logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_14
avatar_ab_15

Tom Odell

Long way down

Geschreven door
Deze jonge Britse sing/songwriter scheert hoge toppen met z’n debuut , ‘Long way down’ . Daar zat de single “Another love” al voor iets tussen , maar ook de rest van de cd is meer dan de moeite waard .

Hij heeft evenwichtig melodieus materiaal uit , bepaald door z’n pianospel (leidend in het materiaal) , beschikt over een gevoelige, dromerige stem , heeft charisma en betrekt op de optredens z’n publiek bij de songs en wint hen voor zich op die manier .
De toegankelijke popsongs staan er , hebben kracht, emotie en subtiliteit. “Grow old with me” en “Can’t pretend” zijn naast die zeemzoeterige ‘samenhorigheids’single “Another love” sterke songs.
Tom Odell spreidt z’n talent tentoon op het debuut , vol overgave en vakmanschap, waarbij hij zeer zeker niet kan (af)gerekend worden als een one-hit wonder .
De sfeervolle , ingetogen en poprockende nummers bouwen op, zijn spannend en durven lichtjes te exploderen en te ontladen; z’n zachte, soms verbeten zang ondersteunt het materiaal. Of hij gaat naar de essentie en puurheid van een nummer, ingenomen en sereen , zoals op “Sense”, “Sirens” en de titelsong . Invloedrijk zijn duidelijk Air Traffic en Keane .
Een ‘rising star’ die een uitermate boeiende trip aanbiedt!

Beady Eye

Be

Geschreven door

Beady Eye , de tandem rond gitarist Andy Bell en de grillige Liam Gallagher , zijn een goede twee jaar terug een nieuw muzikaal hoofdstuk begonnen met Beady Eye, na Oasis . Typical Britpop/rock , die natuurlijk niet omheen de Beatles kan . Hun debuut ‘Different gear, Still speeding’ viel al bij al mee , en enkele songs “Four letter word” , “The roller” en “Morning son” raakten.
Ook de tweede cd biedt dezelfde indruk . Goede plaat, maar ook niet meer dan dat , sfeervol broeierige, rockende Britpop, maar beklijft onvoldoende. Sommige nummers “Flick of the finger” en “Second bite of the apple” worden omgeven van orkestraties en blazers. Samen met het dromerige “Soon come tomorrow” en het rockende “Shine a light” onderscheiden ze zich en zijn het de sterkste songs.
Voor de rest zitten we terug wat vast en daalt de spanning. Het lijkt dat hier niet veel meer uit te halen valt . Wisselend album dus !

Miles Kane

Miles Kane – Britpop met het ideale laagje Pit en Levenslust

Geschreven door

Altijd wel een plezier en een aangenaam beleven om Miles Kane aan het werk te zien . Muzikale dynamiek, opwinding , pit en levenslust schuilen in de man en in z’n Britpoprock. Een leuke boel allemaal en heerlijk vaardig materiaal,  waarbij hij raast door de tracklist . In een mum van tijd hoorden we een twintigtal songs en tussenin interacteert hij met zijn publiek. Miles Kane hield van de warme respons en wist een nauwe band te creëren. Mooi – Mooier –Mooist!

Na het avontuur met The Rascals heft hij met z’n twee cd’s totnutoe , ‘The colour of the trap’ en de nieuwe ‘Don’t forget who you are’ een boeiende  verzameling Britsongs uit, die ergens hangen tussen The Beatles, The Stones, Paul Weller , Oasis (hou het dan graag op Noel Gallagher please), Arctic Monkeys en Last Shadow Puppets . Al die invloeden en samenwerkingen zitten gebald in zijn solowerk.
Het kwintet bracht melodieus aanstekelijke , snedige, denderende, energieke, explosieve nummers , waarbij maar af en toe het tempo werd terug geschroefd, o.m. op “Take the night”, “My fantasy” en “Out of control” , die in het tweede deel te horen waren . We hadden dus hier een broeierige , strakke , uptempo ontspannende set.
Tja, al meteen trok het kwintet rond de optimistische spring-in-‘t-veld fel van leer met “Bombshells” en “Gonna get it”. Hierop knalde het met de singles “Taking over” en “Rearrange”. Een uitermate hoge ritmiek en een aanhoudende spanning vielen te noteren .
Na de huppelende rockende “Quiksand” en “Better than that”  sijpelde op een song als “What condition am I in?” de Beatles sterk door , of op een “Kingcrawler” de western/rock’n’roll van de Last Shadow Puppets. Miles Kane plezierde probleemloos  de Britpop ‘mindende’ harten.
“Give up” maakte op z’n beurt de link naar “Pleased to meet you” van de Stones. Een treffende vondst ! Kane houdt van zijn helden. En dat was Koekenbak! “Inhaler” en “Don’t forget who you are” besloten het energieke optreden .
Een sobere , emotievolle “The colour of the trap” , speelde hij solo op akoestische gitaar en hij liet er ons lekker op wegdromen , om dan ontnuchterend af te sluiten met een stevig groovy rockende “Come closer”.

Miles Kane een ‘Here to Stay’ met z’n compromisloze Britrock!

Support act was Eugene + The Lizards die wat meer rock’n’roll zwier in die Britpop staken . Natuurlijk kan je dan niet omheen wat James Dean adeptie en de huidige uitstraling van Alex Turner van de Arctic Monkeys. Eugene Mc Guinness voegde er muzikaal met z’n band een gruizig , galmend aspectje aan toe. Goed geslepen rocksongs, maar ook niet meer dan dat …

Na Miles Kane kregen we in de l’Aéronef Bar het Franse trio The SpunyBoys, rockabilly/rock’n’roll op z’n Stray Cats , met een knipoog naar Gene Vincent. Fijn bandje btw!

Neem gerust een kijkje naar de pics
Eugene + The Lizards - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4276
Miles Kane - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4278

Organisatie: Aéronef, Lille

 

Yew

The Fall

Geschreven door

Het Luikse Yew brengt een evernwichtsoefening van pop, folkrock , blues en ‘70s retro. Net als de vorige cd ‘White swan on black water’ horen we sfeervolle , broeierige songs , die door de klankkleur van de instrumenten , en zeer zeker door de bouzouki, mandoline en vioolpartijen fris, dynamisch en opwindend klinken . “15/16” en “Steam & Soul” zijn al meteen twee sterke opneners . Op het sfeervolle “Between up & down” kwam Arno meehelpen en op “You & I” en “Winter schizofrenia” hebben we de intieme kant van de band. Er valt dus voldoende afwisseling en stijlvariant te noteren in een opnieuw overtuigende plaat. Inderdaad, Yew is een aangename ontdekking aan de andere kant van de taalgrens . Mag dit muzikaal geheim eens hier doorbreken?!
http://www.yew.be

Dalton Telegramme

La Cavale

Geschreven door

Dalton Télégramme is een Waals kwartet , die sing/songwriting , countrywestern  en folk ergens met de Franse chanson pop combineert . Op hun EP horen we 5 sfeervolle , broeierige songs in  het genre . Met een song als “Réveil Martin” worden we meteen in deze sfeer ondergedompeld . Ze werden reeds geselecteerd in de finale van ‘Les Talents Acoustic’ van TV5 Monde uit meer dan 200 groepen .
Hun talent wordt alvast gerespecteerd aan de andere kant van de taalgrens en in Frankrijk . Het is ons alvast niet ontgaan . 

http://www.daltontelegramme.be

30.000 Monkies

Somewhere over the painbow

Geschreven door

Een tweetal jaar terug debuteerde 30.000 Monkies met ‘Womb Eater Wife Beater’ , een muzikale storm van rusteloze , opwindende, opzwepende rauwe donkere stoner/noiseherrie. De opvolger is op z’n minst even hard , met tussenin een verdwaalde ballad . Slepend , destructief en explosief , die ergens de sfeer ademt van een Amenra .
Muziek voor in ondergrondse druilerige, akelige kelders. Om van te snoepen , eerder zuur dan zeemzoeterig!
Info
http://www.30000monkies.bandcamp.com

Luka Bloom

Luka Bloom – Hartverwarmende Avond!

Geschreven door

Ons landje houdt van Luka Bloom en Luka Bloom houdt van België. En als hij hier is , is er steeds een (korte) clubtour voorzien. Hij kwam ook naar Gent , vertoefde er een weekje en hield halt in de Handelsbeurs, z’n laatste optreden . De productieve Ierse bard kwam er zijn nieuwe album ‘This New Morning’ voorstellen.

En hij had er wel zin in, sprak zijn publiek toe in het Nederlands, volgens hem de ideale taal om stemoefeningen te doen. Hij begon met enkele gekende songs als "Diamond Mountain" en "The City of Chicago" .
Iedere song werd ingeleid met een ofwel een diepmenselijke of een humoristisch verhaal. “I listen to people and then I steal their story for a song …”.
Hij speelt z’n songs uit de losse pols en er is geen playlist. Het plan is dat er geen plan is . Hij zette voor de eerste keer "the first time I saw your face” in. Hij vroeg zelfs twee Belgisch-Australische meisjes op het podium om samen met hem "The Breeze" te zingen. Ze hadden blijkbaar via You tube hun versie naar Luka doorgestuurd … Een heel prachtig moment leverde dit op!
In 2011 was hij trouwens ook op toer in Australië met de Daila Lama, "As I wave Goodbye" was daar het themalied. En op die manier vertelde en zong hij maar door over zijn jeugdhelden als John Martin, alsook een prachtige ode aan Lou Reed met "Exploiring the Blue". Doorbraaknummers naar het grote publiek als " Gone to Pablo" en uit ‘Riverside’ "Rescue Mission" en "You coundnt have come a better time" werden gespeeld.
Luka Bloom is blijkbaar een fietsliefhebber; vorig jaar was hij gevraagd door de Nederlandse omroep NOS om "The ride" live in de Tour te brengen, wat trouwens een nummer is over ‘je hoofd leeg maken op de fiets ...’. " Sunny Sailor Boy" werd een aardig onderonsje met zijn publiek , gevolgd door " FertileRock" .
In de bis  kwamen er drie vrienden-muzikanten mee en er werd afgesloten met de traditionele Ierse Gigs. Het publiek was er dol op en hield ervan.

Luka Bloom koesteren we en hij stond garant voor hartverwarmende avond.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4244

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Miles Kane

Miles Kane Stelt Nooit Teleur

Geschreven door

Miles Kane een selfmade man noemen is misschien te veel van het goede. In de beginperiode van zijn solocarrière speelde vooral zijn verleden als, naast Alex Turner, die andere Last Shadow Puppet mee. Van het voorprogramma van Beady Eye in de AB naar de Rotonde in de Botanique, tot de De Club op Pukkelpop 2011(een optreden dat echter nooit plaatsvond), vervolgens gepromoveerd tot De Orangerie in diezelfde Botanique, afgelopen zomer nog samen met Johnny Marr afsluiter in De Marquee op Pukkelpop en nu, 26 oktober 2013, terug in een uitverkochte AB, dit keer niet als voorprogramma maar als headliner. Het klinkt wel allemaal vrij American Dream.
Alhoewel Miles Kane en American erg vreemd is om in eenzelfde zin te gebruiken. Weinig artiesten dezer dagen die nog zo Brits zijn, zo stond hij dit jaar nog op Glastonbury in een Union Jack jas. Een Union Jacket dus.
Met de release van tweede studioalbum ‘Don’t Forget Who You Are’, zo eentje boordevol anthems, kan je wel zeggen dat The New Modfather nu niet langer Alex Turner’s mate is maar een volwaardig soloartiest. Het de twee zit ‘m vooral in het feit dat de laatstgenoemde wél de live energie kon overbrengen. Zelf noemt hij de plaat de perfecte soundtrack om je op zaterdagavond voor de spiegel klaar te maken om naar de pub te trekken.

De massa werd opgewarmd door The Vogues, een Brussels vijftal die allen Miles’ vader konden geweest zijn. En dan heb ik het niet enkel over hun leeftijd. Eventjes leek het alsof Brussel in Groot-Brittannië lag. De invloeden van het beste van 5 decennia Britse popmuziek waren duidelijk hoorbaar. “It’s only rock ’n roll” zong de Franstalige zanger, die erg goed op Brett Anderson van Suede leek, tijdens het derde nummer dat très Rolling Stones/Primal Scream was. Eerder had diezelfde zanger al een mondharmonica uit zijn broekzak getoverd en tijdens het tweede nummer floot ie een melodietje, het moet van Shaun Ryder in “Step On” geweest zijn dat fluiten nog zo cool klonk.
Soms moesten we denken aan The Strokes en The Libertines, dan weer aan Buzzcocks en Magazine. Misschien niks nieuws onder de zon, maar wel een meer dan degelijk voorprogramma. Dat ik geen CD’tje kon vangen was zowat het enige negatieve.

Het is een publiek geheim dat Miles Kane een van de beste live acts van het moment is. Die attitude, arrogant doch natuurlijk (in tegenstelling tot zijn maatje Alex bij wie het een heel stuk minder natuurlijk overkomt), het teasen van zijn fans en vooral: de songs die live telkenmale snediger klinken dan op plaat.
Net zoals op Pukkelpop en in De Botanique eerder dit jaar kwam de band weer het podium op met “Morning Glory” van Oasis door de boxen geknald, de toon was wederom gezet. “Bombshells” en “You’re Gonna Get It” bleken echter voorzichtige openers te zijn, bij het derde nummer en recentste single “Taking Over” ontplofte de boel echt.
Vanaf dan had Miles, piekfijn uitgedost as ever, werkelijk vrij spel. Wie kan er nu niet meezingen met “Rearrange”, de ayayaya’s in “Kingcrawler” of papapa’s in “Quicksand”?
“Better Than That”, “Darkness In Our Hearts” en “Tonight” waren pure vuistslagen, die werden afgewisseld met rustigere songs als “Take The Night From Me”, “My Fantasy” en “Out Of Control”.
En de echte hoogtepunten moesten dan nog komen. Van Miles Kane weten we dat hij niet vies is van zijn helden te coveren, zo kregen we op eerdere optredens al “Hey Bulldog” van The Beatles en “Le Responsable” van Jacques Dutronc. Nu ging hij nog een stapje verder; net voor het opbouwend stukje in “Give Up” (voor de you’re pretty good looking but i’m looking for a way out) begon de band plots “Sympathy For The Devil” te spelen, zo’n nummer waar je normaal gezien afblijft. Toch werkte het verbazend goed, die “woho” krijg ik, en met mij ongetwijfeld ook vele anderen, er de volgende dagen nog niet direct uit.
Ook de laatste twee nummers van de reguliere set, “Inhaler” en “Don’t Forget Who You Are” waren absolute hoogtepunten. Na de laatste noot en voor het aftreden zong Miles het refrein van “Don’t Forget Who You Are” nog 1 keer, wat opgepikt werd door het publiek, dat het vervolgens minutenlang bleef verder zingen, precies alsof we in de spionkop van een Engels voetbalstadium zaten. Het bleef maar doorgaan tot Miles in zijn eentje terug op het podium kwam om een fantastische versie van “Colour Of The Trap” te spelen en vervolgens, terug geflankeerd door zijn bandleden, afsloot met “Come Closer”. Miles Kane stelt nooit teleur en de AB blijkt een op zijn lijf geschreven zaal te zijn.

“Don’t Forget Who You Are” als perfecte soundtrack als voorbereiding voor a night out?
Eerlijk, geen enkel bezoek aan gelijk welke pub in gelijk welk gezelschap gaat boven een optreden van Miles Kane. Terwijl ik dit typ verandert het uur van 3 naar 2, waardoor ik straks 1 uur langer kan slapen, had Miles maar 1 uurtje langer kunnen spelen. Dat en alleen dat is het enige minpunt.

Pics homepag Tina Herbots (http://www.indiestyle.be)

Organisatie: Live Nation

Public Image Limited (P.I.L.)

Public Image Ltd - De terugkeer van de geloofwaardigheid

Geschreven door

Met de concertenreeks ‘Dub be good to me: celebrating 45 years of dub’ zet de AB één jaar lang de spotlight op één van de meest vernieuwende stromingen in de muziekgeschiedenis. Het siert de ruimdenkendheid van de Brusselse concerttempel dat niet enkel de originators, maar ook de volgelingen van het genre een podiumplaats wordt gegund. Tot die laatste categorie moeten we ook Public Image Ltd (PiL) rekenen, het notoire gezelschap rond John Lydon wiens prille avant-gardistische postpunk eind jaren ’70 werd voortgestuwd door lome dub grooves.
Na ontelbare personeelswissels en een rits platen die telkenmale wat minder relevant gingen klinken trok Lydon in ’92 de stekker uit PiL om zich op lucratieve reünies met zijn maatjes van de Sex Pistols en een solo carrière te storten. Een groot fortuin heeft de man er blijkbaar toch niet aan over gehouden, want pas na een hilarische reclamespot voor hoeveboter (http://www.youtube.com/watch?v=8hzQsvxtLTM ) kreeg het excentrieke enfant terrible de nodige centen bij elkaar om in 2009 PiL terug te reactiveren.

Anders dan bij de verschillende reïncarnaties van de Pistols wil Lydon als boegbeeld van PiL op artistiek vlak terug au sérieux worden genomen. Met het vorig jaar verschenen comeback album ‘This Is PiL’ zijn hij en zijn maats daar overigens vrij aardig in geslaagd. Met het uit die plaat getrokken “Deeper Water” trapte een vastberaden band afgelopen donderdagavond hun set in een bescheiden gevulde AB Box op gang. Samen met andere nieuwe songs zoals “Out Of The Woods” en “One Drop” kan dit nummer zich meten met het beste materiaal dat de groep pakweg drie tot vier decennia terug heeft ingeblikt, alleen klinkt alles nu een pak luchtiger.
De sfeer werd prompt een stuk grimmiger en dreigender toen het gezelschap een handvol nummers ging plukken uit haar opus magnum ‘Metal Box’ (aka ‘Second Edition’) (‘79). De inmiddels 57-jarige Lydon diende wel wat te spieken om de ellenlange lappen tekst van “Albatross”, “Poptones” en “Careering” niet te laten ontsporen op de slome repetitieve groove, maar het eindresultaat was niettemin indrukwekkend te noemen.
Het zal de fans van het eerste uur wellicht worst wezen, of misschien juist plezieren, dat meesterbassist en architect van de prille PiL sound Jah Wobble anno 2013 niet echt wordt gemist. In de persoon van Scott Firth, die als guilty pleasure o.a. een verleden heeft in de begeleidingsband van The Spice Girls, heeft de groep immers een meer dan waardige vervanger beet. Samen met drummer Bruce Smith, bekend als medeoprichter van The Pop Group en sinds midden jaren ’80 vaste drummer bij PiL, vormde hij een erg straffe ritmetandem die de lome dub grooves tot diep in de onderbuik lieten doorklinken. Lu Edmonds, nog zo een PiL oudgediende, had van zijn kant een arsenaal aan gitaren meegebracht die zowel qua vorm als qua klank een lust voor oog en oor vormden.
Samen met de immer flamboyante krielhaan Lydon in de voorste gelederen vormde dit drietal een erg solide en virtuoos musicerende groep. De tijd dat PiL als één van de belangrijkste postpunk instituten werd aanzien ligt intussen al behoorlijk ver achter ons, toch was van enige oubolligheid geen sprake. Zo werd “This Is Not A Love Song” geïnjecteerd met tribal beats alsof de heren van Leftfield deze duffe 80ies song door de remix mangel hadden gehaald. “Warrior” was een ander hoogtepunt dat dan weer bol stond van de etnische invloeden en het publiek langzaam maar zeker meezoog in een hypnotiserende trance.
De weinige radiovriendelijke songs die Lydon & co op hun kerfstok hebben waren netjes opgespaard tot de toegiften. De hitsige postpunk van “Public Image” en de rustig voortkabbelende meezinger “Rise” stammen uit de tijd dat er nog regelmatig kwaliteit in de hitparades te bespeuren viel. “Open Up”, een trancy breakbeat classic die oorspronkelijk werd ingeblikt door Leftfield & Lydon, kreeg een fraaie PiL make over maar werkte niet echt als afsluiter. Eén schoonheidsfoutje op een set van bijna twee uur, daar maalt niemand om.

Wat we vooral onthouden is dat Lydon & co zorgzaam omspringen met hun cultureel erfgoed én stevig op weg zijn naar een tweede jeugd. Wie nog een pakje hoeveboter?

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4227

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Steven Wilson

Steven Wilson – Een Grote Meneer!

Geschreven door

Al voor de tweede keer dit jaar kregen we de kans om Steven Wilson op een Belgisch podium te zien. Nadat hij in februari een verbluffend concert gaf in de Arenbergschouwburg (Antwerpen) speelde hij deze keer in het gezellige Depot in Dijlestad Leuven.

Begin dit jaar verscheen Wilson’s derde studioalbum: ‘The Raven That Refused To Sing (And Other Stories)’, een album dat nog steeds groeit na elke nieuwe luisterbeurt. In slechts 6 songs slaat Steven Wilson en band op deze plaat de brug tussen de progressieve rock uit de jaren ’70 en de alternatieve prog-fusion rock van vandaag. Een uitverkochte Depot wou het allemaal wel eens live meemaken en zowel jong als oud waren het na het optreden unaniem eens: de man is een genie, al moesten we de complexiteit van enkele voorgeschotelde werkstukken nadien toch even doorspoelen met een stevige Leuvense pint.

Ook Wilson was blij en maakte zijn entree met de profetische woorden: “It is always nice to come to a place you've never heard of and sell it out”.
Wilson had dan ook niets aan het toeval overgelaten en nam quasi dezelfde sterke muzikanten mee op tour waarmee hij ook het album maakte: Guthrie Govan (Guitar), Adam Holzman (Keyboards/Piano), Theo Travis (Flute/Sax), Nick Beggs (Bass/Chapman Stick!) en nieuweling Chad Wackerman, een befaamde jazz-fusion rockdrummer. Samen met Wilson vormden deze heren een hecht en onverwoestbaar sextet!

De start van het optreden begon eigenlijk al 15 minuten voor het optreden begon (volgt U nog?) met een donker maar speels introductiefilmpje dat net iets te lang duurde om onze aandacht vast te houden. Maar toen Steven Wilson aan het eind van het filmpje de gitaar aansneed om “Trains” in te zetten kregen we hem ook synchroon live op het podium te zien met een akoestische, echter weinig overtuigende versie van de bekende Porcupine Tree song. De echte start kwam er nadien met het knotsgekke “Luminol”, doorspekt met wilde jazzklanken, een progressief werkstuk om U tegen te zeggen. Het duurt even voor je door hebt hoe deze song in elkaar steekt maar eenmaal je mee bent laat de song je niet meer los. De band liet een indrukwekkende perfect gebalanceerde sound los op het Leuvense publiek en laat dit nu net een zeer grote pluspunt zijn in de verrassende, mooie akoestische omgeving van deze kleine zaal.
Wat volgde was het sterk georkestreerde “Postcard” uit Steven Wilson’s tweede soloalbum: ‘Grace For Drowning’, één van de weinige Steven Wilson songs die onder de vijf minuten klokt. Hierna werd er opnieuw stevig van leer getrokken met “The Holy Drinker”. Allesbehalve een hapklare brok maar wel een waanzinnig experimenteel epos dat zijn gelijke niet kent. Wilson mag dan wel (voorlopig) zijn buik vol hebben van het metalgenre, tijdens dit epos werd er zeer stevig gemusiceerd. Absoluut hoogtepunt van de avond kwam er nadien met het dromerige, melancholische “Drive Home”. Steven beschreef zich als de ‘lonely Swede in the woods’ en liet voorafgaand aan de song Guthrie Govan enkele diverse sferen uit gitaar toveren.  De fijne, droge Britse humor van Steven zorgde voor een grappig intermezzo. Het waanzinnig mooie animatiefilmpje zette de song nog wat kracht bij. “Drive Home” is misschien wel de allermooiste song van 2013 en ook de live versie was subliem!
Een nieuwe song aangekondigd als “German Bite” bleek nog niet echt afgewerkt, boeide minder en was zelfs hier en daar saai en langdradig. Hier kwam ook de verduidelijking van Wilson waarom er die avond absoluut geen foto’s noch video’s genomen mochten worden.  Hij probeerde ons te overtuigen hoe oneerlijk het wel is om via een smartphone een opname te maken en die dan in belabberde kwaliteit op het internet te gooien. “Laten we gewoon de verrassing houden voor iedereen die naar de show komt kijken”, klonk het. Trouwens, een niet mis te verstane waarschuwing aan de ingang van de zaal liet weten dat iedereen die foto’s of video’s nam (inclusief smartphone!) het risico liep om uit te zaal gezet te worden. Een advies dat zeer goed werd opgevolgd.

De introductievideo van “The Watchmaker” kondigde na een korte adempauze het tweede deel aan. Het grote projectiedoek viel naar beneden en zorgde voor nog mooiere visuals en effecten. Ook muzikaal was dit tweede deel misschien nog een stukje sterker. Hoogtepunten waren het met een creepy grafstem aangekondigde, donkere: “Index” en het naar Porcupine Tree refererende “Harmony Korine”.
Na een ingekorte versie van “Raider II” sloot de band de set af met de sfeervolle titeltrack: “The Raven That Refused To Sing”, voorafgaand door  een leuke les over de fascinerende wereld van het elektrische muziekinstrument de mellotron.
Nog eenmaal kwam de band terug om onder nucleaire dreiging te bissen met “Radioactive Toy” uit het Porcupine Tree debuut ‘On The Sunday Of Life’ (1992), alsof Steven Wilson een statement wilde maken dat Porcupine Tree definitief begraven is.

Maar treuren doen we zeker niet want deze Steven Wilson band is echter een evenwaardig alternatief en als het even minder complex mag zijn hebben we ook nog Blackfield, ook al een geesteskind van de grote meneer Steven Wilson. Subliem optreden!

Setlist:
*Trains *Luminol *Postcard *The Holy Drinker *Drive Home *Untitled New Song Introduced as "German Bite" *The Watchmaker *Index *Sectarian *Harmony Korine *Raider II *The Raven That Refused To Sing
*Radioactive Toy

Organisatie: Depot, Leuven

Pagina 612 van 964