Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
avatar_ab_03

Lokerse Feesten 2013 – DAG 03: Fear Factory – Trivium – Danzig – Sabaton - Zware Metalen in Lokeren

Geschreven door

Lokerse Feesten 2013 – DAG 03: Fear Factory – Trivium – Danzig – Sabaton - Zware Metalen in Lokeren
Lokerse Feesten 2013
Grote Kaai
Lokeren

Het is intussen een echte traditie : de metaldag van de Lokerse Feesten.  En die ‘dag’ mag je zelfs letterlijk nemen want niet minder dan 7 bands stonden op de affiche waardoor het startschot al werd gegeven om 16u30.

Wat meteen opviel dit jaar was dat het minder ‘zwart’ van het volk zag op het plein dan vorige edities.  Een verkeerde indruk, een iets te magere affiche, gebrek aan een echte topper, het missen van Motorhead…wie zal het zeggen?

De eerste band die we live aan het werk zagen was Fear Factory, grondleggers  van de zogenaamde industrial metal.  De heren draaien al een tijdje mee in het circuit en eerlijk gezegd komt er toch wel wat sleet op de zaak…Vooral zanger Burton C Bell heeft het moeilijk om vocaal het zelfde niveau te halen als vroeger.  Nochtans deed hij zijn uiterste best met kompaan Dino Cazares om de boel op gang te krijgen en de metalheads tot wat beweging aan te sporen.
De set startte verschroeiend met “Demanufacture”, “Self bias resistor” en “Shock”. Het geluid zat aanvankelijk niet bijster goed maar na “Edgecrusher” bleek de mix toch te kloppen en werd  oa. “Powershifter” en “What will become” ingezet.  Hoogtepunt van het vrij korte optreden (10 nummers in vaarttempo) was “Replica”…het ultieme Fear Factory epos.  Voor het eerst kwam het publiek echt goed los en was de respons  duidelijk hoorbaar.  Er werd afgesloten met “Martyr”, een song uit 1992 van de debuutschijf ‘Soul of a new machine’.  Zeker niet het beste optreden van Fear Factory maar toch een verdienstelijke poging om luidste groep van de dag te zijn.  Het zal de echte fans worst wezen!

Trivium mocht een dik half uur later het podium innemen en tapte uit een heel ander vaatje dan Fear Factory.  Zanger Matt Heafy was wel goed van stem en palmde gans het podium in.  De moderne/technische metal van de band sloeg meteen aan en een ruime circle pit en een koppel blote borsten waren het gevolg!  Met veel bombast maar ook strak werden nummers als “Brave this storm” en “Watch the world burn” gebracht.  De nieuwe nummers laten alvast veel goeds verwachten van de CD die in het najaar verschijnt.  Hoogtepunt van de set was ongetwijfeld het knappe “In Waves” dat de klasse van deze band nog eens extra in de verf zette.  Trivium heeft zeker fans bijgewonnen na hun doortocht in Lokeren en heeft de sceptici moeiteloos overtuigd van hun kunnen.

Het optreden van Danzig werd al enkele weken vooraf gretig besproken in Lokeren en omstreken.  Wat zouden die gasten ervan terecht brengen? Zou heer Danzig  echt zo’n arrogante kerel zijn?  Zou Danzig Motorhead doen vergeten?  Na het optreden bleken de meningen verdeeld maar werd er nog meer over geleuterd dan ervoor.
Zowel geluidsproblemen als stemproblemen speelden een hoofdrol tijdens het optreden, naast mister Danzig himself natuurlijk.  Nummers als “Scin Carver”, “Twist of Cain” en “Blood and tears” gingen hierdoor gedeeltelijk de mist in en dat zinde de frontman duidelijk niet.  Hij bleef maar zeuren en briesen, gooide met een monitor en legde het concert zelfs even stil.  Gastmuzikant Doyle kon het tij even doen keren toen een aantal Misfits klassiekers werden ingezet zoals “Skulls” en “Death comes ripping” maar de schade was toch niet meer volledig te herstellen en Glenn gaf er dan ook vrij snel definitief de brui aan, zonder toegift, zonder nummers als “Mother” of “Die my darling” gespeeld te hebben.  Een deel van het publiek kon dit laatste maar matig appreciëren en liet dat ook meermaals blijken.  Toch wel een gemiste kans voor de betrokken partijen.

Aan het Zweedse Sabaton de eer om de metaldag af te sluiten en het bizarre optreden van Danzig door te spoelen met een portie bombastische en heroïsche powermetal.  Het aantal t-shirts op het plein gaf al te kennen dat deze heren de laatste jaren erg populair zijn geworden, al is hun muziek weinig bijzonder doch heel luchtig en bijgevolg goed verteerbaar.
Als afsluiter misschien toch iets te licht van niveau maar daarom niet minder energiek en met (letterlijk) veel vuur op het podium.  Zanger Joakim bespeelde meesterlijk het publiek en nummers als “Gott mit uns” en “Ghost division” gingen er in als zoete koek.  De meest gekende nummers zaten logischer wijze helemaal op het einde van de set en zetten de Kaai in lichte laaie : vooral “Art of War” en “Primo Victoria” zinderden lang na!


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013-dag-3/

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Robbie Williams

Robbie Williams – Take the crown Tour - Regeerperiode King Robbie bijna voorbij

Geschreven door

Robbie Williams – Take the crown Tour - Regeerperiode King Robbie bijna voorbij
Robbie Williams

Was het de kroning van prins Filip die hem op het idee bracht om naar het Koning Boudewijnstadion te komen? Want die Belgen, die lusten wel een koning. En de King of pop, die moet ook een groot podium en bijhorend stadion krijgen. Maar wat ben je met een groot stadion als de zitjes leeg blijven? Robbie Williams had een nieuwe cd uit: ‘Take the crown’, en ging daar direct mee on tour. Ideaal als promotie, maar dan jammer dat de ticketverkoop een beetje tegenvalt.  Dit is de 20ste show in de reeks, ondertussen goed gerodeerd, maar  hiervoor was de show in de Amsterdam Arena ook al niet uitverkocht. Zo ook deze avond. Slechts 42000 zieltjes vonden het de moeite om King Robbie aan het werk te zien. King Robbie had dit moeten zien aankomen, maar ja, een koning, die verliest soms voeling met z’n gevolg.

Robbie Williams is terug aan het touren geslagen, en dat zullen we geweten hebben. Althans, diegene die de moeite deden om een kaartje te kopen. De laatste jaren waren z’n hits en cd-verkoop al tanend, en nu ook z’n ticketverkoop voor de ‘Thake the crown’ tour. Maar z’n bedoelingen waren direct duidelijk. De king, gekleed als een sportieve butler met gympies, en met een rouwband !?,  kwam , mooi op tijd, letterlijk op ons neergedaald, en schreeuwde “let me entertain you!” En dat kan hij als geen ander. Niks werd aan het toeval overgelaten. Een indrukwekkend podium met videoscreens, blazers, zeer aanwezige backing vocals & band. Maar Robbie, nooit vies van een beetje triomfalisme, heeft nu toch wel een erg megalomaan kantje gekregen. Een deel van het podium bestond uit een kroon, en twee, metershoge bustes van zichzelf kwam af en aan gerold op het podium. Indrukwekkend, maar toch. Robbie was zoals we hem kennen. Zeer energiek, steeds die guitige blik in z’n ogen, goede bindteksten, en zoals immer … een meisje uit het publiek op het podium.  Hij bezorgde ene Emely de avond van haar leven door met haar in een ‘rechtstaand?’ bed te duiken. Ook had hij de moeite gedaan om Nederlands te leren, maar dat was waarschijnlijk dezelfde leraar die ons koningshuis onder handen neemt. “iek heb één groot piemel” Heel amusant.
De nieuwe nummers werden ietwat lauw onthaald, de cover van cab Calloway “Minnie the moocher” was een leuke retro-act met hoog amusementsgehalte, “kids” werd goed  ondersteund door Olly Murs(  z’n voorprogramma ), mooi op de trappen van de ‘gouden’ buste. Ook op de buste “come undone” en “bodies”.
Een goede conditie heeft Robbie nog wel, ook al staat hij wel enkele kilo’s te zwaar, want om een volledig podium te belopen , en dan nog sterk “ be a boy” te brengen, puik werk.  Om dan een beetje op adem te komen met “z’n grote piemelverhaal”.  Dat the king zeer ervaren is, was te merken bij “Sexed up”. Het nummer ging akoestisch de mist in, dus ging hij hulp zoeken bij het publiek. Een goede zet. Robbie ging zowaar wat croonen  met “me and my monkey”.  Het wachten op de sterkere nummers werd beloond met “ hot fudge”, en “rock dj”. Geruggesteund door het gigantisch videoscreen. Nog een 3e buste bij de encore! Speciaal doch mooi belicht was dit ‘de troon’ waarop hij “feel” bracht. De 2 andere klassiekers waren “she’s the one” en “angels”.  Vuurwerk rondde de avond mooi af.

Robbie Williams is een begrip, zo veel is duidelijk. Entertainen zit hem in het bloed, en hij doet dit nog met veel passie. Maar de regeerperiode van King Robbie is bijna ten einde en z’n invloed tanende. De lauwe reactie op de nieuwe nummers, het nog steeds prefereren van de klassiekers , de matige concertticketverkoop. Toch allemaal tekenen aan de wand. Net zoals onze koning Albert heeft beseft dat het beter eindigen is op een hoogtepunt, zo zou King Robbie ook tot zelfbesef moeten komen dat er iets mis is. Hoog op de trappen van  z’n bustes,  moet hij  toch ook de vele lege stoeltjes gezien hebben? In 2006 verkocht hij tweemaal dit stadion uit. Dat steekt. Maar de megalomane koning kan misschien de volgende keer terugkeren naar z’n paleis. Het sportpaleis dan wel.

Organisatie: Live Nation

Esperanzah 2013 – zaterdag 3 augustus 2013

Geschreven door

Esperanzah 2013 – zaterdag 3 augustus 2013
Esperanzah 2013
Abdij van Floreffe
Floreffe

Cody ChesnuTT redt de dag
Op zaterdag mocht Sana Bob de 'Côté Cour' openen. De begeleidingsgroep, allen in Burkinese outfit en uitstekende muzikanten, deden de festivalgangers reeds vroeg bewegen.
De afro reggae die de groep speelde was perfect om je rustig wakker te dansen. De band werd echter te snel naar de achtergrond verwezen toen Sana Bob himself het podium beklom en het meteen een pak minder klonk. Aan de kleren lag het niet, de frontman was uitgedost in een prachtig wit Afrikaans kostuum, maar zin om te zingen had de man zo vroeg op de dag precies wat minder. Onverstaanbaar, ok dat heb je wel vaker op Esperanzah en dat mag nooit in de weg staan van een geslaagd concert, maar soms leken stem en muziek eerder te vechten dan een harmonieus geheel te vormen. Doe daar bovenop nog het gespeel met zijn megafoon en wat er overbleef was enkel nog meer lawaai en verwarring. Op dit vroege uur leek ik eerder de enige die daar allemaal last van bleek te hebben want het reeds aanwezige volk vond het allemaal geen probleem, zoals wel vaker op dit festival.

La Yegros is een Argentijnse zangeres die net haar debuutplaat 'Viene de Mi' uitbracht. Die kwam ze dan ook graag aan het publiek voorstellen. Haar muziek doet denken aan de typische traditionele muziek uit haar geboorteland, maar dan met voldoende elektro en tropical invloeden die het geheel meer kracht geven en een pak hedendaagser doen klinken. La Yegros zelf is kleurrijk uitgedost en heeft een eerder rauwe, harde stem die zich mooi mengt met de eerder traditionele, zachtere invloeden. Live komt er echter een pak elektronica bij kijken, en speelt haar laptop de hoofdrol, computer-cumbia als het ware. Wanneer het materiaal in het begin van de set er dan ook de brui aan geeft, blijf je met een erg magere vangst over. Naarmate de set vorderde geraakte La Yegros echter meer en meer in haar element en kon ze ook het publiek wat overtuigen.

Na La Yegros was het tijd voor nog een andere frontvrouw, de Amerikaanse muzikante/dichteres Akua Naru: live werd ze bijgestaan door een echte funk band, strak in zwart kostuum. Terwijl de begeleidingsband dus eerder funky grooves en ritmes over de weide strooide, drapeerde Akua Naru daar haar rhymes overheen. Deze mix tussen old school hip hop, een dj die de hele tijd leuke samples mooi in de muziek verwerkt; en de funky bas gitaar en drum solo's klonken vet en de geëngageerde frontvrouw maakte dit geheel compleet. Jammer genoeg bleef de dame de covers aan elkaar rijgen en was er dus weinig te merken van haar eigen karakter en sound. Het talrijk opgekomen publiek vond dit dik ok, ik had liever de echte Akua Naru aan het werk gezien.

Langs andere podia en optredens liep ik langs, zette me even neer, maar niets dat verder mijn aandacht kon vasthouden. En dat lag niet enkel aan mij, maar al te vaak aan de mindere kwaliteit van de optredens en genres die wat minder doen bewegen en waar men wat vaker moet luisteren. Iets wat in het warme weer en op het overvolle festival terrein geen sinecure was.

Cody ChesnuTT, na bijna tien jaar afwezigheid terug aan de oppervlakte verschenen, was heel de lange, hete namiddag mijn reddingsboei waar ik me halsstarrig aan vastklampte. Iedereen die kwam klagen en zagen moest van mij horen dat Cody ChesnuTT die dag de reddende engel zou zijn. En nu niet enkel om te zeggen dat ik gelijk had, maar ik had gelijk. Na zijn geniale debuut moesten fans lang op hun honger blijven zitten, maar met 'Landing on a Hundred', met Patrice als co-producer, is de man terug. Minder geflipt dan voorheen gaat hij veel meer de soul tour op. De ziel van de oude meesters is nooit veraf op de nieuwe plaat (opgenomen in de studio van Al Green) en ook het preken is nooit veraf. Bindteksten gaan vaak over 'feeling good' en heel de show lang blijft hij het publiek aanmanen om mee te zingen en te bewegen. Maar als het optreden goed is kunnen we dat wel eens door de vingers zien. Waar andere artiesten eerder op de dag vaak minder kwaliteit te bieden hadden, speelden Cody en band moeiteloos iedereen naar huis. Muzikaal gezien het beste optreden en een plaat die ik afgelopen jaar niet had opgemerkt en dus absoluut in huis moet halen.

Orquestra Buena Vista Social Club mocht zaterdag de 'Côté Jardin' afsluiten en deed dat op zijn gekende wijze. Ook al heeft het grootste (oudste) deel van de originele bezetting reeds andere oorden opgezocht, de muzikale erfenis blijkt gegarandeerd. Maar bij gebrek aan grote sterren bleef de set toch wat onder de verwachtingen. Ondertussen blijft de band dan ook de hele wereld afschuimen met zijn oude hits. En hoe goed de nieuwe zangers en muzikanten ook hun best doen,  aan de oude garde valt nooit meer te tippen. Vergane glorie die mij, weemoedig, wat vroeger naar de camping deed terugkeren.


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/esperanzah-2013/

Organisatie: Esperanzah

Esperanzah 2013 – vrijdag 2 augustus 2013

Geschreven door

Esperanzah 2013 – vrijdag 2 augustus 2013
Esperanzah 2013
Abdij van Floreffe
Floreffe

… Altijd moeilijk kiezen het eerste weekend van augustus …Reggae Geel of Esperanzah. Na vorig jaar voor het eerst te hebben geproefd van het festival in de Abdij van Floreffe smaakte dit absoluut naar meer.. En na Dour festival twee weken geleden was een minder uitputtend weekend ook best welkom, al konden de verwachte hitte en de beklimmingen op en rond het domein van Esperanzah het toch nog vermoeiend genoeg maken. Zoals ze zelf zeggen heeft Esperanzah vooral aandacht voor de urban sounds. Het programma bestaat dan ook uit een multiculturele verzameling van bands en geluiden van overal ter wereld. Verder is het festival ook maatschappelijk engagement niet uit de weg en kiest het voor een duidelijke bewustmaking bij de bezoekers..
Op de twee hoofdpodia staan grote en minder grote namen mooi tussen elkaar, terwijl het derde, kleinere, podia is voorbehouden voor opkomend talent…

Een record aantal bezoekers op Esperanzah! - 37000 festivalgangers tijdens dit zonnige weekend .

Een overzicht van ons parcours 2dagen Esperanzah!

vrijdag 2 augustus 2013 – Woodkid versus de rest!

The Peas Project
opende de festiviteiten met zijn gekende mix van pop, afrobeat, electro, energetische funk en classy grooves . Deze 11-koppige Brusselse big band bracht een stevige, vette funk show en liet zich niet van de wijs brengen door het vroege uur. Enkele jaren geleden nog als aanstormend talent op Couleur Café en nu duidelijk toe aan het grotere werk.

The Souljazz Orchestra bracht alles wat we uit hun naam konden afleiden en meer. Deze Canadese band speelt soul, jazz en funk gedrapeerd rond een lekkere latino afrobeat. Voldoende blazers op het podium, maar deze zorgden jammer genoeg niet voor wat extra verfrissing...integendeel!

Met Mama Rosin was het daarna tijd voor een Zwitsers rhytm en blues trio.. Rock'n roll zoals het hoort, vuil, snel op tempo en met een accordeon rond de nek! Ik ontdekte de groep toen ze op bezoek waren bij Jools Holland live en het nummer “Un pistolet” brachten. Duidelijk een hoek af, maar wel feest gegarandeerd.

Valerie June timmert ondertussen al enkele jaren aan haar weg naar succes. Ze brengt een hedendaagse mix van alle elementen die de muziek uit het zuiden van de Verenigde Staten typeren. Je waant je in Memphis of Nashville, en wil er gerust de hele avond blijven. Met een prachtige hese, rauwe stem maakte deze jonge dame indruk. Haar recentste album 'Pushin' Against a Stone' is een samenwerking met Dan Auerbach van The Black Keys. Country, delta blues, folk, roots, soul en gospel gebracht op orgel, viool, ukelele of mandoline en haar mooie stem konden toch niet verbergen dat de set wat licht uitviel, en dat bij gebrek aan hitgevoelige songs. Retro  dat zeker en vast, maar zeker niet altijd overtuigend.

Patrice draait ondertussen al enkele jaren mee in het moderne reggea wereldje. Deze Duitser met roots in Sierra Leone brengt een zachte mix van reggea, soul en jazz. Recent werkte hij mee aan het album van Cody Chesnutt, die zaterdag op de Esperanzah affiche staat te blinken. Bob Marley's spirit is nooit ver weg natuurlijk, maar toch bewandelt Patrice bredere muzikale paden. Zacht, maar nooit zeemzoet. Al deden de krijsende meisjes op de eerste rij vaak anders vermoeden...

Voor mij persoonlijk was het aftellen tot de show van Woodkid, zeker omdat ik het optreden met het Orkest van Mons in het Koninklijk Circus eerder dit jaar had gemist. Zijn album en de bijhorende hipster hype die sindsdien rond de man werden gecreëerd , schrikten mij echter wat af. Een originele en aangename sound op zijn debuutplaat, dat zeker wel, maar die stijloefening een heel album lang volhouden en volzwieren met grootse arrangementen kan snel vervelen, zeker als de songs niet altijd helemaal uit de verf komen. Dat mankement baarde de man ook live zorgen, want sommige nummers misten toch wat punch om live het publiek te overtuigen. Op hitsingles “Iron”, “I love you” en “Run Boy Run” viel helemaal niets aan te merken, maar een pak nummers klonken te soft en boden te weinig afwisseling tijdens de show. Wanneer stevigere nummers het dan toch onverwacht op een bonken zetten, is de verwarring helemaal troef. Hij bleef het publiek ook aanmanen om uit de bol te gaan maar daarvoor zat er onvoldoende vaart achter het geheel. Verdienstelijke poging zeker en vast, want de man is goed bij stem en heeft een apart geluid. Makkelijk voor te stellen dat er met een orkest in zijn rug, helemaal niets meer op af te dingen valt…

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/esperanzah-2013/
Organisatie: Esperanzah

Binic Folks Blues Festival 2013 van 02 t/m 04 augustus 2013 - Drie dagen rock-'n-roll in een idyllisch badplaatsje

Geschreven door

Binic Folks Blues Festival 2013 van 02 t/m 04 augustus 2013 - Drie dagen rock-'n-roll in een idyllisch badplaatsje
Binic Folks Blues Festival 2013
Festivalkaai
Binic (Bretagne)

Binic Folks Blues Festival 02/03/04 augustus

Binic ligt net voorbij St.-Brieuc in het departement Côtes d'Armor in Bretagne. Het pittoreske havenstadje, verscholen tussen de hoge rotswanden, zal het wellicht vooral van de toeristen moeten hebben maar sinds een jaar of vijf duiken er in het eerste weekend van augustus ook horden, al dan niet ruige, rock-'n-roll liefhebbers op wier meestal zwarte kledij nogal contrasteert met de gebruikelijke vakantieoutfit. Verantwoordelijk hiervoor is het Binic Folks Blues Festival, een organisatie van La Nef-D-Fous. Drijvende kracht hierachter is de uitbater van het plaatselijke etablissement "Le Chaland qui passe" die hierbij hulp krijgt van het managementbureau "U-Turn Touring" uit Bordeaux en het platenlabel "Beast Records" uit Rennes. Twee jaar geleden had ik al eens het geluk dit gratis festival te mogen meemaken maar sinds die keer is er daar toch wel wat veranderd. Vooral de komst van een derde en wat groter podium op de Esplanade de la Banche, net naast het strand, heeft het festival een ander gezicht gegeven. Bovendien leek het aantal bezoekers me meer dan verdubbeld. Een groot festival is het nog steeds bijlange niet maar veel meer mensen kan het plaatsje toch niet meer aan. Desondanks werd het nooit te druk, bleef de sfeer steeds gemoedelijk en viel er muzikaal heel wat te genieten. Enerzijds van een hele lading garagerockbands (meestal via U-Turn Touring) en anderzijds van een contingent singer-songwriters en folkrockbands uit Australië (dankzij Beast Records).

DE FRANSEN
Uiteraard nogal wat Franse bands op het menu maar daarnaast ook een drietal groepen met het mysterieuze (BZH) achter hun naam. Enig speurwerk was nodig om uit te vissen waar deze vreemde lettercombinatie voor stond. Dat onbekende land bleek Breizh te zijn en dat is gewoon Bretagne in het Bretoens. Eén van die drie was Head On uit Rennes met een werknemer van "Beast Records" als niet onverdienstelijk zanger. Ze zagen er erg rock-'n-roll uit en zo klonken ze ook. Wijdbeens grijnzend joegen ze een luide en smerige sound door de boxen die deed denken aan Australische garagepunkbands als The Beasts Of Bourbon. Niets nieuws onder de zon wel bijzonder amusant, vooral tijdens de laatste drie nummers toen ze de hulp kregen van een niet zo jonge saxofonist in een erg strak zittend rolkraagtruitje met luipaardmotief. Rock-'n-roll !!
Ook het drietal Ultra Bullitt, eveneens uit Bretagne, wist me te charmeren. Zelf omschrijven ze hun muziek als high energy rock-'n-roll garage. Dat zal wel kloppen. Het klonk alleszins luid, deed heel even aan MC5 herinneren en de gitarist was uitermate vinnig bezig.
Chicken Diamond is een one-man-band uit Thionville. In een voor de hand liggend t-shirt van Bob Log III bracht hij trashblues met een van distortion kromtrekkende gitaar. Twee jaar geleden vond ik hem net iets beter maar toen zag ik hem op het wat kleinere podium aan de Place de la Cloche. Een wat intiemere omgeving komt hem (en de meeste anderen ook trouwens) wat beter uit.
Een andere one-man-band was Thomas Schoeffler Jr. uit Straatsburg. Countryblues gezongen met een folkstem lijkt me de meest adequate omschrijving. Een akoestische gitaar, soms wat slide, een mondharmonica en een tamboerijn-stompbox waren zijn attributen terwijl hij zijn hoge stem soms wat liet vibreren. Naast een cover van "Alone and forsake" van Hank Williams bracht hij uitsluitend eigen werk dat er best mocht zijn.
Het jong trio Libido Fuzz uit Bordeaux klonk krek als The Jimi Hendrix Experience. De gitaar van Pierre Alexis Mungual zag er uit alsof hij net uit de verpakking was gehaald maar de jongeman beheerste het instrument als geen ander, Jimi achterna. Toch was het vooral het geluid van de bassist en de drummer die de Experience voor de geest riep. Goed naar Radio Moscow gekeken dacht ik maar dan moet ik er meteen bij vertellen dat deze Libido Fuzz hun nummers nooit lieten verzanden in oeverloos gesoleer, iets wat bij Radio Moscow jammer genoeg wel het geval is. Ik zat hier zeker niet op te wachten maar kon er toch best mee leven.
Beste Franse band was voor mij zonder twijfel The Feeling Of Love uit Metz. Ik zag ze al eens schitteren in de 4AD en hier was dat niet anders. Op plaat komt het er voorlopig nog niet helemaal uit maar live zijn ze onweerstaanbaar. De groep rond zanger-gitarist Guillaume Marietta klonk als een geüpdate versie van The Velvet Underground en dat vooral door de toetsen (waaronder een Farfisa) van Hess. Maar ook meer bijdetijdse bands als The Ponys, Mmoss en Allah-Las (maar dan met meer ballen) bleken vergelijkingspunten. Eenmaal gegrepen door deze muziek werd je niet meer losgelaten. Mensen die wat meewarig doen als het over Franse rock gaat moeten hier dringend eens naar luisteren.
Jammerlijk gemist : Strong Come Ons.

HET AUSTRALISCHE LEGIOEN heb ik grotendeels aan me voorbij laten gaan.
De drie songs die ik van Suzie Stapleton (Melbourne) zag waren veelbelovend. Solo met een elektrische gitaar waarop ze soms fors uithaalde viel ze ergens te situeren in de alternatieve rockhoek.
Twenty Seven Winters (ook al uit Melbourne) serveerde smaakvolle americana (australiana?) waarin de lapsteel van Paul Mileham voor het verschil zorgde. Zeker niet onverdienstelijk maar na enige tijd begon wat eenvormigheid hen parten te spelen.
Het koppel Louise O'Reilly en Paul Hannan verliet destijds Melbourne om diep in de beboste heuvels van Natural Bridge in een hut aan de rand van een uitgedoofde vulkaan te gaan leven om zo wat inspiratie op te doen. Tegenwoordig hebben ze hun stek in Berlijn gevonden maar de folkrock die ze met Laneway brengen ademt nog steeds de sfeer van die bossen uit en blijft tot de verbeelding spreken. Het weliswaar veel kleinere aantal geïnteresseerden op de Place de la Cloche luisterde ademloos naar songs met titels als "Love is the devil". Mooi!

TWEE AMERIKAANSE EINZELGÄNGERS
Het allereerste optreden dat ik in Binic zag was er meteen één van uitzonderlijke klasse. Op de Place Pommelec bracht de 69-jarige David Evans uit Memphis, Tennessee (en dat is dus niet The Edge, die dezelfde naam draagt) de blues zoals die in het begin van de vorige eeuw moet geklonken hebben. Zichzelf begeleidend op fingerpickin' gitaar (af en toe wat slide) zong hij nummers van Robert Johnson, Blind Lemon Jefferson, Charley Patton en ook van minder bekende namen als Tommy Johnson en Peetey Wheatstraw met een stem die perfect zou passen tussen die stokoude opnames van de hierboven geciteerde bluesmannen. De kerel was de bescheidenheid zelve maar wat hij bracht was in al zijn eenvoud superieur. David Evans speelde maar liefst vier sets op het festival en ik zag hem nog een aantal keer terug. Zo hoorde ik hem ook nog op verzoek "Special rider blues" van Skip James haast achteloos uit zijn mouw schudden. Meesterlijk! Achteraf kwam ik te weten dat die David Evans toch niet de eerste de beste is. Hij blijkt een etnomusicoloog te zijn die reeds verschillende boeken schreef (o.a. één over Tommy Johnson) en is tevens directeur van een etnomusicologisch, regionaal studieprogramma aan de universiteit van Memphis. Een ontdekking!
Ook bluesman Mississippi Gabe Carter uit Chicago, Illinois deed het op zijn eentje. Zijn stem klonk net als zijn gitaar erg metalliek en al bij het derde nummer dreigde hij weg te zinken in een kleurloze gladde brei. Maar na een tiental minuten joeg hij met zijn stompbox het ritme opnieuw de hoogte in en kon hij het tij alsnog keren. In de buurt van David Evans kwam hij evenwel nooit terwijl hij net iets te veel reclame maakte voor zijn cd om sympathiek over te komen.

DE TOPPERS
Movie Star Junkies uit Turijn hadden een nieuwe gitarist bij die in nauwelijks twee dagen tijd alle nummers had ingestudeerd maar daar was op het podium niets van te merken. De groep begon indrukwekkend met een nummer dat kon tippen aan het beste van The Birthday Party. De erg charismatische zanger Stefano Isaia zou trouwens het ganse optreden Nick Cave naar de kroon steken. Het bleef een vreemde combinatie : de bijwijlen bombastische noise gekoppeld aan ritmes die uit de soundtracks van Ennio Morricone leken geslopen. Maar het werkte wonderwel en wanneer naar het einde toe de noise-erupties achterwege bleven bewees de groep ook het subtielere werk aan te kunnen.
Na hen verscheen op vrijdag een vol getatoeëerde John Dwyer in een tot op de draad versleten t-shirt (hij heeft er blijkbaar maar één) op het podium. Het duurde even voor de overige drie van Thee Oh Sees (San Francisco) volgden maar eenmaal kompleet barste de hel los. Zowel op het podium als ervoor. Dwyer leek beter dan ooit op zijn gitaar die hij meermaals als een soort oorlogswapen gebruikte. Er waren nog steeds die malle hoge stemmetjes van hem en Brigid Dawson terwijl eens te meer die fenomenale ruggengraat van de band opviel : tweede gitarist Petey Dammit!, die steeds beangstigend hard met zijn hoofd stond te knikken plus de nooit aflatende drummer Mike Shoun die zelfs tijdens de onderbrekingen (gebroken snaren) onverdroten verder mepte. Vuurwerk op de stage dus maar ook ervoor. Daar ging het er ongemeen heftig aan toe met talloze stagedivers en crowdsurfers. Thee Oh Sees maakten er een stormachtig feestje van waarin slechts tijdens het laatste nummer het gaspedaal werd losgelaten. Meteen een draak van een song vond ik maar toen een Française me onverwacht ten dans vroeg zag ik er plots toch nog enkele onvermoede kwaliteiten in. Na een eerste bisronde bleef het publiek koppig aandringen en na een schier eindeloze discussie verschenen Thee Oh Sees opnieuw op de planken. Helaas had de geluidsman toen de P.A. al afgesloten wat hem niet in dank werd afgenomen. Ik was reeds ver weg toen ik nog steeds verwensingen aan zijn adres door de lucht hoorde klieven.
Toen op zaterdag Shannon and The Clams hun opwachting maakten vielen er opnieuw diezelfde woeste, waanzinnige taferelen als bij Thee Oh Sees te zien op de Esplanade de la Banche. De volslanke Shannon (ook deeltijds lid van Hunx and his Punx) bleek wat overdonderd door die enorme respons en voelde zich duidelijk wat onwennig. Het verschil met zaaltjes als de DNA in Brussel, die ze tijdens deze tour aandeden, was dan ook zeer groot. Gelukkig had dat geen gevolgen voor hun muziek want die klonk hemels. Deze groep uit Oakland, Californië bracht springerige fifties rock-'n-roll doorkneed met doowopvocals en op smaak gebracht met een fikse scheut punk. Shannon zorgde naast de bas meestal voor de leadvocals terwijl gitarist Cody Blanchard met zijn knetterend hoog stemmetje voor de heerlijke doowopeffecten zorgde. Achter hen hadden ze nog een niet te onderschatten schakel : een kampioen bekkentrekken op drums die af en toe beslist niet onaardig meezong. Hier absoluut geen gitaargeweld zoals bij Thee Oh Sees maar de afgeknepen gitaarnoten van Blanchard lieten het volk evengoed 't zwin deur de bjêten joagn. Toen ze Del Shannon's "Runaway" (een song die hen op het lijf geschreven is) inzetten was er vooraan helemaal geen houden meer aan. Het hoogtepunt van het festival. Hoewel! Op zondag zag ik ze nog eens terug op een afgeladen "de la Cloche" pleintje en die set die ze begonnen met "You will always bring me flowers" (mijn favoriete Shannon and the Clams-song) bleek zo mogelijk nog beter.
Nadat ze net die uitzinnige meute bij Shannon and The Clams gezien hadden dachten Waves Of Fury uit Londen blijkbaar gewonnen spel te hebben. Niet dus en het duurde even voor er wat beweging kwam in het fel uitgedunde publiek. Wat meteen opviel bij Waves Of Fury was dat die onwaarschijnlijk gekke stem van op hun plaat "Thirst" (op Alive Records) in het echt heel wat normaler klonk. De muziek van Waves Of Fury omschrijven is geen kattenpis (vrij naar Jan Becaus). Powersoul met grote dosissen rhythm 'n blues, punk en zelfs jazz. Het lijkt een vreemde combinatie en dat was het ook. Soms verrassend sterk maar bij andere nummers wrong het dan weer een beetje. Uitblinkers bij dit vijftal waren de superbe saxofonist en Jamie Bird aan een stomend Rhodes-orgel. Ook Waves Of Fury zag ik een dag later terug op de Place de la Cloche en ook daar klonk de band van zanger-gitarist Carter Sharp een stuk beter dan op het grotere podium.
Op zondag verscheen Mikal Cronin meer dan een half uur te laat op de afspraak maar dat had waarschijnlijk veel te maken met het feit dat Shannon and The Clams toen nog op la Cloche bezig waren en al wie hen de dag voordien gezien had wou daar natuurlijk bij zijn. Mooie zet dus van een overigens prima organisatie, zo zag ook ik Mikal Cronin zeer sterk beginnen. Maar toen de nieuwe nummers eraan kwamen zakte de pudding zienderogen in elkaar. De laatste plaat "MCII" is dan ook, ondanks alle lovende recensies, een wat halfbakken werkstuk. En door de volumeknop wat verder open te draaien kon Cronin dat niet verbergen. Gelukkig voor hem liet de harde kern vooraan dat niet aan hun hart komen en zagen we weeral veel voeten en armen door de lucht zwieren. Hoe meer de set vorderde hoe meer Cronin zich liet verleiden tot oeverloze gitaarorgieën. Zelfs bisnummer "Whole wide world" (Wreckless Eric) eindigde met minutenlang gierende gitaren. Mikal Cronin kwam nog een tweede keer terug, helemaal alleen. Maar die slotsong ging grotendeels de mist in omdat hij zijn lach, om de uitzinnige toestanden voor hem, niet kon onderdrukken. Een heetgebakerde fan slaagde er zelfs in om zijn micro mee te grissen maar ook dat incident werd diplomatiek opgelost terwijl Cronin bijna de slappe lach kreeg.
Het was een mooi festival geweest met als uitschieters David Evans, Thee Oh Sees, The Feeling Of Love en Shannon and The Clams. Het laatste wat ik zag in Binic was Clams-gitarist Cody Blanchard die geduldig stond te wachten aan het wafelkraam. Hier zijn nog steeds geen grenzen tussen artiesten en toeschouwers.

Organisatie: Binic Folks Blues Festival

Lokerse Feesten 2013 - DAG 02: Enter Shikari – Killing Joke – Iggy and The Stooges

Geschreven door

Lokerse Feesten 2013 - DAG 02: Enter Shikari – Killing Joke – Iggy and The Stooges
Lokerse Feesten 2013
Grote Kaai
Lokeren

In de frontruimte was er nogal wat uitzinnig jong volk bijeengekomen voor de uiterste explosieve hardcore-metal-punk-dubstep cocktail van het hyperkinetische combo Enter Shikari. Je moet er van houden, want het is nogal een chaotische  bedoening, maar we moeten toegeven dat die gasten een tomeloze  energie verspreidden die bij de ene zwaar op de dansspieren en bij de ander dan weer op de zenuwen werkte. U maakte zelf uw keuze. De toog was een optie, maar wij bleven in de frontzone.

Hoewel de laatste vier studio platen van Killing Joke stuk voor stuk pure granietbommen zijn, koos de band vanavond vooral voor hun jaren tachtig werk. Ook goed, zeg maar, want die klassiekers van het eerste uur waren even krachtig en barstten van de spanning. Wat dacht u van een openingssalvo met “Requiem” en “Wardance”, twee loeiers die de trend zetten voor wat een vette, bezwerende en retestrakke set zou worden. Zelfs “Love like Blood”, het hitje waar wij nooit echt zitten op te wachten, was stevig en voorzien vaneen extra portie gif. Voeg daar nog een snerend “Pandemonium”,  een opgejaagd “Eighties” en een extatisch “The Wait” aan toe, en je hebt alle ingrediënten om van een mokerslag van een concert te spreken.  Op de koop toe kregen we toch nog twee absolute rauwe splinterbommen uit die laatste fameuze plaat ‘MMXII’ , het razende “Rapture” en het vlijmscherpe “Corporate Elect”, allebei rauw en bezeten.
De band stond bovendien op scherp, Jaz Coleman was weer volledig zijn eigenste zelve, hij spuwde vuur met zijn ogen en stond als een bezeten sjamaan zijn songs te prediken, It’s a madness zong hij  in “Madness”, en dat was een understatement. De gitaar van Geordie sneed op die typische kurkdroge manier door merg en been en de drums hitsten het gans zootje nog wat meer op. Het enige dat niet echt in het duistere plaatje paste was het Hawai hemdje van bassist Youth.
Killing Joke zijn overlevers van de jaren tachtig maar zijn op vandaag nog één van de meeste opwindende bands die een mens op een podium kan aanschouwen.

Geen idee hoe hij het blijft klaarspelen, maar Iggy is op zijn 66 ste nog altijd één van de meest zotte en energieke podiumbeesten op deze aardkloot.  Als Iggy het podium bestijgt, ontploft het boeltje, zo ook alweer in Lokeren. De gortige en tijdloze oerrock die The Stooges er met een onuitputtelijke geestdrift door ramden, was nog maar eens gloeiend, razend en bijzonder explosief. Rauwe lappen proto punk als “Raw Power”, “I got a right”, “Search & Destroy”, “No Fun” en natuurlijk “I wanna be your dog” brachten moshpitgewijs de nodige ambiance in de keet.  “Gun” en “Ready to Die” waren de enige twee songs uit dat nieuwste Stooges album en ze bleven al bij al nog overeind tussen dat klassieke geweld,  het zijn dan ook de zeldzame betere passages uit dat werkje. De gretige Iggy Pop haalde ook nog eens een driftig “The Passenger” uit de kast om er dan uiteindelijk een finale lap op te geven met de meest vunzige en smerige punkrocksongs “Penetration”  en “Your pretty face is going to Hell”. Niet minder dan geweldig. Raw Power !


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013-dag-2/
Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Lokerse Feesten 2013 – DAG 01 – The Opposites – Tinnie Tempah – Pitbull - zwoele start!

Geschreven door

Lokerse Feesten 2013 – DAG 01 – The Opposites – Tinnie Tempah – Pitbull - zwoele start!
Lokerse Feesten 2013
Grote Kaai
Lokeren

The Opposites kregen op de 38ste editie van de Lokerse Feesten de ondankbare taak het festival te openen!  Het publiek moest alvast niet opgewarmd worden want het was om 20u nog zeer zwoel op de heetste dag van het jaar.  Misschien zelfs te warm want het plein was maar half gevuld en de toeschouwers waren vrij mak.  Maar de gekke Noorderburen hebben intussen zoveel podiumervaring  en lef dat ze op heel verdienstelijke en aanstekelijke wijze naderhand toch nog best veel beweging in het publiek kregen. Vooral de oude en recente hits misten hun effect niet en zorgden zelfs voor een paar ‘circle pitjes’ en andere danspasjes.  “Hey DJ”, “Sukkel voor de liefde”, “Slapeloze Nachten”, “Licht uit” (en ook shirts uit) en “Broodje Bakpao”… stuk voor stuk gekend bij het jonge volkje en bijgevolg ook zonder moeite meegebruld.  Tegen dat de finale werd ingezet met het bonkende “Thunder” stond het plein al voor 2/3 vol en was de ambiance al dik in orde.  Een pluim voor de jongens van The Opposites en een fijne opener van de feestweek.

Toen was het tijd voor Londenaar Tinnie Tempah met zijn mix van hip hop, pop, r&b en electro/dancebeats.  De gespierde kleurling was vergezeld van een collega rapper/DJ die weliswaar een minder imposant figuur had maar evenzeer goed van stem bleek.  Mister Tempah wisselde oude nummers en hits af met nieuwe songs die normaal in november verschijnen op de CD ‘Demonstration’.  Vooraan in de set zaten o.a. “Till i’m gone” (met Wiz Khalifa) en het epos “Wonderman”.  Op het meeste bijval konden de nummers rekenen van de CD ‘Disc-overy’ uit 2010 : “Written in the stars” of de recentste single “Trampoline” van ‘Demonstration’.  Net zoals bij de collega’s van The Opposites werden ook hier de t-shirts uitgespeeld en werd het publiek gevraagd om mee te ‘helikopteren’.  Als beloning werden de voorste rijen na het nummer “Drinking from the bottle” getrakteerd op schuimwijn die in goed oude Formule 1-stijl de massa werd ingespoten. Knappe en energieke set van een topartiest die afsloot met zijn meest succesvolle song “Pass”.  De fans waren laaiend enthousiast en dat was helemaal terecht!

Mister Worldwide alias Pitbull zou in Lokeren voor het eerst op Belgische bodem een concert geven en dat zullen de toeschouwers geweten hebben.  Fijn dat niet alleen Pitbull maar ook een ganse liveband was meegekomen naar Lokeren, geflankeerd door 4 wulpse danseressen die om beurten hun diensten mochten aanbieden aan de zanger.  Hoewel in het begin het geluid niet 100% ok zat, was toch al vlug duidelijk dat Pitbull een waar feestje zou bouwen op de kaai…met veel show, machopraat, sexy moves, samples enz. 
Hij speelde wel op veilig, de kale entertainer, en liet zich bij de meeste van zijn ‘duetten’ bijstaan door een reuze videowall met de gekende sterren op de achtergrond.  Shakira, Enrique Iglesias, J Lopez enz. passeerden allemaal de revue, zowel in klank als in beeld.  Samples van Beastie Boys, A-Ha, Survivor, White Stripes en andere doorspekten eveneens de set en hielden het tempo en de herkenbaarheid zeer hoog.  Al klonk het soms allemaal wel wat spontaner dan het in werkelijkheid was.  Het publiek smulde ervan en ging zonder problemen uit de bol.  Pitbull liet het zich welgevallen en genoot zichtbaar van zijn glorietocht. 
De opbouw van de set was ook heel duidelijk goed overwogen en uitgebalanceerd.  Het was een aaneenschakeling van hits en uptemponummers afgewisseld met telkens een ‘Spaans’ intermezzo van zo’n 10 à 15 min.
Het moet gezegd dat de liveband het er heel voortreffelijk vanaf bracht en bestond uit topmuzikanten die bewezen dat de ’studiomuziek’ van Pitbull toch wel meer om het lijf heeft dan iedereen zou denken.  De afwezigen hadden ongelijk en de aanwezigen veel plezier!  De setlist was te lang om alle hits en hoogtepunten hier te vermelden maar absoluut te vermelden zijn toch wel de nummers “International Love”, “Get it Started”, “Rain over me”, “Feel this Moment” en het afsluitende “Give me everything”.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2013-dag-1/
Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

The Joy Formidable

Wolf’s law

Geschreven door

Het uit Wales afkomstige trio The Joy Formidable zijn aan hun tweede plaat toe. Na ‘The big roar’ is er ‘Wolf’s law’ , die in dezelfde lijn ligt als de eerste, waarbij de nummers iets minder vonken bevatten en uit elkaar spatten ; maar aan energie , opwinding , dynamiek , intensiteit en emotionaliteit geen gebrek . De sound blijft jachtig , slepend ,  gedreven en explosief , wat het sympathieke trio zo uniek maakt . 
De eerste songs “This ladders is ours”, Cholla”, “Tendons” zijn de muzikale barometer van de plaat , melodieuze indierockende shoewave, strak , bezwerend en catchy , gedragen door de kracht en sterkte van de indringende vocals van Ritzy Bryan . Hoogtepunten zijn midden de cd te vinden met “The maw maw song”, “Forest serenade” en “The lung”. Fraai opgebouwde composities , die opgefokt, noisy kunnen zijn en kippenvel kunnen bezorgen door de gitaarerupties en de aanhoudende spanning . Af en toe wordt er vaart terug genomen en noteren we enkele vertederende rustpuntjes  als “Silent treatment” en afsluiter “The turnaround”.
Live zorgt de band voor splinterbommen , gecontroleerde chaos, waarbij ze alle registers opentrekken en durven te exploderen . Tonnen enthousiasme en gretigheid. The Joy Formidable is en blijft Formidabel , Ongelofelijk!

Yeah Yeah Yeahs

Mosquito

Geschreven door

Het NYse Yeah Yeah Yeahs zijn back en leveren een aardige return af met de nieuwe plaat ‘Mosquito’ , die ‘It’s blitz’ van 2009 opvolgt . Naar het grote publiek was deze plaat de doorbraak met “Heads will roll”, “Zero” en “Skeletons” . Een gepolijster geluid , meer synths, meer groovy beats of langs de andere kant een bredere sfeervolle , dromerige aanpak.
‘Mosquito’ hangt ergens tussen hun eerste platen ‘Fever to tell’ – ‘Show your bones’ in, door die dreiging , scherpte,  gekte,  die unieke broeierige spanning van hobbelige gedesoriënteerde  ritmes en donkere tunes , naast de toegankelijkheid en intensiteit van hun derde cd . “Sacrilege” en “Subway “ zetten in het begin precies die toon . Er zitten enkele fletse nummers tussen, maar wordt verder voldoende opgevangen door de deels hyperkinesie, de garagepop en de helder indringende gil- schreeuwzang van Karen O. Op die manier komen we dan aan een reeks overtuigende songs als “Under the earth” , “Slave” en “Area 52”, melodieus naar ‘80s retro wave ruikende songs die live zelfs een nog meer snedig , scherp, fel, verbeten randje krijgen . Toegegeven die boosts van duivelse dissonantie en uptempo electrorock van vroeger is er niet meer, maar in de subtiliteit die ze regelmatig aan de dag leggen , hoor je nog steeds ergens dat rauw rommelig rock’n’roll geluid , wat een geslaagde comeback inluidt, een vierde Y(es)  !

James Blake

Overgrown

Geschreven door

Toen de jonge talentvolle sing/songwriter en geluidskunstenaar James Blake debuteerde enkele jaren terug werd hij tegen wil en dank hip en populair met z’n originele aanpak van Feists “Limit to your love” . Een apart trippend geluid dat balanceert tussen toegankelijkheid, en experiment, bevreemdend, spookachtig als dromerig, gevoelig . 
Een klasse artiest , die speelt met sounds en beats en over twee jeugdvrienden beschikt die muzikaal handig op de kar springen !
De opvolger ‘Overgrown’ is opnieuw een intrigerende plaat; een gevoel van balans ervaren we, een vol, schoon trippopgeluid dat getuigt van finesse, beheersing én gewaagd kan zijn. Weerbarstige donkere huiverende triphopsounds , rollende dubstep/basstunes , waarover lagen gitaar en drums worden verweven en waarover z’n emotievolle indringende vocals zweven.
De songs zijn gevoelig , doordacht, een juiste dosering en timing in keys en synths , waarbij er kan gegoocheld worden met ritmes, echo’s , verre geluiden , stemsampling en af – en aanwaaiende stemmen .
Er valt hier op een erg gevarieerde wijze heel wat moois te ontdekken , is het nu “I am sold” , “Life round here” , de titelsong ; of gedurfder met “Digital lion”, “Our love comes back” en de bonus “Eveyday I ran” ; of “Take a fall for me” met RZA als rapper of de gewaagde intimiteit van “DLM” . Die afwisseling biedt een wonderschone , warme , gestructureerde plaat!

Pagina 625 van 964