logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Kreator - 25/03...
avatar_ab_06

Les Nuits Botanique 2014 - The ZZZ's als Japanse wervelwind

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 - The ZZZ's als Japanse wervelwind
Les Nuits Botanique 2014

Ik smol voor The ZZZ's, een vrouwelijke trio uit Osaka (Japan), tijdens hun optreden op het Sonic City Festival in Kortrijk. En blijkbaar was Paul-Henri Wauters, de programmator van de Botanique, die ook in Kortrijk aanwezig was, te vinden voor hun charme want vanavond vinden we hen op Les Nuits Bota.

Het zijn misschien wel vrij tengere dames, maar ze brengen een gebalde, krachtige en heftige  sound , een soort post-punk / no wave op het scherpst van de snee, zeer 'noisy' en experimenteel, een beetje alsof Einstürzende Neubauten met Bauhaus en Thurston Moore van Sonic Youth zouden spelen. Precies, het is Thurston Moore die bij een show in Miami de drie Japanse artiesten opmerkte en hen lanceerde in de internationale alternatieve scene.
In de prachtige zaal van de Rotonde, hebben de ZZZ's echt alles ‘geript’. Op het podium zijn ze, in het zwart gekleed, zoals gotische geisha's in een intens mystiek en dreigend ceremonieel. Aan de rechterkant van het podium staat Youkary, erg mooi, met haar lange zwarte haren. Ze draagt ​​een bas die ansich langer is dan haar! Maar wat een vaardigheid! "DNA", speelt zij met dodelijke precisie en uitermate harmonieus. Het geluid is hypnotisch, metaalachtig en werkt aanstekelijk , vooral in een song als "Cut It Out". Op sommige momenten, duwt zij orgasmatische kreten in de microfoon en zwiept op elegante wijze op het podium. In het midden zien we Lyn, een krachtige en expressieve drumster met een onberispelijke techniek. Vaak draait ze haar hoofd naar boven en staart ze in het hoge plafond van de Rotonde.
Maar de focus gaat duidelijk naar Youkaku, op gitaar en leading vocals. Uit haar gitaar trekt zij een soort ‘mind-blowing’ geluiden, soms batcave à la Daniel Ash (Bauhaus), soms shoegaze à la A Place to Bury Strangers, of soms gewoonweg  een 'industrieel noise geluid als bij een cirkelzaag. Ze zingt, krijst, en wisselt het af met enkele rustige momenten van zachtjes fluisteren, zoals op "Suicide".

The ZZZ's speelden nummers uit hun twee zelf-geproduceerde digitale EP's: ‘Magnetica’ en ‘Prescription’, die in 2013 op een compilatie CD werden verzameld. De twee belangrijkste nummers zijn ongetwijfeld "Dystopia" en "Suicide". In "Dystopia" zie ik een link met Savages, de groep van Jehnny Beth, waarmee de Japanners vrienden zijn. Een uitstekende prestatie hadden we hier vanavond!

Vóór The ZZZ's, ontdekten we  twee bands uit Luik. Ten eerste, Frank Shinobi bood interessante prog-noise-rock, die doet denken aan Pixies, 31 Knots, The Redneck Manifesto en zelfs Yes.
Dan hadden we IT IT Anita , in de geest van Sonic Youth met hun zeer krachtige post-90s shoegaze, aan de rand van metal. Tijdens hun laatste nummer, was één van de gitaristen in het publiek te vinden en gaf hij zijn gitaar aan een fan, die zelf voor een paar minuten een akkoord (G major) , een stuk van het nummer mocht spelen. Grappig !

Info The ZZZ's : https://www.facebook.com/zzzs.official - http://zzzs.bandcamp.com/ - http://vimeo.com/80735198

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/zzzs-19-05-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/it-it-anita-19-05-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/frank-shinobi-19-05-2014/

Philippe Blackmarquis vertaling: Philippe Blackmarquis en Johan Meurisse

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)
  

Les Nuits Botanique 2014 - Cloud Nothings - Mac DeMarco: Rechtdoor rocken!

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 - Cloud Nothings - Mac DeMarco: Rechtdoor rocken!
Les Nuits Botanique 2014

Interessante dubbelaffiche op deze zwoele zondagavond: USA versus Canada met Cloud Nothings en Mac DeMarco.

Vijftig minuten vol gas geven dat was het motto van Cloud Nothings vanavond. Dit trio uit Cleveland,Ohio, speelt punkrock zoals we het graag hebben: snel, brutaal, rauw en onversneden. Frontman Dylan Baldi hese strot spuwde catchy melodieën, de bassist ramde er op los terwijl de drummer er in een rotvaart in ware Ramones stijl er een 12 tot 13 songs doorjaagde in een door de zon tot stoombad getransformeerde Chapiteau. Niet alle nummers hadden zanglijnen, maar dat deerde niet want dit werd ruimschoots gecompenseerd door de ene moordriff na de andere. Tempoversnellingen lieten het publiek ademloos achter.
Voor liefhebbers van Hüsker Dü en Nirvana ten tijde van ‘Sliver’ was dit een topavondje. Een nummer deed ons zelf aan Sonic Youth denken, vooral door het drumspel dat aan Steve Shelley deed denken. Plaats voor gitaarsolo’s was er niet, en als er dan toch een punt van kritiek te geven was, was het dat alle nummers dezelfde grauwe gitaarkleur hadden. Maar kom, bij de Ramones was dat ook nooit een zwaktebod.
Nog deze interessante weetjes : hun vorige plaat ,’ Attack on memory’ werd opgenomen door Steve Albini, en de nieuwe worp ‘Here and nowhere else’ door John Congleton, die ook al werkte voor St. Vincent, Swans en Bill Callahan.

De meerderheid van het publiek vanavond was echter gekomen voor de gehypete Mac DeMarco. Deze Canadees is grote fan van Jonathan Richman, en wist direct een band met zijn publiek te leggen. Zijn band zag er al even relaxed uit als de man zelf met hun truckerspetjes. DeMarco schrijft simpele liedjes, soms wat landerig zoals Stephen Malkmus op zijn soloplaten, zoals op de opener  en titelnummer “Salad days” en het country-niemendalletje “Blue Boy”. Het gitaargeluid van de band was jengelend, alsof de opeenvolgende noten over elkaar struikelden. DeMarco ontpopte zich Mike Pattongewijs tot een volleerde crooner, en bracht in “Ode to Viceroy” een hommage aan goedkope sigaretten. Een gastzanger mocht een reggaenummertje ten berde brengen, waarna we nog “Chamber of reflection” kregen. Kwa uitvoering had het wel iets van Eels, niet moeilijk doen, gewoon rechtdoor rocken.
Het hoogtepunt van de avond was ongetwijfeld de bis, waarin DeMarco “Unknown Legend” uit ‘Harvest Moon’ van Neil Young coverde. Hij liet de hele Chapiteau knielen tijdens dit nummer want ‘in our country,(maw Canada)  when someone plays a Neil Young song, everyone must kneel’ en  zo eindigde dit dubbelconcert met een hele tent die luidkeels de volgende lijnen zong: ‘Somewhere on a desert hightway, she rides a Harley Davidson, her longue blonde hair flying in the wind’.
Jammer genoeg geen bikerbitch tegengekomen in de Brusselse tunnels toen we huiswaarts reden.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/mac-demarco-18-05-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/cloud-nothings-18-05-2014/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)

Les Nuits Botanique 2014 – Vier interessante artiesten met de jachtige electro postpunk van We Have Band als afsluiter

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 – Vier interessante artiesten met de jachtige electro postpunk van We Have Band als afsluiter
Les Nuits Botanique 2014

Samaris
mocht die avond openen in de bloedhete Orangerie, al had een programmering als afsluiter ook niet misstaan. Dit IJslandse trio leverde de perfecte soundtrack voor wanneer de hectische grootstad in de vroege uurtjes eindelijk tot rust komt. Donkere, trage dubstep die in dezelfde stal gefabriceerd leek als Burial en die op sleeptouw genomen werden door een weemoedige, jazzy klarinet. Voeg daar nog de betoverende zangpartijen aan toe van de mysterieuze zangeres Jófrithur Ákadóttir die qua excentriciteit niet veel moest onderdoen voor haar bekendste landgenote. Dan lijkt een nieuwe, bescheiden IJslandse muzikale sensatie in de voetsporen van Múm in de maak.
Het is geen toeval dat Samaris haar titelloze debuut mocht uitbrengen op het respectabele One Little Indian label van doorbraakartiest Ásgeir, die later de week nog op Les Nuits Bota is te zien ...

Thomas Azier
, een vers gecoiffeerde poster boy in leren jekker oorspronkelijk uit Nederland moet bij zijn verhuis naar het kunstzinnige Berlijn ongetwijfeld in aanraking gekomen zijn met de electro new wave en eighties synth pop die er in sommige hippe wijken nog altijd intens gecultiveerd en gekoesterd wordt. Als een theatrale drama queen greep hij in de voetsporen in Depeche Mode frontman Dave Gahan en Duran Duran zanger Simon Le Bon vanaf het eerste nummer het publiek beet om niet meer te lossen tot in de finale.
Zowel de verbetenheid waarmee hij samen met zijn kompaan een overvloed aan elektroniche drums en klavieren bespeelde als de dramatische vocale uithalen op “Ghost City” en “Rukeli’s Last Dance” konden op een grijnzende goedkeuring rekenen van het dansende publiek. Moet het nog gezegd dat de meeste nummers meermaals de grens van camp en kitsch aardig overschreden? Al zal dit ook wel de bedoeling geweest zijn.

De Zweeds/Australische tweelingzusjes van Say Lou Lou konden zoveel méér dan een nagenoeg perfecte genetische kruising presenteren aan het publiek.  Want wat was het heerlijk vertoeven in hun kristalheldere, toegankelijke droompopmelodieën die referenties als The Cardigans, Cock Robin of, recenter, Tegan and Sara opriepen! “Julian” kent u al vanop de radio, maar ook het van bitterzoete samenzang voorziene en met veel overtuiging gebrachte “Beloved” en “Better In The Dark” klonken als instant classics met veel hit potentieel, niet in het minst door de puntgave productie van de gitaar, synths en drums.
Bovendien waren beide jongedames er duidelijk op gebrand om een stevige live indruk na te laten. Dat mocht ook letterlijk genomen worden, want tussen de nummers door bekenden ze dat hun rode blos op de wangen te wijten was aan enkele uren onbeschermd zonnebaden overdag in de tuinen van de Botanique. En wij die even gedacht hadden dat het aan ons te danken was in het publiek.
De binnenkort te verschijnen nieuwe single “Everything We Touch” zou binnenkort wel eens in goud kunnen veranderen voor Say Lou Lou.

Afsluiter We Have Band bracht jachtige electro postpunk als een soort van muzikaal eerbetoon aan Yeah Yeah Yeah’s, LCD Soundsystem, Metronomy en Klaxons. Een uur lang lukte dit viertal uit Manchester het niet onaardig om in het muzikale gat te springen dat Bloc Party naliet. Dansbaar en opzwepend, dat wel, maar met een muzikale houdbaarheidsdatum die in hippere kringen vermoedelijk al bijna overschreden is.
Niet dat We Have Band dit ook maar enigszins aan zijn hart liet komen. Onvermoeibaar en genadeloos bleven ze doorstomen naar het einde van de set , maar tegen die tijd hadden we zelf al wat verfrissing opgezocht in de schemer van de Botanische tuin.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)

Les Nuits Botanique 2014 - Jagwar Ma – Jamaica - Haçienda in de achtertuin

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 - Jagwar Ma – Jamaica - Haçienda in de achtertuin
Les Nuits Botanique 2014

Gevraagd naar de reden waarom een Oasis reünie nooit ter sprake komt als Noel Gallagher zijn oude bandmaten tegen het lijf loopt antwoordde die: “we hebben het te druk met te praten over Jagwar Ma en Temples. De toekomst van de Melkweg hangt helemaal af van het al dan niet slagen van deze twee bands. Temples’ passage eerder dit jaar in de Botanique bewees alvast dat de toekomst er voorlopig vrij rooskleurig uitziet. Nu was het dus aan Jagwar Ma om hen te bewijzen, en terloops nog even het volledige sterrenstelsel te redden, op 17 mei tijdens Les Nuits Botanique.

Les Nuits is met voorsprong het gezelligste minifestival van ons land, vooral de prachtige tuin en de vroege zomerzon zorgden ervoor dat we op deze zaterdagavond nergens ander wilden vertoeven. Op de affiche preek met Jamaica alvast een groepsnaam die perfect leek te passen bij dat sfeertje. Wanneer “Jammin’” van Bob Marley voor hun optreden door de boxen knalde, hadden we ook echt een of andere zomerse reggaeband verwacht. Reggae werd het niet, zomers wel. De vrolijke rock van de Parijzenaars was vrij aanstekelijk en we hoorden echo’s van The Rolling Stones, AC/DC en The Strokes en een nummer dat gebouwd was rond de riff van “Sweet Jane” van The Velvet Underground. Een goed muzikant weet waar hij moet stelen en deze jongens wisten het. Om wereldkampioen te worden was Jamaica net iets te dertien in een dozijn, maar de intussen al vier jaar oude single “I Think I Like U 2” en de instrumentale afsluiter waren zeker de moeite waard. Jah Rastafari!

Last van de druk die Noel Gallagher, in een ander interview noemde hij ze the next Stone Roses, op hun schouders heeft gelegd lijkt Jagwar Ma niet te hebben. Een tekenend voorbeeld hiervan was hoe zanger/gitarist Gabriel Winterfield en bassist Jack Freeman op hun dooie gemak net iets later podium opgeslenterd kwamen, terwijl beatproducer Jono Ma al volop beats aan het producen was. Toen ze “What Love” inzetten wist je het al: dit was meteen raak. De symbiose van dance en rock bleek even goed te werken als het deed bij pakweg The Stone Roses, The Happy Mondays of The Charlatans begin jaren ’90. Met het verschil dat Jagwar Ma in tegenstelling tot bovenstaande bands niet uit Manchester komt en ook nog iets elektronischer is. Aan gas terug nemen deden ze niet mee en ze joegen er, met uitzondering van 2, elk nummer van hun debuut ‘Howlin’’ uit 2013 door.
Na “What Love” volgden, als dan toch moeten kiezen, onze twee hoogtepunten: “Uncertainty” en “Man I Need”. Maar even goed werden we wild van de single “Come and Save Me” of “Exercise”, met het baslijntje van “Fool’s Gold” van The Stone Roses, alweer hen. Voor het laatste nummer van de reguliere set verontschuldigden ze zich voor het feit dat hun set zo kort was, “we really need to make another record.” Er zijn mensen met slechtere ideeën. Tijdens dat laatste nummer, “The Throw”, waanden we ons eventjes op een raveparty in de legendarische Haçienda en maakten we de bedenking hoe een band zo Madchester kan klinken en toch uit Australië kan komen.
Toen ze terugkwamen om bisnummer “That Loneliness” te spelen realiseerden we ons dat we antwoord op die vraag nooit zullen krijgen. Wat we dan weer wel zeker weten is dat de toekomst van de Melkweg er heel rooskleurig uitziet en dus in veilige handen is, waarvoor dank.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)  

Les Nuits Botanique 2014 - George Ezra solo, de rondreizende, ietwat sjofele blues folk troubadour

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 - George Ezra solo, de rondreizende, ietwat sjofele blues folk troubadour
Les Nuits Botanique 2014

Het gaat razend vlug voor George Ezra, de twintigjarige folky uit Bristol die begin dit jaar een nominatie voor de ‘BBC sounds of 2014’ in de wacht sleepte en wiens meefluitbare single “Budapest” sindsdien aan een niet te stuiten wereldwijde radio opmars begonnen is. Zijn aanzwellende schare Belgische fans kon hem voor het eerst in eigen land bewonderen tijdens Les Nuits Botanique. Voor wie er snel bij was tenminste, want de Grand Salon die voor de gelegenheid een intieme huiskamer sfeer uitstraalde was al lange tijd hopeloos uitverkocht.  

Het plotselinge succes was George Ezra gelukkig niet naar het hoofd gestegen is. Dankzij een  charmante solo aanpak steeg al vanaf opener “Blame It on Me” een uitzinnig gejoel op uit de met verliefde tienermeisjes overbevolkte zaal. Maar toch zou een etiket van tieneridool hoogst ongepast zijn. Weinig nieuwe artiesten slagen er vandaag in om generaties van jong tot oud muzikaal zo succesvol met elkaar te verbinden als George Ezra.
Daar is vooral die rauwe, ongepolijste southern blues stem die je niet direct met een koorknaap associeert zwaar schatplichtig aan. Om van zijn ontwapenende authenticiteit nog te zwijgen.  
Op “Cassy O” en “Benjamin Twine” werd jeugdige branie gekoppeld aan een volwassen, volstrekt tijdloos geluid. Tijdens de nieuwe single “Leaving It Up To You” leek opnieuw een vernuftige instant classic in de maak die wellicht op niet minder airplay zal mogen rekenen dan het geprezen “Budapest”.
“Get Lonely With Me” rook naar de vloeistof om gebroken harten mee te lijmen en ook op afsluiter “Did You Hear The Rain” klonk donkerder en grimmiger dan gezond is voor een jongegast.   

George Ezra belichaamde met verve de rondreizende, ietwat sjofele blues folk troubadour, een al eeuwenoude geromantiseerde succesformule waar de tijd geen vat op heeft. Wedden dat George Ezra deze zomer ook een hoogvlieger wordt op Rock Werchter?

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)  

Les Nuits Botanique 2014 – White Denim – Von Pariahs Progressieve rock met blues invloeden, of postpunk, voor elk wat wils

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 – White Denim – Von Pariahs Progressieve rock met blues invloeden, of postpunk, voor elk wat wils
Les Nuits Botanique 2014

Les Nuits heeft er een patent op om verschillende genres in een line up te programmeren. Dit was vanavond niet anders met Von Pariahs en White Denim.

Von Pariahs zijn een Frans zestal uit Nantes, en spelen post-punk. Aan de looks is er nog wat werk, de zanger had een verschoten jeansvestje aan met daaronder een veelkleurige t-shirt, de lange haren van de bassist pasten ook niet in de vroege jaren tachtig estethiek die de nummers uitstraalden. Muzikaal zat het wel snor, met nummers die zowel tegen de pathetiek van Placebo als Brett Anderson aanschurkten als de postpunk van Joy Division en zijn navolgers als Interpol en Franz Ferdinand. In het derde nummer zat zelfs een koebel, het dansbare geluid van The Rapture indachtig. We konden vooral de syncopatische speelstijl van de drummer appreciëren, die heel erg deed denken aan Savages. Maar zo sexy als die vier Engelse meiden zijn deze Fransen niet.  Een vreemd moment, toen de zanger besloot om solo ‘You’ll never walk alone’ te zingen, wellicht wist hij niet dat Club Brugge al uitgeschakeld was voor de titel.

White Denim tapt uit een heel ander vaatje, maar een dat ik veel minder kon smaken. Deze Texasrakkers spelen een soort Southern progressieve rock met soul -en bluesinvloeden, maar echt mijn ding niet. Het zijn heel goeie muzikanten, in hun beste momenten herkende ik iets van Masters of reality, en de soulinvloeden kon ik ook wel smaken, maar alle clichés van de progressieve mathrock passeerden de revue: veel gitaar en bassolo’s, maar geen melodieën die bleven hangen, breaks waar de totale band in een moeras verzeilde, om  dan met een solo terug uit de modder te kruipen, twee of drie nummers die tot een song aan elkaar gebreid werden, gelukkig geen drumsolo’s. Een best leuk soulnummer ontaardde in een powerballad zoals Marillion die maakte vele Texaanse winters geleden. Naar mijn mening hebben goeie songs geen intermezzo’s, middenstukken, tempowisselingen, uitlopers en ellenlange finales met de lichten aan. Stadionrock in de Orangerie, nee bedankt. Voor de liefhebbers van het genre zal het een puike show geweest zijn, maar voor mij was het dat niet.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)   

Les Nuits Botanique 2014 – Cat Power - Breekbaar, maar nog niet gebroken

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 – Cat Power - Breekbaar, maar nog niet gebroken
Les Nuits Botanique 2014

Cat Power dus, in een zaal die veel te groot leek voor enkel een broos lijkende singer-songwriter met gitaar en de occasionele piano om haar wiege- en andere liedjes te begeleiden.

Een zo volle zaal als het Koninklijk Circus trekken lijkt me voor zo iemand een prestatie, maar dan bleek heel duidelijk dat de liefde van de fans groot is, wat ze soms al te vaak wilden laten blijken. Het bleef in ieder geval sympathiek, terwijl Chan Marshall ook op haar typerend wat warrige manier blij mee was. Haar bindteksten blijven nogal pover, maar ook dat charmeert zoals dat verhaal op het eind over iets wat ze in Parijs had meegemaakt, maar waarbij een clou van het verhaal niet bleek te bestaan. Het publiek vond het liefhebbend niet erg, en zong enthousiast mee met zo’n kampvuurliedje in steenkoolfrans.
Het probleem bij Cat Power is soms dat haar liedje wat te frêle lijken, en haar gitaarspel is ook niet meer dan begeleiding, zodat alles gedragen moet worden door haar stem die goed is, maar ook niet overweldigend. Sommige nummers rafelden een beetje uit, en leken soms niet meer dan schetsen. Ze ging ook naadloos van het ene in het andere nummer over, wat verwarrend kan werken. Echte fans vinden dat net de charme veronderstel ik, en daar valt in deze computerwereld veel voor te zeggen.
Een groot aantal nummers van haar laatste worp ‘Sun’, en steeds maar verzoekaanvragen die niet ingewilligd werden. Wat passeerde waren toen vooral nummers uit vorige platen. De lezer zal me vergeven dat ik de nummers van eerdere platen ook niet goed meer kan onthouden, ze nemen trouwens eerder een plaatsje in je ziel dan in je geheugen en zoals iedereen weet is er geen hond die weet waar die ziel zich precies bevindt. “The Greatest” , “Names” en “Werewolf” uiteindelijk op algemeen verzoek, wat blijkbaar ook een cover is. Ook een cover van “I Wanna Be Your Dog”, die niks van het rauwe origineel had, en me eerder grappig overkwam dan als een definitieve versie. Het was warm, ik dacht dat het zomer was, het was tijd voor een pintje.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)   

DJ Hardwell

DJ Hardwell – How many kicks does it take till you get to the climax of it?

32 minuten na middernacht. De eerste van een eindeloze reeks kick drums die de Nederlandse DJ Hardwell op het uitverkochte Sportpaleis loslaat. 30 minuten na middernacht. De drie immens grote schermen spelen het redelijke impressionante cv van de top dj af, terwijl een donkere, vervormde stem het publiek, de ‘dear dreamers’, verwelkomt. 26 minuten na middernacht. Dreigende tonen en hartslagen zorgen ervoor dat veel mensen uit het publiek al ruim op voorhand met oplichtende smartphones klaarstaan om de opwachting van Hardwell te filmen. Ruim drie uur na middernacht. Hardwell trakteert het nog altijd energieke publiek met de dj Coone-remix “Licht uit” van The Opposites en dan is het gedaan.

Vreemd maar het concept tijd heeft precies geen vat op deze wel zeer grootse en zeer professionele produktie. Hoe zorg je ervoor dat je als dj je publiek kan meetrekken voor een tijdsspanne van drie uur én dat ze het gevoel hebben dat die drie uur als drie minuten aanvoelen én dat je niet weet waar begin en einde is ? Deze 26-jarige dj heeft met verve en schwung aangetoond dat dit kan.

Op zijn twaalfde start Robbert van de Corput (Hardwell is de Engelse vertaling van zijn familienaam) met dj’en en een paar jaar later staat hij al met zijn sets in gereputeerde clubs in Nederland, mee met zijn ouders die als begeleiding hem vergezellen omdat hij zelf nog te jong is om binnen te mogen. Na een korte opleiding bij de Rock Academy is het duidelijk dat de jongen voldoende genie in zich heeft om direct werk van zijn muziekcarrière te maken. Zijn producties en mash-ups raken meer en meer bekend en gaan over de landsgrenzen heen. Als prille twintiger start hij zijn eigen record label Revealed Recordings op en lanceert hij zijn radioshow ‘Hardwell on air’ die door meerdere internationale radiostations uitgezonden wordt. In 2012 treedt Hardwell op grote festivals zoals Tomorrowland op en worden zijn sets massaal op You tube bekeken. Een jaar later start de dj met zijn wereldtournee en wordt hij door DJ Magazine (lees : de fans die op hem gestemd hebben) verkozen door nummer 1 DJ van de wereld.
In a nutshell, een heel vlugge opmars dus, met een paar valse noten wel, zoals ook te zien zijn in de documentaire I am Hardwell. De dj wordt een paar jaar gevolgd en je ziet de vermoeidheid door de combinatie van zeer veel dj-sets, zeer veel producties en zeer weinig vrije tijd toeslaan. Ook de twijfel of hij als artiest juist bezig is wordt getoond : maakt hij muziek enkel voor hem als Robbert van de Corput of gaat hij voor hetgene het publiek van hem als Hardwell verlangt? Of is er tussen deze twee extremen een tussenweg te vinden en kan hij zijn eigen sound creëren die door het publiek opgepikt wordt ? De show in het Sportpaleis is het bewijs dat hij die tussenweg gevonden heeft.
De set heeft iets weg van een rollercoaster die om de drie minuten losgelaten wordt, een wereldrecordpoging “hoeveel climaxen kan je in drie uur krijgen”. Binnen een tijdsspanne van een paar minuten heb je telkens de opbouw zonder beat waarbij het liedje geïntroduceerd wordt. Je voelt al vrij vlug de climax opkomen en je eigen verwachtingen groeien en die climax spat dan telkens uiteen in een stevige kick drum die ondersteund wordt door spacy en indrukwekkende beelden op de grote schermen (nooit gedacht dat het Sportpaleis zooo breed is) én door vuur, vuurwerk, rook, confetti of fraaie lasers. En dan brengt Hardwell de volgende produktie of remix al in gereedheid. We horen oa zijn eigen “Spaceman”, “Dare you” en “Apollo” (zit tweemaal telkens met een andere stijl in de set) of zijn bekende mash-up van “Show me love” van Robin S (één van de favorieten van Hardwell zelf en de eerste track die door de grote dj’s werd opgepikt). Ook andere dj’s belanden in de cocktail, zoals Martin Garrix (“Animals”), Armin van Buuren (“Ping pong”, “This is what it feels like”), Steve Aoki (“Pursuit of happiness”, “No beef” met Afrojack), Fatboy Slim (“Eat, sleep, rave, repeat”), Disclosure (“Latch”), DVVBS & Borgeous (“Tsunami”), Kernkraft 400 (“Zombie Nation”).
Hardwell schurkt ook tegen andere muziekstijlen aan en remixt “Sweet dreams” van de Eurythmics, “We will rock you” van Queen, “Summertime Sadness” van Lana del Rey, “Californication” van de Red hot chilli peppers en “Pompeii” van Bastille. En hij tovert alles om in zijn eigen energieke Hardwellsound, terwijl hij een enorm spectrum van stijlen aanwendt, iedere keer in een paar minuten tijd dus.
Hardwell ziet er als een jonge student uit, een beetje bleek, onschuldig ook, met zijn net kapsel en zijn tshirt met op de rug Hardwell 01. Hij heeft echter ook met zijn constante grijns en zijn typische dansstijl (armen wijd open en bij iedere beat de vingers strekken, alsof je twee knipperlichten imiteert) tonnen charisma om voortdurend het publiek te kunnen entertainen en interactie te hebben. Zijn truukjes kunnen vrij banaal overkomen : ik wist niet dat er zo veel manieren bestonden om “Get your hands up” anders te verwoorden en te roepen naar de massa, of het publiek zo doen applaudisseren als een hoogspringer die op het punt staat te jumpen, of iedereen laten aftellen om dan bij nul een immense beat te laten knallen. Maar het lukt hem, en je ziet gewoon dat hij oprecht blij is om zijn eigen muziek te kunnen maken en dit dan ook nog te kunnen delen met zo veel enthousiaste mensen.
En hij is oprecht dankbaar, naar het publiek toe en ook naar de organisatoren zo wordt de presenting partner Summer festival uitvoerig bedankt (zij hadden al twee keer Hardwell op hun Antwerps dance festival).

Het publiek, zeer divers in leeftijd, maakt er een groot feest van. Tijdens een set van drie uur kan je al eens makkelijk rondlopen en werkelijk overal dansen de mensen. En leuk om te zien, net als ik even aan het uiterste rechtse deel van het Sportpaleis sta, is dat hij tijdens de show, 5 seconden lang geknield achter zijn tafel, de tijd neemt om met zijn medewerkers te proosten op de nacht en waarschijnlijk ook op het feit dat hij met zijn muziek zo veel ‘dear dreamers’ zo veel climaxen kan bezorgen.

Organisatie: Summerfestival

Les Nuits Botanique 2014 - tUnE-yArDs - Van Afrika tot in Amerika, alle kleuren van de regenboog …

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 - tUnE-yArDs - Van Afrika tot in Amerika, alle kleuren van de regenboog …
les Nuits Botanique 2014

Wie herinnert zich de clip niet van “In de Gloria” met Rita Weemaes, die in het kerkkoor wil zingen, maar afgewezen wordt door de koorleidster omdat het te luid en te veel is. Iemand die deze invalshoek heel hard genegen is, is Merrill Garbus, ofte tUnE-yArDs. Subtiliteit is zeker haar sterke punt niet, maar dit als een olifant in de porseleinkast springen en het breken van alle regels leidt wel tot een volstrekt origineel geluid dat toch heel aanstekelijk is. Haar doorbraak kwam er met ‘Whokill’, waar ze een volstrekt unieke mix van elektrisch versterkte ukulele, sax en Afrikaanse polyfone zang naar de urban jungle van de eenentwintigste eeuw vertaalde.

Haar derde plaat, ‘Nikki Nack’, is net uit en de single “Water Fountain” heeft zelfs de dagprogrammatie van Studio Brussel gehaald. Tegenover haar vorige passage in de Botanique, heeft ze haar live-band uitgebreid: naast haar man, Nate Brenner op bas en keyboards, had ze ook een percussioniste en twee achtergrondzangeressen meegenomen, maar een saxspeler had ze dan weer thuisgelaten, waar die op de vorige tournee nog een voorname rol speelde. Garbus stal de show, met groen geverfde, borstelige wenkbrauwen, en roze pluimen, geïnspireerd op Zuid-Amerikaanse carnavalkostuums. De uitgebreide bezetting gaf het geluid een rondere, meer op soul en gospel geinspireerde klank: de Afrikaanse invloeden kwamen door de achtergrondzangeressen die percussiestokken hanteerden nog meer naar voor, net als Zap Mama smokkelt tUnE-yArDs pygmee-gezangen in haar nummers, maar toch klonk het nooit als wereldmuziek, en past tUnE-yArDs zowel op Couleur Cafe, Dranouter, Pukkelpop of ‘Wurchter’, zoals ze zelf zei: “Hey if I can’t say it, at least I can play it”.
Op basis van de plaatbespreking hadden we veel elektronica verwacht, maar het was eigenlijk maar in een nummer dat de keyboards een vuile dansbeat uitspuwden, voor de rest heel veel percussie die als basis van de nieuwe nummers diende.
Live werkte de ruime bezetting heel goed, het had in een nummer zelfs iets van Amadou & Mariam, maar de scherpe kantjes ontbraken toch een beetje in de ruimere bezetting: de achtergrondzangeressen zingen veel beheerster dan Garbus zelf, als die haar eigen achtergrond sampelt in de trio set-up die ze vooral voor de nummers van ‘Whokill’ gebruikte. Die onverschrokkenheid van de badkamerzangeres, het ‘ het is te luid Rita’ met de bewuste valse starts en onderbrekingen, alsof een cassettebandje in de soep aan het draaien was, waarna alles weer op zijn pootjes viel, werd magistraal uitgevoerd in het hiphop anthem “Gangsta” met zijn vervormde politiesirene- zang, zijn vette beats, en Merril’s zangacrobatieën, die in een van de breaks van dit nummer op jammerlijk mislukte wijze geïmiteerd werden door iemand uit het publiek. Ook in “You yes you” viel je mond open als je zag hoe Garbus haar nummers opbouwde op basis van geloopte drum en zangpartijen, en gaf de metalige klank van de ukulele dat beetje peper dat het publiek nodig had om het op een dansen te zetten.  “The Bizness” , in volle bezetting, had de wilde frisheid van een Tahiti Douche, en herinnerde ons aan dat ander Afrikaans bastaardje van Belgische oorsprong, ‘Allez Allez’. Ook Sesamstraat mocht niet ontbreken, “Waterfountain” was het perfecte kinderrijmpje waarin het publiek “Woeha” mocht meebrullen.

Kinderlijke onbevangenheid, en het negeren van alle regels die er in de muziek zijn, het blijven de sterke punten van tUnE-yArDs. Het hoekige en totale experiment is er misschien een beetje uit op de nieuwe plaat, maar live werkt de set up met de extra zangeressen, en we zijn er zeker van dat Garbus moeiteloos een hele tent zal kunnen entertainen op zaterdag 5 juli iets na drieën.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)  

Les Nuits Botanique 2014 – BRNS op kruissnelheid …

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2014 – BRNS op kruissnelheid …
Les Nuits Botanique 2014

BRNS (Brains om het u makkelijker te maken!)  is een klasseband uit het Brusselse . Het kwartet is en klinkt veelbelovend . De EP ‘Wounded’ dateert van 2013 en met de zomer zal de full cd ‘Patine’ verschijnen . De groep wenst tegen dan op kruissnelheid te staan. Een ideale aanzet gebeurde tijdens Les Nuits Bota in een lang op voorhand uitverkochte Rotonde.

De sympathicos zitten ergens tussen Clap Your Hands Say Yeah en Tortoise in met hun gespierde , opbouwende , frisse, broeierige, opwindende sound , waarbij ze fel van leer kunnen trekken en oog hebben voor subtiliteit en finesse. En strakke ritmesectie , pompende basslines, beheerste, avontuurlijke gitaarlijnen en een opzwepende drums zorgt voor een aantrekkelijke, catchy , deels mysterieuze songs die een dansbare groove hebben , de spanning doen toenemen en explosieve momenten kennen.
De multi –instrumentalisten hebben hét en deden de temperatuur in de Rotonde nog wat stijgen . En potentieel hebben ze hoor , naast de vroegere doorbraaksingle “Mexico” en “Here dead he lies” hadden we “Void , voorbode van de debuutCD binnen een paar maand.
De nieuwe nummers leggen nog wat meer de klemtoon op een sterk harmonieuze samenzang en in de stuwende baslijnen voelen we zelfs een dampend, funkend Prince ritme .
Tja , deze gretig spelende gasten hebben goed uitgewerkt materiaal , lieten ons kennismaken met het nieuwe werk en sloten af met het prachtige “Our lights” .

Ze zorgden voor een boeiend dynamisch setje . Dit jonge kwartet speelde eerder supports voor Suuns, Yeasayer , Django Django en Cloud Nothings , heeft live ervaring zat in het clubcircuit, staat op scherp nu en heeft een eigen muzikale identiteit van stevige, dansbare indierock van catchy hooks en tropische beats, gepresenteerd met een zekere spontaniteit en coolness .
Eenvoudigweg een ‘must-see’ band met héél wat sterke troeven . Hun zomer kan niet meer stuk!

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2014)  

Pagina 580 van 964