logo_musiczine_nl

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02-04 The Hickey Underworld, Bed rugs 05-04 Breaking waves: Knives, The Rats 09-04 Tom Smith @Sint-Jakobskerk 11-04 Tortoise (ism Kaap) 12-04 The Tool Experience (FKA The Perfect Tool), Carneia (Org: Devil in a box) 13-04…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Hooverphonic

Blaudzun

Promises of no one’s land

Geschreven door

De Nederlander Blaudzun aka Johannes Sigmond heeft nog maar goed z’n doorbraak ‘Heavy flowers’ verwerkt of we krijgen al een vervolgverhaal . De sing/songschrijver heeft een voltallige band achter zich en wordt intussen al enorm gerespecteerd . “Flame in my head” en “Elephants” waren al twee overtuigende singles die Blaudzun brachten in de richting van 16 Horsepower, Grant Lee Buffalo en Arcade Fire .
Opnieuw krijgen we op ‘Promises of no one’s land’ een reeks knap gearrangeerde songs, waarbij “Hollow people” en de titelsong al meteen het uitgansbord vormen . Zijn songs zijn mooi uitgewerkt , bouwen op en krijgen een volle , rijkelijke en ‘een alles en nog wat’ instrumentatie .
Blaudzun heeft de kunst prachtige nummers te schrijven en zorgt voor stevige gefundeerde, beklijvende, bloedstollende pop die blijft hangen . Naar het einde toe , o.m. op “Halcyon “en “Wingbeat” komt de donkere toon wat meer bovendrijven .
Moeiteloos loodst hij ons opnieuw door de plaat heen met z’n gevoelige emotievolle zang. Sterk gewoonweg wat deze Johannes verwezenlijkt!

Aloe Blacc

Lift your spirit

Geschreven door

De immer sympathieke Aloe Blacc heeft een nieuwe plaat uit , ‘Lift your spirit’ . Hij haalt de mosterd bij artiesten als Sam Cooke, Bill Withers, Marvin Gaye, Stevie Wonder en Isaac Hayes . Binnen de retrosoulpop hebben we hier opnieuw materiaal met een zekere hitpotentie en wordt het samenhorigheidsgevoel aangewakkerd door de rits catchy , aanstekelijke , frisse,  ontspannende nummers, die een uitstapje richting folk, gospel en hiphop heel goed verdragen en een dampende, swingende groove hebben  . Luister maar eens naar het semi-akoestische folky “Wake me up” (nog gekender in een dance versie met de Zweedse DJ Avicii) , “The man”, “Here today” en “Can you do this?”.
Net als bij de vorige ‘Good things’ weet ook het ingetogener , sfeervoller werk te bekoren . Een fijne plaat die je een zorgeloze zomer kan bezorgen . Die spirit zit ‘em duidelijk in de vingers .

The Black Keys

Turn Blue

Geschreven door

Commercieel succes is nooit een vruchtbare voedingsbodem geweest voor creativiteit.  Het verhaal is gekend : Jonge beloftevolle band haalt met enkele puike plaatjes onverhoopt succes, groeit uit tot een mega groep en richt zich vervolgens op het maken van op miljoenenverkoop gerichte platen waaruit alle ziel is verdwenen. Zie U2, Kings Of Leon, Coldplay, Editors en wat ons betreft zelfs ook Arctic Monkeys (al krijgen die nog een even het voordeel van de twijfel). En lap, ’t is weer van dat, bij The Black Keys hebben ze het ook zitten.
Het begint nochtans goed met de classic rock van “Weight of Love”, knappe song, kon van Jonathan Wilson zijn, vloeiend en met heerlijke gitaren, maar het klinkt hoegenaamd niet Black Keys, eerder Pink Floyd. Ook “In Our Prime” is er zo eentje, aangenaam vertier voor in onze hangmat, maar waar zijn The Black Keys godverdomme naar toe ?
De rauwe bluesrock van ‘The Big come up’, ‘Thickfreakness’ en ‘Rubber Factory’ is heel ver te zoeken, zo niet helemaal verdwenen. De scherpe kantjes zijn er volledig afgevijld.
The Black Keys gaan op zoek naar de soul maar stuiten daarbij meermaals op slappe boter. Op ‘Brothers’ vonden ze die soul wel nog, geen idee wat hen nu overkomen is. Het hitje “Fever” mag dan al catchy zijn en aanzet geven tot enkele danspasjes, het is gebouwd op een eerder onnozel deuntje.  Op ‘El Camino’ waren alle elf songs even catchy, maar beter.
Producer Danger Mouse heeft The Black Keys het verkeerde serum ingespoten. Dan Auerbach heeft zanglessen gevolgd (zo helder mogelijk zingen, manneke, en vooral niet buiten de lijntjes kleuren!) en heeft zo te horen ook zijn gitaar in de veiligheidsmodus moeten zetten. Keyboards, synths en strijkers zijn in de plaats gekomen. Wij zijn hier weg.
Onze boodschap aan Auerbach en Carney : Gooi Danger Mouse buiten, ga als de bliksem terug naar Fat Possum, plug die gitaar terug in en kom ons daarna nog eens wakker maken. Ondertussen gaan we nog even ‘Thickfreakness’ opzetten om de kater weg te spoelen.
The Black Keys komen naar Rock Werchter, ’t is de eerste keer dat wij niet uitkijken naar een Black Keys concert.

Swans

To Be Kind

Geschreven door

Swans, het geesteskind van donkere ziel Michael Gira, is altijd actief geweest in de lugubere spelonken van de eighties en nineties underground. De band maakte een pak vervaarlijke albums die weinig daglicht konden verdragen maar die langs een kluwen van donkere steegjes hun weg vonden naar een schare trouwe fans, waar ze in de platenkast een bevoorrecht plaatsje kregen naast The Birthday Party, Psychic TV, Foetus, Joy Division, Einsturzende Neubauten en Throbbing Gristle.
Met als laatste wapenfeit ‘Soundtracks for the blind’ leek in 1996 het doek te zijn gevallen over Swans, tot de band na een winsterslaap van maar liefst 14 jaar plots terug uit het niets opdook met het almachtige ‘My father will guide me a rope to the sky’. Twee jaar later volgde een zowaar nog indrukwekkender opus, de huiveringwekkende dubbelaar ‘The Seer’, een monumentale brok onheil waar we nog altijd niet echt van bekomen zijn.
Amper twee jaar na het kolossale ‘The Seer’ heeft Michael Gira alweer een imminent werkstuk gemaakt.  ‘To Be Kind’, opnieuw een forse dubbelaar, is wederom twee uren beproeving, woede, razernij, onrust, hartzeer, claustrofobie, angst, bloed en smart.
Swans doen er lang genoeg over om hun beklemmende , bezwerende en verzwelgende sound volledig tot ontplooiing te laten komen, maar langdradig wordt het nergens. Integendeel, hoe langer het duurt, hoe meer beklijvend het wordt. Het repetitieve karakter, de duistere teneur, de langzaam sluimerende calvarietocht naar een climax, dat zijn de dingen die deze 10 songs zo intrigerend maken. De zwaarste brok “Bring the sun/ Toussaint l’ouverture”  duurt maar liefst 34 minuten en houdt ons gans die tijd in een onverstoorde wurggreep. Dit is geen song meer, dit is een griezelfilm zonder beelden, de apocalyps nabij.
‘To Be Kind’ is geen gemakkelijke of comfortabele plaat, het markante album vergt serieus wat inzet en toewijding van zijn luisteraars. De songs nemen hun tijd om hun slachtoffers langzaam op te slorpen. Die slachtoffers, dat zijn wij, en masochisten als we zijn, we laten ons maar al te graag kopje onder gaan in Michael Gira’s gitzwarte zwanenmeer. Het is geen plezierreisje, wel een unieke ervaring, een ijzingwekkend avontuur, beangstigend maar intens.
Dit imposante werkstuk dient niet bepaald om uw zomerse barbecue feestjes mee op te vrolijken, bij Swans slibt de hemel immers helemaal dicht met inktzwarte onweerswolken, maar het is misschien wel de ultieme soundtrack van het einde van de wereld.
Live kan u dit ondergaan op 25/09 in de AB. Laat uw fleurig hemdje maar in de kast liggen.

Milky Chance

Milky Chance heeft meer te betekenen dan een hittune!

Geschreven door

Milky Chance heeft meer te betekenen dan een hittune! 
Milky Chance en Birth Of Joy

Heel wat jong volk was opgedaagd om de Duitse sensatie van het moment Milky Chance aan het werk te zien . Een duo die met “Stolen dance” een grote hit op zak hebben, een eenvoudig, dromerig, stekelig nummer , dat het uitgangsbord vormt van hun debuut ‘Sadnecessary’, semi-akoestische pop met coole dancebeats  , bepaald door folky flamenco tunes , dubs , een percussieve ritmiek en een switch van allerhande stijlen door draaitafel DJ Philipp Dausch . De songs hebben een voorthuppelende melodielijn en een zwoele, zomerse , maar evenzeer melancholische inslag.

Zanger/gitarist Clemens Rehbein staat hier in de spotlights; naast zijn tokkelend gitaarspel hebben we zijn donkere, grauwe emotievolle zang . Tja hier hangt ergens een sfeertje van Fun Lovin Criminals, Bobby Sichran en G Love, gezien oude blues  in dat geluid door dringt .
We kregen een lekker in het gehoor liggende set , met nummers “Stummer”, “Fairytale”, “Flash junk mind” en de titelsong , waarin het hitdeuntje van “Stolen dance” telkens doorklinkt . Nog meer gevoeligheid komt naar voor bij ingetogen werk als “Feathery” en “Loveland” . Een derde man op mondharmonica vervoegt het duo en geeft er nog een doorleefd tintje aan ; door foottics en de percussieve ritmiek gaat het tempo terug wat omhoog. De afsluitende tracks “Never mind” , “Running” en natuurlijk hun hitsingle “Stolen dance” waren opzwepender en werden heel sterk onthaald .

Dit duo werd op handen gedragen en deed de jonge hartjes wat sneller slaan. Een golvende beweging in het publiek die duidelijk je avond kleurde! 

Een andere stijl hadden we met het Nederlandse trio Birth Of Joy . De cd ‘Prisoner’ is in eigen land erg positief onthaald . Ook al was er heel wat volk verdwenen , dit trio liet het zeker niet aan hun hart komen en werden op de eerste rijen de hemel ingeprezen . Een stevige portie vettige rock’n roll hoorden we, met wat psychedelica Hammond toetsen . Hier hadden we invloeden van MC5 , The Doors , Black Crowes, The Datsuns en Black Keys. Hun nummers zijn scherp, snedig , gedreven,  zompig , maar ook warm aandoenlijk. Met z’n drieën waren ze sterk op elkaar ingespeeld en werden de nummers lekker uitgesponnen, zonder ook maar echt te vervelen . De zanger dweepte het publiek nog wat op. Het trio klonk energiek, dynamisch en ging gretig te werk .
Niet echt iets nieuws qua sound , toegegeven,  maar nummers als “The sound”, “Teeny bopping”, “Three day road” en “Rock’n’roll show” waren om van te snoepen . Hier geen hittunes, maar een gezonde dosis doorleefde rock’n’roll  . Kortom, Birth Of Joy speelde een sterk overtuigend optreden . Cheers mensen!

Tot slot hadden we nog uit Luxemburg Natas Love You , een uitgebreid ensemble die een groovy, bezwerende, dansbare sound bracht , met percussieve ritmes en heel wat ‘70s psychedelica , wat aanstekelijk werkte op de dansspieren en ergens een Caribou sfeertje opriep.

Een interessante , gevarieerde programmatie dus met deze drie bands …
Neem gerust een kijkje naar de pics van Milky Chance
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/milky-chance-12-05-2014/
Organisatie: Grand Mix , Tourcoing

 

Future Islands

Future Islands – Intens bezielde theatrale indie/synthwavepop

Geschreven door

Future Islands – Intens bezielde indie/synthwavepop
Future Islands , Ed Shrader’s Music Beat en Kristian Harting
Vooruit (Balzaal)
Gent

Het uit Baltimore afkomstige Future Islands is al ruim vijf jaar bezig en komt nu pas in de spotlights door de prachtsingle “Seasons (waiting on you)” uit de pas verschenen nieuwe vierde cd ‘Singles’, die begrijp me niet verkeerd , geen compilatie-album is van singles.
 
We kregen in een uitverkochte Balzaal van de Vooruit bijna anderhalf uur de kans kennis te maken met de band die nu na jaren eindelijk de verdiende airplay verkrijgt. En ze zijn hun publiek , hun fans enorm dankbaar.
De groep zit ergens tussen Clock Opera, Temper Trap , Beach House en Florence & the machine in met hun indie/synthwavepop, die verweven is van theatraliteit, bombast en dramatiek. De songs hebben een intense opbouw, groove, aanstekelijke, dromerige ritmes en diepe stuwende basstunes op z’n Peter Hooks (ex New Order) doordrongen van elektronica, die de songs sterken. De goed afgetrainde en gespierde Samuel T. Herring zingt op Anthony Hegarty en Billy Idol-achtige wijze de nummers aaneen . Inderdaad zijn vocals kunnen alle richtingen uit en pushen de song vooruit op bezield emotioneel, indringende wijze . Tja, hier schuilt wat Shakespeare theater …. 
Een gevoelige , onheilzwangere , opwindende sound in z’n totaliteit hadden we met de nodige switchs. De eerste nummers “Back in the tall grass”, “Balance” en “Sun in the morning” waren dynamisch. De zanger gaat, springt op en neer, hotst heen en weer, maakt allerhande handbewegingen en dweept, zweept z’n publiek op z’n Jim Kerrs.
“Fall from grace” en “Vireo’s eye” waren meer vleiend, pakkender. Die overtuigende single  “Seasons” ( = Clock Opera’s “move to the mountains”) trok het niveau terug omhoog , dat we verder hoorden op “Tin man long” , “Spirit” en “Flight walking thru the door”.

Uitgekiend  materiaal dat soms wat aanstelliger kon overkomen , maar de intense bezieling was groot, erg groot en zorgde ervoor dat de band na jaren zwoegen die verdiende erkenning en respons kreeg .

We kregen een enorm gevarieerde affiche vanavond, want eerder hadden we Ed Shrader’s Music Beat , een duo rond Devlin Rice die gitaar speelt op bas en Shrader natuurlijk die slaat en mept op z’n trom. De man zingt , schreeuwt en krijst de songs aaneen! Het duo brengt geschifte  ruwe , rauwe, donkere  punky rock’n’roll , dat diep dreunend, kreunend klinkt met een lofi tint. Muziek met een hoek af, waarvan af en toe het tempo wat kon worden teruggeschroefd in enkele sfeervolle tracks .
De heren misten hun moeder hier vanavond op Moedertjesdag , maar dat was nu net de impuls om nog gretiger hun set te spelen . Speels entertainment hadden we hier, gek en leuk , fris en opwindend, in tijden van Ween met hun ‘God ‘Ween’ Satan’ .

De eerste act was de Deen Kristian Harting die solo heel wat effects uit z’n gitaar en stem haalde. Op die manier wist hij een rits soundscapes te bewerkstelligen en zorgde voor een bezwerend, donker lofi geluid dat ergens een ‘lost highway’ verlatingsgevoel deed opborrelen.

Democrazy boekte hier drie acts vanuit  een verschillende invalshoek . Een mooie verdienste! Van een fijn Avondje gesproken.

Organisatie: Democrazy, Gent

Carrion

Carrion - Met snoeiharde metal op café

Geschreven door

Leg deze mannen hun debuutplaatje eens op, en je mag er zeker van zijn dat uw ramen aan diggelen liggen. Beware of Carrion! Een jonge Vlaamse band die van plan is de metalscene te veroveren. Al ben ik zelf niet helemaal thuis in het genre, ik kan u verzekeren dat het stuk voor stuk geweldige muzikanten zijn met sterke en vooral ‘zware’ songs. Geen knoeiers dus! Dit was een loeihard optreden, al had ik helemaal niets anders verwacht. En op een rustige indie-band zat het overvolle hardrock cafétje nu niet bepaald te wachten.
Veel plaats hadden deze vijf mannen niet maar dat weerhield er hen geen seconde van om uitgebreid en synchroon te headbangen, lang haar genoeg. En man toch, wat was ik jaloers op die lange haardos van de bassist!
Op een half uurtje werd de hele ruimte plat gespeeld en had het aan mij gelegen dan mocht dit wel nog iets langer duren. Ik denk dat ik meer van dat slag optredens zal doen in het vervolg!

Voor de mensen die van plan zijn om deze metalheads eens te gaan bezichtigen, ik raad u aan oordoppen mee te nemen. Geloof mij, je zal ze nodig hebben! Jongens, misschien tot op Graspop binnen een paar jaar!

Check ook even de volledige concertagenda op www.muziekcafeelpee.be, best interessant voor wie zich thuis voelt in het zwaardere genre

Organisatie: Muziekcafee Elpee

The Subs

The Subs – “We can only take happiness, and I think that’s the key, that’s the goal”

Geschreven door

Zwart-witte hoodies en beschilderde gezichten. Hees gescandeer op “Fuck that Shit”. Kwalitatieve plastic wereldbollen die tijdens “Face of the planet” het publiek ingekeild worden. Een halfnaakte “Pope of dope” met een aan de hand vastgeplakte microfoon die als een deus ex machina uit de coulissen komt gevlogen. Dat staat in het wikipedia van menig festivalganger gelijk aan The Subs. Met het materiaal op hun eerste twee albums ‘Subculture’(2008) en ‘Decontrol’(2011) heeft de elektroband met Gentse roots het perfecte materiaal - en vooral volk - in huis om van hun optredens een recht toe recht aan en extreem dansbaar en bezweet feestje te maken.

Maar wat met album nummer drie ‘Hologram’ ? Waar de vorige songs vooral mikten op (donkere) opzwepende beats, die typisch vervormde Subs-bliepgeluidjes en extatisch veel high voltage wordt ons met de proevers “Concorde “ en “Trapped” (al weken niet meer uit mijn hoofd te krijgen, zo catchy) een warm, volwassener en soulvol geluid voorgeschoteld. Het verblijf van frontman Jeroen De Pessemier in melting pot Londen en de evolutie in de (online) samenwerking met Wiebe Loccufier en nu ook Hadrien Lavogez zorgen op de nieuwe worp voor een weldadig uitgebreid soulpopspectrum, of wat toch voor soul/pop doorgaat voor de groep.
The Subs hebben behalve de intro en exit samen met een amalgaam van zangers en zangeressen muziek gemaakt, en opeens krijg je breekbare verhalen, diepe emoties en words of wisdom te horen van oa Jay Brown, Selah Sue en underground artiest Danny Greene, zonder dat die typische Subsbliepjes (hoe anders verwoorden) genegeerd worden.
Maar hoe vertalen ze dit naar hun live performance in de Vooruit ? In de volle concertzaal en in blauw laag licht komen de drie mannen bij “Trapped” zeer elegant op, in strak futuristisch pak en met elk een metalen box op hun hoofd (Daft Punk is niet ver weg). Met de warme stem van Colonel Abrams op band start het drietal vrij rustig op. Middenin het nummer gaan de helmen – gelukkig voor hen en voor het publiek – af en maken ze zich verder klaar voor de nog onbekende “Under my skin” en “Live in a dream”.
Echte zware party-interactie met het wel aandachtige publiek is er nog niet, totdat de band, “For old times sake” zoals De Pessemier het noemt, een wel zeer energieke versie van “Music is the new religion” brengt. Zonder pauze volgen een machtig kitscherige maar o zo goed en gebald gebrachte “Concorde” (“Toi, le Concorde, qui n’existe plus”, zalig gewoon) en “Kiss my trance” en daar is het gespring en de vele handen die het bekende Subs-driekhoek vormen.
De Pessemier, soms zonder kostuumjas en zonder shirt, klimt als vanouds overal op en raakt in de knoop met draden, Lavogez gaat van het ene naar het andere instrument, constant kauwgum kauwend, en Loccufier blijft er als derde punt van de driehoek zeer geconcentreerd bij. Dan komt een piepklein stukje van de monoloog “The bottle” er zeer distorted aan en gaat het zeer vloeiend over naar ”Don’t stop” en het prachtige “Cling to love”. De aandacht van het publiek verslapt eventjes, totdat het opzwepende “Face op the planet” het publiek nu volledig uit zijn dak doet gaan.
De charismatische frontman crowdsurft halfnaakt door het bezwete Vooruit, maakt als een Mozes een doorgang door het enthousiaste publiek en laat iedereen knielen en dan jumpen op nieuw en bestaand materiaal als 27, “The pope of dope” en “Fuck that shit”. En nieuw voor The Subs is het ietwat melige afsluiten en een ode aan “The people in love” met het echte liefdesliedje “Fly”.

Heren van The Subs, we wensen jullie een prachtig festivalzomer toe, en het ziet er zeer rooskleurig uit want op ‘Hologram’ staan een aantal serieuze kanshebbers om de boel nog langer te doen knallen.
En een grote merci voor de feest-mindfulness boodschap “We can only take happiness, and I think that’s the key, that’s the goal”, deze zullen we lustig delen.

Organisatie: Democrazy, Gent

The Bohicas

The Bohicas - Hype hype hoera?

Geschreven door

Dé hype van het moment komt neerstrijken deze avond in De Zwerver. Dat het soms snel kan gaan voor een band, dat bewijzen The Bohicas. Nog maar enkele optredens gespeeld en al getekend bij een fameus label, en dat allemaal op basis van een YouTube-filmpje. Op het internet is er ook zeer weinig te vinden van dit jong viertal: slechts 2 nummers. Doch worden ze de laatste weken duchtig geprogrammeerd door Studio Brussel. Maar zijn ze dit snelle succes wel waard? Dat mogen ze hier direct bewijzen.

The Bohicas vliegen er vanaf het begin fameus is. De eerste nummers zijn mokerslagen die het publiek direct doen verlangen naar meer. Van een trage start of een voorzichtig begin is hier geen sprake. Zonder scrupules trekken ze hard van leer. Maar na enkele nummers wordt er op de rem gestaan. Het post-punk begin van de set wordt omgebogen naar commerciële pop-rock, met hier en daar wat emotionaliteit, zeemzoet. Dit blijkt niet hun sterkste werk te zijn. Het klinkt een beetje te gekunsteld, te commercieel, te klef.

Naar het einde van de set toe laten ze zien waar hun sterkte ligt. Opnieuw wordt er fameus op de gaspedaal getrapt en het tempo, alsook het niveau schiet strak de lucht in. 3 nummers van hoog niveau die bewijzen wat deze zéér jonge Britse band in zijn mars heeft.  De single “XXX” alsook “The Swarm” (de enige twee nummers op hun soundcloud) passeren uiteraard ook de revue. En met dit slotsalvo houden de heren het voor bekeken.

Voor een band die nog maar een handvol optredens achter de rug heeft komen ze zeer overtuigend over. Maar ze kunnen uiteraard niet wegstoppen dat ze nog maar kort bezig zijn. Vooral het gebrek aan goeie nummers speelt hen nog parten. Hopelijk vinden ze snel de weg die ze willen volgen en schrijven ze nog wat extra materiaal. Zijn ze de hype waard? Voorlopig nog niet. Maar met enkele extra songs onder de arm kan het altijd snel gaan.
We zien ze graag terug op Pukkelpop waar ze de rest van België kunnen overtuigen van hun kunnen.
Misschien dat ze tegen dan al 20 optredens gespeeld hebben? Het kan enkel helpen.

Organisatie: de Zwerver, Leffinge (Leffingeleuren)

The Jon Spencer Blues Explosion

Jon Spencer Blues Explosion - Recht van uit de onderbuik

Geschreven door

De compromisloze platen met de meest energieke garage-trash als ‘Extra Width’, ‘Orange’ en ‘Now I got worry’, waarop Jon Spencer de rock’n’roll uitbeende en terug opfokte, zullen altijd een vooraanstaand plaatsje bekleden in onze collectie, maar met ’Meat + Bone’ (12 gore lappen rock’n’roll aan een vleeshaak) waren we anno 2012 ook meer dan opgetogen. Wij zijn maar wat blij dat de heren elkaar na die sabbatperiode van 8 jaar hebben teruggevonden, hoewel Jon Spencer’s uitstapjes met Heavy Trash en Spencer Dickinson ook niet te versmaden waren.

Jon Spencer is en blijft onze favoriete garagist en het doet deugd om na al die jaren te mogen vaststellen dat hij trouw is gebleven aan zijn rauwe, primitieve en uiterst intense garage rock.
Er is even een tijd geweest dat de band wat meer media aandacht kreeg en voor grotere zalen en zelfs op festivalpodia speelde. Maar hoe groot die podia ook waren, de drie primitieve rockers bleven steeds koppig op een ruimte van pakweg 3 vierkante meter de rock’n’roll uit hun tenen spelen. Die attitude is op vandaag ongeschonden gebleven. Fuck lichtshow, fuck videoprojecties, fuck bombast, just play rock’n’roll.
De Kreun is de gedroomde locatie voor dit potje vunzige en energieke herrie. Enige vorm van aankondiging of opgezwollen intromuziek is uit den boze, de heren komen droogweg het sober verlichte podium opgewandeld, pluggen de gitaren in en geven er een lap op.
Vanaf de eerste noot is het vuurwerk. Dit trio heeft immers iets magisch, alle drie zijn ze met het rock’n’roll virus besmet en als ze samen op een podium staan dan spettert en vonkt het langs alle kanten. Er huist nog steeds een vurige showman en entertainer in Jon Spencer, een licht ontvlambare bastaardzoon van Lux Interior, Keith Richards, Iggy Pop en Elvis. Maar hij overdrijft niet meer zo als vroeger, het Vegas gehalte is wat teruggeschroefd en Spencer spitst zich toe op de energieke en vettige muziek.
De schijnbaar argeloos spelende Judah Bauer voegt vette funklagen toe aan de meer trashy gitaarpartijen van Jon Spencer, met zijn tweetjes vormen ze een unieke gitaartandem waar magisch vuur uitspat.
Het lijkt slordig, maar het is subliem, en vooral spontaan, zoals bij Thurston Moore en Lee Ranaldo, ook twee iconen die meer schitteren in chemische reactie dan in technisch gitaarvernuft.
En dan is er nog Russell Simmins, die weergaloze drummer die zijn drumstel misschien wel in den Aldi heeft gekocht, maar er verrukkelijke rock’n’roll uit roffelt. De heren voelen elkaar perfect aan, één knik van Spencer volstaat om de anderen in brand te steken, alsof alles vanzelf gaat.
En dat is ook zo, nog maar zelden hebben wij een trio bezig gezien die zo hecht en onbezonnen de rock’n’roll bedrijft. Rock’n’roll is gewoon seks bij Jon Spencer Blues Explosion.
Een playlist trachten te volgen is onbegonnen werk, een JSBE concert is eigenlijk één lange medley uit hun repertoire, een aaneenschakeling van rudimentaire songs en splijtende riffs.  Terwijl u zich zit af te vragen welke track ze aan ’t spelen zijn , hebben ze al lang weer de smerige riff van een andere ingezet …
…Dat is nu net Jon Spencer Blues Explosion, het gaat supersnel, het knalt, het knettert en het briest, en geen mens die de score kan bijhouden, inclusief de heren zelf. Als je hen achteraf om een setlist zou vragen, dan weten ze ’t wellicht zelf niet. Het doet er ook niet toe, dit is rock’n’roll die recht van uit de onderbuik komt.

Wij zijn absoluut geen leek meer wat betreft concerten van JSBE en hebben ook niet de tel bijgehouden, maar een mens kan hier nooit genoeg van krijgen. Ook al is het verrassingseffect weg, dit bruisende trio blijft ons gewoon verbluffen. Volgende keer weer van de partij ? ’t Zal wel zijn!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jon-spencer-blues-explosion-08-05-2014/
Organisatie: Kreun , Kortrijk

Pagina 581 van 964