logo_musiczine_nl

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02-04 The Hickey Underworld, Bed rugs 05-04 Breaking waves: Knives, The Rats 09-04 Tom Smith @Sint-Jakobskerk 11-04 Tortoise (ism Kaap) 12-04 The Tool Experience (FKA The Perfect Tool), Carneia (Org: Devil in a box) 13-04…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_14
Gavin Friday - ...

Sunset Sons

Sunset Sons – De Kings Of Leon voor surfers

Geschreven door

Sunset Sons is een internationaal collectief, ze bestaan namelijk uit leden van Australië, Nederland en Engeland. Hun uitvalsbasis is dan weer de Franse Alpen waar de band ook ontstond. Dit op een snowboardvakantie waar het viertal elkaar ook voor het eerst ontmoette. Hun gedeelde passie voor snowboarden en surfen bracht hen aan de praat. Startten deden ze als coverband op verschillende après-ski’s. Maar toen ze in Londen van de band hoorden, beslisten verschillende managers om meteen naar de Alpen te vliegen. Geen wonder, hun mix van Kings Of Leon en The Script zorgt dan ook voor fantastische popsongs. Onder meer door deze gouden combinatie werd de band ook voor BBC Sound of 2015 genomineerd.

Een volwaardig album zit er voorlopig nog niet aan te komen, maar met drie EP’s op zak besloot de band toch een volwaardige Europese tournee te doen. Deze hield ook halt in de Witloof Bar waar het toch al een blijk van populariteit gaf. Het was vooral gezellig volgelopen in de zaal wanneer de band het podium betrad. Begonnen deden ze met een nummer van de recentste EP, “Medicine”, tevens degene met de meeste rocknummers. Wat meteen opviel was het uiterlijk van de zanger zeer gelijkend is met die van Caleb Followil, zanger van Kings Of Leon. Wanneer Rory dan nog eens begint de zingen is het net alsof er een concert van Kings Of Leon aan het spelen is.
Maar niet alles is zoals voorgenoemde band. Sunset Sons hebben nog een piano die mee hun sound bepaald. Daarnaast hebben ze ook een typisch Australisch surfgeluid. Maar wanneer er gitaarsolo’s worden bovengehaald kan er niet anders dan vergeleken worden met Kings Of Leon. Enkele nieuwe nummers passeren ook de revue “Know My Name”, “Disco Bands” en “September Song” zijn hier enkele van. De laatste doet de band meer klinken als The Script. “No Way Home” is dan weer een zeer melig nummer. Het valt op dat de band nog moet beslissen welk genre ze willen spelen. Op het ene nummer neigen ze meer naar pop terwijl ze op andere nummers zware gitaren bovenhalen.
Bij het nummer “She Wants” creëert de band een leuke sfeer door de gitarist te laten meezingen. Deze heeft een zeer hese stem wat een groot contrast geeft op de samenzang met de zanger. Wanneer hun “grootste” hit “Remember” wordt ingezet merk je dat het einde nabij is. De zanger probeert het publiek mee te krijgen, maar dit is net nog iets te geforceerd. Met “Watch Your Back” probeert de band uit te bollen waarna het eindigt, net zoals vele nummers op een apotheose met veel gitaren.

Er wordt geëindigd met “On The Road” waarna we een prachtig concert gezien hebben van Sunset Sons (of was het nu Kings Of Leon?!). De band heeft zeker potentieel om later grote zalen te vullen. Aan hen zal de keuze liggen om ofwel surf-rock te maken, of meer de pop-kant op te gaan. Maar het zal moeilijk worden om hun oorsprong in de surfwereld te verloochenen… Benieuwd hoe het toch zal evolueren?!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sunset-sons-20-04-2015/

Organisatie: Botanique, Brussel

Prong

Prong - Prong in twee woorden: onvermoeibaar en onverwoestbaar

Geschreven door

Bijna 30 jaar nadat hij Prong ergens in een New Yorkse achterbuurt boven de doopvont hield, moet frontman Tommy Victor ongetwijfeld toch met enige weemoed terugdenken aan diens gloriedagen tijdens de jaren ’90. In de eerste helft van dat decennium was dit powertrio niet enkel een graag geziene gast in haar natuurlijke niche -lees: het betere metal festival-, maar evengoed maakte de band toen moeiteloos de oversteek richting Pinkpop of Pukkelpop. Crossover in de echte betekenis van het woord dus.
Fast forward naar 2015, en we zijn eerlijk gezegd wat pessimistisch over de onuitwisbaarheid van Prong’s muzikale sporen in Belgenland. Dat de groep nog steeds in geen mijlen te bekennen is in StuBru’s Zwaarste Lijst kan je met veel goodwill een veeg teken noemen, maar dat een sympathieke club als De Kreun het bordje ‘uitverkocht’ niet mag bovenhalen wanneer de drie Amerikanen er op een kermiszondag het lentestuifmeel van de trommelvliezen komen blazen , baart ons al meer zorgen.

Dat Tommy Victor er na drie decennia echter nog steeds staat , heeft hij grotendeels aan zijn enthousiasme en gretigheid te danken, en ook al lijkt de rest van de zaal niet volledig gevuld, zolang hij de eerste rijen kan ophitsen lijkt de man zichtbaar tevreden. Bovendien verkeert Prong de jongste tijd in een wel erg creatieve bui. Vorig jaar verscheen nog het prima ‘Ruining Lives’, wiens stuiterende titeltrack de set in Kortrijk op gang mocht blazen, en nu al is er de opvolger in de vorm van het coveralbum ‘Songs From The Black Hole’.
Als voormalig geluidsman van hét punkhol bij uitstek CBGB zag een jonge Victor medio jaren ’80 zowat elke band met naam en faam in de hardcore scene passeren, en met dit in Berlijn ingeblikte album lijkt de veteraan een persoonlijke tribute aan zijn jeugdhelden te willen betuigen. De Kreun rook dan ook heel even naar New York toen trashy interpretaties van Bad Brains’ “Banned in DC” en Black Flag’s “The Bars” het jonge grut inspireerde tot het betere beukwerk in een spontaan gevormde moshpit.
Dé band die echter meest bepalend is geweest tijdens de adolescentie van Prong moeten we aan de andere kant van de grote plas zoeken.
Volgens Victor is Killing Joke met voorsprong zijn alltime favourite band, en dat zette Prong vanavond nog eens overtuigend in de verf met een getrouwe versie van “Seeing Red” uit het titelloze comeback album van hun inspirators uit ‘03.
Prong een ganse avond in de rol van coverband aan het werk zien zou niet eens zo’n gek idee zijn als je weet dat er op ‘Songs From The Black Hole’ ook nog hommage wordt gebracht aan o.a. Hüsker Dü, Butthole Surfers, Fugazi en ja zelfs Neil Young, maar dat zou de erfenis van Victor toch enigszins geweld aan doen. Het duurde dan ook niet lang of er werd een sixpack stone cold classics opengetrokken uit zowat alle tijdsgewrichten en subgenres waarin Prong brokken heeft gemaakt.
“Beg To Differ”, “Unconditional” en “Lost and Found” stammen uit de tijd dat de band het begrip crossover metal van een nieuwe definitie voorzag, wat hen even later overigens tot vaste klanten van MTV’s Headbangers Ball zou maken. De oorspronkelijke versies van “Another Wordly Device”, “Whose Fist Is This Anyway?”, “Snap Your Fingers, Snap Your Neck” uit het opus magnum ‘Cleansing’ (‘94) en het titelnummer uit ‘Rude Awakening’ (‘96) kregen door sterproducer Terry Date destijds een industrial randje aangemeten, maar ook zonder die studio spielerei blijven het retestrakke anthems die gevoelstemperatuur en polsslag simultaan de hoogte injaagden.
De beperkte bloemlezing uit de platen die Victor in een steeds wisselende bezetting opnam na de reunie van Prong begin jaren ’00 liet alweer een ander geluid horen, dit keer richting melodieuze trashmetal.
“Power Of The Damager” en “Revenge...Best Served Cold” uit de Prong v2.0 albums scoorden ei zo na de brutaalste riffs van de avond, in hoofdzaak de verdienste van de virtuoze vingervlugheid van een onvermoeibare Victor. Toen de voorste rijen even naar adem hapten in de bloedhete zaal , was de frontman er als de kippen bij om wat olie op het vuur te gieten. “Are you tired already?” klonk het provocerend, want als er iets is wat Victor haat als de pest dan is het wel een mak publiek.
Zoveel interactie er is met zijn fans, zo weinig gebaren heeft Victor nodig om zijn twee kompanen in de pas te laten lopen. We hebben Prong de afgelopen twee decennia een stuk of vier keer live meegemaakt, met telkens andere muzikanten in loondienst. Vanavond waren Jason Cristopher (bas én voetblessure, ex-Stone Sour) en Art Cruz (drums, ex-Winds Of Plague) van de partij, maar erg veel deed dat er niet toe: Prong = Tommy Victor en omgekeerd, zoveel is duidelijk.
Tijdens de encores hadden Victor & co nog wat covers van persoonlijke helden te geef, en voor het eerst vanavond waren we zowaar toe aan wat relatieve rustpunten. Waar Sisters Of Mercy’s “Vision Thing” nog vrij waarheidsgetrouw klonk werd “Third From The Sun” van de wat illustere industrial pioniers Chrome vakkundig binnenste buiten gekeerd. Prong hield finaal de eer aan zichzelf en klauwde zich een weg naar de eindmeet met “For Dear Life” en “Prove You Wrong”.

Met zweet op de rug en een lijf doordrongen van adrenaline strompelde het publiek met mondjesmaat naar buiten. De kermisgekte op het stationsplein was inmiddels het zwijgen opgelegd. Laten we hetzelfde nooit hopen voor the allmighty Prong.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/steak-number-eight-19-04-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/prong-19-04-2015/

Organisatie: Alcatraz ism Kreun , Kortrijk

De Mens

De Mens - Albumvoorstelling ‘Nooit Genoeg’

Geschreven door

Het voorprogramma vanavond werd verzorgd door An-Sofie Noppe, geselecteerd uit de vele inzendingen via vi.be.  Tot gisteren voor mij een absolute onbekende maar na haar korte concert bleek dit toch wel een jongedame met lef en potentieel te zijn.  Zeker als je weet dat ze normaal met band op podium staat maar nu (door omstandigheden) enkel werd bijgestaan door haar vriendin Trui Amerlinck uit Nederland op contrabas. 
An-Sofie deed ooit backing vocals voor Eva De Roovere en zit nu met haar eigen songs en stijl een beetje in hetzelfde genre.  (H)eerlijke kleinkunst op een pure en breekbare manier gebracht met gitaar of ukelele als begeleiding en met een heldere stem en zuiver timbre…
Eenvoudige, mooie en amusante nummers die me soms deden denken aan Bart Peeters en zijn herkenbare oeuvre van de laatste jaren…”Peperkoekenhart”, “Flamingo” en “Haven” (cover van ZAZ) stonden op de korte setlist…Het nummer “Sprookje” bleef het langst hangen en stak er wat mij betreft bovenuit.  Het kwam tot stand na samenwerking met Reinhard Vanbergen van Das Pop. De set werd afgesloten met een slaapliedje…

En dan was er De Mens … én dat zullen ze in Sint-Niklaas geweten hebben!  Geen slaapliedjes meer, maar ‘lawaai maken’ zoals frontman Frank Vanderlinden zijn muziek omschreef bij aanvang van het optreden en zoals hij ook zelf zong tijdens het refrein van openingsnummer “Kim is dood”.

De Mens staat zo’n 23 jaar op het podium en doet dat nog altijd met veel goesting en overgave.  Ze pakten het volk in De Casino zonder moeite in met hun stevige NL-talige rock en stelden met veel plezier hun nieuwste CD ‘Nooit Genoeg’ voor.
Door toevoeging van David Poltrock op toetsen is de specifieke sound van De Mens ‘voller’ en meer volwassen geworden.  Het blijft natuurlijk snedige en heerlijk eigenwijze rock maar die ‘elektronische’ invloeden zorgen toch, al dan niet subtiel, voor een iets ander, naar mijn inzien, beter geluid.
Ook tijdens het 2de nummer van de avond “Nooit Genoeg” was dit overduidelijk hoorbaar en genietbaar.
Van bij het begin was het duidelijk dat de band er veel zin in had!  Het plezier spatte letterlijk van het gezicht van Frank.  De veelvuldige bindteksten met de nodige droge humor en een vleugje zelfspot, de wisselwerking met zijn jeugdmakker Michel De Coster (basgitaar) op het podium, de constante vaart en intensiteit van het optreden…het werkte aanstekelijk op de fans in de zaal.  Een fijn feest was het resultaat.
Na “Bijna” en “Dit lawaai” werd voor het eerst een beetje gas terug genomen tijdens het oudere “Sheryl Crow (I need you so)”.  Om meteen daarna terug een paar stevige songs op het publiek los te laten met die typische donkere, sombere ondertoon in melodie en tekst : “Pijn, Dronkenschap, Verdriet” en “Haat je me nog”.
“Als je niets hebt” is dan weer wat ‘luchtiger’ van opzet en “Angst” zorgde bij Vanderlinden zelf voor een (gespeeld) dubbel gevoel, gezien het recente succes van het nummer, waarvan de tekst voor één keer niet van de grootmeester zelf kwam maar van ‘die fucking Brusselmans’ uit Hamme.
“En in Gent” zorgde voor een eerste bommetje!  Het publiek was nu echt helemaal mee en reageerde enthousiast op het snelle nummer waarin een stevig duel zat tussen Frank en Michel.  Die 2 voelen en vullen op het podium elkaar beter aan dan om het even welke ééneiige tweeling.
Halfweg de set werd terug iets meer ‘rust’ ingebouwd en kreeg het thema van de liefde alle aandacht in 3 parels met “Seks verandert alles”, de nieuwe single “Bemin me later” en tot slot “Een liefdeslied of misschien ook niet”.
“Zonder verlangen” klonk daarna  zeer intens en beklijvend en het epos over “Jeroen Brouwers” blijft één van de beste nummers van De Mens, door ondermeer de leuke tekst en dito refrein, klinkt dit zelfs na meer dan 20 jaar, nog steeds fris. “Jeroen Brouwers” betekende ook meteen het einde van het eerste deel van dit verkwikkend optreden. 
Er volgde een 2de deel (of m.a.w. een zeer lange bisronde) waarbij gewoon verder werd gegaan alsof De Mens tot de volgende morgen Sint-Niklaas zou trakteren op hun zalig lawaai.  Zowel band als publiek bleken onvermoeibaar en amuseerden zich zichtbaar met elkaar.
“Nooit genoeg van jou” was nog enigszins ingetogen en in relaxe sfeer, maar “Kamer in Amsterdam” was alweer pure en potige rock’n’roll en tijdens “Onderweg” nam de menigte met veel enthousiasme de zang een tijdje over van meneer Vanderlinden.
Als slot van de geweldige avond werd nog een trio nummers uit de beginjaren bovengehaald en werd ook nog maar eens bewezen waarom De Mens, naast Noordkaap en Gorki, behoort tot de grote 3 van de Nederlandstalige rock met oorsprong in de jaren negentig.
Wie kent niet het nummer “Irene”? En waarom is “Maandag” zoveel mooier dan menige echte begindagen van de week?  “Lachen en mooi zijn” is de gouden raad die we nog meekrijgen van Frank en zijn bende.  Het lachen is op zijn oude dag misschien wel makkelijker dan het mooi zijn maar dat is bij ondergetekende zeker niet anders…but who cares when fun is in the house?!

Best jammer dat enkel De Mens momenteel nog in de oorspronkelijke versie te bewonderen is. Maar ze doen dit dan ook met veel verve en verdienen hiervoor mateloos respect en een dikke merci voor de fantastische avond!
Al doet Stijn Meuris sporadisch zijn stinkende best om er nog altijd bij te horen en probeert Gorki een leven op te bouwen na Luc De Vos, het wordt moeilijk deze avond te overtreffen.
Enkel het nummer “Dit is mijn huis” waarmee het allemaal begon voor De Mens ontbrak verrassend genoeg op de playlist maar dat zal de fijne herinnering aan dit concert niet kunnen beïnvloeden!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/an-sofie-noppe-18-04-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/de-mens-18-04-2015/

Organisatie: de Casino, Sint-Niklaas

System Of A Down

System Of A Down - Wake Up The Souls Tour, en of we wakker waren !

Geschreven door

Het kan alleen maar een goede zaak zijn dat SOAD volhardt in de boosheid en blijft ijveren voor de erkenning van de grootschalige genocide van de Turken op het Armeense volk zo’n 100 jaar geleden. Voor deze zaak hebben de leden (met Armeense roots) van SOAD immers na een lange periode van non-activiteit van maar liefst 10 jaar terug de koppen bij elkaar gestoken voor een korte tournee gevuld met onsterfelijke alt-metal songs die hun gelijke niet kennen.
Voorlopig geen nieuw materiaal, en het is maar zeer de vraag of dat er ooit nog gaat van komen want het schijnt niet altijd even goed te boteren tussen de groepsleden.
SOAD is altijd al een buitenbeentje geweest in metal-kringen, een wereld  waar je sowieso al niet veel politieke getinte bands tegenkomt. In hun bruisende metal-cocktail worden bijzonder snedige riffs afgewisseld met Oosterse geluiden en bruuske tempowisselingen, SOAD heeft hiermee een eigen sound gecreëerd en heeft die tussen 1998 en 2005 op vijf onsterfelijke platen voor de eeuwigheid vastgelegd. Die sound is uniek en werd tot op heden door geen enkele metal-band geëvenaard.


In een kolkend Vorst Nationaal bleek dat de band met een broek vol goesting stond te spelen, hard, strak, wild, bijzonder gedreven en uiterst energiek. Als er al een paar problemen zouden zijn tussen de heren, dan konden ze dat verdomd goed wegsteken, want hier stond een hechte en solide bende op het podium. Een vlammend enthousiast, woelig en extatisch publiek kregen ze als dank, want ook bij de fans was de honger onnoemelijk groot na een veel te lange pauze van 10 jaar. Zelden hebben wij Vorst Nationaal zo over kop zien gaan als hier, en dat was volkomen terecht.

SOAD had hun politieke boodschap netjes in een paar originele video’s ingepakt, zo kwam die perfect aan zonder de rotvaart uit hun splijtende set te halen. Geen prekerige toestanden dus, hier stond geen Bono op het podium, wel een bende uitgelaten speedrockers die er zich ten volle van bewust waren dat hun fans gekomen waren voor een portie splijtende metal met vlijmscherpe weerhaken.
De hyperkinetische metalsongs volgden mekaar in ijltempo op, de menigte werd steeds uitzinniger. Had u al op voorhand een verhoopt verlanglijstje in gedachten, dan werd u op uw wenken bediend want quasi alle songs die u had durven hopen kreeg je hier op een ultra-hete schotel geserveerd, en alles bijzonder pittig gekruid.
Maar liefst 33 bommetjes werden afgevuurd, we gaan ze hier niet allemaal opnoemen, maar Vorst kookte meermaals over bij knallers als “Aerials”, “Prison Song”, “B.Y.O.B”, “I-E-A-I-A-I-O”, “Radio/Video”, “Needles”, “ Bounce”, “Chop Suey”,… .
Ook als het even wat kalmer aan mocht bleef de magie in de lucht hangen, vooral in deel twee konden de gemoederen een beetje bedaren met een stel fraaie en rustige (nou ja) momenten, het was genieten van de tedere pracht van “Lonely Day” ,“Lost In Hollywood” en het geweldige “Spiders” .
Alsof Vorst nog niet ver genoeg boven het kookpunt was uitgestegen, ontplofte het hele zootje in het derde deel nog een ultieme keer met een salvo verschroeiende hardcore splinterbommen “Science”, “Chic’n’Stu”, “War”, “Toxicity” en “Sugar”, de één zowaar nog heftiger dan de ander. Wij konden amper nog één woord over onze lippen krijgen : “WOW !”

Vorst Nationaal werd vanavond compleet ondersteboven en binnenstebuiten gekeerd. Wat een show! Wat een setlist! Wat een energie! Wat een agressie! Wat een band!

Deze jongens hebben we veel te lang moeten missen.

Organisatie: Live Nation

Benjamin Clementine

At least for now

Geschreven door

Een speciaal debuut is afkomstig van de zanger/pianist Benjamin Clementine van Brits/Ghanese afkomst . De songs profileren zich binnen een klassiek patroon , hebben een soul jazzy invloed en schuwen zelfs een operasfeertje niet . Een soort muzikale poëzie , sfeervol als gedreven, die je weet te raken, en geïnjecteerd door zijn vaardig direct stemgeluid en praatzang. Contrabas , viool vullen mooi aan om die unieke artistieke sfeer te beklemtonen. We horen ergens Anthony Hegarty als Nina Simone . Hij heeft met “Cornerstone” , “Quiver a little” twee puike songs uit die het album samenvatten .

Shellac

Dude Incredible

Geschreven door

Een goed bewaard muzikaal geheim is en blijft Shellac, de band rond muzikant/producer Steve Albini. Het is al weer zo’n zeven jaar geleden dat hij met z’n band een plaat uitbracht . Eigenlijk hebben die allemaal zo’n beetje hetzelfde geluid tussen hardcore , noise en indierock . Een hoekig, messcherp, aanstekelijk ‘metaal’ klinkende gitaar (‘prikkeldraad’ gitaarklank), een grommende, dreunende diepe bas, en gortdroge powerdrums.
Het trio Albini (gitaar/zang), Weston (bas) en Trainer (drumkit) komt dus maar af en toe samen , maar éénmaal samen is het dan koekenbak , een drie-eenheid, power en oerkracht op een ongedwongen wijze.
De songs klinken rauw, strak , spannend alternatief , hebben een donkere dreiging , kunnen onverwachtse wendingen ondergaan en zitten tussen toegankelijkheid en experimenteerdrift. Op de titelsong, opener van de plaat , moeten ze nog wat op dreef komen (we horen hier zelfs wat dampende funk), maar wat dan volgt is Shellac ten voeten uit . Er is zelfs een instrumentaaltje terug te vinden . Shellac blijft moeiteloos het noiserock landschap beheersen!

Viet Cong

Viet Cong

Geschreven door

Van dit Canadese gezelschap verscheen al een EP ‘Cassette’ en daaruit bleek dat ze een boeiende indiewave rockende sound hadden , en niet meteen in één hokje te plaatsen waren. De zeven songs op de titelloze cd variëren voldoende in het genre , klinken tegendraads , complex als toegankelijk en poppy . Viet Cong rammelt , postpunkt, garagerockt , klinkt beetje lofi en schuwt de sixties psychedelica niet. Viet Cong bruist , sprankelt, is messcherp en behoudt een donkere dreiging en een galmend geluid ten allen tijde!
In Viet Cong komen heel wat bands tesamen hoor , beetje Interpol , Shellac, Bloc Party, Temples , Savages, V.U. en ga zo maar door.
Een mooi gegeven dus in deze plaat die met “Newspaper spoon” , “Larch of progress”, “Continental shelf” en “Silhouettes” al vier prachtsongs klaarheeft . De andere zijn even interessant. Het lang uitgesponnen “Death” duurt  ruim elf minuten en laat van alles horen, stuwt , is driftig, jachtig , aanstekelijk als intens , broeierig, sfeervol.
Al meteen één van die voorjaarsplaten!  

Love A

Jagd Und Hund

Geschreven door

Driewerf hoera!  Onze favoriete Duitse punkband Love A is terug met een gloednieuw album!  De formatie  is met  ‘Jagd Und Hund’ aan de zogeheten moeilijke derde plaat toe en zoekt daarbij enkele nieuwe paden op.  Er zijn opnieuw de gekende ingrediënten (vlammende, cleane staccato gitaarrifs afgewisseld met de maatschappijkritische, in het Duitse gedebiteerde teksten van frontman Jörkk Mechenbier) maar  de rauwe, emotionele mix van punk en indierock wordt dit keer overgoten met een opvallend, dikke saus van postpunk en new wave.   Zover zelfs dat het Duitse viertal zeer sterk refereert aan  een band als Interpol.   Naast melancholie en wanhoop zetten gelukkig ook boosheid  en de gebruikelijke dosis waanzin de toon op ‘Jagd Und Hund’ waardoor dit toch weer een typische, catchy Love A-plaat is. 
Wij geven daarbij graag een speciale vermelding aan de drie afsluitende tracks   “Regen Auf Rugen”, “Modem” en meezinger  “Brent Alles Nieder”.

The Sonics

This Is The Sonics

Geschreven door

Het is haast niet te geloven dat garagerock-pioniers The Sonics 50 jaar na hun meest bedrijvige periode nog zo een bruisende en viriele rock’n’roll plaat hebben gemaakt. Met het trio ‘Here Are The Sonics”, ‘Introducing The Sonics’ en ‘Boom’ hebben The Sonics in ’65 en ’66 drie borrelende garage-rock mijlpalen op de wereld neergepoot. In een tijd waar jonge meisjes per lopende meter flauwvielen bij elke Beatles-scheet die er te horen en te ruiken was, maakten The Sonics in de smerige kantlijn van de toenmalige pop- en beatmuziek deze drie legendarische vette en stomende rockplaatjes. Nu is daar een al even driftig vervolg op gekomen met ‘This Is The Sonics’, alsof de tijd gewoon vijftig jaar heeft stil gestaan.
‘This Is The Sonics’ staat als vanouds weer bol van opwindende en vlijmscherpe rock’n’roll klassiekertjes die een gortige en vlammende uitvoering hebben meegekregen. Het zijn soms alom gekende en veel gecoverde songs (“You Can’t Judge A Book By The cover”, “Look At Little Sister”, “I Don’t Need No Doctor”,…) maar The Sonics laten die keer op keer tot boven het kookpunt uitstijgen en doen dat met de gretigheid van een bende jonge wildebrassen die er op uit zijn om een relletje te stichten.
Van de energieke bedrijvigheid die ze op ‘This Is the Sonics’ aan de dag leggen staan zelfs woelige jonge rockertjes als The Strypes nogal te kijken.  
Dit is van de heetste en meeste opwindende garage rock die we de laatste maanden gehoord hebben, en dat van een bende oudjes, hoedje af !

Torche

Restarter

Geschreven door

Zoals we het van deze krachtige band gewoon zijn, trekt Torche een massieve wall of sound op en daaronder leggen ze deskundig een stel prachtsongs. We kennen de formule onderhand wel, maar toch blijven ze er ons mee verrassen. Het beukt, het dreunt en het bonst dat het geen naam heeft. De gitaren gaan geweldig tekeer op opener “Annihilation Affair” waarin na een tijdje alles openbarst via een instortende muur van feedback geraas, we zijn meteen wakker. Verder is de moordriff die het machtige “Minions” voortstuwt uit geen enkel brein nog weg te branden, een bulldozer van een song is dat. En zo gaat het stevig door, met het gaspedaal nog wat meer ingedrukt op “Loose Men” en “Blasted”. Log en bijzonder heavy zijn “No Servants” en “Believe It” en helemaal overdonderend is afsluiter “Restarter” die 8 minuten aan een stuk geniaal door raast.
Torche klinkt wederom bijzonder heavy op ‘Restarter’, een loodzwaar maar tegelijkertijd dynamisch album die als waardige opvolger van die andere krachtbommen ‘Meanderthal’ en ‘Harmonicraft’ mag beschouwd worden.
Torche speelt op 21/05 in Trix Club (samen met de doomveteranen Pentagram), onder de vlag van Heartbreaktunes,  een organisatie waar ze een neus hebben voor het betere sloopwerk.

Pagina 538 van 964