logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15471 Items)

Gèsman

Omplof!

Geschreven door
Gèsman,  een Kortrijks zevental,  zingt in de eigen streektaal op de tweede cd ‘Omplof!’, opvolger van het debuut ‘Slicht van ’t eten’ uit 2004. De tweede cd  is een frisse, luchtige, vrolijke en ontspannende plaat van twaalf nummers. Het ludieke gezelschap deed beroep op Wim Opbrouck (op “www.godchristus.com”) en Isolde Lasoen (drumster bij Daan en Billie King), backing vocals op de openingssong “Puree” en “Marie Hélène”, één van de sterkste songs op de cd. Fijne pop horen we op “Red min vel”, en “Klwotzak”  onderscheidt zich door z’n intrigerende opbouw met strijkersarrangementen.
Gèsman is de muzikale formule van Doe Maar en Kowlier; door de blazersectie, country en wals is er een vleugje Calexico op te merken. 
Gèsman zit op het ‘Mooi’, een sub label van Play Out (zie Arsenal en Billie King) en trok Reinhard Vanbergen van Das Pop aan als producer. 
‘Omplof!’ is een uiterst gevarieerde cd, kleinkunst, pop en rootsrock zijn met elkaar gelinkt.

Deerhoof

Friend Opportunity

Geschreven door
Uit het onbeminde landschap van de indiepop maakte ik kennis met Deerhoof uit San Francisco, al tien jaar actief en aan hun negende plaat toe. ‘Friend Opportunity’  een dromerige, sfeervolle plaat, onder de frêle hemelse vocals van de Japanse Satomi Matsuzaki, doet muzikaal denken aan de sound van Stereolab, Blonde Redhead en Electrelane. De songs worden bepaald door elektronica, repetitief opbouwende gitaarlijnen, een bezwerende percussie en een dosis experiment. 
De band biedt een pak contrasten door de onverwachtse wendingen en balanceert tussen breekbare pop en avantgarde, luister maar naar “The perfect me”, “+81” en “Believe e.s.p.” Het gezelschap klinkt krachtiger op “Cast off crown” en “Matchbook seeks maniac” lijkt het ideale popnummer. Het ruim tien minuten durend afsluitende avontuurlijke “Look away” is een vingeroefening in gitaarlijnen.
Origineel doordacht plaatje!

John Cale

Circus live

Geschreven door
In de lange carrière van John Cale is dit zijn derde live album na het denderende en ruige ‘Sabotage’ uit 1979  en het eerder makke ‘Comes alive’ uit 1984. Deze keer is het wel een dubbellaar geworden, en voor de freaks is er ook nog eens een DVD bijgevoegd.  Cale, die met de jaren laveert tussen rockmuziek, soundtrack en puur klassiek heeft zich met dit live album terug toegespitst op zijn rockperiode en zorgt hier voor een eerder willekeurig overzicht van zijn repertoire aangevuld met een handvol songs uit zijn laatste twee platen ‘Hobo sapiens’ en ‘Black Acetate’.
Ook zijn VU verleden komt aan bod met een mooi “Venus in furs” als opener van de plaat, maar hetgeen hij iets verder met “Femme fatale” aanvangt is heiligschennis. Wat normaal een prachtige emotionele songs is verwordt hier tot een vervelende en eentonige elektronica trip.
Uit Cales omvangrijke solo catalogus noteren we een fel rockend “Helen of troy” en dito “Dirty ass rock’n’roll”. De bandleden spelen strak en vooral gitarist Dustin Boyer laat zich verschillende keren van zijn beste kant horen. Ook de Rufus Thomas klassieker ‘Walking the dog’ is nog steeds één van Cale’s favorieten en krijgt een sterke freaky versie mee. Mooie rustpunten zijn “Zen” en “Buffalo ballet”.
Maar helaas loopt het ook geregeld helemaal mis. Cale slaat op cd 2 te veel aan het experimenteren en verneukt zijn eigen en andermans songs. “Gun” duurt maar liefst dertien minuten en dat zijn er op zijn minst elf te veel, “Mercenaries” dat zo ruig en agressief klinkt op ‘Sabotage’ is hier een monotoon elektronisch zootje, “Style it takes” is onbegrijpelijk flauw en slap en “Heartbreak hotel”, op een Cale concert normaal altijd een intens kippenvelmoment, is compleet ondermaats, veel te lang en wekt géén greintje emotie los. ‘Pablo Picasso/Mary Lou’ is dan wel weer een schot in de roos, het klinkt bijzonder ruig en spannend en is met zijn 12 minuten nog géén seconde te lang.

Cale heeft de fout begaan te veel aan zijn eigen songs te willen prutsen. Wat meer eliminatie en zelfkritiek hadden wonderen kunnen doen. John Cale had hier één geweldige live plaat kunnen uit puren, maar op dit dubbelalbum staat te veel kaf tussen het koren.
Het betere live album van John Cale is met voorsprong nog steeds het briljante, ruige en gedurfde ‘Sabotage’. Koop die.


Bright Eyes

Cassadaga

Geschreven door
Bright Eyes het muzikale project van singer/songschrijver Conor Oberst. Hij bracht in 2005 zelfs twee cd’s uit, waarvan ‘I’m wide awake it’s morning’ ons sterk bijblijft. De inmiddels 27 jarige Oberst uit Nebraska stapte met de plaat ‘Cassadaga’ over naar een major label: melodieus fijne en subtiele, meeslepende, pakkende americana/country/folkpop. Hij zorgt voor een sfeervolle muzikale variëteit van gitaar, steelpedal, piano, toetsen en strijkersarrangementen onder een soft bezwerende percussie en diens emotievolle stem. Gastrollen zijn weggelegd voor M. Ward en Gillian Welch.
Creativiteit en stijlvariatie is te horen op de ingetogen “If the breakman turns my way” en “Soul singer in a session band”,  er zijn het intieme “Middleman”, het sfeervolle “Classic cars” en het dromerige “No one would riot for less”. Hij laat folkpop klinken op “Hot knives” en op “Cleanse song” en “Coat check dream song”  treedt ‘geluid’ in de brede zin van het woord op het voorplan. Kortom, 'Cassadaga' is opnieuw een uitstekende plaat van een 'open mind troubadour'.

Rock Werchter 2007: donderdag 28 juni

Geschreven door
Rock Werchter had opnieuw een schitterende affiche klaar. Grotendeels gespaard door de weergoden was het vierdaagse festival muzikaal hoogstaand. De headliners Beastie Boys, Muse, Queens Of The Stone Age, Pearl Jam, Keane, The Chemical Brothers, Metallica en Faithless bevestigden (wat vorig jaar anders was).

De nieuwe generatie Britse en Amerikaanse bands en het handvol Belgische bands (glansrol voor Goose) overtuigden.
Een tevreden publiek, een tevreden reporter..moet er nog meer muziek zijn?

Billy Talent (Main Stage )
mocht, naast Milow in de Marquee, het festival voor geopend verklaren.
Het Canadese gezelschap nestelt zich binnen de emorock en heeft met “Fallen leaves” al een fijn hitje op zak. Zanger Benjamin Kowalewicz deed vocaal denken aan Zack de la Rocha van RATM. Ze trokken alvast fel van leer met songs als “How it goes” en “Devil”. Ze wisten een pak jongeren te boeien met “Try honesty” en “Fallen leaves”. Een potig, dynamisch setje van een veel-in-dozijn-bands. Goede aanzet van het vierdaags festival.

Het Limburgse Zornik (Main Stage) op z’n beurt, heeft een nieuwe cd ‘Crosses’uit, en warmde zich al op in de Lotto Arena, een paar maand geleden. Vooraan het podium was het duidelijk dat Zornik jonge meisjesharten bekoorde. Koen Buyse trad op met 40° koorts, wat niet belette om er meteen in te vliegen met “Lost and Found”. De groep haalde z’n Afrekening hits uit de kast: “Believe in me”, “It’ so unreal” , “Scared of yourself” en “Black hope shot down”. De four-men-in-black beklemtoonden het recentste album. Live result: net zoals bij hun laatste doortocht moeten we besluiten dat de songs van Zornik op zo’n groots podium net onvoldoende beklijven!

Het jonge Britse Air Traffic (Pyramid Marquee) intrigeerde met hun fijne, subtiele gitaarpoprock die de ene maal snedig klonk, de andere maal ingetogen. Het publiek maakte kennis met hun melodieus opgebouwde emotievolle songs. Een overtuigende set, met een uitgelaten zanger op toetsen en piano. Air Traffic plaatste zich ergens tussen Bloc Party, Franz Ferdinand in de krachtige songs als de single “Just abuse me” en door het intense pianospel aan Keane en Coldplay. Tof bandje, die zich meteen onderscheidde. Het wordt uitkijken naar het te verschijnen debuut.

My Chemical Romance (Main Stage) maakt deel uit van een nieuwe lichting emoglampoprock als Fall Out Boy, Lostprophets en Panic! at the Disco. Ze hebben al een pak hits afgeleverd met hun recentste cd. Het vijftal uit New Jersey  profileerde zich als een stadion rock band, refererend aan Queen en Smashing Pumpkins. Ze speelden een afgelijnde set, maar het hoofdpodium was iets te hoog gegrepen om aanhoudend te boeien. De glans was er met songs als “Disappear”, “Welcome to the black parade”, “Helena”, “Famous last words” en het ingetogen “Cancer”.

Marilyn Manson (Main Stage)
de wereld van Marilyn Manson is er geen van engeltjes. De duivelse ‘Antichrist Superstar’ serveert een stevige portie donker dreigende industrial gothic metal. Sex, drugs, Caligula taferelen en Satanisme staan in mans muzikaal woordenboek. ‘Eat me, Drink me’ is de onlangs verschenen cd om onder de aandacht te brengen. Op het podium bleef de drive uit (aan de nieuwe songs schort er toch wat!) en was de act minder spectaculair dan verwacht: het bleef bij de zwarte klederdracht, kaarsen op het podium, een ‘lookalike’ vlijmscherp mes aan z’n microfoon, en veel schmink! Op de koop toe viel het geluid een paar maal uit. Het waren opnieuw de covers “Sweet dreams” en “Tainted love” en enkele onversneden oude songs als “The dope show” die de set boeiden. Het rookgordijn en de snippers op het eind konden de gig niet redden. Zette Brian Warner  z’n definitieve passen in het hellevuur?!

Beastie Boys (Pyramid Marquee)
Een afgeladen Marquee zag de drie dolle veertigers AdRock, MCA en Mike D op hun best. De voorbije tournee was geslaagd, doch rommelig, met een pak punkrocksongs. De drie MC’s (in maatpak), hun dj (Mixmaster Mike) en hun band (waaronder toetsenist Money Mark) stonden op scherp en serveerden een aanstekelijke, dynamische en opzwepende cocktail van rock, hiphop, soul, funk en ‘70’s psychedelica, onder een spervuur aan raps en scratches. 
Al van in het begin van de set maanden de drie MC’s het publiek aan om elkaar te helpen, want het ging er vooraan nogal heftig aan toe door de snel op elkaar volgende punkrocksongs “Time for living” en “Egg grid”. De lange afwezigheid van The Beasties zal daar wel voor iets tussen hebben gezeten! “Root down” zette de toon van hun twintigjarige carrière: van “Triple trouble”, “Sure shot”,  “Body movin’”, “Super disco breakin’” tot de oude oldschool “Brass monkey”, hun eerste single ooit! Deze nummers werden mooi afgewisseld met instrumentale funky soulpop van de nieuwe cd ‘The Mix Up’.
The Beastie Boys zetten de tent op z’n kop:  “So what’cha want”, “Remote control”, “3 MC’s & 1 DJ”, “No sleep till Brooklyn”, “Check it out” en “Intergalactic”. “Sabotage”,  aan het adres van de President of the United States, mocht totally weirdo de set besluiten. Wat een wervelwind in de Marquee!

Van de ene naar de andere wervelwind, want Muse  trad aan op de Main Stage, als afsluiter van dag 1. Het Britse drietal, onder Matthew Bellamy, live met vier, dwingt respect af  van wat ze op een kleine zeven jaar hebben verwezenlijkt: pittig verbeten en sfeervolle gitaarrock en bombast kunnen overbrengen in bruisende livesets.
Vorig jaar waren we onder de indruk van hun optredens op Werchter (toen was net ‘Black Holes & Revelations’ uit) en in zaal te Lille en te Antwerpen, hun indrukwekkende lightshow en het decor van een veelhoekige kap over de drums. Het goed op elkaar afgestemde viertal speelde een stevige set; af en toe  namen ze gas terug. “Knights of Cydonia”, “Hysteria” en “Map of the problematique” wisselden ze af met aanstekelijke songs als “Feeling good en “Sunburn”. We fronsten de wenkbrauwen van wat Bellamy uitvoerde op z’n gitaar; hij manipuleerde zelfs het geluid met een (resonantie)plaatje (cfr. Mark Bell bij de Björkset).
De groep zag, kwam en overwon: “Invincible”, “Starlight”, “Time is running out” en in de bis ‘Newborn”, “Plug in baby” en “Take a bow”. Ze gingen erin als zoetenkoek!
Wat een gemotiveerde, alles gevende band en een sterke respons allemaal niet oplevert.

Organisatie: Rock Werchter (Live Nation)

Friction Athletic

Within Walking Distance

Geschreven door
Friction Athletic  staat garant voor fijngevoelige dromerige melodieuze gitaarpop die af en toe iets krachtiger klinkt. De vier songs op de EP zijn subtiel uitgewerkt en hebben een mooie samenzang. De band behoudt een back to basics geluid. “She looks great” is de eerste single en vormt alvast het muzikaal gezicht voor de groep. Nu de airplay voor hun vaardige pop!
Info op www.frictionathletic.be

 

Awesome Color

Awesome Color

Geschreven door
Deze plaat is al een tijdje uit maar heeft nu pas in Europa een beetje bescheiden aandacht gekregen. Awesome Color zijn drie jonge gastjes uit de States en ze hebben alle drie ongetwijfeld hun exemplaar van de Stooges klassieker ‘Fun house’ grijsgedraaid. Met dit sterke debuut hier hebben ze ook een betere plaat gemaakt dan The Stooges’ laatste ‘The weirdness’.
De band is opgepikt door Sonic Youth boegbeeld Thurston Moore, een man met een neus voor nieuw jong geweld, of bent u misschien vergeten wie destijds Nirvana aan de wereld heeft voorgesteld ? Of het met deze Awesome Color ook zo’n vaart zal lopen als met Cobain zijn bende weten we nog niet. Daarvoor zijn er, vrezen wij, net iets te veel bandjes die de gitaren laten janken en scheuren. Maar deze gasten doen het toch wel met de nodige punch, met een handvol goeie songs en met een gezonde Stooges fixatie.
Opener “Grown” is een hete brok “TV eye”, elders klinken ze als een borrelende smeltkroes van Hawkwind, Black Sabbath  en Mudhoney. Afsluiter “Animal” is een gedurfde jam waar sax, harmonica en gitaren de boel openrijten. Benieuwd naar het vervolg van dit potig plaatje.

The Poodles

Metal will stand tall

Geschreven door
Bedenk een belachelijke groepsnaam. Maak een lelijke, gedateerde albumcover en verzin een albumtitel die allesbehalve de lading dekt. Tot daar zowat alles wat The Poodles verkeerd deden bij het uitbrengen van hun debuutplaat: ‘Metal Will Stand Tall’. Of zit achter dit alles een echte strategie?
Maar de lading (de songs dus) ….dat is andere koek en een verrassing van jewelste!! Want ‘Metal Will Stand Tall’ is een erg geslaagde, gevarieerde melodische rockplaat! De band nam in 2006 deel aan de Zweedse preselecties voor het Eurosongfestival met de song “Night Of Passion”, een track die ook op dit album staat. Al vanaf opener “Echoes Fom The Past” is het genieten van een hele sterke band waarbij vooral zanger Jacob Samuel positief opvalt. Hij beschikt over een zeer krachtige rockstem die verschillende klankkleuren kan neerzetten. Soms lijken er meerdere zangers aan het werk te zijn want in “Song For You” is het alsof je Joey Tempest hoort zingen. Deze laatste song is een verbluffend staaltje van lef en originaliteit want “Song For You’ is een mix van rock en de operagezangen van Jonas Samuelsson – Nerbe. De cover van Ultravox  “Dancing With Tears In My Eyes” is echter wat goedkoop en verbleekt bij het origineel. Alle songs hebben een hoog ‘singalong’ gehalte en bijzonder sterke melodieën. Deze ‘Metal Will Stand Tall’ klinkt supermelodieus, heeft sterke songs en is een bruisende mix van Melodic Rock, A.O.R., een vleugje Opera en Metal. Scandinavië boven!! Lang leve The Poodles.

 

The White Stripes

Icky Thump

Geschreven door
Om de twee jaar horen we van broer en zus Jack en Meg White. The White Stripes leverden in 2003 het succesalbum ‘Elephant’ af;  “Seven nation army” was de absolute meezinger van de cd! De opvolger ‘Get behind me Satan’ gaf  hun onvervalste rock’n’roll sound een bredere klank door piano, marimba en akoestische gitaar. 
De zesde cd ‘Icky Thump’ behoudt het muzikaal uitgangspunt van gitaarrock’n’roll die de wortels met de blues en folk niet verliest. De plaat overtreft vroeger plaatwerk. Het resultaat is opwindend, bedreven, intens meeslepend en emotievol, waarin ruimte is voor Jacks scherp en rauw gitaarspel,  z’n snerpende, jankende gitaarsoli, en Megs eenvoudig opzwepende drums.
“You don’t know what love is”, “300 MPH Torrential Outpour Blues”, “Bone broke”, “Little cream soda”, “Rag and bone”, “I’m slowly turning into you” en de titelsong zijn rauw, melodieus, stevig en verweven ‘70’s psychedelica in hun sound. Wortels aan de blues zijn te horen op de afsluitende tracks “Catch hell blues” en “Effect and cause”. Huiveringwekkend. En het mag weirdo klinken op “Conquest”, een ‘50’s Mexicana song met mariachi trompet en op de folky “Prickly thorn, but sweetly worn”, gelinkt aan “St . Andrew (this battle in the air)”, ode aan hun voorouders te Schotland met doedelzak, melodica, …
Wat een muzikale spanning. Adembenemend! ‘Icky Thump’ is een intrigerende trip van een duo die op hun eigen unieke manier de rock’n’roll paden verkent.

Low

Drums And Guns

Geschreven door

Low, onder Alan Sparhwk en Mimi Parker (Matt Livingstone op bas), heeft de opvolger klaar van ‘The great destroyer’ uit 2005. Een rockende plaat die met ‘Drums And Guns’ opnieuw wordt afgewisseld met slowcoresongs onder Alans diepe en Mimi’s breekbare stem: spaarzaam begeleid en bepaald door weirdo elektronica, pianoloops, percussie en feedbackgeraas; een  repetitief, traag doch spannend donker, dreigend, slepend ritme. Resultaat: beklemmend en huiveringwekkend materiaal, waarbij moord, dood en verderf de centrale thema’s zijn. “Pretty people”, “Dragonfly” en “Murderer” zijn de mooiste voorbeelden.
“Always fade”, “Hatchet” en “Take your time” zijn een aangename verfrissing binnen de mysterieus voortkabbelende songs.  En The Beatles & The Stones worden zelfs geëerd in één van de songs door het Amerikaanse drietal!
Op “Dust on the window” is een hoofdrol weggelegd voor Mimi’s zang.
'Drums And Guns' is een gewaagde muzikale trip en heeft een kaal geluid met veel elektronica.



Damien Rice

9

Geschreven door

Damien Rice, een Ierse singer/songwriter, onderscheidde zich op een paar jaar tijd met twee cd’s. ‘O’, twee jaar terug,  was een ontroerende, melancholische breekbare plaat, met een knipoog naar Jef Buckley. Rice ontpopt zich als een troubadour op ‘9’, want z’n ingetogen gitaarliedjes worden doordrenkt met breed uitwaaierende arrangementen en een vleugje freefolk: van intiem pakkend, broeierig, stevig tot bombast. Het maakt van ‘9’ een afwisselend plaatje.
De cd begint met de single “9 crimes”, vocaal ondersteund door Lisa Hannigan. Het betekende z’n doorbraak naar een breed publiek.
Songs als “Elephant”, “Coconut skins”, “Me, my yoke +” en “Grey room” hebben een prachtige opbouw, zijn forser en krachtiger en ondergaan diverse tempowisselingen. Op “Rootless tree” kan hij zelfs menig postpunkbandje aan! Of hij gaat intiem te werk; luister maar naar “The animals were gone”, “Dogs”, “Accidental babies” en “Sleep don’t weep” (opnieuw met Lisa Hannigan);  piano, akoestische gitaren en de vocals bepalen de songs. Damien Rice slaagt op deze tweede plaat z'n songs onder te dompelen in allerlei sfeerscheppingen. Meeslepende melodramatische muziek!


Wallace

Out through the door

Geschreven door
Op deze demo, met als titel een flauwe woordspeling op het laatste Led Zeppelin album (nota bene ook hun slechtste), doet Wallace de nodige moeite om een soort power-rock te produceren met overduidelijk Queens of The Stone Age in het achterhoofd. Om ook maar tot aan de hielen van hun grote voorbeelden te komen zullen ze nog vele watertjes moeten doorzwemmen. Laten we deze demo dan maar beschouwen als een verdienstelijke poging. Er is nog werk aan de winkel. De sound mag iets potiger en als de songs ook wat meer diepgang zouden krijgen dan staan ze al een heel eind verder. Snel terug het repetitiehok in en doorwerken.

Arctic Monkeys

Favourite worst nightmare

Geschreven door
Arctic Monkeys was dé revelatie van het jaar 2006. Met hun vlijmscherpe debuut ‘Whatever people say I am, that’s what I’m not’ overschaduwden ze alle andere nieuwe Britse bandjes die al eens tot de nieuwste hype werden uitgeroepen.
De lat hebben ze voor zichzelf onnoemelijk hoog gelegd, maar kijk, de nieuwste ‘Favourite worst nightmare’ is zowaar nog vinniger en spannender dan het debuut. Dit is meer dan bevestigen, dit is zichzelf overtreffen. Nergens is een zwak momentje te bespeuren, dit is pure energie en klasse van een stel piepjonge lefgozertjes die verduiveld goed met hun instrumenten weten om te springen. De gitaren zijn lekker hard en strak, de songs hebben allen vuurwerk in zich, de tempowisselingen zijn steeds verrassend en de ritmes zijn immer aanstekelijk.
Eerste single “Brainstorm” is een moordende binnenkomer en zet meteen de toon voor een plaat die net nog iets straffer en harder is dan ‘Whatever…’. Het strakke tempo wordt verdergezet met loeiers als “Balaclava” en “Fluorescent adolescent”, misschien wel de beste song van de plaat. Heel even wordt wat gas teruggenomen, “Only ones who know” is een aangenaam rustpunt die het beste van Billy Bragg voor de geest brengt, maar hierna wordt er terug gerockt dat het een lust is. Het fantastische “Do me a favour” begint nog vrij rustig om dan open te barsten tot een stomend en strak potje gitaarherrie, ook “This house is a circus” dendert geweldig door en vloeit over in een stuiterend en prachtig “If you were there, beware”. De plaat eindigt uiteindelijk iets rustiger met het steeds beter wordende “505”.
Een album met niets anders dan hoogtepunten en nu al een serieuze kandidaat voor de eindejaarslijstjes.

The Klaxons

Myths of the near future

Geschreven door
‘Myths of the near future’ is een titel op z’n plaats bij het Londense drietal; hun sound luidt een frisse wind in van Britpop, postpunk en dansbare wave. ‘New Rave’  wordt het omschreven, het Britse antwoord op de Amerikaanse punkfunk van LCD Soundsystem, !!!, Radio 4 en The Rapture.
De sound ligt ergens tussen bands als Happy Mondays, Oasis, Blur en de huidige lichting Franz Ferdinands en Bloc Party. Het geheel klinkt fris, aanstekelijk, opwindend en werkt adrenalised op de dansspieren. ‘Myths of the near future’ biedt vaart en ritme. The Klaxons onderscheiden zich samen met het Schotse Shitdisco binnen deze muzikale golf.
“Two receivers”, “Gravity’s rainbow”, “Forgotten works”  en “Magick” zijn nummers die snedig en dansbaar zijn. “Golden skans”, “As above, so below” en “Isle of her” zijn fijne popsongs en “Atlantis to interzone”, “It’s not overyet” en “Four horsemen of 2012” benaderen het sterkst het werk van Franz Ferdinand en The Futureheads.
Ze balanceren van chaos tot een gecoördineerd geheel;  kortom, er is voldoende afwisseling te horen.

Linkin Park

Minutes to Midnight

Geschreven door
Het Amerikaanse zestal uit LA nam Rick Rubin onder de hand voor de derde cd. Ze hebben lang op zich laten wachten om de opvolger klaar te hebben op ‘Hybrid Theory’ en ‘Meteora’.
De band, voortrekkers van de nu metal begin 2000, neemt deels afstand van de stevig gebalde sound en trekt de lijn door van ‘Meteora’ van een doorsnee rockband die de zang van Chester Bennington meer tot z’n recht laat komen tav de raps van Mike Shinonoda.
Er is sprake van fijne, uitgebalanceerde rock, luister maar naar “Shadows of the day”, “What I’ve done”,  “In pieces” en “The little things give you away”. Een uiterst sfeervolle band wordt het “Leave out all the rest”, “Hands held high” en “In between”. Het ‘oude vuur’ wordt aangewakkerd op “Given up”, “Bleed it out” en “No more sorrow”.
De band is radiovriendelijk geëvolueerd en kan eigenlijk niet meer tippen aan het verbluffende debuut. ‘Old’, ‘wiser’ en toegankelijker geworden?!

65daysofstatic

The destruction of small ideas

Geschreven door

Het Noord Engelse collectief 65daysofstatic blaast de postrock nieuw leven in. Ze zijn de overtreffende trap van bands als Mogwai en Explosions in the Sky en benaderen nog het best ons eigen Madensuyu.
Hun instrumentaal filmische sound ondergaat diverse tempowisselingen en gaat van zacht, sfeervol naar fors en krachtig tot luid en hard van overwaaiende distortion gitaren en opzwepende drums. Een fris avontuurlijke aanpak, waarbij in elke song de aandacht wordt behouden. Het gebruik van voorgeprogrammeerde (knisperende) elektronica, strijkers en gesamplede drumpartijen bieden een meerwaarde aan hun spannend broeierige sound. 
Op plaat klinken ze warm en lieflijker; live zijn ze als een windhoos: verbeten explosief! De opvolger van ‘One time for all time’ gaat dus van muzikale chaos tot een gecoördineerd geheel.
“When we were younger & better”, “Don’t go down to sorrow”, “These things you can’t unlearn” en “The conspiracy of seeds” zijn kippenvelsongs:  ze hebben een intrigerende opbouw, zijn mooi uitgesponnen, grijpen je bij het nekvel en blazen je met de rug tegen de muur. Wat een contrasten van een opwindende band!


Patti Smith

Patti Smith: rock’n’roll dame met een boodschap

Geschreven door
‘Full respect’ voor de zestigjarige rockdichteres die momenteel al zo’n kleine 25 jaar bezig is. Zij ontfermde zich na de plaat ‘Waves’ (’79)  gedurende een tien jaar over haar gezin (ze was getrouwd met Fred ‘Sonic’ Smith van MC 5 in’80 die in ’94 overleed) en kwam in ’88 terug met ‘People have the power’.
Patti Smith
is het toonbeeld van vrede, vrijheid, gelijkheid en solidariteit; ze oppert voor een betere wereld en communicatie (no suffer, no war). Refererend aan de hippie ‘70’s zijn deze thema’s nog steeds brandend actueel! Tweemaal was ik al onder de indruk van haar live performances: op Folkdranouter, ruim vijf jaar terug, en in 2004 op het Cactusfestival te Brugge. Ze bracht dit voorjaar een coverplaat uit, ‘Twelve’, songs van anderen die ze op unieke wijze aanpakte.
Patti Smith kreeg al een medaille van Officier in de Orde van Kunst en Letteren en ze trad toe tot de befaamde Rock And Roll Hall of Fame.

Onder luid applaus werd ze verwelkomd en kwam ze het podium op met hoed en gehuld in een t shirt met vredessymbool. Samen met haar vaste begeleidingsband Lenny Kaye, Tony Shanahan en Jay Dee Daugherty speelde ze een ‘Best of’, gretig puttend uit haar ‘70’s platen, was er aandacht naar het huidig coverrepertoire, was er ruimte voor haar ‘spoken words poetry’, ‘Birdland’, en vertelde ze haar indrukken over het werk van Arthur Rimbaud en Charlotte Brönté, muzikaal vormgegeven door “Whitte rabbit” van Jefferson Airplane.
We hadden te maken met spannend broeierige, emotievolle gitaarrock, onder haar vocale voordracht, door een intrigerend samenspel van gitaar, bas, piano/organ en drums.
“Hello children of Brussels, glad to be back” sprak ze het publiek aan. “Kimberly”  opende de set, gevolgd door de instant klassiekers “Frederick” en “Free money”. “Privilege” en het lang uitgesponnen “Are you experienced” van Jimi Hendrickx (Patti op hobo trouwens), dompelden ons onder in een ‘70’s psychedelica wave. Kippenvelmomenten! Een volgend ‘spoken words’, muzikaal fijn en subtiel,  linkte ze aan “Beneath the southern cross”, bepaald door akoestische gitaren. Gitarist Lenny Kaye kwam op het voorplan, speelde en zong een ‘good old rockin’ song, “Pushin’ too hard”.
Tenslotte ging Patti Smith met Her Band naar een hoogtepunt met “Because the night”,  een schitterend opgebouwde “Pissing in a river” , een akoestisch toongezette “Smells like teen spirit” (Nirvana), gevolgd door “Soul kitchen” van The Doors en Van Morrisons klassieker “Gloria”, wat een opzwepend ritme had en  luidkeels werd meegezongen. Pure klasse!

Ze trakteerde met twee nummers in de bis, een sober aangevatte “Perfect day” van Lou Reed (stem en piano), en “Rock’n’roll nigger” die de muzikale geschiedenis beschrijft van een rock’n’roll dame die van zich afbijt en een boodschap heeft van vrede, vrijheid en solidariteit…om U tegen te zeggen!

Organisatie: Live Nation

Robyn Hitchcock

Ontspannen rockend de zomer in

Geschreven door
Als afsluiter van hun muzikaal voorjaarsseizoen had de Handelsbeurs gekozen voor de Engelse singer-songwriter Robyn Hitchcock. Behalve misschien via zijn nummer ‘So You Think You’re In Love’ dat in 1991 uitgebracht werd met zijn toenmalige begeleidingsgroep ‘The Egyptians’, heeft hij in ons land tot dusver geen ruime naambekendheid kunnen verwerven. En dit is erg jammer want Robyn Hitchcock maakt al ruim 30 jaar muziek, heeft een aantal schitterende platen op zijn actief en mag vanuit gespecialiseerde pers en muziekmiddens op grote appreciatie rekenen. Dit werd afgelopen zaterdag nog maar eens onderstreept aan de hand van zijn huidige begeleidingsgroep, ‘The Venus 3’. Als we u vertellen dat hier niemand minder dan gitarist Peter Buck, bassist Scott McCaughey en drummer Bill Rieflin deel van uitmaken, gaat het daarbij dus niet enkel om muzikanten die elkaar kennen uit het collectief ‘The Minus 5’ maar was in de Handelsbeurs ook nog eens ½ van de huidige R.E.M. present, een bandje dat wél al jaren uitgegroeid is tot een wereldgroep.

Maar van kapsones was echter geen sprake. Integendeel, het was mooi om zien hoeveel spelplezier er op het podium te beleven viel. Een valse intro, een ietwat fout gespeelde noot, het werd veelal met de glimlach weggewerkt en aangezien er ook enkele nieuwe, soms zelfs nog niet op plaat verschenen nummers (zoals “Saturday Groovers” of “Hurry For The Sky” gebracht werden, werd het relaxte gevoel hierdoor nog geaccentueerd.
Robyn Hitchcock grossierde door zijn oeuvre en hoewel via “Queen Of Eyes” en “Kingdom Of Love” zelfs werd teruggegrepen naar het prille begin van zijn carrière toen hij eind de jaren ’70 tot begin jaren ’80 deel uitmaakte van de psychedelische folkrock groep ‘The Soft Boys’, bestond zowat een kwart van de set toch uit nummers uit het vorig jaar – en tot nu toe enige met ‘The Venus 3’ - uitgebrachte album ‘Olé! Tarantula’. Daarbij kwamen aan bod: het gelijknamige titelnummer, “New York Doll” (opgedragen aan de in 2004 aan leukemie overleden New York Dolls bassist Arthur Kane),
”(A man's gotta know his limitations) Briggs" (verwijzend naar de Dirty Harry films met Clint Eastwood in de hoofdrol) en na de korte pauze “Adventure Rocket Ship” om uiteindelijk af te sluiten met “Underground Sun”.
Ondertussen was er ook een knappe versie van “Sally Was A Legend” en werd er lekker gerockt bij “Brenda’s Iron Sledge”.
Na de pauze was er ook nog ruimte voor drie covers. Vooreerst bracht Robyn Hitchcock solo en akoestisch “Visions Of Johanna” (een nummer van Bob Dylan en ook terug te vinden op ‘Robyn Sings’, een dubbelalbum waarop Robyn Hitchcock uitsluitend nummers van Bob Dylan covert), waarna ‘The Venus 3’ hem vervoegde om de psychedelica op te voeren via eerbiedwaardige versies van het door Syd Barrett neergepende “See Emily Play” en van “Eight Miles High” van The Byrds.

De sfeer zat er dus duidelijk in en het concert werd gekenmerkt door enerzijds een Robyn Hitcock die zich een goede, karaktervolle frontman toonde met een stemgeluid dat ons bij momenten een beetje deed denken aan dat van de machtige ‘The Go-Betweens’, en door anderzijds ‘The Venus 3’ die hem op mooie wijze ondersteuning boden, daarbij duidelijk ontdaan van de druk die ze gewoonlijk ervaren op de grotere podia. Of men nu in de eerste plaats kwam voor de frontman Robyn Hitchcock dan wel als R.E.M.-fan enkele groepsleden van nabij wou aanschouwen, het publiek genoot en kon na een passage bij de gewillige signeersessie van Robyn, Peter en Scott, ontspannen de zomer induiken.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

 

Danny Vaughn

Traveller

Geschreven door
Danny Vaughn kennen we met name van zijn werk bij bands als Waysted, From The Inside, Vaughn en in het bijzonder Tyketto. Hoofdzakelijk van de laatste band waren we grote bewonderaars. Tyketto was immers één van de weinige A.O.R. topbands uit de jaren ‘90. De eerste Tyketto plaat: ‘Don’t Come Easy’ (1991) durf ik nog steeds één van de allerbeste A.O.R. schijven te noemen. Opvolger ‘Strength In Numbers’ (1994) klonk anders maar had ook een verzameling schitterende Melodic Rocksongs aan boord. Vaughn moest Tyketto verlaten om voor zijn zieke vrouw te zorgen. Hij werd vervangen door niemand minder dan Steve Augeri (Journey) maar voor de band was door de opkomst van de Grunge geen verdere toekomst weggelegd. Tussen 2000 en 2002 bracht Danny onder de naam Vaughn 3 albums uit. Nu gaat hij verder onder zijn volledige naam: Danny Vaughn. ‘Traveller’ is een mooie, evenwichtige, gevarieerde Melodic Rockschijf. Qua sfeer doet de plaat een beetje denken aan Tyketto’s ‘Strength In Numbers’ maar toch is de sound op ‘Traveller’ veel ruimer. Danny stem is nog steeds heel herkenbaar, krachtig en glashelder. Maar ook de twee gitaristen (Tony Marshall & Pat Heath) verdienen een pluim want hun gitaargeluid geeft het album een voller geheel, al moet je niet rekenen op een uitgebreid arsenaal aan gitaarsolo’s. De plaat klinkt redelijk elektrisch en is daardoor vrij stevig. Al zijn er ook momenten dat men akoestisch te werk gaat en de singer-songwriter in Danny naar boven komt. Variatie troef dus. Opener “Miracle Days” heeft een meezing refreintje en klinkt een beetje als een Indiaanse hymne. “Restless Blood” is puur Tyketto. “Lifted” is dan weer een echte mooie pianosong. “The Warrior’s Day” is heavy en ruig. “The Measure Of Man” heeft een beetje Country invloeden. “Think Of Me In The Fall” is dan weer een pure popsong. Heel wat diversiteit dus op Vaughn’s nieuwste!  Een album dat groeit na elke beluistering.




Soulsavers

It's not how far you fall, it's the way you land

Geschreven door
Achter Soulsavers gaat het duo Rich Machin en Ian Glover schuil. Zij maakten al remixes voor Starsailor, Doves en Beastie Boys. De twee heren verbreden hun muzikale kijk met deze tweede plaat, waarbij ze beroep deden op Mark Lanegan. Het resultaat is ronduit verbluffend; de samenwerking is een samenspel van donker dreigende rock, trippop, gospel en soul. Lanegan legt met z’n grauwe, doorleefde stem een voorname stempel op de sound. Muzikale pareltjes zijn te horen: “Ghost of you & me”, “Paper money”, “Spiritual” en “Jesus of nothing”, die een Indiaans tintje meekreeg, er is de koorzang op de opener “Revival, “Kingdoms of rain” zorgt voor koude rillingen, en de filmische instrumentals zijn meegenomen om een volgend muzikaal hoofdstuk aan te vatten.
Dit is een knappe plaat: origineel, spannend, avontuurlijk en pakkend. Mee te nemen voor de eindejaarslijsten!

 

The Ladder

Sacred

Geschreven door
Midden jaren ’90 kwam er, na het teleurstellende album ‘Dead Man’s Shoes’, een einde aan het sprookje van FM. De band FM was toen één van de weinige A.O.R. giganten. De muzikale koerswijziging die FM richting Bluesrock maakte werd niet bij elke A.O.R. fan goed ontvangen. FM splitte maar zanger Steve Overland ging later nog verder met o.a. zijn werk bij Alan Parsons & met zijn nieuwe band Shadowman. Toch was het wachten op de debuutplaat van The Ladder: ‘Future Miracles’ uit 2004 om opnieuw Steve Overland te horen in een waanzinnig, puur A.O.R. project. Deze opvolger ‘Sacred’ is nog een stuk sterker en daarom een absolute aanrader voor iedereen die van FM hield. In de band zitten trouwens naast Overland ook nog Pete Jupp en Bob Skeat van FM. Vinny Burns (Ten/Dare) die op de debuutplaat nog het mooie weer maakte is er niet meer bij en werd vervangen door Gerard Pichler. ‘Sacred’ is een puur A.O.R. album vol uitstekende songs die natuurlijk de typische Steve Overland stempel dragen. Mister Overland heeft nog steeds een zeer uniek stemgeluid en ik reken hem dan ook nog altijd tot mijn favoriete zangers aller tijden. ‘Sacred’ klinkt gevarieerder dan eerder FM werk omdat er af en toe ook eens stevig wordt uitgehaald. Hoogtepunten zijn het stevige melodieuze titelnummer, de prachtige ballade “Something To Believe In” en de waanzinnige A.O.R. song “Sea Of Love”. ‘Sacred’ is een album dat gerust naast de eerste twee uitgebrachte FM albumklassiekers mag staan. Puur melodieus genot in een moderne, zeer geslaagde productie, waarvoor Overland en Jupp zelf tekenden.

Pagina 494 van 500