AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_04
The Wolf Banes ...

Les Nuits Botanique 2017 - Thee Oh Sees, La Jungle + The Glücks

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2017 - Thee Oh Sees, La Jungle + The Glücks
Les Nuits Botanique 2017
Botanique (Chapiteau)
Brussel
2017-05-21
Ollie Nollet

Thee Oh Sees, La Jungle + The Glücks - Nacht van de drummer

Een gebrek aan veelzijdigheid kan je Les Nuits Botanique zeker niet verwijten. Er stond zelfs een avondje garagerock op het menu met Thee Oh Sees die zowaar de Chapiteau wisten uit te verkopen. Wat zijn die jongens populair aan het worden... Het werd een bijzonder mooie avond waarin het eerbare ambacht van de drummer een verdiende opwaardering kreeg.

Garagerock? Dan kun je er bijna gif op innemen dat The Glücks er ook zullen zijn. Vlaanderens hardst werkende garageband ontbrak hier dan ook niet. Dit was de groep waarin de drums het minst prominent aanwezig waren hoewel ik Tina nooit eerder op zo’n hoge troon bezig zag. Dit duo uit Oostende staat nog steeds garant voor een portie onversneden kamikaze rock-‘n-roll waarin de geest van Lux Interior rusteloos rondwaart. Tonnen fuzz, overstuurde zang waarbij de micro meermaals in het keelgat van Alek dreigde te verdwijnen en een enorme ontlading aan energie vormen nog steeds de pijlers van hun eigenzinnige interpretatie van garagerock. Nog steeds stomend en opwindend maar na de talloze keren dat ik ze nu al bezig zag begin ik me toch voorzichtig af te vragen of het niet stilaan tijd wordt om, al is het maar in een paar nummers, eens iets anders te proberen.

Wie La Jungle buiten de tent hoorde, zonder ze te zien, moet zich ongetwijfeld hebben afgevraagd of hij zich niet per abuis bij één of andere danstent bevond. Garagerock was dit allerminst, een zinderende mix van techno, rock en noise des te meer. Een formule die zeker reeds eerder geprobeerd is maar me zelden langer dan tien minuten kon boeien, veelal omdat het spook van de platte commercie telkens kwam opduiken.
Hier niet dus omdat dit duo uit Bergen toch iets meer bracht dan wat rock met een vette dancebeat onder. Meestal speelde de hyperkinetische Mathieu Flasse wat simpele, krautrock gerelateerde, synths in die hij vervolgens door een loop station joeg terwijl naast hem de sensationele drummer, Rémy Venant, zich in het zweet mocht werken. Soms kwam er ook een gitaar aan te pas die dan verrassend smerig uit de hoek kwam. Zo goed als volledig instrumentaal en de tekst in “Hahehiho” beperkte zich tot de titel om vervolgens als loop enkele versnellingen hoger te worden afgespeeld. Het leek een vreemde combinatie : het organisch geluid van een volbloed rockdrummer koppelen aan dance gerichte synths maar hier werkte het meer dan uitstekend.

Om één of andere duistere reden miste ik Thee Oh Sees tijdens hun vorige tournee. Dit was dus mijn eerste kennismaking met de nieuwe bezetting. Geen Brigid Dawson, Petey Dammit of Mike Shoun meer, ik miste ze wel een beetje omdat ze toch een wezenlijk onderdeel van de groep leken te zijn. Maar goed, niets blijft eeuwig duren en Thee Oh Sees zijn meer dan ooit John Dwyer.
Sinds het vertrek van de oerleden was het een komen en gaan maar als ik het goed heb , ziet de bezetting er momenteel zo uit : Tim Hellman (Sic Alps) op bas en centraal vooraan de twee drummers, Dan Rincon en Paul Quattrone (!!!, Modey Lemon). Met het aantrekken van een extra drummer lijkt Dwyer definitief voor die geheel eigen, monstueuze sound gekozen te hebben.
Weg zijn de verstilde nummers, laat staan dat hij zijn dwarsfluit nog eens zou bovenhalen. Nee, de gitaar (een exemplaar met doorzichtige body), daar draait alles rond. Hij liet het ding, net onder de kin gehouden, scheuren, piepen, knarsen en hanteerde het als was het oorlogswapen.
Zoals altijd in korte broek (met indrukwekkende tattoo’s op de kuiten) begon Dwyer zijn set met een wild en galmend “Plastic plant”. Een imponerende start en minder dan dat zou het nooit worden. Een concert op orkaankracht waarin weinig plaats was voor adempauzes. Beukende psychedelica, gezongen met dat gekke stemmetje, die telkens net niet ontspoorde door het stevige karkas van drums en bas. Even had ik gevreesd dat, met het vertrek van Brigid Dawson, mijn favoriete Oh Sees-song, “Sticky hulks”, er niet meer bij zou zijn. Maar als voorlaatste nummer was het daar plots toch met een John Dwyer die dan maar zelf de toetsen voor zijn rekening nam. Ook hier bleek het een tijdloos en majestueus epos. Afgesloten werd er met een ellenlang “Contraption” waarin Dwyer nog eens totaal loos ging op zijn gitaar. Murw maar tevreden kon ik enkel constateren dat The Oh Sees ook in deze bezetting live nog steeds tot het beste behoren wat er momenteel op een podium te vinden valt.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/la-jungle-21-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/thee-oh-sees-21-05-2017/
Andere zalen
Arno, Girls In Hawaii, Mélanie De Biasio (avec Musiques Nouvelles: Ensemble à cordes et fanfare) – zondag 21 mei 2017 – Koninklijk Circus
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/arno-21-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/girls-in-hawaii-21-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/melanie-de-biasio-21-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/musiques-nouvelles-21-05-2017/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2017)

Derek & The Dirt

Derek & The Dirt - The Dirt is back!

Geschreven door

Derek & The Dirt - The Dirt is back!
Derek & The Dirt
CC Ghybe
Poperinge
21-05-2017
Filip Van Der Linden

The Dirt is back. Na bijna 25 jaar hebben Dirk Dhaenens en Pim de Wolf, de creatieve tandem achter Derek & The Dirt, elkaar teruggevonden. De eerste reünieshow in het Manuscript in Oostende was misschien nog een uit de hand gelopen vriendendienst, in Poperinge was het menens. Het was luid en smerig. Rock is nog lang niet dood.

Dhaenens en de Wolf willen niet gewoon hun oude hits opwarmen en kiezen ervoor om vooral veel nieuw werk in hun set te steken. Geen eenvoudige taak met een publiek dat in de eerste plaats komt voor het oudere werk. Het nieuwe materiaal moet dan minstens de vergelijking met het oude kunnen doorstaan.
De versie 2.0 van Derek & The Dirt, met behalve toetsenist Yves Meersschaert nog de nieuwe drummer Frederik Van den Berge en bassist Philippe De Vuyst, slaagt daarin met vlag en wimpel. Nieuwe songs als “Stop The News” (over onze verslaving aan nieuwsberichten) en “We Still Feel” gaan verder op het elan van het oude werk: luide gitaren, vette riffs en met een songtekst die ertoe doet. We mogen hopen dat ze met dat nieuwe materiaal de studio in trekken. Maar ook bij Derek & The Dirt moet het niet altijd serieus zijn. Soms gaat een song, volgens Derek, ook gewoon over tieten. Zo’n kwajongensstreken zijn nog steeds het handelsmerk van Dhaenens en co.
Van het oude werk onthouden we vooral furieuze versies van “Run”, “Simenon Girl”, “Love’s Exaltation” en “Stealin’ From Rock ’n Roll”. Bij het publiek gaan spontaan de armen in de lucht, net als begin de jaren ‘90.
Ook “Oh By The Way” en “Rosie” doen de harten van het publiek in Poperinge wat harder slaan. Al struikelt Derek over de eerste strofes van Rosie, de tekst staat duidelijk nog met diepe halen diep gegrift in het geheugen van het publiek, dat hem onmiddellijk te hulp schiet.
In het bluesy “Mirror” en ook in “All Today’s Words” horen we dat de stem van Derek met het verstrijken van 25 jaar nog wat dieper snijdt: voller, ronder, rijper, donkerder. Ergens tussen Tom Waits en Arno in. Maar er werd in Poperinge in de eerste plaats gerockt, o.m. op “Old Fear” en het springerige “Sugar”. Op “G-Cup”, dat dan weer niet over tieten zou gaan, toont Derek & the Dirt dat de band in deze nieuwe samenstelling geen schrik heeft om wat te experimenteren. En ze komen er mee weg.
“The Letter” van The Box Tops hebben die van The Dirt bewaard voor de bisnummers. Op “Butterfly”, het andere bisnummer, toont Pim de Wolf nog eens dat hij niet alleen vanwege zijn kapsel en de immer aanwezige zonnebril de Slash van de Lage Landen wordt genoemd. De vette riffs rollen nog steeds met een verbazend gemak uit zijn versterker.
Waar je in Poperinge niet naast kon kijken was het plezier waarmee Dirk Dhaenens en Pim de Wolf op het podium stonden. Ze stonden te stralen en dat sloeg over op het publiek. Waarom hebben ze zo lang gewacht voor een reünie?

Organisatie : Taste It, Poperinge

Warhola

Warhola - Een groots artiest ontpopt zich

Geschreven door

Op een warme zaterdagavond zakten wij af naar Brussel. Niet voor de gay pride, maar wel voor het concert van Warhola, van Oliver Symons van Bazart. We kregen de transformatie van een bescheiden muzikant naar een magistrale artiest te zien,  in een zo goed als uitverkochte grote zaal.

Voor we het in geuren en kleuren hebben over de verbluffende show van Warhola, willen we toch eerst even welverdiende credits geven aan Ulysse als support. Wat een opwarmer! Zelden zagen we zo’n enthousiasme in het publiek. De gemotiveerde band kreeg er ook een korte gastpassage van Glints die voor de gelegenheid de lijnen van Roméo Elvis kwam inzingen op “Acid”, wat het publiek duidelijk bekoorde . Normaal spotten we op dit vroege uur enkele timide danspasjes. Nu was de zaal in topvorm.

Warhola - Een halfuurtje krijgen we om even op adem te komen vóór de lichten opnieuw gedoofd worden en een donkere, mysterieuze sfeer de zaal overmeestert. Harde elektronische beats (onze borstkas trilde) geven de zaal een voorsmaakje van wat er aan komt. Na de nodige spanningsopbouw, komt Oliver tevoorschijn in een Oscar and the Wolf doende outfit (zonder de glitter) en uitstraling.
Heel snel wordt duidelijk dat deze show de vorige met grote stappen gaat overtreffen. Niet alleen laat Oliver ditmaal zijn microfoondraad achterwege, hij bespeelt minder zelf zijn keyboard wat hem plots veel meer bewegingsruimte geeft. Ook de visuals en persoonlijke uitstraling zijn van een nog hoger niveau dan wat we tijdens de vorige show in de AB Box te zien kregen. Een led paneel overdekt de achterkant van het podium en we krijgen een kleurrijke lichtshow te zien.
Symons staat met een overtuigende , zelfzekere allure op het podium en krijgt de zaal vanaf het begin mee. Hij heeft er duidelijk zin in en maakt het podium tot zijn danszaal, het publiek volgt al snel zijn voorbeeld en gaat bescheiden meebewegen in de pit. Na de stevige start, komt de zaal even tot rust tijdens een nieuw nummer dat begint als een ballad. Al is niets minder waar, de song ontploft al snel in een multi-divers kleurenpalet aan beats dat ons even helemaal omver blaast. De enige gedachte die in ons opkomt, is “wat een fucking goe nummer was da”.
Tijdens de avond krijgen we nieuwe nummers voorgeschoteld die stuk voor stuk verrassend goed worden onthaald door het publiek. Er is geen sprake van awkward stilstaand kijken, er wordt bewogen, gefloten en geklapt. Tussen al het dansen door worden gelukkig ook de nodige pauzemomentjes ingelast. Zoals het fantastische gitaar-intermezzo van Wouter Souvereyns die een betoverende, warme gloed over de zaal laat neerdalen. Hij maakt het er even muisstil.
De oudere nummers “Unravel”, “Reshape”, “Aura” en “Lady” kunnen natuurlijk ook niet ontbreken. Stuk voor stuk nummers die de zaal duidelijk kent en hen enthousiast laat mee bewegen.
Ook Oliver is een brok energie op het podium. We krijgen een spraakzamere, beweeglijkere Warhola te zien dan in zijn vorige shows. Wanneer de nieuwe single “Promise” wordt ingezet, komen de Jamaica vibes boven en wordt de zaal spontaan zo’n 20 graden warmer. “Red” wordt aangekondigd als de laatste van de avond en een golf van teleurstelling gaat door de zaal. Het publiek heeft duidelijk nog geen zin om naar huis te gaan. Warhola blaast de set uit met een fenomenale outro met satanisch-klinkende beats en een exorcistische getinte lichtshow en bijhorende duistere moves.
Tot grote vreugde bij het publiek komt Oliver nog even terug voor twee bisnummers. Hij neemt definitief afscheid met de recentste hit “Jewels” waarop hijzelf met het publiek nog een laatste keer de schoonste dansmoves toont en de laatste restjes energie achterlaat.

Vorig jaar zagen we in AB Box al een heel andere kant van de anders vaak timide, bescheiden Oliver. Nu kregen we een ware transformatie. We zagen een grootse veelbelovende artiest die blijft groeien. De onwennigheid en onzekerheid in zijn podium présence, was nu helemaal verdwenen. Na wat we vandaag ervoeren, kijken wij met nog meer verlangen uit naar wat de toekomst voor Warhola brengt. De nieuwe nummers die we vandaag proefden, laat ons alvast met honger wachten op dat aankomende album.

Ism Dansende Beren – www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Sugarhill Gang

Sugarhill Gang overschrijdt verschillende generaties

Geschreven door

Er was weinig volk dat kon terugdenken aan hoe New York in 1981 was, of 1976, en waar hip-hop uit voortkwam. En toch is dat waar de sound van de Sugarhill Gang in 1979 voortkwam toen ze met “Rapper’s Delight” een monument voortbrachten waarvan men op dat moment waarschijnlijk nog niet besefte wat voor een monument het was. Een New York waar de straten vol naalden lagen en de schizofrenen in de goot. Een New York dat niemand nu nog zou herkennen en dat intussen een mythe geworden.

Intussen zijn we haast 40 jaar verder en dan komt er een concert waarbij de aanwezigen misschien niet helemaal weten wat er gebeurt, of toch wel als hun ouders het hen ooit vertelden. De organisatoren moeten dat uiteraard wel geweten hebben en het zegt toch wel wat over de kracht van muziek dat hierbij een paar generaties aaneen gesmeed worden. Het was ook voor mij de eerste keer in een LUX, een nieuwe intieme zaal in een deel van Gent dat niet zo echt tot het centrum hoort waar men in de toekomst best nog wel wat feestjes wil gaan organiseren.
Hip hop en de hele cultuur waar Sugarhill Gang uit voortkwam bestaan op zich niet meer, of zijn intussen tot iets helemaal anders gemuteerd, maar dat is net wat hiphop ook al was, een mutatie van diverse invloeden en subculturen die stalen als de raven en hun grootste hit baseerden op andermans werk.
Het was uiteindelijk niet zo moeilijk om dit soort bedenkingen achter je te laten als je de energie zag waarmee nog een aantal oude leden, Michael ‘Wonder Mike’ Wright and Guy ‘Master Gee’ O'Brien als de bio correct is,  aangevuld met jonger geweld, te keer gingen en er een echt feestje van maken.
Uiteraard de hits zoals “The Message” en “8th Wonder”, maar net zo goed flarden Run DMC of House of Pain of zowaar Madonna die ze aan een razend tempo aaneen rapten, met nog een hoop zo snel als ze waren amper te volgen intermezzo’s uit een rap back catalogue van vier decennia.
Het niet zo talrijke publiek lustte er wel pap van, en het hoogtepunt van de avond kon niet anders dan “Rappers Delight” zijn, waar nog wel een paar volgende generaties hun groove thing op zullen shaken.

Een veel energierijker concert dan ik ooit gedacht had, en haast te professioneel in al zijn vloeiende enthousiasme. Hiphop leefde deze avond in ieder geval meer dan ooit. Er moest nog een feestje aangebreid worden, met DJ’s die schat ik nog niet geboren waren toen hiphop het levenslicht zagen, maar dat zal wel weer een bewijs zijn dat op goede muziek geen leeftijd staat.
We zagen dat het goed was en verlieten wijselijk het pand.

Organisatie: City Queens & Club69

WWWater

WWWater geeft het beste van zichzelf

Geschreven door

WWWater geeft het beste van zichzelf
A/T/O/S en WWWater
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-05-18
Wim Guillemyn

A/T/O/S en WWWater - Twee beloftevolle bands gaven vanavond het beste van zichzelf

Vanavond stonden er twee jonge Belgische bands op het programma waar ik al veel van gehoord en gelezen had maar nog niet aan het werk had gezien. Ik was dus benieuwd wat de avond zou brengen. De zaal was gekleurd met rode lampen en het projectiescherm toonde een psychedelische montage. De toon was gezet.

A/T/O/S of ook wel uitgesproken als A Taste Of Struggle mocht de avond openen. Dit duo werd op het podium door nog twee dj’s bijgestaan. Hun blend van electro, trip hop en dj-music heeft wel iets. Samen met de frisse verschijning van zangeres Amos en haar sensuele en aangename stem zorgden voor een goede trip doorheen hun muzikaal landschap. Hier en daar waren er wat bewegingen en aarzelende danspasjes te bespeuren. We onthouden o.a. “Roses” en “Vortex” (uit hun recentste album ‘Outboxed’).

WWWater is een trio dat, kort door de bocht gezegd, minimalistische electro maakt. Het podium werd opgevrolijkt met spiegels en ander reflecterend materiaal. Een creatie van Atelier Brenda. Verder waren er de synths (met Moog etc) bespeeld door Boris Zeebroek (zoon van Kamagurka en ook gekend van bands zoals The Germans en Hong Kong Dong) en de percussie door Steve Slingeneyer (met drum en drumcomputer). De zangeres Charlotte Adigéry bespeelde sporadisch ook nog de basgitaar. Ze begon met een liedje dat praktisch alleen uit zang bestond. De set werd dan geleidelijk opgebouwd en kwam met elke song opzwepender. Halverwege kwam alles helemaal onder stoom met “WWWater”, “My Hands” en “Screen”(dat een beetje als een song van The Ting Tings kon doorgaan). Een heel sterke performance en wat een krachtige stem heeft zij toch. Dit in combinatie met haar charisma maakte dat het een subliem optreden was.
Het optreden was vrij kort (ik vermoed dat ze nog geen uitgebreid repertoire hebben) en er kwam geen bis meer ondanks de vraag van het publiek.
WWWater is een band om zeker en vast in het oog te houden.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Les Nuits Botanique 2017 – Ryley Walker in een glansrol!

Les Nuits Botanique 2017 – Ryley Walker in een glansrol!
Les Nuits Botanique 2017
Botanique (Chapiteau + Rotonde)
Brussel
2017-05-17
Sam De Rijcke + Johan Meurisse

‘Golden Sings That Have Been Sung’, één van de beste albums van het afgelopen jaar, is een pareltje van het zuiverste water, een plaat die bij elke beluistering nog wat meer geheimen prijsgeeft. Eigenlijk is het een singer/songwriter plaat pur sang, maar wat Ryley Walker (CH) er live mee aanvangt is bijzonder interessant. Walker heeft een heuse band rond zich verzameld en samen hebben ze die prachtsongs in een seventies kleedje gestoken en daar wat patchouli over gegoten. Het gezelschap stapt met hun materiaal terug naar de The Doors, Neil Young & Crazy Horse en ja, zelfs The Velvet Underground. De songs krijgen live een freewheelende uitvoering waarin gitaren geregeld loos mogen gaan terwijl de jazzy drums het geheel constant van een losse groove voorzien. De band flirt zelfs lichtjes met noise maar alles komt steeds fijntjes op zijn pootjes terecht. We ervaren straf gitaarwerk die gespaard blijft van macho uitspattingen en gierende spreidstandsolo’s. Zie het meer als frisse gitaren die we dezer dagen ook meemaken bij gasten als Adam Granduciel (The War On Drugs), Kurt Vile of Steve Gunn, gitaarhelden zonder kapsones.
Gezien de lange uitgesponnen versies blijft de setlist hier beperkt tot amper vier songs, maar het zijn stuk voor stuk spannende trips waarin een mens maar al te graag wil verdwalen. Zo is “Roundabout” voorzien van een langgerekte intro die flinke sporen nalaat, de song heeft er al een indrukwekkende reis opzitten nog voor ie echt begonnen is. Met stip noteren wij graag “Sullen Mind”, een track die minutenlang onze geest aanwakkert, een avontuurlijke en bij momenten stevige jam waarbij de oorspronkelijke kracht van de song niet uit het oog verloren wordt.
Wij hebben hier maar een ding op aan te merken : met amper drie kwartietjes is dit veel te kort.

Over naar Angel Olsen (CH), een sympathieke deerne met een fraaie stem die hier haar laatste wapenfeit ‘Woman’ komt voorstellen. De dame weet op haar best met een stel innemende songs (“Heart Shaped Face”, “Never Be Mine”) een mysterieus sfeertje te creëren waarmee ze zo een David Lynch film zou kunnen binnenstappen. Haar stem en songs evenaren daarbij soms de warmte van Hope Sandoval of Sharon Von Etten. In het fraaie “Woman” reikt ze dan weer naar ijle hoogtes en soundscapes zoals ook Heather Nova die in haar beginjaren kon produceren.
Toch kan Olsen ons niet de ganse tijd begeesteren, omdat nogal wat songs naar kleffe country ruiken en zo de spanningskracht uit het concert halen. Vooral in het tweede deel van de set, met onder meer een overbodige bisronde, komt de klad er wat in te zitten.
Angel Olsen heeft trouwens wel een puike band rond zich, met een leadgitarist die bij momenten een stel knappe solo’s tevoorschijn tovert. De band weet de songs soms naar eenzame hoogtes te stuwen, maar naar analogie met hun keurige outfit houden de groepsleden het qua sound overwegend clean, een beetje te proper naar ons gedacht. Iets meer buiten de lijntjes kleuren zou geen kwaad kunnen. De rauwe randjes die er op de vorige plaat ‘Burn Your Fire For No Witness’ nog wel aan hingen zijn zo hier zo goed als weg gevijld, en dat is een beetje jammer. Maar dat Angel Olsen een straffe madam is die aardig wat in haar mars en in haar longen heeft, dat staat buiten kijf.

Nog dit, na het concert lopen we onze makker terug tegen het lijf die enkel de laatste twee songs heeft gehoord en ons doodleuk vertelt dat het hem doet denken aan Dolly Parton. Zoals eerder gezegd , wij vonden de bisronde nu ook maar wat slapjes, maar Dolly Fuckin’ Parton ???  Are you kidding me ? Zelfs qua tetten waren er nog geen gelijkenissen.

Het Amerikaanse Cherry Glazerr (RO) weeft snedig gitaarwerk in een web van effects , doom en elektronica . De nummers starten heerlijk zalvend, bouwen op en durven te exploderen en te ontsporen . De zang van Clementine Creevy mag er wel zijn , heel rustig gevoelig , als hard , schreeuwend . Een link naar Crystal Castles is gemeend . De songs ondergaan heel wat tempowissels , hotsen kronkelgewijs en botsen zonder de melodie uit het oog te verliezen. De ‘two girls – two boys’ band smijt er zich tegenaan  en durven alle registers open te draaien . Een noise wave golf waait over ons heen en de elektronica vangt dit op door z’n klankkleur . Cherry Glazerr probeert met de nieuwe plaat ‘Apocalipstick’ Europa te veroveren . Ze gaven alvast een verdienstelijk, overtuigend optreden .

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/angel-olsen-17-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/ryley-walker-17-05-2017/

Andere zalen
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/endz-17-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lowself-17-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/mome-17-05-2017/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2017)

Les Nuits Botanique 2017 – alle zalen + Asgeir – Pracht klankenspectrum!

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2017 – alle zalen + Asgeir – Pracht klankenspectrum!
Les Nuis Botanique 2017
Botanique (alle zalen)
Brussel
20127-05-16
Emile Dekeyser en Johan Meurisse

In de Chapiteau werd het een avondje oerdegelijke Brit ’street’ punkrock met o.m. Shame en Sleaford Mods , punkpoëten die het publiek en de wereld even willen doen stilstaan van wat er gebeurt, waar je een opgeheven vuist en middelvinger van opsteekt .

Shame ging gedreven te werk en zette al meteen de tent in vuur en vlam. Hun zanger, een typisch Brit lookalike, beet sterk van zich af, en ging hevig tekeer in z’n (zeg)zangpartijen. Dit was Britpunk als van in de jaren 70 , met een Happy Mondays randje , maar dan zonder geestesverruimende middelen en psychedelica . We voelden ongenoegen, frustratie . De vonken spatten van deze opwindende band. Dynamiet hing in de lucht . Een no nonsense  aanpak , boenk erop! Een statement die de ideale warming up was van Sleaford Mods later de avond.

Zelden een publiek zo veel liefde weten uitdragen als voor Sleaford Mods op Les Nuits Botanique. Het is al lang geen band meer die in aftandse cafés en grauwe kelders moet aantreden. Het grote publiek heeft de band omarmd en ons hoort u niet klagen. De heren uit Nottingham zijn een frisse wind. Een laptop, een grofgebekte, wild gesticulerende zanger (Jason Williamson) en iemand die op ‘play’ drukt en bier drinkt (Andrew Fearn), meer is er niet nodig. Kent u een act die anno 2017 meer punk ademt?
De liefde was wederzijds, zanger Jason Williamson deed voor de bisronde uitvoerig uit de doeken hoe Brussel een belangrijke plaats in zijn hart heeft. Je kan dat cheesy vinden, maar aan cheesy doet Sleaford Mods niet. Dit kwam recht uit datzelfde 47-jarige hart, zeker als je weet dat hij in interviews al liet optekenen dat België, samen met Duitsland, het eerste land was waar ze zijn band omarmden, toen the mods in thuishaven Engeland nog werden aanzien voor dorpsidioten.
De set zelf puurde vooral uit het recentelijk verschenen ‘English Tapas’, zowat de enigste plaat die het post-Brexitreferendum Engeland perfect weet weer te geven. Leuk, maar ook de reden waarom het wat traag op gang kwam, naar Sleaford Mods-standaarden werd het, op deze warme zomerdag, soms een tikkeltje te gezapig werd. Net op dat moment passeerde gelukkig “Jolly Fucker”, een uppercut van jewelste. Uitermate sterk was ook “B.H.S”, dat paal en perk wil stellen aan het soort horrible cunts dat een bedrijf failliet laat gaan, 11.000 mensen op straat zet, maar ondertussen wél doodleuk bonussen uitkeert aan de CEO’s, CFO’s en HR-managers.
Volgende maand zijn er verkiezingen in Groot-Brittannië. Verwacht wordt dat de conservatieve Tories opnieuw met de overwinning gaan lopen. Iets zegt ons dat Sleaford Mods de komende jaren genoeg stof zal hebben om kwaad over te worden, en verder te gaan op hetzelfde elan. Zo is die Brexit toch voor iets goed.

Andere zalen
Een handvol songs stelde het Amerikaansze Froth (RO) voor . Live worden deze meer uitgesponnen dan op plaat . De groep manifesteert zich binnen de dromerige indie/shoegazepop en laat de instrumenten spreken . De songs kronkelen, bouwen op, laag per laag , klinken gedreven, en gieren gedoseerd , zonder echt te exploderen . De band houdt je in hun greep door die spanning en intensiteit . De zang van Joo Joo Ashworft zweeft over de nummers; een wave donkerte  horen we in het materiaal. Ze zijn al van 2012 bezig en België is de eerste ontmoeting met de nieuwe plaat ‘Outside (briefly)’.
Iets later kwam het Deense kwartet Communions (RO), die ook een wave inslagje hebben in hun snedige , opwindende postpunk. De songs klinken melodieus, aanstekelijk, scherp , gedreven; ze zijn vaardig , goed onderbouwd en hebben catchy refreinen . Alle ingrediënten zijn er om door te breken, maar ze misten nog wat punch en podiumprésence om het publiek mee te krijgen . Niettemin , muzikaal is er voldoende talent . Benieuwd hoe het verder zal evolueren …

In een goed gevuld KC trad Asgeir op , één van de talenten uit IJsland die toe is aan z’n tweede plaat ‘Afterglow’  . Hij nam de tijd te werken aan de opvolger van ‘In the silence’. Hooggespannen verwachtingen die op plaat als live werden ingelost . Net als op het debuut lieten we ons meevoeren op de dromerige songs die ons gidsen in een fijn muzikaal avontuur en natuurpracht die IJsland rijk is.
Met zes staan ze op het podium , een pak elektronica , maar ook een full band die pop , rock injecteert en zorgt voor een elektronica gedreven pop geluid, dat balanceert tussen licht en donker en tussen droom en realiteit . Laag per laag wordt de sound gecreëerd en horen we muzikale pracht , gedragen door z’n fluwelen stem en backing vocals . Een  melancholische klankkleur  in een soort opgewektheid . De Engelse taal primeert, het IJslands wordt niet vergeten .
“Here comes the wave” en “Underneath it” uit het nieuwe album tonen ons de weg . Iets verder sijpelt de intimiteit , ingenomenheid door , eveneens een belangrijke partner in Asgeirs muzikale wereld , als “Nothing” en “Afterglow”  .
Hij wisselt af in de twee cd’s en het tweede deel van de set klinkt extraverter door de grooves en rollende beats in het elektronisch vernuft en het  rockend concept. “I know you know” en “Going home” werden sterk onthaald . “Head in the snow”, “King and cross” spreken tot de verbeelding.
Asgeir eindigt straf met “Stardust” en de doorbraaksingle “Torrent” , die mooi uitgewerkt zijn en uptempo klinken door de elektronicagrooves .
Asgeir kan zijn  afkomst niet verloochenen in die klankenwereld , het voelt iets speciaals aan . Hij is nog te zien op Moods in Brugge (09/08), het kan niet anders dat binnen de stadsmuren een uniek gevoel gecreëerd zal worden … 

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/asgeir-17-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/halehan-17-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/shitkid-16-05-2017/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2017)

Pascal Deweze

Cult Of Yes

Geschreven door

Pascal Deweze is altijd al een bezige bij geweest. Hij startte zijn muzikale loopbaan met Metal Molly (wie ouder is dan 40 herinnert zich hun hitje “Orange”), om daarna vooral met Sukilove te scoren in het alternatieve circuit. Andere projecten waren o.m. Chitlin’ Fooks en Mitsoobishy Jackson. Recent scoorde hij nog met de retropop van Broken Glass Heroes (de soundtrack bij de tv-reeks ‘Benidorm Bastards’).
‘Cult of Yes’ is zijn eerste album onder zijn eigen naam. De hoes heeft iets van abstract, primair knip- en plakwerk en zet zo de lijnen uit voor het album. De studio was zijn speeltuin en dat hoor je. Op de meeste tracks primeren de ritmes en komt hij uit in de buurt van een low-fi Brian Eno (“EP10” en “Think Of Me”). Op andere speelt hij met laagjes en koortjes en ontpopt hij zich zo tot een akoestische of analoge versie van Brian Wilson of Electric Light Orchestra (“Beautiful Penelope” en “Summer Bones”).
Het meest genietbaar zijn die tracks waar Deweze terugvalt op de klassieke opbouw van een song, met iets wat vaagweg lijkt op een intro, strofes en refreinen en een outro, zoals op “Don’t Look Over Your Shoulder” en “I Am Out On A Field”. Al levert dat nog steeds geen hapklare brokken op, eerder uitgeklede of kale versies van wat nummers voor Broken Glass Heroes hadden kunnen zijn. Zodra hij ook nog die structuur loslaat, zoals op “Paris” en “Strange Behaviour” (waarop Prince Eels ontmoet), is het voor de luisteraar kiezen tussen zoeken naar aanknopingspunten of zich laten meedrijven. Op “I Only Have A Yes For You” is het heerlijk om je te laten meedrijven.
Voor wie Pascal Deweze vooral kent van alternatieve gitaarbands nog deze waarschuwing: op de credits van het album staan wel gitaristen vermeld, maar het is op ‘Cult Of Yes’ zelfs bij herhaald luisteren moeilijk om ze terug te vinden. De heerlijk-ijle backing vocalen komen van Lien Moris van Piquet en Anne-Sophie Ooghe van High Hi.
Cult Of Yes’ is zowel voor Pascal Deweze als de luisteraar een zoekplaat. Het album geeft een aantal rake voorzetten, maar Deweze weet nog niet of hij ook elk doelpunt wil scoren.

Struggler

The Gap

Geschreven door

De Vlaamse postpunk band Struggler werd opgericht in 1979. Een eeuwigheid in muziekland. Indertijd werden ze in één naam genoemd met bands als De Brassers en Siglo XX. Ze kregen wel de aandacht niet die eerder vernoemde bands wel kregen. Wat ik er nog van weet is dat ze in de vroege jaren 80 een cassette uitbrachten en daarna een album met de lange titel ‘It Was A Very Long Conversation But At The End We Didn’t Shake Hands’.
In elk geval zijn ze anno 2017 levendiger dan ooit en hebben ze zelfs een nieuw album uit. ‘The Gap’ presenteert ons 13 songs met levendige en bij momenten donkere postpunk. Lekkere vettige baslijnen, gitaarwerk dat floreert tussen punk en wave. Daarnaast bezwerende zang dat begeleid wordt door een ervaren ritmesectie. Bij momenten heeft het gitaarwerk zelfs iets psychedelisch over zich en bevat ze tevens elementen van rock‘n’roll.
Maar zoals gezegd klinkt alles levendig alsof het gemaakt werd door een stel jonge honden. Luister maar eens naar bv “Recrudesce” dat drijft op de heerlijke sustain van de gitaar en de zang die mij een beetje aan The Dead Kennedy’ s doet denken. Het titelnummer “The Gap” bevat catchy zang is één van de meest radiovriendelijke songs met mooi gitaarwerk. Het gesproken gedeelte klinkt bijna als Leonard Cohen. Nice. Een deel van hun tracks duren zo rond de drie minuten en de meer psychedelische zijn meestal een zestal minuten lang. “Key 17” bevat een gesproken tekst aan het begin om dan punksgewijs van start te gaan. “Shrapnel” heeft een baslijn die de song vormt en kleurt. “Wanted” en “Don’t Care” zijn punk van de bovenste plank. Er wordt afgesloten met een aardige cover van Pere Ubu: “Final Solution”. Eén van opperhoofd Rene Hulsbosh favoriete bands.
Struggler anno 2017 klinkt op ‘The Gap’ levendig, opwindend en vrij punky. Een heel fijn album dat wat aandacht verdient.

Thee Oh Sees

A weird exits-2-

Geschreven door

Thee Oh Sees is onmiskenbaar John Dwyer . Elk jaar is hij er wel met een nieuwe plaat . In nog geen veertig minuten draait hij hier met een nieuwe bezetting een rits songs door die hun thuishaven vinden binnen de garagerock . Hij weeft er een resem varianten aan van psychedelica , punkabilly, krautrock tot ambient , harkend , bonkend , zoemend en neurotisch overstuurd . De nummers zijn uptempo , broeierig , bezwerend  en verslavend .
Thee Oh Sees houdt er een GBV concept op na en slaat de brug tussen Stooges en Butthole Surfers .
Op plaat ietwat gewoontjes soms , live energiek , opwindend , briesend , gek!
Tijdloze band!

Pagina 441 van 964