logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
dEUS - 19/03/20...

Drums Are For Parades

Drums are for parades – interview nav Record Store Day april 2012

Geschreven door

Op 21 april werden onafhankelijke platenwinkels overal ter wereld in de kijker gezet, op de zogenaamde Record Store Day. Ook in Gent werd meegevierd: speciaal voor deze dag kwam Music Mania met een aantal exclusieve releases op de proppen, waarvan de meest opmerkelijke toch wel de EP ‘Imperium’ van het Gentse Drums Are For Parades was. Enkele uren voor DAFP hun nieuwe creatie aan de Handelsbeurs voorstelde, gingen wij een praatje slaan met Wim Reygaert en Piet Dierickx van Drums Are For Parades. Gastzanger van dienst en Kapitan Korsakov-frontman Pieter-Paul Devos dronk voor de gelegenheid een pintje mee.

Om met de deur in huis te vallen: wat een plaat opnieuw. Hoe zijn de reacties tot zo nu toe?
Wim: “Wel, de EP is nog niet zo lang uit, dus echt veel reactie daarop hebben we nog niet gehad. Natuurlijk zijn de nummers wel al een hele tijd af en hebben al genoeg mensen ernaar geluisterd. Het is raar, want het is voor onszelf ook onze experimenteerplaat. We zijn echt all the way gegaan in all different directions.”

Hoe en waar is “IMPERIUM” opgenomen?
Wim: “Heel de plaat is eigenlijk een uitloper van een voorstel dat we gekregen hebben van de Ancienne Belgique. Ze hebben daar een heel goeie studio, en wouden een beetje de mogelijkheden aftasten. Dat paste perfect in onze visie, we waren een beetje de testdrivers van de vernieuwde AB-studio. Daarom zijn we echt dankbaar dat we zo’n kans gekregen hebben. Het was ook bijzonder aangenaam om samen te werken met Staf Verbeek die ons bijgestaan heeft op technisch vlak.”

Samenwerking staat heel centraal op de nieuwe EP. Hoe zijn jullie bij al die mensen terechtgekomen?
Piet: Wel, iedereen heeft zo’n beetje een eigen verhaal. Het was voor ons ook belangrijk om na te denken over wie wij zelf respecteren, en met wie wij wilden samenwerken.
Wim: “Piet is al een hele tijd bevriend met Chris Goss bijvoorbeeld. Als hij dan een nummer wil inzingen, is dat natuurlijk fantastisch. Aan de andere kant: Rudeboy (Urban Dance Squad) is voor mij een van mijn jeugdhelden. Ik herinner me dat ik toen ik in het middelbaar zat, ooit de Coopertest moest lopen. Ik had mijn walkman meegenomen en terwijl ik daar zwaar aan het afzien was, luisterde ik naar “Fast Lane”. In dat opzicht vind ik het ook echt spannend om straks het podium te delen.”

Ging iedereen direct in op het voorstel? En omgekeerd: hoe was het voor jullie om je eigen nummers te laten bewerken?
Wim: “Op ‘Master’ (het eerste full album van DAFP) deden we al iets gelijkaardigs. Toen lieten we Jurgen Munkeby van het Noorse Shining een nummer voor zijn rekening nemen. Wat daaruit kwam, hadden we nooit verwacht, zeker niet van iemand als Munkeby. Niettemin klonk het écht wel strak, en waren we er heel tevreden over. Met ‘IMPERIUM’ hebben we hetzelfde concept gehanteerd, waarbij wij nummers schreven om ze later te laten bewerken, maar wel steeds met de muzikant die zou meespelen in het achterhoofd. De grote lijnen waren dus uitgezet door ons. De enige die zich niet aan die regel gehouden heeft, is Jeroen (De Pessemier, Papillon bij the Subs). Dus zijn we maar een nevenproject gestart: ‘Hammerang’. We speelden al samen op de Subs-night, en ik ben eigenlijk wel benieuwd wat er verder nog uitkomt.”
Piet: “Rudeboy, Pieter-Paul, Tim,… zijn natuurlijk allemaal zeer goede muzikanten. Het proces verliep daardoor vrij vlot, maar ook de karakters waren doorslaggevend. Als we er goed mee overeenkomen, is het een kleine stap om samen muziek te maken.”
Wim: “Bovendien is muziek voor mij een universele taal. Iedereen die we vroegen om iets te doen op ‘IMPERIUM’ was direct heel enthousiast.”

Er zijn heel veel verschillende stijlen te horen op de EP. Van een trage ballad naar een electro/punknummer tot stonerrock. Hoe belangrijk is het voor jullie om de vertrouwde muziek te verlaten en te experimenteren met andere genres?
Wim: “Daar zijn waarschijnlijk veel mensen kwaad voor (lacht). Nét nu iedereen een beetje doorheeft wat DAFP eigenlijk echt doet, steken we de draak met onszelf en brengen we ‘IMPERIUM’ uit. Maar dat is ook heel erg belangrijk, het houdt ons scherp. Ik denk dat ik undiagnosed ADHD heb: zonder muziek zou ik mezelf verliezen en ik hou ervan om heel veel verschillende dingen te doen.
Piet: “Dat is ook wat we gaan blijven doen. Tot de dag dat enkele van onze beste vrienden aan de deur staat en zegt : “Gasten, stop ermee. Het is écht niet cool om Scala te coveren!”.
Pieter-Paul (Devos, Kapitan Korsakov):“Als gastmuzikant is het ook interessant om mee te werken, omdat je uit je natuurlijke habitat gehaald wordt. De band waarmee je speelt gedraagt zich anders, en jij zelf automatisch ook. “
Wim: “Om aan te vullen: wanneer we besloten om Pieter-Paul te vragen, zou het zo voor de hand liggend zijn om een nummer te schrijven met zware deathriffs en veel screamo’s. Dus hebben we dat niet gedaan: “Warning” is de ballad waar je het over had. Muziek moet niet altijd te gemakkelijk zijn…”

 ‘IMPERIUM’ komt uit naar aanleiding van Record Store Day. Vanwaar de link?
Wim: “Ik ken de eigenaar van de Music Mania in Gent redelijk goed, en hij wou onze eerste EP opnieuw uitbrengen. Maar dat was iets dat wij niet echt zagen zitten, dus besloten we om gewoon iets nieuws op te nemen.”

Hebben jullie zelf voeling met vinyl? En wat met het al dan niet legaal downloaden van muziek?
Wim: “Ik download constant muziek, illegaal. Ik heb niet zo van die principes.”
Pieter-Paul: “Ik download niet.”
Wim: “Gij hebt geen computer!”
Piet: “Ik download uit principe niets legaal (lacht)!”
Wim: “Kijk, ik vind vinyl echt cool. Het is iets tastbaars dat niet ten onder gaat in de stroom van information overload dezer dagen. Daarom proberen wij ook al onze platen van degelijk artwork te voorzien, om er iets unieks van te maken.”
“Ik kan nu gelyncht worden omdat ik dat zeg, maar dat illegaal downloaden is echt een deel van de evolutie.”
Pieter-Paul: “Pas op, ik ben er ook niet tegen. Er is zoveel commotie rond de zogenaamde broodroof van artiesten door het illegale downloaden, maar reken eens uit hoeveel elk bandlid verdient aan een CD waar je in de winkel €20 voor betaalt? Ik dacht het niet... Plus, de mensen die je muziek echt goed vinden, steunen sowieso op een andere manier. Er komt volk af naar je shows, er worden t-shirts verkocht, enzovoort.”
Wim: “Voila, dat vind ik ook. En uiteindelijk: wij kopen ook CD’s en platen hé! Ik snap inderdaad niet dat mensen zeggen dat muziek gestolen wordt door het te downloaden, want dat is niet waar. De CD staat ergens op het internet, en ik luister er naar. Ik heb niets tastbaars in mijn handen, ik kan het CD-boekje niet uitpluizen, er is geen artwork die je kan bekijken,… Wij hebben al onze platen zelf online gezet, op illegale downloadsites. In mijn ogen is dat kanaal echt een zegen: hoeveel bands worden er vandaag de dag niet opgepikt omdat hun demo ergens op een website staat?”
Pieter-Paul: “Volgens mij komt dat omdat in de muziekwereld het nog al te veel de dinosaurs zijn die het voor het zeggen hebben. Maar sorry, dat kan nu niet meer. Ik heb onlangs een documentaire gezien waarin verteld werd dat Nirvana de laatste band is die zo spectaculair kon groeien zonder behulp van het internet. Er zijn zoveel meer mogelijkheden nu, in positieve zin. Ik denk dat we dat over pakweg tien jaar veel beter zullen kunnen vatten, doordat we nu echt middenin de verandering zitten.”
Wim: “’t Is te hopen dat dat hier een interview voor universitair opgeleiden is! Ik sluit me daar opnieuw bij aan. Ik ben zelf eigenlijk regisseur, en in de filmwereld zijn ze al veel beter mee met die nieuwe manier van werken. Het moment dat een filmmaker met een niet al te dure camera zelf kon filmen, regisseren, monteren en daarna het boeltje online gooien, opende zoveel deuren. In de filmindustrie bestaat daar een naam voor: independant cinema. De evolutie is daar al meer omarmd dan in de muziekwereld. En toch blijven mensen naar de bioscoop gaan hé. Net zoals concerten ook volk blijven lokken.”
“Bovendien, de laatste tijd is er weer veel te doen over de revival van vinyl, maar het medium is nooit weggeweest. Bands bleven platen persen, DJ’s draaiden en draaien nog steeds met vinyl. En zoals ik al zei: wij kopen ook nog steeds. Waarschijnlijk ga ik binnen enkele jaren wel weer meer platen beginnen kopen, gewoon omdat ik ze “moet” hebben. Dan kan ik zo’n oude platenspeler kopen, waar je nog aan een hendeltje moet draaien om de muziek te laten afspelen. Perfect voor als de electriciteit uitvalt op een koude winternacht… Trouwens, onlangs vertelde me er iemand dat hij vroeger platen leende in de bibliotheek. Elk halfjaar moest je met de naald van de platenspeler langsgaan, dan keek de bibliothecaris of hij nog ok was. Pas dan mocht je opnieuw voor een halfjaar platen huren. Dat vond ik echt een leuk verhaal. Ieder medium heeft zijn charmes hé.”

Straks spelen jullie ‘IMPERIUM’ live, en wat daarna? Nog plannen voor 2012 in het vooruitzicht?
Alsof afgesproken, beginnen Wim en Piet wild door elkaar te praten
“Why would we care? De wereld vergaat in december, dus we gaan onszelf volledig laten gaan!”
Wim: “Kijk, dat is ook de reden waarom wij een van de weinige bands zijn die nog niet openlijk gereageerd hebben op die nieuwe dB-maatregelen van Schauvliege. Het is er binnen een dik half jaar toch mee gedaan. En dat zal een knal zijn die verdomme veel luider is dan 100 dB!”


Drums are for parades – interview nav Record Store Day april 2012

 

Les Nuits Botanique 2012 - alle zalen – Absynthe Minded – Ewert & The Two Dragons - Esmerine

Les Nuits Botanique 2012 - alle zalen – Absynthe Minded – Ewert & The Two Dragons  - Esmerine

We houden van de diversiteit die Les Nuits Bota op één avond samenbrengt. Vanavond waren we sterk onder de indruk van Ewert & The Two Dragons en Esmerine en zagen we een supergretige Absynthe Minded aan het werk.

In de Chapiteau konden we al vroeg terecht bij de jonge band Roscoe , uit Luik , die verwelkomd zijn in de Piasfamilie. Hun debuut ‘Cracks’ had ons nieuwsgierig gemaakt . Het kwintet van zanger Pierre Dumoulin  mag dan putten uit verschillende invloeden van The National , Elbow, Radiohead  en Red House Painters , ze creëren een boeiend volwassen geheel die kan tellen naast Absynthe Minded en taalgenoten Girls In Hawaii en Ghinzu. Hun intens broeierige, gevoelige opbouwende gitaarpop klinkt best spannend door de toevoeging  toetsen, piano en strijkerspartijen en de toegelaten ruimte voor schurende postrock gitaren; de baritonzang geeft elan. Roscoe zorgt voor voldoende verrassingen en variatie en kreeg terecht een hartverwarmende respons . Meeslepend materiaal van een band die een ruimere erkenning verdient!

In de Grand Salon waren we onder de indruk van Mirel Wagner . Ze is geboren in Ethiopië en groeide op in Espoo (Finland). De 23 jarige  sing/songschrijfster ontroerde door summier integer, ingetogen, emotievol gitaargetokkel en haar warme , zachtmoedige zuivere stem . De teksten grijpen terug naar de kleine gebeurtenissen in haar leven . Hier hoorden we invloed van Joan Armatrading, Marianne Faithfull, Robin Proper-Sheppard (die avond opgemerkt in de Bota btw!) en Leonard Cohen. Elegant, innemend, sober en kaalgeplukt materiaal als “No hands”, “The well”, “No death”, “Despair” en “To the bone” stelde ze voor . Huiverende melancholie, die de aandacht van het publiek behield . Puike ontdekking!

Ewert & The Two Dragons uit Estland verbaasden dan in de Orangerie . Ze stonden wat uitgeschud tussen twee Franse bands . Een criminele groepsnaam toch, en een band die de liedjes heeft , muzikaal talent en een sterke zanger . Op Eurosonic Noorderslag gooiden ze al hoge ogen en dat werd hier in de Bota bevestigd. Net als Of Monsters And Men, Django Django kunnen zij wel de volgende doorbraak zijn. Hun licht huppelende folkpop klinkt fris, heerlijk , bubbelt en dwarrelt . Een meerstemmige (achtergrond) zang waait over de dromerige  melodieën . Het hitgevoelig materiaal wordt gekenmerkt van opzwepende percussie , ritmetics, handclaps, catchy synths en boeiende gitaarsoli.
De Estse band speelde een meer dan degelijke set en won aan vertrouwen door hun enthousiasme , vriendelijkheid en uitnodigende opstelling. Hun album ‘Good Man Down’ is de moeite waard.
Ewert & The Two Dragons is een lichte versie van Mumford & Sons , Noah & The Whale en The Decemberists, de sing/songwiting van Damien Rice en Jose Gonzalez, en de rits nieuwe sensaties.

Het Canadese Esmerine sloeg ons vervolgens met verstomming in de Grand Salon. Anderhalf uur lang waren we in de knusse zetels gekluisterd van hun bedwelmende, meeslepende hypnotiserende trip. De (ex) leden van Godspeed en Silver Mt Zion (Montréal – Toronto) bliezen letterlijk het postrockgenre nieuw leven in gezien de zacht – harde aanpak , met folkpop en drones was voorzien en het werd aangevuld met deels klassiek werk en kamermuziek. Een niet alledaags instrumentarium , cello , allerhande (vibra/xylo/speelgoed) -foons, percussie, ukelele, trombone, piano , harmonica , muziekdoos en strijkstokken, waarbij de gitaar zo goed als opgeborgen bleef , bood een verbluffend filmisch concept. De songs hadden boeiende en verrassende wendingen , klonken sober en ingehouden om dan aan te zwellen en krachtiger te zijn.
Het kwartet ging avontuurlijk, creatief, ingenieus, pittig , meeslepend en gedreven te werk in de langgerekte dromerige  partijen . We waren danig onder de indruk hoe ze de instrumenten aanpakten ; vooral die sounds met strijkstok op de verschillende –foons en op de cimbalen. Een artistieke beleving die het materiaal uit de cd ‘La Lechuza’ voorop plaatste . Tijdens één van de bisrondes werd het tempo zelfs flink opgedreven, die de variëteit en de dynamiek benadrukte .
Speciale vermelding ook krijgen de visuals die werden geprojecteerd. Als een zandkunstenares ging een jonge dame met bladeren, boomtakjes, lapjes textiel, linten, pluimen, aarde te werk ; al die elementen werden verplaatst en kregen  lichtschakeringen. Wat het concert nog meer subtiele pracht en kracht bood …

Headliner in de Chapiteau was Absynthe Minded , die ook door onze Franstalige vrienden enorm worden gesmaakt, gezien de sterke opkomst . De Belgische groep heeft de voorbije jaren al z'n talent bewezen en komt het nieuwe album 'As It Ever Was' voorstellen. Op het podium staan vijf torenhoge fotograaf-lampen, meteen een mooie sfeerbrenger voor de nieuwe show van Bert Ostyn en de zijnen.
Een elektro tune  met Arabische sounds brengt de band naar het podium. We krijgen een toegankelijke en avontuurlijke mix van pop, rock , gypsy en jazz. Ze halen heel wat invloeden aan en de zachte, dromerige en heldere vocals stem van Bert doen ons denken aan Bob Dylan en zelfs Tom Petty.
Het gebruik van traditionele instrumenten (als akoestische gitaar, viool, bas, ...) , lofi sounds en de ronduit zigeunervintage als "Crosses" bevestigt de sterkte van Absynthe Minded . In "Picture In A Frame" wordt de sfeer bluesy , die een terechte linkt maakt met "Moon of Alabama" van The Doors: Fun hier! Daarna volgt het uitstekende "Envoi" met zijn riff à la Dylan. Het geluid is perfect en het publiek reageert enthousiast, ook al is Bert een relatief rustige showman. Op "Plane Song" wordt de sound 'heavier ' en horen we een splijtende gitaarsolo van Ostyn zelf. Dan speelt de band hun nieuwe single, "Space", die een direct  herkenbare pianomelodie heeft; een gegarandeerde hit btw! Kijk naar dit uniek moment in de video http://youtu.be/FFwR01rX95Y ). "End Of The Line" is net zo efficiënt  en het
concert eindigt met het titelnummer van de laatste elpee. 
De groep wordt warm onthaald en keert  terug voor twee nummers, o. m. “My heroics pt 1”, ‘De Mia van Gorki ‘.
Conclusie : Absynthe Minded klinkt gretiger dan ooit, nu dat de nieuwe plaat is verschenen, en doet hun matte, bleke indruk op Novarock vergeten . Ze staan op scherp en de afwezigen (de Absynths?) hadden ongelijk …

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2012)

Les Nuits Botanique 2012 - Balthazar - Oberhofer - Gaëtan Streel

Geschreven door

 

Les Nuits Botanique 2012 - Balthazar - Oberhofer - Gaëtan Streel

Op de 7e dag van Les Nuits Bota konden we in de Chapiteau terecht voor optredens van Gaëtan Streel, een bekende naam in de Luikse muziekscène , de Amerikaanse indie band Oberhofer en als headliner de jonge, beloftevolle Belgen van Balthazar (zie foto), een band met een stevige live reputatie en wat mij betreft het beste album van 2010 op zijn naam.

Maar beginnen deden we dus met de Luikse multi-instrumentalist Gaëtan Streel aka Mr Poulpy. De man verdiende eerder reeds zijn strepen als sessiemuzikant bij bands als Piano Club, Jéronimo en Me and My Machine maar bracht dit jaar onder zij eigen naam het thuis opgenomen album ‘One day at a time uit’. Live brengt hij echter zijn vrienden mee en laat hij zich stevig omringen met een achtergrondzangeres, keyboards/violiste, elektrische contrabassiste, gitarist en een dubbele bezetting achter de drums en percussie-verzameling. Zijn rasta kapsel doet misschien iets anders vermoeden maar Streel brengt een zachte mix van folk en moderne wereldmuziek.
Centraal staan mooi samenspel, en zachte sound en veel aandacht voor percussie en melodie. Achter de band werden de hele tijd videoclips geprojecteerd die mooi pasten bij de melodramatische sfeer van de muziek.
Voor mij bleven de songs echter vaak wat te luchtig en was de man misschien nog wat teveel op zoek naar zijn eigen stijl. Desalniettemen een getalenteerde muzikant die zeker en vast zijn eigen ding zal blijven doen en zijn hyperactieve muzikale zelve blijven.

En met hyperactief maken we mooi de overgang naar de tweede band van de avond, Oberhofer waar alles draait om frontman Brad Oberhofer. De groep brengt alles wat je van een hippe New Yorkse indie band mag verwachten. Energieke indiepop, catchy riffs, postpunk en zware noise-invloeden, alles komt aan bod en de zanger zelf gaat helemaal loos. De drie andere bandleden zorgen voor een strakke begeleiding terwijl hij als een wildeman in het rond springt en schopt, versterkers in het rood en alles maar dan ook echt alles geeft tijdens de 45 minuten die hij op het podium staat! Ik kon niet anders dan denken aan bands als Hot Hot Heat, The Vaccines en zelfs Vampire Weekend. Een beetje van dat alles maar toch weer fris en anders genoeg om zelf naam en faam te maken. Kortom, mooie referenties voor deze jonge getalenteerde New Yorker.
Live moet de band misschien nog wat groeien, op sommige momenten kon er echt wel wat strakker gespeeld en (vooral) gezongen worden. Sommige songs werden pas voor de tweede of derde keer live gespeeld maar dat kon de pret op het einde toch niet drukken. Een naam om te onthouden die Oberhofer.

Maar eerlijk is eerlijk, net als de meesten was ik vanavond gekomen om Balthazar (foto) (nogmaals) aan het werk te zien. Na geslaagde passages bij de Kunstbende en Humo's Rock Rally bracht de band in 2010, onder luid gejuich, hun eerste langspeler ‘Applause’ uit. Nadien volgden goeie optredens, nog meer lofbetuigingen, een geslaagde tournee in binnen en buitenland met net nog optredens in het voorprogramma van dEUS, nog meer toejuichingen en vanavond dus een optreden in Brussel.
De band brengt een frisse alternatieve poprock sound maar echt een hapklare popbrok is het niet. Er zitten voldoende hooks en verassingen in de songs die steeds een beetje buiten de lijntjes kleuren.
Voorop staan samenzang en harmonie, viool effecten en jazz invloeden en vooral een strakke bas en drum begeleiding. Daarover mogen de twee frontmannen hun eigen saus van ijle zang en minimalistisch gitaarspel gieten.
De tweede plaat verwachten we ergens deze zomer maar toch kregen we al een pak nieuwe nummers te horen. Perfect afgewisseld met dé topsongs van de eerste plaat kregen we een optreden van de bovenste plank. "The Boatman" is ondertussen haast een classic en wordt live met steeds meer verve gebracht. Meteen volgden enkele nieuwe songs, met een ingetogen, meer melodieuze aanpak.
De groep heeft duidelijk aan maturiteit gewonnen en ook in de muziek laat zich dat horen. De podiumprésence van Balthazar was altijd al indrukwekkend maar bij hits "15 Floors", "I'll stay here" en "Morning" is duidelijk dat de band nog gegroeid is. De zegetocht werd verdergezet met twee nieuwe, fel gesmaakte songs om dan aan de finale te beginnen met prachtsongs "Blues for Rosanne" en "Hunger at the Door".
Het moment van de avond werd echter gespaard voor de bis met het overweldigende "Blood Like Wine". Voor wie nog twijfelde zette de band nog even de puntjes op de i en loste de hoge verwachtingen met gemak in.
Balthazar is dé Belgische band om in de gaten te houden in de toekomst. Ga dat zien, ga dat zien, deze zomer op een festival bij jou in de buurt!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/balthazar-17-05-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/ga-tan-streel-17-05-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/oberhofer-17-05-2012/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2012)

Les Nuits Botanique 2012 – Rodolphe Coster - Grimes: van misselijke zuipschuit tot dansende partynimf.

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2012 – Rodolphe Coster - Grimes: van misselijke zuipschuit tot dansende partynimf


Van de meer dan 100 bands die dit jaar op de affiche van Les Nuits Botanique stonden was Grimes ongetwijfeld één van de aller hipste van het moment. Een razendsnel uitverkocht concert dus dat torenhoge verwachtingen creëerde, getuige ook de massa die we aan de ingang niet zonder enig leedvermaak wanhopig om een ticketje zagen smeken.

‘Witch house’, het labeltje dat sommigen op de muziek van Grimes plakken, tart dan ook de verbeelding. Wie wil niet graag eens een heksje zien dansen op house muziek en er misschien zelf ook door behekst worden? Werden die verwachtingen ook ingelost? Het zag er aanvankelijk nogal beroerd uit toen Grimes, het alter ego van de Canadese electro hippie chick, Claire Boucher, aankondigde dat ze de ganse dag over de kotsemmer gehangen had. Lichte ontreddering en verontruste blikken dus rondom ons in het publiek, zeker toen ook de voorafgaande soundcheck volledig de mist inging. Maar toen Grimes plots haar winterfrak uittrok en gezwind het ijle “Vanessa” inzong ging de zaal direct volledig overstag. Al vlug maakte deze set duidelijk dat Grimes niet enkel een übercool imago met zich mee torst.
Deze dame straalt talent uit en durfde op nummers als “Genesis” en “Oblivion” hoogst vernieuwend uit de hoek te komen met haar dromerige, onschuldig klinkende jonge meisjesvocalen die ergens zweven tussen de onrijpe “Vanessa Paradis” en Indisch engelengezang in combinatie met een aanstekelijke bricolage van electro, ambient, dubstep en R&B. “This Belgian juice saved my life”, verklaarde de liters fruitsap drinkende Grimes haar metamorphose van misselijke zuipschuit tot dansende partynimf.
Zelden een betere reclame voor een frisdrankenproducent gehoord.

Dat  Rodolphe Coster het publiek voordien al ‘opgewarmd’ had mag gerust als een understatement gelezen worden. Een half uur lang bedolf deze energieke jongeman het verschrikte publiek onder een muur van oorverdovende industriële ruis, doorweven met allerlei gitaareffecten waarin we slechts heel vaag echo’s van Autechre of The Big Pink meenden te ontwaren.
“Waar hebben ze die uitgehaald?”, hoorden we rondom ons en toen Rodolphe op het eind met zijn gitaar het publiek indook vroegen we ons af of er iets of iemand zal zijn die ooit rust brengt bij deze rusteloze performer.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv les Nuits Bota 2012)

Les Nuits Botanique 2012 – alle zalen – Perfume Genius – Mariee Sioux – General Elektriks - C2C

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2012 – alle zalen – Perfume Genius – Mariee Sioux –  General Elektriks - C2C

Fijne proevertjes hadden we hier vanavond tijdens de tweede week Les Nuits Bota, van de sing/songwriting Mariee Sioux en Perfume Genius naar de dampende retro van General Elektriks tot de ophitsende turntablists van C2C.

Perfume Genius kreeg het publiek aan z’n voeten in de pittoreske Rotonde met z’n gevoelsmuziek ‘pur sang’ . Al voor de derde keer houdt hij de aandacht close met die minimaal gehouden , spaarzame composities; aangrijpende, rakende, kwetsbare songs op piano, gedragen door z’n innemende, voorzichtige, zachte, fragiele soms hoog uithalende vocals op z’n Antony Hegarty’s.

Mike Hadreas aka Perfume Genius is toe aan z’n tweede cd ‘Put yr back ‘n 2 it’, die het twee jaar oude debuut ‘Learning’ opvolgt. Ontroerende meesterwerkjes zijn het; de homothematiek in z’n minst vrolijke vorm, wordt aangesneden. Op tour wordt hij aangevuld op synths/piano/toetsen door tweede man en vriend Alan Wyffels en komt een drummer/gitarist het ingehouden materiaal wat meer intensiteit, diepgang en breedte bieden . De songs zijn gebaad in melancholie en kunnen moeiteloos meedingen in het Angelo Badalamenti concept , één van de favorits van Hadreas. 
Een uur lang putte het trio uit de twee cd’s … Muzikale pracht en schoonheid, sober en elegant … Subtiele kracht hier. Al vroeg kregen we het eerste pareltje “Lookout lookout” en iets verderop , de emotievolle “Learning” en “All waters”, met licht huppelende ritmetics, waarbij beide heren aan dezelfde piano schoven. Ook de ijle, droomachtige rits nieuwe songs moeten niet onderdoen , “No tears” met een behoedzame drums, de synth/soundscapes van  van “Take me home” en “Normal song” , waarbij Hadreas z’n piano verlaat en akoestische gitaar speelt; “Perry” is donkerder en dreigender door de pedaaleffects , en hij durft met z’n begeleiding wat forser te klinken op “Hood” en “Dark parts”. Nummers als “Deep space”, “Mrs Peterson” en “Katie”  worden zo goed als solo gespeeld en grijpen bij het nekvel.

Het zijn allemaal korte, kernachtige, licht klassieke schetsen. Perfume Genius laat de intimiteit, melancholie en gevoeligheid in al zijn (muzikale ) variaties horen en treft ons diep in het hart .

Goeie, eigenzinnige sing/songwriterpop hadden we eerder van de Welshe Cate Le Bon. Haar elektrisch gitaargetokkel dringt diep door en de hoog hemelse zang kon grimmig en verbeten zijn om de songs draagwijdte te bieden . Op die manier refereert ze vocaal aan Joanna Newsom , Kate Bush , maar ook aan Nico en Annie Clark van St. Vincent , met wie ze op tour trok. Luisterliedjes met een scherp randje …

De 27 jarige folky singer/songschrijfster Mariee Sioux uit Nevada City heeft een nieuwe plaat uit ‘Gift for the end’ , die al wat breder durft te gaan en meer variatie biedt in die freefolky ‘kampvuur’ stijl. Vroeger trad ze solo op en was ze de rechterhand van Alele Diane, nu vervoegen twee muzikanten (waaronder haar man ) de tour. In de living room van de Grand Salon,  kwam het dromerige materiaal ideaal tot z’n recht. Ze stonden in een driehoek opgesteld en waren op elkaar afgestemd . Haar warme, indringende vocals waaide over de sfeervolle songs heen . In deze perfecte setting flitsten natuurbeelden  en weidse vlaktes op songs als “Homeopathic”, “Ghosts in my head” en “Icarus eye” voor de ogen. Muziek voor mijmerende zomeravonden en knetterende haardvuren …

De General Elektriks van Hervé Salters maakten er een rock feestje van in de Orangerie met hun dampende mix van pop, galmrock, funk, soul en hiphop,  die diep geworteld was  in de seventies. Een pittig, gedreven kitsch concert van deze gekke bende … Hun rockparty kunnen ze op Couleur Café verder zetten …

Tot slot in de Chapiteau was er een andere soort party aan de gang … Het Franse C2C (Coups2Cross), Franse turntablists uit Nantes hebben al een paar jaar het World Team DJ Championship op hun naam geschreven.  De vier samenwerkende DJ’s zorgen aan hun draaitafels voor een elegante mix en scratch van allerhande dansstijlen, aangevuld met wat variété . Originele nummers scratchten en remixten ze tot een vet , hitsend , opzwepend nummer in de voetsporen van de geluidskunstenaars van Coldcut.

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2012)

Turbowolf

Turbowolf

Geschreven door

Een wervelend debuut is dit toch wel van het vurige Britse kwartet Turbowolf  uit Bristol die hevige rock’n’roll, aangevuld en opgezweept door keys, speelt en ons  nét dat ietsje meer biedt. We tuimelen hier in 70s stonerrock/psychedelica; een ruig goedje, uitermate beheerst,  dat niet vies is van Zodiac Mindwarp (& the love reaction), White Zombie en het linkt aan Hawkwind , Monster Magnet en Kyuss. 
Naast stevige openers “Introduction” en “Ancient snake” , de krachtige intensiteit van “Seven severed heads”, “Bag o’bones” en “Read & white”  en de punkrocker “Things could be good again” komen ze voor de dag met boeiende broeierige rockers als “The big cut”, “Son” en “All the trees” die durven te exploderen.
Turbowolf plukt van alles wat in die hardere scene en maakt er een stevige en fijn rockende brij van! Turbowolf heeft z’n naam niet gestolen en brengt straf spul!

Sleigh Bells

Reign of Terror

Geschreven door

Het Amerikaanse duo Derek Miller – Alexis Krauss is toe aan hun tweede cd, ‘Reign of Terror’. Een plaat die kan knetteren, rocken of zo zoet als honing is . De band versmelt op die manier electro , rock , shoegaze en bubblegumpop. Miller had een hardcore achtergrond en Alexis Krauss klinkt even poppy als Katie White van de Ting Tings . Ze steekt alvast voldoende variatie in haar vocals.
Het duo kan als vanouds sterk uithalen ; openers “Demons”, shoegazepop op z’n Suzi Quatro’s , “Road to hell”  en “True shred guitar” lijken wel songs geplukt van hun debuut ‘Treats’. “Crush” en “End of the line” bouwen meer op . Een compromisloze sound van schurende keys, en noisy , militante, gruizige gitaren. Vlijmscherp dus ! 
Het duo gaat wel gepolijster te werk dan het overstuurde ‘Treats’ , minder stoorzenders , en neemt gas terug. Ze trekken de kaart van een rijker klankenpalet, en accentueren het melodieuze karakter van een song; “Born to lose”, “Comeback kid”, “You lost me” en “Leader of the pack” .zijn toegankelijk en lieflijker.
… Sleigh Bells tekent voor gespierde , verschroeiende electrorock en sprankelende , dromerige pop met pittige teksten !

Chairlift

Something

Geschreven door

Chairlift draait rond Caroline Palachek en Patrick Wimberley en hadden met het nummer “Bruises” een aardige single van hun debuut ‘Does you inspire me’ uit , die als reclamespot werd gebruikt voor de Nano Ipod … Indiepop met een elektronisch randje en folkpop.
‘Something’ is de nieuwe cd en brengt heel wat ‘lentebloesem’ droompop met een gevoelig, kwetsbaar kantje. De ‘artyfarty’ synthpop van de jaren ’80 klinkt goed door . Geluidjes Depeche Mode, Yazoo, Human League, Siouxie Sioux en Annie Lennox en The Art Of Noise zijn ons niet vreemd! Ook heeft hun sfeervolle, dromerige, broeierige muziek een link met Stereolab , Bel Canto en Air.
Aantrekkelijk en toegankelijk materiaal dus van een opkomende band, die met “Sidewalk safari”, “Wrong opinion” , “Ghost tonight” en “Met before” een handvol overtuigende songs hebben .

Sinead O’Connor

How about I be me (and you be you)

Geschreven door

Sinead O’Connor is op haar optredens meer relativerend , berustend , goedgemutst , goedlachs en haar sets hebben een portie nonchalance en laconieke invallen. Er is geen sprake meer van grilligheid of perfectionisme zoals in een vorig decennia met ‘The lion & the cobra’ en ‘I do no want what I haven’t got’.
Ze hield er een hectisch privé leven op na de laatste jaren, een huwelijk dat na het ‘ja’ woord al onmiddellijk op de klippen liep, een zelfmoordpoging , een psychiatrische opname door wisselvallige stemmingen , problemen met één van de kinderen , ….
Muzikaal dan kunnen we spreken van een aardige return , met aantrekkelijke popsongs, aanstekelijke ritmes en toegankelijke arrangementen . Live durft ze soms onvast te klinken, in die zin een lichthese stem, die de hemels indringende, emotievolle  zang doorprikt.  Maar deze zaken terzijde, overtuigt ze sterk met sfeervolle opbouwende songs als “4th & vine”, “Old lady”, “Take off the shoes,” en ”The wolf is getting married”.  En zoals vanouds horen we ook een paar beklijvende nummers, “Reason with me”, “Very far from home” en “V.I.P.”.
Fijne innemende, emotievolle poppy plaat die ook 1 cover bevat , het opbouwend rockende  “Queen of Denmark. Sinead O’Connor weet nog steeds te raken …

School of Seven Bells

Ghostory

Geschreven door

Alejandra Deheza en Benjamin Curtis, uit Brooklyn NY, zijn nu de spil van School Of 7 Bells. Tweelingzus Claudia verliet de band bij deze cd , die ‘Disconnect from desire’ opvolgt. Alejandra probeert zo goed mogelijk de stem van Claudia op te vangen , maar de hemelse  zangpartijen waren wel het handelsmerk van de band.
School Of Seven Bells raakt met zweverige, dromerige, etherische popwave/psychedelica; ‘Nu’ shoegaze ’droom’ pop , die een spannende , broeierige sfeervolle opbouw hebben, subtiele, emotievolle melodieën kenmerken  en waarbij de songs op de nieuwe cd zalvende elektronicabeats of een forser klinkende beat kunnen hebben. 9 fijne songs in het genre horen we hier!
Ze worden in één adem vernoemd met de huidige rits Big Pink, The Pains Of Being Pure At Heart, Bat For Lashes, Warpaint en The Hundred In The Hands. En ze halen invloeden aan van My Bloody Valentine, Cocteau Twins, This Mortail Coil , Slowdive , Stereolab, Blonde Redhead, en durven zelfs aan te sluiten bij Clannad .

Pagina 708 van 963