logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Gavin Friday - ...

Roots & Roses Festival 2012 - Wat een heerlijk en sympathiek festivalletje

 

Roots & Roses Festival 2012 - Wat een heerlijk en sympathiek festivalletje
Roots & Roses Festival 2012
Het was weer verlangen naar het met voorsprong sympathiekste festivalletje in België. Voor een appel en een ei drink je lokale bieren, eet je gezond uit alle windstreken en geniet je vooral van wat de ‘rok en rool’ te bieden heeft. Na een stuk verse mattentaart, gebakken door de plaatselijke moederkens, schoot het gedoe uit de startblokken. De wei was een modderige brij…

Mama Rosin:
Een stel knapen uit Zwitserland die in het Frans een mix van rock, punk, blues brengt. Zéér originele bezetting: Gitaar, drum en trekzak. Doet in de verte wat denken aan Eugene Edwards van 16 Horsepower, maar dan zonder dat religieuze gezeik. Super sympathieke gasten die zichzelf kunnen relativeren en de humor ervan inzien. Waardige openers. Live uitstekende reputatie, op CD minder geslaagd. Je moet ze zien dus…

Romano Nervoso:
In tegenstelling tot de openers denken deze spaghtettigasten uit La Louvière dat ze wel origineel zijn en het warm water hebben uitgevonden. In het begin is dit zootje ongeregeld met hun stedelijke garage-punk leuk om naar te zien en luisteren, maar al ras heb je het gehad met hun betere jatwerk. Iets te veel ‘been there, seen that’. Vergeet maar die internationale doorbraak. Met een nepbonten mantel en een geschminkt oog kom je er niet.

Lewis Floyd Henry:
Deze Jimi-kloon bedient op zijn eentje zijn zessnaar, met de-octaver, een snaredrum, een basdrum en een ‘mulleschuiver’, ook mondharmonica genaamd, en heeft een niet te onderschatten soulvolle stem. Deze duidelijk overgetalenteerde duizendpoot brengt een heerlijke mix van rock, blues en psychedelica, kan heel goed ad fundum drinken maar maakt nog te veel schoonheids- en slordigheidsfoutjes. Spectaculair en aangenaam in een of ander metrostation, toch iets te licht bevonden voor dit mooie festival. Henry is wel een durver, maar daar zal de drank ongetwijfeld voor iets tussen zitten. De Moinette kwam uit zijn neusgaten… What a shame!

Ben Caplan and the casual smokers:
Ben had twee schoonheden mee die contrabasten en violeerden, waarvan hij trouwens bij wijze van grap beweerde dat hij ze ergens had opgevist uit een of andere goot, maar trok vooral met zijn Marxbaard  en zijn indie-folkmuziek de volle aandacht. Zijn diepe stem doet denken aan de schuurpapieren Tom Waits. Caplan moet het hebben van sing-a-long toestanden, en krijgt de tent gedwee met zich mee. Vooral is hij volbloed tweeling van onze held Tom van Admiral Freebee. Ideaal voor Cactus, en vooral hoger op de affiche.

Bob en Lisa: 
Dit tweetal doet het even zonder hun allesverbrandende en energieke Bellrays en keren terug naar hun eerder akoestische soulvolle stadsblues. Wat een stem heeft die Lisa. En ik blijf erbij: Dat vrouwmens heeft meer soul in haar linker kleine teen dan alle Tina Turners en Janice Joplins samen. Kippenvel troef, maar als we echt mochten kiezen, geef ons dan maar de vertrouwde versie …

The Legendary Shack Shakers: Deze Nashvilles zijn niet bepaald pussies en maken je meteen knettergek. De betere vernieuwde rockabilly, power troef en als zanger een van de grootste performers die ik al heb gezien. Een ware David Byrne op speed die op zijn harmonica blaast als was het dat hij er doodleuk mee geboren is. Wat een  contrabassist, (kersverse) gitarist en drummer. Wat kan de duivel toch goed zijn! “Ichabod” en “Iron Lung Umpa” behoren nu al mijn definitieve favorieten.  Nu al wéér een hoogtepunt en …de rest moet nog komen! Straks nog in den Trix in A’pen! Gaat dat zien! Gaat dat zien!

Dan Sartain:
Ieder festival heeft recht op zijn miskleunen. Dan, laat de ‘one two trees’ maar over aan de Ramones.

The Fleshtones:
Deze leuke ouwe knarren zijn al een vijfendertig jaar op toer, brengen met ongelofelijk veel plezier en energie swingende punk en garagerock op een surfplank, maar moeten meer dan dringend af van die onnozele Status Quo-eske ganzenpasjes en andere dansjes. Heren Fleshtones, op die manier degraderen jullie zichzelf en jullie muziek tot een veredeld balorkest, en dat kan toch niet de bedoeling zijn? Of wel?

El Fish
Steven Debruyn trakteerde ons met Roland vorig jaar nog op een lauw en vooral geïmproviseerd concert. Hij blies met zijn partner in crime Filip Casteels het bijna mythische El Fish uit de jaren 90 weer leven in en toonde onlangs in de AB dat ze tot de betere muzikanten behoren op  dit zakdoekje, ook  België genaamd.
En verbluffen deden ze opnieuw op Roots. Zeer aanstekelijk, opzwepend : Een  mondharmonicaspeler met wereldklasse, een uitzonderlijke gitarist, twee drums,  elektronica en een handvol bluesakkoorden: Meer is niet nodig om een tent te doen ontploffen. “Hangingover”, “Looking for you”, “Allright” zijn maar enkele hoogtepunten. Ruben Block weet waar hij zijn mosterd haalt.

The Experimental Tropic Blues Band
Met Jon Spencer als producer speelden deze Luikenaars met internationale uitstraling een dijk van een concert. ‘The best burger, doddamn blues’: Hun songtitels zijn een gebalde samenvatting van hun muziek. TETBB maakt van Roots ’n Roses een topfestival. België bruist van het talent en Schauvlieghe kan de pot op.

The Jon Spencer Blues Explosion
Na het sterke optreden van 'The Experimental Tropic Blues Band', vol overgave drijvend op het enthousiasme van het thuisvoordeel, en El Fish, misschien wel muzikaal de beste band op de affiche met een ronduit fantastische Steven De Bruyn  op mondharmonica en Filip Casteels op gitaar, kregen we het hoofdgerecht  geserveerd:  The Jon Spencer Blues Explosion !
Dit weliswaar met een ietwat valse start. Terwijl El Fish er nog enkele bisnummers tegenaan gooide stond Jon Spencer al van jetje te geven op het 'Roses' podium en dit met een voor één derde gevulde tent...
Niet getreurd! Voor wie traditionele 3- akkoorden blues verwachtte was het toch even schrikken. Eénmaal op kruissnelheid walste het trio het publiek plat met een aanéénrijging van de vuigste riffs , de smerigste vocale uithalen en hopen  Rock 'n' Roll attitude .
De super energieke  grootstad ' Trash 'n' Roll' van de 'Blues Explosion' deed zijn werk en maakte duidelijk waarom 'Jon Spencer' de waardige hoofdact was van een wederom schitterende uitgave van dit festival... En dan was het voorbij. Het publiek achterlatend, hongerig naar méér .

Thank you and good Night …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/roots-and-roses-festival-2012/

Organisatie: Roots & Roses, Lessines
 

Anneke Van Giersbergen

Everything Is Changing

Geschreven door

Over de muzikale carrière van Anneke Van Giersbergen kun je ondertussen al een lijvig werkstuk maken.  Wij houden het in deze review bij het (misschien wel belangrijkste) gegeven dat deze Nederlandse dame dertien jaar frontvrouw was bij het fijne metalcollectief The Gathering.  
‘Everyting Is Changing’ is de eerste soloplaat onder haar eigen naam (ze maakte voorheen wel al enkele poppy albums onder de bandnaam Agua De Annique) en die zal zeker gesmaakt worden door fans van haar eerste band. 
De twaalf songs kun je allemaal in de rockhoek situeren want we horen verschillende energieke nummers vol stevige riffs.  Opvallend is dat de meeste tracks zeer catchy klinken. Voeg daarbij de uitmuntende stem van Anneke en een zeer goeie productie (gedaan door Portugees Daniel Cardoso) en je hebt een prima album!
Het is moeilijk om een paar toptracks naar voor te schuiven want de hele plaat klinkt gewoon goed en kent geen inzinkingen.  Adepten van  The Gathering mogen terecht blij zijn met deze ‘Everything Is Changing’.

Meat Loaf

Hell In A Handbasket

Geschreven door

Wie een plaat van Marvin Lee Aday oftewel Meat Loaf koopt, weet eigenlijk op voorhand al waaraan hij of zij zich kan verwachten: ietwat gedateerde hardrock met een hoofdrol voor de theatrale, pompeuze stem van de bijna 65-jarige, corpulente zanger.  In het verleden bracht de man enkele wereldbekende albums uit (en dan hebben we het uiteraard over de ‘Bat Out Of Hell’-trilogie) en was hij verantwoordelijk voor rockhits als “Paradise by the Dashboard Light” en “I’d Do Anything For Love (But I Won’t Do That)”.  Belangrijke kanttekening is dat Meat Loaf steeds omringd werd door een sterk team van songschrijvers waaronder vooral Jim Steinman maar eveneens  mensen als  Bon Jovi, Justine Hawkins en Eric Sean Nally. 

Ook op deze plaat laat hij zich opnieuw omringen door verschillende gastcomponisten.  Jammer genoeg blijken deze gasten niet van eenzelfde kwaliteit als hun voorgangers. 
‘Hell In A Handbasket’ is daardoor een zeer onevenwichtig album met slechts op het begin van de plaat enkele leuke composities.  Zo kunnen de eerste drie songs (single “All Of Me”, “The Giving Tree” en “Live Or Die”) ons best bekoren.  Jammer genoeg horen we nadien enkele nummers waar onze tenen flink  begonnen te krullen.  “Blue Sky/Mad Mad World/The Good God is A Woman and She Don’t Like Ugly” kent een verschrikkelijke bijdrage van gastrapper Chuck. De cover “California Dreamin’” met een bijdrage van zangeres Patti Russo doet dan weer vooral heel hard verlangen naar het origineel. Ook de rest van de songs weet het niveau van de eerste tracks niet te halen. De stem van Meat Loaf overstijgt wel nog altijd het niveau van veel jongere collega’s maar compositorisch is ‘Hell In A Handbasket’ duidelijk geen hoogvlieger...

We 'll Go Machete

Six Plus Ten

Geschreven door

Wie houdt van posthardcore-bands uit de jaren negentig (denk aan Quicksand, Melvins en andere Jesus Lizards), moet absoluut naar We’ll Go Machete luisteren. Het betreft hier een band uit Austin, Texas die met ‘Six Plus Ten’ een eerste album uitbrengt.  Eigenlijk betreft het hier een combinatie van twee platen: een titelloze EP (met zes tracks) die in 2009 enkel via het internet werd uitgebracht én ‘Strong Drunk Hands’, tien nummers die in de loop van 2011 werden opgenomen door producer Matt Smith.   We’ll Go Machete is duidelijk geïnspireerd door bands als Quicksand, Shellac, Big Black, Drive Like Jehu en At The Drive In maar voegt duidelijk een eigen toets aan het geheel.  Net als hun grote voorbeelden trekt het viertal alle registers open  maar men  legt daarbij iets meer de klemtoon op melodie en maakt zijsprongetjes naar  andere muziekgenres (zoals mathrock, noise en postpunk).  De band bestaat trouwens  uit een zeer opmerkelijke zanger die net de juiste dosis angst en nervositeit in zijn stem stopt en een zeer solide ritmesectie die zorgt voor een stevige fond.  Een pluim voor Stressed Sumo Records (waarvan de eigenaar Neil Cooper van een zekere band Therapy? is) dat zij deze Amerikanen op de kop wisten te tikken.

Gauntlet Hair

Gauntlet Hair

Geschreven door

Gauntlet Hair is een debuterend tweetal uit Denver , die komen aandraven met een leuke plaat. Indiepsychedelische pop ,  die veel echo, galm , feedback  en noise bevat , niet vies van wat lofi, wave en surf . Nergens gaan ze uit de bocht , en houden ze het uitermate beheerst. Het duo nestelt zich een weg tussen de nofi van Wavves, de indiewave van Animal Collective, Yeasayer en MGMT (van de recente cd) .
De twee jonge twintigers Andy R (gitaar/zang) en Craig Nice (drums/sampling) komen de eerste helft met “Keep time”, “Top bunk”, “Mop it up” , “My christ” en “Lights” sterk voor de dag, maar dan slaat de eenvormigheid wat toe . But so what , het is een bandje best de moeite waard om te volgen!

Givers

In Light

Geschreven door

Uit Louisiana komt heel een leuke bende die ergens het midden houdt van Vampire Weekend, Los Campesinos  en Architecture In Helsinki . Givers met name.
Indiepop in een swingend jasje , aanstekelijk, gezellig en onbevangen . Poisitive vibes  door de opzwepende afroritmes, de atmosferische synths en de ontwapende jongen –meisje zang van Taylor Guarisco en Tiffany Lamson. Opener “Up , up , up” zet meteen de toon en de verrassende wendingen en stijlen boeien . Halverwege de cd wordt wat vaart terug genomen en horen we broeierige sfeervolle tracks als “In my eyes” en “Atlantic”. “Go out at night , de langste track van wel zeven minuten , bouwt op intrigerende wijze op. Een muzikaal hoogstandje . Ze zijn niet vies van wat experimentjes , maar het blijft beheerst binnen de humeurige sound . Fijne ontdekking dus!

The Civil Wars

Barton Hollow

Geschreven door

Twee sing/songwriters uit Nashville hebben elkaar gevonden , nl. Joy Williams – John Paul White. Ze brengen stemmige, ingetogen , akoestische country/americana en indiefolk. Een ingetogen sfeer door de akoestische gitaren, sobere pianoklanken en treurige cello, gedragen door de twee stemmen die met elkaar versmelten .
Het duo won onlangs twee Grammy’s met beste de folkplaat en de beste country-act. Ze trokken de aandacht met het nummer “Poison & wine” , dat prominent werd gebruikt in een aflevering van Grey’s Anatomy. De titelsong laat een krachtiger gitaargeluid horen .
We zijn onder de indruk van hun ‘tristesse’ songs , die in hun ontroerend karakter best happy klinken . Puike ontdekking dus!
De cd wordt nog aangevuld met een zestal sober gehouden , ‘ruwe’ (cover) tracks o.m. “Billy jean” , “Dance to me to end of love” en “You are my sunshine”.
Het duo geeft de rootspop alvast een gevoelige , emotionele lading .

Birdy

Birdy

Geschreven door

De Britse Jasmine Van Den Bogaerde , met deels Belgische roots, is al van haar zevende bezig met liedjes schrijven en won al op haar twaalfde een landelijke Britse talentenjacht . 16 is ze intussen en ze komt aandraven met een hitgevoelige plaat ; songs van anderen worden origineel aangepakt en herleid tot haar pianospel dito emotievolle stem .
De nummers worden op ontroerende , spannende wijze gespeeld , aangevuld met een eigen nummer “Without a word”.
“Skinny love” van Bon Iver’s Justin Vernon leverde de doorbraak op , maar ook die andere singles “1901 van Phoenix en “People Help The People” van Cherry Ghost zijn  meer dan moeite waard . De songs worden uitermate sober gehouden (stem-piano) – of zijn iets breder door strijkersarrangement, synths, soundscapes en een ingehouden percussie .
Het coveraanbod is veelbelovend, o.m. The National’s “Terrible love” en “Shelter van The xx, wat aantoont dat een muziekcarrière haar gegund is .
Het wordt alvast uitkijken naar het volgende album , waar ze meer eigen materiaal zal brengen.

Groezrock 2012 – Tweedaags Punk Rock Hardcore Festival

Geschreven door

Groezrock 2012 – Tweedaags Punk Rock Hardcore Festival
Groezrock 2012
Nog voor het middaguur stond ik al terug op de weide; klaar om een nieuwe lading muziek te ontvangen. En eerste aan de beurt was het RED CITY RADIO uit Oklahoma. Deze mannen spelen volgens de omschrijving een mix van grommende punkrock-emocore met doorklinkende folk-invloeden. Klinkt veelbelovend dus! En deze band was inderdaad niet slecht. Ze brachten niet echt iets vernieuwend qua stijl maar als het goed gebracht is doet dat er niet toe, toch?

MAKE DO AND MEND
De volgende band stond geprogrameerd op de Impericon stage. Op dit podium had ik eerder op het festival nog niet naar bands gaan kijken en mijn eerste indruk was dat het geluid daar niet echt top zat. Toch mocht ik Make do and mend niet missen. Deze jongens weten namelijk iets te maken dat qua stijl wel vernieuwend is. En toch hoor je nog de invloeden…
Zij spelen namelijk een stijl een soort post hardcore zoals ook Hot Water Music dat doet maar dit brengen ze dan rauwer en met hier en daar wat trage, zware stukken. Zij gaan echt voor authenticiteit, originaliteit en passie zoals het Groezrock boekje beschrijft.

SUNPOWER
Sunpower is een band uit Opwijk. Jaja een Belgische band op de Etnies stage. Er werd duchtig gedanst door het publiek op het podium nadat de band het bijna verplicht had. De frontman riep dan ook: “Yeah, that is a punkrock party.” Wat hadden we dan ook verwacht van een mengeling tussen Minor Threat en Dead Kennedys. Dit is hardcore punk zoals ze in de jaren 80 gemaakt werd. Dit bewijst nog maar eens dat een band gerust mag klinken als iets wat eerder al gedaan is zolang het maar met passie gebracht word. Iets wat de mannen van Sunpower wel weten te doen.

THE DANGEROUS SUMMER
Natuurlijk kreeg ik dorst van al dat punkrock geweld en liep dus van de Etnies stage naar de dichtstbijzijnde bar om een biertje te halen. Terwijl ik stand te wachten op mijn bestelling hoorde ik uit de tent van de Impericon stage geluiden die mij heel erg konden bekoren. Ik liep met mijn bestelling in de handen eens lang daar en zag daar The Dangerous Summer spelen. WOW! Dé ontdekking voor mij persoonlijk van Groezrock 2012. Tis altijd tof als je zo op het onverwachts een band te horen krijgt waar je niets van kent en die je toch van de eerste keer weten mee te slepen. Het boekje omschreef ze met ‘Mooie melodieën, diepgravende teksten, intelligente songs, deze jongens hebben het allemaal’. En of dat deze mannen uit Ellicott City het allemaal hadden. Melancholie ten top!! Iets om te onthouden en meer van op te zoeken dus.

THE OLD FIRM CASUALS
Oi! Oi! Hooligans! We waren klaar voor onze portie Oi! Punk. En dit zijproject van Lars Frederikson zou ons dit geven. En of ze dat deden. Blijkbaar had Mr. Frederikson toch nog wat energie over na de ontzettend goeie show met Rancid gisteren avond. Toch oversteeg het voor mij de traditionele Oi! Er werd al eens een gitaar solo door de versterkers gestuurd en ook de bassist nam geregeld te taak van lead zang op zich wat het geheel interessanter maakte.

COBRA SKULLS
Ondertussen stonden de mannen van Cobra skulls zich al op te warmen op de Etnies stage. Het trio dat afkomstig is uit Reno speelt een mengeling tussen rock-a-billy en moderne, intelligente punkrock. Een band die me zeker wist te bekoren ook al was het publiek niet echt actief en was de tent niet overdreven vol.

HOT WATER MUSIC
Hahaa HOT WATER MUSIC!! Dit beloofde goed te worden. Deze alom bekende band van frontmannen Chuck Ragan en Chris Wollard speelt een post hardcore genre dat toch ook hier en daar een jazzy invloedje heeft. Dan vooral op gebied van baslijntjes die soms bijna hemels zijn. Maar wat een lelijke basgitaar die onze heer Jason Black had meegebracht. Afgezien van  dit feit was het opnieuw een beestig goede show. Met ook hier en daar een gastzanger uit de backstage. De eerste was niemand minder dan Dave Hause, bekend van Paint it black, The Loved ones en zijn solo werk. Hij nam het nummer “Trusty chords” voor zijn rekening. Dit kon niet mislukken als je weet welke klok van een stem Dave uit zijn keel weet te persen. Een supercoole versie. Ook de frontman van Red City Radio was niet bang om het refrein van “Paper Thin” te komen meebrullen. Dit was met andere woorden een show die zeker het onthouden waard was. En Dave Hause had me weten te overtuigen om Good Riddance te laten voor wat het is en zijn akoestische set eens te gaan bekijken.

THE BRONX
Na een paar nummers Alkaline Trio (waar opnieuw de frontman van Red City Radio kwam meezingen) was het de beurt aan The Bronx. Hier keek ik ook wel naar uit. Garage-rock met wat Hardcore-punk invloeden erin. Dit kan me wel bekoren. En blijkbaar hadden deze jongens al eens op een Groezrock podium gestaan. De frontman Matt Caughthran is namelijk tot over zijn oren verliefd op het Meerhoutse festival. Dit gaat zelfs zover dat hij op het podium een huwelijksaanzoek deed naar Groezrock toe wat best wel grappig was. Ik vond persoonlijk dat er wat veel bindteksten tussen de nummers zaten maar ieder nummer maakte dit meer dan goed. Met krakers als “Heart attack american” en “6 days a week” zetten ze de boel weer in lichterlaaie. Deze jongens spelen cd-kwaliteit.

DAVE HAUSE
Zoals gezegd had Dave Hause me weten te overtuigen om toch eens voet te zetten in de Fender Acoustic stage. Wow wat was het hier gezellig aangekleed. Een grote kroonluchter boven het podium en overal sfeerverlichting zorgden voor de setting. Dave Hause zorgde voor de ideale muziek. Man, wat kan deze jongen zingen!! Hij bracht materiaal van The Loved Ones maar ook nummers van op zijn recent uitgekomen solo plaat. Hij weet als geen ander het publiek te bespelen en te raken met zijn uit het leven gegrepen teksten. Hij krijgt het publiek zelfs zover dat er gecrowdsurft word op een akoestische set. Je merkt echt dat deze jongen graag doet wat hij doet en dat is verdomd goeie muziek spelen en dat recht uit het hart.

7 SECONDS
Groezrock 2012 was het jaar van de oude punk en hardcore bands. En daar mocht 7 seconds ook niet aan ontbreken. Deze mannen brengen energie en wijsheid in korte snelle nummers zonder hun gevoel voor melodie te verliezen. Enige nadeel is dat de mannen toch al wat verouderd zijn en niet meer de jonge knapen zijn van weleer. En dat kan je horen aan frontman Kevin Seconds die nu en dan eens buiten adem is. Maar dit buiten beschouwing is het een coole show vol nostalgische momenten.

GORILLA BISCUITS
En om het rijtje compleet te maken van de oude punk en hardcore bands is hier Gorilla biscuits. Anthony ‘Civ’ Civarelli (onder meer bekend van gelijknamige band CIV) had de zijnen opgetrommeld voor een knallende oldschool straight edge hardcore show. En het resultaat was dan ook al duidelijk van in het begin. Er stond bijna meer volk op het podium dan in de tent met ergens daartussen de muzikanten. Maar het publiek op het podium wisselde snel want het was stagediven, stagediven en nog eens stagediven. Wat een energieke show. Civ had duidelijk de conditie nog in de hand.

CHUCK RAGAN
Ik had de smaak voor de akoestische tent te pakken en probeerde nog een paar nummers van Chuck Ragan mee te pikken. Deze frontman van Hot Water Music heeft al heel wat solowerk uitgebracht. Hij speelt cowboycountry gezongen door zijn zeer zwaar raspende stem. De tent zat dan ook stampvol en binnen geraken was moeilijk. Hij had voor de gelegenheid ook nog een violist en een bassist meegebracht.

REFUSED
De headliner van Groezrock 2012 was het Zweedse refused. De bandleden hebben hun conflicten bijgelegd en zien er gelukkig en vereerd uit dat zij hier de boel mogen afsluiten. De band nam zijn tijd om wat peptalk tussen de nummers te placeren zoals “Don’t you ever let anybody tell you how to live your life. You only get one chance here. This is real. This is not a rehearsal.”
 De klassiekers werden er natuurlijk doorgejaagd want nummers zoals “New Noise” en “Refused Are Fucking Dead” slaan je nog altijd voor de kop. Opnieuw een waardige afsluiter voor dag 2 en tevens ook waardige afsluiter van een geslaagd weekend.

Organisatie: Groezrock, Meerhout

White Rabbits

White Rabbits blijven een goed bewaard geheim

Geschreven door

Toegegeven, we zien wel wat radiomakers struikelen over een groepsnaam als Texas Chainsaw Mass Choir, maar ook toen een aantal leden deze band later omdoopten tot het minder tongue-in-cheek White Rabbits bleef het oorverdovend stil op de StuBru’s en Radio 1’s van deze wereld. Met drie albums vol springerige pop onder de arm is het naar New York uitgeweken gezelschap dus goed op weg om het zoveelste goed bewaarde geheim in indieland te worden. Getuigden de eerste twee platen nog van een gezonde fixatie voor grote voorbeelden The Specials en Spoon, met de vorige maand verschenen nieuweling ‘Milk Famous’ maakten White Rabbits de definitieve stap richting een eigen geluid die hen momenteel langs een reeks bescheiden clubs op het Europese vasteland brengt.

In een erg matig gevulde Rotonde van de Brusselse Botanique werden de instrumenten volgens goede DIY traditie door de groepsleden zelf in de juiste plooi gestreken. Geen overbodige luxe trouwens, want de nieuwe single “Heavy Metal” waarmee het zeskoppige gezelschap uiteindelijk aftrapte is zo een nummer waar werkelijk elk detail er toe doet. Met het gelijknamige muziekgenre heeft het niets van doen, wel met een smeltkroes van no wave, punkfunk en psychedelische pop. Neem daarbij nog de ingehouden falsetstem van frontman Stephen Patterson, zelf een hyperkinetische look-alike van Madness opperhoofd Suggs in zijn jonge dagen, en je zat gebeiteld voor een dik uur pop voor meerwaardezoekers die werkelijk geen seconde verveelde.
Live heeft White Rabbits twee of occassioneel zelfs drie gitaristen in de rangen, maar toch kan je de jonge Amerikanen bezwaarlijk een typische gitaargroep noemen. Daarvoor gaan ze conventionele gitaarriedeltjes of Sturm und Drang snarengeweld te bewust uit de weg, en dienen de minutieus afgemeten gitaren enkel om de gaatjes tussen de piano van Patterson en de drumtandem Jamie Levinson en Matt Clark dicht te plamuren. Enkel wanneer Clark de sticks inruilde voor zes snaren tijdens een uitgesponnen versie van het oudje “The Salesman (Tramp Life)” viel de groep even uit haar rol, en leek het podium even te klein voor zoveel jong geweld.
Het publiek zat of stond erbij en keek ernaar, sommigen uit verwondering voor de intensiteit waarmee die jonge gasten de ene na de andere compacte popsong uit hun hoed toverden, anderen uit verveling wachtend op een hit die nooit zou komen. Want voorwaar, met één radiohit op zak zouden wellicht een pak meer deuren open gaan voor White Rabbits. De groep was er al één keer erg dicht bij met het stuiterende “Percussion Gun”, in ’09 goed voor een bescheiden succes in de Alternative Billboard charts, en in een erg bescheiden kring voorlopig de enige cult classic van White Rabbits. Of neem nu het door een droge ritmebox op gang getrokken “Temporary”, wiens onweerstaanbaar baslijntje spontaan solliciteert voor een stekje in de back-catalogue van The Rapture of LCD Soundsystem, en waarvan de temperatuur op een kille lenteavond als afgelopen maandag prompt een paar graden de hoogte in gaat.
Het zestal bedankte de Belgische fans voor hun -zij het karige- opkomst met het nieuwe “Danny Come Inside”, een opzwepende kruisbestuiving tussen punkfunk en experimentele psychopop, en het oudje “Kid On My Shoulders” dat nog steeds duidelijk de calypso handtekening van The Specials draagt.

White Rabbits bewezen vanavond echter dat ze meer dan ooit op eigen benen kunnen staan, nu nog wat dovemansoren aan het radio-firmament wakker schudden en alles komt goed. En nee, toeval bestaat niet, want bovendien heeft Chokri naar verluid nog wat winddichte tentjes te vullen op Pukkelpop.

De avond werd gezellig maar ongevaarlijk op gang getrokken door Another Belgian Band. Nee, I kid you not, in de categorie ‘verzin eens een originele groepsnaam’ heeft dit vijftal al een prijs binnen handbereik. De muziek daarentegen is hooguit charmant te noemen, o.a. dankzij het gebruik van instrumenten met een eerder laag rock’n’roll gehalte zoals klarinet, ukelele, contrabas en klokkenspel. De groep kwam in de Rotonde haar debuut EP voorstellen waarop pop en folk braafjes met elkaar worden verzoend, occasioneel met een uitspatting richting zigeunermuziek, cabaret en chanson. Een tournee langs Belgische en Franse clubs is momenteel hun deel, eeuwige roem bijlange nog niet.

Organisatie: Botanique, Brussel

Pagina 712 van 963