelachtige hoestekening van hun titelloze nieuwe plaat .

Meteen was eigenlijk op die manier de sfeer getekend van hun optreden die een klein anderhalf uur duurde. De eerste twee songs “Warpaint” en “Undertow”  zorgden voor die kenmerkende bezwerende , chillende sound ; we hoorden een goed beheerste dosis pedaaleffects, galm en de harmonieuze samenzang was sjeik. “Love is to die”  - sterk door die Cure bassloops – én nog in een commercial gebruikt -, was al vroeg in de set en kon rekenen op een warm onthaal . Ook die andere single “Keep it healthy” en het afsluitende “ Elephants”  twinkelde , sprankelde door die sfeervolle, galmende geluidjes en de zalvende grooves .
Het deed de dames deugd , op het podium scherpte het zelfvertrouwen aan , de losse spontane contacten groeiden , ervaarden ze meer zekerheid en kwamen ze meer en meer in de juiste stemming.
De muzikale weerhaakjes waren golvend en schokkend ; naast songs als  “Composure” “Burgundy” en “Krimson” was het nieuwe “No way out” hier even veelbelovend. Met een knipoog naar het onvolprezen Luscious Jackson, klonk op “Disco/very ” dampende funk door, een krachtige gitaar, een diepere bassline en opzwepende drums ; het zette de dames in beweging en de  dansspieren werden aangesproken .Wat even liefdevol benaderd werd bij “Bees” en “Biggy” in de bis door de repetitief opbouwende loungy ritmiek.

Die afwisseling in hun mistige muziek leverde een boeiend , bedwelmend , opwindend concert op. Warpaint hun liedje is duidelijk na deze platen nog niet uitgezongen …  

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/warpaint-15-03-2015/
Organisatie: Live Nation ism Botanique, Brussel

Dead Meadow

Dead Meadow - Stoned na twee pintjes

Geschreven door


Het Brussels Moaning Cities is een band die zich perfect in zijn nopjes voelt binnen de huidige nieuwe lichting van psychedelische retro rock. Ze hebben inmiddels met ‘Pathways Trough The Sails’ een sterk debuut uit en ook live overtuigden ze met hun in weed gerijpte songs die af en toe via een hartige sitar een oosters tintje kregen. Ze speelden een sterke en energieke set, al moet wel gezegd worden dat  grote voorbeelden The Black Angels iets té nadrukkelijk in de atmosfeer bleven hangen. Er moet dus nog wat harder gewerkt worden aan een eigen sound, maar hier zit zeker potentieel in.

Van de lazy stonerrock van Dead Meadow zijn wij altijd al liefhebber geweest. Het trio is na 15 jaar, 6 platen en 2 live albums nog steeds niet door de grote poort gekomen, maar stelt zich al lang tevreden met een schare trouwe fans die zweren bij Sabbath-achtige rock, lange LSD trips en  gitaren die onder invloed van zowat alles wat verboden is door de lucht zweven.
Met de hulp van een paar geestverruimende fluïde projecties op de achtergrond wist het trio in de VK een bezwerend sfeertje te creëren waarin de gitaar van Jason Simon nog meer dan op hun platen centraal stond. Simon kwam soms met Hendrixiaanse solo’s aanzetten om iets verder dan weer zijn gitaar te bedelven onder dikke lagen fuzz en reverb, terwijl zijn wah-wah pedaal overuren klopte.
Kyuss kwam in aanraking met Spacemen 3, Radio Moscow kreeg Syd Barrett op bezoek, Black Sabbath dook met The Warlocks in bed. Het weed-geurtje dat na verloop van tijd guitig in de zaal rondhing (rookverbod, my ass) vormde een perfecte symbiose met de bedwelmende psychedelische heavy rock van Dead Meadow.

Een paar pintjes waren genoeg om onze geest naar een hogere dimensie te laten overhevelen.
Fijne trip. En als u ons nu wil excuseren, we gaan er eentje rollen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dead-meadow-1303-2015/
Organisatie: VK, Sint-Jans Molenbeek

 

Hookworms

The hum

Geschreven door

De retropsychedelica de dag van vandaag blijft nog steeds in . Het Britse Hookworms levert met hun tweede plaat opnieuw veertig minuten spe€lplezier af . De nummers hebben sfeervolle , dromerige , opzwepende  ritmes, houden van pedaaleffects, feedback  en de zang durft wel eens uit de bocht te gaan .
We worden door heerlijke orgelpartijen  meegevoerd en ervaren duidelijke golfbewegingen die rustige als stormachtige loops kenmerken . Een aangename, bezwerende trip  van negen songs die aanklopt bij bands als Moon Duo, Wavves en natuurlijk Spacemen 3 .

Pagina 542 van 964