logo_musiczine_nl

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02-04 The Hickey Underworld, Bed rugs 05-04 Breaking waves: Knives, The Rats 09-04 Tom Smith @Sint-Jakobskerk 11-04 Tortoise (ism Kaap) 12-04 The Tool Experience (FKA The Perfect Tool), Carneia (Org: Devil in a box) 13-04…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Gavin Friday - ...

Touché Amoré

Is survived by

Geschreven door

Het kwintet uit LA is al toe aan z’n derde plaat en blaast een verfrissende wind in die posthardcore . We krijgen korte , kernachtige songs hardcore , punk en indie mooi samengebald … 12 songs in 30 minuten op het scherpst van de snede , die opwindend, broeierig , verbeten zijn , onder de schreeuwerige zang van Jeremy Bolm. Af en toe wordt het gaspedaal wat teruggedrongen , maar de intense spanning blijft wel de rode draad door de muziek heen . Kort-om, sterke plaat !

Town of saints

Something to fight with

Geschreven door

Town of Saints is een folkpoptrio uit Groningen en komt voor de dag met een reeks spontaan speelse, melodieuze songs ,die ergens hangen tussen Noah & The Whale, The Lumineers  en het oude Arcade Fire. Met z’n drieën (met een Finse violiste btw!) brengen ze een aangenaam, aantrekkelijk rijkelijk geluid . De songs zijn mooi uitgewerkt en moeten niet onderdoen voor hun internationale collega muzikanten .
Town of Saints heeft meteen een boeiende , overtuigende plaat uit!
Info http://www.townofsaints.com 

Dyna Dee

Straffe Toebak

Geschreven door

Straffe Toebak binnen de Vlaamse Hiphopscene … Inderdaad Dyna Dee aka Vincent Defaeye heeft er eentje uit . Zijn songs zijn slepend , gedreven en hebben een gevoelige tekstinhoud, er zijn venijnige woordspelingen en door de beats , geluidjes , scratches  hebben ze een broeierige spanning. “Aan boord” , “Solo slim” en “Rode draad” zijn meteen drie kleppers ! Het zorgt ervoor dat Dyna Dee terecht in de spotlights komt met een boeiende plaat van tien nummers . Mooi!

Info http://www.dynadee.be

The Fortunate Few

The Fortunate Few -2-

Geschreven door

… Met dank aan de fans – én die koestert Jan-Pieter Delcour en z’n band The Fortunate Few zeer zeker … Ze hebben een mooi debuut uit , sfeervolle pop, subtiel uitgewerkte emotievolle songs , die kleurrijk kunnnen zijn dor piano , keys en blazers . Het doet ons denken aan enkele ‘godvergeten’ 90s bands als New Radicals en World Party , die evenzeer hun songs sterk verfijnden . Soms ervaren we een reggaeske inslag van onze Skyblasters hier .
Kortom , we hebben hier een jong , gretig, gemotiveerd muzikaal talent die het songschrijven in zich hebben !

Info: http://www.thefortunatefew.net

Eurosonic-Noorderslag 2014 - The European Music Conference and Showcase Festival

Eurosonic-Noorderslag 2014
Diverse locaties
Groningen

Eurosonic-Noorderslag 2014 -
The European Music Conference and Showcase Festival – 15 -18 januari 2014, Groningen – overzicht EUROSONIC 16-17 JANUARI

Totaal aantal bezoekers (uitverkocht): 38.500, conferentiebezoekers (uitverkocht): 3.275, nationaliteiten: 39, acts: 337, aantal podia: 36, media & journalisten: 307, radiostations: 30,…

De 28ste editie van het Eurosonic muziek showcase festival in het Nederlandse Groningen brak opnieuw alle records. Het zijn duizelingwekkende cijfers, maar toch hoeft die typisch Hollandse gezelligheid er niet door in te boeten. “Bandjes kijken en biertjes drinken”, daar draait het hier om. En met behulp van een discodut en af en toe een eierbal valt hier een onevenaarbaar aanbod aan nieuwe, kwalitatieve muziek te ontdekken. 

Een tweedaags overzicht - donderdag 16 januari 2014

Shoegaze bands zijn nooit ware entertainers geweest op het podium, maar Oyama uit IJsland liet wel een bijzonder ongeïnteresseerde indruk na. Vorig jaar blijkbaar nog talk of the town tijdens het Airwaves festival in Reykjavik, in Groningen dreigde eerder de vergetelheid. Een grote doorbraak ligt niet meteen binnen bereik, al zal dit viertal zeker gekoesterd worden bij het (selecte) kransje liefhebbers van repetitieve, reverb gitaar partijen en droomachtige meisjesvocalen. Helaas bij Oyama niet gezongen op een sensuele maar eerder vervelende, monotone wijze, die we al eens eerder hoorden bij Nico of de betreurde Broadcast zangeres Trish Keenan. Deze band leek nog het meest van al zin te hebben om zo vlug mogelijk in bed te duiken, al dan niet met elkaar. 

Jungle, de laatste revelatie uit de Londense urban jungle bracht deze zomer nog maar net een eerste plaat uit en heeft nog niet genoeg songs om de voorziene 45 minuten vol te krijgen, maar daar was het publiek niet rouwig om. Niet dat het een half uur aan een stuk uit de bol ging, maar het liet zich duidelijk wel meeslepen. Naast het duo waar de band om draait (elk aan de toetsen en de gitaar) waren ook een percussionist, een drummer, twee backing vocalisten en nog een gitarist meegekomen. Zwoele electropop die echter niet gaat zweven, denk aan Air met meer groove en ritme. Met de tracks “Platoon” en “The Heat” ziet een luie zondagnamiddag er helemaal anders uit. Ook veel potentieel om een zomers feestje op gang te trekken.

Als The Jesus and Mary Chain met Lou Reed zaliger achter de microfoon, zo klonk en zag Black Lizard uit Helsinki eruit. Dezelfde übercoole, stoïcijnse uitstraling, met eeuwige zwarte zonnebrillen uiteraard. Dezelfde hypnotiserende ‘70ies psychedelica sound ook, met feedback distorsion en galmende Phil Spector drums die een heerlijke popmelodie verpakten. Zoals gezegd, de songs van Black Lizard knipoogden uitdrukkelijk naar TJAMC’s debuutplaat ‘Psychocandy’, weliswaar met een minder provocerende en meer radiogevoelige
inslag.  Niet bijster origineel dus, maar zeker met voldoende vakmanschap en ervaring gebracht om moeiteloos te blijven boeien tot het eind van de set. 

Van alle locaties op Eurosonic heeft de 3FM Cathedral wellicht de grootste capaciteit. Toch bleek ze amper groot genoeg om de ambities van Kodaline te herbergen. De meeste bands die hier geprogrammeerd staan hebben al een eerste (bescheiden) hitje op zak. Weinig verwonderlijk dus dat ook “Love Like This” van dit Ierse viertal op luid herkenningsapplaus onthaald werd, niet in het minst door een legertje vrouwvolk dat zich vooraan het podium geposteerd had. Kodaline bleek een complexloze popgroep die schaamteloos lonkt naar de grotere festivalpodia en die daar met hun toegankelijke sound ergens tussen Coldplay, Travis en Mumford and Sons waarschijnlijk nog in zal slagen ook.

Voor wie niet beter weet lijkt de jonge zwarte rapster Coely zo uit een Amerikaanse grootstad weggelopen. Een stem die bij momenten doet denken aan Lauren Hill of Missy Elliot, maar dan met een rauwer kantje. Maar ook een stem waarin soulinvloeden zijn te herkennen. Een ding is duidelijk: de Antwerpse met Congolese roots straalt op haar 20ste een en al zelfvertrouwen uit op het podium. Daar zullen de 33 zomeroptredens van in 2013 wel voor iets tussen zitten. Het publiek liet zich gewillig meeslepen met de opzwepende kreten “Can I get a soulfull yeah?” tussendoor en het enthousiasme van de zangeres en haar sidekick. Kortom een geroutineerde show, die geen seconde verveelt. Waarschuwing: de hit “All I do” kan verslavend in het hoofd blijven zitten!

Wie bij Circa Waves een even memorabel optreden als Palma Violets vorig jaar op ditzelfde podium in de Vera verwacht had kon niet anders dan ontgoocheld afdruipen. Dit minder dan een jaar geleden opgerichte bandje uit Liverpool probeerde met haar rammelige  punkrock nochtans uit hetzelfde vaatje van The Vaccines en bovengenoemde groep te tappen. Maar de afdronk smaakte ons een pak minder fris en vol. Al kan het zeker ook voor een deel aan de Grolsch gelegen hebben die tijdens het optreden rijkelijk vloeide. Energetisch en opwindend, dat zeker, ze hebben er tenslotte ook de leeftijd nog voor, maar echt beklijvende melodieën kregen we niet te horen. Een tip: diep dringend eens een paar platen van The Clash op.

Wat drijft het Gentse duo van Madensuyu? Is het woede, angst, iets anders? In ieder geval weten ze het perfect te kanaliseren en over te brengen op het publiek. Laat je niet misleiden door de zanger die steevast zittend de gitaar en de keys hanteert. De live optredens zijn rauw, in-your-face, dramatisch en het duurt even voor het publiek weer een hartslag onder de 160 heeft. En dan komt daar op “Give” een koorknaap tussen zingen, wat het alleen maar mysterieuzer maakt. De teksten, of zeg maar flarden woorden en kreten, komen op de tweede plaats maar geen kat die daar om maalt. De drummer (vanaf het tweede nummer nat van het zweet) grijpt het publiek aan een stuk bij de keel en laat hen pas los bij de afsluiter “Time” uit hun vorige cd. Het publiek in het smerige hol dat de Vindicat is kreeg een brok authentieke emotie voorgeschoteld en bleef in trance achter. Zoiets laat zich niet in een bepaald muziekvakje duwen.

Een optreden dat nog een tijdje zal blijven nazinderen is dat van M O N E Y uit Manchester. Niet alleen muzikaal, maar ook door de uitgesproken alcoholisch melancholische sfeer waarin het de zaal deed baden. Het gracieuze, hartverscheurende “Hold Me Forever”, waarin spookachtige gitaar en synth klanktapijten een uiterst breekbare stem vergezelden, sneed iedereen de adem af. Al was er af en toe wel een flinke scheut rode wijn en whisky vandoen om de donkere demonen in bedwang te houden. Zoals de beste muziek zocht M O N E Y een eigen, nieuw universum op, ergens tussen Elbow en The Verve, met een sliertje “Disintegration” van The Cure dat er rond kringelde. Graag vlug op een Belgisch podium!  

Drie dames met de gitaar achter de micro op een rij in schoolgirloutfits. Daarachter de vierde aan de drums van wie het gezicht achter de haren verborgen blijft. Het Zweedse ensemble van Tiger Bell omschrijft hun stijl zelf als cheerleaderpunk. De nummers zijn catchy, kort en krachtig en doorspekt met repetitief meisjesgezang. Ze willen duidelijk een middenvinger opsteken naar het publiek, maar het is niet altijd duidelijk of dat nu ironisch bedoeld is of niet. Het laatste nummer “Don’t wanna hear about your band” wordt bijvoorbeeld aangekondigd als een vaak voorkomende situatie waarin mensen hen na de show feliciteren maar tegelijk even willen meegeven dat ze zelf in een groepje spelen. Als de punkmeisjes zich niet altijd au serieux genomen voelen, moeten ze misschien hun girly image achterwege laten.

In hun thuisland behoeven de tieners van Compact Disc Dummies dankzij enkele uitstekende singles en memorabele live concerten nog weinig introductie. Al maakt dat het er natuurlijk niet minder spannend en uitdagend op om te aan kijken hoe ze het er bij onze noorderburen van af brengen. Van de nieuwe lichting jonge Belgische bands hebben Compact Disc Dummies in de slipstream van geestgenoten Goose misschien wel het grootste internationale doorbraakpotentieel. Dat bewezen ze met verve in de propvolle kelder van het hippe Café Central, die net niet afgebroken werd. Uiterst dansbaar en met een geweldige underground punkattitude waarvoor Front 242 eerder al de rode loper uitrolde. Nou, wat een feestje!   

Na de succesvolle samenwerkingen met Disclosure (“Latch”) en Naughty Boy (“La La La”) vorig jaar nu ook laureaat van de BBC Sounds of 2014. Voor Sam Smith uit de UK begint de bal steeds vlugger te rollen. Ook zonder trendy producers aan zijn zijde leek hij er tijdens Eurosonic volledig klaar voor te zijn. Muzikaal alvast, en dat niet in het minst door die indringende northern soul stem die niet alleen letterlijk hoge toppen scheerde. Maar qua uitstraling en bezieling is er nog veel werk aan de winkel. Sam Smith bleef het ganse optreden lang met een stuntelige, houterige pose en verbaasde blik in de ogen de zaal in grijnzen al leek hij net een academische lezing te hebben bijgewoond met Zijne Koninklijke Majesteit Filip. Misschien best toch eerst nog eventjes de true spirit of soul gaan opsnuiven bij grootvader Charles Bradly.

Tijdens Eurosonic circuleren altijd een paar namen in de wandelgangen (lees: de café’s voor en na de optredens) van ‘niet te missen acts’. Ásgeir is zo’n band. De IJslanders brengen een zodanig grote massa volk op de been, dat aan de prachtige Stadsschouwburg al lang voor het optreden een lange rij staat. Ondergetekende kan pas binnen halfweg het optreden, wanneer de eerste concertgangers afdruipen. De uit de kluiten gewassen zaal zit barstensvol en iedereen hangt aan de lippen van de bard. Deze maakt op het eerste zicht een bedeesde indruk en lijkt eerder voor zichzelf te spelen dan voor het publiek. De nummers in het IJslands zorgen voor extra authenticiteit en versterken het folk karakter van het album. De Engelstalige nummers doorprikken eigenlijk een beetje het mysterie maar doen geen afbreuk aan de kwaliteit. Vergelijkingen met Sigur Rós zijn onvermijdelijk, maar dan heeft Ásgeir wel een warmere stem en zijn er meer electronica-invloeden.

In de Vindicat, Eurosonic’s veruit meest beruchte rockbunker waar het bier en de urine met beken stromen en de lucht er navenant ruikt, staan doorgaans de meer gespierde acts geprogrammeerd. Een ideaal forum dus ook voor het Ierse Kid Karate, dat genoeg heeft aan een duo bezetting om met een hels lawaai onze trommelvliezen te teisteren. Associaties met The White Stripes waren vanzelfsprekend en onvermijdelijk, zowel in positieve als negatieve zin. Positief, omdat er tijdens de strakke set voldoende energie in de lucht hing om half Groningen mee te verlichten. Negatief, omdat anderen dit dus al eens eerder én beter voorgedaan hebben.   

Wie achteraf nog zin had in “sateetjes en ceedeetjes” was aan het juiste adres bij de Italiaanse afterparty duo DJ Pravda. De ene probeerde de zaal in vuur en vlam te krijgen met een bonte mix van Balkan grooves en Latin Patchanka. De andere stookte naast hem zelfs letterlijk een vuurtje om smakelijke satés samen te stellen en te braden op een geïmproviseerde grill. De doorsnee Nederlander, die qua gekte nochtans één en ander gewoon is, sloeg verbaasd en glimlachend dit schouwspel gade. En keek likkebaardend naar de sudderende sateetjes die tussen de nummers door gratis rondgedeeld werden. Zoals het Italiaanse chefs betaamt waren die trouwens perfect gebakken. 

Een tweedaags overzicht - vrijdag 17 januari 2014

Moeilijk in te schatten, het aantal jonge, ambachtelijke folkies vandaag in de UK die enkel met hun eigen kostbare stem, een gitaar en een flinke portie lef ooit in de voetsporen van Bob Dylan hopen te treden. Wat na Eurosonic wél vaststaat is dat weinigen het talent van George Ezra zullen overtreffen. De bijzonder rauwe intensiteit van dit optreden deed ons weg mijmeren naar Jeff Buckley, een eer die meer dan vijftien jaar na diens dood nog altijd voor weinigen weggelegd is. De volgepropte zaal gaf deze twintiger een bijzonder warme respons en leek nu al graag in de buidel te willen tasten voor een volgend concertticketje. Dat hij dankzij een frisse, jeugdige voetballerslook komaf maakt met het in de folk cultuur nog altijd graag geromantiseerde ideaal van aan lager wal geraakte outcast die zijn bedje liefst spreidt onder een brug, hoeft een groeiende populariteit niet eens in de weg te staan. 

Na drie platen hoeft Flying Horseman, de groep rond Antwerpenaar Bert Dockx, in België niet meer worden voorgesteld. Hun muziek onder een noemer vatten, is een ander paar mouwen. De set draait duidelijk om de leadzanger, die af en toe een duo moment opzoekt met de tweede gitarist en waarbij de backing vocalistes voor een mysterieuze ondertoon zorgen (“Walking”). De nummers worden lang uitgesponnen (6 tot 7 minuten zijn geen uitzondering) en kenmerken zich door ritmische tempoversnellingen afgewisseld met plotse trage stukken, meeslepende gitaarsolo’s en bezwerend gezang (“We care”). De duistere, mysterieuze passages doen denken aan Nick Cave, maar in de gitaarsolo’s weerklinken ook americana en blues invloeden (“Lucile”). Geen muziek om vrolijk van te worden, wel om zich te laten meeslepen onder een sterrenhemel.

Perfect gecast in de Magic Mirror, Moulin Rouge tent serveerde The Liminanas ons de meest opwindende lap rock and roll die we de voorbije jaren uit Frankrijk te horen kregen. Très psychedelique, met een meeslepend orgeltje waartegen Ennio Morricone surfgitaren steeds driester begonnen aan te schurken en niet zelden ontaarden in een zinderende climax. En uiteraard met als boegbeeld een sexy femme fatale, met knalrode lippen en ontblote schouders, kortom het type waarmee menig Groningse festivalbezoeker graag even de kroeg wil induiken. Net als The Raveonettes beschikken The Liminanas nu al over de gave om een tent langzaam maar zeker naar een kookpunt te voeren. In de gaten te houden, deze stijlvolle lolita psychedelica.

Van The Mispers uit de UK werd in de bio beweerd dat ze noodgedwongen de gitaar omarmd hebben na een misgelopen professioneel avontuur in Australië. Zo klonken ze helaas ook. Naar een eigen muzikale lijn tussen flarden The Waterboys, Mumford and Sons en The Coral was het vruchteloos zoeken in de set die al heel vlug begon te vervelen. Niet in het minst door de prominente viool die weinig harmonieus een hoofdrol opeiste.

Het piepjonge duo van Bondax uit de Uk heeft nog maar een vijftal tracks uit maar straalt al een pak zelfvertrouwen uit op het podium. Dat mag ook als de Britse pers hun muziek al evenveel potentieel toekent als Moby, LCD Soundsystem of Gorillaz. Hun stijl wordt omschreven als elektronica maar R&B en dubstep-invloeden zijn onmiskenbaar. Denk bij elektronica ook niet aan hyperkinetische ritmes, integendeel, Bondax houdt het tempo graag traag. De singles “Just smile for me” en “Give it all” klinken bijna zwoel. En een kort intermezzo met een bevallige zangeres helpt uiteraard altijd om de juiste sfeer erin te houden.

The Crambs, Bauhaus, Joy Division,… de gitzwarte steegjes die de songs van Shiny Darkly verkenden zagen er even uitzichtloos en eindeloos uit als die aan het donkere begin van de jaren ‘80. Zelfs in het welvarende Kopenhagen blijkt het leven dus niet iedere dag een pretje te zijn.  Hun gimmick gehalte speelde dit jonge trio meermaals parten, maar van de kwaliteit van het songmateriaal viel weinig tot niets af te dingen. Voor een brede doorbraak klinkt Shiny Darkly wellicht te gedateerd en gefrustreerd, maar fervente liefhebbers van het donkere, ongepolijste new wave genre, en zo lopen er nog altijd heel wat rond, moeten bij deze niet langer twijfelen om deze donkere Denen aan de borst te sluiten.

Het was een druilerige winter in Groningen maar in de Jack Daniels Barn scheen vrijdag volop de zon. We hadden ons met het Spaanse Bongo Botrako verwacht aan een variant van Mano Chao maar we kregen een speedversie daarvan te horen. De sfeer binnen de groep zit goed, zo merken we al voor het optreden, en het enthousiasme van elk van de bandleden werkt aanstekelijk. Zelden een zaal gezien waar het publiek van de eerste tot de laatste rij onophoudelijk stond te springen. In tegenstelling tot de repetitieve ritme en melodieën die de nummers van Mano Chao kenmerken, put Bonga Botrako uit heel diverse genres gaande van ska, tot reggae tot punk. Wie dezer dagen een winterdipje heeft, een remedie: “Todos los días sale el sol”.

Vertrouw nooit op je muzikale vooroordelen. Een wijze les die het Oostenrijkse Klangkarussell ons nogmaals inpeperde. Met de zomerse house hit “Sonnentanz”, goed voor liefst 22 miljoen Youtube views, in de aanbieding hadden we vooraf een soort van “handjes in de lucht DJ optreden” in gedachten. Maar Klangkarussell verraste vriend en vijand met een uitgekiende multi instrumentale live bezetting die een bijzonder warme, organische sound de volgelopen Machinefabriek inpompte. Dit was house muziek in de allerbeste Chicago traditie: rijk, zwoel en meeslepend. Gebracht door perfectionisten van wie de ambities veel verder rijken dan een one hit wonder te blijven. Het is nu al uitkijken naar hun debuutalbum begin 2014.

Led Zeppelin, Black Sabbath, Deep Purple,… hun discografie blijft al generaties lang boeien en inspireren, geheel terecht trouwens. Zo ook bij The Vintage Caravan, een piepjong trio uit Reykjavik, die de lange haren duchtig liet wapperen in de zaal. Zowel de band als het publiek leken zich prima te amuseren op de clichématige, lang uitgesponnen hardrock riffs en grooves. Ideale muziek dus om samen met kameraden knikkebollend enkele pinten op achterover te slaan, maar ook niet veel meer dan dat. We hebben al origineler stuff gehoord uit IJsland.

Het Berlijnse Ballet School kon met een recent Bella Union platencontract op zak en lofbetuigingen van de Canadese hipster Grimes al enkele geloofsbrieven voorleggen. Maar bij hun in de bio omschreven ‘Liz Frazer meets The Cranberries’ sound hadden we toch gemengde voorgevoelens. Die ons niet bedrogen, want het onverzoenlijke proberen verzoenen bleek ook voor Ballet School een lastige karwei te zijn op het podium. Té opgefokt om het etherische Cockteau Twins naar de kroon te steken. En net té braafjes en vervelend om ons een onvervalst Blondie moment in haar jonge jaren te bezorgen. Daar kon de sierlijke présence van zangeres Rosie Blair, een geboren podiumbeest, helaas weinig aan veranderen.

Aanvankelijk geprogrammeerd als vervanging voor Kid Astray stelt Nadine Shah, wiens debuutalbum uitkwam in de zomer 2013, geen moment teleur. Akkoord, soms onhandige interactie met het publiek en een verlegen lachje na elk nummer, maar wat een stem. De stijl van Nadine Shah (Noorse moeder, Pakistaanse vader en opgegroeid in de UK) leunt nog het dichtst aan bij PJ Harvey in een sombere bui. Rechtstaand aan de XL-elektrische piano, volledig strak in het zwart, heeft ze iets plechtig maar tegelijk heel toegankelijk. De donkere, bezwerende stem en songs met titels als “Dreary Town” en “Runnaway” geven niet meteen aanleiding tot een feestje. Maar dit is muziek om zich te laten meeslepen met de ogen dicht.

Het begon als een dolle derwisj act midden het publiek. Om vervolgens op het podium te ontaarden in een visueel spektakel uit een akelige nachtmerrie. Niet voor mensen met hartproblemen, werd op voorhand gewaarschuwd. Maar zelfs de meest doorwinterde concertgangers werd het eventjes witjes om de neus toen de getatoeëerde psychopaten van Fuckhead, wiens edele delen nauwelijks verhuld zaten in een doorschijnende lendendoek, hun satanische performance kunsten botvierden op de verbijsterde toeschouwers. De muziek intussen, die nog het best te omschrijven viel als een gestoorde mix van ontspoorde The Prodigy breakbeats, industrial en death metal klonk ronduit slecht, maar daar was het Fuckhead duidelijk niet om te doen. Hier moest vooral een theatraal, anarchistisch statement gemaakt worden. Wat dat statement precies inhield bleef ons onduidelijk, maar stichtend of katholiek zag het er niet uit. Een concert dus om niet zo vlug te vergeten en waar je zelf bij moet zijn om het echt te geloven. “That’s how we do it in Austria”, grijnsde de zanger achteraf. De Tiroolse Toeristische dienst zal dit voorjaar in Groningen en omstreken een fors tandje mogen bijsteken om haar marktaandeel op peil te houden.

Neem gerust een kijkje naar de pics van zaterdag 18 januari 2014
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/noorderslag-2014/
Organisatie: Eurosonic - Noorderslag

 

Modfest 2014 – Dikke line-up en goede sfeer

Geschreven door

Modfest 2014

Modfest  De organisatie mocht van bij het begin van de avond al snel het bordje ‘sold out’ buiten hangen en alzo een 1700 feestende mensen op een vette, warme, goed gevulde en gevarieerde avond trakteren.

Bij aankomst heb ik nog net de laatste beats van Kiani & His Legion kunnen meepikken die naar verluidt een zeer strakke set  had gespeeld en dus als perfecte opwarmer heeft gefungeerd voor ancien Michel Amato alias The Hacker. Een set die ergens te plaatsen was tussen electro en techno. De man startte zeer sterk en zorgde voor enkele leuke momenten en climaxen. De set in zijn geheel was ok, maar ook niet meer dan dat. Het werd trouwens ook tijd om me naar de club te verplaatsen waar binnen een half uur Dopplereffekt zou optreden, mijn persoonlijke headliner van de avond.
Na nog wat extra wachten mocht het publiek, dat in grote getale stond te wachten voor een gesloten deur, dan toch binnen en in een mum van tijd stond de club dan ook tot de nok gevuld. Ons geduld werd echter nog verder op de proef gesteld, want het duurde  nog zo een kwartier alvorens Donald en Karli zich lieten zien op het podium. Een zeer minimale performance, twee personen steriel achter een masker en bijna onbeweeglijk achter hun synthesizers, een scherm met visuals en een rare tic nerveux in de linkerhand van Gerald Donald zorgden voor een zeer rare sfeer.
Muzikaal kwam het ook nogal traag op gang.  Ik had gehoopt op het bekendere werk van het album waar ze toch bekendheid mee verworven hadden (gesamtkunstwerk) maar het publiek kreeg in het begin vooral zeer rustige en trage nummers te horen. Na een half uurtje eens achterom gekeken en de trage start was ook de rest van het publiek niet ontgaan, veel volk dat al elders was gaan luisteren.  Ze zijn natuurlijk wel pioniers die je gezien moet hebben, en  om die reden ook zijn we ook gaan kijken, maar als je net uit een zaal komt waar stevig gefeest wordt  is het contrast met deze muziek van Dopplereffekt nogal groot .
Dé act van de avond die ons het meest bijgebleven is,  was op dat moment aan het spelen in de grote zaal. Herzblut-baas Bodzin was de volksmenner van de avond. Gewapend met een arsenaal controllers wist hij het publiek te bespelen als geen ander. De eigen nummers die hij speelde in zijn set werden on the spot ge-edit en climaxen werden uitgetrokken en bijgetweakt dat het geen naam had.  Bodzin op de dj booth met in de hand zijn light-saber controller….  En het volk zag dat het goed was. Resultaat: handjes in de lucht en de hele zaal aan het schreeuwen.  De man weet hoe hij het volk moet ophitsen. Soms was het  net iets erover en te lang uitgesponnen, maar het doel heiligt de middelen. Gevolg : de hele zaal op zijn kop. 
Een hele opgave voor Solina om na zo’n set over te nemen, waar ze trouwens in slaagde. Ze koos ervoor om iets dieper te starten, hetgeen haar toeliet om tijdens haar eigen set zelf terug voor opbouw te zorgen. En het volk was tevreden. Voor mezelf was het goed geweest en ik besloot op de opgehitste zweterige zaal te verlaten en voldaan terug huiswaarts te keren.

Modfest was zeer zeker geslaagd. Een dikke line up en een goede sfeer over het hele evenement maakten dat dit voor mij en 1700 anderen een meer dan geslaagde editie was. Op naar volgend jaar!

Organisatie: Muziekodroom, Hasselt

Trans-Siberian Orchestra

Trans-Siberian Orchestra - Handvol die-hards ziet schitterend TSO in veel te groot Vorst Nationaal

Geschreven door

Trans-Siberian Orchestra ook wel TSO genoemd door de kenners, was terug te zien in België. Greenhouse Talent slaagde er opnieuw in om deze unieke formatie naar België te halen net zoals ze al in 2011 deden. Toen stond TSO in de Antwerpse Stadsschouwburg met een sublieme show rond het album 'Beethoven's Last Night'. Deze keer werd Vorst Nationaal gekozen als één van de 13 stops tijdens deze korte 'Europe Winter Tour'.

Met meer dan 10 miljoen concertbezoekers (hoofdzakelijk in de V.S.) is TSO een van de meest succesvolste rockacts van de afgelopen 10 jaar. Hun spectaculaire symfonische rockshows maken van elk TSO optreden een onvergetelijk totaal rockspektakel. Helaas liep het Belgische publiek niet echt warm voor deze rockopera sensatie en was de setting 'Vorst Nationaal Club' ook nog veel te hoog gegrepen. Het was pijnlijk om te zien dat de machtige rocktempel Vorst Nationaal er zo ongezellig leeg (slechts 1500 aanwezigen -  werd er gefluisterd!) bij zat.
Doch toen TSO even na half negen in grote getale het podium op kwam had iedereen er echt heel veel zin in. "Time And Distance" & "Winter Palace" brachten meteen de nodige bombast en lieten ons al meteen genieten van visuele hoogstandjes. Een uiterst professionele spectaculaire lichtshow en vooral een overdosis aan lasereffecten en rooktapijten kleurden de ganse avond de show perfect in. Een lichtspektakel dat we enkel eerder zagen bij Pink Floyd en hun opvolgers. Het is mij echter niet duidelijk waarom er in Vorst geen vuurwerk gebruikt kon worden (volgens bronnen zou dit komen door een nieuwe hoofdstedelijke verordening die dit niet meer toelaat). Jammer, want een dag later in Amsterdam zat de show wel vol extra pyro effecten!
TSO ontsproten uit het ter ziele gegane Savatage, bracht gedurende de avond ook enkele opmerkelijke Savatage covers. De basis van dit symfonische gezelschap is immers bijna de ganse Savatage bezetting met: John Lee Middleton (Bass), Chris Caffery & Al Pitrelli (Guitars) en Jeff Plate (Drums). Hoewel 'Poets And Madmen', de laatste studioplaat van Savatage al dateert van 2001 wordt deze metalrockband vandaag nog steeds op handen gedragen door een zeer fanatieke fanbasis. De gebrachte Savatage covers werden dan ook zeer warm onthaald. "This Is The Time (1990)", gebracht door een eerste zanger en de alom bekende Jeff Scott Soto was meteen een schot in de roos....al moet ik toegeven dat Jeff hier niet meteen al te best bij stem was. "Handful Of Rain", gezongen door de zwarte zangeres Erika Jerry slaagde er in met haar diepe, warme stem een toch wel eigenzinnige maar uiterst geslaagde versie neer te zetten. Maar hoogtepunt van de avond werd gebracht door de blonde God Nathan James die een schitterende versie van de Savatage klassieker "Gutter Ballet" bracht. Plotseling leek het alsof Vorst Nationaal helemaal vol zat. Waarmee duidelijk bewezen werd dat elke metal liefhebber nog steeds hoopt op de dag dat Savatage hun reünietournee zal aankondigen.
Buiten al dat moois van Savatage was er natuurlijk nog veel meer om van te genieten. De setlist bevatte songs & 'instrumentals' uit alle vijf TSO (kerst)albums. Net als de vorige keer was ook nu verteller Bryan Hicks van de partij die de muziekflarden aan elkaar praatte. Gelukkig kreeg hij deze keer een wat minder prominente rol toebedeeld, wat de vaart in het spektakel duidelijk ten goede kwam. Ook opnieuw van de partij was zanger en Meat Loaf kloon (maar dan gezonder en beter bij stem!) Rob Evan die met zijn trillende vibrato stem de absolute vocale uitblinker was van de avond. Instrumentaal zat alles ook perfect in elkaar. Naast de 17 koppige TSO band stond ook nog een Brussels symfonisch orkest mee op te planken. Die gaf de klassieke stukken nog wat extra bombast mee en presenteerde ons schitterende uitvoeringen van klassieke klassiekers zoals o.a. "Carmina Burana" en "Beethoven's Requiem (The Fifth)". De Oekraïense pianist Vitalij Kuprij  mocht in de finale ook nog eens zijn virtuositeit demonstreren en bracht in zijn waanzinnige pianosolo ook een stukje van ons Belgisch volkslied! De finale werd afgesloten met publiekslieveling en Savatage instrumental: "Christmas Eve (Sarajevo 12/24)" maar toen hadden we er al bijna 150 minuten opzitten.

Trans-Siberian Orchestra bracht opnieuw een geniale rockshow! Een totaalspektakel met een perfecte mix tussen bombastische symfonische rock en klassiek, bovendien voorzien van een adembenemende lichtshow. Verrassend was dan weer de perfecte klank (toch vooraan) in een leeg Vorst Nationaal en de prominente aanwezigheid van Savatage melodieën en songs in de setlist.
Hopelijk worden er uit de geringe interesse voor dit optreden niet al te veel conclusies getrokken en krijgen we in de toekomst toch nog de kans om TSO live aan het werk te zien op een Belgisch podium!

Setlist: *Time And Distance *Winter Palace *This Is The Time (1990) *Christmas Jam *Handful Of Rain *A Last Illusion *Gutter Ballet *Misery *Mephistopheles' Return *Mozart/Figaro *Sparks *The Hourglass  *Someday *Child Unseen *Believe  *Wish Liszt (Toy Shop Madness) *After The Fall *Wizards In Winter *All That I Bleed *Dreams Of Fireflies (On A Christmas Night) *Carmina Burana *Epiphany
------------------
*The Mountain *Piano Solo *Beethoven *Requiem (The Fifth) *Christmas Eve (Sarajevo 12/24)

Neem gerust een kijkje naar de pics
 
Organisatie: Greenhouse Talent

Babyshambles

Babyshambles - Ode aan de Rommel

Geschreven door

Bijna vier jaar geleden was het, Babyshambles op Belgisch grondgebied. Hun doortocht op De Lokerse Feesten in 2010 was tevens hun laatste optreden voor dik drie jaar. Je kon de vertoning op z’n minst interessant noemen. Was Paul Weller (die voor Babyshambles aantrad) nog het toonbeeld van een piekfijn, tot in de puntjes geregeld optreden dat bijna even strak zat als Paul’s kostuum, dan was Babyshambles de totale anarchie. Ontstemde gitaren, een stomdronken Pete die de champagne rijkelijk deed vloeien, gespeelde vechtpartijtjes met gitarist Mik Whitnall tijdens “Fuck Forever”, een klein meisje uit het publiek op het podium tijdens “Albion”. Perfect georkestreerd was het niet, wat je gerust als een verademing kunt noemen in tijden waarin bands hun bindteksten instuderen en op hun setlist aangeven wanneer ze zo nodig aan een sigaret moeten leuren, zodat hun roadie deze op tijd kan rollen. Ze zelf aansteken lukt hen nog net.

Geruisloos verdween Babyshambles dus na hun passage in Lokeren uit de picture, Peter zijn solotour bleef maar verder slabakken en kende meer lows dan highs, en dan hebben we het wel degelijk over de kwaliteit van de optredens, niet over zijn geestestoestand. Pete is natuurlijk een soort hedendaagse versie van de Byronic Hero uit de Romantiek. Zelfdestructief, emotioneel getormenteerd, intelligent, mysterieus, een lak aan regels en een mal du siècle gevoel. Noem het gerust een wonder dat hij nog rondloopt.
Waar iedereen vermoedde dat Babyshambles en bij uitbreiding Pete zelf nooit meer op het hoogste niveau zou terugkomen, deed de band plots het onverwachte: met “Nothing Comes To Nothing” begin juli een nieuwe single uitbrengen. Het was met voorsprong ons favoriet (zomer)nummer van 2013. Diezelfde dag nog speelden ze voor het eerst terug samen op Soirs d’été in Parijs. “Vive la republique”, schreeuwde Pete in de microfoon alvorens de openingsakkoorden van “Fireman” in te zetten. Liberty, equality, fraternity, Doherty. Babyshambles is terug.
De heuse Europese tour bracht hen op 16 januari naar een hopeloos uitverkochte AB in Brussel.
Amper een handvol minuten te laat waren ze. Misschien hadden ze wel rekening gehouden met het feit dat dit optreden volledig live gestreamd werd. Wat ook vrij snel bleek is dat we te maken hadden met een, voor zijn normen, vrij sobere Pete. Want voor iedereen die dacht dat hij compleet lazarus was, we’ve seen worse, far worse. Dit was: niet té veel blabla en gewoon zoveel mogelijk nummers er door rammen in een klein anderhalf uur.
Opener “Delivery” zette de toon, een uitzinnig publiek deed z’n best zo goed mogelijk in beeld te komen. Het had naadloos moeten overgaan in “Nothing Comes To Nothing”, ware het niet dat de drummer Adam Falkner niet helemaal bij de les was. Ze speelden doodleuk de outro van “Delivery” opnieuw om de overgang wel te doen kloppen. No worries lads, die mannen van de montage knippen dat er wel uit. Tijdens de uitzending op Acht op 8 februari zal je hier niks van merken.
Al tijdens derde nummer “Seven Shades” liet Doherty zich in het publiek vallen. Het typeerde de losse sfeer. Skanummers “Stone Me” en “I Wish” (met een refrein dat een voetbalkreet kon zijn), “Fall From Grace”, “Beg Steal Or Borrow” en “UnBiloTitled” waren de ideale ‘rust’momenten tussen opzwepende songs als “Gang of Gin”, “Fireman”, “Baddie’s Boogie”, “Side Of The Road”, “8 Dead Boys” en “Pipedown”. Stuk voor stuk zo verschroeiend gespeeld en enthousiast onthaald dat het wel leek alsof we op 1 of ander punkoptreden beland waren.
Natuurlijk was niet alles even strak. Het eerder genoemde “Gang of Gin” bijvoorbeeld was zo rommelig als de studeerkamer van een universiteitsstudent in volle examenperiode. (Geloof me, ik weet waarover ik het heb) Wie wel een retestrakke Babyshambles wil horen legt beter hun platen op, de optredens zijn steevast een ode aan de rommel, en dat was nu niet anders. Het is een heuse live-ervaring die elke muziekliefhebber eens zou moeten meegemaakt hebben. Pete die sigaretten en aanstekers in het publiek gooide, op z’n eentje een onbekend nummer speelde, vroeg of dit land nu eigenlijk al een regering heeft, verhalen vertelde over hoe hij kids ruiten zag inslaan in Brussel, meer op de grond lag dan hij op z’n benen stond, portretten aannam, zijn gitaar richting roadie gooide en vervolgens diezelfde roadie die het uitzinnig publiek van het podium moest duwen zélf het publiek induwde. Er gebeurde altijd wel wat en je verveelde je geen seconde.

Opnieuw bleek wat voor een ideale afsluiter ze hebben met “Fuck Forever”. Een gevoel van blijdschap (yes! Fuck Forever!) en tristesse (fuck! het beste optreden van 2014 zit erop), overvalt je. Niet dat het publiek zich daar wat van aantrok, zij dansten nog een laatste keer en zwaaiden vervolgens met pijn in het hart Pete and the boys uit. Tot een volgende keer. Op Rock Werchter bijvoorbeeld. Tenzij een zwangere kat er een stokje voorsteekt lijkt vlak voor Arctic Monkeys ideaal, kwestie van het contrast tussen Het Perfecte Optreden en Het Vermakelijkste Optreden extra in de verf te zetten. Als het nog niet duidelijk was: wij kiezen resoluut voor het tweede. Fuck Forever.

Edit: Ondertussen is Babyshambles al bevestigd voor Rock Werchter. Geachte organisatie, nu jullie blijkbaar toch meelezen: polsen jullie eens bij The Strokes ook? Dankuwel.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/babyshambles-16-01-2014/
Organisatie: Live Nation

Lanterns On The Lake

Lanterns On The Lake - Bezwijkt onder zwaarmoedigheid

Geschreven door

Het gerenommeerde en verfijnde Bella Union platenlabel lijkt begin 2014 een versnelling hoger te willen schakelen. Met de gloednieuwe band Snowbird neemt oprichter Simon Raymonde (ex-Cocteau Twins) na vele jaren zelfs eigenhandig het touw opnieuw in handen. In hun kielzog passeerden ook labelgenoten Lanterns On The Lake de revue in een goed volgelopen Witloof Bar.
Dit Britse indie vijftal stelde er het nieuwe ‘Until The Colours Run’ voor. Een delicaat album waarop shoegaze, postrock en folk elkaar een beetje voor de voeten lopen. De songteksten zijn geïnspireerd door de grimmige economische vooruitzichten van thuisstad Newcastle. Ook live viel er weinig opbeurends te beleven op het podium.
“Buffalo Days“ en “Another Tale From Another English Town” ontblootten zich nog gracieus als een priemende zonnestraal tussen een dik wolkendek op een Engelse groene heuvelrug.  Maar helaas bezweek het concert voor de rest onder haar eigen zwaarmoedigheid.
Hazel Wilde, de zangeres met verleidelijke stem, was duidelijk opgetogen over de grote opkomst in de zaal. Maar of Lanterns On The Lake in staat is om volgende keer een nog meer muziekminnend volk te lokken bleef na dit optreden nog een vraagteken. 

Organisatie: Botanique, Brussel   

Icona Pop

This is …

Geschreven door

De twee Zweedse dames van Icona Pop komen aandraven met vrolijke synthpop , gekenmerkt van aanstekelijke, hitsige en sfeervolle ritmes . . Ze leunen aan tegen die synthpop van Robyn, La Roux , Little dragon en Charlie xcx .
Het eerste deel van de cd, met “All night” , “We got the world” , “Ready for the weekend” en de single “I love it” zijn  uitermate uptempo , en ‘maken jouw dag’ wel. Huppelende danspop, jeugdig en onschuldig , bepaald door heerlijke vrouwenstemmen . Iets verderop zakt het wat in en zijn de nummers sfeervoller , innemend en dromerig . Maar met het afsluitende “Then we kiss” halen Caroline Hjelt en Aino Jawo nog eens alles uit de kast … Een happy tune en een positive vibe . Zomerse , ontspannende , leuke muziek.

Pagina 599 van 964