logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Hooverphonic

James Leg

Delaney Davidson + James Leg - Zelfs een overdaad aan pech kan James Leg niet nekken

Geschreven door

Delaney Davidson + James Leg - Zelfs een overdaad aan pech kan James Leg niet nekken
Delaney Davidson + James Leg

Delaney Davidson uit Christchurch, Nieuw-Zeeland, leek op het eerste zicht, zo weggelopen uit een film van Quentin Tarantino. Net het stof van het pak geklopt en vreselijke geheimen torsend achter dat onbewogen, staalharde gelaat. Hij toonde ook enige gelijkenissen met die andere kerel van Down Under, C.W. Stoneking. Maar terwijl Stoneking zich vastklampt aan die authentieke sound uit het verleden lijkt Davidson meer van deze tijd en was hij steeds druk in de weer met loops.
En dat je daar tegenwoordig veel mee kan bewees hij toen hij een ‘dance contest’ organiseerde. Hij speelde enkele loops in waarop het walsje gewoon verder speelde terwijl hijzelf de dans ging inleiden in het publiek. Tja, waarom zou je dan nog dure muzikanten moeten inhuren? Davidson bracht zijn songs, waarvoor hij inspiratie vond in zowel folk-, blues- als countrymiddens, met een wat benepen stem (zand tussen de tanden?) en in een lome sfeer waarin ook een Calexico zich kan wentelen. Naast de vele sterke eigen nummers bracht hij ook enkele gesmaakte covers: Leadbelly's “In the pines” (waar de versie van Nirvana blijkbaar aanleiding toe was), een hilarisch (wat dacht je?) nummer van Lightning Beat-Man (Davidson brengt trouwens zijn platen uit op diens label ‘Voodoo Rhythm’), Willie Dixon's “Spoonful” (hoorde ik enkele dagen geleden ook al van The Crooked Brothers) en Hank Williams' “Ramblin' man” (dat ietwat gebukt ging onder een overvloed van gemanipuleerde loops). Of de man tevreden was na afloop van zijn set viel niet op te maken uit zijn ijzige gelaatsuitdrukking, wij waren dat alvast wel.

Blijkbaar had zijn verwoestende passage (bijna letterlijk) op het Bretoense Folks&Blues Festival in Binic, vorig jaar, geen sporen nagelaten bij James Leg. Opnieuw met een andere drummer (de derde al sinds Black Diamond Heavies op non-actief staan), dit keer ene Andrew uit het Franse Angoulême. Een goeie drummer, dat zeker, met de nodige zin voor wat show ook, maar toch niet van die aard om de herinnering aan de onwaarschijnlijke Van Campbell, die zelfs geen halve oogopslag nodig had om te weten waar James Leg naartoe wilde, te doen vervagen.
Dat verleden met de Black Diamond Heavies werd trouwens absoluut niet verloochend en de set begon dan ook meteen verschroeiend met de oude en onverwoestbare stomper “Poor brown sugar”. James Leg staat nog steeds garant voor een avond dampende blues, country, soul en gospel die hij zeer eigenzinnig interpreteert met zijn door whiskey en sigaretten geschuurde stem en zijn overstuurde Fender Rhodes. Maar ook in het subtielere werk blijft de man verbazing wekken. Zoals hij in “Oh sinnerman” van Nina Simone zijn vingers over de toetsen laat glijden blijft tot de verbeelding spreken.
En toch bleef dat sprankeltje magie, dat de Black Diamond Heavies zo superieur maakte, uit. Nu moet ik er meteen bij zeggen dat de twee niet van de nodige pech gespaard bleven. Zo was er eerst een mechanisch defect aan de piano. Het mag dan voor de toeschouwers bijzonder spectaculair ogen hoe James in record tempo met schroevendraaier en kniptang dit euvel herstelt, de man zelf haalt het uit de grond van zijn hart en het haalt onvermijdelijk toch de vaart uit de show. Tot overmaat van ramp brak de drummer ook nog zijn snare waardoor de set toch een halfuurtje werd ingekort, wist James Leg achteraf te vertellen.

Ondanks al die pech en het feit dat dit één van de laatste optredens was uit een bijzonder lange en slopende tour kregen we een indringende set te zien van twee muzikanten die van geen wijken wilden weten.

Na zowat een half jaar touren wil James Leg de tweede helft van dit jaar de studio induiken om maar liefst twee platen op te nemen: eentje onder zijn eigen naam en een tweede onder de vlag van de Black Diamond Heavies, met Van Campbell! Als dat geen goed nieuws is!

Organisatie : de Zwerver, Leffinge (Leffingeleuren)

Train

‘Feel good evening’ met Train in Paradiso, kreeg staartje voor Belgische fans in The Qube (Q-Music)

Geschreven door

 

‘Feel good evening’ met Train in Paradiso, kreeg staartje voor Belgische fans in The Qube (Q-Music)
Optredens Train, Paradiso Amsterdam, NL op 01-05-2012 en op 08-05-2012 in The Qube (Q-Music), Vilvoorde

- Paradiso Amsterdam, NL op 01-05-2012 -

Het nieuwe album van Train, ‘California 37’ is een beetje een twijfelgeval. Nadat de heren uit San Francisco doorbraken in 2001 met hun tweede album ‘Drops Of Jupiter’ (én de gelijknamige monsterhit!) was het geruime tijd stil rond de band van Pat Monahan & co. De groep bleef echter wel uitstekende albums maken maar een nieuwe, grote wereldhit bleef uit. Tot in 2010 “Hey, Soul Sister” onze radio teisterde. Een leuk popdeuntje dat zowel kids als senioren kon bekoren. Mede door het succes van “Hey, Soul Sister” kiest de band dus nu op de nieuwe plaat voor een commerciëler geluid; waarschijnlijk omdat men zich nu pas echt realiseert dat je ook hits kan scoren met aanstekelijke, eenvoudige popdeuntjes. Rockliefhebbers van het eerste uur zullen dan ook meer moeite hebben met de nieuwe koers die de band nu vaart. Train die ontstond uit een Led Zeppelin coverband blijft zich een rockband noemen en wou dit statement kracht bijzetten door een korte Europese tournee ter promotie van het nieuwe album ‘California 37’. Een tour op het vasteland die terug ons Belgenlandje oversloeg….of toch niet helemaal?

Omdat we Train absoluut wouden zien, zakten we af naar Amsterdam. Altijd leuk trouwens om nog eens Paradiso binnen te wandelen. Hier zijn bands altijd top, vooral omdat sfeer en locatie (concert in een oude kerk!) nu eenmaal samengaan. Balkon 1 met direct zicht op het podium bleek een unieke plek voor een zalige concertavond.

Het begon al bijzonder sterk met supportact Matt Nathanson, een Amerikaanse singer-songwriter, (eveneens uit San Francisco) die voor de eerste keer op de Europese podia stond. ‘Modern Love’ uit 2011, is al zijn zevende studioalbum en daar kwamen ook de meeste songs uit. Songs die niet helemaal onbekend bleken voor het Nederlandse publiek want Nathanson kon op erg veel respons rekenen. Nathanson wer enkel geflankeerd door zijn gitarist, waardoor alle songs akoestisch werden gebracht. Het is bijna een uitzondering op de regel maar dit was een zeer boeiend en leuk voorprogramma!

Train liet niet lang op zich wachten en opende zeer toepasselijk met: “We Were Made For This”, toch een van de sterkere songs uit het nieuwe album. Het Train trio: Patrick Monahan (vocals), Jimmy Stafford (guitar) en Scott Underwood (drums) liet zich live versterken door twee extra muzikanten.
Na de rustige start en een duik in de geschiedenis van Train tijdens “This’ll Be My Year”, kwam Paradiso pas echt volledig op dreef met “If It’s Love”. Pat Monahan, wiens stem, de hele avond wat wisselvallig klonk , bespeelde het publiek als een echte entertainer.
Twee leuke dames werden op het podium gehaald om tamboerijn mee te spelen tijdens “Get To Me”. Ze werden beloond met Train T-shirts, waarvan er kort erna nog enkele het publiek invlogen. Het nochtans op plaat indrukwekende “Mississippi” kwam live niet helemaal uit de verf. Vooral de poppy songs uit het nieuwe album (7 songs uit het nieuwe album!) maakten het meest indruk. “50 Ways To Say Goodbye”, klonk warm en met een grandeur zoals een Spaanse furie. Ingetogen werd het erna met het bijzonder intense “You Can Finally Meet My Mom”, een ode aan Pat’s overleden moeder. Paradiso zong mooi en zacht tijdens “Marry Me”…..een absoluut kippenvelmoment!!!
De finale werd op gang getrapt met een cover van stadsgenoten Journey. De hit “Don’t Stop Believin’” werd opgevoerd in de vorm van een zangwedstrijdje. Drie kandidaten mochten ook al het podium op waarbij de winnares een gesigneerde gitaar mee naar huis mocht nemen. “Drive By” en vooral “Hey, Soul Sister” werden niet altijd even loepzuiver gezongen maar gelukkig was er een enthousiast Paradiso die elk woord meebrulde.
De band nam afscheid met een drieluik waarbij hun allergrootste hit “Drops Of Jupiter” tot het laatst werd bewaard.

Train bracht opnieuw een zeer vermakelijke leuke show vol afwisseling. De band deed heel wat met het publiek maar dat hield hen niet tegen om sterk te musiceren. “Hey, Soul Sister” was ook in België een grote hit dus moet het zeker mogelijk zijn om deze Train de volgende keer ook in ons land te laten stoppen.

- The Qube (Q-Music), Vilvoorde op 08/05/2012 -

Enkele dagen na Amsterdam kreeg ik helemaal onverwacht een uitnodiging van Sony Music en Musiczine.net om de showcase bij te wonen van Train in de Q-Music studio in Vilvoorde. Komende van Glasgow (U.K.) en op weg naar Keulen vond de band toch even de tijd om te stoppen in ons land. Er wachtte ons een warm onthaal in Vilvoorde aan de  Medialaan 1, nog steeds dé plaats om bekende Vlamingen te spotten.
Train mocht er een akoestisch concertje (als trio) geven in de gezellige, trendy The Qube, die slechts toegankelijk was voor een aantal persverantwoordelijken en winnaars van een Train wedstrijd op Q-Music. Pat Monahan was duidelijk erg nerveus en liet ook weten zeer vermoeid te zijn (dit was af en toe duidelijk te horen aan zijn stem!). Met wat cynische humor probeerde Pat het ijs te breken want meermaals moest hij vaststellen dat het aanwezige publiek zijn songs niet echt helemaal kende. “Maar dat hebben we enkel aan onszelf te danken”, relativeerde hij…..”we hebben Europa en België te lang links laten liggen”. Toch zat de sfeer er goed in en genoot het publiek volop van Train zo intiem en dichtbij.
Zelf noemden ze dit hun eerste concert op Belgische bodem. Maar met slechts 6 songs durf ik amper van een echt concert te spreken. Deze showcase in The Qube bracht echter heel wat publiciteit met zich mee. Zo werd ook in ons land Train opnieuw in te kijker gezet want het concert in The Qube werd live uitgezonden op radio, Internet en televisie.
De band trakteerde ons ook op een primeur en beloofde in de herfst van 2012 (“…In Fall We’ll Be Back…That’s The Season After Summer”) voor een allereerste volwaardig concert naar België te komen. Wij zijn er zeker bij!!!!

Setlist Paradiso:
*We Were Made For This *This’ll Be My Year *If It’s Love *Get To Me *Mississippi *50 Ways To Say Goodbye *Save Me San Francisco *Calling All Angels *You Can Finally Meet My Mom *Marry Me *Mermaid *Don’t Stop Believin’ / Drum Break *Hey, Soul Sister *Drive By
*California 37 *Meet Virginia *Drops Of Jupiter

Setlist The Qube: *Drive By *This’ll Be My Year *Save Me San Francisco *Drops Of Jupiter *50 Ways To Say Goodbye *Hey, Soul Sister

Video Playlist Train @ Paradiso (5 video’s) http://www.youtube.com/playlist?list=PL4EAAAF1949652B7C

Video Train @ The Qube: http://youtu.be/SJ1fNMBl6Y4?hd=1

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/train-01-05-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-qube-vilvoorde/

Organisatie: Sony Music

Morten Harket

Morton Harket…er is leven na A-Ha

Geschreven door

Op 11 oktober 2010 mochten we in Vorst Nationaal het afscheidsconcert bijwonen van A-Ha. Met de: ‘Ending On A High Note’ tour nam de Scandinavische band wereldwijd in stijl afscheid van de fans. Het doek viel definitief voor A-Ha in thuisland Noorwegen waar 100.000 fans, verspreid over 4 avonden, begin december 2010 afscheid namen van hun popgoden. Het einde van A-Ha betekende gelukkig niet het einde voor Morten Harket, de charismatische frontman van de band. Zonet bracht hij een nieuw soloalbum uit onder de titel: ‘Out Of My Hands’, een album vol fascinerende luisterpopsongs met een elektronische inslag. Dit album kwam hij graag voorstellen in de Ancienne Belgique… maar natuurlijk had hij in zijn koffer ook enkel A-Ha klassiekers mee.

Als voorprogramma had Morten Harket de Engelse folkband Songdog meegenomen. Helaas had het publiek, dat gekomen was voor een post A-Ha feestje, totaal geen boodschap aan de literaire zwaarmoedige ballades van Lyndon Morgans & Co. De songs uit ‘A Life Eroding’ (2010) hadden ongetwijfeld meer mensen kunnen bekoren. Nu bleef alleen een onrespectvol en oorverdovend geroezemoes achter.

In november 2009 bleek de AB duidelijk te klein voor de Noorse hitband. Nu moesten we vaststellen dat Morten Harket (onder de noemer ‘The Voice Of A-Ha’) slechts de benedenverdieping van de Brusselse rocktempel deed vollopen. De afwezigen hadden echter helemaal ongelijk want na ruim 90 minuten waren we helemaal overtuigd dat er voor Morten Harket leven is na A-Ha!
Al van bij opener “Burn Money Burn”, een bewerkte Zweedse klassieker, werd Morten als een echte God aanbeden. De eerste drie songs waren liedjes uit z’n nieuwe soloplaat. Het was opvallend dat deze songs heel warm werden onthaald, terwijl ‘Out Of My Hands’ nog maar pas werd uitgebracht. Het bombastische elektronische jasje, de aanstekelijke Eurobeats en de rijke Eurosong-achtige productie zorgden er voor dat de nieuwe songs live een stuk overtuigender over kwamen.
Pas met “Crying In The Rain”, de uitstekende Everly Brothers cover, keerde Morten terug naar zijn periode met A-Ha. Gevolgd door het machtige (en door de fans gekozen om live te spelen): “Out Of Blue Comes Green”. Wat Morten ook deed, alles veranderde in goud. Zonnebrilletje af, leesbrilletje aan….het werd allemaal op luid hysterisch gegil onthaald. “Jullie zijn doorheen de tijd niet echt veel geëvolueerd hé…maar het is oké”, was Morten’s leuke reactie. De aantrekkingskracht is er dus nog steeds. Net zoals het jongensachtige geflirt met de vele vrouwelijke fans, ook al heeft de man de respectabele leeftijd van 52 jaar bereikt! Maar laat ons vooral onthouden dat het een avond was vol ongebreidelde, schone melodieën en de hemelse ‘vijf octaven stem’ van Harket. De begeleidingsband bestond uit de muzikanten die ook A-Ha live versterkten tijdens de vele wereldtournees , aangevuld met een nieuwe flamboyante gitarist die Morten aankondigde als Dan (z’n familienaam mochten we wegens te moeilijk gerust vergeten).
Hoewel de sound de ganse avond zeer synthesizer gericht was, waren er toch enkele sublieme melodieuze gitaarsolo’s te horen. Ook de setlist zat goed in elkaar met 7 nieuwe songs uit het nieuwe album, 4 songs uit het ‘Wild Seed’ (1995) en 8 songs uit de A-Ha periode.

Excellente show waarbij toch enkele songs opvielen. Het pittige “A Kind Of Christmas Card” en het waanzinnig mooie “We’re Looking For The Whales”, (lief opgedragen aan zijn vroegere bandleden Magne & Paul) behoorden tot de hoogtepunten van de avond. Niet “Take On Me” maar wel deze laatste song betekende de start destijds voor de Noorse band. “Scared Of Heights”, de huidige door Espen Lind geschreven single, werd de eerste encore. Waarna met “Stay On These Roads” de pure klasse van Morten nog eens duidelijk uit de verf kwam. Het was duidelijk ook niet teveel gevraagd om af te sluiten met A-Ha’s grootste hit: “Take On Me”. Want nog steeds waren er fans die op deze song de hele avond hadden gewacht. Sterk concert ondanks de magere opkomst!!!


Setlist: *Burn Money Burn *I’m The One *Keep The Sun Away *Crying In The Rain *Out Of Blue Comes Green *Move To Memphis  *Forever Not Yours *When I Reached The Moon *Los Angeles *Spanish Steps *A Kind Of Christmas Card *We’re Looking For The Whales *Just Believe It *Lightning
*Scared Of Heights *Stay On These Roads *Foot Of The Mountain
*Lay Me Down Tonight *Take On Me

Video Playlist Morten Harket @ AB, Brussel (4 video’s)
http://www.youtube.com/playlist?list=PLB5E4E4CABE1D49B9

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/morten-harket-08-05-2012/

Organisatie: Live Nation


The Black Box Revelation

The Black Box Revelation - Hoe opzwepend kan garagerock zijn?!

Geschreven door

Tussen 2 Amerikaanse tours hield The Black Box Revelation even (opnieuw) halt om een thuismatch te spelen … Place to be was de Gentse Vooruit. Met supports voor Jane's Addiction en binnenkort voor Beady Eye en The Darkness gaat het de band duidelijk voor de wind. De positieve recensies van de derde plaat en hun intense liveshows openden deuren …

Toen ze het podium opkwamen werden ze al meteen warm onthaald . Het duo, die maar in de meest eenvoudige opstelling op het podium kan staan (gitaar – drums) , koos eerst voor onderhouden midtempo songs als “My girl”, “Shadowman” en “Bitter” . Het publiek hield er van, want al op de eerste akkoorden heerste er een broeierig sfeertje in de gezellig uitverkochte Vooruit .
Met “Rattle my heart” en “Gravity blues” werd een versnelling hoger geschakeld en kwam de trein goed op gang. Paternoster-Van Dijck toonde,  in vergelijking met de cd voorstelling in de AB, november ll, dat de nieuwe nummers strakker, snediger en volwassener kunnen zijn . Het nieuwe album zat dan ook bijna integraal verweven in de anderhalf uur durende set. Het poppy “Skin” – heupwieger éérste klas - gevolgd door 'oudje' “I don't want it” maakten het eerste half uur vol; het duo had de adrenaline in de aderen en zonder al te veel bindteksten hakten en sloegen ze zich een weg door de uitgekiende setlist. Ze hadden het publiek mee en hun kenmerkende spirit straalde.
Verademing noteerden we met het aan Neil Young gelinkte “Sealed with thorns” , traditioneel met een lange jam van Paternoster, en het 'dromerige' “2 Young boys” . Ze pasten volledig  in het huidige BBR concept.
Op het eind van de set werd nog een clusterbom van jewelste gedropt... een soort 'medley' van “I think I like you”, “Do I know you” en “Set your head on fire”,  ruwe power, snedige, scherpe en snerpende gitaren en roffelende drums, kortom, zompige bluesrock op z’n best! Crowdsurfers werden gespot, het kookpunt werd bereikt.
In de bis dezelfde variatie … een meeslepend en emotievol “Never alone” gevolgd door  “Madhouse” maakten de weg vrij voor “Crazy white man” en het afsluitende “High on a wire” , die alle registers nog eens opentrok.

Jan en Dries gaan met de juiste spirit te werk , stippelen verder hun carrière uit en tekenen voor liveshows vol overgave en dynamiek!

Setlist: 1. My girl, 2. Shadowman, 3. Bitter, 4. Rattle my heart , 5. Gravity blues, 6. Skin, 7. I don't want it, 8. My perception, 9. Shiver of joy, 10. Sealed with thorns, 12. 2 young boys, 12. Love licks, 13, I think i like you, 14. Do i know you, 15.Set your head on fire
Bis 16. Never alone, always together, 17. Madhouse, 18. Crazy white man, 19. High on a wire

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-black-box-revelation-08-05-2012/

Organisatie: Live Nation

Foster The People

Foster the People – ‘Licht’ spektakel in AB …

Geschreven door

Misschien was het wel een beetje teveel van hetzelfde, maar de energieke (licht)show die het Amerikaanse Foster the People in de uitverkochte Ancienne Belgique bracht, was wel af. Al is dat natuurlijk niet de essentie van muziek.

Voor hun voorprogramma had de band uit Los Angeles Mini Mansions meegebracht, drie jonge kerels van wie pianist en drummer ook de zang voor zich namen. Het geheel deed ons wat denken aan Air.

Maar het was duidelijk dat Brussel wachtte op de doortocht van Foster the People. Alsof de opwarming niet naar behoren was, kwam net voor de gig nog een roadie met das wat dirigeren, wat het enthousiasme nog een stukje opschroefde.

Foster the People, dat is voor velen de hit “Pumped Up Kids”. En die is wel richtinggevend voor het geluid dat de Amerikaanse rock-pop-band – opgericht in 2009 - eigen is. Alles draait rond
Mark Foster die na wat stielen en ongelukken en wat eigen projecten met Mark Pontius en Cubbie Fink een klik vond. Maar muzikaal zag Foster het groots(er), vooral met veel verschillende instrumenten en dat veronderstelde meer volk en vooral gedegen muzikanten, wat in de AB ook weer bleek. Behalve de drummer nam elke artiest meerdere instrumenten ter hand.
De opbouw van de set zat juist. Ze speelden heel hun debuutalbum ‘Torches’ met recht doormidden nog twee andere nummers (“Broken Jaw” en “Love”). Ook elk nummer afzonderlijk werd steevast stevig opgebouwd, maar de sfeer werd vooral gemaakt door het knappe lichtspektakel en spelende beelden. Het licht kwam van alle kanten en het rolde als het ware over het podium om af en toe zelfs het publiek in de schijnwerper te plaatsen.
Ze staken van wal met ‘Houdini’ en creëerden met sterk rood licht meteen een sfeer. Na “Miss you” met wat donkere tonen, opende “Life On The Nickel” met xylofoon en bas en werd de frontman, die solo eindigde op de piano, toegejuicht door vooral gillende meiden die de voorste rijen bevolkten.
De vrolijk gekleurde melodie van “I Would Do Anything For You” werd een handjesdraaien-dansje waarbij hij zich vooral tot het publiek richtte: ‘De derde show in België, ‘it feels good. I love Brussels’.
De lichtshow trok verder over “Waste” – een beetje eighties - en even werd Foster poëtisch over muziek die “zoals zijn vriendin voelde, verliefd,  alsof hij van een klif sprong en niet wist of hij zou vallen dan wel vliegen.”
“Broken Jaw” viel blijkbaar goed in de smaak bij zijn fans waarna hij “Love” inzette, soms klinkend als een puber met een schrapende kikker in de keel. Niet meteen de mooiste stem ooit, die helium voice. Maar Foster weet zijn publiek te animeren.
Uiteraard had de airplay van “Call It What You Want” gezorgd voor een meezingmoment terwijl fijne witte lichtstralen de hoofden van het publiek streelden. “Don’t Stop” was dan weer een andere stijl, meer rock nadat eerst een sample van lachende kindjes weerklonk.
Opnieuw rrrrollend licht – geel-oranje tinten – en dat zorgde voor een podium on fire-effect met “Helena Beat”. Tijd voor een break, want veel meer hebben ze niet en als ze toch een bisnummer willen spelen… Zouden ze echt hun grote hit “Pumped Up Kicks” opsparen tot het allerlaatste?
Toch wel. Eerst zette hij “Warrant” in op een sample van een orgeltje met zacht geel licht als een opkomende zon, terwijl alles even zelfs wat weg had van een kerkdienst. De outtro van het nummer werd evenwel te lang gerekt, alsof echt tijd moest gevuld worden. En voorwaar, de aandacht van het publiek verslapte, maar daar trok Mister Foster zich niets van aan, hij liet zich volledig in trance wegglijden met als gevolg dat zelfs mensen de zaal verlieten voor ze uiteindelijk toch “Pumped Up Kicks” aansneden. Het duurde nog even voor het grote feest weer oversloeg op de zaal, maar dat gebeurde uiteindelijk wel. Goed, we hebben ze vooral gezien en ook wel gehoord, die Foster the People. Dat volstaat.

Setlist: 1. Houdini 2. Miss You 3. Life On The Nickel 4. I Would Do Anything For You 5. Waste 6. Broken Jaw 7. Love 8. Call It What You Want 9. Don’t Stop 10. Helena Beat
Bis: 11. Warrant 12. Kicks

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/foster-the-people-06-05-2012/

Organisatie: Live Nation

A Place To Bury Strangers

A Place To Bury Strangers – Donders en Bliksems …

Geschreven door

 

Een allesverwoestende trip kregen we te horen van het NY –se A Place To Bury Stangers . Hier werden onze trommelvliezen als vanouds nog eens goed getest, sie op het trio die grijpt naar de ‘90’s ‘Wall of Noise’ van My Bloody Valentine en Swervedriver, elementen neemt van de dreunende neurotische synthi van Suicide , de wave rock van Jesus & Mary Chain en de noisepop van Sonic Youth. En om de hoek piepen dan nog bands als Ride, Curve en is er wat psychedelica van Hawkwind en Spacemen 3 te horen. Een aanstekelijke mix waarbij de pedaaleffects gretig worden ingedrukt en de fuzz, feedback, distortion, wahwah galm en noisegolven ons om de oren vliegen. De gitaar en bas verkenden alle uithoeken van de zaal en kregen het hard te verduren, gezien twee gitaren van Oliver Ackermann er aan moesten geloven … snaren kapot en een gitaararm minder …  Een stofzuigersound , shoegaze in de meest pure , rauwe vorm , hoewel ze op ‘Exploding head’ wat beheerster durfden te klinken. De nieuwe EP ‘Onwards to the wall’ houdt het midden tussen de twee en doet ons reikhalzend uitkijken naar de nieuwe cd ‘Worship’.
Ze waren nog mee op tour met MGMT , maar de mensen die hun leuke tunes wouden horen, hadden eerst nog een zware beproeving te doorstaan met deze A Place To Bury Strangers .

In een mistig decor , dimmend licht , stroboscoops en enkele verbleekte beelden op een videowall , presenteerden ze hun ‘total sonic annihalation’, die onderhuids wat popmelodieën vertoont , zoals op “To fix the gash in your head” , “I know I’ll see you” en het nieuwe “So far away” en “Onwards to the wall” , die sterk de stempel van Joy Division kenmerkte .
De communicatie werd tot een minimum herleid , maar dat zijn we intussen gewoon van deze gasten .
‘Snoeihard en pokkeluid’ schreef de redactie eerder en zo blijven ze klinken . Doorheen de noise zijn er sterke momenten , een wervelwind van donkere en wilde gitaarerupties en loden bastonen onder weinig verstaanbare duistere vocals. Kijk, Jesus & Mary Chain heeft na hun “Never understand” ruim twintig jaar later z’n opvolger onder deze A Place To Bury Strangers.
“Ego death” nagelde ons meteen aan de grond en na reeks bliksemflitsen , woeste golven en  vulkaanuitbarstingen, werd afwisselend geput uit de 2 cd’s en de onlangs verschenen EP. We kwamen in het slot terecht in de apocalyps door de pijngrensoverschrijdende gitaarherrie van “I lived my life to stand in the shadow of yr heart” en “Oceans” . Indrukwekkende, verbluffende geluidsterreur die deed terugdenken wat My Bloody Valentine een paar jaar terug uitvoerde op Pukkelpop .
Verdwaasd werden we minuten lang achtergelaten met een onophoudelijk gedonder en bliksem,  stroboscoops en piepende sounds , met een link aan Sunn O))) en aan Sugar van Bob Mould (remember het optreden in de Vooruit tientallen jaren terug!) . Intussen was de helft de zaal uit om het aan de toog met een pint door te spoelen .

… Shoegaze zonder geluidsdemper , het werd er letterlijk ingeramd; live biedt hun lawine van fuzz en feedback iets speciaals en daar hielden we van .

Support was Maze , een winnaar van Westtalent . Het trio speelde rauw grommende noiserock , die Vandal X en Kapitan Korsakov deed opwaaien . De schelle , hoog uithalende en schreeuwende vocals boden dat ‘ietsje’ meer; een verdiende support van het aparte APTBS …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/a-place-to-bury-strangers-05-05-2012/

Organisatie: Kreun, Kortrijk

 

Killing Joke

Het leven zoals het is: Killing Joke en het jaar van de ondergang

 

Er is goed en slecht nieuws voor fans van Killing Joke. De Engelse uitvinders van de gothic metal hebben met ‘MMXII’ weliswaar opnieuw een absolute knaller uit, maar tevens zou dit wel eens het laatste wapenfeit ooit kunnen betekenen voor Jaz Coleman en de zijnen. Hun jongste plaat is namelijk volledig opgehangen aan ‘The 2012 Phenomenon’, een reeks metafysische transformaties die zich volgens de Maya kalender op 21 december zullen voltrekken met het definitieve einde van de wereld tot gevolg. Met het deuntje van “We’re gonna party like it’s 2012” in het achterhoofd spoedde ondergetekende zich dus ijlings naar de Gentse Vooruit op zoek naar voortekenen van de aangekondigde apocalyps.

Een live set van Killing Joke is niet zomaar een optreden, op hun live albums heeft de groep het dan ook steevast over zogenaamde gatherings. Op zulke avonden loop je gezworen vrienden en oude bekenden tegen het lijf die tussen pot en pint straffe verhalen opdiepen uit de jongste 33 jaar, want zolang draaien deze Engelse doemdenkers intussen al mee. Niet toevallig werden de registers geopend met “Requiem”, de spacy begrafenismars die in ’80 op de nietsvermoedende wereld werd losgelaten. Het geluid zat meteen raak en vogelverschrikker-van-dienst Coleman voelde zich in zijn onafscheidelijke overall duidelijk in zijn nopjes, maar echt vonken deed het optreden bij aanvang nog niet. Ook tijdens “European Super State” en oudjes “Sun Goes Down”, “Chop Chop” en “Wardance” etaleerden originele leden Kevin ‘Geordie’ Walker (gitaar), Martin ‘Youth’ Glover (bas) en ‘Big’ Paul Ferguson (drums) hun klasse, maar leek de groep een tikkeltje te routineus om ons echt van onze sokken te blazen.
Geduld wordt meestal beloond, want met het funky B-kantje “Change” zetten de Engelse veteranen zich eindelijk in pole positie. Eindelijk kreeg het publiek ook een trits nummers uit ‘MMXII’ geserveerd, waarop de achterdochtige doemdenker in Coleman zich lustig in de afgrond van de maatschappij stort.
Zijn makkers willen het niet met zoveel woorden gezegd hebben, maar op dat jongste album lijkt de elektronische inbreng van het vijfde onofficiële groepslid Reza Udhin voor een frisse wind te hebben gezorgd. In een tweede leven naast Killing Joke is Udhin trouwens frontman van het elektro-industrial gezelschap Inertia. Tijdens de dreigende atmosferische sleper “Primobile” was de handtekening van deze kleurrijke hanenkam alvast onmiskenbaar. Ook de intro van het gebalde “FEMA Camp” lijkt bedacht door Udhin, al moesten zijn synths het al vrij snel afleggen tegen de betonnen gitaarmuur die door Geordie met achteloos gemak werd opgetrokken.
Niet dat we daar donderdagavond veel boodschap aan hadden, maar de door het Amerikaanse Federal Emergency Management Agency opgerichte FEMA kampen zouden trouwens wel degelijk bestaan om staatsvijanden en terroristen op veilige afstand te houden.
In het opus magnum van de nieuwe plaat, “Pole Shift”, doet Coleman het relaas over de repolarisatie (zuidpool wordt noordpool, en omgekeerd) die zich tijdens de aangekondigde apocalyps op 21 december zou voltrekken. En ja, voor wie niet vies is van een beetje fatalisme en over genoeg fantasie beschikt kon zich wel wat inbeelden bij de onheilspellende Morse codes en de opeenvolging van hard-zacht, traag-snel en ingehouden-brutaal. Als een volleerd hogepriester maakte Coleman vervolgens een diepe knieval bij de kaarsen die voor de drums als een soort relikwie stonden opgesteld: gewoon even op adem komen, of toch maar hopen dat het vuur van de beschaving nog even blijft branden?
We houden het op een stilte voor de storm, want daarna ging het hek helemaal van de dam. De Vooruit was bijlange niet tot aan de nok gevuld, maar tijdens een geweldig “Asteroid” bleken toch genoeg dapperen bereid om een pogo feestje in te zetten. De groep genoot zichtbaar met volle teugen, en gooide er meteen ook het aan bijna 3 miljard massaal consumerende Chinezen en Indiërs opgedragen “The Great Cull” achteraan. Na de dubbele Grand cru “The Wait” en “Pssyche”, trouwens twee persoonlijke favorieten van John Peel uit de begindagen van Killing Joke, gunde de groep zichzelf en het publiek een welverdiende adempauze.
De gathering eindigde uiteindelijk zoals ie begonnen was, namelijk in begrafenisstemming met een eerbetoon aan alle broeders en zusters die de Killing Joke familie de jongste decennia ontvallen zijn. Spijtig genoeg ging het aan hen opgedragen “On All Hallow’s Eve” wat de mist in. Ook het enige Killing Joke nummer dat je ooit op Radio Nostalgie te horen krijgt, “Love Like Blood”, paste niet echt in de bisronde en tekende voor de enige echte misser van de avond. Met het machtige slotakkoord “Pandemonium” zetten Coleman & co gelukkig tijdig orde op zaken.

Nam Killing Joke nu voorlopig of voorgoed afscheid van België? Met een bom van een nieuwe plaat en een live reputatie die ondanks de gekende kunstjes ons nog steeds op stang weet te jagen komt de apocalyps misschien wel wat te vroeg. Bij leven en welzijn, graag dus afspraak op 22 december voor een nieuwe gathering.

Eerder zagen we The Icarus Line uit Californië. Eén van hun nummers, “Up against the wall mxtchafuckers”, was meteen ook de attitude van zanger Joe Cardamone , die het publiek maar stijfjes vond op hun kronkelende en hinkstapspringende rock’n’roll, die rauw, hard, scherp, scheurend, ontregeld  en ontketend kon zijn.
Cardamone’s vocals zijn vervormd en schreeuwerig en met z’n band versmolt de sound van Iggy, MC 5, Nick Cave’s Birthday Party, Black Flag ,The Cramps en Frank Tovey.
‘Take it or leave it’ leek het credo wel . De muzikale razernij smaakte , maar degradeerde zichzelf tot een soundcheck, en tot slot enige hoffelijkheid was hier op z’n plaats …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/killing-joke-05-05-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-icarus-line-05-05-2012/

Organisatie: New-Wave Classix (Amusez-Vous)

Band of Skulls

Band Of Skulls - Een knoert van een bevestiging

Geschreven door

 

Soms loont het om wat vroeger naar de AB te vertrekken. Wij hadden na enig opzoekwerk op het internet al een vermoeden dat het Canadese langharige bandje The Sheepdogs wel eens de moeite waard zou kunnen zijn. Algauw bleek dat we het bij het rechte eind hadden. De band speelde een misschien niet echt bijster originele maar wel frisse en strakke soort southern rock (beetje Lynyrd Skynyrd, maar evenzeer My Morning Jacket) en ze hadden die verpakt in een stel knappe songs. Met kloeke vocale prestaties en twee gretige gitaristen deden zij een ietwat vergeten genre met brio herleven. Ook het binnenstromende publiek leek er van te smullen, getuige het voor een support act uitzonderlijk warme onthaal. Een aangename ontdekking.

Band Of Skulls stonden vorig jaar in oktober nog in de Botanique voor een stomend concertje, nu mochten ze al een trapje hoger naar de AB die weliswaar om onbegrijpelijke redenen niet helemaal volgelopen was. Het bruisende trio kwam hier met quasi dezelfde setlist aanzetten, maar nu was wel al de nieuwe plaat ‘Sweet Sour’ gereleased waardoor de verse songs op wat herkenning konden rekenen bij de fans.
Om ons er snel van af te maken zouden wij u kunnen vragen om onze recensie van een half jaartje geleden te herlezen want in wezen verschilde dit concert in weinig of niets van dat in de Botanique. Wat hoegenaamd niet negatief bedoeld is, integendeel. Wij waren toen al enorm onder de indruk en nu was het gewoon weer even sterk, jachtig, zompig, strak en verbeten.
De enige song die er vorige keer niet bij was, was het mooie en gevoelige “Lay my head down” dat halverwege bruusk ontplofte om dan verder met een prachtige solo uit te glooien. Een alweer geweldig “Cold fame” raakte ook nog eens die gevoelige snaar maar voor de rest was het wederom fel en bruut rocken met potente stampers als “Wanderluster”, “Blood”, “You aren’t pretty but you got it going on” en een beestig rauw “Bomb”. De echte publiekslievelingen bleken nog steeds de krakers uit dat eerste album als “Fires”, “Hollywood Bowl”, “Light of the morning”, “Dead by diamonds and pearls” en natuurlijk “I know what I am”. Dergelijke potige songs zorgen er voor dat we die eerste plaat ‘Baby Darling Doll Face Honey’ toch nog altijd iets hoger zullen inschatten dan zijn opvolger ‘Sweet Sour’, hoewel die ook een stel rake kleppers in de etalage heeft staan.
Als toetje biste Band Of Skulls met de kopstoot “The devil takes care of his own” om dan in glans af te sluiten met een adembenemend “Impossible”, een song die met de jaren is uitgegroeid tot een ware klassieker waarmee de groep steevast hun gloeiende concerten afsluit.

Onze recensie van hun passage in de Botanique besloten wij met een warme oproep naar de festivalorganisatoren om Band Of Skulls op hun affiche ze zetten. Chokri heeft onze gebeden aanhoord. Schueremans zal het nooit begrijpen. Dus met zijn allen gaan rocken naar Pukkelpop in plaats van naar de opgezwollen kerkgezangen van Florence & The Machine te gaan luisteren in Werchter ...

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/band-of-skulls-03-05-2012/

Organisatie: Live Nation

Pagina 273 van 386